CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept-handelingen raadsvergadering 17 oktober 2024

Raadsvergadering 7 november 2024, gemeente DelftBij agendapunt: Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 17 oktober 202436.380 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Voorzitter: mevrouw J.M. van Bijsterveldt-Vliegenthart, burgemeester. Aanwezig zijn: de heer Analikwu, mevrouw Van den Berg, mevrouw Brussaard, de heer Cüppers, mevrouw Dijk, mevrouw Fung Fen Chung, mevrouw Gaal, mevrouw Gerritsen, de heer Gommers, mevrouw Grobben, de heren Herrema, Hombergen en Jaff, mevrouw Janssen, mevrouw De Jongh Swemer, mevrouw De Koning, de heer Krishnasing, mevrouw De Leeuw, de heer Maruf, mevrouw Osepa, mevrouw Romeijnders, de heren Schuurman, Van der Sluis en Van der Steeg, mevrouw Stehouwer, de heer Stoop, mevrouw Timmermans, de heren Treffers en Valk, mevrouw Van Velzen, mevrouw Verduijn, de heer Visser, mevrouw Van der Vlist, mevrouw Voogt, mevrouw Wattel, mevrouw Wessels, mevrouw Wentink en de heer Van der Woerd. Aanwezige wethouders: mevrouw Gooijer, mevrouw Huijsmans, mevrouw Schrederhof, de heer Van Vliet en mevrouw Zwart. Raadsgriffier: de heer J. Mimpen. XX. Opening en mededelingen. De VOORZITTER: Ik open de vergadering. Eenieder van harte welkom. We hebben een paar mededelingen. Ten eerste: wij gaan starten met de campagne Ja, ik wil in de gemeenteraad. In dat kader lees ik graag een kort statement voor, voor u maar natuurlijk ook voor de luisteraars zelf via de tv, via de webcam en noem maar op. Geachte raadsleden, beste luisteraars, beste mensen.

Voordat we beginnen met de vergadering, vraag ik uw aandacht, zeker ook de aandacht van de luisteraars, voor het volgende. Sylvia Grobben, Cheraldine Osepa, Rinske Wessels, Sivan Maruf, Marcel Koelewijn, Avinash Krishnasing, Eva Brussaard, Mick van der Steeg, Kristel Wattel en ook Machteld Neubauer, Lucas van Wees, Armando Jubitana, Sonja Sint, Kyra Gremmen, Marc van Pelt en Kelly Schut. Zestien betrokken Delftenaren, met verschillende politieke opvattingen, raadslid of commissielid van verschillende partijen, maar één ding hebben jullie gemeen: jullie hebben de weg naar de raadzaal gevonden via de campagne Ja, ik wil in de gemeenteraad en de cursus Politiek Actief. We zijn daar nog altijd blij mee. Super dat jullie er zijn; we hadden jullie niet willen missen. Een applaus voor deze mensen! (Applaus) En dan speciaal voor de meeluisterende burgers: onze mooie stad kan niet zonder de betrokkenheid van Delftenaren die zich actief willen inzetten om Delft nog mooier, nog beter, nog duurzamer, nog leefbaarder, bruisender, veiliger en noem maar op te maken. Dat kunt u niet beter doen dan door politiek actief te worden, door zelf mee te praten en mee te beslissen over de toekomst van de stad, door zelf de kaders en de koers te bepalen als raadslid, door samen geschiedenis te schrijven. Delft heeft u nodig. De partijen in deze raad hebben u nodig.

Doorzetters, vastbijters, meedenkers en meedoeners, jongeren, ouderen, kritische geesten, kleurrijke stadsgenoten en ervaringsdeskundigen, mensen die het beste voorhebben met de stad en met elkaar. Iedereen die in maart 2026 verkiesbaar is en dus ouder is dan 18 jaar, kan zich, ongeacht opleiding of ervaring, vanaf nu tot medio december aanmelden voor de gratis cursus Politiek Actief. De komende weken komt u posters tegen op straat, flyers in de stad en interviews in de Stadskrant die u meer vertellen over het raadswerk en de weg naar het raadslidmaatschap. Kijk ook op jaikwildelft.nl voor meer informatie en als u twijfelt, zoals Ineke van Geenen ooit deed, zou ik in haar woorden willen zeggen: "Gewoon doen". Ineke was in 2009 een van de eerste raadsleden die via Ja, ik wil in de gemeenteraad en na de cursus kandidaat-raadslid werd en voor het CDA in de raad kwam. In 2022 namen we met een koninklijke onderscheiding afscheid van haar. Dus u bent gewaarschuwd! De komende weken staat u als burgers voor de keuze. Het is nu aan u en in 1

maart 2026 natuurlijk aan de kiezers. Wie weet zien we u na de verkiezingen in deze mooie zaal. Dus twijfel niet en zeg: Ja, ik wil in de gemeenteraad. De campagne is begonnen! (Applaus) Hartelijk welkom aan alle leden van de raad. In het bijzonder wil ik mevrouw Wentink van harte welkom heten. U heeft het al een tijdje geleden verdiend, maar u heeft zojuist uw ingenieursdiploma binnengehaald. Van harte gefeliciteerd! (Applaus) We hoorden het vanavond. De bloemen komen dus dit weekend uw richting op, want die heeft u echt verdiend. Weer een ingenieur erbij. Heel mooi! We hadden ze nog niet. Dat komt dus mooi uit. Van harte welkom aan de leden van het college. De ambtelijke ondersteuning en de aanwezigen op de publieke tribune zeer welkom. Ook van harte welkom aan alle mensen die vanuit huis met ons meekijken en -luisteren via de website of via Omroep Delft. Wij hebben vanavond een externe deskundige, de heer Procee, op de tribune, die met ons meekijkt om te zien hoe wij onze vergaderingen nog efficiënter kunnen laten verlopen. Meneer Procee, zeer welkom in ons midden. We wensen u een hele goede vergadering. Dat is natuurlijk een oproep aan ons allen om kort en bondig te zijn, want nu krijgen we een cijfer na afloop. Dus houd het in de gaten! Er is een afmelding van de heer Koelewijn van Hart voor Delft.

Eventuele hoofdelijke stemmingen beginnen vanavond bij stemnummer 1; dat is de heer Analikwu. XX. Vaststellen agenda. De VOORZITTER: In de aanloop naar deze vergadering is een aantal moties en amendementen ontvangen en verspreid. Deze zijn inmiddels, zoals gebruikelijk, op het Raadsinformatiesysteem geplaatst, zijn inmiddels ondertekend en maken deel uit van de beraadslaging. Het presidium heeft een maximale spreektijd voorgesteld van 3 uur. Dit betekent 13 minuten per fractie en 39 minuten voor het college, waar wij ons natuurlijk aan zullen houden. Ik constateer dat de raad daarmee instemt. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. XX. Vaststelling van de wijze van afdoening van ingekomen stukken van week 37 tot en met week 40 van 2024. Besloten wordt overeenkomstig de behandelvoorstellen. XX. Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 17 september 2024 + erratum. De Handelingen + erratum worden ongewijzigd vastgesteld. XX. Benoemingen XX. Voorstel van het fractievoorzittersoverleg aan de raad inzake aanwijzing lid en plaatsvervangend lid adviescommissie Vervoersautoriteit en plaatsvervangend lid adviescommissie Economisch Vestigingsklimaat MRDH (nr. 2440539). 2

De VOORZITTER: Kan iedereen hiermee bij acclamatie instemmen? Het voorstel wordt zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. De VOORZITTER: Ik feliciteer de aangewezen personen. De heer Koelewijn is er helaas niet, maar toch gefeliciteerd. Ook de heer Sarkisian van het CDA en mevrouw De Jongh Swemer van Hart voor Delft gefeliciteerd met deze nieuwe functie. Het is ook goed om hier te vermelden dat onze wethouder Huijsmans weer tot het presidium van de Vervoersautoriteit zal toetreden, wat natuurlijk ook een goede zaak voor Delft is. XX. Besluitvorming hamerstukken. INVOEGEN HAMERSTUKKEN De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Een stemverklaring van het CDA bij agendapunt 6.5, de Maatregelverordening. Onze fractie wenst geacht te worden voor deze verordening te hebben gestemd, maar we merken wel op dat deze na de Re-integratieverordening Participatiewet en de Verordening verrekening bestuurlijke boete bij recidive de derde verordening in het domein van werk en inkomen is die met forse terugwerkende kracht ingaat. We vragen daar aandacht voor bij het college. Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Voorzitter. Ook onze stemverklaring betreft punt 6.5., de Maatregelverordening. Wij zijn van mening dat drie jaar na dato aanpassen toch een klein beetje slordig is.

