CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Commissie Ruimte en Verkeer 23 november 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake vaststelling bestemmingsplan ‘Herziening De Hoven Blok 6’ (nr. 2344688)32.722 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Herziening De Hoven Blok 6

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Begrenzing plangebied 1.3 Opbouw plan

4 4 5 6

Hoofdstuk2 Planbeschrijving 2.1 Bestaande situatie 2.2 Vigerende bestemmingsplannen 2.3 Planbeschrijving 2.4 Stedenbouwkundige wijzigingen

7 7 12 12 12

Hoofdstuk3 Beleid 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Regionaal beleid 3.4 Hoogheemraadschap van Delfland 3.5 Gemeentelijk beleid 3.6 Conclusie

17 17 18 20 20 21 28

Hoofdstuk4 Omgevingsaspecten en onderzoeken 4.1 Water 4.2 Bodem 4.3 Ecologie 4.4 Archeologie en cultuurhistorie 4.5 Mobiliteit 4.6 Geluid wegverkeerslawaai 4.7 Luchtkwaliteit 4.8 Milieuzonering bedrijven 4.9 Externe Veiligheid 4.10 Kabels en leidingen 4.11 Bezonning 4.12 Vormvrije m.e.r.-beoordeling

29 29 33 34 36 38 39 41 42 44 47 47 48

Hoofdstuk5 Juridische planbeschrijving 5.1 Verantwoording planvorm 5.2 Systematiek bestemmingen

50 50 50

Hoofdstuk6

55

Handhaving

Hoofdstuk7 Maatschappelijke en financiële uitvoerbaarheid 7.1 Inspraak en overleg 7.2 Zienswijzen 7.3 Financiële uitvoerbaarheid

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 2

56 56 57 58

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Toelichting

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 3

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Huidige situatie De Hoven Aan de Martinus Nijhofflaan in Delft is het winkelcentrum 'De Hoven' (inclusief De Hoven Passage) gelegen (zie paragraaf 1.2 voor begrenzing van het gebied). Het winkelcentrum bevindt zich aan de rand van de buurt Poptahof in de wijk Voorhof. Voor de herstructurering van dit gebied is in 2004 het Stedenbouwkundig Plan Poptahof vastgesteld en daarna – specifiek voor De Hoven - het 'Ontwikkelingsplan Winkelcentrum In de Hoven' (2006). Het Ontwikkelingsplan voorziet in de transformatie van het bestaande in zichzelf gekeerde winkelcentrum tot een compact stadsdeelcentrum met een multifunctioneel stedelijk programma en woningen boven het winkelcentrum. Op basis van het Ontwikkelingsplan is vervolgens het bestemmingsplan 'Partiële herziening In de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' vastgesteld. Dit bestemmingsplan maakt de transformatie mogelijk. Grote delen van het plan zijn inmiddels uitgevoerd. Er zijn gefaseerd drie woongebouwen gebouwd (de gebouwen Boven De Hoven 1, Boven De Hoven 2 en Boven De Hoven 3, opgeleverd in 2015, 2016 en 2018). Daarnaast zijn in het kantoorgebouw Torenhove woningen gerealiseerd. De naam van dit gebouw is gewijzigd in 'Delft Hoog'. De volgende stap in de transformatie is de bouw van het gebouw 'De Hoven Blok 6' (hierna: Blok 6).

Dit gebouw is een appartementencomplex met maximaal 80 woningen, commerciële voorzieningen op de begane grond en parkeervoorzieningen. Daarnaast wordt een verbinding met de bestaande parkeergarage gerealiseerd. Het gebouw komt op het huidige parkeerterrein aan de Troelstralaan. De ontwikkeling van Blok 6 sluit aan bij de ambities uit het Ontwikkelingsplan en draagt bij aan de ontwikkeling van het hoogstedelijke woonmilieu en het toekomstbestendig maken van dit stadsdeelcentrum waarin het Ontwikkelingsplan voorziet. Daarnaast sluit de ontwikkeling aan bij de uitgangspunten van de Omgevingsvisie Delft 2040. In de visie wordt voor De Hoven uitgegaan van een dynamisch gemengd gebied met een mix van wonen en werken. Daarnaast zet de visie in op het versterken van de drie centrale winkelgebieden, waar De Hoven er één van is. Verder wordt met de bouw van de woningen een belangrijke bijdrage geleverd aan de realisering van de in de Omgevingsvisie genoemde woningbouwopgave. In het huidige bestemmingsplan is al uitgegaan van de ontwikkeling van Blok 6. Op een aantal onderdelen wijkt het gebouw echter van het bestemmingsplan af. Om het gebouw te kunnen realiseren, is het daarom nodig om het huidige bestemmingsplan op een aantal punten aan te passen. Het gaat hierbij om het volgende.

In het huidige bestemmingsplan is bij het maximale woningaantal dat het plan toestaat nog geen rekening gehouden met de transformatie van het bestaande kantoorgebouw Torenhove tot een woongebouw. Bij het maximale woningaantal in het bestemmingsplan is uitgegaan van (alleen) de nieuwe woongebouwen. Omdat de woningen in Delft Hoog meetellen, wijkt het woningaantal af van het maximale aantal waar het bestemmingsplan vanuit gaat. Het aantal woningen dat op grond van het bestemmingsplan mogelijk is moet daarom worden aangepast. Er wordt een doorgang gerealiseerd tussen de parkeervoorzieningen in het nieuwe gebouw en de bestaande parkeergarage. Op grond van het huidige bestemmingsplan is dat niet mogelijk. Het gebouw wordt circa drie meter hoger dan mogelijk is op grond van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan heeft als doel om de voorgenomen ontwikkeling planologisch mogelijk te maken binnen duidelijke kaders. Deze kaders worden bepaald door de in het Besluit ruimtelijke ordening genoemde onderdelen waaruit een bestemmingsplan tenminste dient te bestaan: een verbeelding, regels en een toelichting.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 4

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

1.2

Begrenzing plangebied

Het plangebied is gelegen in de wijk Voorhof in het zuidwestelijk woongebied van Delft. Winkelcentrum 'De Hoven' is gelegen nabij het Delflandplein, aan de Martinus Nijhofflaan, Aart van der Leeuwlaan, Troelstralaan en de Papsouwselaan. Het gebied is op loop- en fietsafstand van Station Delft gelegen (circa 15 minuten lopen, circa 5 minuten fietsen en circa 9 minuten reizen met tramlijn 1). Hieronder is de ligging weergegeven binnen Delft:

Figuur 1.2.1 Ligging plangebied (nummer VII in zwarte cirkel) in Delft. Het rode gebied is het stadscentrum. Bron: Omgevingsvisie Delft 2040 In figuur 1.2.2 is verder ingezoomd op winkelcentrum 'De Hoven'. Het winkelcentrum is in figuur 1.2.2 geel omlijnd. De Martinus Nijhofflaan vormt de zuidelijke grens van winkelcentrum 'De Hoven'. De Aart van der Leeuwlaan en de Troelstralaan vormen de westelijke en noordelijke grens van het plangebied. Het plangebied is gelegen aan de Troestralaan en wordt weergegeven met een rode lijn op figuur 1.2.2.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 5

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 1.2.2 Luchtfoto met begrenzing winkelcentrum 'De Hoven' (gele lijn) en ligging plangebied (rode lijn). Bron: StreetSmart, 2022

1.3

Opbouw plan

De toelichting bestaat uit zeven hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk beschrijft hoofdstuk 2 de ontwikkeling van het plangebied. In hoofdstuk 3 is het beleid beschreven. Hoofdstuk 4 beschrijft de voor bestemmingsplan uitgevoerde onderzoeken en de relevante omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 wordt een toelichting gegeven op de juridische regeling. Hoofdstuk 6 gaat in op handhaving in dit plangebied. In hoofdstuk 7 wordt tot slot de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan beschreven.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 6

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Bestaande situatie

Winkelcentrum 'De Hoven' In de bestaande situatie is in het plangebied van dit bestemmingsplan onderdeel van het winkelcentrum 'De Hoven'. Dit winkelcentrum biedt ruimte aan diverse detailhandels- en horecavoorzieningen. Tevens zijn er enkele bedrijven uit de (zakelijke) dienstverleningssector in het winkelcentrum gevestigd. Boven het winkelcentrum zijn gefaseerd drie woongebouwen gerealiseerd (de gebouwen Boven De Hoven 1, 2 en 3).

