4. Handelingen 19 juni 2025
Tekst van het document
Wat de ChristenUnie niet zo goed vindt aan de motie van Volt, is dat een ontwerp vlak voor de uitvoering nog eens naar de raad gaat om daar nog eens beoordeeld te 24
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
kunnen worden. Zeker als we kijken naar hoe dit in de afgelopen tijd is behandeld, leert de ervaring dat als je iets naar de raad stuurt, het ook geagendeerd wordt. Het is ook niet gebruikelijk om het op deze manier te doen. Het mag duidelijk zijn dat we de motie Geen fietsdoorsteek zeker niet zullen steunen, temeer omdat het waarschijnlijk niet helpt als die wordt aangenomen, want het college kan er gemotiveerd van afwijken of de motie naast zich neerleggen. Ik vermoed dat de wethouder daar uitermate goed voor gemotiveerd is. De heer TREFFERS (Volt): Ik kan de ChristenUnie in ieder geval verzekeren dat Volt het niet zal agenderen als er gewoon een gedegen plan ligt. We hoeven het er dus echt niet over te hebben, maar we vragen wel om de mogelijkheid. De VOORZITTER: Daar neemt de heer Van der Woerd kennis van. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. In de commissievergadering hebben we ruim twee uur met elkaar gedebatteerd over dit onderwerp. Waarschijnlijk zal het vanavond ook weer een uur of anderhalf uur duren. Dat is prima, want dit onderwerp leeft ontzettend bij de bewoners en ook hier in de raad. De eerste belangrijke zorg in dit dossier is het gevoel van de bewoners maar ook van de bewoners van de twee flats dat de doorsteek onveilig wordt.
Daar kun je van alles van vinden, want het ontwerp is inderdaad nog niet gereed, maar zij hebben in ieder geval het gevoel dat dit de veiligheid van dit stukje stad niet veel groter maakt. Een tweede belangrijke zorg is de wijze waarop dit college tegemoetkomt aan de zorgen van deze inwoners. De bewoners maken zich grote zorgen over de veiligheid van hun directe omgeving, hebben vanavond een groot aantal handtekeningen overhandigd - dank daarvoor en willen meedenken over alternatieven, maar hebben echt het gevoel dat ze niet serieus worden genomen. We hebben de wethouder in de commissievergadering horen zeggen dat ze niet bereid is om deze fietsdoorsteek van de Mobiliteitsagenda te halen, in ieder geval niet nu, en dat ze graag door wil met intekenen. Ook hebben we haar horen zeggen dat ze geen alternatieven meer gaat onderzoeken. Wij denken echter dat die alternatieven er echt nog wel zijn of op z'n minst dat het recht doet aan de zorgen van de bewoners om de alternatieven die al bekeken zijn, nog wat explicieter uit te werken en daar, indien nodig, nog een keer een goed gesprek over te voeren in deze raad. We zijn daarom mede-indiener van de motie van het CDA om de voor- en nadelen van de alternatieven in de al toegezegde raadsbrief wat verder uit te werken.
We zijn ook mede-indiener van de motie van Volt om de raad nog een keer goed mee te nemen in de nadere uitwerking van en de participatie over het ontwerp. We zijn erg benieuwd naar de reacties. De VOORZITTER: Ik zie een maidenspeech aankomen. Dames en heren, u mag niet interrumperen. De heer GROENEVELD (D66): Voorzitter. Dit is voor mij een beetje een jojo geworden, want een paar weken geleden was ik me al mentaal aan het voorbereiden op dit agendapunt tot ik me twee dagen realiseerde dat een ander agendapunt eerder aan bod zou komen. Ik moest mijn verhaaltje dus een beetje 25
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
aanpassen. Vanavond werd ik geconfronteerd met een nieuwe tombola. Maar goed, beide onderwerpen gaan over hetzelfde. Ik wil u meenemen op een klein reisje. Daarvoor ga ik even naar het buitenland. Ik ben nogal verknocht aan een bepaald land, zoals sommige mensen weten: Georgië. Op democratische, politieke en ook op andere wijzen ben ik daaraan verknocht. Het zit in mijn hart. Hart heb ik ook voor Delft, zeg ik met een knipoog naar de overkant. Ik was een paar weken geleden in Georgië voor een training aan jonge democraten, liberalen. Dat ging over participatie, discussie en fracties binnen de partijdemocratie maar eigenlijk ook daarbuiten. Een virtuele partij had een verkiezingsnederlaag geleden - herkenbaar voor ons en misschien ook voor sommige andere partijen in deze zaal - en dan ging het om de vraag hoe het leiderschap daarmee omgaat, maar ook hoe de verschillende flanken in de partij daarmee omgaan en hoe ze toch met elkaar de vrede weten te bewaren. Dat simulatiespel kende een interessante dynamiek. Er waren niet twee fracties of twee stromingen in de partij, zoals je vaak ziet, maar drie. Daar was natuurlijk bewust voor gekozen om verschillende meerderheden te laten ontstaan. Uiteindelijk kon de leider blijven zitten.
Over de partijideologie wisselden een sociaalliberale stroming, een conservatief-liberale stroming en een populistisch-liberale stroming elkaar standpunten uit. Zij wisten een compromis te bereiken en zo de vrede in de partij te bewaren. Dat was een hele interessante exercitie. Daarmee wil ik aangeven hoe ontzettend belangrijk het is om naar elkaar te luisteren en ontvankelijk te zijn voor elkaars voors, tegens en belangen, ook richting het maatschappelijk middenveld, burgerbelangen en organisaties en wat al niet meer. Dat maak ik elke keer ook in de rest van het land mee. Eigenlijk gaat dat om het hele brede spectrum in de democratie. Ik hoop dat ik dat ook in mijn functioneren in de raad volledig met mij meedraagt. Dat weeg ik af bij alles wat wij doen. Dat brengt mij langzamerhand bij de moties op dit dossier. Ik heb daar eerder deze week al over gesproken met de heer Valk van het CDA. Het spreekt ons aan dat hij de weg naar het midden, het compromis, probeert te zoeken.
De heer Valk heeft mij toevertrouwd dat hij eigenlijk geen voorstander van deze route was, maar dat hij uiteindelijk ziet dat er niet heel veel meer in de fles zit, behalve dan dat we alles nog een keer goed op een rijtje moeten zetten richting de buitenwereld - dat betreft de motie over de alternatieven - en dat wij ook richting de toekomst dit soort tracés beter moeten aanpakken en meer moeten communiceren en vastleggen, zodat we met z'n allen tijdig daarvan op de hoogte zijn en ook tijdig kunnen ingrijpen als dat nodig is. Dat geldt ook voor de buitenwereld. Dat heeft de heer Valk keurig uitgelegd. Daarom steunen wij die beide moties van harte. Dan de motie van Volt. Wij vinden zeer dat die participatie-evaluatie naar ons toe moet komen. Tegelijkertijd vragen wij ons af of we hier niet te veel op het verdere verloop van het proces zitten. We wachten dus even de reactie van het college af om te horen wat in het proces de consequenties zijn van wat Volt hier vraagt. Vanwege onze eigen visie op het dossier kunnen wij de motie van OD niet steunen. Dat heeft te maken met wat ik in de commissievergadering al uitgebreid heb 26
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
toegelicht, namelijk het afwegen van verschillende belangen, niet alleen onze belangen maar ook die van de stad, van alle inwoners. De lokale inwoners hebben hun belangen. Die moeten ook echt heel erg mee worden genomen in dit dossier. Daarvoor hebben we dat participatietraject. Daarvoor zijn al een heleboel handvatten aangegeven. Dat moet echt verder uitgewerkt worden, maar alles afwegende zijn wij echt voor deze doorsteek en kunnen wij de motie van OD dus niet steunen. De VOORZITTER: Van harte gefeliciteerd, meneer Groeneveld. Dat was een hele mooie maidenspeech. (Geroffel op de tafels) De VOORZITTER: Er spreken veel zorg en een groot hart voor de democratie en het democratisch proces uit. Dat past natuurlijk geweldig bij D66. Uw liefde voor Georgië begrijp ik helemaal, want ik ben inmiddels gelukkig bijna aan het eind van een boek van 1.250 bladzijden. Misschien kent u het; ik kan het u zeer aanbevelen: Het achtste leven (voor Brilka), geschreven door Nino Haratischwili. Heel mooi; ik raad u het aan. Uw partner - vrouw of man; dat maakt niet uit - heeft in de zomer geen kind meer aan u. U bent helemaal onder de pannen, want dat gaat over Georgië en over de enorme druk waaronder men heeft gestaan in de tijd van de Russische Revolutie. Maar ik wil u vooral feliciteren met deze mooie maidenspeech. Zeer veel dank. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter.
