Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase.pdf
Tekst van het document
De activiteiten die mogelijk wordt gemaakt vallen onder categorie 'D 11.2 uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen'. De drempelwaarden van de betreffende categorie worden niet overschreden of zijn niet van toepassing (oppervlakte van 200 ha of meer, 2.000 of meer woningen en bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer). Dit plan maakt immers 'slechts' 64 woningen en 1 woon -werkkavel mogelijk. Ondanks het feit dat de drempelwaarden uit het Besluit - m.e.r. niet worden overschreden moet nog wel een een vormvrije m.e.r.-beoordeling worden uitgevoerd. Uit de vormvrije m.e.r.-beoordeling moet blijken of niet alsnog een m.e.r.-procedure op grond van het Besluit m.e.r. moet worden doorlopen. In het navolgende is de vormvrije m.e.r.-beoordeling behandeld. Voor de voorbereiding van het mer-beoordelingsbesluit, is voor onderhavig plan een aanmeldnotitie opgesteld. Deze notitie is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Uit deze notitie blijkt dat voorliggend plan geen belangrijke nadelige milieugevolgen als gevolg heeft. Deze aanmeldnotitie wordt voorgelegd aan de gemeente. Op basis van deze aanmeldnotitie neemt de gemeente een formeel besluit dat een MER-procedure niet doorlopen hoeft te worden.
4.11.3 Conclusie Gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten is geoordeeld dat er geen belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden. Dit vloeit ook voort uit de beschouwing van de diverse milieuaspecten in dit hoofdstuk. Voor dit bestemmingsplan is dan ook geen m.e.r.-procedure noodzakelijk op grond van het Besluit m.e.r.
58
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Hoofdstuk 5
5.1
T oelichting op de regels
Inleiding
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.
5.2
Opzet van de regels
5.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.
Inleidende regels (begripsbepalingen en wijze van meten); Bestemmingsregels; Algemene regels (o.a. afwijkingsregels); Overgangs- en slotregels.
5.2.2
Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: Begrippen In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. Wijze van meten Dit artikel geeft op een eenduidige manier aan op welke wijze bouwhoogtes, afstanden, dakhellingen en oppervlakten moeten worden gemeten en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden.
59
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
5.2.3
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen De regels zijn onderverdeeld in o.a.: Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bebouwingshoogte, bebouwingspercentage, etc.); Afwijken van de bouwregels: omschrijving van de gevallen waarin het college kan afwijken van de bouwregels; Nadere eisen; in enkele bestemmingen zijn nadere eisen opgenomen, waarbij het college nadere eisen kan stellen aan de situering en verschijningsvorm van bebouwing; Specifieke gebruiksregels: bepalingen wat onder strijdig gebruik wordt aangemerkt; Afwijken van gebruiksregels: omschrijving van de gevallen waarin het college kan afwijken van de gebruiksregels; 5.2.4
Algemene regels
Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: Anti-dubbeltelregel Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage. algemene bouwregels In dit artikel staan regels voor ondergronds bouwen. Algemene gebruiksregels In dit artikel staat beschreven welk gebruik van gronden en bouwwerken in elk geval strijdig zijn met het bestemmingsplan. Algemene afwijkingsregels In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken. Algemene procedure regels Dit artikel beschrijft de te volgen procedure bij het besluit tot nadere eisen. Overige regels In de overige regels zijn voorschriften opgenomen om te voorzien in voldoende parkeergelegenheid. 5.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregels wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
5.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is.
60
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Hieronder volgt een toelichting op de in dit bestemmingsplan voorkomende bestemming. 'Wonen' en 'Woongebied' In de bestemmingsomschrijving is opgenomen dat deze gronden zijn bestemd voor de functie wonen. In de bouwregels wordt onderscheid gemaakt tussen gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Bij gebouwen wordt nader onderscheid gemaakt tussen hoofdgebouwen enerzijds (de woningen) en bijbehorende bouwwerken anderzijds. Onder bijbehorende bouwwerken vallen bijgebouwen en aan- en uitbouwen. Een bijbehorend bouwwerk mag bijvoorbeeld wel worden gebruikt als slaapkamer van het huishouden dat in de woning is gevestigd. Overkappingen zijn hiervan uitgesloten, deze vallen onder de regeling voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De woningen mogen worden gebouwd als vrijstaande of halfvrijstaande woningen. In de bouwregels een specifieke bouwregel opgenomen voor de locatie waar rijwoningen en patiowoningen worden gerealiseerd. Deze bouwregels zijn zo vormgegeven dat het recht doet aan het plangebied en de omgeving. De toegelaten omvang van de bebouwing, afstanden tot de perceelsgrenzen zorgen ervoor dat het woongebied een landelijke, open en groene uitstraling krijgt en geen gevoel van stedelijkheid ontstaat. Kortom de regels zijn de juridische basis voor een goede woonkwaliteit en ruimtelijke kwaliteit.
