Transcript gemeenteraad 31 maart 2022
Tekst van het document
Bovendien willen we de lijst van verplichte participatie in lijn brengen met de voorgestelde wijzigingen in het amendement voor het bindend advies zojuist genoemd bij 7b. De fracties CDA en de VVD dienen daarom het volgende amendement in bij agendapunt 7c: verplichte participatie onder de omgevingswet, punt twee van de lijst, wederom het oprichten of veranderen van een antenne-installatie
hoger dan veertig meter ook hier te veranderen in het oprichten of veranderen van bouwwerken die de hoogte van het omgevings- of bestemmingsplan te boven gaan; bij punt vijf van de lijst het bindend adviesrecht ook te laten gelden voor alle bedrijfsmatige activiteiten buiten het bedrijventerrein en ook daar de uitzonderingen te schrappen. Dit was onze bijdrage. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw De Boer. Ik ga over naar de heer Turksma. De heer Turksma: Ja, dank u wel voorzitter. Het was geloof ik op verzoek van de Partij van de Arbeid-fractie gesteund door D66, ChristenUnie en GroenLinks dat de heer Hulst die zijn nieuwe capaciteiten heeft kunnen tentoonspreiden op het gebied van omgevingsrecht, want wij hebben dat de vorige keer van de agenda gehaald niet omdat dat de zaak minder complex maakt, want dat blijft het gewoon, maar omdat wij het zo vlak voor de verkiezingen zuiverder vonden om dat gewoon aan een nieuwe raad over te laten, puur en alleen vanuit de grond dat je als raad, als je tenminste goedkeurt, behoorlijke onderdelen delegeert aan het college en we weten allemaal dat de raad in ieder geval iets veranderd is, maar naar ik mij gisteren heb laten vertellen en er tot grote schrik achter kwam misschien het college ook wel.
Dus aan wie delegeer je dan wat en hoe doe je dat? Dus vandaar even als voorstukje op hoe we uiteindelijk tot deze situatie zijn gekomen. En nogmaals, de heer Hulst, gefeliciteerd met uw kwaliteit op dat gebied. Dat het een hele ingewikkelde constellatie van wetgeving is, dat is inmiddels wel duidelijk, want het is niet voor niets al vele keren uitgesteld en de heer Haar is nogal optimistisch dat het er dit keer en volgend jaar er wel van komt. Ik heb eens in vele berichten gelezen van de diverse deskundigen dat het er a zeer waarschijnlijk ook dan nog niet komt. Dat heeft dan vooral problemen met de technologie die erachter zit, maar dat ook de doelstelling van zoveel wetten terugbrengen tot een aantal inmiddels ook alweer door deskundigen werd achterhaald en wat heb je er dan mee bereikt? Maar goed, dat zijn allemaal dingen daar gaan wij hier niet over. Wij gaan erover hoe wij ons voorbereiden op die nieuwe omgevingswet die dan ooit wellicht een keer gaat komen en zo werkt dat dan. Dan is het ook goed om die drie onderdelen zeg maar in een keer te behandelen omdat ze zo ontzettend veel met elkaar te maken hebben. Laten we dan vooral de hoofdpunten in het oog houden. De heer Haar heeft daar terecht op gewezen.
Het gaat er natuurlijk ook om om zaken sneller te gaan realiseren en het college voert uit en de raad controleert en als je daarmee op hoofdlijnen ervoor kan zorgen dat je een aantal zaken die gewoon lopen, die het gebeuren passen bij wat we ooit wel eens een keer hebben afgesproken, dan heeft het ook geen enkele zin om dat nog door de raad te laten gaan, al was het maar dat het dan een maand langer duurt als het er niet meer zijn dan een. Dus dat zijn allemaal aspecten die wat de Partij van de Arbeid betreft gewoon door ons worden onderschreven en hoe moeilijk ik het soms ook vind, heb ik er geen moeite mee om inderdaad op een passende manier zaken te delegeren aan het college, vooral niet als dat een college wordt waar ik inmiddels van droom. Maar goed, dat geheel terzijde, dat betekent wel dat je moet kijken of je daarmee de goede dingen aan het doen bent. Dan hebben we toch wel wat moeite met een aantal invullingen vooral als het gaat om punt b en c waarbij we ons ook weer kunnen realiseren dat als het inspraaktraject, participatietraject moet ik zeggen, natuurlijk in de praktijk uitstekend gaat werken. Dan heb je op traject b ook weer veel minder gedoe.
Aan de andere kant zou ik het heel vervelend vinden als op enig moment er toch gedoe is en wij daar als raad mee geconfronteerd worden en we vervolgens niet meer de middelen hebben om daar afdoende richting het college actie op te ondernemen en dat betekent dus allemaal dat zeker ook die proeftijd van twee jaar wanneer die wet dan eindelijk eens een keer doorgaat ook een goede is om dan te kijken van: hebben we nou de goede dingen gedelegeerd en de goede zaken afgesproken of moeten we daar toch wellicht nog weer een aanpassing op plegen? Maar ik ben ook van mening dat we dat wellicht in een eerder stadium al hadden kunnen oefenen en de heer Haar merkte terecht weer op, wij hadden daar ook weer afspraken over gemaakt, maar die zijn we met zijn allen blijkbaar vergeten, ik ook, dus wij hebben dat niet gedaan. En ik zou het college willen voorstellen om wellicht nog dit jaar de raad mee te nemen en in misschien een aantal cases die volgens
de structuur die wellicht straks wordt afgesproken te kijken waar dat nou allemaal mee te maken heeft, hoe het in elkaar grijpt en waar we wellicht wrijvingspunten zien of knelpunten waarvan je zegt: hee, dat hadden we ons zo niet bedacht, maar hier lopen dan toch dingen niet helemaal lekker op elkaar in en dan zou je dat wellicht nog eerder dan dat de wet uiteindelijk wordt ingevoerd kunnen herstellen. Het blijft natuurlijk altijd een open document waarbij de raad in samenspraak met het college kan voorstellen om eerder ingenomen standpunten naarmate je merkt dat dat het dan toch niet helemaal werkt wat je uiteindelijk had willen bereiken om dat dan aan te passen. Zo zitten we er op dit moment ook in, dus ik hoor heel graag van het college of zij bereid is om ons als raad nog dit jaar in een aantal … We mogen weer gezellig bij elkaar zitten, dus in een aantal cases door te akkeren van: hoe gaat het nou in zijn werk als dit straks ook de delegatie en de lijst is van wat allemaal insluiten en uitsluiten. Ik wil daarbij ook aangeven dat aanpassingen die je zou willen doorvoeren, en ik wilde eigenlijk pas in de tweede termijn ingaan op de amendementen van CDA en VVD, je ook heel goed moet opletten wat dat dan weer voor effect heeft in die hele constellatie van op elkaar inwerkende zaken.