We zouden erop aan willen dringen om dit soort dingen in het vervolg directer aan te passen en niet zo lang te wachten. De heer HOMBERGEN (PvdA): Voorzitter. Wat de wensen en bedenkingen inzake het Waarborgfonds betreft hebben wij technische uitvragen gedaan of op deze manier niet een extra barrière wordt ingebouwd voor werknemers van de gemeente Delft die daar een beroep op zullen doen. Uit de beantwoording van de technische vragen is ons gebleken dat dit niet het geval zal zijn en dat het fonds ook wordt gesuppleerd indien het leeg is. Daarmee is het Waarborgfonds ook voor de medewerkers geborgd en kunnen we hiermee instemmen. De voorstellen van de hamerstukkenlijst worden zonder beraadslaging en zonder stemming aangenomen. XX. Voorstel van het college aan de raad inzake ruimte in de binnenstad (nr. 2436468). De VOORZITTER: Er zijn diverse amendementen en moties. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Er zijn weinig onderwerpen in de Delftse politiek die de samenleving en dus ook de gemeenteraad als haar vertegenwoordigers zo verdelen als parkeren. Dat geldt dus ook voor de uitbreiding van het autoluw-plusgebied. Die uitbreiding betekent dat een flink aantal mensen die de auto nu nog voor de deur kunnen parkeren, straks moeten uitwijken naar een parkeergarage. Dat heeft impact op hun leven.

Er zijn er voor wie die ombouw niet snel genoeg kan gaan en die zich erop verheugen om straks uit te kijken op een autovrije straat. Er zijn mensen die zeggen: ik vind het vervelend dat ik elke dag een paar honderd meter moet lopen, maar vooruit; dan krijg ik ook nog een beetje beweging. Maar er zijn ook mensen - we hebben ze gehoord en een aantal zitten er op de tribune - die zich zorgen maken over de veiligheid als ze in het donker naar de parkeergarage moeten lopen en die zich er zorgen over maken of ze die afstand fysiek wel kunnen lopen en daardoor kunnen meedoen aan de samenleving. We hebben ook de 3

ondernemers gehoord die vrezen dat het sluiten van de Phoenixgarage voor bezoekers of straks overvolle parkeergarages leiden tot minder klandizie en omzet. Zulke tegenstellingen leiden vaak tot felle debatten in de raad en stemmingen vol emoties en moties. Wie hier wat langer rondloopt, heeft zulke debatten over parkeren vaker meegemaakt. Aan het eind heb je dan een meerderheid die politiek iets binnengehaald heeft maar de sympathie van het publiek misschien verloren heeft en een minderheid die veel applaus gekregen heeft maar politiek niets heeft kunnen bereiken voor haar kiezers. Lange tijd heb ik gedacht dat het debat van vanavond ook zo zou verlopen, maar onze fractie heeft als partij van het midden besloten om in plaats van ons op zo'n debat voor te bereiden het initiatief te nemen om te kijken waar we elkaar ondanks alle verschillen toch kunnen vinden. Wat kan wél en waar zit misschien nog ruimte in de uitvoering waarmee we tegemoet kunnen komen aan enkele of misschien wel veel zorgen van de bewoners en de ondernemers, zonder dat de planning in gevaar komt? Want de politieke realiteit is uiteraard dat het college een agenda voor de binnenstad uitvoert die kan rekenen op steun van een ruime meerderheid in de gemeenteraad. De afgelopen dagen heb ik veel goede gesprekken gevoerd met collega's Van den Berg van de VVD en Gommers van STIP en met wethouder Van Vliet.

Aan alle drie dank voor de bereidheid om over de grenzen heen te stappen en te kijken waar gezamenlijk ruimte zit. Die ruimte lijkt er te zijn. Het college kan namelijk toch niet alle plannen voor de Rode Loper, het ombouwen van straten die autoluw worden, het vergroenen van de Gasthuisplaats enzovoort tegelijkertijd uitvoeren, simpelweg omdat er onvoldoende capaciteit is, maar ook omdat sommige plannen nog niet ver genoeg zijn uitgewerkt om nu al te beginnen. Als je bij bepaalde straten toch niet direct gaat beginnen met de ombouw, zouden die straten wellicht een aantal jaren langer open kunnen blijven voor auto's. Zo is de motie In het midden vinden we elkaar tot stand gekomen. De motie roept het college op om op basis van alle input denk aan het alternatief dat is aangedragen door de ondernemersvereniging, de geuite zorgen, de input van participatie - nog eens kritisch te kijken naar het eigen plan met een houding van "wat kan wél?" Dan lijkt de Oude Delft een straat te zijn die zowel verkeerstechnisch als planningstechnisch langer open kan blijven zonder dat de andere plannen van het college in gevaar komen. Dat zou voor de bewoners van de Oude Delft betekenen dat ze nog een aantal jaren voor de deur kunnen parkeren.

Het college kan in die tijd werken aan de Oude Langendijk, de Peperstraat, de Gasthuisplaats et cetera, de plannen voor de Rode Loper en het uitwerken van de Binnenwatersloot. Als de plannen voor de Binnenwatersloot zover zijn dat ze ook uitgevoerd gaan worden en als we capaciteit hebben, volgt alsnog het autoluw maken van de Oude Delft tussen de Peperstraat en de Breestraat. Graag een bevestiging van de wethouder dat de Oude Delft inderdaad bovenaan zijn gedachten staat wanneer hij deze motie gaat uitvoeren. Als het inderdaad de Oude Delft wordt, scheelt dat zo'n 70 parkeerplekken die de eerste tijd niet in de Phoenixgarage benut worden. Dat betekent dat we meteen ook de ondernemers tegemoet kunnen komen door de Phoenixgarage die periode niet exclusief voor abonnementhouders te reserveren, zoals het collegevoorstel vraagt. Zo kunnen gasten van Delft langer dan in het oorspronkelijke plan zo dicht mogelijk bij de binnenstad parkeren. Het is niet oneindig, maar de extra tijd geeft de ruimte om te werken aan alternatieven, zoals een P+R op de TU-campus waar onze gasten gratis of heel goedkoop kunnen parkeren met een goede ov-verbinding naar de binnenstad. Dan moet de tram wel rijden, zeg ik daarbij. De motie is een compromis, evenals het amendement. Het vinden van een compromis was de afgelopen dagen niet altijd makkelijk. Over letterlijk elk woord hebben we vergaderd.

"Woorden doen ertoe" zei de toenmalige CDA-minister Hugo de Jonge eens. Zijn gelijk is in de voorbereiding van vanavond bevestigd. Met dit compromis krijgt niemand helemaal zijn zin. Dat kan voor sommige mensen toch teleurstellend voelen, maar "politiek is het zo eerlijk mogelijk verdelen van teleurstelling", zoals een andere bekende politicus, PvdA-minister 4

Asscher, eens zei. Door deze motie en dit amendement krijgen de bewoners en de ondernemers meer dan wanneer we dit voorstel niet hadden bedacht met elkaar. Het voorstel laat zien dat je met onderhandelen en polderen - dat zijn soms woorden met een lading - toch een stap kunt zetten naar het midden, want in het midden vinden we elkaar. Door de fracties van het CDA, de VVD, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft en Volt wordt amendement 7.1.A.A (Phoenixgarage voorlopig nog open voor bezoekers) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 17 oktober 2024 bij de bespreking van het agendapunt Voorstel van het college aan de raad inzake Ruimte in de binnenstad, Besluit Het voorliggende raadsbesluit als volgt te wijzigen: - Beslispunt 2 als volgt te wijzigen: WAS: De Phoenixgarage exclusief in te zetten voor abonnementhouders ten behoeve van de invoering van de uitbreiding van autoluw-plus in het zuidelijke gedeelte van de binnenstad. WORDT De Phoenixgarage gedeeltelijk in te zetten voor abonnementhouders ten behoeve van de gefaseerde invoering van de uitbreiding van autoluw-plus in het zuidelijke gedeelte van de binnenstad en deze pas exclusief in te zetten voor abonnementhouders als blijkt dat dit noodzakelijk is. En dit door te voeren in de onderliggende documenten.

