CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplanboekje Verbreding Schie

Raadsvergadering 6 maart 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Vaststellen bestemmingsplan Verbreding Schie (coördinatieregeling) (2505061)36.949 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Verbreding Schie NL.IMRO.0503.BP0071-2001

bestemmingsplan Verbreding Schie

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding en doel planvorming 1.2 Begrenzing plangebied 1.3 Vigerende bestemmingsplannen 1.4 Opbouw plan

4 4 4 5 6

Hoofdstuk2 Planbeschrijving 2.1 Gebiedsvisie 2.2 Bestaande situatie 2.3 Toekomstige situatie

7 7 8 8

Hoofdstuk3 Beleidskader 3.1 Rijk 3.2 Provinciaal / regionaal beleid 3.3 Hoogheemraadschap Delfland 3.4 Gemeentelijk beleid

11 11 12 14 15

Hoofdstuk4 Omgevingsaspecten 4.1 Luchtkwaliteit 4.2 Externe veiligheid 4.3 Water 4.4 Ecologie 4.5 Besluit milieueffectrapportage 4.6 Trilling 4.7 Bodemkwaliteit 4.8 Bedrijven en milieuzonering 4.9 Geluid 4.10 Verkeer 4.11 NGE (Niet Gesprongen Explosieven)

22 22 25 26 32 35 38 40 43 44 48 51

Hoofdstuk5 Archeologie en Cultuurhistorie 5.1 Archeologie 5.2 Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing

52 52 54

Hoofdstuk6 Juridische planbeschrijving 6.1 Inleiding 6.2 Systematiek bestemmingen

55 55 55

Hoofdstuk7

58

Handhaving

Hoofdstuk8 Maatschappelijke en financiële uitvoerbaarheid 8.1 Inspraak en overleg 8.2 Financiële uitvoerbaarheid

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 2

59 59 61

bestemmingsplan Verbreding Schie

Toelichting

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 3

bestemmingsplan Verbreding Schie

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doel planvorming

Een belangrijk onderdeel van dit plan betreft de verbreding van een deel van de Schie.Ter plaatse van de tankwal in Schieoevers Zuid wordt de Schie verbreed over een lengte van 700 meter tussen de Energieweg en de Marconiweg. De huidige Schie is hier te smal en voldoet daardoor niet aan de normen/ambitiesvoor een provinciale vaarweg. Na het verbreden van de vaarweg tot 34,60 m wordt daar wel aan voldaan. In Schieoevers Noord vindt de komende jaren een transformatie plaats, van industrieterrein naar gemengd woon/werkgebied. In het verlengde van de ontwikkeling in Schieoevers-Noord zal de bedrijvigheid in Schieoevers Zuid worden geïntensiveerd. Onderdeel van transformatie Schieoevers Noord is ook het verbeteren van de oost-west verbindingen over de Schie. Hiervoor wordt de Gelatinebrug gerealiseerd ter hoogte van de Rijnweg. Om hiervoor ruimte te maken en ten behoeve van de ontwikkeling van Kabeldistrict worden de huidige laad/loswal en bestaande openbare ligplaatsen, als tweede onderdeel van en in combinatie met de eerder genoemde verbreding van de Schie, verplaatst naar een nieuwe locatie in Schieoevers Zuid. Zandhandel en Overslagbedrijf Van der Waal B.V. (hierna: de zandhandel) zal, als huidige gebruiker van een deel van de loswal, meeverhuizen naar de nieuwe locatie.

Om het plan te kunnen realiseren is het noodzakelijk om het geldende bestemmingsplan voor deze locatie te herzien. Er is voor gekozen om daarbij gebruik te maken van de zogenoemde coördinatie-regeling die ervoor bedoeld is om de benodigde besluiten (zo veel mogelijk) gezamenlijk voor te bereiden en bekend te maken. De besluitvorming kan zodoende gedegen en efficiënt verlopen. Het proces is ook voor belanghebbenden overzichtelijker, omdat sprake is van één gecoördineerde procedure waartegen beroep openstaat.

1.2

Begrenzing plangebied

Het plangebied ligt aan de westzijde van de Schie en strekt zich uit vanaf de Energieweg richting het zuiden tot aan Avalex in de buurt van de Schieweg. Aan de oostzijde vormt de Schie de grens van het plangebied. Op onderstaande afbeelding is de begrenzing nader aangegeven.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 4

bestemmingsplan Verbreding Schie

Afbeelding: Ligging van het plangebied in directe omgeving (bron: Google Maps).

1.3

Vigerende bestemmingsplannen

Het voor de locatie geldende bestemmingsplan is "Schieoevers Zuid", vastgesteld op 27 september 2012. De gronden van de planlocatie hebben daarin de bestemming 'Groen' en 'Verkeer'. Binnen deze bestemmingen zijn geen bedrijfsactiviteiten en gebouwen toegestaan behalve (onder voorwaarden) een fietsenstalling. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn (onder voorwaarden) wel toegestaan. Verder geldt voor het gehele plangebied de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' en gedeeltelijk de dubbelbestemming ''Waarde - Archeologie'. De functieaanduiding 'ecologische verbindingszone' maakt eveneens onderdeel uit van de planlocatie. Binnen de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. Om daarvan af te wijken is vooraf schriftelijk advies van het Hoogheemraadschap nodig. Er mag dan geen onevenredige afbreuk worden gedaan aan het veilig en doelmatig functioneren van de waterkering. Binnen de dubbelbestemming 'Waarde-Archeologie' mag, voor zover toegestaan en passend binnen overige geldende bestemmingen, enkel gebouwd worden na voorafgaand archeologisch onderzoek. Ter plaatse van de aanduiding 'ecologische verbindingszone' zijn de gronden uitsluitend bestemd voor groenstructuren, natuurvriendelijke oevers, water, recreatieve langzaamverkeersroutes en leidingen ten behoeve van nutsvoorzieningen.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 5

bestemmingsplan Verbreding Schie

Afbeelding: Uitsnede geldende bestemmingen waarbij het plangebied rood is omkaderd; bron: ruimtelijke plannen) Het realiseren van een laad/loswal en openbare ligplaatsen is niet mogelijk binnen de bepalingen van dit bestemmingsplan. Daarom is gekozen voor het vaststellen van een nieuw bestemmingsplan.

1.4

Opbouw plan

Hoofdstuk 2 van dit bestemmingsplan, de planbeschrijving, beschrijft de beoogde ontwikkeling binnen het plangebied. In hoofdstuk 3 is het beleid beschreven. Hoofdstuk 4, 'Omgevingsaspecten en onderzoek', beschrijft het voor het bestemmingsplan uitgevoerde onderzoek en de relevante omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op het onderwerp cultuurhistorie. In hoofdstuk 6 wordt een toelichting gegeven op de juridische regeling. Hoofdstuk 7 gaat in op handhaving en in hoofdstuk 7 worden de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan beschreven.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 6

bestemmingsplan Verbreding Schie

Hoofdstuk 2

Planbeschrijving

In dit hoofdstuk wordt een beschrijving gegeven van het voornemen. Alvorens in te gaan op de beoogde toekomstige situatie, wordt eerst aandacht besteed aan de bestaande situatie en het huidig gebruik van de omgeving.

2.1

Gebiedsvisie

Ten zuiden van de binnenstad van Delft ligt Schieoevers, een langgerekt gebied aan weerszijden van de Schie dat op dit moment met name ruimte biedt aan bedrijven. Dit gebied speelt in de visie van de gemeente een belangrijke rol in de verdere verstedelijking en groei van Delft, zowel op het gebied van wonen als werken. Schieoevers is op te delen in een zuidelijk en noordelijk deel met elk een eigen karakter. In de omgevingsvisie 2040, vastgesteld 15 juli 2021, zijn op hoofdlijnen de ambities vastgesteld. Voor Schieoevers Noord is dit nader uitgewerkt en vastgesteld in onder andere het Ontwikkelplan Schieoevers Noord. De ambitie voor Schieoevers Noord is het gebied versterken als broedplaats voor innovatieve en (technische) kennisintensieve maakeconomie met een kwalitatieve en aantrekkelijk openbare ruimte. Met goede verbindingen door en naar het Schieoevers gebied, de TU Delft Campus, Voorhof, Tanthof en ook naar de regio. Ook zal de gebiedsontwikkeling Schieoevers een belangrijke bijdrage leveren aan de toevoeging van woningen en intensivering van het grondgebruik. In dat kader worden onder andere Kabeldistrict en Nieuwe Haven herontwikkeld. Schieoevers Zuid is een gemengd bedrijventerrein met een specifiek vestigingsmilieu voor watergebonden bedrijvigheid. Op dit terrein mogen activiteiten plaatsvinden die vallen in een hoge milieucategorie (HMC).

