Concept-handelingen raadsvergadering 9 maart 2023
Tekst van het document
Voorzitter: mevrouw J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart, burgemeester. Aanwezig zijn: de heer Analikwu, mevrouw Van den Berg, de heer Dag, mevrouw Dijk, mevrouw Enthoven, mevrouw Fung Fen Chung, mevrouw Gaal, mevrouw Gerritsen, mevrouw Gremmen, mevrouw Grobben, de heren Herrema, Hombergen en Jaff, mevrouw Janssen, mevrouw De Jongh Swemer, mevrouw Koelewijn, de heer Koelewijn, mevrouw De Koning, de heer Maruf, mevrouw Osepa, de heer Van der Post, mevrouw Romeijnders, mevrouw Van Rossum, de heren Schuurman, Van der Sluis en Stoop, mevrouw Timmermans, de heren Treffers en Valk, mevrouw Van Velzen, mevrouw Verduijn, de heer Visser, mevrouw Voogt, mevrouw Wattel, mevrouw Wentink, mevrouw Wessels en de heer Van der Woerd. Aanwezige wethouders: mevrouw Gooijer, mevrouw Huijsmans, mevrouw Schrederhof, de heer Van Vliet en mevrouw Zwart. Raadsgriffier: de heer J. Mimpen. XX. Opening en mededelingen. De VOORZITTER: Dames en heren, goedenavond. Hierbij open ik de raadsvergadering. Hartelijk welkom aan alle leden van de raad, de leden van het college, de ambtelijke ondersteuning, de aanwezigen op de publieke tribune en natuurlijk aan alle mensen die thuis met ons meekijken en -luisteren. Zeer welkom. Er is een afmelding ontvangen van de heer Cüppers van STIP en de heer Van Rijn van de VVD. Mevrouw Voogt zal de komende maand fractievoorzitter zijn van de VVD.
Eventuele hoofdelijke stemmingen beginnen vanavond bij stemnummer 13, de heer Hombergen. XX. Vaststellen agenda. De VOORZITTER: In de aanloop naar deze vergadering zijn in totaal negentien moties en amendementen ingediend. Deze zijn, zoals gebruikelijk, op het raadsinformatiesysteem geplaatst bij de betreffende agendapunten. Ze zijn inmiddels ook ondertekend en maken deel uit van de beraadslaging. Het presidium stelt voor om ten aanzien van de bespreekagenda een totale spreektijd aan te houden van 4 uur. Die hoeft niet helemaal op, want dat is de maximale spreektijd; dat staat hier onderstreept. Dit betekent 17 minuten per fractie en 51 minuten voor het college. Kan iedereen daarmee instemmen? Dat is het geval. Ook het college weet dus de spreektijd. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 2 februari 2023. De Handelingen worden ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling van de wijze van afdoening van ingekomen stukken van week 4 tot en met week 7 van 2023. Besloten wordt overeenkomstig de behandelvoorstellen. XX. Besluitvorming hamerstukken.
1
De VOORZITTER: Er staan vier stukken op de hamerstukkenagenda. Er vindt geen bespreking plaats, maar ik geef bij elk voorstel de mogelijkheid om een stemverklaring af te leggen. Een aantal van u heeft al aangegeven een stemverklaring af te willen leggen. INVOEGEN HAMERSTUKKEN De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen over het voorstel van het college aan de raad om artikel 2.63 van de APV te wijzigen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Mevrouw de voorzitter. Dit is een belangrijke toevoeging aan de APV betreffende het aansprakelijk kunnen stellen van eigenaren van percelen voor woonoverlast. Naar ons idee is dat instrumenteel een heel belangrijke aanvulling op de APV, met name gericht op particuliere verhuurders en huurconstructies. Wij hopen dan ook dat dit de overlast, met name in woonomgevingen, zal reduceren. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen over het voorstel van het college aan de raad inzake ondersteuning van slachtoffers van de aardbeving in Turkije en Syrië. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Voorzitter. GroenLinks onderschrijft de financiële steun voor noodhulp aan slachtoffers van de aardbeving in Turkije en Syrië door de donatie aan Giro555.
We leven mee met het leed in deze gebieden, dat ook doorleefd wordt door onze Delftse gemeenschap in onze stad die roots heeft in dit gebied en er vaak nog vrienden en familie heeft wonen. We hopen dat de steun kan bijdragen aan het heropbouwen van de steden en infrastructuur en de getroffen gebieden en daarmee aan het herpakken van het leven aldaar. De VOORZITTER: Ik wil oproepen om het iets korter te houden, maar we hebben dit in het fractievoorzittersoverleg besproken en er mocht iets meer ruimte zijn. Maar let u op; dit is wel ongeveer de max. De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Het collegevoorstel van € 50.000 houdt volgens onze fractie rekening met de financiële positie van de stad op middellange termijn en geeft ook voldoende ruimte aan initiatieven vanuit het maatschappelijk middenveld. Daarmee is het voorstel volgens ons evenwichtig en daarom steunen wij dit voorstel. Mevrouw WENTINK (STIP): Voorzitter. De situatie in Turkije en Syrië heeft grote impact op onze maatschappij. Daarnaast heeft zij ook dierbaren van Delftenaren geraakt. STIP ondersteunt dat de gemeente Delft een donatie doet aan Giro555 en lokale initiatieven steunt om zo hulp te bieden aan de slachtoffers. Wij steunen dus dit voorstel. Wij wensen de Turkse en Syrische Delftenaren veel sterkte in deze tijd. De heer HOMBERGEN (PvdA): Mevrouw de voorzitter.
Ook de PvdA vindt het belangrijk om Turkije en Syrië in deze barre tijden te steunen. Het is een uitzonderlijke situatie. Daarom vinden we het belangrijk dat ook Delft een kleine bijdrage doet aan Giro 555, omdat er op locatie professionele hulp gegeven kan worden. Belangrijk in het voorstel vinden wij ook de verbondenheid met Delft, omdat ook in Delft enige initiatieven ondersteund kunnen worden. De VOORZITTER: Dat is inderdaad ook een punt dat bij het voorstel hoort. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Ook Onafhankelijk Delft steunt dit initiatief. Wij vinden het heel belangrijk dat er brede steun is in de moeilijke tijd waar deze mensen doorheen gaan. Naar ik begrijp is dat ook zo. Wij steunen dit dus.
2
De heer MARUF (D66): Voorzitter. Het is goed dat we als Delft € 50.000 willen bijdragen aan het initiatief van Giro555. Geld doet natuurlijk niets af aan de pijn. Namens D66 wil ik alle nabestaanden ook enorm veel sterkte wensen. De voorstellen van de hamerstukkenlijst wordt zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake vaststellen prioriteiten Veiligheidsplan 2023-2026 "Samen veilig in Delft" (nr. 2303028). De VOORZITTER: Onze vicevoorzitter van de raad, de heer Gerrit Jan Valk, zal het voorzitterschap op zich nemen. (De heer Valk neemt het voorzitterschap van de vergadering over van de burgemeester.) De VOORZITTER: Dank aan de burgemeester voor het tijdelijk overdragen van het voorzitterschap. Er worden vier moties ingediend. Daar gaan we het uiteraard ook over hebben. Het onderwerp is al heel uitgebreid in de commissie besproken. Ook gezien de enorm volle agenda van vanavond, zou ik iedereen willen vragen om zich te beperken tot waar we vanavond over gaan besluiten. Aan de burgemeester vraag ik ook om kort en bondig te reageren op de punten. Ik zie dat ik op haar kan rekenen; dat is mooi. Zoals gebruikelijk beginnen we met de eerste indiener van de eerste motie. Dat is D66. Daarna komen de VVD, de PvdA, STIP, het CDA, Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft, GroenLinks, Volt, de SP en tot slot de ChristenUnie.
