1. Ontwikkelperspectief Maatschappelijke Voorzieningen
Tekst van het document
‘De Buurtfabriek heeft tot doel het verbeteren van de leefbaarheid, gemeenschapszin en sociale cohesie van de wijk Buitenhof, vanuit de kracht en behoefte van bewoners zelf. Door het creëren van een laagdrempelige plek in de wijk worden bewoners uit Buitenhof samengebracht op het gebied van cultuur, talentontwikkeling, ontmoeting, ondernemerschap, inkomen en taal. In deze samenwerking zullen de verschillende Delftse organisaties verantwoordelijk zijn voor één of meerdere functies van de Buurtfabriek. De Buurtfabriek heeft een brede doelgroep op het oog; in de leeftijd van 5 t/m 99 jaar.’ (uit Kickstart Buurtfabriek 2023) Uit de tot dusver uitgewerkte plannen blijkt dat alle 4 weefplekken onderdeel uitmaken van het concept.
Faciliteren Als laatste de kwalitatieve aspecten voor de opgave Faciliteren. Ook deze opgave geldt voor vrijwel geheel Delft. De kwalitatieve kenmerken (samengesteldheid, spreiding) voor deze accommodaties hangen vooral samen met leeftijden, leefstijlen en type voorziening. Enkele voorbeelden:
37
Voor kinderen wordt een school in de buurt, binnen de meeste leefstijlen gewaardeerd. Echter, binnen sommige leefstijlen (vooral de rode) kiezen ouders soms/vaak bewust voor een bepaald type onderwijs, ongeacht de reisafstand. De samengesteldheid van scholen verschilt ook per leefstijl. Voor sommige leefstijlen (vooral blauw) zijn combinaties gewenst vanuit het oogpunt van gemak. Voor andere leefstijlen is maximale ontplooiing (combinatie met bijvoorbeeld cultuur) relevanter. Sommige voorzieningen worden op buurtniveau gepland (buurthuis, dagopvang senioren, et cetera), terwijl andere voorzieningen een stedelijk of regionaal planningsniveau kennen. Onderstaand het schaalniveau waarop voorzieningen idealiter worden aangeboden. Figuur 12: Schaalniveau enkele maatschappelijke voorzieningen.
In zijn algemeenheid geldt dat vooral inwoners met een groene leefstijl hechten aan voorzieningen in de directe woonomgeving. Voor de andere leefstijlen is dat minder (geel) tot nauwelijks (blauw en rood) relevant.
38
Figuur 13: Schaalniveau enkele maatschappelijke voorzieningen naar leefstijlen.
Vergelijking van vraag en aanbod De behoefte aan maatschappelijke voorzieningen in 2035 is vervolgens door ons vergeleken met het bestaande aanbod. Daaruit zijn de volgende conclusies getrokken:
Capaciteit Het aanbod van scholen voor Primair onderwijs, kinderopvang en buitenschoolse opvang moet worden uitgebreid. Het aanbod van voorzieningen voor eerstelijnszorg (huisarts, tandarts, fysio, apotheek) is ogenschijnlijk ruim voldoende om aan de behoefte te voldoen. De signalen uit de praktijk wijzen echter op een groeiend tekort, vooral voor huisartsen. Het aanbod voor buurthuizen, wijkcentra en ontmoeting is onvoldoende. Op dit moment is dat aanbod al te krap en in 2035 is de vraag/behoefte twee maal zo groot als het aanbod. Er lijkt een tekort te ontstaan aan voorzieningen voor bewegingsonderwijs. Ook lijkt een tekort voor buitensportvoorzieningen te ontstaan. De vraag/behoefte aan culturele voorzieningen is op dit moment al aanmerkelijk groter dan het aanbod. Dit verschil zal de komende jaren verder toenemen.
Kwaliteit De volgende kwalitatieve mismatches springen het meest in het oog: Het aanbod van maatschappelijke voorzieningen in Delft is sterk sectoraal ingedeeld/gepland (scholen voor het onderwijs, wijkcentra voor welzijn en ontmoeting, de sportaccommodaties voor de sport en culturele accommodaties voor cultuur). Het achterblijven van een aanbod van samengestelde accommodaties is problematisch. Zowel de gemeente Delft zelf, als haar maatschappelijke partners willen dat bewegen, cultuur, onderwijs, sport, welzijn en zorg meer samenwerken en komen tot een integrale aanpak. De wijze waarop de accommodaties in deze verschillende sectoren zijn gepland, werkt belemmerend voor deze integrale aanpak.
