Handelingen raad 3 februari 2022
Tekst van het document
De heer CÜPPERS (STIP): Dat is niet wat ik hoor van de handhavers die ik hierover in de binnenstad heb gesproken. Zij hebben wel degelijk gehandhaafd en bekeuringen gegeven waarbij er geen overlast werd veroorzaakt door degenen aan wie zij die bekeuringen hebben gegeven. Natuurlijk vinden wij het belangrijk dat er op overlast wordt gehandhaafd en dat daar actie op ondernomen wordt, maar er zijn al andere artikelen, ook in de APV, waarmee gehandhaafd kan worden als er overlast is in de binnenstad. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): De motie roept bij mij heel veel vragen op. Meneer Cüppers zegt dat hij gesproken heeft met meerdere handhavers. Er worden in de motie definities gehanteerd van "drankgebruik", terwijl de wet volgens mij spreekt van "openbare 43
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
dronkenschap"; dat gaat een stuk verder. Ik vind dat je niet op deze manier moties kunt opstellen en politiek kunt bedrijven. We hebben duidelijke gegevens nodig en ook duidelijke aanleidingen om iets wel of niet te veranderen. Dit is niet de manier waarop we dit kunnen doen. Ik vraag me dus af of meneer Cüppers zou kunnen overwegen om deze motie gewoon even in te trekken, even zorgvuldig onderzoek hiernaar te laten doen en dan te kijken of dit ergens op slaat of tot de conclusie te komen dat dit gewoon een motie is die kant noch wal raakt en die vervolgens definitief van tafel kan worden gehaald. De heer CÜPPERS (STIP): Bedankt voor de vraag. Volgens mij heb ik in mijn betoog al aangegeven dat wij wel degelijk informatie hebben gekregen waarom wij vinden dat het alcoholverbod afgeschaft zou moeten worden. Nogmaals, wij vinden het verbod in de binnenstad overbodig en wij vinden dat het niet het doel bereikt waarvoor het is ingesteld. Daarom willen wij de motie niet intrekken. De VOORZITTER: We gaan nog even naar meneer Van Rijn en meneer Jaff, maar daarna wil ik meneer Cüppers de gelegenheid geven om zijn betoog af te maken. De heer VAN RIJN (VVD): Na het excellente betoog van de heer Den Hollander en het toch wel beperkte antwoord van STIP kan ik maar één conclusie trekken: dit is gewoon een campagnestunt. De VOORZITTER: Ik hoor geen vraag, meneer Van Rijn.
U kunt dit straks dus nog uitvoerig toelichten in uw eigen termijn. De heer JAFF (GroenLinks): Ik hoorde meneer Cüppers zeggen dat er andere artikelen zijn die de mogelijkheid bieden om te handhaven waar excessen plaatsvinden, maar volgens mij is de bedoeling van de APV ook om preventief een aantal zaken te regelen. Juist als we in de APV opnemen dat openbare dronkenschap en overlast niet getolereerd worden in de binnenstad, voorkomen we dat probleem. Waarom wil STIP nu eigenlijk alleen repressie toepassen en niet preventief ook een aantal zaken regelen? Graag een reactie. De heer CÜPPERS (STIP): Bedankt voor de vraag. U zegt dat het belangrijk is om in de APV op te nemen dat er op overlast, openbare dronkenschap en dergelijke excessen gehandhaafd moet worden. Ik kan u geruststellen: dat staat in de APV en dat willen we er niet uit schrappen. Het gaat hier puur om het alcoholverbod. Ik vervolg graag mijn betoog, maar ik zie alsnog een handje, misschien de allerlaatste. De VOORZITTER: Ik ben coulant. Nou, vooruit, nog één keer meneer Jaff en dan de rest van uw betoog. De heer JAFF (GroenLinks): Ik heb niet echt het idee dat ik een antwoord op mijn vraag heb gekregen. Ik zou dus graag een iets scherper geformuleerd antwoord wensen, als dat mag. De VOORZITTER: Ik laat het aan de heer Cüppers over of hij daar nog op ingaat. De heer CÜPPERS (STIP): Ik ga er kort op in.
U vindt het belangrijk dat op overlast en verstoring van de openbare orde gehandhaafd kan worden en u vindt dat dit in de APV moet staan. Dat staat erin. Dat is volgens mij een antwoord op uw vraag. Dit is niet waar het alcoholverbod voor bedoeld is. Een groep Delftenaren wordt nu ten onrechte beboet om te werken aan verstoringen van de openbare orde, waar het verbod 44
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
helemaal niet voor nodig is. Daarom vindt STIP dat we dit alcoholverbod moeten afschaffen in de binnenstad. Alle regels hebben zo een doel en passen bij de gezellige stad die Delft is. Door de fractie van STIP wordt motie M8.4.1 (Afschalen alcoholverbod in binnenstad Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 februari 2022 ter bespreking van het raadsvoorstel actualisering APV (2146871/2202013), constaterende dat: -
er een alcoholverbod van kracht is in de binnenstad van Delft en rondom het station; dit alcoholverbod is ingevoerd om overlast en verstoring van de openbare orde, vanwege drankgebruik, tegen te gaan; er momenteel andere middelen, binnen en buiten de APV, bestaan om te handhaven op overlast en verstoring van de openbare orde, al dan niet in combinatie met drankgebruik;
overwegende dat: -
handhavers aangeven dat zich weinig situaties voordoen waar gehandhaafd wordt op overlast of verstoring van de openbare orde vanwege drankgebruik; handhavers aangeven dat veel wordt gehandhaafd en beboet op mensen die alcohol drinken in de binnenstad zonder daarbij overlast te veroorzaken; het alcoholverbod ervoor zorgt dat een groep personen die geen overlast veroorzaken, onnodig boetes wordt opgelegd; het afschaffen van het alcoholverbod op deze locaties de mogelijkheid om op overlast te handhaven, niet zal minderen;
verzoekt het college: -
het alcoholverbod op te heffen in de binnenstad van Delft; cijfers over de meldingen en boetes op overlast en verstoring van de openbare orde in deze locatie, in vergelijking met vorige jaren, terug te koppelen aan de raad."
De heer VAN WOUDENBERG (CDA): Voorzitter. Het is jammer dat we zo lang stilstaan bij het alcoholverbod, want er zijn veel belangrijkere en mooiere dingen die wijzigen in deze APV. De twee belangrijkste dingen zijn natuurlijk het invoeren van een vergunningstelsel voor deeltweewielers, dat mogelijk wordt gemaakt. Daar zijn we blij mee, want dat voorkomt echt overlast. Verder maakt deze aanpassing van de AVP het mogelijk om ondermijning en criminele bedrijvigheid beter te bestrijden. Dat zijn wat het CDA betreft belangrijke zaken. Wij zijn het er dus volledig mee eens dat de APV op deze manier wordt aangepast. We steunen de portefeuillehouder ook in het beleid op dit punt. Wij zullen de motie van STIP met betrekking tot het schrappen van het alcoholverbod niet steunen - dat mag duidelijk zijn na mijn interruptie van zojuist - omdat je dit APV-artikel indien nodig preventief moet kunnen gebruiken bij grote overlast of excessen in de binnenstad. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft kan zich vinden in de aanpassingen in de APV. De motie van STIP om het alcoholverbod in de binnenstad af te schalen, zullen wij helaas niet steunen. Wij snappen dat er een verschil tussen enerzijds alcoholgebruik en overlastgeving en anderzijds alleen alcoholgebruik kan 45
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
zijn. Het één sluit het ander echter vaak niet uit en ons inziens moet alcoholgebruik in de openbare ruimte geenszins worden aangemoedigd. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Als VVD willen wij dat iedere wijk veilig is. Wij steunen ook iedere versterking van de bestuurlijke weerbaarheid van de gemeente tegen ondermijning en drugscriminaliteit. Wij staan daarom achter de voorgestelde wijzigingen in de APV, omdat die een versterking van het handelingsperspectief van de gemeente geven. We hebben wel één vraag aan de portefeuillehouder. Uit studies blijkt dat diverse branches regelmatig als dekmantel dienen om crimineel geld wit te wassen. Ook in Delft zien we een wildgroei aan dergelijke zaken. Ik ben door diverse ondernemers benaderd met de vraag hoe dat zit: waarom zien we zo'n toename van bepaalde zaken? Denk bijvoorbeeld aan schoonheidssalons en kapperszaken, zonder dat ik daar verder een waardeoordeel aan wil toekennen.