Dank voor alle inbreng vanuit de raad. We hebben over deze fietsdoorsteek al heel wat debatten hier in de raad gehad. Daar heb ik elke keer ook weer toegelicht wat het belang is van een goed en fijnmazig fietsnetwerk. Daarnaast hebben we het natuurlijk gehad over "de voetganger op één". Daarover heeft het college afgelopen week een beleidsnotitie naar de raad gestuurd. Die moet nog worden vastgesteld, maar er worden een heleboel punten in genoemd die we ook op deze plek ter harte zullen nemen. Gezien de tijd zal ik het een beetje houden bij de moties, want volgens mij kan ik naar aanleiding daarvan alle benoemde punten nog verder toelichten of vragen beantwoorden. Allereerst de twee moties die door het CDA zijn ingediend. Met betrekking tot de motie over de informatiebrief heb ik in de commissie al een toezegging gedaan. Volgens mij kunnen we de hier genoemde punten prima toevoegen aan die reeds toegezegde informatiebrief. Ik begrijp de behoefte die hierachter zit ook wel, zowel richting de raad als richting het participatieproces dat we straks gaan doorlopen, want er is natuurlijk nog wel wat behoefte aan informatie: hoe is de afweging nou gemaakt en welke elementen zijn daarbij meegenomen? Volgens mij kunnen we daar prima een informatiebrief voor opstellen. Dan de motie over de Adaptieve Mobiliteitsagenda, de AMA.
We hebben hier natuurlijk heel wat discussies met elkaar gehad in de zin van: er zijn wel besluiten over genomen, maar waar ging het nou eigenlijk precies over, op welke plek was het nou en hoe ver en wat hangt er allemaal met elkaar samen? Volgens mij merken we ook vaak dat er projecten zijn waarvan de oorsprong van het besluit echt een aantal raadsperioden teruggaat. Ik denk dat we het onze collega's die hier later nog over 27
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
zullen gaan praten ook moeten gunnen om helderheid te bieden: waar hebben wij nou met elkaar het besluit over genomen? Volgens mij is het dus prima om daar wat meer informatie over te bieden. Er is natuurlijk ook een wens om dat op andere vlakken en in andere nota's te doen. Het is echt een zoektocht hoe we dat gaan doen, maar volgens mij is het goed om daar met elkaar aan te gaan werken. Wat dat betreft kunnen we deze motie als college zeker omarmen. Dan de motie van Volt, de "motie Participatieverslag". Ik denk dat het prima is om het element van de participatieverslagen en sowieso de terugkoppeling op het moment waarop met bewoners is gesproken over wat er precies wordt meegenomen in het vervolg van het ontwerp en wat met onderbouwing misschien niet wordt overgenomen maar wel is gehoord en misschien heeft geleid tot een beter begrip van waarom bewoners zorgen hebben, toe te voegen aan de motie van het CDA die om die informatiebrief vraagt. In het verlengde hiervan denk ik dat het sowieso goed is om te kijken hoe de participatieverslagen die allemaal gemaakt worden - want intussen wordt er flink geparticipeerd, niet alleen over mobiliteit maar zeker ook over een heleboel andere onderwerpen - inzichtelijk gemaakt kunnen worden.
We moeten ons gunnen dat we die verslagen inzichtelijk hebben en dat je ergens op een website kunt vinden waarover de gemeente met bewoners allemaal heeft gesproken en wat daarover vastgelegd is. Daar kijken we nu bijvoorbeeld ook bij Gillis-Delfia naar. Daar worden hele interessante dingen gezegd door bewoners, ook dingen die we helemaal niet in het snotje hebben. Dat helpt ons om betere plannen te maken. Wat dat element betreft kan ik het eerste dictum dus toezeggen, maar het tweede dictum is best wel verstrekkend. Volgens mij heb ik de heer Van der Woerd daar al een heel goede reactie op horen geven. Daar wil ik me zeker bij aansluiten, maar er zit ook het element in dat we bijvoorbeeld voor dit project een subsidie aangevraagd hebben bij de MRDH. Als we nu onzekerheid hebben of we hiermee verder kunnen, moeten we op een bepaald moment zeggen dat we die subsidie toch niet gaan doen of moeten we die subsidie op een ander moment opnieuw aanvragen. Dat maakt het een beetje ingewikkeld, want het gaat over de helft van het budget van dit plan. Het heeft dus best wel verstrekkende financiële gevolgen als dit nu opeens anders zou worden en als de raad dit alsnog zou terugtrekken. Dat dus wel even als notie.
Een andere notie is dat we er bij andere plannen, bijvoorbeeld de herinrichting van het Delflandplein, van uit zijn gegaan dat deze fietsdoorsteek als onderwerp van het fijnmazige netwerk zou worden aangelegd. Dat gaat op een gegeven moment allemaal dus een beetje knellen, maar dat ga ik sowieso laten uitleggen in die informatiebrief die er nog gaat komen. Als het tweede dictum in de motie blijft staan, ga ik de motie ontraden, maar ik ben bereid om het eerste dictum toe te zeggen. Het is dus aan de heer Treffers wat hij daarmee wil. Dan de motie van OD. Gezien het nut en de noodzaak van een goed en fijnmazig netwerk zou ik die willen ontraden. Dan nog enkele punten die zijn genoemd. De PvdA sprak over de gedragscampagne op allerlei punten, bijvoorbeeld over rekening houden met elkaar. Daarmee zijn we in Delft al op verschillende manieren bezig. We hebben op dat punt ook een aanpak. 28
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Die stond ook al in onze afgelopen Adaptieve Mobiliteitsagenda, maar daar zijn we wel druk mee. We kunnen kijken waar we daar in relatie tot deze plek en bij soortgelijke ingrepen waar we als stad voor staan misschien wat meer aandacht aan kunnen besteden. Volgens mij is het dus goed dat ik daarop ben geattendeerd. Ik wil ook reageren op de fracties die zeggen dat de wethouder niet luistert naar zorgpunten. We hebben hier eerder een gesprek met elkaar over gehad. Ik heb toen aangegeven - daar heb ik ook een toezegging over gedaan - dat we nog geen onomkeerbare stappen zouden zetten en dat we daarom ook een veiligheidsaudit zouden gaan uitvoeren. Die veiligheidsaudit is in overleg met bewoners uitgezet. Daar zijn een heleboel punten uit gekomen. Ik heb ook al een aantal keren gehoord dat die inderdaad kunnen worden meegenomen in het ontwerp, maar de volgende stap die nu moet worden gezet, is dat we met bewoners samen aan tafel gaan zitten en op basis van die aangepaste tekening gaan kijken. Dat betreft ideeën over groen, speelplekjes en wat we nog meer kunnen doen, bijvoorbeeld om de buurttuin goed te koppelen aan dit gebied, want het is nu een beetje rommelig.