39
Het aanbod van voorzieningen in Delft is voor sommige voorzieningen op een te groot schaalniveau gepland (wijk of cluster van wijken in plaats van buurt). Vooral in de wijken met een omvangrijke maatschappelijke opgave is een aanbod van ontmoeting, informatie- en hulpverlening op buurtniveau van belang. Vele scholen (vooral Primair onderwijs) in Delft zijn gerealiseerd in de jaren ‘70 en ‘80 van de vorige eeuw en naderen het einde van de technische levensduur. Er ligt een grote opgave voor renovatie en vervangende nieuwbouw. Het bestaande probleem bij de huisvesting van de eerstelijnszorg in het algemeen en huisartsen in het bijzonder zal de komende jaren verder toenemen. Er mag een groeiend tekort worden verwacht van betaalbare voorzieningen, waarin meerdere eerstelijns professionals samen zijn gehuisvest. De wijkaccommodaties in Delft functioneren nog onvoldoende als ‘kloppend hart’ van de wijken. Naast het feit dat de capaciteit beperkt is, zijn deze accommodaties nog onvoldoende toegerust op spontane ontmoeting en laagdrempelige inloop door wijkbewoners. Ook zijn deze accommodaties in sommige wijken te centralistisch (wijkin plaats van buurtniveau) gepland. Voor culturele accommodaties geldt dat de mogelijkheden voor actieve en passieve cultuurparticipatie in de wijken nog beperkt zijn.
Daarbij moet direct worden opgemerkt dat er meerdere initiatieven zijn om dit tekort weg te werken. Voor de stedelijke culturele voorzieningen geldt dat er een tekort is.
40
Bijlage 3: Kosten Team Maatschappelijke Agenda en Voorzieningen. Het team zal bestaan uit strategische adviseurs maatschappelijke voorzieningen en maatschappelijk vastgoed en een data-/kenniswerker. Eén van deze strategische adviseurs zal ook de functie van teamleider op zich kunnen/moeten nemen. In deze paragraaf geven wij een indicatie van de te verwachten kosten voor het team. Ter inleiding daarop nog het volgende: Een deel van de kosten die wij hebben becijferd worden op dit moment ook door de gemeente Delft gemaakt. Bijvoorbeeld een aantal medewerkers van het Team Maatschappelijke Agenda en Voorzieningen zal op dit moment ook binnen de gemeente werkzaam zijn, maar worden ondergebracht bij dit team. Dat zijn vanzelfsprekend geen extra kosten. Wij hebben ook een raming gemaakt van de kosten voor huisvesting, ICT en facilitaire zaken die het team met zich mee zal brengen. Ook dit zijn naar alle waarschijnlijkheid geen extra kosten. De tabel geeft dus uitsluitend zicht op de kosten voor het team, maar niet op de meerkosten ten opzichte van de huidige situatie. Wij hebben de volgende kosten inzichtelijk gemaakt: Personeelskosten (salaris, sociale lasten, pensioen, training en opleiding). Huisvesting, ICT en facilitair. Projectkosten: de kosten die de planvorming (initiatieffase en definitiefase) met zich mee zullen brengen.
Daarbij moet gedacht worden aan kosten voor inhuur van externen (bouwkundige expertise, fiscaal advies, juridisch advies) en interne specialisten. In de volgende tabel is de raming van deze kosten weergegeven. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het team zal elk jaar twee nieuwe projecten starten. De doorlooptijd van de planvorming (initiatieffase, definitiefase en bouwvoorbereidingsfase) bedraagt 2 jaar en 9 maanden. Elke adviseur kan drie projecten leiden (proces- en projectmanagement). De adviseurs zijn ingeschaald in salarisschaal 13, periodiek 8. Die inschaling is gebaseerd op de inschaling van vergelijkbare functionarissen binnen gemeenten met een vergelijkbare omvang. De projectkosten zijn geraamd op € 25.000 per project per jaar.
41
Tabel 6: Raming van de kosten Aantal projecten Start in 2025
2025
2026
2027
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
2
Start in 2026 Start in 2027 Start in 2028
2028
Start in 2029 Totaal
2029
2 2
4
6
6
6
# fte adviseur
0,7
1,3
2,0
2,0
2,0
# fte dataspecialist
0,4
0,4
0,4
0,4
0,4
# fte teamleiding
0,2
0,2
0,2
0,2
0,2
Totaal
1,3
1,9
2,6
2,6
2,6
Personeelskosten
€ 131.000
€ 202.000
€ 274.000
€ 274.000
€ 274.000
Facilitaire kosten
€ 19.000
€ 29.000
€ 39.000
€ 39.000
€ 39.000
Personele inzet
Kosten
Projectkosten Totaal
€ 50.000
€ 100.000
€ 150.000
€ 150.000
€ 150.000
€ 200.000
€ 331.000
€ 463.000
€ 463.000
€ 463.000
42
Bijlage 4: Definities maatschappelijke voorzieningen 1. Onderwijs & Opvang a. Primair onderwijs b. Kinderopvang c. Buitenschoolse opvang 2. Zorg a. Eerstelijnszorg i. Huisarts ii. Fysiotherapie iii. Tandarts iv. Apotheek v. Verloskundige b. GGZ c. Jeugdgezondheidszorg 3. Welzijn a. Wijk- en buurtcentra 4. Sport a. Binnensport i. Gymzalen ii. Sportzalen iii. Sporthallen b. Zwembad c. Buitensport (voetbal, tennis, hockey, korfbal, atletiek, et cetera). 5. Recreatie a. Kinderboerderij b. Volkstuin c. Scouting d. Speeltuinen 6. Cultuur a. Amateurkunst b. Bibliotheek c. Broedplaatsen d. Theater/podia e. Cultuureducatie f. Museum
43