CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

Actieprogamma Ruimtelijke Economische Visie 2024-2026

Raadsvergadering 16 mei 2024, gemeente DelftBij agendapunt: Collegebrief Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 (2410139)13.079 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Ondernemen & werken in Delft

Voorwoord Voor u ligt het actieprogramma bij de Ruimtelijke Economische Visie voor de periode 2024 tot en met 2026. De Ruimtelijke Economische Visie van Delft werd vastgesteld in 2018 en schetst de gewenste ontwikkeling van de economie tot aan 2030. Via het actieprogramma laten we zien hoe we de komende vier jaar invulling geven aan de doorontwikkeling van de Delftse economie. Centraal daarin staat het vasthouden aan de doelstellingen van de Ruimtelijk Economische Visie 2030: het realiseren van 10.000 extra banen op alle niveaus plus de daarbij behorende 100.000 vierkante meter extra bedrijfsruimte in de periode 2018-2040. En die groei in bedrijfsruimte is belangrijk voor Delft, om verschillende redenen. Ten eerste is ruimte nodig omdat Delft groeit: er komen meer woningen en dus meer inwoners in onze stad bij. Deze inwoners willen graag voorzieningen in hun buurt: een fietsenmaker, loodgieter en bakker. Voor deze voorzieningen, die we de ‘stadsverzorgende economie’ noemen, is ruimte nodig. Want wie wil er nu 3 weken wachten op de reparatie van een verstopt toilet? Daarnaast willen we voorkomen dat Delft een stad wordt waar mensen alleen wonen maar niet kunnen werken (en dus voor hun werk naar andere gemeenten om ons heen trekken met een uitgaande pendel als gevolg). Beide redenen maken dat het essentieel is dat de groei in

2 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

woningen gelijk oploopt met de groei in bedrijfsruimte en werkgelegenheid. De behoefte aan voldoende ruimte voor bedrijvigheid komt echter ook voort uit de rol die Delft speelt als kraamkamer voor innovaties én innovatieve bedrijven. In Delft wordt dagelijks gewerkt aan het vinden en uitwerken van oplossingen voor de grote opgaven van deze tijd. In Delft ontstaan nieuwe bedrijven (startups) en groeien ze door (scale-ups). Van de aanwezige kennis en expertise in Delft binnen innovatie worden lokaal, regionaal, nationaal en internationaal de vruchten geplukt. Daar mogen we heel erg trots op zijn. Maar om die positie te behouden en verder te versterken is er ruimte nodig voor bedrijven om zich te vestigen of door te groeien. Terugkijkend op de afgelopen jaren zien we dat er veel stappen zijn gezet om de Delftse economie te ontwikkelen en te versterken. Denk aan de ontwikkeling bij In de Hoven, de realisatie van NEXT Delft, de samenwerking van DSM en ASR Dutch Science Park Fund in de ontwikkeling van de Biotech Campus Delft en de investering uit het Nationaal Groeifonds om het Delftse quantum ecosysteem te vergroten. Tegelijkertijd staan we voor grote uitdagingen. De groei van de werkgelegenheid in Delft lag in afgelopen periode onder het

landelijke en provinciale gemiddelde. En de ontwikkeling van bedrijfsruimte blijft vooralsnog achter bij het doel voor 2030. Er is dus werk aan de winkel. Dat gaan we de komende jaren doen door zuinig te zijn op bestaande bedrijfsruimte, gerichter te sturen op het toevoegen van economische functies aan woningbouw- en gebiedsontwikkelingen (middels de minimaal 10% norm die later in dit stuk nog terugkomt) en door op een aantal plekken in de stad fors in te zetten op het realiseren van extra vierkante meters bedrijfsruimte (bijvoorbeeld in het Innovatiedistrict Delft en op de Biotech Campus). Maatregelen die hard nodig zijn om de economie van Delft de benodigde impuls te geven.

om samen te werken aan de Delftse economie. Ik wil alle partijen bedanken voor hun bijdrage aan het proces! Aan de hand van het actieprogramma gaan we komende jaren aan de slag. En dat doen we opnieuw samen met de stad. Want alleen zo komen we tot een toekomstbestendige economie voor en van Delft. Ik nodig iedereen uit om hier zijn steentje aan bij te dragen! Maaike Zwart Wethouder Economie, Duurzaamheid, Werk en Inkomen

Maar, dat kunnen we niet alleen. Inzet op meer bedrijfsruimte vereist een actieve samenwerking tussen gemeente, projectontwikkelaars, ondernemers en andere partijen in de stad. In de afgelopen maanden heeft de gemeente veel gesprekken gevoerd met partijen in de stad: ondernemers, kennisinstellingen, (ondernemers)verenigingen en andere belanghebbenden. We evalueerden de inzet en gingen in gesprek over ambities en doelen voor de toekomst van de Delftse economie. De inbreng uit deze gesprekken hebben wij gebruikt om dit actieprogramma op te stellen. De betrokken partijen gaven duidelijk aan enthousiasme en energie te hebben

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 3

Inhoud Inleiding

6 1. Wat hebben we gedaan: Evaluatie actieprogramma REV 2019-2022

8

3. Wat gaan we doen: eerste aanzet tot uitwerking in de stad

4 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

2. H  oe gaan we dat doen: het actieprogramma REV 2024-2026 14

24

Bijlage 1 Evaluatie actieprogramma REV 2019-2022

30

5

Inleiding Voorliggend stuk is het tweede actieprogramma van de Ruimtelijk-economische Visie Delft 2030 (REV). Het eerste actieprogramma liep van 2019 tot en met 2022. Met dit tweede actieprogramma richten we ons op de jaren 2024, 2025 en 2026.

Ruimtelijke Economische Visie Delft 2030 Op 8 maart 2018 heeft de gemeenteraad van Delft de Ruimtelijk-economische visie Delft 2030 (REV) getiteld ‘Ondernemen en werken in Delft’ unaniem vastgesteld. Deze visie omvat het ontwikkelperspectief voor de Delftse economie en de ruimtelijke impact daarvan op de stad. De REV geldt momenteel nog steeds als het vigerende beleid als het gaat om de realisatie van de werkgelegenheid en de versterking van het ecosysteem. We houden vast aan de hoofddoelstellingen. In de afgelopen jaren heeft de REV gediend als leidraad voor de economische adviezen en prioritering, als toetsingskader voor lokale initiatieven en vormde het een bouwsteen voor de omgevingsvisie1 die in 2021 samen met partners uit de stad en de regio is opgesteld. De REV schetst daarmee een ruimtelijkeconomische koers voor de toekomst van Delft en zal dat ook voor de komende jaren bieden.

Waar het gaat om de doelstelling voor de bezoekers­ economie (toerisme) heeft de sector inmiddels een eigen beleid met uitvoeringsprogramma waaraan door en voor de stad wordt gewerkt. Daardoor is het toerisme (bezoekerseconomie) geen integraal onderdeel meer van het voorliggende actieprogramma. Uiteraard blijft de bezoekerseconomie wel een wezenlijk onderdeel van de Delftse economie als geheel. Datzelfde geldt voor de werkgelegenheid die de zorg en onderwijs bieden, dit zijn zeker belangrijke onderdelen van de economie, maar maken geen integraal onderdeel van voorliggend actie­programma omdat deze sectoren eigen beleidslijnen hebben.

De hoofddoelstellingen van de visie zijn: • Het realiseren van 10.000 extra banen2 op alle niveaus plus de daarbij behorende vierkante meters extra bedrijfsruimte in de periode 2018-2040; • Het doorontwikkelen van Delft tot stad van technologie en innovatie; • Delft moet een must-see bestemming voor toeristen worden.

6 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

1

https://media.delft.nl/pdf/Omgevingsvisie/Omgevingsvisie-Delft-2040.pdf

2

Het gaat om 5.000 banen in 2030 en nog eens 5.000 in 2040

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 7

1

1.1 Evaluatie hoofddoelstellingen

Werkzame personen - realiteit en ambitie (peildatum 1 januari) Bron: Werkgelegenheidsregister via www.delft.incijfers.nl

Wat hebben we gedaan: Evaluatie actieprogramma REV 2019-2022 Ten behoeve van het voorliggende actieprogramma is een uitgebreide evaluatie gedaan, waarin zowel kwantitatief als kwalitatief is teruggekeken naar de behaalde resultaten in de afgelopen periode. In de bijlage is de uitgebreide versie van de evaluatie met een uitsplitsing op alle subdoelen toegevoegd. In voorliggend hoofdstuk gaan we in op de belangrijkste indicatoren die de hoofddoelen van de REV omschrijven. Deze bieden duiding voor de keuzes die we de komende jaren zullen maken.

