CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting - Regels - Bijlagen bij de regels

Commissie Ruimte en Verkeer 23 november 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake bestemmingsplan TS-MS Station Delft (nr. 2345713)34.893 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

4.9.3. Conclusie Ter plaatse van de ontwikkeling is bodemonderzoek uitgevoerd. Hieruit blijkt dat de locatie voldoende is onderzocht en dat er geen risico’s aanwezig zijn als gevolg van de bodemkwaliteit. In het algemeen is het plangebied licht verontreinigd. De milieuhygiënische kwaliteit vormt geen belemmering voor de bestemmingswijziging en/of de voorgenomen werkzaamheden.

64

Wanneer bij de voorgenomen werkzaamheden grond van de locatie vrijkomt, dient er rekening te worden gehouden met beperkingen ten aanzien van hergebruik en afzet van de grond. Het uitgevoerde onderzoek is geen bewijsmiddel zoals bedoeld in het Besluit bodemkwaliteit voor toepassing van grond elders. Voor de definitieve kwaliteitsbepaling van grond die vrijkomt van de onderzoekslocatie kan afhankelijk van de bestemming en toepassing bij afvoer van de grond een partijkeuring noodzakelijk zijn (AP04).

4.10. Archeologie, cultuurhistorie en ontplofbare oorlogsresten Archeologie Ten behoeve van de realisatie van het TS-MS station is een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het volledige rapport is bijgevoegd in bijlage V. Op basis van de resultaten van het archeologisch onderzoek blijkt dat in het plangebied geen archeologische resten bedreigd worden, waardoor geen vervolgstappen noodzakelijk zijn. Vanuit het aspect archeologie zijn er geen belemmeringen voor de voorgenomen ontwikkelingen. Cultuurhistorie Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening is het verplicht om in een bestemmingsplan een beschrijving op te nemen van de manier waarop er rekening is gehouden met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden. Hierbij gaat het om zowel beschermde objecten en structuren, als niet beschermde objecten als structuren. In de omgeving van de beoogde locatie bevinden zich geen cultuurhistorische waarden, hierdoor kan er geen schade worden toegebracht aan de waarde. Ontplofbare oorlogsresten Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen is een onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten uitgevoerd. Het volledige rapport is bijgevoegd in bijlage VI. Onderstaand is kort de conclusie uit het rapport beschreven.

Op basis van het achterhaalde feitenmateriaal kan worden geconcludeerd dat binnen of bij het projectgebied geen gebeurtenissen hebben plaatsgevonden die hebben geleid tot verdacht gebied. Het projectgebied is onverdacht op de aanwezigheid van explosieven. De werkzaamheden kunnen op reguliere wijze uitgevoerd worden.

65

5. Juridische planbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de juridische planbeschrijving. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de algemene opzet van de planregels, toelichting op de regels (onder andere bestemmingsregels).

5.1.

Algemeen

5.1.1. Wat is een bestemmingsplan? Het gemeentelijke bestemmingsplan is een middel waarmee functies aan gronden worden toegekend. Het gaat dus om het toekennen van gebruiksmogelijkheden. Het wordt de grondgebruiker (eigenaar, huurder, et cetera) toegestaan om de functie die het bestemmingsplan geeft uit te oefenen. Dit houdt in dat: 1 de grondgebruiker niet kan worden verplicht om een in het bestemmingsplan aangewezen bestemming ook daadwerkelijk te realiseren; 2 de grondgebruiker geen andere functie mag uitoefenen in strijd met de gegeven bestemming (de overgangsbepalingen zijn hierbij mede van belang). Een afgeleide van de gebruiksregels in het bestemmingsplan zijn regels voor bebouwing (omgevingsvergunning tot bouwen) en regels voor het verrichten van ‘werken’ (omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden). Een bestemmingsplan regelt: 1 het toegestane gebruik van gronden (en de bouwwerken en gebouwen); En een bestemmingsplan kan daarbij regels geven voor: 2 het bebouwen van de gronden; 3 het verrichten van werken (aanleggen). Het bestemmingsplan is een belangrijk instrument voor het voeren van ruimtelijk beleid.

Daarnaast spelen andere ruimtelijke wetten en regels zoals de Woningwet, de Erfgoedwet, de Algemene Plaatselijke Verordening, de Wet milieubeheer en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht ook een belangrijke rol voor het uitoefenen van ruimtelijk beleid.

5.1.2. Over bestemmen en aanduiden Op de verbeelding wordt aangegeven welke bestemming gronden hebben. Dit gebeurt via een bestemmingsvlak. Voor het op de verbeelding aangegeven bestemmingsvlak gelden de gebruiksmogelijkheden zoals die in de regels zijn opgenomen. De toegekende gebruiksmogelijkheden kunnen met behulp van een aanduiding nader worden ingevuld. Een aanduiding is een teken op de verbeelding. Dat teken kan bestaan uit een lijn, een figuur of een lettercode et cetera. Via een aanduiding wordt in de regels ‘iets’ geregeld. Dat ‘iets’ kan betrekking hebben op extra mogelijkheden of extra beperkingen voor het gebruik en/of de

66

bebouwing en/of het aanleggen van werken. Aanduidingen kunnen voorkomen in een bestemmingsregel, in meerdere bestemmingsregels en kunnen ook een eigen regel hebben.

5.1.3. Hoofdstukopbouw van de regels De regels zijn verdeeld in vier hoofdstukken: 1 Inleidende regels. In dit hoofdstuk worden begrippen verklaard die in de regels worden gebruikt (artikel 1). Dit gebeurt om een eenduidige uitleg en toepassing van de regels te waarborgen. Ook is bepaald de wijze waarop gemeten moet worden bij het toepassen van de regels (artikel 2); 2 Bestemmingsregels. In dit tweede hoofdstuk zijn de bepalingen van de bestemmingen opgenomen. Dit gebeurt in alfabetische volgorde. Per bestemming is het toegestane gebruik geregeld en zijn bouwregels en gebruiksregels opgenomen. Als er dubbelbestemmingen zijn, dan worden deze ook in dit hoofdstuk opgenomen. Die komen, ook in alfabetische volgorde, achter de bestemmingsbepalingen. Ieder artikel kent een vaste opzet. Eerst wordt het toegestane gebruik geformuleerd in de bestemmingsomschrijving. Vervolgens zijn bouwregels en gebruiksregels opgenomen die specifieker ingaan op bijvoorbeeld de bouwhoogte, situering van gebouwen en de toegestane functies. Aansluitend worden afwijkingsbevoegdheden met betrekking tot bouw- en/of gebruiksregels opgenomen. In een enkel geval worden ruimere mogelijkheden geboden door het toepassen van een wijzigingsbevoegdheid.

Belangrijk om te vermelden is dat naast de bestemmingsplanbepalingen ook in andere artikelen relevante informatie staat die mede gelezen en geïnterpreteerd moet worden. Alleen zo ontstaat een volledig beeld van hetgeen is geregeld; 3 Algemene regels. In de laatste twee hoofdstukken zijn bepalingen opgenomen met een algemeen karakter. Deze bepalingen hebben betrekking op het gehele plan. Onder de algemene regels vallen een anti-dubbeltelregel, algemene gebruiksregels en algemene afwijkingsregels. 4 Overgangs- en slotregels. In het laatste hoofdstuk zijn respectievelijk het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik en een slotregel opgenomen. Hoewel het hier in wezen ook algemene regels betreft, zijn deze vanwege hun meer bijzondere karakter in een apart hoofdstuk opgenomen.

5.2.