Dat wordt de volgorde bij dit agendapunt. Mevrouw GERRITSEN (D66): Voorzitter. D66 is van mening dat de plannen van dit college met betrekking tot de veiligheid van de stad goed op orde zijn. Ik heb echt het gevoel dat de veiligheid van Delftenaren serieus wordt genomen. Dat waardeer ik. Een belangrijke stap daarbij is dat op regionaal niveau extra aandacht besteed wordt aan gewelddadige rivaliserende jongerengroepen. Er is alleen één onderdeel van die aanpak waar D66 zich niet in kan vinden. Daar hebben we het ook al uitvoerig over gehad in de commissievergadering. Dat betreft het onlinegebiedsverbod, opgelegd via een burgemeester, in dit geval die van ons. Wij hebben toevallig een supergoede en integere burgemeester, maar op sommige momenten moeten wij als raad ook onze rol vervullen, los van het persoonlijke. Vooralsnog is er geen wettelijke basis voor een onlinegebiedsverbod. Dit stellen experts zoals, om er maar eentje te noemen, de universitair hoofddocent staatsrecht van de Radboud Universiteit Nijmegen. Ik citeer: "De burgemeester mag geen maatregelen nemen die zijn gericht op een uiting. De vraag welke uiting je mag doen, staat in het Wetboek van Strafrecht oftewel landelijk, niet in de Gemeentewet." Toch liet de portefeuillehouder weten dit instrument misschien wél op die manier in te willen zetten.
Steeds vaker wordt beleid gemaakt waarvan de rechter moet zeggen: hé, dit past niet binnen de wet. Denk aan de toeslagenaffaire of aan het stikstofbeleid. Dat is niet goed voor het vertrouwen in ons werk en voor het vertrouwen in de politiek, want wat kunnen wij verwachten van de samenleving en van individuen als wij onszelf niet aan de wet houden? Wij, gemeenteraadsleden, hebben volgens mij ook de verantwoordelijkheid om een nu nog onwettige stap niet te legitimeren. Daarom roept D66 met een aantal andere partijen via een motie op om geen onlinegebiedsverbod op te leggen zolang daar geen juridische basis voor is. Ik herhaal het maar even: zolang daar geen juridische basis voor is. Dat betekent dus niet dat dit tot in de eeuwigheid hoeft te gelden. Dit lijkt mij eerlijk gezegd niet heel veel gevraagd en ik hoop dan ook op jullie steun. Dan over het vervolg. Op 11 april is er weer een rondetafelgesprek over dit onderwerp in de Tweede Kamer. Dat is heel belangrijk. Ik denk dat het goed is als we erkennen dat er nu nog geen wetgeving bestaat waarmee we op lokaal niveau onlineopruiing zelf kunnen straffen. Op die manier kunnen we gewoon zuiver een lobby voeren zonder dat burgers de dupe zijn 3
van onwettige experimenten. Dan kan het debat over deze bevoegdheden ook gevoerd worden op de plek waar dat hoort, in de Tweede Kamer. Verder wil ik nog zeggen dat D66 voor motie 6.1.3 van de oppositie is over het vijfpuntenplan als inspiratiedocument. D66 is sowieso altijd voorstander geweest van het constructieve meedenken. De motie tegen femicide dienen wij mede in, om uiteraard vanzelfsprekende redenen. Door de fracties van D66, STIP, Onafhankelijk Delft, Volt, de SP en GroenLinks wordt motie 6.1.1 (Geen onwettig onlinegebiedsverbod) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 9 maart 2023, ter bespreking van het agendapunt prioriteiten Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen veilig in Delft', constaterende dat: • • • • •
de burgemeester bereid is een onlinegebiedsverbod in te zetten, geopperd in de 'aanpak van rivaliserend en gewelddadig groepsgedrag'; de aanwezigheid van een juridische basis voor het onlinegebiedsverbod, opgelegd door een burgemeester, ontbreekt; online opruien net als fysiek opruien al strafbaar is; op landelijk niveau gewerkt wordt aan een vernieuwde aanpak om onlineopruiing aan te pakken, naast het bovenstaande bestraffen; nu al gekeken wordt naar de uitbreiding van de Autoriteit Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM), die de bevoegdheid heeft schadelijke content supersnel op te sporen, sancties op te leggen en verwijderingsbevelen uit te vaardigen;
overwegende dat: • • • •
hoogleraren openbare orde en recht en de rechter hebben uitgesproken dat het onlinegebiedsverbod met tussenkomst van de burgemeester een ontoelaatbare beperking is van de Grondwet; het de taak van de gemeente is alleen bevoegdheden in te zetten als daarvoor een duidelijke wettelijke basis is; het beter is landelijke kaders te volgen dan op lokaal/regionaal niveau losse experimenten uit te voeren die juridisch onhoudbaar blijken te zijn; politici de verantwoordelijkheid hebben zich aan de wet te houden;
verzoekt de burgemeester geen onlinegebiedsverbod op te leggen voordat daar een juridische basis voor is, en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Het woord is aan mevrouw Voogt van de VVD als eerste indiener van de tweede en derde motie. Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. Een van de belangrijkste pilaren waar onze vrijheid op rust, is veiligheid. Maar veiligheid is geen vanzelfsprekendheid. We zijn heel blij dat het aantal misdrijven in Delft is gedaald, maar dat neemt niet weg dat we met elkaar alert moeten blijven. We moeten er keihard voor blijven werken om Delft veilig te houden en veiliger te blijven maken, want elk misdrijf is er één te veel.
4
Als VVD onderschrijven wij de noodzaak om in te zetten op de door het college genoemde prioriteiten. Wel heb ik ter verrijking van dit veiligheidsplan en de uitvoering daarvan een drietal moties, allereerst over femicide. U weet het allemaal: recent heeft helaas een verschrikkelijk geweldsincident plaatsgevonden in Delft waarbij een jonge vrouw gedood is en haar ouders ernstig verwond zijn. Als VVD maken wij ons erg zorgen over de vrouwenhaat, geweld tegen vrouwen en partnerdoding. In de commissie hebben we hier uitgebreid over gesproken. Er is over het begrip "femicide" nogal wat spraakverwarring ontstaan. Daarom dienen wij samen met de PvdA een motie waarmee wij het college vragen om de gangbare definitie van "femicide" te hanteren. Wij willen ook dat de raad meer inzicht krijgt in hoeverre femicide speelt in Delft, zodat wij daar tijdens de uitvoering van het Veiligheidsplan gericht op kunnen sturen, met als doel om femicide te bestrijden. Tot slot willen wij als oppositie twee moties markeren. Dankzij de goede voorstellen uit het vijfpuntenplan van de oppositie wordt een flinke impuls gegeven aan een nog veiliger Delft. Denk bijvoorbeeld aan de eerdere motie ten aanzien van ondermijning. Het veiligheidsbeleid voor Delft is mede op basis van een veelheid van documenten en convenanten opgesteld.