Volgens mij zijn er nog heel veel elementen waarvoor de bewoners nog punten kunnen meegeven om uiteindelijk een goede inpassing te maken, want ik roep in herinnering dat we in de informatiebrief die we toentertijd hebben gestuurd naar aanleiding van de toezegging, hebben aangegeven dat we de verbeterpunten zullen meenemen en dat we graag met een werkgroep het verdere ontwerpproces over de inpassing van de fietsdoorsteek zouden willen gaan opzetten. Daar merken we dat het van belang is dat met de bewoners dat gesprek gevoerd kan gaan worden. Wat dat betreft is de oproep dus wel dat we daar snel voor bij elkaar kunnen gaan zitten, want er zijn veel goede dingen gezegd. De zorgpunten zijn ook scherp, maar volgens mij kunnen we samen met elkaar komen tot een mooie inrichting van dit deel tussen de twee flats. Hoewel 13 meter betrekkelijk smal klinkt, geeft dat echt voldoende ruimte om én een goed fietspad én een goed wandelpad, maar zeker ook groen in te passen. De heer GOMMERS (STIP): Ik had gevraagd of het mogelijk is om de impact op groen mee te nemen in de informatiebrief. Is de wethouder daartoe bereid? Wethouder HUIJSMANS: Sorry, die vraag was ik vergeten. We zullen in de informatie ook ingaan op de elementen die met betrekking tot groen meegegeven zijn. Dat gebeurt sowieso in de afweging van de alternatieven.
We moeten dat ook een beetje algemeen zien, maar het gaat zeker ook om de kansen die er zijn om bepaalde groenelementen mee te nemen, want ook door de stadsecologen zijn er al wat gedachten meegegeven die we op deze plek zouden kunnen toepassen om dit echt onderdeel te laten zijn van de stadsecologie. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. De wethouder ontraadt het voorstel om daar geen fietspad aan te leggen, om de simpele reden dat de circulatie van het verkeer - fietsers, denk ik dan - voorrang heeft. Dat standpunt kan de wethouder innemen, maar het kan gewoon zijn dat de raad op dit punt een andere afweging maakt, zeker omdat de raad heeft gezegd "voetgangers op één". Dat geldt hier 29
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
blijkbaar niet; blijkbaar geldt hier "fietscirculatie op één". Daarnaast hebben we de alternatieven niet gezien om te kijken of zij misschien een optie zijn. Het lijkt mij dus heel nuttig om te kijken wat de alternatieven hiervoor zijn, ook voor die doorgang en de circulatie, en om dan pas een beslissing te nemen. Dat gaat de SP dan ook doen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de beantwoording. Ik zie echt dat zij probeert mee te bewegen. Tegelijkertijd heb ik al een aantal keren iets gehoord over iets met een subsidie en over dingen in de planning. Ik probeer dat concreet te maken, zodat ik dat kan meewegen in mijn overweging. Dus zou de wethouder kunnen aangeven of dit een risico van bijvoorbeeld 1 ton is of van € 5.000? Dat maakt voor mij namelijk nogal wat uit. Tot slot een oproep aan de bewoners. Ik hoop echt dat we als raad op dit moment een signaal afgeven en hebben afgegeven waardoor de wethouder met jullie in gesprek wil gaan om het beste eruit te slepen, maar dat kan alleen als we met z'n allen onze schouders eronder zetten. Als het aan mij ligt, zien we het daarna hier terug en gaan wij dat gezamenlijk bepalen. De kopjes tellend lijkt dat niet helemaal te gaan gebeuren. Maar ik zou zeggen: doe je best om er het mooiste uit te halen. Dus nogmaals de vraag aan de wethouder om concreet te worden over de gevolgen.
Na de termijn van de wethouder kunnen we misschien heel kort schorsen om met de mede-indieners te overleggen. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Wij handhaven de motie sowieso, want wij hebben goed contact gehad met de bewoners. Ik weet dat zij hier gewoon zo sterk in staan. Dat hebben we op die manier vertaald in deze straffe motie. De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. Ik ben blij met de oproep van de wethouder, die de bewoners er graag weer bij wil betrekken in een werkgroep. Tegelijkertijd denk ik dat die oproep niet voldoende is om dat te bewerkstelligen. Er zal echt nog wat meer gemasseerd moeten worden. Ik wens de wethouder in dat opzicht veel succes. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Allereerst felicitaties aan de heer Groeneveld voor zijn maidenspeech. Het is altijd een beetje lastig als je niet helemaal correct geciteerd wordt in een maidenspeech, want dan mag je niet interrumperen. Dat ga ik nu dus corrigeren, want ik heb niet gezegd dat wij geen voorstander waren maar nu wel voorstander zijn. Ik heb alleen gezegd dat we nog steeds vraagtekens hebben bij deze route, maar dat er ook niet echt een alternatief is dat er voor ons heel erg uit springt. Vandaar deze motie. Ik denk dat dat iets scherper is dan hoe u mij citeerde. Maar verder gefeliciteerd en complimenten. Ik ben blij dat de wethouder de moties van het CDA omarmt.
Ik heb met de wethouder afgesproken dat ik ze wel in stemming breng, omdat ik het belangrijk vind dat duidelijk is, ook naar de omwonenden toe, dat dit de uitspraak van de raad is. De motie van Onafhankelijk Delft snap ik heel goed. Een beetje moeilijk aan de motie vind ik het definitieve karakter ervan: het sluit echt voor altijd en eeuwig uit dat er iets 30
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
anders dan een voetpad op die locatie komt. Dat maakt ons toch wat huiverig om de motie in die vorm te steunen. Tot slot sluit ik me aan bij de mooie oproep van de heer Treffers aan de bewoners om de uitgestoken hand vooral aan te nemen en met de gemeente in gesprek te gaan en in gesprek te blijven om te kijken hoe hier samen, als het dan zo moet zijn, het beste van kan worden gemaakt. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Ik weet dat er ook bij de Schieoevers heel veel subsidie komt. Daar werden we ook met onze neus op de feiten gedrukt: je moet hier nu mee instemmen, want anders zijn we onze subsidie kwijt. Tot op heden zijn we nog geen subsidie kwijt en hebben we er ook niet mee ingestemd. Hart voor Delft heeft dus weinig zin om nu te denken: o, dan haalt de MRDH ons geld weg. Nou, laat de MRDH dan maar zien dat zij eigenlijk het liefst het kalf ziet verdrinken en de put pas daarna gaat dempen. Maar is deze discussie dat waard? Je praat over mensen die het gevaar daar in de wijk zien. Die flat stond er al veel en veel eerder dan toen dat lijntje met dat fietspad getekend werd. Wat is er nou zo moeilijk? Bent u zo bang om gezichtsverlies te lijden? Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Ik heb maar één concrete vraag gehoord, namelijk van de heer Treffers. Het gaat over een project van 2 ton. Daarmee staat dit ook in de Adaptieve Mobiliteitsagenda.
De MRDH bekostigt daar de helft van. Het gaat dus inderdaad over 1 ton. De heer TREFFERS (Volt): Om het heel duidelijk te maken: u gaat ervan uit dat die subsidie vervalt als deze motie wordt aangenomen en als we daarmee dus iets in de tijd moeten wachten. Wethouder HUIJSMANS: Er is een moment waarop we de aanvraag kunnen indienen of afzeggen. Dat wordt heel ingewikkeld omdat we dat dan ergens in de zomer moeten organiseren. Daarmee wordt het ook onduidelijk, want daarmee kunnen we niet tijdig voor het nieuwe jaar subsidie aanvragen of op tijd afzeggen. Dan blijft het dus hangen en dan wordt het heel lastig om het project nog uit te kunnen voeren. Het is dus echt ook een momentumprobleem. De VOORZITTER: Meneer Treffers, u wilde een schorsing. Hoelang heeft u nodig? De heer TREFFERS (Volt): Vijf minuten. De VOORZITTER: Prima. De vergadering wordt enige tijd geschorst. De VOORZITTER: Het woord is aan de heer Treffers. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Ik heb met de mede-indieners en de wethouder gesproken. Als het allemaal goed is, kunnen we de motie intrekken. Dan 31
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
zegt de wethouder het eerste dictum toe. Daar zit dan een termijn bij: we krijgen deze informatie in ieder geval voordat de uitvoering van het project daadwerkelijk ingaat. Het stukje van de motie dat niet wordt toegezegd of dat komt te vervallen, is dat we ook nog de tijd krijgen om als raad daar iets van te vinden. Dat is dan de middenweg. Ik denk dat dat voor nu het beste is wat we kunnen betekenen. De VOORZITTER: Mooi. U heeft de toezegging van de wethouder duidelijk geformuleerd. Dat wordt dus ook als zodanig genotuleerd. Motie 7.4.2 is dus ingetrokken. Mevrouw Gaal heeft al aangegeven dat motie 7.4.1 blijft staan. Ook de moties 7.4.3 en 7.4.4 blijven staan. Ik constateer dat ik de beraadslaging kan sluiten. In stemming komt motie 7.4.1 (Geen fietsdoorsteek tussen Vulcanusweg en Herculesweg - het is een voetpad) van Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Zoals u weet, zijn wij nog niet overtuigd, maar wij zullen op dit moment niet voor deze motie stemmen, omdat we het participatieproces de kans willen geven om een win-winsituatie te creëren. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. De motie gaat voor ons best ver, maar we vinden het ook belangrijk om een statement te maken richting de bewoners dat we in de basis niet erg happy zijn met deze plannen.
