CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-handelingen raadsvergadering 9 maart 2023

Raadsvergadering 4 april 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 9 maart 2023 + erratum39.928 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Iedere partij wil laten horen dat ze het heel erg eens was met de bewoners. Er 36

werd lang over het technische detail van de parkeernorm gepraat, maar er kwam weinig uit. De SP heeft nog geprobeerd om tot een serieus gesprek te komen over allerlei verbeteringen, maar er gebeurde verder niets. Er werd niets gedaan met de ruimte die er lag om het plan te verbeteren. De bewoners gingen teleurgesteld naar huis. Het tweede verschil tussen de bestemmingsplannen is dat de Van Berkhoutlaan in een buurt ligt met relatief veel betaalbare woningen. Dat was een reden om een aantal duurdere woningen bij te bouwen ter diversificatie. Aan de andere kant worden en zijn in het gebied dat loopt vanaf Nieuw Delft langs de Schie tot Delft-Zuid vooral dure woningen gebouwd. Dan verwacht je dus dat er ter diversificatie betaalbare woningen tussen de dure panden worden gebouwd, maar daar is geen sprake van. De SP is weer de enige partij - samen met de ChristenUnie, hoorde ik net - die daarover begint. Andere partijen hebben hun mond vol met verhalen over meer betaalbare woningen in Delft, maar als we het daar echt over hebben, geven ze niet thuis. Er wordt een hele wijk gebouwd waarin diversiteit en inclusiviteit ver te zoeken zijn. Partijen als D66, STIP, de PvdA en GroenLinks bouwen alleen huizen voor hun soort mensen.

Zij lijken te denken: we moeten uit liefdadigheid af en toe wel iets voor de mensen uit de arbeidersklasse doen, maar god verhoede dat we ze in onze mooie, dure prestigewijk laten komen wonen. Deze discriminatie door D66, STIP, de PvdA en GroenLinks op basis van inkomen leidt tot een … De VOORZITTER: Er wordt gezwaaid. De heer VAN DER POST (PvdA): Ja, wij worden genoemd; dan moet ik dus wel reageren. Wat bedoelt u met "ons soort mensen"? Volgens mij verschilt dat immers niet zo heel veel met die van u. De heer VAN DER SLUIS (SP): Blijkbaar is er een groep mensen, namelijk de mensen uit de arbeidersklasse, die niet welkom is in deze wijk, want er worden helemaal geen huizen voor hen gebouwd. Ik denk dus dat partijen die daarvoor zijn, zeggen: wij willen alleen mensen uit onze klasse. Dat zijn dus de qua inkomen hogere klassen en niet de lagere klassen; dat lijkt me heel duidelijk. Discriminatie op basis van dingen als geloof, afkomst, geslacht en seksuele voorkeur krijgt terecht veel aandacht, maar discriminatie op basis van klasse lijken partijen als D66 en GroenLinks compleet normaal te vinden. Kan je je voorstellen dat we in een wijk geen mogelijkheid bieden voor katholieken om daar te wonen? Maar als het om klasse gaat, lijkt iedereen hier dat geen enkel probleem te vinden, behalve de SP en de ChristenUnie. De VOORZITTER: Meneer Analikwu wordt uitgedaagd.

De heer ANALIKWU (D66): Ja, volgens mij worden we nogal uitgedaagd, maar ik wil het proces van de SP vandaag markeren. De moties kwamen echt op het allerlaatste moment. Ik vind dit geen eerlijke manier van politiek bedrijven. Vervolgens wordt het verwijt gemaakt dat wij discrimineren op basis van klasse. Dat gaat voor mij echt te ver. Wij zijn echt niet onbereidwillig om mee te werken en samen te werken, maar ik vind het gewoon niet netjes om na zo'n trucje vervolgens in de vergadering zo zand in de ogen te gooien. Ik vraag de SP om dat voortaan gewoon niet te doen. Als u echt wil samenwerken, steek dan uw hand uit. Wij denken heel graag mee. Nu liggen er twee moties waar wij heel graag over hadden willen meedenken. Dat kan nu niet meer, omdat zij echt op het allerlaatste moment zijn gekomen. Ik vind dat geen manier van zaken doen. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Ik wil reageren op de woorden van de heer Analikwu en daarmee de heer Van der Sluis bijvallen. De heer Analikwu noemt het "een trucje", maar volgens mij heeft de SP gewoon binnen de gestelde tijd deze moties ingediend. Je kunt 37

erover van mening verschillen of dat misschien rijkelijk laat is, maar alles wat binnen de tijd wordt ingediend, lijkt mij niet bestempeld te kunnen worden als "een trucje". Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Wat bedoelt de heer Van der Sluis in zijn motie precies met "goedkope woningen"? Misschien helpt dat om de discussie wat scherper te maken. De heer VAN DER SLUIS (SP): Om die laatste vraag te beantwoorden: er is gewoon een categorie die we gebruiken. In het plan voor de Teding van Berkhoutlaan staat bijvoorbeeld gespecificeerd wat "goedkope woningen" zijn. Het gaat dus om woningen die daar ook gebouwd worden en die dus ook op het Zuideinde gebouwd zouden moeten worden. Ik kom straks nog even terug op het op tijd indienen, want daar hebben meerdere mensen over gesproken, ook meneer Van der Woerd van de ChristenUnie. Over "het trucje": dit is niet iets wat hier alleen vandaag speelt. Dit is iets wat structureel speelt: in bepaalde gebieden van Delft worden gewoon geen betaalbare woningen gebouwd. Dat is niet iets van vandaag of morgen en dit is niet de eerste keer. Dit is structureel zo. Het zal dus niemand verbazen dat ik hierover begin. Daarnaast hebben we dit ook al genoemd in de commissievergadering, zeker op het gebied van de inspraak. Daar is door niemand op ingegaan, waardoor ik er ook van uitging dat we wat dat betreft vrijwel alleen stonden.

Dat blijkt niet zo te zijn; dat vind ik trouwens wel weer positief. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Dan ben ik heel benieuwd of we in de volgende vergadering wel gewoon samen kunnen optrekken in het voorbereiden van dit soort moties. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Dit heeft te maken met hoe je wil samenwerken. Ik heb het weleens eerder gemerkt, ook bij de SP: er komt veel op het laatste moment. Dat kan allerlei redenen hebben, maar aannames zijn vaak dodelijk, ook in de politiek. Gaat u dus alstublieft vragen. De vraag is dus eigenlijk: waarom gaat u toch niet vragen? De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik ga nu in op de procedure. Ik wilde dat bewaren, maar ik ga nu in op de procedure en tijd hebben. Ik voer discussies graag in de gemeenteraad of in de voorafgaande commissievergadering en niet van tevoren via mail, telefoon, heen en weer appen enzovoort. Ik weet dat het inmiddels in deze raad gebruikelijk is om dat allemaal van tevoren voor te koken, maar dat is volgens mij niet de beste methode. Zoals de heer Koelewijn al zei: het is gewoon ingeleverd binnen de gestelde termijn. Dan moet men erop kunnen reageren. Dat kan volgens mij gewoon. Ik had ervoor kunnen kiezen om het van tevoren met iedereen te delen en de mening van iedereen te vragen. Dat heb ik niet gedaan. In sommige gevallen zullen we dat wél doen, want soms is het zoeken van samenwerking inderdaad beter.