Aanvullende toelichting Uit de vele reacties blijkt dat een groot gedeelte van de bewoners in de zuidwestelijke binnenstad en de ondernemers in de binnenstad niet tegen het eindbeeld van een autoluwe binnenstad is, maar vraagtekens heeft bij de door het college voorgestelde route ernaartoe. Grootste risico's die voorzien worden, zijn onvoldoende alternatieve parkeergelegenheid en nadelige economische effecten door minder bezoekers aan de binnenstad. Ook vrezen enkele bewoners die net buiten de boot vallen, met de mitigerende maatregelen door het collegevoorstel onevenredig benadeeld te worden. De motie 'In het midden vinden we elkaar' roept het college op om op basis van alle input nog eens te bekijken of het toch mogelijk is (een) bepaalde straat of straten in de eerste fase van uitvoering niet direct autoluw-plus te maken. De verwachting van de indieners is dat dit inderdaad mogelijk is. Daardoor is het niet noodzakelijk om de Phoenixgarage direct exclusief in te zetten voor abonnementhouders. Dat geeft ruimte om de Phoenixgarage voorlopig ook toegankelijk te houden voor bezoekers aan de binnenstad van Delft. Dat wordt geregeld in dit amendement. Door dit amendement vervalt voorlopig wel de parkeergarantie voor abonnementhouders in de Phoenixgarage, die wel geboden kan worden als de Phoenixgarage exclusief voor abonnementhouders beschikbaar wordt gemaakt.

Dit kan concreet betekenen dat op de drukste momenten abonnementhouders even niet in de Phoenixgarage kunnen parkeren omdat deze vol is, maar moeten uitwijken naar de Prinsenhofgarage. Op veruit de meeste momenten is er naar verwachting echter voldoende parkeergelegenheid voor zowel abonnementhouders als bezoekers."

5

Door de fracties van het CDA, de VVD, de ChristenUnie, Onafhankelijk Delft en Volt wordt motie 7.1.2 (In het midden vinden we elkaar) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 17 oktober 2024 bij het agendapunt Ruimte in de binnenstad. Als gemeenteraad van Delft stellen we het volgende vast: -

het college van B en W stelt voor om de uitbreiding van het autoluw-plusgebied in het zuidwestelijke deel van de binnenstad in twee fases uit te voeren.

We hebben daarbij nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

bewoners en ondernemers via verschillende vormen inspraak hebben gehad, maar er ook petities, klachten en andere vormen van verweer zijn ingediend bij de gemeente; het einddoel, een autoluwe binnenstad in 2040, door veel mensen wel wordt gedragen en ook op een ruime politieke meerderheid kan rekenen; vanuit het Bestuurlijk Overleg Binnenstad (BOB) een alternatief plan is voorgesteld, dat uitgaat van invoering voor dit gebied in drie fases en een andere volgorde van uitrol; dit alternatief op steun kan rekenen van in ieder geval de bewonersorganisaties Oude & Nieuwe Delft en Zuidpoort; voor de uiteindelijke keuze hoe de uitrol naar een autoluw-plusgebied in dit deel van de binnenstad gerealiseerd gaat worden, ook gekeken moet worden naar andere plannen van de gemeente zoals de realisatie van de Rode Loper of plannen over onderhoud of uitbreiding van de ondergrondse infrastructuur (riolering, energienetwerk, telecomnetwerk etc.).

We vinden dat: -

het belangrijk is dat de uitrol van autoluw-plus in het zuidwestelijk deel van de binnenstad op zo veel mogelijk draagvlak onder bewoners en ondernemers kan rekenen; werkzaamheden aan de herinrichting van straten als gevolg van uitbreiding van autoluw-plus zo veel mogelijk eenmalig moeten zijn om onnodige overlast, kosten en vertraging te voorkomen.

We vragen het college daarom: -

-

om op grond van wat hierboven staat te bekijken of in de uitvoering van de plannen andere keuzes gemaakt kunnen worden, zoals het stapsgewijs uitvoeren van de eerste fase door één of meerdere straten niet direct autoluw-plus te maken maar op een later moment; de gemeenteraad hierover te informeren,

en we gaan over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Dank u wel, meneer Valk, van "de partij van het midden". De volgende spreker is mevrouw Van den Berg van de VVD. Daar geef ik verder natuurlijk geen kwalificaties aan. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. Ik kwam net binnen met de woorden "rechts heeft voorrang", maar dat werd volgens mij ook anders geïnterpreteerd. 6

In de eerste plaats dank aan de heer Valk en de heer Gommers. We hebben deze week bijna elke avond bij elkaar gezeten en inderdaad nagedacht over ongeveer letterlijk elk woordje. Ik ben ontzettend trots en blij dat dat in ieder geval heeft geleid tot deze motie en dit amendement. Het werk zit met name aan de kant van de heer Valk. Daar ben ik heel dankbaar voor. Het uitgangspunt van het Mobiliteitsplan 2040 was om bewoners en ondernemers te verleiden om gebruik te maken van parkeergarages. Als er daardoor minder straatparkeerplekken nodig bleken, konden die omgebouwd worden naar iets anders. In de huidige plannen legt het college dit anders uit en worden juist eerst plekken weggehaald. Daarmee hebben bewoners het gevoel dat ze gedwongen worden een andere plek te gaan zoeken. Daar zijn veel bewoners boos over. De impact van de plannen van het college is groot, bijvoorbeeld voor bewoners die slecht ter been zijn en nu nog verder gaan vereenzamen, voor omliggende wijken, waar de parkeerdruk natuurlijk ook gaat toenemen, voor ondernemers in de binnenstad, die het misschien nog moeilijker krijgen om personeel te vinden, voor huizenbezitters, die de waarde van hun huis misschien zien dalen, voor klusbedrijven, die misschien geen klanten meer in de binnenstad zullen aannemen, en zo kan ik nog wel even doorgaan.

De participatie rondom dit traject is volgens menig bewoner en menig ondernemer beroerd verlopen. Ze willen heel graag meedenken en meepraten, maar de meeste ideeën worden toch opzijgeschoven als "niet wenselijk" of "niet haalbaar". Maar er is goed nieuws: het college heeft er nu wel voor gekozen om een fasegewijze aanpak te introduceren en na twee jaar te evalueren hoe het een en ander uitpakt. Tegelijkertijd zijn, ook na de commissievergadering, nog niet alle antwoorden beschikbaar op veel vragen en zorgen. Daarom heeft de VVD samen met diverse andere partijen een aantal moties en een amendement opgesteld. In de eerste plaats dus de motie, geïnspireerd door het door vele bewonersverenigingen ondersteunde idee van de ondernemersvereniging van de binnenstad, voor een iets verdergaande stapsgewijze invoering door een of meerdere straten niet direct autoluw-plus te maken maar pas op een later moment. De tweede motie is de oproep om een evaluatieplan te maken. Dat gaat echt wat verder dan wat we nu in de stukken lezen, met duidelijkheid over de indicatoren op basis waarvan het college dan wil evalueren. Verder hebben we een motie om op basis van onder andere het deelmobiliteitsbeleid en de openbaarvervoervisie nu al te kijken naar een integraal aanbod van goede alternatieve parkeerplaatsen of parkeervoorzieningen.