Bij het wonen is het toegestaan een aan huis verbonden beroep of bedrijf uit te oefenen. De oppervlakte hiervan mag ten hoogste 60 m² bedragen, met dien verstande dat deze oppervlakte de oppervlakte van het hoofdgebouw niet te boven mag gaan. Zo wordt geborgd dat de woonfunctie de hoofdfunctie blijft. In een bijlage bij de regels wordt inzichtelijk gemaakt welke beroepen en/of bedrijven toelaatbaar zijn. 'Tuin' en 'Tuin - Collectief' De bestemming 'Tuin' is gekozen voor de delen die voor de naar aan de naar de openbare weg gekeerde zijde van de uitgeefbare percelen liggen. In de bestemming 'Tuin' mogen geen gebouwen worden gebouwd. Wel zijn voor de voorgevel van het hoofdgebouw gelegen entreepartijen, of erkers toegelaten. Ook zijn binnen de bestemming tuin uitsluiten bouwwerken geen gebouwen zijnde worden gerealiseerd tot maximaal 1 meter hoogte. Concreet wordt hiermee voorkomen dat aan de straatzijde van de woonbebouwing hoge schuttingen worden geplaatst die doorzichten en het ruimtelijke gevoel belemmeren. De bestemming ' Tuin - Collectief' is opgenomen voor het collectieve tuin rondom de patiowoningen. De betreffende tuin dient gezamenlijk in gebruik te worden genomen door de bewoners van de patiowoningen. De regeling sluit aan op de bestemming 'Tuin' zoals hierboven beschreven.
'Groen' De bestemming 'Groen' is van toepassing op de groenvoorzieningen in het plangebied en deze bestemming is gericht op de versterking en de bescherming van groene waarden en groene inrichting van het gebied. De bestemming valt (tezamen met de bestemming 'Verkeer' samen met de begrenzing van het openbaar gebied in de beoogde woonwijk. Dit groen zorgt voor voor een groot deel voor de groene kwaliteiten van het woongebied. Binnen de bestemming 'Groen' mogen geen gebouwen worden gebouwd, uitgezonderd noodzakelijke gebouwen voor de nutsvoorziening en bouwwerken geen gebouwen zijnde. 'Verkeer' De nieuwe wegen binnen het bestemmingsplan is bestemd als 'Verkeer'. Binnen deze bestemming zijn geen gebouwen toegestaan. Wel zijn bouwwerken geen gebouwen zijnde toegestaan die noodzakelijk zijn voor de verkeersfunctie, zoals lichtarmaturen bewegwijzering. 'Bedrijf'
61
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
De bestemming bedrijf is opgenomen voor de meest noordelijke kavel in het plangebied. Dit is een woon-werkkavel. Binnen deze bestemming is een bedrijfsgebouw met bedrijfswoning toegelaten die uitsluitend in combinatie met elkaar mogen worden gebouwd. Binnen de bestemming is alleen bedrijvigheid in de milieu categorie 1 en 2 toegelaten, voor zover opgenomen in de bij het plan behorende Lijst van bedrijfsactiviteiten - Functiemenging. Op deze wijze wordt geborgd dat er alleen bedrijfsactiviteiten mogelijk zijn die in de nabijheid van woningen qua milieuhinder verantwoord is. In de regels is tevens geborgd dat de parkeerbehoefte, zowel voor het woon- als werkgedeelte volledig op het eigen terrein moet plaatsvinden.