We zullen in de toekomst - dat is ook het antwoord op de vraag van mevrouw Van den Berg - bijvoorbeeld met een voorstel komen om in hetzelfde gebied goedkopere woningen te gaan bouwen. Dan hopen we op ieders medewerking. Voor vandaag dienen we twee voorstellen in: één om de gemeente toch nog een kans te geven om serieus iets te doen met de inbreng van de bewoners en eentje om als doekje voor het bloeden een aantal betaalbare woningen te bouwen. Door de fractie van de SP wordt motie 6.3.2 (Abtswoudseweg betaalbaar) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 9 maart 2023 ter bespreking van het voorstel van het college aan de raad inzake Coördinatieprocedure gewijzigd bestemmingsplan Hoek Abtswoudseweg Zuideinde, constaterende dat: •

aan de Teding van Berkhoutlaan 10 woningen minder gebouwd worden in het goedkope segment; 38

•

er nauwelijks woningen in het goedkope segment zijn en worden gebouwd in de strook die loopt van Nieuw-Delft tot Delft Zuid langs de Schie;

overwegende dat er zodoende een heel erg eentonig gebied ontstaat zonder de gewenste spreiding in de prijsklasse van woningen; draagt het college op het plan zo aan te passen dat er 8 tot 12 huurwoningen in het goedkope segment worden gebouwd. Daarbij zou het kunnen dat er een aantal huurwoningen minder worden gebouwd in het middeldure segment, en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van de SP wordt motie 6.3.3 (Laat de bewoners het plan verbeteren) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 9 maart 2023 ter bespreking van het voorstel van het college aan de raad inzake Coördinatieprocedure gewijzigd bestemmingsplan Hoek Abtswoudseweg Zuideinde, constaterende dat: • • •

de bewoners van de wijk Delftzicht significante tekortkomingen constateren in het bestemmingsplan dat deel uitmaakt van het voorstel; de bewoners van de wijk Delftzicht in hun eigen alternatieve plan punten hebben aangereikt om dit bestemmingsplan significant te verbeteren; de projectontwikkelaar tijdens de beeldvormende avond op 9 februari jongstleden heeft aangegeven dat er in de planning nog ruimte is voor het beter aanpassen van het plan aan de omgeving;

overwegende dat: • • • • • •

het bestemmingsplan in dit voorstel significant verbeterd kan worden op basis van de aanbevelingen zoals aangereikt in het alternatieve plan door de bewoners van de wijk Delftzicht; bij de projectontwikkelaar ruimte bestaat om dit bestemmingsplan te verbeteren; de wethouder met het aanbieden van het voorstel betreffende dit bestemmingsplan op 16 februari jongstleden de gemeenteraad heeft uitgenodigd om eventueel creatieve constructieve ideeën aan dit bestemmingsplan toe te voegen; de partijen in de gemeenteraad c.q. elk individueel raadslid in staat zijn creatieve constructieve ideeën aan dit bestemmingsplan toe te voegen ter verbetering van dit bestemmingsplan; de uitvoer van dit project niet wordt vertraagd door verbetering aan het bestemmingsplan; een verbeterd bestemmingsplan Hoek Abtswoudseweg-Zuideinde kan leiden tot een blauwdruk voor beter bouwen in de toekomst in het algemeen in Delft;

draagt het college op: • •

in gesprek te gaan met de bewoners rondom het plangebied ter verbetering van het project op basis van het door de bewoners ingediende alternatieve plan; in dit gesprek eveneens recht te doen aan de vanuit gemeenteraad toegevoegde ideeën;

39

•

de opgehaalde aandachts- en verbeterpunten waarneembaar mee te nemen in de uitwerking van het bestemmingsplan Hoek Abtswoudseweg-Zuideinde (en de raad hierover per brief te informeren),

en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. In de eerste plaats is het ontzettend goed om te zien dat we met dit initiatief weer extra woningen kunnen realiseren op deze mooie plek vlak aan de Schie, maar zoals al gezegd in de commissievergadering, staan ook bereikbaarheid en veiligheid in het verkeer voor ons hoog in het vaandel. Precies daar is veel kritiek op vanuit de omwonenden. We dienen daarom een motie in die het college oproept om te onderzoeken welke maatregelen we in het verkeer kunnen nemen die met name de veiligheid rondom het zware verkeer kunnen verbeteren. De motie van het CDA over het sturen op spreiding van het gebruik van de toegangswegen hebben wij medeingediend. Dan de reacties op de andere moties, in de eerste plaats de motie van het CDA over de mogelijkheden voor de Delfthopper. We kunnen deze motie steunen, maar we zijn wel wat aarzelend over het succes van de Delfthopper. Met betrekking tot de motie van de SP over het betaalbaar houden van de Abtswoudseweg hebben we al gevraagd wat de SP precies onder "goedkope woningen" verstaat, maar we zijn vooral benieuwd wat de wethouder kan vertellen over wat de motie eventueel voor de bestemmingsplanprocedure betekent, want kunnen we in dit geval gedurende de wedstrijd ineens de spelregels veranderen? Tot slot de motie van Hart voor Delft over de wagens en de tijden van Avalex.

Die motie sluit volgens ons heel mooi aan bij onze eigen motie en ideeën. Ook die motie kunnen wij dus van harte ondersteunen. Door de fracties van de VVD, het CDA en de ChristenUnie wordt motie 6.3.4 (Verkeersveiligheid bestelbussen en vrachtwagens Panjolocatie verbeteren) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 9 maart 2023 ter bespreking van het Voorstel van het college aan de raad inzake Coördinatieprocedure gewijzigd bestemmingsplan Hoek Abtswoudseweg Zuideinde (nr. 2305049), constaterende dat: -

de ontwikkeling aan de Hoek Abtswoudseweg-Zuideinde voorziet in de realisatie van 120 woningen en daarmee bijdraagt aan de woningbouwopgave van Delft; op het bestemmingsplan 75 zienswijzen zijn binnengekomen, met onder andere veel zorgen over verkeersveiligheid;

overwegende dat: -

-

het realiseren van de beoogde wooncomplexen niet ten koste mag gaan van de verkeersveiligheid in het gebied; omwonenden zich zorgen maken over de onveilige situaties die kunnen ontstaan als gevolg van de bestelbussen en vrachtwagens voor bijvoorbeeld afvalinzameling of verhuizingen; het college de verantwoordelijkheid draagt om knelpunten op het gebied van verkeersveiligheid zo veel mogelijk te voorkomen of anders op te lossen; hiervoor goede suggesties zijn gedaan in de verkeerskundige analyse voor dit bestemmingsplan; 40

draagt het college op: 1. te onderzoeken: o wat nodig is om bestelbussen en vrachtwagens zo veilig mogelijk door de Laan van Braat te kunnen laten rijden; o wat nodig is om gevaarlijke verkeerssituaties bij het keren van bestelbussen en vrachtwagens in het plangebied te voorkomen; 2. de eventuele maatregelen te realiseren die hier uit naar voren komen; 3. de verkeerssituatie in het plangebied minimaal in het eerste jaar na oplevering van de wooncomplexen actief te monitoren; 4. de raad te informeren over de resultaten van opdragingen 1 tot en met 3, en gaat over tot de orde van de dag." De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. De fractie van GroenLinks en andere fracties zagen in de commissie wel iets in het verlagen van de parkeernorm, mede door de inspreker die daar aanwezig was. Daar zijn de afgelopen weken diverse gesprekken over gevoerd, met als conclusie dat we als raad op dit moment niet aan die knop kunnen draaien. Wat wel had gekund, is dat de ontwikkelaar zelf een verzoek had ingediend voor een lagere parkeereis. Dat heeft hij niet gedaan. Misschien heeft hij dat niet geweten of misschien heeft hij dat bewust niet gedaan; dat weet ik niet precies. Maar de bal ligt in elk geval bij de ontwikkelaar. Van onze kant dus geen amendement over de parkeernorm. Het enige waar GroenLinks verder nog zorgen over heeft, is de verkeersveiligheid.

De VVD en het CDA hebben die ook al aangekaart in hun motie. De oplossing voor het draaien en keren van het vrachtverkeer, met name vuilniswagens, zoals nu in het plan is uitgewerkt, lijkt niet optimaal. De vraag is of de wethouder bereid is om met betrokken bewoners en misschien ook met Avalex - even in de richting van de motie van Hart voor Delft - te bekijken wat er mogelijk is om de veiligheid te verbeteren. Ik hoop dat de wethouder zich realiseert dat die situatie echt nog wel wat aandacht vraagt. In principe is er nog voldoende tijd om in gezamenlijk overleg te bekijken welke optimalisaties mogelijk zijn en hoe die dan kunnen worden ingepast. De reactie op de andere moties laat ik vanwege de tijd even liggen. De heer VAN DER POST (PvdA): Voorzitter. Dit bestemmingsplan is inderdaad lastig, zoals meerdere fracties al hebben aangegeven. Dat heeft waarschijnlijk vooral te maken met de positie waarin de gemeente verkeert. In feite heeft de gemeente geen grondpositie en kan zij dus eigenlijk heel weinig bepalen. Dat beperkt dus heel sterk de invloed op het plan dat aangeboden wordt, want we beoordelen in feite een vergunningsaanvraag. Dat voor die vergunningsaanvraag een bestemmingsplanwijziging nodig is, maakt dat niet anders: het is een vergunningsaanvraag.

