CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

Energiestrategie De Wolden 2025 - 2040

Besluitvormende vergadering: “D’r op an” 30 oktober 2025, gemeente De WoldenBij agendapunt: Vaststellen ‘Energiestrategie 2025 - 2040’12.120 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ENERGIESTRATEGIE DE WOLDEN 2025-2040 OPWEK VAN DUURZAME ENERGIE

Samenvatting De opgave is om in 2040 in gemeente De Wolden volledig energieneutraal te zijn. Dat betekent dat we in De Wolden onze eigen energie opwekken. We geven hier invulling aan door eerst in te zetten op energiebesparing. De energie die we dan nog nodig hebben wekken we duurzaam op. Met deze Energiestrategie bepalen we de strategie om invulling te geven aan onze opgave voor de opwekking van duurzame energie van 0,1 Terawattuur (hierna: TWh) zoals afgesproken binnen de Regionale Energie Strategie (hierna: RES) en onze ambities voor de opwek van duurzame energie zoals die staan omschreven in de Toekomstvisie De Wolden 2022-2040 – Samen aan zet!1 (hierna: Toekomstvisie). Voor de opwekking van duurzame energie zijn de volgende doelen gesteld: • • • •

In 2030 wekt De Wolden 70% van het elektriciteitsverbruik duurzaam op. In de RES Regio Drenthe hebben we afgesproken in 2030 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit op te wekken. In 2040 wekt De Wolden alle elektriciteit die we in onze gemeente gebruiken duurzaam op. Dit ligt tussen de 0,14 en 0,16 TWh. In 2030 is het gasnetwerk van De Wolden volledig gevuld met groengas. Bij alle duurzame energieprojecten zetten we in op een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap.

We maken met de Energiestrategie nog geen keuzes welke verkenningen voor de RES-opgave in 2030 daadwerkelijk worden gerealiseerd. Hiervoor moeten eerst de verkenningen worden doorlopen. Energiestrategie voor 2030 en voor 2040 Om onze opgaven te realiseren hebben we een strategie nodig waarmee we aan onze opgave voor 2030 en aan die van 2040 kunnen gaan voldoen. Deze strategie bestaat uit verschillende bouwblokken, waarbij we de lichten donkergroene projecten zien als kansrijk om aan de opgave voor 2030 te voldoen en het paarse bouwblok inzetten om aan onze opgave voor 2040 te voldoen. Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER) N48

Zon op gebouw (>15 KW)

Erfmolens

Energiehub De Wijk 20

Kansen voor grote daken en regionaal ondersteuningsprogramma

Erfmolens tot 15 meter, met een pilot voor windmolens tot 25 meter bij (agrarische) ondernemers

Scenario’s in het zoekgebied Potentiële bijdrage RES: 0,023 TWh

Verkenning mogelijkheden zonneenergie langs de N48

Potentiële bijdrage: 0,060 TWh

Potentiële bijdrage: 0,002 TWh

Potentiële bijdrage groengas: 3 miljoen m3

Potentiële bijdrage: 0,002 TWh

Grootschalig wind

Inwonersalternatief

Groengas projecten

Dorps Energie Strategie

Verkenning mogelijkheden windenergie bij het gebied Ruinerwold Noord

Ruimte voor een plan/initiatief voor de opwek van hernieuwbare elektriciteit binnen de kaders van de RES

Maken geen onderdeel uit van de RES, maar dragen bij aan de groengas opgave

Ruimte voor lokale energieinitiatieven en een denktank voor innovatieve en creatieve oplossingen

Potentiële bijdrage: tussen de 7,2 en 8,2 miljoen m3

Potentiële bijdrage: 0,040 – 0,060 TWh

Potentiële bijdrage: 0,038 TWh

Potentiële bijdrage: onbekend

Figuur 1: Bouwblokken Energiestrategie De Wolden 2025-2040.

De lichtgroene projecten en/of verkenningen uit figuur 1 voeren we op dit moment uit om invulling te geven aan de RES-opgave voor 2030. De RES-opgave is namelijk gebonden aan landelijk afgesproken kaders en bestaat uit de opwek van hernieuwbare elektriciteit in de vorm van wind- en/of zonne-energie. Met het donkergroene blok geven we invulling aan onze groengasdoelstelling en met het paarse blok schetsen we onze inzet richting 2040. Met welke technieken we onze opgave voor 2040 kunnen invullen weten we nu nog niet. Dat komt omdat er op dit moment nog geen landelijke of regionale afspraken gemaakt zijn over hoe na afloop van de huidige RES in 2030 invulling gegeven wordt aan de opgave voor 2040. Daardoor zien we ook kansen om mogelijkheden voor innovatieve en creatieve oplossingen te verkennen die op dit moment nog geen onderdeel uit kunnen maken van de RES. Voor de Dorps Energiestrategie (hierna: DES) geldt dat het zwaartepunt van de uitvoering na 2030 komt te liggen.

