CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Raadsvergadering 12 september 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake beheerplan groen, water en recreatie 2024-2027 (nr. 2325368)17.603 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

itgan spunt neJos van der Aa <jvda a@D elft.n l>; Pasca l Coen e <pco ene @Del ft.nl> ; Peter Broe khuij sen <pbr oekh uijse n@D elft.n l>; Marc o Doffe rhoff <md offer hoff @Del ft.nl>

Beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027 Basis voor de toekomst

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Colofon Dit is een uitgave van: Gemeente Delft Ruimte & Economie Afdeling Beheer Openbare Ruimte Postadres: Postbus 78, 2600 ME Delft Telefoon: 014015 Internet : www.delft.nl Maart 2023

1

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Inhoudsopgave 1 Inleiding

4

1.1

Algemeen

4

1.2

Doel beheerplan

5

1.3

Planperiode

5

1.4

Afbakening

5

2 Terugblik vorige planperiode (2020-2023)

7

2.1

Inleiding

7

2.2

Tevredenheid over openbare ruimte

7

2.3

Kwaliteit openbare ruimte

9

2.4

Veiligheid

11

2.5

Biodiversiteit en klimaatadaptatie

12

3 Regelgeving en beleidskaders

15

3.1

Positie beheerplan

15

3.2

Wet- en regelgeving

15

3.3

Beleidskaders

17

4 Areaal

23

4.1

Huidig areaal

23

4.2

Areaalmutaties

24

5 Beheervisie

26

5.1

Algemeen

26

5.2

Inrichting, gebruik en beheer

27

5.2.1 Beheerbewust ontwerpen – ontwerpbewust beheren

27

5.3

Kwaliteit

28

5.3.1 Beeldkwaliteit

28

5.3.2 Technische kwaliteit

29

Boomveiligheidscontrole (BVC)

29

Inspecties water(gangen)

30

Technische inspecties overige groenobjecten

30 2

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

5.4

Beheerthema’s

31

5.4.1 Monumentale bomen

31

5.4.2 Standplaatsverbetering (monumentale) bomen.

32

5.4.3 Vervangingsopgave bomen

32

5.4.4 Cultuurhistorisch groen en parken

32

5.4.5 Water- en oeverbeheer

33

5.4.6 (Bio)diversiteit en ecologisch beheer

35

5.4.7 Klimaatverandering

35

5.4.8 Duurzaamheid en circulariteit

37

5.4.9 Ziekten en plagen

37

5.4.10 Invasieve exoten en ganzenbestrijding

38

5.4.11 Bodemdaling

38

5.4.12 Participatie en zelfbeheer

38

5.5

39

Ontwikkelingen

5.5.1 Beheerafspraken Arboretum-Heempark en hertenweide

39

6 Maatregelen en kosten

41

Beheercyclus en begrippen

41

6.1

Beleid en beheer

42

6.2

Regulier onderhoud

42

6.3

Groot onderhoud

44

6.4

Administratieve kosten

45

6.5

Personele kosten en tractie

45

6.6

Recreatiegebied Midden Delfland

45

6.7

Investeringen planperiode

46

6.8

Investeringen lange termijn perspectief

47

6.9

Risico’s

48

7 Middelen en dekkingsvoorstel

49

7.1

Exploitatiebudget - Kosten

49

7.2

Exploitatiebudget - Baten

50

7.3

Investeringen

50

3

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

1 Inleiding 1.1 Algemeen Dit beheerplan geeft inzicht in manier waarop het groen en het water in de stad wordt onderhouden zodat deze voldoen aan de behoefte van bewoners, bedrijven en bezoekers en tegelijk ook duurzaam en klimaatadaptief zijn. Het beheer en onderhoud van het gemeentelijke groen en water is geen doel op zich maar is gericht op het in stand houden van de functies die bomen, beplantingen, gazons, bermen en wateren voor de stad vervullen. De groen- en waterstructuren zijn van belang voor de visuele kwaliteit, leefbaarheid en natuurontwikkeling van de stad en zorgen ervoor dat Delft een fijne stad is om in te wonen, werken en vertoeven. Bomen vangen CO2 en fijnstof af, bieden verkoeling, zuurstof en beschutting tegen zon, wind en regen. Deze waarden zijn niet direct na realisatie aanwezig, maar ontwikkelen zich geleidelijk naarmate het groen ouder wordt. Het ontwikkelen en duurzaam in stand houden van deze waarden vereist deskundig en consistent beheer en onderhoud. Door groei en toenemende investeringen neemt de functievervulling en kapitaalwaarde van groen geleidelijk toe. De grachten en overige oppervlaktewateren, greppels en wadi’s zijn van belang voor het vasthouden, bergen en afvoeren van water en de ecologische (water)kwaliteit. Water in de stad heeft ook een esthetische functie, zorgt voor verkoeling en is een levensvoorwaarde voor flora en fauna.

Oppervlaktewater vervult ook een rol in de scheepvaart, watersport, zwemmen en vissen. Als waterwegen niet goed beheerd worden, kunnen er problemen ontstaan, zoals falende waterhuishouding, afkalving van oevers of aantasting van de ecologie. Door de actuele ontwikkelingen blijkt dat steeds meer mensen gebruik maken van de openbare ruimte, parken en (recreatieve) voorzieningen. Bewoners, studenten, ondernemers en kenniswerkers vragen daarom steeds meer aandacht voor groen, water en recreatiemogelijkheden in en om de stad. Door de gemeentelijke Agenda 2040 op het gebied van wonen en werken zal deze behoefte sterk toenemen. Het is aan de gemeente, bewoners, maatschappelijke partners en marktpartijen, om vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid een goede invulling aan deze groeiende behoefte te geven. Door de hiervoor genoemde kwaliteiten leveren groen en water een belangrijke bijdrage aan een goede woon- en werkomgeving en de klimaatbestendigheid van de stad. Als beheerder draagt de gemeente de verantwoordelijkheid dat haar groenvoorzieningen en water worden onderhouden en niet sneller degenereren dan op grond van de gemiddelde levensduur mag worden verwacht. Verder heeft de gemeente de verantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat het gemeentelijke groen en water invulling kunnen geven aan de toekomstige ontwikkeling van de stad.

De Gemeente Delft heeft ongeveer 320 ha openbaar groen, 34.000 bomen, 40 ha water en 180 km oever in beheer. Van deze 180 km oeverlengte vallen alleen de beschoeide oevers (ca. 87 km) en de natuurvriendelijke- en onbeschoeide oevers (ca. 68 km) binnen het kader van dit beheerplan.

4

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

1.2 Doel beheerplan Het beheerplan is een uitwerking van de Beheervisie Openbare Ruimte Delft 2019-2023. In de beheervisie zijn de strategische kaders en de kwaliteitsniveaus voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte op langere termijn aangegeven. In het beheerplan groen en water 2024-2027 is aangegeven hoe deze waarden duurzaam in stand worden gehouden en welke (financiële) middelen hiervoor nodig zijn. Het gaat hierbij om het reguliere onderhoud, groot onderhoud en de vervangingsinvesteringen. Het beheerplan heeft als doel om voor de korte- en (middel)lange termijn het beheer en onderhoud van het groen en water inzichtelijk te hebben, om vervolgens het onderhoud op een doelmatige en (kosten)efficiënte wijze uit te voeren. Afgezien van de minimale wettelijke- en technische eisen waar de openbare ruimte aan moet voldoen, biedt het beheerplan ruimte voor het maken van keuzes. Welke kwaliteit moet het groen en water hebben? Hoeveel geld stellen wij daarvoor beschikbaar? Beleidskeuzes die per gebied of voorziening kunnen verschillen. Op basis van de Beheervisie Openbare Ruimte en de afzonderlijke beleidsstukken op het gebied van groen en water is in dit beheerplan een beheerstrategie uitgewerkt die de koers uitzet voor bestuurders en beheerders.

Het beheerplan speelt ook een belangrijke rol in de beleidsverantwoording van het college van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad. Om de raad in haar kader stellende en controlerende taak te ondersteunen zijn gemeenten verplicht1 inzicht te geven in de beleidsmatige, financiële en politieke aspecten van het onderhoud van kapitaalgoederen. Dit doen we in de beheerplannen en de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen in de begroting en kadernota.