Heeft de portefeuillehouder aanwijzingen dat ook in Delft zulke dekmantelbedrijven actief zijn? En kan dat met deze wijzigingen effectief worden aangepakt? Over de motie van STIP heb ik al genoeg gezegd in de interrupties, maar het alcoholverbod in de binnenstad biedt een basis voor een opsporingsambtenaar om in te grijpen bij het nuttigen van een alcoholhoudende drank, gepaard gaande met verstoringen van de openbare orde of gedragingen die van invloed zijn op het woon- en leefklimaat. Het is preventief. Daar willen wij als VVD niet aan tornen. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. STIP profileert zich eigenlijk als een voorstander van het tot zuipstad worden van Delft: "het is hier zo gezellig dat je hier op straat kunt zuipen en dronken rond kunt lopen; niks aan de hand". Dat willen wij pertinent niet. Wij zijn juist ontzettend blij dat er een alcoholverbod is. Het is ook slecht voor de cafés en de restaurants als iedereen maar gewoon vanuit de supermarkt op straat blikjes gaat opdrinken, zeker met in ons achterhoofd de flitsbezorgers, die binnen vijf minuten je bier komen aanleveren. Het wordt één groot zuipfestijn. Tot nu toe was het in de studentenclubs. Het is een soort PR-campagne van STIP om leden of stemmers te lokken met alcoholgebruik. Dat vind ik heel triest.
Het is onvoorstelbaar, want alcoholgebruik is in Delft een heel groot probleem, vooral het comazuipen. Ook onder jongens, meisjes, studenten is het een groot probleem. Ik vind het dus heel triest dat STIP dit agendapunt over de wijziging van de APV aangrijpt om zo plat campagne te voeren. De heer JAFF (GroenLinks): Voorzitter. Wij staan ook achter de wijzigingen in de APV. Daar zijn wij blij mee. Wat de motie betreft: het is goed om een aantal zaken preventief te regelen en niet te wachten totdat het uit de hand loopt. Wij denken dus ook dat het goed is om het alcoholverbod te blijven handhaven. Daarnaast vertrouwen wij op de besluitvaardigheid van onze BOA's. Zij zijn professionals en gaan echt niet voor de lol mensen bekeuren die een drankje drinken. De heer CÜPPERS (STIP): Jullie geven aan dat jullie ervoor zijn om het alcoholverbod in stand te houden in de binnenstad, maar vinden jullie het dan terecht dat mensen die geen overlast veroorzaken, worden beboet omdat ze een biertje drinken? De heer JAFF (GroenLinks): Ik heb daar geen signalen van gekregen. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. Ook de PvdA-fractie kan zich helemaal vinden in de wijzigingen in de APV. Die vinden wij prima. Inhoudelijk vind ik het niet echt de moeite waard om in te gaan op de motie van STIP. Wel vind ik dat STIP zich op deze manier 46
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
enigszins diskwalificeert. Ik vind ook dat het een volstrekt verkeerd signaal is, gezien de toch best wel forse problemen met alcohol die we in de maatschappij hebben. Dit draagt niet bij aan een oplossing. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Wij zijn blij met de voorgestelde APVwijzigingen, waaronder de mogelijkheid om iets te doen aan deeltweewielers en ondermijnende criminaliteit. We zijn dus heel blij. Ik denk dat er genoeg argumenten zijn gewisseld over de zelfpromotie van STIP om zo vlak voor de verkiezingen nog eens te proberen om het alcoholverbod uit de APV te krijgen. Daar staan wij niet achter. Ik denk dat STIP zich er ook op moet beraden dat er heel veel licht zit tussen dronkenschap en overlast en dat het voor een BOA of een agent heel lastig is om vast te stellen dat er overlast is, maar dat daaraan heel veel ongewenst gedrag vooraf kan gaan. Net als meneer Den Hollander vind ik dat we de ongewenste effecten van alcohol niet moeten promoten maar tegengaan. De heer SCHUURMAN (D66): Voorzitter. Ook D66 is voor de voorgestelde wijzigingen in de APV. Onze fractie vindt het intrekken van het alcoholverbod geen goed plan. Dit is door onze collega's al gezegd, ook door mijn collega Oderwald in de commissie. Dat ga ik dus niet herhalen. Wij zijn van mening dat dit de handhavers de mogelijkheid ontneemt om preventief overlast te voorkomen.
Handhaving op basis van de artikelen uit het Wetboek van Strafrecht geeft niet dezelfde mogelijkheden aan de handhavers. Uiteraard zijn wij van mening dat het niet de bedoeling is dat handhavers mensen betuttelend gaan aanspreken. Daar is deze APV helemaal niet voor. Sinds de invoering van dit APV-artikel is het rustiger in de binnenstad. Ik heb net collega Jaff al gehoord over de Poptahof, waar het gewoon echt heel goed helpt. Daar zijn wij onwijs blij mee. Daarom zullen wij deze motie niet steunen. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Voorzitter. Ik kan heel kort zijn. Dank, mede namens wethouder Huijsmans, die hierin ook een deel van haar zaken goed geregeld heeft, voor de brede steun voor de stappen die worden gezet. Over de motie van STIP en de heer Cüppers is zoveel wijsheid naar voren gebracht door diverse raadsleden dat ik daar eigenlijk weinig aan heb toe te voegen. Ik haal er twee hoofdpunten uit. Onze handhavers gaan gewoon met een verstandig oog om met dit alcoholverbod en zijn in staat om daardoor preventief te handelen en juist te voorkomen dat overlast plaatsvindt. In het licht van de vele kratten die ik door de stad zie gaan, denk ik ook dat we dat vooral niet moeten afschaffen en dat we de belangrijke bijdrage die dit de afgelopen jaren al heeft geleverd, ook de komende jaren gewoon rustig zijn heilzame werking moeten laten hebben.
Daarmee ontraad ik de motie. Er is ook een vraag van de VVD: zijn er bedrijven of branches waar wij ons zorgen over maken op het punt van ondermijnende activiteiten? Natuurlijk zijn er in de stad bedrijven of plekken waarover we ons zorgen maken. Op dit moment is het nog niet zo dat er een collectief is als reden om een branche een exploitatieovereenkomst op te kunnen leggen. Dat is nog niet aan de orde. Met de actualisatie van de Bibob, die hier binnenkort behandeld gaat worden, heb ik straks de mogelijkheid om individuele bedrijven scherp in beeld te hebben. We houden de vinger dus aan de pols, maar op dit moment is dit niet in die mate aan de orde dat hele branches in beeld zijn. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Wanneer kunnen we die Wet Bibob hier in de raad verwachten? Heeft u een planning? 47
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Voorzitter. Ik meen dat die er al ligt. Ja, de brief ligt er al. Dit zal dus behandeld worden zodra u daar in de procedurevergadering toe besloten heeft. De VOORZITTER: U wordt op uw wenken bediend, meneer Van Rijn. De heer CÜPPERS (STIP): Voorzitter. Andere partijen hebben het gehad over overmatig alcoholgebruik en overlast. Laat ik nogmaals duidelijk zijn: dat is absoluut niet iets wat wij steunen of waar wij achter staan, maar dat is ook absoluut niet iets waarmee dit alcoholverbod te maken heeft. Dat wil ik even uit de wereld helpen. We merken weinig steun voor onze motie. Desondanks zullen we haar niet intrekken. We vinden het nog steeds belangrijk en we staan er nog steeds achter dat het alcoholverbod overbodig is en onnodige andere problemen met zich meebrengt, zoals willekeur en beboeting van mensen die geen overlast veroorzaken. De VOORZITTER: Er is verder geen behoefte aan een tweede termijn. Ik sluit de beraadslaging en we gaan over tot de stemming. In stemming komt motie M8.4.1 (Afschalen alcoholverbod in binnenstad Delft) van STIP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Ik kan me vinden in de overwegingen van de motie.