62
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
Bij de voorbereiding van een ruimtelijke procedure dient op grond van artikel 3.1.6 lid f van het Besluit ruimtelijke ordening onderzoek plaats te vinden naar de economische uitvoerbaarheid van het plan. Met de inwerkingtreding van de Wro op 1 juli 2008 rust op de gemeente op grond van artikel 6.12 lid 1 van die wet de verplichting tot kostenverhaal bij grondexploitatie. Deze verplichting houdt in dat als de gemeente er bij een ruimtelijke ontwikkeling niet in slaagt met alle particuliere eigenaren in het gebied een overeenkomst te sluiten over grondexploitatie, de gemeente publiekrechtelijk de kosten moet verhalen bij alle eigenaren in het exploitatiegebied waarmee niet is gecontracteerd. Gemaakte kosten (limitatief opgesomd in artikelen 6.2.3 tot en met 6.2.5 van het Bro) zoals plankosten, onderzoekskosten, kosten van inrichting van de openbare ruimte etc. kunnen worden verhaald door middel van een exploitatieplan dat gelijktijdig met het bestemmingsplan moet worden vastgesteld. De toepassing voor het afdwingbare kostenverhaal richt zich op bouwplannen. De definitie van wat onder een bouwplan wordt verstaan is opgenomen in artikel 6.2.1 Bro (o.a. bouw van 1 of meer woningen, bouw van 1 of meer hoofdgebouwen). Het bestemmingsplan voorziet in de ontwikkeling van meerdere woningen. Deze ontwikkeling maakt daarmee een bouwplan mogelijk in de zin van artikel 6.2.1 Bro.
De gemeente heeft met de eigenaar een overeenkomst gesloten over grondexploitatie (een anterieure overeenkomst). Hierin zijn afspraken gemaakt over de betaling van de gemeentelijke kosten. De kosten van grondexploitatie over de in het plan begrepen gronden zijn hiermee anderszins verzekerd. Het maken van een exploitatieplan is om die reden niet nodig.
63
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
64
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Hoofdstuk 7 7.1
Inspraak, overleg en zienswijzen
Vooroverleg
In het kader van het overleg ex art. 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het plan voorgelegd aan de betrokken overlegpartners. De Provincie Drenthe en de VRD hebben aangegeven dat er voldoende rekening is gehouden met hun belangen en te kunnen instemmen met het plan. Het waterschap had vragen over de afvoer van water, die zijn beantwoord. RENDO geeft aan dat er een gasleiding ligt op het perceel, hier moet met graven rekening mee worden gehouden.
7.2
Inspraak
Op 2 juli 2019 is in het kader van het op te stellen stedenbouwkundig plan een (informele) inloopavond gehouden voor omwonenden en belangstellenden. Eenieder heeft hier kennis kunnen nemen van de beoogde plannen. Tijdens deze informatie waren circa 50 aanwezigen. Tijdens deze inloopavond heeft eenieder zich kennisnemen van de beoogde plannen. Vragen, opmerken en/of bedenkingen zijn vervolgens betrokken bij definitieve stedenbouwkundige plan. Het bestemmingsplan wordt niet als voorontwerp ter inzage gelegd.
7.3
Zienswijze procedure
De procedure van het bestemmingsplan zal plaatsvinden volgens de artikelen 3.7 en 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening. Het bestemmingsplan zal in dit kader, voor een periode van zes weken, ter inzage worden gelegd. Gedurende deze zes weken kan een ieder een zienswijze bij de gemeenteraad naar voren brengen.
7.4
Beroep
Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.
65
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
66
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Bijlagen bij de toelichting
67
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Bijlage 1 Stedenbouwkundig plan
68
bestemmingsplan Zuidwolde, deelplan Ekelenberg 2e fase (ontwerp)
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek
70
A k oe s ti sch on d er z o e k B e st em m in g sp l an W o on p ar k E ke l en b e r g te Zu id w old e , gem een te D e W o ld e n
A k oe s ti sch on d er z o e k B e st em m in g sp l an W o on p ar k E ke l en b e r g te Zu id w old e , gem een te D e W o ld e n
Inhoud
Rapport met bijlagen
4 juni 2018 Projectnummer 277.15.51.00.00
Inhoudsopgave 1
Inleiding
3
2
Situatie
4
3
Wet geluidhinder
5
3.1
Wegverkeerslawaai
5
3.1.1
Zones
5
3.1.2
Normstelling en ontheffing
6
3.1.3
Binnenwaarde
7
3.1.4
Dove gevels
7
3.1.5
Aftrek artikel 110 g
7
3.2
Cumulatie
7
4
Rekenmethode
8
5
Uitgangspunten
9
5.1
Fysieke gegevens
9
5.2
Verkeersgegevens
9
6
Berekening en toetsing
10
6.1
Wegverkeerslawaai
10
6.1.1
