Handelingen raadsvergadering 10 november 2022
Tekst van het document
de begrote lasten op het programma Gezonde en sociale stad tot en met 2025 met jaarlijks incidenteel € 50.000 te verhogen; de begrote lasten op het programma Financiën (dotatie t.b.v. buffer) tot en met 2025 jaarlijks met incidenteel € 50.000 te verlagen.
Toelichting Met dit amendement worden de middelen om eenzaamheid te bestrijden verhoogd. Hierbij spelen de volgende overwegingen. De ontwerpprogrammabegroting vermeldt het streven om eenzaamheid te verminderen van 40% naar 35% in 2030. Dit gaat om eenzaamheid onder alle leeftijden. De begroting vermeldt niet duidelijk hoe dit moet gebeuren en ook is er niet duidelijk geld voor begroot. Met dit amendement wordt geld vrijgemaakt om eenzaamheid onder alle Delftenaren te bestrijden, onder meer door: • de lokale coalitie tegen eenzaamheid uit te breiden naar organisaties en ondernemers die bijvoorbeeld ook jongeren, gescheiden ouders, werklozen, mensen met een beperking bereiken; • het helpen van alle partijen die een rol kunnen nemen in het signaleren/bespreekbaar maken van eenzaamheid of een ontmoetingsplaats kunnen creëren. (Denk aan sportclubs, vervoersdiensten, de horecazaken, huisartsen, koffietafels in de supermarkten, notaris etc.); • meer langeretermijnfinanciering zodat ontmoetingsplaatsen/momenten/netwerken niet zomaar weer verdwijnen; • het vergroten van de capaciteit om de samenwerking tussen partijen en inwoners van de grond te krijgen. 82
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
In deze brief aan gemeenten: https://vng.nl/sites/default/files/2022-08/Brief-VWSaangemeenten-inzake-bundeling-en-oormerken-middelen.pdf wordt de mogelijkheid geschetst om rijksmiddelen aan te vragen voor de bestrijding van eenzaamheid. Als deze middelen voor 2023-2025 toegekend worden, kan het college de raad eventueel voorstellen om de met dit amendement bewerkstelligde verhoging weer ongedaan te maken. Tot die tijd is de verhoging met € 50.000 door dit amendement gewaarborgd." Door de fracties van de ChristenUnie, de PvdA, het CDA, D66, GroenLinks en Volt wordt motie 4.1.2 (Geef Delftenaren een podium) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 10 november 2022 bij de bespreking van de Programmabegroting 2023-2026. We stellen vast dat: -
-
-
-
DOK, CANIDREAM, DelftsPeil, De VAK en Theater de Veste samen het plan hebben om in 2023/2024 'Meemaakpodium Delft' te organiseren om cultuur voor iedereen toegankelijk te maken door Delftenaren een podium te geven, gericht op de wijken Buitenhof, Tanthof en Voorhof; dit project zich richt op drie doelgroepen, namelijk basisschoolleerlingen van groepen 6 t/m 8, jongeren van 15 t/m 25 jaar met kans op voortijdige schooluitval en senioren en zorgt voor verbinding tussen de groepen; een goede taalbeheersing noodzakelijk is om mee te kunnen doen in onze samenleving. In dit project worden bestaande taalprojecten gekoppeld aan de bestaande activiteiten om de taalvaardigheid van deelnemers te vergroten; de gemeente Delft in de afgelopen jaren flink heeft bezuinigd op cultuur, waaronder op DOK.
We hebben nagedacht over en houden rekening met: -
-
de raadsbrede wens, tijdens de raadsconferentie op 10 oktober 2022 uitgesproken, om contact en ontmoeting tussen verschillende groepen uit de samenleving te stimuleren; dat financiële dekking voor dit project niet geheel vanuit de gemeente hoeft te komen, omdat er reeds sprake is van cofinanciering vanuit FCP Meemaakpodium, Fonds1818 en de organiserende partijen.
Wij vinden dat: -
-
DOK ook een belangrijke maatschappelijke functie vervult in de stad waar het gaat om onderlinge ontmoeting, het stimuleren van taalvaardigheid en kunnen meedoen in de Delftse samenleving; het op deze manier mogelijk wordt om meer Delftenaren de kans te bieden om hun taalvaardigheid te vergroten en mogelijke voortijdige schooluitval actief wordt tegengegaan.
We geven het college opdracht om: -
het project 'Meemaakpodium' van DOK incidenteel financieel te ondersteunen met € 50.000 in 2023;
83
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
-
dit eventueel te dekken vanuit het voordeel uit de Najaarsrapportage 2022 en/of de gelden die de gemeente Delft van het ministerie OCW ontvangt,
en gaat over tot de orde van de dag." De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Daar zitten we dan. Mevrouw Gremmen, of Kyra, heeft tijdens de Algemene Beschouwingen al kort teruggeblikt op het afgelopen jaar. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar op zo'n mooie en belangrijke avond kan ik het niet laten om ook heel even stil te staan bij waar we staan als raad. Het vertrouwen in de overheid is laag, zoals we ook zagen aan de opkomstcijfers tijdens de gemeenteraadsverkiezingen. Ik moet eerlijk zijn: ik dacht de eerste paar weken wel "daar sta ik dan met mijn praatjes over samenwerken". Maar zoals mevrouw Gremmen haar beschouwing eindigde: moet u eens zien wat we na dit bewogen halfjaar als raad met samenwerking kunnen bereiken. 46 moties en amendementen, waarvan de grootste meerderheid zowel door coalitie- als oppositiepartijen wordt ingediend en die elk op hun eigen manier hun best doen om deze begroting en daarmee het beleid in de stad een stukje beter te maken. Ik ben daar als lid van deze raad trots op. Om al die verloren tijd in te halen, wil ik alleen kort een aantal moties bespreken waarvan ik mede-indiener ben en die een direct gevolg zijn van de raadsconferentie. Die moties kwamen tot stand door een gesprek te voeren dat zich op gezamenlijke doelen en ideeën richtte. Ten eerste de motie Achter de gevel tot achter de gevel.
Het idee kwam op tijdens de raadsconferentie en nu ligt er een plan dat de inwoners van Delft waardeert voor wie ze zijn, een plan dat bedoeld is om de mensen die, net als velen hier in de raad, zien dat we ons zorgen moeten maken over het klimaat en onze impact daarop en dat we ons met de effecten van klimaatverandering moeten bezighouden, in hun kracht te zetten. Wij als Volt vinden het belangrijk om mensen in hun kracht te zetten. Soms is dat simpelweg door mensen een handje te helpen. Daarom zijn we enthousiast over de motie Energieklussers, een andere motie die direct terug te leiden is naar de raadsconferentie. Het idee is: laten we gewoon eens bij de energiecoaches vragen wat zij nodig hebben. Het antwoord vindt u in deze motie: een verdubbeling van het aantal mensen die de handen uit de mouwen steken om de mensen met de slechtst geïsoleerde woningen direct te helpen. Bijna in dezelfde adem kan ik de motie ISODelft noemen, waarin wordt opgeroepen een zelfvoorzienend programma op te starten om huizen in Delft te isoleren. Ten slotte wil ik kort stilstaan bij de motie Sociale woningen. Alle coalitiepartijen, het coalitieakkoord en veel oppositiepartijen spreken zich uit voor gemengde wijken, waar iedereen zich thuis voelt en waar mensen van alle achtergronden, denkbeelden en ideeën elkaar ontmoeten, zoals wij dat hier in de raad ook doen.