2

Borging van de uitvoering Voor de realisatie en de borging van de uitvoering van de Energiestrategie geven we invulling aan de volgende activiteiten: •

•

• • •

• •

We onderzoeken de mogelijkheden om invulling aan onze RES-opgave te geven door middel van de volgende verkenningen: energiehub De Wijk 20, Opwek Energie op Rijksvastgoed (hierna: OER) N48 en de verkenning windenergie bij Ruinerwold Noord. Mochten de verkenningen kansrijk blijken en worden besloten dat daar een vervolg aan gegeven moet worden, dan zal dit in ons ruimtelijk beleid mogelijk gemaakt moeten worden. Ook staan we open voor een alternatief plan vanuit inwoners om invulling te geven aan de nog openstaande RES-opgave, mits dit voldoet aan de gestelde kaders en regelgeving. Naast de mogelijkheid voor agrariërs om erfmolens van 15 meter hoog te kunnen realiseren, nemen we deel aan de pilot Erfmolens met een hoogte van 25 meter. Hierbij zetten we in op het structureel mogelijk maken van hogere erfmolens bij (agrarische) ondernemers. We ondersteunen inwoners en ondernemers met de lopende ondersteuningsprogramma’s om zonne-energie op gebouwen te realiseren. We bieden ondersteuning bij de realisatie van groengasprojecten. Binnen de DES bieden we lokale energie-initiatieven met een DES-loket ondersteuning en ruimte om met de opwek van duurzame energie aan de slag te gaan. Ook starten we met een denktank voor innovatieve en creatieve oplossingen om duurzame energie op te wekken.

Indien nodig kijken we, als we een lokaal energie initiatief wenselijk vinden, waar ruimtelijk beleid aangepast moet worden. We starten met een pilot in twee dorpen en/of afgebakende gebieden om met een slim energiemanagementsysteem energie op te wekken, te gebruiken, te delen en op te slaan. Om de voortgang te monitoren maken we gebruik van de RES-monitor en de Regionale Klimaatmonitor. Ook wordt jaarlijks via onze begrotingscyclus (hierna: P&C-cyclus) gerapporteerd. Voor inwoners is dit inzichtelijk op onze duurzaamheidswebsite dewoldengeeftenergie.nl. In 2029 volgt een evaluatie en zo nodig een herijking van de Energiestrategie.

2025

2030

2040

Verkenningen kansrijke locaties RES

Zon op gebouw

Groengasprojecten

Dorps Energie Strategie

Figuur 2: Tijdlijn uitvoering Energietransitie

3

Inhoudsopgave Samenvatting 2 Inhoudsopgave 4 1.

Inleiding 5

2.

Onze opgave 9

3.

Leidende principes 13

4.

De opgave voor 2030 en de uitvoering

14

5.

De opgave voor 2040 en de uitvoering

19

6.

Borging van de realisatie van de Energiestrategie

21

Bijlage 1: Definities

23

Bijlage 2: Rollen & verantwoordelijkheden

26

Bronvermelding 27

4

1. Inleiding Het klimaat verandert snel en de gevolgen daarvan zien we ook in onze gemeente terug. We staan met elkaar voor een grote opgave om de opwarming van de aarde te beperken en ons aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering. Dit betekent dat we de komende decennia het fossiele energiesysteem gaan vervangen door een duurzaam energiesysteem. We gaan minder energie verbruiken en de energie die we gebruiken wordt duurzaam opgewekt. Dit is niet alleen belangrijk voor het klimaat, maar ook voor de betaalbaarheid en om minder afhankelijk te worden van het buitenland. De voorliggende Energiestrategie beschrijft hoe we in De Wolden invulling geven aan de opwek en daarmee ook de opslag en het lokale gebruik van duurzame energie voor de periode 2025-2040. De focust ligt daarbij op het voldoende opwekken van duurzame energie, maar bij ieder project en/of lokaal energie-initiatief kijken we hoe we de lokaal opgewekte energie ook zo slim mogelijk lokaal kunnen gebruiken en op kunnen slaan. De strategie omschrijft welke mogelijkheden we zien om de energieopgave te realiseren. We maken daarin nog geen expliciete keuzes. Het is dus niet zo dat in deze Energiestrategie wordt bepaald welke kansrijke initiatieven worden uitgevoerd. Hiervoor zal per initiatief aparte besluitvorming plaatsvinden.