Het is denk ik net wat ingewikkelder dan dat je zegt van: nou, als je in b zegt dat de antennes moeten worden woningen dan moet je dat in c ook aanpassen. Zonder badinerend te doen, maar daar zitten volgens mij nog wel wat meer voetangels en klemmen achter. Daarnaast moet je zorgen, en dat speelt sowieso ook in de opstelling die er nu al ligt, dat je ook goed moet kijken dat de lijsten die je maakt ook juridisch duidbaar zijn en grootschalige evenementen of grote bedrijventerreinen om maar eens wat te noemen of activiteiten, dat zijn geen kwantificeerbare elementen. Daar ga je als gemeente als je een tegenstander tegenkomt die dat allemaal gaat uitpluizen, ga je het daar niet mee redden, dus dat is geen verwijt, maar dat is meer een constatering van: let daar nou op, want het is wel uiteindelijk de invulling van een wet die op enig moment wordt ingevoerd. Dus wat onze fractie betreft, graag even een reactie van het college over die noem het maar even de oefenwedstrijd die moet spelen of willen spelen wat mijn fractie betreft en dan wil ik graag in tweede instantie terugkomen op de amendementen en dan zal ik ook verder het standpunt van de Partij van de Arbeid verwoorden. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Turksma. Dan ga ik naar de heer Den Hollander.
De heer Den Hollander: Dank voorzitter en ook voor mij is het mijn eerste bijdrage aan een officiële reguliere raadsvergadering, dus ik zal ook mijn wagen aan een korte introductie van mijzelf. Ik ben woonachtig in het prachtige Ruinerwold, getrouwd met een Ruinerwoldse, dus na een soort periode van verstandsverbijstering van tien jaar in Amersfoort tot bekering gekomen en naar Ruinerwold terug verhuisd voor mijn vrouw. Daar nog geen seconde spijt van gehad. Sterker nog, daar zijn we heel blij mee. Vader van drie jonge kinderen in de leeftijd van vier, zes en negen. In het dagelijks leven in mijn nevenfunctie begrijp ik werkzaam als productmanager in de IT en nee, u kan mij niet bellen met problemen met uw iPad. Ik ben toen we in Ruinerwold zijn komen wonen betrokken geraakt in het bestuur bij de provinciale fractie van de ChristenUnie en daar heel snel tot de conclusie gekomen dat onder andere waarom we naar Ruinerwold verhuisd waren het beter bij mij paste om lokaal dichterbij huis om voor mijn eigen kern mee te praten, betrokken te zijn en vandaar betrokken geraakt bij de lokale fractie en verhip op nummer een terechtgekomen en verkozen in de raad. Daar ben ik heel dankbaar voor en ik zie uit naar de komende vier jaar om daar op die manier een constructieve bijdrage aan te mogen leveren. Dan op de inhoud, er is natuurlijk al een hoop over gezegd.
Ook ik denk dat het een complex puzzelstuk is waar voor zover wij kunnen inschatten een praktisch en realistisch voorstel op ligt in drie subpunten. Volgens mij wordt dit een enorm interessante uitdaging in het zoeken naar een nieuwe balans tussen aan de ene kant slagvaardigheid en snelheid en aan de andere kant zorgvuldigheid. Ik denk ook dat het een interessante fase wordt om te ontdekken of die participatie of zelfredzaamheid of eigen initiatief of die daadwerkelijk gaat leiden tot bijvoorbeeld versnelling, want ik weet, ik ben er nog niet zo overtuigd persoonlijk dat dat altijd het geval gaat zijn. Maar ook door vorige sprekers is al aangegeven, ik denk
dat uit het voorstel, ook het voorstel om over twee jaar te evalueren, ook dat dat realisme in het collegevoorstel naar voren komt, dus daar zijn wij tevreden over. Ja, goed, mocht het ons gegeven zijn in onze raadstermijn van de komende vier jaar de invoering van de omgevingswet mee te gaan maken, wie weet, ik denk dat het een interessante reis wordt en zie ik ernaar uit om dat handen en voeten te geven en om over twee jaar dan te gaan evalueren. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Den Hollander. Dan ga ik naar mevrouw Kippers. Mevrouw Kippers-van Lint: Dank u wel voorzitter. Nou, dat begin ik ook even op dezelfde manier. Het is ook mijn eerste bijdrage bij een reguliere raadsvergadering. Ik ben Eline Kippers-van Lint, zo ook meteen lijsttrekker van GroenLinks geworden. Ik woon hier al bijna tien jaar in Drogeropslagen in De Wolden met heel veel plezier en ik heb ook een man en twee kinderen in dezelfde tijd leeftijd. Mijn oudste is negen en mijn jongste is drie. En met heel veel plezier nu dus weer een nieuw avontuur aangegaan naast mijn werk als docent kunst en ook mijn eigen bedrijf die de kunsteducatie in het primair onderwijs wil bevorderen. Nou, dat over mijzelf. Dan kom ik terug tot dit punt. Eigenlijk zijn al heel veel woorden uit mijn mond gehaald door mijn collega tegenover mij.