Dit bestemmingsplan

Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en regels vormen tezamen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. Een toelichting op de bestemmingen is hierna opgenomen. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Tot slot is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. De regels in dit bestemmingsplan zijn opgezet aan de hand van hetgeen hierboven is beschreven. Tevens is aangesloten bij de meest actuele landelijke standaarden voor de regels en de verbeelding, te weten de SVBP2012 (Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012) en

67

IMRO2012 (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening 2012). Qua inhoud en opzet is aangesloten bij recente en vergelijkbare bestemmingsplannen van de gemeente.

5.3.

Toelichting op de regels

5.3.1. Inleidende regels Begrippen die in de regels worden gebruikt en die uitleg behoeven, worden in het eerste artikel van het bestemmingsplan uitgelegd. Vervolgens bevat het tweede artikel technische regelingen om onder andere oppervlaktes, hoogtes, dieptes en breedtes te kunnen bepalen.

5.3.2. Bestemmingsregels De regels hebben voor elke bestemming dezelfde opbouw met achtereenvolgens, voor zover aanwezig, de volgende leden: - bestemmingsomschrijving; - bouwregels; - afwijken van de bouwregels; - specifieke gebruiksregels. Centraal staat de bestemmingsomschrijving. Daarin worden limitatief de functies en waarden genoemd, die binnen de bestemming zijn toegestaan respectievelijk worden beschermd. In een aantal gevallen geeft de bestemmingsomschrijving daarbij nog een nadere beperking in de vorm van een bestemmingscategorie of bijvoorbeeld een gebiedsbegrenzing, een maximale oppervlakte- of inhoudsmaat dan wel een beperking tot de bestaande bebouwing. De bouwregels zijn direct aan de bestemmingsomschrijving gerelateerd. Ook de gebruiksregels zijn gerelateerd aan de bestemmingsomschrijving, zij het dat deze regels zijn opgenomen in de algemene gebruiksregels in hoofdstuk 3. Hierin is bepaald dat het verboden is de onbebouwde grond en/of de daarop aanwezige bouwwerken te gebruiken op een wijze of tot een doel in strijd met het in het plan bepaalde. Bedoeld wordt een gebruik in strijd met de bestemmingsomschrijving. Artikel 3 Bedrijf - Nutsvoorziening De gronden waarop het transformatorstation is gesitueerd zijn bestemd met de enkelbestemming ‘Bedrijf – Nutsvoorziening’.

Op gronden met deze bestemming is een transformatorstation (niet zijnde een geluidzoneringsplichtige inrichting) toegestaan. Tevens zijn voorwaardelijke verplichtingen voor waterberging en natuurinclusief bouwen opgenomen. Artikel 4 Waterstaat - Waterkering De gronden waarop de beschermingszone van de waterkering is gesitueerd zijn bestemd met de dubbelbestemming ‘Waterstaat - Waterkering’. Deze gronden hebben deels nog een andere bestemming, namelijk ‘Bedrijf – Nutsvoorziening’. Bouwwerken ten behoeve van de andere voor die gronden geldende bestemmingen zijn slechts toelaatbaar met een omgevingsvergunning voor het afwijken van de bouwregels. De omgevingsvergunning wordt verleend als de waterkeringsbelangen hierdoor niet onevenredig worden geschaad. Het bevoegd gezag wint advies in bij de beheerder van de waterkering, voordat zij beslist op het verzoek om een omgevingsvergunning.

68

5.3.3. Algemene regels Hoofdstuk 3 van het bestemmingsplan bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied van het bestemmingsplan. Hieronder worden de algemene regels van dit bestemmingsplan toegelicht. Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Deze regel dient te voorkomen dat situaties ontstaan welke niet in overeenstemming zijn met de bedoeling van het plan. Daar voor een gebouw een zeker open terrein is vereist, wordt via de anti-dubbeltelregel voorkomen dat eenzelfde terrein 2 keer wordt ‘meegenomen’ bij de beoordeling van een bouwaanvraag. Grond die al eerder moest worden meegeteld bij de beoordeling van een bouwplan mag niet nog eens worden meegeteld bij een nieuwe bouwaanvraag. Artikel 6 Algemene gebruiksregels In dit artikel wordt ingegaan op het strijdig gebruik. Artikel 7 Algemene afwijkingsregels In dit artikel is een algemene wijzigingsbevoegdheid voor burgemeester en wethouders opgenomen voor enkele in het artikel genoemde gevallen.

5.3.4. Overgangs- en slotregels Conform het Bro (artikel 3.2.1 en 3.2.2) zijn standaardregels opgenomen met betrekking tot het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik. Hierin is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald.

69

6. Uitvoerbaarheid

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de maatschappelijke uitvoerbaarheid en economische uitvoerbaarheid van het plan.

6.1.

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Een bestemmingsplan dient maatschappelijk uitvoerbaar te zijn. Dat wil zeggen dat de voorgenomen ontwikkelingen die mogelijk worden gemaakt in het bestemmingsplan zijn besproken met belanghebbenden. In dit kader is een maatschappelijke toets uitgevoerd, waarbij voorafgaand aan de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan op meerdere momenten participatie plaatsgevonden over de planvorming. Kort samengevat zijn de navolgende participatiemomenten aan de orde geweest: • Op 31 mei 2023 heeft Stedin gesproken met Natuurlijk Delfland. Natuurlijk Delfland geeft aan ontevreden te zijn met de locatiekeuze voor het transformatorstation in verband met de ligging van de ecologische zone en de groenbestemming. Natuurlijk Delfland heeft aanbevelingen gegeven voor natuurinclusief bouwen. Stedin heeft vervolgens aangegeven welke uitwerkingen voor natuurinclusief bouwen en klimaatadaptief ontwikkelen het ontwerpbestemmingsplan bevat. Tevens is hierbij aangegeven dat voor de vereiste watercompensatie het uitbreiden van de reeds aanwezige wadi’s/helofytenfilters verder wordt uitgewerkt. • Op 5 juni 2023 heeft Stedin de bewonersvereniging Heel Tanthof Delft gesproken. Deze bewonersvereniging geeft aan eerder bij de locatiekeuze betrokken te willen zijn geweest. Zij zien het transformatorstation liever aan de overkant van de Kruithuisweg, in het zogeheten Uilenbosje.

De gemeente wordt om uitleg gevraagd over de locatiekeuze en het participatieproces dat op de locatiekeuze ziet. • Op 20 juni 2023 heeft de gemeente Delft een overleg georganiseerd met Natuurlijk Delfland, De Vogelwacht, bewonersvereniging Heel Tanthof Delft en de bewonersvereniging Buitenhof. Na een toelichting van de gemeente Delft op het proces voor de locatiekeuze hebben de belangenverenigingen hun ongenoegen uitgesproken over de gang van zaken. De gemeente geeft aan dat zij en Stedin in het verleden een weloverwogen locatiekeuze gemaakt hebben, gebaseerd op de geldende technische eisen en de kennis met betrekking tot gebiedsontwikkelingen in het jaar 2021. Het nieuwe transformatorstation dient te worden gebouwd binnen een straal van 700 meter om het huidige trafo. Een grotere afstand leidt tot meer kans op storingen en is ongewenst. In april 2021 is de keuze voor deze locatie vastgelegd door het college. In dat besluit is opgenomen dat er een nadere uitwerking moest komen om een keuze te maken voor de kavel ten noorden of ten zuiden van de Kerkpolderweg. Bij die nadere uitwerking is niet alleen gekeken naar de locatie zelf, maar ook naar de aanliggende ondergrondse infrastructuur. Dit heeft geleid tot de keuze voor de zuidelijke kavel. Op dit moment zijn er geen concrete plannen m.b.t. de ontwikkelingen in het zogeheten Uilenbosje.