Berekening geluidscontouren
10
6.1.2
Berekening woningen gelegen binnen de 48 dB geluidscontouren van de
6.1.3 6.2
N48
11
Toetsing wegverkeerslawaai
12
Cumulatie
12
7
Hogere waarden
13
8
Conclusie en samenvatting
15
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
1
Inleiding In opdracht van Woonpark Ekelenberg B.V. heeft BügelHajema Adviseurs b.v. een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar geluidsbelasting op de te realiseren woningen in het kader van het Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg te Zuidwolde, gemeente De Wolden. De Wet geluidhinder beschouwt een woning als een geluidsgevoelig gebouw. Daarom dient er een toetsing plaats te vinden aan de eisen uit de Wet geluidhinder. Een akoestisch onderzoek is op grond van de Wet geluidhinder noodzakelijk wanneer een woning of een geluidgevoelig object gelegen is binnen een door deze wet aangewezen geluidzone. De nieuw te realiseren woningen bevinden zich binnen de geluidzone van de N48, Ommerweg en Slagenweg Doel van het onderzoek is het bepalen van de geluidbelasting op de gevel van en woningen en deze te toetsen aan de Wet geluidhinder. Toetsing van de karakteristieke geluidwering voor het vaststellen van de binnenwaarde van de woningen valt buiten het kader van dit onderzoek. Het akoestisch onderzoek heeft plaatsgevonden overeenkomstig het “Reken- en meetvoorschrift geluid 2012” (RMG 2012). De resultaten van het akoestisch onderzoek zijn opgenomen in de voorliggende rapportage.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
3
2
Situatie Het initiatief heeft betrekking op de locatie gelegen tussen de Ommerweg, Slagenweg en N48 in Zuidwolde in de gemeente De Wolden. Voor deze locatie worden plannen voorbereid waarbij de realisatie van een aantal woningen mogelijk wordt gemaakt. De volgende afbeelding geeft de voorgenomen situering van de te realiseren woningen.
Figuur 1. – Overzicht met woningbouwlocatie (2e fase) in rood weergegeven
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
4
3
Wet geluidhinder In de Wet geluidhinder dient met betrekking tot de geluidbelasting van een (spoor)weg de LAeq over alle perioden van 07.00-19.00 uur, van 19.00-23.00 uur en van 23.00-07.00 uur te worden bepaald. De Lden is de logaritmisch gemiddelde waarde van de berekende geluidbelasting in genoemde dag-, avond- en nachtperiode, waarbij gebruik wordt gemaakt van een ‘energetische’ middeling. Een en ander volgens de formule:
De Wet geluidhinder geeft uitsluitend grenswaarden ten aanzien van de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. De definitie van een gevel luidt: ‘De bouwkundige constructie die een ruimte in een woning of onderwijsgebouw scheidt van de buitenlucht, daaronder begrepen het dak, met uitzondering van een constructie zonder te openen delen en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidbelasting van die constructie en 33 dB’. De berekende geluidsniveaus worden afgerond naar het dichtstbijzijnde gehele getal, waarbij een halve eenheid wordt afgerond naar het dichtstbijzijnde even getal zoals aangegeven in artikel 1.3.1 van het RMG 2012.
3.1
Wegverkeerslawaai
3.1.1 Zones De Wet geluidhinder (Wgh) richt zich wat betreft wegverkeerslawaai op de zogenaamde zoneringsplichtige wegen. In principe zijn alle wegen zoneringsplichtig behalve: -
wegen die deel uitmaken van een woonerf (art. 74.2a);
-
wegen waarvoor een maximumsnelheid van 30 km/uur geldt (art. 74. 2b).
Langs zoneringsplichtige wegen is een geluidszone gelegen waarvan de breedte wordt bepaald door het aantal rijstroken alsmede de ligging in stedelijk of buitenstedelijk gebied conform artikel 74 van de Wet geluidhinder. Indien wordt gebouwd binnen de geluidszone, verplicht de Wet geluidhinder door middel van akoestisch onderzoek aandacht te besteden aan de geluidssituatie. Het stedelijk gebied wordt gedefinieerd als: ‘Het gebied binnen de bebouwde kom, doch, voor de toepassing van hoofdstukken VI (zones langs wegen) en VII (zones langs spoorwegen) voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
5
verkeerstekens 1990, met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg.’
Het buitenstedelijk gebied wordt gedefinieerd als: ‘Het gebied buiten de bebouwde kom alsmede, voor de toepassing van hoofdstukken VI (zones langs wegen) en VII (zones langs spoorwegen) voor zover het betreft een autoweg of autosnelweg als bedoeld in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone langs die autoweg of autosnelweg.’