Weinig bedrijven maken gebruik van de kades. Ook zijn er weinig bedrijven met een hoge milieucategorie. Voor het zuidelijk deel van het bedrijventerrein Schieoevers zal niet gekozen worden voor transformatie. Hier wordt nadrukkelijk ingestoken op verduurzamen door intensiever en efficiënter gebruik te maken van het terrein. Het gehele gebied van Schieoevers Zuid biedt mogelijkheden en blijft dat ook doen voor activiteiten die vallen in een hoge milieucategorie. De ambitie voor Schieoevers Zuid is om het bedrijventerrein beter te gaan benutten om zo bij te dragen aan Delft als stad van techniek en innovatie en de waardenketen te sluiten. Een belangrijke stap in de ontwikkeling van Schieoevers Noord is het realiseren van gemengde hoogstedelijke milieus, zoals Kabeldistrict. Voorwaarden voor deze ontwikkelingen is een fijnmazig langzaam vervoersnetwerk dat is ingebed in de stad en aansluit op het regionale netwerk. Onderdeel van dit netwerk is de Gelatinebrug, een verbinding over de Schie voor voetgangers en fietsers. Om de brug mogelijk te maken is de verplaatsing van enkele watergebonden functies van de Schieweg in Schieoevers Noord noodzakelijk. Deze watergebonden functies betreffen de zandhandel, een openbare loswal en twee ligplaatsen voor binnenschepen. Deze functies passen binnen het hoge milieucategorie profiel van Schieoevers Zuid.

Mede hierom is er gekozen voor een nieuwe locatie aan de Schiekade in Schieoevers Zuid. Dit vraagt om aanpassingen aan de Schiekade tussen de Kruithuisweg en Avalex. De Delftse Schie vormt samen met het Rijn-Schiekanaal en de Haagse Trekvliet de vaarweg tussen Rotterdam en Den Haag. De vaarweg heeft een belangrijke functie voor het goederenvervoer tussen de steden wordt daarnaast door recreatievaart gebruikt. Om toekomstige scheepvaart een veilige en vlotte doorvaart te bieden is verbreding van de vaarweg nodig tussen de Energieweg en Marconiweg. De vaarweg is geschikt voor CEMT III/M4 (Dortmund-Eemskanaalschip) en blijft hiervoor geschikt. De vaarweg was ter plaatse niet breed genoeg, en daarmee plaatselijk niet veilig. Met de verbreding kan de gewenste vlotte en veilige doorvaart van CEMT III/M4 schepen gegarandeerd worden. Over de Schiekade loopt een fietspad dat op dit moment intensief gebruikt wordt en een belangrijke verbinding vormt tussen de binnenstad van Delft en het buitengebied. Door verdere verstedelijking van Delft en met name het omliggende stadsdeel neemt het belang van deze route toe. Een goede inpassing van deze route met meer ruimte voor voetganger en fietser is nodig.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 7

bestemmingsplan Verbreding Schie

2.2

Bestaande situatie

Het bedrijventerrein Schieoevers Zuid ligt ten zuiden van de Kruithuisweg aan weerszijden van de (Delftse) Schie. Aan de oostzijde liggen veelal watergebonden kavels in een relatief smalle, buitendijkse strook tussen de Rotterdamseweg en de Schie. Aan de westzijde bevindt zich een veel breder terrein met verschillende veelal grote kavels. Dit terrein ligt echter binnendijks en heeft geen directe watergebonden functie. Uitzondering is Avalex waar een overslagstation voor afval over de openbare oever is heen gebouwd. Tussen de bedrijfskavels en de Delftse Schie ligt de Schiekade, een openbare, groene oever met fietspad dat druk gebruikt wordt door onder andere roeicoaches, fietsers en wandelaars. Dit fietspad is onderdeel van een stadlandverbinding, tussen de binnenstad van Delft en het Abtswoudse Bos. De route refereert aan de historische jaagpaden langs trekvaarten tussen de Hollandse steden Haarlem, Leiden, Den Haag, Delft, Rotterdam, Schiedam, Maassluis en Vlaardingen. De vaarweg Delftse Schie heeft wisselende breedtes. Ter hoogte van de tankwal bij Schieoevers Zuid is de vaarweg met 20 tot 25 meter erg smal.

Afbeelding: Ligging van het plangebied in directe omgeving (bron: Google Maps)

2.3

Toekomstige situatie

2.3.1

Verbreding Schie

De vaarweg Delftse Schie wordt verbreed over een lengte van circa 700 meter, tussen de Energieweg en Marconiweg, naar 34.6 m. Deze verbreding vindt plaats aan de westzijde en gaat ten koste van een deel van de groenstrook van de Schiekade. 2.3.2

Openbare ruimte: Schiekade

Door de verbreding van de Schie en aanleg van ligplaatsen en loswal krijgt de Schiekade een nieuw verloop en nieuwe inrichting. De groene oever wordt smaller, het fietspad wordt verlegd, de sloot wordt gedempt, de aanwezige tankwal wordt verplaatst en twaalf bomen, waarvan tien populieren, worden gekapt. Ook de waterkering wordt verlegd. bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 8

bestemmingsplan Verbreding Schie In het nieuwe inrichtingsplan voor de Schiekade is de recreatieve route tussen binnenstad en buitengebied (stadlandverbinding) de drager. Naast het nieuwe fietspad wordt een apart voetpad aangelegd dat anticipeert op de toekomstige groei van Delft en Schieoevers Noord. Het voetpad ligt aan de waterzijde, het fietspad ernaast. Waar de paden weg buigen van de Schie ontstaat ruimte voor watergebonden activiteiten. De paden worden zoveel mogelijk van groene bermen voorzien, die een natuurlijke scheiding vormen met de bedrijfsactiviteiten aan zowel de land- als waterzijde. In de berm tussen fietspad en bedrijfskavels aan de landzijde wordt een nieuwe bomenrij geplant. De huidige, cultuurhistorisch waardevolle tankwal (drakentanden) wordt iets verplaatst naar het westen. 2.3.3

Loswal

In 2018 is door Arcadis een verkenning uitgevoerd naar de mogelijkheden voor het realiseren van een loswal en ligplaatsen op de locatie Schieoevers Zuid aan de westoever van de Delftse Schie. De verplaatsing van Schieoevers-Noord naar Schieoevers-Zuid past namelijk in de gemeentelijke visie om de zwaardere industrie en watergebonden bedrijvigheid zoveel mogelijk in Schieoevers-Zuid te laten landen. In de verkenning (Zie hiervoor bijlage 1) heeft een beoordeling plaatsgevonden van een aantal mogelijke locaties op basis van een aantal criteria: realiseerbaarheid, inpasbaarheid, kosten, duurzaamheid, veiligheid. Daaruit is de locatie van de loswal ter hoogte van Avalex/Rojo naar voren gekomen. In de uitwerking is iets afgeweken van de locatie voor de loswal zoals deze uit het locatieonderzoek naar voren is gekomen. Dit heeft vooral te maken met de ambities (fietspad, voetpad, groen) in relatie tot de beperkte ruimte op deze locatie. Daarnaast is in de tussentijd de Faradaybrug als ruimtereservering losgelaten door de gemeente Delft. In genoemde locatiestudie was dit wel nog een randvoorwaarde. De vrijgevallen ruimte kan daarom worden benut voor het ontwerp. Met het loslaten van de ruimtereservering voor de Faradaybrug is geen (nieuwe) alternatieve locatie voor de loswal van de zandhandel ontstaan, omdat daar dwars op de oever - noordelijk van de Marconiweg - geen ruimte voor is.