In de in het Veiligheidsplan gepresenteerde opsomming wordt bijvoorbeeld het coalitieakkoord nadrukkelijk genoemd. Helaas ontbreekt hierbij de verwijzing naar het vijfpuntenplan van de oppositie, waarin de Delftenaar centraal staat. Dat is de reden waarom wij deze motie indienen. Ik wil kort ingaan op de motie van D66 over het onlinegebiedsverbod. Wij vinden het een lastige motie. Wij stemmen ertegen, omdat wij er eigenlijk heel veel vertrouwen in hebben dat de portefeuillehouder de juiste instrumenten kiest, doet wat nodig is om Delft veilig te houden, ook online, zich daarbij aan de juridische kaders houdt en deze ook zal respecteren. Door de fracties van de VVD, het CDA, Hart voor Delft, Volt, de SP en Onafhankelijk Delft wordt motie 6.1.2 (Vijfpuntenplan als inspiratiebron A) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 9 maart 2023 ter bespreking van het Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen veilig in Delft' (2303028), constaterende dat: • •
• •
het Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen veilig in Delft' (hierna Veiligheidsplan genoemd) de doelen en prioritaire thema's voor de komende jaren beschrijft vanuit waar de gemeente (extra) werkt aan openbare orde en veiligheid in Delft; de prioritaire thema's die voor de komende jaren worden voorgesteld aan de gemeenteraad overlast, gedigitaliseerde criminaliteit, radicalisering extremisme en polarisatie (maatschappelijk ongenoegen), ondermijning en jeugdcriminaliteit betreffen en jonge aanwas voorkomen; aan het Veiligheidsplan diverse documenten, convenanten en gemaakte afspraken (in de Veiligheidsregio) ten grondslag liggen; zes politieke partijen uit de Delftse gemeenteraad het document 'De Delftenaar centraal, vijfpuntenplan van de oppositie' hebben aangeboden;
overwegende dat: • •
het document 'De Delftenaar centraal, vijfpuntenplan van de oppositie', net als een aantal andere in het blauwe kader op pagina 10 van het Veiligheidsplan genoemde documenten handreikingen en inspiratie heeft geboden op het terrein van veiligheid; voortvloeiend uit het vijfpuntenplan via de motie 'Ondermijn de onderwereld' ambities zijn uitgesproken met betrekking tot ondermijning en daarnaast middelen ter 5
• •
beschikking zijn gesteld om een substantieel deel van het Veiligheidsplan tot uitvoer te kunnen brengen; deze motie unaniem is aangenomen tijdens de raadsvergadering van 7 juli 2022; daarmee het vijfpuntenplan niet alleen handreikingen heeft geboden, maar ook een inspiratiebron is geweest om tot het voorliggende Veiligheidsplan te komen;
verzoekt het college: •
het Veiligheidsplan opnieuw vast te stellen met de volgende tekstwijzigingen: o De eerste en vierde alinea van pagina 1 van het Veiligheidsplan als volgt aan te passen: 'De nieuwe doelen en prioriteiten voor de periode 2023-2026 staan in dit veiligheidsplan. Het plan sluit ook aan bij de ambities zoals verwoord in het coalitieakkoord voor 2022-2026, 'Samen werken aan Delft' en de motie 'Ondermijn de onderwereld'. Daarnaast bood het vijfpuntenplan de nodige inspiratie voor dit plan. Het veiligheidsbeleid is erop gericht dat bewoners, bezoekers en mensen die in Delft werken, ongeacht leeftijd, sekse of achtergrond, zich veilig voelen in de stad. Zij moeten zich overal kunnen bewegen en niet belemmerd worden door criminaliteit en onveiligheid. (…) Op basis van een analyse van de veiligheidscijfers en bovengenoemde documenten zijn prioritaire thema's benoemd waar de komende vier jaar extra inspanning op plaatsvindt. Deze prioriteiten worden nader toegelicht in dit veiligheidsplan en uitgewerkt in het bijbehorende uitvoeringsplan 2023-2024 (bijlage 1).'
•
na vaststelling van de gewijzigde versie van het Veiligheidsplan deze ter kennisgeving aan de gemeenteraad te sturen,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fracties van de VVD, het CDA, Hart voor Delft, Volt, de SP en Onafhankelijk Delft wordt motie 6.1.3 (Vijfpuntenplan als inspiratiebron B) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 9 maart 2023 ter bespreking van het Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen veilig in Delft' (2303028), constaterende dat: • •
• •
het Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen veilig in Delft' (hierna Veiligheidsplan genoemd) de doelen en prioritaire thema's voor de komende jaren beschrijft vanuit waar de gemeente (extra) werkt aan openbare orde en veiligheid in Delft; de prioritaire thema's die voor de komende jaren worden voorgesteld aan de gemeenteraad overlast, gedigitaliseerde criminaliteit, radicalisering extremisme en polarisatie (maatschappelijk ongenoegen), ondermijning en jeugdcriminaliteit betreffen en jonge aanwas voorkomen; aan het Veiligheidsplan diverse documenten, convenanten en gemaakte afspraken (in de Veiligheidsregio) ten grondslag liggen; zes politieke partijen uit de Delftse gemeenteraad het document 'De Delftenaar centraal, vijfpuntenplan van de oppositie' hebben aangeboden;
overwegende dat:
6
• •
• •
het document 'De Delftenaar centraal, vijfpuntenplan van de oppositie', net als een aantal andere in het blauwe kader op pagina 10 van het Veiligheidsplan genoemde documenten handreikingen en inspiratie heeft geboden op het terrein van veiligheid; voortvloeiend uit het vijfpuntenplan via de motie 'Ondermijn de onderwereld' ambities zijn uitgesproken met betrekking tot ondermijning en daarnaast middelen ter beschikking zijn gesteld om een substantieel deel van het Veiligheidsplan tot uitvoer te kunnen brengen; deze motie is unaniem aangenomen tijdens de raadsvergadering van 7 juli 2022; daarmee het vijfpuntenplan niet alleen handreikingen heeft geboden, maar ook een inspiratiebron is geweest om tot het voorliggende Veiligheidsplan te komen;
verzoekt het college: •
•
het Veiligheidsplan opnieuw vast te stellen met de volgende tekstwijziging: o De opsomming van documenten en convenanten waarmee het veiligheidsbeleid voor Delft mee in samenhang is opgesteld, weergegeven in het blauwe kader op pagina 10 van het Veiligheidsplan als volgt aan te vullen: • De Delftenaar centraal, vijfpuntenplan van de oppositie • Motie 'Ondermijn de onderwereld'; na vaststelling van de gewijzigde versie van het Veiligheidsplan deze ter kennisgeving aan de gemeenteraad te sturen,
en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Het woord is aan de eerste indiener van de laatste motie, de heer Hombergen van de Partij van de Arbeid. De heer HOMBERGEN (PvdA): Meneer de voorzitter. Ook de Partij van de Arbeid geeft alle steun aan de vijf in het Veiligheidsplan genoemde prioriteiten. Wel willen wij onze motie over femicide inbrengen; om precies te zijn: de motie Stel paal en perk aan partnergeweld. Wij zien dit immers als een belangrijk probleem, ook in het Delftse. In Europa staat Nederland op plaats 11 wat femicide betreft. Dat betekent dat wij bij de verkeerde helft van Europa horen. Kortom: we hebben daarom echt actie nodig om dit probleem beter in kaart te brengen. Het typische van femicide is namelijk dat er een patroon achter zit, dat je het van tevoren ook kunt herkennen, dat het dus enigszins voorspelbaar is en dat preventie daarmee een belangrijk middel is om dit kwaadaardige punt te vermijden. We hebben samen met de VVD, maar met steun van vele partijen een motie opgesteld. Ik beveel u de motie dan ook zeker aan om als onderdeel van het Veiligheidsplan ook femicide kwalitatief in beeld te brengen en te kijken wat we eraan kunnen doen door daar eventueel ook kwantitatief maar in ieder geval kwalitatief aandacht aan te geven. Dan de overige moties. Wij wachten nog even de beantwoording van de portefeuillehouder af over het onlinegebiedsverbod.