Wij kunnen aansluiten bij de PvdA in die zin dat we vinden het heel erg goed dat het ook geëvalueerd wordt, want in principe is het zo om de cirkel weer rond te maken, wij zijn begonnen met een toekomstvisie, daar komt een programma uit. Dan weten we ook hoe het zit met de vergunningen die daarna ook weer kunnen geëvalueerd worden of dat de juiste methode is en zo heb ik de cirkel weer rond. We zitten nu vooral bij het stukje uitvoering en de cirkel staat ook heel mooi in de toekomstvisie zelf ook aangegeven. Wij vroegen alleen ons wel af in hoeverre zijn die kaders in dit programma al duidelijk om dat als uitgangspunt te gebruiken voor dit lijstje wat nu aan ons gepresenteerd wordt om daar dus het college mee aan het werk te zetten? Dan ook aansluitend wat ook eerder is gezegd, het is een heel mooi proces om ook samen te bekijken: wat werkt en wat werkt niet? Dan is twee jaar misschien ook wel te laat. Dan zou het mooi zijn als je al eerder kunt evalueren en dan ook als de raad betrokken kunnen zijn bij het proces. Natuurlijk willen we ook snelheid, maar we willen ook die zorgvuldigheid. Oefenen kan echt geen kwaad. Dat lijkt ons juist een heel goed plan om dat te gaan doen.
Wij vragen ons alleen wel af in hoeverre testen al mogelijk is ook zeker met ketenpartners binnen de DSO-omgeving, want ook de systemen moeten natuurlijk er klaar voor zijn en dan is het ook heel mooi om ermee te oefenen. Ook vroegen wij ons af, we hebben het al over participatie gehad en dan met name de inwoners, in welke mate is er ook sprake van participatie met bijvoorbeeld de andere gemeentes aan onze gemeentegrenzen, maar ook anderen die met de omgevingswet van doen hebben? Want het lijkt ons mooi dat je dat meteen kunt meenemen en op elkaar kunt afstemmen juist om eventuele problemen vroegtijdig te kunnen tackelen. Dan heb je ook een veel duidelijker programma naar ons idee en het voordeel daarvan is ook dat je taken kunt verdelen zodat de kaders ook sneller gevormd kunnen worden zodat je inderdaad naar de volgende stap kan. Dus wij zijn heel positief over het proces. We hebben alleen onze vraagtekens in hoeverre het al verstandig is om een lijst meteen zo definitief vast te stellen en het college ermee aan het werk te zetten, want misschien is dat juist een mooie kans om als raad daarin juist in die beginfase nog heel veel bij betrokken te zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Kippers. Dan ga ik naar de heer Jansen. De heer Jansen: Ja, dank u wel voorzitter. Opnieuw staan er, ik heb hem even aangepast, de drie onderwerpen omgevingswet op de agenda.
Persoonlijk denk ik, en zo voel ik dat zelf ook wel een beetje, dat een raadslid het in zijn natuur heeft om niks uit handen te willen geven. Hoezo mag het college bij een woningbouwproject van negentien woningen of minder voortaan aan de raad voorbijgaan? Voorzitter, loslaten en vertrouwen. Wethouder Hempen was op 17 februari jongstleden enigszins teleurgesteld, maar ik begrijp de actie van de
raad wel een beetje. In alle voorgaande sessies en bijeenkomsten en informatie rondom de omgevingswet, die eigenlijk allemaal een abstract karakter kende, kwam er op 17 februari jongstleden ineens een helder en concreet voorstel over delegatie, adviesrecht en participatie. Dat is eng natuurlijk. Met de toezegging van de wethouder toen kan ik wel leven, over een vast te stellen periode de zaak eens tegen het licht te houden. Hoeveel gevallen? Hoe is het een en ander verlopen? Zijn er bezwaren gerezen? Hebben wij als raad onze taak goed uit kunnen voeren? Enzovoort, enzovoort. De genoemde periode van twee jaar vinden we prima, voorzitter, maar dan wel gerekend vanaf vandaag. Wie weet, en het is misschien wat negatief gedacht, kan het nog wel, dan haal ik even de woorden van mijnheer Haar aan, twee jaar duren voordat de omgevingswet wordt ingevoerd. De wethouder wilde dat de organisatie er direct mee aan de slag kon. Welnu, dat is een van de afspraken. Evaluatie van twee jaar na vandaag is onzes inziens heel legitiem. Ofschoon het vanavond te nemen besluit enigszins vreemd is, we monteren aan een nog niet gevormd college, is de fractie van Gemeentebelangen toch akkoord met het voorstel.
We hebben geen zin om hier en nu te gaan discussiëren over windturbines hoger of lager dan vijftien meter, bouwprojecten van meer of minder dan twintig woningen dan wel over hoogtes van antennes of andere installaties. We zullen ook tegen de amendementen van VVD en CDA stemmen met als extra aantekening dat een bindend adviesrecht voor alle bedrijfsmatige activiteiten veel onnodige en extra vertraging gaat opleveren. Immers, alles moet via de raad en wel binnen acht weken. Onze ondernemers en ook denk ik de toekomstige ondernemers gaan hier zeker niet gelukkig van worden. Voorzitter, loslaten en vertrouwen. Aan de slag ermee. De voorzitter: De heer Turksma, u heeft een interruptie op de heer Jansen. De heer Turksma: Nou, eigenlijk meer een vraag aan de heer Jansen. U zegt twee jaar om daarna te evalueren starten vandaag, maar ik moet u er wel op wijzen dat je kunt pas evalueren als je aan de gang gaat met die nieuwe omgevingswet en die nieuwe omgevingswet die gaat in op zijn vroegst in 2023 en de heer Haar en ik hebben er nog geen flesje wijn opgezet, maar dat gaan we nog doen wat mij betreft, want dat kan nog wel langer duren.