1.3 Planperiode De periode waarop dit beheerplan betrekking heeft is vier jaar, namelijk van 2024 tot en met 2027. In het beheerplan wordt dit de planperiode genoemd. Het beheerplan wordt tenminste eens in de vier jaar herzien. Indien tussentijdse ontwikkelingen daartoe aanleiding geven wordt het beheerplan eerder geactualiseerd.

1.4 Afbakening Het beheerplan groen en water biedt inzicht in het beheer en onderhoud van: • • • • • • • • • •

Bomen Bosplantsoen Heesters en sierbeplantingen Gazons en ruw gras Halfverhardingen (wandelpaden in parken en plantsoenen) Oppervlaktewater (activiteiten: baggeren, schoonmaken en maaien) Beschoeiingen Natuurvriendelijke oevers Fonteinen Recreatiegebieden Delftse Hout en Midden-Delfland

1 Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV)

5

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

De volgende objecten en activiteiten vallen buiten het kader van dit beheerplan: • • • • • •

Oppervlaktewatergemalen; Civiele oeverconstructies, zoals: kademuren, damwanden en schanskorven; (Water)speeltuinen, kinderboerderijen en schoolpleinen, buitensportaccommodaties; Zwemwaterkwaliteit; Viswaterbeheer; Begraafplaatsen – met uitzondering van de VTA-inspecties (Visual Tree Assessment) van de bomen;

6

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

2 Terugblik vorige planperiode (2020-2023) 2.1 Inleiding De terugblik op de vorige planperiode is gebaseerd op de (beleids)doelstellingen zoals die in het vorige beheerplan Groen en Water (2019-2023) door het college en de gemeenteraad zijn vastgesteld. In de afgelopen planperiode is, met Agenda 2040 als uitgangspunt, gewerkt aan Delft als topstad op het gebied van innovatie en technologie, als toeristische topbestemming, met voorzieningen voor iedereen, waar het goed wonen is, bereikbaar voor iedereen en energieneutraal. Om deze ambities te halen is afgelopen planperiode gewerkt aan de volgende vijf opgaven: • • • • •

Een stevige basis- de openbare ruimte op orde; Sterke stad met sterke wijken; (innovatieve) maakindustrie; Energietransitie; Mobiliteitstransitie.

Om (zo goed mogelijk) aan de ambities te voldoen zijn onder andere extra middelen beschikbaar gesteld voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Deze extra middelen hebben een positief effect gehad op onder meer de beeldkwaliteit, het veiligheidsgevoel onder de inwoners en de burgertevredenheid wat betreft groenvoorzieningen en watergangen.

2.2 Tevredenheid over openbare ruimte Het college heeft voor het realiseren van een goede openbare ruimte het volgende streefcijfer gedefinieerd: Tabel 1: Streefcijfer tevredenheid inwoners over de openbare ruimte

Maatschappelijke effect

0-meting (2018)

Streefcijfer Streefcijfer Bestuursprogramma Bestuursprogramma 2018-2020 2022

Goede openbare ruimte Indicator: %-age inwoners dat tevreden is over de openbare ruimte

78% tevreden

78% niet ontevreden

78% tevreden

Deze doelstelling had betrekking op de totale openbare ruimte. Dus niet alleen op groen en water, maar bijvoorbeeld ook op wegen, straatmeubilair en speelvoorzieningen. Bij het streefcijfer voor 2018-2020 ging het om de burgers die niet ontevreden zijn. Dit omvat de groep die de beoordelingen tevreden of neutraal heeft gegeven. Bij het streefcijfer voor 2022 gaat het alleen om de groep die de beoordeling tevreden heeft gegeven. Uit grafiek 1 blijkt dat, als we kijken naar de groep mensen die tevreden is over het groen en de watergangen, het streefcijfer van 78% niet gehaald is.

7

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Grafiek 1: Tevredenheid onderhoud groen en watergangen 2022

Grafiek 2 geeft inzicht in de ontwikkeling van het percentage inwoners die tevreden is over het groen en de watergangen in Delft. In deze tabel is de groep die de beoordeling neutraal heeft gegeven niet meegenomen. Uit de gegevens blijkt dat de tevredenheid over het aantal groenvoorzieningen redelijk hoog ligt (63%), maar vanaf 2015 met 8% is gedaald. In het DIP-rapport wordt hiervoor geen reden gegeven, maar dit heeft waarschijnlijk te maken heeft met de toenemende verdichting van Delft. Steeds meer groenvoorzieningen worden (tijdelijk) onttrokken voor bouwactiviteiten/bouwprojecten. De tevredenheid over het onderhoud en het schoonhouden van groen is vanaf 2015 gestegen van 44% naar 50% . Dit is waarschijnlijk een effect van de extra middelen die beschikbaar zijn gesteld om onderdelen van de openbare ruimte intensiever te onderhouden. Met name het besluit om de ruwe grasbermen in de woonwijken twee keer per jaar te maaien in plaats van één keer (1e m langs verharding 5x) heeft een positief effect gehad op de beeldkwaliteit en op overlast door overhangend groen. Tot slot is ten opzichte van 2019 en 2020 een lichte daling te zien in het percentage tevredenheid wat betreft het schoonhouden van de watergangen. Met name de inwoners van de wijken Buitenhof, Tanthof en de Binnenstad zijn ontevreden.

In deze wijken liggen relatief veel watergangen waarin zich ook veel afval kan bevinden.

Grafiek 2: Trend tevredenheid groen en watergangen 2015-2022

8

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

2.3 Kwaliteit openbare ruimte Het college heeft zich in de vorige planperiode ook gericht op het realiseren van een doelmatige beeldkwaliteit van de openbare ruimte. Hiervoor zijn de volgende streefcijfers gedefinieerd: Tabel 2: Streefcijfer beeldkwaliteit openbare ruimte Maatschappelijke effect: Doelmatige beeldkwaliteit openbare ruimte Indicator: 90% van de openbare ruimte voldoet aan onderhoudsniveau (beeldkwaliteit)

Doelstelling beeldkwaliteit planperiode 2020-2023 Binnenstad B Rest van de stad C

De beeldkwaliteit heeft betrekking op de visueel waarneembare kwaliteitscriteria voor de openbare ruimte. De Gemeente Delft maakt hierbij gebruik van de beeldmeetlatten van de CROW Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte. Deze methode kent 5 kwaliteitsniveaus, uiteenlopend van zeer goed (A+) tot slecht (D). Conform de CROW-methode moet tenminste 90% van de meetpunten aan de afgesproken beeldkwaliteit voldoen. De onderstaande grafiek 3 geeft inzicht in mate waarin er in de afgelopen planperiode aan de doelstelling werd voldaan. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het 3e kwartaal omdat deze meting door de groeiseizoenen het meeste representatieve beeld geeft.

Grafiek 3: Trend gemiddelde beeldkwaliteit beleidsschouw groen en water - 3e kwartaal 2018-2022

Grafiek 4 en 5 geven een meer gedetailleerd inzicht per beeldmeetlat uit de beleidsschouw 2022. In de zomermaanden ligt de beeldkwaliteit wat lager dan de jaargemiddelden in de grafieken. In 2022 werd wat betreft de Binnenstad op alle beeldmeetlatten aan de doelstelling voldaan. Bij de overige wijken werd op de beeldmeetlatten snoeibeeld heesters en grashoogte gazon niet aan de 90% grens voldaan. Het feit dat er op de meeste onderdelen aan de kwaliteitsdoelstelling wordt voldaan, betekent niet dat de bewoners tevreden zijn met het verzorgingsniveau van de openbare ruimte. Dit komt doordat de onderhoudsniveaus B (Binnenstad en Agnetapark) en C (rest van de stad) niet altijd voldoen aan de verwachtingen van bewoners. Dit zie je terug in het percentage bewoners dat tevreden is over het onderhoud van de openbare ruimte (zie paragraaf 2.2) en de meldingen openbare ruimte over dit onderwerp. 9

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Grafiek 4: Beeldkwaliteit - Binnenstad 2022

Grafiek 5: Beeldkwaliteit - Overige wijken 2022

10

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

2.4 Veiligheid Het college heeft voor het veiligheidsgevoel van de bewoners het volgende streefcijfer gedefinieerd: Tabel 3 -Streefcijfer veiligheidsgevoel