Waar het gaat om de resultaten van de afgelopen jaren, staan we vooral stil bij de ontwikkelingen op het gebied van werkgelegenheid (aantal werkzame personen) en bedrijfsruimte. Die resultaten worden, afgezet tegen de ambitie van de REV, weergegeven in de volgende tabellen.

60000 59000 58000 57000 56000 55000

1.1.1 Werkgelegenheid

54000 53000 52000

Uit de evaluatie van de afgelopen vier jaar blijkt dat er sprake is van groei van de werkgelegenheid in Delft, hoewel er duidelijk sprake is van schommelingen. De coronapandemie is hier naar verwachting de grootste oorzaak van, gezien de grote klappen van de pandemie in een grote economie voor Delft: de bezoekerseconomie. Verdere duiding van deze cijfers laat zien dat de groei in banen behoorlijk eenzijdig is: de meeste groei komt ten goede van de kennisintensieve economie (zie bijlage 1). Het is goed om te zien dat de kennisintensieve economie, een belangrijke sector voor Delft, groeit en zo ook bijdraagt aan een groei van de werkgelegenheid. Maar het is ook een aandachtspunt dat de groei eenzijdig is. Wanneer we de Delftse groeicijfers afzetten tegen andere steden, en het nationaal gemiddelde, zijn de cijfers minder rooskleurig. Zo blijft de percentuele groei in het aantal banen in Delft achter bij het Nederlands en provinciaal gemiddelde en bij die van vele referentiesteden, aldus Platform 313. Waar het gaat om de toename in het aantal vestigingen scoort Delft zelfs 3

8 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

61000

51000

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Aantal werkzame personen - realiteit

2024

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2029

2030

2040

Aantal werkzame personen - ambitie REV

Bedrijfsruimte - realiteit en ambitie (peildatum 1 januari) Bron: CBS basisregistratie adressen, via www.delft.incijfers.nl 550000 500000 450000 400000 350000 300000 250000

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

2025

2026

2027

2028

Vierkante meters VBO-industriefunctie - realiteit Vierkante meters VBO-industriefunctie - ambitie REV Realisatie extra bedrijfsruimte in ontwikkelingen* *Gebaseerd op programma extra bedrijfsruimte opgenomen in de plannen voor de volgende ontwikkelingen: Noordkavel, Strip, Kabeldistrict, NEXT Delft, House of Quantum, FRAIM, Zuidpunt, Biotech Campus.

https://delft.notubiz.nl/document/13057069/1

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 9

het laagste van de meegenomen steden én het Nederlands en provinciaal gemiddelde. Er is dus sprake van groei in werkgelegenheid en vestigingen, maar deze blijft tegelijkertijd achter bij de gemeenten en steden om ons heen. De positie van de Delftse economie ten opzichte van de regio is dus aan het verslechteren. Wil Delft haar positie in de regio versterken dan is het noodzakelijk om een stap bij te zetten. Daarin geldt dat het zowel nodig om in te zetten op groei in de kennisintensieve economie, maar ook groei te realiseren binnen andere takken

van de economie, met name de stadsverzorgende economie met de eigen buurt/stad als verzorgingsgebied. Dat is in het belang van banen op alle niveaus en een goed voorzieningenaanbod in de stad4.

4

Een ander beeld blijkt uit de analyse van de bedrijfsruimte. De ambitie is om bedrijfsruimte toe te voegen, maar in de afgelopen jaren is het aantal m2 bedrijfsruimte in Delft juist afgenomen. Daarmee lijkt het gestelde doel van 100.000 m2 extra bedrijfsruimte (met name bestemd voor innovatieve maakindustrie) voorlopig nog heel ver weg. Om de ambitie te behalen is er dus werk aan de winkel, voor zowel de kennis­ intensieve economie als voor de stadsverzorgende economie.

AANTAL M2 PER 1000 WONINGEN 1

Toename aantal vestigingen 2017-2021 in procenten

Rotterdam

Rotterdam

Rotterdam

Rotterdam

Den Haag

Den Haag

Leiden

Leiden

Groningen

Groningen

Den Haag

Den Haag

Nijmegen

Nijmegen

1.2 Inzet in de afgelopen vier jaar

Ruimtegebruik stadsverzorgende economie

Zie ook de verdeling voor het aantal extra banen per gebied in paragraaf 2.2.

Toename aantal banen 2017-2021 in procenten

Delft

Dordrecht

Eindhoven

Leiden

Zoetermeer

Gemiddeld

Automotive

299

577

731

203

737

509

Bouw en installatie

11

32

23

16

15

19

Fin. of jur. diensten en wonen

261

471

866

293

196

417

Horeca

585

408

694

567

309

513

Overige diensten

41

74

269

45

37

93

Persoonlijke verzorging

114

76

108

135

67

100

Reparatie retail

19

13

30

36

16

23

Retail

1245

1582

1950

1317

1164

1451

Vervoer

4

10

11

5

9

8

Zorg

181

263

253

342

271

262

Totaal

2761

3506

4935

2958

2821

3396

1 De oppervlaktes zijn weergegeven in m2 GBO (gebruiksoppervlak). Dit is het aantal m2 BVO (bruto-vloeroppervlak) minus het oppervlak van gevels, dragende wanden, trappen en liften.

Zuid-Holland Zuid-Holland

Tilburg

Tilburg

Tilburg

Tilburg

Nederland

Nederland

Nijmegen

Nijmegen

Zuid-Holland Zuid-Holland

Groningen

Groningen

Maastricht

Maastricht

Nederland

Nederland

Eindhoven

Eindhoven

Eindhoven

Eindhoven

Westland

Westland

Enschede

Enschede

Enschede

Enschede

Delft

Delft

Maastricht

Maastricht

Leiden

Leiden

Westland

Westland

Zoetermeer Zoetermeer

Delft

Delft

0

1.1.2 Bedrijfsruimte

Specifiek voor de stadsverzorgende economie wordt de urgente behoefte aan ruimte onderbouwd door een onderzoek dat onderzoeksbureau Springco5 op verzoek van de gemeente Delft heeft uitgevoerd. Hierin wordt de ruimtebehoefte van de stadverzorgende economie in Delft voor de komende jaren in kaart gebracht. Hieruit blijkt dat het aantal vierkante meters bestemd voor stadsverzorgende economie (en daaruit vloeit ook de werkgelegenheid voort) in Delft lager is dan in alle referentiesteden: in totaal heeft Delft ten opzichte van de referentiegemeentes 32.700 m2

Zoetermeer Zoetermeer

20

42

64

10 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

86

108

12 10

12

0

5

0

10 5

15 10

20 15

25 20

30 25

35 30

40 35

40

5

Springco 2023: Stadsverzorgende economie in Delft, ruimtebehoefte

gebruiksoppervlak en 19,1 hectare grondoppervlak minder tot haar beschikking. Met name in Delft West blijft de ruimte voor stadsverzorgende economie flink achter. Daarbij komt aanvullend nog dat de woningen die gepland staan in Delft voor de periode tot 2040 alleen al vragen om een extra ruimtevraag van 29.000 m2 en 7,9 hectare grondoppervlak. Dat telt samen op tot een ruimtevraag vanuit stadsverzorgende economie van ruim 60.000 m2 tot aan 2040. Die vierkante meters zijn niet meegenomen in de oorspronkelijke ambitie en zijn dus nog aanvullend!