Ik snap dat we daar nu een besluit over willen gaan nemen zodat je daar zeg maar alles op kunt voorbereiden, maar de echte evaluatie moet uit de praktijk blijken, dus ik neem aan dat u bedoelt vanaf het moment dat de nieuwe omgevingswet actief is en je dus ook ervaring gaat opdoen met die nieuwe constellatie dat je dan na twee jaar gaat zeggen van: we halen het net op en we gaan kijken wat we een beetje kunnen doen. De voorzitter: Mijnheer Jansen. De heer Jansen: Ja, ik denk dat we er toch een beetje anders instaan. Wij willen vanaf nu zeg maar eventjes kijken, want u had het net al over een aantal cases en dergelijke en misschien kan je daar ook al wat uit evalueren dat je denkt van: ja, doe het goed of doe het minder goed. Volgens mij hebben we dat in het verleden zelf ook wel eens een keer besproken, dus wat dat betreft eigenlijk vanaf nu en dan direct gaan kijken van: hoe gaat het lopen? De voorzitter: Dank u wel mijnheer Jansen. Ik stel voor dat we eerst gaan naar beantwoording van het college. Wethouder Hempen. Mevrouw Hempen-Prent: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, de omgevingswet, we hebben er lang op gewacht. We dachten: hij kwam en toen kwam hij toch niet. Maar het is ingewikkeld. Het is een complex puzzelstuk dat Corné, of de ChristenUnie, net al zei.
Het is de grootste wetswijziging namelijk sinds de grondwet, dus het is niet niets en dit zijn gewoon de eerste besluiten die genomen moeten worden en dan kijk ik even naar GroenLinks van: we moeten nu deze besluiten nemen, want hierna volgen nog heel veel andere besluiten, dus
dit is gewoon de start hiervan. Ik ga eventjes op de aparte punten in. Het delegatiebesluit, volgens mij waren daar niet zo veel opmerkingen op en het is eigenlijk ook heel technisch. Dat zijn technische dingen, technische wijzigingen waarvan eigenlijk wordt gezegd van: delegeer dat aan het college als dat ook nog allemaal naar de raad moet. Nou, dan komt er nog wat bij qua werkzaamheden. De tweede was het bindend adviesrecht. Eigenlijk is dat iets wat we op dit moment ook al hebben, dat is de verklaring van geen bedenkingen. Ik heb eventjes gekeken van hoe dat dan nu werkt, want we hebben nu een lijst en een lijst waar je geen verklaring of geen bedenkingen hoeft te vragen en nu krijgen we een lijst waar je wel dat bindend adviesrecht op moet vragen, dus eigenlijk werkt het net andersom, maar sinds 2018 31 mei hebben we daar drie keer iets van in de raad gehad, dus het is niet zo dat dat een gigantische lijst is. Het zijn echt specifieke dingen waarvan je zegt van: ja, dit moet eventjes naar de raad toe en ik denk ook dat het goed is, maar dat bindend adviesrecht houdt wel in dat het allemaal binnen die acht weken moet en dat is wel iets om goed bij stil te staan en dan kom ik even terug op het amendement eigenlijk. Als je daar heel veel extra aan toe gaat voegen, moet er heel veel extra naar de raad. Het moet allemaal binnen die acht weken.
Dat kan zijn dat daar wel wat meer van u gevraagd wordt dan en dat u wat vaker bij elkaar moet komen om ervoor te zorgen dat we wel binnen die acht weken blijven. Dan, ik kom straks nog wel eventjes terug op de amendementen ook, dan het participatiestukje, ja, het is nu eigenlijk een lijst waar we van zeggen: hier vindt dan participatie op plaats, maar het belangrijkste komt natuurlijk straks, want dat is het participatiebeleid. Wanneer moet participatie ingevoerd worden? Wie moeten daar dan allemaal aan mee doen? Ja, dat is eigenlijk het allerbelangrijkste stukje. Waar moet het aan voldoen? Wat willen we hebben dat eruit komt? En als dat niet uitkomt, niet het gewenste resultaat, wat doen we er dan mee? Ja, dan moet hij naar de raad, maar dat is eigenlijk denk ik misschien wel het allerbelangrijkste stukje van de omgevingswet en die wordt nu gemaakt en die komt natuurlijk hier terecht weer in de raad. Ik denk dat dat een heel groot besluit is als we op dat punt staan. Dan wordt er gezegd van: oefenen. Nou, ik denk dat dat ontzettend belangrijk is om te oefenen en die toezegging zal ik wel willen doen.
Ik weet nog niet precies op welke manier met de casus misschien wel middels een rollenspel om eens eventjes te kijken van: ja, als we dan een soort omgevingstafel hebben van: hoe werkt dat dan? Dat we er een beetje gevoel bij krijgen van: zo gaat die nieuwe omgevingswet werken, want het zijn elke keer inderdaad puzzelstukjes en langzaam maar zeker kom je er een beetje achter van: oké, dan is dit dus het gevoel dat ontstaat bij zo een nieuwe omgevingswet, dus ik denk dat oefenen, dat wil ik beslist meegeven dat we dat gaan doen dit jaar. We moeten alleen nog eventjes kijken wat is dan de beste manier om dat te gaan doen? Ik kan eigenlijk ook wel zeggen: ja, we kunnen alles gaan proberen dicht te timmeren, ik denk dat we nooit gaan voorkomen dat er geen fouten worden gemaakt, dus ik zou ook daar voor willen pleiten om niet te denken van: we zijn heel bang en we laten alles maar dichttimmeren en vooral alles naar de raad terugbrengen. De kans dat er een keer iets misgaat blijft natuurlijk altijd aanwezig en daarom hebben we ook die evaluatie. Ik denk dat dat ontzettend belangrijk is, maar we moeten ons ook beetje de ruimte daarin gunnen. GroenLinks vroeg nog eventjes van: ja, op Drents niveau, andere gemeenten, hoe gaan die ermee om? Er is een omgevingsplatform Drenthe.