Op de valreep, in mijn voorlaatste gemeenteraadsvergadering, zal ik daarom voor het eerst in zes jaar afwijkend stemmen van de rest van mijn fractie. De VOORZITTER: Een novum, meneer Van Overbeeke. Mevrouw BIJ DE VAATE (GroenLinks): Voorzitter, het lukt me niet om te stemmen. Ik ben tegen. Ik ga verversen en misschien komt mijn stem dan toch door, maar ik ben tegen. De VOORZITTER: Dan kunnen we uw stem erbij optellen. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 8 tegen 30 stemmen, waarbij de fractie van STIP en de heren Van Overbeeke en Van Roon van de fractie van D66 ervoor hebben gestemd. In stemming komt het voorstel. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. (De burgemeester neemt het voorzitterschap van de vergadering over van mevrouw Bel.) De VOORZITTER: Hartelijk dank, mevrouw Bel. Ik kom straks graag bij u terug. En nogmaals dank aan de raad voor de instemming. 20. Voorstel van de commissie EFB aan de raad inzake rekenkamerrapport effecten coronacrisis (nr. 2204047).
48
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De VOORZITTER: Er wordt een amendement ingediend door mevrouw Van Rossum. Dat staat op het RIS. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Ik kan het heel kort houden. Wij hebben het in de commissie met elkaar gehad over alle effecten in Delft van corona. We kwamen tot de conclusie dat een belangrijk probleem is dat er een tweedeling in de stad ontstaat en dat heel veel mensen last hebben van de gevolgen daarvan: jongeren die thuis komen te zitten, activiteiten die afgezegd worden. Het ene huis is het andere niet. Je kunt je dus voorstellen dat het voor sommigen echt geen pretje is om zoveel thuis te moeten zijn. Daar zijn aanbevelingen over gedaan vanuit de Rekenkamer, maar we vonden bij de SP dat dit wel wat sterker mag in die zin dat het college echt gaat onderzoeken wat de effecten zijn geweest en een plan van aanpak gaat maken om dat op te lossen. Volgens mij waren meerdere partijen daarvoor. Wij hebben dus gepoogd om dit netjes in een amendement neer te zetten. Dat zouden wij vanavond graag aannemen. De VOORZITTER: Uitstekend, mevrouw Van Rossum. Dat is inderdaad kort en krachtig, zeker voor uw doen, want u kunt altijd de nodige woorden wijden aan een onderwerp.
Door de fractie van de SP wordt amendement A8.6.A (Plan van aanpak tweedeling door coronacrisis) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 februari 2022 ter bespreking van het Rekenkamerrapport Effecten coronacrisis, besluit: beslispunt 6 Aanbeveling 6 (aan het college) over te nemen: Blijf in gesprek met de stakeholders (o.a. GGD, politie, TU Delft en andere zorg- en onderwijsinstellingen) van de doelgroepen die het meest zijn getroffen door de coronacrisis om zicht te krijgen op de maatschappelijke effecten van de coronacrisis en de problemen voor deze doelgroepen die mogelijk op langere termijn ontstaan. Bepaal op basis daarvan in hoeverre deze gevolgen aandacht van de gemeente moeten krijgen; Te wijzigen in: Aanbeveling 6 (aan het college) gewijzigd over te nemen: Blijf in gesprek met de stakeholders (o.a. GGD, politie, TU Delft, corporaties en andere zorgen onderwijsinstellingen) van de mensen die het meest zijn getroffen door de coronacrisis. Krijg zo inzicht in de maatschappelijke effecten van de coronacrisis en de problemen voor deze doelgroepen die mogelijk op langere termijn ontstaan. Maak op basis daarvan een plan van aanpak om deze problemen te bestrijden." De heer VAN WOUDENBERG (CDA): Voorzitter. We hebben in de commissie uitvoerig over het voorstel inzake het Rekenkamerrapport en de effecten van de coronacrisis gesproken.
Het punt van ons en ook van meneer De Wit van Hart voor Delft om zo min mogelijk digitaal te vergaderen en zo veel mogelijk fysiek te vergaderen, is verwerkt. Dat is mooi. De motie van de SP over een plan van aanpak om tweedeling te kunnen voorkomen, kunnen wij 49
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
steunen. De motie is ook in lijn met wat er in de commissie gezegd is. Het is concreter en het is goed om die tweedeling duidelijk en daadwerkelijk aan te pakken. Die motie zullen we dus steunen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. We steunen dit amendement van de SP. Ook wij zijn voor een beter plan van aanpak op dat niveau, een sterkere bestrijding en verwerving van de informatie die hieruit voortkomt, zodat we hieruit kunnen leren. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft vindt dat tijdens corona de democratie niet goed gefunctioneerd heeft. De inspraak is niet goed geweest. Heel veel burgers ervaren gigantische drempels om te kunnen participeren of in te spreken in ons proces. Wij zijn dus blij dat ons voorstel is verwerkt dat bij weer zo'n crisis de vergaderingen niet digitaal maar fysiek zijn. Wij vinden het ook jammer dat deze vergadering niet fysiek is. Dat had vanavond gekund in de TU. U merkt zelf dat de geluids- en beeldkwaliteit te wensen overlaat. Wij hebben dus een belangrijk punt binnengehaald en daar hebben we de nadruk op gelegd. De democratie moet zich herstellen, hopelijk na de verkiezingen. De VOORZITTER: Maar natuurlijk ook op die dag zelf, want dat is toch wel een hoogtepunt, het feest der democratie, op 16 maart. Dan gaan we het doen. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Toch een vraag voor meneer De Wit.
Hij roept nu al twee keer in deze vergadering dat de democratie niet gewerkt heeft. Dan denk ik: meneer De Wit, dan moet u misschien gewoon eens in de spiegel kijken en beter uw werk doen. Maar even over die fysieke vergaderingen: er lag gewoon een heel duidelijke richtlijn vanuit de centrale overheid, waardoor dingen niet meer konden. Er was en is nog steeds een pandemie. Vindt u dat we die regels gewoon hadden moeten doorbreken? De VOORZITTER: Even de heer Van Vliet en dan kunt u beiden beantwoorden. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Ook bij GroenLinks is er verbazing omdat de heer De Wit vanavond tot twee keer toe zegt dat de democratie niet functioneert. GroenLinks kent de Delftse raad als een raad waarin goed wordt samengewerkt en waarin ook op procedures goed naar elkaar geluisterd wordt. In het presidium maar ook in het fractievoorzittersoverleg leggen we steeds de zaken op tafel en bespreken we die goed met elkaar. Mijn vraag aan de heer De Wit is op welk moment Hart voor Delft kanttekeningen heeft geplaatst bij het functioneren van de democratie of heeft aangegeven hoe we dingen anders en beter kunnen doen, want ik heb die opmerkingen niet gehoord. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Ik zie allemaal debatten vanuit de Tweede Kamer. Ook tijdens de lockdown gaat alles daar gewoon door. Dat beeld is bij de burger gevestigd.
Ik vind dat we ook als lagere overheid, als gemeente, gewoon door hadden moeten vergaderen, weliswaar op anderhalve meter afstand en misschien met 2G, 3G of 1G; dat maakt me niet uit, maar we hadden veel meer moeite moeten doen om fysiek door te vergaderen. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Ik vind het hartstikke goed dat we hier steeds het gesprek over hebben. Het mooie van de Delftse raad is dat we dat ook doen en dat we die afwegingen heel zorgvuldig met elkaar maken. Ik wil de heer De Wit toch nog eens vragen op welk moment Hart voor Delft zijn inbreng hier niet heeft kunnen hebben en waarom hij niet onderschrijft dat we dit zorgvuldig doen met elkaar.