De belangenverenigingen willen dat het ecologische gebied in stand wordt gehouden, het groen gecompenseerd wordt en dat het aanzicht van het terrein past binnen de huidige omgeving. De belangenverenigingen nodigen de gemeente uit om in gesprek te gaan over groencompensatie. De gemeente neemt deze uitnodiging aan. • Op 4 juli 2023 vond in het wijkcentrum Het Buitenhuis een inloopbijeenkomst plaats die door Stedin is georganiseerd voor bewoners en bedrijven uit de omgeving van de Kerkpolderweg. Hierbij zijn de eerder genoemde belangenverenigingen tevens

70

uitgenodigd. Rondom 3D verbeeldingen en een maquette van de trafo’s heeft Stedin in het bijzijn van de gemeente Delft een gesprek gevoerd met bewoners van de Gerbrandylaan en de Burgemeestersrand en een vertegenwoordiging van de bewonersvereniging Heel Tanthof Delft. Hierbij zijn de volgende opmerkingen zijn naar voren gebracht. Voor de locatiekeuze ervaren bewoners dat zij voor een voldongen feit zijn gesteld. Bewoners hadden eerder betrokken willen zijn bij de locatiekeuze. Aan de zuidkant van de Kruithuisweg ligt een braakliggend terrein. Wanneer het transformatorstation daar gebouwd wordt, kan het groen behouden worden. Er wordt veel recreatief gewandeld en het wandelpad verdwijnt met de komst van het transformatorstation voor een deel van het huidige tracé. De bewoners vragen om een alternatief en geven hierbij als suggestie mee om een trottoir aan de overkant van het transformatorstation aan te leggen. Bewoners aan de Gerbrandylaan geven aan geluidsoverlast te ervaren van de Kruithuisweg. Deze bewoners ervaren het als positief dat het transformatorstation met een bouwhoogte van 8 meter en een keerwand voor hun woningen een geluid reducerend effect kunnen hebben. De bewoners hechten verder veel belang aan een goede groene inpassing en vragen toe te zien om de realisatie en instandhouding hiervan.

De bewoners vinden het belangrijk dat de planregels worden gehandhaafd en vragen om te kijken naar de mogelijkheid om het groen te compenseren aan de noord-kavel. Gevraagd wordt om de gevel van het transformatorstation te voorzien van gevelgroen. In antwoord hierop heeft Stedin aangegeven het ontwerp van het transformatorstation, de groen compensatie en de inpassing in de omgeving de komende maanden verder uit te werken in samenspraak met de gemeente Delft, Natuurlijk Delfland en De Vogelwacht. Daarnaast heeft afstemming plaatsgevonden met de volgende belanghebbenden: Evides, KPN, Midden Delfland, Prorail, Provincie Zuid Holland, Veiligheidsregio, Pipeline Control en de Gasunie. Uit deze afstemming zijn geen bezwaren naar voren gekomen, die geleid hebben tot een aanpassing van het voornemen. Tot slot heeft het ontwerpbestemmingsplan van 8 augustus 2023 tot en met 18 september 2023 ter inzage gelegen tijdens de formele zienswijzenprocedure. Tijdens de zienswijzenprocedure zijn twee zienswijzen ontvangen. In de nota van zienswijzen zijn de zienswijzen samengevat en voorzien van een beantwoording. Deze nota wordt bijgevoegd bij het vaststellingsbesluit van het bestemmingsplan.

6.2.

Economische uitvoerbaarheid

Het hoofddoel van dit bestemmingsplan is de gewenste toekomstige situatie planologischjuridisch vast te leggen, namelijk de wijziging van groen naar een TS-MS station. De ontwikkeling behoort tot de wettelijke taken van de netbeheerder. De regulering van netbeheerders heeft tot doel om op een efficiënte wijze uitvoering te geven aan hun wettelijke taken. Stedin heeft budgetten opgenomen om de realisatie van de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken. Het plan wordt daarom economisch uitvoerbaar geacht. De economische uitvoerbaarheid van het project is hiermee gewaarborgd.

6.3.

Handhaafbaarheid

71

Het bestemmingsplan is bindend voor zowel de overheid als de burger. De primaire verantwoordelijkheid voor controle en handhaving van de regels in het bestemmingsplan ligt bij de gemeente. Het handhavingsbeleid van de gemeente Delft vormt de basis van de handhaving binnen de gemeentelijke grenzen. Handhaving kan worden omschreven als elke handeling die erop gericht is de naleving van regelgeving te bevorderen of een overtreding te beëindigen. Het doel van handhaving is om de bescherming van mens en omgeving te waarborgen tegen ongewenste activiteiten en overlast. In het kader van het bestemmingsplan heeft regelgeving met name betrekking op de Wet ruimtelijke ordening en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Bij overtreding van deze regels kan gedacht worden aan bouwen zonder vergunning, bouwen in afwijking van een verleende vergunning en het gebruik van gronden en opstallen in strijd met de gebruiksregels van het bestemmingsplan of een omgevingsvergunning. Uitvoering van bestemmingsplannen dient strikt te worden toegepast en gehandhaafd, omdat met het bestemmingsplan het waarborgen en verbeteren van het leefmilieu kan worden aangestuurd. Een recent bestemmingsplan met duidelijke en hanteerbare regels maakt handhaving eenvoudiger. Wat hierbij wel noodzakelijk is zijn eenduidige en eenvoudige bestemmingsplanbepalingen die goed werkbaar zijn.

De doeleindenomschrijving is daarbij belangrijk. Een duidelijke uitleg in de toelichting van het bestemmingsplan van de voorkomende bestemmingen kan verwarring en interpretatieverschillen voorkomen.

72

7. Procedure

7.1.

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt de procedure van het plan beschreven. Achtereenvolgens wordt ingegaan op de ontwerpfase en de vaststellingsfase van het plan.

7.2.

Ontwerpfase

7.2.1. Vooroverleg Artikel 3.1.1, eerste lid, van het Besluit ruimtelijke ordening bepaalt dat het gemeentebestuur bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg moet plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en Rijk, die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn.

7.2.2. Zienswijzen op het ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan wordt gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze periode kan een ieder zienswijzen indienen op het ontwerpbestemmingsplan.

7.3.

Vaststellingsfase

Deze fase gaat over de vaststelling van het bestemmingsplan. Indien de zienswijzen uit de ontwerpfase van het bestemmingsplan daar aanleiding toe geven, passen burgemeester en wethouders het bestemmingsplan aan. Dat kunnen zij overigens ook uit eigen beweging doen. Na afloop van de termijn van de terinzagelegging stellen burgemeester en wethouders het raadsvoorstel op. Daarin gaan zij onder meer in op de eventuele zienswijzen. Uiteindelijk beslist de gemeenteraad over de vaststelling van het bestemmingsplan. De gemeenteraad kan op dat moment ook besluiten om het bestemmingsplan niet, dan wel gewijzigd vast te stellen. De indieners van de zienswijzen hoeven niet te worden gehoord. Desgewenst kunnen zij gebruik maken van het spreekrecht.

73

7.4.

Beroepsfase

Het vaststellingsbesluit wordt samen met het vastgestelde bestemmingsplan na de vaststelling gedurende zes weken ter inzage gelegd. Belanghebbenden kunnen gedurende zes weken vanaf de dag na terinzagelegging beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Niet-belanghebbenden kunnen beroep instellen als zij een zienswijze hebben ingediend tegen het ontwerp-bestemmingsplan, zoals beschreven in paragraaf 7.2.2. Daarnaast kunnen belanghebbenden beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen wijzigingen die zijn aangebracht bij de vaststelling van het provinciaal inpassingsplan. Na afloop beroepstermijn treedt het bestemmingplan in werking, tenzij er een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan gedurende de beroepstermijn.