Er is de afgelopen jaren hard gewerkt aan de goede groei van Delft. De stad is in ontwikkeling, er worden veel woningen gebouwd en er wordt veel ruimte getransformeerd. Daarin is zeker ook aandacht voor bedrijfsruimte. Het zwaartepunt voor de realisatie van bedrijfsruimte ligt vooral binnen de ontwikkelingen op de TU Delft Campus, de Biotech Campus, Nieuw Delft, het Kabeldistrict en op Schieoevers. In deze gebieden worden zowel nieuwe vierkante meters toegevoegd, (die bij elkaar opgeteld leiden tot een veelvoud van de gestelde ambitie van 100.000 m2), maar wordt ook sterk ingezet op het beter benutten van bestaande bedrijfsruimte. Beter benutten heeft weliswaar niet of beperkt effect op de kwantitatieve doelstelling van de REV waar het gaat om het toevoegen van vierkante meters bedrijfsruimte, maar levert wel een belangrijke bijdrage aan het versterken van het ecosysteem en het creëren van bijbehorende werkgelegenheid. Daarmee wordt er dus zowel gewerkt aan de kwantiteit (nieuwe vierkante meters) als aan de kwaliteit (versterking van het ecosysteem). Ook op het vlak van stadsverzorgende economie zijn stappen gezet. De wijkeconomie krijgt aandacht, vooral in Delft West waar o.a. ingezet wordt op verdichting van In De Hoven. Maar ook op de Vulcanusweg en de Rotterdamseweg wordt gekeken naar (meer) ruimte voor stadsverzorgende economie.

Factoren zoals de coronapandemie, de krapte op de arbeids­ markt en de stikstofproblematiek zijn afgelopen periode van invloed geweest op de lokale economie en de voortgang van

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 11

gebiedsontwikkelingen in de stad. En sommige van deze factoren zullen ook komende jaren van invloed zijn. De komende periode zal in het teken staan van een inhaalslag en het doorpakken in het realiseren van de gemaakte plannen. En dat is hard nodig om de gestelde ambities te behalen binnen de looptijd van de REV.

1.3 Benodigde inzet komende vier jaar Hoewel het aantal werkzame personen in Delft weliswaar groeit, geeft de verdere duiding van de werkgelegenheid en de neergang in beschikbare ruimte voor bedrijvigheid aan dat er werk aan de winkel is de komende jaren om de gestelde ambities te halen. Daarvoor sturen we de komende jaren aan op een ietwat gewijzigde inzet. Daarbij blijven we aandacht houden voor de kennisintensieve economie, maar wordt versterkt ingezet op de stadsverzorgende economie.

1.3.1 Inzet kennisintensieve economie De Delftse kennisintensieve economie fungeert als permanente kraamkamer voor innovaties én innovatieve bedrijven en daar worden regionaal, landelijk en internationaal de vruchten van geplukt. Daar zijn we terecht trots op, maar het is zaak die positie te behouden. En dat vereist inzet om dat ecosysteem blijvend te ontwikkelen en te versterken en voldoende bedrijfsruimte te realiseren. De inzet voor de kennisintensieve economie ligt op het sterk

12 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

houden en (toekomstbestendig) versterken van de diverse kennisecosystemen6 in Delft. De focus ligt op de innovatieve maakindustrie, omdat in deze industrie niet alleen banen worden gecreëerd voor hoogopgeleide arbeidskrachten, maar ook voor praktisch geschoold personeel. En dat past uitstekend bij het vrij unieke gegeven dat Delft beschikt over technisch onderwijs op vmbo, mbo, hbo en wo niveau. Voor de innovatieve maakindustrie is het realiseren van passende bedrijfsruimte van groot belang en dat vereist veel aandacht. De ruimte in Delft is schaars en de ruimte die er is, is reeds bestemd. Het beter benutten van bestaande bedrijven­ terreinen levert een positieve bijdrage en zal belangrijk blijven komende jaren. Het is echter ook noodzakelijk vast te blijven houden aan het realiseren van nieuwe vierkante meters bedrijfsruimte. Daarvoor zal met name ontwikkeld worden op de TU Delft Campus, Schieoevers en de Biotech Campus.

1.3.2 Inzet stadsverzorgende economie Voor de stadsverzorgende economie ligt de grootste urgentie eveneens bij het creëren danwel behouden van bedrijfsruimte. Voor het behoud van (ruimte voor) de stadsverzorgende economie is het onder andere essentieel dat de bestaande bedrijventerreinen in de stad (zie kaart op pagina 29) hun functie als bedrijventerrein behouden. Dat geldt in het

6 TU Delft onderscheidt er momenteel 10: Energie, Klimaat en water & Data Science, Robotica, Quantum, Life Sciences & industriële biotechnologie, MedTech, Mobiliteit, Luchtvaart & ruimtevaart en Offshore.

bijzonder voor de bedrijventerreinen in Delft West en Zuidoost (Vulcanusweg, Tanthof en Tanthofdreef ), die een belangrijke rol spelen voor de stadsverzorgende economie. Er is echter nog meer ruimte nodig voor de stadsverzorgende economie, zoals blijkt uit onderzoek van Springco7. Een middel om te kunnen sturen op de realisatie van de benodigde ruimte voor onder andere de stadsverzorgende bedrijvigheid is de 10% norm: in het vorige actieprogramma REV staat uitgewerkt dat ter versterking van de wijkeconomie geldt dat ten minste 10% van bouwprogramma’s in woning­bouwen gebiedsontwikkelingen werkgerelateerd dient te zijn. Waar mogelijk zetten we bij woningbouw- en gebieds­ontwikkelingen in op een groter aandeel werkgerelateerd programma.

1.3.3 Inzet behoud en realisatie bedrijfsruimte De afgelopen jaren is meer bedrijfsruimte in Delft verdwenen dan dat er is bijgekomen. Willen we de ambities uit de REV 2030 halen, dan is het zaak dat we zowel de bestaande bedrijfsruimte zoveel mogelijk behouden wordt als dat er nieuwe vierkante meters bijkomen. Als het gaat om het behoud van bestaande vierkante meters bedrijfsruimte zijn we de komende jaren zeer zuinig op het bestaande aanbod en zal, zeker op A-locaties in de binnenstad en in het westelijk deel van Delft, alleen bij uitzondering worden meegewerkt aan transformatie van bestaande bedrijfsruimte. 7

Springco 2022, Stadsverzorgende economie Delft, ruimtebehoefte

Uitgangspunt: een toekomstbestendige economie

Als het gaat om de realisatie van nieuwe vierkante meters bedrijfsruimte zullen de komende jaren, gezien de grootschalige ontwikkelingen die nu in gang gezet worden, bepalend worden voor de versterking van de economie. Dat vereist dat de economische doelen en afspraken hierover in gebiedsontwikkelingen geconcretiseerd en/of gehandhaafd worden. Er zijn momenteel veel plannen in Delft waar ruimte wordt gecreëerd voor bedrijfsruimte. Wanneer al deze plannen daadwerkelijk tot uitvoering komen, wordt een veelvoud van de benodigde 100.000 m2 bedrijfsruimte, met name voor de innovatie maakindustrie, gerealiseerd (inclusief de bijbehorende werkgelegenheid).

Alles wat we doen is gericht op een toekomstbestendige economie. Daarmee doelen we op een economie die van meerwaarde is voor de stad en haar inwoners én bestendig is voor de lange termijn. De toekomst van de economie is duurzaam, circulair, inclusief, vernieuwend, welvarend en weerbaar. Daarvoor is een goed ondernemings- en vestigingsklimaat van belang. De basis van de toekomstbestendige economie ligt in innovatie8. Innovatie is essentieel voor onze welvaart in brede zin. We hebben dringend oplossingen nodig voor de grote uitdagingen van deze tijd: de klimaat- en energietransitie, stikstofcrisis, digitalisering van het mkb en toenemende zorgkosten zijn maar een paar voorbeelden. En dat is precies waar het Delftse innovatieve ecosysteem een zeer belangrijke bijdrage aan levert.

Realisatie van de plannen gaat echter niet vanzelf. In het verleden is vaak genoeg gebleken dat gedurende het traject van uitvoering gewijzigde inzichten zijn ontstaan waarmee plannen voor bedrijfsruimte zijn afgeschaald. De ambitie van Delft staat dit echter niet toe. Het is daarom zaak om bij nieuwe en lopende ontwikkelingen in de komende jaren blijvend in te zetten op de uitvoering van de plannen en hierin strenger vast te houden aan de realisatie van de beloofde vierkante meters. Daarom wordt er steviger gestuurd de komende jaren: Gemeente Delft verleent (in principe) geen medewerking aan het afwijken van afspraken en regels met betrekking tot het economisch programma bij ontwikkelingen (zoals vastgelegd in de anterieure overeenkomst en het bestemmingsplan) en houdt vast aan de minimumnorm van 10% toevoeging van economische functies bij nieuwe woningbouw- en gebieds­ ontwikkelingen. Uitzonderingen op deze regels en afwijking van deze kaders kunnen enkel na toestemming van het college.

