LIBAU-Jaarverslag-2024
Tekst van het document
Jaarverslag 2024
Foto’s omslag Foto: Ronnie Zeemering Architect: AC&P | BNA – Architectenbureau Cor & Partner BV Realisatie: Van den Nagel Modulaire Bouw in opdracht van gemeente Pekela Aan de Hooiweg in Oude Pekela, op de plek waar voorheen een opvangcentrum voor asielzoekers stond, verrijst een nieuwe, eigentijdse woonwijk. Op deze locatie zijn zeventig modulaire woningen gerealiseerd, waarvan de helft bestemd is voor inwoners van de gemeente Pekela en de andere helft voor tijdelijke huisvesting van statushouders. De sociale huurwoningen zijn gevarieerd van opzet en nagenoeg klaar om bewoond te worden. De wijk krijgt een gezamenlijke parkeervoorziening en wordt ingericht met veel aandacht voor groen en water, wat bijdraagt aan een prettige en leefbare omgeving. Met deze ontwikkeling geeft de gemeente Pekela invulling aan de groeiende behoefte aan betaalbare woonruimte. Tegelijkertijd wordt bijgedragen aan een inclusieve gemeenschap waarin mensen met verschillende achtergronden samenleven. Lees ook onze bijdrage aan dit project op pagina 78.
Inhoudsopgave
Ga direct naar de gewenste pagina door erop te klikken!
14 4 1. Over Libau
22
30
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
4. Ondernemer Bert de Groot over 3. Advieshet belang van commissies voor omgevingskwaliteit vroegtijdig overleg
48
52
58
8. Steunpunt Cultureel Erfgoed
9. Archeologie in beeld in Borger
10. Erfgoedloket Groningen
34 40
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het 6. Steunpunt belang van een goed Ruimtelijke gesprek Kwaliteit (STERK)
42 7. Nieuwe gemeentewerf voor gemeente Noordenveld, op circulaire basis
Samenstelling Commissies en RVT 2024 Adviesaanvragen Groningen en Drenthe
82 84
Jaarrekening 2024 85 Waarderingsgrondslagen 2024 87
62 11. Het erfgoed van Groningen, waard om voor te knokken
66 12. Onze projecten
Voorwoord Of je nu leeft in een sfeervol dorp, een fraaie stad of een uitgestrekt landelijk gebied: wanneer je opgroeit in een aantrekkelijke woonomgeving, lijkt de schoonheid ervan soms zo vanzelfsprekend dat je bijna vergeet dat er voortdurende zorg en aandacht nodig is om haar te behouden. Vaak gaan we een bijzondere omgeving pas echt waarderen wanneer deze onder druk komt te staan door nieuwe ontwikkelingen. Aan de andere kant bieden juist die nieuwe ontwikkelingen in minder aantrekkelijke woonomgevingen soms verrassende kansen voor verbetering. Bij Libau herkennen we beide kanten. Voortdurend stellen we ons de vraag hoe we de kwaliteit van de leefomgeving kunnen behouden of versterken, zodat ook toekomstige generaties ervan kunnen genieten.
Ontwikkeling met oog voor kwaliteit Economische groei is van groot belang voor de ontwikkeling van onze regio. Opdrachtgevers kunnen daarbij een belangrijke bijdrage leveren aan de kwalitatieve versterking van de ruimtelijke inrichting. Wij ondersteunen hen graag bij het maken van zorgvuldige afwegingen en denken actief mee over mogelijkheden die bijdragen aan een krachtige regionale groei. Sterker nog: economische ontwikkeling en omgevingskwaliteit kunnen uitstekend samengaan, mits er zorgvuldig mee wordt omgegaan, Foto: Ronnie Zeemering
er samenhang is en er wordt samengewerkt tussen de verschillende betrokken partijen en disciplines.
2
Jaarverslag 2024
Voorwoord
Zicht op molen de Wachter Zuidlaren Foto: Janna Bathoorn
Met bevlogen opdrachtgevers houden we onze omgeving herkenbaar, leefbaar en toekomstbestendig. Ons jaarverslag laat dit zien aan de hand van voorbeelden van inspirerende plannen die zijn beoordeeld door de adviescommissies. Ook de opdracht van de provincie Groningen over ‘De vanzelfsprekende opgave’ illustreert dit. In deze brochure zijn de succesfactoren van een aantal mooie projecten uitgewerkt in een handreiking voor gemeenten.
Bijeenkomsten en interviews Gemeenten zijn al enige tijd bezig met het vertalen van hun omgevingsvisie naar een omgevingsplan, ondersteund door verschillende bijbehorende programma’s. De visies van zowel de provincie Groningen als de provincie Drenthe bieden hierbij een waardevol kader. In samenwerking met de provincie Drenthe hebben we het symposium ‘De kracht van de verbeelding’ georganiseerd. Een inspirerende bijeenkomst waarin we professionals meenamen in de stappen die worden gezet richting de Omgevingsvisie van Drenthe. Tijdens kennissessies van de Steunpunten boden wij ambtenaren de gelegenheid om met elkaar in gesprek te gaan en praktische handvatten te delen voor het toepassen van de visie in hun eigen gemeentelijke context. Ook dit jaar bevat het verslag weer een aantal bijzondere interviews. Zo komen jongeren uit ‘Gen Z’ aan het woord over wat zij belangrijk vinden in hun leefomgeving. Ondernemer Bert de Groot deelt zijn ervaringen met de adviescommissie, en in een dubbelinterview laat de gemeente Noordenveld zien hoe zij haar circulaire ambities waarmaakt met een vernieuwende gemeentewerf. Vier voorzitters van de adviescommissies geven een open inkijk in hun praktijkervaringen, met lessen en valkuilen.
Verder lees je hoe kunst en archeologie elkaar versterken in Borger, en vertelt programmamanager Rick Brinks waarom het Erfgoedprogramma van de provincie Groningen essentieel is voor het behoud van ons gedeelde erfgoed.
De bekroning van prijzenswaardige initiatieven Tot slot dit: bij Libau zien we het graag wanneer inspirerende en waardevolle initiatieven worden beloond. Daarom is Libau mede-initiatiefnemer van ‘De Bronzen Havik’, de architectuurprijs voor het Groninger Ommeland. Deze prijs, met bijzondere aandacht voor goed opdrachtgeverschap, is in samenwerking met GRAS en de NCG in het leven geroepen. Libau is samen met Architectuurpunt Drenthe ook initiatiefnemer bij de ‘Drentse Architectuur Prijs’, die dit jaar weer zal worden uitgereikt.
Dorien Fröling Directeur Libau
Jaarverslag 2024
Voorwoord
3
1. Over Libau Koersdocument In 2024 hebben we een koersdocument opgesteld voor de periode 2025-2029. Dit document beschrijft onze visie en aanpak om gezamenlijk te bouwen aan een zo aantrekkelijk mogelijke leefomgeving – nu en voor de generaties na ons. Daarbij focussen we ons op de volgende speerpunten: 1 - Omgevingskwaliteit 2 - Verbinding, samenwerking en participatie 3 - Kennisdeling, onderzoek en innovatie Scan of klik op de QR-code en bekijk het volledige koersdocument op onze website.
4
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
Libau en Monumentenwacht Groningen delen Pakhuis Libau
Organisatieschema
Personeelszaken
In ons werkveld is het cruciaal dat er integraal wordt gewerkt. Onze collega’s
Libau hecht veel waarde aan het aantrekken en inspireren van jong
brengen hun expertise samen in verschillende lopende projecten. Het onderling
talent binnen ons werkveld. In 2024 hebben wij trainees, stagiaires
afstemmen leidt tot een beter gezamenlijk plan en helpt bij overkoepelende
en afstudeerders verwelkomd op de afdelingen ruimtelijke kwaliteit,
thema’s.
erfgoed en communicatie. Naast praktijkbegeleiding bieden wij deze jonge professionals persoonlijke coaching, zodat zij zich
Daarom zijn we als volgt georganiseerd:
optimaal kunnen ontwikkelen binnen hun vakgebied. Op pagina 14 staat een interview met onze jonge collega’s over hoe zij in het werkveld staan en tegen de leefomgeving aankijken.