50
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De heer DE WIT (Hart voor Delft): Wij zaten tijdens de lockdown fysiek in de TU-aula om de burgemeester te herbenoemen. Dat was een feest der democratie; het was sowieso een feest, maar toen kon het dus wel. Dat snap ik niet. U zegt dat dat allemaal is besloten in het fractievoorzittersoverleg, maar wij zijn voor open en eerlijke debatten, meneer Van Vliet, en niet voor in achterkamertjes dingetjes beslissen door de meerderheid, door de coalitie, waar we toch geen kans maken. De VOORZITTER: Nog één keer meneer Van Vliet en dan ronden we het af. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Ja, want het zijn echt grote woorden als er wordt gezegd dat de democratie niet functioneert. Als u vindt dat iets in de raad besproken moet worden, staat het uw fractievoorzitter vrij om dat op te merken in het overleg. De VOORZITTER: Oké, helder. Meneer De Wit steekt zijn duim op. Mevrouw DE BOER (STIP): Voorzitter. Ik zal het ook kort houden, zeker gezien de uitgebreide bespreking in de commissie. Het voorstel van de SP lijkt ons prima en goed. Wel zijn we benieuwd hoeveel capaciteit dit gaat kosten bij het college. Daar krijg ik graag een reactie op. De VOORZITTER: Dat is een belangrijk punt. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Voorzitter. Eigenlijk gaat het amendement van de SP over taal. Dat vind ik leuk, want ik vind goed taalgebruik ook belangrijk. Het advies is natuurlijk heel ambtelijk geschreven.
De SP legt de vinger een beetje op de zere plek door "doelgroepen" aan te geven. Dat gaat over mensen. Ik kan me dus goed vinden in de aanpassingen, maar ik sluit me wel aan bij de opmerking van mevrouw De Boer. Een plan van aanpak om deze problemen aan te pakken, kan heel veel betekenen: dat je flink wat capaciteit ervoor moet inzetten en dat je allerlei dingen al gaat doen. Als binnen dat plan van aanpak de eerste stap is dat je kijkt in hoeverre er gevolgen voor mensen in de gemeente zijn, zou ik me daar iets bij kunnen voorstellen, maar ik wacht graag de reactie van de wethouder hierop af. De heer MARUF (D66): Voorzitter. Dank aan de Delftse Rekenkamer voor een vrij compleet rapport met echt goede aanbevelingen. De pandemie heeft de bestaande pijn in de stad blootgelegd en in veel gevallen versterkt, zoals ook de Delftse Rekenkamer constateert: eenzaamheid, huiselijk geweld, onderwijsachterstanden en in het algemeen de fysieke en mentale gezondheid van onze inwoners. We staan neutraal ten opzichte van het amendement en de aanbevelingen van de SP. Ik wacht ook even de reactie van het college af. De heer Den Hollander maakte een terecht punt, namelijk dat het vooral over taal gaat. Een plan van aanpak wordt volgens mij ook geïnitieerd vanuit het college. We wachten de reactie dus even af. De heer VAN VLIET (GroenLinks): Voorzitter.
Allereerst natuurlijk dank aan de Rekenkamer voor het mooie onderzoek. Wij sluiten ons aan bij de SP. We horen graag hoe het college hiernaar kijkt. Als er sprake is van tweedeling of achterstelling, vraagt dat natuurlijk om actie, maar we horen graag het college daarover. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. We hebben hier een mooi gesprek over gehad. Wat de SP aankaart en ook de tekstuele aanpassingen lijken me scherp. Ook het erbij 51
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
betrekken van een corporatie is prima. Ik zou eigenlijk alleen willen voorstellen om dat niet in een plan van een aanpak te doen, maar om wat wij tegenkomen, juist op te pakken in onze reguliere beleidslijnen en daar niet een nieuw product voor te maken. Want we hebben in de commissie natuurlijk al gezien dat wat we bij bewoners aantreffen waarschijnlijk impact zal hebben op alle beleidslijnen die lopen en hoogstens een versterking van ons reguliere beleid zal vragen. In plaats van een plan van aanpak zou ik het dus heel fijn vinden om dit om te zetten in: we pakken het op, maar dat doen we in onze reguliere beleidslijnen. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Dank voor de steun van veel partijen. Volgens mij klopt het ook dat we het hier allemaal al eerder over eens waren. Volgens mij gaat het erom dat we niet alleen constateren dat de coronacrisis heel veel effect heeft gehad op mensen, maar dat we daar ook iets mee doen. Dat heb ik beoogd hier op te schrijven. Als wethouder Schrederhof dat in de uitvoering gaat doen via de beleidslijnen en zo - ik ken die termen niet zo goed - vind ik dat prima, maar ik zou graag willen dat er een overzicht naar de raad komt in de zin van: we hebben ernaar gekeken; dit zijn de effecten die we kennen, dit zijn de effecten die we niet kennen en dit willen we ongeveer gaan doen.
Dat wil ik graag zien. Als we het daarover eens zijn, komt het goed. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Mijn vraag is wat we doen met het amendement. Als we het amendement aannemen, is het helder, maar dan moet de wethouder dat inkleuren op haar manier. Of ontraadt de wethouder het amendement en komt er een toezegging? Dat kan volgens mij niet bij een amendement. Ik snap dus vooral de techniek even niet, maar volgens mij wel wat we willen bereiken. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. Wat mij betreft is de inhoud van het amendement iets wat we ook willen. We willen gewoon met de stakeholders in gesprek blijven en al kijken wat de effecten zijn. Als die effecten opgepakt moeten worden omdat daar negatieve dingen uit voortgekomen zijn, pakken we dat op. Laten we het zo doen. In het amendement staat een apart plan van aanpak. Als je niet uitkijkt, lijkt dat meer op waar we het net over hadden, namelijk afstudeerscripties. Laten we helder in beeld brengen wat we tegenkomen en ook aangeven in welke processen we dat oppakken; laat ik dan één tandje duidelijker zijn. Als ik het amendement zo mag lezen … De VOORZITTER: Wilt u dat het amendement wordt gehandhaafd of wordt het dan een toezegging? Nee, u wilt dat het amendement wordt gehandhaafd, maar u interpreteert het in die zin. Wethouder SCHREDERHOF: Ja. De VOORZITTER: Ik zie mevrouw Van Rossum knikken.
Mevrouw Gooijer, is het u ook helder? Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Ja, ik heb een duidelijke stemverklaring van de wethouder gehoord. Daarmee kunnen we begrijpen wat we straks besluiten. De VOORZITTER: Prima, het is belangrijk dat we met elkaar weten wat we afspreken. Ik constateer dat de beraadslaging kan worden gesloten.
52
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
In stemming komt amendement A8.6.A (Plan van aanpak tweedeling door coronacrisis) van de SP. Het amendement met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: Mevrouw Van Rossum, u heeft hier vanavond weer niet voor niks gezeten. In stemming komt het geamendeerde voorstel. Het geamendeerde voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: Dank aan eenieder, zeker ook aan de Rekenkamer, zoals al werd gezegd. (Mevrouw Bel neemt het voorzitterschap van de vergadering over van de burgemeester.) 21. College van B en W - vastgesteld coffeeshopbeleid (2141772). De VOORZITTER: Er komt een motie van de fractie van D66, mede-ingediend door Onafhankelijk Delft, GroenLinks en STIP. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. D66 dient samen met OD, GroenLinks en STIP een motie in waarmee we de burgemeester oproepen om het Manifest Ondermijnende Criminaliteit alsnog mede te ondertekenen. Dit manifest is door onder anderen de burgemeesters van Breda, Tilburg, Roosendaal en Groningen geïnitieerd en is, al dan niet na oproepen vanuit de respectievelijke gemeenteraden, daarna ook ondertekend door onder anderen de burgemeesters van Den Haag, Utrecht en Amsterdam. Het amendement heeft vier kernpunten. Ik zie een handje. De heer VAN RIJN (VVD): Ik wacht nog even op de vier kernpunten en daarna wil ik graag het woord, als dat mag.
