Concept-handelingen 15 juni 2023
Tekst van het document
De heer HOMBERGEN (PvdA): Als je echt wil, zijn er voldoende plekken waar je een goed drankje en een goed gesprek kunt hebben. Ik denk dat dat ook beter is dan een happy hour. Wij vinden het van belang om over meer zaken te spreken dan alleen vuurwerk. Wat voor een viering willen we? Wat kan waar in de stad? Want een goede jaarwisseling is zoveel meer dan vuurwerk alleen. Op veel plaatsen heeft een burgerberaad al geleid tot doorbraken en gedragen voorstellen. Het lijkt de PvdA daarom goed om ook in Delft die ervaring op te doen met een burgerberaad en om ook als geheel dichter in de buurt van de bevolking te staan. De PvdA staat een sobere, doelgerichte uitvoering van het burgerberaad voor. Er zijn kosten aan verbonden om de vrijwillig aangewezen deelnemers te compenseren en het proces goed te begeleiden. We willen het bedrag niet precies vastleggen, maar als indicatie noemen we € 130.000. Mensen, laten we onze goede voornemens nu eens laten uitkomen, ook over burgerparticipatie. Daarom dienen we samen met Volt een motie in waarmee we als raad aan de griffie vragen om samen een burgerberaad voor te bereiden. Daarmee is de beslissing niet genomen, maar ik wil wel vragen om dit met z'n allen in gang te zetten, een voorstel voor te bereiden en te kijken hoe we dan tot een beter afgewogen, breed draagvlak kunnen komen voor een mooie jaarwisseling.
Dit geldt overigens niet voor de komende jaarwisseling, want dat is te kort dag. We willen dit doen voor de jaarwisseling 2024-2025. Door de fracties van de PvdA en Volt wordt motie 7.4.2 (Samen met inwoners richting geven aan de viering van toekomstige jaarwisselingen in Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op 15 juni ter bespreking van de collegebrieven beantwoording schriftelijke vragen (...) inzake toekomstige jaarwisselingen (Agendapunt 7.4), constaterende dat:
19
• •
• • •
de viering en evaluatie van de jaarwisseling reeds vele jaren onderwerp van gesprek zijn in de stad en in deze raad; tot nu toe de jaarwisseling niet voor iedereen naar tevredenheid is verlopen, met name over aspecten als vuurwerkgebruik, verwondingen en geweld tegen hulpverleners en schades, en tot nu toe ook een grote inzet van de hulpdiensten nodig is; er veel over de beleving van de inwoners van Delft wordt gesproken, maar minder intensief mét de inwoners het echte gesprek wordt aangegaan; er inmiddels veel informatie op tafel ligt over de mogelijkheden en onmogelijkheden van de viering van de jaarwisseling; over de dilemma's en de kansen rondom de jaarwisseling ook al veel ideeën en voorbeelden zijn gegenereerd;
overwegende dat: • • • • • •
• •
zowel elders in Europa als in Nederland goede ervaring wordt opgedaan met burgerberaden; goede afweging en draagvlak vanuit alle delen van de bevolking van groot belang zijn voor de goede jaarwisseling; het goed is om niet alleen over de burgers te spreken maar ook vooral met de burgers; ook Delft aan de slag wil met nieuwe vormen van burgerparticipatie; burgerberaden een aanvulling zijn op de representatieve democratie met volksvertegenwoordigers en dat wij als volksvertegenwoordigers kaders kunnen meegeven aan een burgerberaad; burgerberaden gericht zijn op dialoog en het bereiken van consensus in plaats van debat en het behalen van een meerderheid. Dit betekent dat de uitkomsten of aanbevelingen met een hoge mate van consent door alle deelnemers worden gedragen; burgerberaden representatief moeten zijn en daarom barricades voor deelname zo veel mogelijk moeten worden weggenomen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een vergoeding voor deelname; de gemeenteraad de geformuleerde aanbevelingen en adviezen vanuit het burgerberaad als zwaarwichtig advies zal gebruiken bij zijn eigen besluitvorming;
draagt de Delftse griffie op: • • • • •
een procesvoorstel voor te bereiden inzake een burgerberaad met de jaarwisseling vanaf 2024-2025 als onderwerp en dit voor te leggen aan de raad; in deze voorbereiding ook te overleggen met gemeenteraad en college voor de juiste vraagstelling en inbedding; in dit procesvoorstel ook o.a. de voorbeelden van Utrecht, Zeist en elders in Europa mee te nemen; kaders te formuleren voor de mogelijke oplossingen (financieel, capaciteit, wetgeving); dit voorstel dit jaar aan te reiken aan de raad ter nadere besluitvorming,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw GERRITSEN (D66): Voorzitter. Nog even wat feiten op een rij over de afgelopen jaarwisseling hier in Delft. De brandweer is 75 keer uitgerukt. Er waren 30 ambulanceritten en 14 mishandelingen. Er werd met vuurwerk gegooid naar mensen op straat, de brandweer en de politie. De totale schade was hier € 60.000, waarvan veel schade aan ons straatmeubilair. Uit onderzoek blijkt dat 35% van de slachtoffers in Nederland jonger is dan 20
20 jaar en dat 36% van de gewonden gewond raakt door vuurwerk dat niet door henzelf is afgestoken. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Ik vraag me af of D66 denkt dat dit echt door het daadwerkelijk legaal afsteken van vuurwerk komt of dat dit probleem komt doordat er te weinig handhavers zijn. Mevrouw GERRITSEN (D66): Dat is volgens mij niet echt een kwestie van denken, want onderzoek wijst uit dat bijvoorbeeld oogletsel voornamelijk komt door legaal vuurwerk. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Om oogletsel te voorkomen - wat natuurlijk heel ernstig is - heb je van die veiligheidsbrilletjes. Je zou ook kunnen zeggen dat je die gratis uitdeelt. Daar heb je dan al veel meer effect van dan van het meer verbieden. Mevrouw GERRITSEN (D66): Dit noem ik een beetje symptoombestrijding. Ik ben het helemaal met u eens dat het een oplossing is, maar het heeft tot nu toe nog niet echt gewerkt, want het is al een tijdje gaande. Dus helaas. In de aanloop naar dit debat stond een oud-chirurg van het Reinier de Graaf aan mijn deur om zijn verhaal te doen over de hoeveelheid vuurwerkpatiënten die hij heeft moeten oplappen, waarbij een jong kind zelfs zijn geslachtsdeel kwijtraakte. We laten het gebeuren en kijken de volgende dag weer wat de schade is. Dan heb ik het over ons als politiek en natuurlijk niet over de politie, de handhavers en de hulpverleners.
Dit is een situatie die we al heel lang hebben getolereerd, maar die niet normaal is. Aan ons is nu de vraag of we dat zo laten. Politiebonden en veel burgemeesters vragen om een landelijk vuurwerkverbod. Ook D66 ziet dit zitten: liever landelijk dan lokaal, want anders krijgen we een onhandige lappendeken. Maar toch, als we naar de genoemde schade kijken, kunnen we niet afwachten tot ook bij landelijke politici het lampje gaat branden. Daarom staan wij onder de motie Oud en nieuw een feest voor iedereen. Al kunnen we daar in de tussentijd één oog mee redden door de norm die wij stellen, dan gebeurt er in ieder geval iets. De VOORZITTER: Mevrouw Brussaard, u heeft al interrupties en een stemverklaring gedaan, maar dit wordt uw echte maidenspeech als raadslid. Het is dan een goed gebruik dat er geen interrupties plaatsvinden. U krijgt dus vrij de tijd om te spreken. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. Hallo, nieuwe collega's. Nu kan ik hier eindelijk een keer spreken. We hebben in de commissie EFB wederom een lange discussie gehad over vuurwerk, over een verbod: moet dat er wel of niet komen? Het is eigenlijk een vraagstuk dat elke raadsperiode weer een keer terugkomt, omdat de schade aan zowel mens als milieu bij veel inwoners en in ieder geval bij veel raadsleden weer vragen oproept.