Dat noemen we "parkeervoorzieningen op afstand"; denk aan goed ov, aan mobiliteitshubs, misschien aan P+R-plekken en misschien ook aan die nieuwe parkeergarage in het noorden van de binnenstad, waar we het ook al enige tijd over hebben. Wacht niet tot het zuidwesten helemaal autoluw-plus is, maar start daar nu al mee. Dan een motie met de oproep om de openbare ruimte zodanig te ontwerpen dat het risico op incidenten in relatie tot geweld, criminaliteit of overlast zo veel mogelijk wordt voorkomen. Daar zijn goede technieken voor. Ook zouden we graag zien dat wordt onderzocht hoe de veiligheid nabij en in de garages dan ook kan worden vergroot. In de commissievergadering vroegen meerdere insprekers hier expliciet aandacht voor. De heer ANALIKWU (D66): In de raadsvergadering van 1 februari vond de VVD dat mijn motie over het verbeteren van de uitgangen van de garages niet relevant was voor de discussie over Ruimte in de binnenstad, maar samen met de motie van mijn collega van D66, mevrouw Gerritsen, die vraagt om een nieuw perspectief op de straat, in september 2022 aangenomen in deze raad, dekken beide moties toch de lading van de VVD-motie van vandaag. Wat voegt deze motie dan toe? 7

Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Dat is een terechte vraag. In de plannen van het college zien we in ieder geval dat het onderwerp veiligheid nauwelijks aan bod komt. We hopen dat we met deze motie juist ten aanzien van dit deel van de binnenstad het college expliciet uitdagen om na te denken over het verbeteren van de veiligheid en vooral ook hoe we al op voorhand zodanig over de inrichting kunnen nadenken dat we die veiligheid op enige manier kunnen vergroten. We hebben destijds bijvoorbeeld inderdaad best wel discussie gehad over de motie over de uit- en ingangen van de parkeergarage. Wij vonden dat toen een wat te eenzijdige motie die niet voldoende naar de integrale aanpak van de veiligheid in het hele gebied keek. We hopen dat we met deze motie beide onderwerpen stevig aanpakken. De heer ANALIKWU (D66): Daar neem ik toch niet helemaal genoegen mee, want volgens mij was de argumentatie van mevrouw Van den Berg in de raad toen niet dat die motie te eenzijdig was. Zij kon de inhoud best wel steunen, maar vond dat de motie afleidde van het verhaal. Dat klopt volgens mij niet, want nu blijkt toch dat een van de moties die de VVD vandaag indient, juist precies over de veiligheid rondom die uitgangen gaat. Bovendien ligt er, waar het niet om de uitgangen gaat maar om de inrichting van de openbare ruimte, al een motie.

Zijn we dan niet moties op moties aan het stapelen, iets wat volgens mij ook de VVD nooit wenselijk vindt? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik kan u eerlijk vertellen dat ik de discussie in de commissievergadering van twee weken geleden zo heb meegemaakt dat ik nu heel erg proefde dat die veiligheid inderdaad een ontzettend belangrijk vraagstuk is voor de bewoners. Waar we het eerder misschien vooral over cijfers hadden en over alternatieve plekken en aantallen, heb ik dus gevoeld dat veiligheid veel hoger op die agenda moet komen te staan. Dat is een inzicht dat ik heb opgedaan en waar ik met deze motie eigenlijk nog een keer expliciet aandacht voor wil vragen. Tot slot hebben we samen met het CDA een amendement ingediend dat net al is toegelicht. Maak die Phoenixgarage in ieder geval deels toegankelijk voor bezoekers. Dat is ontzettend belangrijk voor de ondernemers in de binnenstad én dat was ook de initiële afspraak bij het Mobiliteitsplan 2040. Door de fracties van de VVD en het CDA wordt motie 7.1.3 (Evalueren vraagt om een goed plan) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 17 oktober 2024 bij het agendapunt Ruimte in de binnenstad. Als gemeenteraad van Delft stellen we vast dat: -

het college van B en W het autoluw-plusgebied in het zuidwestelijke deel van de binnenstad in fasen wil uitbreiden in twee fasen; het college van B en W van plan is de uitvoering per fase te evalueren, voordat doorgegaan wordt met de volgende fase; het college nog geen spelregels of indicatoren voor de evaluatie(s) heeft bepaald.

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

bij bewoners en ondernemers van de binnenstad zorgen bestaan of de capaciteit van de huidige garages voldoende is om de komende jaren de vraag van verschillende doelgroepen op te vangen, met name omdat: o het college van B en W met de uitbreiding van het autoluw-plusgebied stuurt op minder straatparkeerplaatsen in de binnenstad; 8

o

o

nog diverse ontwikkelingen in de binnenstad gaan plaatsvinden (denk aan de herontwikkeling van het Prinsenhof, het sluiten van de Reineveldbrug begin 2025 en het sluiten van de Koepoortbrug begin 2026) die invloed hebben op de parkeerdruk; het aantal auto's in Nederland nog steeds stijgt.

We vinden dat: -

het college van B en W vooraf duidelijk en transparant dient te omschrijven hoe en op basis van welke indicatoren de fasen van het project Ruimte in de binnenstad geëvalueerd worden; bewoners en ondernemers van het zuidwestelijke deel van de binnenstad een transparante en objectieve evaluatie van de ontwikkelingen in het autoluw-plus gebied verdienen.

We vragen het college om op grond van het bovenstaande:    

uiterlijk 1 januari 2026 een evaluatieplan aan de gemeenteraad ter goedkeuring voor te leggen, met daarin: concrete indicatoren op basis van de huidige situatie; aandacht voor de impact van toekomstige ontwikkelingen op de parkeerdruk; beschrijving van de wijze waarop inwoners en ondernemers worden betrokken bij de evaluatie; na elke (fase)evaluatie de uitkomsten en een voorstel voor de volgende fase(s) of vervolgstappen aan de gemeenteraad voor te leggen."

Door de fracties van de VVD en het CDA wordt motie 7.1.4 (Start tijdig met integraal aanbod parkeren op afstand) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 17 oktober 2024 bij de bespreking van het agendapunt Voorstel van het college aan de raad inzake ruimte in de binnenstad, stelt vast dat: -

-

onder de noemer 'Ruimte in de binnenstad' door het college van B en W diverse maatregelen in gang zijn gezet, waaronder het in fasen verminderen van het aantal parkeerplekken op straat; het college van B en W in 2040 de hele binnenstad autoluw-plus wil maken en nu fasegewijs wil beginnen met het zuidwestelijke deel van de binnenstad; bewoners en ondernemers in de binnenstad in dat kader worden gestimuleerd om te parkeren in de parkeergarages; er bij bewoners en ondernemers van de binnenstad onzekerheid bestaat of de capaciteit van de huidige parkeergarages voldoende is om de vraag van verschillende doelgroepen op te vangen, met name omdat: o de komende jaren de onzekerheid toeneemt over het hebben van voldoende alternatieve parkeerplaatsen of parkeren-op-afstandvoorzieningen; o nog diverse ontwikkelingen in de binnenstad gaan plaatsvinden (denk aan de herontwikkeling van het Prinsenhof, het sluiten van de Reineveldbrug begin 2025 en het sluiten van de Koepoortbrug begin 2026) die invloed hebben op de parkeerdruk; o het college in 2040 ook de rest van de binnenstad autoluw-plus wil maken; het college van B en W nog geen integrale aanpak heeft voorzien om aanvullende parkeren-op-afstandvoorzieningen te zoeken om daarmee de (onverwachte)

9

toename van de parkeerdruk op te vangen, zoals P+R-locaties, mobiliteitshubs of een extra parkeergarage. Heeft nagedacht over en houdt er rekening mee dat: -

de aanwezigheid van voldoende parkeerplaatsen en/of -voorzieningen belangrijk is voor het woon-, leef- en ondernemersklimaat in zowel de binnenstad als de omliggende wijken; het college van B en W op korte termijn een visie Openbaar Vervoer (OV) en beleid Deelmobiliteit wil vaststellen waarin aandacht is voor parkeren-opafstandvoorzieningen.