Wij stemmen dus juist voor. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 11 tegen 23 stemmen, waarbij de fracties van Hart voor Delft, Onafhankelijk Delft, de SP en de VVD ervoor hebben gestemd en waarbij mevrouw Osepa zich heeft onthouden van stemming. In stemming komt motie 7.4.3 (Overzicht alternatieven) van het CDA, Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft, de VVD, Volt, de ChristenUnie en GroenLinks. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Voorzitter. Wij complimenteren als PvdA de heer Valk voor deze motie en de volgende motie. Hij heeft ook hier de verbindende rol die hij wel vaker speelt, weer mooi vervuld. Wij zullen deze motie steunen. De VOORZITTER: Dat mooie compliment kunt u in uw zak steken, meneer Valk. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen, waarbij mevrouw Osepa zich heeft onthouden van stemming. (Geroffel op de tafels) In stemming komt motie 7.4.4 (Scherpere informatie per project in kaderstellende visiedocumenten) van het CDA, Onafhankelijk Delft, de VVD, de ChristenUnie, Hart voor Delft en STIP. 32
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Op dit moment van mij de lovende woorden, want de heer Valk is er ontzettend goed in geslaagd om een compromis te vinden waar wij zoals altijd heel dankbaar voor zijn. De VOORZITTER: Nou, meneer Valk, ik wou haast zeggen "u bent een ware …", maar dat ga ik natuurlijk niet zeggen, want deze voorzitter staat boven de partijen. De motie wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen, waarbij mevrouw Osepa zich heeft onthouden van stemming. De VOORZITTER: Tegen de - met name - dames op de publieke tribune zeg ik dat zij natuurlijk heerlijk mogen blijven zitten. Zo'n vergadering is natuurlijk buitengewoon boeiend. Ik kan het u echt helemaal aanbevelen, maar u mag ook lekker naar buiten naar een terrasje. Dat kan ik u eigenlijk óók aanbevelen. 86. Raadsvoorstel Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 (2505046). De VOORZITTER: Er zijn twee amendementen aangekondigd door Hart voor Delft. De heer STOOP (Hart voor Delft): Voorzitter. Bij een amendement denk je dat dat een tekstwijziging is in een stuk. Dit zou eigenlijk de vorige raadsvergadering al op de agenda staan, maar toen werd het te laat. Het voordeel is dat we allemaal vier weken extra de tijd hebben gehad om ernaar te kijken.
Ik heb er vanmiddag nog een kort overlegje over gehad met meneer Visser van het CDA. Wij vinden dat die twee jaar naar vier jaar moet. Dat heeft een aantal redenen. Tijdens mijn werkzame leven heb ik meegemaakt dat wethouders stoppen met hun functie, dat ze na een jaar ineens in een raad van bestuur of iets dergelijks zitten en dat ze als zodanig dus nog steeds invloed hebben; tenminste, dat gevoel heb je dan. Dat is in Delft ook een paar keer gebeurd met een directie van een welzijnsorganisatie; dat heb ik twee keer meegemaakt. Er is ook eens een raadslid naar een welzijnsorganisatie gegaan. We hebben twee amendementen. Het ene amendement gaat over die twee jaar. Bij het tweede amendement hebben we een andere toelichting gegeven van waarom we dat vinden. We hebben in Delft te maken met een nieuwe welzijnsorganisatie: BV Welzijn. Wij vinden dat daar gewoon fris bloed in moet komen en dat we moeten voorkomen dat een wethouder daar in de raad van toezicht komt om toch nog invloed uit te oefenen. Wij hebben als Hart voor Delft het gevoel dat we dan alsnog de kans lopen dat er sprake is van bestuurlijke beïnvloeding. Die twee jaar staat er wel in. Het is een nevenfunctie en nieuwe benoemingen worden ter kennisname naar de raad gestuurd; dat heb ik bij de griffie nagevraagd.
Dat is leuk: dan mag je voor kennisgeving aannemen dat die of die in aanmerking komt voor een functie in een raad van bestuur. We zouden ook een overzicht krijgen van de benoemingen, maar daar wordt nog aan gewerkt. Dat is jammer, want de vorige raadsvergadering is al vier weken geleden. Ik vraag me in alle eerlijkheid af of dat werkelijk zoveel 33
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
werk is. Misschien komt het doordat mensen vrij hebben gehad; dat kan natuurlijk. Ik denk dat de amendementen voor zich spreken. Het tweede amendement dienen we expres in omdat we de toelichting nog wat hebben uitgebreid en omdat die vier jaar vooral bij nieuwe stichtingen, verenigingen en coöperaties geldt. Vooral dat nieuwe vinden wij belangrijk. Je kan zeggen: we moeten die kennis toch in huis houden en de voormalige wethouder heeft in zo'n raad van bestuur toch kennis? Dat kan, maar er zijn ook andere mensen met heel veel kennis. Daar hoef je niet speciaal een wethouder voor te hebben. Vandaar dat amendement. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik snap dat je niet wil dat wethouders of zo bij een commerciële partij kunnen gaan werken en dan direct kunnen gaan lobbyen bij de gemeente, maar in dit geval gaat het om een partij die verbonden is aan de gemeente en die je juist dicht bij de gemeente wil hebben en houden. Dan is het toch niet zo'n gek idee dat je daar juist een oud-wethouder voor benadert? Waar zit volgens u het probleem? De heer STOOP (Hart voor Delft): Stel je voor dat mevrouw Huijsmans weggaat en dat ze, in het ergste geval, in een organisatie komt en over participatie gaat. Dat mag je toch niet willen, gezien het vorige agendapunt? Ja, ik zeg dat gewoon, hoor. Je moet de beïnvloeding als zodanig altijd zien te voorkomen. Die willen wij zo klein mogelijk houden.
Dus waarom niet? De VOORZITTER: Er wordt hartelijk om gelachen hier achter de tafel. Meneer Van der Woerd wil interrumperen. Hij zei aan het begin van de vergadering dat dit zijn laatste vergadering is met mij als voorzitter. Ik zei toen: "Dan houd ik u extra in de gaten, meneer Van der Woerd." De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): De vraag aan de heer Stoop is: zou het niet zo moeten zijn dat je de persoon die het meeste heeft geleerd, in dit geval van participatie, daar juist wél in wilt hebben? De heer HOMBERGEN (PvdA): Meneer Stoop, ik ben het natuurlijk meteen met u eens dat er niet zo'n actieve draaideur moet zijn en dat mensen niet meteen na een wethouderschap of na hun functie aan de andere kant een functie opnemen. Maar vier jaar klinkt meer alsof iemand bijna wordt verbannen uit de stad, want die mag vier jaar lang met al die partijen niets meer doen. We kunnen onze wethouders toch ook nog wel een beetje liefhebben? De heer STOOP (Hart voor Delft): Ik hoor dat hier ook om gelachen wordt. Wat meneer Van der Woerd zegt, is een aanname. Maar wat u zegt, vooral als PvdAman … Als één partij aan de banencarrousel meewerkt … Zo is het wel. Als u het woord "verbannen" gaat gebruiken, ben ik verplicht om ook te gaan overdrijven, want ik heb het helemaal niet over verbannen. Ik heb het gewoon over één collegeperiode. Daarna is het weer anders.