Ik heb ons reglement even ingekeken. Iedereen heeft zijn eigen inspiratiebron, maar de gemeenteraad kent niet een voorgeschreven inspiratiebron evenmin als een inspiratiebron die we níét willen hanteren. Ik wil die verwarring dus vermijden. Wij steunen de motie over het vijfpuntenplan als inspiratiebron dus niet. Het staat ieder van ons vrij om de eigen inspiratie te kiezen. Ik heb er wel zeker kennis van genomen, met veel plezier; dat wil ik er wel bij zeggen. Door de fracties van de PvdA, de VVD, GroenLinks, het CDA, D66, de SP, de ChristenUnie, Hart voor Delft en Onafhankelijk Delft wordt motie 6.1.4 (Stel paal en perk aan partnergeweld) ingediend:
7
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 9 maart ter bespreking van het Veiligheidsplan 2023-2026 'Samen Veilig in Delft', constaterende dat: • • • • • •
Eurostat Nederland in 2018 op de 6e plek van femicide in Europa zette; de afgelopen 5 jaren circa 97.000 vrouwen in Nederland structureel te maken hadden met fysiek of seksueel geweld; er elke 8 dagen in Nederland een vrouw wordt vermoord; recentelijk ook een geweldsincident in Delft heeft plaatsgevonden waarbij een jonge vrouw werd gedood en haar ouders ernstig werden verwond; uit CBS-cijfers (2022) blijkt dat bij 6 op de 10 vrouwen die tussen 2017 en 2021 in Nederland zijn vermoord, de partner de vermoedelijke dader was; uit de factsheet 'Gendernormen en geweld onder jongeren' blijkt dat 13% van de bevraagde jongens het slaan van zijn vriendin soms noodzakelijk vindt om respect af te dwingen (4% van de bevraagde meiden is het hiermee eens);
overwegende dat: • • • •
het geweld tegen vrouwen en partnerdoding in Nederland lijkt toe te nemen; er intussen ook meer wetenschappelijk inzicht uit het VK is over patronen van femicide, en ook vroege stadia van femicide beter herkend kunnen worden; volgens cijfers van het CBS in 96% van de gevallen de dader al voor de fatale afloop in beeld is bij de politie en vormen van femicide nu nog vaak niet als zodanig worden herkend; het begrip femicide niet eenduidig wordt gebruikt en daardoor leidt tot spraakverwarring;
draagt het college op: • • • •
de gangbare definitie van femicide in Nederland te hanteren met actief oog voor de aangegeven context van partnergeweld; signalen van risico's van femicide vroeger en beter te leren onderkennen en te zorgen voor preventie, steun en hulp, ook in samenwerking tussen politie en het sociaal domein; dit op te nemen in de uitvoering van het Veiligheidsplan 'Samen veilig in Delft'; de raad periodiek (bijvoorbeeld als paragraaf binnen de veiligheidsmonitor) kwalitatief en eventueel kwantitatief te informeren over femicide of gevaar daartoe in Delft, alsmede over de acties (herkenning, preventie) die worden ondernomen om femicide in Delft te bestrijden,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw VERDUIJN (STIP): Voorzitter. Ik ga gelijk met de deur in huis vallen en ik ga het hebben over het onlinegebiedsverbod. D66 heeft zojuist mooi verwoord hoe het vertrouwen in een burgemeester samen kan gaan met een kritische blik vanuit de raad. STIP heeft de motie tegen het invoeren van een onlinegebiedsverbod mede-ingediend. Voor STIP staat buiten kijf dat gewelddadige en rivaliserende jeugdgroepen moeten worden aangepakt. Er moeten oplossingen komen voor de aanpak van jeugdgroepen, maar een onlinegebiedsverbod weegt niet op tegen de risico's van dit middel. Wat STIP betreft gaan onze tijd en onze aandacht naar oplossingen die wél binnen wettelijke kaders vallen. Dat is ook iets waar nu landelijk aan wordt gewerkt. In Delft nu gaan experimenteren met een gebiedsverbod is niet juist. Ongegronde juridische maatregelen zouden eigenlijk nooit een oplossing moeten zijn. De gemeente moet de privacy van haar inwoners waarborgen, net 8
zoals de gemeente als lokale overheid geen afwegingen zou moeten kunnen maken die tegen de Nederlandse wet ingaan. Dan het globale plan dat voor ons ligt met de vijf prioriteiten. Die prioriteiten zijn volgens STIP heel goed opgesteld. We kunnen daarmee werken aan een stukje Delft dat alleen maar veiliger wordt. STIP ziet graag dat we onveilige situaties zo veel mogelijk voorkomen, zodat we ze daarna zo min mogelijk hoeven te bestrijden. Tot slot de motie over femicide. Gisteren was de Nationale Vrouwendag. STIP hoopt dat iedereen er weer aan herinnerd is hoe belangrijk emancipatie is. Femicide moeten we voorkomen. We zien het belang hiervan in en we zien het belang van meer inzicht hierin in, maar STIP is benieuwd naar de uitvoerbaarheid en de impact van deze motie en we willen graag een reactie van het college daarop. De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Het CDA steunt de vijf in het Veiligheidsplan 2023-2026 verwoorde prioriteiten. Daarbij is vooral de inzet van de samenleving bij het realiseren van de prioriteiten belangrijk. Wel vragen we de portefeuillehouder om ook aandacht te hebben voor democratieondermijnend gedrag. Dit zien we bijvoorbeeld helaas terug in antisemitisme. Het bestrijden en tegengaan van antisemitisme is blijvend nodig.
Kortgeleden nog kwam uit onderzoek naar voren dat veel scholen zich geconfronteerd zien met antisemitische uitingen en bagatellisering van de Holocaust. De Anne Frank Stichting concludeerde dat antisemitisme op middelbare scholen een hardnekkig probleem is, net als in de samenleving. In de commissie heb ik dat benoemd en nu vraagt het CDA daar wederom aandacht voor. Aandacht voor huiselijk geweld is eveneens belangrijk. We hebben daar vaak aandacht voor gevraagd in de coronadebatten. Voorgaande sprekers hebben ook al het nodige gezegd over het thema femicide. De motie van de Partij van de Arbeid, de VVD en andere fracties sluit goed aan bij de oproep van Veilig Thuis en de vrouwenopvang van gisteren in Het Parool. Dank aan collega Hombergen en mevrouw Voogt voor het inbrengen van dit perspectief. Dan de moties rondom het vijfpuntenplan. De heer Van Rijn heeft in de commissie EFB natuurlijk terecht opgemerkt dat het vijfpuntenplan van de oppositie nog ontbrak in de lijst van documenten die inspiratie boden voor het Veiligheidsplan. Het zal u en vermoedelijk ook de portefeuillehouder niet verbazen als ik zeg dat wij als christendemocraten, als we het hebben over een inspiratiebron voor ons politiek denken en handelen, vaak doelen op een ander document, maar dit is volgens mij desalniettemin een terecht punt van de heer Van Rijn.
De reactie van de heer Hombergen verbaast me enigszins, want de ingediende moties zijn volgens mij conform de bespreking in de commissie EFB. Dat is ook de reden waarom wij deze beide moties mede hebben ingediend. Tot slot het onlinegebiedsverbod. Terecht gaf mevrouw Gerritsen aan dat we daar in de commissie uitvoerig met elkaar over hebben gedebatteerd. Onze fractie moedigt de portefeuillehouder aan om te blijven lobbyen voor kwalitatief goede en toereikende wetgeving en ziet de oproep in de NRC als een eerste stap daarin. Ten aanzien van de democratische rechtsstaat is het voor ons belangrijk dat we handelen met vertrouwen en in wijsheid. Bij de algemene beschouwingen heb ik dat "een verantwoordelijk en behoedzaam bestuur" genoemd. Dat vraagt terughoudendheid en het op een weloverwogen manier nemen van besluiten. De portefeuillehouder in haar rol en entiteit van burgemeester heeft in de commissie uitgebreid toegelicht hoe zij tegenover het onlinegebiedsverbod staat. Ook heeft ze klip-en-klaar aangegeven zich altijd te verantwoorden, ook achteraf wanneer direct handelen gewenst is. Die insteek, inclusief het verantwoorden, sluit volgens ons aan bij het verantwoordelijke en behoedzame bestuur 9
waarvoor wij pleiten. Daar heeft het CDA het volste vertrouwen in. Daarom zullen wij de motie van D66 niet steunen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik heb even het hele betoog van de heer Visser afgewacht. Dank voor uw betoog. U noemde ook een ander document dat een inspiratiebron is. Ik denk dat ik dat ook ken; dat is een hele belangrijke. Ook dat hebben we hier in de raad niet vastgesteld en dat hoeft ook helemaal niet, want eenieder van ons kiest daarvoor zijn eigen bronnen. Het is een heel belangrijk ander document. Het Veiligheidsplan heeft daar ook zeker zijn wortels in, maar dat hoeven we als raad toch niet vast te stellen? Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Onafhankelijk Delft kan zich redelijk goed vinden in de prioriteiten die worden gesteld in het Veiligheidsplan, maar zoals in de commissievergadering gezegd zijn we over een aantal bijkomende zaken nog niet zo content. Zo kan Onafhankelijk Delft zich niet over het feit heen zetten dat uit het bijgaande Omnibusonderzoek een veiligheidsgevoel in de buurt van 89% naar voren komt. Dat staat haaks op de steeds oplopende meldingen die Onafhankelijk Delft ontvangt over juist een onveilig gevoel in de buurt. Het valt Onafhankelijk Delft op dat die meldingen vooral van vrouwen en van inwoners op leeftijd zijn.