Vindt dat: -

-

parkeerplekken in de binnenstad alleen opgeheven kunnen worden zodra duidelijk is dat er buiten het autoluw-plusgebied voldoende goede alternatieve parkeerplekken of -voorzieningen op afstand zijn, ook bij toekomstige (onverwachte) toename van parkeerdruk; het doel hierbij niet zozeer moet zijn om (zonder meer) nieuwe parkeerplekken te realiseren, maar vooral om te voorkomen dat het opheffen van plekken in de binnenstad tot grote problemen leidt bij inwoners of ondernemers; op basis van onder andere de visie Openbaar Vervoer en het beleid voor Deelmobiliteit een integraal aanbod van alternatieve parkeerplekken of voorzieningen op afstand moet worden gerealiseerd, zowel nu voor het zuidwestelijke deel als later voor de rest van de binnenstad.

Roept het college, op grond van het bovenstaande, op om: -

bij de op te stellen visie Openbaar Vervoer en het beleid Deelmobiliteit aan te geven: o hoe parkeren-op-afstandvoorzieningen de parkeerdruk in de parkeergarages en in de omliggende gebieden van het autoluw-plusgebied kunnen verminderen; o of wat er anderszins aan alternatieve voorzieningen nodig wordt om toekomstige (onverwachte) parkeerdruk op te vangen."

Door de fracties van de VVD, het CDA en Onafhankelijk Delft wordt motie 7.1.6 (Veiligheid in autoluw-plusgebied) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 17 oktober 2024 bij de bespreking van het agendapunt Voorstel van het college aan de raad inzake Ruimte in de binnenstad. We stellen vast dat: -

onder de noemer 'Ruimte in de binnenstad' door het college van B en W diverse samenhangende maatregelen in gang zijn gezet, waaronder het in fasen verminderen van het aantal parkeerplekken op straat; bewoners en ondernemers in de binnenstad worden gestimuleerd om te parkeren in de parkeergarages; er bij bewoners en ondernemers van de binnenstad zorgen bestaan over (het gevoel van) veiligheid als zij hun auto niet meer voor hun huis of onderneming kunnen parkeren en enkele honderden meters moeten lopen naar een parkeergarage, met daarbij het risico op incidenten in relatie tot geweld, overlast of criminaliteit.

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: 10

-

in ruimtelijke (her)ontwerptrajecten veiligheid al vanaf het begin een uitgangspunt zou moeten zijn. Dit kan ervoor zorgen dat in de gebruiksfase sprake is van minder criminaliteit en juist een versterking van de veiligheidsbeleving; (het gevoel van) veiligheid voor inwoners en ondernemers cruciaal is om met plezier in Delft te kunnen wonen en ondernemen.

We vinden dat: -

-

in het (her)ontwerp van de openbare ruimte in het autoluw-plusgebied van de binnenstad, veiligheid één van de uitgangspunten moet zijn. Dat betekent dat de openbare ruimte zodanig moet worden gepland, ontworpen, gebruikt en beheerd dat gebruikers zich er veilig voelen en er minder incidenten voorkomen; gebruikers zich ook in en nabij de parkeergarages veilig moeten voelen en het risico op incidenten in relatie tot geweld, overlast of criminaliteit zo veel mogelijk geminimaliseerd moet worden.

We roepen het college op om op grond van het bovenstaande: -

-

de openbare ruimte van het autoluw-plusgebied in de binnenstad samen met de bewoners en ondernemers zodanig te (her)ontwerpen dat zij zich er veilig kunnen voelen en incidenten op het gebied van criminaliteit, geweld en overlast zo veel mogelijk voorkomen kunnen worden; te onderzoeken welke mogelijkheden er zijn om het risico op incidenten in relatie tot geweld, overlast of criminaliteit nabij en in de parkeergarages zo veel mogelijk te minimaliseren; de raad te informeren over het inrichtingsplan voor het autoluw-plusgebied en het onderzoek naar veiligheid in en nabij de garages."

Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Hart voor Delft merkte in de vergadering van de commissie Ruimte en Verkeer dat vele insprekers zich niet gehoord voelden bij het onderwerp Ruimte in de binnenstad. Daarom dient Hart voor Delft de motie Belofte maakt schuld in. Daarmee ondersteunt Hart voor Delft de inwoners en de ondernemers die ingesproken hebben. We denken hiermee ook het amendement en de motie van het CDA en de VVD te ondersteunen. Ik wil het alleen nog over twee andere moties hebben. De motie Samen werken aan de binnenstad van STIP steunt Hart voor Delft niet, omdat die naar onze mening de gevoelens en de gedachten van de insprekers niet voldoende ondersteunt. De motie Evalueren van de VVD vraagt om een goed plan. Hart voor Delft is voorstander van evalueren. Daarom steunen we die motie wel. De heer GOMMERS (STIP): De motie Belofte maakt schuld vraagt eigenlijk exact hetzelfde als de schriftelijke vragen die u vorige week heeft ingediend. Daar is antwoord op gekomen. Ik vraag me dus af wat het verschil is en wat de motie precies toevoegt ten opzichte van uw schriftelijke vragen. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): De vragen die we ingediend hebben, waren vóór de vergadering van de commissie Ruimte en Verkeer.

Deze motie versterkt eigenlijk onze gedachte dat er toch te weinig participatie plaats heeft gevonden en dat er te weinig doorgedacht is over de onderwerpen in Ruimte in de binnenstad. Vandaar dat we deze motie indienen. Naar mijn mening herhaalt zij niet de antwoorden op de vragen. Door de fractie van Hart voor Delft motie 7.1.1 (Belofte maakt schuld) ingediend:

11

"Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 17 oktober 2024 ter bespreking van het agendapunt Ruimte in de Binnenstad. Als gemeenteraad stellen we vast dat:  

het Mobiliteitsprogramma Delft 2040, vastgesteld in 2020 door destijds de meerderheid van de raad, duidelijk vermeldt dat parkeergarages primair bedoeld blijven voor bezoekers van de binnenstad (MPD 2040, pagina 34); in het Mobiliteitsprogramma tevens is opgenomen dat bewoners en andere belanghebbenden via differentiatie en flexibiliteit in parkeertarieven verleid zouden worden om minder op straat te parkeren en meer in de parkeergarages; pas wanneer dit succesvol zou blijken, zou de parkeercapaciteit op straat worden verminderd.

We hebben daarbij nagedacht over en houden er rekening mee dat:  

recente beleidswijzigingen/voorstellen van het college, waaronder het wijzigen van de bestemming Phoenixgarage naar bewonersgarage, haaks staan op de afspraken in het Mobiliteitsprogramma Delft 2040; het college hierdoor een draai heeft gegeven aan het oorspronkelijke uitgangspunt van 'verleiden' naar een beleid van 'dwingen', zonder daarvoor voldoende participatie en draagvlak bij bewoners en ondernemers te creëren, getuige de insprekers bij de commissie Ruimte en Verkeer van 3 oktober jl.

We vinden dat: 

 

bovenstaande handelingen in strijd lijken te zijn met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder de principes van transparantie, inspraak en het zorgvuldig afwegen van belangen van betrokkenen, bewoners, ondernemers en daarnaast van bezoekers; de voorgestelde dwang voor bewoners om hun auto verplicht in de Phoenixgarage te parkeren niet in overeenstemming is met een democratisch bestuur, wat het college wel wil uitstralen; economische belangen van ondernemers in de binnenstad ernstig worden geschaad door het veranderen van de bestemming van de Phoenixgarage in het thans voorgelegde voorstel van het college aan de raad, zeker op de zaterdag en bij openstelling op de zondag en bij evenementen.

