CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Mijnbouwstraat 120

Commissie Ruimte en Verkeer 17 februari 2022, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake bestemmingsplan Mijnbouwstraat 120 (nr. 2205062)35.965 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Deze opzet weerspiegelt in het architectonisch ontwerp van de gevels, waarin Vrijman koos voor een representatieve en schijnbaar symmetrische opzet waarin hij op sobere wijze neorenaissance stijlelementen toepaste. Binnen deze harmonische opzet worden de “eigenheden” van specifieke functies in het gebouw uitgesproken weergegeven in de differentiatie van hoogte en breedte van de gebouwvleugels, dakvormen, ramen en dakkapellen en gepronconceerde elementen als hoekpaviljoens, schoorstenen en traptorens. De oorspronkelijke opzet van het gebouw is in honderd jaar tijd nagenoeg ongewijzigd. Hetzelfde geldt voor de gevels die, op de aanpassing van de hoofdentree, het dichtzetten van een aantal ventilatieroosters en de recente dakbedekking met asfalt shingles op verschillende daken, nog hun oorspronkelijke uitstraling hebben. Het ontwerp voor het gebouw voor Mijnbouwkunde is bijzonder binnen het oeuvre van Vrijman vanwege de uitzonderlijk lange doorontwikkeling en optimalisatie van het plan tot een zeer geslaagd geheel.

Binnenhoven als visuele ankerpunten Het gebouw voor Mijnbouwkunde heeft twee binnenplaatsen van ongelijke grootte, die bij de aanleg ingericht werden als tuin, maar voor zover bekend geen specifiek tuinontwerp kenden. In eerste instantie dienden de open ruimtes, zoals Vrijman ze zelf noemde in zijn ontwerptekeningen, om de lokalen in het gebouw van voldoende licht te voorzien. De open ruimtes, die Vrijman bewust integreerde in zijn vierde ontwerpplan voor het gebouw voor Mijnbouwkunde, hadden dus een praktische functie. De inrichting ervan was simpel: beide waren ingericht met een gazon, enkele struiken langs de gevel en in de grote binnenplaats (aan de westzijde) stonden enkele bomen. Door het midden van de grote binnenplaats liep een gebogen pad. De inrichting van de tuin lijkt onderschikt te zijn geweest aan het doel dat de ruimtes dienden, namelijk lichtvoorziening. De binnenhoven maakten geen deel uit van het eerste ontwerp van Vrijman voor Mijnbouwkunde, waarin het gebouw zich aan de achterzijde opende naar een groen achterterrein. Naarmate het ontwerp zich ontwikkelde richting een compactere plattegrond kregen de twee binnenhoven een essentiële centrale rol in het programma van het gebouw. De hoven brachten licht en lucht in de gangen en onderwijsruimten die eraan geschakeld lagen.

Tegelijkertijd versterkten de hoven de oriëntatie binnen het complex en vormden ze twee centrale harten waaromheen alle functies geclusterd lagen. Vrijman gaf evenveel aandacht aan de gevels grenzend aan de hoven als aan de representatieve buitengevels van de campus. Hij gaf expliciet uiting aan specifieke functies als de collegezaal, de ronde traptoren, schoorstenen en verschillende paviljoens, waardoor een bijzonder dynamisch gevel- en dakbeeld is ontstaan, waarop men vanuit de gangen, werkruimten en de hoven zelf zicht had. De beleving van buitengevels van de hoven is dan ook een waardevol onderdeel van de beleving van het interieur in de gangen en lokalen grenzend aan de hoven.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

51

Mijnbouwstraat 120 Delft

Groene inrichting De groene, landschappelijke inrichting sluit aan bij de oorspronkelijke beleving van de groene campus van de Technische Hogeschool. Deze inrichting is ontstaan in de jaren na de Tweede Wereldoorlog, nadat de hoven tijdelijk in gebruik waren geweest als tabaksplantages. Met name de oostelijke binnenhof, die qua begroeiing kariger is dan de westelijke binnenhof, heeft dankzij de lage oostvleugel een sterke link met de naastgelegen Botanische Tuin. Alhoewel restanten van de tuinaanleg rondom verdwenen zijn, is de plek niet minder bijzonder. Er kunnen een aantal karakteristieken van deze plek als waardevol bestempeld worden: het historische ensemble van TU-noord; De voormalige faculteit voor Mijnbouwkunde bepaalt met haar ligging op dit bijzondere monumentaal opgezette universiteitsterrein op nationaal niveau een kenmerkend voorbeeld van vroeg twintigste-eeuwse stedenbouw en architectuur; de positionering van de mijnbouwfaculteit richting het zuiden als eerste aanzet voor de uitbreiding van het toenmalige universiteitshart richting de Wippolder; het ensemble van bebouwing en parken; een omgeving waarin de faculteitsgebouwen mét hun oriëntatie in samenhang met de parken via zichtlijnen verbonden zijn; de ligging aan de Mijnbouwstraat als kenmerkend voorbeeld van haar karakteristieke stratenplan uit 1915 met haar boulevardachtige brede opzet met laanbomen; de

alzijdige groene plint van de Mijnbouwfaculteit, die aansluiting maakt op de omliggende parken met paden en zichtlijnen; de relicten van de tuinaanleg die herkenbaar zijn in het bomenbestand rondom het gebouw en zorgt voor een samensmelting met de omliggende parken; de binnenhoven die 'licht en ruimte' bieden aan de omliggende werkruimtes. De huidige binnenhoven zijn niet beleefbaar vanuit de openbare ruimte. Het toegankelijk maken van deze atriums voor semipublieke activiteiten biedt mogelijkheden voor de omgeving om deze binnenhoven bij de 'openbare ruimte' te betrekken. Bij de uitwerking van de plannen en verbouwing van het pand worden de beschreven waarden gerespecteerd.

Consequenties plannen voor de cultuurhistorischewaarden

Gebouw De verbouwing van de Mijnbouw vindt plaats binnen een onveranderde stedenbouwkundige hoofdstructuur. Het gebouwtype wijzigt ook niet. De enige vanuit het openbare gebied zichtbare aanpassing is het overkappen van het binnenterrein. De bouwhoogte van deze overkapping is echter gelijk dan wel lager dan de bouwhoogte van de bestaande bebouwing. Daarnaast geldt dat de huidige buitengevels van de hoven na de verbouwing grotendeels intact blijven. Deze gevels blijven onder de overkapping dan ook een waardevol onderdeel van de beleving zowel van de overkapping zelf als in de gangen en lokalen grenzend aan de bestaande hoven.