74

Regels

75

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen 1.1 plan Het bestemmingsplan TS-MS Station Delft met identificatienummer NL.IMRO.0503.BP0088-2001 van de gemeente Delft. 1.2 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding, indien het een vlak betreft. 1.6 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.7 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.8 bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of overkapping. 1.9 bliksempiek Constructie die voorkomt dat gevoelige onderdelen op het transformatorstation geraakt worden door de bliksem. 1.10 bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.11 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.

1.12 bouwwerk Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.

76

1.13 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.14 geluidzoneringsplichtige inrichting Een inrichting, waarbij ingevolge de Wet geluidhinder rondom het terrein van vestiging in een bestemmingsplan een geluidszone moet worden vastgesteld. 1.15 normaal beheer en/of normaal onderhoud Het beheer en/of het onderhoud, dat gelet op de bestemming, regelmatig noodzakelijk is voor een goed beheer en een goed gebruik van de gronden en van de bouwwerken die tot de betreffende bestemming behoren. 1.16 overig bouwwerk Een bouwwerk, geen gebouw, geen bijbehorend bouwwerk en geen overkapping zijnde. 1.17 peil a. voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. in andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.

Artikel 2 Wijze van meten Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.2 breedte, lengte en diepte van een gebouw Tussen (de lijnen getrokken door) de buitenzijde van de gevels. 2.3 goothoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeibord of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. Indien het terrein voor en achter het bouwwerk niet even hoog ligt, wordt de goothoogte gemeten aan de voorgevel; voor de achtergevel liggen in dat geval de goothoogten op dezelfde werkelijke hoogte als bij de voorgevel. Indien de voorgevel wordt uitgevoerd als opgaande topgevel, gelden de goothoogten voor de zijgevels. Zij worden gemeten uit het terrein, aanliggende aan de voorgevel.

2.5 inhoud van een bouwwerk Tussen de bovenzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

77

2.6 oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.7 ondergeschikte bouwonderdelen Bij de toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwonderdelen, als plinten, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, liftschachten, gevelen kroonlijsten, luifels, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, bestemmings- en aanduidingsgrenzen niet meer dan 1 meter bedraagt. 2.8 vloeroppervlakte De gebruiksoppervlakte volgens NEN2580.

78

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 3 Bedrijf – Nutsvoorziening 3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening’ aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een transformator- en verdeelstation met maximaal categorie 3.1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten, niet zijnde een geluidzoneringsplichtige inrichting; met de daarbij behorende: b. terreinen; c. wegen en paden; d. kabels en leidingen ten behoeve van het transformator- en verdeelstation; e. groenvoorzieningen; f. waterhuishoudkundige voorzieningen;

3.2 Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving In het onderstaande is een nadere detaillering opgenomen van het bepaalde in 3.1. 3.2.1 Voorwaardelijke verplichting waterberging De gronden ter plaatse van het bestemmingsvlak 'Bedrijf - Nutsvoorziening', mogen uitsluitend overeenkomstig de bestemmingsomschrijving worden gebruikt, mits: a. uiterlijk één jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor bouwen van een transformator- en verdeelstation is voorzien in de aanleg en instandhouding en het te allen tijde effectief beschikbaar houden van oppervlaktewater van tenminste 231 m² dan wel een bergingsvoorziening van 112 m3. b. het college van burgemeester en wethouders kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a door toe te staan dat een langere termijn wordt aangehouden voor de realisatie van de vereiste maatregelen, indien wordt voldaan aan navolgende voorwaarden: 1. het aanhouden van een langere termijn is noodzakelijk vanuit het oogpunt van de verwezenlijking van de bestemming; 2. het aanhouden van een langere termijn leidt niet tot waterhuishoudkundige problemen; 3. vooraf wordt schriftelijk advies ingewonnen bij het Hoogheemraadschap Delfland.

3.2.2 Voorwaardelijke verplichting natuurinclusief bouwen De gronden ter plaatse van het bestemmingsvlak 'Bedrijf - Nutsvoorziening', mogen uitsluitend overeenkomstig de bestemmingsomschrijving worden gebruikt, mits: a. uiterlijk één jaar na het onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor bouwen van een transformator- en verdeelstation maatregelen in het kader van een natuurinclusieve bouw zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden overeenkomstig het bepaalde in bijlage II van de planregels; b. Het college van burgemeester en wethouders kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a door toe te staan dat andere natuurinclusieve maatregelen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden welke een ecologisch gelijkwaardig alternatief vormen voor de in bijlage II bij deze regels genoemde maatregelen en ook met

79

c.

deze alternatieve natuurinclusieve maatregelen de minimaal benodigde aantal punten, zoals aangegeven in bijlage II bij deze regels, per onderdeel wordt behaald. het college van burgemeester en wethouders kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde onder a door toe te staan dat een langere termijn wordt aangehouden voor de realisatie van de vereiste maatregelen, indien wordt voldaan aan navolgende voorwaarde: a. het aanhouden van een langere termijn is noodzakelijk vanuit het oogpunt van de verwezenlijking van de bestemming.

3.3 Bouwregels 3.3.1 Gebouwen en overkappingen Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: a. er mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van het in 3.1 genoemde transformator- en verdeelstation worden gebouwd; b. gebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd; c. de bouwhoogte van een gebouw of overkapping bedraagt ten hoogste 15 meter. 3.3.2 Bouwwerken, geen gebouwen zijnde Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag niet meer dan 3m bedragen; b. de hoogte van bliksempieken mag ten hoogste 21m bedragen; c. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer dan 15m bedragen; d. bouwwerken, geen gebouwen zijnde mogen ook buiten het bouwvlak worden gebouwd.

3.4 Afwijken van de bouwregels 3.4.1 Binnenplans afwijken Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van: a. het bepaalde in lid 3.3.1 voor de hoogte van gebouwen en overkappingen, zulks tot een hoogte van maximaal 20m; b. het bepaalde in lid 3.3.2 onder a en c voor de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zulks tot een hoogte van maximaal 20m; c. het bepaalde in lid 3.3.2 onder b voor de hoogte van bliksemafleiders, zulks tot een hoogte van maximaal 25m.

3.5 Specifieke gebruiksregels 3.5.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in elk geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning; b. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel; c. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming;

80

d. opslag van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; e. opslag van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; f. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens.

Artikel 4 Waterstaat - Waterkering 4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Waterkering' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor: a. waterkering; b. kernzone van de waterkering; c. beschermingszone van de waterkering; d. bijbehorende voorzieningen.

4.2 Bouwregels Voor het bouwen van bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. In afwijking van het bepaalde in de regels voor de andere daar voorkomende bestemming(en), geldt dat op of in deze gronden uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van de bestemming 'Waterstaat - Waterkering' mogen worden gebouwd. b. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt ten hoogste 4 m.

4.3 Afwijken van de bouwregels Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de waterkering en mits vooraf schriftelijk advies wordt ingewonnen van het Hoogheemraadschap, bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 4.2 onder a en onder b en toestaan dat de door de regels van de andere daar voorkomende bestemming(en) toegelaten gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd.

81

Hoofdstuk 3 Algemene regels Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 6 Algemene gebruiksregels 6.1 Strijdig gebruik Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken met enige bestemming wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van gronden en bouwwerken voor de plaatsing van zonnecollectoren anders dan op daken van bouwwerken.