We roepen het college om op grond van bovenstaande:  

uit te leggen hoe deze (recente) beleidswijzigingen/voorstellen van het college te rijmen vallen met het principe van een betrouwbare overheid, zoals vastgelegd in de beginselen van behoorlijk bestuur; met de insprekers bij de commissievergadering Ruimte en Verkeer van 3 oktober jl., die ruim de belanghebbenden in de binnenstad vertegenwoordigen, om de tafel te gaan zitten en de economische belangen en de ruimte in de Phoenixgarage transparant te bespreken; met de gemeenteraad de uitkomsten en eventuele aanpassingen in het beleid, in de vorm van een nieuw raadsvoorstel, aan de raad voor te leggen en een nieuwe datum van ingang te bepalen,

en we gaan over tot de orde van de dag." Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. We hebben twee weken geleden in de commissievergadering veel tijd en aandacht besteed aan de zorgen van bewoners en ondernemers rondom het autoluw-plus maken van het zuidwestelijk deel van de binnenstad. 12

De ChristenUnie ziet de voordelen van het autoluw maken, bijvoorbeeld in vergroening en een gezondere leefomgeving, maar we hebben ook de zorgen gehoord en we zien dat een deel van die zorgen een plek heeft gekregen binnen de mitigerende maatregelen. Maar er zijn ook enkele zorgen en risico's genoemd die wat ons betreft ook hier in de raad aandacht verdienen voordat het project verder uitgerold wordt. Dat bestaat voor de ChristenUnie ten eerste uit het realiseren van een optie - of noem het een mogelijkheid of een ventiel; het gaat in elk geval om extra ruimte - die ingezet kan worden bij onverwachte toekomstige parkeerdruk in de parkeergarages. De huidige berekeningen laten zien dat de parkeergarages het extra aantal auto's aankunnen, maar het is verstandig - we merkten dat die zorgen ook echt leefden bij bewoners en ondernemers - om een optie te hebben als tegen de verwachting in bij onverwachte gebeurtenissen problemen met de parkeerdruk ontstaan. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een P+R bij piekuren. Eerder is bij de Kadernota al gevraagd om dit op te nemen in de ov-visie. Wij kijken daarnaar uit, maar wat ons betreft mag het ook sneller. De heer HERREMA (GroenLinks): De ChristenUnie noemt "onverwachte gebeurtenissen" met betrekking tot parkeren. Ik ben benieuwd wat die onverwachte gebeurtenissen zijn.

Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): U kunt daarbij bijvoorbeeld denken aan het feit dat bepaalde bruggen de komende jaren dichtgaan voor onderhoud. Dat zal het verdelen van de parkeerplaatsen veranderen. U kunt ook denken aan een situatie waarin het economisch heel goed gaat met de binnenstad, waardoor meer mensen daarnaartoe willen met de auto. Er zijn meerdere situaties te bedenken waardoor er onverwacht meer auto's naar de binnenstad zouden komen dan we in eerste instantie zouden verwachten. De heer TREFFERS (Volt): Ik ben het er helemaal mee eens dat we gehoor moeten geven aan de oproep van de ondernemers om ook naar die piektijden te kijken. Tegelijkertijd is het natuurlijk een vraag voor de lange termijn, misschien wel de hele lange termijn. Is de ChristenUnie van mening dat we tot in de eindigheid der tijden alle auto's moeten blijven faciliteren die misschien naar de binnenstad moeten? Of is op een gegeven moment bijvoorbeeld het ov toereikend? Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Ik denk dat we de oplossing op verschillende manieren moeten vinden. Ik wil graag onze motie introduceren voor een P+R bij de campus, want we zullen op verschillende manieren oplossingen moeten zoeken. Dat zal wat de ChristenUnie betreft niet alleen via de auto zijn, maar we moeten ook realistisch zijn: er zijn nog steeds mensen die de auto gebruiken en een plek willen hebben.

Er zijn ook plekken die al beschikbaar zijn tijdens de piekuren, namelijk parkeerplekken bij de TU Delft. Wat ons en heel veel andere partijen hier betreft gaan we die plekken, samen met de ov-verbinding die er is, gebruiken voor een P+R om bezoekers ook naar de binnenstad te laten reizen. Met de motie willen we echt oproepen om wat er al bestaat, in te zetten voor een P+R en om die gesprekken met de TU Delft zo snel mogelijk te starten. Het tweede punt is dat de uitvoering van een project bijdraagt aan het draagvlak bij zowel bewoners als ondernemers. Wat ons betreft betekent dit ook een zo kort mogelijke tijd tussen het van de straat halen van de auto en de nieuwe inrichting. Dat is ook de reden waarom we de motie van STIP willen ondersteunen om een tijdelijke inrichting van de straten te maken, zodat wanneer de auto's weggehaald worden, bewoners ook direct kunnen zien wat de mogelijkheden zijn van een herinrichting. In dezelfde lijn ondersteunen wij het amendement en de motie van het CDA. We willen het CDA bedanken voor het zoeken van het midden en voor het polderen, net als de andere partijen die daarbij betrokken zijn. We zien dat je op deze manier de tijd kunt verkorten tussen het daadwerkelijk autoluw maken van de straten en de nieuwe inrichting. Als bonus 13

kan de Phoenixgarage dan nog wat langer gebruikt worden voor bezoekers, wat ook wat zorgen bij de ondernemers weghaalt. Dan nog kort over de andere moties, allereerst de motie Evalueren vraagt om een goed plan. Wij zijn voorstander van een zorgvuldige evaluatie, maar wij vinden het niet de rol van de raad om op dit detailniveau betrokken te zijn bij de evaluatie van deze eerste fases van het project. Wat de motie Veiligheid in het autoluw-plusgebied betreft hebben we een vraag aan het college. Wat kan er nu aan de hand van de motie nog verbeterd worden aan de veiligheid in dat gebied? Kan het college concreet maken wat deze motie daarin zou veranderen? Voor de overige moties wachten wij de reactie van het college af. Door de fracties van de ChristenUnie, STIP, Volt, het CDA, de PvdA, de VVD en D66 wordt motie 7.1.5 (P+R-ruimte op de Campus) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 17 oktober 2024 ter bespreking van het agendapunt Ruimte in de binnenstad. Als gemeenteraad van Delft stellen we vast dat:    

er in het project Ruimte in de binnenstad voor is gekozen om de binnenstad anders in te richten waardoor het aantal parkeerplekken in de stad vermindert; de capaciteit in de parkeergarages, zoals beschreven in de rapportage Optimalisatie Parkeerbeleid Ruimte in de binnenstad, nu groot genoeg is om de vermindering van parkeerplekken op te vangen; er onzekerheid bestaat bij bewoners en ondernemers van de binnenstad of deze capaciteit in de (nabije) toekomst voldoende is; er op dit moment geen P+R-locaties zijn nabij invalswegen van Delft, waardoor bezoekers hun auto voornamelijk in de parkeergarages parkeren.

We hebben daarbij nagedacht over en houden er rekening mee dat:       

de huidige piekmomenten van de parkeergarages in het weekend zijn, met name op de zaterdagmiddag; er parkeerplaatsen aanwezig zijn op het terrein van de TU Delft, waar onder andere in het weekend gratis geparkeerd kan worden; er eerder unaniem door de raad is uitgesproken dat het zuidelijke deel van de campus in de avonden en weekenden goed bereikbaar moet blijven; er een buslijn is die in het weekend vanaf de campus naar de binnenstad rijdt; er in andere steden al succesvolle P+R-locaties nabij universiteiten zijn (bijvoorbeeld Leiden en Rotterdam); een goede P+R-locatie een frequente en betrouwbare dienstregeling nodig heeft; de aanwezigheid van voldoende parkeerplaatsen voor bezoekers bijdraagt aan de economische kracht van de ondernemingen en bedrijven in de binnenstad.