Er wordt inderdaad in Drents verband wordt hier gewoon over gepraat en worden dingen uitgewisseld en soms zit er wel wat verschil in. Een van de dingen is bijvoorbeeld dat wij wel een vatbeleid hebben, de vrijkomende agrarische bebouwing, dat heeft een andere gemeente bijvoorbeeld niet, dus dat komt bij ons op de lijst op een andere manier te staan dan elders in de provincie. Dan kom ik eventjes terug op de amendementen en dan begin ik eigenlijk met die van, even kijken, het bindend adviesrecht, want er staan een aantal punten op waarvan ik denk van: ja, als je de verplichte participatie er niet bij naast legt, dan snap ik hem, maar we beginnen te starten met die verplichte participatie en als je al verplichte participatie hebt gehad, waarom zou je dan eigenlijk nog weer terug naar de raad moeten? Ik zeg niet dat het niet moet, maar waarom zou je hier dan nog weer heel veel extra aan toe willen voegen? Daar komt ook nog bij dat een aantal dingen gewoon al door de raad is geweest. De vrijkomende agrarische bebouwing is al door de raad geweest, is al vastgesteld, dus dat kan je hier dan weer uithalen, maar
dan wordt het heel erg ingewikkeld, want dan haal je het hier uit. Het wordt onduidelijk voor de inwoner en de initiatiefnemer. Die denkt van: oké, dit hoeft niet en dan later, of dat moet wel, en later blijkt van: oh nee, want het is al vastgesteld. Dat is juist een reden waarom het er niet in staat. Dus ik zou zeggen van: dat bindend adviesrecht, ja, laat het vooral zowat het is, want die verplichte participatie die gaat er vooraan af. Daar beginnen we mee. Ik geloof dat ik hem nu net verkeerd heb gezegd, maar … De voorzitter: Het eerste amendement gaat over het bindend adviesrecht en het tweede amendement gaat over de verplichte participatie, dus het eerste amendement 7b en het tweede amendement 7c. Mevrouw Hempen-Prent: Ja, klopt. En die verplichte participatie, ja, daar wordt inderdaad gezegd van: die antenne-installatie en dergelijke, maar het is ook vooral dat beleid dat al bestaand is dat wordt hier eigenlijk al in meegenomen, dus als het nu een meter hoger is … Ik moet het anders zeggen volgens mij. Het betreft hier echt plannen die niet passen binnen bestaand beleid, dus dan ga je de verplichte participatie in en als het past binnen bestaand beleid dan kan het uitgevoerd worden, want het beleid is al vastgesteld en daar heeft al participatie op plaatsgevonden.
De heer Hulst: Voorzitter, sorry, maar ik begrijp het nu niet helemaal, want het loopt iedere keer door elkaar, participatie en het bindend advies. De voorzitter: Mijnheer Hulst, wilt u via de voorzitter praten? Ja? Mevrouw Hempen. Mevrouw Hempen-Prent: Ik ga het nog een keer proberen. Dan begin ik even bij die verplichte participatie. Ja? We hebben verplichte participatie op een lijst en jullie zeggen van: we zouden daar een aantal dingen uit weg willen halen of eraan toe willen voegen, maar als je daar dingen aan toevoegt, het betreft vooral die plannen, het vatbeleid dat er al is, oh jee, het gaat nu helemaal de mist in. Het vatbeleid dat er al is, dat is al vastgesteld, dus daar heeft al participatie op plaatsgevonden, dus als je nu nog weer zegt van: we willen toch weer terug naar die participatie, dan wordt dat heel ingewikkeld. Is het niet duidelijk? Nog niet duidelijk? De voorzitter: Kunt u kort aangeven, het amendement, volgens mij gaat u nu in op het amendement onder 7c over verplichte participatie, het tweede amendement dat is ingediend waarbij twee punten worden aangegeven. Mevrouw Hempen-Prent: Ja. De voorzitter: Misschien kunt u kort aangeven of u dit amendement overneemt of dat u zegt van: ik ontraad het en dan waarom.
Mevrouw Hempen-Prent: Ik zou het ontraden omdat wij inderdaad al heel veel dingen hebben vastgesteld en dat staat hierin, het bindend adviesrecht te laten gelden voor alle bedrijfsmatige activiteiten buiten bedrijventerreinen. Een gedeelte daarvan is ons vatbeleid. Dat is al beleid dat is vastgesteld en waar al participatie op heeft plaatsgevonden, dus daarom zeg ik van: dat moet je niet doen. De andere geldt voor de bouwwerken. Er staat nu veertig meter, maar als je nu ook nog daar extra dingen aan toevoegt, dan zijn het heel veel plannen wat maar minimale afwijking is waarvan je nu zegt van: dat moet dan weer terug in die verplichte participatie, terwijl het minimale afwijkingen zijn. De voorzitter: Maar in feite zegt u de verruiming is dusdanig dat bijna iedere afwijking terug moet naar de raad?
Mevrouw Hempen-Prent: Klopt. Ja. De voorzitter: En uw reactie op amendement dat ingaat op amendement 7b, het bindend advies voor de omgevingswet. Mevrouw Hempen-Prent: 7b daarvoor geldt vooral de participatie is dan al geweest, dus eigenlijk is daar al iets uitgekomen en dan zegt de raad toch nog van: ja, maar hij moet wel weer terug naar de raad en dat is dus een kwestie van loslaten en vertrouwen. De omwonenden, de regio die is vastgesteld door de raad in dat participatiebeleid straks. Ja, dat zou in mijn ogen leidend moeten zijn op dat moment en niet dat hij dan nog een keer weer terug naar de raad zal moeten. Dat voegt niet zoveel meer toe op dat moment. Ik zie mijnheer Hulst nog heel bedenkelijk kijken. Misschien moeten we hier straks nog even op door praten. De voorzitter: Ja, misschien kunnen we daar in de tweede termijn nog even verder over doorpraten. Mevrouw Hempen-Prent: En juist om ervoor te zorgen dat die snelheid, volgens mij werd het net nog eventjes gezegd, juist die snelheid erin te houden, bevordert dit absoluut niet de snelheid, maar gaan we dan vertragen. De voorzitter: Ik denk dat u daarmee uw beantwoording afrondt. Dank u wel. Dan gaan we naar de tweede termijn waarbij ik u ook vraag zowel op de reactie op het college als op elkaar te reageren en ook uw mening over beide amendementen waarbij ik dan wel vraag om dat dan even uit te splitsen in 7b en 7c.