Laten we ons daar niet alleen voor uitspreken, maar daar ook echt actie in ondernemen. Ik wil graag alle indieners van deze moties en van de moties die ik nog niet heb genoemd maar die wij wel mee indienen, bedanken voor de fijne inhoudelijke gesprekken en de samenwerking. Mevrouw GREMMEN (Volt): Voorzitter. Dan onze eigen motie, die nog rest. Ook die is een resultaat van de raadsconferentie. Al meerdere keren kregen we van het college te horen: een subsidioloog; die hebben we toch al? Daarnaast moesten we helaas ook gisteren nogmaals vernemen dat onze motie overbodig was. Daar zijn we het echt niet mee eens. Zoals ik afgelopen donderdag in de commissie al aangaf, zouden wij graag zien dat er meer gebruik wordt gemaakt van de kansen die Europa biedt. We missen in deze begroting welke 84
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
middelen we willen inzetten om Europese subsidies te kunnen aanvragen, laat staan voldoende capaciteit die tijdig kansen kan signaleren voor de organisatie, die Europa begrijpt en die mee kan schrijven in aanvragen. In andere gemeenten, die overigens ook deelnemen aan de Europatafel, zijn aparte budgetten begroot voor European Affairs. Wist u dat de gemeente Ameland het afgelopen jaar de effectiefste gemeente was in het aanvragen van Europese subsidies en gemiddeld per inwoner maar liefst € 251 ophaalde? Dat is evenveel als wij gemiddeld aan afvalstoffenheffing per jaar per huishouden heffen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik zit even mee te rekenen. U geeft een mooi getal over de gemeente Ameland. Weet u hoeveel inwoners Ameland heeft? Mevrouw GREMMEN (Volt): Dank, meneer Hombergen. Ik begrijp het belang van het totale aantal. Ik wilde alleen schetsen dat het gaat om wat wij gemiddeld aan afvalstoffenheffing heffen. Ik wilde niet het punt maken dat ze in Ameland € 16 miljoen aan Europese subsidies krijgen, want ik heb ook in de begroting gezien wat wij in Delft heffen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Met een enkele casus kun je natuurlijk alles onderstrepen, maar het gaat er natuurlijk om wat de gemiddelde kans is dat je de subsidie krijgt. Anekdotisch komt u dus heel ver, maar het gaat over het totaalbeeld. Mevrouw GREMMEN (Volt): Dank, meneer Hombergen.
Juist om die kans te vergroten hebben wij de motie geschreven. U onderstreept dus eigenlijk alleen maar het punt van de motie, waarvoor dank. Het punt dat ik wil maken, is dat de gemeente Ameland succesvol is omdat ze niet opgavengericht werkt en niet op basis van het aanbod bepaalt welke subsidies ze aanvraagt, maar actief vooruit plant. Dat is nodig om daarin echt succesvol te zijn. Een ander voorbeeld: de Limburgse gemeente Kerkrade wist voor de bouw van circulaire woningen een Europese bijdrage te krijgen uit het Urban Innovative Action Fund, een potje voor stedelijke innovaties. Ik vind dat apart, omdat Delft de stad van innovatie en technologie zou moeten zijn. Hoe komt het dat we zulke kansen mislopen? Delft heeft in 2021 een Europabeleid vastgesteld met focuspunten, maar waar is de concrete financiële invulling van deze focuspunten? Kortom: genoeg reden om deze motie toch in te dienen. Dat ziet ook de grote meerderheid van de raad, gezien het aantal mede-indieners. De heer VAN RIJN (VVD): Ik ken Volt als een partij die een betrouwbare overheid belangrijk vindt. Er is een afspraak gemaakt over de ozb: bij het beschikbaar komen van middelen vanuit het Rijk zou er gewerkt worden aan het dempen van de lasten. We zijn voor verfrissende politiek. Er is dus geen oppositiediscipline, anders dan bij de coalitie, maar ik ben wel benieuwd wat u gaat doen met dit amendement.
Mevrouw GREMMEN (Volt): De afspraak waaraan de heer Van Rijn meermaals refereert, heb ik zowel in het Herstelplan als in de Kadernota 2021 niet direct kunnen terugvinden. We hebben ons als oppositiepartijen binnen de verenigde oppositie in ons vijfpuntenplan echter wel gecommitteerd aan het dempen van de woonlasten. We zullen daarom positief stemmen over het amendement om de afvalstoffenheffing te verlagen. Daarnaast zien we dat dit een erg moeilijke tijd is. We hebben ons gecommitteerd aan iets voor alle Delftenaren, maar we hebben wel gezegd dat dat een totaalpakket is. Daarom hebben we ons ook ingezet om samen met STIP en een aantal andere coalitiepartijen ook op structurele impact een motie te schrijven. Wat ons betreft is het dus een totaalpakket en voldoen we zo aan onze afspraken.
85
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De heer VAN DEN BRINK (STIP): We zijn nieuwsgierig waarom Volt voor dat amendement gaat stemmen. Het is een eenmalige investering met een zeer beperkte impact. Moeten we dat geld niet besteden aan plekken waar het veel meer doet voor de stad? Mevrouw GREMMEN (Volt): Dit was echt een zorgvuldige afweging. Wij vinden de samenwerking die we met de hele oppositie hebben ook erg belangrijk. We willen ook nu iets doen. Ik heb uitvoerig met u gesproken over het feit dat we een structurele impact willen maken in de stad. Ik sta er ook echt achter dat we dat op deze manier kunnen bereiken, maar tegelijkertijd zien we ook dat het op dit moment heel moeilijk is. We hebben wat incidentele middelen over. De belastingcapaciteit was hoger en het stoplicht stond op rood vanwege de bezuinigingen in het Herstelplan, maar inmiddels komen er ook plannen aan over de toeristenbelasting in 2024. De situatie is nu dus anders. Daarom gaan wij toch voor het amendement stemmen. Daarnaast is het geen verlaging, maar een demping van de stijging. Vooralsnog gaan de woonlasten in Delft dit jaar dus niet omlaag. De VOORZITTER: De heer Van den Brink zal het hierbij moeten laten, want de tijd voor STIP is op.
Door de fracties van Volt, het CDA, Hart voor Delft, de VVD, D66, Onafhankelijk Delft en STIP wordt motie 4.1.3 (Meer inzet op nationale en Europese subsidies) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 10 november 2022, ter bespreking van het agendapunt de Programmabegroting 2023, constaterende dat: • • •
de gemeente veel nationaal en Europees beleid uitvoert als het gaat om de energietransitie, digitalisering en de mobilisering; hiervoor zowel nationaal als Europees subsidies beschikbaar zijn; in de programmabegroting onder Internationaal beleid - Europa wordt aangeven dat uitvoering wordt gegeven aan het nieuwe Europabeleid 2021-2024 op basis van drie pijlers: samenwerking, beïnvloeding, uitvoering;
overwegende dat: • • • • •
nationale en Europese subsidies een grote voorinvestering van de gemeente vragen in ambtelijke capaciteit, tijd en geld, welke alle drie schaars zijn bij de gemeente; volgens Binnenlands Bestuur veel gemeenten de weg naar Europese subsidies vaak moeilijk weten te vinden, niet alleen als het gaat om geld maar ook om inspiratie en capaciteit; er organisaties zijn die zich hebben gespecialiseerd in het aanvragen van nationale of Europese subsidies of na toekenning van een subsidie in subsidiebeheer en verantwoording; deze organisaties met hun netwerk kunnen helpen in het zo effectief mogelijk aanvragen en verantwoorden van deze subsidies en zo het Subsidie Service Punt in kennis en kunde kunnen versterken; er ook 'no cure no pay'-constructies bestaan, wat inhoudt dat externe adviseurs alleen betaald worden indien zij daadwerkelijk subsidie binnenhalen voor de gemeente Delft, wat zowel voor de gemeente als voor de externe organisatie voordelen met zich kan meebrengen; 86
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
draagt het college op: • • •
te bekijken of het interessant en mogelijk is om een externe organisatie op basis van 'no cure no pay' in te schakelen voor het binnenhalen van nationale of Europese subsidies voor Delft en, zo ja, onder welke voorwaarden; de raad hierover bij de Kadernota 2023 te rapporteren; in de Kadernota terugkoppeling te geven over hoe de middelen voor Economische promotie uit de programmabegroting worden ingezet voor de uitvoering van de drie pijlers uit het Europabeleid,
en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Het woord is straks aan het college. Er zal een korte schorsing plaatsvinden. O, nog niet. Gaat uw gang, meneer Stoop. De heer STOOP (Hart voor Delft): Ik heb het in mijn eerste termijn een beetje vergeten, maar omdat weinig fracties gereageerd hebben op de motie over het volwassenenfonds wil ik daar toch graag een reactie van de wethouder op. De VOORZITTER: Dat gaat natuurlijk gebeuren, want die motie is ingediend en daar wordt op gereageerd. Daar kunt u dus op rekenen, zoals eigenlijk op alle moties en amendementen. Dat komt goed. We gaan tien minuten schorsen. De vergadering wordt enige tijd geschorst. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Gezien de grote hoeveelheid moties en amendementen en omdat wij daar als totaal college graag een goed antwoord op willen geven, gaan we het verhaal dat we vorige week hebben verteld, niet herhalen. Maar kijk het gerust nog even terug en denk ook even terug aan het feit dat we aan de ene kant inderdaad incidenteel flink wat geld naar Delft zien komen, maar dat we aan de andere kant nog steeds in een situatie zitten waarin het, gelet op onze structurele inkomsten, nog altijd beknibbelen is. Daarnaast is er inderdaad een Herstelplan, waarvan we het een en ander aan acties moeten uitvoeren.