Figuur 2.1.1 Huidige situatie aan de Martinus Nijhofflaan (kijkrichting naar Papsouwselaan) met aan linkerzijde boven De Hoven 1, boven De Hoven 2 en boven De Hoven 3) Tot het winkelcentrum behoort ook het gebouw Delft Hoog. Dit is het voormalig kantoorgebouw Torenhove dat getransformeerd is tot appartementencomplex. Gebouw Delft Hoog onderscheidt zich door zijn bouwhoogte en vormgeving van de bebouwing boven winkelcentrum 'De Hoven' en de bebouwing in de omgeving van het plangebied. Verder zijn er parkeervoorzieningen ten behoeve van de bovengenoemde voorzieningen (en naastgelegen bebouwing aan de noordzijde) aanwezig in het plangebied. De parkeervoorzieningen bestaan zowel uit parkeerplaatsen op maaiveldniveau als gebouwde parkeervoorzieningen. De parkeervoorzieningen op maaiveldniveau worden ontsloten door de Troelstralaan, de Papsouwselaan en de Martinus Nijhofflaan. De gebouwde parkeervoorzieningen bestaan uit een parkeerdek dat ontsloten wordt vanaf de Aart van der Leeuwlaan en uit een parkeergarage ('De Hoven') die ontsloten wordt vanaf de Papsouwselaan. Stedenbouwkundige uitwerking winkelcentrum 'De Hoven' Stedenbouwkundig is er in het winkelcentrum sprake van bebouwing met twee verschillende gezichten. Aan de Martinus Nijhofflaan is sprake van relatief hoge bebouwing. Met een hoogte van circa 83 meter is Delft Hoog het hoogste gebouw.

Aan de Martinus Nijhofflaan staan de torens Boven De Hoven 1, 2 en 3. Deze torens hebben uiterlijk dezelfde verschijningsvorm en een hoogte van circa 42 meter. Een plint met appartementen en commerciële voorzieningen verbindt de drie torens met elkaar. Deze plint is circa 25 meter hoog. Tegenover deze drie torens staat de bebouwing waarin onder andere een Albert Heijn XL, een Gall & Gall en diverse appartementen gevestigd zijn. Deze bebouwing is circa 20 meter hoog. Tussen deze bebouwing en het Delflandplein wordt een woontoren met een hoogte van circa 65 meter gerealiseerd, dit wordt mogelijk gemaakt door het in maart 2021 vastgestelde bestemmingsplan 'Martinus Nijhofflaan fase 2'.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 7

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 Aan de Papsouwselaan is (in aansluiting op de Poptahof) sprake van een minder hoogstedelijk beeld dan aan de Martinus Nijhofflaan. Hier wordt het beeld wederom bepaald door Delft Hoog. Ook de parkeergarage 'De Hoven' tussen de Papsouwselaan en de Troelstralaan is met 25 meter een hoger gebouw in deze omgeving. Deze bovengrondse parkeergarage sluit op zijn beurt aan op een 35 meter hoge woonflat 'De Kiviet' aan het Poptahof. Aan de overzijde van de Papsouwselaan staat de circa 60 meter hoge Artemisflat. Verder wordt het beeld aan de overzijde van de Papsouwselaan bepaald door bebouwing (grotendeels uit de periode dat de wijk Voorhof gerealiseerd werd) met vijf tot zes bouwlagen waarbij de eerste bouwlaag een plint met diverse voorzieningen is. Figuur 2.1.2 geeft een impressie van het beeld van de Martinus Nijhofflaan en de Papsouwselaan.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 8

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 2.1.2 Huidige situatie aan de Martinus Nijhofflaan kijkend richting Delft Hoog (boven), de Papsouwselaan kijkend richting de zuidgevel van parkeergarage 'De Hoven' (midden) en de Papsouwselaan kijkend richting de noordgevel van parkeergarage 'De Hoven' (onder) De Troelstralaan bestaat uit twee delen. Het noordelijk deel wordt door de hoge woonflat De Kievit van de Poptahof en de parkeergarage begrensd. Aan het zuidelijk deel staat bebouwing die overwegend twee bouwlagen hoog is, met op de begane grond etalageruimten van winkels aan de passage en parkeren op de tweede bouwlaag. Aan de Troelstralaan is dus deels sprake van veel lagere bebouwing dan aan de Martinus Nijhofflaan en de Papsouwselaan. Hier wordt het beeld bepaald door een ingang van het winkelcentrum en etalages van diverse winkels. Verder wordt het beeld bepaald door de hoge parkeergarage 'De Hoven' en de gevels van de woningen/appartementencomplexen aan de Palmyraplaats, de Taj Mahalplaats en de Akropolishof, gelegen aan de overzijde van een ruime watergang langs de Troelstralaan. Kijkend vanaf het Pad van Troje in de richting van de Martinus Nijhofflaan wordt het beeld in de Troelstralaan bepaald door het appartementencomplex op de hoek van het Pad van Troje en de Troelstralaan (zie figuur 2.1.3).

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 9

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 2.1.3 Huidige situatie aan de Troelstralaan, kijkend vanaf de Aart van der Leeuwlaan (boven) en huidige situatie in de Troelstralaan, kijkend vanaf het Pad van Troje (onder) Blok 6 Het plan voor Blok 6 bestaat uit winkelruimte op de begane grond en woningen daarboven. Tussen de winkelruimte en woningen is parkeergelegenheid mogelijk alsmede een verbinding voor auto's tussen de verschillende parkeervoorzieningen in het winkelcentrum. Blok 6 wordt ter plaatse van het parkeerterrein op maaiveldniveau aan de Troelstralaan gerealiseerd. Binnen het plangebied is het voornemen om de toegestane bouwmogelijkheden van het vigerend bestemmingsplan te verruimen met maximaal één bouwlaag en (naast winkelruimte op de begane grond) ook maximaal 80 woonappartementen als functie toe te voegen. In figuur 2.1.4 is de ligging van Blok 6 weergegeven.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 10

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 2.1.4 Ligging Blok 6 (rode lijn)

Figuur 2.1.5 Ligging Blok 6 vanaf Troelstralaan (gezien vanaf rode stip figuur 2.1.4)

Figuur 2.1.6 Ligging Blok 6 vanaf Troelstralaan (gezien vanaf paarse stip figuur 2.1.4)

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 11

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

2.2

Vigerende bestemmingsplannen

In het plangebied van deze partiële herziening met de naam 'Herziening De Hoven Blok 6' is voor vaststelling hiervan het bestemmingsplan 'Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' van kracht. Laatstgenoemde partiële herziening is op 25 september 2008 door de gemeenteraad van Delft vastgesteld en op 10 maart 2009 goedgekeurd door gedeputeerde staten van Zuid-Holland. Zoals reeds beschreven in paragraaf 1.1 staat het bestemmingsplan 'Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' onder meer de bouw van 550 woningen toe (artikel 2, lid 1, sub a). Voorliggende partiële herziening is nodig omdat de gewenste 80 woningen qua aantal niet passen binnen het vigerende plan. Daarnaast is een klein deel van het deel van het plangebied het bestemmingsplan 'Zuidwest 1' relevant, zoals deze is vastgesteld door de gemeenteraad van Delft op 30 november 2006 en goedgekeurd door gedeputeerde staten van Zuid-Holland op 17 juli 2007. In dit deel moet een voor motorvoertuigen toegankelijke doorgang worden gemaakt tussen de parkeergarage 'De Hoven' en het parkeerdek in Blok 6. Op gronden 'Verkeersdoeleinden 1' van het bestemmingsplan 'Zuidwest 1' wordt het bouwen van gebouwen niet toegelaten. Voorliggende partiële herziening is nodig om de beoogde doorgang toe te staan.