Artikel 7 Algemene afwijkingsregels Met een omgevingsvergunning kan worden afgeweken van: a. de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 10% van die maten, afmetingen en percentages voor zover dit gelet op het gebruik en/of de constructie noodzakelijk is, met dien verstande dat deze bevoegdheid middels een omgevingsvergunning af te wijken van de bouwregels niet van toepassing is op de bouw van reclamemasten, windturbines en antennemasten; b. het bepaalde in het plan en toestaan dat bestemmings- of bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft;

82

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels Artikel 8 Overgangsrecht 8.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10%; c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

8.2 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b. Het is verboden het met het plan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 9 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan ‘TS-MS Station Delft’.

83

Bijlagen bij de Regels

Bijlage 1

Staat van bedrijfsactiviteiten

OMSCHRIJVING

032 032 08

-

Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations

LUCHT

0502 0502 10

0 1 2 3 4

BODEM

021, 022, 024 03 03 0311 0312 032

0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5 6

VISUEEL

020 05 05 0501.1 0501.2 0502

0 1 2

VERKEER

0150 016 016 016 016 016 0162 02 02

0 1 2 3 4 5 6 7

LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen) Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van rundvee Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen - overige dieren

CATEGORIE

0130 014 014 014 014 014 0142 02 02

-

GROOTSTE AFSTAND

01 011, 012, 013 011, 012, 013, 016 011, 012, 013 011, 012, 013 011, 012, 013 0113 0113 0163 011 0141, 0142 0143, 0145 0143 0145 0146 0147 0147 0147 0147 0147 0149 0149 0149 0149 0149 0149 0149

GEVAAR

01 0111, 0113 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0121 0122 0122 0122 0123 0124 0124 0124 0124 0124 0125 0125 0125 0125 0125 0125 0125

GELUID

-

INDICES

STOF

-

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

SBI-2008

nummer

SBI-1993

10

10

30 C

10

30

2

1 G

1

B

L

10 10 10 30 100 30 30 100

10 10 10 10 10 10 10 30

30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C

10 10 10 10 10 10 10 0

30 30 30 30 100 30 30 100

2 2 2 2 3.2 2 2 3.2

1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1 1

B B B B B B

L L L

50 50 200

30 30 30

30 C 30 C 50 C

0 0 0

50 50 200 D

3.1 3.1 4.1

1 G 1 G 1 G

1 1 1

200 200 200 100

30 30 50 30

50 C 50 C 50 C 50 C

0 0 0 0

200 D 200 200 100 D

4.1 4.1 4.1 3.2

1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1

200 100 30 100 10 30

30 30 0 0 0 10

30 C 30 C 50 C 30 C 30 C 30 C

0 0 10 10 10 0

200 100 50 100 30 30 D

4.1 3.2 3.1 3.2 2 2

1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1 1

100

30

30 C

0

100

3.2

1 G

1

30 30 30 30 30

10 10 10 10 10

50 30 50 30 30 C

10 10 10 10 0

50 D 30 50 30 30

3.1 2 3.1 2 2

2 G 1 G 2 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1

10

10

50

0

50

3.1

1 G

1

100 50

0 0

100 C 50 C

50 R 10

100 50

3.2 3.1

2 G 1 G

2 1

100 50

30 0

50 C 50 C

0 0

100 50

3.2 3.1

1 G 1 G

1 1

1

BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven

-

VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven 0 Vis- en schaaldierkwekerijen 1 - oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven 2 - visteeltbedrijven -

10 103 11 11 111 111 111 111 14 14 1421 1421 1421 144 145 15 15 151 151 151 151 151 151 151

08 089 06 06 061, 062 061 062 062 08 08 0812 0812 0812 0893 0899 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101 101

151

101, 102

151 152 152 152 152 152 152 152 1531 1531 1531 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1541 1541 1541 1542 1542 1542 1543 1543 1543 1551 1551

108 102 102 102 102 102 102 102 1031 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 104101 104101 104101 104102 104102 104102 1042 1042 1042 1051 1051

0 1 2 3 0 1 2

0 1 2 3 4 5 6

TURFWINNING Turfwinningbedrijven

50

50

100 C

10

100

3.2

2 G

2

AARDOLIE- EN AARDGASWINNING Aardolie- en aardgaswinning: - aardoliewinputten - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: < 10.000.000 N m3/d - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: >= 10.000.000 N m3/d

100 30 50

0 0 0

200 C 500 C 700 C Z

200 R 200 R 200 R

200 500 700

4.1 5.1 5.2

1 G 1 G 1 G

2 1 1

WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D. Steen-, grit- en krijtmalerijen (open lucht): - algemeen - steenbrekerijen Zoutwinningbedrijven Mergel- en overige delfstoffenwinningbedrijven

10 10 50 10

100 200 10 200

200 700 Z 100 C 500 C

10 10 30 50

200 D 700 100 500

4.1 5.2 3.2 5.1

2 G 2 G 2 G 3 G

1 2 1 3

VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - slachterijen en pluimveeslachterijen - vetsmelterijen - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m²

100 700 300 100 50 30

0 0 0 0 0 0

100 C 100 C 100 C 100 C 50 C 50

50 R 30 50 R 50 R 30 10

100 D 700 300 100 50 50

3.2 5.2 4.2 3.2 3.1 3.1

2 G 2 G 2 G 2 G 1 G 1 G

1 2 2 2 1 1

50

0

50

10

50

3.1

1 G

1

50

0

50

10

50

3.1

2 G

1

700 200 300 300 100 50

100 0 0 10 10 10

200 C 100 C 50 C 50 C 50 30

30 30 0 30 30 10

700 200 300 300 D 100 50

5.2 4.1 4.2 4.2 3.2 3.1

2 G 2 G 1 G 2 G 1 G 1 G

2 2 2 2 1 1

300 50

30 10

200 C 50

50 R 50 R

300 50

4.2 3.1

2 G 1 G

2 1

50 50 100 300 300

10 10 10 10 10

100 C 100 C 100 C 200 C 100 C

10 10 10 30 10

100 100 100 300 300

3.2 3.2 3.2 4.2 4.2

1 G 2 G 2 G 2 G 2 G

1 2 2 2 2

200 300

30 50

100 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B B

200 300

10 10

100 C 300 C Z

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B B

100 200

10 10

200 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3 G 3 G

2 3

B

200

100

500 C Z

50 R

500

5.1

3 G

2

7 - loonslachterijen - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 8 m² 0 Visverwerkingsbedrijven: 1 - drogen 2 - conserveren 3 - roken 4 - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m² 5 - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² 6 - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² 0 Aardappelprodukten fabrieken: 1 - vervaardiging van aardappelproducten 2 - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² 0 Groente- en fruitconservenfabrieken: 1 - jam 2 - groente algemeen 3 - met koolsoorten 4 - met drogerijen 5 - met uienconservering (zoutinleggerij) 0 Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Margarinefabrieken: 1 - p.c. < 250.000 t/j 2 - p.c. >= 250.000 t/j 0 Zuivelprodukten fabrieken: 1 - gedroogde produkten, p.c. >= 1,5 t/u

B B B

B

L

1551 1551 1551 1551 1552 1552 1561 1561 1561 1561 1562 1562 1562 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1572 1581 1581 1581 1582 1583 1583 1583 1584 1584

1051 1051 1051 1051 1052 1052 1061 1061 1061 1061 1062 1062 1062 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1092 1071 1071 1071 1072 1081 1081 1081 10821 10821

2 3 4 5 1 2 0 1 2

0 1 2 0 1

1584

10821

1584 1584 1584 1584 1585 1586 1586 1586 1587 1589 1589.1 1589.2 1589.2 1589.2 1589.2 1591 1592 1592 1592 1593 t/m 1595 1596 1597