De minimale breedte die nodig is voor de loswal bij de zandhandel wordt bepaald door de afstand tussen de vaargeul en het meest westelijke groenstrookje, de ruimte voor een kraan, de ruimte voor de trechters, de breedte voor de bedieningscabine, de ruimte voor het rijden van vrachtwagens, de ruimte voor twee groenstroken, de breedte van een voetpad en de breedte van een fietspad. De ontsluiting en de locatie zijn verder uitgewerkt in de ontwerptoelichting (Bijlage 2). Ter hoogte van de Marconiweg wordt de nieuwe loswal gerealiseerd. Deze loswal bestaat uit een loswal voor de zandhandel (aan de zuidzijde) en een openbare loswal (aan de noordzijde) die gebruikt kan worden voor tijdelijke loswalactiviteiten. Op de loswal voor de zandhandel staan onder andere vier trechters, een kraanbaan, zandopslag en een kantoorkeet. Op de openbare loswal kan een tijdelijke kraan worden geplaatst. Ontsluiting voor vrachtwagens vindt plaats vanaf de inrit in het verlengde van de Marconiweg. Vrachtwagens voor de zandhandel steken naar links en rijden dan achteruit naar de trechters. Vrachtwagens voor de openbare loswal steken naar rechts en rijden dan achteruit de loswal op.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 9

bestemmingsplan Verbreding Schie

Afbeelding: indicatieve doorsnedes van de nieuwe Schiekade ter hoogte van de Teslaweg (boven) en de zandhandel (onder).

2.3.4

Ligplaatsen

Ten noorden van de Schieverbreding, ter hoogte van de Turbineweg, wordt de oever circa 10 m verbreed, ten koste van de vaarweg. Hier worden twee ligplaatsen voor binnenvaartschepen gerealiseerd.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 10

bestemmingsplan Verbreding Schie

Hoofdstuk 3

Beleidskader

In dit hoofdstuk worden de belangrijkste beleidsstukken aangehaald die betrekking hebben op Delft en in het bijzonder die voor dit plan.

3.1

Rijk

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050. De visie geeft richting en helpt om keuzes te maken; te kiezen voor slimme combinaties van functies; uit te gaan van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van gebieden. Het Rijk heeft voor alle nationale belangen een zogenaamde systeem-verantwoordelijkheid. Voor een aantal belangen is het Rijk zelf eindverantwoordelijk. Maar voor een groot aantal nationale belangen zijn dat de medeoverheden. De NOVI richt zich op die ontwikkelingen waarin meerdere nationale belangen bij elkaar komen, en keuzes in samenhang moeten worden gemaakt tussen die nationale belangen. De belangrijkste keuzes zijn: Duurzame energie inpassen met oog voor omgevingskwaliteit. Ruimte voor overgang naar een circulaire economie. Woningbouw in een stedelijk netwerk van gezonde en groene steden. Landgebruik meer in balans met natuurlijke systemen. De NOVI heeft een dusdanig abstractieniveau dat er geen directe uitvoeringsprogramma's op het onderhavige bestemmingsplan van toepassing zijn. 3.1.2

uitgangspunten

of

AMvB Ruimte (Barro)

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening stelt het Rijk een aantal regels met betrekking tot de inhoud van bestemmingsplannen. De onderwerpen betreffen onder andere project mainportontwikkeling Rotterdam, kustfundamenten, gronden van defensie, grote rivieren en Waddenzee en waddengebied. Voor de in het Barro genoemde onderwerpen moeten op grond van de Wet ruimtelijke ordening alle bestemmingsplannen binnen een jaar aan de bepalingen uit het Barro voldoen. Geen van de in het Barro genoemde onderwerpen hebben echter betrekking op onderhavig bestemmingsplan. 3.1.3

Bro (Ladder voor duurzame verstedelijking)

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte werd de Ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) dienen nieuwe stedelijke ontwikkelingen standaard gemotiveerd te worden met behulp van drie opeenvolgende treden. Deze treden borgen dat tot een zorgvuldige ruimtelijke afweging en inpassing van die nieuwe ontwikkelingen wordt gekomen. Per 1 juli 2017 is artikel 3.1.6 van het Bro gewijzigd. Deze wijziging heeft als doel de regeling te vereenvoudigen, waarbij de effectiviteit van het instrument behouden moet blijven. Een onderzoek naar de behoefte heeft slechts tot doel na te gaan of de vestiging van een functie of dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Concreet betekent dit dat met betrekking tot de (economische) behoefte, de marktvraag of de beoordeling van de mogelijke of economische gevolgen van die vestiging ruimtelijke effecten (bijv. leegstand) relevant zijn. Artikel 3.1.6.

lid 2 van het Bro luidt als volgt: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” Dat betekent: eerst bepalen of een nieuwe ontwikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft, vervolgens kijken of er vraag is naar een bepaalde nieuwe ontwikkeling, daarna analyseren of het bestaande stedelijk gebied of bestaande bebouwing kan worden hergebruikt en tot slot afwegen of de ontwikkeling negatieve ruimtelijke gevolgen tot gevolg kan hebben. In paragraaf 3.2.3 wordt nader beoordeeld of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 11

bestemmingsplan Verbreding Schie

3.2

Provinciaal / regionaal beleid

3.2.1

Provinciaal beleid: de instrumenten

Het provinciale omgevingsbeleid voor de fysieke leefomgeving bestaat uit twee kaderstellende instrumenten: de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Naast de kaders maken uitvoeringsprogramma's en plannen, zoals het programma Ruimte en het programma Mobiliteit, deel uit van het provinciale omgevingsbeleid. In de uitvoeringsprogramma's en plannen zijn operationele doelstellingen opgenomen om zichtbaar te maken op welke wijze het beleid wordt gerealiseerd. 3.2.2

Omgevingsvisie Zuid-Holland

Per 1 april 2019 is de Zuid-Hollandse Omgevingsvisie in werking getreden. In de Omgevingsvisie is al het bestaande provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving samengevoegd in een Omgevingsvisie en Omgevingsverordening. De provincie wil met haar Omgevingsvisie een uitnodigend perspectief bieden, zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. Er is daarom geen eindbeeld voor 2030 of 2050 opgenomen, maar de maatschappelijke opgaven zijn vertaald in ambities. Richtinggevende ambities In de Omgevingsvisie zijn de volgende zeven richtinggevende vernieuwingsambities in de fysieke leefomgeving vastgesteld: 1. Samen werken aan Zuid-Holland: inwoners, organisaties en bedrijven in een vroeg stadium betrekken bij besluiten 2. Bereikbaar Zuid-Holland: efficient, veilig en duurzaam over weg, water en spoor. 3. Schone energie voor iedereen: op zoek naar schone energie, haalbaar en betaalbaar voor iedereen 4. Een concurrerend Zuid-Holland: diversiteit, de economische kracht van Zuid-Holland. 5. Versterken natuur in Zuid-Holland: een aantrekkelijk landelijk gebied draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving. 6. Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland: versnellen van de woningbouw met behoud van ruimtelijke en sociale kwaliteit. 7. Gezond en veilig Zuid-Holland: beschermen en bevorderen van een gezonde, veilige leefomgeving. 3.2.3

Omgevingsverordening Zuid Holland

De inhoud van de Omgevingsvisie is voor een groot deel leidend voor de inhoud van de Omgevingsverordening. In de verordening van Provinciale Staten van Zuid-Holland zijn de regels opgenomen die worden gesteld aan gemeentelijke bestemmingsplannen, met als doel het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. Voor onderhavig bestemmingsplan wordt, vanwege de tervisielegging van het ontwerpbestemmingsplan Verbreding Schie voor 1 januari 2024, uitgegaan van de provinciale instructieregels, zoals opgenomen in de geconsolideerde versie van de Omgevingsverordening Zuid-Holland d.d. 1 april 2023.