Maatschappelijke effect Delft is veilig Indicator: %-age inwoners dat zich veilig voelt in hun buurt (Global goal 16)

0-meting (2018)

Streefcijfer Bestuursprogramma 2022

86%

88%

Bij dit streefcijfer gaat het om de burgers die zich veilig voelen in hun omgeving. De groep die weet ik niet, geen mening of oneens heeft ingevuld wordt daarbij niet meegenomen. Eens in de twee jaar wordt een onderzoek uitgevoerd naar het veiligheidsgevoel onder de inwoners van Delft. Het laatste onderzoek dateert uit 2021. Uit de resultaten van dit onderzoek in grafiek 6 blijkt dat 89% van bewoners zich veilig voelt in hun wijk/buurt. Hiermee is in 2021 het streefcijfer van 88% behaald. Toch voelt 5% van de inwoners van Delft zich niet veilig in hun buurt. De meest genoemde redenen voor een onveilige gevoel zijn agressief gedrag, criminaliteit (inbraken, berovingen, drugshandel) en te hard rijdende auto’s (met name als het donker is). Een klein aantal mensen geeft aan zich onveilig te voelen door het groen in de omgeving. Hierbij kan gedacht worden aan weinig zicht op parkeerplaatsen of fiets- en wandelpaden met overhangende beplanting. In de afgelopen planperiode is op een aantal plaatsen beplanting gesnoeid om het veiligheidsgevoel te bevorderen. Bijvoorbeeld bij de parkeerplaats aan de Montgommerylaan, het groengebied rond het Chardonpad. Grafiek 7 geeft inzicht in de ontwikkeling van het percentage inwoners dat zich veilig voelt in hun buurt/ leefomgeving. Uit de grafiek blijkt dat dit percentage al jarenlang stabiel is, 86%.

In 2021 was voor het eerst in vijf jaar een lichte stijging te zien: meer mensen voelde zich veilig in hun buurt/ leefomgeving. Grafiek 6: Veiligheidsgevoel inwoners van Delft 2021

Grafiek 7: Trend veiligheidsgevoel inwoners van Delft 2015-2021

11

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

2.5 Biodiversiteit en klimaatadaptatie Op grond van de uitgangspunten in het Bestuursprogramma 2018-2022, het Waterplan, de Nota Groen en de Klimaatadaptatiestrategie Delft zijn in de afgelopen planperiode maatregelen genomen om de biodiversiteit te vergroten en de openbare ruimte meer klimaatadaptief in te richten. •

Vergroten soortenrijkdom en biodiversiteit. Bij het groot onderhoud en het vervangen van bomen en beplanting is de soortenrijkdom van het areaal vergroot door meer verschillende soorten aan te planten. Verder worden meer bomen en beplantingen aangeplant die een meerwaarde hebben voor bijen, insecten, vogels en andere dieren. Een grotere soortenrijkdom en de aanplant van ziekteresistente soorten maakt het groenareaal minder gevoelig voor ziekten en plagen.

•

In de afgelopen planperiode is vanuit het incidentele budget (gedifferentieerd beheer) gestart met een meer ecologische maaibeheer. In de planperiode van dit beheerplan willen we het ecologische maaibeheer verder ontwikkelen in de geest van de Kleurkeur van de Vlinderstichting en structureel borgen in het exploitatiebudget. Op basis van geselecteerde percelen - die qua omvang en soortenrijkdom een hoge ecologische potentie hebben - wordt de maaifrequentie, het maaimoment en de maaifasering afgestemd. Belangrijk is dat gelet moet worden op de aanwezige soorten en het vergroten van de biodiversiteit. Het ecologische beheer van de overig percelen loopt hierin mee.

Figuur 1: Voorbeeld van gefaseerd maaien conform Kleurkeur

•

Het groengebied tussen het Chardonpad en de Gebbenlaan is afgelopen planperiode gerenoveerd. Zoals in figuur 2 is te zien, is de ernstige wateroverlast in dit gebied opgelost door de aanleg van wadi’s. De afgegraven grond is elders in het gebied gebruikt om een glooiend landschap te creëren, waardoor het water afstroomt naar de laag gelegen wadi’s in het gebied. Verder zijn de paden, beplantingen en gazons in dit gebied gerenoveerd en zijn als spelaanleiding bomenstammen een zwerfkeien aan gebracht.

12

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Figuur 2: Chardonpad-Gebbenlaan – Wateroverlast voor en in richting na renovatie (wadi, nieuw wandelpad, etc.).

•

Onttegelen en vergroenen. Bij de uitvoering van groot onderhoud aan wegen en rioleringen zijn kansen benut om de hoeveelheid onnodige verharding te onttegelen en te vergroenen. Deze maatregelen dragen bij aan de doelstellingen ten aan zien van klimaatadaptatie en biodiversiteit. Het onttegelen en vergroenen is onder andere toegepast in de Bomenwijk (zie afbeeldingen hieronder), de Chirurgijnstraat en binnen de rioolvervanging van Hof van Delft en Westerkwartier.

Figuur 3: Bomenwijk - voor en na onttegelen en vergroenen.

Renovatie en vergroenen door middel van herinrichting aan de Julianalaan en De Vries van Heijstplantsoen. Binnen dit integrale project zijn de rijbaan, parallelweg en parkeerplaatsen langs de Julianalaan omgevormd naar parkgebied met fiets- en wandelpaden (zie figuur 4). Verder is de rijbaan van het Vries van Heijstplantsoen opgeheven en aan het parkgebied toegevoegd (figuur 5) en zijn de heestervakken en paden van het cultuurhistorisch stadspark gerenoveerd. Naast de bestaande bomen die in het in het park zijn behouden, zijn er veel nieuwe bomen in het gebied aangeplant.

Figuur 4: Julianalaan - voor en na renovatie.

13

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Figuur 5: De Vries van Heijstplantsoen - voor en na renovatie.

14

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

3

Regelgeving en beleidskaders

In dit hoofdstuk wordt toegelicht welke wet- en regelgeving, gemeentelijke beleidsplannen en ontwikkelingen van invloed zijn op het beheer en onderhoud van groen en water.

3.1 Positie beheerplan In onderstaand schema (figuur 6) is aangegeven waar dit beheerplan groen en water (zwart kader) gepositioneerd moet worden ten opzichte van de andere beleidsdocumenten. In het schema staat de afkorting vGRP. Dit staat voor (verbreed) Gemeentelijk Rioleringsplan.

Figuur 6: Relatie beleidsdocumenten

3.2 Wet- en regelgeving Het beheer en onderhoud van groen en water wordt uitgevoerd binnen de kaders van de wet- en regelgeving. De belangrijkste wetten en regelingen die van invloed zijn op het groenbeheer, zijn: Wet- en regelgeving

Doelstelling

Burgerlijk wetboek (zorgplicht).

Als eigenaar en beheerder draagt de gemeente de verantwoordelijkheid voor het in goede staat houden van haar kapitaalgoederen, waaronder groen en water. Indien de gemeente aansprakelijk wordt gesteld dient zij ten minste aan te kunnen tonen dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan. Dit betekent dat: •

De gemeentelijke groenvoorzieningen deugdelijk zijn aangelegd;

•

Reguliere inspecties worden uitgevoerd;

•

Preventief en correctief onderhoud wordt uitgevoerd;

•

Klachten en meldingen adequaat worden afgehandeld.

15

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Wet Natuurbescherming

Regelgeving voor onder andere: • •

•

De bescherming van inheemse planten- en diersoorten; De bescherming van bossen en andere houtopstanden. Deze regelgeving is alleen van toepassing buiten de bebouwde kom inzake de Wet Natuurbescherming (zie bijlage 1); De beheersing en bestrijding van invasieve exoten. Dit is nader uitgewerkt in de EU Verordening invasieve exoten. De betreffende soorten staan vermeld op de Unielijst invasieve exoten.