De heer VAN OVERBEEKE (D66): Oké, ik noem alle vier de kernpunten. De eerste is: investeer in de strafrechtketen. Dat begint bij wijkagenten, maar gaat ook over het OM en de rechtsspraak. Een stevige investering daarin is volgens het manifest nodig. Het tweede punt focust zich op de kwetsbare jeugd: zorg voor alternatieven voor een criminele carrière en investeer dus in jeugd- en jongerenwerk, docenten, sportclubs, studeren, werk en cultuur. Het derde punt is: haal het verdienmodel onder de softdrugs weg. Door legalisering kunnen we productie en verkoop beter reguleren en zorgen voor goede voorlichting en preventie. Het vierde punt is: betrek alle inwoners bij de aanpak van die ondermijnende criminaliteit. Die vier kernpunten zijn op zich natuurlijk niet zaligmakend en we zullen daarmee niet alles oplossen, maar ze bieden wel een zinnig startpunt. De indieners van de motie zien graag dat Delft zich daarbij aansluit. De heer VAN RIJN (VVD): Ik vraag me af of u ervan op de hoogte bent dat het huidige kabinet structureel € 1 miljard wil vrijmaken om de veiligheidsketen te versterken, onder andere om ondermijning aan te pakken. Sterker nog: alle vier uw speerpunten komen terug in het regeerakkoord. Graag een reactie.
53
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De heer VAN OVERBEEKE (D66): Hartstikke goed. De VVD staat ook onder dat landelijke regeerakkoord. Kan ik daaruit afleiden dat de VVD dus achter alle vier deze kernpunten staat en dus voor deze motie zal stemmen? De heer VAN RIJN (VVD): Nee, natuurlijk niet. Volgens mij neemt u afstand van uw eigen partij. Volgens mij pakt het kabinet hier immers door. Dit is dus totaal overbodig. Bent u er ook van op de hoogte dat in het regeerakkoord niets staat over de legalisering van softdrugs? Eigenlijk neemt u dus afstand van uw eigen landelijke partij. Komt u nou eens met een reactie en draai het niet zo goedkoop om. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Nee, ik neem helemaal geen afstand van mijn landelijke partijgenoten. Het staat wel degelijk in het verkiezingsprogramma van D66. Op welke manier dat dan vervolgens in het regeerakkoord is gekomen, is natuurlijk nog maar de vraag. De heer VAN WOUDENBERG (CDA): In aansluiting op meneer Van Rijn, die zegt dat meneer Van Overbeeke afstand neemt van zijn landelijke partij: ik ben benieuwd of hij hiermee ook afwijkt van zijn eigen partij hier in de raad en of dit zijn eigen persoonlijke mening is, omdat hij misschien toch een beetje studentikoos is. Ik zie ook STIP erbij staan. Ik begrijp het punt van de legalisering van softdrugs nog niet helemaal.
Kunt u dat nog wat meer uitleggen, zeker gelet op het betoog van de burgemeester in de commissie? De heer VAN OVERBEEKE (D66): De opmerking dat ik nog een beetje studentikoos ben, zie ik maar als een compliment. Ik ben 30 geworden, maar laten we dat maar niet doorvertellen. Zoals ik net bij mijn stemverklaring al zei, was het afwijkend van mijn fractie stemmen zojuist - in ieder geval voorlopig - een eenmalige exercitie. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Er zijn blijkbaar nog wat andere burgemeesters bij gekomen, want de lijst die ik zag, kwam voornamelijk uit mijn thuisprovincie, met veel WestBrabantse gemeenten die ik goed ken en waar vooral een probleem is met synthetische drugs. Dat vind ik wel een beetje typisch. Mijn vraag is wat er volgens de heer Van Overbeeke precies gaat veranderen als wij de burgemeester vragen om dit te ondertekenen. Wat is de betekenis van die ondertekening, wat verandert hiermee aan de situatie en wat wordt er opgelost? De heer VAN OVERBEEKE (D66): Dat laatste vind ik een goede inhoudelijke vraag. Het manifest bevat de vier punten die ik zojuist al heb toegelicht. Op zich zullen zij apart maar ook in hun gezamenlijkheid de criminaliteit niet oplossen, maar misschien zijn meneer Den Hollander en ook anderen het met mij en ook met de opstellers van dit manifest eens dat ook de huidige situatie niet zaligmakend is en ook geen succes is.
Die vier kernpunten zijn dus geformuleerd door die burgemeesters, die zich wat mij betreft echt in de frontlinie bevinden, om aan die status quo te ontsnappen en echt een impuls te geven aan die strijd tegen de criminele ondermijning waarvan we in ons land maar ook in onze eigen stad, in Delft, de voorbeelden hebben gezien. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Ik ben het ermee eens dat we tot een duurzame oplossing moeten komen voor de drugscriminaliteit en dat kijken naar het aanbod daarin belangrijk is, maar ik vind het een beetje tricky dat de schrijvers van het manifest eigenlijk al anticiperen op mensen die zeggen dat dit niet gaat helpen. Ze zeggen: beroepscriminelen brengen we hiermee niet op het rechte pad, want die vinden ongetwijfeld nieuwe verdienmodellen. Ja, nogal wiedes. Beroepscriminelen komen inmiddels uit Mexico om hier de drugs voor ons te produceren. Het grootste deel dat wij doen, is inmiddels voor de export. 54
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Ik heb dus grote problemen met het idee dat we de boel moeten legaliseren. Ziet u ook niet het probleem dat legaliseren op dit moment echt niet de oplossing is? Ik kan me goed voorstellen - ik weet nog niet of het zo is - dat de burgemeester zegt: dit gaat ik zo niet ondertekenen. De heer VAN OVERBEEKE (D66): De heer Den Hollander zei het al en ik kan het herhalen: als we vandaag de softdrugs legaliseren, zullen morgen niet alle zware beroepscriminelen die carrièreswitch naar brave huisvader maken. Maar waar het wél om gaat en wat we hier wél mee kunnen veranderen, is dat softdrugs op dit moment voor kwetsbare jongeren echt een lage opstap zijn naar de criminaliteit. Ik vind dat het manifest dat heel goed beschrijft. Met zo'n lage opstap kun je twee dingen doen. Je kunt die ophogen door softdrugs voortaan even hard aan te pakken als harddrugs, maar dat heeft alle gevolgen van dien voor de capaciteit van politie, OM en rechters. Of je kunt proberen, zoals de opstellers van het manifest beogen, om die lage opstap weg te halen door dit uit de criminaliteit te halen. De opstellers van het manifest opteren dus voor die tweede optie. Ik denk dat het goed is als onze stad zich daarbij aansluit. De VOORZITTER: Ik kom nog één keer bij de heer Den Hollander. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Ik weet niet of het nog één keer is, maar in ieder geval nog een keer.
Ik vraag me af waar de heer Van Overbeeke deze wijsheid vandaan haalt. De opstart van de cocaïnehandel is over het algemeen het opblazen van een pinautomaat, inmiddels in Duitsland, om aan geld te komen om je eerste financiering te kunnen doen voor het kopen van spullen. Het idee dat het begint bij softdrugs en dat men daarna in de harddrugs gaat, hebben we heel lang gehoord, maar dat is gewoon niet waar. Ik heb dus enorm veel moeite met de drammerige toon van dit manifest: "Als we het zo gaan doen, komt het goed". Ik begrijp niet dat u hier nog echt een heel hard punt van maakt en dat u de burgemeester vraagt om dit te ondertekenen. De VOORZITTER: Meneer Den Hollander, u krijgt straks nog uitgebreid de gelegenheid om uw eigen standpunt toe te lichten. Ik heb geen vraag gehoord, maar qua interruptie wil ik het hierbij laten. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Ik wil hier wel graag op reageren. De VOORZITTER: Dat mag, hoewel het geen vraag was, maar wel graag kort dan. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Ik wil reageren op de veronderstelde "drammerige toon" van het manifest. Ik denk dat dat juist niet zo is. Dat kwam volgens mij ook in een eerdere interruptie van de heer Den Hollander naar voren.