Figuur 2.2.1 Ligging plangebied Blok 6 ten opzichte van huidige juridische kaders.

2.3

Planbeschrijving

Om de genoemde strijdigheid weg te nemen en zo ruimte te bieden aan de realisatie van de voornemens worden bovengenoemde onderdelen uit artikel 2 van het bestemmingsplan 'Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' herzien. Voor het overige biedt het bestemmingsplan 'Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' een planologisch kader dat voldoende ruimte biedt voor de voorgenomen ontwikkeling.

2.4

Stedenbouwkundige wijzigingen

Woningen Blok 6 met toevoeging van één bouwlaag In het vigerende bestemmingsplan ('Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan 'Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)') zijn de maximale bouwmogelijkheden bepaald. Hierbij is voor Blok 6 uitgegaan van een bouwhoogte van 18 meter met daarbij de mogelijkheid van een opbouw binnen een "denkbeeldig kapprofiel". Met deze opbouw mag de bouwhoogte van 18 meter met 4 meter worden verhoogd. De huidige maximale bouwhoogte (inclusief kap) bedraagt dan ook 22 meter. Dit sluit aan bij het beeldkwaliteitsplan (2007) waarin woonblokken aan de Troelstralaan zijn voorzien met de daarbij behorende bouwhoogte, zie het navolgend figuur.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 12

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 2.2.1 Beeldkwaliteitsplan uit 2007 (gemeente Delft, 2007) Door de realisatie van de 2-laagse nieuwbouw langs het zuidelijk deel van de Troelstralaan zijn de oorspronkelijke ruimtelijke kaders met 4 woongebouwen langs het zuidelijk deel van de Troelstralaan niet meer actueel. In de huidige situatie met de gerealiseerde nieuwbouw van het parkeergebouw langs het noordelijk deel van de Troelstralaan en de nieuwe winkelruimte met bovengelegen parkeerdek, die ruimteljke een twee laagse bebouwing vormen, is een nieuwe ruimtelijke situatie ontstaan waarbij de kaders voor de invulling van Blok 6 om herziening vragen. Hierbij sluit de nieuwe dubbelhoge plint van de nieuwbouw van Blok 6 aan op de nieuwbouw van de westzijde, bestaande uit een dubbele hoge plint met winkelruimte en daarboven een parkeerstraat. Daarboven komt een woongebouw dat in ruimtelijk opzicht aansluit op de massa van de parkeergarage dat aan de andere zijde van de entree van het winkelcentrum in de oksel van de Troelstralaan is gesitueerd. Een ruimtelijke opbouw met een terugliggende bovenste verdieping of kapverdieping is gelet op de omliggende bebouwing niet meer gewenst dan wel noodzakelijk. Door het nieuwe volume ontstaat aan weerszijden van deze belangrijke entree van het winkelcentrum een gelijkwaardige, samenhangende bouwmassa.

Het plan is om de huidige bouwmogelijkheden af te wijken en de bouw en het gebruik van 80 woonappartementen in een andere ruimtelijke opzet mogelijk te maken. De bebouwing van Blok 6 komt met een vergelijkbaar volume als de parkeergarage aan de andere zijde van de ingang van het winkelcentrum in de bocht van de Troelstralaan te liggen. Hierbij sluit de dubbel hoge plint aan op de bestaande dubbel hoge plint langs het zuidelijk deel van de Troelstralaan en krijgt het boven liggende woonvolume een heldere hoofdvorm en hoogte in aansluiting op het parkeergebouw langs het andere deel van de Troelstralaan. De verandering ten opzichte van het oorspronkelijke plan bestaat eruit dat er langs de Troelstralaan geen vier woongebouwen meer komen en dat het gebouw ca. drie meter hoger wordt. Feitelijk kan de woonbebouwing die eerder was voorzien ook niet gerealiseerd worden door de inmiddels aanwezige nieuwbouw. De impact voor de omgeving van deze wijziging is beperkt omdat de hoogte in geringe mate wordt vergroot. De nieuwe bebouwing wordt meer compact geplaatst en meer afgestemd op de schaal en massa van de parkeergarage. Daarnaast wordt de plint afgestemd op de inmiddels gerealiseerde lagere bebouwing langs het zuidelijk deel van de Troelstralaan, om daarmee aantrekkelijke en samenhangende bebouwing langs de openbare ruimte te realiseren.

Door de aanwezige bebouwing langs de Martinus Nijhofflaan en de locatie van Blok 6 is deze verandering ook slechts van geringe invloed op de bezonning en het zicht vanuit de omgeving. Door het aanwezige ruimtelijk profiel van de Troelstralaan met watergang ligt de bebouwing ook op ruime afstand van de woningen in de Poptahof. Voorliggende partiële herziening neemt de maximale omvang van de huidige bouwmogelijkheden als bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 13

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 uitgangspunt en voegt daar één bouwlaag aan toe. De totale bouwhoogte in de beoogde situatie bedraagt maximaal 25 meter.

Figuur 2.2.2 impressie van ontwikkeling gezien vanaf kruising Troelstralaan / Palmyraplaats Verbinding parkeergarage Blok 6 met winkelcentrum 'De Hoven' In samenhang met de vergroting van het winkelcentrum door de toevoeging van Blok 6 zijn ook voldoende parkeerplaatsen vereist. Het benodigde aantal parkeerplaatsen is verder uitgewerkt in paragraaf 4.5. De parkeeroplossing wordt op de eerste verdieping van Blok 6 gerealiseerd. De nieuwe parkeerplaatsen maken onderdeel uit van de volledige parkeervoorziening van het winkelcentrum en de daar boven gelegen woningen. De parkeervoorziening wordt vanuit het noordoosten ontsloten via de parkeergarage 'De Hoven' (zie figuur 2.2.3 voor een indicatieve ontsluiting van plangebied).

Figuur 2.2.3 Indicatieve ontsluiting (oranje pijlen) plangebied (rood kader) met daarbij de globale locatie voor de verbinding tussen parkeergarage 'De Hoven' en het plangebied (gele cirkel) Bron: Streetsmart. bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 14

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 Om alle parkeerplaatsen zowel vanaf de Papsouwselaan als van de Aart van der Leeuwlaan te kunnen bereiken wordt in een bepaald deel (zie figuur 2.2.4) van het bestemmingsplan 'Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' een doorgang voorzien. Hierbij wordt afgeweken van de bouwmogelijkheden van het bestemmingsplan ‘Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)’.

Figuur 2.2.4 Indicatie afwijking bouwmogelijkheden bestemmingsplan Zuidwest -1 Deze doorgang verbindt de parkeergarage 'De Hoven' met het nieuwe Blok 6 en komt boven de ingang van het winkelcentrum aan de Troelstralaan te lopen (lees: ter hoogte van de tweede bouwlaag).