In de Wet Natuurbescherming zijn gedragscodes opgenomen. In de gedragscodes staat beschreven welke maatregelen getroffen moeten worden om schade aan beschermde dieren of planten te voorkomen. De Gemeente Delft maakt hiervoor gebruik van de Gedragscode soortbescherming gemeenten, opgesteld door de Vereniging Stadswerk i.s.m. de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Omgevingswet

Als er geen verdere vertraging optreedt wordt in 2024 de Omgevingswet in gevoerd. In de Omgevingswet zijn alle wetten die van toepassing zijn op de leefomgeving samengevoegd. Het gaat hierbij onder andere om wet- en regelgeving over bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, water en natuur. Met de Omgevingswet moet er gezorgd worden voor een goed evenwicht tussen het beschermen en benutten van de leefomgeving.

Bomenverordening Delft 2013

Gemeentelijke regelgeving voor het vellen en herplanten van houtopstand. De bomenverordening is alleen van toepassing binnen de grens van de bebouwde kom voor de Wet Natuurbescherming (zie bijlage 1). Hierdoor wordt dubbele (tegenstrijdige) regelgeving voorkomen.

Wet bodembescherming

Wetgeving om verontreiniging van bodem en grondwater te voorkomen. Om dit te voorkomen wordt indien nodig gebruik gemaakt van de bodemkwaliteitskaart, grondonderzoeken en kwaliteitseisen voor te leveren en verwerken van grond en bagger

Erfgoedwet (Monumentenwet)

De nieuwe Erfgoedwet richt zich op het behoud en beheer van het cultureel erfgoed in Nederland. Het gemeentelijke erfgoedbeleid is in de Erfgoednota 2020-2030. Belangrijkste doelstellingen zijn erfgoed als pijler bij ontwikkelingen en de collectie op orde. In Delft zijn vier gebieden aangewezen als Rijks beschermd stadsgezicht: Binnenstad, Plantages, Agnetapark en TU-Noord (zie bijlage 2). De oudste delen van het Agnetapark en begraafplaats Jaffa zijn tevens Rijksmonument. Verder zijn in de Beleidsregel Cultuurhistorisch Waardevolle Groengebieden, 13 groengebieden aangewezen als cultuurhistorisch waardevol groen (zie bijlage 3). Dit zijn groengebieden die een beschermde status hebben via de betreffende bestemmingsplannen.

Waterschapswet en Waterwet

De Waterschapswet regelt verantwoordelijkheden en taken van de waterschappen en de andere betrokken overheden. De Waterwet regelt in hoofdzaak het beheer van watersystemen, waaronder waterkeringen, oppervlaktewater- en grondwaterlichamen. De wet is gericht op het voorkomen dan wel beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, de bescherming en verbetering van de kwaliteit van watersystemen en de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. Het Rijk, de provincies, de waterschappen en de gemeenten maken hierover afspraken in het Nationaal Bestuursakkoord Water.

16

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

In de Keur en legger wateren en legger (regionale) keringen zijn de vereiste afmetingen van waterwegen en waterkerende objecten en onderhoudsregimes vastgesteld. In de Beleidsregel Medegebruik Regionale waterkeringen zijn regels opgesteld voor het (onder voorwaarden) toestaan van bebouwing, kabels en leidingen en beplanting binnen de leggerzonering van de regionale waterkeringen. In de Herpolderovereenkomst (bijlage 4) hebben het Hoogheemraadschap van Delfland en de gemeente afspraken gemaakt over het beheer en onderhoud van de stedelijke watergangen. Kaderrichtlijn water (KRW)

Europese richtlijn gericht op het waarborgen van een goede waterkwaliteit voor natuurlijke waterlichamen (zowel ecologisch als chemisch). De richtlijn bepaalt dat de EU-lidstaten voor elk stroomgebied een stroomgebiedbeheerplan en maatregelenprogramma moeten opstellen met milieudoelstellingen voor grond- en oppervlaktewater. Delft valt onder het Stroomgebiedbeheerplan Rijn-West.

BBV provincies en gemeenten.

Het Besluit, Begroting en Verantwoording bevat de voorschriften voor provincies en gemeenten voor het opstellen van begrotings- en verantwoordingsdocumenten, uitvoeringsinformatie en informatie voor derden.

3.3 Beleidskaders De belangrijkste gemeentelijke beleidsstukken en inspiratiebronnen die van invloed zijn op het beheer en onderhoud van groen en water zijn hieronder kort toegelicht. In hoofdstuk 5 wordt concreet aangegeven wat de beleidsstukken betekenen voor de beheermaatregelen in dit beheerplan. Gemeentelijke kaders

Omschrijving

Coalitieakkoord Delft 2022-2026: Samen werken aan Delft

In het Coalitieakkoord Delft 2022-2026: Samen werken aan Delft, is in hoofdlijnen vastgelegd waar het college de komende periode aandacht aan gaat besteden. Het Coalitieakkoord is voor een belangrijk deel voortgebouwd op het beleid dat de afgelopen jaren ontwikkeld is. Net als voorgaande planperiode wordt, met de Agenda Delft 2040 als uitgangspunt, gewerkt aan Delft als topstad op het gebied van innovatie en technologie, als toeristische topbestemming, met voorzieningen voor iedereen, waar het goed wonen is, wat bereikbaar voor iedereen, duurzaam en energieneutraal is. Deze sluiten aan en bouwen voort op de ambities die beschreven staan in Duurzaamheidsstrategie Delft 2040 - Bouwen aan een duurzaam Delft. Voor de collegeperiode 2022-2026 zijn vijf nieuwe accenten vastgelegd die bijdragen aan het behalen van bovengenoemde punten en richting geven aan de ontwikkeling van de stad Delft: 1. De stad maken we met elkaar 2. Delft is kansrijk voor iedereen; 3. Ruimte voor wonen; 4. Een gezonde en veilige stad; 5. Een duurzame stad; 6. Economische kracht en een bruisende stad. De beleidsambities en doelstellingen uit het Coalitieakkoord 2022-2026 die op dit beheerplan van invloed zijn, zijn hieronder weergegeven. In blauw is aangeven op welke manier we hier bij het groenbeheer invulling aan geven.

17

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Ambitie 1: De stad maken we met elkaar •

Wij staan in contact met alle Delftenaren. We weten wat er in de wijken speelt en gaan daarmee samen met bewoners en bedrijven aan de slag. Dat begint bij heel praktische zaken: dat wat dagelijks speelt, het beheer van de openbare ruimte, de leefbaarheid of zorgvragen;

•

Initiatieven uit de stad gaan we ruimte geven. Wij helpen initiatiefnemers op weg om dat ook voor elkaar te krijgen. De verenigingen die actief zijn, leren we goed kennen en steunen we als er vragen zijn;

•

Bewoners in de wijk betrekken we intensief en tijdig bij de energietransitie en fysieke plannen die in de wijk (gaan) spelen. Fysieke ingrepen in de stad, zoals plannen voor herinrichting, koppelen we meer aan de sociale opgaven, om meer te bereiken.

Bewoners worden actief geïnformeerd over en/of betrokken bij de uitvoering van grotere onderhoudswerkzaamheden die van invloed zijn op hun omgeving. Verder biedt de Gemeente Delft ruimte aan groene initiatieven van bewoners en bedrijven. Zoals bijvoorbeeld de aanleg van geveltuinen en buurt(moes)tuinen of het zelfbeheer van een boomkrans, bloembakken en openbaar groen. In deze planperiode wordt in samenwerking met bewoners gekeken hoe we de woonomgeving kunnen onttegelen en vergroenen. Ambitie 2: Delft kansrijk voor iedereen •

Er moeten meer passende banen zijn. Barrières op de arbeidsmarkt moeten worden weggenomen. En we willen dat het voor mensen in de bijstand loont om (meer) te gaan werken.