Daarmee zitten we inderdaad in een lang proces, met ook veel onbegrip tussen de verschillende partijen: omwonenden en de ontwikkelaar. De heer TREFFERS (Volt): Ik moest er heel even over nadenken, maar als ik het goed heb begrepen, is er eigenlijk één moment waarop wij als gemeenteraad invloed hebben op die vergunningsaanvraag. Dat is het vaststellen van het bestemmingsplan. Je kan dus niet zeggen dat het bestemmingsplan een soort formaliteit is om de vergunning aan te vragen. Het is andersom: wij mogen bepalen wat daar gebeurt. Daarvoor hebben we het bestemmingsplan. De vergunning moet getoetst worden aan het bestemmingsplan, dat wij als raad vaststellen. Ik vind het dus een beetje gek om te zeggen dat het een beetje formeel is. Wij moeten als raad bepalen wat we daar goed vinden. Wat vindt u daarvan?

41

De heer VAN DER POST (PvdA): De kwestie is dat er al een bestemmingsplan lag. Het bestemmingsplan had op die plek een andere functie dan wonen. Wat er bij deze vergunningsaanvraag moest gebeuren, was dus dat het bestemmingsplan moest worden aangepast. Dat is dus een wezenlijk andere situatie dan als we voor een bepaald gebied een nieuw bestemmingsplan maken. Dan zit de gemeente echt aan alle knoppen en kan zij van tevoren aangeven welke kant zij op wil. Daar heeft de raad dan alle invloed op. Wat nu plaatsvindt, is dat er een vergunningsaanvraag is gedaan die niet in het bestemmingsplan past. Dan moeten we het bestemmingsplan aanpassen. Dan doe je dat natuurlijk conform de vergunningsaanvraag, tenzij je bewust zegt: deze vergunningsaanvraag vinden we zo'n onzinnig verhaal dat we daar niet in meegaan. Maar dan moet je daar hele goede gronden voor hebben. Dat is nou precies het proces waarin we verzeild zijn geraakt. Die gronden zijn er binnen ons staand beleid eigenlijk niet. Dat maakt precies dat we in een keurslijf terecht zijn gekomen waarin je gewoon voort moet met dit plan. Dat maakt het dus ook meteen ingewikkeld om in te stemmen met punten zoals die door de SP zijn ingebracht. Ik vind die punten overigens uitermate sympathiek, want ook wij zijn er zeker voor om in dit gebied nog betaalbare woningen in te passen, maar er zijn in het verleden afspraken gemaakt.

Ik vraag me af of die afspraken, bijvoorbeeld een anterieure overeenkomst, dit überhaupt nog toestaan. Dat geldt dus ook voor het plan van de bewoners. De heer VAN DER SLUIS (SP): Een deel van het probleem met dit voorstel is dat we twee dingen in één doen. We bespreken het bestemmingsplan en het plan van de ontwikkelaar in één keer, wat het voor de gemeenteraad heel lastig maakt om dingen te wijzigen. Bent u het met me eens dat we de volgende keer misschien een vorm moeten vinden waarmee we beide gesplitst bespreken, zodat we ook in zo'n geval eerst het bestemmingsplan bespreken en aanwijzingen kunnen geven aan de ontwikkelaar waarmee hij dan rekening kan houden in plaats van dat wij, zoals nu, voor een voldongen feit worden gesteld? De heer VAN DER POST (PvdA): Ik zou dat zó dolgraag willen, maar dat kan natuurlijk niet, want het hele verhaal is pas op gang gekomen doordat er iemand kwam die zei dat hij die grond zou gaan kopen en daar huizen zou gaan bouwen. O, zegt de gemeente, dat kan niet, want er is een andere bestemming voor. Dan pas komt het bestemmingsplan in beeld. De heer VAN DER SLUIS (SP): Het is voor zo'n ontwikkelaar natuurlijk overduidelijk: in het bestemmingsplan staat "bedrijf". Hij weet dus dat het niet kan. Als hij dan de grond koopt en hoopt dat wij het aanpassen, gebeurt dat natuurlijk niet.

We kunnen prima een procedure verzinnen waarbij, in dit geval, een ontwikkelaar eerst naar de gemeenteraad komt om te vragen of hij daar iets mee kan. Dan kunnen we daar iets mee doen. Pas daarna volgt dan het vervolgtraject. Denkt u niet? De heer VAN DER POST (PvdA): Zoals ik net al zei, zou ik dat dolgraag willen, maar ik vrees dat we met de Omgevingswet, die boven ons hangt, dit soort situaties eigenlijk aan de lopende band krijgen. Want in die Omgevingswet wordt de initiatiefnemer nog méér centraal gesteld dan in de oude Wet op de ruimtelijke ordening. We gaan dit probleem dus meer krijgen. Het is dus heel goed om hier heel goed over na te denken, maar ik heb op dit moment geen punt om te zeggen dat we dit bestemmingsplan moeten tegenhouden, want daar zijn we al te laat mee. De VOORZITTER: Meneer Van der Sluis, nog één korte interruptie. De heer VAN DER SLUIS (SP): Als straks met de Omgevingswet in de omgevingsvisie staat dat er geen woningen gebouwd mogen worden, kan niemand daar woningen bouwen en moet dat via de gemeenteraad. De heer VAN DER POST (PvdA): Ja, volgens mij ook, want daar is die regeling van verzwaard advies voor opgericht. 42

Verkeer is ook een ingewikkeld punt. Daar is veel over gesproken en er zijn een aantal moties over ingediend. Het probleem daarmee is een beetje dat de moties voor een deel toezien op punten die heel erg in de uitvoeringssfeer liggen, waarbij ik me echt afvraag of de raad daar een uitspraak over moet doen. Het punt van de verkeersregelingsinstallatie of het onderzoek daartoe is misschien een beetje prematuur, want we hebben het over een situatie die pas in 2026 of 2027 gaat spelen. Voordat we zover zijn dat het gebouw is gerealiseerd, zijn we immers in die jaren terechtgekomen. De heer VALK (CDA): De motie zegt ook: ga na de oplevering kijken of het nodig is om dit te doen. Maar het kan natuurlijk nooit kwaad om de plannen alvast te hebben. Dat geeft bewoners op voorhand ook een stuk perspectief dat er een oplossing voorhanden is, mocht de situatie zich doordoen dat dit overlast geeft. Wat heeft de PvdA ertegen om bewoners perspectief te geven? De heer VAN DER POST (PvdA): Daar hebben we helemaal niks op tegen, maar ik weet niet of dit niet een lege huls is. Maar goed, ik wacht wat dat betreft af hoe de wethouder hierop reageert, want in principe speelt bij het verkeer heel nadrukkelijk het verschil tussen enerzijds onderzoeksresultaten en normen en anderzijds het beleven van het verkeer. Dat is natuurlijk altijd een ingewikkeld verhaal. De heer DAG (STIP): Voorzitter.

Voordat we ingaan op de ingediende moties, wil STIP kort stilstaan bij het mogelijk verlagen van de parkeernorm. Samen met de collega van GroenLinks en nu ook van de ChristenUnie heeft ons commissielid Jan Tilman geconcludeerd dat verlaging juridisch niet mogelijk is. We zullen wel blijven kijken waar dat in volgende plannen wel kan en wenselijk is. Dan de moties, ten eerste de motie over het aanpassen van de Avalextijden en -omvang. STIP is vooral benieuwd of het mogelijk is om kleine vuilniswagens buiten de spitstijden in te zetten. Daarop krijgen wij graag een reactie van de wethouder. Omdat een algemene spitsbeperking een te grote beperking is voor toekomstige bewoners, stemmen wij helaas wel tegen deze motie. Ook over de motie van het CDA over het openbaar vervoer kunnen we kort zijn. Het lijkt mij goed om hiernaar te kijken. Openbaar vervoer is ook voor die plek cruciaal en belangrijk, maar wij willen dit wel stadsbreed doen. In de commissie heeft de wethouder al aangegeven dat daarnaar gekeken gaat worden. Het is voor ons ook onwenselijk om dit voor elk specifiek geval apart te gaan verkennen en onderzoeken. Vandaar geen steun voor die motie. Net als de VVD en het CDA heeft ook STIP opmerkingen over de verkeersveiligheid gehoord, ook vanuit de inspraak in de commissie.