Zowel landelijk als lokaal is vuurwerk een onderwerp waar de politiek onderling niet uitkomt. Het lukt ons als raad niet om richting te geven aan toekomstige jaarwisselingen en om daar het gesprek over te hebben. Niet alleen betwijfelen sommige partijen dat er een probleem is, ook haalden eerdere voorstellen geen meerderheid omdat partijen twijfelen aan het draagvlak en betwijfelen of we het überhaupt kunnen handhaven. Maar wat denken en willen onze inwoners? Het standpunt van Volt is dat het tijd wordt om onze inwoners deze open vragen te stellen: hoe willen we de toekomstige jaarwisselingen in Delft met elkaar vieren? Volt vindt burgerparticipatie bij dit onderwerp heel belangrijk, omdat we willen komen tot een consensus en niet tot een meerderheid. Afgelopen dinsdag hebben we het met elkaar op een beeldvormende avond over burgerparticipatie gehad. Hoogleraar Linze Schaap merkte in die bijeenkomst terecht op dat er in onze participatieaanpak weinig wordt gezegd over wanneer we welke vorm van participatie inzetten, laat staan waarom we burgerparticipatie als raad zo belangrijk vinden. Dat is eigenlijk best wel heel gek. Met andere woorden: deze 21
motie is niet zomaar een motie over de jaarwisseling. De motie roept ook niet op tot een verbod. Met deze motie vragen we of we in Delft überhaupt ooit tot een burgerberaad kunnen komen. We vragen de griffie daarom om te komen met een procesvoorstel. Wat Volt betreft zou de jaarwisseling een van de onderwerpen zijn waarover er een burgerberaad moet komen. De motie vraagt u ook in hoeverre u bereid bent om naast de representatieve democratie ook andere vormen van democratie in te mengen. Wat is burgerparticipatie u werkelijk waard en wat is de belangrijkste waarde als het gaat om burgerparticipatie? Voor Volt is dat deliberatie. Dat betekent dat de richting die we kiezen als raad, gebaseerd is op beraadslaging onder inwoners, in ieder geval als het om dit onderwerp gaat. Als u kiest voor de motie van de andere partijen, komt u uiteindelijk misschien tot hetzelfde resultaat. Dan horen we misschien: kom alsjeblieft met een verbod. Maar dan heeft u wel al vooraf met elkaar een richting gekozen. Dan is de vraag die u aan de inwoners voorlegt een gesloten vraag en zal een grote groep inwoners al bij voorbaat afhaken in de discussie. Dat zouden wij heel jammer vinden.
Dus nogmaals: welke waarde vindt u het belangrijkst als het gaat om burgerparticipatie rondom de besluitvorming over de jaarwisseling? Wij kiezen voor ideeën en oplossingen voor toekomstige jaarwisselingen die komen vanuit de stad en die niet worden gestuurd of geremd vanuit de partijpolitiek, herverkiezingen, lobby of macht. Met burgerberaden kom je misschien vaak op dezelfde logische oplossingen, maar dat zijn dan wel vaak de oplossingen die op een grote steun en meerderheid van de samenleving kunnen rekenen. Ik hoop dus dat u in ieder geval een stemverklaring wil geven waarin u aangeeft wat de waarde van burgerparticipatie voor u betekent en dat u op de door mij gestelde vragen wil ingaan. (Applaus) De VOORZITTER: Van harte gefeliciteerd met uw eerste speech als raadslid in deze zaal. We hebben u natuurlijk al regelmatig gehoord als commissielid. Het is dus een vertrouwde stem en een vertrouwd geluid, maar nu in de echte raadzaal. Volt is een jonge partij, maar heeft toch al een heel typisch, eigen geluid. Dat is ook goed merkbaar in de motie en in uw bijdrage: goed kijken naar wat er in andere gebieden in Nederland en ook in Europa gebeurt en wat we daarvan kunnen leren. Het was ook een mooie analyse van de politiek hier in Delft: we gaan hier niet uitkomen en we moeten dus ook naar de burgers kijken, onze opdrachtgevers eigenlijk.
U en uw partij hechten ook veel belang aan burgerparticipatie. Het was dus een hele mooie Volt-speech. Ik denk dat het een ijzersterk debuut van u was. We zien uit naar de verdere samenwerking. Nogmaals mijn felicitaties. De heer JAFF (GroenLinks): Ook namens mijn partij en mijzelf felicitaties aan mevrouw Brussaard. U zei aan het begin van uw verhaal dat er twijfel is en dat we hier niet uitkomen. Op zich kan je prima van mening verschillen, maar we hebben het hier over een situatie die feitelijk aantoonbaar schade berokkent aan mensen, dieren en milieu. Dan heb je daar toch een standpunt over in te nemen. Ik mis daarin uw standpunt. Wat is uw standpunt ten aanzien van iets wat feitelijk waarneembaar schade berokkent? Dan nog een tweede vraag. U zei in uw verhaal dat we door te zeggen dat we het niet meer op deze manier willen, een gesloten vraag neerleggen. Nee, we halen er één onderdeel uit en we zeggen: dit is aantoonbaar slecht voor mensen, milieu, dieren en noem maar op; de rest is open en is aan u; praat mee, denk mee en richt het in zoals het u behaagt. Kunt u daarop reflecteren? De VOORZITTER: Probeer interrupties kort en krachtig te houden. Mevrouw De Jongh Swemer, heeft u een vraag aan mevrouw Brussaard? Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Sorry, ik heb een vraag aan meneer Jaff. De VOORZITTER: Dat is niet de bedoeling. Het is de beurt van mevrouw Brussaard.
Mevrouw Brussaard, u mag de twee vragen van meneer Jaff beantwoorden. 22
Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Mijn persoonlijke standpunt is dat ik heel weinig heb met vuurwerk. Er zou inderdaad een verbod op moeten zijn, maar vanuit Volt vind ik burgerparticipatie over dit onderwerp echt heel belangrijk en vind ik het een gemiste kans als een grote groep al bij voorbaat niet meer wil meedoen aan dat gesprek, omdat zij vinden dat wat voor hen het belangrijkst is, eigenlijk al uit de discussie is gehaald. Dat lichtte ik al toe in mijn betoog. Het standpunt van Volt is dat over dit thema eerst burgerparticipatie moet plaatsvinden. Mevrouw GERRITSEN (D66): Ten eerste hartelijk dank voor de maidenspeech. Mijn vraag gaat over het burgerberaad. Vindt Volt ook niet dat we niet moeten treuzelen als het gaat om de veiligheid van onze stad en dat dit juist net niet het juiste onderwerp is voor een burgerberaad? Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Ik vind het niet zozeer treuzelen, want ik denk dat we er ook met de andere motie niet gaan komen. Op zich is er voor dit thema landelijk genoeg aandacht. Hiermee vragen we eigenlijk: hoe komen we tot een andere viering? We kunnen als raad zeggen dat we wel of niet een verbod instellen, maar dat zal geen zoden aan de dijk zetten, omdat dat deels waarschijnlijk moeilijk te handhaven is. Dat heeft de burgemeester de vorige keer al aangegeven. De heer CÜPPERS (STIP): Voorzitter.
De bespreking in de commissie EFB was al lang en ook hier is het debat al flink gaande, maar voor een onderwerp als dit is dat juist goed. We hebben ook al veel kanten van de discussie kunnen uitlichten: de nadelen en risico's die aan het gebruik van vuurwerk hangen, maar de feestelijkheid van de jaarwisseling moet niet verloren gaan. Met de motie van GroenLinks, die we mede hebben ingediend, geven we een goede invulling aan die discussie. De oproep in de motie om met de omliggende gemeenten in gesprek te gaan over een verbod en om richting een landelijk verbod te opereren, is duidelijk toegelicht door de heer Jaff. Het is een belangrijke oproep om echt effectief de nadelen en risico's van vuurwerkgebruik in te perken. Maar dat verbod komt er wat STIP betreft niet zonder dat we nadenken over alternatieven. Daarom roept de motie er ook toe op om met de stad in gesprek te gaan. Mensen die groot voorstander zijn van een verbod, mensen die veel waarde hechten aan een traditionele manier van het vieren van de jaarwisseling en mensen die beide kanten heel belangrijk vinden, allemaal hebben ze hier een mening over. Door met de inwoners goed in gesprek te gaan over hun wensen, kunnen we met heel Delft toewerken naar een nieuw oud en nieuw. Dat brengt me bij de motie van onder andere de PvdA over een burgerberaad. STIP zei in de commissie al daar terughoudend in te staan.