Groenstructuur De verbouwing en functieverandering in het bestaande gebouw heeft geen consequenties voor de bestaande groenstructuur van het buitenterrein.

Advisering

Advies Adviescommissie Omgevingskwaliteit (AOK) 52

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft Het plan voor dit pand is meerdere keren in de commissie voorbesproken. Uiteindelijk heeft de commissie op 30 september 2021 aangegeven dat het plan op zichzelf beschouwd en in relatie tot de karakteristiek van de reeds aanwezige bebouwing en stedenbouwkundige situatie aanvaardbaar is. De monumentale waarden worden niet onevenredig geschaad. De commissie adviseert het College van B&W positief inzake het plan.

Advies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) De voorgenomen planontwikkeling is besproken met en ter advisering voorgelegd aan de Advies Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). Eerdere opmerkingen zijn verwerkt. Op 15 juli 2021 heeft de RCE mondeling een positief advies uitgebracht. In het kader van de aanvraag omgevingsvergunning brengt de RCE een definitief advies uit.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

53

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planopzet

Standaard en plansystematiek

Dit bestemmingsplan is opgezet conform de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Voortvloeiende uit de Wro is het plan mede gebaseerd op de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012). Op de verbeelding zijn bestemmingen toegekend aan de diverse aanwezige functies. Bij het opstellen van de verbeelding is gebruik gemaakt van de Grootschalige Basiskaart Nederland (GBKN). De bestemmingen sluiten grotendeels aan bij de geldende bestemmingen. Voor het gebouw zelf wijzigt de bestemming van Maatschappelijk naar Gemengd. De bestemmingen rondom het gebouwen blijven hetzelfde, te weten Groen en Verkeer.

5.2

Toelichting op de regels

Deze paragraaf bevat een beschrijving van de bestemmingen, waarbij per bestemming het doel of de doeleinden worden aangegeven. Daarnaast wordt in deze paragraaf kort ingegaan op de overige regels uit het bestemmingsplan. Conform SVBP2012 zijn de regels onderverdeeld in vier hoofdstukken.

Hoofdstuk1 Inleidende regels

Artikel 1: Begrippen In dit artikel is een aantal begrippen verklaard die genoemd worden in de planregels. Dit artikel voorkomt dat er bij de uitvoering van het plan onduidelijkheden ontstaan over de uitleg van bepaalde regelingen.

Artikel 2: Wijze van meten In dit artikel is bepaald hoe de voorgeschreven maatvoering in het plan gemeten moeten worden. Evenals de begripsbepalingen voorkomen de bepalingen inzake de wijze van meten interpretatieverschillen bij de toepassing van de planregels.

Hoofdstuk2 Bestemmingsregels

Artikel 3: Bedrijf - Nutsvoorziening De in het plangebied aanwezige nutsvoorziening is als zodanig bestemd.

Artikel 4: Gemengd Het hoofdgebouw heeft de bestemming Gemengd. Gronden met deze bestemming zijn bestemd voor kantoren, maatschappelijke voorzieningen, onderwijsvoorzieningen, onderzoeksvoorzieningen, kennisintensieve bedrijven en restauratieve voorzieningen met daarbij behorende voorzieningen, zoals parkeren en groen.

Artikel 5: Groen Gronden met de bestemming 'Groen' zijn bestemd voor groenvoorzieningen en groenstructuren, extensieve recreatieve activiteiten, recreatieve voorzieningen, water, langzaam verkeersroutes, 54

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft nutsvoorzieningen, kunstwerken, behoud en/of herstel van natuurwaarden met bijbehorende voorzieningen.

Artikel 6: Verkeer - verblijfsgebied Gronden met de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' zijn bestemd voor verblijfsvoorzieningen ten dienste van de aangrenzende bestemmingen, verkeersvoorzieningen, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, water, kunstwerken, nutsvoorzieningen, voorzieningen voor het stallen van fietsen en warmte-koudeopslag (wko) met bijbehorende voorzieningen.

Artikel 7: Water Gronden met de bestemming Water zijn bestemd voor de waterhuishouding, bijbehorende voorzieningen zoals bruggen, duikers en taluds en kunstwerken.

Artikel 8: Waarde - Cultuurhistorie De bestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' is opgenomen vanwege de ligging binnen het beschermd stadsgezicht en de cultuurhistorisch waarde van het gebouw. Aan het bouwen op deze gronden zijn voorwaarden gekoppeld om de cultuurhistorisch waarden te beschermen en te behouden. Tevens is aan deze bestemming een omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk gekoppeld.

Hoofdstuk3 Algemene regels

Antidubbeltelregel Om misbruik van de bouwregels te voorkomen, is in dit artikel bepaald dat gronden, die al eens als berekeningsgrondslag voor een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk hebben gediend, niet nogmaals als zodanig kunnen dienen. Dit zou bijvoorbeeld aan de orde kunnen zijn ingeval (onderdelen van) bebouwingsstroken van verschillende eigenaars zijn.

Algemene aanduidingsregel De planlocatie is gelegen binnen beschermd stadsgezicht. In verband hiermee is een planregel opgenomen die regelt dat het bevoegd gezag bij een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen een bouwhistorisch onderzoek kan doen.

Algemene bouw- en gebruiksregels en afwijkingsregels In het bestemmingsplan zijn algemene bouw- en gebruiksregels opgenomen en flexibiliteitsbepalingen waarmee geringe afwijkingen van de bouw- en gebruiksregels mogelijk zijn.

Hoofdstuk4 Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht Dit artikel bevat de overgangsregels van het bestemmingsplan.

Slotregel Hierin is de naam van het bestemmingsplan opgenomen. "Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

55

Mijnbouwstraat 120 Delft

56

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 6

Handhaving

Toezicht en handhaving is iets dat door betrokkenen als onprettig wordt ervaren. De gemeente doet het omdat we in een veilige, gezonde, aantrekkelijke en duurzame omgeving willen wonen, werken en leven. Soms kan het gedrag van individuele burgers of bedrijven dit streven bedreigen en een risico opleveren voor de leefomgeving. Deze risico's willen wij beheersbaar houden. Er is echter altijd een grens aan de middelen die de gemeente daarvan kan en wil inzetten. De rode draad in het gemeentelijke beleid is dat de inschatting van de risico's voor de gebruikers en voor de leefomgeving doorslaggevend is voor de prioriteiten die gesteld worden bij het stimuleren en/of afdwingen van het naleefgedrag. Daarbij wordt prioriteit gegeven aan onderwerpen en gevallen waarin de risico's van niet-naleving het grootst zijn. De concrete doelstellingen en speerpunten worden elk jaar vastgesteld in een jaarplan. De gemeente heeft verschillende instrumenten om het naleefgedrag te beïnvloeden en zo nodig naleving af te dwingen. Het begint met heldere regels waar draagvlak voor is en die bekend zijn bij degenen die door de regels worden geraakt. Daarnaast wordt er risicogestuurd toezicht gehouden.