Uit uitgebreide onderzoeken en het uitgebreide participatieproces dat doorlopen is, blijkt dat de verkeerssituatie zelfs in een worstcasescenario wel veiliger is. Daarnaast willen we graag snel aan de slag met het plan. Daar past een nieuwe stapel aan onderzoeken wat ons betreft niet bij. Daarom geen steun voor deze beide moties. STIP staat achter dit plan, zoals ik al zei. Het is tijd om aan de slag te gaan. Daarom geen steun voor de moties van de SP om het plan aan te passen. Daarmee sluiten we ons eigenlijk aan bij de woorden van de PvdA daarover. Wat de discussie over de procedure betreft: ik denk dat een ander moment een mooi moment is om daar nog eens goed bij stil te staan, want dit gaat de komende tijd natuurlijk vaak voorkomen. Laten we dat dus samen met elkaar gaan doen.

43

Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik hoorde de heer Dag zeggen dat hij uit uitgebreid onderzoek weet en kan concluderen dat het allemaal wel goed gaat komen met de verkeersveiligheid, maar we hebben de bewoners tijdens de commissievergadering volgens mij heel nadrukkelijk vanuit hun eigen praktijkervaring, omdat ze daar wonen, horen vertellen dat het wel degelijk gevaarlijk is. Zeker met het zwaardere verkeer zien zij heel veel problemen. Wilt u gewoon volledig voorbijgaan aan die zorgen? De heer DAG (STIP): Nee, zoals ik in mijn termijn al benoemde, denk ik dat het goed is om die zorgen van de bewoners goed te erkennen. Ik denk dat zij ook goed gehoord zijn in de commissie. Wel moeten wij dan als raad natuurlijk de afweging maken of de situatie veilig is, ook gezien het uitgebreide participatieproces dat is doorlopen en waar, als het goed is, ook heel veel burgers bij betrokken zijn geweest. We zijn ook in uitgebreide onderzoeken gedoken. Dan moeten wij die afweging toch afconcluderen met de conclusie dat het wat ons betreft veilig is. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Nu begrijp ik meneer Dag volgens mij echt niet goed. Er is een uitgebreid participatietraject doorlopen; daar ben ik het mee eens. Dezelfde inwoners komen vanuit het participatietraject hier inspreken om te vertellen dat ze zich grote zorgen maken, maar toch kunnen we dat allemaal naast ons neerleggen.

Klopt dat? De heer DAG (STIP): Het participatietraject is natuurlijk breder dan een aantal specifieke bewoners. Ik denk dat we ook goed moeten kijken naar de toekomstige bewoners die daar gaan wonen. Ik denk dat er in het participatietraject nog wel meer mensen zijn langsgekomen. Wij denken dat die afweging goed is gemaakt. Vandaar dat we zo zullen stemmen. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Ik maak me zorgen over het proces; eerdere woordvoerders hebben dat ook aangegeven. Mijn collega Gerritsen merkte eerder vanavond op dat het vertrouwen in de overheid, ook in de lokale overheid, afneemt. Dat zie ik ook hier gebeuren, omdat de raad niet in positie is om keuzes te maken in de prioritering wanneer de kaders beginnen te knellen. In de commissie heb ik aangegeven het proces rondom het vaststellen van de planuitvoeringskaders of de PUK's te willen heroverwegen. We zien dat de huidige werkwijze knelt wanneer we willen gaan verdichten. Dat gaat de komende tijd waarschijnlijk nog veel meer gebeuren. Bij dezen kondig ik aan dat wij hier de komende tijd over gaan nadenken en nodig ik uit om hierover mee te denken, want waar de kaders knellen, moet de raad in positie blijven om de afweging tussen die kaders te kunnen maken. Nu zien we dat de handen gebonden zijn. Volgens mij komt een heel groot deel van de bezwaren van de bewoners precies daarvandaan.

In de commissiebespreking ben ik uitvoerig ingegaan op een aantal verschillende aspecten van dit bestemmingsplan en de afwegingen over de bezwaren in de zienswijze. De heer VALK (CDA): U kondigt een wijziging aan van de procedure rondom de planuitvoeringskaders, de PUK's, maar de Omgevingswet gaat ingevoerd worden. Is het dus niet handiger om daarbij aan te sluiten in plaats van zelf met een eigen Delfts initiatief te komen? Wat voegt dit toe ten opzichte van de wijzigingen die toch al in de Omgevingswet gaan plaatsvinden? De heer ANALIKWU (D66): Volgens mij begrijp ik de vraag van de heer Valk niet helemaal, want de Omgevingswet laat juist een aantal kaders los en zou het moeten versnellen, maar de planuitvoeringskaders blijven nog steeds in dat proces. Volgens mij heeft het college een keer aangegeven dat het college het proces rondom die PUK's wil herbezien wanneer de Omgevingswet wordt ingevoerd. Dat lijkt me inderdaad een mooi moment om daarover na te denken, maar het lijkt me ook goed om daar van tevoren met elkaar over te spreken. Ik heb daar ook een aantal collega's over gehoord, want op dit moment worden die PUK's echt gezien als een collegebevoegdheid waar de raad niks over te zeggen heeft. Dat gaat 44

meestal goed, want het is een lijst van de verschillende beleidsterreinen en hoe die samenkomen op een locatie, maar wanneer die kaders met elkaar gaan knellen bij verdichting, zoals we nu zien, vind ik dat de raad weer in positie moet worden gebracht om daar iets zinnigs over te zeggen, want wij waren degenen die die kaders hebben vastgesteld. Dat is het punt; ik hoop dat dat daarmee verduidelijkt is. In de commissiebespreking ben ik uitvoerig ingegaan op een aantal verschillende aspecten van het bestemmingsplan en op de afwegingen over de bezwaren in de zienswijzen. Daarom merk ik op dat ik het niet eens ben met de opmerking van de SP dat de bewoners niet serieus zijn genomen, want we hebben hier uitvoerig over gesproken. Ik vind dat we volledig serieus zijn omgegaan met de bezwaren van de bewoners. Ik ga dus graag alleen in op de moties. De heer VAN DER SLUIS (SP): Welke wijzigingen heeft D66 voorgesteld naar aanleiding van de bezwaren van de bewoners? De heer ANALIKWU (D66): De aanname die de heer Van der Sluis hierbij doet, is dat inspraak altijd moet leiden tot een wijziging van het plan. We hebben uitvoerige reacties gezien van het college op de zienswijzen.

Het kan soms ook gewoon zo zijn dat je dat leest en er daardoor van overtuigd bent dat er eigenlijk inderdaad een heel uitvoerig proces is geweest dat extra lang heeft geduurd, waarbij de kaders te veel hebben gekneld, en dat het voorliggende plan eigenlijk het enige mogelijke plan is. We hebben de bezwaren van de indieners gehoord en ik nodig de heer Van der Sluis dan ook uit om de commissievergadering terug te kijken. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): De ChristenUnie is het met D66 eens dat we uitvoerig met de bewoners in gesprek zijn gegaan, maar bent u het met mij eens dat wij wellicht te weinig hebben verteld en hebben laten weten over het knellen van de kaders? De heer ANALIKWU (D66): Ik denk dat ik de vraag van de heer Van der Woerd niet begrijp. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Ik zal de vraag herhalen. We hebben uitvoerig met bewoners gesproken. We hebben er dus veel aandacht aan gegeven. Het heeft ook lang geduurd, maar gelet op wat uiteindelijk onmogelijk is gebleken, hebben we ten opzichte van de bewoners onvoldoende aandacht gegeven aan de knellende kaders en hebben we die onvoldoende uitgelegd. De verwachtingen dat er iets mogelijk was, waren te hoog. Daar hebben we weinig aan gedaan.