Mevrouw Brouwer-Dekker: Voorzitter. Voorzitter. De voorzitter: Ja? Mevrouw Brouwer-Dekker: Kunnen we even een korte schorsing hebben dat we even kunnen overleggen met de VVD over de amendementen? 7.D Pauze De voorzitter: Dat is prima. Ik stel voor om tien minuten te schorsen tot half tien. Sorry. Ja, schorsen is wat mij betreft ook pauze, dus laten we tot vijf over half tien dan schorsen. Goed. Mevrouw Brouwer is er nog niet, maar mevrouw De Boer wel, dus we hervatten de vergadering. We heropenen. We waren gebleven bij de tweede termijn op agendapunt zeven. Wie kan ik bij de tweede termijn het woord geven? Ik verzoek u dan ook natuurlijk op de beide amendementen in te gaan en ook op het hoofdvoorstel. Ik neem aan … De heer Hulst: Voorzitter. De voorzitter: Ja? De heer Hulst: Misschien is het goed, want we hebben die schorsing gehad, het is gebruikelijk dan dat degene die schorst het woord krijgt om even weer te zeggen wat er dan uit die schorsing is gekomen en dat helpt misschien ook wel voor de verdere discussie in dit geval. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Hulst voor deze reminder. De schorsing was gevraagd door CDA VVD. Ik geef het woord aan mevrouw De Boer.
Mevrouw De Boer-Overbeek: Ja, dank u wel voorzitter. Bedankt voor deze schorsing. We hebben net een heel constructief gesprek gehad met Gerrie, oh sorry, zo mag ik het niet zeggen, dat is een wethouder, en met de VVD. Ja, we begrijpen ook eventjes hoe het bindend adviesrecht samenhangt met verplichte participatie toch wel complexer is en om toch ook echt ervoor te zorgen dat we met zijn allen die snelheid blijven houden en op een goede wijze met elkaar de omgevingswet en het hele nieuwe plan met elkaar gestalte gaan geven, hebben wij besloten om beide amendementen in te trekken. De voorzitter: Oké. Dan nemen we … En dat geldt ook voor de VVD, de heer Hulst? De heer Hulst: Ja, ik kan dat ondersteunen inderdaad. Ja. De voorzitter: Goed, dan heb ik het goed afgehandeld denk ik. Dan gaan we toch naar de tweede termijn toe en dan vraag ik u allen op het hoofdvoorstel onderdeel a, b en c nog te reageren en op elkaar te reageren. Ik zag volgens mij wil iedereen opnieuw het woord voeren, dezelfde mensen uit de eerste termijn, dus ik geef allereerst het woord aan de heer Haar. De heer Haar: Nou, voorzitter, ik kan eigenlijk kort zijn.
Gezien de meest recente ontwikkeling had ik mij bij wat ik in dit eerste termijn heb gezegd dat de invoering van de omgevingswet en de uitvloeiselen daarvan zoals die nu in de voorstellen voorligt dat die de inzichtelijkheden, de voorspelbaarheid en het gebruiksgemak moeten vergroten, dat dat moet leiden tot een versnelling van de woningbouw in onze gemeente, dat dat het belangrijkste punt is en dat het voorstel zoals dat nu ligt dat D66 dat van harte ondersteunt met een kleine opmerking er nog bij, ook een beetje in aanvulling wat de heer Jansen al aangaf, er staat in het voorstel om na twee jaar te gaan evalueren. Mijn voorstel zou zijn om binnen twee jaar te gaan evalueren. Na twee jaar is me net even te ruim geformuleerd. Dat kan na tweeënhalf en na drie jaar, maar dan zou ik willen voorstellen: laten we dat binnen twee jaar gaan doen en dan stemt D66 in met de drie voorstellen zoals die hier voorliggen. De voorzitter: Oké. Dank u wel mijnheer Haar. Dan ga ik naar de heer Hulst. Wilt u nog in de tweede termijn het woord? De heer Hulst: Ja, ook voor mij dan nu heel kort. We kunnen instemmen met de voorstellen zoals ze er nu liggen, wel met dien verstande dat we denk ik, oefenen is al genoemd en ik denk dat dat heel belangrijk zal zijn dat we echt met elkaar aan de stoei gaan met deze nieuwe wet.
Dat wil ik vooral onszelf aanraden als raad wat dat betreft, dus inderdaad niet wachten na die twee jaar, maar tussentijds hierover goed in gesprek zijn. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Hulst. Dan ga ik naar mevrouw De Boer. Mevrouw De Boer-Overbeek: Ja, wat ons betreft zeker vaker evalueren en dan een keer in de twee jaar. Dat lijkt mij heel goed en daarbij wil ik toch echt wel aandacht vragen voor de punten die in de lijst worden genoemd om daar vooral heel scherp naar te blijven kijken of dat ook werkbaar is in de praktijk. De voorzitter: Dank u wel mevrouw de Boer. Dan ga ik naar de heer Turksma. De heer Turksma: Ja, voorzitter, dank u wel. Zo lang als je soms op een omgevingswet kunt wachten, zo snel worden hier amendementen alweer ingetrokken. Dat mag natuurlijk altijd. Het kan niet zijn wegens vernieuwd inzicht, want volgens mij hebben we dat geen van allen en daarom ben ik ook heel blij met de toezegging van de wethouder dat we inderdaad dat proefdraaien gewoon moeten gaan doen omdat ik denk dat dat voor ons
allemaal ontzettend veel helderheid gaat geven in de uitgangspunten zoals ze nu zijn gekozen en waarbij we dan ook kunnen kijken of dat inderdaad de juiste uitgangspunten zijn of dat we dingen zijn vergeten dan wel dat we daar kaders in moeten aanpassen en dan ben ik het met de heer haar eens, dan moet je ook niet wachten tot na twee jaar maar dan mag dat ook wel binnen twee jaar. Ik heb nog een opmerking die ik mee zou willen geven maar die wat mij betreft gewoon in dat hele proces ook van oefenen naar voren kan komen. Er wordt nu gesproken over een uitsluitingslijst. Ik zou als dat wettelijk mag liever een insluitingslijst zien, want ik denk dat we als raad best kunnen aangeven wat allemaal wel zeg maar gemandateerd kan worden en kan lopen dan dat je moet gaan nadenken over van: ja, wat zal er allemaal nog kunnen gebeuren wat we niet willen? Datacenter en zo van Meta, nou, bedenk het maar, dus dat zou ik graag willen meegeven voor de oefensessie en vooral daarna die we gaan doen en dan kan de Partij van de Arbeid instemmen met deze 7a, b en c. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Turksma. Dan ga ik naar de heer Den Hollander. De heer Den Hollander: Ja, dank voorzitter. Ik denk dat we vanavond in de behandeling van deze drie voorstellen een mooie bevestiging hebben gekregen dat de invoering van de omgevingswet een fluitje van een cent wordt, dus daar kijken we naar uit.