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 15

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 2.2.5 Artist impressions (2 varianten) van de nieuwe entree van het winkelcentrum gezien vanaf Troelstralaan. Effect van wijzigingen De planvoornemens hebben effecten op de woningbouwprogrammering van de gemeente Delft en de kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Deze effecten zijn beschouwd in subparagraaf 3.1.4 en hoofdstuk 4 van deze toelichting.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 16

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Hoofdstuk 3

Beleid

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

De NOVI schetst een duurzaam toekomstperspectief voor de leefomgeving in Nederland in 2050. De visie geeft richting en helpt om keuzes te maken; te kiezen voor slimme combinaties van functies; uit te gaan van de specifieke kenmerken en kwaliteiten van gebieden. Het Rijk heeft voor alle nationale belangen een zogenaamde systeem-verantwoordelijkheid. Voor een aantal belangen is het Rijk zelf eindverantwoordelijk. Maar voor een groot aantal nationale belangen zijn dat de medeoverheden. De NOVI richt zich op die ontwikkelingen waarin meerdere nationale belangen bij elkaar komen en keuzes in samenhang moeten worden gemaakt tussen die nationale belangen. De belangrijkste keuzes zijn: duurzame energie inpassen met oog voor omgevingskwaliteit; ruimte voor overgang naar een circulaire economie; woningbouw in een stedelijk netwerk van gezonde en groene steden; landgebruik meer in balans met natuurlijke systemen. Toetsing en conclusie De NOVI heeft een dusdanig abstractieniveau dat er geen directe uitvoeringsprogramma's op het onderhavige bestemmingsplan van toepassing zijn. 3.1.2

uitgangspunten

of

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR)

De minister van Infrastructuur & Milieu heeft op 13 maart 2012 de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De nieuwe Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte vervangt verschillende nota's, waaronder de Nota Ruimte en de Structuurvisie Randstad 2040. In de SVIR geeft het Rijk haar visie op de ruimtelijke en mobiliteitsopgaven voor Nederland richting 2040 en de manier waarop zij hiermee om zal gaan. Het Rijk richt zich in de SVIR met name op het versterken van de internationale positie van Nederland en het behartigen van de nationale belangen. Het Rijk investeert daar waar de nationale economie er het meest bij gebaat is, in de stedelijke regio's rond de main-, brain- en greenports inclusief de achterlandverbindingen. Toetsing en conclusie De SVIR heeft geen gevolgen voor het plangebied. 3.1.3

AMvB Ruimte (Barro)

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) stelt het Rijk een aantal regels met betrekking tot de inhoud van bestemmingsplannen. De onderwerpen betreffen onder andere project mainportontwikkeling Rotterdam, kustfundamenten, gronden van defensie, grote rivieren en Waddenzee en waddengebied. Voor de in het Barro genoemde onderwerpen moeten op grond van de Wet ruimtelijke ordening alle bestemmingsplannen binnen een jaar aan de bepalingen uit het Barro voldoen. Toetsing en conclusie Geen van de in het Barro genoemde onderwerpen hebben echter betrekking op onderhavig bestemmingsplan. 3.1.4

Bro (Ladder voor duurzame verstedelijking)

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte is de Ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) dienen nieuwe stedelijke ontwikkelingen standaard gemotiveerd te worden met behulp van drie opeenvolgende treden. Deze treden borgen dat tot een zorgvuldige ruimtelijke afweging en inpassing van die nieuwe ontwikkelingen wordt gekomen. Per 1 juli 2017 is artikel 3.1.6 van het Bro gewijzigd. Deze wijziging heeft als doel de regeling te vereenvoudigen, waarbij de effectiviteit van het instrument behouden moet blijven. Een onderzoek naar de behoefte heeft slechts tot doel na te gaan of de vestiging van een functie of dienst in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Concreet betekent dit dat met betrekking tot de (economische) behoefte, de marktvraag of de beoordeling van de mogelijke of economische gevolgen van die vestiging ruimtelijke effecten (bijv. leegstand) relevant zijn. Artikel 3.1.6. lid 2 van het Bro luidt als volgt: bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 17

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.” Dat betekent: eerst bepalen of een nieuwe ontwikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft, vervolgens kijken of er vraag is naar een bepaalde nieuwe ontwikkeling, daarna analyseren of het bestaande stedelijk gebied of bestaande bebouwing kan worden hergebruikt en tot slot afwegen of de ontwikkeling negatieve ruimtelijke gevolgen tot gevolg kan hebben. Toetsing en conclusie Voor 80 woonappartementen moet worden beoordeeld of dit past binnen de behoefte. De locatie heeft momenteel een stedelijke bestemming (‘Gemengd’). Daarmee gaat het volgens de definitie van het Rijk om bestaand stedelijk gebied. Omdat de locatie binnen bestaand stedelijk gebied ligt, kan worden volstaan met een onderbouwing van de behoefte en hoeft geen analyse van alternatieve locaties plaats te vinden. Uit de provinciale woningbehoefteraming (WBR, 2021) blijkt dat in de regio Haaglanden de toegestane woningvoorraadgroei voor de periode 2021 tot en met 2030 is vastgesteld op 80.900 woningen.

Op 14 maart 2023 is de Regionale Realisatieagenda Wonen Haaglanden ondertekend. Hierin worden afspraken vastgelegd tussen Rijk, Provincie, gemeenten, corporaties en waterschappen om tot en met 2030 in Haaglanden 75.000 woningen te bouwen, waarvan tweederde betaalbaar. Het aandeel van Delft daarin betreft de bouw van 11.397 woningen, waaronder 1008 woningen dure huur, het segment dat in het betreffende blok wordt gerealiseerd. In de Woonvisie Delft is Voorhof (waarbinnen winkelcentrum 'De Hoven' is gelegen) specifiek aangemerkt als kans. De stip op de horizon is dat er nieuwe, interessante stedelijke woonmilieus ontstaan, waar ook medewerkers van kennisintensieve bedrijven, (internationale) promovendi en afgestudeerden een aantrekkelijk woningaanbod kunnen vinden. De ontwikkeling geeft invulling aan de behoefte aan stedelijk wonen met een goede (OV-) bereikbaarheid en is gericht op een brede doelgroep op de woningmarkt. Op basis van bovenstaande kan worden geconcludeerd dat: De 80 woningen een nog zeer beperkte invulling geven van de 1008 beoogde dure huurwoningen in Delft; De behoefte aan deze woningen geborgd is in de Regionale Realisatieagenda Wonen Haaglanden en alle bovenliggende stukken (De Nationale Prestatieafspraken, de provinciale samenwerkingsafspraken tussen Rijk en provincie aangaande de realisatie van 900.000 woningen in Nederland).

Toetsing en conclusie Voor het woonaanbod is de behoefte onderzocht. Hierbij is op basis van de vereisten van de ladder voor duurzame verstedelijking aangetoond dat er ruim voldoende behoefte bestaat voor het realiseren van 80 wooappartementen. Dit geldt zowel voor de kwantitatieve als de kwalitatieve behoefte.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Zuid-Holland

Sinds 15 maart 2022 is de Omgevingsvisie Zuid-Holland van de provincie Zuid-Holland in werking. De Omgevingsvisie van Zuid-Holland biedt een strategische blik op de lange(re) termijn voor de gehele fysieke leefomgeving en bevat de hoofdzaken van het te voeren integrale beleid van de provincie Zuid-Holland. De Omgevingsvisie vormt samen met de Omgevingsverordening en het Omgevingsprogramma het provinciale Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland. Het Omgevingsbeleid beschrijft hoe de provincie werkt aan een goede leefomgeving, welke plannen daarvoor zijn, welke regels daarbij gelden en welke inspanningen de provincie daarvoor levert. De Omgevingsvisie bestaat uit de volgende onderdelen: kaartbeelden en een beschrijving van de ruimtelijke hoofdstructuur; de ontwikkelingrichting van het omgevingsbeleid: ambities en sturing; een beschrijving van de omgevingskwaliteit van Zuid-Holland; bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 18

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 de samenhangende beleidskeuzes voor de fysieke leefomgeving. De voorgenomen ontwikkeling sluit aan bij de ambities uit de omgevingsvisie: er wordt gebuikt gemaakt van reeds bestaande ruimte die wordt geherstructureerd. Deze herstructurering biedt de mogelijkheden de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren. Toetsing en conclusie De doelen van de Omgevingsvisie en daaraan verbonden toetsing zijn nader uitgwerkt in de regels van de Omgevingsverordening (paragraaf 3.2.2). 3.2.2

Omgevingsverordening Zuid-Holland

De Omgevingsverordening Zuid-Holland is op 15 maart 2022 in werking getreden. In de verordening zijn de provinciale belangen uit de omgevingsvisie juridisch geborgd. In de Omgevingsverordening zijn de volgende regels opgenomen die relevant zijn voor dit bestemmingsplan: Artikel 6.9: Ruimtelijke kwaliteit en gebiedsbeschermingcategoriën Op grond van artikel 6.9, lid 1 van de Omgevingsverordening (Ruimtelijke kwaliteit) kan een bestemmingsplan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit: 1. Een bestemmingsplan kan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, mits is aangetoond dat de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft. 2. Om de ruimtelijke kwaliteit te waarborgen wordt in het bestemmingsplan rekening gehouden met de beschermingscategorie, het gebiedstype en de relevante richtpunten voor ruimtelijke kwaliteit, zoals vermeld op kaart 14 in bijlage II en beschreven in de omgevingsvisie beleidskeuze landschap. 3. Bij het beantwoorden van de vraag of bij een beoogde ruimtelijke ontwikkeling de ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd kan blijven, wordt de schaalverdeling inpassen, aanpassen en transformeren gehanteerd als bedoeld in het vijfde lid. 4. Een bestemmingsplan kan een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maken, mits een zorgvuldige afweging is gemaakt over de locatiekeuze.