Als een wethouder vertrekt na de verkiezingen in maart en dan in de raad van toezicht komt, gaan we in die organisatie gewoon door met het beleid zoals dat nu ook is. Daar zijn wij bang voor. 34
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Dan kan je zeggen "ik geloof dat niet", maar daar zijn wij bang voor. Je ziet nu dat een tekstwijziging toch nog wat reuring kan geven. De heer HOMBERGEN (PvdA): Er staat nu een periode van twee jaar. Die periode van twee jaar is echt genoeg om even af te koelen, je te bezinnen op je rol en weer andere draadjes op te pakken. Ik vind vier jaar hiervoor echt een hele lange periode. De heer VAN DER SLUIS (SP): Als een wethouder die er nu zit, het beleid wil voortzetten, kan zij of hij gewoon iemand zoeken en aannemen die dat beleid voortzet. Dat heeft niks te maken met de persoon of met de vraag of die persoon daarvoor wethouder was. Bent u het niet met mij eens dat een wethouder sowieso iemand kan kiezen die voor een bepaald beleid is? Daar mogen u, ik of wie dan ook het niet mee eens zijn, maar dat gaan we met deze maatregel niet tegen. De heer STOOP (Hart voor Delft): Ik weet de vraag van meneer Hombergen al niet meer, maar ik ga naar de vraag van meneer Van der Sluis. Stel je nou voor dat een oud-wethouder naar BV Welzijn gaat en dat ik in de oppositie zit. We hebben zojuist ook weer gezien dat je als oppositie gewoon het nakijken hebt omdat we een meerderheidscollege hebben. Als dat dan gewoon doorgezet kan worden, begrijpt u ook wel - u zit zelf ook in de oppositie - dat dat voelt als "even een plasje eroverheen en alles is weer zoals het was".
Meneer Hombergen, wilt u uw vraag kort herhalen? De VOORZITTER: Meneer Hombergen, kunt u kort en krachtig uw vraag herhalen? De heer HOMBERGEN (PvdA): De essentie van mijn vraag was dat twee jaar voldoende is om even af te koelen, de periode op een andere manier te bezien en pas daarna weer enige draadjes op te pakken, indien je dat wenst. Twee jaar vind ik eigenlijk best wel mooi. De VOORZITTER: Dat is ook wat voorgesteld wordt. De heer STOOP (Hart voor Delft): Dat is het verschil. Ik vind het ook goed dat u dat mooi vindt. Dat mag, maar Hart voor Delft heeft nu geprobeerd een punt te maken omdat wij er zo over denken. U vindt twee jaar voldoende. Nogmaals, ik denk terug aan mijn werkzame leven. Er is een kampioen bij de PvdA in Den Haag; denk maar alleen aan Pierre Heijnen, die ik weet niet hoeveel nevenfuncties heeft. Voor dat soort mensen is Hart voor Delft toch wel een beetje angstig. Ik houd het hierbij. De VOORZITTER: Nu moet ik toch wel zeggen dat we hier geen namen noemen. Ik moet daarbij dus eventjes tot een zekere terughoudendheid manen. Door de fractie van Hart voor Delft wordt amendement 7.1.A (Ex-collegeleden niet te snel actief bij verbonden partijen) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 19 juni 2025 ter bespreking van het raadsvoorstel inzake de Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025, 35
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Besluit: Het raadsbesluit behorend bij het raadsvoorstel inzake de Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 (2505046) als volgt te wijzigen: Het beslispunt 1. 1. De bijgevoegde Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 vast te stellen, wordt gewijzigd in: 1. De bijgevoegde Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 gewijzigd vast te stellen, met de volgende wijziging: De zin (onderaan pagina 32): Een aanvullende beleidslijn is, dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking kunnen komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. wordt gewijzigd in: Een aanvullende beleidslijn is dat ex-wethouders de eerste vier jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking kunnen komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. En de zin (bovenaan p.33): Ook hier geldt dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. wordt gewijzigd in: Ook hier geldt dat ex-wethouders de eerste vier jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen.
Toelichting: De reden om het van twee naar vier jaar om te zetten is om te voorkomen dat wethouders te kort na hun functie als wethouder te veel invloed uit kunnen blijven oefenen op het beleid." Door de fractie van Hart voor Delft wordt amendement 7.1.B (Ex-collegeleden niet te snel actief bij nieuwe verbonden partijen) ingediend:
36
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 19 juni 2025 ter bespreking van het raadsvoorstel inzake de Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025, Besluit: Het raadsbesluit behorend bij het raadsvoorstel inzake de Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 (2505046) als volgt te wijzigen: Het beslispunt 1. 1. De bijgevoegde Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 vast te stellen, wordt gewijzigd in: 1. De bijgevoegde Nota Bestuurlijke rolneming & Verbonden partijen 2025 gewijzigd vast te stellen, met de volgende toevoegingen: De zin (onderaan pagina 32): Een aanvullende beleidslijn is, dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking kunnen komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. wordt gewijzigd in: Een aanvullende beleidslijn is dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking kunnen komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. Voor nieuw opgerichte vennootschappen geldt de eerste vier jaar na oprichting de beleidslijn dat exwethouders minstens vier jaar niet meer in het college mogen hebben gezeten voordat ze in aanmerking kunnen komen om aangewezen te worden als gemeentelijke vertegenwoordiger.
En de zin (bovenaan p.33): Ook hier geldt dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. wordt gewijzigd in: Ook hier geldt dat ex-wethouders de eerste twee jaar na hun vertrek uit het college niet in aanmerking komen om als gemeentelijke vertegenwoordiger te worden aangewezen. Hier geldt ook dat deze termijn verlengd wordt tot vier jaar bij 'nieuwe' stichtingen, verenigingen en coöperaties, de eerste vier jaar na oprichting. Toelichting: 37
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Door bij 'nieuwe' organisaties een langere termijn (vier jaar) te hanteren voordat een ex-wethouder in aanmerking komt voor een rol als gemeente als gemeentelijke vertegenwoordiging bij een vennootschap, vereniging, stichting of coöperatie willen we voorkomen dat wethouders te kort na hun functie als wethouder te veel invloed uit kunnen blijven oefenen op het beleid. Het duurt een aantal jaar voordat nieuwe organisaties 'gesetteld' zijn en het lijkt ons onwenselijk dat de eerste vier jaar na oprichting de mogelijkheid bestaat dat een ex-wethouder, die zelf mogelijk als collegelid betrokken was bij de oprichting van de entiteit, een rol als gemeentelijke vertegenwoordiger bij dezelfde entiteit heeft. Dit amendement is opgesteld met in het achterhoofd de nieuw op te richten BV Welzijn, waarbij de raad het onwenselijk vindt als leden van het college dat het besluit tot oprichting neemt, kort na hun termijn als collegelid een bestuurlijke rol zouden hebben binnen deze nieuwe verbonden partij." Mevrouw WATTEL (GroenLinks): Voorzitter. Ook GroenLinks vindt dat je belangenverstrengeling moet voorkomen en aan de andere kant een goede of geschikte kandidaat ook een kans moet kunnen bieden.