Ook wij kunnen mee met alle drie de subvoorstellen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Den Hollander. Mevrouw Kippers. Mevrouw Kippers-van Lint: Ook wij kunnen instemmen met alle drie de voorstellen met inderdaad wat de anderen ook aangeven, we zijn ook heel blij met de toezegging om ook echt een proef mee te draaien en dat ook af te stemmen en wij zijn ook zeker voor vaker evalueren, zeker binnen twee jaar om te kijken of het nog steeds binnen die kaders blijft passen. De voorzitter: Dank u wel mevrouw Kippers. Dan ga ik naar de heer Jansen. De heer Jansen: Ja, dank u wel voorzitter. Ook wij kunnen instemmen met het voorstel. Ik wil ook aansluiten bij de heer Haar, als de evaluatie binnen die twee jaar is, dan vinden we dat helemaal prima. De snelheid moet er aan alle kanten in blijven zitten en ook de zorgvuldigheid, dus wij gaan instemmen met de drie besluiten, a, b, c. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik nog een keer naar mevrouw Hempen toe, de portefeuillehouder en volgens mij moet u reageren op de evaluatie om die vaker te doen. Mevrouw Hempen-Prent: Om die evaluatie eerder te doen. De voorzitter: Eerder, sorry. Mevrouw Hempen-Prent: Binnen twee jaar in plaats van na twee jaar. Nou, die toezegging zou ik wel willen geven.
Dat houdt wel in, het zou best zo kunnen zijn dat als we binnen twee jaar gaan evalueren, maar dat kan ook na twee jaar, dat we niet alles al aan bod hebben gehad, want het is niet zo dat we zo een grote gemeente hebben waarbij we die hele lijsten en dergelijke al bij langs zijn geweest, maar dat gaan we dan ook evalueren hoe ver we daarmee zijn. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb het gevoel dat we unaniem hebben besloten dan en ik lees nog even het besluit voor. Ik ga niet alle subpunten voorlezen, maar het gaat om besluit 7a, delegatie om omgevingswet. Ee
gemeenteraad besluit bij de hieronder opgesomde gevallen haar bevoegdheid tot het vaststellen en wijzigen van het omgevingsplan te delegeren aan het college van burgemeesters en wethouders. Dan volgen punt elf tot en met tien en deze lijst twee jaar na inwerkingtreding … En dat wordt dan binnen in werking treden. Toch? Van de nieuwe werkwijze dan wel eerder indien nodig te evalueren. Er staat daar dan wel eerde dan indien nodig, dus dat is wel een wijziging. Even kijken, daar kunt u allemaal mee instemmen als ik het goed heb begrepen. 7b, het bindend advies omgevingswet De Wolden. Het voorgestelde besluit is de lijst gevallen binnen het adviesrecht buitenplanse omgevingsplanactiviteiten vast te stellen. Twee, het werken op basis van deze lijst na twee jaar of indien nodig sneller te evalueren en de lijst indien nodig aan te passen op basis van de opgedane ervaringen. Moeten we daar ook van binnen twee jaar dus van maken. En punt drie, dat het besluit in werking treedt op het moment dat de omgevingswet in werking treedt. Ja? Aldus besloten. En dan krijgen we punt 7c, verplichte participatie onder de omgevingswet De Wolden. Het college stelt voor om de lijst gevallen verplichte participatie vast te stellen. Een, de lijst geval een verplicht vast te stellen was het dus. Twee, het werken op basis van deze lijst na twee jaar of indien nodig sneller te evalueren.
Dat wordt dus binnen twee jaar te evalueren en de lijst indien nodig aan te passen op basis van de opgedane ervaringen. En drie, dat het besluit in werking treedt op het moment dat de omgevingswet in werking treedt. Aldus ook besloten en daarbij was er een toezegging op basis van het oefenen en het proefdraaien en de toezegging heb ik alleen niet gehoord op uitsluitingslijst insluitingslijst, maar dat was meer semantiek denk ik. Oké. Aldus besloten. Dan was er eigenlijk pauze, maar die hebben we gehad. 8.
Voorgenomen deelname van de Veiligheidsregio Drenthe aan de stichting risicobeheer veiligheidsregio’s en de stichting waarborgfonds risicobeheer veiligheidsregio’s De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt acht wat eigenlijk voorlag als … Doe ik iets fout? Oh. Ik ga terug. Ik herpak me. Agendapunt acht, voorgenomen deelname van de Veiligheidsregio Drenthe aan de stichting risicobeheer veiligheidsregio’s en de stichting waarborgfonds risicobeheer veiligheidsregio’s. Het was eigenlijk voorgesteld als hamerstuk, maar mevrouw Brouwer wilde daar een opmerking over maken. Mevrouw Brouwer-Dekker: Ja, voorzitter, dank u wel. De VRD, de Veiligheidsregio Drenthe vraagt in een brief van 16 december vorig jaar aan de raad om eventuele wensen en bedenkingen in te brengen betreffende deelnemen aan de stichting risicobeheer en de stichting waarborgfonds en het verbaast ons dat de raad nu pas deze brief geagendeerd krijgt. De fatale termijn, de fatale reactietermijn van 28 februari is al met een maand verstreken. Waarom niet eerder agenderen? In het verleden hebben we dat wel eens vaker aan de orde gehad, dus bij het indienen van zienswijzen op gemeenschappelijke regelingen dat termijnen van indienen soms al verstreken waren voordat het in de raad komt en we zouden toch het college en de griffie willen vragen om hier aandacht aan te willen besteden dat die brieven eerder geagendeerd worden.