Onafhankelijk Delft vraagt de portefeuillehouder dan ook op welke manier inwoners voor dit onderzoek worden benaderd. Is dat alleen online en wordt in het onderzoek ook aandacht besteed aan het lastigvallen van vrouwen? Er worden immers echt signalen gemist. Ook zou Onafhankelijk Delft veiligheid in de relationele sfeer en femicide willen toevoegen als onderwerpen van onderzoek en ook mee laten nemen in de uitvoering van het Veiligheidsplan. Hiertoe heeft Onafhankelijk Delft de motie Stel paal en perk aan partnergeweld mede-ingediend. Onafhankelijk Delft denkt dus in ieder geval dat het percentage inzake veiligheid in de buurt niet goed wordt ingeschat en ziet reden om hier extra op in te zetten, zodat juist de 89% gehaald kan worden. Moties vanuit onze partij om inwoners een veiliger gevoel te geven, bijvoorbeeld door betere verlichting of een makkelijker te vinden wijkagent, sneuvelden helaas in deze raad. Bij onze stemverklaring komen we nog op dit onderwerp terug. Onafhankelijk Delft heeft aangekaart dat het doen van een melding of een aangifte met betrekking tot onlineveiligheidsproblematiek, bijvoorbeeld bedreiging of stalking op Facebook, vaak geen vervolg krijgt. We zijn blij om te horen dat dit door de portefeuillehouder is besproken met de politie. Hieruit volgde de melding dat de problematiek die wij hebben aangekaart, niet als zodanig bekend is bij de politie.
Onafhankelijk Delft wil daaraan toevoegen dat het voor veel mensen in het algemeen al een drempel is om een melding of aangifte te doen, laat staan om er daarna dan nog eens een klacht of een melding achteraan te doen om te zeggen dat de politie, dezelfde politie waar je eerst al die drempel voor had, niets doet. Deze problematiek willen we dus toch nog een keer meegeven. Graag hoort Onafhankelijk Delft of de portefeuillehouder bereid is om deze gedachtegang nog voor te leggen aan de politie en hier eventueel een nieuwe terugkoppeling over te geven. Een ander onderwerp dat bij dit Veiligheidsplan naar voren komt, is het idee dat Delft wel zou kunnen experimenteren met een onlinegebiedsverbod. Er is op dit moment wettelijk gezien geen ruimte voor een onlinegebiedsverbod dat ingezet kan worden om de openbare orde te handhaven. Een burgemeester zou niet moeten gaan over onlinecontent. Onafhankelijk Delft ziet het al gebeuren dat de bestuurder van deze stad gaat bepalen wat echt nieuws is of juist fake nieuws en op basis daarvan dan zonder wettelijke grondslag een onlinegebiedsverbod instelt. Offline kan voor vele oplossingen gezorgd worden die wél een wettelijke grondslag kennen, bijvoorbeeld een onlinevideoboodschap van de burgemeester om te de-escaleren of inwoners oproepen om signalen van opruiing te melden bij de politie. 10
Onafhankelijk Delft vindt het dan ook ongehoord dat de portefeuillehouder heeft aangegeven dit middel voor nu niet uit te sluiten om er gebruik van te maken. Eenieder dient zich aan de wet te houden, zo ook de burgemeester. Daarom heeft Onafhankelijk Delft de motie Geen onwettig onlinegebiedsverbod met D66, STIP, Volt en de SP mede-ingediend. Omwille van de tijd ga ik verder niet meer in op ons vijfpuntenplan, dat al naar voren is gekomen. Uiteraard is het jammer dat de Partij van de Arbeid dat anders ziet. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Ook Hart voor Delft kan zich vinden in het vaststellen van de prioriteiten in het Veiligheidsplan. In eerste instantie hadden we er even onze bedenkingen bij dat de high-impact crimes niet langer deel uitmaken van de prioriteiten, maar met de toezegging dat de aandacht daarvoor, voor fietsendiefstallen en inbraken, onverminderd groot blijft, gaan wij hiermee akkoord. Wij zien het vijfpuntenplan wel degelijk als inspiratiebron. Het hangt er maar net van af hoe je het woord uitlegt, meneer Hombergen. Wij zien het als iets waarop je je kunt baseren. Wij hebben met alle niet-coalitiepartners dat plan ingediend en vinden het dus belangrijk dat ook het vijfpuntenplan betrokken wordt bij onze prioriteiten. Uiteraard hebben ook wij de motie Stel paal en perk aan partnergeweld mede-ingediend.
De heer JAFF (GroenLinks): Voorzitter. Ook wij steunen het voorstel voor de veiligheidsprioriteiten; laat ik daarmee beginnen. Ik ga snel naar de moties. Wij hebben de eerste motie mede-ingediend. Ik wil vooropstellen dat ook wij volledig vertrouwen op de integriteit en het afwegingsvermogen van de portefeuillehouder. Die zijn echt niet in twijfel, maar we verschillen in deze situatie gewoon fundamenteel van inzicht. Volgens mij mag dat ook. Inperking van grondwettelijke rechten zijn geen zaken waarmee we risico's moeten willen lopen. Zolang er geen sterke juridische grondslag is, moeten we zulk soort instrumenten gewoon niet in willen zetten. Mocht zich een situatie voordoen waarbij handhaving aan de orde is, dan kunnen we dat alsnog via het strafrecht doen. Dat biedt wat mijn partij betreft dus voldoende ruimte om daarop te handhaven. Dan de andere moties. Wij hechten waarde aan samenwerking met alle partijen, dus ook met de partijen die tot de oppositie behoren, maar eigenlijk gaf meneer Visser heel mooi aan waarom de ingediende moties overbodig zijn, want je kan ieder document als inspiratiebron opnoemen. Dat moeten we niet doen. Daarnaast wil ik het punt maken dat een motie een zwaar politiek middel is dat je gebruikt om fundamentele doelen te bereiken waarmee we problemen of uitdagingen in de stad oplossen.
Mijn fractie ziet niet in welk fundamenteel doel we realiseren met het indienen van deze moties. Wij zullen dat dus niet steunen. Van de laatste motie zijn wij mede-indiener. Ons standpunt daarover is daarom vanzelfsprekend. De heer VISSER (CDA): Ik ben verbaasd over de bijdrage van de heer Jaff ten aanzien van de moties over het vijfpuntenplan. We hebben er in de commissie EFB uitgebreid over gesproken. De burgemeester heeft ook aangegeven op zich bereid te zijn haar eigen plan te amenderen. Aan het eind van het debat werd duidelijk dat dat niet kon. Conform het advies en in de geest van wat is voorgesteld en besproken in de commissie EFB, hebben we deze moties opgesteld. Ik heb de heer Jaff toen geen bezwaar horen maken dat het op die manier niet kon of dat hij dit niet zou willen steunen. Ik ga er dus van uit dat GroenLinks beide moties gewoon steunt. De heer JAFF (GroenLinks): Volgens mij heb ik in mijn bijdrage duidelijk gezegd waarom wij deze moties niet steunen. Daar wil ik het bij laten. 11
Mevrouw GREMMEN (Volt): Voorzitter. Wij steunen alle moties bij dit agendapunt; we hebben er ook een aantal mede-ingediend. Ik wil kort onze mede-indiening en steun aan de motie over het onlinegebiedsverbod toelichten. Wij onderschrijven en begrijpen de behoefte om beter in te grijpen tegen onlineopruiing, zeker in het kader van het verdrietige steekincident dat niet lang geleden in Delft plaatsvond, maar de hiermee gepaard gaande emotie mag niet voorbijgaan aan de vrijheid van meningsuiting zonder dat daar een goede juridische basis voor is. Dat is onlangs bij diverse steden, al dan niet via de rechter, ook aangevochten. Deze motie is geenszins bedoeld om de burgemeester iets te verwijten of om haar integriteit in twijfel te trekken. Wij zien het als een landelijk probleem en als een landelijk gemis dat deze juridische basis ontbreekt. Als we een verwijt moeten maken, is dat het gebrek aan daadkracht van ons landelijk bestuur, maar zolang er geen juridische basis is, vinden wij niet dat hiermee geëxperimenteerd kan worden, zeker niet op basis van het oordeel van losse gemeenten, omdat dat ongegrond is. Mevrouw VAN ROSSUM (SP): Voorzitter. Ik wachtte in spanning af wanneer ik aan de beurt zou zijn, maar nu snap ik het systeem, na zoveel partijen.