Delft zet daarmee in op een balans tussen people, planet en prosperity: • Een economie waarin iedereen prettig kan werken; • Een economie die de planeet verder helpt en niet verder uitput; • Een economie die klaar is voor de toekomst; • Een economie die lokaal meerwaarde oplevert (door bij te dragen aan de brede welvaart). Voldoet een actie niet aan alle uitgangspunten dan rechtvaardigt dit geen extra inzet vanuit de gemeente Delft in de komende jaren. De uitgangspunten fungeren daarmee ook als leidende criteria voor de keuzes in de komende periode.

De Delftse economie van de toekomst komt tegemoet aan de levensbehoeften van de huidige generatie, zonder die van de toekomstige generaties tekort te doen. Het gaat daarbij om economische, sociale en leefomgevingsbehoeften.

8

Kamerbrief Innovatie & Impact, 11 november 2022

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 13

2

2.1 Doelstellingen

Hoe gaan we dat doen: het actieprogramma REV 2024-2026 Zoals al uit de evaluatie naar voren kwam zijn er goede stappen gezet in de afgelopen vier jaar, maar is inzet nodig om onze ambities te bereiken. Zo blijft de economie van Delft op verschillende vlakken (ruimte en werkgelegenheid) achter bij de gemeenten en steden om ons heen. Tegelijk heeft Delft een bijzondere positie, met onder andere sterk onderwijs op alle niveaus en een groot aantal startups. Actie is vereist, om de economie te versterken én kansen ter verzilveren.

Gezien dit stuk een actieprogramma is behorend bij een bestaande visie, zetten we niet in op het aanpassen van de gestelde doelstellingen, maar benoemen we acties om in de komende jaren aan deze doelstellingen te werken. De hoofddoelstelling voor de komende vier jaar blijft dan ook:

Realisatie van 10.000 extra banen op àlle niveaus in de periode 2018-2040 Realisatie van 10.000 banen op alle niveaus (5.000 in 2030 en nog eens 5.000 in 2040) vereist extra bedrijfsruimte. De REV spreekt over 100.000 m2, met name bestemd voor (innovatieve) maakindustrie. Voor de verdeling van de 10.000 extra banen is eerder de volgende verdeling als uitgangspunt benoemd9: • Schieoevers Noord: +/- 2.000 arbeidsplaatsen • Schieoevers Zuid: +/- 1.000 arbeidsplaatsen • TU Delft Campus: +/- 3.000 arbeidsplaatsen • Biotech Campus: +/- 1.000 arbeidsplaatsen • Nieuw Delft: +/- 1.000 arbeidsplaatsen • Binnenstad: +/- 1.000 arbeidsplaatsen • Wijkeconomie: +/- 500 arbeidsplaatsen • Groei bestaande bedrijven: +/- 500 arbeidsplaatsen De praktijk wijst uit dat de groei van het aantal banen zich soms anders ontwikkeld. Zo zal op de Biotech Campus het aantal banen, gezien de plannen voor het gebied, waarschijnlijk 9

14 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Stadsverzorgende Economie in Delft. Locatiebehoefte en aanbod (2020).

hoger uitvallen. Omwille van banen op alle niveaus – en een diverse economie – is het desondanks belangrijk dat het minimale aantal banen per gebied als uitgangspunt behouden blijft. De wijkeconomie biedt bijvoorbeeld doorgaans voor een groot deel werkgelegenheid aan praktisch geschoold personeel (en voorziet in de behoefte van de stad).

het vestigingsklimaat ten goede komen (o.a. internationaal onderwijs, goede bereikbaarheid, voldoende betaalbare woningen, een aantrekkelijk cultureel aanbod, gevarieerde horeca en een kwalitatief aanbod aan evenementen). De focus vanuit economie ligt op het versterken van het bestaande ecosysteem door o.a. bedrijven een plek te bieden in Delft.

De ambities voor 2026, voortkomende uit de hoofddoelstelling, zijn als volgt: • In 2026 bedraagt het aantal werkzame personen in Delft 58.000 • In 2026 bedraagt de bedrijfsruimte in Delft, gemeten in vierkante meters VBO-industriefunctie, 383.000 m2.

Voorliggend actieprogramma richt zich op de periode 20242026. De afgelopen periode heeft nog maar eens benadrukt dat externe ontwikkelingen van grote invloed zijn op actuele zaken. Dit vereist flexibiliteit om kansen te pakken wanneer deze zich voordoen en om in te kunnen spelen op ontwikkelingen die daarom vragen. Onderstaande actielijnen zijn dan ook niet voorzien van een gedetailleerde planning, maar richten zich op de gehele periode tot en met 2026. Daarbij is er bewust gekozen om de doelen niet allemaal te voorzien van concrete en meetbare doelstellingen omdat we de flexibiliteit willen behouden om in te spelen op actuele kansen.

2.2 Vier actielijnen Voor het realiseren van het hoofddoel van 10.000 extra banen op álle niveaus plus de daarbij behorende vierkante meters extra bedrijfsruimte zijn voor de komende vier jaar vier actielijnen ontwikkeld. Leidend bij de uitvoering van deze actielijnen is de focus op een toekomstbestendige economie. Nieuwe en bestaande ontwikkelingen dienen te passen bij onze visie op de economie en direct of indirect een bijdrage te (gaan) leveren aan de duurzaamheidsambities van de gemeente Delft, de regio en het land. Zoals eerder benoemd wordt een sterk ecosysteem niet alleen gevormd door de aanwezige bedrijven, maar ook door de aanwezigheid van een goed vestigingsklimaat. De gemeente Delft draagt daarom bij aan kwalitatieve groei door te zorgen voor goede randvoorwaarden die

Waar het gaat om de financiën wordt gewerkt binnen de kaders en met de beschikbare budgetten van de programma­ begroting 2023-2026, aangevuld met de keuzes die gemaakt zijn in de Kadernota 2023. Binnen die middelen is vooral ruimte voor capaciteit (in totaal 9 fte voor economie waarvan 4 fte accountmanagement) en de vrije middelen op jaarbasis beperkt zijn. Sommige voorstellen van onderliggend actie­ programma zullen nadere investeringen vragen. In deze gevallen zal separaat gezocht worden naar dekking. Eventuele wijzigingen in de beschikbare middelen en capaciteit gedurende de looptijd van het actieprogramma hebben direct effect op de uitvoering van het actieprogramma (in positieve of negatieve

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 15

Uitwerking Actielijn 1 Sterk Ecosysteem zin). Ook hierin is enige mate van flexibiliteit dan ook gewenst, wat maakt dat de actielijnen niet zijn voorzien van bijbehorende financiële middelen. Jaarlijks zal bij het opwerken van de begroting worden bepaald wat de inzet voor volgende jaar zal zijn en hoe de beschikbare capaciteit en middelen zo optimaal mogelijk ingezet kunnen worden.

Actielijn 2 Ruimte om te ondernemen Voor behoud bedrijven, het aantrekken van nieuwe (passende) bedrijven en om bij te dragen aan groei van de werkgelegenheid Doelen 1. 2.

Actielijn 1 Sterk Ecosysteem Om de juiste bedrijven een plek te geven en zich verder te laten ontwikkelen Doelen 1. 2. 3. 4. 5.

Ontwikkelen Innovatiedistrict Delft Ontwikkelen nieuwe zakelijke positioneringsstrategie voor Delft Versterken communities Delft Fieldlabs stimuleren als dragende kracht van het ecosysteem Via regionale samenwerking bouwen aan een sterk regionaal en lokaal ecosysteem

Realiseren van meer bedrijfsruimte voor innovatieve maakindustrie en de stadsverzorgende economie. Vragers en aanbieders bedrijfsruimte beter met elkaar in contact brengen

Actielijn 3 Mensen om te ondernemen en te werken

Actielijn 4 Voorzieningen voor leefbare wijken

Voor een aantrekkelijk ondernemersklimaat en om op alle onderwijsniveaus voldoende werknemers te hebben

Voor een stad waar het prettig wonen en werken is

Doelen

1.

1. 2.

Doelen

Talent aantrekken en behouden voor Delft Verbeteren aansluiting onderwijs en bedrijfsleven 2.

3. 4.