We zijn benieuwd hoe de wethouder tegen de voorstellen aankijkt, maar we vinden het belangrijk dat de raad en de stad vanuit openheid goed worden geïnformeerd en dat er een goede basis ligt om te kunnen samenwerken. De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Ik wil eerst een bespiegeling geven op de nota zelf, aanvullend op wat ik in de commissie al heb aangegeven. Wij vragen nadrukkelijk aandacht voor grip op de ontwikkelingen bij verbonden partijen. Ze zijn weliswaar met reden op afstand gezet en ze hebben vaak ook een ingekaderde opdracht meegekregen, maar het zicht op de ontwikkelingen bij de verbonden partijen is voor het politiek bestuur - daarmee bedoel ik zowel de raad als het college - soms erg lastig te volgen, zeker als je dat proactief en adequaat wil doen. Informatievoorziening geschiedt vaak achteraf via de P&C-cyclus of ademt vaak een sfeer van "ter kennisgeving". We hadden het in de commissie bijvoorbeeld ook even over de aanstelling van bestuurders. Zolang dat goed gaat, is dat geen enkel probleem, maar op het moment dat dat niet goed gaat, wordt er vaak naar het politieke bestuur gekeken. Voldoende zicht en grip is wat onze fractie betreft dus onontbeerlijk. Dit punt wilde ik in ieder geval markeren. Dan kort over de ingediende amendementen van Hart voor Delft. De afkoelperiode in het kader van integriteitsbevordering lijkt ook ons gewenst.
Toch vindt het CDA het ook belangrijk - dat ben ik met de heer Hombergen eens - dat collegeleden na hun aftreden ook weer activiteiten oppakken en meedoen in onze samenleving, want eenieder heeft talenten en die moeten ook weer ten dienste van de samenleving kunnen worden ingezet. De voorgestelde vier jaar vinden ook wij wat aan de erg ruime kant en is wat mij betreft trouwens ook arbitrair. Hetzelfde geldt voor de twee jaar die in de nota is voorgesteld, omdat die ook niet gemotiveerd is, maar ik kan me in de gedachte verplaatsen dat die aansluit bij het wetsvoorstel Regels vervolgfuncties bewindspersonen, zoals die afgelopen week in de Kamer is besproken. In dat licht zien wij het.
38
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Ik zal straks nog reageren op het punt van het CDA, maar voor de helderheid van het debat wil ik met betrekking tot de zorg van de heer Stoop over corporaties zeggen dat dat geen verbonden partijen zijn, zoals ook vanuit de SP al werd aangegeven. Op dat punt zou dit amendement dus ook geen effect hebben. Daarnaast kan ik me aansluiten bij het punt van een aantal raadsleden dat twee jaar een mooie periode is om af te koelen, je even te bezinnen op je rol en vervolgens ook weer fris te kunnen beginnen bij verbonden partijen, want behalve dat je bestuurder bent of bent geweest, is er natuurlijk ook een bepaalde mate van interesse in stad en kennis van de zaken die er zoal spelen. Je zou de raad van toezicht, de raad van aanbeveling of wat dan ook graag willen vullen met mensen die daar het Delftse profiel enigszins kunnen inbrengen. We hebben gekozen voor wat afkoeltijd. Vandaar die twee jaar; die is gebaseerd op wat landelijk wordt aangehouden voor bewindspersonen en geeft daarmee dus echt enige afstand tot de materie, waar op dat moment ondertussen al twee jaar afstand van is. Maar doe dat ook niet te lang, want op een gegeven moment zijn al die bestuurders al te ver weg van de materie en daarmee minder geschikt. Daarom ontraad ik de twee amendementen. De lijst met nieuwe benoemingen is volgens mij onderweg naar Hart voor Delft.
Misschien is die al in uw mailbox beland, maar die is wel verzonden. Het is ook goed om de raad op gezette tijden te informeren als er nieuwe benoemingen zijn, want volgens mij is dat ook gewoon informatie die we kunnen delen. Over zicht houden op gemeenschappelijke regelingen en andere verbonden partijen: natuurlijk heeft de raad de mogelijkheid bepaalde partijen uit te nodigen, bijvoorbeeld in de commissie R&A of in een andersoortige beeldvormende bijeenkomst. Ik weet dat er gemeenschappelijke regelingen zijn die zeggen: je mag ons uitnodigen en we komen gerust even wat vertellen over wat we zoal doen. Daarmee kan het dus ook wat dichterbij gehaald worden. Het is aan de raad om dat zelf te organiseren, maar ik ken verschillende partijen die het prima vinden om daar tijd aan te besteden. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Complimenten aan Hart voor Delft voor het onderwerp bestuurlijke vernieuwing. Ik denk dat het heel goed is om daar beter en meer over na te denken, ook als raad. Tegelijkertijd zullen wij wel tegen de amendementen stemmen, omdat de richtlijnen die zijn gebruikt, ook vanuit landelijk, redelijk nieuw zijn. Als het hele verouderde richtlijnen waren, hadden we daar best een eigen keuze in mogen maken, maar in dit geval vinden we het het meest logische om de richtlijn te volgen.
De heer STOOP (Hart voor Delft): Het zijn landelijke richtlijnen, maar wij zitten hier lokale politiek te bedrijven. Is dat hetzelfde? De heer TREFFERS (Volt): Nee, dat is helemaal niet hetzelfde. Het blijft een arbitraire tijd, of het nou twee jaar of vier jaar is. In dit geval kan ik achter twee jaar staan, gezamenlijk met z'n allen, als verstandige richtlijn. 39
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De VOORZITTER: Ik constateer dat de beraadslaging kan worden gesloten en dat we kunnen overgaan tot de stemmingen. In stemming komt het amendement 7.1.A (Ex-collegeleden niet te snel actief bij verbonden partijen) van Hart voor Delft. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. In principe is de gedachte van deze amendementen heel mooi. Het is ook mooi dat we hierover spreken. Ook wij als VVD vinden vier jaar een te lange termijn. Wij vinden twee jaar een goede afkoelingstermijn voordat men met elkaar in zee gaat. Wij willen niet nog meer regels. Daarom zullen wij tegen deze amendementen stemmen. De heer GOMMERS (STIP): Voorzitter. Het probleem dat Hart voor Delft schetst, is niet iets wat momenteel plaatsvindt in Delft. We zijn het ook niet eens met de gedachte dat een oud-collegelid te veel politieke invloed heeft in Delft als die persoon twee jaar later een rol bij een verbonden partij vervult. Daarom zullen wij beide amendementen niet steunen. Het amendement wordt met een digitale stemming verworpen met 5 tegen 30 stemmen, waarbij de fractie van Hart voor Delft ervoor heeft gestemd. In stemming komt het amendement 7.1.B (Ex-collegeleden niet te snel actief bij nieuwe verbonden partijen) van Hart voor Delft.
Het amendement wordt met een digitale stemming verworpen met 5 tegen 30 stemmen, waarbij de fractie Hart voor Delft ervoor heeft gestemd. In stemming komt het voorstel. Het voorstel wordt met een digitale stemming met algemene stemmen aangenomen. De VOORZITTER: Heel mooi; waarvan akte. 87. Raadsvoorstel Een duurzame toekomst voor Westvest 9 en de afdeling Erfgoed (2520251). De VOORZITTER: Er is een motie aangekondigd door STIP. Mevrouw WENTINK (STIP): Voorzitter. Westvest 9 biedt een unieke kans om erfgoed en ondernemerschap samen te brengen in het hart van onze stad. Met de komst van de Afdeling Erfgoed ontstaat een mooie basis voor een levendige en toegankelijke plek voor bewoners, ondernemers, bezoekers en scholen. Tegelijkertijd is er nog veel open in de invulling van de commerciële ruimte. Juist nu kunnen we als raad richting meegeven aan de maatschappelijke meerwaarde die we 40
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
op deze plek willen realiseren. Daarom dient STIP samen met het CDA en Onafhankelijk Delft een motie in die het college vraagt om maatschappelijke meerwaarde mee te nemen als beoordelingscriterium bij de selectie van huurders. Denk aan initiatieven die bijdragen aan erfgoed, educatie, cultuur of sociale cohesie. Daarmee geven we als raad een duidelijke ambitie mee zonder de financiële haalbaarheid van het plan uit het oog te verliezen. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik ben benieuwd hoe mevrouw Wentink ertegen aankijkt als de businesscase of de commerciële verhuur onvoldoende gaat opbrengen om het pand te bekostigen. Ik hoor haar over maatschappelijke meerwaarde als criterium, maar ik ben benieuwd hoe zij dat waardeert ten opzichte van de inkomsten die ook gegenereerd moeten worden, zoals de businesscase nu ook door de wethouder is voorgelegd. Graag een reactie daarop. De heer TREFFERS (Volt): Gefeliciteerd met een prachtige motie, die helemaal in lijn is met hoe je hier volgens ons mee moet omgaan. Een puntje om te muggenziften: u geeft aan de businesscase leidend blijft; mijn ietwat filosofische vraag aan STIP is dan of de businesscase leidend zou moeten zijn of dat de doelen leidend zouden moeten zijn, bijvoorbeeld de maatschappelijke meerwaarde, zodat de businesscase eerder een randvoorwaarde is.