Het is de vraag of dat de komende tijd allemaal gaat lukken, omdat er natuurlijk ook allerlei acties aan moeten worden gekoppeld, waarbij we ook afhankelijk zijn van derden en soms van situaties die zeker in de wiebelige tijd waarin we nu zitten, ingewikkelde keuzes kunnen betekenen. Dat toch nog als korte samenvatting van vorige week. Ik begin met de stukken die betrekking hebben op Financiën of die daar op de een of andere manier aan gekoppeld zijn; uiteindelijk heeft natuurlijk alles met financiën te maken. Ik zal ook mijn eigen portefeuille doen. Daarna gaan we via de route van de verschillende loco's het hele rijtje langs. Amendement 4.1.B zou ik echt ontraden. Ik heb in mijn inleiding al aangegeven dat we op dit moment inderdaad een positief saldo zien, maar dat we ook toe moeten werken naar een structureel evenwicht. Daarop zouden we het liefst ook komend jaar willen sturen. Als we dit amendement aannemen, zal het een stuk lastiger zijn om daarop uit te komen, zeker daarmee kom ik meteen ook op amendement 4.1.C - als we ook voor de afvalstoffenheffing een deel niet meer structureel kunnen dekken omdat het niet meer vanuit een gesloten circuit komt en omdat het dan gaat om 90%. 10% is één komma zoveel miljoen. Dan zou dat 87
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
uiteindelijk ook moeten worden bijgeplust. Die twee amendementen zou ik dus graag willen ontraden. Motie 4.1.10 gaat het over het handelingsperspectief. Volgens mij is dat een heel goede manier om ook de komende tijd, wetende dat er flink wat opgaven naar Delft komen, te kijken naar eventuele incidentele middelen, naast de huidige buffer met incidentele middelen. We willen graag bekijken hoe we dat goed met elkaar gaan bespreken. Ik zou dus zeker aanraden om die motie te steunen. Daarbij moeten we nog wel kijken hoe we de zaken precies in beeld zullen brengen, maar we zullen met elkaar een goed gesprek voeren over wat de beste manier is. Motie 4.1.15 gaat over de indexering van de gemeenschappelijke regelingen. Daarbij wil ik graag meegeven dat indexeren in dit geval, zoals ik het lees, gaat over bezuinigen. Dat hebben we naar aanleiding van de acties in het Herstelplan al voor een deel van onze gemeenschappelijke regelingen en verbonden partijen gedaan. Het gaat natuurlijk ook over het uitvoeren van taken die relevant zijn voor de stad. Op het moment dat je in een tijd van prijsstijgingen, cao's die aan het veranderen zijn en kosten die oplopen, nog steeds een bezuiniging oplegt, is de vraag of de uitvoering van taken daarmee niet in gevaar komt. Daarom zou ik deze motie willen ontraden, omdat het ingewikkeld zal zijn, ook met de partijen waarmee we die taken uitvoeren.
Ook de verschillende vakwethouders hebben er natuurlijk belang bij dat dit op een goede manier gebeurt. Dat neemt niet weg dat we zeker in het kader van het verder bespreken van het Herstelplan natuurlijk nog hiernaar gaan kijken. We blijven richting onze verschillende GR'en natuurlijk altijd aangeven: doe het kostenefficiënt en doe het gewoon lean and mean. Dan motie 4.1.16 (Leesbare begroting en jaarstukken). Volgens mij is het goed om daar het gesprek met elkaar over te hebben en op basis daarvan te kijken wat "leesbare begroting en jaarstukken" zijn, want ik hoorde ook verwarring. Als het ook in begrijpelijke taal moet gaan, wordt het misschien heel ingewikkeld, maar laten we dit met elkaar bespreken. Volgens mij is het goed om het met een kleine delegatie hierover te hebben en om hier met elkaar het gesprek over te hebben, want volgens mij hebben we er allemaal baat bij als we het gesprek hier zo goed mogelijk met elkaar kunnen voeren. Dat leidt immers tot een zo goed mogelijke besluitvorming. Motie 4.1.31 gaat over het langetermijnperspectief van de woonlasten. Als we goed met elkaar willen spreken over waar we als Delft voor staan en welke zaken op ons afkomen, is het ook goed om in beeld te hebben hoe de woonlasten zich kunnen ontwikkelen. Aan de ene kant gaat het natuurlijk over de afvalstoffenheffing.
Volgens mij is er een andere motie, die ook daarover het een en ander vraagt. Maar vanuit het Rijk is ook aangegeven dat het heffen van lokale belastingen wellicht nog een punt is. Het is dus sowieso goed om aan de ene kant goed in beeld te hebben wat de woonlasten zijn en hoe we daarop invloed kunnen hebben, maar ook om door te spreken over andere belastingen die lokaal wellicht nog aan de orde komen. Dat kan alles bij elkaar immers best een heel ander beeld opleveren dan wat we nu gewoon zijn. Het is goed om met elkaar te weten hoe dit zich ook meerjarig zal ontwikkelen. Volgens mij heb ik nu alle financiële moties en amendementen gehad. Ik kom nu bij een aantal punten die inhoudelijk over mijn andere portefeuille zijn langsgekomen, ten eerste motie 4.1.14, de motie Dicht het lek in het autoluwplusgebied. Ik ben daar eerder op geattendeerd door Hart voor Delft en door degene die vandaag niet aanwezig is. Er is technisch gezien echter geen sprake van een lek, maar van een plek waar geen camera's 88
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
staan om dit ter plekke te kunnen controleren. Dan is het dus alleen mogelijk om te handhaven als er een heterdaadje is. Dat betekent ook dat de vraag is hoe we daar goed op gaan handhaven op het moment dat het nog even duurt voordat we wellicht een nieuwe begrenzing van het autoluwplusgebied zullen hebben. In Q1 van komend jaar, 2023, komen we met een plan van aanpak over de ruimte in de binnenstad. Dan zal ook duidelijk zijn wat de planning is van de verandering van die begrenzing. Als blijkt dat we dan nog even bezig zijn voordat deze plek netjes kan worden gereguleerd, zullen we ook inzichtelijk maken wat al dan niet op korte termijn iets doen zou kunnen betekenen. De heer VALK (CDA): De wethouder zegt dat er geen lek is maar dat er geen camera's hangen, waardoor auto's ongestraft het gebied binnen kunnen rijden. Wat is het verschil tussen een lek en een plek waar je ongestraft het autoluwplusgebied binnen kunt rijden? Wethouder HUIJSMANS: Je kunt er dus niet ongestraft binnenrijden, maar je moet dan wel betrapt worden, want anders kan het niet. Daarmee is het inderdaad aan te merken als een soort lek, want dit leidt tot situaties die we eigenlijk liever niet willen. Dat neemt niet weg dat we even moeten nadenken over het daar ophangen van een camera, waarvoor ook heel veel zaken ingeregeld moeten worden, waarna we de camera twee jaar later weer ergens anders hangen.
Ik moet ook even met collega Van Vliet bespreken hoe we dat uiteindelijk in de planning gaan zetten. Daar komen we dus op terug. Zoals de motie nu luidt, lijkt mij zij wat stevig geformuleerd, maar op dit punt komen we dus terug. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Kan de wethouder aangeven hoelang dat duurt? Als in het eerste kwartaal de binnenstadsrapportage komt over hoe we het gaan doen, hoelang duurt het dan nog voordat dit gedicht is? Dat willen we heel graag, want het is al een paar jaar zo. Dat werd ook iedere keer toegezegd, maar er wordt niks gedaan. Wethouder HUIJSMANS: Volgens mij gaan we in het stuk dat direct na de kerst komt, opnemen wat de tijdlijn wordt. Dan kunnen we op dat moment ook met elkaar bespreken of we het lek alsnog moeten dichten of dat we dat kunnen laten afhangen van hoe het gaat in de rest van het gebied. Laten we het daar op dat moment over hebben, want dan kunnen we ook de verschillende consequenties in beeld brengen. Mevrouw KOELEWIJN (ChristenUnie): U zegt dat daar een camera geplaatst kan worden maar dat die over twee jaar misschien weer verplaatst moet worden. Ik weet niet of dit te technisch is, maar hoe ingewikkeld is het om een camera op te hangen en eventueel weer te verplaatsen? Voor mijn gevoel is het gewoon het bevestigen van een camera aan zo'n stok. Voor mijn gevoel zou die er dus volgende week kunnen hangen.