16 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Behouden van de hoofdwinkelstructuur; de twee kernwinkelgebieden en het perifere detailhandelscluster Bevorderen van leefbare wijken met goed functionerende wijkcentra en stadsverzorgende productie en dienstverlening Versterken positie creatieve broedplaatsen en andere gezamenlijke maak- en werkplekken Potentieel van ZZP’ers gebruiken gegeven rol in lokale economie voor sociale cohesie, verduurzaming en digitalisering

Doel 1 Ontwikkelen Innovatiedistrict Delft Toelichting De ontwikkeling van het Innovatiedistrict Delft en de samenwerking daarin met de TU Delft, Bedrijvenkring Schieoevers, MRDH en Provincie Zuid-Holland gaat naar verwachting een flinke impuls geven aan het versterken van het ecosysteem in Delft op en rond de TU Delft Campus en Schieoevers. Ook de ontwikkelingen rondom de Biotech Campus op het DSM-terrein dragen bij aan het versterken van het kennisecosysteem. De komende jaren zal er dan ook intensief worden ingezet op versterking van het Innovatiedistrict Delft (inclusief TU Delft Campus en de Biotech Campus) als kloppend hart van onze kennisintensieve economie.

Aanpak • We zetten ons in om deze samenwerking tot een succes te maken en als vehikel te gebruiken om de economische ontwikkeling van dit gebied te sturen en te versnellen. Daarbij zetten we binnen de samenwerking voor het Innovatiedistrict voor de economie concreet in op: - Het ontwikkelen van een economisch profiel voor het Innovatiedistrict. - Profilering van Innovatiedistrict Delft (en de Biotech Campus) als de kraamkamer en groeimotor voor de Delftse, regionale én nationale economie. - Het stimuleren om bedrijventerreinen beter te benutten met als dimensies: intensief en meervoudig ruimtegebruik,

het juiste bedrijf op de juiste plek en duurzaam ruimtegebruik.10 - Een kwaliteitsverbetering voor bedrijfsruimte. - Het bieden van ruimte aan innovatieve maakindustrie. - Het realiseren van banen op alle niveaus. - Het verbeteren van de aansluiting tussen onderwijs op alle niveaus en de kennisintensieve economie (met de innovatieve maakindustrie in het bijzonder).

Doel 2 Ontwikkelen nieuwe zakelijke positioneringsstrategie voor Delft als stad van technologie en innovatie

clusters en communities van Delft centraal. • Het opzetten van een sterke, stadsbrede (zakelijke) marketingsamenwerking. Hierbij bouwen we voort op de positionering en maken we gebruik van het bestaande netwerk in de stad. Gezamenlijk dragen we een eenduidig verhaal over Delft uit. Daarbij is het uitgangspunt om de brandingstrategie en bijbehorende uitvoering meerjarig te borgen.

Doel 3 Versterken communities Delft Toelichting

Delft heeft ’goud in handen’ op het zakelijke vlak, maar dit wordt te weinig verteld. We moeten concreter maken en onderbouwen dat Delft in 2040 een bron is van technologische vernieuwing zoals vaak wordt gesteld. Op veel ‘lijstjes’ staat Delft al nummer 1. Dat moet beter worden ‘vermarkt’.

Delft staat bekend om de sterke startup en scale-up communities zoals YES!Delft en Buccaneer. Delft kent momenteel 9 van zulke communities11. Op initiatief van TU Delft Campus zijn de trekkers van deze communities, samen met TU Delft Campus en gemeente Delft verenigd in een overlegplatform. Er zijn echter ook netwerken van kennisintensieve bedrijven (zoals Technet12) in Delft die geen onderdeel uitmaken van het overlegplatform.

Aanpak

Aanpak

• Het ontwikkelen van een zakelijke positioneringsstrategie om helder te krijgen wat de unieke en onderscheidende kwaliteiten van Delft zijn die de basis vormen voor de marketingstrategie. In de positionering staan de sterke

• Met het overlegplatform werken we aan versterking van de communities. Dit doen we door kennis uit te wisselen en bestaande activiteiten breder toegankelijk te maken. Ook

Toelichting

10 Gemeente Delft stelt voor Schieoevers-Zuid een economisch profiel op. Hierin wordt de gewenste ontwikkeling voor het gebied beschreven. Vanuit diverse afdelingen wordt input geleverd in dit proces. Op basis van het profiel geven we, samen met betrokken partners, invulling aan de ontwikkeling van het gebied.

11 Planet B.io, NEXT Delft, YES!Delft, Bucanneer, RoboHouse, Quantum Delft, Aerospace Innovation Hub, De Bouwcampus en KDlab. 12 Een kennisnetwerk van hightechbedrijven en instellingen uit de regio Delft, Den Haag, Leiden, Rotterdam en Zoetermeer.

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 17

Uitwerking Actielijn 2 Ruimte om te ondernemen

wordt het aantal activiteiten uitgebreid. • We brengen alle communities (betrokken bij het platform of niet) en de andere netwerken onder de aandacht bij (nieuwe) bedrijven.

Doel 4 Fieldlabs stimuleren als dragende kracht van het ecosysteem Toelichting Fieldlabs zijn praktijkomgevingen waarin bedrijven en kennisinstellingen doelgericht innovaties ontwikkelen, testen en implementeren. Delft telt er momenteel 713. Deze fieldlabs zijn een essentieel onderdeel van de Delftse kennisintensieve economie.

Aanpak • Goed verbonden blijven met de fieldlabs en hen waar mogelijk verder ondersteunen in verdere groei. Dit doen we door ons in te zetten om als Delft een living testing ground te zijn voor innovaties die op de fieldlabs de eerste stap hebben gezet.

13 SAMXL, The Green Village, RoboHouse, DO Iot, MICD, Quantum fieldlab en Dutch Optics Centre.

18 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Doel 5 Via regionale samenwerking bouwen aan een sterk regionaal en lokaal ecosysteem Toelichting Delft is weliswaar een zelfstandige gemeente, maar de groei van de economie hangt samen met ontwikkelingen in de directe regio, in de provincie en zelfs op nationaal en internationaal vlak. Dat werkt twee kanten op. Zo fungeert het Delftse ecosysteem zoals reeds benoemd als permanente kraamkamer voor innovaties én innovatieve bedrijven en daar worden regionaal, landelijk en internationaal de vruchten van geplukt. Delft heeft daarmee een belangrijke en zeer waardevolle positie in de regio en daarbuiten. Via het Innovatiedistrict Delft zetten we ons komende jaren in om deze rol verder te versterken14. Anderzijds ligt Delft midden in een sterk verstedelijkte regio, omringd door steden en gemeenten met eigen ruimtelijke opgaven en dat kan op sommige vlakken knellen. Het is voor ons zaak dat Delft de ruimte behoudt om haar regionale functie als kraamkamer te behouden en samen te werken aan een toekomstbestendige regionale economie. Dit vereist lobby, inzet en een actieve rol in de regio voor de komende jaren, net als in de afgelopen periode.

14 De Provincie Zuid-Holland, TU Delft, Gemeente Delft en Bedrijvenkring Schieoevers en MRDH werken de komende jaren samen om de TU Delft Campus, Delftechpark en Schieoevers in samenhang te ontwikkelen en programmeren tot Innovatiedistrict Delft. Zie nadere toelichting bij de uitwerking van actielijn 1.

Aanpak • Als deelnemende gemeente aan de MRDH zetten we ons in voor een sterke regionale en lokale economie. Twee van deze zes opdrachten van MRDH (strategie 2023-2026) hebben een sterke relatie met de economie: toekomstige economie stimuleren en vernieuwen van werklocaties. Via onze deelname aan ambtelijke werkgroepen onze betrokkenheid bij de Bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat dragen we bij aan de uitvoer van deze opdrachten. Daarbij vragen we actief aandacht voor de Delftse economie en de rol die zijn in de regio vervult en nog sterker kan vervullen. Op het gebied van werklocaties dragen we bij aan het opstellen en uitvoeren van een uitvoeringsagenda Beter Benutten Bedrijventerreinen. Ook onderzoeken we mogelijkheden om via bijdragen van MRDH de lokale en regionale economie te versterken. • Op regionaal niveau zetten we de komende jaren de samenwerking via BPH Business Park Haaglanden en het Woon-Werk Akkoord Haagse regio voor en verbreden we deze naar andere programma’s. • In regionaal opzicht wordt de economische profilering aangescherpt en aandacht gevraagd voor werklocaties, in het bijzonder voor de innovatieve maakindustrie.