Pakhuiszaken Sinds mei 2024 maken we intern gebruik van het digitale communicatieplatform ‘Pakhuiszaken’. Hier kunnen collega’s nieuws en weetjes met elkaar delen, wat de interne communicatie binnen Pakhuis Libau versterkt.
Pakhuiszaken is de naam voor het communicatieplatform binnen de organisatie
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
5
Studiereis Zeeland In april zijn we met het hele team van het Pakhuis per trein naar Zeeland gereisd voor een korte studiereis. We brachten een bezoek aan Middelburg en Goes, waar we onder meer werden ontvangen door onze zusterorganisatie Erfgoed Zeeland voor een interessante presentatie. Een bezoek aan het Watersnoodmuseum bood niet alleen een historisch perspectief, maar gaf ook stof tot nadenken over de ruimtelijke opgaven van vandaag en morgen. De reis leverde waardevolle inzichten, nieuwe ideeën en inspiratie op.
Archeologisch materiaal verzameld door Aad Bruijns, Kloetinge
Ouwerkerk (Schouwen-Duiveland)
Molen de Koornbloem in Goes
6
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
Rondwandeling door Middelburg
Dienstverlening en Communicatie Huisadviseurschap Al meer dan tien jaar biedt Libau aangesloten gemeenten de mogelijkheid om tegen een gereduceerd tarief gebruik te maken van het huisadviseurschap. Binnen deze samenwerking kunnen gemeenten advies inwinnen over ruimtelijke kwaliteit. Sinds 2024 is deze dienst uitgebreid met advies op het gebied van erfgoed en archeologie. Digitalisering bedrijfsprocessen In 2024 zijn we gestart met de voorbereiding op de digitalisering van onze bedrijfsprocessen. In 2025 zetten we deze ontwikkeling voort en geven we er concreet invulling aan.
Foto: Ronnie Zeemering
Scan of klik op de QR-code.
Website In oktober 2024 hebben wij onze vernieuwde website gelanceerd. De nieuwe huisstijl, die we de afgelopen twee jaar hebben doorgevoerd, is nu ook zichtbaar in onze digitale communicatie. De website maakt een duidelijk onderscheid tussen informatie voor particulieren en ambtenaren, waardoor elke doelgroep snel en eenvoudig de benodigde informatie kan vinden.
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
7
De gelukkige winnaars van De Bronzen Havik Foto: David Vroom
De Bronzen Havik voor het eerst uitgereikt De Bronzen Havik, de nieuwe prijs voor goed Gronings opdrachtgeverschap en
van Nationaal Coördinator Groningen (NCG), GRAS en Libau in samenwerking
ontwerp, is op 10 december 2024 voor de eerste keer uitgereikt. De eerste prijs
met de provincie Groningen. Projecten die aanmerking komen voor de prijs moeten
ging naar de restauratie en herbestemming van de monumentale boerderij Enne
binnen de provinciegrens van Groningen liggen en/of daarop betrekking hebben
Jans Heerd en wierde Maarhuizen. Zowel de vakjury én publieksjury kenden dit
(met uitzondering van de stad Groningen).
project de eerste prijs toe. Dorpshuis Houtstek in Slochteren werd tweede, de Schoolkerk in Garmerwolde werd derde. Dit laatste project kreeg ook de meeste
De Bronzen Havik is vernoemd naar Wijbrand Havik (1948 – 2022). Wijbrand Havik
online-stemmen van alle 41 ingezonden projecten.
was ruim dertig jaar lang de inspirerende directeur van Libau en was tegelijkertijd directeur van Monumentenwacht Groningen. Wijbrand Havik heeft met name
8
De prijs moedigt opdrachtgevers aan om projecten integraal en met oog voor
in de provincie Groningen, maar ook landelijk, veel voor de ruimtelijke kwaliteit
samenwerking op te zetten, waardoor betrokkenheid en samenhang leiden tot
betekend. Als geestelijk vader van het beeldkwaliteitsplan legde hij de basis voor
echte meerwaarde. De prijs besteedt ook volop aandacht aan de rol die een goed
de huidige welstandsnota’s. Hij zag al vroeg het belang van welstandsadvisering en
ontwerp kan spelen bij de impact op ons landschap en onze leefomgeving.
omgevingskwaliteit. Hij vond dat nieuwe ontwikkelingen moesten bijdragen aan het
De prijs zal eens in de twee jaar worden uitgereikt en is een gezamenlijk initiatief
versterken van de bestaande kwaliteiten, in plaats van deze aan te tasten.
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
De tijdlijn van Libau – onderzoek naar de geschiedenis van de Adviescommissie Met bijna een eeuw geschiedenis is het goed om te weten waar Libau vandaan komt. Jitske van der Kamp – die de Master History of Architecture and Townplanning aan de Rijksuniversiteit Groningen volgt – heeft tijdens haar stage bij Libau onder andere archiefonderzoek gedaan. Ze heeft jaarverslagen uitgeplozen, notulen gelezen en is in archieven gedoken. Het heeft een tijdlijn opgeleverd met mijlpalen uit de rijke historie van de welstands- en monumentenzorg in de provincie Groningen. In 1926 werd er voor het eerst ‘de wenselijkheid uitgesproken om maatregelen te nemen tegen het euvel dat op vele plaatsen in de provincie Groningen gebouwen verrijzen, die van weinig goede smaak getuigen, of niet passen in de omgeving’, aldus de Afdeling Groningen van de Vereniging der Nederlandse Gemeenten (VNG). Zij gingen op 18 november 1927 over op het instellen van de ‘Adviescommissie voor Bouwontwerpen en Uitbreidingsplannen in de provincie Groningen’. Op 22 maart 1928 werden de eerste commissieleden benoemd door de Gedeputeerde Staten van Groningen. De eerste tien gemeenten van die tijd die zich aansloten waren de gemeenten Appingedam, Delfzijl, Loppersum, Nieuweschans, Nieuwolda, Noorddijk, Oude Pekela, Wedde, Winsum en Zuidhorn.
Het doel van de commissie, opgericht door gemeenten, was het bevorderen en in stand houden van zowel de bouwkundige als landschappelijke schoonheid van de provincie en dat is nog steeds de doelstelling van stichting Libau. De informatie zal worden gebruikt bij de voorbereiding van de viering van het 100-jarig bestaan in het 2027/2028.
Op 25 oktober 1995 vestigt Libau zich in het voormalige Pakhuis Libau aan de Hoge der A in Groningen
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
9
Monumenten en CO2-reductie: impact van restauratie en verduurzaming Vijf Groninger rijksmonumenten zijn recent gerestaureerd én verduurzaamd met steun van de GRRG-subsidie. Daarbij is geïnvesteerd in isolatie, verbeterd glas en duurzame energiebronnen. In samenwerking met de Hanzehogeschool onderzocht Libau de effecten hiervan op erfgoedwaarden, energieprestaties en milieubelasting – een vernieuwend onderzoek, omdat dit nog niet eerder zo diepgaand is gedaan. De situatie vóór en ná verduurzaming is met elkaar vergeleken. De erfgoedwaarden werden soms aangetast, bijvoorbeeld door isolatiemaatregelen, maar in andere gevallen versterkt, zoals bij reconstructie van historische elementen. De energieprestatie verbeterde aanzienlijk: het gemiddeld aardgasgebruik daalde met 32%, en het elektriciteitsverbruik zelfs met 92% – mede dankzij de inzet van zonnepanelen. Ondanks de gestegen energiekosten (+29%), bleven de kostenstijgingen onder de landelijke trend van +69% (CBS, 2020–2022). De CO2-uitstoot door energieverbruik daalde met 22%. Dat is nog onder de landelijke doelstelling voor monumenten (40% in 2030, 60% in 2050), maar de context is belangrijk: bij twee panden werd het verwarmd volume door herbestemming vergroot met een factor 2 tot 7. Als ook het materiaalgebruik wordt meegerekend, komt de gemiddelde CO2-reductie op 18%.
Hiervoor bestaan geen landelijke normen, maar het behoud van materialen draagt juist bij aan circulaire waarde – een aspect dat in deze berekeningen nog niet volledig is meegenomen. Conclusie: Restauratie en verduurzaming van monumenten kunnen wél degelijk bijdragen aan energiebesparing en CO2-reductie – tot 18% over een periode van 30 jaar – vaak zonder of met slechts beperkt verlies van monumentale waarden. Dat biedt perspectief voor toekomstgericht erfgoedbeleid. Meer informatie lees je door de QR-code te scannen of erop te klikken.