Indien toezichtactiviteiten leiden tot de constatering van een illegale situatie, bijvoorbeeld omdat de regels van het bestemmingsplan niet worden nageleefd, dan wordt beslist of en in hoeverre en met toepassing van welke sanctiemiddelen de gemeente zich zal inspannen om de overtreder te dwingen deze illegale situatie op te heffen. De kaders hiervoor zijn vastgelegd in de (regionale) handhavingsstrategie. Uitgangspunt daarbij is de 'beginselplicht tot handhaving'. Gelet op de beperkte beschikbare capaciteit is het echter niet mogelijk en ook wenselijk - om tegen alle overtredingen handhavend op te treden. Afhankelijk van de aard en ernst van de overtreding, het gedrag van de overtreder en de overige omstandigheden van het geval zal een passende reactie en aanpak worden bepaald. Dat kan onder meer zijn een legalisatietraject, afzien van handhaving, waarschuwing of het toepassen van een bestuursrechtelijk sanctiemiddel. Bij zeer ernstige overtredingen kan ook sprake zijn van een strafrechtelijk traject. Strafrechtelijke vervolging is afhankelijk van en gebeurt door het Openbaar Ministerie.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

57

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 7 7.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

De Wet ruimtelijke ordening voorziet in een verplichting tot het verhaal van gemeentelijke kosten. Dat kan op publiekrechtelijke grondslag, via een exploitatieplan dat gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd dient te worden. Maar ook kan het gemeentelijke kostenverhaal worden geregeld via een anterieure exploitatieovereenkomst, als bedoeld in artikel 6.24 lid 1 van de Wet ruimtelijke ordening. De reikwijdte van de exploitatieplanplicht en het daaruit voortvloeiende kostenverhaal, volgt uit de omschrijving van bouwplannen zoals bepaald in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Het onderhavige bestemmingsplan voorziet in de uitbreiding van een kantoor met meer dan 1.500 m2. Er is daarmee sprake van een bouwplan in de zin van artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening juncto artikel 6.2.1, lid e Bro. Ten behoeve van dit bestemmingsplan is een anterieure overeenkomst afgesloten met de ontwikkelaar. Hiermee zijn de kosten anderszins verzekerd. Dit betekent dat geen exploitatieplan hoeft te worden opgesteld. Daarnaast beschikt de nieuwe eigenaar over voldoende financiele middelen om dit plan te kunnen uitvoeren. In de anterieure overeenkomst is tevens geregeld dat eventuele te honoreren verzoeken tot planschade op de ontwikkelaar worden verhaald.

7.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

7.2.1

Participatie

Ten behoeve van de planontwikkeling heeft RHDHV een intern participatieplan opgesteld. Hierbij zijn alle stakeholders in beeld gebracht. Daarbij geldt dat er verschillende niveaus en vormen van participatie zijn. Voor zover het betreft het bestemmingsplan geldt dat RHDHV het belangrijk vindt dat de directe omgeving en andere betrokken een correct beeld hebben bij de toekomstige functie en gebruik en het proces om te komen tot deze transformatie. Dit gebeurt door met stakeholders in gesprek te gaan en te informeren. Op die wijze is het ook mogelijk misverstanden te corrigeren en mogelijk wensen vanuit de buurt mee te nemen in de planuitwerking. Daarnaast is de omgevingsmanager dagelijks bereikbaar voor omwonenden. Ten aanzien hiervan geldt dat de volgende stakeholders zijn geïnformeerd en/of geraadpleegd: 1. Belangenvereniging TU-Noord; 2. Omwonenden a. Mijnbouwplein b. Wippolder c. Professorenbuurt d. Portlandplein 3. TU Delft; 4. Duwo (gebouwenbeheerder studentenwoningen/verhuurder kantoren); 5. Vertegenwoordiger KNNV-Delfland; 6. Netbeheerder electriciteit; Concreet geldt dat in juni 2020 een overleg is geweest met het bestuur van de Belangenvereniging TU-Noord, in juli 2020 met KNNV-Delft, in september met DUWO en in oktober 2020 met de vrienden Botanische Tuin. Daarnaast is op 29 september 2020 een openbare digitale informatiebijeenkomst geweest.

Hierbij is een toelichting gegeven op de voorgenomen planontwikkeling. In maart 2021 is een presentatie gehouden voor de raadscommissie. Daarnaast zijn in de zomer 201 overleggen geweest met verschillende belangstellenden in september 2021 met het bestuur van de Botanische Tuin. In oktober 2021 is nog een openbare avond gehouden voor belangstellenden. Tenslotte zijn diverse bewonersbrieven verzonden.

58

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

7.2.2

Wettelijk vooroverleg

Het concept ontwerpbestemmingsplan is in het kader van het vooroverleg als bedoeld in artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) toegezonden aan: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Provincie Zuid-Holland; Hoogheemraadschap van Delfland; Tennet; Gasunie; Evides; Veiligheidsregio Haaglanden; Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

Tennet, Gasunie en Evides hebben aangegeven geen opmerkingen te hebben. De andere instanties hebben wel een aantal opmerkingen gemaakt. Deze zijn hierna toegelicht. Reactie Provincie Zuid-Hollland De provincie heeft aangegeven dat het plan conform het provinciaal ruimtelijk beleid is. Daarbij geldt dat het uitzonderingslocatie in het kantorenbeleid gaat. De provincie adviseert de onderbouwing nog aan te vullen met een verwijzing naar artikel 6.34, de afwijkingsmogelijkheid voor maatwerk waarbij in relatief beperkte mate wordt afgeweken van de regels, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de doelstelling van de desbetreffende regels. Dit advies is overgenomen en verwerkt in paragraaf 3.2 Provinciaal beleid. Reactie Hoogheemraadschap van Delfland Het Hoogheemraadschao heeft aangegeven te kunnen instemmen het concept-ontwerpbestemmingsplan. Aan alle aspecten die van belang zijn voor een goede waterhuishouding, is invulling gegeven. Het Hoogheemraadschap verzoekt wel nog om in de waterparagraaf alle relevante thema's te vermelden en naar de juiste stukken te verwijzen voor verdere uitwerking. Dit is aangepast. Tenslotte geeft het Hoogheemraadschap aan dat naast advisering in het kader het bestemmingsplan mogelijk ook een watervergunning of melding nodig is. Veiligheidsregio Haaglanden De Veiligheidsregio heeft een advies uitgegeven over de voorgenomen planvorming.