Bij de uitvoering van het groenonderhoud wordt samengewerkt met Werkse!. Deze partij biedt mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt kans om te werken en door te groeien naar de markt. Ook bij het uitbesteden van het groenonderhoud worden eisen gesteld aan de manier waarop aannemers invulling geven aan ‘social return’. Ambitie 3: Ruimte voor wonen De Gemeente Delft heeft de ambitie om het woningtekort op te lossen door in de periode tot 2040, 15.000 extra woningen en 5.000 studentenwoningen te realiseren. Door deze uitbreiding van ca. 28% ten opzichte van de actuele woningvoorraad zal het aantal inwoners met ca. 30.000 inwoners toenemen (2,19 inw. per woning). Het realiseren van 15.000 extra woningen in een compacte stad vraagt een zorgvuldige ruimtelijke inpassing, zodat dit niet teveel ten kosten gaat van de bestaande groenvoorzieningen. De toename van het aantal inwoners resulteert in een hogere gebruiksdruk op groenvoorzieningen, parken en recreatieve voorzieningen zoals het Delftse Hout. In de planvorming moet bekeken worden welke aanpassingen van de openbare ruimte hiervoor nodig zijn. Ambitie 4: Een gezonde en veilige stad •

Er is een gezonde fysieke leefomgeving in alle wijken, met ruimte voor groen, sporten en ontmoeting;

•

Hoewel we weten dat het oplossen van het probleem rondom de waterkwaliteit moeilijk is, spannen wij ons in om een oplossing te vinden om het zwemwater in het Delftse Hout en de waterspeeltuinen te verbeteren. Dit doen wij in samenwerking met het Hoogheemraadschap van Delfland.

18

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Het gemeentelijke groenbeheer is gericht op het in stand houden en waar mogelijk versterken van een aantrekkelijke groene leefomgeving met ruimte voor sporten, spelen en ontmoeten. In de afgelopen jaren hebben de Gemeente Delft en het Hoogheemraadschap zich ingespannen voor een betere waterkwaliteit in de Grote Plas. In de planperiode van dit beheerplan zullen we deze inspanningen voortzetten. Ambitie 5: Duurzame stad De Gemeente Delft heeft als ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Verder richten de duurzaamheidsambities zich op het circulair gebruik van grondstoffen, natuur-inclusief bouwen, klimaatadaptatie, vergoenen en het vergroten van de biodiversiteit. •

In deze collegeperiode zetten wij stappen om de uitstoot van CO2 terug te dringen met als doel: 55% minder in 2030 ten opzichte van 1990;

•

De visie op circulair denken laten we doorwerken in alle beleidsterreinen. Voor grondstoffen werken wij deze visie uit in een uitvoeringsprogramma;

•

Delft wordt groener. Zo maken we Delft koeler, kan regen gemakkelijker weg en kunnen meer dieren ook hun plek vinden in de stad. Wij dagen tuinbezitters uit regenwater in de eigen tuin op te vangen;

•

In de komende periode willen wij met minimaal één wijk komen tot een breed gedragen plan voor warmte, isolatie, duurzame lokale energieopwekking én het vergroenen van de wijk;

•

Wij blijven ons inzetten om het Open Warmtenet Delft te realiseren. Hiervoor zetten we alle instrumenten in die we ter beschikking hebben;

•

Wij actualiseren de Nota Groen. In een meerjarig actieprogramma brengen we in kaart waar en hoe we Delft groener kunnen maken. Overbodig versteend oppervlak vergroenen we, samen met bewoners.

Voor het beheer van groen en water betekent dit dat we bij de uitvoering (aanbesteding) van werkzaamheden eisen gesteld hebben aan de manier waarop aannemers invulling geven aan CO2-reductie en circulariteit. Binnen het onderhoud van de bomen werkt de aannemer bijvoorbeeld al met elektrische gereedschappen en een waterstoftractor. De aannemers van het integraal onderhoudsbestek maken ook steeds meer gebruik van elektrische gereedschappen (o.a. bladblazers en bosmaaiers). De gemeentelijke bomen en groenvoorzieningen leveren een belangrijke bijdrage aan het vastleggen van CO2 en het leefklimaat in de stad. Het is daarom belangrijk om het gemeentelijke bomenbestand (en andere groenvoorzieningen) in stand te houden en waar mogelijk te versterken. Binnen de beperkte boven- en ondergrondse ruimte en de gemeentelijke opgaven (woningbouw, aanleg warmtenet, vervangen riolering, gas en waterleidingen) is dit geen eenvoudige opgave. Er wordt gestreefd om de bestaande bomen zoveel mogelijk te behouden. Waar dit niet mogelijk is wordt geïnvesteerd in nieuwe boomstructuren en groen. Afvalstromen afkomstig uit het groen worden zoveel mogelijk circulair verwerkt. Hierbij kan gedacht worden aan: •

Het verwerken van stamhout dat vrijkomt bij het vervangen/vellen van bomen. Producten die geproduceerd worden van dit hout zijn onder andere bouw- en meubelhout en boompalen;

•

Houtsnippers worden gebruikt als biobrandstof in groene energiecentrales;

19

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

•

Groenafval wordt gecomposteerd. Op een aantal locaties in de stad zijn wormenhotels geplaatst.

Bij groot onderhoud en vervanging van rioleringen, wegen, groen en water worden kansen benut om de openbare ruimte klimaatadaptief in te richten door te ontharden, te vergoenen en de biodiversiteit te vergroten. Binnen de planperiode van dit beheerplan wordt in de wijken Voorhof en Buitenhof uitvoering gegeven aan een integrale aanpak van rioolvervanging, vergroening, verduurzaming en klimaatadaptieve inrichting. Ambitie 5: Economische kracht en een bruisende stad Delft heeft wereldwijd een naam als centrum van innovatie en technologie. De concentratie van talent, bedrijven en kennisinstellingen draagt bij aan de economische kracht van Delft en de regio. Delft is ook een stad van monumenten, cultuur en historische iconen, die veel bezoekers trekken. We zijn zuinig op wat Delft in huis heeft, en koesteren dit. Daarom blijven we de komende jaren inzetten op het versterken van de economische kracht én op een bruisende stad. •

Delft heeft een sterk 'ecosysteem' voor techniek en innovatie, met instellingen en bedrijven die elkaar versterken en van elkaar profiteren. Wij zetten in op het verder aanjagen van deze contacten. Wij faciliteren initiatieven met impact;

•

Delft is een aantrekkelijke stad voor bezoekers. Wij willen dat bezoekers uit de regio vaker naar Delft komen en dat toeristen een aantal dagen blijven. Wat voor hén aantrekkelijk is, is vaak ook aantrekkelijk voor Delftenaren: horeca, winkels en cultuur in een gezonde balans met de rest van de stad;

•

In de binnenstad combineren we prettig wonen met een levendige mix van horeca, winkels en cultuur. Wij werken integraal aan een binnenstad die aantrekkelijk en bruisend is;

•

Evenementen laten Delft bruisen. Wij zetten ons ervoor in dat bestaande evenementen het hoofd boven water kunnen houden en dat er ruimte is voor nieuwe evenementen, verspreid door de stad;

•

Wij willen een aanbod voor jong en oud, dat past bij een stad van (straks) meer dan 120.000 bewoners met diverse achtergronden en behoeftes. Wij brengen in beeld wat dit aanbod moet omvatten en in welke stappen we hieraan gaan werken.

Bij groot onderhoud en vervanging van rioleringen, wegen, groen en water wordt samengewerkt met de TU-Delft en andere kennisinstellingen. Waar mogelijk worden innovatieve oplossingen en producten toegepast om Delft technisch en functioneel goed en tevens duurzaam en klimaatadaptief in te richten. Om de Binnenstad van Delft aantrekkelijk te houden wordt de openbare ruimte op een hoger onderhoudsniveau onderhouden (B) dan de rest van de Stad (C). In deze planperiode wordt in de Binnenstad verder gewerkt aan de uitbreiding van de autoluwe zone en het groot onderhoud/vervangen van kademuren, bruggen, wegen en groen. De monumentale bomen en het groen in beschermde stadszichten en cultuurhistorische groengebieden worden met extra zorg onderhouden. In de voorgaande planperiode is o.a. geïnvesteerd in de renovatie van het De Vries van Heijstplantsoen en Agnetapark (Robert Koumansplein). Binnen de planperiode van dit beheerplan wordt voor het rijksmonument Agnetapark een integraal meerjarig instandhoudingsplan opgesteld. Op basis van dit plan wordt in beeld gebracht wat de onderhoudsbehoefte is en wordt het mogelijk om subsidies aan te vragen. Er wordt in de planperiode van dit beheerplan extra aandacht gegeven aan het vervangen van de slechte bomen in de Binnenstad en het verbeteren van de groeicondities van monumentale bomen.

20

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Omgevingsvisie Delft

In de Omgevingsvisie Delft 2040 staat wat voor stad we in de toekomst graag willen zijn. De gemeente geeft in deze visie de gewenste ontwikkeling weer van onze leefomgeving. Dit is de omgeving waarin we wonen, werken en onze vrije tijd doorbrengen.