10
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
Heiliggravenweg 2, Appingedam, één van de onderzochte rijksmonumenten in de provincie Groningen Foto: Mark Sekuur
Foto: Provincie Groningen
Bekijk de aftermovie door de QR-code te scannen of erop te klikken.
Symposium ‘Als alles beweegt’ Op 19 september 2024 vond in de Schoolkerk te Garmerwolde het erfgoedsymposium Als Alles Beweegt plaats. Dit evenement werd georganiseerd door de provincie Groningen in samenwerking met partners van het Erfgoedprogramma Groningen. Libau zat namens het Erfgoedberaad in de organisatie van dit symposium. Het symposium bracht ruim 160 erfgoedprofessionals samen om te discussiëren over de dynamiek van erfgoed in een veranderende samenleving. Het centrale thema van het symposium was erfgoed als brug tussen verleden en toekomst. De bezoekers namen deel aan inspirerende lezingen en excursies naar erfgoedlocaties in de provincie Groningen.
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
11
Drenthe – De kracht van de verbeelding Op 3 oktober organiseerde de provincie Drenthe een inspirerend symposium “De kracht van de verbeelding”. Libau heeft meegeholpen met het organiseren hiervan. Deze bijeenkomst – de derde in een reeks inhoudelijke sessies voor bestuurders, beleidsmedewerkers en vakspecialisten – stond in het teken van de voorbereiding op de nieuwe Drentse omgevingsvisie. De unieke kenmerken en het landschap van Drenthe worden breed gewaardeerd, door jong én oud. Maar hoe zorgen we ervoor dat we er ook in de toekomst zorgvuldig én creatief mee omgaan? In de sfeervolle oude melkfabriek in Bunne gingen we daarover in gesprek. Met prikkelende bijdragen van planoloog Zef Hemel en landschapsarchitect Benno Strootman, én met verrassend theater van De Futuristen, werd het een dag vol nieuwe inzichten, energie en verbeeldingskracht.
De deelnemers reageren op een voorgelegde stelling
12
Jaarverslag 2024
1. Over Libau
Medewerkers werkzaam in Pakhuis Libau Foto: Ronnie Zeemering Jaarverslag 2024
1. Over Libau
13
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak? Het aantal jonge medewerkers bij Libau is de afgelopen jaren flink toegenomen. Ze zijn afkomstig uit allerlei disciplines en bezetten diverse plekken binnen de organisatie. Wat hen bindt, is de belangstelling voor de ruimte om ons heen. In een rondetafelgesprek maken we nader kennis met hun ambities, bezorgdheden en drijfveren. Tekst: Kees de Graaf Fotografie: Ronnie Zeemering
Uit de voorstelronde bij het begin van het gesprek blijkt dat de zeven jonge professionals die zijn aangeschoven, verschillende achtergronden hebben. Sommigen zijn al klaar met de studie en werken hier, anderen zijn nog bezig. Ze lopen hier stage, of werken aan hun afstudeeropdracht. De opleidingen variëren van Built Environment tot architectuurgeschiedenis. Die variatie komt terug in de functies die ze vervullen, van het meedraaien met de front-office, een inzet bij Dienstverlening & Communicatie tot en met het meelopen bij het Team Ruimtelijke Kwaliteit. Met leeftijden tussen de 20 en 25 jaar en een dagelijkse schermtijd van drie tot vijf uur – zo geven ze desgevraagd aan – gaat het hier om de ‘Generatie Z’, afgekort tot ‘Gen Z’ en fonetisch uitgesproken als ‘dzjen zie’. Deze generatie is geboren tussen 1995 en 2012, volgt op de ‘Millennials’ en groeit op in een wereld vol digitale mogelijkheden – maar ook de nodige crises. Het gevoel van maatschappelijke verantwoordelijkheid is groot, evenals de aandacht voor inclusiviteit, diversiteit, persoonlijke ontwikkeling en betekenis vinden in het werk.
Vrouwen en mannen Eerste vraag aan de groep: herkennen de jongeren zich in dit algemene beeld? Janneke let zeker op aspecten als diversiteit en inclusiviteit, zo geeft zij aan. De man-vrouwverhouding is iets wat haar opvalt: “Hoeveel vrouwen zitten er bijvoorbeeld hier aan tafel?” Simone valt bij: “De man (in dit geval gespreksleider Dirk Bruin, red.) zit weer aan het hoofd en leidt het gesprek, daarmee wordt het toch op een bepaalde manier gestuurd.” Joost vindt de gegeven beschrijving van Gen Z “wel accuraat”, Jorrit let niet per se op inclusiviteit, maar kent het begrip wel: “Probeer iedereen er op een goede manier bij te betrekken.”
14
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
Kijkend naar het werkveld van de ruimtelijke kwaliteit constateert Janneke dat er meer mannen dan vrouwen in werken. “Terwijl vrouwen vaak een andere kijk op de wereld hebben. Mijn ervaring leert dat mannen zich sneller laten horen. Toch denk ik niet dat het gaat om een verhouding van 50-50; uiteindelijk moet je gekozen worden op basis van je vaardigheden en kwaliteiten.” Jacco vindt zijn collega Simone “heel uitgesproken” en die bevestigt dat: “Dat leer je ook wel in dit veld. Op je strepen staan, anders sta je gelijk met 1:0 achter.” Thijs constateert, het werkveld en de instroom van jongeren overziend, dat “mannen op een gegeven moment naar de technische kant van het vak doorstromen en vrouwen meer naar de architectuur c.q. de creatieve kant.” De jongeren zien dat de verhouding tussen vrouwen en mannen op het gebied van ruimtelijke kwaliteit wel steeds evenwichtiger wordt. Zo komen er steeds meer vrouwelijke architecten aan de top en ook bij marktpartijen zoals projectontwikkelaars neemt het aandeel vrouwen toe.
Het grotere plaatje Inmiddels bevinden alle zeven jongeren zich nu dus in de Libau-wereld van ruimtelijke kwaliteit en erfgoed. Ze kunnen daar de eigen passie zeker in kwijt, zo geeft Thijs aan: “Als kind zat ik al dorpjes te tekenen. Voor mijn studie bouwkunde ben ik nu bezig met de manier waarop dorpen verantwoord kunnen uitbreiden; ik vind de overgang tussen stedenbouw en architectuur heel interessant.” Tim had al langer de interesse voor geschiedenis, wilde eerst architect worden maar koos toch voor het grotere plaatje, ruimtelijke ontwikkeling als geheel. “Met een fascinatie voor hoe gebouwen en gebieden ontstaan en bijdragen aan de identiteit daarvan.” Joost is weliswaar geschoold in de ICT maar wil graag door in de communicatie. “Mijn vader heeft kunstgeschiedenis gestudeerd dus ik kreeg dat altijd thuis al mee. Om ons heen zien we ook veel vormgeving. De gemaakte keuzes zijn vaak niet algemeen bekend. Daar kunnen we mensen nog veel meer over uitleggen en de digitale middelen kunnen daar zeker bij helpen.”
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
15
Simone was gek van het bekende spel Minecraft en koos voor een studie Bouwkunde: “Ik dacht: ik word architect en ga met mijn laarzen op de bouwplaats staan.” Inmiddels doet ze een vervolgstudie (Society, Sustainability & Planning, red.), omdat ze toch meer geïnteresseerd is het hogere schaalniveau duurzaamheid. Jacco kan het beamen, na stages bij een architectenbureau en de gemeente vond hij bij Libau “het niveau er net tussenin”. Voor Jorrit, student bedrijfskunde, geldt hetzelfde: “Ik begreep dat Libau bezig is met het optimaliseren van de administratieve processen, dat vind ik interessant.” Janneke sluit de rij: “Ik ben van kinds af aan gefascineerd door andere werelden. Over mijn studie architectuurgeschiedenis werd gezegd dat werkloosheid mijn lot zou zijn maar het liep dus anders. Ik vind het heel interessant hoe de gebouwde omgeving een verhaal kan vertellen, een kijkje biedt in een andere wereld en ons waardevolle lessen leert – ook met het oog op de toekomst. We creëren plekken en kiezen bewust om bepaalde elementen te behouden, die mensen raken en betekenis geven in hun dagelijks leven. Dat is precies wat me zo aanspreekt in dit vakgebied.”