De motivering gaat in op de beschreven kenmerken en waarden van het gebied en de effecten van de ontwikkeling daarop. Deze vereisten gelden voor zover het gaat om een ruimtelijke ontwikkeling waarbij: a. een of meer richtpunten voor ruimtelijke kwaliteit in het geding zijn zoals beschreven in de omgevingsvisie beleidskeuze landschap; of b. sprake is van aanpassen of transformatie als bedoeld in het vijfde lid. 5. Een bestemmingsplan kan voorzien in een ruimtelijke ontwikkeling onder de volgende voorwaarden: a. de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit, waardoor de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft. In dit geval is er sprake van inpassen; b. de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar veroorzaakt wijziging op structuurniveau. Een dergelijke ontwikkeling wordt alleen toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit. In dit geval is er sprake van aanpassen; c. de ruimtelijke ontwikkeling past niet binnen de bestaande gebiedsidentiteit.

Een dergelijke ontwikkeling wordt uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door een integraal ontwerp. Daarin wordt behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd en wordt ook rekening gehouden met de relevante richtpunten ruimtelijke kwaliteit. In dit geval is er sprake van transformeren. Artikel 6.10d Bereikbaarheid Een bestemmingsplan voor een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling houdt rekening met de gevolgen van die ontwikkeling voor de bereikbaarheid. In paragraaf 4.5 is de bereikbaarheid en verkeersafwikkeling van het plan verder onderzocht. Voor de bereikbaarheid en verkeersafwikkeling zijn er geen belemmeringen voor de uitvoering van dit bestemmingsplan. Artikel 6.27 Archeologie en Romeinse Limes Op grond van artikel 6.27, lid 1 van de Omgevingsverordening kan een bestemmingsplan voorzien in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling, onder de volgende voorwaarden ten aanzien van archeologie: bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 19

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 1. Een bestemmingsplan voor gronden met een hoge of zeer hoge bekende archeologische waarde, waarvan de plaats geometrisch is bepaald en verbeeld op kaart 8 in bijlage II, bevat bestemmingen en de daarbij behorende regels die de bekende archeologische waarden beschermen. 2. De regels, bedoeld in het eerste lid, voorzien in elk geval in een verbod op werken of werkzaamheden waarbij de bodem tot meer dan 30 cm onder het maaiveld wordt geroerd, tenzij: a. door middel van archeologisch onderzoek is aangetoond dat de archeologische waarden niet worden aangetast; of b. het werken of werkzaamheden betreffen die naar hun aard de archeologische waarden niet aantasten. 3. Een bestemmingsplan voor gronden binnen de Romeinse Limes met een hoge of zeer hoge archeologische verwachtingswaarde, waarvan de plaats geometrisch is bepaald en verbeeld op kaart 8 in bijlage II, bevat bestemmingen en daarbij behorende regels die de verwachte archeologische waarden beschermen. 4. De regels, bedoeld in het vierde lid voorzien in elk geval in de voorwaarde van archeologisch onderzoek bij werken of werkzaamheden met een oppervlakte van meer dan 100 m2 waarbij de bodem tot meer dan 30 cm onder het maaiveld wordt geroerd en de voorwaarde, dat gehandeld wordt in overeenstemming met de uitkomsten van dat onderzoek.

In paragraaf 4.4 is het aspect archeologie en cultuurhistorie verder onderzocht. Voor de beide aspecten zijn er geen belemmeringen voor de uitvoering van dit bestemmingsplan. Toetsing en conclusie De realisatie van Blok 6 is aan te merken als een ontwikkeling die valt in de categorie 'inpassing'. Het betreft een al eerder aangewezen woongebied waaraan invulling wordt gegeven met dit plan. In de geldende Partiële herziening in de Hoven ex artikel 30 WRO van het bestemmingsplan Zuidwest deelgebied 1 (Voorhof)' is sprake van een bestemming 'Gemengd' met een bouwvlak. Overeenkomstig met deze bestemming kan het plangebied verder worden uitgewerkt ten behoeve van wonen, detailhandel, horeca en dienstverlening. Voorliggend bestemmingsplan geeft aan deze contouren invulling met dien verstande dat er 80 woonappartementen meer mogelijk worden gemaakt. Om deze reden is gekozen voor het opstellen van een herziening. Voor wat betreft de ruimtelijke kwaliteit is past de ontwikkeling binnen de kaders van het huidige bestemmingsplan.

3.3

Regionaal beleid

Regionaal Structuurplan Haaglanden (RSP) Het Regionaal Structuurplan Haaglanden (RSP) is op 16 april 2008 vastgesteld door het stadsgewest Haaglanden. Het plan geeft de regionale visie weer op de ruimtelijke ontwikkeling van de regio Haaglanden tot 2021 met een doorkijk naar 2030. Haaglanden kiest in het RSP voor een beperkte uitbreiding van het stedelijk gebied. De nadruk ligt op de binnenstedelijke opgave. Verdere verstedelijking gaat namelijk ten koste van het "Goud van Haaglanden", zoals de groene kwaliteiten worden aangeduid. Uitbreiding van de woningvoorraad moet zoveel mogelijk plaatsvinden binnen bestaand stedelijk gebied en er moet dus gezocht worden naar verdichtingsmogelijkheden. Het plangebied is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied. De bouw van 80 extra woningen op deze binnenstedelijke locatie sluit aan op de doelstellingen beschreven in het RSP. 3.3.1

Conclusie

Op basis van de voorgaande paragrafen en de doorlopen Ladder voor duurzame verstedelijking , kan geconcludeerd worden dat de voorgenomen ontwikkeling past binnen de bovengenoemde provinciale en regionale beleidsdoelstellingen.

3.4

Hoogheemraadschap van Delfland

3.4.1

Waterbeheersplan 2022 - 2027

Het Hoogheemraadschap van Delfland heeft haar beleid vastgelegd in het Waterbeheersplan 2022-2027. Dit beleid is formeel vastgelegd in de Keur en de legger. Het verbeteren van de waterkwaliteit en het vergroten van de bergingscapaciteit zijn belangrijke pijlers binnen dit beleid. Voor sommige activiteiten is een watervergunning van het Hoogheemraadschap van Delfland nodig, bijvoorbeeld: graven of dempen van oppervlaktewater; bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 20

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 bouwen binnen de beschermingszone van een waterkering; aanleg van ondergrondse leidingen. Daarnaast zijn algemene regels opgenomen voor bijvoorbeeld het verrichten van handelingen in waterstaatswerken, het water brengen in of onttrekken aan oppervlaktelichamen, het onttrekken van grondwater en natuurvriendelijke oevers. Op het moment dat aan de van toepassing zijn regels wordt voldaan hoeft geen vergunning te worden aangevraagd, maar kan worden volstaan met een melding. Daarnaast beschikt het hoogheemraadschap over beleidsregels die het hoogheemraadschap Delftland als toetsingskader voor het wel of niet verlenen van een vergunning. Watertoets Delfland hanteert een Handreiking watertoets voor gemeenten. De handreiking biedt gemeenten, adviesbureaus en projectontwikkelaars handvatten voor de invulling van proces en inhoud van de watertoets voor ruimtelijke plannen op gemeentelijk niveau. De handreiking is gebaseerd op bestaand beleid van Delfland en sluit aan op de Wet ruimtelijke ordening, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Crisis- en herstelwet en de Waterwet. In het kader van de watertoets vindt overleg plaats tussen de gemeente Delft en het hoogheemraadschap van Delfland. 3.4.2