Hierin geeft de Veiligheidsregio aan dat met dit bestemmingsplan de ontwikkeling van een kantoor met een gedeeltelijk semi-openbaar karakter met open ruimtes mogelijk wordt gemaakt. Door de aanwezigheid van risicobronnen op het gebied van externe veiligheid en de toename van het aantal personen in het plangebied, nemen de risico's op het gebied van externe veiligheid toe. In dit advies staan maatregelen om het toegenomen risico te verminderen. Het advies is verwerk in paragraaf 4.6 van deze plantoelichting. Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed (RCE) De Rijksdienst heeft met belangstelling kennisgenomen van het concept-ontwerpbestemmingsplan. De RCE ondersteunt het concept om de twee hoven in één architectonisch gebaar te overkappen met een dakelement. Voorwaarde is dat het één luchtig ogend element wordt en dat de bestaande binnenhoven in hun geheel goed te zijn blijven. Het is aan de opdrachtgever en architect, om met een passend ontwerp te komen.

Opmerking RCE "Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

59

Mijnbouwstraat 120 Delft In het concept-ontwerpbestemmingsplan wordt in Artikel 4 – Gemengd, 4.2.1 Gebouwen (Planregels) deze overkapping mogelijk gemaakt. Op de verbeelding zijn de toegestane maximale goot- en bouwhoogtes al ingetekend. Aangezien op dit moment (ten tijde van het vooroverleg) nog aan het ontwerp van de overkapping wordt gewerkt, is nog niet duidelijk wat de exacte hoogte wordt. Verzocht wordt daarom de gehanteerde bouw- en goothoogtes straks in het ontwerpbestemmingsplan in overeenstemming te brengen met die van de ontwerp-omgevingsvergunning.

Reactie Dit is inmiddels gebeurd.

Opmerking RCE Daarnaast vraagt de RCE aandacht voor de technische installaties die op de concept-ontwerptekening óp de overkapping zijn ingetekend (Toelichting, fig. 2.2 Afbeelding nieuwe situatie -concept). In 4.3 Specifieke gebruiksregels (Planregels) is voor de installaties óp het dak van het hoofdgebouw het een en ander geregeld. Het is denkbaar, dat de benodigde installaties niet op het dakelement geplaatst kunnen worden, omdat dat niet samengaat met een luchtig ogend ontwerp. Dan is het zaak om een plek elders te vinden; aangezien het gaat om een rijksmonumentaal gebouw in een beschermd stadsgezicht vraagt ook dit om een zorgvuldige oplossing.

Reactie Inmiddels is het plan aangepast en heeft de RCE in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning een positief advies afgegeven. De technische installaties staan niet meer op het dak maar op de eerste verdieping van de middenbeuk. Op het dak staan wel nog twee warmtepompen. Deze moeten op het dak staan om de warmte af te kunnen geven. Daarbij geldt dat deze warmtepompen niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg en ook niet vanuit de overdekte binnenhoven. 7.2.3

Terinzagelegging ontwerpbestemmingsplan

Voor het bestemmingsplan is de wettelijke procedure conform de Wet ruimtelijke ordening gevolgd. Het ontwerpbestemmingsplan is voor de duur van zes weken (datum) ter inzage gelegd. Gedurende deze periode kon door een ieder een zienswijze worden ingediend. De zienswijzen die zijn ingebracht zijn samengevat en beantwoord in de nota zienswijzen. Indien daartoe aanleiding bestaat, is het bestemmingsplan gewijzigd.

60

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Mijnbouwstraat 120 Delft

Inhoudsopgave

Planregels

3

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

4 4 8

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8

Bestemmingsregels Bedrijf - Nutsvoorziening Gemengd Groen Verkeer - verblijfsgebied Water Waarde - Cultuurhistorie

9 9 11 12 14 16 17

Hoofdstuk 3 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene aanduidingsregels Algemene bouwregels Laden en lossen van goederen Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels

19 19 20 21 22 23 24

Hoofdstuk 4 Artikel 15 Artikel 16

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

25 25 26

Bijlagen bij regels Bijlage 1 Staat van bedrijfsinrichtingen

27 28

2

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Planregels

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

3

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

aanduiding:

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.2

aanduidingsgrens:

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.3

antenne-installatie:

installatie bestaande uit een antennestaaf, -spriet (al dan niet met dwarssprieten) of -schotel, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een techniekkast opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie; 1.4

antennedrager:

antennemast of andere constructie bedoeld voor de bevestiging van een antenne; 1.5

bebouwing:

één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde; 1.6

bedrijfsgebouw:

een gebouw dat noodzakelijk is voor de uitoefening van ter plaatse toegestane (bedrijfs-)activiteiten, hieronder wordt geen bedrijfs- of dienstwoning verstaan; 1.7

bedrijfsmatige activiteiten:

bedrijfsmatige activiteiten - geen dienstverlening zijnde - en ambachtelijke verzorgende bedrijvigheden, geheel of overwegend door middel van handwerk; 1.8

begane grondlaag:

de eerste op, of nagenoeg op, peil gelegen bouwlaag van een gebouw, niet zijnde onderbouw; 1.9

bestaand:

a. bestaande bouwwerken: bestaand ten tijde van de terinzagelegging van het bestemmingsplan als ontwerp, dan wel mogen worden gebouwd krachtens een verleende vergunning; b. bestaand gebruik: bestaand ten tijde van het in werking treden van het bestemmingsplan; 1.10

bestemmingsgrens:

de grens van een bestemmingsvlak; 1.11

bestemmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.12

bestemmingsvlak:

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.13

bijbeborend bouwwerk

uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak;