Of denk ik dan te makkelijk? De heer VAN DER POST (PvdA): Ik vraag me nog een klein beetje wat nou het grote probleem van het lek is. Iedereen die de binnenstad in wil, kan gratis een ontheffing aanvragen. Wat is dan het punt? Praten we nu over een lek of over mensen die verzuimen een ontheffing aan te vragen? Wethouder HUIJSMANS: Daar kan je op verschillende manieren naar kijken. Aan de ene kant rijden er mensen naar binnen en weer naar buiten die daar niet zouden moeten rijden. Dat leidt tot een ophoping van niet bedoelde auto's. Het is natuurlijk ook een plek waar mensen moeten kunnen wandelen. Dat is het vervelende eraan.
89
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Het ophangen van een camera is inderdaad een kwestie van een paar schroefjes, maar er zit ook een heel verhaal achter. Ik heb ook in de raad al uitgebreid gesproken over het ophangen van camera's en het moment waarop daarbij privacyzaken in het geding zijn. Het is een plek waar ook heel veel mensen en niet alleen auto's maar ook andere zaken in beeld komen. Daar is wel wat discussie over. Op andere plekken is het beter af te dichten dan op deze plek, waar ook de mensen van de markt heen en weer rijden. Daar zijn in het verleden discussies over geweest. Op het moment dat we daar een plan van aanpak bij doen, zal ik dus ook optekenen wat dit betekent, want dan kunnen we het in totaal met elkaar bespreken. De heer VAN DER POST (PvdA): Op welke gronden wordt een ontheffing geweigerd? Volgens mij bestaan die immers niet. Je kunt die ontheffing gewoon aanvragen op internet. Ik snap uw antwoord nog steeds niet. Natuurlijk willen we geen auto's op plekken waar ze niet moeten komen, maar als je altijd een ontheffing kunt krijgen, komen ze er toch. De VOORZITTER: Dan gaan we eigenlijk het systeem van ontheffingen bespreken. Wethouder HUIJSMANS: Ja, we kunnen het natuurlijk ook nog uitgebreid hebben over wie allemaal met een ontheffing de binnenstad in zouden mogen komen.
Er is hier in de raad natuurlijk al vaker over gediscussieerd dat er eigenlijk nog te veel voertuigen de binnenstad in zouden mogen rijden. Volgens mij is dat ook iets wat we moeten meenemen in het gesprek over ruimte in de binnenstad en wat daar allemaal bij speelt. Dan gaat het ook over bepaalde groottes van voertuigen. Ik heb er vaak genoeg gesprekken over gevoerd dat dat misschien wat te ruimhartig is. Volgens mij hoort dat allemaal bij elkaar, want we moeten ook goed met elkaar bespreken wat uiteindelijk onze binnenstad in zou mogen rijden. De laatste motie is de motie Veilig op de fiets naar school. Op dit moment staat in onze uitvoeringsagenda voor het Mobiliteitsplan al het een en ander over veilige fietsroutes. Dat is allemaal misschien nog wat vrijblijvend, in die zin dat we daar niet een heel harde actie aan hebben gekoppeld. We gaan wel met een aantal plekken aan de gang, maar er staat nog niet precies hoe en wat. Het verhaal dat hier wordt meegegeven - vraag hier ook de kinderen van de school bij om erover na te denken aan welke plekken rondom hun school wij aandacht moeten geven - is volgens mij prima om te gaan doen. Een straal van 100 meter vind ik ook een beetje arbitrair, want op zich zou je echt moeten kijken naar de hele route die kinderen fietsen.
Uiteindelijk streef je er natuurlijk naar dat de hele stad verkeersveilig is en een fijne plek is om te fietsen, maar volgens mij is het prima om met een aantal scholen te starten en te kijken hoe kinderen hiernaar kijken, want wat wij veilig vinden, vinden kinderen soms niet veilig. Het meenemen van dat oogpunt en dat perspectief lijkt mij goed om scholen echt goed toegankelijk te maken en kinderen daarmee te stimuleren om goed gebruik te maken van de fiets. Zo leren ze, ook voor wanneer ze wat ouder zijn, dat de fiets gewoon een prima vervoersmiddel is. De VOORZITTER: We hebben best veel moties en amendementen. Misschien heeft u het gevoel dat uw motie voldoende behandeld is qua toezegging. Na de termijn van het college geef ik u gelegenheid om daar in een schorsing naar te kijken. Eerst kunnen nog eventuele vragen gesteld worden en vervolgens komt er een schorsing, want dan kunnen een aantal moties of amendementen misschien geschrapt worden. Dat helpt ook weer. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Ik wil alleen vragen of het mogelijk is om over moties en amendementen duidelijk te zeggen of zij ontraden worden of niet, want wij denken soms: wat is het nou? 90
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De VOORZITTER: Dat is een heel goede opmerking, want dat moet helder zijn. Ik vraag de wethouder Financiën of zij nog even één woord kan zeggen per motie of amendement. Wethouder HUIJSMANS: Oké, we gaan even de bingo langs. Amendement 4.1.B: ontraden. Amendement 4.1.C over de afvalstoffenheffing: ontraden. Motie 4.1.10 (Handelingsperspectief incidentele middelen): prima. Motie 4.1.15 (Indexering gemeenschappelijke regelingen beperken): ontraden. Wij zijn akkoord met motie 4.1.16 (Leesbare begroting en jaarstukken). Ook over motie 4.1.31 (Langetermijnperspectief woonlasten) zijn we positief. Motie 4.1.14 (Dicht het lek in het autoluwplusgebied) is volgens mij overbodig, omdat we al met het plan van aanpak komen; die motie wordt daarmee ontraden. Motie 4.1.29 (Veilig op de fiets naar school) is wat ons betreft akkoord. De VOORZITTER: Dat was eigenlijk een toezegging. Wethouder ZWART: Voorzitter. Ik zal reageren op vier moties, ten eerste motie 4.1.3 (Europese subsidies), waarvan Volt de eerste indiener is. Allereerst: wij kijken via ons subsidiebureau natuurlijk naar die Europese subsidies. Dat doen we inderdaad opgavegestuurd. Als we een opgave hebben waarvoor we bijvoorbeeld middelen nodig hebben, gaan we dus kijken bij welke Europese fondsen wij daarmee kans maken. Het genoemde voorbeeld van circulair bouwen is daarvan een prachtig voorbeeld.
Daar hebben we dit niet gedaan, niet omdat dit niet aan het subsidiebureau is gevraagd of omdat het subsidiebureau niet functioneerde of omdat we geen externe partij hebben gevraagd om dit te doen, maar omdat we hebben bezuinigd op het programma Circulair. Het begint dus echt bij die opgave en bij dat inhoudelijke beleid. Vanuit daar is het college van mening dat je bekijkt welke Europese subsidies daarbij horen. Daarnaast kan het hiervoor inschakelen van een bureau helpen, maar een heel groot deel van het werk begint wanneer je die subsidie eenmaal binnen hebt. Dat is natuurlijk een pakket van acties met monitoring, evaluatie en alles wat zo'n Europese subsidie vraagt. Dat weten we en daar houden we ook rekening mee als we die Europese subsidies gaan vragen. Dus kort concluderend: daarom geven we aan dat deze motie niet nodig is. Wij werken op die manier. Mevrouw WATTEL (GroenLinks): In aanvulling op de motie wil ik vragen of de wethouder een rol ziet voor de MRDH om Europese subsidies naar Delft te halen. Wethouder ZWART: Dat zou kunnen. Om eerlijk te zijn zie ik een duidelijkere rol voor de provincie. De MRDH zou kunnen, maar ik zie bij de provincie een duidelijkere lijn naar Europa. Mevrouw GREMMEN (Volt): Heel veel Europese subsidies zijn juist bedoeld voor lokale doeleinden, echt op gemeenteniveau. Ik deel uw mening dus niet helemaal, maar ik begrijp haar wel.