Grenzen aan behoud Dat er door de aardbevingen in het Noorden juist nu ook waardevolle plekken verloren gaan, is iets dat bij de jongeren tot bezorgdheid leidt. Tegelijkertijd is er ook het besef dat niet alles bewaard kan blijven. De behoefte aan nieuwe woningen kan er bijvoorbeeld ook toe leiden dat open landschap wordt bebouwd – of oudere gebouwen worden afgebroken. Simone: “Het houdt ergens op. Voldoende woonruimte is ook belangrijk voor de toekomst. Ergens moet je die afweging maken.” Tim: “Ik heb wel moeite met de ruimte die wordt ingenomen door al die velden met zonnepanelen. Leg die liever op daken van bestaande gebouwen.” Joost vindt oude gebouwen leuk, maar ook hij vindt dat er grenzen zijn aan ‘behoud’: “We moeten zeker ook niet te veel slopen maar ik denk dat er genoeg ruimte is voor nieuwe woningen: op agrarische gronden. Waarom zijn er zoveel boeren met zoveel hectares grond, dat is helemaal niet nodig. Al dat voedsel gaat toch naar de export.” Het zet de onderlinge discussie op scherp, Janneke geeft aan dat “we te veel willen in dit land. Niet alles
16
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
kan in de beperkte ruimte, we moeten keuzes maken.
V.l.n.r. Joost van der Laan, Thijs Janssen, Jacco Knobbe, Janneke Schut, Tim Havinga en Simone Heidema
Ik zou het jammer vinden wanneer het hele noorden op de Randstad gaat lijken. Dat er een Vinex-wijk wordt neergezet waardoor het landschap verloren gaat. Ik vind het zorgelijk hoe mensen naar agrarisch erfgoed kijken en hoe gemakkelijk er dingen worden afgebroken.”
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
17
Thijs heeft wel moeite met de afbraak van karakteristieke panden maar heeft er minder problemen mee om dorpen en steden verder uit te breiden: “Als ik maar een woning heb.” Joost: “Zolang je de nieuwbouw maar bouwt in de stijl van de omgeving kan het prima.” Simone wijst op het belang van de sociale samenhang: “De oude kernen van steden en dorpen moet je zeker behouden maar de identiteit van het noorden is meer dan alleen gebouwen. Ik merk het in de stad: de jonge mensen, de gezelligheid, de nuchterheid. Zo heeft elke plek zijn eigen context.”
Niet te veel bouwen Het belang van de eigen identiteit van buurten, dorpen en steden wordt door de jongeren volmondig erkend. Thijs verwoordt het zo: “Kijk naar Flevoland, dat is niet op een natuurlijke manier gegroeid zoals het landschap hier in het noorden. Het is ontstaan omdat er gebouwd moest worden en voedsel geproduceerd.” Jacco: “Om goede redenen overigens; Almere is neergezet om Amsterdam te ontlasten.” Thijs: “Klopt, maar het laat onverlet dat we heel goed moeten kijken wat we toevoegen aan de structuur en identiteit die we hier hebben. Daarnaast moeten wij ook oppassen met te veel bouwen. Op dit moment groeit de bevolking maar we weten ook dat het anders kan gaan.” Het gesprek komt, nu we het over dorpen en steden hebben, op de eigen woonvoorkeuren van Gen Z. Jacco heeft vrienden die eerst in de binnenstad van Groningen woonden: “Nu wonen ze in Eelde maar ze missen de drukte van de stad, ze hebben spijt van hun keuze.” Joost vindt het in Eelde juist heerlijk: “De rust, het groen.” Janneke: “Onze generatie kijkt scherp naar de verhouding werk-privé en woont daarom liever in de stad. We vinden sociale activiteiten belangrijk – juist in dit digitale tijdperk. Daarbij is de FOMO (Fear Of Missing Out, red.) heel groot.” Simone herkent dat: “Ik ben midden in de stad opgegroeid.
18
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
Als ik ergens langer dan 15 minuten heen moet fietsen, vind ik dat al erg. “Tim nuanceert: “Ik ben gewend aan een groot dorp met alle voorzieningen, ik wil zeker niet minder. Maar het hangt sterk samen met waar je bent opgegroeid. Je kunt hier niet voor onze hele generatie uitspraken over doen.”
Toekomstbestendig De woningnood speelt hier wel als een belangrijke factor doorheen: waar kunnen jongeren nog een huis bemachtigen? In de dorpen blijkt dat lastig omdat er in de regel weinig betaalbare nieuwbouw plaatsvindt. Maar ook in de steden is het niet eenvoudig. Simone: “Een vriend van mij werkt nu een paar jaar en kan een hypotheek krijgen van 230.000 euro. Maar daar is niets voor te vinden. Dus blijft hij in zijn studentenwoning wonen waardoor er geen doorstroming is. Het geldt voor mezelf ook: ik woon nu in een sociale huurwoning maar voorlopig ga ik daar zeker niet uit. Daardoor zit de hele markt op slot.” Ook over andere maatschappelijke ontwikkelingen laten de jongeren zich – in meer of mindere mate – bezorgd uit. Het klimaat is er daar een van. Algemeen wordt onderschreven dat de gebouwde omgeving vergroend, biodiverser en klimaatadaptief gemaakt moet worden – om deze daarmee toekomstbestendig te maken. Ook circulair bouwen is een onderwerp dat na aan het hart blijkt te liggen. Bestaande materialen hergebruiken, meer doen met houtbouw, nieuwbouw zo ontwerpen dat gebouwen gemakkelijk uit elkaar gehaald kunnen worden – Gen Z is vóór.
“ Ik vind het heel interessant hoe de
gebouwde omgeving een verhaal kan vertellen, een kijkje biedt in een andere wereld en ons waardevolle lessen leert – ook met het oog op de toekomst.” Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
19
Goede verbindingen Slotvraag aan de groep: waar staat het vak van ruimtelijke kwaliteit en erfgoed over 20 jaar? Joost weet niet waar het met ontwikkelingen als kunstmatige intelligentie heen gaat maar pleit er wel voor om het werkveld veel beter inzichtelijk te maken: “Leg uit waarom we dingen doen. Er staan ineens bomen op de Grote Markt in Groningen: waarom? Wat is de meerwaarde daarvan? Dat kunnen we nog veel beter voor het voetlicht brengen. Neem mensen daarin mee.” Verdergaande digitalisering zal veel werk verlichten maar maakt de inzet van bijvoorbeeld ontwerpers niet overbodig, zo verwacht Thijs: “Parametrisch ontwerpen is leuk wanneer het over standaardwoningen gaat. Maar zodra het over maatwerk gaat, heb je mensen nodig.” Janneke hoopt dat er over twee decennia anders tegen agrarisch erfgoed wordt aangekeken: “Ook in relatie tot de woningnood; waarom gebruiken we geen oude boerderijen om daar woningen in te maken, voor meer collectieve woonconcepten. In het Noorden – dat valt mij althans reuze mee als ik het vergelijk met de Achterhoek waar ik vandaan kom – zijn veel plekken nog steeds goed bereikbaar. Ik hoop er zelf ook ooit te wonen, in zo’n mooi wierde- of esdorp. Die charme kunnen we meer belichten.” Tim ziet ook kansen voor het collectieve wonen, maar dan eerder in de stad.
Jacco idem dito: “Ik wil snel op de fiets overal naartoe kunnen gaan.” Wanneer de jongeren tenslotte hun wensen voor Drenthe en Groningen hiermee verbinden, klinken onder meer pleidooien voor
20
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
verdichting, meervoudig ruimtegebruik en het openhouden van karakteristieke landschappen. Ook het belang van goede verbindingen wordt genoemd, hoewel de komst van de Lelylijn nog niet iedereen kan bekoren. Thijs: “Als die lijn alleen maar wordt opgehangen aan het beter kunnen vervoeren van en naar de Randstad, vind ik dat een te dun argument. Verbreed je het gebruik naar bijvoorbeeld toerisme, dan wordt het alweer een beter plan.” En niet in de laatste plaats wordt ervoor gepleit om aan te sluiten – als er gebouwd wordt – bij wat er al is. Jorrit verwoordt het zo: “Zeker de steden zullen gaan groeien, maar sommige dorpen ook. Doe dat het liefst in stijl, stel daar goede regels voor op.”