4

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

1.14

bouwen:

het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.15

bouwgrens:

de grens van een bouwvlak; 1.16

bouwlaag:

een gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met uitzondering van onderbouw en kapverdieping; 1.17

bouwperceel:

een aaneengesloten stuk grond, waarop, ingevolge de regels, een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.18

bouwperceelgrens:

de grens van een bouwperceel; 1.19

bouwvlak:

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten; 1.20

bouwwerk:

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect, met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.21

bvo (brutovloeroppervlak)

het totale gebouwde vloeroppervlak; 1.22

categorie:

een groep bedrijfsactiviteiten, die een gelijke of nagenoeg gelijke invloed hebben op een nabij gelegen of omringende woonomgeving; 1.23

cultuurhistorische waarden:

de aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarden, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of dat gebied; 1.24

dak:

iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.25

dakkapel:

een constructie ter vergroting van een gebouw, welke zich boven de dakgoot bevindt, waarbij deze constructie onder de noklijn is gelegen en de onderzijde van de constructie in het dakvlak is geplaatst; 1.26

dakopbouw:

een ondergeschikte constructie ter vergroting van een gebouw, welke zich boven de dakgoot bevindt waarbij deze constructie deels boven de oorspronkelijke nok uitkomt en de onderzijden van de constructie in één of beide dakvlak(ken) van het dak is (zijn) geplaatst; 1.27

erf:

de oppervlakte van het bouwperceel, uitgezonderd de oppervlakte van het hoofdgebouw; "Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

5

Mijnbouwstraat 120 Delft

1.28

gebouw:

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.29

hoofdgebouw:

een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming als belangrijkste gebouw valt aan te merken; 1.30

kantoor:

voorzieningen gericht op het verlenen van diensten op administratief, financieel, architectonisch, juridisch of een daarmee naar aard gelijk te stellen gebied, waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen; 1.31

kennisintensieve bedrijven

bedrijven gericht op het ontwikkelen, onderzoeken, vervaardigen, testen, evalueren, toepassen en anderszins bewerken van hoogwaardige diensten, producten, methoden, technologieën en productiewijzen; 1.32

luifel:

een uitstekend afdak aan een gebouw; 1.33

maatschappelijke voorziening:

het uitoefenen van activiteiten gericht op de sociale, maatschappelijke, educatieve en openbare dienstverlening, waaronder gezondheidszorg, zorg en welzijn, jeugd/kinderopvang, onderwijs, religie, bibliotheken, openbare dienstverlening en verenigingsleven met uitsluiting van uitvaart/begraafplaatsen, gevangeniswezen en defensie/militaire zaken; 1.34

nutsvoorziening:

voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, openbare toiletten en apparatuur voor telecommunicatie; 1.35

onderzoeksvoorzieningen

onderzoek dat gericht is op het ontwikkelen, onderzoeken, vervaardigen, testen, evalueren en anderszins bewerken van hoogwaardige producten, methoden, technologieën en productiewijzen; 1.36

overkapping:

een constructie die maximaal drie wanden heeft waarvan er maximaal twee tot de constructie behoren; 1.37

peil:

a. voor gebouwen waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang; b. in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouw zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld; 1.38

plan:

het bestemmingsplan Mijnbouwstraat 120 Delft met identificatienummer NL.IMRO.0503.BP0079-2001 van de gemeente Delft; 1.39

restauratieve voorzieningen

ondergeschikte voorziening (maximaal 15% van het bvo) ter ondersteuning van de ter plaatse aanwezige hoofdactiviteit, gericht op het verstrekken van spijzen en dranken aan de reguliere gebruikers van dat bedrijf of die instelling, zoals een kantine of mensa;

6

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

1.40

voorgevelrooilijn:

de lijn, welke aansluit aan de ligging van de voorgevels van de bestaande hoofdgebouwen en een zo gelijkmatig beloop overeenkomstig de weg heeft; 1.41

werk:

een werk, geen gebouw of bouwwerk zijnde; 1.42

zolder:

een ruimte onder het dak van een gebouw die niet geschikt is voor verblijf, maar wel voor opslag.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

7

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 2

Wijze van meten

Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

de dakhelling:

langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak; 2.2

de goothoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, dan wel de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.3

de inhoud van een bouwwerk:

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.4

de bouwhoogte van een bouwwerk:

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen; 2.5

de oppervlakte van een bouwwerk:

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk;

8

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 2 Artikel 3

3.1

Bestemmingsregels

Bedrijf - Nutsvoorziening

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf - Nutsvoorziening' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. nutsvoorzieningen; b. bijbehorende voorzieningen. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Hoofdgebouwen

Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. hoofdgebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan is aangegeven met de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)'; 3.2.2

Bijbehorende bouwwerken

Voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken gelden de volgende bepalingen: a. bijbehorende bouwwerken mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd, met dien verstande dat buiten het bouwvlak maximaal 10 m2 aan bijbehorende bouwwerken is toegestaan; b. de bouwhoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3 m. bedragen. 3.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn zowel binnen als buiten het bouwvlak toegestaan. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag maximaal bedragen: a. van erf- en terreinafscheidingen, maximaal: 2 m b. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, maximaal: 3 m 3.3

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2.1 sub a voor het oprichten dan wel uitbreiden van hoofdgebouwen binnen het bouwvlak met een maximale bouwhoogte tot 5 meter, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d. e.

de woonsituatie; het straat- en bebouwingsbeeld; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

3.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

3.4.1

Verbod

Het is verboden ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. het ontgronden, afgraven, egaliseren, diepploegen en ophogen van gronden; b. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; "Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

9

Mijnbouwstraat 120 Delft c. het aanleggen van halfverharde paden en wegen; d. het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik en educatief medegebruik; e. het aanbrengen van drainage; f. het aanbrengen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen. 3.4.2

Uitzondering verbod

Het verbod als bedoeld in lid 3.4.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan, en/of c. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden.

10

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 4 4.1

Gemengd

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Gemengd' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

kantoren; maatschappelijke voorzieningen; onderzoeksvoorzieningen; kennisintensieve bedrijven; restauratieve voorzieningen;

met daarbij behorende: f.

overige voorzieningen voor zover ten dienste van de bestemming.