Visie Openbare Ruimte Delft (VORD)

De visie vormt een integratie- en afstemmingskader voor het bestaande sectorale beleid ten aanzien van de openbare ruimte en is input voor toekomstige nota’s. De visie richt zich op het verbeteren van de openbare ruimte qua: gebruik, ontwerp, inrichting en beheer.

Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR)

Technische eisen en wensen voor de inrichting van de openbare ruimte. Doel is het verkrijgen van eenheid in de inrichting en kwaliteit.

Beheervisie Openbare Ruimte 2019-2023

Integrale visie op het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Met deze visie wordt invulling gegeven aan de kwaliteitsniveaus, gedifferentieerd beheer en de verschillende transities waar Delft voor staat. De beheervisie is het verbindende document tussen de Visie Openbare Ruimte Delft (VORD), de Omgevingsvisie 2040, de Omgevingsplannen en diverse organisatiedoelen.

Nota Groen Delft 2012-2020

Beschrijft de Delftse visie op een groene, natuurlijke en leefbare stad. De nota belicht de waarde van groen en water vanuit vijf perspectieven: ruimtelijk, sociaal, ecologisch, fysisch en economisch perspectief. Delft investeert in een groen, attractief en duurzaam woon- en leefmilieu waarin flora en fauna kansen krijgen om tot volle wasdom te komen en bewoners en bezoekers zich prettig voelen. Dit doet zij door samenwerkingsverbanden aan te gaan met haar partners in de stad en ruimte te bieden aan initiatieven van inwoners, bedrijven en maatschappelijke partijen. In het Coalitieakkoord is afgesproken dat de Nota Groen wordt geactualiseerd. Dit wordt gerealiseerd door het opstellen van een nieuw uitvoeringsprogramma.

Klimaatadaptatiestra tegie Delft

Hierin staat beschreven hoe Delft bij nieuwe ontwikkelingen, beheer en onderhoud in bestaande wijken rekening kan houden met de gevolgen van klimaatverandering. Klimaatadaptatie wordt zoveel mogelijk gekoppeld aan maatregelen die al uitgevoerd moeten worden (denk bijvoorbeeld aan het vervangen van rioleringen). De Klimaatadaptatiestrategie bestaat uit een probleemanalyse, een risicoanalyse, een verkenning van oplossingsrichtingen en een agenda klimaatadaptatie (uitvoeringsagenda). In 2025/2026 worden op basis van de nieuwe klimaatmodellen van de KNMI de stresstesten voor Delft geactualiseerd. Mogelijke consequenties voor beheer en onderhoud en het toekomstbestendig houden/maken van de stad kunnen worden meegenomen in het volgende beheerplan.

Duurzaamheidsstrate gie Delft 2040 Bouwen aan een duurzaam Delft

De duurzaamheidsstrategie is een herijking van het beleid. Rekening houdend met de bouwopgave uit de Agenda 2040 worden in de duurzaamheidsstrategie de randvoorwaarden geschetst voor een duurzaam en toekomstbestendig Delft. Dit gebeurt aan de hand van de volgende vier pijlers en doelstellingen: •

Groen, blauw & gezond: een prettige leefomgeving Doelstelling: De buitenruimte in en om de stad blijft voor mens en dier op minimaal hetzelfde kwaliteitsniveau bij de geplande groei naar 130.000 inwoners.

•

Circulaire economie Doelstelling: Het begrip ‘afval’ bestaat niet meer. Delft functioneert als een gesloten systeem voor grondstoffen.

•

Klimaatadaptief Doelstelling: Delft kan de gevolgen van klimaatverandering opvangen zonder dat

21

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

deze tot overlast leiden. •

Manifest maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI) en Actieplan MVI

Delft energieneutraal Doelstelling: In 2030 de helft minder CO2-uitstoten dan in 1990, de helft minder energie verbruiken én een kwart van de energie uit duurzame bronnen halen. Aandachtspunt: De realisatie van het warmtenet legt een grote claim op de ondergrondse ruimte. Dit staat op gespannen voet met ondergrondse groeiruimte van bomen en beplantingen.

In 2018 is de Gemeente Delft toegetreden tot het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen (MVI). In het Actieplan MVI heeft de Gemeente Delft er voor gekozen om de focus te leggen op: • Klimaatbewust inkopen • Circulair inkopen • Innovatiegericht inkopen Verder blijft sociaal inkopen (SROI), het betrekken van mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, een relevant thema.

22

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

4

Areaal

4.1 Huidig areaal Dit hoofdstuk geeft inzicht in de omvang en samenstelling van het areaal aan groen, water en oevers. Als we het in dit beheerplan hebben over oevers, dan hebben we het over de hebben natuurvriendelijke oevers (NVO’s), onbeschoeide oevers en beschoeide oevers. De areaalgegevens van groen en water worden vastgelegd in het beheersysteem. De totale hoeveelheid groen in beheer bij Gemeente Delft bedraagt ruim 329 hectare. Dat is gemiddeld 31,5 m2 per inwoner. Tabel 4 hieronder geeft inzicht in de actuele samenstelling van het areaal aan groen en water. Tabel 4: Areaalverdeling groen en water binnen de Gemeente Delft

23

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Uit grafiek 8 blijkt dat het groen grotendeels bestaat uit een sober kader van gras en cultuurbeplanting (met name heesters en botanische rozen). Het aandeel onderhoudsintensieve cultuurbeplanting is beperkt en bestaat grotendeels uit relatief onderhoudsarme rozen en vaste planten. De sobere samenstelling van het groen is een Grafiek 8: Areaalverdeling groen direct gevolg van de bezuinigingen in de voorgaande beheerplannen (2012-2023). Om de beheerkosten van het openbaar groen te beperken zijn in deze perioden veel intensieve sierbeplantingen omgevormd naar meer onderhoudsarme verschijningsvormen. Ook voor de planperiode 2024-2027 is gekozen om het aandeel onderhoud intensieve beplantingen te beperken, zoals éénjarigen en struikrozen. Vaste planten worden voor de biodiversiteit wel vaker toegepast maar door de hoge beheerkosten alleen in verblijfsgebieden, langs gebiedsontsluitingswegen met een representatieve functie (de zogenaamde Boulevards uit de Visie Openbare Ruimte Delft) en belangrijke zichtlocaties.

4.2 Areaalmutaties Onder invloed van de vele stedelijke ontwikkelingen, verandert ook de omvang en samenstelling van het areaal groen en water. Bij areaalverandering gaat het om kleinschalige verandering in de samenstelling van het areaal. Bijvoorbeeld als een voetpad wordt omgevormd naar beplanting of een gazon naar ruwe berm. Bij areaaluitbreidingen of –verminderingen gaat het om wezenlijke veranderingen in de omvang van het areaal. Hierbij moet gedacht worden aan stadsuitleg en binnenstedelijke ontwikkelingen, zoals Harnaschpolder, Spoorzone en de Watertuinen. Of aan wijzigingen in het beheer. Kleinschalige areaalveranderingen worden na de realisatie in het beheersysteem verwerkt. De budgettaire gevolgen worden dan pas bij de eerstvolgende herziening van de beheerplannen inzichtelijk gemaakt. De beheer- en onderhoudslasten van areaaluitbreiding als gevolg van gebiedsontwikkelingen worden vanuit deze projecten inzichtelijk gemaakt en integraal afgewogen bij de besluitvorming over het project. De financiële verwerking van de beheer- en onderhoudslasten worden geregeld via de begroting en kadernota (paragraaf kapitaalgoederen) en bij de overdracht naar beheer geeffectueerd. In de planperiode van dit beheerplan worden de volgende grote areaalmutaties verwacht: Nieuw Delft - Door de aanleg van Nieuw Delft neemt het areaal toe met 554 bomen, 21,3 ha groen en 1 fonteininstallatie.

Voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte in Nieuw Delft is bij de begrotingsbehandeling 2020 een structurele verhoging van het onderhoudsbudget verwerkt.