Nieuwe stedelijke ontwikkeling Deze ontwikkeling is niet te beschouwen als nieuwe stedelijke ontwikkeling in het kader van de Omgevingsverordening Zuid Holland, aangezien er ook zonder deze ontwikkeling al sprake is van een bedrijventerrein. Dit bedrijventerrein wordt door deze ontwikkeling niet qua oppervlakte vergroot en voorziet al in de planologische mogelijkheid om bedrijven in de hogere milieucategorieën toe te staan. Het gaat hier slechts om een intensivering van bestaand stedelijk gebied met één bedrijf dat afkomstig is van het naastgelegen bedrijventerrein Schieoevers Noord. Ook de verbreding van de vaarweg kan niet worden beschouwd als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Wel is overwogen of de ontwikkeling past binnen het bedrijventerrein Schieoevers Zuid en of er behoefte is aan de ontwikkeling. Schieoevers Zuid is een gemengd bedrijventerrein (verschillende soorten bedrijven zijn ter plaatse mogelijk). Daarnaast past de wijziging ook binnen de afspraken die de gemeente Delft samen met omliggende gemeenten en de provincie Zuid-Holland heeft gemaakt in het woon-werkakkoord al waar de behoefte aan locaties voor zwaardere bedrijven in de regio is neergelegd. Eén van de doelen van het woon-werkakkoord is dan ook om voldoende ruimte te borgen voor bedrijvigheid. In dit kader is afgesproken om bestaande bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 12

bestemmingsplan Verbreding Schie bedrijventerreinen beter te benutten door onder andere bedrijven te verplaatsen, ruimte efficiënter te gebruiken en hogere milieucategorieën toe te staan. Deze afspraken betreffen voornamelijk milieucategorie 3.1, 3.2 en 4 bedrijvigheid en daarnaast zien de afspraken op het ruimte bieden aan watergebonden bedrijvigheid. Door het verplaatsen van de zandhandel wordt voldaan aan de ambitie om het bedrijventerrein beter te benutten en te intensiveren door de vestiging van een watergebonden bedrijf in een hogere milieucategorie. Er is dan ook sprake van een goede ruimtelijke ordening.

Ruimtelijke kwaliteit Om te kunnen bepalen of een ruimtelijke ontwikkeling passend is, is vooral de ruimtelijke impact van belang. Hoe groot die ruimtelijke impact is wordt in specifieke gevallen bepaald aan de hand van gebiedsprofielen en door onderscheid te maken in drie soorten ontwikkeling: inpassing, aanpassing en transformatie. Gelet op het uitgangspunt dat de ruimtelijke kwaliteit als gevolg van ontwikkeling per saldo niet afneemt, dient de toetsing aan ruimtelijke kwaliteit een integraal onderdeel te vormen van de planvorming en afweging. De verbreding van de Schie, het realiseren van een laad/loswal die hoofdzakelijk door de zandhandel - afkomstig vanuit Schieoevers Noord - wordt gebruikt, het verplaatsen van de openbare ligplaatsen van Schieoevers Noord naar Schieoevers Zuid en het verleggen van het fietspad, passen binnen de gebiedsidentiteit van het bestaande industrieterrein. Het plan voorziet niet in een wijziging op structuurniveau en voldoet aan de ruimtelijke kwaliteitseisen bij inpassing.

Risico's van klimaatverandering Door klimaatverandering wordt het in Nederland, warmer, natter en droger. Dit heeft invloed op onze leefomgeving. Zo ervaren we steeds vaker hittestress, droogte en wateroverlast door heftige regenbuien. Daarnaast neemt de kans op overstromingen toe. Bij ontwikkelingen moet er dan ook rekening worden gehouden met de gevolgen van de risico's van klimaatverandering tenminste voor zover het betreft de risico's ten aanzien van: a.

wateroverlast door overvloedige neerslag;

b.

overstroming;

c.

hitte;

d.

droogte

alsmede de effecten van de bovengenoemde risico's op het risico van bodemdaling. Voor zover risico's zich voordoen wordt rekening gehouden met het zo veel mogelijk voorkomen en beperken, via maatregelen of voorzieningen, dan wel het gericht aanvaarden van deze risico's. Voor de risico's van klimaatadaptatie wordt verwezen naar paragraaf 3.4.5 en 4.3. Hieruit blijkt dat met dit plan rekening is gehouden met de gevolgen van de risico's van klimaatverandering op genoemde aspecten.

Bedrijven De zandhandel is een watergebondenbedrijf uit de milieucategorie 4. Door het verplaatsen van de zandhandel van Schieoevers Noord naar Schieoevers Zuid wordt het bedrijventerrein beter benut en geïntensiveerd.

Hoofdfietsnetwerk en lange afstands wandelpaden Het plangebied is gelegen aan een loop- en (brom)fietsroute langs de Schie. Als looproute maakt dit onderdeel uit van het hoofdnetwerk voor de voetganger en als (brom)fietsroute is dit onderdeel van het hoofdfietsnetwerk (Mobiliteitsprogramma Delft 2040). De locatie is daarmee goed verbonden met zowel het groene buitengebied als belangrijke stedelijke voorzieningen en stations. Onderdeel van het plan is om deze loop- en fietsverbinding te versterken en te integreren in een groene corridor. Dit plan houdt dan ook rekening met het fietsnetwerk en lange afstands wandelpaden.

Vrijwaringszone Provinciale vaarwegen bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 13

bestemmingsplan Verbreding Schie Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op gronden waarop een vrijwaringszone van een vaarweg in beheer bij de provincie kan voorzien in nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mits rekening wordt gehouden met het voorkomen van belemmeringen voor: a. de zichtlijnen van de bemanning en de op het schip aanwezige navigatieapparatuur voor de scheepvaart; b.het contact van de scheepvaart met bedienings- en begeleidingsobjecten; c.de toegankelijkheid van de provinciale vaarweg voor hulpdiensten vanaf de wal; en d.het uitvoeren van beheer en onderhoud aan de provinciale vaarweg. Bij deze ontwikkeling is hiermee rekening gehouden. Deze ontwikkeling komt tot stand in samenwerking met de vaarwegbeheerder.

Regionale waterkeringen Het bestemmingsplan voorziet in een dubbelbestemming Waterstaat - Waterkering plus een specifieke gebiedsaanduiding Artikel 11 vrijwaringszone - vaarweg ter borging van de belangen vanwege de waterkering en de beschermingszone c.q. vaarwegzone. Het ontwerp voor genoemde ontwikkelingen is in nauw overleg met de vaarwegbeheerder opgesteld.

3.3

Hoogheemraadschap Delfland

3.3.1

Waterbeheerprogramma 2022-2027

Het Waterbeheerprogramma 2022-2027, 'Keuzes maken en kansen benutten' is het document waarin het Hoogheemraadschap van Delfland (hierna: Delfland) de ambities voor de komende jaren heeft vastgelegd. Voorheen heette dit een waterbeheerplan en lag de wettelijke plicht in de Waterwet. Deze gaat op in de Omgevingswet en dan heet het een waterbeheerprogramma. Het is de zesde in de reeks, daarom staat het ook bekend als WBP6. Het programma beschrijft de doelen voor het waterbeheer en de financiële consequenties daarvan. Delfland investeert de komende jaren in het vergroten van de waterveiligheid, het verbeteren van de waterkwaliteit, het tegengaan van wateroverlast en het optimaliseren van de zuivering van afvalwater. Klimaatverandering, zeespiegelstijging verzilting en nieuwe wetten en regels gaan het waterbeheer de komende decennia ingrijpend veranderen. Bovendien dwingen de complexiteit van het beheergebied en de omvang van de noodzakelijke investeringen tot het stellen van prioriteiten. Delfland spreidt daarom de maatregelen in de tijd, zodat het tempo aansluit bij de mogelijkheden van de organisatie en het gebied. 3.3.2

Beleidsnota beperken en voorkomen wateroverlast (2014)

De beleidsnota 'Beperken en voorkomen wateroverlast' bevat het Delflandse beleid op hoofdlijnen voor het op orde brengen en houden van het watersysteem ten aanzien van wateroverlast. Het gaat daarbij zowel om het oplossen van bestaande knelpunten als om het voorkomen van nieuwe knelpunten. 3.3.3