De voorzitter: Vanzelfsprekend kan ik die toezegging doen als we die brieven op tijd hebben, et cetera, maar hij is inderdaad van december al, dus dat klopt. Alleen de doorlooptijden zijn hier en daar wel krap, maar we gaan proberen ons best te doen omdat binnen termijnen te doen. Mevrouw Brouwer-Dekker: Ja, ik weet ook niet waar het fout gaat, want het gaat langs meerdere kanalen. Het kan ook zijn dat het niet naar het juiste e-mailadres wordt toegestuurd, dat er vanuit de VND al een weg verkeerd ingeslagen wordt, dus het zit misschien op meerdere plekken, ik weet het niet, maar het is gewoon een lange termijn. De voorzitter: Ik ben het volledig met u eens, dus ik zal daarop toezien. Kan het verder een hamerstuk blijven, het stuk an sich? Ja? Aldus besloten om geen zienswijze in te dienen op het voornemen van de
Veiligheidsregio Drenthe om deel te nemen aan de stichting risicobeheer veiligheidsregio’s en de stichting waarborgfonds risicobeheer veiligheidsregio’s. Aldus besloten. 8. A Bekrachtiging geheimhouding raadsbrief De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 8a. Dat is de bekrachtiging van de geheimhouding en het voorgesteld besluit is de door het college opgelegde geheimhouding op de raadsbrief die op 22 maart 2022 door het college aan de raad is verzonden op grond van artikel 25 lid 3 gemeentewet juncto artikel 10 lid 2 sub b en g van de wet openbaarheid bestuur te bekrachtigen. En twee, de geheimhouding te laten gelden tot de raad de geheimhouding opheft. Mijnheer Turksma. De heer Turksma: Ja, voorzitter, laat ik u allereerst even waarschuwen, wij hebben een cursus geheimhouding gevolgd nog niet zo heel lang geleden, dus wij weten precies hoe die hazen lopen. Ik zou in zijn algemeenheid willen zeggen, want u zegt: de brief verzonden, maar er is mij helemaal geen brief toegezonden, dus volgens mij is het een brief die ter inzage ligt maar onder geheimhouding ligt. Dat snap ik.
Ik vind in zijn algemeenheid dat wij als raad ervoor moeten zorgen dat we zo min mogelijk toestaan omdat wij niet voor niets in alle openheid worden geïnstalleerd en ook in alle openheid vergaderen, maar het kan zo zijn dat sommige dingen waarvan ik de inhoud niet zal noemen van dien aard zijn dat het inderdaad even niet in de openbaarheid kan. En ik heb inmiddels onder geheimhouding de inhoud van de brief tot me kunnen nemen en ik heb alleen maar de vraag of ik daar met het betreffende collegelid over in gesprek mag gaan omdat ik er wel iets van vind. De voorzitter: Uw vraag is duidelijk. Ik denk dat ik dat gewoon toe kan zeggen. U kunt als raadslid altijd in gesprek gaan met het desbetreffende collegelid, maar daarmee bekrachtigen we wel de geheimhouding. 9.
Lijst ingekomen stukken maart 2022 De voorzitter: Oké, dank u wel. Dan gaan we naar agendapunt negen, de lijst van ingekomen stukken 31 maart 2022 en dan wilde mevrouw Brouwer bij punt O een opmerking maken. Mevrouw Brouwer-Dekker: Voorzitter, dank u wel. Dat is ongeveer dezelfde opmerking die ik net ook bij punt acht gemaakt heb. We hebben hier de brief van de GGD en dan lezen we in de brief dat we inhoudelijke input van onze raad tot uiterlijk 11 maart kunnen aanleveren. Nou, we zitten nu op 31 maart, dus alweer drie weken daarna. Ja, dan zien we dat die brief toch gedateerd is op 17 januari, dus tweeëneenhalve maand terug, dus wat ons betreft had de brief ook wel op de lijst ingekomen stukken kunnen staan van 17 februari, dus bij deze. De voorzitter: Ja, ik denk dat daar hetzelfde voor geldt, zodra wij dit soort brieven binnen hebben om direct door te geleiden, maar er zitten altijd wel, ik blijf wel zeggen bepaalde doorlooptijden in en ook zienswijzen die dan opgesteld moeten worden, maar we gaan ons best doen om dat binnen de termijnen te doen. Ik weet ook dat vanuit volgens mij de vereniging Drentse gemeenten wel voorstellen zijn om voor al die gemeenschappelijke regelingen meer gestroomlijnde procedure te komen, want dit blijft natuurlijk met alle gemeenschappelijke regelingen houden. Even kijken hoor, dan ga ik naar ingekomen stuk Q.
Daar wilde de heer Gol wat over zeggen. De heer Gol: Ja, bedankt voorzitter. Dat gaat over dat rapport toekomstige agrarische sector, dat dit ook een mooi rapport is, maar dat dit ook een momentopname is waar we zeker als raad zeker wat mee kunnen, maar ervoor moeten waken het niet als een gegeven aan te nemen daar de dynamiek in de landbouw en de evolutie die gaande is over de volle breedte van de sector groot is daarbij.
De voorzitter: We hebben uw opmerking gehoord en nemen die ter harte en ik denk dat we dan de lijst van ingekomen stukken aldus kunnen overnemen en de aanbevelingen kunnen opvolgen. 10. Sluiting De voorzitter: Daarmee zijn we al aan het einde gekomen van de raadsvergadering. Mag ik de raad danken voor de inbreng, de mensen op de publieke tribune danken en de mensen thuis die mee hebben gekeken, dank voor de belangstelling. Daarmee is de vergadering gesloten.