10821 10821 10821 10821 1073 1083 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089 110101 110102 110102 110102 1102 t/m 1104 1105 1106

3 4 5 6

- geconcentreerde produkten, verdamp. cap. >=20 t/u - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j - overige zuivelprodukten fabrieken Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. >= 500 t/u - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken Zetmeelfabrieken: - p.c. < 10 t/u - p.c. >= 10 t/u Veevoerfabrieken: - destructiebedrijven - beender-, veren-, vis-, en vleesmeelfabriek - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. >= 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: - v.c. < 2.500 t/j - v.c. >= 2.500 t/j Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - Cacao- en chocoladefabrieken: p.o. > 2.000 m²

500 100 300 300 100 30

5.1 3.2 4.2 4.2 3.2 2

3 G 2 G 3 G 3 G 2 G 1 G

2 1 2 2 2 1

100 R 50 R 50

300 200 200 D

4.2 4.1 4.1

2 G 2 G 2 G

2 2 2

200 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

1 G 2 G

2 3

30 100 100 200 50 100 100

200 C 100 C 200 C 300 C Z 200 C 300 C Z 200 C

50 30 R 30 50 30 50 R 30

700 D 700 D 300 700 200 300 200

5.2 5.2 4.2 5.2 4.1 4.2 4.1

3 G 3 G 2 G 3 G 3 G 3 G 2 G

3 3 2 3 3 3 2

30 100 100

10 30 10

30 C 100 C 100 C

10 30 30

30 100 100

2 3.2 3.2

1 G 2 G 2 G

1 2 2

500 1000

100 200

300 C 700 C Z

100 R 200 R

500 1000

5.1 5.3

2 G 3 G

2 3

500

50

100

50 R

500

5.1

2 G

3

2 - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m²

100

30

50

30

100

3.2

2 G

2

- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. <= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - koffiebranderijen - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: - p.c. < 5.000 t/j - p.c. >= 5.000 t/j Vervaardiging van wijn, cider e.d. Bierbrouwerijen Mouterijen

30 300 100 30 50

10 30 30 10 30

30 50 50 30 10

10 30 R 30 R 10 10

30 300 100 30 50

2 4.2 3.2 2 3.1

1 G 2 G 2 G 1 G 2 G

1 2 2 1 2

500 100 200 200 200

30 10 30 30 50

200 C 30 50 50 50

10 10 10 30 50 R

500 D 100 200 200 D 200

5.1 3.2 4.1 4.1 4.1

2 G 2 G 2 G 2 G 2 G

1 1 1 2 2

100 300 200 300

10 50 50 30

50 50 50 200 C

10 50 R 30 30

100 300 200 300

3.2 4.2 4.1 4.2

2 G 2 G 2 G 2 G

2 2 2 2

200 300 10 300 300

30 50 0 30 50

200 C 300 C 30 C 100 C 100 C

30 R 50 R 0 50 R 30

200 300 30 300 300

4.1 4.2 2 4.2 4.2

1 G 2 G 1 G 2 G 2 G

2 3 1 2 2

0 1 2 0 1 2 3 4 5 6 0 1 2

0 1 2

0 1 2

0 1 2

200 50 100 50 50 10

30 0 0 50 0 0

500 C Z 100 C 300 C Z 300 C 100 C 30

50 50 50 50 50 0

200 100 50

100 50 100

300 C Z 200 C 200 C

200 300

50 100

700 700 300 700 200 300 200

R R R R R

B B

B

1598 16 16 160 17 17 171 172 172 172 173 174, 175 1751 176, 177 18 18 181 182 183 19 19 191 192 193 20 20 2010.1 2010.2 2010.2 2010.2 202 203, 204, 205 203, 204, 205 205 21 21 2111 2112 2112 2112 2112 212 2121.2 2121.2 2121.2 22 22 221 2221 2222 2222.6 2223 2223 2224 2225

1107 12 12 120 13 13 131 132 132 132 133 139 1393 139, 143 14 14 141 141 142, 151 19 15 151,152 151 152 16 16101 16102 16102 16102 1621 162 162 162902 17 17 1711 1712 1712 1712 1712 172 17212 17212 17212 58 58 581 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814

-

Mineraalwater- en frisdrankfabrieken

10

0

100

50 R

100

3.2

3 G

2

VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie

200

30

50 C

30

200

4.1

2 G

1

10

50

100

30

100

3.2

2 G

1

10 10 50 10 100 0

10 30 0 0 30 10

100 300 50 50 200 50

0 50 10 10 10 10

100 300 50 50 200 50

3.2 4.2 3.1 3.1 4.1 3.1

2 G 3 G 2 G 1 G 2 G 1 G

1 2 2 1 2 2

30 10 50

0 10 10

50 30 10

0 10 10

50 30 50

3.1 2 3.1

1 G 2 G 1 G

1 2 1

300 50 50

30 10 10

100 30 50

10 10 10

300 50 D 50

4.2 3.1 3.1

2 G 2 G 2 G

2 2 1

0

50

100

50 R

100

3.2

2 G

2

200 10 100 0 0 10

30 30 30 30 30 10

50 50 100 100 50 30

10 10 10 0 0 0

200 50 100 100 50 30

4.1 3.1 3.2 3.2 3.1 2

2 G 2 G 3 G 2 G 1 G 1 G

2 1 2 2 1 1

200

100

200 C

50 R

200

4.1

3 G

2

50 100 200 30

30 50 100 30

50 C 200 C Z 300 C Z 100 C

30 50 100 30

R R R R

50 200 300 100

3.1 4.1 4.2 3.2

1 G 2 G 3 G 2 G

2 2 2 2

30 50

30 30

100 C 200 C Z

30 R 30 R

100 200

3.2 4.1

2 G 2 G

2 2

0 30 30 10 0 30 30 30

0 0 0 0 0 0 0 0

10 100 C 100 30 10 30 10 30

0 10 10 0 0 0 10 10

10 100 100 30 10 30 30 30 D

1 3.2 3.2 2 1 2 2 2

1 P 3 G 3 G 1 P 1 G 2 G 2 G 2 G

1 2 2 1 1 1 1 1

-

VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels 0 Weven van textiel: 1 - aantal weefgetouwen < 50 2 - aantal weefgetouwen >= 50 Textielveredelingsbedrijven Vervaardiging van textielwaren Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen - VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont - VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederfabrieken Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) Schoenenfabrieken - HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen 0 Houtconserveringsbedrijven: 1 - met creosootolie 2 - met zoutoplossingen Fineer- en plaatmaterialenfabrieken 0 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout 1 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken - VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp 0 Papier- en kartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c. 3 - 15 t/u 3 - p.c. >= 15 t/u Papier- en kartonwarenfabrieken 0 Golfkartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 2 - p.c.