Doel 1 Realiseren van meer bedrijfsruimte voor de innovatieve maakindustrie en de stadsverzorgende economie Toelichting Het creëren van maakindustrie (vertaald in nieuwe vierkante meters en bedrijfsruimten) is nodig om doorgroeiende bedrijven (startups/scale-ups) voor Delft te behouden en nieuwe (passende) bedrijven aan te trekken en is samen met het bevorderen van de stadsverzorgende economie de eenvoudigste manier om werkgelegenheidsgroei te realiseren. Dit kan de gemeente Delft niet zelfstandig doen en het beleid moet dan ook zijn gericht op het bevorderen dat projectontwikkelaars dit oppakken.

Aanpak • Ontwikkelaars en projectleiders voeden met input om bedrijfsruimte te realiseren of bestaande bedrijfsruimte beter te benutten. En heldere afspraken maken over het economisch programma (omvang en invulling) bij woningbouw- en gebiedsontwikkelingen. De omvang en invulling van het economisch programma bij ontwikkelingen leggen we vast in afspraken en regels (in ieder geval) anterieure overeenkomst en bestemmingsplan). We verlenen in principe geen medewerking aan afwijken van deze afspraken en regels. Met als doel: zorgdragen dat gemaakte afspraken voor het realiseren van (nieuwe) vierkante meters ruimte voor bedrijven worden nagekomen. Dat doen we o.a. door: - Het belang van bedrijvigheid en de vraag naar bedrijfsruim-

te (waaronder bedrijfsverzamelgebouwen) duidelijk inzichtelijk maken. Dit is een samenspel van gemeentelijke accountmanagers, bedrijfsvastgoedmakelaars en ondernemers-(organisaties) om de mismatch tussen vraag en aanbod in beeld te brengen. Ook kan inzet nodig zijn om eventuele belemmeringen op het vlak van bestemmingsplannen (helpen) weg te nemen. • Vasthouden en invulling geven aan de norm minimaal 10% werkruimte bij woningbouw- en gebiedsontwikkelingen waarbij differentiatie per locatie mogelijk is (invulling wordt gegeven binnen stedelijk programmeren (zie een nadere uitwerking van de norm op pagina 26). Om die invulling gericht te maken zetten we in op: - Ontwikkeling van uitwerkingsagenda’s. Om sturing te geven aan het behoud en de ontwikkeling van werkruimte stellen we uitwerkingsagenda’s op voor de drie gebieden: West, Noordoost en Zuidoost. De ontwikkelpaspoorten bestaan uit een analyse van de economie en werkruimte (situatie en behoefte) in de gebieden en benoemen de gewenste ontwikkeling om tot een passend aanbod van werkruimte en voorzieningen te komen. De uitwerkingsagenda’s zijn onder ander een handvat voor advisering (bij onder andere projecten en ruimtelijke initiatieven) en vormen input voor de gebiedsbeelden die gebruikt worden binnen Stedelijk Programmeren.

• Actief sturen op het tijdelijk benutten van leegstaand vastgoed als (betaalbare) bedrijfshuisvesting. Dit doen we door: het stimuleren van het inzetten van eigen gemeentelijke (tijdelijk) vastgoed en lege kavels waar de ontwikkeling pas later start in te zetten voor bedrijfsruimte. Stap één

hierin is het in kaart brengen van de actuele gemeentelijke vastgoedpositie en mogelijkheden hierin. • Uitvoeren van het programma betaalbare bedrijfsruimte. In 2023 is een start gemaakt met het inventariseren van de mogelijkheden die de gemeente heeft om betaalbare bedrijfsruimte te realiseren. Het gaat om een stadsbrede aanpak. De uitkomsten van de inventarisatie dienen als basis voor de uitrol van het programma in de komende jaren. Op gebiedsniveau zijn reeds accenten gelegd: - In 2022 is begonnen met onderzoek in Kabeldistrict – waar 34.000 m2 bvo bedrijfsruimte wordt gerealiseerd tot aan 2035 – hoe we als gemeente 15.000 m2 duurzame én betaalbare bedrijfsruimte kunnen ontwikkelen Onderzoeksbureau Fakton heeft in 2022 en 2023 in opdracht van gemeente Delft onderzoek gedaan naar manieren om betaalbare bedrijfsruimte te realiseren in het Kabeldistrict. Aan de hand van de resultaten wordt toegewerkt naar een concrete aanpak. - Op andere locaties binnen Delft moet betaalbare ruimte voor stadsverzorgende economie worden gerealiseerd. Daarvoor moet vooraf worden bepaald waar de betaalbare ruimte moet komen en voor welke type bedrijven. Specifiek voor Delft West wordt een inventarisatie gemaakt van beschikbare locaties die geschikt zijn voor de (her-)ontwikkeling van betaalbare bedrijfsruimte.

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 19

Uitwerking Actielijn 3 Mensen om te ondernemen en te werken

Doel 2 Vragers en aanbieders bedrijfsruimte beter met elkaar in contact brengen

Doel 1 Talent aantrekken en behouden voor Delft

Aanpak

(Technisch) talent is een uniek gegeven voor Delft maar hier is nog geen gezamenlijke aanpak voor met het bedrijfsleven en onderwijsinstellingen. En zijn diverse goede initiatieven van verschillende partners maar de samenhang en daarmee de impact is beperkt.

• Aanstellen van een bedrijvenloods. Een bedrijvenloods helpt bedrijven en organisaties bij het vinden van bedrijfsruimte. • Eenmaal per jaar wordt het event Delft MAAKT Ruimte georganiseerd met diverse partners. • Ontwikkelen (en bijhouden) van een overzicht van de kwantitatieve en kwalitatieve vraag naar bedrijfsruimte om ontwikkelaars inzicht te geven. • Onderzoeken of en in welke mate het opzetten van een monitor werklocaties kan bijdragen aan een beter contact tussen vragers en aanbieders. Een dergelijke monitor brengt trends en ontwikkelingen op de werklocatiemarkt en de ruimtelijke spreiding van werken in Delft (of Delftse regio) in beeld. De vorm van deze monitor is middels een interactief online dashboard.

Toelichting

Aanpak • Ontwikkelen van Delfts beleid voor talent en daarin samenwerken met de relevante partners in Delft en de regio.

Doel 2 Verbeteren aansluiting onderwijs en bedrijfsleven. Toelichting Delft bevindt zich in de unieke situatie dat de stad beschikt over goede opleidingen op alle technische niveaus (mbo, hbo en wo). De koppeling tussen deze onderwijsvormen en het bedrijfsleven zorgt voor voldoende werknemers op alle technische niveaus (mbo, hbo en universitair). Dit levert meerwaarde op voor (lokale) werknemers en bedrijven.

20 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Aanpak • De mogelijkheden verkennen om Delftse bedrijven beter zichtbaar te maken voor studenten ten behoeve van stages en afstudeeropdrachten. • Stimuleren en deelnemen aan publiek-private samenwerking tussen bedrijven, onderwijs en overheid op specifieke sectoren/tekortgebieden, zoals energietransitie, duurzaamheid in gebouwde omgeving en mobiliteit. • Stimuleren/bevorderen van ondernemerschap in het onderwijs (VO-MBO-HBO) en het faciliteren van programma’s waarmee VO-MBO-HBO studenten kunnen starten met ondernemen. • De gemeente werkt onder de noemer van Smart Makers Delft samen met Delftse ondernemers en kennisinstellingen aan een nieuw cluster van opleidingen en bedrijvigheid op (v) mbo-niveau waarbij een relatie wordt gelegd met (perspectief voor) jongeren en werklozen in Delft West. Hier gaan we mee door. • Het stimuleren van investeringen in programma’s waardoor meer leerlingen interesse krijgen in technische en/of zorgopleidingen en andere beroepsgroepen waar grote tekorten zijn. Onderdeel is het stimuleren van meer Technisch MBO 3 en 4 opleidingen in Delft met doorgaande leerlijnen naar HBO. Hierbij sluiten we aan bij de Delftse Onderwijsagenda.

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 21

Uitwerking Actielijn 4 Voorzieningen voor leefbare wijken

Doel 1 Behouden van de hoofdwinkelstructuur; de twee kernwinkelgebieden en het perifere detailhandelscluster Toelichting De twee kernwinkelgebieden van Delft, de binnenstad en In de Hoven, zijn samen met de PDV-locatie Leeuw & Stein belangrijke pijlers in het voorzieningenaanbod van de stad.