We kunnen het met veel in het voorstel van onder andere de PvdA eens zijn, maar we hebben nog steeds veel vragen. We hoopten veel antwoorden te krijgen op de beeldvormende avond van afgelopen dinsdag, maar veel van wat we wilden weten, is nog niet naar voren gekomen. Voor dit onderwerp denken we dat een burgerberaad een te zwaar en traag middel is voor wat het op moet leveren. We denken dat we de input die we nodig hebben voor een alternatieve jaarwisseling, ook op andere manieren kunnen krijgen. Maar om ook een beetje te reageren op mevrouw Brussaard: we gaan wel graag opnieuw en uitgebreider in gesprek over participatie, zodat we daar beter en inhoudelijker over kunnen praten, over wanneer en op welke manieren we dat beter kunnen aanpakken. Daarom zullen wij spoedig een nieuwe aanvraag doen voor een beeldvormende avond hierover. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Ik wil de vraag toch nog een keer stellen, ook omdat eerder tegen de heer Hombergen is gezegd dat men het een beetje te duur vindt. Wat is burgerparticipatie u waard? Daar wordt eigenlijk vrij weinig over gezegd en er is nu eigenlijk überhaupt geen budget voor een grote vorm van burgerparticipatie.
23
De heer CÜPPERS (STIP): Die participatie is ontzettend veel waard, maar de vraag die hierachter ligt, is: hoe, waarom, wanneer en op welke manier kan je dit het beste insteken? Op dit moment denken wij dat we voor dit onderwerp al goede invullingsmanieren hebben. We willen graag breder naar dat onderwerp kijken, waarbij ook dit onderwerp kan terugkomen, om ervoor te zorgen dat we dit soort participatievormen makkelijker kunnen inzetten en een uitgebreider gesprek kunnen voeren over welke middelen voor welke onderwerpen effectief zijn. Maar voor nu houden we het hierbij en bij deze regeling. De heer HOMBERGEN (PvdA): Na uw hele verhaal gehoord te hebben, is de vraag voor welke onderwerpen u een burgerberaad dan wél geschikt vindt. Ik heb nog een tweede vraag. Je kunt wel heel theoretisch kijken hoe een burgerberaad in elkaar zit; daar is heel veel over gepubliceerd. Je kunt ook vinden dat het hier allemaal aangereikt moet worden. Of je kunt het gewoon gaan proberen. Ons verzoek aan de griffie is om met z'n allen te zeggen: laten we eens gaan uitwerken hoe dit eruit zou moeten gaan zien. Dan beslissen we nog niet om dat te doen, maar we willen een voorstel gaan uitwerken. Hoe staat u daar dan in? De heer CÜPPERS (STIP): In algemene zin is zo'n voorstel het misschien inderdaad wel waard om ernaar te kijken, maar we willen het niet koppelen aan dit onderwerp.
Daarom willen we graag integraal over participatie in gesprek gaan, maar dan moeten we het niet alleen hebben over hoe we een burgerberaad invullen, maar ook over hoe we in het algemeen graag invulling geven aan participatie. Bij de beeldvormende avond van dinsdag is vooral gekeken naar het waarom, maar we willen meer kijken naar hoe je dat op de beste manieren kan doen per onderwerp. De heer HOMBERGEN (PvdA): Als u wil weten hoe het moet gebeuren, zou ik zeggen: laten we hier dan een voorstel voor maken. Dan kunt u precies zien hoe dat uitpakt. De heer CÜPPERS (STIP): Laten we daar inderdaad een keer integraal naar kijken. Ik hoop daarom dat u wilt meehelpen met het opstellen van onze aanvraag van een beeldvormende avond. Daarbij kunnen we ook kijken bij welke onderwerpen dit interessant is. Ik denk dat het niet handig is om aan de voorkant al te zeggen: voor dat onderwerp, dat we in de toekomst gaan bespreken, moeten we per se dit participatiemiddel gebruiken. Volgens mij moeten we dat per onderdeel afwegen. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Volgens mij is het iedereen na de afgelopen commissievergadering duidelijk dat Onafhankelijk Delft de verantwoordelijkheid voor een vuurwerkverbod bij de landelijke overheid legt.
Omdat er in Delft geen vuurwerkvrije zone is aangevraagd, omdat er tijdens het afgelopen oud en nieuw meer vuurwerk dan ooit is afgestoken en betaald en omdat er regionaal geen overeenstemming is over een dergelijk vuurwerkverbod, snappen we niet zo goed dat er na de beantwoording van de schriftelijke vragen toch per se invulling moet worden gegeven aan dit onderwerp. Volgens ons is er geen burgerberaad nodig voor € 125.000 om te weten wat inwoners willen, want dat blijkt uit de nul zones die zijn aangevraagd en de hoeveelheid vuurwerk die is afgestoken. We vinden dan ook weer dat hier betutteling optreedt. Onafhankelijk Delft wil dit onderwerp eigenlijk ook niet als politiek agendapunt voor deze raad, als stip op de horizon of als voorbode van weer een uitsterfbeleid dan wel een verbod. Laat het aan de landelijke overheid. Zoals gezegd is er te weinig capaciteit bij politie, toezicht en handhaving. Onafhankelijk Delft sluit zich dus aan bij wat de portefeuillehouder al in de commissievergadering heeft gezegd. Graag horen we nog wel of er net als vorige jaren nog steeds te weinig geld is voor andersoortige shows als een vuurwerk-, laser- of droneshow.
Daarnaast horen we van de portefeuillehouder heel graag of er in Delft, anders dan de Delftse Hout - gezien de dieren - een locatie zou zijn waar het lonend zou zijn voor alle inwoners van Delft om erheen te komen en waar iedereen plek heeft om van gemeenschapsgeld een dergelijke show bij te wonen en die dus recht zou doen aan een lokaal vuurwerkverbod. 24
De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Een paar keer per jaar hebben de studenten naast me een feest tot diep in de nacht. Dat gaat soms met de nodige overlast. Ze lopen door mijn tuin, waarin ook allerlei zooi terechtkomt. Ik zie ze dronken op het garagedak klimmen, wat me gevaarlijk lijkt, en een keer ben ik zelf bij de eerste hulp beland, al moet ik toegeven dat dat deels mijn eigen schuld was. Ik kan me voorstellen dat ook de dieren in de tuin er het hunne van vinden. Toch heb ik nooit overwogen om de gemeente een brief te sturen om te vragen of ze studentenfeesten wil verbieden. Wel heb ik met ze gesproken. We hebben afspraken gemaakt en daar houden ze zich de ene keer beter aan dan de andere keer. Ik tolereer hun feestjes in de wetenschap dat zij een andere manier hebben om zich te ontspannen dan ik, nu ik wat ouder ben. Ik kan me dus niets voorstellen bij het idee om als gemeente een brief te sturen om te vragen om vuurwerk te verbieden. Er is de laatste jaren al een hoop gedaan om de overlast van vuurwerk terug te dringen. Laten we die maatregelen de tijd geven en de mensen die genieten van vuurwerk, daartoe ook de kans geven. Maar vandaag blijkt weer eens temeer dat de SP de enige linkse partij is die niet zo betuttelend is. Happy hours zijn net verboden. Ik hoop dat vuurwerk niet het volgende slachtoffer wordt.
Over het burgerberaad heb ik al eerder mijn mening gegeven: als je dat al wil doen, doe dan een referendum. Dat is gewoon mogelijk en daar hebben we regels voor. De heer JAFF (GroenLinks): Zegt de SP nu dat we de maatschappij volledig vrij moeten laten en als overheid niks meer moeten bepalen? De heer VAN DER SLUIS (SP): Nee. De heer JAFF (GroenLinks): Wie gaat dan regels bepalen waartoe we ons te verhouden hebben? De heer VAN DER SLUIS (SP): Wij. De VOORZITTER: Eerst nog de heer Hombergen en mevrouw Brussaard. De heer HOMBERGEN (PvdA): Bij een referendum heb je alleen ja of nee. Bij een burgerberaad ga je veel meer de diepte in en heb je een dialoog. Hoe staat de SP daar dan tegenover? Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Ik wil de heer Van der Sluis vragen of voor de SP directe invloed de belangrijkste waarde is in burgerparticipatie of dat mee kunnen praten eigenlijk belangrijker is. Kan hij dat toelichten? De heer VAN DER SLUIS (SP): Wie besluit wat we wel of niet verbieden? Dat zijn wij. Ik heb daar in de commissie al wat over verteld. Er zijn gevallen waarin je als overheid dingen moet verbieden, maar dat zijn uitzonderingsgevallen, niet voor zoiets als dit. Dan de vraag over een burgerberaad. Bij een burgerberaad krijg je misschien meer discussie, maar in een kleine groep. Dat staat mij tegen.