Bent u dat met me eens? De heer ANALIKWU (D66): Dat ben ik zeker met de heer Van der Woerd eens, maar ik vraag me nog steeds af de afwegingen achteraf anders zouden zijn wanneer we het plan helemaal opnieuw zouden maken en vanaf het begin over de kaders zouden kunnen besluiten. Volgens mij is dit immers het plan dat er zou liggen als we die kaders nu zouden afwegen. Maar ten aanzien van het signaal naar de bewoners en alle zienswijzen geef ik helemaal toe dat het niet eerlijk is dat we nu achteraf hebben gezegd dat er participatie is geweest maar dat er eigenlijk niks meer mogelijk is. Dat is precies het gevoel dat ik probeer aan te geven met het willen herbezien van de planuitvoeringskaders. De VOORZITTER: Ik zou de heer Analikwu nu even de gelegenheid willen geven om zijn betoog te vervolgen, want anders komt hij gewoon niet aan het eind. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik heb hem een vraag gesteld en hij gaf antwoord. Dan kan ik daar toch op reageren? De VOORZITTER: Nou, nog één keer een korte vraag. 45

De heer VAN DER SLUIS (SP): Meneer Analikwu zegt dat hij serieus is omgegaan met de inbrengen van de bewoners, maar dat hij die eigenlijk allemaal niet goed genoeg vond om er een vervolg aan te geven. De heer ANALIKWU (D66): Dit is wel heel erg uitlokking. Ik zei dat ik de afweging anders maak. Ik vind het frame dat u hier opwerpt, eigenlijk gewoon niet eerlijk, maar ik ga graag door met mijn betoog. Ik zal het wat inkorten. Ik was graag ingegaan op alle moties, maar ik denk dat ik er nu een aantal moet overslaan. Wat de motie over openbaar vervoer in Delftzicht betreft: het uitgangspunt van goed bereikbaar openbaar vervoer steunen wij, maar we zien ook dat in Delft het hele netwerk eigenlijk nog een keertje goed overwogen zou moeten worden. Volgens mij is de wethouder daar ook mee aan de slag aan het gaan, maar ik hoor graag van de wethouder of ze iets zou kunnen zeggen over een planning, een idee of een vervolgstap. Want als we nu voor deze ene locatie gaan besluiten dat er extra haltes of iets dergelijks zouden moeten komen, denk ik dat we allemaal een aantal andere locaties kunnen noemen waar dat misschien ook zou moeten gebeuren. Dan zijn we ineens het hele systeem overhoop aan het gooien. Op de motie over spreiding van het verkeer wacht ik graag de reactie van het college af.

Ik vraag me namelijk af in hoeverre de spreiding moet worden gereguleerd door een installatie of dat bijvoorbeeld informatie vanuit de gemeente of het lerend vermogen van bewoners voldoende is om het allemaal in goede banen te leiden, want de andere bewoners van Delft lukt het volgens mij ook voldoende om niet massaal over de fietsstraat te rijden. Wat de motie over verkeersveiligheid met betrekking tot bestelbussen en vrachtwagens betreft: in een eerder stadium heeft mijn fractievoorzitter Sivan Maruf uitvoerig met bewoners gesproken. Dat heeft ook geleid tot twee extra laad- en losplekken aan de Abtswoudseweg. Dan blijft de vuilniswagen van Avalex over. Ik hoop dat de wethouder daarop kan ingaan. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Heel kort. Wij waren door ziekte niet bij de commissievergadering. Ik denk dus dat terughoudendheid passend is. Ik heb het natuurlijk wel teruggekeken. Ik vond de discussie eigenlijk heel mooi. Ik wil toch even uitspreken dat ik denk dat het vaststellen van het bestemmingsplan echt het moment is waarop wij ons als raad kunnen uitspreken over wat de bestemming van die plek moet zijn. Er is nu een voorstel dat dat niet alleen maar leidend mag zijn voor wat er op zo'n plek komt. Aan de andere kant zei de wethouder in de commissievergadering iets wat bij mij resoneerde: wij hebben normen opgesteld en daar moeten wij ons aan houden.

We kunnen dan niet ook nog over alles gaan twijfelen. Ik vond dat gesprek dus eigenlijk heel goed. Ik zal de moties niet allemaal bespreken. Ik ben ook heel benieuwd naar de reactie van de wethouder. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. We hebben het hier in de commissievergadering echt heel uitvoerig over gehad. We hebben de insprekers aangehoord. Ik ben ook met de insprekers in gesprek geweest. Het is gewoon een heel lastig pakket. Het is gewoon enorm belangrijk. Ook emoties spelen een rol. Veiligheid speelt een rol en verkeer speelt een rol. Het is eigenlijk zóveel. Op een gegeven moment moet er een soort klap op gegeven worden om iets in werking te zetten, maar het gaat wel over bewoners. Wij vinden het heel belangrijk wat hun oordeel of hun moverende redenen zijn om dingen aan te geven. Wij vinden dat, zoals zij zeggen, in de beginspraak dingen niet goed zijn gegaan of dat er niet goed is nagedacht over problemen in verband met het verkeer. Wij vinden natuurlijk dat zij daar wel een punt hebben. Het staat nu op de raadsagenda. De moties laten zien dat heel veel partijen er iets van vinden. Daarom zullen wij een deel van de moties zeker steunen. Wij hopen wel dat wij allemaal de vinger aan de pols houden en dat er voor deze bewoners ook altijd de mogelijkheid moet zijn om alsnog aan de bel te trekken als er iets niet goed dreigt te gaan.

46

Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Dank voor de discussie hier, die we natuurlijk ook in de commissie al uitgebreid hebben gehad. Er is toch wel wat discussie, ook naar aanleiding van de keuze die we hebben gemaakt voor de coördinatieregeling, want die betekent dat je het bestemmingsplan en tegelijkertijd ook het bouwplan vaststelt. Dat is wellicht verwarrend, want in een heleboel gevallen - dat hoorde ik ook vanuit Volt - leg je natuurlijk eerst een bestemmingsplan vast en ga je daarna het bouwplan uitwerken. Daar zit dan een ruimte tussen. Dan heb je ook een goed debat over wat je wellicht in zo'n bestemmingsplan wilt vaststellen. Maar in dit geval loopt het verwerken van punten uit het bouwplan gelijk op met het opstellen van het bestemmingsplan. Dat maakt dat het ook een iets andere soort procedure is dan puur een bestemmingsplanprocedure. U heeft als raad ingestemd met het toepassen van een coördinatieregeling. Dan zie je dus ook dat dit soort discussies ontstaan. Gelukkig zal het met de Omgevingswet iets anders worden ingericht. Daarom is het volgens mij goed, zoals ook door een aantal raadsleden is gezegd en zoals ook tijdens het gesprek in de commissie is besproken, bijvoorbeeld door de VVD, om na te denken over hoe we dat PUK, ons planuitvoeringskader, opstellen, wat daar allemaal in zit en hoe je zorgt dat je ook participatie daar goed in vastlegt.

Dat zouden we daar graag veel beter in willen regelen, evenals de nabijheid van partijen die hun punten ook goed vanuit de buurt kunnen meegeven. Maar we hebben nu eenmaal te dealen met een plan dat eigenlijk al zo'n tien jaar geleden is gestart en dat in een aantal stappen ook steeds is aangepast. We hebben daar nu hier uiteindelijk met elkaar het gesprek over. Er zijn een aantal goede punten meegegeven, ook vanuit de noties rondom de moties. De vraag is dan of we die moties allemaal moeten omarmen als college. Of zitten er ook een heleboel elementen in waarvan we zeggen: daar kunnen we stappen mee zetten, maar voor een deel kunnen we dat niet weer helemaal vanaf "terug bij af" meenemen? Ik zal de moties dus langslopen. Ook gelet op de tijd wil ik proberen dat niet te lang te maken. Ik hoor het graag als ik dan nog iets extra's zou moeten toelichten. Ik begin met de Delfthopper. Het heet niet voor niks "Delfthopper". Het is echt maatwerk binnen de concessie voor Delft. Toen op een bepaald moment een aantal lijnen werden geschrapt, is er gezegd dat die ov-haltes wel goed bereikbaar zouden moeten blijven. Het is dus een soort belbusconcept. Als je op een gegeven moment graag extra haltes zou willen hebben, is er eigenlijk een soort maximumaantal haltes die worden bediend. Op een gegeven moment zegt EBS dat het daar niet zomaar nieuwe haltes aan kan toevoegen.