Aan tafel Jacco Knobbe (junior adviseur Team Ruimtelijke Kwaliteit)
Gen Z wil bouwen aan de toekomst
Tim Havinga
Als Gen Z nog iets zou willen meegeven aan de generatie X en de Millennials
(trainee Team Ruimtelijke Kwaliteit)
die hen vooraf zijn gegaan, is het deze oproep van Jacco: “Deze generaties voor ons bepalen onze toekomst, dus praat met ons en neem ons serieus. We hebben een stem en willen betrokken worden bij het vormen van wat er komen gaat. Jullie bepalen momenteel onze leefomgeving.” Er liggen veel uitdagingen en vraagstukken op het gebied van ruimtelijke kwaliteit in de toekomst, maar de nieuwe generatie schrikt hier niet voor terug – zo blijkt uit
Thijs Janssen (stagiair Team Ruimtelijke Kwaliteit) Simone Heidema (Team Dienstverlening & Communicatie)
dit gesprek. Ze willen samen werken aan het opbouwen van een toekomst
Joost van der Laan
die zowel duurzaam, functioneel als betekenisvol is voor iedereen, waarbij het
(stagiair communicatie Team Dienstverlening & Communicatie)
behoud van erfgoed en identiteit een essentiële rol speelt.
Jorrit van Delden (stagiair bedrijfskunde Team Dienstverlening & Communicatie) Janneke Schut (trainee Team Cultureel Erfgoed) Het gesprek werd begeleid door Anna Karina Driessen en Dirk Bruin.
Jaarverslag 2024
2. De nieuwe generatie van Libau, hoe kijken jongeren aan tegen het vak?
21
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit Voor gemeenten in de provincies Groningen en Drenthe faciliteert Libau Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit. Het doel van de Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit is om gemeenten onafhankelijk te adviseren op het gebied van omgevingskwaliteit en monumentenzorg.
De adviescommissies zijn door de gemeenten ingesteld voor het bevorderen van de kwaliteit van onze leefomgeving en de zorgvuldige doorontwikkeling van ons erfgoed. De advisering vindt plaats binnen de kaders van het door de gemeente vastgestelde beleid. In de adviescommissie zitten onafhankelijke leden; zij zijn specialisten op het gebied van architectuur, stedenbouw en landschap, restauratie, bouwhistorie en cultuurhistorie. Hiernaast kan, indien gewenst, extra expertise worden gevraagd op het gebied van archeologie, duurzaamheid, constructies of Werelderfgoed. Op deze wijze wordt vanuit brede kennis integraal over plannen en beleidsvraagstukken geadviseerd.
De Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit op excursie in nieuwbouwplan ‘t Hees te Westerbork
Vanaf januari 2024 is de gemeente Assen aangesloten bij de Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit voor Drentse gemeenten. Tot eind 2023 organiseerde deze gemeente de beoordeling van bouwplannen nog zelf, met een eigen Gemeentelijke Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit. We zijn verheugd dat de gemeente Assen is aangesloten bij de Adviescommissie voor Drentse gemeenten. Met de toetreding van de gemeente Assen is het aantal commissievergaderingen in Drenthe toegenomen. Om deze uitbreiding te kunnen bezetten, zijn enkele nieuwe commissieleden benoemd, waaronder een extra voorzitter en nieuwe leden voor de disciplines architectuur, stedenbouw en landschap. Commissieleden met dezelfde discipline rouleren, zodat per vergadering de benodigde expertise aanwezig is.
22
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
Onze locatie in Drenthe aan de Beilerstraat in Assen
In de Groningse commissie liep de termijn van enkele leden af; daarom is een nieuwe voorzitter benoemd en is een aanvullend commissielid voor constructies aangesteld. Nu de gemeente Assen is aangesloten, wil de Adviescommissie voortaan ook regelmatiger aanwezig zijn in de Drentse hoofdplaats. De vergaderingen vinden daarom deels plaats op onze nieuwe locatie aan de Beilerstraat in Assen. Dit wordt afgewisseld met vergaderingen in het gemeentehuis van Emmen. De commissie in Groningen blijft vergaderen in Pakhuis Libau in Groningen.
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
23
Inzicht in adviesaanvragen en werkwijze Adviescommissie
1e advies
Alle adviesaanvragen voor de adviescommissie worden geregistreerd in het digitale zaaksysteem Portaal Libau. Dit is toegankelijk voor alle vergunningverleners, de commissieleden, de rayonarchitecten en de monumentenadviseurs. Het zaaksysteem biedt de adviescommissie meer inzicht in de adviesaanvragen. In 2024 zijn meer dan 7.000 aanvragen behandeld. Bij maar liefst 61% van de aanvragen leidt de eerste behandeling direct tot een positief advies, of wordt slechts een kleine aanpassing voorgesteld. In 10% van de gevallen blijkt aanvullende informatie nodig en worden ontbrekende stukken opgevraagd. Bij 4% volgt direct een gesprek met de initiatiefnemer. Van alle aanvragen wordt 42% eerst ingediend als een vooroverleg of conceptverzoek; na advisering volgt dan een definitieve aanvraag. Met de komst van de Omgevingswet streven we ernaar het aantal vooroverleggen te vergroten, zodat er meer ruimte ontstaat om met initiatiefnemers in gesprek te gaan en gezamenlijk de kwaliteit van de leefomgeving te verbeteren. Op verzoek van gemeenten kan de commissie ook adviseren over het gemeentelijk beleid met het oog op het bevorderen van een goede omgevingskwaliteit. Bijvoorbeeld bij het ontwikkelen of agenderen van beleid voor de fysieke leefomgeving. Deze taak had de commissie al, maar heeft met de invoering van de Omgevingswet een duidelijkere invulling gekregen.
In 2024 gaf de commissie 18 beleidsadviezen, onder andere over beeldkwaliteitsplannen en de aanwijzing van gemeentelijke monumenten.
24
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
Jaarverslag 2024
7. Over Libau
47
De commissie werkt met een getrapt beoordelingssysteem. Adviesaanvragen worden ingediend via Portaal Libau en in eerste instantie beoordeeld door de rayonarchitect in de Kleine Commissie of door een monumentenadviseur. Het merendeel van de aanvragen is van relatief beperkte omvang en kan onder mandaat van de Adviescommissie worden afgehandeld. In 2024 werd 91% van alle adviesaanvragen behandeld door de Kleine Commissie bij de gemeente en 6% onder mandaat door de monumentenadviseurs. Hierdoor ontvangt de gemeente snel een advies. Slechts 2% van de aanvragen werd besproken in een voltallige commissievergadering. Dit zijn over het algemeen plannen die een grotere impact op de omgeving of het monument hebben. Voor aanvragen over het uiterlijk van bouwwerken was dit circa 1%. Dit betekent dat jaarlijks meer dan 200 plannen in de voltallige commissievergadering worden behandeld.
Behandelwijze
48
Jaarverslag 2024
7. Over Libau
Beoordelingssysteem
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
25
Omdat er meer plannen zijn vanwege de versterkingsopgave, organiseren we in 2025 in de provincie Groningen maandelijks een extra commissievergadering. En starten we met het werven van nieuwe commissieleden. Deze cijfers laten zien dat het proces van de omgevingsvergunning effectief en gestroomlijnd verloopt. De getrapte opzet van advisering, waarbij gemandateerde leden van de Adviescommissie zitting nemen in de Kleine Commissie bij de gemeente, biedt grote voordelen. Niet alleen kan de doorlooptijd van plannen daardoor binnen de wettelijke termijnen worden gehouden, maar minstens zo belangrijk: de lijnen met vergunningverleners en initiatiefnemers zijn kort. Dit maakt snelle, heldere toelichting en afstemming mogelijk. Door de nauwe samenwerking tussen de Kleine Commissie en de voltallige Adviescommissie kan bovendien snel brede expertise worden ingezet. Dit komt de kwaliteit van de advisering ten goede.