Ik kan me voorstellen hoe dat bij zoiets als een vuurwerkverbod gaat: een kleine groep heeft daar dan in kleine kring veel over gesproken en zegt "het antwoord wordt dit". Ik kan me voorstellen dat hele grote groepen in Delft zich daar heel recalcitrant tegen gaan verzetten omdat ze het daar niet mee eens zijn. Als je een referendum doet, betrek je de hele stad erbij, maar dan zou je wel een goede stelling moeten maken. Je kan daarvoor ook discussiëren met mensen, maar een burgerberaad is dus niet de beste oplossing.
25
Mevrouw BRUSSAARD (Volt): U zegt: leg een vraag neer met ja of nee en ga dan daarover in discussie. U kunt zelf meebepalen in een burgerberaad, ook over de vraag die aan de inwoners wordt gesteld. Dat kan dus een veel bredere vraag zijn dan wel of geen vuurwerkverbod. Heeft u dat goed begrepen van de motie? De heer VAN DER SLUIS (SP): Ja, ik denk dat dat net ook uit het antwoord aan meneer Hombergen bleek. Ik snap wat het verschil is. Ik heb nog heel veel andere dingen te vertellen over een burgerberaad, maar daar wil ik het een andere keer over hebben. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Het moge duidelijk zijn dat wij ons in grote lijnen aansluiten bij wat Onafhankelijk Delft en de SP hebben gezegd. Wij vinden het zeer betuttelend om de maatschappij ook weer dit feest te ontnemen. Het is werkelijk een nationale feestdag waarop iedereen die van vuurwerk houdt - daar ben ik er één van - het fijn vindt om mooi vuurwerk af te kunnen steken en met rode konen en vol spanning met je ouders naar een vuurwerkwinkel te gaan. Jongens, het is een feestje. Ik betreur het dat niet iedereen het zo ervaart en dat iedereen alle sjeu eruit wil halen. Wij zijn heel erg tegen het illegale vuurwerk. We willen ook dat daarop gehandhaafd wordt, maar het legale consumentenvuurwerk is niet zo vreselijk als hier gezegd wordt.
We vinden het jammer dat dit nou net het onderwerp moet zijn dat het voorbeeld moet zijn voor een burgerberaad. Verder kun je je ook afvragen of het raadplegen van ongeveer 100 burgers werkelijk representatief is voor wat mensen vinden. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Voorzitter. Ook hierbij geldt dat er al heel veel wijsheden geformuleerd zijn. Ik pak gewoon de twee moties bij de kop, eerst de motie over samen met inwoners richting geven aan de viering van de toekomstige jaarwisseling via een burgerberaad. Het college vindt dit een hele dure wijze van burgerparticipatie, in elk geval voor dit onderwerp en gelet op het feit dat uiteindelijk toch een nationaal verbod nodig is om het echt effectief te kunnen doen. Dat is ook de reden waarom de politie en de brandweer, met name de politie, daar echt steeds voor pleiten en zeggen: doe het niet lokaal. Je zet dan dus een enorm circus op, terwijl de stad zelf uiteindelijk niet echt veel keuzemogelijkheden heeft, behalve een voorstel dat bijvoorbeeld gedaan wordt met de motie van GroenLinks, waar ik straks op zal ingaan. U spreekt over € 150.000, maar bijvoorbeeld in Leiden loopt het op tot € 350.000 en in Utrecht tot € 400.000. Het is dus behoorlijk kostbaar.
Het is overigens correct om te vermelden dat de griffie op zich best een procesvoorstel zou kunnen maken, maar het college is geen voorstander van verdere uitwerking, want dan moet er vervolgens ambtelijk ook veel inzet gepleegd worden. Die inzet hebben we op dit moment ook niet bij ons, net als de middelen. Wij raden dit dus af. Wethouder Gooijer, van Samen maken we de stad, zal straks overigens nog iets zeggen over burgerparticipatie in algemene zin. Daarbij zal ze ook ingaan op hoe we bijvoorbeeld in het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid helemaal van onderop werken in een wijk. Wat is qua burgerparticipatie mooier dan om daar bezig te zijn? Ik maai hiermee het gras voor de voeten van de wethouder weg. Ik zwijg verder als het graf en zij komt daar straks op terug. Dan de motie Oud en nieuw een feest voor iedereen. Als de raad van mening is dat we tot een nationaal verbod moeten komen, is deze motie een weg die je zou kunnen bewandelen. Daar zit het college neutraal in. Dat is ook de reden waarom we de discussie in de afgelopen commissievergadering eigenlijk een beetje in deze politieke arena hebben gegooid. We hebben al wat gesprekken gehad, de heer Jaff en ik. Er zitten wel een aantal verschillen van inzicht qua feiten. De schade was volgens de ambtelijke organisatie en vanuit de gemeente niet minder in de jaren van het verbod.
De geregistreerde vuurwerkoverlast was in december 2020 en 2021 hoger dan in 2022. Er is ook niet echt een beeld of de Delftenaren in grote mate iets anders willen. Het "spreekt uit" is volgens mij een hanteerbare weg om dit op regionaal niveau aan de orde te stellen. Dat sluit eigenlijk heel goed aan bij wat de heer 26
Visser aangaf in de commissievergadering. Alleen ging hij er open in en u zegt: doe dat met een brief met een nadrukkelijke oproep en probeer daar anderen achter te krijgen en vervolgens de brief te versturen. Als de raad in meerderheid van mening is dat dat een wenselijke situatie is, is deze motie uitvoerbaar. We zitten er neutraal in. Dat kan ik tegen de indieners zeggen. Ik denk dat het verder gewoon aansluit op wat al in de commissievergadering aan de orde is geweest en dat ik verder niet heel veel aan te vullen heb op wat u hier keurig besproken heeft. Ik geef het woord via u, voorzitter, dus graag door aan mevrouw Gooijer, die hopelijk toch nog iets te melden heeft. O, sorry, mevrouw Timmermans heeft mij een vraag gesteld. Er zijn eigenlijk heel weinig plekken in het Delftse om het feest echt in vol ornaat te vieren. Daarbij is het ook de vraag of mensen, nadat ze al een lekkere borrel op hebben na wel of geen happy hour thuis, nog in de auto of op de fiets stappen. We hebben in de vorige raadsperiode eigenlijk met elkaar vastgesteld dat er niet heel veel mogelijkheden zijn. We hebben toen ook een onderzoek gedaan en we hebben vastgesteld dat het behoorlijk duur is, maar als de raad dat gesprek toch nog eens wil aangaan met de burgerij, dan kan dat. Dan organiseren we dat op een lichtvoetige manier, maar niet via een burgerberaad. Dat is eigenlijk het antwoord.
Wethouder GOOIJER: Voorzitter. De motie over het burgerberaad is helemaal geen vraag aan het college. Het is dus misschien een beetje gek dat ik daar expliciet op reageer, maar omdat Samen maken we de stad inderdaad in mijn portefeuille zit, wil ik dat toch even doen. Ik kan zeker niets toezeggen namens de griffie, maar laat ik eerst zeggen dat ikzelf erg benieuwd ben wat er op 13 juni besproken is. Ik hoor van verschillende mensen dat het een zinvolle avond is geweest. Juist omdat we ook als college nadenken over hoe we de stad goed kunnen betrekken, lijkt het me heel goed om samen goed uit te lijnen wat daar besproken is en wat wij ambtelijk en als college bedenken. Ik weet niet wie ik daarvoor ga aankijken. Ik denk dat ik dat via de griffie doe, maar daar ligt wat mij betreft nog wel even een actie. Ik heb natuurlijk ook nagedacht over dit onderwerp en het thema burgerberaad. U kan als raad natuurlijk zelf beslissen of u dat inzet en of u daar budget voor overheeft. Ik vind het fors veel geld om er even zo over te beslissen, maar dan zou ik u dringend adviseren - zo kijk ik er zelf naar - om eerst goed na te denken over het instrument - hoe gebruiken we dat, wat kost ons dat, wat is dat ons waard en voor wat voor thema's willen we het inzetten? - en daarna een keuze te maken voor een onderwerp en niet andersom, wat nu dreigt te gebeuren.