Beleidsnota beperken en voorkomen wateroverlast (2014)

De beleidsnota 'Beperken en voorkomen wateroverlast' bevat het Delflandse beleid op hoofdlijnen voor het op orde brengen en houden van het watersysteem ten aanzien van wateroverlast. Het gaat daarbij zowel om het oplossen van bestaande knelpunten als om het voorkomen van nieuwe knelpunten. 3.4.3

Watervergunning

Voor sommige activiteiten is een watervergunning van het Hoogheemraadschap van Delfland nodig, bijvoorbeeld: graven of dempen van oppervlaktewater; bouwen binnen de beschermingszone van een waterkering; aanleg van ondergrondse leidingen. De bovenstaande aspecten zijn in dit plan niet aan de orde. 3.4.4

Handreiking watertoets

Hoogheemraadschap van Delfland hanteert een Handreiking watertoets voor gemeenten. De handreiking biedt gemeenten, adviesbureaus en projectontwikkelaars handvatten voor de invulling van proces en inhoud van de watertoets voor ruimtelijke plannen op gemeentelijk niveau. De handreiking is gebaseerd op bestaand beleid van Delfland en sluit aan op de Wet ruimtelijke ordening, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Crisis- en herstelwet en de Waterwet. De toets berust op twee uitgangspunten: 1. standstillbeginsel - negatieve effecten van ruimtelijke ontwikkelingen op het watersysteem worden voorkomen; 2. verbetering - in ruimtelijke ontwikkelingen worden de kansen die zich voordoen om bestaande knelpunten in het watersysteem te helpen oplossen, benut. In het kader van de watertoets wordt overleg gevoerd tussen de gemeente Delft en het Hoogheemraadschap van Delfland. Dit komt aan de orde in paragraaf 4.1.

3.5

Gemeentelijk beleid

3.5.1

Omgevingsvisie Delft 2040 'Samen maken we de stad'

Op 15 juli 2021 heeft de raad de Omgevingsvisie Delft 2040 vastgesteld. In deze visie staat wat voor stad Delft in de toekomst wil zijn. De gemeente geeft in deze visie de gewenste ontwikkeling weer van de leefomgeving binnen de gemeente. Dit is de omgeving waarin de Delftenaar woont, werkt en zijn/haar vrije tijd doorbrengt. De Omgevingsvisie is de eerste stap van de invoering van de Omgevingswet in Delft. De Omgevingsvisie Delft 2040 vervangt de Stadsvisie en de Ruimtelijke Structuurvisie Delft 2030. De kwaliteiten die van Delft een aantrekkelijke stad maken, worden behouden door ze verder te verrijken en te versterken. De Delftse kernwaarden zijn: historie, technologie, innovatie, creativiteit en de verbonden stad. Het Delftse erfgoed (oud en nieuw) speelt een grote rol in de aantrekkelijkheid, identiteit bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 21

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 en het vestigingsklimaat van de stad. Samengevat gaat de Omgevingsvisie uit van het volgende: Delft zet tot 2040 in op het toevoegen van 15.000 woningen; Delft voorziet tot 2040 in een groei van 10.000 banen; Delft maakt gebruik van de substantiële kansen van kennisintensieve bedrijven en van een kennisgedreven en ambachtelijke 'maakindustrie'. Deze nieuwe maakindustrie biedt arbeidskansen voor een brede doelgroep in Delft en de regio. Het feit dat in Delft technisch onderwijs op mbo-, hboen academisch niveau aanwezig is maakt Delft uniek en versterkt de kansen van het Delftse bedrijfsleven. Delft koestert de huidige bedrijven, kleinschalige economie en biedt waar mogelijk groeiruimte aan bestaande bedrijvigheid. De TU is en blijft een belangrijke partner en is in 2040 zowel sociaal als fysiek beter met de stad verbonden; Delft is in 2040 hard op weg om in 2050 energieneutraal en klimaatbestendig te kunnen zijn. Om daar te komen, zet Delft in op energiebesparing, een warmtenet en zonneenergie; Delft zet in op een mobiliteitstransitie. Het mobiliteitssysteem gaat veranderen, zodat Delft de komende decennia bereikbaar, leefbaar en verkeersveilig blijft.

De ruimte voor de infrastructuur in de stad wordt beter benut door voorrang te geven aan ruimte-efficiënte, schone, slimme en veilige mobiliteit; de fysieke leefomgeving moet bijdragen aan de gezondheid van iedere Delftenaar. Delft dringt negatieve milieueffecten terug en richten zich op een gezond ingerichte leefomgeving. Het buitengebied is altijd goed bereikbaar. In 2040 is de buitenruimte in en om de stad voor mens, plant en dier op minimaal hetzelfde kwaliteitsniveau als nu. In 2040 bestaat het begrip 'afval' niet meer. Delft functioneert dan als een circulair systeem voor grondstoffen; om de positie van de historische en culturele stad te versterken, investeert Delft in kwalitatieve cultuurvoorzieningen, attracties, evenementen, een verantwoorde ontwikkeling van toerisme en in het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte. Delft koestert zijn erfgoed en zet ook bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen in op het doorvertalen van de rijke historie van Delft. Erfgoed in Delft is bekend en 'beleefbaar', waar je ook bent in de stad; ter versterking van de wijkeconomie en het borgen van de duurzame vitaliteit van wijken wordt bij nieuwe gebiedsontwikkelopgaven ten minste 10% van het te realiseren aanbod in de wijk bestemd voor werk en maatschappelijke voorzieningen. Delft streeft naar een vitale mix van wonen en werken, zowel in de wijken als in de werkgebieden.

Hierdoor kan er een klimaat ontstaan van dynamische stedelijke gemengde gebieden. Delft heeft in 2040 hoogwaardige, passende en toegankelijke voorzieningen die nodig zijn voor zorg, welzijn, cultuur, onderwijs en sport. Delft streeft naar een goede spreiding van voorzieningen en clustert waar mogelijk'; prettig samen leven vindt Delft belangrijk. In 2040 is Delft een stad waar iedereen ertoe doet, meedoet, elkaar kan ontmoeten en de kans krijgt zich te ontwikkelen. De te realiseren openbare ruimte en voorzieningen draagt hieraan bij; in Delft is ook ruimte een schaars goed. Keuzes die worden gemaakt, moeten altijd bijdragen aan de versterking van meerdere kwaliteiten van de stad en het gebied. Toetsing en conclusie Door het realiseren van 80 woningen (als aanvulling op het huidig toegestane woningaantal) en bijbehorende parkeerplaatsen, wordt bijgedragen aan hetgeen als doel is gesteld in de Omgevingsvisie, namelijk het realiseren van een nieuw hoogwaardig stedelijk woongebied met nieuwbouw en het verbeteren en toekomstgeschikt maken van het bestaande stadsdeelcentrum. Tevens draagt woningbouw bij het winkelcentrum bij aan de ontwikkeling van gebieden met een menging van wonen en werken. 3.5.2

Agenda Delft 2040

In deze agenda zijn zeven ambities ('opgaven') voor de stad geformuleerd. Delft zet onder meer in op het verbeteren van het vestigingsklimaat voor bedrijven en kennisinstellingen, het voorzieningenniveau en de woningvoorraad. Voor een goed en aantrekkelijk economisch ecosysteem is een blijvende stimulerende omgeving nodig: van een passend aanbod van bedrijfsvastgoed, excellente dienstverlening van de gemeente, goede verbindingen voor OV, auto en fiets, tot een aanbod van verschillende typen woningen voor werknemers. Verder heeft Delft in 2040 hoogwaardige en moderne voorzieningen voor alle inwoners van de stad. Het gaat hierbij om toekomstvaste en bij de tijd behorende voorzieningen die inwoners van alle leeftijden en met alle levensstijlen kunnen bedienen. bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 22