Ik begrijp ook waar de bezuiniging vandaan komt. Ik heb nog wel een vraag. De derde regel in het dictum gaat echt over de Kadernota en hoe u kunt uitsplitsen hoe u het Europabeleid dan wél gaat toepassen. Kunt u dat dan wel toezeggen? Wethouder ZWART: Ten eerste: ja, Europese subsidies zijn inderdaad voor lokale doelen. Ik geef aan dat wij beginnen bij die doelen en dat wij dan kijken welke Europese subsidies die bedoeld zijn voor die lokale doelen, we willen aanvragen. Ten tweede: we kunnen daar duidelijker over rapporteren. Daar kunnen we in onze nota's dus duidelijker in zijn.
91
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Motie 4.1.23 (Werk maken van een duurzaam Delft) is een interessante motie, met een doel dat het college steunt, namelijk om de aan de TU bedachte innovaties een plek te geven in Delft. Het is ook interessant om die te betrekken bij het uitvoeringsplan Circulair. Het idee is om heel veel partijen in de stad te betrekken bij dat uitvoeringsplan, waaronder ook de TU Delft. Het is een waardevolle aanvulling om dan een specifiek gesprek te voeren over die innovaties en over hoe die te laten landen in Delft. Tegelijkertijd wil ik de raad meegeven dat het laten landen van innovaties capaciteit en kosten vraagt. Als we dat meenemen in dat circulaire plan, kan u daar dus ook een financiële vertaling van verwachten. Ik hoop dat deze toezegging voldoende is. De heer VAN RIJN (VVD): Ik wil de wethouder danken voor het antwoord. We vragen ook nadrukkelijk om in gesprek te gaan met woningcorporaties en projectontwikkelaars. De gemeente hoeft die kosten natuurlijk niet allemaal zelf te dragen. En wat vindt u van de bijlage, waarin concrete innovaties worden genoemd? Volgens mij is dat spot-on. Wethouder ZWART: In gesprek gaan met woningbouwcorporaties en ontwikkelaars is volgens mij slim als we iets concreter hebben over welke innovaties en welke faculteiten we het hebben, zodat we dat gerichter doen en zodat dat eigenlijk onderdeel is van dat uitvoeringsplan.
De bijlage is hartstikke mooi en hartstikke inspirerend. Mevrouw WATTEL (GroenLinks): Kan InnovationQuarter nog iets betekenen in het helpen en organiseren om partijen bij elkaar te brengen? Wethouder ZWART: Ja, dat zou zeker kunnen. Sterker nog: volgens mij loopt er op dit moment een programma vanuit InnovationQuarter om innovaties te laten landen op verschillende plekken, onder andere in Den Haag. Ik denk dat dat wel een gesprek waard is. We moeten wel even uitzoeken of dat inderdaad InnovationQuarter was of een andere organisatie, maar volgens mij is dit zeker een interessante partij om hierbij te betrekken. Met motie 4.1.36 over meer energieklussers wordt voorgesteld om de huidige aanpak voor energieklussers, die we nu starten, te versnellen en te intensiveren. Daar kan het college zich wat bij voorstellen, want de energiecrisis is diep en er worden nu mensen geraakt. Er is inderdaad urgentie, zeker voor deze doelgroep. Tegelijkertijd starten we nu in Nederland met die SPUK-middelen enorm veel verschillende aanpakken. Alle gemeenten zijn eigenlijk aan het bedenken wat nu slim is om te doen. Het is best een gok om nu de hele SPUKmaatregel, bijna € 1,2 miljoen, bij deze actie neer te zetten. We hopen natuurlijk dat deze maatregel van energieklussers echt de effectiefste manier is om deze doelgroep te helpen, maar we weten dat niet.
We waren zelf dus eigenlijk van plan om het eerst in twee fasen op te delen door in één fase met deze aanpak, met 6 ton, te beginnen met de energieklussers en materialen en om dan even een pas op de plaats te maken en te evalueren wat er in Nederland en Delft gebeurt en wat we daarvan vinden. Dan kunnen we intensiveren of kunnen we ook andere aanpakken ruimte geven. Die overweging wil ik u als raad meegeven voor hoe u hierin een keuze kunt maken. Tot slot motie 4.1.39 (ISODelft). Dat is een heel interessant idee om collectief zo snel en goedkoop mogelijk zo veel mogelijk woningen te isoleren. Dit idee willen we heel graag onderzoeken bij het opstellen van het Isolatieplan. Bij het komen tot dat plan zetten we de samenwerking met u als raad en natuurlijk ook met de stad graag voort, bijvoorbeeld in de Werkgroep Energietransitie. Waar nodig kunnen we dat ook intensiveren. Ik vind dit een interessant gesprek dat we met elkaar kunnen voeren, want u heeft het veel over het
92
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Isolatieplan, het leeft in de stad en er zit urgentie op: hoe kunnen we met elkaar nog beter tot een gedragen plan komen? Ik hoop dat deze toezegging voldoende is bij deze motie. De VOORZITTER: Is het voor iedereen voldoende helder? Moet er nog een recapitulatie plaatsvinden? Nee, het is helder. Ik vraag wethouder Van Vliet om het ook zo te doen en aan het eind van de rit dus steeds te zeggen of het gaat om een toezegging, een ontrading of een akkoord. Dan is het voor iedereen helder. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Ik mag mij als wethouder verheugen op een brede belangstelling. Ik ga u bij zestien moties en amendementen vertellen hoe het college daarnaar kijkt. Ik ga per motie zeggen hoe we daarnaar kijken, want dan houden we u bij de les. Ik begin met amendement 4.1.A (Volwaardig onderzoek Delfts slavernijverleden). Wij ontraden deze motie. Deze partijen zeggen heel terecht dat het goed is dat we eerst het onderzoek, het feitenrelaas, doen, want dan hebben we dat op tijd klaar, ook voor het Jaar van het slavernijverleden, en dan kijken we daarna verder. Dat is ook hoe het college erin zit. Laten we op basis van het feitenrelaas kijken wat verder nodig is, wat voor onderzoek nodig is, wat zinnig is, waar vraag naar is vanuit de samenleving. Laten we op basis daarvan vaststellen welk bedrag daaraan gehangen moet worden. Dus: ontraden.
De heer STOOP (Hart voor Delft): Wordt daarbij ook gekeken naar de gelden die vrijkomen vanuit het Rijk, die € 200 miljoen, om die daaraan te besteden in plaats van geld vanuit de gemeente? Wethouder VAN VLIET: Dat is een uitstekend idee. Als er middelen zijn vanuit het Rijk om dit soort zaken te dekken, doen wij dat natuurlijk heel graag. Ja. Wij ontraden motie 4.1.1 (Sterke lokale media). Tegelijkertijd zou het college graag het tweede, derde, vierde en vijfde dictum willen toezeggen. Ik ga dat toelichten. Uiteraard is ook het college voor sterke lokale media. De omroep in Delft speelt daar een heel belangrijke rol in. Het is dan ook heel goed dat we in de afgelopen jaren extra hebben kunnen investeren. In 2020 kreeg de omroep nog € 45.000. Inmiddels is dat € 82.000. Er is ook € 10.000 extra subsidie gegeven voor professionalisering. Dat werpt zijn vruchten af. In 2025 gaan we naar een nieuw stelsel. In die tussentijd stelt het Rijk middelen beschikbaar voor professionalisering. Ook Omroep Delft komt voor die middelen in aanmerking en kan daarvoor een aanvraag doen. Het tweede dictum vraagt of wij onze kennis en expertise willen inzetten om te zorgen dat we een zo goed mogelijke kans hebben om die middelen binnen te halen. Uiteraard doet de gemeente dat van harte.
De heer MARUF (D66): Welk punt van het dictum wilt u nu precies toezeggen? De VOORZITTER: Het tweede tot en met het vijfde punt; alleen het eerste punt niet. Wethouder VAN VLIET: Ja. De toezegging gaat over het tweede, derde, vierde en vijfde dictum. Dat zeggen wij graag toe. Ik leg dat uit en ik kom als laatste op het eerste dictum. Mevrouw KOELEWIJN (ChristenUnie): Ik heb de motie nu voor me. Tenzij ik verkeerd kijk, heeft de motie vier dicta. De VOORZITTER: Wij hebben hier een motie met vijf dicta.