Handreiking watertoets

Delfland hanteert een Handreiking watertoets voor gemeenten. De handreiking biedt gemeenten, adviesbureaus en projectontwikkelaars handvatten voor de invulling van proces en inhoud van de watertoets voor ruimtelijke plannen op gemeentelijk niveau. De handreiking is gebaseerd op bestaand beleid van Delfland en sluit aan op de Wet ruimtelijke ordening, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Crisis- en herstelwet en de Waterwet. De toets berust op twee uitgangspunten: 1. standstillbeginsel - negatieve effecten van ruimtelijke ontwikkelingen op het watersysteem worden voorkomen; 2. verbetering - in ruimtelijke ontwikkelingen worden de kansen die zich voordoen om bestaande knelpunten in het watersysteem te helpen oplossen, benut. In het kader van de watertoets heeft overleg plaatsgevonden tussen de gemeente Delft en het bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 14

bestemmingsplan Verbreding Schie Hoogheemraadschap van Delfland. Dit komt aan de orde in paragraaf 4.3. 3.3.4

Watervergunning

Voor sommige activiteiten is een watervergunning van het Hoogheemraadschap van Delfland nodig, bijvoorbeeld: - graven of dempen van oppervlaktewater; - bouwen binnen de beschermingszone van een waterkering; - aanleg van ondergrondse leidingen.

3.4

Gemeentelijk beleid

3.4.1

Omgevingsvise Delft 2040

In de Omgevingsvisie Delft 2040 wordt op hoofdlijnen de gewenste ontwikkeling weergegeven op het gebied van wonen, werken en vrije tijd. De kwaliteiten die van Delft een aantrekkelijke stad maken worden behouden door ze verder te verrijken en te versterken. De Delftse kernwaarden zijn: historie, technologie, innovatie, creativiteit en de verbonden stad. Het Delftse erfgoed (oud en nieuw) speelt een grote rol in de aantrekkelijkheid, identiteit en het vestigingsklimaat van de stad. Deze Delftse Koers ziet op de volgende punten. Delft als stad van innovatie en technologie. Delft voorziet tot 2040 in een groei van 10.000 banen. Delft maakt gebruik van de substantiële kansen van kennisintensieve bedrijven en van een kennisgedreven en ambachtelijke 'maakindustrie'. Deze nieuwe maakindustrie biedt arbeidskansen voor een brede doelgroep in Delft en de regio. Het feit dat in Delft technisch onderwijs op mbo, hbo en academisch niveau aanwezig is maakt Delft uniek en versterkt de kansen van het Delftse bedrijfsleven. Delft koestert de huidige bedrijven, kleinschalige economie en biedt waar mogelijk groeiruimte aan bestaande bedrijvigheid. De TU is en blijft een belangrijke partner en is in 2040 zowel sociaal als fysiek beter met de stad verbonden. Historie, innovatie en creativiteit kleurt cultuur en toerisme in Delft.

Om de positie van de historische en culturele stad te versterken, investeert Delft in kwalitatieve cultuurvoorzieningen, attracties, evenementen, een verantwoorde ontwikkeling van toerisme en in het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte. Delft koestert zijn erfgoed en zet ook bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen in op het doorvertalen van de rijke historie van Delft. Erfgoed in Delft is bekend en 'beleefbaar', waar je ook bent in de stad. Delft, waar het goed en gezond leven is; sterke en leefbare wijken. Delft zet tot 2040 in op het toevoegen van 15.000 woningen. De nieuwe woningen dragen bij aan een kwaliteitsverbetering in de wijken. Waar mogelijk wordt in hogere dichtheden gebouwd. De fysieke leefomgeving moet bijdragen aan de gezondheid van iedere Delftenaar. Negatieve milieueffecten worden teruggedrongen en Delft richt zich op een gezond ingerichte leefomgeving. Het buitengebied is altijd goed bereikbaar. In 2040 is de buitenruimte in en om de stad voor mens, plant en dier op minimaal hetzelfde kwaliteitsniveau als nu. De biodiversiteit wordt bevorderd, door buitenruimten en nieuwe bebouwing natuurvriendelijk in te richten en te realiseren. In 2040 bestaat het begrip 'afval' niet meer. Delft functioneert dan als een circulair systeem voor grondstoffen.

In 2040 is Delft een stad waar iedereen ertoe doet, meedoet, elkaar kan ontmoeten en de kans krijgt zich te ontwikkelen. De openbare ruimte en voorzieningen die worden gerealiseerd, dragen hier aan bij. Er wordt meervoudig gebruik gemaakt van de beschikbare openbare ruimte en deze is doelmatig onderhouden en sociaal veilig ontworpen. Duurzaam Delft is klaar voor de toekomst. Delft is in 2040 hard op weg om in 2050 energieneutraal en klimaatbestendig te kunnen zijn. Om daar te komen, zet Delft in op energiebesparing, een warmtenet en zonne-energie. Delft met voorzieningen voor iedereen. Delft heeft in 2040 hoogwaardige, passende en toegankelijke voorzieningen die nodig zijn voor zorg, welzijn, cultuur, onderwijs en sport. Delft streeft naar een goede spreiding van voorzieningen en clustert waar mogelijk. Delft bereikbaar. Delft zet in op een mobiliteitstransitie. Het mobiliteitssysteem gaat veranderen, zodat Delft de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft. De ruimte voor de infrastructuur in de stad wordt beter benut door voorrang te geven aan ruimte-efficiënte, schone, bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 15

bestemmingsplan Verbreding Schie slimme en veilige mobiliteit. In Delft moeten nieuwe ontwikkelingen en initiatieven in de fysieke leefomgeving in beginsel altijd bijdragen aan de Delftse kernwaarden historie, technologie, innovatie, creativiteit en de verbonden stad. De zes opgaven in de Delftse koers werken samen om deze kernwaarden te beschermen en waar mogelijk te versterken en te verrijken. De lokale initiatieven dragen op hun beurt weer bij aan ten minste twee of meer verschillende Delftse opgaven. Initiatiefnemers wordt gevraagd al in een vroeg stadium na te denken over de samenhang in opgaven en welke meerwaarde dit voor de stad Delft kan creëren. Het verplaatsen van de bestaande ligplaatsen, laad/loswal en zandhandel van Schieoevers Noord naar Schieoevers Zuid draagt bij aan het realiseren van de transformatieopgave van Schieoevers Noord en daarmee aan de doelstellingen van de Omgevingsvisie. 3.4.2

Ontwikkelplan Schieoevers Noord

De raad van de gemeente Delft heeft op 11 juli 2019 het Ontwikkelplan Schieoevers Noord vastgesteld. Het ontwikkelplan bouwt voort op de Gebiedsvisie Schieoevers 2030 en legt hierbij op hoofdlijnen de volgende accenten voor de ontwikkeling van Schieoevers Noord naar een gemengd stedelijk gebied: Schieoevers Noord is een goed draaiend bedrijfsterrein. Het gebied bevat een aantal parels van de Delftse economie; bedrijven waar we allemaal trots op zijn, waarmee Delft goud in handen heeft. Delft bouwt aan haar toekomst op Schieoevers Noord. Om parels te kunnen blijven koesteren kent het gebied ook een aantal opgaven. Denk bijvoorbeeld aan betere verbindingen door en naar het gebied, slimmer ruimtegebruik en toekomstige bedrijven kunnen blijven accommoderen. Er wordt voortgebouwd op het industriële karakter van de plek, waarmee bovendien een perspectief wordt geboden voor de doorontwikkeling van Delft als hoofdstad van ‘technologie en innovatie’. Dit bijzondere gebied aan de Schie verandert geleidelijk in een stadswijk met volop ruimte voor de innovatieve maakindustrie. De ambitie is om hier een 21e-eeuws werk-woongebied te laten ontstaan; een aantrekkelijke stedelijke leefomgeving, waarin werken en wonen in gelijkwaardige verhouding aanwezig zijn en de mix aan functies en voorzieningen zorgt voor levendigheid en dynamiek.