Aanpak • In 2022 is een retailonderzoek uitgevoerd. De resultaten worden verwerkt in een retailnota die de inzet voor de komende jaren beschrijft. • De komende jaren zal worden gewerkt aan een toekomstvisie voor Leeuw & Stein.

Doel 2 Bevorderen van leefbare wijken met goed functionerende wijkcentra en stads­ verzorgende productie en dienstverlening Toelichting Wijkcentra hebben een sociaal-maatschappelijke meerwaarde. Die kan worden vergroot door niet alleen in te zetten op een supermarkt met een klein aanbod aanvullende dagelijkse winkels, maar ook op uiteenlopende wijkvoorzieningen, zowel sociaal-maatschappelijk als commercieel (horeca, dienstverlening). Het geheel vormt vervolgens het kloppende hart van de wijk.

22 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Aanpak • Actief inzetten op bevorderen van de leefbaarheid van wijken door bij herstructurering en renovaties op wijkniveau actief 10% werkruimte aan woningbouw- en gebiedsontwikkelingen toe te voegen. • Het versterken van de wijkcentra volgens de beleidslijn Wijkcentra. Bij (nieuwe) initiatieven en nieuw te creëren wijkcentra passen we het toetsingskader wijkcentra toe.

Doel 3 Versterken positie creatieve broedplaatsen en andere gezamenlijke maak- en werkplekken Toelichting Innovatie ontstaat op plekken waar mensen elkaar ontmoeten of samen kunnen werken, c.q. door het stimuleren van de ontwikkeling van samenwerking en ontmoetingsplekken, gemeenschappelijke werkplekken, makersruimten en creatieve broedplaatsen.

Aanpak • Ontwikkelen van broedplaatsenbeleid met daarin aandacht voor geschikte ruimte voor creatieve en culture ondernemers, meer levendigheid in de wijken en de bevordering van de circulaire economie (reparatie en hergebruik).

Doel 4 Potentieel van ZZP’ers gebruiken gegeven rol in lokale economie voor sociale cohesie, verduurzaming en digitalisering Toelichting Om het potentieel van ZZP’ers te kunnen gebruiken, moet duidelijk zijn wat deze sector nodig heeft om goed te kunnen functioneren. In opdracht van de gemeente Delft heeft een extern bureau de behoeften van de Delftse ZZP’ers in beeld gebracht. Er kwamen duidelijk drie behoeften naar voren, namelijk behoefte aan: 1. betaalbare werk- en maakruimte; 2. betere informatievoorziening aan ZZP’ers; 3. netwerkbijeenkomsten

Aanpak • Kaders bieden waarbinnen realisatie van de gewenste werkplekken mogelijk wordt gemaakt; • Een aparte webpagina inrichten op de gemeentelijke website met informatie gericht op deze doelgroep; • Organisatoren van netwerkbijeenkomsten vragen om ook aandacht te vestigen op en ruimte te bieden voor ZZP’ers.

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 23

3

3.1 Ontwikkelingen in de stad

Wat gaan we doen: eerste aanzet tot uitwerking in de stad

Delft is volop in ontwikkeling. De opgaves zijn groot, de ruimte beperkt. Daarom wordt vooral ingezet op binnenstedelijke ontwikkelingen. Om ruimte te creëren zetten we naast de nieuwbouw in gebiedsontwikkelingen in op het beter benutten van bestaande bedrijventerreinen en panden. Om alle stadsbrede opgaves aan te gaan en de goede groei te bieden aan de stad die we voorstaan, werken we aan de stad middels stedelijk programmeren. Binnen die werkwijze is Delft opgedeeld in drie delen:

Delft West ligt vlak bij de voorzieningen van Delft, maar kenmerkt zich ook door prettige, ‘eigen’ groene buurten met woningen en (hoogbouw)flats. Tegelijkertijd staat in delen van Delft West de leefbaarheid onder druk met ongelijke kansen voor bewoners. Via verschillende projecten wordt gewerkt aan wijkverbetering (onder andere door het toevoegen van voorzieningen). In Delft West zal voornamelijk stads­ verzorgende economie een plek moeten krijgen, aangevuld met de uitdaging om de koppeling te maken met de kennisintensieve economie in Delft Zuidoost. Delft Noordoost heeft met de historische binnenstad, Delftse Hout, het DSM-terrein en twee woongebieden winkelen, verblijven, recreëren, werken en wonen vlakbij elkaar. Vergeleken met de andere twee gebieden is hier de komende jaren sprake van beperkte gebiedsontwikkeling en herstructurering. Een uitzondering is het DSM-terrein, hier wordt onder andere de Biotech Campus ontwikkeld. Daar zal voornamelijk de kennisintensieve economie flink worden uitgebreid, zowel in vierkante meters als in werkgelegenheid. In Delft Zuidoost bepalen universiteit en industrie al meer dan honderd jaar een belangrijk deel van de identiteit van het gebied. Hier wordt de komende tijd gewerkt aan Innovatiedistrict Delft waarbij de verschillende deelgebieden ruimtelijke en programmatisch beter verbonden worden.

Op TU Delft Campus wordt via diverse ontwikkelingen ruimte voor de kenniseconomie (waaronder werkruimte) toegevoegd. Op verschillende locaties (zoals Kabeldistrict en Schieoevers Zuid) behouden en realiseren we ruimte voor de innovatie maakindustrie, door nieuwbouw/transformatie en het beter benutten van ruimte.

24 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 25

De drie gebieden hebben alle drie eigen kenmerken en eigen opgaven voor de komende jaren. Vanuit het team economie dragen we bij aan diverse (gebieds)ontwikkelingen die een bijdrage leveren aan de stad en Delftse economie. Dat doen we bijvoorbeeld door beleidsmatig advies te leveren of door partijen aan elkaar te verbinden. In de gebiedsteams voeren we, onder andere via de gebiedsbeelden, integraal het gesprek over de ontwikkeling van de gebieden.

We sturen op (de invulling van) werkruimte in woningbouwen gebiedsontwikkelingen, met als doel dat deze aansluit bij de behoefte van de bewoners, ondernemers en de buurt en wijk. We gebruiken de volgende zaken om tot een passend advies te komen: • De rapportage van Springco over stadsverzorgende economie in Delft; • De rekentool ontwikkeld door Springco om de mismatch en aanvullende vraag met betrekking tot stadsverzorgende economie in beeld te brengen; • Analyse van voorzieningen/bedrijvigheid in de directe omgeving; • Kennis van bedrijven met een ruimtevraag (via accountmanagers); • De te ontwikkelen uitwerkingsagenda’s per gebied (zie uitwerking actielijn 2).

3.2 Instrumenten om te sturen: de 10% norm In het vorige actieprogramma is de eerder benoemde 10% norm vastgelegd. Dit houdt in dat dat ter versterking van de wijkeconomie geldt dat ten minste 10% van bouwprogramma’s in woningbouw- en gebiedsontwikkelingen werkgerelateerd dient te zijn. De norm is een belangrijk middel voor gemeente Delft om te sturen op voldoende economisch programma in de stad. Er is echter gebleken dat de toepassing in ontwikkelingen niet altijd eenvoudig is. Er is daarom behoefte aan een nadere uitwerking van de norm. We doen in deze paragraaf een eerste aanzet voor de nadere uitwerking van de 10% norm. Deze wordt nader uitgewerkt in uitwerkingsagenda’s die op gebiedsniveau specifieker aangeven wat de behoefte is aan werkruimte. De basis daarvoor ligt in de analyse van Springco naar de ruimtebehoefte van stadsverzorgende bedrijvigheid in Delft voor de komende periode, zowel op sectorniveau als op wijkniveau. Daarvoor is eveneens een rekentool ontwikkeld die gedetailleerd inzicht geeft in de behoefte per gebied. Het is gebleken dat de

26 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

3.3 Definitie sectoren/gebieden rekentool nadere duiding vereist voor de Delftse situatie. Daar wordt dan ook aan gewerkt de komende periode. Met betrekking tot de invulling van de 10% werkruimte hanteren wij de volgende principes: • De grootte van het minimale werkprogramma is 10% van de metrage van de totale ontwikkeling. De 10% betreft nadrukkelijk werkruimte, andere niet-wonen functies zoals fietsparkeren vallen hier dus niet onder. • Het betreft werkruimte in brede zin, dus onder andere ruimte voor stadsverzorgende economie, kantoren en kennisintensieve economie. Onder de werkfunctie vallen ook kleinschalige maatschappelijke voorzieningen (zoals een

kleine praktijk voor fysiotherapie). Maatschappelijke voorzieningen die hier niet onder vallen zijn bijvoorbeeld scholen en wijkcentra. • De werkruimte heeft een prijsniveau dat past bij de gewenste invulling. • De functionele eigenschappen (zoals oppervlakte en afmetingen) van de werkruimte sluiten aan bij de gewenste invulling. In het geval van werkruimte in de plint vinden we het onder andere belangrijk dat deze een zoveel mogelijk open karakter heeft en bijdraagt aan interactie/levendigheid op de locatie. • Nieuwe retail is alleen toegestaan in de buurt- en hoofdwinkelcentra. Met een goede reden kan hiervan afgeweken worden.