Volgens mij is er ook in de raad een aantal keren aan gerefereerd dat we nog gaan nadenken over hoe we in de toekomst met het ov verder willen. Er komt ook een netwerkvisie, een analyse over hoe we met het ov-netwerk verder zouden willen. In de programmabegroting is opgenomen dat we daar dit jaar mee starten en dat er volgend jaar een visie wordt ontwikkeld. Volgens mij is het goed om dan deze locatie daarin expliciet mee te nemen als een locatie waar ov wellicht gewenst is, zodat we die in die afweging kunnen meenemen. De hele motie zoals die er ligt, zou ik dus willen ontraden, maar ik zou wel heel graag willen toezeggen dat we ook deze locatie en wellicht ook andere nieuw te ontwikkelen locaties goed opnemen in die uiteindelijke toekomstvisie voor het openbaar vervoer en dat we dat uiteindelijk ook bij de MRDH neer zullen leggen als de manier waarop we graag zien dat in Delft in de toekomst, ook met de verdichtende stad, op allerlei plekken het openbaar vervoer gewaarborgd kan worden. Een aantal moties gaan over de verkeersveiligheid en over het monitoren daarvan: hoe gaat het er op termijn uitzien met het vrachtverkeer en ook met de grote wagens van Avalex? Ik wil benadrukken dat de wijze waarop de Laan van Braat straks ingericht is, ook voldoet aan de maatvoering voor de grotere vrachtwagens om veilig over de weg te kunnen rijden.

Dat komt ook uit het verkeersonderzoek, dat een onderdeel is van het voorliggende plan. Dat geeft ook aan dat dit leidt tot een veilige situatie. Het wordt ook echt anders, want op dit moment is er de Bo-rent, KwikFit en andere bedrijven die ook met grote vrachtwagens rijden. Dat zal straks beperkt blijven tot in het begin een verhuiswagen, sowieso natuurlijk de 47

vuilniswagens en wellicht nog een keertje een bezorger met een grotere wagen. Het zal echt substantieel afnemen in relatie tot hoe het er nu is. Dat betekent dat er bij de nadere uitwerking van de openbare ruimte, die met dit plan nog niet volledig is vastgelegd, aandacht moet zijn voor bijvoorbeeld de keerbewegingen in het plangebied. Als het kan en als het ook vanuit de bewoners en omwonenden gewenst is, zullen daar aanpassingen worden gedaan. Van GroenLinks kreeg ik de vraag of ik bereid ben om dat samen met belanghebbenden en bewoners te bekijken. Volgens mij is dat een hele goede manier om dat te doen, want er zijn vast ook andere punten die in de inrichting van de openbare ruimte uiteindelijk kunnen zorgen dat het een zo veilig mogelijke inrichting krijgt. Volgens mij hebben we daar inderdaad ook nog de tijd voor en moeten we die tijd ook nemen om daarover het goede gesprek met elkaar te voeren. Volgens mij kunnen wij als college die motie op die manier meenemen. Dan de verkeerssituatie in de stad. We houden natuurlijk sowieso goed in de gaten wat al die veranderingen en toevoegingen van bebouwing betekenen voor de bewoners die daar zijn en de dagelijkse verkeersafwikkeling. Als het nodig is, wordt er natuurlijk ook gekeken of er aanpassingen en verbeteringen kunnen worden meegenomen.

Misschien nog even ter herinnering: bij de vaststelling van het bestemmingsplan voor de zuidelijke velden van Nieuw Delft - dat is alweer even geleden, maar dat gaat wel over een plan dat eigenlijk aangrenzend is - is toentertijd al door een heleboel partijen, bijvoorbeeld door het CDA, opgeroepen om goed naar de verkeerssituatie rondom de Abtswoudseweg te kijken. Op basis van de toenmalige motie is er ook gewoon een monitoringsafspraak waarmee om de zoveel tijd echt goed wordt bekeken hoe het verkeer in dit deel van de stad erbij ligt en wat en waar de ontwikkelingen zijn, want er zijn een heleboel verschillende situaties geweest. In de coronatijd zag het er weer anders uit dan nu, nu het gewoon weer aantrekt en er flink wat jongeren naar de TU fietsen. We zien ook dat daaruit wel wat conclusies te trekken zijn. We houden de vinger daarbij ook zeker goed aan de pols. Volgens mij duurt het nog even voordat het laatste veld wordt opgeleverd in Nieuw Delft. Tot die tijd wordt ook zeker nog vastgehouden aan die afspraak die bij die motie is gemaakt. Volgens mij is daarmee duidelijk dat we dit gebied goed onder de loep houden. Als straks ook dit plan is gerealiseerd en als er dan daarvoor nog redenen zijn, hebben we de ruimte om daarover het gesprek te voeren, want we houden hier eigenlijk al rekening mee vanaf de TU-wijk, over de brug en het Zuideinde.

Die hele lijn wordt nu al geregeld bekeken, juist ook omdat hier toch wel een heel specifieke situatie is met enorme hoeveelheden fietsers op bepaalde momenten van de dag. Met betrekking tot de vraag over die spreiding maakt dit ook dat de bewoners in de wijk er eigenlijk al aan gewend zijn dat je de wijk eigenlijk beter niet kunt verlaten langs de kant van het Zuideinde. Het Zuideinde wordt eigenlijk ook steeds meer gemeden door bewoners, juist omdat de ruimte daar gewoon niet is. Ik kan uit eigen ervaring zeggen dat dit ook geldt voor de fiets: wanneer de colleges bijna starten, kun je er ook vanuit de woonstraten niet met de fiets tussendoor komen, laat staan met de auto. We zien dat de bewoners dit ook zelf steeds hebben opgepakt. Wellicht is het door D66 zojuist genoemde lerend vermogen dus datgene waar we van uit moeten gaan, zodat we daar niet een intelligente verkeersregelinstallatie tegenaan moeten zetten, want daarmee suggereer je dat je met een groen of een rood stoplicht weet waar je aan toe bent, terwijl de ervaring van degenen die er wonen, waarschijnlijk veel meer zal meespelen. De heer VALK (CDA): Met het verkeer op het drukste moment van de dag zullen de bewoners er snel achter komen dat je dan beter niet op het Zuideinde kunt rijden. Dat hebben we natuurlijk ook gezegd.

De motie gaat er met name over dat het verkeer juist op de rustige momenten, wanneer er weinig verkeer is op het Zuideinde en de Abtswoudseweg, over die wegen geleid wordt en niet over de Laan van Braat. Dat is de winst van deze motie, want dan is het onzinnig om over de Laan van Braat te gaan rijden. We hebben het plan een 48

tijd geleden niet voor niets zo aangepast dat er een tweede ontsluiting van dit gebied is. Laten we die dan ook gebruiken. Dat is waar deze motie toe oproept. Wethouder HUIJSMANS: Volgens mij moet je op de wijze waarop het nu is vormgegeven dat laten de verkeersonderzoeken die bij het bestemmingsplan zijn meegegeven, ook zien op momenten waarop het rustiger is, gewoon op een goede manier vanuit het verlengde van de Laan van Braat op het Zuideinde kunnen aankomen. De gedachte dat we met een verkeerslicht de fietser kunnen tegenhouden, zal een hele ingewikkelde zijn. Daarbij zal ook gewoon de oplettendheid van de bewoners bij het uitrijden van de straat aan de orde zijn. De heer VALK (CDA): Ik denk dat we langs elkaar heen praten. De motie vraagt niet om een verkeerslicht voor fietsers. De motie vraagt om bijvoorbeeld een verkeersregelinstallatie die het verkeer van en naar de Panjolocatie buiten de spits via de Abtswoudseweg en het Zuideinde leidt, zodat we voorkomen dat de Laan van Braat een factor 4 of 5 keer zoveel verkeer gaat krijgen op momenten waarop dat helemaal niet nodig is. De motie zegt ook: op momenten waarop die fietsstraten hartstikke druk zijn, is het niet anders en dan moet het over de Laan van Braat. Maar laten we het verkeer van en naar Panjo buiten de spits nou leiden over de straten die dan rustiger en breder zijn dan de Laan van Braat.