4.2

Bouwregels

Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming. Daarbij gelden de volgende bepalingen: 4.2.1

Gebouwen

Ten aanzien van gebouwen gelden de volgende regels: a. de gebouwen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd; b. de goothoogte mag niet meer bedragen dan is aangegeven met de aanduiding 'maximale goothoogte (m)'; c. de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan is aangegeven met de aanduiding 'maximale bouwhoogte (m)'; 4.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Ten aanzien van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegestaan tot een bouwhoogte van: 1. maximaal 2 m voor erf- en terreinafscheidingen; 2. maximaal 7 m voor palen en masten; 3. maximaal 3 m voor overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 4.3

Specifieke gebruiksregels

4.3.1

Waterberging - voorwaardelijke verplichting

Ten aanzien van de ingebruikname van het hoofdgebouw gelden de volgende verplichtingen: a. In verband met bouw en realisatie van de atria moet binnen het plangebied een vasthoudmaatregel worden gerealiseerd met een minimale berging van 131 m3. b. De berging als bedoeld in lid a is niet eerder dan in 24 uur leeg en is in maximaal 48 uur weer beschikbaar, of wordt gestuurd. c. De berging als bedoeld in lid a en b dient vanaf de ingebruikname gedurende de gebruiksperiode van het hoofdgebouw te allen tijde in stand te worden gehouden.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

11

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 5 5.1

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l.

groenvoorzieningen en groenstructuren; extensieve recreatieve activiteiten; recreatieve voorzieningen; water; langzaam verkeersroutes; nutsvoorzieningen; kunstwerken; behoud en/of herstel van natuurwaarden; waterbeheer en waterberging; voorzieningen voor het stallen van fietsen; ter plaatse van de aanduiding 'warmte-koudeopslag (wko)': tevens voor een voorziening voor 'warmte-koudeopslag'; bijbehorende voorzieningen.

5.2

Bouwregels

Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming. Daarbij gelden de volgende bepalingen: a. alleen 'bouwwerken, geen gebouwen zijnde' zijn toegestaan, gebouwen zijn niet toegestaan; b. de maximaal toelaatbare bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag - tenzij ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)', in hoofdstuk 2 of in de overige regels anders is bepaald - maximaal bedragen: Bouwhoogte Van erf- en terreinafscheiding niet grenzend aan openbaar toegankelijk gebied

2 meter

Van erf- en terreinafscheidingen elders

1 meter

Van lichtmasten

9 meter

voorzieningen voor wko

1 meter

Van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde

3 meter

5.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

5.3.1

Verbod

Het is verboden ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d.

het ontgronden, afgraven, egaliseren, diepploegen en ophogen van gronden; het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; het aanleggen van halfverharde paden en wegen; het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik en educatief medegebruik; e. het aanbrengen van drainage; f. het aanbrengen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen.

12

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

5.3.2

Uitzondering verbod

Het verbod als bedoeld in lid 5.3.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan, en/of c. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. 5.3.3

Voorwaarden afwijken

Het bevoegd gezag past de in lid 5.3 bedoelde afwijkingsbevoegdheid toe, indien geen onevenredige verslechtering van de groeiomstandigheden van de monumentale boom optreedt.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

13

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 6 6.1

Verkeer - verblijfsgebied

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j.

verblijfsvoorzieningen ten dienste van de aangrenzende bestemmingen; verkeersvoorzieningen, parkeervoorzieningen; groenvoorzieningen; water; kunstwerken; nutsvoorzieningen; voorzieningen voor het stallen van fietsen; waterbeheer en waterberging; ter plaatse van de aanduiding 'warmte-koudeopslag (wko)': tevens voor een voorziening voor 'warmte-koudeopslag'.

6.2

Bouwregels

Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming. Daarbij gelden de volgende bepalingen: a. ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom' zijn geen bouwwerken toegestaan; b. gebouwen zijn niet toegestaan; c. de maximaal toelaatbare bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag - tenzij ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)', in hoofdstuk 2 of in de overige regels anders is bepaald - maximaal bedragen: Bouwhoogte Van erf- en terreinafscheiding niet grenzend aan openbaar toegankelijk gebied

2 meter

Van erf- en terreinafscheidingen elders

1 meter

Van lichtmasten

9 meter

Voorzieningen voor wko

1 meter

Van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde

3 meter

6.3

Afwijken van de bouwregels

6.3.1

Omgevingsvergunning

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.2, sub a voor het oprichten van bouwwerken ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom'. 6.3.2

Voorwaarden afwijken

Het bevoegd gezag past de in lid 6.3.1 bedoelde afwijkingsbevoegdheid toe, indien geen onevenredige verslechtering van de groeiomstandigheden van de monumentale boom optreedt. 6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

6.4.1

Verbod

Het is verboden ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: 14

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft a. b. c. d.

het ontgronden, afgraven, egaliseren, diepploegen en ophogen van gronden; het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; het aanleggen van halfverharde paden en wegen; het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik en educatief medegebruik; e. het aanbrengen van drainage; f. het aanbrengen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen. 6.4.2

Uitzondering verbod

Het verbod als bedoeld in lid 6.4.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan, en/of c. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. 6.4.3

Voorwaarden afwijken

Het bevoegd gezag past de in lid 6.4 bedoelde afwijkingsbevoegdheid toe, indien geen onevenredige verslechtering van de groeiomstandigheden van de monumentale boom optreedt.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

15

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 7

7.1

Water

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de waterhuishouding; b. bijbehorende voorzieningen zoals bruggen, duikers en taluds; c. kunstwerken. 7.2

Bouwregels

Ter plaatse van de in deze bestemming bedoelde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de bestemming. Daarbij geldt dat uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegestaan. 7.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

7.3.1

Verbod

Het is verboden ter plaatse van de aanduiding 'monumentale boom' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren: a. b. c. d.

het ontgronden, afgraven, egaliseren, diepploegen en ophogen van gronden; het aanbrengen van oppervlakteverhardingen; het aanleggen van halfverharde paden en wegen; het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik en educatief medegebruik; e. het aanbrengen van drainage; f. het aanbrengen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen. 7.3.2

Uitzondering verbod

Het verbod als bedoeld in lid 7.2.1 is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden die: a. betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan, en/of c. reeds mogen worden uitgevoerd krachtens een verleende omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. 7.3.3

Voorwaarden afwijken

Het bevoegd gezag past de in lid 7.3 bedoelde afwijkingsbevoegdheid toe, indien geen onevenredige verslechtering van de groeiomstandigheden van de monumentale boom optreedt.