Aantal behandelingen per adviesaanvraag 26
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
Vergadering van de Adviescommissie
De Adviescommissie op excursie in Exloo
Excursie Adviescommissie – op pad in Drenthe De jaarlijkse excursie van de Adviescommissie vond in 2024 plaats in Drenthe. Samen met commissieleden, vergunningverleners en enkele wethouders bezochten we een aantal interessante projecten die de afgelopen periode door de commissie zijn beoordeeld. Het werd een inspirerende en leerzame dag. Op een enkele bui na waren de weergoden ons goed gezind. Zo namen we een kijkje bij een fraai woningbouwplan van DAAD in Exloo en bezochten we de circulair gebouwde gemeentewerf van Noordenveld – een project dat opviel door zijn vernieuwende aanpak (zie ook het interview op pagina 42).
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
27
Het prachtige uitzicht van de ecologische woningen in Exloo aan de Molenweg
28
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
Excursie voor raadsleden Aa en Hunze Op 25 oktober 2024 organiseerde Libau een informatiemiddag over het werk
De gemeente Aa en Hunze heeft een eigen commissie, maar maakt voor
van de Adviescommissie in de gemeente Aa en Hunze. Na een gezamenlijke
monumenten ook gebruik van de Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit
kennismaking en gesprek over het belang van goede omgevingskwaliteit,
voor Drentse gemeenten. Een rayonarchitect van Libau maakt deel uit van
gingen we met de raadsleden op excursie. We bezochten en bespraken
de lokale commissie. Daarnaast ondersteunt Libau Aa en Hunze bij de
enkele voorbeeldprojecten in Annen, Balloo en Rolde, waar duidelijk werd hoe
beoordeling van landschapsplannen, archeologie en karakteristieke panden.
de commissie in de praktijk bijdraagt aan ruimtelijke kwaliteit.
Raadsleden van de gemeente Aa en Hunze bespreken de kwaliteit van de gebouwde omgeving met Libau
Jaarverslag 2024
3. Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit
29
4. Ondernemer Bert de Groot over het belang van vroegtijdig overleg Het is een markant pand in het centrum van Roden en dat blijft het ook: de voormalige zuivelfabriek aan de Kanaalstraat. De zorgvuldige herbestemming van het pand tot fitnesscentrum zet mede de toon voor de vernieuwing van het hele centrumgebied. Eigenaar Bert de Groot is hier al de nodige jaren actief en past het fabriekspand voortdurend aan, inspelend op veranderende wensen. Het vroegtijdige overleg met gemeente en gemeentelijke adviescommissie is voor hem een sleutelfactor. Tekst: Kees de Graaf
Roder ondernemer Bert de Groot
30
Jaarverslag 2024
4. Ondernemer Bert de Groot over het belang van vroegtijdig overleg
Deuren dicht Bij de herbestemming van de zuivelfabriek hebben opdrachtgever en ontwerper het industriële karakter zoveel mogelijk in stand gelaten. “Zo is een rustige en harmonieuze sfeer ontstaan. De jonge garde onder onze bezoekers vindt dat mooi, maar ook de ouderen waarderen het. Wat dat betreft is dit gebouw een allemansvriend.” Terugkomend op de veranderingen die bij een ondernemer op het pad kunnen komen, wijst De Groot op de coronaperiode. “We moesten toen de deuren van de fitness sluiten. Maar buitensport mocht wel. Toen zijn we inventief geworden en hebben het dak als buitensportplek ingericht; dat was een groot succes. Zozeer zelfs dat mensen erna vroegen: kunnen we niet lessen buiten blijven volgen? Dan zit je in Nederland natuurlijk wel met het weer.”
Te mooi Al brainstormend ontstond het concept: een overdekte buitensportmogelijkheid, met boven op die overkapping van zes meter hoog een echte openluchtplek. De eerste schets werd voorgelegd aan Harry Tappel, adviseur bouwen en wonen van de gemeente Noordenveld, die ook advies inwon bij de Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit. “Er bleken toch wel wat kritische vragen te zijn. In eerste instantie schrik je dan wel even. Als ondernemer heb je toch een bepaalde visie en denkrichting. Daar houd ik aan vast, ik wil niet met alle winden meewaaien. Als ik dan ineens serieus tegengas krijg, is mijn reactie: ho ho, wat is hier aan de hand?
Bouwkundig Ontwerpen Tekenbureau Muller Middelweg 8 9451 HD Rolde M 06-52038882 E info@bouw-tekeningen.com I www.bouw-tekeningen.com
Architektenburo Eduard C. Gerds Doorloper 3 9611 AX Sappemeer T (06) 55 808 580 MAATVOERING IN HET WERK CONTROLEREN / TE BEPALEN DIMENSIONERING CONSTRUCTIES VOLGENS OPGAVE CONSTRUCTEUR
Jaarverslag 2024
Bouwkundig Ontwerpen Tekenbureau Muller Middelweg 8 9451 HD Rolde M 06-52038882 E info@bouw-tekeningen.com I www.bouw-tekeningen.com
4. Ondernemer Bert de Groot over het belang van vroegtijdig overleg
31
Maar we hebben snel een overleg gevoerd met David de Boer,
Mijn eigen insteek is dan ook: ga direct het gesprek aan! Het is juist heel
namens Libau de rayonarchitect voor de gemeente Noordenveld.
plezierig dat gemeente en adviescommissie direct meedenken. Het moet
Deze gaf aan dat we met ons concept te ver wegdreven van het
namelijk ook wel allemaal kunnen, qua wet- en regelgeving bijvoorbeeld.
oorspronkelijke idee van de zuivelfabriek. We wilden het te mooi
Die samenwerking beoordeel ik als zeer positief.”
maken, met te veel aanpassingen. Ook zou bijvoorbeeld het karakteristieke beeld van de fabriek – met het torentje – geweld
Het is dan ook de belangrijkste tip die De Groot mee wil geven aan
worden aangedaan.” Met de uitkomsten van het gesprek kon
andere opdrachtgevers: wacht niet te lang, ga niet zeer gedetailleerd
architect Eduard Gerds een nieuw plan maken, dat vervolgens wel
door-ontwerpen, maar tast eerst eens af hoe anderen er tegenaan kijken.
de instemming kreeg van de adviescommissie. “Door bij de basis te
Dat voorkomt dat partijen in een vroege fase van de planontwikkeling
blijven, hielden we het sterk en krachtig. En het scheelde nog eens
tegenover elkaar komen te staan. In plaats daarvan: “Pak een kop koffie
ook, dus dat was ook mooi meegenomen.”
en ga dan sparren met elkaar. Wij vertellen waar we mee bezig zijn en dan komen de reacties gelijk: ‘let hierop’, ‘pas dat aan’ en ‘heb je daar ook aan
In het aangepaste ontwerp vindt weliswaar nog steeds een
gedacht’. Dat geven wij dan door aan de architect, die gaat weer tekenen
optopping plaats van het pand, maar met veel meer respect voor
en schetsen en zo kom je met elkaar tot een mooi eindresultaat.
het bestaande gebouw. “We kunnen twee vloeren van 150 m2
We hadden die ervaring ook al eerder, toen we in 2010 een ander deel van
toevoegen en gebruiken het torentje nu voor de opslag van het
het pand wilden herbestemmen.
oefenmateriaal. Die is daarmee ook weer functioneel. Zo wordt iedere vierkante meter optimaal benut. En vanuit het pand is het
Daar hebben we toen met de brandweer heel goed overleg kunnen voeren.
dak zowel binnendoor als buitenom te bereiken, die routes maken
Dan wordt het ook veel meer een gezamenlijk project dan een
het een bijzondere ervaring.” Met daarbij ook de nodige impact
eenmansactie van mijn kant. Een pand als dit is geen nieuwbouw, je kunt
op de omgeving: “Lange tijd was het hier heel rommelig, het deed
het op veel verschillende manieren invullen: alle input is dan welkom.”
mij aan Oost-Europa denken. Maar inmiddels worden hierachter woningen gebouwd en investeren ook andere ondernemers volop in het gebied. De gemeente doet ook mee; het parkeren wordt anders opgelost, het wordt vergroend. We zijn met elkaar bezig om er echt iets moois van te maken.”
Koffie drinken met elkaar Terugkijkend heeft Bert de Groot het planproces heel positief ervaren. “Je hoort en leest wel eens van die verhalen, maar ik heb geen enkele weerstand of tegenstand gemerkt.