Wethouder HUIJSMANS: Volgens mij begrijpen we elkaar wel, maar hebben we gewoon een ander idee over wat zou werken. Vanuit de onderzoeken en vanuit de wijze waarop we met mobiliteit in de stad omgaan, is het wat het college betreft niet nodig om dat met een verkeersregelinstallatie te gaan doen. Als u vindt dat dat wel zo is, kunt u hier in de raad proberen om daarmee verder te gaan. Ik ben het ook eens met wat GroenLinks hierover zegt: het is een behoorlijk stevige ingreep en het is de vraag of die gaat werken met fietsers die gewoon alle kanten opgaan op het moment dat zij langs komen fietsen. De vraag is of je daarmee niet een schijnveiligheid organiseert. Dan de motie van de SP over de betaalbaarheid. Ik heb natuurlijk al aangegeven dat het met de keuze voor de coördinatieregeling rijkelijk laat is om het hier met elkaar over te hebben. Volgens mij moet u vooral ook met mijn collega Schrederhof spreken over de wijze waarop we voor verschillende doelgroepen in onze stad woningen bouwen, want daar hebben we straks de actualisatie van de Woonvisie voor. Volgens mij is dat het moment om met elkaar het gesprek hierover te hebben. Voor deze locatie is het volgens mij niet opportuun. Voor het samen met de bewoners verbeteren van het plan geldt eigenlijk hetzelfde.

Ook die motie zou ik dus ontraden, want we hebben te maken met een afspraak waardoor het vanuit de coördinatieregeling op dit moment heel lastig is om dit hier nog in te verwerken. Ik heb net al aangegeven dat dit niet wegneemt dat wij graag toezeggen om met elkaar het gesprek te gaan voeren over de inrichting van de openbare ruimte, waar nog best wel wat punten aangepast zouden kunnen worden en waar we zeker ook gesprekken over willen voeren, bijvoorbeeld ook over Avalex en de wijze waarop het vuil wordt ingezameld. Maar om nu nog over wonen en over andersoortige types woningen te gaan praten, betekent eigenlijk dat we op slopershoogte zijn en dat het plan opnieuw moet worden gemaakt. Wetende dat we sowieso veel woningen in Delft nodig hebben en dat dit ook kan leiden tot verhuizingen vanuit woningen die wellicht voor andere groepen goed beschikbaar zouden kunnen komen, zien we graag dat we hier het plan kunnen voortzetten en daarmee ook de woningen kunnen gaan bouwen. Wellicht ten overvloede nog over Avalex: de grotere vuilniswagens, zoals die in Delft rijden, zijn echt verkeersveilig, al is het alleen al doordat bij het achteruitrijden altijd twee vuilnismannen achterop staan die ook heel goed letten op het verkeer. Dat neemt niet weg dat daar, ook al staan er twee heren of dames achterop, een ingewikkelde en grote wagen rijdt.

Avalex is er door de jaren heen aan gewend om op deze route te rijden. Kijk 49

bijvoorbeeld bij de bocht richting Huszár; daar staat een behoorlijke hoeveelheid containers. Avalex heeft al lerende ook echt gezien op welke momenten van de dag en van de week want juist op zaterdagochtend wordt de container heel vaak geleegd - zo veilig mogelijk met deze wagens kan worden gereden en houdt ook daar rekening mee. Ik heb ook in relatie tot andere elementen die in moties zijn genoemd, aangegeven dat het goed is om Avalex bij zo'n keerlus te betrekken, want er zijn al een heleboel opties om dat zo veilig mogelijk te maken. Volgens mij hebben we nog de tijd om dat met elkaar goed aan te passen. Ik hoop dat ik daarmee alle moties ben langsgelopen. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Voorzitter. Ik wil toch opmerken dat ik het frame van D66 om serieuze vragen van de SP als "trucjes" en "uitlokking" te bestempelen, een beetje jammer vind. Maar dat terzijde. Je kunt natuurlijk van mening verschillen over de grootte van de vuilniswagens ten opzichte van de breedte van de straat. Wij blijven in ieder geval op het standpunt dat wij graag willen dat de kleinere vuilniswagens worden ingezet, zoals ook in de Hof van Delft gebruikelijk is. Dat is ook mijn antwoord aan de heer Dag, die zich afvroeg of die er wel zijn: ja, in de Hof van Delft rijden kleinere vuilniswagens vanwege de smalle straten.

Hoe kijkt de wethouder naar de verkeersveiligheid van de vuilniswagens in de zeer drukke spits? Dat is dus niet in relatie tot de breedte van de straat, zoals de Laan van Braat, maar in relatie tot de zeer drukke spits, met zeer veel fietsers op de Abtswoudseweg. Is de wethouder het met me eens dat het handiger is om de vuilniswagen, welke dan ook - een grote of een kleine - in ieder geval niet in de spits te laten rijden? De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Ik vind het jammer dat veel partijen niet inhoudelijk reageren op de bezwaren van de SP tegen het feit dat we een wijk bouwen met alleen maar dure woningen, maar dat ze het bij procedurele bezwaren houden. Maar dat laat onverlet dat de procedure met de coördinatieregeling hier inderdaad niet goed heeft uitgepakt. Ten slotte een opmerking over motie 6.3.1 van het CDA, de ChristenUnie en Hart voor Delft. Daarin staat dat er geen norm is voor de maximale afstand tussen woningen en haltes voor het ov. Ik wijs erop dat die norm er wél is voor de provincie Zuid-Holland. Die norm is ingesteld in de periode waarin de SP deel uitmaakte van Gedeputeerde Staten, maar die norm geldt niet in Delft, omdat we hier deelnemen aan de MRDH. Laat dit een oproep voor iedereen zijn om volgende week te gaan stemmen bij de verkiezingen voor de Provinciale Staten. De heer VALK (CDA): Voorzitter.

Ik had eigenlijk verwacht dat partijen zouden zeggen dat de motie die mensen moet verleiden om de auto te laten staan en het openbaar vervoer te nemen, nu ingelijst op hun fractiekamer hangt. Ik ben dus een beetje verbaasd over de reacties, maar ik ben blij dat de wethouder heeft toegezegd dat zij deze locatie expliciet gaat meenemen bij de verkenning die volgend jaar komt en dat er expliciet naar deze locatie wordt gekeken. Ik hoop dat dat op een goede manier gaat, maar dat is voor ons reden om deze motie voor nu in te trekken. Met betrekking tot de motie Veilig verkeer in en uit Panjo heb ik toch het idee dat we langs elkaar heen praten. Het gaat ons om gemotoriseerd verkeer van en naar Panjo, dat we op de rustige momenten gewoon niet door de Laan van Braat willen hebben. De motie is volgens mij heel vriendelijk geformuleerd: kijk of het kan en kijk vervolgens of het nodig is; als het kan en als het nodig is, gaan we het doen, want dan zijn de mensen echt geholpen. 50

De reactie van het college op deze motie geeft gewoon geen lekker gevoel. Ik zou de wethouder dus willen vragen om daar wat meer clementie voor te hebben. Het is een hele vriendelijke motie: is het mogelijk en laten we kijken of het ook echt nodig is. Ik hoop dus op een second opinion. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Ik heb heel aandachtig naar de woorden van de wethouder zitten luisteren. Volgens mij heb ik haar horen zeggen dat ze wil toezeggen om over de inrichting van de openbare ruimte op de Panjolocatie de komende periode nog volop in gesprek te gaan met de bewoners. Daar kunnen we natuurlijk niet tegen zijn, maar ik heb wel moeite met de algemene toezegging "we gaan daarover binnenkort in gesprek" als wij als raad - of in ieder geval een paar fracties in deze raad - een aantal hele concrete suggesties doen voor onderzoeken, maatregelen of ingrepen waarvan we nu denken dat we die sowieso moeten doen omdat die de veiligheid en de door de inwoners geuite zorgen ten goede zouden komen. Die algemene toezegging vind ik eigenlijk onvoldoende. Daarom handhaaf ik de motie, juist om die opdracht echt wat concreter aan het college mee te geven. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Ik dank de wethouder hartelijk voor de beantwoording.