93
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De heer VISSER (CDA): Misschien kan ik opheldering bieden. In het pdf is het tweede dictum van de motie waarover de wethouder nu spreekt, wat raar terechtgekomen. Dat begint precies onder de logo's met "waar mogelijk en nodig …" De VOORZITTER: Het misverstand is de wereld uit. Bedankt, meneer Visser! De wethouder vervolgt zijn betoog. Wethouder VAN VLIET: Goed zo! Het derde dictum: uiteraard willen wij kijken of we ook dingen kunnen aanpassen aan de gemeentelijke bijdrage. Mevrouw GREMMEN (Volt): Ik begrijp iets niet helemaal. U bent niet bereid om de subsidie eenmalig met 1 ton te verhogen, maar u bent wel bereid om te kijken of u van huishouden naar inwoner kan gaan. Dat betekent ook bijna een verdubbeling. Ik volg die gedachtegang niet helemaal. Kunt u dit toelichten? Wethouder VAN VLIET: Wij willen nu geen toezegging doen over het toevoegen van 1 ton; daar kom ik graag op. U vraagt mij ook om in kaart te brengen of iets haalbaar is. Ik kan altijd iets in kaart brengen. Dan bent u vervolgens aan zet om daar uw mening en uw stem over te geven. U vraagt mij om iets uit te zoeken. U heeft het onderzoek blijkbaar al gedaan; u heeft het uitgezocht, ik niet. Wij willen dus graag uitzoeken of het haalbaar is.
Het belangrijkste dictum is het vierde dictum, dat gaat over het gesprek met de omroep over: hoe kunnen wij professionaliseren, hoe zorgen wij dat we klaarstaan voor 2025 en welke middelen zijn daarvoor nodig? Dat willen wij graag uitzoeken. Daar komt natuurlijk ook uit dat vraagt dit dictum ook - wat we nodig hebben. Dat brengt ons bij het eerste dictum. Eigenlijk is er een bijzondere verhouding tussen het vierde en het eerste dictum. Wij gaan graag met de omroep uitzoeken wat er nodig is. Wij zien heel veel logo's boven deze motie staan. Dat betekent dat wij ook zien dat u als raad graag bereid bent om extra middelen te investeren in de omroep. Zo zullen wij dus ook aan tafel zitten met de omroep. Vervolgens gaan wij kijken hoe we dat mogelijk maken. Het kan zijn dat we kijken wat er binnen bestaande middelen mogelijk is, maar waarschijnlijker is dat we naar u als raad toe komen om het budget daarvoor te vragen. Maar zoals gezegd: ik snap dat ons gevraagd wordt om daar vooral slagvaardig en pragmatisch mee om te gaan. Dus hoe kunnen we snel zorgen dat de omroep in staat is om die professionalisering te starten? Wij hebben geen bezwaar tegen motie 4.1.2 (Geef Delftenaren een podium). Het college wil hier wel iets over opmerken. Het is namelijk een heel specifieke motie. Het gaat echt over: "wilt u geld geven aan dit initiatief?".
Eigenlijk vinden wij dit voor een raad wel heel specifiek. Wij zijn er meer aan gewend dat de raad zegt: wij willen een doel bereiken en daar stellen we middelen voor beschikbaar, zodat ook andere initiatieven in aanmerking zouden kunnen komen voor die middelen. We willen hier wel een uitzondering maken. Het gaat hier om een initiatief met veel partijen, met cofinanciering, met aansprekende doelen die aansluiten bij de doelen die de raad eerder heeft uitgesproken. Daarom hebben wij geen bezwaar tegen deze motie. Ook tegen motie 4.1.4 (Een regie voor groengebied Park Buytenhout) is er geen bezwaar vanuit het college. Wij zijn in overleg met de gemeenten Pijnacker en Zoetermeer. Afgelopen vrijdag zaten we bij elkaar en hebben we gehoord dat deze motie in Pijnacker-Nootdorp is aangenomen. Slagvaardig zaten we de volgende dag met elkaar aan tafel. Deze motie zegt niet alleen "ga bij elkaar zitten", maar ook "hou ons op de hoogte en informeer ons over hoe
94
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
dat gaat, waar we aan werken en hoe dit in de andere gebieden gaat". Dat doen wij met genoegen. Over motie 4.1.5 (Laat de Delftse popmotor weer draaien) willen we van harte zeggen dat daar geen bezwaar tegen is. Het is natuurlijk hartstikke mooi; de popcultuur kan echt middelen gebruiken om verder op te bloeien. Het is fantastisch dat we nu middelen krijgen van het ministerie van OCW die we voor een deel daaraan kunnen uitgeven. Het college vindt het in balans dat we, als we € 310.000 krijgen, het genoemde bedrag reserveren voor popcultuur. Wij hebben dus geen bezwaar tegen deze motie. De VOORZITTER: Ik denk dat nu toch weer dezelfde vraag van de heer Valk komt, maar nu richting de wethouder. De heer VALK (CDA): U kunt bijna gedachten lezen. De wethouder zegt dat van die € 310.000 € 50.000 niet aan iets anders uitgegeven mag worden dan aan pop. Mijn vraag kon STIP niet beantwoorden, maar dit gaat ten koste van andere vormen van jeugdcultuur, zoals klassieke muziek en beeldende kunst. Waar gaat dit ten koste van? En betekent dit ook dat de andere € 260.000 aan andere vormen van cultuur uitgegeven gaat worden of kan dat in uw uitleg alsnog ook naar pop gaan? Want uw uitleg was enigszins dubbelzinnig. Wethouder VAN VLIET: Eigenlijk is het heel simpel: voor die andere € 260.000 staan alle soorten van cultuur open. Het is aan het oordeel van de raad.
Als de raad het belangrijk vindt om dit aan pop te besteden, hebben wij daar geen bezwaar tegen. Er werd ook gevraagd wanneer dit voor de volgende subsidiejaren wordt behandeld in de Kamer. Dat is aanstaande maandag in het debat in de Kamercommissie over de meerjarenbrief. We hebben geen bezwaar tegen motie 4.1.8 (Achter de gevel tot achter de gevel). Wij gaan aan de slag met Gevel tot gevel. Als we daarmee druk bezig zijn met die wijk, is het natuurlijk hartstikke mooi om mensen ook te prikkelen om de eigen tuinen te vergroenen en te onttegelen. We moeten even kijken: vanuit gevel-tot-gevelgelden zijn er niet echt veel middelen beschikbaar, want die zijn goed besteed. Wij gaan dus goed kijken hoe we daar met beperkte middelen zo veel mogelijk resultaat kunnen halen. Ook tegen motie 4.1.9 (Minder afval, minder kosten) heeft het college geen bezwaar. Hartstikke goed: we gaan én veel minder afval produceren én het scheelt heel veel in de portemonnee van alle Delftenaren. Eigenlijk heb ik in de commissie al toegezegd dat wij nog dit jaar naar u toe komen met een hele mooie notitie, een rapport dat is opgesteld, waarin allemaal opties naast elkaar worden gezet. Daar voeren we heel graag met u als raad het debat over. Op basis daarvan gaan wij in dit jaar het nieuwe beleid opwerken. De heer VALK (CDA): Een vraag over hoe de wethouder de motie interpreteert.
De motie zegt dat verschillende opties in kaart moeten worden gebracht. Mogen we erop vertrouwen dat het hele spectrum van opties, van gedragsverandering tot nascheiding, meegenomen wordt? Wethouder VAN VLIET: Jazeker, daar kunt u van op aan. Het hele scala wordt in kaart gebracht. Ook motie 4.1.11 over het omheinde hondenspeelveld in Delft vindt het college echt een héél specifieke motie. Dat is ook de reden waarom het college in dit geval de motie gaat ontraden. De vraag van het college bij dit soort dingen is: welk doel streeft de raad na? Zegt 95
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
de raad: wij willen heel graag dat er meer ruimte is voor initiatieven uit de wijken? Dan gaan we dat een plek geven. Wij zijn nu bezig met het opwerken van een aanpak voor de inrichting van de straten in Delft. We gaan naar een andere inrichting. Daarover komen we met een voorstel. U als raad heeft ons ook gevraagd om dan ook uit te spreken hoe de participatie gaat en, als er initiatieven zijn, hoe je daarmee omgaat. Ik denk dat dat heel mooi daarin past. Het is heel bijzonder dat in Buitenhof niet aan de buurtvereniging van Buitenhof gevraagd is wat er aan initiatieven is en waarin we nu eens zullen investeren. Er is een hele selecte groep die iets heel specifieks wil. Het college heeft in die zin veel moeite met hoe de afweging wordt gemaakt. Wij bevelen de raad aan om duidelijk aan te geven voor welk doel de raad wil dat wij middelen beschikbaar stellen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik zou graag willen weten waarom iets niet meerdere doelen kan hebben. Zoals Onafhankelijk Delft het eigenlijk ziet, kunnen bijvoorbeeld mensen met een beperking of mensen die gehandicapt zijn, hun hond daar juist rond laten lopen. Het mooie is juist dat die hond niet weg kan en dat zij daar meer aanspraak hebben. In de gewone buitenlucht heb je dat natuurlijk ook bij het uitlaten van je hond, maar dan kan je de hond niet loslaten.