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6

Figuur 3.5.1 Opgaven Agenda Delft 2040 Toetsing en conclusie Delft heeft verder de ambitie om tot 2040 15.000 nieuwe woningen toe te voegen aan de bestaande voorraad. De nieuwe woningen zorgen ervoor dat Delft een aantrekkelijke woonstad is voor zittende en nieuwe bewoners. Op deze manier draagt onze stad bij aan de regionale opgave om het vestigingsklimaat te versterken. Die ambitie is regionaal vastgelegd in het regionale investeringsprogramma en de Roadmap Next Economy van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH). Bovendien zorgen passende woningen ervoor dat bedrijven zich makkelijker kunnen vestigen, omdat er een goed woningaanbod met voldoende keuzemogelijkheid is voor werknemers, en studenten die na hun studie in Delft willen blijven wonen. 3.5.3

Coalitieakkoord Delft 2022-2026

Het doel van het Coalitieakkoord (25 mei 2022) is een stad waar het goed wonen, werken en verblijven is, en een stad waarin voor iedereen een plek is die goed en betaalbaar is. In het akkoord wordt ingezet op: Delft kansrijk voor iedereen; ruimte voor wonen; een gezonde en veilige stad; een duurzame stad; een economische kracht en bruisende stad. De gemeente Delft zet hierbij in op het realiseren van de ambities uit de Woonvisie, het realiseren van 15.000 woningen en het versterken van de economische positie met nieuwe werklocaties die moeten leiden tot 10.000 extra banen. Delft heeft ook behoefte aan meer (middel)dure huur- en koopwoningen. Die zijn nodig om de doorstroming uit de sociale huurvoorraad te stimuleren, medewerkers van Delftse bedrijven huisvesting te bieden, studenten na hun studie vast te houden en promovendi te binden. Om te zorgen dat er in het middeldure huursegment voldoende aanbod komt, worden nieuwe woonvormen mogelijk gemaakt voor starters op de woningmarkt. Het onderhavige bestemmingsplan maakt woningbouw mogelijk en sluit hiermee aan op de doelen van het coalitieakkoord. 3.5.4

Woonvisie Delft 2016-2023/ Woonagenda 2019-2022

Het gemeentelijke woonbeleid is vastgelegd in de Woonvisie Delft 2016-2023. De visie beschrijft het belang van een aantrekkelijk woonklimaat dat past bij de sociale, economische en ruimtelijke ontwikkeling van Delft en de regio. bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 23

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 Het is wenselijk dat medewerkers van Delftse kennisbedrijven en (internationale) promovendi en studenten in Delft kunnen wonen en woonruimte kunnen vinden in de stad. Ook zouden meer afstudeerders van de TU ervoor moeten kunnen kiezen om na hun studie in de stad te blijven wonen. Delft is een solidaire kennisstad; een stad van mensen die bij elkaar horen en elkaar steunen met voldoende en kwalitatief goede woningen, met name ook voor ouderen en zorgafhankelijke doelgroepen. Het aantal inwoners en ook het aantal huishoudens in Delft is groeiende, nu maar ook in de komende jaren. De druk op de Delftse woningmarkt is groot. Steeds meer mensen willen in de nabijheid van goede voorzieningen, openbaar vervoer en een baan wonen. Daarnaast is er een toename van het aantal 1- en 2 persoons huishoudens, blijven ouderen steeds langer thuis wonen en wonen meer kwetsbare mensen zelfstandig in de wijken. Zoals vastgelegd in de Woonvisie 2016-2023 is de Delftse woningmarkt niet in balans. Vooral het aandeel woningen in het middeldure en hogere segment is ondervertenwoordigd. De Woonvisie beschrijft het belang van een aantrekkelijk woonklimaat met vitale stedelijke woonmilieus dat past bij de sociale, economische en ruimtelijke ontwikkeling van Delft en de regio.

Voor een betere balans is een stevige verschuiving noodzakelijk naar woningaanbod dat bijdraagt aan meer diversiteit en een aantrekkelijk levendig karakter van de stad en aan een evenwichtige opbouw van de wijken met een passende voorzieningenstructuur en een aantrekkelijke openbare ruimte. Studentenwoningen dienen vooral gerealiseerd te worden in de nabijheid van de TU en de hogescholen op de campus en in de randen daarvan. Eénzijdige gebieden met grote clusters studentenwoningen elders in de stad zijn niet gewenst. Op korte, middenlange en lange termijn (tot 2040) dienen in het kader van de regionale verstedelijkingsafspraken circa 15.000 woningen te worden toegevoegd en dient de bestaande voorraad toekomstbestendig en duurzaam te worden gemaakt. De uitvoering van het woonbeleid is vastgelegd in de Woonagenda 2019-2022. De pijlers voor de uitvoering zijn: sterke wijken, een toekomstbestendige en duurzame woningvoorraad, voldoende kansen op doorstroming, geschikte woningen voor ouderen (rollator toe- en doorgankelijk) en kwetsbare groepen en studentenhuisvesting in goede banen.

Om de kansen op een woning te vergroten voor starters, doorstromers en mensen die in Delft werken en hier willen wonen en die niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning en niet kunnen of willen kopen is in het verlengde van de Woonagenda het Aktieplan middenhuur opgesteld en zijn afspraken gemaakt met beleggers, ontwikkelaars en woningcorporaties over nieuwbouw van middeldure huurwoningen, de wijze van samenwerking en afstemming, huurbeleid, monitoring van de toewijzing aan de doelgroep en de voortgang en ontwikkeling van dit segment.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 24

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 Regio Afstemming over woningbouwprogramma's staat centraal in het regionale en provinciale woonbeleid. Gemeenten stellen in regionaal verband woonvisies vast. Hierin bepalen gemeenten de gewenste gezamenlijke ontwikkelrichting voor woningbouw en de woonkwaliteiten. Door af te stemmen over het kwalitatieve en kwantitatieve regionale woningbouwprogramma wordt de vraag en het aanbod naar woningen in balans gebracht. De regio is belangrijk voor de economische ontwikkeling van Delft en geldt dit ook andersom. Naast werkgelegenheid en bereikbaarheid, zijn aantrekkelijke woonmilieus en één woningmarkt die faciliterend is aan de groei van de regio van belang. Provincie, het Rijk en de gemeenten trekken samen op om de woningbouwproductie te versnellen, de leefbaarheid in zwakkere wijken te verbeteren en excessen aan te pakken. Gezien de huidige en toekomstige behoefte kent de Delftse woningmarkt vooral tekorten in het middeldure en dure segment. Voor een betere balans is een stevige verschuiving noodzakelijk naar woningaanbod dat bijdraagt aan meer diversiteit en een aantrekkelijk levendig karakter van de stad. Toetsing en conclusie Het onderhavig bestemmingsplan maakt een woningbouwontwikkeling mogelijk. De beoogde ontwikkeling sluit hiermee aan op de Woonvisie Delft 2016-2023. 3.5.5

Beleidsnota bouwhoogten Delft

Deze nota bevat een analyse en onderbouwing van de maximaal toelaatbare bouwhoogten in Delft. Daarbij is rekening gehouden met onder andere het stadsbeeld van Delft en het zicht op de kerktorens in de historische binnenstad. De nota is niet bedoeld als absolute norm voor hoogbouw, maar als leidraad bij het ontwikkelen van hoogbouw in Delft. Het gebied waarin de planlocatie is gelegen is in de nota aangewezen als initiatiefgebied. In deze gebieden is de maximale bouwhoogte 75 meter. Ter beoordeling van de bouwhoogte is in de nota een stappenplan opgenomen. Voor hoogbouw hoger dan 40 meter wordt een hoogbouweffectrapportage voorgeschreven. Toetsing en conclusie Het voorliggende plan voorziet in wijziging van de toegestane maximale bouwhoogte. De bouwhoogte wordt met maximaal 1 bouwlaag vergroot en heeft een maximale bouwhoogte van 25 meter. Het uitvoeren van een hoogbouweffectrapportage is dan ook niet noodzakelijk. 3.5.6