Op loopafstand van historisch Delft én de TU campus transformeert het bestaande bedrijventerrein tot een levendige gemengde wijk, waar zowel bedrijven kunnen groeien als kinderen kunnen opgroeien. Hier word je verrast en leer je nieuwe mensen kennen. Deze transformatie met een forse stedelijke verdichting vraagt om een fundamentele mobiliteitsverandering. De voetganger en de fietser komen centraal te staan, tegelijkertijd worden bedrijven logistiek goed ontsloten. De nabijheid van de twee Delftse treinstations zorgt voor een goede bereikbaarheid en biedt potentie voor knooppuntontwikkeling in een sterk regionaal openbaarvervoerssysteem. De Schie wordt omgevormd tot de centrale openbare ruimte die als groenblauwe long stad en land met elkaar verbindt, waarbij de oevers plek bieden voor rust, ontspanning en beweging in een nieuw stadspark: het Schiepark. De ontwikkeling van het gebied biedt tevens de kans om een mooie bijdrage te leveren aan grote maatschappelijke opgaven. In een duurzame wijk met een gezonde leefomgeving wordt werk gemaakt van de energietransitie, klimaatadaptatie, een schone mobiliteit en een circulaire economie. Gezamenlijk zullen bedrijven, bewoners en de gemeente zorgen voor een toekomstbestendige en inclusieve stadswijk. Daarmee wordt Schieoevers Noord dé plek in Delft waar werken én wonen samenkomen.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 16

bestemmingsplan Verbreding Schie

Afbeelding: raamwerkkaart Schieoevers Noord (bron: Ontwikkelplan Schieoevers Noord) Het plangebied is niet gelegen in het projectgebied Schieoevers Noord maar heeft daarmee wel een directe relatie. Met het verplaatsen van de ligplaatsen, laad/loswal en de zandhandel van Schieoevers Noord naar Schieoevers Zuid wordt invulling gegeven aan genoemde transformatieopgave op Schieoevers Noord. Daarmee wordt immers toegewerkt naar een betere balans tussen werken en wonen op Schieoevers Noord.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 17

bestemmingsplan Verbreding Schie 3.4.3

Visie Groen & Biodiversiteit

Het doel van de Visie Groen & Biodiversiteit is het bouwen aan een duurzame, gezonde en toekomstbestendige stad. Een stad van wonen, werken, studeren en verblijven, waarin naast mensen ook dieren en planten hun plek hebben. Een duurzame relatie tussen mens en natuur staat centraal, waarbij groen, landschap, water en bodem de belangrijkste bouwstenen zijn. De visie gaat uit van de stad als ecosysteem. In 2040 moet Delft een natuurinclusieve, gezonde en klimaatadaptieve stad zijn met voor iedereen op korte afstand toegang tot natuur in een groene openbare ruimte. Het uitgangspunt is dat minimaal het niveau van de Basis Kwaliteit Natuur gehaald wordt en dat een duurzame en gezonde leefomgeving wordt gerealiseerd. Voor de wijken Voorhof, Buitenhof en Tanthof wordt primair ingezet op behoud van de aanwezig groene waarden, beleving en ecologische kwaliteit. De stad gaat hierbij niet op slot: ontwikkelingen blijven mogelijk mits de biodiversiteit deze ontwikkeling versterkt en het oppervlak aan groen gelijk blijft, al dan niet in de vorm van groene daken of gevelgroen. In de binnenstad worden de grachten vergroend. Daarnaast wordt de mogelijkheid om extra groene plekken te creëren onderzocht, bijvoorbeeld bij de Gasthuisplaats en de Prinsenhoftuin.

In de prioriteitswijken Molenbuurt, Harnaschpolder, Wippolder, Vrijenban, Tanthof en op bedrijventerrein Schieoevers wordt onder andere ingezet op het versterken of omvormen van gras naar aantrekkelijke groene plekken. Naast ontmoeting, speelruimte en recreatie met schaduw, wordt ook nadrukkelijk rekening gehouden met plekken voor dieren, zoals egels. Door de verbreding van de Schie wordt de oeverzone smaller en mede door de aanleg van de laad-en-loswal wordt het groene oppervlak substantieel kleiner, waardoor de bestaande bomen moeten wijken en er geen ruimte meer is voor de sloten. De waterberging die daardoor vervalt wordt gecompenseerd in het Abtswoudsebos. Daarbij vraagt de optimalisering en intensivering van de verbinding stad, via nieuwe park Schieoevers, naar buitengebied voor fietsers en voetgangers ook de nodige ruimte. Naast het bestaande fietspad wordt een voetpad aangelegd met een totale breedte van 5.30 m. Het huidige fietspad heeft een breedte van 3-3,5 meter. Langs het pad worden een banken geplaatst. Bij de inrichting van de oeverzone wordt een optimale beleving van groen en water van het Schiekanaal nagestreefd. Bomen en heesters vormen een verticale vergroening ter compensatie van de versmalling van de oeverzone en zorgen voor een optimale groene beleving. Het begin van het fiets-voetpad in de bocht van de Turbineweg, wordt gemarkeerd door een boom.

Na de tweede ligplaats wordt langs de westzijde van het fiets-voet-pad, een lint van populieren en elzen geplant. Dit lint van populieren en elzen begeleidt het fiets-voet-pad en creëert afstand tussen de groene oeverzone en de parkeerplaatsen en gebouwen van de bedrijven. De bomen staan in een kruidenrijk grasland. Ter hoogte van Van den Berg transport en ter hoogte van Combister en Avalex wordt de groene buffer versterkt door het aanbrengen van een 3tal heestervakken. Tussen pad en water komt ruig gras met een geringe hoogte. Het zicht op het water blijft daardoor, net als in de huidige situatie, behouden. De drakentanden, als onderdeel van de historische tankwal, blijven behouden en worden ingepast in de nieuwe situatie. De drakentanden worden iets naar het westen verplaatst, waar een kleine verbreding van de oever is ter plaatse van een knik in de Teslaweg. 3.4.4

Mobiliteitsprogramma Delft 2040 (MPD)

Het gemeentelijke verkeers- en vervoersbeleid is vastgelegd in het MPD. Dit mobiliteitsprogramma is vastgesteld in 2021. Het mobiliteitsbeleid zet in op een mobiliteitstransitie: we willen het mobiliteitssysteem veranderen, zodat Delft de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft, terwijl de stad op een gezonde manier kan doorgroeien. Belangrijke pijlers van het mobiliteitsbeleid zijn: 1. Ruimte geven door ruimte te maken: a.

Meer verblijfsruimte (zoals pleinen en groen) en minder ruimte voor verplaatsen;

b.

Meer ruimte voor de voetganger en de fiets;

c.

Ruimte maken door minder autoritten; bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld)

18

bestemmingsplan Verbreding Schie d.

Ruimte maken door minder autoparkeren.

2. Meer schone en actieve/gezonde verplaatsingen in de vorm van lopen of fietsen. 3. Verkeersnetwerken en hun onderlinge samenhang aanpassen, zodat lopen aantrekkelijker wordt en de fiets en het openbaar vervoer in snelheid, gemak en veiligheid een meer aantrekkelijk alternatief worden voor de auto. 4. Openbare ruimte verbeteren. 5. Innovatieve vormen van vervoer stimuleren die bijdragen aan de doelstellingen van het mobiliteitsprogramma, zoals deelmobiliteit en nieuwe vervoermiddelen. 6. Tegengaan van 'vervoersarmoede'. 7. Verbeteren van de verkeersveiligheid. Bij de verdere uitwerking is het niet mogelijk of nodig om overal in de stad dezelfde maatregelen te nemen. We kiezen voor maatwerkoplossingen: de plek in de stad bepaalt de mobiliteitsaanpak. Deze planontwikkeling draagt bij aan een aantal belangrijke pijlers van het MPD2040. Met het verplaatsen van de zandhandel en ligplaatsen wordt de Gelatinebrug in Schieoevers Noord mogelijk gemaakt. Dit is een belangrijke schakel in het fietsnetwerk van Delft en de regio waarmee fietsen en lopen aantrekkelijker worden gemaakt. Met deze planontwikkeling wordt ook het bestaande fiets-/bromfietspad over de oever van de Schie in Schieoevers Zuid verbreed en van een voetpad voorzien. Ook hiermee wordt het loop- en fietsnetwerk versterkt.