Wat ik zo mooi vind van de beantwoording, is dat de wethouder het eigenlijk helemaal aan de raad overlaat wat we met de moties doen. Ik heb eigenlijk helemaal niet gehoord dat er iets wordt ontraden. We hebben wel een mening van de wethouder gehoord. Daar kunnen we blij mee zijn of niet, maar ik waardeer het dat het gelukkig aan de raad wordt overgelaten. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Als er vanuit de ChristenUnie de wens is om toch nog even de mening van de wethouder namens het college over de moties te horen, kan ik aangeven dat ik in principe bij al deze moties denk dat ze overbodig zijn dan wel ontraden kunnen worden. Misschien ten overvloede richting mevrouw Van den Berg van de VVD: ook op grond van de verkeerskundige onderzoeken die zijn gedaan naar de intensiteit, zijn wij van mening dat de nu aangegeven te nemen extra maatregelen op dit moment niet nodig zijn. Maar dat neemt niet weg dat we natuurlijk altijd goed gaan monitoren en bekijken wat er wellicht nog mogelijk is. Dat doen we al en dat kunnen we wat specifieker doen voor deze locatie als zij straks richting uitvoering gaat. Daar waar we nog invloed kunnen hebben door middel van aanpassing van de plannen voor de openbare ruimte, die nog niet helemaal uitgewerkt zijn, is er zeker ook nog ruimte om dat verder te gaan doen, maar we vinden het dus niet noodzakelijk om de nu benoemde grote maatregelen te nemen.

Dan nog over de vuilniswagens, waar de heer Koelewijn van Hart voor Delft nog even over begon. Op dit moment zijn de vuilniswagens die er rijden ook voor de grote bakken die met zo'n kraan worden opgetild. Dat kan niet met kleine voertuigen zoals die in de Hof van Delft rijden, ook vanwege de grootte van de bakken die daar staan; dat is wat ingewikkeld. We kijken echt al heel lang naar het moment waarop ze daar rijden. Er zijn maar een paar wagens nodig voor de wekelijkse of tweewekelijkse inzameling. Dat gaat over drie keer een wagen. Op dit moment is dat gewoon passend binnen het gebied. Dat neemt niet weg dat we daar natuurlijk altijd goed naar blijven kijken en dat Avalex daar ook zeer geregeld even rondkijkt om te zien of het loopt zoals gewenst. Als de verkeersveiligheid in het geding is, wordt daar snel op gehandeld. Dat heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat dit in dit deel van de wijk nu met name buiten de spitsmomenten wordt gedaan. Zo wordt het ook op andere plekken in de stad gedaan. De VOORZITTER: Ik constateer dat ik de beraadslaging kan sluiten. Na de stemmingen komt er een hele korte sanitaire pauze van een paar minuutjes. Dan komen er ook bitterballen; dat is ook heel fijn. Motie 6.3.1 is toegezegd. 51

In stemming komt motie 6.3.2 (Abtswoudseweg betaalbaar) van de SP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VAN DER POST (PvdA): Voorzitter. De PvdA is het eigenlijk van harte eens met het voorstel van de SP, maar zoals we begrepen hebben en zoals we het ook zelf inschatten, zijn we helaas te laat met dit idee. Wij zijn er dus erg voor om hier ruimte voor te creëren, maar ik ben bang dat het binnen de afspraken die nu gelden, niet meer kan. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. Ik ga ervan uit dat het bestemmingsplan wordt aangenomen. Dan zijn deze motie en motie 6.3.3 niet uitvoerbaar. Wij stemmen dus tegen. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. De ChristenUnie stemt voor deze motie. Dat moet vooral gezien worden als een handreiking naar de SP om gewoon vooraf in gesprek te gaan met andere fracties. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 15 tegen 22 stemmen, waarbij de fracties van de ChristenUnie, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP, de VVD en Volt ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 6.3.3 (Laat de bewoners het plan verbeteren) van de SP. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter.

De motie roept op om als het bestemmingsplan wordt aangenomen, nog een keer met bewoners te gaan praten om te kijken wat er nog verbeterd kan worden. Dat lijkt ons nooit kwaad te kunnen. Wij zullen dus voor deze motie stemmen. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 13 tegen 24 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft en de SP ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 6.3.4 (Verkeersveiligheid bestelbussen en vrachtwagens Panjolocatie verbeteren) van de VVD, het CDA en de ChristenUnie. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. Met de toezegging van de wethouder om belanghebbenden en ook Avalex te betrekken bij de verdere inrichting van de openbare ruimte vinden wij deze motie overbodig en zullen wij tegenstemmen. Dat geldt ook voor de moties 6.3.5 en 6.3.6. De heer DAG (STIP): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van GroenLinks over deze motie. Wel blijven wij benadrukken dat we een goed debat over de verkeersveiligheid hebben gevoerd en dat wij de bewoners blijven uitdagen om gewoon hun geluid over verkeersveiligheid te laten horen. Wij nemen dat serieus en we moeten dat altijd meenemen en afwegen tegenover het hele plan. De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Ik sluit me aan bij de woorden van GroenLinks en STIP.

De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 15 tegen 22 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft, de SP en de VVD ervoor hebben gestemd. 52

In stemming komt motie 6.3.5 (Veilig verkeer in en uit Panjo) van het CDA, de VVD, de ChristenUnie en Hart voor Delft. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 17 tegen 20 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP, Volt en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 6.3.6 (Pas de Avalextijden en -omvang aan) van Hart voor Delft en het CDA. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 13 tegen 24 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, de ChristenUnie, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt het voorstel. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. We hadden dit debat natuurlijk in kunnen gaan met een aantal moties voor de bühne en met een gestrekt been, die het heel goed zouden doen in de publieke opinie maar waarvan we op voorhand zouden weten dat ze het niet zouden halen. Dat hebben we niet gedaan. We hebben gekozen voor constructieve, meedenkende moties, maar ze zijn allemaal afgewezen. Daarom zullen wij tegen dit plan stemmen. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met 24 tegen 13 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP en de VVD ertegen hebben gestemd.

De VOORZITTER: Ik schors nu voor vijf minuten voor een sanitaire stop. De vergadering wordt enige tijd geschorst. XX. College van B en W - stopzetten verkoop openbare ruimte (nr. 2304032). De VOORZITTER: We lopen aardig in de richting van middernacht. Probeer het te beperken tot het hoogst noodzakelijke. Over alles is al breed gediscussieerd. Bij dit agendapunt is mevrouw De Koning van Hart voor Delft de eerste. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. De motie over de openbare ruimte is vrij vroeg rondgestuurd. Iedereen heeft erop kunnen anticiperen. Dat is helaas niet gebeurd, op het CDA na, waarvoor dank, en de heer Van der Woerd. Hij heeft meegedeeld dat hij de wethouder heeft gesproken en een toezegging had gekregen. Maar net als de heer Valk heb ik de band teruggekeken en -geluisterd. Door de voorzitter is geen toezegging geconstateerd. De wethouder heeft wel - maar dat was meer binnensmonds - gezegd dat inwoners grond kunnen blijven kopen. Ja, natuurlijk, maar dat is de grond in veld 6 van Nieuw Delft, die te koop aangeboden wordt om je eigen huis erop te bouwen. Maar er is geen toezegging genoteerd. Daarnaast gaat het Hart voor Delft om de kleine snipperstukjes grond die deze verzoekers graag zouden willen kopen in plaats van huren of beheren. Het is zo jammer dat dit in eerste instantie geweigerd gaat worden. Daar zijn wij als Hart voor Delft tegen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12587876/1