>= 3 t/u - UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Drukkerijen van dagbladen Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten

Z

B B

L

B

L

B

L

B B B

L

B B B

L

B B

223 23 23 231 2320.1 2320.2 2320.2 2320.2 233 24 24 2411 2411 2411 2411 2412 2413 2413 2413 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.2 2414.2 2414.2 2415 2416 242 242 242 243 2441 2441 2441 2442 2442 2442 2451 2452 2461 2462 2462 2462 2464 2466 2466 247 25 25 2511 2512 2512

182 19 19 191 19201 19202 19202 19202 201, 212, 244 20 20 2011 2011 2011 2011 2012 2012 2012 2012 20141 20141 20141 20141 20141 20141 20149 20149 20149 2015 2016 202 202 202 203 2110 2110 2110 2120 2120 2120 2041 2042 2051 2052 2052 2052 205902 205903 205903 2060 22 22 221101 221102 221102

Reproduktiebedrijven opgenomen media

0

0

10

0

10

1

1 G

1

1000 1500 50 300 300

700 100 0 0 0

1000 C Z 1500 C Z 100 100 200

100 1500 30 50 50

1000 1500 100 300 300 D

5.3 6 3.2 4.2 4.2

2 G 3 G 2 G 2 G 2 G

3 3 2 2 2

B B B B B

10

10

100

1500

1500

D

6

1 G

2

B

10 100 100 200

0 0 0 0

700 C Z 500 C 500 C 200 C

100 100 300 200

R R R R

700 500 500 200 D

5.2 5.1 5.1 4.1

3 G 3 G 3 G 3 G

3 3 3 3

B

L L L

100 300

30 50

300 C 500 C

300 R 700 R

300 D 700 D

4.2 5.2

2 G 3 G

3 3

B B

L L

300 1000

10 30

200 C 500 C

300 R 700 R

300 D 1000 D

4.2 5.3

2 G 2 G

3 2

B B

L L

100 200

0 0

200 C 300 C Z

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

2 G 3 G

2 3

B B

300 500 500 700

0 0 300 30

200 C 300 C Z 500 C 300 C

100 200 500 500

300 500 500 700

4.2 5.1 5.1 5.2

2 G 3 G 3 G 3 G

2 3 3 3

B B B B

L L L L

300 100 300

50 10 30

100 C 30 C 200 C

1000 R 500 R 300 R

1000 500 D 300 D

5.3 5.1 4.2

3 G 2 G 3 G

3 2 2

B B B

L

200 300

10 10

200 C 300 C

300 R 500 R

300 500

4.2 5.1

1 G 2 G

2 2

B B

L L

50 10 300 300 30

10 10 100 30 10

50 30 200 C 50 C 50

50 R 10 100 R 50 R 1000 V

50 30 300 300 1000

3.1 2 4.2 4.2 5.3

2 G 2 G 3 G 2 G 1 G

1 1 2 2 2

B

L

B

100 500 50 50 200 300

10 30 10 10 30 30

100 100 100 50 100 C 300 C

50 50 50 50 200 200

100 500 100 50 200 D 300

3.2 5.1 3.2 3.1 4.1 4.2

3 G 3 G 3 G 3 G 2 G 3 G

2 2 2 2 2 3

B B B B B B

300

50

300 C

100 R

300

4.2

2 G

2

B

50

10

30

30

50

3.1

1 G

1

-

AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT-/KWEEKSTOFFEN Cokesfabrieken Aardolieraffinaderijen A Smeeroliën- en vettenfabrieken B Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie C Aardolieproduktenfabrieken n.e.g. Splijt- en kweekstoffenbewerkingsbedrijven - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Vervaardiging van industriële gassen: 1 - luchtscheidingsinstallatie v.c. >= 10 t/d lucht 2 - overige gassenfabrieken, niet explosief 3 - overige gassenfabrieken, explosief Kleur- en verfstoffenfabrieken 0 Anorg. chemische grondstoffenfabrieken: 1 - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" 2 - vallend onder "post-Seveso-richtlijn" A0 Organ. chemische grondstoffenfabrieken: A1 - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" A2 - vallend onder "post-Seveso-richtlijn" B0 Methanolfabrieken: B1 - p.c. < 100.000 t/j B2 - p.c. >= 100.000 t/j 0 Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synth.): 1 - p.c. < 50.000 t/j 2 - p.c. >= 50.000 t/j Kunstmeststoffenfabrieken Kunstharsenfabrieken e.d. 0 Landbouwchemicaliënfabrieken: 1 - fabricage 2 - formulering en afvullen Verf, lak en vernisfabrieken 0 Farmaceutische grondstoffenfabrieken: 1 - p.c. < 1.000 t/j 2 - p.c.

>= 1.000 t/j 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 1 - formulering en afvullen geneesmiddelen 2 - verbandmiddelenfabrieken Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken Parfumerie- en cosmeticafabrieken Kruit-, vuurwerk-, en springstoffenfabrieken 0 Lijm- en plakmiddelenfabrieken: 1 - zonder dierlijke grondstoffen 2 - met dierlijke grondstoffen Fotochemische produktenfabrieken A Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken B Overige chemische produktenfabrieken n.e.g. Kunstmatige synthetische garen- en vezelfabrieken - VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Rubberbandenfabrieken 0 Loopvlakvernieuwingsbedrijven: 1 - vloeropp. < 100 m2

R R R R R

R R R R

R R R R

L L L L L

L

B L L L L

2512 2513 252 252 252 252 26

221102 2219 222 222 222 222 23

2 - vloeropp. >= 100 m2 Rubber-artikelenfabrieken 0 Kunststofverwerkende bedrijven: 1 - zonder fenolharsen 2 - met fenolharsen 3 - productie van verpakkingsmateriaal en assemblage van kunststofbouwmaterialen -

26 261 261 261 261 261 2615 262, 263 262, 263 262, 263 264 264 2651 2651 2651 2652 2652 2652 2653 2653 2653 2661.1 2661.1 2661.1 2661.1 2661.2 2661.2 2661.2 2662 2663, 2664 2663, 2664 2663, 2664 2665, 2666 2665, 2666 2665, 2666 267 267 267 267 267 2681 2682 2682 2682 2682 2682 2682

23 231 231 231 231 231 231 232, 234 232, 234 232, 234 233 233 2351 2351 2351 235201 235201 235201 235202 235202 235202 23611 23611 23611 23611 23612 23612 23612 2362 2363, 2364 2363, 2364 2363, 2364 2365, 2369 2365, 2369 2365, 2369 237 237 237 237 237 2391 2399 2399 2399 2399 2399 2399

VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN Glasfabrieken: - glas en glasprodukten, p.c. < 5.000 t/j - glas en glasprodukten, p.c. >= 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c.< 5.000 t/j - glaswol en glasvezels, p.c. >= 5.000 t/j Glasbewerkingsbedrijven 0 Aardewerkfabrieken: 1 - vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW 2 - vermogen elektrische ovens totaal >= 40 kW A Baksteen en baksteenelementenfabrieken B Dakpannenfabrieken 0 Cementfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 2 - p.c. >= 100.000 t/j 0 Kalkfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 2 - p.c. >= 100.000 t/j 0 Gipsfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 2 - p.c. >= 100.000 t/j 0 Betonwarenfabrieken: 1 - zonder persen, triltafels en bekistingtrille 2 - met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c. < 100 t/d 3 - met persen, triltafels of bekistingtrillers, p.c. >= 100 t/d 0 Kalkzandsteenfabrieken: 1 - p.c. < 100.000 t/j 2 - p.c. >= 100.000 t/j Mineraalgebonden bouwplatenfabrieken 0 Betonmortelcentrales: 1 - p.c. < 100 t/u 2 - p.c. >= 100 t/u 0 Vervaardiging van produkten van beton, (vezel)cement en gips: 1 - p.c. < 100 t/d 2 - p.c. >= 100 t/d 0 Natuursteenbewerkingsbedrijven: 1 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. > 2.000 m² 2 - zonder breken, zeven en drogen: p.o. <= 2.000 m² 3 - met breken, zeven of drogen, v.c. < 100.000 t/j 4 - met breken, zeven of drogen, v.c.