We vinden dat de bestaande parkeerplaatsen en ov-verbindingen nu al ingezet kunnen worden om de parkeerdruk in de parkeergarages en de verkeersintensiteit rondom de binnenstad te verminderen. We vragen het college op grond van het bovenstaande om voor 1 juli 2025 in gesprek te gaan met de TU Delft om bestaande parkeerruimte op het campusterrein in te zetten als P+R-locatie in het weekend; met als doel het realiseren van een P+R-locatie voor 1 januari 2026, en we gaan over tot de orde van de dag." 14

De heer GOMMERS (STIP): Voorzitter. Waar ik in het commissiedebat nog terugkeek naar het Delft van vroeger, ga ik vandaag vooruitkijken naar het Delft van de toekomst. Waar dit gebied momenteel gekenmerkt wordt door veel straatstenen en veel geparkeerde auto's, zal het er over een paar jaar anders uit gaan zien. De historische karakteristieken van de grachten, zoals de mooie bomenrij, zullen onverminderd blijven. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik ben benieuwd wat daarvoor in de plaats komt. Een heleboel fietsparkeerplaatsen, toch? De heer GOMMERS (STIP): Ik vervolg mijn betoog, want daarin staat: maar wat daartussen gaat komen, is precies nog de vraag. Die vraag wil STIP graag beantwoorden. De heer VAN DER SLUIS (SP): Dat is helemaal niet de vraag. Dat zijn namelijk vooral fietsparkeerplaatsen. Steunt u dus alle voorstellen die wij gaan doen om het blik niet te vervangen door fietsparkeerplaatsen? De heer GOMMERS (STIP): Ik denk dat het goed is om samen met de bewoners in gesprek te gaan over wat die invulling gaat zijn. Daarmee vervolg ik ook mijn betoog, want die vraag wil STIP graag samen met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden beantwoorden. Daarom dienen we vanavond een motie in om in cocreatie samen te gaan werken aan een nieuwe inrichting. Met deze motie roept STIP op om te experimenteren met tijdelijke inrichtingen.

De stadsbouwmeester, de landschapsarchitect, maar ook studenten en de Green Village van de TU Delft kunnen hier bijvoorbeeld aan meedoen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De motie roept op om in cocreatie met inwoners en ondernemers aan de slag te gaan met de invulling van die buitenruimte, maar is de motie niet overbodig omdat dat sowieso al het plan van het college was? De heer GOMMERS (STIP): Een goede vraag. We zijn als raad altijd heel kritisch over de manier van participatie. We hebben het er vaak over gehad dat we van tevoren kaders moeten stellen voor hoe die participatie eruit gaat zien. Deze motie geeft juist aan wat voor kader er aan die participatie gaat zitten, namelijk cocreatie. Ik denk daarom dat de motie niet overbodig is, omdat we juist een vorm van participatie vragen. De heer TREFFERS (Volt): Dit klinkt natuurlijk als muziek in de oren: van tevoren participatiekaders meegeven. Maar dan moeten we het daar daarna ook inhoudelijk over hebben. Cocreatie is nou precies een participatiemethode die heel veel ambtelijke capaciteit kost. Tegelijkertijd stelt u dit eigenlijk voor bij iets wat een tijdelijke invulling is, waarna je daarna eigenlijk weer moet gaan participeren.

Bent u niet bang dat u bij bewoners verkeerde verwachtingen wekt als u zegt dat zij voor die tijdelijke invulling van alles mogen vinden, maar dat we daarna wel allemaal kaders hebben voor hoe we het uiteindelijk gaan invullen? De VOORZITTER: Een interruptie moet kort en krachtig zijn, meneer Treffers. Volgens mij is het kraakhelder. De heer VALK (CDA): Ik heb een typische CDA-vraag aan de heer Gommers: wie gaat dit betalen? De heer GOMMERS (STIP): Laat ik beginnen met de vraag van het CDA. Uiteraard hebben we deze motie ambtelijk laten toetsen voordat we haar indienden. Naar we hebben begrepen, kan dit gewoon betaald worden vanuit lopende budgetten. Wat de vraag van Volt betreft: cocreatie kost inderdaad ambtelijke capaciteit, maar we hebben begrepen dat dit past binnen de ambtelijke capaciteit die we hebben bedacht. Wij stellen ook niet voor dat er alleen participatie wordt toegepast op de tijdelijke inrichting. De tijdelijke inrichting wordt juist gebruikt als participatie voor de definitieve inrichting. Het is dus niet zo dat we twee keer die 15

participatie gaan doen. Ik denk ook dat bijvoorbeeld de Green Village van de TU Delft en ook andere mensen echt mee kunnen denken over die inrichting. Juist de universiteit waar ik net over sprak, de TU Delft, kan ook op andere manieren goed helpen. De bijna 3.000 parkeerplekken op het campusterrein kunnen in de avonden en de weekenden een mooie toevoeging zijn aan de parkeervoorzieningen van de stad. Een goede ov-verbinding tussen de TU Delft Campus en de rest van de stad is daarbij wel cruciaal. Eerder diende STIP hiervoor een motie mede in, die door de raad unaniem is aangenomen. Het koppelen van deze ov-verbindingen aan de parkeervoorzieningen van de TU Delft is wat ons betreft een goed idee. Het college heeft na de inbreng van de stad aanpassingen aangebracht in de plannen: de introductie van twee fases en voldoende plek in de parkeergarages. Ik dank dan ook het CDA en de VVD voor de samenwerking. Met die motie wordt gevraagd om de uitvoering beter af te stemmen. STIP staat achter dit voorstel om ervoor te zorgen dat de tijd tussen het weghalen van de parkeerplekken en een nieuwe invulling zo kort mogelijk is, maar kan de wethouder aangeven of deze motie betekent dat er vertraging ontstaat in het starten van fase 2? Tot slot: over Ruimte in de binnenstad is al veel te doen geweest. Ik snap die emotie heel goed.

Veranderingen zoals deze hebben directe impact op het leven van mensen. Hun dagelijkse routine zal mogelijk veranderen, maar dat kan ook positieve effecten hebben. Wij als raadsleden hebben de taak om alle belangen met elkaar af te wegen, zowel die van de tegenstander die de krant opzoekt als de voorstander die je enkel spreekt als je erom vraagt. Ik heb namens STIP geprobeerd hen allemaal te spreken en aan te horen welke zorgen er spelen maar ook welke wensen er zijn. Door in gesprek te zijn en te blijven kan ik met een gerust hart zeggen dat STIP vanavond een weloverwogen keuze zal maken. Wij blijven toch voorstander van een autoluwe binnenstad. Door de fracties van STIP, D66, GroenLinks en de ChristenUnie wordt motie 7.1.7 (Samen werken aan de binnenstad) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 17 oktober 2024 ter bespreking van agendapunt 7.1 Voorstel van het college aan de raad inzake Ruimte in de binnenstad (nr. 2436468). We stellen vast dat: -

samen met bewoners en ondernemers participatie gaat plaatsvinden over de invulling van de vrijgekomen parkeerplekken in het uit te breiden autoluw-plusgebied; de aanleg van de nieuwe invulling van de vrijgekomen parkeerplekken gecombineerd gaat worden met werkzaamheden aan kabels, leidingen en de Rode Loper; tijdens de overbruggingsperiode tussen het verkeersbesluit en de nieuwe invulling momenteel geen inrichting wordt gegeven aan de vrijgekomen ruimte; de landschapsarchitect een toolbox heeft ontwikkeld waarin verschillende opties zijn uitgewerkt voor de nieuwe invulling van de vrijgekomen parkeerplekken.

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

het actief betrekken van bewoners en ondernemers bij de ontwikkeling van een nieuwe invulling het draagvlak voor het uitbreiden van het autoluw-plusgebied kan vergroten; de subjectieve veiligheid en verblijfskwaliteit op straat wordt verhoogd zodra lege parkeerplekken worden ingevuld. 16

We geven het college opdracht om: -

een tijdelijke invulling te vinden voor de vrijgekomen parkeerplekken in het uit te breiden autoluw-plusgebied door te experimenteren met inrichtingsvoorstellen; samen met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden cocreatie aan te gaan voor het vinden van een nieuwe inrichting; de raad over de voortgang en de uitkomsten te informeren,

en we gaan over tot de orde van de dag." De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. We hebben het over Ruimte in de binnenstad. Net als in de commissie zeg ik hier dat GroenLinks en onze kiezers, waarvan ook een groot deel in de binnenstad woont, al heel lang een autoluwe binnenstad willen, het liefst zo snel mogelijk en het liefst ook in één keer, maar we zijn niet doof. We hebben ook geluisterd en we hebben gehoord dat er zorgen zijn over de gevolgen en dat er wordt getwijfeld, met name over het aantal vrije plekken in de garages. Daarom gaat GroenLinks mee met het collegevoorstel om de uitbreiding van het autoluw-plusgebied in twee fasen uit te voeren. Wij vinden dat het voorstel tegemoetkomt aan de bestaande bezwaren, waar we echt goed naar geluisterd hebben. Het voorstel geeft de bewoners en de ondernemers maar ook het college iets meer tijd om te bekijken of autoluw-plus inderdaad werkt zoals ze dat hadden bedacht. Ik denk niet dat onze reacties op de moties u zullen verbazen. De motie Samen werken aan de binnenstad hebben we mede ingediend. Wat mij betreft heeft de heer Gommers die motie al prima toegelicht. Met de motie van Hart voor Delft zouden we alles van de afgelopen maanden volgens mij opnieuw gaan doen. Dat lijkt ons geen goed idee. Daar zijn wij dus tegen. De motie In het midden vinden we elkaar: helaas, daar vindt u niet GroenLinks.