De SP is het eens met de prioriteiten die in dit Veiligheidsplan gesteld zijn, maar veiligheid is natuurlijk niet een op zichzelf staand onderwerp. Zij hangt samen met een heleboel andere zaken. Zeker als het om jongeren gaat die in de criminaliteit belanden, maken omstandigheden de mens. Wij vinden bij de SP dus dat er veel aandacht moet zijn voor het voorkomen van criminele ontwikkeling van jonge mensen. Dat gaat verder dan buitensporig of crimineel gedrag op tijd signaleren op school. Het gaat ook om wat je vrienden en je kennissen doen waarmee je in aanraking komt, in welke buurt en in welke wijk je woont, hoeveel geld er op je bankrekening staat of in hoeverre je toch al last had van vooroordelen. Die ongelijkheid die er is, maakt de kans op criminaliteit en dus onveiligheid in onze stad veel groter. Dat is volgens de SP wat mij moeten aanpakken. Er zijn twee moties over het vijfpuntenplan. Daar is al het een en ander over gezegd. De veiligheidsmaatregelen die mooi in dat plan zijn opgesteld, worden niet genoemd. Het is wel zo netjes om dat wél te doen. Volgens mij kunnen we dat zo toevoegen. De motie over geweld tegen vrouwen, femicide, heeft de SP van harte mede-ingediend met de fracties van de Partij van de Arbeid en andere fracties. Bijna wekelijks wordt in Nederland een vrouw vermoord. In een heel groot deel van die gevallen gebeurt dat omdat zij vrouw is.
Het lijkt mij erg belangrijk - anderen hebben dit al gezegd - om dit ook in Delft in kaart te brengen en zo veel mogelijk te voorkomen, want dat kan ook vaak, zoals de heer Hombergen al heeft uitgelegd. Ook de motie Geen onwettig onlinegebiedsverbod van de fractie van D66 en andere fracties hebben wij graag mede-ingediend. Ook de SP vindt dat de gemeente Delft zich aan de regels heeft te houden en dat uitingen op internet die volgens de wet mogen, ook hier moeten mogen. De VOORZITTER: Volgens het systeem is nu de ChristenUnie als laatste partij aan de beurt. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Ik had thuis al een rekensommetje gemaakt en had er helemaal op gerekend dat de ChristenUnie als laatste het woord hierover zou voeren in de eerste termijn. De ChristenUnie steunt van harte de oproep van D66, GroenLinks en de ChristenUnie aan het kabinet om het aantal vrouwenmoorden omlaag te brengen. We zijn het ook helemaal eens met het pleidooi van het Landelijk Netwerk Veilig Thuis en het Landelijk Netwerk Vrouwenopvang om meer te doen om zogenoemde femicide te voorkomen, onder meer door beter te reageren op tekenen dat het mis dreigt te gaan. Signalen die duiden op geweld, moeten beter worden herkend. De veiligheid van de melder van geweld moet vooropstaan en de melding moet met prioriteit worden behandeld.
Dit vraagt iets van iedereen: van de buurvrouw tot de wijkagent en van politiek tot rechtspraak. De ministeries van Justitie en Veiligheid en Welzijn en Sport moeten aan de bak met de oproep van beide organisaties. Niet het college en gemeentelijke ambtenaren moeten zich 12
bezighouden met de definitie van "femicide". De ChristenUnie ziet zelf meer heil in het besteden van tijd, capaciteit en geld aan voorkomen dan in het besteden daarvan aan definiëren. We zijn dan ook blij dat in de aanloop naar deze raadsvergadering dit laatste is verwerkt in de motie waar de Partij van de Arbeid de initiatiefnemer van is. Dan nog iets over de andere moties, allereerst de motie Geen onwettig onlinegebiedsverbod. De ChristenUnie kan zich niet voorstellen dat een burgemeester een onwettige maatregel zal nemen. We hebben er groot vertrouwen in dat de burgemeester de juiste instrumenten zal kiezen. En mocht de burgemeester toch tot een onwettige maatregel besluiten, dan hebben we ook groot vertrouwen in de rechtsstaat. Daarom stemmen wij tegen deze motie. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Is de ChristenUnie het er dan mee eens dat er eerst geëxperimenteerd mag worden met een gebiedsverbod zodra er daarna maar naar de rechter wordt gegaan, omdat je pas op dat moment weet of iets wettelijk mag? De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Ik heb het niet gehad over experimenteren. En ja, er gebeuren in Nederland inderdaad dingen waar we het niet mee eens zijn en die ook niet mogen. Dan gaan we naar de rechter. Ik heb het vertrouwen dat het daarmee alsnog goed zou komen als het niet zou mogen. Ik ga verder met de motie Vijfpuntenplan als inspiratiebron.
De ChristenUnie stelt dat bronnen ter inspiratie niet als verwijzing behoren te worden opgenomen. Een motie als officieel vastgesteld document kan natuurlijk wél worden opgenomen. De ChristenUnie is er bijvoorbeeld ook niet voor om hoofdstuk 20 van het Oudtestamentische Bijbelboek Exodus op te nemen, hoewel we vermoeden dat de tien geboden uit dat Bijbelboek met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid de inspiratie zijn geweest voor dit Veiligheidsplan. Bijvoorbeeld: pleeg geen moord, steel niet en zet uw zin niet op het huis van een ander. Ook Soera 6, Vers 151 uit de Koran kan een inspiratie zijn voor dit Veiligheidsplan. Het is dus duidelijk dat we tegen deze motie stemmen. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Voorzitter. Ik ga eerst kort de punten langs die niet direct verband houden met de moties. Dan pak ik alleen nog maar de moties. Allereerst dank voor de waarderende woorden; mevrouw Gerritsen begon daarmee. Dank ook voor de complimenten die u mij gaf en die wederzijds zijn, ook aan degenen die dat daarna nog herhaald hebben. De heer Visser heeft het punt van antisemitisme aangegeven. Dat is heel belangrijk en we moeten daar ook heel scherp op zijn. Het is frappez toujours, want het is zeker niet vanzelfsprekend. Het is dus goed dat u het hier benoemt. Mevrouw Timmermans ging in op het Omnibusonderzoek.
Hoe ziet dat eruit? Gaat het alleen digitaal? Nee, het gaat ook per post en er kan gesplitst worden naar geslacht. U ging ook in op de digitale aangifte. Ik heb het inderdaad voorgelegd aan de politie. De situatie is als volgt: op het moment dat dit gebeurt, kan aangifte gedaan worden; vervolgens kunnen er situaties zijn die zo bovenlokaal of internationaal zijn dat de politie er te weinig mee kan. Op basis van de reële haalbaarheid om ook iets op te kunnen sporen met de beperkte inzet die de politie heeft, bepaalt zij of zij daar prioriteit aan geeft of niet. De politie is immers elk dag keuzes aan het maken. Dat is alleen maar meer aan het worden; ik kan eerlijk zeggen dat dat een zorg van mij is. Dit geldt ook voor de recherche. Dat is dus de werkelijkheid. Ik kan het nog een keer meenemen, maar ik weet vrijwel zeker dat ik hetzelfde antwoord krijg en ik ben het daar ook mee eens. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Maar er was ook teruggegeven dat de politie zegt dat zij geen meldingen krijgt dat er niks wordt gedaan. Dat was dus meer mijn punt: hoe 13
moeilijk is het, als je al een melding hebt gemaakt, om een drempel over te gaan om vervolgens bij dezelfde instantie, dus de politie, nog een keer aan te moeten geven dat zij er niks mee doet? Dat wilde ik meegeven. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Het kan inderdaad zijn zoals ik net schets: het is vaak bovenlokaal of ongrijpbaar voor de politie. Daar zal natuurlijk ook nationaal gewoon goed naar gekeken worden. Die hele digitale veiligheid gaat alleen maar toenemen, preventief en curatief. Ik denk dat het vaak voorkomt dat de politie er uiteindelijk helaas weinig aan kan doen en dat daarom die teleurstellende mededeling weleens langs zal komen, simpelweg omdat men het bereik heel bescheiden inschat en omdat men de capaciteit mogelijk effectiever denkt te kunnen inzetten op een andere criminaliteit of overtreding van de wet. Dat brengt mij bij de moties. Met betrekking tot de motie over femicide heb ik begrip voor de geschetste situatie. Ik ben zelf natuurlijk ook heel erg betrokken geweest bij het laatste incident, maar ik moet wel aangeven - ik moet daar als burgemeester, verantwoordelijk voor de veiligheid, gewoon van uitgaan - dat de definitie van dit punt door de politie op dit moment heel strak en helder geformuleerd wordt: "het doden van een vrouw door een man omdát zij vrouw is".