De opstellers van dit manifest zeggen juist heel duidelijk: ook met deze vier punten lossen we ondermijnende criminaliteiten morgen en ook niet overmorgen niet op, maar zij zouden een stap kunnen zijn. Ik denk ook dat softdrugs wel degelijk een ingang in de criminaliteit zijn, juist doordat het nu zo laagdrempelig is voor kwetsbare jongeren om dealertje of koerier te worden. Dat is de instap waarmee ze uiteindelijk in die criminaliteit terechtkomen. Met de opstellers van het manifest denk ik dat het legaliseren van softdrugs daar een stap in zou kunnen zijn, maar dat moet je dan in samenhang zien met die andere drie punten: investeren in die kwetsbare jongeren, daarbij de hele samenleving betrekken et cetera. Door de fracties van D66, Onafhankelijk Delft, GroenLinks en STIP wordt motie M8.7.1 (Delft onderschrijft Manifest Ondermijnende Criminaliteit) ingediend: 55
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 februari 2022 ter bespreking van het coffeeshopbeleid (2141772), constaterende dat: • • • • • •
helaas ook in Delft criminele activiteiten plaatsvinden waarbij legale structuren worden misbruikt en waardoor de fundamenten van de samenleving worden aangetast; deze ondermijning een ontwrichtende werking heeft op Delft; een vijftigtal burgemeesters van Nederlandse steden het Manifest Ondermijnende Criminaliteit hebben ondertekend en hiermee oproepen tot een verbeterde aanpak van ondermijning; de burgemeesters in het manifest een viertal kernpunten formuleren, te weten 'Pak en pluk criminelen', 'Breek de gouden roltrap af', 'Legaliseer soft drugs: haal het verdienmodel weg' en 'Mobiliseer de samenleving'; de burgemeester van Delft het manifest nog niet heeft ondertekend; de burgemeester na een oproep dit manifest alsnog kan ondertekenen;
overwegende dat: • • • •
voor Delft aanpak van ondermijning een belangrijk aandachtsgebied is; het bij Delft past om het manifest te ondertekenen; een zo breed mogelijke landelijke steun voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit het effect vergroot; het ondertekenen bijdraagt aan de ontwikkelingen voor de aanpak van ondermijnende criminaliteit;
roept de burgemeester van Delft op: • •
het Manifest Ondermijnende Criminaliteit alsnog te ondertekenen; de raad over de opvolging van het aansluiten bij het manifest voor 1 april te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Er is al aardig uitvoerig hierover gesproken. Wat Onafhankelijk Delft betreft zijn de kernpunten uit dit manifest best wel belangrijk. Het is niet zo dat wij eigenlijk niet aan ondermijningsbestrijding doen, maar het is wel een soort krachtenbundeling waar we ons erg in kunnen vinden en waaruit misschien samenwerking voortvloeit. Wij vinden het een enorm goede zet om ons daarbij aan te sluiten en dit te ondertekenen. De heer JAFF (GroenLinks): Voorzitter. Ik sluit me in grote mate aan bij het betoog van de heer Van Overbeeke. Hij heeft het goed verwoord. Het enige wat ik nog wil toevoegen, is dat ik er grote moeite mee heb dat mensen die tegen het ondertekenen van dit manifest zijn, volledig voorbijgaan aan het feit dat het laatste gedeelte van het gehele proces van softdrugs gedoogd wordt. Eigenlijk willen ze daarmee niks doen aan datgene wat daaraan voorafgaat, waardoor dat de criminaliteit in wordt geholpen. Uit de cijfers blijkt dat er 10.000
56
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
tot 30.000 illegale hennepkwekerijen zijn. Het is dus echt een misvatting om te doen alsof dat niet lucratief is voor de criminaliteit. Het is wel degelijk lucratief voor de criminaliteit. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Een kleine correctie: ik zou als ChristenUnie-fractie niet willen stellen dat mensen die tegen legalisering van softdrugs zijn, veronderstellen dat het op deze manier wel welletjes is en dat het prima gaat. Wat ons betreft wordt ook de verkoop van softdrugs uit onze straten gehaald. De heer JAFF (GroenLinks): Ik hoorde geen vraag, maar ik heb wel een vraag aan mevrouw Gooijer: wat vindt u van de verkoop van alcohol? Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Dat vind ik een hele interessante vraag. Daar kan je hele debatten over voeren. Dat gaan we vanavond om 22.50 uur niet doen, met nog vijf punten op de agenda. Ik zie dat dat ook keerzijdes heeft, maar softdrugs vind ik iets anders dan drank. De heer JAFF (GroenLinks): Ik constateer dat de ChristenUnie iets wat slechter is voor je gezondheid, wel tolereert maar softdrugs niet, terwijl bewezen is dat softdrugs minder schadelijke effecten hebben. Dan weten we dat dus ook. Ik hou het kort en rond af. Wij staan achter het manifest en we horen graag de reactie van de portefeuillehouder. Daarna is het aan de raad om te bepalen wat we als raad met dit manifest willen doen.
De heer VAN RIJN (VVD): Ik wil de vraag die mevrouw Gooijer stelde, terugkaatsen: vindt u drugs gebruiken normaal? De heer JAFF (GroenLinks): Ik wil mensen die drugs gebruiken, niet als abnormaal betitelen. De VOORZITTER: Dat was in ieder geval een keurige, korte en bondige vraag, zoals een interruptie hoort te zijn. De heer CÜPPERS (STIP): Voorzitter. Wat STIP betreft moet iedereen die dat wil, lachgas of drugs kunnen gebruiken. Liever gecontroleerd gekocht in een coffeeshop dan bij de dealer om de hoek. Zo gaan we illegale straathandel en criminaliteit tegen. Daarom heeft STIP de motie mede-ingediend. Het ondertekenen van het manifest is een uitstekende manier om uit te spreken hoe we willen omgaan met softdrugsbeleid en het ondermijnen van criminaliteit. D66 heeft het goed toegelicht, maar we willen hier graag nog wat kanttekeningen bij zetten. We moeten als raad niet weglopen voor onze verantwoordelijkheid. We spreken nu over het ondertekenen van een manifest, maar we zetten nog weinig stappen naar decriminalisering in dezelfde lijn in ons coffeeshopbeleid. Er zijn namelijk te weinig coffeeshops in Delft. Dat bepalen wij als raad. STIP heeft een motie overwogen om het vastgezette maximumaantal coffeeshops in de stad uit het beleid te verwijderen.
We willen in een groeiende stad niet voorbarig een maximum instellen en het is überhaupt maar de vraag of vier shops, allemaal in de binnenstad, Delft echt voorzien. Vergelijkbare steden hebben significant meer coffeeshops. Wij willen uitbreiden om aan de vraag te kunnen voldoen en de veiligheid te kunnen garanderen. We hebben over deze motie gesproken met andere partijen, maar op dit moment konden wij niet op genoeg steun rekenen om hier stappen op te zetten. We bespreken dit onderwerp in de toekomst graag opnieuw om te kijken naar de stappen die we kunnen zetten om het aantal coffeeshops op
57
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
te schalen en zo straatcriminaliteit terug te dringen. Zo blijft het niet bij debatteren en kan je snel veilig inhaleren. De heer VAN RIJN (VVD): Bent u ervan op de hoogte dat in Delft het aantal drugsgerelateerde delicten groter is dan in de rest van Nederland? En wat heeft STIP er precies aan gedaan om Delft veiliger te maken? Noem gewoon twee initiatieven van STIP om Delft veiliger te maken. De heer CÜPPERS (STIP): Bedankt voor de vraag. Volgens mij is er geen termijn zonder een interruptie van de VVD; dat is mooi. Dat het aantal drugsdelicten buiten de stad groter is, wil natuurlijk niet zeggen dat het hier niet gebeurt. Misschien gebeurt het hier een stuk onzichtbaarder. Ik vind het moeilijk om daar nu over te zeggen dat dat betekent dat we hier nu aan dit beleid voldoen en zeker dat we er nu een maximum aan moeten stellen terwijl de situatie in Delft ook altijd kan veranderen. U vraagt ook naar andere veiligheidsvoorbeelden waaraan STIP heeft bijgedragen. Ik kan u nu niet direct twee voorbeelden noemen, maar er zijn genoeg punten en andere punten over veiligheid waarover we hebben gesproken en waarover we onze mening hebben gegeven. Ik denk ook niet dat we die onderwerpen hier in discussie hoeven te brengen. De heer VAN RIJN (VVD): Dit is natuurlijk een heel bedroevend antwoord van STIP.