Wel autoluwplus uitrollen maar toch auto's in de binnenstad toestaan is voor mijn fractie echt een stap te ver. Dan de motie van met name de VVD over het evalueren. Ook wij vinden dat er geëvalueerd moet worden. Volgens mij gaat het college dat ook gewoon doen; ik vraag maar even aan de wethouder hoe het college dit gaat oppakken. De motie Parkeren op afstand gaat eigenlijk al bij voorbaat uit van te weinig plekken om te kunnen parkeren. Wij denken dat dat zal meevallen, zeker nu we met twee fasen gaan werken. Wat ons betreft is er dus geen noodzaak om nu al een onderzoek te doen naar alternatieve oplossingen. Dat geldt eigenlijk ook voor de motie Op zoek naar een parkeerlocatie voor P+R. Er is bij de TU inderdaad voldoende ruimte om te parkeren, maar we vinden het niet nodig om er nu druk op te leggen om een P+R te bouwen voor januari 2026. Ik ben benieuwd hoe het college hiernaar kijkt. De heer TREFFERS (Volt): Mag ik samenvatten dat GroenLinks eigenlijk pas wil beginnen met naar oplossingen zoeken als er al een probleem is ontstaan? De heer HERREMA (GroenLinks): Dat is nou precies het probleem: meneer Treffers denkt dat er al een probleem is. Dat probleem zien wij nu nog niet. Als dat probleem er komt - dat probleem zal er zeker niet zijn nu we in twee fasen gaan uitrollen - gaan we zeker naar die oplossingen in de TU-wijk kijken.

De heer TREFFERS (Volt): Het grappige is dat niet ik of Volt dat per se vindt, maar dat alle insprekers dat vonden. Ik vraag me daarom af of u daarnaar geluisterd heeft. 17

De heer HERREMA (GroenLinks): Nee, volgens mij was het zo dat het, kijkend naar de getalletjes, vooral heel penibel was als we autoluw-plus in één keer zouden uitrollen. Dan zijn er echt knelpunten, maar er is voldoende parkeerplek in de TU als achtervang, lijkt ons. De heer ANALIKWU (D66): Die laatste zin van de heer Herrema is eigenlijk precies de introductie die ik nodig heb voor mijn vraag. Die parkeerplekken zijn er al en er rijden ook bussen. Met deze motie vragen we om dit echt expliciet neer te zetten als een P+R. Dat missen we op dit moment nog. Waarom zouden we dus niet efficiënt gebruikmaken van de parkeerplekken die er toch al zijn en de bussen die er toch al rijden en daarop inzetten, ook in het vervolg bij nieuwe dienstregelingen? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De heer Herrema zegt dat er nu, in ieder geval in fase 1 en fase 2, eigenlijk geen probleem lijkt te zijn, maar in hoeverre kan hij in de grote bal van de toekomst kijken? Want volgens mij weten we niet wat er daarna gaat gebeuren en weten we in elk geval wel dat nog steeds heel veel Nederlanders auto's kopen en dat er ook allerlei afsluitingen in de binnenstad zijn die hier impact op hebben.

Is het dan niet verstandig om toch al te kijken hoe we een beetje vooruit kunnen lopen op de feiten? De heer VALK (CDA): Ik ga op dit punt een andere vraag stellen, namelijk niet of er wel of niet een probleem is, maar over een stukje service aan de gasten die naar Delft komen, namelijk goedkoop kunnen parkeren. Dat product, goedkoop parkeren en dan met het ov naar de binnenstad, kunnen we nu niet aanbieden. Waarom wil GroenLinks onze gasten dit niet aanbieden? De heer HERREMA (GroenLinks): Ik denk dat ik dan niet helemaal helder genoeg ben geweest, want GroenLinks vindt het ook prima om te streven naar een P+R in de TU-wijk. Waar wij alleen bezwaar tegen hebben, is om daar nu druk op te zetten en het college te vragen om er voor januari 2026 eentje te realiseren. Daar is wat ons betreft meer tijd voor. Tot slot de motie over veiligheid. Die steunen we niet. Veiligheid is belangrijk; dat vinden wij ook, maar dat is natuurlijk niet het enige aspect. Het verbeteren van de leefbaarheid in brede zin vinden wij eigenlijk het allerbelangrijkste. Veiligheid is daar wel gewoon een onderdeel van. De heer ANALIKWU (D66): Ik heb nog niet helemaal antwoord op mijn vraag gekregen, want het punt met die parkeerplaatsen is volgens mij dat zij er al liggen. Ook de ovverbindingen zijn er al.

De druk die we nu opvoeren, is juist om in gesprek te gaan met de TU om gebruik te gaan maken van wat er al ligt. Er hoeft niet een hele nieuwe parkeergarage gebouwd te worden. Volgens mij is het dus raar om te vragen of dat voor 1 januari 2026 kan. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik heb van GroenLinks gehoord dat het de bezwaren ter harte heeft genomen, maar daarna wachtte ik: wanneer komen dan de bezwaren van bijvoorbeeld de zorginstelling die in de binnenstad zit en die echt enorm in de knel komt met dit plan? Wat doet u daarmee? Schuift u dat ook weg, net zoals u met alle andere voorstellen doet? Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik hoor GroenLinks zeggen dat veiligheid prioriteit heeft maar eigenlijk ook weer niet. Ik vraag me af hoe u dat dan voor zich ziet in een vergrijzende samenleving waarin iedereen straks veel meer meters moet maken om nog naar die auto te komen. Waarom wilt u niet inzetten op veilige parkeergarages en een veilige doortocht naar die locaties? Onafhankelijk Delft begrijpt dat niet. De heer HERREMA (GroenLinks): Om met dat laatste te beginnen: wij ontkennen niet dat wij een veilige binnenstad moeten maken. Daar zijn we het helemaal mee eens, maar de 18

motie focust alléén op veiligheid. Dat vinden wij te smal. Er spelen straks bij de inrichting van de openbare ruimte meer aspecten dan alleen veiligheid, maar natuurlijk gaan we ook werken aan de veiligheid. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik ben het er helemaal mee eens dat de motie gericht is op veiligheid, maar we moeten ergens beginnen. Dit is gewoon een goed begin. Dat kan straks toch eventueel gewoon meegenomen worden in een integraler, groter beleid? Waarom zou je nu in godsnaam hiertegen zijn? De VOORZITTER: Ho, ho, dat vind ik wel hele forse taal. De heer HERREMA (GroenLinks): Wij zijn er als GroenLinks dus ook niet tegen om het aspect veiligheid mee te nemen in de oplossingen die we zoeken voor de openbare ruimte. De SP vroeg of wij nog iets doen aan de bezwaren. Ik denk dat de discussie in de commissie daar helder over was. Natuurlijk moeten we iets met al die bezwaren die er zijn: van de mantelzorgers die in de stad werken, mensen die slecht ter been zijn en die een vergunning hebben enzovoort. Dat moet zeker worden opgelost, maar dat is wat ons betreft de volgende fase. De heer VAN DER SLUIS (SP): Het gaat dus niet om mantelzorgers en mensen die slecht ter been zijn. Er is ook gewoon een zorginstelling in dit gebied die onbereikbaar wordt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14695711/2