Mobiliteitsprogramma Delft 2040

De gemeenteraad heeft op 28 januari 2021 definitief ingestemd met het Mobiliteitsprogramma Delft 2040. De stad wil de komende jaren groeien in inwoneraantal en arbeidsplaatsen wat leidt tot meer mobiliteit en extra drukte op de beschikbare ruimte. Om een gezonde doorgroei van de stad mogelijk te maken met een goede bereikbaarheid, is een nieuwe balans nodig tussen de toenemende mobiliteitsvraag en de schaarse openbare ruimte in de stad. Het mobiliteitsprogramma toont de visie voor de komende 20 jaar, tot 2040, om de stad bereikbaar en leefbaar te houden. Om dit mogelijk te maken wordt ingezet op een mobiliteitstransitie waarbij de infrastructuur in de stad beter benut wordt door voorrang te geven aan ruimte efficiënte, schone, slimme en veilige mobiliteit. Het openbaar vervoer en de fiets moeten in snelheid, gemak en veiligheid een meer aantrekkelijk alternatief worden voor de auto. Ook de deelauto kan als alternatief voor de particuliere auto bijdragen aan efficiënter autogebruik. Concreet zijn de belangrijkste pijlers van het beleid: Ruimte geven door ruimte te maken voor: 1. Meer verblijfsruimte en minder ruimte voor verplaatsen. 2. Ruimte maken door minder autoritten. 3. Ruimte maken door minder autoparkeren. Meer schone en actieve/ gezonde verplaatsingen in de vorm van lopen of fietsen. Verkeersnetwerken en hun onderlinge samenhang aanpassen. Openbare ruimte verbeteren.

Innovatieve vormen van vervoer stimuleren die bijdragen aan de doelstellingen van het mobiliteitsprogramma. Tegengaan van 'vervoersarmoede'. bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 25

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 Verbeteren van de verkeersveiligheid. Bij bouwontwikkelingen is het verplicht een mobiliteitsplan op te stellen. De verkeersaspecten die samenhangen met de voorgenomen ontwikkeling worden behandeld in paragraaf 4.5. 3.5.7

Nota Parkeernormen 2018 (inclusief herziening 2021)

Het parkeernormenbeleid van de gemeente Delft is erop gericht om bij bouwontwikkelingen in voldoende parkeercapaciteit voor zowel de auto als de fiets te voorzien. Parkeernormen zijn er niet voor om bestaande tekorten aan parkeerplaatsen op te lossen. De gemeente Delft kiest als basis voor haar autoparkeernormen de parkeerkencijfers uit CROW publicatie 317: kencijfers parkeren en verkeersgeneratie. De parkeerkencijfers van het CROW hebben tevens de input gevormd voor de oude Nota Parkeernormen 2013. Bij het toepassen van de parkeerkencijfers van het CROW zijn de onderstaande uitgangspunten gehanteerd: in de gebieden binnenstad en schil binnenstad geldt het minimale parkeerkencijfer als referentiepunt. ln alle overige gebieden wordt het gemiddelde parkeerkencijfer als referentiepunt gehanteerd; binnen de parkeerkencijfers van het CROW wordt onderscheid gemaakt naar mate van stedelijkheid en ligging in de stedelijke zone. De mate van stedelijkheid is voor de gemeente Delft vastgesteld op de hoogste categorie: zeer sterk stedelijk (dit betekent dat er in de gemeente Delft per vierkante kilometer gemiddeld meer dan 2.500 adressen gevestigd zijn). De ligging in de stedelijke zone kan per bouwontwikkeling verschillen Bij het bepalen van de stedelijke zone wordt de ligging van de voordeur als uitgangspunt gehanteerd.

Er kan voor één of meerdere functies binnen een bouwontwikkeling sprake zijn van bijzondere omstandigheden op basis waarvan een alternatieve toepassing van parkeernormen wenselijk is. Voor deze alternatieve toepassing is in de Facetherziening Parkeren (artikel 5.3 onder a) een afwijkingsbevoegdheid opgenomen. Via bijzondere omstandigheden kan worden afgeweken van de normatieve parkeerbehoefte. Wanneer verwacht wordt dat een bouwontwikkeling vergezeld zal gaan met een relatief hoog fietsgebruik en er derhalve meer fietsparkeerplaatsen gerealiseerd worden dan de norm voorschrijft, kan een reductie op de parkeernorm voor de auto toegepast worden. De hoogte van deze reductie is locatieafhankelijk en verschilt per situatie. In paragraaf 4.5 wordt verder ingegaan op de toetsing aan de Nota Parkeernormen 2018. 3.5.8

Energie en duurzaam bouwen

3.5.8.1 Delft Energieneutraal 2050 Bij nieuwbouw of herontwikkelingen gelden de doelstellingen uit het Delftse klimaatbeleid. De basis hiervoor is de nota Delft Energieneutraal 2050. Uitgangspunt is dat voor een nieuwe woon- of bedrijfsbestemming de ambitie voorligt om een scherpere energieprestatie te realiseren dan de landelijke normen. Hiervoor hanteert Delft de Trias energetica: 1. het verminderen van de vraag door energiebesparing bij eindgebruikers; 2. het toepassen van duurzame bronnen; 3. het (verder) optimaliseren van de toepassing van fossiele bronnen naar energie-efficiency en betrouwbaarheid. Op deze punten wordt in de hierna volgende paragrafen ingegaan. 3.5.8.2 Beleid duurzaam bouwen Het gemeentelijk duurzaam bouwen-beleid geeft op gebouwniveau ambities voor verantwoord materiaalgebruik, waterbesparing, gezondheid en flexibel ruimtegebruik. Voor het thema energie zijn de ambities in de nota Delft energieneutraal 2050 vastgelegd. De duurzaamheidsambitie van een gebouw worden volgens de GPR (Gemeentelijke Praktijk Richtlijn) methodiek uitgedrukt. Dit is een prestatiegerichte werkwijze, waarmee de markt wordt vrijgelaten om zelf invulling te geven aan duurzaamheid van een gebouw zolang maar aan de doelstellingen wordt voldaan.

bestemmingsplan "Herziening De Hoven Blok 6" (vastgesteld) 26

bestemmingsplan Herziening De Hoven Blok 6 De gemeentelijke GPR-ambities worden periodiek aangescherpt als gevolg van landelijke ontwikkelingen en aanscherping van wet- en regelgeving en de doelstellingen per ruimtelijke ontwikkeling zijn in een anterieure overeenkomst vastgelegd. 3.5.8.3 Besluit bodemenergiesystemen De toepassing van bodemenergie, een techniek om woningen en gebouwen energiezuinig te maken, levert een bijdrage aan de realisatie van de gemeentelijke klimaatdoelstellingen. Door de snelle groei kunnen belangen tussen diverse bodemenergiesystemen onderling en andere belangen met elkaar in conflict komen. Bij de aanleg van een open bodemenergiesysteem dient te worden voldaan aan de Waterwet. Bij de aanleg van een gesloten systeem moet worden voldaan aan het Wijzigingsbesluit bodemenergiesystemen en de Verordening en Beleidsregel gesloten bodemenergiesystemen gemeente Delft 2015. 3.5.8.4 Klimaatadaptatiestrategie De klimaatadaptatiestrategie moet Delft helpen om haar gedrag aan te passen en Delft klimaatadaptief in te richten. Het is daarbij belangrijk dat de gemeente samenwerkt met bedrijven en inwoners. Met de strategie geeft Delft ook invulling aan de landelijke doelen uit het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie. Om Delft klimaatadaptief te krijgen, pakt de gemeente de volgende opgaves aan: 1.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13432816/1