De verschillende gebieden in Delft hebben specifieke opgaven en bieden verschillende kansen en mogelijkheden. Waar het gaat om de economische opgaven is in onderstaande kaart aangegeven welke ontwikkelingen binnen welke sectoren kansrijk zijn binnen welk gebied van de stad. Daarin is onderscheid gemaakt in een aantal sectoren/gebieden: • Hoofdwinkelstructuur • Wijkcentra • Stadsverzorgende dienstverlening • Stadsverzorgende productie • Kantoren • Maakindustrie • Biotechnologie

• Kennisintensieve economie • Maakindustrie met HMC (Hoge Milieu Categorie) De verschillende sectoren/gebieden zijn hieronder gedefinieerd:

Hoofdwinkelstructuur De hoofdwinkelstructuur van Delft bestaat uit twee kernwinkelgebieden, namelijk de binnenstad en In de Hoven en een perifeer detailhandelscluster: Leeuw&stein. Een kernwinkelgebied is een aaneengesloten gebied met een hoge concentratie aan handels- en horecazaken en commerciële dienstverlening.

Wijkcentra In Delft worden de kernwinkelgebieden en het perifere detailhandelscluster aangevuld door 12 wijkcentra. In principe bevat elk wijkcentrum één supermarkt en daarnaast een beperkt aanvullend aanbod bestaande uit enkele detailhandelsvestingen en (afhaal)horeca en overige diensten, zoals schoonheidsverzorging. Naast een programmering die aansluit bij de wijk is het belangrijk dat de openbare ruimte fungeert als een ontmoetingsplek.

Stadsverzorgende economie • Stadsverzorgende economie betreft een breed scala aan bedrijven. Het belangrijkste kenmerk van stadsverzorgende bedrijven is dat ze de eigen buurt, stad en/of regio als verzorgingsgebied hebben. Stadsverzorgende economie bestaat uit stadsverzorgende productiebedrijven én stadsverzorgende dienstverleners. • Stadsverzorgende productiebedrijven verrichten werkzaam-

heden gericht op vervaardiging, verwerking en/of opslag en distributie van goederen. Voorbeelden zijn loodgieters, aannemers, schilders en elektriciens. Deze voornamelijk kleinschalige bedrijven zijn veelal gevestigd op binnenstedelijke bedrijventerreinen (binnen de wijken en aan de randen van de stad). In bepaalde gevallen kunnen ruimtes in de plint ook passend zijn. Daarbij is het belangrijk dat de verkeer aantrekkende werking en geluidsbelasting beperkt zijn. Stadsverzorgende productiebedrijven hebben veelal behoefte aan relatief betaalbare, middelgrote bedrijfseenheden. • Onder stadsverzorgende dienstverleners vallen bedrijven met kantoorachtige activiteiten en winkels en horeca. Ze vestigen zich graag in binnenstedelijke gebieden, dicht bij de consument en vaak in plinten (van hoogbouw). Voorbeelden zijn makelaars, juridische en financiële dienstverleners, bedrijven die zich richten op schoonheidsverzorging en kleinschalige zorgfuncties. Belangrijk is dat het aanbod van dienstverleners aansluit bij de behoeften van de stad en de buurt. Dat is met name relevant als er nieuwe woningen worden toegevoegd. Stadsverzorgende dienstverleners hebben veelal behoefte aan relatief betaalbare, kleinere bedrijfseenheden. De openheid van plinten is een aandachtspunt, bijvoorbeeld bij kantoorachtige functies.

In ieder geval een deel van de bedrijfsruimten moet bijdragen aan de levendigheid en sociale veiligheid (bijvoorbeeld door klanten te trekken).

Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026 27

rt

DSM-terrein

Type economie Zuidpunt 12.000 m2

Concentratie stadsverzorgende dienstverlening Delftse Poort

IKEA

Mogelijk locatie voor stadsverzorgende economie

Centrum

Wijkcentra Nieuw Delft 17.000 m2

Stadsverzorgende productie

S

nw

ite

Bu

Kantoren

Gele Scheikunde m2 en aantal

ot

slo

r ate

Maakindustrie Maakindustrie met HMC

Reinier de Graafbuurt/Juniusbuurt

Kop van de Buitenhof 3.000 m2

Voorhof

Nieuwe Haven

Leeuwenstein

De Hoven

1.300 m2

Biotechnologie Kennisintensieve economie

Schieoevers Noord

Delftechpark

Fases kenniseconomie

Kabeldistrict

50.000 m2 werkruimte totaal 34.000 m2 bedrijfsruimte

Onderwijs

Noordkavel 4.000 m2

vers

ieoe

Sch

GillisbuurtDelfialocatie m2 ntb

S

TU Delft Campus

Next!Delft

(2de fase) 17.000 m2

Begin start-ups Onderzoek

Strip

16.000 m2

Energiecentrale 3.000 m2

Prototyping

ef

ofdre

De 10 projecten ontwikkelingen zijn aangegeven op de kaart hieronder met daarbij de te realiseren vierkante meters aan bedrijfsruimte en het aantal banen. De meeste (van deze) zijn ‘harde’ ontwikkelingen, andere bevinden zich in een meer verkennende fase. Verder zijn op de kaart de volgende elementen afgebeeld: • De verschillende types economie aangeven per locatie/ gebied. Dit omvat zowel actuele als gewenste locaties voor types economie (voortbouwend op de REV)16; • Overkoepelende gebieden waar ruimtelijke (her)ontwikkeling plaatsvindt; • Bedrijventerreinen in de stad; • De 10 ontwikkelingen/projecten waar we ons in de komende periode in het bijzonder voor inzetten; • De verschillende fases van productontwikkeling binnen de kennisintensieve economie aangegeven per gebied.

Hoofdwinkelstructuur

th Tan

28 Actieprogramma Ruimtelijk-Economische Visie 2024-2026

oo

15 Fieldlabs zijn praktijkomgevingen waarin bedrijven en kennisinstellingen doelgericht innovaties ontwikkelen, testen en implementeren.

Onder kennisintensieve economie verstaan wij de economische activiteiten die gericht zijn op de ontwikkeling en toepassing van hoogwaardige nieuwe technologieën. Hierbij worden verschillende stappen doorlopen; van onderzoek naar prototyping en vervolgens productie. Op de kaart zijn onder deze categorieën de gebieden aangegeven waar met name de eerste twee stappen plaatsvinden. De daadwerkelijke productie is onderdeel van de innovatieve maakindustrie. Naast solitaire bedrijfsruimten zijn ook bedrijfs­ verzamelgebouwen van belang. Deze bieden ruimte aan starten scale-ups en kunnen een bijdrage leveren aan kennisuitwisseling.

150.000 m2

eg

Sommige (innovatieve) maakbedrijven zorgen door hun bezigheden en of schaal voor milieuhinder. Dit is een gebied

Kennisintensieve economie

Haagweg

Biotech campus

nusw

Maakindustrie met HMC

Biotechnologie verwijst naar het gebruik van (delen van) levende organismen, zoals celfabrieken, om bruikbare producten te maken uit hernieuwbare grondstoffen. Voor biotechnologie zijn onder meer kantoor- en labruimte voor R&D en productiefaciliteiten nodig. Belangrijke spelers binnen Delft zijn DSM en Planet B.io. Op het DSM-terrein wordt de Biotech Campus ontwikkeld, met onder andere bedrijfsruimte voor start- en scale-ups.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13901260/1