Ons doel is dus misschien wel het los kunnen laten van je hond. Dan zou het toch een hele specifieke motie zijn voor dát specifieke doel. Ik heb ook een ander doel gehoord. Ik vraag me dus af hoeveel doelen we nodig hebben voor dit hondenveldje. Wethouder VAN VLIET: Heel terecht; natuurlijk kan dit verschillende doelen dienen. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Ik kan misschien nog een doel noemen: tegen eenzaamheid van mensen die daar met honden anders op zichzelf zijn aangewezen. Daarnaast ben ik misschien een beetje sarcastisch: ik heb het idee dat ik in het zinnetje ook de TU had moeten zetten. Wethouder VAN VLIET: Versta me niet verkeerd: dit is hartstikke mooi. Hier zijn mensen die samen iets willen. Een hoop mensen hebben een hond, vinden dit hartstikke leuk en zeggen: heb je geen geld voor een leuke hondenplek? Dat is natuurlijk hartstikke mooi. Het zou ook hartstikke mooi zijn om te zeggen: "Weet je wat? Er zijn mensen met een leuk idee en dat gaan we gewoon lekker doen." In dit geval gaat het natuurlijk best om een investering en ook om onderhoud daarvan.
Dan is de vraag: hoe doe je dat nou in een wijk? Hoe weeg je dat nou in een wijk? Heb je dan een gesprek in de wijk in de zin van: dames en heren, hoe kijken we naar de wijk en wat is hier nodig? Er zijn ook mensen die zeggen: ik heb eigenlijk helemaal niks met honden, maar ik zou het heel fijn vinden als hier meer bankjes komen of als er een route komt waar … Nou ja, enzovoort. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Je kan wel niks met honden hebben, maar dan wil je juist dat ze niet los rondlopen. Dan is het juist heel prettig als ze in een omheind stukje staan. Wethouder VAN VLIET: Waarvan akte. Wat ik heb willen vertellen, is dat er verschillende mensen zijn met verschillende ideeën over wat er nodig is in de wijk en dat we graag vanuit dat gesprek de keuzes zouden willen maken met de wijk. Tegen motie 4.1.19 (Ondersteun de Werkgroep gemeente, provincie, hoogheemraadschap) hebben wij geen bezwaar. Wij onderkennen de analyse dat de aanpak van blauwalg belangrijk is, zoals u heeft uitgesproken, en dat gemeente, provincie en hoogheemraadschap daar alle drie een rol in hebben. Wij gaan ons best doen om te zorgen 96
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
dat we met die drie lagen en die bestuurders van gemeente, provincie en hoogheemraadschap de koppen bij elkaar kunnen steken. Vervolgens gaan we kijken hoe we dat praktisch inrichten. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik wil teruggrijpen op de vorige motie over het hondenrenveldje. Mag ik wel de toezegging van de wethouder hebben dat, zodra we in die wijk aan de slag gaan met kijken wat er in die wijk nodig is, het hondenrenveldje daadwerkelijk meegenomen wordt als een van de opties? Er is immers al een initiatief van bewoners. Wethouder VAN VLIET: Ja, uiteraard. Dat lijkt me zeer voor de hand liggend, want er zijn mensen die dit heel graag willen. Motie 4.1.24 over de ruimte voor zonnepanelen op monumentale panden en panden in beschermd stadsgezicht is een motie waar wij heel stevig voor zijn gaan zitten om te kijken wat we hiermee doen. De intentie van deze motie onderschrijft het college natuurlijk voor de volle 100%. We moeten zorgen dat er zo snel mogelijk op zo veel mogelijk plekken in de binnenstad zonnepanelen komen. Deze tijd vraagt van ons dat we dat doen. Wij zijn dus goed gaan kijken hoe de gemeente Delft dit doet en hoe andere gemeenten dit doen. De indieners van de motie hebben verschillende voorbeelden gegeven van andere steden, waaronder Haarlem, die sommige dingen anders doen. Wij zijn gaan kijken of ook wij dingen anders en beter kunnen doen.
Wij komen tot de conclusie dat we het in Delft nu heel goed geregeld hebben. De regels in Delft zijn feitelijk als volgt. Er zijn sneltoetscriteria. Als je daaraan voldoet, kun je gelijk aan de slag. Als je daar niet aan voldoet, staat de Afdeling Erfgoed in de startblokken. Als je niet door de sneltoetscriteria komt, wil de Afdeling Erfgoed graag gelijk met u kijken wat er wel kan. Een heel mooi voorbeeld is de Barbarasteeg. Virgiel vroeg of het daar zonnepanelen mocht plaatsen. Vervolgens kwam Erfgoed kijken. Zij gingen samen die steeg in en merkten dat het een hele smalle, hartstikke hoge steeg is en dat niemand het dak kan zien. Ze waren er dus heel snel uit: dat kan uitstekend een dak zijn waar zonnepanelen kunnen liggen. Vervolgens is de vergunning daarvoor verleend. U kunt zeggen: ga nou eens voor de kaart van de binnenstad zitten en ga aanwijzen waar dit wel kan en waar niet. Maar vervolgens is een ambtenaar héél lang bezig met het maken van een kaart. Hoe aardig de kaart van Haarlem er ook uitziet, als je verder doorklikt op die kaart, kom je tot de ontdekking dat het weliswaar een leuk gekleurde kaart is, maar dat je alsnog in de vraagstelling komt dat je het nog verder moet laten onderzoeken. Dan kom je op hetzelfde punt terug.
Daarom is het dringende advies van het college om deze motie niet aan te nemen, maar om de mensen van Erfgoed juist de tijd te geven om gelijk het goede advies te geven en om dus niet achter het bureau te gaan zitten, kaarten te maken en regels aan te passen. Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Wij vragen ons af of de Afdeling Erfgoed wel de troep in de Barbarasteeg ziet in plaats van de panelen. De panelen zie je van boven, maar de rotzooi die in de Barbarasteeg ligt, is net zo storend. De VOORZITTER: Maar ja, ze keken naar boven. Wethouder VAN VLIET: Ja, ze keken inderdaad naar boven en zagen misschien niet wat er op de grond lag. Dat hoort ook bij mijn portefeuille. Mocht het een rommeltje zijn, meld dat dan gelijk. Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Dan krijgt u van mij morgen een melding. 97
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De VOORZITTER: Bij dezen. Wethouder VAN VLIET: Ik zie de melding van mevrouw Grobben tegemoet. Wij zien wel dat heel veel mensen dit allemaal niet weten en dus niet weten dat het zo gemakkelijk is en dat de mensen van Erfgoed in de startblokken staan. Daarom zijn de mensen van Erfgoed al begonnen met het voorbereiden van een communicatiecampagne om uit te leggen hoe dit werkt, om voorbeelden te laten zien en om te laten zien dat ze klaarstaan. In januari gaat die campagne live. Dat is een toezegging die ik hier overigens heel graag doe. Als de Werkgroep Energietransitie het interessant vindt, kunnen we natuurlijk altijd nog eens met de Afdeling Erfgoed kijken of er toch geen muziek zit in specifieke dingen, maar ik kan niet toezeggen om nu al aan de slag te gaan met een herziening van de regels uit 2019. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik ben een beetje in verwarring, want op de Tafeltjesavond stelde ik dezelfde vraag aan de ambtelijke organisatie en toen kreeg ik als antwoord: het zou fantastisch zijn als deze raad nog eens benadrukt dat we dit echt willen versnellen met elkaar en dat we juist deze doelgroep willen helpen met die versoepeling van de regels om meer te doen op hun daken. Nu ligt er een mooie motie waarmee we als raad breed uitspreken "beste college, ga hier alsjeblieft mee aan de slag; we ondersteunen dit van harte", waarbij we goede voorbeelden hebben gegeven.