Het gras dat al voor mijn voeten is weggemaaid, is inderdaad dat we op het punt van burgerparticipatie in Delft-West bij het nationaal programma ontzettend gaan experimenteren met inbreng van onderop, gesprekken via de Alliantieraad en de Jongerenraad. Volgens mij vergeet ik nog een gremium. Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: De Partnerraad. Wethouder GOOIJER: De Partnerraad; dank, burgemeester. Het hoeft elkaar niet uit te sluiten, maar weet wel dat we daar ook indringend mee bezig zijn. De VOORZITTER: Mocht u interesse hebben om de sessie van dinsdag terug te kijken: die staat achter het slotje op NotuBiz. Misschien is dat iets voor in het reces, in de zomer. Wethouder GOOIJER: Dat zal ik doen. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. 27
De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Ik wil nog even terugkomen op de vraag van de heer Jaff van GroenLinks in de eerste termijn. Dat was een gesloten vraag. Ik gaf daar een heel kort antwoord op. Dat was wel correct, maar ik wil nog een voorbeeld noemen. Al heel veel categorieën vuurwerk zijn verboden. Dat vindt de SP op zich gewoon prima. Het is dus echt niet zo dat wij voor vrijheid blijheid zijn. Wij maken daar steeds een afweging in. De VOORZITTER: Ik wijs de heer Hombergen erop dat hij al behoorlijk door de spreektijd heen gaat. Er komen hierna nog vijf onderwerpen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Voorzitter. Ik zal het kort houden. De burgemeester verengde in haar antwoord de vragen een beetje naar "wel of geen vuurwerk?" Juist bij de jaarwisseling willen we een heel palet aan mogelijkheden verkennen in dat burgerberaad. Dat is juist de brede beantwoording die ons voorstaat. De heer VAN RIJN (VVD): Ik wil toch nog iets weten. Ik neem aan dat de PvdA tegen de motie van GroenLinks stemt, want als het ooit tot het burgerberaad gaat komen en als het merendeel van de Delftenaren dan vindt dat er geen verbod op vuurwerk moet komen, dan heeft u wel een probleem. U stemt daar dus tegen, want het is wat voorbarig om ervoor te stemmen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Dat zult u straks bij de stemverklaring vernemen. De VOORZITTER: We wachten in spanning af.
De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Ik wil kort ingaan op beide ingediende moties, allereerst de motie over het burgerberaad. Ik zou de indieners de vraag willen voorleggen of zij bereid zijn om de motie voor dit moment aan te houden en of zij mogelijkheden zien om dat gesprek voort te zetten in het fractievoorzittersoverleg om dan met elkaar te kijken wat de handigste en raadzaamste weg is om in te slaan, zeker gezien de kosten die hiermee gemoeid zijn. Dan de motie van GroenLinks en andere indieners. Ik denk dat de portefeuillehouder er gelijk in heeft dat de strekking van de motie in het verlengde ligt van de toezegging van de burgemeester aan ons in de commissievergadering. Wij interpreteren de motie als volgt. Het idee dat we de burgemeester op pad sturen en haar agenda vullen, is het primaat bij de raad in optima forma. Om die reden, met die interpretatie en die kwinkslag, zullen we de motie van GroenLinks steunen. De VOORZITTER: U roept ertoe op om de motie aan te houden. Dat kan formeel niet. Dat zou een oproep zijn om de motie voor vanavond in te trekken, maar het is uiteraard aan de indieners of zij dat doen of niet. Dat gaan we zo horen. Wil de burgemeester nog reageren? Burgemeester VAN BIJSTERVELDT-VLIEGENTHART: Nee, voorzitter. Alles is gezegd. De VOORZITTER: Dan kijk ik met een schuin oog naar de indieners van de tweede motie.
Ik zie dat zij de motie toch gewoon in stemming willen laten brengen. Ik sluit de beraadslaging. Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen over de moties. De heer JAFF (GroenLinks): Voorzitter. Ik heb een stemverklaring over de tweede motie. Wij sluiten ons aan bij de lijn van STIP: wij gaan op dit moment niet voorstemmen, omdat in het programma West nog geëxperimenteerd wordt met dit mooie instrument. Laten we daar kennis opdoen en vervolgens kijken waar we dit nog meer kunnen toepassen.
28
De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Ook van ons een stemverklaring over de motie over het burgerberaad. Ik heb het aanbod gedaan om de motie voor dit moment terug te trekken om de zojuist door mij genoemde redenen. Dat aanbod is, gezien de uitkomst, niet geaccepteerd. Om die reden zullen wij tegenstemmen. De heer VAN RIJN (VVD): Voorzitter. Als VVD willen we net zoals zo'n beetje de rest van de liberale oppositie nota bene voor de tweede keer deze avond de verbodswoede en moraliserende houding van dit linkse college een halt toeroepen. Wij stemmen daarom tegen de motie van GroenLinks. De heer HOMBERGEN (PvdA): Meneer de voorzitter. Wij handhaven onze motie over het burgerberaad, maar wij nemen wel heel graag de handschoen op om ook later te praten over de goede benutting van het instrument, want ik denk dat die discussie nog lang niet voorbij is. Wij steunen de richting van de motie van GroenLinks, maar wij vinden het eerste dictum net wat te sterk, waardoor we de motie niet willen steunen. Het vierde dictum vinden we wel heel sympathiek, maar de motie is wat ons betreft net wat te scherp en staat ook te veel in een gespannen verhouding tot het idee van een burgerberaad. Mevrouw BRUSSAARD (Volt): Voorzitter. Vanwege wat ik al in mijn betoog heb gezegd, zullen ook wij de andere motie niet steunen. Wij handhaven de motie.
Ik ga natuurlijk aan de heer Treffers vragen om dit ook nog eens te bespreken in het fractievoorzittersoverleg, maar dat is geen reden om de motie nu in te trekken. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Wij zullen ook tegen beide moties stemmen. We vinden de moties te betuttelend en vinden dat ze te weinig vertrouwen in de samenleving uitspreken. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Ook Onafhankelijk Delft is tegen deze betutteling. We zien een burgerberaad echt niet zitten, zeker voor deze prijsklasse. De andere motie vinden we veel te voorbarig nu er geen landelijk verbod is. In stemming komt motie 7.4.1 (Oud en nieuw een feest voor iedereen) van GroenLinks, de ChristenUnie, STIP en D66. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met 21 tegen 17 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, de ChristenUnie, D66, GroenLinks en STIP ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 7.4.2 (Samen met inwoners richting geven aan de viering van toekomstige jaarwisselingen in Delft) van de PvdA en Volt. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 5 tegen 33 stemmen, waarbij de fracties van de PvdA en Volt ervoor hebben gestemd. De VOORZITTER: Er is geen raadsvoorstel. Dit agendapunt is dus afgedaan.