In onderstaande tabel zijn de zonebreedtes opgenomen. Tabel 1. Zonebreedtes wegverkeer Aard gebied
Aantal rijstroken
Zonebreedte ter weerszijden van de weg
stedelijk
1 of 2
200 m
3 of meer
350 m
1 of 2
250 m
3 of 4
400 m
5 of meer
600 m
buitenstedelijk
De in de nabijheid van het plangebied gelegen Ommerweg en Slagenweg kennen een maximum snelheid van 50 km/uur en zijn gelegen in stedelijk gebied. Deze wegen kennen derhalve een zone van 200 meter. De N48 kent een maximum snelheid van 100 km/uur en is daarmee gelegen in buitenstedelijk gebied. Deze weg kent derhalve een zone van 250 m. De te realiseren geluidsgevoelige bebouwing ligt binnen de zones van genoemde wegen en er dient daarom akoestisch onderzoek plaats te vinden. 3.1.2 Normstelling en ontheffing Behoudens situaties waarbij door Gedeputeerde Staten of Burgemeester en Wethouders een hogere waarde is vastgesteld, geldt voor geluidsgevoelige objecten binnen een zone een ten hoogste toelaatbare waarde van 48 dB als geluidsbelasting op de gevel. Bij het voorbereiden van een plan dat geheel of gedeeltelijk betrekking heeft op grond behorende bij een zone, dienen burgemeester en wethouders een akoestisch onderzoek in te stellen. Indien nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen worden blootgesteld aan een geluidsbelasting hoger dan 48 dB, is het noodzakelijk dat een verzoek tot het mogen toestaan van een hogere waarde wordt ingediend. De maximale ontheffingsgrenswaarde voor nog te realiseren geluidsgevoelige bebouwing gelegen in buitenstedelijk gebied bedraagt 53 dB. In binnenstedelijk gebied bedraagt deze waarde 63 dB.
De locatie is binnenstedelijk gelegen wat betreft de Ommerweg en Slagenweg en buitenstedelijk gelegen wat betreft de N48. Bij een eventuele ontheffing moeten de mogelijkheden tot het treffen van maatregelen worden onderzocht en afgewogen. Bij de afweging van de te treffen maatregelen moet rekening worden gehouden met de noodzaak van een veilige verkeersafwikkeling. Ook moet rekening worden gehouden met de inpasbaarheid van de maatregelen in het landschap en de kosten van de maatregelen. Bo-
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
6
vendien moeten te plaatsen geluidsbeperkende voorzieningen voldoende doelmatig zijn (art. 110a lid 5 Wgh). 3.1.3 Binnenwaarde Indien geen of onvoldoende maatregelen ter beperking van de gevelbelasting (kunnen) worden getroffen, dient het binnenklimaat te worden beschermd. De geluidswering van de uitwendige scheidingsconstructie dient hierop te zijn afgestemd. Voor geluidgevoelige bebouwing is dit geregeld in het Bouwbesluit. De karakteristieke geluidswering van een uitwendige scheidingsconstructie die de scheiding vormt tussen een verblijfsgebied en de buitenlucht moet, ter beperking van geluidshinder in het verblijfsgebied, ten minste gelijk zijn aan het verschil tussen de geluidsbelasting van die uitwendige scheidingsconstructie en 33 dB. 3.1.4 Dove gevels Gevels die geen te openen delen bevatten, zijn niet geluidsgevoelig en worden dove gevels genoemd. Voor dergelijke gevels hoeft geen hogere waarde te worden vastgesteld. Wel moet bij de bouw de geluidwering van de gevels zodanig zijn dat de wettelijke maximale binnenwaarden worden gerespecteerd. 3.1.5 Aftrek artikel 110 g Met het oog op de verwachting dat de geluidsproductie van motorvoertuigen in de toekomst zal afnemen door technische ontwikkelingen en aanscherping van typekeuringen, mag een aftrek worden gehanteerd op de berekende geluidsbelastingen alvorens deze aan de wettelijke grenswaarden worden getoetst (art.
110g Wgh). De aftrek bedraagt: -
Voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of hoger is geldt een aftrek van:
-
-
4 dB voor situaties met een geluidsbelasting van 57 dB zonder aftrek volgens art. 110g Wgh;
-
3 dB voor situaties met een geluidsbelasting van 56 dB zonder aftrek volgens art. 110g Wgh;
-
2 dB voor andere waarden van de geluidsbelasting.
Voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen lager is dan 70 km/uur geldt een aftrek van 5 dB.