Mevrouw WENTINK (STIP): Ik denk dat ik de vragen tegelijkertijd kan beantwoorden, want eigenlijk gaf de heer Treffers antwoord op de vraag van mevrouw Voogt. Hij vroeg waarom de businesscase leidend is. De invulling en de hele verbouwing van Westvest 9 gaan best wel wat geld kosten. Om het plan financieel haalbaar te houden met de financiën die we nu als gemeente Delft hebben, vinden wij het belangrijk dat die businesscase nu wel leidend is, maar dat bij de selectie van huurders invulling met een maatschappelijke meerwaarde bijvoorbeeld een streepje extra krijgt. Vandaar dat we die keuze hebben gemaakt. Door de fracties van STIP, het CDA en Onafhankelijk Delft wordt motie 7.2.1 (Erfgoed als inspiratie voor ondernemerschap) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 19 juni 2025 ter bespreking van het voorstel van het college aan de raad inzake Een duurzame toekomst voor Westvest 9 en de afdeling Erfgoed (nr. 2520251). Wij stellen vast dat: • • •
de afdeling Erfgoed een belangrijke rol speelt in het behouden en zichtbaar maken van de geschiedenis van Delft; in het voorstel voor de toekomst van Westvest 9, 1.422 m2 wordt gereserveerd voor de huisvesting van Erfgoed en 1.527 m2 voor commerciële doeleinden; er op dit moment nog geen richtlijnen of kaders zijn vastgesteld voor de invulling van de commerciële ruimten. 41
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Wij hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: • • •
•
de huisvesting van de afdeling Erfgoed in Westvest 9 een kans biedt om van dit gemeentelijk pand een levendige, publiek toegankelijke plek te maken voor bewoners, ondernemers, bezoekers en scholen; de centrale ligging samenwerking met partners in de stad en het bereiken van diverse doelgroepen mogelijk maakt, waarmee het actief kan bijdragen aan meer onderlinge ontmoeting en versterking van de samenleving; commerciële functies die aansluiten bij het erfgoedkarakter of zelfstandig bezoekers aantrekken, zoals ateliers, horeca of bedrijven met een historisch concept, kunnen bijdragen aan de maatschappelijke meerwaarde, leefbaarheid en zichtbaarheid van het pand; de businesscase leidend blijft, maar richtinggevende ambities ruimte bieden voor creativiteit en ondernemerschap, zonder de marktwerking onnodig te beperken.
We geven het college de opdracht om: • •
•
bij de uitwerking van de commerciële invulling van Westvest 9 te streven naar functies die de maatschappelijke waarde en publieke functie van het pand versterken, in samenhang met de aanwezigheid van de afdeling Erfgoed; maatschappelijke meerwaarde mee te nemen als beoordelingscriterium bij de selectie van huurders voor Westvest 9, bijvoorbeeld door partijen die bijdragen aan verbinding met erfgoed, educatie, cultuur of sociale cohesie zwaarder te laten meewegen in de beoordeling en deze ambitie, waar financieel mogelijk, ook te hanteren in de communicatie met potentiële partners; de raad uiterlijk in Q1 2026 te informeren over hoe deze maatschappelijke meerwaarde wordt meegenomen in de verdere uitwerking van de huurders,
en gaan verder met de vergadering." Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. We hebben het in de commissie uitgebreid over dit voorstel gehad. Wij als VVD hebben heel erg geworsteld met het voorstel, zoals we in de commissie ook tentoon hebben gespreid. Aan de ene kant gaat het over iets waar wij ontzettend veel waarde aan hechten, namelijk het cultureel erfgoed in deze stad. Geschiedenis, monumentale panden en de identiteit van Delft zitten diep bij ons. Wij zijn trots op Delft. Het inzichtelijk maken van dat wat zichtbaar en tastbaar maakt waar we vandaan komen, vinden wij belangrijk. Maar aan de andere kant spreken we ook onze zorgen uit, want we besluiten vandaag over een miljoeneninvestering met een exploitatie die is gebaseerd op commerciële verhuur. We hebben een variant voorgelegd gekregen waarbij het pand duurzaam wordt verbouwd, waarbij de erfgoedafdeling erin wordt gehuisvest en waarbij een aanzienlijk deel van het pand commercieel verhuurd moet gaan worden. Dat klinkt heel goed, want wij vinden het natuurlijk ook heel belangrijk dat er voldoende 42
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
bedrijfsruimte komt, omdat daar gebrek aan is in de stad. Maar marktinteresse is nog niet volledig aangetoond. De opbrengsten zijn onzeker en de risico's zijn reëel, want wat als die verhuur tegen gaat vallen en er geen marktconforme huurders zijn? Blijven we dan als gemeente met de kosten zitten en moeten we dan alsnog gaan bijpassen in een tijd waarin de gemeente al financieel zwaar onder druk staat? Dit zijn serieuze vragen en wij vinden dat de raad daar helderheid over verdient. Wij vragen de wethouder daarom om hierop te reageren en aan te geven of hij bij toekomstige niet-sluitende of negatieve exploitatie nog steeds ruimte ziet en behoudt voor eventuele verkoop van Westvest 9. Natuurlijk kijkt de VVD ook naar kansen, want die zijn er ook zeker. Wij zijn blij met het voorstel voor de ruimte om commercieel te verhuren, waardoor er bedrijfsruimte bij komt, want Delft heeft al jaren een tekort aan deze bedrijfsruimte, vooral voor kleine ondernemers, creatieve bedrijven en scale-ups, maar met deze verbouwing komen er veel vierkante meters bij. Daar zijn we dus blij mee, want dat draagt bij aan de levendigheid van onze binnenstad en onze economie. Daarnaast biedt het plan een kans om erfgoed van Delft zichtbaar te maken voor onze bewoners en bezoekers.
Door de Afdeling Erfgoed een centrale plek te geven in het monumentale pand maken we samen het verhaal van Delft tastbaar en leefbaar. Dat past bij de liberale visie dat je erfgoed niet in een kelder stopt maar juist op een plek midden in de samenleving. We houden dus zorgen over het financiële plaatje en over de haalbaarheid van de verhuur. We zijn heel benieuwd naar de reactie van de wethouder hierop. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Laat ik beginnen met de vraag van de VVD. Ja, uiteraard kan het pand in de toekomst altijd nog verkocht worden, maar u heeft hier een stuk voorliggen waarin we beargumenteren waarom het op dit moment juist heel verstandig is om het pand zelf te verbouwen, Erfgoed daar te huisvesten en een deel commercieel te verhuren. We hebben daar goed naar gekeken, zoals ik in de commissie heb toegezegd. We hebben twee makelaars gevraagd wat een reële commerciële prijs is. Daarvan hebben we de laagste meegenomen in onze businesscase, waarmee wij ervan overtuigd zijn dat we echt een goed onderbouwd verhaal hebben liggen en de toekomst met vertrouwen tegemoetzien. Mocht de toekomst anders lopen, dan komt er natuurlijk altijd een moment waarop je weer opties tegen het licht houdt, maar op dit moment willen wij vooral een succes maken van een besluit dat de raad straks hopelijk gaat nemen.