24

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

Schoemakerplantage - Door de aanleg van het bouwplan Schoemakerplantage neemt het areaal toe met 308 bomen en 3,25 ha groen. Het Westelijke deel is al gerealiseerd en in beheer overgedragen. Deze arealen zijn in tabel 3 verwerkt. Het park en het oostelijk deel wordt pas na de oplevering van de woonwijk in beheer overgedragen. Klimaatadaptieve inrichting – in de komende jaren wordt er bij het uitvoeren van groot onderhoud en vervanging van rioleringen, wegen en groen fors geïnvesteerd in het onttegelen en vergroenen van de openbare ruimte. Verder zal in groengebieden met wateroverlast worden geïnvesteerd in de aanleg van, wadi’s, greppels en drainage. In dit beheerplan zijn daarom extra middelen opgenomen om onderhoudskosten van deze klimaatadaptieve inrichting op te vangen. Op de langere termijn wordt er een verschuiving van onderhoudslasten van wegen naar groen zichtbaar. Voor een goede bedrijfsvoering is het belangrijk dat de beheer- en inspectiegegevens van het groen en water actueel worden gehouden. Na elke renovatie, vervanging of nieuwe aanleg worden de wijzigingen doorgegeven aan de gegevensbeheerders. Deze verwerken de mutaties vervolgens in het beheersysteem. Het actualiseren van het beheersysteem is een doorlopend proces.

25

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

5

Beheervisie

In hoofdstuk 3 is aangegeven welke wettelijke en bestuurlijke kaders van invloed zijn op het beheer en onderhoud van het openbare groen en water. In dit hoofdstuk is beschreven wat dit concreet betekent voor de manier waarop het groen en water wordt beheerd.

5.1 Algemeen Bij het beheren van objecten in de openbare ruimte wordt gekeken naar de toegevoegde waarde voor de stad. Het in stand houden van groen en water is immers geen doel op zich, maar richt zich op het in stand houden van de functies waarvoor de groenvoorzieningen zijn aangelegd: • • •

•

Groen en water dragen bij aan een prettige woon- en werkomgeving en zorgen ervoor dat Delft een aantrekkelijke stad is voor toeristen; Groen en water bieden ruimte voor verblijven, spelen, sporten en recreëren; Groen en water zijn goed voor gezondheid, klimaat – verkoeling (hittestress), waterbetering, het leveren van zuurstof, het vastleggen van CO2 en fijnstof en voor het geven van beschutting tegen zon, wind en regen; Groen en water bieden ruimte voor natuurontwikkeling en biodiversiteit.

Daarnaast biedt het beheer en onderhoud van groen en water kansen om invulling te gegeven aan de ambities en doelstellingen uit het bestuursprogramma en beleidsplannen. Zoals: • • • • • • • •

Verstedelijksopgave beschreven in de Omgevingsvisie 2040; Energietransitie; Klimaatadaptatie (o.a. onttegelen en vergroenen, vernatting en verdroging); Vergroten biodiversiteit; Circulariteit; Ruimte voor evenementen en recreatie; Participatie; In stand houden gemeentelijk erfgoed (collectie op orde).

Bovenstaande doelstellingen en ontwikkelingen zijn in de Beheervisie Openbare Ruimte als volgt samengevat: Delft is een duurzame en leefbare stad, waarin iedereen Delft ervaart als een prettige stad. Dit doen we zodanig dat de openbare ruimte op orde, veilig en goed bereikbaar is, nu en in de toekomst. Bij de inrichting, het beheer en het onderhoud van de openbare ruimte staat duurzaamheid hoog op de agenda. We anticiperen op klimaatverandering, de energie- en de mobiliteitstransitie én de circulaire economie. In het beheer en onderhoud van de openbare ruimte dragen wij proactief bij aan de ontwikkeling van de stad (Delft 2040). Het beheer van de openbare ruimte doen we samen met partners en gebruikers. Hierin zijn we dienstbaar en attent.

26

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

5.2 Inrichting, gebruik en beheer De middelen voor de openbare ruimte worden het meest optimaal ingezet wanneer de inrichting, het beheer en het gebruik van de openbare ruimte integraal zijn afgestemd. Keuzes die bij de inrichting (ontwerp) worden gemaakt zijn bepalend voor het gebruik (functionaliteit) en het beheer en onderhoud (beheerkosten) – zie figuur 7. Uitgangspunt voor het ontwerp en de inrichting is een basis groenvoorziening die relatief ongevoelig is voor conjuncturele schommelingen. Een functioneel kader van bomen, beplanting, gras en water dat zodanig is ingericht dat het tegen relatief lage kosten in stand kan worden gehouden. Afhankelijk van de functie, het karakter van de omgeving en de (financiële) middelen kan worden gekozen om de onderdelen intensiever of extensiever in te richten en te beheren. Intensief gebruik en beheer – betekent in het algemeen een meer verzorgder beeld met meer siergroen, zoals: rozen, vaste planten en hagen. Vaste planten, bolgewassen en hagen leveren ook belangrijke bijdragen aan het verhogen van de biodiversiteit (onder andere bijen en vlinders). Sierbeplanting en recreatief groen vereisen in het algemeen meer onderhoud dan extensief groen. Vanuit esthetisch- en ecologisch oogpunt zijn er in de afgelopen planperiode meer vaste planten bij gekomen.

Onder andere langs zogenaamde ‘boulevards’ van Delft (representatieve ontsluitingswegen), waaronder de Reinier de Graafweg en bij belangrijke verblijfslocaties, zoals het Stationsgebied en stadsparken (Nieuwe Plantage en de beplanting van het in 2022 gerenoveerde De Vries van Heijstplantsoen en Robert Koumansplein).

Figuur 7: Cyclus inrichten, beheer, gebruik

Extensief gebruik en beheer – vertaalt zich in meer natuurlijke beplantingen, zoals: bosplantsoen, ruw gras, ecologische oevers, rietoevers, hogere natuurwaarden en vaak ook lagere beheerkosten dan bijvoorbeeld gazons, rozen en vaste planten. 5.2.1 Beheerbewust ontwerpen – ontwerpbewust beheren Zoals hiervoor is aangegeven kunnen de beheerkosten van groen en water worden beperkt door al bij de inrichting rekening te houden met de gevolgen voor functionaliteit, onderhoud en duurzaamheid. Daarnaast wordt het steeds belangrijker om de groenvoorzieningen te beschermen tegen de negatieve gevolgen van bouwactiviteiten, vanwege de belangrijke functie van groen met oog op de klimaatadaptatie. Verder stelt de toenemende gebruiksdruk op het groen als gevolg van een stijgend inwonersaantal hogere eisen aan de inrichting van de openbare ruimte. De richtlijnen voor een beheerbewuste inrichting zijn vastgelegd in het Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR) en het Programma Van Randvoorwaarden (PVR). De belangrijkste uitgangspunten zijn hieronder samengevat: •

•

Boomsoort en plantafstand afstemmen op beschikbare boven- en ondergrondse groeiruimte. Dit betekent onder andere voldoende afstand tot gebouwen, wegen, (fiets)paden, water en openbare verlichting. Voldoende afstand tot kabels en leidingen. Wortelzone en leidingentracé zo duidelijk mogelijk scheiden, indien nodig wortelscherm of mantelbuizen toepassen; 27

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

• • • • • • •

Een goed ingerichte standplaats met voldoende doorwortelbare ruimte en voeding. Kwalitatief goed plantmateriaal en een voldoende grote boommaat; Diversiteit in soort en leeftijd, mede in relatie tot ziekten, biodiversiteit en klimaatveranderingen; Voorkomen van wortelopdruk door hiermee rekening te houden bij de inrichting en het beheer; Beperken obstakels voor veegmachines, maaimachines en onkruidbestrijding; Onkruid werende verharding onder hekwerken, banken, etc.; Goede doorstroming van de watergangen (voorkomen ophoping vuil en bagger).