>= 100.000 t/j Slijp- en polijstmiddelen fabrieken A0 Bitumineuze materialenfabrieken: A1 - p.c. < 100 t/u A2 - p.c. >= 100 t/u B0 Isolatiematerialenfabrieken (excl. glaswol): B1 - steenwol, p.c. >= 5.000 t/j B2 - overige isolatiematerialen 0 1 2 3 4

200 100

50 10

100 50

50 R 50 R

200 100 D

4.1 3.2

2 G 1 G

2 2

200 300 50

50 50 30

100 100 50

100 R 200 R 30

200 300 50

4.1 4.2 3.1

2 G 2 G 2 G

2 2 1

30 30 300 500 10

30 100 100 200 30

100 300 C Z 100 300 C Z 50

30 50 R 30 50 R 10

100 300 300 500 50

3.2 4.2 4.2 5.1 3.1

1 G 2 G 1 G 2 G 1 G

1 2 1 2 1

L L L L

10 30 30 50

10 50 200 200

30 100 200 200

10 30 30 100 R

30 100 200 200

2 3.2 4.1 4.1

1 G 2 G 2 G 2 G

1 2 2 2

L L L

10 30

300 500

500 C 1000 C Z

30 R 50 R

500 1000

5.1 5.3

2 G 3 G

2 3

30 50

200 500

200 300

Z

30 R 50 R

200 500

4.1 5.1

2 G 3 G

2 3

30 50

200 500

200 300

Z

30 R 50 R

200 500

4.1 5.1

2 G 3 G

2 3

B

10 10 30

100 100 200

200 300 700

Z

30 30 30

200 300 700

4.1 4.2 5.2

2 G 2 G 3 G

2 2 3

B B B

10 30 50

50 200 50

100 300 100

30 30 30

100 300 100

3.2 4.2 3.2

2 G 3 G 2 G

2 3 2

10 30

50 200

100 300

Z

10 10

100 300

3.2 4.2

3 G 3 G

2 3

10 30

50 200

100 300

Z

50 R 200 R

100 300

3.2 4.2

2 G 3 G

2 2

10 10 10 30 10

30 30 100 200 30

100 50 300 700 50

0 0 10 10 10

100 D 50 300 700 50 D

3.2 3.1 4.2 5.2 3.1

1 G 1 G 1 G 2 G 1 G

2 1 2 3 2

300 500

100 200

100 200

Z

30 50

300 500

4.2 5.1

3 G 3 G

2 3

100 200

200 100

300 C Z 100 C

30 50

300 200

4.2 4.1

2 G 2 G

2 2

Z

Z

B

B

L

B

B

B B

L L

2682 2682 2682 27 27 271 271 271 272 272 272 273 273 273 274 274 274 274 274 274 2751, 2752 2751, 2752 2751, 2752 2753, 2754 2753, 2754 2753, 2754 28

2399 2399 2399 24 24 241 241 241 245 245 245 243 243 243 244 244 244 244 244 244 2451, 2452 2451, 2452 2451, 2452 2453, 2454 2453, 2454 2453, 2454 25

28 281 281 281 281 281 2821 2821 2821 2822, 2830 284 284 284 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2851 2852

25, 31 251, 331 251, 331 251, 331 251, 331 251, 331 2529, 3311 2529, 3311 2529, 3311 2521, 2530, 3311 255, 331 255, 331 255, 331 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2561, 3311 2562, 3311

C Minerale produktenfabrieken n.e.g. D0 Asfaltcentrales: p.c.< 100 ton/uur D1 - asfaltcentrales, p.c. >= 100 ton/uur - VERVAARDIGING VAN METALEN 0 Ruwijzer- en staalfabrieken: 1 - p.c. < 1.000 t/j 2 - p.c. >= 1.000 t/j 0 IJzeren- en stalenbuizenfabrieken: 1 - p.o. < 2.000 m2 2 - p.o. >= 2.000 m2 0 Draadtrekkerijen, koudbandwalserijen en profielzetterijen: 1 - p.o. < 2.000 m2 2 - p.o. >= 2.000 m2 A0 Non-ferro-metaalfabrieken: A1 - p.c. < 1.000 t/j A2 - p.c. >= 1.000 t/j B0 Non-ferro-metaalwalserijen, -trekkerijen e.d.: B1 - p.o. < 2.000 m2 B2 - p.o. >= 2.000 m2 0 IJzer- en staalgieterijen/ -smelterijen: 1 - p.c. < 4.000 t/j 2 - p.c. >= 4.000 t/j 0 Non-ferro-metaalgieterijen/ -smelterijen: 1 - p.c. < 4.000 t/j 2 - p.c. >= 4.000 t/j VERVAARD. EN REPARATIE VAN PRODUKTEN VAN METAAL (EXCL. - MACH./TRANSPORTMIDD.) 0 Constructiewerkplaatsen 1 - gesloten gebouw 1a - gesloten gebouw, p.o. < 200 m2 2 - in open lucht, p.o. < 2.000 m2 3 - in open lucht, p.o. >= 2.000 m2 0 Tank- en reservoirbouwbedrijven: 1 - p.o. < 2.000 m2 2 - p.o. >= 2.000 m2 Vervaardiging van verwarmingsketels, radiatoren en stoomketels A Stamp-, pers-, dieptrek- en forceerbedrijven B Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d. B1 Smederijen, lasinrichtingen, bankwerkerijen e.d., p.o.

< 200 m2 0 Metaaloppervlaktebehandelingsbedrijven: 1 - algemeen 10 - stralen 11 - metaalharden 12 - lakspuiten en moffelen 2 - scoperen (opspuiten van zink) 3 - thermisch verzinken 4 - thermisch vertinnen 5 - mechanische oppervlaktebehandeling (slijpen, polijsten) 6 - anodiseren, eloxeren 7 - chemische oppervlaktebehandeling 8 - emailleren 9 - galvaniseren (vernikkelen, verchromen, verzinken, verkoperen ed) 1 Overige metaalbewerkende industrie

50 100 200

50 50 100

100 200 300

50 30 50

100 D 200 300

3.2 4.1 4.2

2 G 3 G 3 G

2 2 2

B B

L L

700 1500

500 1000

700 1500 C Z

200 R 300 R

700 1500

5.2 6

2 G 3 G

2 3

B B

L

30 50

30 100

500 1000

Z

30 50 R

500 1000

5.1 5.3

2 G 3 G

2 2

B B

30 50

30 50

300 700

Z

30 50 R

300 700

4.2 5.2

2 G 3 G

2 3

B

100 200

100 300

300 700

Z

30 R 50 R

300 700

4.2 5.2

1 G 2 G

2 3

B B

50 200

50 100

500 1000

Z

50 R 100 R

500 1000

5.1 5.3

2 G 3 G

2 3

B B

100 200

50 100

300 C 500 C Z

30 R 50 R

300 500

4.2 5.1

1 G 2 G

2 3

B B

L

100 200

50 100

300 C 500 C Z

30 R 50 R

300 500

4.2 5.1

1 G 2 G

2 3

B B

L

30 30 30 50

30 30 50 200

100 50 200 300

30 10 30 30

100 50 200 300

3.2 3.1 4.1 4.2

2 G 1 G 2 G 3 G

2 1 2 3

B

30 50 30 10 50 30

50 100 30 30 30 30

300 500 200 200 100 50

30 R 50 R 30 30 30 10

300 500 200 200 100 D 50 D

4.2 5.1 4.1 4.1 3.2 3.1

2 G 3 G 2 G 1 G 2 G 1 G

2 3 2 2 2 2

B B B B B B

50 30 30 100 50 100 100 30 50 50 100 30 10

50 200 50 30 50 50 50 50 10 10 50 30 30

100 200 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100 100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13452960/1