Op de nieuwe kade worden activiteiten toegevoegd, wat bijdraagt aan de aantrekkelijkheid, levendigheid en sociale veiligheid van de route.

Afbeelding: overzichtsplaatje routes

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 19

bestemmingsplan Verbreding Schie 3.4.5

Nota Parkeernormen 2023

Bij allerlei nieuwe bouwontwikkelingen hanteert de gemeente een breed scala aan parkeernormen om ervoor te zorgen dat bouwontwikkelingen toegankelijk en bereikbaar zijn, zonder dat er te veel autoparkeerplaatsen worden aangelegd. In de nota Parkeernormen 2023 wordt beschreven hoe de gemeente de parkeernormen in de praktijk inzet. De nieuwe parkeernormen zijn aangepast aan de hedendaagse inzichten. De parkeernormen hebben als basis de parkeerkencijfers van het landelijke kenniscentrum CROW. Deze kencijfers zijn op basis van landelijk onderzoek tot stand gekomen en geven een zo goed mogelijke indicatie van de werkelijke parkeerbehoefte bij de onderscheiden functies. In delen van Delft zijn parkeernormen vastgesteld die lager zijn dan de landelijke kencijfers. Zo zet Delft parkeernormen in om actieve en schone vormen van mobiliteit te stimuleren en het aantal (rijdende) auto's in de stad te beperken. De nota Parkeernormen 2023 is een toekomstvast, gebiedsgericht en flexibel parkeernormenbeleid. Toekomstvast, zodat voorkomen wordt dat de omgeving van een bouwontwikkeling wordt opgezadeld met een parkeerprobleem. Gebiedsgericht om zo efficiënt mogelijk om te gaan met schaarse ruimte en flexibel zodat rekening gehouden kan worden met lokale omstandigheden.

Bij de beoordeling van een omgevingsvergunning zullen bouwplannen getoetst worden aan de Nota Parkeernormen 2023 en aan de hand daarvan zal worden bepaald hoeveel auto- en fietsparkeerplaatsen er per ontwikkeling nodig en mogelijk zijn. 3.4.6

Nota bodembeheer

Op basis van historische informatie en in het verleden uitgevoerde bodemonderzoeken is voor het gehele grondgebied van Delft volgens het Besluit bodemkwaliteit een bodemkwaliteitskaart opgesteld. De bodemkwaliteitskaart maakt deel uit van de Nota duurzaam bodembeheer gemeente Delft 2018. Deze nota is op 13 oktober 2018 bestuurlijk vastgesteld. In de nota is berekend wat de gemiddelde bodemkwaliteit van de trajecten 0-0,5 m-maaiveld en 0,5-2,0 m-maaiveld in een bepaald gebied is. Ook is opgenomen wat de bodemfunctie is en welke toepassingseisen (dit is de kwaliteit van de toe te passen grond grond) gelden in geval van grondverzet. De specifieke bodemkwaliteit in het plangebied is opgenomen in hoofdstuk 4.7 Bodemkwaliteit .

3.4.7

Kadernota 2021

n de Kadernota zijn de ambities ('opgaven') voor de stad geformuleerd. Delft zet onder meer in op het verbeteren van het vestigingsklimaat voor bedrijven en kennisinstellingen, het voorzieningenniveau en de woningvoorraad. Voor een goed en aantrekkelijk economisch ecosysteem is een blijvende stimulerende omgeving nodig: van een passend aanbod van bedrijfsvastgoed, excellente dienstverlening van de gemeente, goede verbindingen voor OV, auto en fiets, vergroten van gelijke kansen in het onderwijs en ruimte voor onderwijsfaciliteiten, tot bereikbaarheid van sport en een aanbod van verschillende typen woningen voor verschillende doelgroepen. Verder heeft Delft in 2040 hoogwaardige en moderne voorzieningen voor alle inwoners van de stad. Het gaat hierbij om toekomstvaste en bij de tijd behorende voorzieningen die inwoners van alle leeftijden en met alle levensstijlen kunnen bedienen. Delft heeft verder de ambitie om tot 2040 15.000 nieuwe woningen toe te voegen aan de bestaande voorraad. De nieuwe woningen zorgen ervoor dat Delft een aantrekkelijke woonstad is voor zittende en nieuwe bewoners. Op deze manier draagt onze stad bij aan de regionale opgave om het vestigingsklimaat te versterken. Die ambitie is regionaal vastgelegd in het regionale investerings programma en de Roadmap Next Economy van de MRDH.

Bovendien zorgen passende woningen ervoor dat bedrijven zich makkelijker kunnen vestigen, omdat er een goed woningaanbod met voldoende keuzemogelijkheid is voor werknemers, en studenten die na hun studie in Delft willen blijven wonen. De planontwikkeling past binnen de ambities van de Kadernota. De positie van het Schieoevers Zuid als bedrijventerrein wordt versterkt en op Schieoevers Noord wordt ruimte gecreëerd voor de transformatie naar een levendig gemengd woon/werk gebied.

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 20

bestemmingsplan Verbreding Schie 3.4.8

Klimaatadaptiestrategie en Beleidsregel klimaatadaptief bouwen

In 2019 is de Klimaatadaptatiestrategie vastgesteld door de gemeenteraad. De strategie uit 2019 gaat over heel Delft en over alle domeinen, dus zowel over de openbare ruimte als over private percelen (inclusief bebouwing). In de Delftse strategie zijn de volgende 2 inhoudelijke speerpunten geformuleerd: Een veerkrachtig systeem met maximale sponswerking Geen toename van hittestress In 2018 heeft Delft het Convenant Klimaatadaptief Bouwen getekend. Partners in het convenant zijn onder andere de provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Delfland, de meeste gemeenten, maatschappelijk organisaties en projectontwikkelaars. Op basis van de gemeentelijke klimaatadaptatiestrategie (2019) en het provinciale convenant (2018) heeft de gemeente Delft de ambities en regels voor klimaatadaptief bouwen uitgewerkt in de 'Beleidsregel Klimaatadaptief bouwen bij nieuwbouw, gebiedsontwikkeling en herstructurering' (2022).

bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 21

bestemmingsplan Verbreding Schie

Hoofdstuk 4 4.1

Omgevingsaspecten

Luchtkwaliteit

Wettelijk kader Het aspect luchtkwaliteit wordt bij de besluitvorming van ruimtelijke plannen betrokken. In dat kader wordt een plan of ontwikkeling getoetst aan de voorschriften van Titel 5.2 van de Wet milieubeheer. Centraal daarbij staat artikel 5.16, eerste lid, van de wet. Daarnaast moet het plan voorzien in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, op grond van het beginsel van een goede ruimtelijke ordening. Het beginsel van een goede ruimtelijke ordening is altijd van toepassing op ruimtelijke ontwikkelingen, ook wanneer besluiten op grond van artikel 5.16, eerste lid, van de Wm niet beoordeeld hoeven te worden. Tot slot heeft het bevoegd gezag volgens Algemene wet bestuursrecht (Awb) als taak om belangen op een evenwichtige wijze af te wegen (art. 3.4) en besluiten deugdelijk te onderbouwen (art. 3.46).

Luchtkwaliteitseisen Op basis van artikel 5.16 Wm kan een bestemmingsplan worden vastgesteld indien: aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt, niet leiden tot het overschrijden van een in bijlage 2 van de Wet milieubeheer opgenomen grenswaarde, die behoort bij de Wet milieubeheer, hoofdstuk 5, titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen, of aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt, per saldo leiden tot een verbetering van de concentratie in de buitenlucht van de desbetreffende stof dan wel, bij een beperkte toename van de concentratie van de desbetreffende stof, de luchtkwaliteit per saldo verbetert door een samenhangende maatregel of een optredend effect, of aannemelijk is gemaakt dat de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht van een stof waarvoor in bijlage 2 een grenswaarde is opgenomen of het project is genoemd of beschreven dan wel past binnen een programma van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Niet in betekenende mate Ruimtelijk-economische besluiten die "niet in betekenende mate" bijdragen aan de concentraties in de buitenlucht van stoffen waarvoor bijlage 2 van de Wet milieubeheer een grenswaarde bevat, worden niet langer, zoals voorheen, individueel getoetst aan die grenswaarden.