5.3 Kwaliteit Zoals in paragraaf 5.1 – Algemeen is aangegeven richt de gemeente zich op het in stand houden van de functies waarvoor de groenvoorzieningen zijn aangelegd. Om dit goed en kostenbewust uit te voeren wordt er gebruik gemaakt van objectief meetbare kwaliteitsdoelstellingen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in beeldkwaliteit en technische kwaliteit. 5.3.1 Beeldkwaliteit Bij de beeldkwaliteit gaat het om de kwaliteitscriteria die betrekking hebben op het aanzicht en verzorgingsgraad van objecten in de openbare ruimte. Bijvoorbeeld de grashoogte, de hoeveelheid wortel- en stamopschot van een boom, de hoeveelheid overgroei van paden door grassen en beplanting of de hoeveelheid zwerfvuil, drijfvuil, onkruid of bladafval. Voor een objectieve normering van de beeldkwaliteit wordt gebruik gemaakt van de CROW Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte 2018. Hierin wordt onderscheidt gemaakt in vijf onderhoudsniveaus, uiteenlopend van zeer goed (A+) tot slecht (D). In onderstaande tabel is aangegeven welke onderhoudsniveaus in Delft zijn vastgesteld. Tabel 5: Beeldkwaliteit CROW

Voor het meten van de beeldkwaliteit is Delft onderverdeeld in een raster van 100 x 100 m. Voor het toezicht op de onderhoudsbestekken wordt maandelijks een besteksschouw uitgevoerd. Voor de bestuurlijke verantwoording (jaaropdrachten en beheerplannen) wordt vier keer per jaar een beleidsschouw uitgevoerd. Bij elke schouw worden willekeurig 200 rastervakken geselecteerd. Vervolgens wordt binnen de rastervlakken beoordeeld of de beheerobjecten aan het vastgestelde kwaliteitsniveau voldoen. Dit wordt beoordeeld met behulp van beeldmeetlatten. De beeldmeetlat in tabel 6 wordt bijvoorbeeld gebruikt voor 28

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

het meten van de hoeveelheid zwerfafval in beplanting. Overall moet 90% van de beheerobjecten aan het kwaliteitsniveau voldoen. Tabel 6: Voorbeeld van een beeldmeetlat uit de KOR 2018

5.3.2 Technische kwaliteit De technische kwaliteit van kapitaalgoederen wordt in hoofdzaak beoordeeld aan de hand van de volgende drie thema’s: • • •

Veiligheid (gebreken in de voorziening mogen niet leiden tot gevaar voor de gebruikers). Duurzaamheid (de voorziening moet duurzaam in stand worden gehouden). Functionaliteit (het object moet zijn functie waarvoor het is aangelegd behouden).

Bij groenvoorzieningen moet gedacht worden aan: de vitaliteit en veiligheid van bomen, de bedekkingsgraad van beplantingen en gazons en de geslotenheid van een haag. Bij water gaat het om het in stand houden van de gewenste waterberging, doorstroming, vaardiepte en waterkwaliteit maar ook om de technische staat van een oeverbescherming of natuurvriendelijke oever. Hieronder is aangegeven welke technische kwaliteitsinspecties worden uitgevoerd.

Boomveiligheidscontrole (BVC) Voor het efficiënt en kostenbewust beheren van het bomenbestand is het belangrijk om een goed inzicht te hebben in de samenstelling (soort en leeftijd), conditie, gebreken en onderhoudsbehoefte van het bomenbestand. Verder moet de gemeente kunnen aantonen dat zij aan haar zorgplicht heeft voldaan. Het boombeheer wordt daarom planmatig uitgevoerd en geregistreerd op basis de Inspecteren, Besluitvorming, Voorbereiden en Uitvoeren (IBVU). De reguliere boomveiligheidsinspecties (BVC) zijn gericht op: •

Het tijdig vaststellen van de conditie en gebreken, zoals: stabiliteits- en breukrisico’s, beschadigingen, ziekten en aantastingen;

•

Het vaststellen, plannen en uitvoeren van de onderhoudsmaatregelen om de geconstateerde risico’s weg te nemen of te beperken;

•

Het plannen en uitvoeren van groot onderhoud (vervangingsmomenten).

Voor het uitvoeren van de reguliere boominspecties en de hieruit voorkomende maatregelen wordt gebruik gemaakt van het Handboek Bomen 2022. Hierin staan alle kwaliteitseisen, richtlijnen en normen die van toepassing zijn het boombeheer. 29

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

De gemeentelijke bomen worden in principe één keer in de 3-4 jaar visueel geïnspecteerd. Bomen die volgens de boominspecteur vanwege een gebrek extra aandacht behoeven (attentiebomen) worden jaarlijks geïnspecteerd. Dit geldt ook voor bomen die door hun leeftijd en/of standplaats een verhoogde omgevingsrisicoklasse hebben. Bomen binnen een bosverband hebben een beperkte omgevingsrisicoklasse en worden alleen geïnspecteerd voor zover deze een risico voor de omgeving kunnen vormen. Bijv. bomen binnen valafstand van wandel-, fiets- en ruiterpaden, rond speelvelden, etc. Bomen jonger dan 6-8 jaar worden niet regulier geïnspecteerd maar krijgen wel regelmatig een begeleidingssnoei waarbij ook naar de conditie van de bomen wordt gekeken. In tabel 7 is bovenstaande samengevat. Tabel 7: Controlefrequenties op basis van groeistadium en omgevingsrisico

Groeistadium boom Jeugdfase (< 6-8 jaar na aanplant) Halfwas t/m volwassen fase Eindfase en Attentiebomen (BVC) Omgevingsrisicoklasse Beperkt Algemeen Verhoogd

Beperkt

Omgevingsrisicoklasse Algemeen

Verhoogd

Geen reguliere BVC inspecties, Controle tijdens reguliere begeleidingssnoei 1x/5-6 jaar

1x/3-4 jaar

Jaarlijks

1x/3-4 jaar

Jaarlijks

Jaarlijks

Bomen in beperkt toegankelijke gebieden Straat- en laanbomen en bomen in parken en plantsoenen Bomen langs stroom- en gebiedsontsluitingswegen Intensief gebruikte locaties (pleinen, parken en speelplaatsen)

Op basis van de geconstateerde (schade)beelden bepaalt de inspecteur de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen. In verreweg de meeste gevallen betreft dit snoeiwerkzaamheden. De boominspecties geven ook inzicht in welke bomen direct of binnen enkele jaren moeten worden geveld/vervangen. De uitvoering van de maatregelen wordt zo veel mogelijk afgestemd op onderhoudswerkzaamheden van de andere assets (wegen, rioleringen, civiele kunstwerken, etc.) en projecten. Verder wordt rekening gehouden met de bepalingen uit de Wet Natuurbescherming.

Inspecties water(gangen) In de Legger van Delfland is vastgelegd wat de leggerdiepte en minimale diepte van een watergang is en wie er verantwoordelijk is voor het gewoon onderhoud (verwijderen van water- en oeverplanten, drijvend en bezonken afval) en buitengewoon onderhoud (baggeren). Tijdens de jaarlijkse schouw controleert Delfland of het gewoon onderhoud goed genoeg wordt uitgevoerd om een goede doorstroming in de watergangen en duikers te garanderen. Verder wordt door Delfland ca. één keer in de acht jaar geïnspecteerd of een watergang nog diep genoeg is of dat er moet worden gebaggerd. Delfland voert ook reguliere inspecties uit voor het bewaken van de (zwem)waterkwaliteit.

Technische inspecties overige groenobjecten Voor de overige groenobjecten werden in de voorgaande planjaren nog geen reguliere technische inspecties uitgevoerd. De onderhoudsbehoefte werd bepaald op basis van de gebiedskennis en waarneming van de eigen medewerkers, aangevuld met meldingen door bewoners. In deze planperiode zal daarom worden gestart met reguliere technische inspecties van beplantingen, gazons, parkverhardingen en oevers. Hiermee verkrijgen we het benodigde inzicht voor het plannen van groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. Er wordt vooralsnog uitgegaan van een inspectiefrequentie van één keer in de 3-5 jaar. 30

beheerplan Groen, Water en Recreatie 2024-2027

5.4 Beheerthema’s In deze paragraaf is nader uitgewerkt hoe er bij het groenbeheer invulling wordt gegeven aan een aantal belangrijke beheerthema’s. 5.4.1 Monumentale bomen Het gemeentebestuur van Delft hecht bijzondere waarde aan bomen met een monumentaal karkater. Bij het opstellen van de lijst van monumentale bomen (2007) zijn de volgende criteria gehanteerd: •

De boom is minimaal 50 jaar oud.

•

De boom is gezond en heeft naar verwachting nog minimaal 10 jaar te leven.

•

De boom heeft een bijzondere waarde door schoonheid, (cultuur)historie of zeldzaamheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12908860/1