Bij toetsing van het binnenniveau van geluidgevoelige bebouwing moet worden gerekend met een gevelbelasting zonder aftrek conform artikel 110g van de Wet geluidhinder.
3.2
Cumulatie
De beoordeling van de geluidssituatie vindt afzonderlijk plaats voor de onderscheidbare zoneringsplichtige wegen. Cumulatie van meerdere geluidsbronnen mag echter niet leiden tot een onaanvaardbare situatie (art 110f Wgh). Het RMG 2012 geeft in hoofdstuk 2 van bijlage 1 aan dat er alleen sprake kan zijn van cumulatie indien de ten hoogste toelaatbare waarde van meerdere bronnen wordt overschreden. Voorgeschreven wordt verder dat moet worden aangegeven op welke wijze rekening is gehouden met samenloop bij de te treffen maatregelen. Hiermee wordt rekening gehouden in die zin dat de cumulatie wordt betrokken bij het beoordelen van de gevelwering van de geluidgevoelige bebouwing.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
7
4
Rekenmethode Akoestisch onderzoek in het kader van de Wet geluidhinder dient plaats te vinden overeenkomstig het RMG 2012, de regeling als bedoeld in artikel 110d en e (Wgh). Bijlage III bij dit voorschrift geeft twee rekenmethoden weer: -
Standaard Rekenmethode I, gebaseerd op een vereenvoudiging van de situatie waarbij de weg bij benadering recht is en de invoergegevens zoals de verkeersintensiteiten en de hoogteverschillen in de weg geen belangrijke variaties vertonen.
-
Standaard Rekenmethode II, bedoeld voor de meer complexe situaties die niet voldoen aan de randvoorwaarden voor de Standaard Rekenmethode I.
De onderhavige situatie is te complex om met rekenmethode I te kunnen berekenen. Dit maakt het gebruik van Standaard Rekenmethode II noodzakelijk. Voor het uitvoeren van de methode II berekeningen van het wegverkeer is gebruik gemaakt van het computerprogramma Winhavik versie 8.51. Hiertoe is de situatie gedigitaliseerd. In het invoermodel worden rijlijnen ingebracht, reflecterende bodemgebieden, hoogtelijnen, gebouwen en eventueel schermen. De rijstroken zelf, de zijwegen, waterpartijen en andere verharde oppervlakken zijn beschouwd als reflecterende bodemgebieden, de overige gebieden als absorberend. Bij de berekeningen zijn verder de volgende uitgangspunten en rekenparameters gehanteerd: − aantal reflecties:
maximaal 1 stuks;
− openingshoek:
2 graden;
− bodemfactor:
0 (harde bodem), vervolgens zijn alle bodemoppervlakten in het rekenmodel geïmporteerd en voorzien van een bodemfactor.
De aftrek op grond van artikel 110g Wgh en het Europees bronbeleid op de berekende geluidsbelasting is in het rekenmodel verdisconteerd in de groepsreductie. Op de gevel van de betreffende geluidgevoelige bebouwing liggen de waarneempunten op verschillende hoogten afhankelijk van de hoogte van het betreffende gebouw en of het een geluidsgevoelige functie betreft (1,8 en 4,5 boven maaiveld. De invoergegevens van het opgestelde Standaard Rekenmethode II rekenmodel, alsmede de grafische weergaven daarvan zijn als bijlagen bij dit onderzoek toegevoegd. De rekenresultaten worden besproken in hoofdstuk 6.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
8
5
Uitgangspunten 5.1
Fysieke gegevens
Ten behoeve van het onderhavige onderzoek is gebruik gemaakt van door de opdrachtgever verstrekte ondergronden. De overige ten behoeve van de modellering benodigde gegevens met betrekking tot terreingesteldheid en gebouwen zijn met behulp van Google Streetview geïnventariseerd dan wel door opdrachtgever aangeleverd.