Als gevolg daarvan kunnen tal van kleinere projecten doorgang vinden, ook in situaties waar nog niet aan de grenswaarden wordt voldaan. De effecten van deze projecten op de luchtkwaliteit worden verdisconteerd in de trendmatige ontwikkeling van de luchtkwaliteit, zoals beschreven in het Nationaal Samenwerkingsprogramma luchtkwaliteit (NSL). Bij besluitvorming is het dus van belang om te bepalen of een initiatief "niet in betekenende mate" bijdraagt aan de luchtkwaliteit. In de algemene maatregel van bestuur "Niet in betekenende mate" (Besluit NIBM) en de ministeriële regeling NIBM (Regeling NIBM) zijn uitvoeringsregels vastgelegd die betrekking hebben op het begrip NIBM. Het begrip "niet in betekenende mate" is gedefinieerd als 3% van de grenswaarde voor NO2 en PM10. In de Regeling NIBM is een lijst met categorieën van gevallen (inrichtingen, kantoor- en woningbouwlocaties) opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Deze gevallen kunnen zonder toetsing aan de grenswaarden voor het aspect luchtkwaliteit uitgevoerd worden. Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 In de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 worden o.a. de rekenmethoden beschreven voor verschillende situaties. Zo zijn er twee standaardrekenmethodes ontwikkeld voor het rekenen aan de luchtkwaliteit als gevolg van wegverkeer, Standaardrekenmethode 1 en 2.

Er is ook een rekenmethode voor de bepaling van de luchtkwaliteit nabij bedrijven en bedrijventerreinen, Standaardrekenmethode 3. bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 22

bestemmingsplan Verbreding Schie Volgens artikel 5.19, derde lid van de Wet milieubeheer worden bij het vaststellen van het kwaliteitsniveau PM10 de zwevende deeltjes, die veroorzaakt worden door natuurverschijnselen, afzonderlijk bepaald en ook meegerekend. Volgens lid 4 van dit artikel worden bij overschrijdingen van de grenswaarden de concentratiebijdragen van natuurlijke bronnen steeds in aftrek gebracht. In bijlage 5 uit de 'Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007' is een aftrek opgenomen voor concentraties fijn stof die zich van nature in de lucht bevinden. Het gaat hier om zeezout. Afhankelijk van de regio in Nederland wordt voor zeezout 1 tot 5 µg/m3 in mindering gebracht op de berekende jaargemiddelde concentratie fijn stof. Voor de gemeente Delft geldt een zeezoutcorrectie van 3 µg/m3 voor de jaargemiddelde concentratie en 4 dagen voor het aantal overschrijdingsdagen van de 24-uursgemiddelde concentratie. Toepasbaarheidsbeginsel In de Wet milieubeheer is opgenomen dat de luchtkwaliteit niet langer getoetst hoeft te worden op plaatsen waar geen mensen kunnen komen. De belangrijkste gevolgen van artikel 5.19 zijn: Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op plaatsen waar het publiek geen toegang heeft en waar geen permanente bewoning is. Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op bedrijfsterreinen of terreinen van industriële inrichtingen (hier gelden de ARBO-regels).

Dit omvat mede de (eigen) bedrijfswoning. Een uitzondering hierop is voor publiek toegankelijke plaatsen zoals tuincentra; deze worden wél beoordeeld (hierbij speelt het zogenaamde blootstellingscriterium een rol). Bij de beoordeling van een inrichting in het kader van de Wet milieubeheer vindt toetsing plaats vanaf de grens van de inrichting of bedrijfsterrein. Geen beoordeling van de luchtkwaliteit op de rijbaan van wegen, en op de middenberm van wegen, tenzij voetgangers normaliter toegang hebben tot de middenberm. Volgens toepasbaarheidbeginsel (zie punt 2) hoeven de immissieconcentraties niet getoetst te worden op bedrijfsterreinen. Omdat op het industrieterrein bedrijven aanwezig zijn die mogelijk gevoelig zijn voor fijn stof, is ook het effect nabij de bedrijven beschouwd. Toetsing Het plan is niet opgenomen in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) en moet dus getoetst worden (zie bijlage 3 Luchtkwaliteit). In de Nederlandse situatie zijn de concentraties NO2, PM10 en PM2,5 kritisch ten opzichte van de wettelijke normen. Voor deze stoffen is de maximale jaargemiddelde concentratie bepaald, evenals het aantal overschrijdingen van de etmaalgemiddelde grenswaarde (PM10). Voor PM10 geldt een grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van 40 µg/m3. De 24-uurgemiddelde concentratie van 50 µg/m3 mag maximaal 35 dagen per jaar worden overschreden.

Voor PM2,5 geldt een grenswaarde voor de jaargemiddelde concentratie van 25 µg/m3. De belasting van de omgeving rondom de zandhandel en de openbare loswal is berekend met behulp van een verspreidingsmodel. De verspreidingsberekeningen zijn uitgevoerd met standaardrekenmethode 3 conform de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (RBL2007). De gebruikte PC-applicatie is Geomilieu v2021.1, module STACKS. Dit model is gebaseerd op het Nieuw Nationaal Model (NNM). STACKS is goedgekeurd door het Ministerie van IenW voor luchtverspreidingsberekeningen. De concentratieberekeningen zijn uitgevoerd voor een gebied van circa 2 bij 2 kilometer. De berekeningen zijn uitgevoerd met een rastergrootte van 50 bij 50 meter. Daarnaast zijn beoordelingspunten geplaatst ter plaatse van te beoordelen locaties. Dit zijn de locaties waar de toepasbaarheidsregel en het blootstellingscriterium van toepassing zijn. Resultaten De berekeningen zijn uitgevoerd voor een representatieve situatie en voor een worst-case situatie. In beide situaties is geen sprake van overschrijding van de jaargemiddelde grenswaarden of de 24-uurs grenswaarden voor NO2, PM10 en daarmee ook PM2.5 op gevoelige locaties. Ter hoogte van CombiSter neemt de concentratie fijn stof toe met maximaal 17,4 µg/m3 tot een concentratie van 32,6 µg/m3.

Omdat CombiSter een bedrijfslocatie is, is deze niet aangemerkt als gevoelige locatie voor het aspect luchtkwaliteit in de Wet milieubeheer. De stofconcentratiebijdrage kan, gelet op de aanwezige achtergrondconcentratie in het plangebied van 15,2 µg/m3, van invloed zijn op de levensduur van de filters van het bedrijf voor de ventilatie, zoals HEPA-filters. Door het plaatsen van bestemmingsplan "Verbreding Schie" (vastgesteld) 23

bestemmingsplan Verbreding Schie voorfilters in de vorm van bijvoorbeeld doekenfilters eventueel in combinatie met cyclonen en/of het in de juiste richting plaatsen van de aanzuigopeningen voor ventilatie (van de zandhandel af, op grotere afstand) kan de standtijd van de HEPA-filters naar verwachting worden teruggebracht tot de reguliere levensduur. Extra maatregelen om stofhinder te voorkomen In de regels behorende bij het bestemmingsplan zijn gebruiksregels opgenomen om stofhinder te voorkomen. De gebruiksregels gelden voor de locaties ter hoogte van de zandhandel en de openbare loswal. Zo mogen stuifgevoelige stoffen alleen worden op of overgeslagen als deze eerst zijn bevochtigd of wanneer vergelijkbare maatregelen zijn getroffen ter voorkoming van verspreiding of morsing. Conclusie Uit de toetsing blijkt dat er geen sprake is van overschrijdingen van de (jaargemiddelde) grenswaarden voor NO2, PM10 en daarmee PM2,5. Door het nemen van maatregelen tegen stofvorming, zoals het bevochtigen van de zandhopen tijdens verladen en opslag wordt de emissie van stof zoveel mogelijk beperkt. Het aspect luchtkwaliteit vormt derhalve geen beperking voor de planvorming. 4.1.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15110053/2