32
Jaarverslag 2024
4. Ondernemer Bert de Groot over het belang van vroegtijdig overleg
“ Vroegtijdig overleg is cruciaal voor een geslaagd project.”
Bert de Groot op het dak van de voormalige zuivelfabriek in Roden dat nu een modern fitnesscentrum is
Jaarverslag 2024
4. Ondernemer Bert de Groot over het belang van vroegtijdig overleg
33
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek Ze hebben een bescheiden maar o zo belangrijke taak. Het technisch zorgvuldig voorzitten van de vergaderingen van de Adviescommissies voor Omgevingskwaliteit, zodat de advisering over de ingediende plannen ordentelijk vorm krijgt. Hieronder valt ook het begeleiden van de gesprekken tussen opdrachtgevers en ontwerpers aan de ene kant en de commissieleden aan de andere kant. Wat zijn hun ervaringen? Vier voorzitters geven hun visie.
Nog voor het gesprek werkelijk begint, hebben we de eerste aanbeveling al te pakken: dit overleg zou vaker moeten plaatsvinden. De aanwezige voorzitters spreken elkaar voor het eerst, hoewel ze al enige tijd deze functie vervullen. Nut en noodzaak van de uitwisseling van ervaringen worden breed erkend – en daar wordt nu een begin mee gemaakt. Uit de kennismakingsronde blijkt dat alleen Wiepkjen Kingma een achtergrond heeft in het ruimtelijk domein, opgeleid als architect en werkzaam bij Libau’s zusterorganisatie in Fryslân, hûs en hiem. De heren aan tafel hebben een andere doopceel, hoewel Maarten Post als opgeleid planoloog “wel weer het gevoel heeft in zijn oude vak te zijn teruggekeerd”. Inmiddels is hij met pensioen, na een werkzaam leven in het onderwijs. Anton Saman heeft als jurist, beleidsmedewerker en jarenlang manager wel de nodige ervaring in de ruimtelijke ordening opgedaan, onder meer bij gemeenten. Taco van den Heiligenberg staat nog het meest ver van de ruimtelijke materie af. De afgestudeerde bioloog had
Tekst: Kees de Graaf Fotografie: Ronnie Zeemering
naar eigen zeggen “niets met ruimtelijke kwaliteit” voor hij aan deze klus begon. Dat is inmiddels wel anders, zo zal blijken.
Wennen aan architectentaal Kijkend naar de rol die een voorzitter vervult bij een V.l.n.r. Taco van den Heiligenberg, Anton Saman, Wiepkjen Kingma, Aron Banninga, Sanne Tillema, Maarten Post en Jan Arend Mulder
Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit, geeft Taco van den Heiligenberg aan dat hij vooral het gesprek op gang wil krijgen. “Tussen de commissieleden enerzijds en de indiener en zijn adviseur anderzijds. Dat is de belangrijkste uitdaging maar dat lukt het minst goed. Naar mijn idee zit hier een kernpunt: hebben we een goed gesprek of leveren we tegelijkertijd al een beoordeling van het ontwerp af? Omwille van de tijd en soms ook van de voorgeschiedenis – bij een plan dat al het nodige overleg heeft gevergd – neigen we naar dat laatste. Het gaat er zeker
34
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
ook om dat we uiteindelijk een goed advies afleveren, waar de gemeente iets mee kan, maar de dialoog is zeker net zo belangrijk. In het begin was ik daarom erg op zoek naar mijn rol en naar een begrip van de gebezigde termen, maar dat lukt inmiddels vrij aardig.” Dat laatste herkent Maarten Post, hij moest “erg wennen aan die architectentaal.” Terwijl er ultimo wel een oordeel wordt gevraagd mag er niet over ‘mooi’ of ‘lelijk’ worden gesproken en zijn waardeoordelen uit den boze, dat is een dilemma: “Als er alleen een architect aanwezig is, is die vaktaal geen probleem. Maar we zitten ook vaak met burgers aan tafel; hoe krijgen we een en ander dan goed uitgelegd? Komt de boodschap aan?” Van den Heiligenberg: “In mijn samenvatting na afloop probeer ik daarom bewust architectentaal te vermijden.” Wiepkjen Kingma spreekt deze taal wel maar vraagt soms bewust aan een commissielid of ze het zo goed begrepen heeft, in haar eigen woorden. “Dan zeg ik: begrijp ik je goed dat je dit bedoelt? Het helpt om dingen even in gewoon Nederlands te herhalen.”
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
35
Echte discussie Het is voor een voorzitter al met al een behoorlijke balanceeract, zo geeft Van den Heiligenberg aan: “We hebben eigenlijk drie ‘klanten’ voor ons advies: de opdrachtgever, zijn architect en de gemeente. Alle drie moeten ze er iets mee kunnen.” Kingma herkent dat wel: “Bij de geïntegreerde commissie zitten de nodige mensen aan tafel, ik probeer die allemaal langs te gaan. De echte discussie ontstaat dan wanneer er verschillen van inzicht zijn tussen de leden. Het is lastig om dat in de beschikbare tijd in te bouwen en om dan ook nog het gesprek met de indiener en de ontwerper aan te gaan.” Saman vult aan: “Ik merk dat ik soms vooral met het bewaken van de tijd bezig ben.” Post: “Daarom is het goed dat we de laatste tijd meer tijd hebben gekregen om een plan te bespreken.” De secretarissen van de Adviescommissies die bij het gesprek aanwezig zijn, geven aan dat het lastig is in te schatten hoeveel tijd een behandeling vergt. Saman herkent dat wel en benadrukt dat een voorzitter soms ook streng moet zijn: “We hadden laatst een architect die ging in zijn presentatie heel ver terug in de geschiedenis. Dan moet je het toch echt na 10 minuten afkappen.
Soms is dat best jammer, omdat het interessante materie is.” Post: “Ik snap dat ook wel, mensen gaan vaak helemaal op in hun eigen plan.” In dergelijke gevallen, zo geven de voorzitters aan, is het zaak om erop te wijzen dat de commissieleden alle relevante stukken al vooraf hebben bestudeerd. Het gesprek met de commissie kan dan vervolgens echt over het architectonisch concept gaan en
36
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
wat daarvan de consequenties zijn. Kingma leert uit deze gedachtewisseling dat ze in het vervolg bewust meer tijd gaat innemen voor het gesprek met de indieners: “Op het moment dat ik mijn samenvatting geef, is het goed om bewust vijf minuten met de leken aan tafel te spreken: is de boodschap inderdaad overgekomen? Soms onderschatten we dat er bij een indiener best veel spanning aanwezig is. Voor een architect is de gang naar een commissie iets dat bij het vak hoort maar voor een opdrachtgever, die één keer in zijn leven iets bouwt, kan het heel indringend zijn.” Dat het vooraf niet duidelijk is hoe lang de behandeling van een plan gaat duren, hangt ook samen met het feit dat er tussen de leden van de commissie geen inhoudelijk vooroverleg plaatsvindt. Van den Heiligenberg vindt dat juist een sterk punt van de werkwijze: “De discussie vindt ter plekke plaats en dat is heel goed. Anders krijgt de indiener misschien nog meer het gevoel dat hij tegenover één front zit.”
Beter overbrengen Overschakelend naar de meerwaarde van het advieswerk, leidt dit naar zijn idee “geen enkele twijfel.” Saman valt daarin bij: “Voor gemeenten zijn wij belangrijk c.q. we zouden door hen belangrijk gevonden moeten worden. Indieners en ook hun ontwerpers vinden het vaak wel spannend als ze bij ons aan tafel schuiven, maar de aangedragen verbeterpunten worden in de regel zeer gewaardeerd. Daar kunnen ze weer verder mee.” Post: “De kwaliteit van plannen wordt echt verhoogd. En dan niet alleen in architectonisch
“ De discussie vindt ter plekke plaats
en dat is heel goed. Anders krijgt de indiener misschien nog meer het gevoel dat hij tegenover één front zit.”