De enige inzet die ik van STIP zie, is: er moet meer alcohol worden gedronken, het moet makkelijker worden om alcohol te drinken en STIP wil drugsgebruik aanmoedigen. Dat is toch niet meer serieus te noemen? Kom op, los de problemen in de stad eens even op! Jullie dragen bij aan problemen. De VOORZITTER: Dat was volgens mij geen vraag. De heer DEN HOLLANDER (PvdA): Ik heb deze keer een heel concrete vraag voor STIP: bent u al met het college van bestuur van de TU in gesprek over het plaatsen van een coffeeshop op de campus? De heer CÜPPERS (STIP): Nee, ik ben daarover niet in gesprek. Op dit moment is daar natuurlijk ook helemaal geen mogelijkheid voor, want er kan nu geen extra coffeeshop geplaatst worden. Hoewel we dat misschien zouden willen of misschien ergens anders in de stad zouden willen, is daar nu dus geen mogelijkheid toe. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter. Wat ons betreft is het allemaal te laat. Er is ook geprobeerd om de datum van de motie te antedateren. Dit speelde allemaal in april tot en met augustus, toen er nog een kabinetsformatie was. Het manifest is al aangeboden aan de Tweede Kamer en is al besproken. Het gaat inderdaad onder andere over legalisering van de wietteelt. Dit is ook weer zo'n soort verkiezingsstunt van D66 om hun coffeeshopverhaal rond te brengen. Ik vraag de burgemeester of het nog enige zin heeft.
Op mij komt het een halfjaar later over als mosterd na de maaltijd. Het kabinet is gevormd. Het CDA en de ChristenUnie zitten daarin en zijn op dat gebied nergens toe bereid. Heeft het dan nog enige zin om te zeggen dat je je vingertje moet opsteken en ook nog even moet ondertekenen? Dat is een vraag aan de burgemeester. Daar laten we onze stem door bepalen, door de beste bestuurder van Zuid-Holland. Gefeliciteerd, burgemeester! De heer VAN WOUDENBERG (CDA): Voorzitter. Ik schrik een beetje van de bijdrage van STIP vanavond: eerst de oproep om een alcoholverbod uit de APV te halen en nu de oproep om iedereen eigenlijk gewoon te kunnen laten inhaleren wat men wil en om softdrugs en 58
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
drugs te stimuleren in de stad. Drugs, ook softdrugs, zijn in het algemeen slecht voor je gezondheid. Daarom is het CDA voor het ontmoedigen van softdrugsgebruik en willen we dit niet stimuleren. Door legalisatie van softdrugs stimuleren we dat. Daarom volgen we de lijn van de burgemeester en hoeft ze wat ons betreft dit manifest niet te ondertekenen. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Er staan natuurlijk ook goede maatregelen in het manifest om ondermijnende criminaliteit aan te pakken, maar zoals gezegd pakt het kabinet gewoon door in de aanpak van ondermijning. Alle vier de speerpunten uit het manifest worden gewoon geadresseerd in het regeerakkoord. Daarnaast hebben we net op lokaal niveau de APV vastgesteld, die de burgemeester helpt om ondermijning aan te pakken. De Wet Bibob komt eraan. We pakken dus door. Dan de legalisering van softdrugs. Drugs gebruiken is niet normaal en moeten we ook niet normaal maken, vinden wij als VVD. In tegenstelling tot D66 nemen we geen afstand van het kabinet. Misschien beter gezegd: wij hebben het regeerakkoord wél gelezen. Tegen partypartij STIP zeg ik: kom op, word een partij voor de hele stad, niet alleen voor studenten, en draag bij aan oplossingen en niet aan problemen. Het zal geen geheim zijn dat wij tegen ondertekening van dit manifest zijn. Dat is totaal overbodig. We volgen de lijn van de beste bestuurder van Zuid-Holland.
De VOORZITTER: Ik neem aan dat u dat via de voorzitter zegt, meneer Van Rijn. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel. De heer CÜPPERS (STIP): Ik kan me niet helemaal vinden in de beschuldiging die de VVD hier richt tot STIP. Natuurlijk blijven wij een partij voor de hele stad en niet alleen een partij voor studenten. Daarnaast proberen we hier juist aan bij te dragen. Daarom staan we onder de motie om het manifest te ondertekenen. We willen juist dat het softdrugsbeleid gedecriminaliseerd wordt. Juist daarom nemen we die verantwoordelijkheid. Daar wilde ik toch nog even op inhaken. De VOORZITTER: Dat was meer een reactie dan een vraag, denk ik. De heer VAN RIJN (VVD): Mag ik er nog wel op reageren? De VOORZITTER: U mag wel reageren. De heer VAN RIJN (VVD): Vanwege alcohol en drugs: door STIP geen grip, doe mee, stem gewoon VVD. De VOORZITTER: Dat was heel overduidelijk een campagneslogan, meneer Van Rijn. De heer VAN RIJN (VVD): Excuses, excuses. Ja, ik moest het toch even zeggen. Mevrouw GOOIJER (ChristenUnie): Voorzitter. Ik vond de rest van het betoog van meneer Van Rijn nou net zo goed. Daarbij wil ik me graag aansluiten. Het kabinet doet inderdaad wat het kan. Het is goed om aan de aanpak van ondermijnende criminaliteit te werken.
Het ondertekenen van het manifest is wat ons betreft niet zinvol en is ook onwenselijk vanwege die oproep tot legalisering van softdrugs. Wat de ChristenUnie betreft is dat niet de route die 59
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
we moeten lopen. Het lijkt me zeer zinvol om het debat te voeren over hoe we de schadelijke effecten van alcoholgebruik kunnen tegengaan in het licht van het Nationaal Preventieakkoord, maar niet op dit tijdstip op deze avond. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Voorzitter. Er zijn al veel mooie dingen uitgewisseld. De meeste punten in dit verhaal zijn op zich natuurlijk prima punten. Niemand heeft daar bezwaar tegen, hoogstens alle drugscriminelen, maar het is ook zo dat dit kabinet een aantal van die zaken nu gewoon oppakt en dat wij ook hier natuurlijk al concreet bezig zijn. Als het om ondermijning gaat, zijn we met het Veiligheids Informatie Knooppunt bezig, met de actualisering van de Bibob, de aanpassing van de APV, het betrekken van de inwoners en Meld misdaad anoniem. We zijn ook bezig met de jeugdaanpak vanuit het RIEC. Dat kan zeker nog sterker en het heeft natuurlijk ook met jeugdzorg te maken, maar zeker ook met de wijken- en buurtenaanpak. Dat zijn dus op zich prima punten. Ik heb een probleem met het punt van de legalisering. Het is waar dat het gedoogbeleid desastreus is geweest; laten we dat maar zeggen. Ik denk dat de criminaliteit zoals we die nu kennen, daaruit is voortgekomen. Daarom kijken ze vanuit het buitenland natuurlijk met afgrijzen naar wat er bij ons op dit vlak gebeurt.