Ik geef het voorzitterschap straks terug aan de burgemeester, maar ik stel voor dat we vijf minuten schorsen om de benen te strekken en wat water te pakken. De vergadering wordt enige tijd geschorst. (De burgemeester neemt het voorzitterschap van de vergadering over van de heer Valk.) XX. College van B en W - Toekomstbeeld fietsparkeren Delft met handelingsperspectief (nr. 2316214). 29
De VOORZITTER: De volgende moties zijn aangekondigd: motie 7.5.1, Geef Delft een eigen fietsdepot, van de heer Koelewijn van Hart voor Delft, motie 7.5.2, Geen extra fietsnietjes en fietsrekken langs de grachten, van de heer Koelewijn van Hart voor Delft, mevrouw Van den Berg van de VVD en de heer Van der Sluis van de SP, motie 7.5.3, Omarm het project Winkels open, fietsers lopen, van de heer Koelewijn van Hart voor Delft, en slot motie 7.5.4 Fietsparkeerplaatsen Binnenstad, van mevrouw Gaal van Onafhankelijk Delft. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Voorzitter. Op dit dossier dient Hart voor Delft drie moties in. Deze moties zijn onder andere tot stand gekomen in overleg met bewoners die allen de historische binnenstad een warm hart toedragen. Dat geldt natuurlijk ook voor de partijen die de motie Geen extra fietsnietjes en fietsrekken langs de grachten indienen. Deze motie dienen wij in met de VVD en de SP. Dit is een mooi voorbeeld waarin de stadspartij twee doorgaans tegengestelde partijen bij elkaar weet te brengen. De indienende partijen begrijpen best dat in de overgangsfase naar een grootschalige infrastructuur ten behoeve van het fietsparkeren in de tussentijd tijdelijke voorzieningen zullen moeten worden gecreëerd. Het zou de beeldkwaliteit op onze grachten echter enorm aantasten als we dit grootschalig langs deze grachten zouden doen.
We zijn dan ook niet tegen tijdelijke oplossingen, behalve als er te makkelijk voor zou worden gekozen om deze tijdelijke capaciteit massaal langs de grachten te realiseren. Hart voor Delft vindt dat er beter eerst goed moet worden gekeken naar de alternatieven waarnaar het rapport van Royal Haskoning verwijst en dat die vervolgens eerst moeten worden benut. Graag een reflectie daarop van de wethouder. Mevrouw WENTINK (STIP): Ik ben benieuwd waar Hart voor Delft dan tijdelijke voorzieningen wil neerzetten als het die niet langs de grachten wil. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Daar kan ik kort over zijn. Er staan allerlei alternatieven in het rapport van Royal Haskoning. Daar kunt u dat in terugvinden. Mevrouw WENTINK (STIP): Heb ik dan goed begrepen dat Hart voor Delft alle ondernemingspanden vol wil zetten met fietsen? Dat is immers een van de dingen die in het rapport van Royal Haskoning staan. Dat betekent dus dat we minder ruimte hebben voor ondernemen in onze stad. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Hart voor Delft is zeker niet voor het vol zetten van lege winkelpanden, maar er zijn alternatieven. Er zijn in de binnenstad ook ruimtes die niet aan de gracht liggen. In het rapport staat dat daar ook het een en ander kan worden gerealiseerd. Ook missen we de termijn van de tijdelijkheid.
We begrijpen dat de wethouder geen concrete datum kan geven, maar wellicht wel een indicatie. Om mooie nieuwe dingen te realiseren, zit je eerst in de rommel, maar wij spreken de wens uit dat we de rommel zo veel mogelijk willen beperken voordat we die mooie nieuwe dingen hebben. Dan het project Winkels open, fietsers lopen. Veel mensen en ook de lokale media dachten dat Hart voor Delft fietsen in de binnenstad in z'n geheel wilde verbieden. Integendeel, fietsen in de binnenstad moet mogelijk blijven. Alleen levert het soms op bepaalde momenten en plekken ongemak op, zoals op drukke al dan niet marktdagen. De motie geeft aan dat je in de bedoelde straten met je fiets moet gaan lopen als de winkels open zijn. Als je niet wil lopen met je fiets, zijn er voldoende alternatieve routes om naar je bestemming te kunnen blijven fietsen. Hart voor Delft ziet dit project als een zinvol experiment, zeker gelet op de gedragsaanpassing die er toch moet komen zodra er een nieuw fietsparkeerregime is gerealiseerd.
30
Tot slot de motie Geef Delft een eigen fietsdepot. Die motie spreekt voor zichzelf. Bij een toename van het aantal inwoners van deze mooie stad is het zinvol en wenselijk om een eigen depot te hebben in plaats van dat we fietsers nu helemaal naar Den Haag moeten sturen. Graag een reactie van de wethouder hierop. Mevrouw WENTINK (STIP): Hoe kijkt Hart voor Delft dan naar de reactie van de wethouder dat het financieel het meest voordelig is om wél gebruik te maken van het depot in Den Haag? Want die middelen kunnen we dan beter in bijvoorbeeld goede ondergrondse fietsenstallingen steken, waar uw partij zoveel aandacht voor vraagt. Mevrouw VAN DIJK (ChristenUnie): De ruimte in Delft is schaars. Dat bent u vast met mij eens. Waarom zouden we die ruimte in Delft besteden aan een fietsdepot? De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Voor beide vragen wacht ik sowieso eerst de reactie van de wethouder in de eerste termijn af. Door de fractie van Hart voor Delft wordt motie 7.5.1 (Geef Delft een eigen fietsdepot) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 15 juni 2023 ter bespreking van agendapunt 7.5 'College van B en W - Toekomstbeeld fietsparkeren Delft met handelingsperspectief', constaterende dat: • • • • •
Delft de ambitie heeft tot 2040 15.000 woningen te bouwen en 10.000 extra arbeidsplaatsen te realiseren; deze ambitie tot gevolg heeft dat er zo’n 30.000 à 40.000 Delftenaren bij komen; het college het autobezit en het autogebruik wil terugdringen en daardoor het fietsgebruik, al dan niet elektrisch, enorm zal toenemen; het stationsgebied al langere tijd kampt met stallingscapaciteitsproblemen; Delft nu capaciteit inkoopt bij depot Haaglanden in Den Haag;
overwegende dat: • • •
er door de nieuw te bouwen infrastructuur binnen het rapport Toekomstbeeld fietsparkeren Delft van Royal HaskoningDHV ook een nieuw fietsparkeerregime zal ontstaan; dit kan leiden tot een toename van verkeerd gestalde fietsen, weesfietsen en fietswrakken; je Delftenaren eigenlijk in eigen stad de gelegenheid moet bieden hun fiets op te halen;
verzoekt het college: • • •
te besluiten dat de Delftenaren een eigen fietsdepot verdienen; te onderzoeken waar een Delfts fietsdepot kan worden ondergebracht; de raad hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fracties van Hart voor Delft, de VVD en de SP wordt motie 7.5.2 (Geen extra fietsnietjes en fietsrekken langs de grachten) ingediend:
31
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 15 juni 2023 ter bespreking van agendapunt 7.5 'College van B en W - Toekomstbeeld fietsparkeren Delft met handelingsperspectief', constaterende dat: • • • •
Royal HaskoningDHV een zeer gedegen onderzoek heeft gedaan en een uiterst nauwkeurig rapport heeft geleverd; het rapport spreekt over beperkte inzet van autoparkeerplekken ten behoeve van fietsparkeerplekken; er langs de grachten ook ruimte nodig is voor andere faciliteiten; ook 'tijdelijke' invulling van de grachten voor fietsparkeren een aantasting is van de beeldkwaliteit van de historische binnenstad;
overwegende dat: • • •
het niet duidelijk is om hoeveel 'tijdelijke' fietsparkeerplekken het gaat; het college niet concreet aangeeft wat 'tijdelijk' is; het rapport Toekomstbeeld fietsparkeren Delft voldoende alternatieven biedt voor 'tijdelijke' fietsparkeerplekken;
verzoekt het college: • • •
geen extra fietsnietjes en fietsrekken te plaatsen langs de grachten; eerst alle alternatieven voor fietsparkeerplekken te onderzoeken en te benutten; de raad hierover zo snel mogelijk te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van Hart voor Delft wordt motie 7.5.3 (Onderzoek het project Winkels open, fietsers lopen) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 15 juni 2023 ter bespreking van agendapunt 7.5 'College van B en W - Toekomstbeeld fietsparkeren Delft met handelingsperspectief', constaterende dat: • • • • • •