16

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 8

8.1

Waarde - Cultuurhistorie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Cultuurhistorie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud en herstel van actuele en het benutten van potentiële cultuurhistorische waarden. 8.2

Bouwregels

Voor het bouwen van bouwwerken geldt dat vergroting en/of verandering van de bestaande bebouwing niet is toegestaan, indien de vergroting en/of verandering zichtbaar is vanaf openbaar toegankelijk gebied en betrekking heeft op: a. aan- en uitbouwen aan de voor- of zijgevel van het hoofdgebouw; b. dakterrassen; c. verandering van dakvorm, nokrichting, dakhelling, goothoogte of bouwhoogte van het hoofdgebouw. 8.3

Afwijken van de bouwregels

8.3.1

Voorwaarden omgevingsvergunning

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 8.2 teneinde de bestaande bebouwing te vergroten en/of te veranderen, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde van het pand of object gelet op: a. bouwmassa naar hoofdafmeting en onderlinge verhoudingen; b. dakvorm, nokrichting, dakhelling, dakoverstekken, goot- en daklijsten en schoorstenen; c. gevelindelingen naar ramen en deuren. 8.3.2

Uitzonderingen omgevingsvergunning

Het bepaalde in lid 8.2 is niet van toepassing, indien: a. voor de betrokken activiteit reeds een omgevingsvergunning ingevolge artikel 2.1 lid 1 onder f of artikel 2.2 lid 1 onder b Wet algemene bepalingen omgevingsrecht nodig is; en/of b. een dakkapel wordt gebouwd mits de breedte daarvan ten hoogste 40% bedraagt van de breedte van het dakvlak waarin de dakkapel geplaatst wordt. 8.3.3

Advies

Alvorens over het verlenen van omgevingsvergunning te beslissen, wint het bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de Commissie voor welstand en monumenten, omtrent de vraag of geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde van de bebouwing en de eventueel te stellen voorwaarden.

8.4

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

8.4.1

Sloopverbod

Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk, zoals bedoeld in artikel 3.3 sub b Wet ruimtelijke ordening, bouwwerken te slopen, tenzij artikel 2.6 van het Besluit omgevingsrecht van toepassing is. 8.4.2

Uitzonderingen sloopverbod

Het in lid 8.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing: a. op sloopwerkzaamheden die betrekking hebben op normaal onderhoud en beheer, en/of; "Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

17

Mijnbouwstraat 120 Delft b. op sloopwerkzaamheden die reeds in uitvoering zijn of waarvoor reeds omgevingsvergunning voor het slopen is verleend op het tijdstip van het van kracht worden van het plan. 8.4.3

Voorwaarden omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

De werken of werkzaamheden als bedoeld in lid 8.4.1 zijn slechts toelaatbaar voor zover uit cultuurhistorisch onderzoek (quickscan) blijkt dat de cultuurhistorische waarden hierdoor niet onevenredig worden geschaad. 8.4.4

Advies

Alvorens over het verlenen van een omgevingsvergunning te beslissen, wint het bevoegd gezag schriftelijk advies in bij de Commissie voor welstand en monumenten, omtrent de vraag of geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de cultuurhistorische waarde van de gronden en de eventueel te stellen voorwaarden.

18

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 3 Artikel 9

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

19

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 10

10.1

Algemene aanduidingsregels

overige zone - beschermd stadsgezicht

Het bevoegd gezag kan ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - beschermd stadsgezicht' als voorschrift aan de omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen verbinden dat het bevoegd gezag in de gelegenheid dient te worden gesteld om beperkt cultuurhistorisch onderzoek te doen.

20

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 11 11.1

Algemene bouwregels

Algemene parkeerregels

a. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt aangetoond dat gelet op de omvang en de gebruiksfunctie van het gebouw in voldoende mate wordt voorzien in ruimte voor het parkeren van auto's op het eigen terrein en deze parkeerruimte in stand wordt gehouden. b. Een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt aangetoond dat gelet op de omvang en de gebruiksfunctie van het gebouw in voldoende mate wordt voorzien in ruimte voor het parkeren van fietsen op het eigen terrein en deze parkeerruimte in stand wordt gehouden. 11.2

Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 11.1: a. indien het voldoen aan het bepaalde in lid 11.1 door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; en/of b. voor zover op andere wijze in de nodige parkeerruimte wordt voorzien en deze in stand wordt gehouden. 11.3

Voorwaarden voor afwijken

Afwijken van de regels, als bedoeld in lid 11.2 is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de parkeersituatie in de openbare ruimte; b. de woon- en leefsituatie. 11.4

Beleidsregels Parkeren TU Campus

Het bevoegd gezag past het bepaalde in de leden 11.1, 11.2 en 11.3 toe met inachtneming van de Beleidsregels Parkeren TU Campus uit de Parkeervisie Campus TU 2016. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt bij de toetsing uitgegaan van de nieuwe of gewijzigde beleidsregels, zoals die gelden op het tijdstip van de indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

21

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 12 12.1

Laden en lossen van goederen

Laden en lossen van goederen

Een omgevingsvergunning voor het bouwen van gebouwen wordt slechts verleend, indien bij de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt aangetoond dat gelet op de omvang en de gebruiksfunctie van het gebouw in voldoende mate wordt voorzien in ruimte voor het laden en lossen van goederen op het eigen terrein en deze laad- en losruimte in stand wordt gehouden. 12.2

Afwijkingsbevoegdheid

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 12.1: a. indien het voldoen aan het bepaalde in lid 1 door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; en/of b. voor zover op andere wijze in de nodige laad- en losruimte wordt voorzien en deze in stand wordt gehouden. 12.3

Voorwaarden voor afwijken

Afwijken als bedoeld in lid 12.2 is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de openbare ruimte; b. de parkeersituatie; c. de woon- en leefsituatie. 12.4

Beleidsregels Parkeren TU Campus

Het bevoegd gezag past het bepaalde in de leden 12.1, 12.2 en 12.3 toe met inachtneming van de beleidsregels uit de Nota parkeernormen 2018. Indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, wordt bij de toetsing uitgegaan van de nieuwe of gewijzigde beleidsregels, zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag om een omgevingsvergunning.