Dan de motie van STIP, het CDA en OD, ook in het verlengde van het debat dat we hebben gehad. Het college onderschrijft enorm dat dit een unieke plek is en dat het, als we daar ook commerciële ruimtes gaan verhuren, prachtig zou zijn als dat huurders zijn die echt een grote toegevoegde maatschappelijke waarde hebben. Maar in de commissie heb ik ook gezegd dat elke extra aanscherping en/of belemmering die we onszelf opleggen in wie daar mag huren, ook een financieel effect heeft. U heeft aangegeven dat u dat niet wilt. Omdat wij echt de meerwaarde ervan zien, wil het college toezeggen dat wij eerst goed gaan kijken welk type partijen goed zou kunnen bijdragen aan de maatschappelijke meerwaarde en de 43
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
publieke functie voor dit pand, ook in samenhang met Erfgoed. Wij zouden deze partijen heel graag voorrang geven boven andere partijen, maar uiteraard gegeven het commerciële huurtarief dat minimaal nodig is voor een sluitende businesscase. De VOORZITTER: Er is behoefte aan een tweede termijn. Mevrouw WENTINK (STIP): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor de mooie toezegging. Met deze toezegging hoeven wij de motie niet in stemming te brengen. Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. Dank aan de wethouder voor zijn uitgebreide reactie. Wij zijn blij dat verkoop altijd nog een optie blijft en dat er minimaal een sluitende businesscase moet liggen op basis van de tarieven van de commerciële verhuur. Met dat antwoord kunnen wij voor dit voorstel stemmen, omdat het kansen voor ondernemers biedt en omdat het met Erfgoed Delft versterkt wordt. Als dit goed uitgewerkt wordt, geloven we dat dit van grote meerwaarde voor de stad kan zijn. De VOORZITTER: Verder wil niemand het woord voeren in de tweede termijn. De motie is ingetrokken. De wethouder heeft ook geen behoefte om nog het woord te voeren. Kan ik de beraadslaging dus sluiten? Mevrouw WENTINK (STIP): Ik ben wel benieuwd of de toezegging genoteerd is. De VOORZITTER: Zeker. Alles wat hier gezegd wordt, wordt genoteerd. Dat komt helemaal goed, mevrouw Wentink. Anders krijgt u altijd nog de kans als u de notulen leest.
Het komt dus helemaal goed en wij zijn uw getuigen. Ik sluit de beraadslaging. In stemming komt het voorstel. De VOORZITTER: Ik geef gelegenheid tot het afleggen van stemverklaringen. De heer VAN DER WOERD (ChristenUnie): Voorzitter. Ook de ChristenUnie heeft in de commissie haar zorgen geuit over de financiële huishouding van dit voorstel, maar we hebben ook het antwoord van de wethouder gehoord op de vraag van de VVD. Daar zijn wij nu tevreden mee. We zullen dus voor het voorstel stemmen. De VOORZITTER: Dat is heugelijk nieuws voor de wethouder. Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. Ook Hart voor Delft stemt voor het voorstel. Wij vinden het een goed idee om ons cultureel erfgoed op zo'n mooie prominente plaats in Delft voor iedereen makkelijk toegankelijk te maken. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Een mooie kans om verschillende positieve dingen aan de stad toe te voegen. Al helemaal nu maatschappelijke meerwaarde meer wordt meegewogen, zullen wij ontzettend voorstemmen. De heer HOMBERGEN (PvdA): Voorzitter. Ook wij vinden dit een mooie locatie, historisch en dicht bij het openbaar vervoer. Zeker ook met de toezegging aan de 44
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
hand van de motie van STIP denken we dat dit echt een mooie toevoeging aan de stad zal zijn. Ook wij zullen voorstemmen. Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Voorzitter. Ook wij zullen voor dit voorstel stemmen. Het is een prachtige combinatie van een pand dat we al in eigendom hebben en dat nu een hele mooie bestemming krijgt, waardoor ons erfgoed ook meer in publieke zichtbaarheid toegankelijk wordt. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Voorzitter. Wij hadden de motie mede ingediend, maar wij vinden het fantastisch dat dit een maatschappelijke meerwaarde heeft. Daarnaast: als er ooit iets gebeurt … De huizenprijzen rijzen nog steeds de pan uit. Ik maak me er dus veel zorgen over of we hier verlies op gaan lijden. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. De VOORZITTER: Geweldig! Dank aan de raad voor het gegeven vertrouwen. De Afdeling Erfgoed viert een feestje, want die gaat naar een geweldige plek. Dat gaat daar heel mooi worden. Heel fijn; het is ze van harte gegund. 88. Raadsvoorstel Nota Gladheidsbestrijding Delft 2025-2030 (2511120). De VOORZITTER: Je kunt je hier op dit moment niks bij voorstellen, maar het gaat weer gebeuren; af en toe krijgen wij hiermee te maken. Er is een motie aangekondigd door Volt, mede namens Onafhankelijk Delft, Hart voor Delft en D66. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter.
Wij hebben de Nota Gladheidsbestrijding ontvangen. Die ziet er goed uit en we zetten stappen om het beter te maken. Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat we wat Volt en volgens mij heel veel anderen betreft niet genoeg doen voor voetgangers om die gladheid op te lossen. Het andere slechte nieuws is dat wij volgens mij allemaal niet een zak geld hebben liggen om dit op te lossen. En er zijn ook nog eens heel veel technische problemen. Het laatste goede nieuws is dat de wethouder en het college wel degelijk hun best doen om het zo goed mogelijk te doen binnen de kansen die er nog wel zijn binnen de stad. Tot zover de huidige situatie. In de commissie kwamen we erachter dat er niet met het Toegankelijkheidnetwerk is gepraat om na te denken over de effecten van gladheid op mensen die problemen hebben met mobiliteit. Ik kan me heel goed voorstellen dat juist die mensen onevenredig worden getroffen op het moment dat onze stad glad is. Daarom dienen wij de motie in, die het college vraagt om dat gesprek wél aan te gaan en om in die kleine beetjes die we op dit moment voor de voetganger doen, ook mee te nemen dat er mensen zijn die problemen hebben met mobiliteit, zodat we daar echt iets aan kunnen doen. Ik ga ervan uit dat de wethouder in dat gesprek dingen hoort waarvan hij denkt: misschien moeten we daar een volgende keer rekening mee houden.
Zo worden we lerend elke keer een stukje toegankelijker voor iedereen in de stad.
45
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer VAN DER STEEG (PvdA): Ik heb begrepen dat het Toegankelijkheidsnetwerk gevraagd maar zeker ook ongevraagd advies geeft over zaken die wij hier in de raad bespreken. Daar zijn ze ook heel bedreven in. Heeft u er geen vertrouwen in dat het Toegankelijkheidsnetwerk, als daar aanleiding toe is, daar zelf mee zal komen? De heer TREFFERS (Volt): De slogan is "niks over ons zonder ons". Daar ben ik het heel erg mee eens. Ik heb in de raad heel veel ideeën gehoord, zoals het hoofdvoetnetwerk vrijhouden en de omgeving van supermarkten vrijhouden. Dat staat allemaal niet in de motie. De motie zegt enkel en alleen: ga in gesprek. Als het netwerk zegt dat het hier helemaal geen last van heeft - dat kan ik me eerlijk gezegd niet voorstellen - dan is dat ook een heel mooi signaal. De heer GOMMERS (STIP): In de motie staat "prioritering van aanvullend strooien". Wat is de interpretatie van Volt van "prioritering van aanvullend strooien"? De heer TREFFERS (Volt): Die vraag is ingewikkeld. Ik zal meteen alle onduidelijkheid weghalen. Er wordt op dit moment in principe niet of nauwelijks gestrooid voor voetgangers, behalve bij bushokjes en in het centrum, maar soms gebeurt dat buiten de nota om toch wél. Dat is hartstikke goed.