het college, naast het rapport Toekomstbeeld fietsparkeren Delft in meerdere dossiers de voetganger op 1 heeft staan; de fietser welkom is, maar wel zijn gedrag aan moet passen; het fietsgebruik in en naar de binnenstad de komende jaren sterk toe zal nemen; het project Fietser te gast in de bepaalde straten niet heeft gewerkt; fietsers nu luid bellend zich door de mensenmassa wurmen; fietsers nu gewend zijn bij elke winkel de fiets te stallen, ook op drukke (markt)dagen;
overwegende dat: • • •
Winkels open, fietsers lopen prima past in het project Ruimte in de binnenstad en in de aanloop naar een nieuw fietsparkeerregime; er behoefte is aan duidelijke communicatie wat wel en niet gewenst is; er voldoende alternatieve straten zijn waar de fietser die toch wil blijven fietsen, gebruik van kan maken (zie toelichting); 32
• •
de fietser prima wordt bediend zodra er voldoende fietsparkeerplekken, al dan niet ondergronds, zijn gerealiseerd; dit project wellicht weer kan worden opgeheven zodra het nieuwe fietsparkeerregime is gerealiseerd;
verzoekt het college: • • •
te onderzoeken hoe het project Winkels open, fietsers lopen in de binnenstad kan worden geïmplementeerd; dit te beperken tot de drukke winkelstraten, waaronder Jacob Gerritstraat en Paradijspoort (zie toelichting); de raad hierover in het eerste kwartaal van 2024 te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag. Toelichting: In één oogopslag is duidelijk wat van de fietser in deze straten wordt verwacht. Voetgangers en fietsers zitten elkaar niet meer in de weg. Winkels open, fietsers lopen zou met name kunnen gelden voor drukke winkelstraten als: Jacob Gerritstraat, Molslaan (tussen Brabantse Turfmarkt en Paradijspoort), Paradijspoort, Voldersgracht, Hippolytusbuurt, Choorstraat, Brabantse Turfmarkt en Burgwal. Alternatieve routes om te blijven fietsen zijn bijvoorbeeld: Koornmarkt, Oude Delft, Oosteinde en Verwersdijk. Handhaven is prima mogelijk; fietsen in de aangegeven straten valt duidelijk op. In het kader van de gedragsverandering t.o.v. het fietsparkeren is het wenselijk om fietsers eerst aan te spreken door bijvoorbeeld fietscoaches en/of city stewards." Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Ik heb me aan de regel gehouden om mijn betoog met twee bladzijden in te korten. Het is nu dit geworden. Voornamelijk in de binnenstad hebben wij een enorm fietsparkeerprobleem. Aangezien het ernaar uitziet dat er geen oplossing gerealiseerd kan worden en Onafhankelijk Delft tegen het onttrekken van woon- en ondernemersruimte is, komen wij met deze motie, waarmee snel ruimte vrijgemaakt kan worden om fietsen te parkeren en de ergste nood voorlopig te lenigen. Dat was het; sneller kan niet.
De VOORZITTER: Kort en krachtig; een voorbeeld voor velen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Dit was zo kort dat het punt niet in het betoog werd genoemd. Ik ga de vraag dus maar gewoon stellen. In de overwegingen zegt u dat bruggetjes in de binnenstad vrijgehouden moeten worden van fietsen, maar dat staat nergens in het dictum van de motie. Dat vind ik eigenlijk jammer; nou, laat ik het zo zeggen: dat had ik eigenlijk wel verwacht. Waarom heeft u dat niet opgenomen in het dictum van de motie? Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Ik heb eigenlijk geen idee. Ik heb het gewoon neergezet en ik dacht: het hoeft geen verplichting te zijn, maar het is wel jammer dat het straatbeeld zo verrommelt door die fietsen die allemaal tegen die bruggetjes aan gezet worden. Als jij daar je fiets neerzet en daar dan tien fietsen overheen gaan, moet je al die fietsen bovendien weer weghalen. Misschien zou het dus inderdaad een toevoeging zijn. Als ik dat zou doen, zou u dan voor deze motie stemmen? De heer VALK (CDA): Dat gaat mevrouw Gaal zo horen in mijn bijdrage. Door de fractie van Onafhankelijk Delft wordt motie 7.5.4 (Fietsparkeerplaatsen binnenstad) ingediend: 33
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 15 juni 2023 ter bespreking van agendapunt 7.5 'College van B en W - Toekomstbeeld fietsparkeren Delft met handelingsperspectief', constaterende dat: • • • •
er in Delft veel te weinig fietsparkeerplekken zijn, vooral in de binnenstad; het fietsparkeerprobleem met name veroorzaakt wordt door studenten die niet inpandig hun fietsen kunnen stallen; brugleuningen in de binnenstad vol fietsen worden gezet; Delft al jaren een fietsparkeerplaats probleem heeft, met name in de binnenstad;
overwegende dat: • • • • •
Onafhankelijk Delft niet wil dat schaarse woon- en/of ondernemersruimte wordt ingezet als fietsparkeerplaats(en); er ruimte langs de gracht te realiseren valt, wat goedkoper is en snel kan; bruggetjes in de binnenstad vrijhouden van fietsen bijdraagt tot een prettiger straatbeeld; er zo snel en goedkoop mogelijke maatregelen genomen moeten worden om de overlast aan te pakken; de fietsparkeerplekken eventueel gecamoufleerd zouden kunnen worden met groen;
draagt het college op om, waar mogelijk, de eerste drie autoparkeerplaatsen vanaf de bruggetjes in de binnenstad vrij te maken voor fietsparkeren, en gaat over tot de orde van de dag." De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Ik ga in op de vier moties, maar ik probeer het kort te houden. Ik begin met de motie over het fietsdepot. Het uitgangspunt kan D66 wel steunen. Het is mij nog nooit overkomen, maar je hebt weinig inlevingsvermogen nodig om te bedenken dat helemaal naar de Binckhorst misschien een stukje te ver is, maar we kunnen op dit moment de consequenties van deze motie niet overzien. Wat zijn bijvoorbeeld de kosten? Is er überhaupt ruimte? Ik vond de interruptie van mevrouw Van Dijk ook wel een goede: de ruimte in Delft is heel schaars; moeten we dan een fietsdepot plaatsen als de kosten, zoals we in de commissievergadering al van de wethouder hoorden, nu eigenlijk een stuk lager zijn? Ik ben dus benieuwd naar het antwoord van de wethouder op dit punt. Dan de motie Geen fietsnietjes. Wat D66 betreft neemt deze motie eigenlijk al best wel een voorschot op de goede gesprekken die nu bezig zijn over het project Ruimte in de binnenstad. In die gesprekken gaat het juist over wat er moet gebeuren met deze ruimte. Daar wordt nu eigenlijk al een voorschot op genomen. Ik denk dat het heel goed is om het proces het proces te laten.
Daarnaast geef ik toe dat het voor D66 niet onvoorstelbaar is dat het nodig zal zijn dat op een aantal parkeerplaatsen waar nu auto's staan, ook fietsen komen. Dan de motie Onderzoek het project Winkels open, fietsers lopen. Zoals ik in de commissie al heb aangegeven, staat D66 op zich niet negatief tegenover het verbeteren van die coexistentie tussen fietser en voetganger. Wat D66 betreft gaat de motie echter een stuk te ver. Wij zien meer in het aanpakken van de excessen, bijvoorbeeld de hard rijdende brommers en asociaal fietsende mensen. Ik ben benieuwd wat de wethouder daarover zou kunnen zeggen: zijn daar mogelijkheden voor? Daarnaast zien we ruimte voor verbetering van de communicatie. Daar ligt eigenlijk een hele mooie rol voor de slogan Winkels open, 34
fietsers lopen, maar wat D66 betreft hoeft dat niet voor alle fietsers te gelden en hoeft het ook niet per se handhaafbaar te zijn. Zoals in de motie wordt aangegeven, hangt er nu een klein bordje met "Fietsers te gast". Dat schiet qua communicatie echt tekort. Wij hopen dus eigenlijk dat daar een verbeterslag mogelijk is. Tot slot de motie Fietsparkeerplaatsen binnenstad. Ook deze motie neemt eigenlijk al een voorschot op de gesprekken die nu lopen rondom Ruimte in de binnenstad. Wij willen dat gesprek heel graag afwachten. Daarnaast kunnen we ook hier de consequenties niet van voorzien. Zijn er misschien logischere invullingen voor de plekken naast de bruggen en noem maar op? Dat wachten we dus liever af. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Het gaat om een oplossing die we nu al direct zouden kunnen realiseren en we hebben nu wel echt een heel groot probleem met al die fietsen. Het is de goedkoopste manier om voorlopig fietsen te kunnen stallen totdat er een andere, grotere oplossing is. De heer ANALIKWU (D66): Dat is precies het punt dat ik al noemde bij de eerdere motie over fietsnietjes en de parkeerplekken. Het is inderdaad een snelle oplossing. Daarom willen wij het niet uitsluiten, maar het is nu eigenlijk niet te overzien of dat per se direct naast de bruggen moet zijn.