22

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 13 13.1

Algemene gebruiksregels

Gebruiksverbod

Onder strijdig gebruik wordt - tenzij in hoofdstuk 2 anders is bepaald - in ieder geval verstaan onbebouwde gronden te gebruiken of te laten gebruiken als: a. opslagplaats voor bagger en grondspecie; b. opslagplaats voor vaten, kisten, al dan niet voor gebruik geschikte werktuigen en machines of onderdelen daarvan, oude en nieuwe (bouw)materialen, afval, puin, grind of brandstoffen, met uitzondering van het bepaalde in lid 13.2, sub a; c. uitstallings-, opslag-, stand- of ligplaats voor kampeer- en verblijfsmiddelen. 13.2

Uitzonderingen gebruiksverboden

Onder strijdig gebruik wordt - tenzij in hoofdstuk 2 anders is bepaald - niet verstaan: a. vormen van gebruik als bedoeld in lid 13.1, die verenigbaar zijn met het doel waarvoor de grond ingevolge de bestemming en/of de overige regels mag worden gebruikt; b. het opslaan van bouwmaterialen, puin en specie in verband met normaal onderhoud, dan wel ter verwezenlijking van de bestemming.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

23

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 14 14.1

Algemene afwijkingsregels

Omgevingsvergunning

Het bevoegd gezag kan - tenzij op grond van hoofdstuk 2 terzake reeds een omgevingsvergunning kan worden verleend - bij omgevingsvergunning afwijken van de regels van het plan voor: a. afwijkingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10% waarbij geldt dat de hoogtematen met maximaal 1 m mogen worden verhoogd; b. overschrijding van bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is voor een technisch betere realisering van bouwwerken dan wel voor zover zulks noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein; de overschrijdingen mogen echter niet meer dan 3 m bedragen en het bouwvlak mag met niet meer dan 10% worden vergroot; c. aanpassing in geringe mate van het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geven; d. het bouwen en gebruiken van niet voor bewoning bestemde bouwwerken van openbaar nut, mits de inhoud niet meer bedraagt dan 60 m3; e. het bouwen van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals vlaggenmasten, reclame-uitingen, gedenktekens, beeldhouwwerken en andere kunstuitingen, waarbij geldt dat de hoogtematen van de bouwwerken, geen gebouw zijnde, maximaal 7 m mag bedragen; 14.2

Voorwaarden waaronder kan worden afgeweken

Van de in lid 14.1 genoemde afwijkingsbevoegdheid kan slechts gebruik worden gemaakt, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. b. c. d.

24

de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken; de stedenbouwkundige kwaliteit; de verkeersafwikkeling ter plaatse; en de woon- en leefsituatie.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Hoofdstuk 4 Artikel 15 15.1

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 15.1 sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. c. Lid 15.1 sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 15.2

Overgangsrecht gebruik

a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 15.2 sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het lid 15.2 sub a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Lid 15.2 sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

25

Mijnbouwstraat 120 Delft

Artikel 16 16.1

Slotregel

Citeertitel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Mijnbouwstraat 120 Delft.

26

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

Mijnbouwstraat 120 Delft

Bijlagen bij regels

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

27

Mijnbouwstraat 120 Delft

Bijlage 1 Staat van bedrijfsinrichtingen

28

"Mijnbouwstraat 120 Delft" (vastgesteld)

OMSCHRIJVING

032 032 08

-

Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations

LUCHT

0502 0502 10

0 1 2 3 4

BODEM

021, 022, 024 03 03 0311 0312 032

0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5 6

VISUEEL

020 05 05 0501.1 0501.2 0502

0 1 2

VERKEER

0150 016 016 016 016 016 0162 02 02

0 1 2 3 4 5 6 7

LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen) Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van rundvee Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen - overige dieren

CATEGORIE

0130 014 014 014 014 014 0142 02 02

-

GROOTSTE AFSTAND

01 011, 012, 013 011, 012, 013, 016 011, 012, 013 011, 012, 013 011, 012, 013 0113 0113 0163 011 0141, 0142 0143, 0145 0143 0145 0146 0147 0147 0147 0147 0147 0149 0149 0149 0149 0149 0149 0149

GEVAAR

01 0111, 0113 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0112 0121 0122 0122 0122 0123 0124 0124 0124 0124 0124 0125 0125 0125 0125 0125 0125 0125

GELUID

-

INDICES

STOF

-

AFSTANDEN IN METERS

GEUR

SBI-2008

nummer

SBI-1993

10

10

30 C

10

30

2

1 G

1

B

L

10 10 10 30 100 30 30 100

10 10 10 10 10 10 10 30

30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C

10 10 10 10 10 10 10 0

30 30 30 30 100 30 30 100

2 2 2 2 3.2 2 2 3.2

1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1 1

B B B B B B

L L L

50 50 200

30 30 30

30 C 30 C 50 C

0 0 0

50 50 200 D

3.1 3.1 4.1

1 G 1 G 1 G

1 1 1

200 200 200 100

30 30 50 30

50 C 50 C 50 C 50 C

0 0 0 0

200 D 200 200 100 D

4.1 4.1 4.1 3.2

1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1

200 100 30 100 10 30

30 30 0 0 0 10

30 C 30 C 50 C 30 C 30 C 30 C

0 0 10 10 10 0

200 100 50 100 30 30 D

4.1 3.2 3.1 3.2 2 2

1 G 1 G 1 G 1 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1 1

100

30

30 C

0

100

3.2

1 G

1

30 30 30 30 30

10 10 10 10 10

50 30 50 30 30 C

10 10 10 10 0

50 D 30 50 30 30

3.1 2 3.1 2 2

2 G 1 G 2 G 1 G 1 G

1 1 1 1 1

10

10

50

0

50

3.1

1 G

1

100 50

0 0

100 C 50 C

50 R 10

100 50

3.2 3.1

2 G 1 G

2 1

100 50

30 0

50 C 50 C

0 0

100 50

3.2 3.1

1 G 1 G

1 1

1

BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven

-

VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven 0 Vis- en schaaldierkwekerijen 1 - oester-, mossel- en schelpenteeltbedrijven 2 - visteeltbedrijven -

10 103 11 11 111 111 111 111 14 14 1421 1421 1421 144 145 15 15 151 151 151 151 151 151 151

08 089 06 06 061, 062 061 062 062 08 08 0812 0812 0812 0893 0899 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101 101

151

101, 102

151 152 152 152 152 152 152 152 1531 1531 1531 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1532, 1533 1541 1541 1541 1542 1542 1542 1543 1543 1543 1551 1551

108 102 102 102 102 102 102 102 1031 1031 1031 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 1032, 1039 104101 104101 104101 104102 104102 104102 1042 1042 1042 1051 1051

0 1 2 3 0 1 2

0 1 2 3 4 5 6

TURFWINNING Turfwinningbedrijven

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11212477/1