5.2
Verkeersgegevens
De wet- en regelgeving rond spoorwegen en rijkswegen is in 2012 gewijzigd met de komst van Swung I (Wet milieubeheer hoofdstuk 11 Geluid). Als gevolg hiervan is een geluidregister opgesteld. In dit register zijn onder andere de brongegevens van rijkswegen opgenomen. Bij het uitvoeren van akoestische berekeningen dienen deze brongegevens gebruikt te worden. Het register geeft aan dat bij akoestisch onderzoek wat betreft de N48 rekening moet worden gehouden met de volgende (verkeers-)gegevens. Tabel 2. Verkeersgegevens N48 etm.
object
intensiteit
id
7334
14861
8571
9995
rijstrook links
wegdek dab
rechts
dab
periode
uurintensiteit
uurintensiteit
uurintensiteit
lichte mvt
middelzw. mvt
zw. mvt
dag
410
194
60
avond
40
13
4
nacht
39
17
7
dag
470
222
81
avond
43
12
10
nacht
46
19
16
Wat betreft de Slagendijk en Ommerweg is gebruik gemaakt van de gegevens van de gemeente De Wolden. De verwachting is dat deze wegen in 2029 een verkeersintensiteit kennen van respectievelijk 3.016 en 4.643 mvt/etmaal (weekdaggemiddelde). De verkeersgegevens zijn opgenomen in onderstaande tabel. In de berekeningen is er verder rekening gehouden met dicht asfaltbeton (referentiewegdek). Tabel 3. Verkeersgegevens Slagenweg en Ommerweg Verkeersintensiteiten weg Slagenweg
Ommerweg
wegdek ref. wegdek
ref. wegdek
verkeersintensiteit
max. snel
2012
2029
heid
2646
3.016
50 km/u
4.073
4.643
50 km/u
periode
uur
% verdeling
%
lv
mv
zv
dag
6.8
90
8
2
avond
2.4
nacht
1.1
dag
6.8
90
8
2
avond
2.4
nacht
1.1
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
9
6
Berekening en toetsing 6.1
Wegverkeerslawaai
6.1.1 Berekening geluidscontouren De berekende geluidsbelasting ter hoogte van het plangebied is weergegeven in bijlage 1 en in onderstaande afbeelding in de vorm van de 48 en 53 dB geluidscontouren. Deze geluidscontouren zijn inclusief de aftrek op grond van artikel 110g Wgh.
Figuur 2. 48 en 53 dB geluidscontouren N48
Figuur 3. 48 en 53 dB geluidscontouren Ommerweg/Slagendijk
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
10
Uit deze berekening blijkt dat een aantal woningen binnen de 48 dB geluidscontour worden gesitueerd van de N48. De woningen liggen buiten de 6.1.2 Berekening woningen gelegen binnen de 48 dB geluidscontouren van de N48 e
De berekende geluidsbelasting op de gevels van de woningbouwlocatie (2 fase) gelegen binnen de 48 dB geluidscontour van de N48 is weergegeven in bijlage 1 en in onderstaande afbeelding en tabel. De geluidsbelastingen in de onderstaande tabel zijn inclusief de aftrek op grond van artikel 110g Wgh van 2 dB. De in rood aangegeven geluidsbelastingen overschrijden de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB.
Figuur 4. Waarneempunten Tabel 4. Geluidsbelasting woningen in dB per waarneempunt per bouwlaag incl. aftrek o.g.v. art. 110g Wgh Woning Deel woningbouwlocatie binnen 48 dB geluidscontour N48
Waarneempunt
bouwlaag 1
bouwlaag 2
1
--
--
2
46 dB
47 dB
3
47 dB
47 dB
4
50 dB
51 dB
5
50 dB
50 dB
6
49 dB
50 dB
7
49 dB
50 dB
8
45 dB
45 dB
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
11
6.1.3 Toetsing wegverkeerslawaai De woningbouwlocatie voldoet niet geheel aan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting van 48 dB. Het betreft hier de woningen die het meest nabij N48 worden gerealiseerd. De overschrijding van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting bedraagt maximaal 3 dB vanwege deze weg. De maximale ontheffingswaarde van 53 dB wordt echter niet overschreden. De gemeente De Wolden zou kunnen overgaan tot het verlenen van hogere grenswaarden voor wegverkeerslawaai voor deze woningenbouwlocatie wat betreft de N48, waarbij 51 dB als hogere waarde worden vastgelegd.