Ik zou de wethouder willen vragen of ze daarop kan reflecteren: zijn er beperkingen aan en zijn er andere dingen die we beter op die locaties kunnen doen? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. In de commissievergadering hebben we het al gezegd: meer dan 8.000 fietsparkeerplekken vinden in een toch al hele drukke stad is echt een grote uitdaging. Het college wil zowel voor de korte als voor de lange termijn een aantal maatregelen nemen. In theorie is dat natuurlijk een prima strategie, want we kunnen het niet ineens allemaal vandaag oplossen. Maar wat ons tegen de borst stuit, is de wijze waarop het college nu al meteen onder de noemer "tijdelijk" blik voor blik gaat vervangen in het zuidwestelijke deel van de binnenstad. Nog zonder dat de inwoners zelf iets hebben kunnen zeggen over het herinrichten van hun straten, heeft het college dat al voor hen bepaald. Daar heeft dit college inmiddels een handje van: bedenken wat goed is voor onze inwoners. De heer ANALIKWU (D66): Ik vind het eigenlijk wel een leuke opmerking van mevrouw Van den Berg, omdat zij aangeeft dat het college nu een voorschot neemt op de goede gesprekken die bezig zijn. Bent u dan niet van mening dat ook wij als raad die gesprekken moeten afwachten en daar nu niet een voorschot op moeten nemen met deze motie van onder andere de VVD? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Dat is eigenlijk een hele mooie vraag.
U vraagt mij of ik niet ook wil afwachten wat er in de gesprekken met de bewoners gebeurt, maar dat is nou precies wat het college niet doet. Het college neemt nu al maatregelen door onder de noemer "tijdelijk" autoparkeerplaatsen al op te heffen en daar fietsnietjes voor in de plaats te zetten. Juist het integrale karakter van de aanpak van de binnenstad, waar wethouder Van Vliet zo hoog van opgeeft in het kader van zijn integrale aanpak van de binnenstad, zien we bij het college dus niet. De heer ANALIKWU (D66): Misschien is er nu een stukje verwarring. Het wordt in het handelingsperspectief genoemd, maar het handelingsperspectief is wat anders dan het plan voor het komende jaar. Volgens mij moeten we vooral wachten op wat er bijvoorbeeld bij de adaptieve mobiliteitsagenda komt over de maatregelen die nu gaan plaatsvinden naar aanleiding van het handelingsperspectief. Volgens mij neemt de VVD dus wél een voorschot op die gesprekken en het college juist niet. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Ik hoor geen vraag en ga dus verder met mijn betoog. Ik vind het eigenlijk vooral heel jammer dat het college in onze ogen al een voorschot neemt op 35
die maatregelen in de stad, vooral ook omdat we dus nog niet goed hebben geluisterd naar wat de inwoners willen. Dat is heel jammer, want in de commissievergadering waren er een aantal insprekers. Eén van hen was de voorzitter van de Belangenvereniging de Oude en de Nieuwe Delf en die kwam met twee hele goede concrete suggesties: parkeren van fietsen in de parkeergarages op het moment dat er plekken leegstaan of parkeren op eigen grond van bijvoorbeeld de studentenhuizen met binnenplaatsen. Kan de wethouder toezeggen dat zij deze oplossingsrichtingen ook wil meenemen in de aanpak? Ik zei het al: hoe kan het dat wethouder Van Vliet op het ene moment zegt dat de bewoners uitgebreid mogen meedenken over het integraal herinrichten van het zuidwestelijke deel van de stad en dat wethouder Huijsmans daar vervolgens overheen stapt en toch nu alvast parkeerplekken opheft om er fietsnietjes te plaatsen? Met deze vraag in ons achterhoofd hebben we onze handtekening daarom gezet onder de motie Geen onnodige fietsnietjes langs de grachten. De heer ANALIKWU (D66): Omdat mevrouw Van den Berg er nog een keer over begint, zal ik het nu als vraag formuleren. Waar blijkt volgens mevrouw Van den Berg uit dat het college die acties nu onderneemt? Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Dat staat letterlijk in het voorliggende voorstel.
De heer ANALIKWU (D66): Het voorliggende voorstel is een handelingsperspectief. Dat moet bijvoorbeeld landen in de adaptieve mobiliteitsagenda. Volgens mij zijn de indieners van deze motie dus de enigen die een voorschot nemen. De VOORZITTER: We vervallen in herhaling. Ik stel voor om dat niet te doen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Dat is een goed idee. Dan ga ik alleen nog reageren op de andere moties, allereerst op de motie over een fietsdepot in Delft. We hebben vooral een vraag aan het college, want welk probleem lossen we eigenlijk op? Is Den Haag niet al een prima optie en zou het niet veel fijner zijn om de ruimte die hier zo schaars is, vooral niet op te vullen met een fietsdepot? Dat had ik overigens ook aan de indiener van de motie kunnen vragen. Winkels open, fietsers lopen: de aanleiding voor deze motie ligt in een probleem dat we eigenlijk zelf hebben gecreëerd door allerlei shared spaces in de binnenstad te introduceren. Voetgangers worden regelmatig van hun sokken gereden in de binnenstad. We begrijpen dus de zorgen van Hart voor Delft als indiener van deze motie. We zijn daarom heel benieuwd naar de reactie van het college op dit voorstel. De heer VAN DER POST (PvdA): Voorzitter. Ik zal het kort houden. Ik ga alleen in op de vier moties. Wat het fietsdepot betreft zijn de vragen over kosten en ruimte al gesteld; dat vinden wij ook vraagpunten.
Wat de fietsnietjes langs de grachten betreft: "geen blik voor blik", maar als blik vier wielen, een motor en een stuur heeft, is het blijkbaar geen probleem. Dat vinden we dus een wat moeizaam verhaal. Bovendien denken wij dat er echt niet naar gestreefd wordt om alle parkeerplaatsen om te zetten in fietsparkeerplaatsen. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Tijdens de commissievergadering waren de insprekers heel duidelijk: zij hechten heel veel waarde aan het enigszins in de buurt kunnen plaatsen van hun auto. Zij zijn wel bereid om het gesprek te voeren over een eventuele andere inrichting, maar hebben echt moeite met het veranderen van hun autoparkeerplek in een fietsparkeerplek. Zij willen dat niet zomaar rücksichtslos laten doorvoeren. Waarom heeft u daar dan geen oren voor? 36
De heer VAN DER POST (PvdA): Ik denk dat wij daar toch iets anders tegen aankijken, ook gezien het streven naar een autoluwere binnenstad. Maar ik heb niet zoveel tijd. Ik probeer het dus heel kort te houden. De motie Onderzoek het project Winkels open, fietsers lopen vinden we een goed idee, maar er moet wel heel goed afgebakend worden waar dat precies geldt. Ik weet niet of alle in de toelichting genoemde straten hiervoor in aanmerking komen, maar dat willen wij even aankijken. Fietsen bij bruggen plaatsen is op zich interessant, maar het is wel helemaal ingevuld. Ik zou dus iets meer ruimte willen hebben voor het college om wat meer locaties in beeld te krijgen. Maar als oplossing van dit probleem klinkt dit wel sympathiek. Mevrouw WENTINK (STIP): Voorzitter. In het Mobiliteitsprogramma Delft staat het volgende: "In de binnenstad krijgen vooral fietsers en voetgangers prioriteit." Dat vindt STIP fijn, want voor ons staat de fiets op 1. De fiets op 1 betekent ook dat we als stad moeten zorgen voor de juiste voorzieningen voor fietsen. Met die blik van het geven van prioriteit aan de fietsers zijn wij gaan kijken naar de moties. De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Ik zou mevrouw Wentink willen vragen waar ze dat vandaan haalt, want in bijna alle documenten wordt gesproken over "de voetganger op 1".