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
37
opzicht maar ook in de manier waarop plannen iets doen met de plek zelf. De commissieleden brengen veel knowhow mee.” Chagrijn is er ook, aldus Saman. Bij gemeenten hoort hij nog regelmatig geklaag over welstand. “Blijkbaar moeten we dat nog beter overbrengen, ook bij ambtenaren: deze manier van werken verhoogt uiteindelijk de leefbaarheid ter plaatse. Mijn ervaring bij de commissie is ook dat de meeste mensen met een positief gevoel weer de deur uitgaan. De leden schieten een ontwerp nadrukkelijk niet af, ze geven aan hoe het beter kan.” Kingma heeft een suggestie: “Laat bestuurders en ambtenaren gewoon een keer bij de commissie aanwezig zijn, dit kan ook digitaal. Dan zien en horen ze dat de sfeer heel open en constructief is.” Uiteraard komt het dan, alle positiviteit ten spijt, ook nog wel voor dat indieners ontevreden zijn. Van den Heiligenberg: “Er zijn opdrachtgevers bij die voor de vierde keer met een verkeerd plan komen en echt niet willen luisteren. Maar dat zijn echt incidenten.”
als handhaving en de bescherming van erfgoed. Ook trends in nieuwe soorten gebouwen kunnen door de commissie worden gesignaleerd, zo geeft Saman
38
Post wijst erop dat sommige opdrachtgevers een plan direct indienen als
aan bij het einde van het gesprek: “We zien in het landelijk gebied bijvoorbeeld
een definitieve aanvraag: “Waarbij het dan soms beter zou zijn om eerst een
de opkomst van de tweede generatie mestvergisters. Enorme constructies
vooroverleg te hebben. Ik wijs de mensen daar ook op: bent u zich bewust van
van 13 m hoog en 20 m in doorsnede. En ook nog op enige afstand van de
de mogelijke consequenties?” Ook voor gemeenten ligt hier een belangrijke
boerderij geplaatst in verband met de veiligheid. Ik vind dat wij dan de taak
voorlichtende taak, zo wordt aan tafel geconcludeerd.
hebben om een gemeente daarop te wijzen.”
Nuttige intervisie
Een laatste punt betreft de intervisie die Libau toepast bij de commissies.
Over de gemeenten gesproken, de vier voorzitters zijn er een warm
De voorzitters stellen daar zeker prijs op, zo blijkt. Saman: “Ik haalde daar
voorstander van dat de commissies breder worden ingezet dan om zich louter
een aantal nuttige tips uit. En een volgende keer vind ik het ook prima
over bouwplannen te buigen. Saman: “Er zit een commissie met veel kwaliteit
om persoonlijke feedback te krijgen, altijd leerzaam.” Kingma kan het
en deskundigheid, benut dat!” Van den Heiligenberg: “Wij hebben bijvoorbeeld
onderschrijven: “Prima om dat één keer per jaar te doen. Het is eerder gezegd:
in onze commissie een goed gesprek gehad over de maatregelencatalogus
we willen daar niet als één front zitten. Ook kan er soms de neiging zijn dat wij
die voor de gemeente Noordenveld is opgesteld over de verduurzaming van
zelf denken dat we heel goed bezig zijn, maar dat indieners daar heel anders
panden in Veenhuizen. Dan gaat het dus niet over een individueel bouwplan
over denken en ter plekke helemaal uit hun dak gaan. In dat geval is het goed,
maar over een overkoepelende aanpak. Ik was daar wel enthousiast over.” Op
denk ik, om na de vergadering even kort met elkaar te evalueren. Ook wij
eenzelfde manier worden commissies bijvoorbeeld betrokken bij onderwerpen
kunnen als voorzitter daarvan leren.”
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
Aan tafel Wiepkjen Kingma Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Drentse gemeenten Taco van den Heiligenberg Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Drentse gemeenten Maarten Post Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten Anton Saman Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten Sanne Tillema Monumentenadviseur en secretaris Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Drentse gemeenten Aron Banninga Monumentenadviseur en secretaris Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten Jan Arend Mulder Rayonarchitect/Programmaleider adviescommissies (gespreksleider)
Jaarverslag 2024
5. Vier voorzitters van de Adviescommissies over het belang van een goed gesprek
39
6. Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (STERK) Steden, dorpen en landschappen zijn continu in ontwikkeling; op kleine en grote schaal vinden allerlei veranderingen plaats. Hoe blijft onze leefomgeving voor iedereen aantrekkelijk? Bij het maken van fijne plekken om te wonen, werken en recreëren zijn we op verschillende manieren betrokken.
Versterken van netwerken en delen van kennis Denk aan spreekuren, werkplaatsen, Ruimtemakersbijeenkomsten en publicaties rond actuele thema’s. Onze inzet is grotendeels vraaggestuurd: onderwerpen ontstaan in dialoog met professionals uit het veld, op basis van concrete ondersteuningsbehoeften bij complexe ruimtelijke opgaven. Actuele thema’s die aan bod kwamen waren de energietransitie, de woningbouwopgave en de vertaalslag van omgevingsvisie naar omgevingsplan. Zo is de publicatie ‘Kwalitatieve aanpak van de woningbouwopgave’, een resultaat van de Ruimtemakersbijeenkomsten
Het team Ruimtelijke Kwaliteit ondersteunt gemeenten in hun rol als regisseur en opdrachtgever op het gebied van omgevingskwaliteit. Met onze expertise dragen we bij aan de ontwikkeling van beleid en de uitvoering daarvan binnen de Groninger en Drentse gemeenten.
in 2023. Deze werd op 26 maart 2024 door Dorien Fröling overhandigd aan gedeputeerde Susan Top. Het werkschrift kwam tot stand met steun van de provincie Groningen en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Vijf thema’s staan hierin centraal: water en bodem sturend
In opdracht van de provincie Groningen organiseert Libau het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit. Vanuit STERK (Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit) zetten we diverse werkvormen in om kennisdeling en samenwerking te stimuleren.
Scan of klik op de QR-code om dit werkschrift te lezen.
Inloopbijeenkomst in Warffum Foto: Ronnie Zeemering
40
Jaarverslag 2024
6. Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (STERK)
Foto: Ronnie Zeemering
(in samenwerking met LAOS Landschapsarchitecten), identiteit,
De vanzelfsprekende opgave
anders wonen, fabrieksmatig bouwen en kwaliteitsafspraken. Eén van de doelstellingen van het Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (STERK) is het vergroten, delen en toepassen van kennis over ruimtelijke kwaliteit. Daarmee helpen we gemeenten, waterschappen en de provincie om de maatschappelijke uitdagingen in het juiste perspectief te plaatsen. In dat kader organiseert het steunpunt in Groningen meerdere keren per jaar zogenaamde Ruimtemakersbijeenkomsten.
In 2024 organiseerden we vier Ruimtemakersbijeenkomsten Foto: Ronnie Zeemering
Lees de publicatie: scan of klik op de QR-code. Het maken van ruimtelijke plannen vraagt om een zorgvuldige voorbereiding. Net zoals een goede aanloop nodig is om over een sloot te springen, leidt een doordachte start tot een sterker plan. Deze conclusie trekken Libau en GRAS op basis van de analyse van diverse voorbeeldplannen. In opdracht van de provincie Groningen worden deze inzichten vertaald in de handreiking De vanzelfsprekende opgave. Dit document biedt concrete richtlijnen en praktische voorbeelden om de kwaliteit van ruimtelijke plannen te verbeteren. De handreiking is in de eerste helft van 2025 gelanceerd en helpt gemeenten, ontwerpers en andere betrokkenen bij het ontwikkelen van toekomstbestendige en goed ingebedde plannen.
Jaarverslag 2024
6. Steunpunt Ruimtelijke Kwaliteit (STERK)
41
7. Nieuwe gemeentewerf voor gemeente Noordenveld, op circulaire basis Gemeenten begeleiden en toetsen niet alleen de plannen van initiatiefnemers, in sommige gevallen nemen ze ook zelf de rol van opdrachtgever op zich. Zoals in de gemeente Noordenveld waar behoefte was aan nieuwe huisvesting voor de gemeentewerf. Vanuit de duurzaamheidsambities van Noordenveld ontstond een bijzonder ontwerp, met volop aandacht voor duurzaamheid. Wethouder Kirsten Ipema en projectleider Jan Louwes lichten de totstandkoming toe. Tekst: Kees de Graaf Fotografie: Ronnie Zeemering