Dat is gemotiveerd door minachting, een gevoel van eigendom, plezier of de veronderstelling dat de vrouw ondergeschikt is aan de man. Dat gebeurt nogal eens bij het verbreken van een relatie. Dat is de lijn. Als we in die lijn kijken, komt het in Delft gelukkig heel bescheiden voor. Dat laat onverlet dat geweld tegen vrouwen een groot onderdeel vormt van de criminele activiteiten die plaatsvinden en het geweld dat plaatsvindt. Daarvan geeft u aan dat we dat een onderdeel zouden moeten maken van het actieplan, maar daarvan heeft wethouder Schrederhof aangegeven - daar hebben we ook in het college over gesproken - dat vroeg signaleren, beter leren onderkennen en zorgen voor preventie, steun en hulp echt bij Veilig Thuis horen. Wij hebben in het college besproken dat er bij het achtmaandsplan van Veilig Thuis alle gelegenheid is - het college wil dat gesprek ook en begrijpt de zorg die er leeft - om met elkaar te bekijken of we daar meer kunnen doen dan nu. Voor de politie geldt: als er een moord of grof geweld is richting een vrouw, gaat de politie altijd lopen, want dat willen we gewoon scherp en helder in beeld krijgen. Tot slot de veiligheidsmonitor. Ik ga daarbij uit van de definitie die ik zojuist aangegeven heb. Dat hoef ik niet heel erg nader toe te lichten, want we kennen de situaties.
Ik ben wel bereid om in de politiemonitor kwantitatief het aantal femicides aan te geven conform die definitie, die ik hanteer omdat ik nu eenmaal werk met de politie en omdat we dat nationaal op deze manier doen. Dus ik ontraad de motie, maar ik kom er op een aantal punten wel aan tegemoet. De heer HOMBERGEN (PvdA): Als we de motie goed lezen, zien we dat we dezelfde definitie hanteren, want die heb ik in een voetnoot al overgenomen. Ik vraag u alleen om die definitie zo te interpreteren dat we net wat meer aandacht hebben, niet alleen voor het laatste stadium, de moord, maar ook voor de vroege stadia daarvóór zodat we die goed herkennen. Ik ben blij met uw toezegging dat u niet alleen vanuit de politie kijkt, maar bijvoorbeeld ook vanuit Veilig Thuis en het sociaal domein, maar dat is ook precies wat wij in de motie stellen. Eigenlijk zie ik zo langzamerhand het verschil dus niet meer tussen wat echt in de motie staat en wat we willen doen. De VOORZITTER: Ik kijk even wie van het college ik het woord kan geven. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Misschien één puntje en dan kan de wethouder Zorg het volgens mij heel mooi aanvullen. Het gaat mij met name om de derde bullet, het onderbrengen in het Veiligheidsplan Samen Veilig. Daarvan zeg ik: nee, doe dat niet, want ik kan niks toevoegen aan wat we op dit moment doen. Maar voordat de heer 14
Hombergen het woord krijgt, lijkt het mij goed dat mevrouw Schrederhof even toelicht hoe zij dit wil aanvliegen vanuit Veilig Thuis. De VOORZITTER: De heer Hombergen wil toch reageren op u. De heer HOMBERGEN (PvdA): We hebben ook niet gevraagd om het op te nemen in het Veiligheidsplan, maar in de uitvoering van het Veiligheidsplan. Dat is een klein, maar essentieel verschil. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Uitvoering van het Veiligheidsplan wil zeggen dat je vanuit het Veiligheidsplan werkt. Ik geef aan dat wij in het college geconstateerd hebben dat, wat dit punt van de motie betreft, juist die preventieve kant, het vroeg signaleren en op tijd interveniëren echt taken zijn van Veilig Thuis. Maar nogmaals, dan ga ik het gras voor de voeten wegmaaien. De VOORZITTER: Prima, dan geef ik het woord aan wethouder Schrederhof. Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. Volgens mij kan het heel kort. Het is de taak van Veilig Thuis om dat huiselijk geweld in een vroegtijdig stadium te zien en ook te stoppen. Ik denk dat het heel logisch is dat je daar patronen in hebt; het is ook heel interessant om het artikel in de Volkskrant daarover te lezen. We hebben net met Veilig Thuis afgesproken dat het via de bestaande definitie in beeld brengt welke interventies het op dat punt doet. Zij maken daarin natuurlijk ook die relatie met de politie.
Aan die preventieve kant ligt de regie dus bij Veilig Thuis. Ik denk dat u er in de motie nogal op geattendeerd heeft dat dat een hele belangrijke is. Er wordt steeds in viermaandsrapportages gerapporteerd. Vier maanden, de eerste vier maanden, is een beetje kort, maar het zou mogelijk moeten zijn om in de achtmaandsrapportage een korte briefing te geven over hoe dit aangepakt kan worden en om daarover op een goede manier langjarig te rapporteren. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Ik wil de heer Hombergen ondersteunen, want het gaat daadwerkelijk om de uitvoering van het Veiligheidsplan. Wat er op dit moment gebeurt, is dat de politie komt als iemand door iemand wordt belaagd en dat de politie dan zegt: er is nog niks gebeurd en zolang er niks gebeurd is, kunnen we niks doen. Dat is wat er gebeurt. Pas als er iets gebeurd is, gaat de politie ingrijpen. Wij willen dat femicide met de aangepaste definitie hoger op de agenda staat en dat iemand al geholpen wordt voordat er geweld gepleegd wordt. Dat is eigenlijk wat we hiermee proberen te bereiken. De VOORZITTER: Ik kijk wie van het college ik het woord kan geven. De burgemeester? Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Als de wethouder daar nog iets op zou willen aanvullen, is dat wat mij betreft prima, maar dat is natuurlijk aan u, voorzitter. Maar ik denk dat je eigenlijk twee fasen kunt onderscheiden.
Je hebt het voortraject, de preventie. Daarbij speelt de politie natuurlijk wel degelijk een rol, want de politie geeft die signalen acuut door aan Veilig Thuis. En natuurlijk kijken ze met elkaar. Soms doen we ook uithuisplaatsingen. Dan is de politie degene die mij of de dienstdoend wethouder in het piket daarop attendeert en dan geven wij een huisverbod. Die interactie is er dus, maar als je meer wil doen aan die voorkant, is het volgens mij goed om dat niet vanuit het Veiligheidsplan te doen, omdat we het dan gewoon niet goed zouden beleggen, maar vanuit Veilig Thuis. Eigenlijk komen we helemaal tegemoet aan wat hier ligt: het voortraject goed doen en bij de veiligheidsmonitor aangeven hoeveel situaties er zijn geweest. De VOORZTTER: Ik kijk of de wethouder nog iets wil aanvullen. Wethouder SCHREDERHOF: Nee, ik denk dat het belangrijk is om te weten dat die melding bij Veilig Thuis plaatsvindt als de politie dit ziet en dat de actie dan ook door Veilig Thuis 15
wordt uitgevoerd en niet vanuit het politiedomein. Dat zou immers natuurlijk onterecht zijn. Je moet die situatie juist proberen te de-escaleren of andere maatregelen nemen. Mevrouw GREMMEN (Volt): Ik heb een vraag naar aanleiding van de laatste opmerking van de burgemeester. U geeft aan dat hierover wordt gerapporteerd in de veiligheidsmonitor, maar dat is natuurlijk een subjectief onderzoek. Eerder hoorde ik een soort halve toezegging dat we, omdat u met de politie werkt, ook een kwantificeerbaar deel deze kant op kunnen verwachten. Dat gaat dus over hoeveel femicides hier daadwerkelijk plaatsvinden. Ik werk zelf ook heel veel met deze cijfers. Dat was precies mijn kritiek op de eerdere versie van deze motie, waarin nog om dat kwantitatieve deel gevraagd werd. Ik vraag me dus eigenlijk af of die toezegging uitvoerbaar is. De VOORZITTER: Probeer interrupties kort en krachtig te houden; ze worden steeds langer. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Ja, want wij krijgen die cijfers aangeleverd. Die cijfers geef ik door. Dat zijn de cijfers conform de inmiddels gezamenlijke dank daarvoor, meneer Hombergen - definitie. Die geeft dit qua uitkomst. Ik ben graag bereid om dat in de monitor mee te geven. Ik kom bij het vijfpuntenplan als inspiratiebron. Ik ben zelf natuurlijk ook van de afdeling inspiratiebronnen.