Maar het probleem met legalisering is dat we van kwaad tot erger gaan. De voordelen van legalisering zijn marginaal, want we stellen vast dat 80% van onze kweek gewoon naar het buitenland gaat. We lossen daarmee dus maar een heel klein deel van dit gebeuren op. De nadelen zijn pittig. Legaliseren pretendeert dat het gebruik van softdrugs veilig is. Daarmee normaliseer je het eigenlijk. Dat vind ik gewoon een gevaar. Ik zit altijd met zorg te kijken naar de jongeren die voor de deuren van de drugsshops staan. Wij noemen dat "coffeeshops", maar het zijn natuurlijk gewoon drugsshops. Het gevaar dat men overstapt naar harddrugs is echt reëel. Onlangs is er nog een enquête gedaan door Delta, het TU-blad. Daarin zien we gewoon dat er een toename plaatsvindt van cocaïnegebruik. Men gaat dus van softdrugs naar harddrugs. Ik denk vooral dat we dat echt niet moeten willen. Mijn lijn zou ook gewoon zijn: stoppen met dat gedoogbeleid. U mag als raad altijd alles doen en als voorzitter van uw raad zal ik de meerderheid natuurlijk altijd volgen, tenzij ik echt helemaal grote gewetensnood krijg, maar als burgemeester, als orgaan, zal ik niet tekenen voor zo'n actie, want daarmee help ik onze jongeren, onze studenten, maar ook de aanpak van criminaliteit niet vooruit. Tot slot kom ik bij de heer De Wit, die vraagt of dit zinvol is. Ik denk dat dit niet zinvol is. We doen op dit moment veel.
Er is in het regeerakkoord het nodige opgenomen. Ik denk inderdaad dat deze handtekening erachteraan, als ik die zou hebben willen zetten, weinig toegevoegde waarde heeft ten opzichte van wat reeds gebeurt in het Haagse. Daarmee heb ik naar mijn idee voldoende beantwoord, maar ik hoor natuurlijk graag of de raad daar ook zo over denkt. De VOORZITTER: Een duidelijk verhaal van de burgemeester. Ik vraag de indieners van de motie ook of zij de motie in stemming willen laten brengen. Ik zie de heer Van Overbeeke ja knikken. Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer VAN OVERBEEKE (D66): Voorzitter. Volgens mij zijn in de eerste termijn de meeste argumenten wel gewisseld. De reactie van de burgemeester is ook geen verrassing. Ik denk dus dat het een goed idee is om de motie gewoon in stemming te laten brengen, mits andere partijen geen behoefte aan een tweede termijn hebben. De heer JAFF (GroenLinks): Voorzitter. Ik wil me aansluiten bij de heer Van Overbeeke. Laat de raad hier maar een uitspraak over doen. 60
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
De VOORZITTER: Uitstekend. Ik sluit de beraadslaging. In stemming komt motie M8.7.1 (Delft onderschrijft Manifest Ondermijnende Criminaliteit) van D66, Onafhankelijk Delft, GroenLinks en STIP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer AL JABERI (SP): Voorzitter. Ik heb met interesse geluisterd naar het debat dat hier plaatsvond. Ik kan me nog goed herinneren dat ik ergens rond 2008 of 2009, toen ik bij toeval in een vakblad van de advocatuur een artikel las over het softdrugsbeleid in Nederland. Eigenlijk werd daarin gesteld dat doordat een aantal jaren daarvoor heel hard werd opgetreden tegen personen die thuis een kleinschalige kwekerij hadden, ruimte voor de georganiseerde misdaad is ontstaan om dit over te nemen. De VOORZITTER: Kort en bondig, meneer Al Jaberi. De heer AL JABERI (SP): Ja, ik kom eraan toe. De SP steunt dus het manifest en denkt dat dat Delft zou sieren om het manifest te ondertekenen, zeker als we nu horen dat heel veel partijen het eens zijn met de strekking. Daarom stemmen wij voor deze motie. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 24 tegen 15 stemmen, waarbij de voorzitter constateert dat de fracties van de ChristenUnie, het CDA, de PvdA en de VVD ertegen hebben gestemd.
De VOORZITTER: De motie is aangenomen, wetende dat de burgemeester haar niet gaat uitvoeren, maar desalniettemin is dit wellicht een signaal. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Voorzitter, dat is niet correct. Wij hebben tegengestemd. Dit was geen correcte weergave. De VOORZITTER: Ik kijk naar de griffier, die meewarig zijn hoofd schudt. De heer De Wit heeft gelijk. Het is goed dat u dat zei, meneer De Wit. Dat was een goede correctie. Dit wordt opgenomen in de Handelingen van deze raadsvergadering. U bent heel scherp vanavond, zoals altijd. De heer DE WIT (Hart voor Delft): Wat is de uitslag dan? Is de uitslag dan correct? De VOORZITTER: 24-15. Ik had alleen nagelaten uw fractie te noemen. (De burgemeester neemt het voorzitterschap van de vergadering over van mevrouw Bel.) De VOORZITTER: Hartelijk dank, mevrouw Bel. 22. College van B en W - informatiebrief over de resultaten en conclusies pilot Afval op Afroep in de binnenstad (nr. 2143804). De VOORZITTER: De fracties van de VVD en van Hart voor Delft hebben een motie aangekondigd.
61
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2022
Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Onder dit agendapunt valt primair een brief over de resultaten van de pilot met afvalinzameling in de binnenstad. Daar ga ik het maar heel kort over hebben, want wij denken dat de door het college voorgestelde tussenvorm mooi aansluit bij onze wens voor de wijze van afvalinzameling met lage kosten. Dat stemt ons dus blij en gunstig. Wat bij ons voor meer vraagtekens zorgde, was de brief die hier in de commissie eigenlijk onder was gehangen. Dat was een voortgangsbrief over Het Nieuwe Inzamelen, HNI. In die brief lezen we dat het college ernaar streeft om eind 2022 in heel Delft, met uitzondering van de binnenstad - want daar wordt maatwerk toegepast - volgens de methode van HNI afval in te zamelen. Maar goed zicht op de ervaringen en de resultaten van HNI en ook op de vraag wat het echt bijdraagt aan minder restafval en minder kosten, is er nu nog niet. Dat is logisch, want we zitten nog volop in die uitrol. Maar die informatie is cruciaal om te kunnen beoordelen of deze wijze van afvalinzameling daadwerkelijk de effectiefste, dienstbaarste en ook betaalbaarste is of dat we misschien per wijk toch iets anders willen of moeten doen, bijvoorbeeld veel meer gebruikmaken van nascheiding van het PMD- en het restafval.
De VVD vindt het belangrijk dat we daar goede afspraken over maken: ten eerste over het verzamelen van die informatie, ten tweede over het delen van die informatie en ten derde over het tijdig bespreken van en besluiten over die informatie. Daarom hebben wij een motie opgesteld. Daarmee spreken we als raad uit dat we niet "gewoon maar" het beleid van dit college volgen en monitoren, maar dat we echt tijdig en extra kritisch willen meekijken naar de voortgang, de resultaten en de eventueel benodigde bijsturing. Dan nog heel kort een reactie op de motie van Hart voor Delft, waarover het straks vast meer gaat vertellen. We begrijpen de aanleiding en het verzoek heel goed, maar we denken dat we met onze motie eigenlijk effectiever kunnen zijn, want dan kun je ook daadwerkelijk kijken hoe die afvalstromen zich in de verschillende wijken van Delft gaan bewegen en kun je op basis daarvan je conclusies trekken en dus gaan bijstellen op het moment dat dat nodig blijkt te zijn. Door de fractie van de VVD wordt motie M8.8.1 (Evaluatie Het Nieuwe Inzamelen - HNI) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in digitale vergadering bijeen op 3 februari 2022 ter bespreking van de informatiebrief over de voortgang van Het Nieuwe Inzamelen (HNI), constaterende dat: -
-
het college ernaar streeft dat eind 2022 in alle wijken in Delft, met uitzondering van Centrum/Binnenstad, volgens de methode van Het Nieuwe Inzamelen (HNI) via bronscheidingafval wordt ingezameld; volgens deze brief van het college in 2022 ook nascheiding van plastic, metaal en drinkpakken (PMD) en restafval een beleidsmatige keuze wordt;
overwegende dat: -
afvalinzameling en -scheiding zo duurzaam, betaalbaar en met zo min mogelijk overlast voor inwoners moet plaatsvinden; dit in sommige wijken heel goed kan via bronscheiding, maar in andere wijken ook (machinale) nascheiding van PMD en restafval mogelijk en zelfs goedkoper en effectiever is; 62