6.2
Cumulatie
Er is alleen sprake van cumulatie indien de ten hoogste toelaatbare waarde van meerdere bronnen wordt overschreden, zoals genoemd in paragraaf 3.2. In het projectgebied is weliswaar sprake van twee bronnen. Echter, omdat de overschrijdingen op gevel veroorzaakt wordt door een bron (N48) is in dit geval geen cumulatie aan de orde.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
12
7
Hogere waarden De geluidsbelasting van de woningbouwlocatie binnen de 48 dB geluidscontour van de N48 is hoger dan ten hoogste toelaatbare gevelbelasting. De gemeente kan in een dergelijke situatie een hogere waarde tot ten hoogste 53 dB vaststellen. Deze waarde wordt niet overschreden. Conform het beleid van de gemeente kan er pas een hogere waarde worden verleend als voldaan wordt aan de hoofdcriteria uit het Besluit geluidhinder. De in dit Besluit gestelde voorwaarden hebben betrekking op het onvoldoende doeltreffend zijn van de mogelijke bron- en overdrachtsmaatregelen, dan wel op het ontmoeten van overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard. In eerste instantie is gekeken naar maatregelen aan en om de weg en daarna aan het betreffende pand. Daarbij is gedacht aan het volgende. -
Bronmaatregelen Het toepassen van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de te verwachten geluidsbelasting aan de bron door het verleggen van verkeersstromen behoort niet tot de mogelijkheden. De N48 maakt deel uit van het landelijk wegennet. Gelet op het feit dat het hier om een beperkt aantal woningen gaat is het niet reëel om op het betreffende wegvak een verhardingstype toe te passen met een geluid reducerend effect.
-
Vergroting afstand bron-waarneempunt Vergroting van deze afstand is om financiële redenen niet mogelijk. Inkrimping van het woningaantal om zo een grotere afstand tot de betreffende wegen te realiseren is financieel niet haalbaar.
-
Maatregelen in het overgangsgebied Het oprichten van schermen en/of wallen voor incidentele geluidsgevoelige gebouwen is om stedenbouwkundige redenen en fysiek niet haalbaar.
Samengevat kan worden gesteld dat maatregelen aan de weg of in het overdrachtsgebied niet mogelijk zijn. -
Maatregelen aan de gevel De overschrijding van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting bedraagt maximaal 3 dB. Omdat maatregelen aan de weg of tussen de weg en de woningen niet mogelijk zijn zullen in de te realiseren woningen, indien noodzakelijk, zodanige gevelmaterialen worden toegepast dat de wettelijke binnenwaarde van 33 dB bij gesloten deuren en ramen niet wordt overschreden. In het traject waarin de omgevingsvergunning voor het bouwen van de betreffende gebouwen wordt voorbereid, dient de aard en mate van isolatie van de gevels te worden bepaald. Bij toetsing van het binnenniveau van geluidgevoelige bebouwing moet worden gerekend met een gecumuleerde gevelbelasting (indien nodig) en zonder aftrek conform artikel 110g van de Wet geluidhinder. Onderstaand is in de tabel aangegeven aan welke geluidwering de betreffende gevels dienen te voldoen.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
13
Tabel 5. Benodigde geluidwering per gevel in dB Waarneempunt 4 1)
wettelijke binnenwaarde 33 dB
1e bouwlaag
2e bouwlaag
geluidsbelasting1)
wering
geluidsbelasting1)
wering
55 dB
22 dB
56 dB
23 dB
Geluidsbelasting exclusief aftrek op grond van artikel 110g Wet geluidhinder
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
14
8
Conclusie en samenvatting In dit rapport is een akoestisch onderzoek gerapporteerd met betrekking tot de geluidsbelasting vanwege wegverkeerslawaai afkomstig van de Ommerweg, Slagenweg en N48 op de gevels van de te realiseren woningen in het kader van het Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg te Zuidwolde, gemeente De Wolden. Uit het onderzoek blijkt dat een deel van de woningbouwlocatie niet voldoet aan de wettelijke eisen wat betreft het wegverkeerslawaai. De overschrijding van de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting bedraagt maximaal 3 dB vanwege de N48. Om de betreffende woningen mogelijk te maken dient het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente De Wolden hogere waarden te verlenen. Gemotiveerd is waarom maatregelen aan de bron of in het overdrachtsgebied niet mogelijk zijn. Daarbij is getoetst aan de landelijke wetgeving. Mogelijk zijn voor het verlenen van een hogere waarde wel aanvullende geluidsisolerende maatregelen aan de betreffende gevels van de geluidgevoelige bebouwing nodig, teneinde te voldoen aan de maximale binnenwaarde van 33 dB. Dit onderzoek dient bij de indiening van het bouwplan mede aangeleverd te worden.
Akoestisch onderzoek Bestemmingsplan Woonpark Ekelenberg - 4 juni 2018
15
Bijlagen
BIJLAGE 1 - WEGVERKEERSLAWAAI
Opbouw model
Geluidsbelasting per waarneempunt vanwege de N48
Invoergegevens en rekenresultaten