Ik herken dus de vele verhalen die naar voren komen, maar ik denk dat het als volgt bedoeld is. Wij hebben hier het debat met elkaar gehad. Een belangrijke uitgave in dat kader is de ondermijning geweest. Die is natuurlijk wel degelijk echt ook op basis van het vijfpuntenplan scherp naar voren gekomen. Dat heeft uiteindelijk ook zijn beslag gekregen in dit plan. Daarom kunnen ik en ook het college eigenlijk buitengewoon goed uit de voeten met beide moties. Ja, het vijfpuntenplan als inspiratiebron is prima, want we hebben uiteindelijk met elkaar die discussie hier gehad. Die heb ik meegenomen en die hebben we uiteindelijk ook vertaald. De ondermijning is daar een lichtend voorbeeld van. Wij hebben dus geen bezwaar tegen deze moties. Verder laat ik het debat graag aan de raad over. Daar ga ik me niet mee bemoeien; ieder heeft zo zijn eigen taken. Dat brengt mij bij het laatste onderwerp, namelijk de openbare orde en veiligheid, de taak van de burgemeester. Misschien moet ik gewoon even naar de overwegingen kijken die daar zijn. Ik respecteer alle zorgen om de dingen zo goed mogelijk te doen, maar ik neem afstand van het feit dat we tegen de wet in zouden gaan als we iets dergelijks zouden doen. Dat is nog niet een feit. Het zou kunnen, maar het zou ook zeker níét kunnen, want de wet geeft heel veel ruimte.
Dat is ook het voordeel: als je uiteindelijk hiertoe zou beslissen - dat zal ik met heel veel rust, toewijding en wijsheid doen als het zo moge zijn; ik heb het tot op heden ook nog niet gedaan - is er inderdaad de rechtsstaat waar de heer Van der Woerd het heel duidelijk over had en die uiteindelijk, indien nodig, kan zeggen: nee, dit niet. Zo is dat ook bij de APV gebeurd. Maar laat één ding helder zijn: het besluit van Utrecht - er wordt op dit moment overigens in Utrecht vergaderd over de vraag of men in hoger beroep zal gaan was een besluit op basis van de APV. De gedachte is dan dat de APV nooit benut mag worden voor het tegengaan van de vrije meningsuiting. Dat was eigenlijk het essentiële punt bij de enkelvoudige kamer; laten we dat laatste ook even in de gaten houden. Het gaat erom dat ik, indien ik dit zou doen, dat zou doen op basis van artikel 172 van de Gemeentewet. Dat artikel is heel nadrukkelijk verbonden aan de rol en de taak van de burgemeester. Dan zal de rechter hier uiteindelijk een bindend oordeel over kunnen geven en niet de gemeenteraad van Delft. De VOORZITTER: Mevrouw Gerritsen gaf al in een vroeg stadium van dit punt aan een interruptie te willen plaatsen. Ik dacht dat ik u even uw zin zou laten afmaken, maar het was een nogal lange zin.
16
Mevrouw GERRITSEN (D66): Ik ben benieuwd waar de burgemeester de ruimte in de wet ziet. Ik vraag me ook af hoe de burgemeester oordeelt over de uitspraak van de universitair hoofddocent staatsrecht van de Radboud Universiteit Nijmegen, die ik in mijn betoog al noemde: "de burgemeester mag geen maatregelen nemen die zijn gericht op een uiting. De vraag welke uiting je mag doen, staat in het Wetboek van Strafrecht, niet in de Gemeentewet." De VOORZITTER: We pakken meteen de interrupties van mevrouw Verduijn mee. Mevrouw VERDUIJN (STIP): Ik vraag me af hoe de portefeuillehouder naar het risico kijkt voor het vertrouwen dat je als gemeente, als overheid, zelf schept in de eigen rechten van het land als je als gemeente een rechtszaak aan je broek hebt hangen. De VOORZITTER: Er is ook een interruptie van mevrouw Timmermans. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ja, mevrouw Timmermans wil graag weten waarom we het apparaat dat "rechtspraak" heet en dat al zo zwaarbelast is, ook met dit soort dingen zouden belasten als we ook gewoon kunnen besluiten dat dit nu geen optie is waaraan we willen meewerken. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Ik begin met de vraag van mevrouw Verduijn, want dat is natuurlijk een principiële vraag. Wij hebben in Nederland gewoon een systeem waarin ook tegen beslissingen van de overheid rechtspraak mogelijk is.
Dat is maar goed ook en dat gebeurt vaker. Ik moet eerlijk zeggen dat ik af en toe weleens een huis sluit vanwege een drugssituatie, ongelegitimeerde seksuele activiteiten of anderszins. Dan probeert men gewoon te voorkomen dat het dichtgaat. Dat gebeurt. Soms krijg ik het deksel op mijn neus. Dan denk ik: het zij zo. Heel vaak krijg ik dat gelukkig niet en krijg ik gewoon gelijk van de rechter. Dat is de reguliere gang der dingen en dat is juist het mooie van onze rechtsstaat. Het aardige is ook dat het jurisprudentie biedt. Daarmee creëren we zekerheid, want wij spreken hier over onzekerheid. Je kan op deze manier zekerheid creëren. Dat is één. Dan de professor. Met alle respect voor juristen - mijn man is ook jurist; ik houd hem heel erg in ere en het is een geweldige kerel - zeg ik: vijf juristen, zes meningen. Daar ben ik gewoon erg nuchter in. Er is ook een heel verschillend beeld; dat is ook de werkelijkheid. Het is net waar je te rade gaat. Daar zou ik dus niet echt direct op af willen gaan. Mevrouw GERRITSEN (D66): Ik ben uiteraard heel erg geïnteresseerd in wat voor jurist uw man is, maar dat kunnen we misschien een andere keer bespreken. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Hij is geen jurist op dit terrein. Mevrouw GERRITSEN (D66): Precies. U zegt "vijf juristen, zes meningen".
Ik ben benieuwd welke jurist de portefeuillehouder gevonden heeft die deze route ondersteunt. Zoals ik ook in de motie geschreven heb: geen onlinegebiedsverbod zolang daar geen juridische basis voor is. Dat betekent ook dat er heel erg voor opensta als er wél een juridische basis is. Daar ben ik juist heel benieuwd naar. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Ik word allereerst geadviseerd door mijn eigen juristen, maar bijvoorbeeld ook in Haarlem is op basis van dit artikel een onlineverbod toegepast. Overigens is vanavond in Spijkenisse in een net iets andere situatie, maar wel naar aanleiding van onlinedreiging om uiteindelijk ergens ellende te gaan veroorzaken, op basis van de APV toch weer opnieuw een verbod ingesteld. In het APVtraject is Utrecht op een rem gekomen. Ik neem gewoon de Gemeentewet. Aan de hand van de Gemeentewet is mij de opdracht gegeven. 17
Mevrouw GERRITSEN (D66): Ik vroeg eigenlijk niet waar het allemaal is toegepast, maar meer waar de portefeuillehouder heeft gevonden dat dit juridisch houdbaar zou kunnen zijn en welke jurist dat kan onderbouwen. Daar ben ik heel benieuwd naar. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Ik ben het op dit moment aan het onderbouwen vanuit het juridisch advies dat ik gekregen heb. We hebben gewoon hele degelijke juristen bij ons in huis. Er is een artikel 172 van de Gemeentewet dat de burgemeester de opdracht geeft om de openbare orde en veiligheid zo goed mogelijk te garanderen. Dat brengt mij gelijk ook bij de vraag van mevrouw Timmermans. Ik benut het apparaat, de rechtspraak, niet, maar waarom zou ik iemand de ruimte bieden om tegen zoiets in bezwaar te gaan? Het verschil is ook dat het strafrecht heel veel tijd kost. De insteek van een last onder dwangsom is dat je zegt: "denk erom: je moet nu stoppen met dit soort uitingen". Bijvoorbeeld: "ik ga morgen om 12.00 uur in Zoetermeer die en die doodsteken; kom allemaal". Het spijt me, maar op dat moment vind ik dat ik echt een legitimatie heb om op basis van dat artikel met een last onder dwangsom - die brengen wij later langs bij het desbetreffende huisgezin, hetzij door de politie, hetzij zelf - te zeggen: let op, gij zult dit niet meer doen. We hebben het bijvoorbeeld over de drillrap met criminele effecten.