We hebben deze motie pas dinsdag aangeleverd. Excuses; dat was relatief laat, maar u gaat mij niet vertellen dat er in twee dagen al een hele analyse is gemaakt en dat u op basis daarvan al weet dat dit niet kan. Wat mij betreft handhaven we de motie dus gewoon. Wij ondersteunen hiermee het werk van het college om hier heel veel snelheid in te creëren. Dan gaan we met elkaar veel sneller stappen maken dan alleen met een communicatiecampagne. De VOORZITTER: Mevrouw Van den Berg, de tijd van de VVD is op. Wethouder VAN VLIET: U mag weten dat in de tijd van de begrotingsbehandeling heel veel ambtenaren hun werk uit hun handen laten vallen om te zorgen dat we hier heel goed voorbereid aan tafel zitten. Ik ben daar hartstikke blij mee. De analyse is wel degelijk gemaakt. Wij hebben echt met elkaar gezien dat inzetten op communicatie het allerbeste is wat we nu kunnen doen. Het zou zonde zijn als we nu regels gaan veranderen, wat ook een zeer tijdrovende klus is en waarvan we van tevoren het nut eigenlijk onvoldoende inzien. We willen hier wél het gesprek over hebben in de werkgroep. Als dat tot iets leidt, kunnen we altijd nog zoiets doen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik heb zorgvuldig geluisterd naar de wethouder. Ik denk dat we dezelfde doelen hebben. Ik zou echt wel willen spreken over communicatie. We spreken over regelgeving.
Ik zou ook willen dat in de cultuur van de mensen die dit gaan beoordelen, ook wordt gezocht naar kansen en dat we daar meer op focussen. Ik hoop dat u daar een toezegging over kunt doen, zodat we die drive en die passie toch proberen in te brengen. Dat is een beetje een zachte toezegging, maar ik hoop dat u die kunt doen. De VOORZITTER: Over hoe met aanvragen wordt omgegaan, door te denken in kansen. Wethouder VAN VLIET: Ja, natuurlijk. Dat is heel goed. Ik heb in de commissie toegezegd dat ik ook met de commissie AOK in gesprek ga. Daar zullen wij ook benadrukken dat we heel graag willen dat het op veel plekken wel kan. 98
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Dan Theater de Veste. Het goede nieuws is dat wij samen met Theater de Veste keihard aan het werk zijn. Mevrouw Pronk van Theater de Veste zit op de publieke tribune en is zeer betrokken bij de politiek. Het college is zeer betrokken bij Theater de Veste. Wij werken samen aan een voorstel dat u, zoals afgesproken, in december van ons krijgt voor het proces van hoe we met elkaar tot een keuze gaan komen voor de toekomst van het theater. Wat dat betreft gaan we de motie, die niet is ingediend, wel volledig gestand doen; dat zeg ik in de richting van mevrouw De Koning. Wat vierjarige afspraken betreft: die hadden we altijd. Op verzoek van Theater de Veste is daar een cesuur in gemaakt bij corona. We zijn nu bezig om weer te zorgen dat we naar vierjarige afspraken gaan voor 2024-2028. We hebben afgelopen week ook een tijdschema afgesproken voor hoe we gaan zorgen dat dat netjes voor elkaar komt. Daarmee willen wij deze motie 4.1.25 (Theater de Veste) ontraden, ten eerste omdat we dit dus al hartstikke goed aan het doen zijn en ten tweede omdat in de constateringen en in de overwegingen een aantal dingen staan die niet helemaal kloppen. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): "Dingen die niet juist zijn" … Toen wij de motie maakten, waren die wel juist. Ik weet niet hoe hard u de afgelopen dagen gewerkt hebt om ze onjuist te maken.
En dan was het ook prettig geweest als dat wat eerder aan ons was gemeld. Wethouder VAN VLIET: Dat heeft met name betrekking op het weerstandsvermogen. In de constateringen wordt echt gesuggereerd dat het weerstandsvermogen weer terug is naar nul. Dat is niet in lijn met de waarheid. Tegen motie 4.1.27 (Gasthuisplaats wordt eindelijk groen) hebben we geen bezwaar, maar daar hoort wel een verhaal bij. De trouwe kijkers naar de gemeenteraad zullen weten dat dit in vele jaren de zoveelste motie is over de Gasthuisplaats en dat er eindelijk iets moet gebeuren. In die zin kun je je afvragen wat deze motie daar nog aan toevoegt. Dat is ook zo, want we zijn er keihard mee aan het werk. Het goede nieuws is dat de bezoekersparkeerplaatsen er per 1 november af zijn gegaan. Met de ruimte die dat schept, gaan we gelijk al wat doen. Gewoon in tijdelijkheid en in overleg met de bewoners daar in de buurt gaan we daar al wat leuks doen door het een stukje groener te maken. De definitieve inrichting maakt deel uit van de plannen voor Ruimte voor de binnenstad. Als straks de hele Gasthuisplaats vrijkomt, moeten we zorgen dat we een mooi plan hebben. Daar zijn we mee bezig en dat gaan we doen. Er zijn heel veel plannen voor de Gasthuisplaats geweest, ook plannen om het volledig vol te bouwen met heel veel woningen en noem maar op.
Deze motie zegt: ga nou niet uit van volbouwen, maar van een groene plek. Het college is het daar van harte mee eens. Als je kijkt naar de opgave voor klimaatadaptatie en voor ruimte in de binnenstad om te kunnen verblijven in de openbaarheid, in een aantrekkelijke omgeving, is dat een heel goede invulling van deze ruimte. Natuurlijk gaan wij met de omgeving in gesprek over wat dat betekent. Betekent dit dat er helemaal niks gebouwd kan worden? Het is stedenbouwkundig misschien best interessant om op bepaalde plekken iets toe te voegen om de plek aantrekkelijker te maken, maar het is nieuw dat de raad met deze motie zou willen uitspreken dat hij groen een mooi uitgangspunt vindt als basis. Die richting onderschrijft het college van harte. De hier voorgestelde planning is zeer ambitieus en hangt ook samen met wanneer die auto's er precies af gaan en dergelijke. Sta het college dus toe om in het eerste kwartaal van volgend jaar met een gedegen planning te komen voor hoe we dat allemaal in het vat kunnen gieten. Wij ontraden motie 4.1.33 over pinautomaten. Of je goed bij een pinautomaat kan, is de verantwoordelijkheid van de banken. De banken leggen ook zelf een mogelijke verhoging 99
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
aan als mensen er niet goed bij kunnen, maar de nieuwe pinautomaten - dat zijn die gele worden ook lager aangelegd. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik zit even te kijken wat we er verder nog van kunnen maken, maar ik verneem nu dat het eigenlijk een kant en klare zaak lijkt. Is het nog een optie om hierover met banken in gesprek te gaan, omdat het voor heel veel mensen die wij in ieder geval spreken, misschien toch niet zo vanzelfsprekend is en om dat nu bij dezen mee te geven? Die mensen kunnen er immers gewoon niet bij. De VOORZITTER: Ik geef gelijk aan dat we op de tijd moeten letten. Wethouder VAN VLIET: Het programma Radar en het College voor de Rechten van de Mens hebben aangegeven: spreek vooral de banken hierop aan. Motie 4.1.37 gaat over de wildopvang. Dat nieuws is natuurlijk zeer verdrietig. Wij zijn bezig met de wildopvang in de regio om te kijken hoe wij hieraan kunnen bijdragen vanuit onze middelen. Dat geldt ook voor de Dierenambulance, die verder moet rijden. Daarmee is er geen bezwaar tegen motie 4.1.37. Motie 4.1.38 ontraden wij. Wij zijn op dit moment in gesprek met de wildopvang om het gebouwtje niet gelijk te slopen. Dat gesprek vindt plaats. Wij zijn niet direct voorstander van opvang 't Knagertje, omdat die heel veel tamme knaagdieren opvangt. Daarvoor hebben we de kinderboerderij. 't Knagertje heeft daar dus geen toegevoegde waarde voor.