Wel geven we een aantal randvoorwaarden mee waar duurzame energieprojecten aan moeten voldoen. Voordat we onze strategie beschrijven, gaan we eerst in op de totstandkoming van de Energiestrategie. Daarna gaan we in op de internationale en nationale afspraken die zijn gemaakt waar deze Energiestrategie aan moet voldoen. Vervolgens gaan we in op de opgave waaraan we moeten voldoen, waar deze Energiestrategie wel en niet over gaat en welke verantwoordelijkheden er bij de gemeente liggen. Totstandkoming van de Energiestrategie: via twee sporen invulling geven aan de opgave De totstandkoming van de Energiestrategie voor duurzame opwek van De Wolden startte toen de gemeenteraad in mei 2020 instemde met de Concept RES regio Drenthe en in juni 2021 de RES 1.0 regio Drenthe2 vaststelde. In onze Toekomstvisie hebben we vervolgens de gemeentelijke ambities voor de opwek van duurzame energie vastgelegd en is afgesproken om via twee sporen invulling te geven aan deze ambities. Namelijk, met een aanpak per dorp met de Dorps Energie Strategie (hierna: DES) en door het kijken naar kansen voor grootschalige opwek van duurzame energie. Door het omarmen van kansen, zoals Energiehub De Wijk 20, waar de NAM eerder dan verwacht haar activiteiten heeft beëindigd, is de hier voorliggende strategie later tot stand gekomen dan gepland.

Met deze strategie kiezen we ervoor door te gaan met de twee sporen en bestendigen we de uitvoering die we zijn gestart. Leren van de Dorps Energie Strategie Ansen Sinds 2021 doen we in Ansen ervaring op met het verduurzamen van dorpen en buurten. Samen met energiecoöperatie energieKansen, inwoners en andere betrokkenen werken we aan een DES om Ansen in 2028 energieneutraal te maken. Deze samenwerking heeft geleid tot het eerste DES3, waarin de plannen en stappen staan beschreven. De lessen die we hier leren, gebruiken we voor onze bredere aanpak richting 2040. Kansen grootschalige opwek benutten Naast de DES hebben we gekeken naar de kansen voor de grootschalige opwek van duurzame energie. Zo hebben we onderzocht waar het ruimtelijk gezien mogelijk is om in onze gemeente wind- en/of zonne-energie op te wekken. Op basis van dit verkennende onderzoek hebben we mogelijkheden in kaart gebracht die we op dit moment verder aan het verkennen zijn en die we in dit document beschrijven. Ook heeft zich een aantal kansen en ontwikkelingen binnen onze gemeente voorgedaan, zoals Energiehub De Wijk 20 en OER A28/N48. Het Klimaatakkoord van Parijs Om klimaatverandering te beperken, is in 2015 met het Klimaatakkoord van Parijs (hierna: Parijsakkoord) afgesproken dat de opwarming van de aarde wordt beperkt tot minder dan twee graden Celsius ten opzichte van het pre-industriële tijdperk.

Het streven is echter om de opwarming beperkt te houden tot anderhalve graad. Om dit doel te halen dienen landen veel minder CO2 uit te stoten. De Nederlandse Klimaatwet en het Klimaatakkoord De afspraken uit het Parijsakkoord zijn in Nederland uitgewerkt in het Klimaatakkoord. Hierin staat dat we in 2030 49% minder CO2 uitstoten dan in 1990. Meer dan 100 bedrijven, organisaties en overheden, waaronder gemeenten, hebben hieraan meegewerkt. In 2021 besloten de Europese landen dat er nog meer nodig is: 55% minder uitstoot van broeikasgassen in 2030. Deze doelen staan in de Europese Klimaatwet en zijn vertaald naar de Nederlandse Klimaatwet. Daarin staat ook dat we in 2050 netto geen CO2 meer mogen uitstoten.

5

De Klimaatwet en het Klimaatakkoord betekenen een grote opgave voor de gemeente. In het Klimaatakkoord staat de opgave om voldoende hernieuwbare energie op te wekken in 2030. Namelijk ten minste 35 Terawattuur (hierna: TWh4) aan hernieuwbare elektriciteit op land en 49 TWh aan hernieuwbare elektriciteit op zee. Hernieuwbare elektriciteit bestaat volgens het Klimaatakkoord uit windturbines op zee, windturbines op land en uit zonnepanelen op daken en zonnevelden. Het Nationaal Plan Energiesysteem In het Nationaal Plan Energiesysteem5 (hierna: NPE) staan de richtlijnen omschreven voor een klimaatneutraal energiesysteem in 2050, met nadruk op duurzame energiebronnen zoals zonne-, wind- & kernenergie, en aardwarmte. In het plan staat een langetermijnvisie op het energiesysteem in 2050 en wordt omschreven wat de Rijksoverheid en andere overheden (gemeenten, provincies) moeten doen om in 2050 een klimaatneutraal energiesysteem te realiseren. In het NPE heeft de Rijksoverheid de ambitie uitgesproken om in 2035 alle elektriciteit duurzaam op te wekken. De Regionale Energiestrategieën De Regionale Energiestrategieën (hierna: RES) vloeien voort uit het Klimaatakkoord. De RES bestaat uit 30 verschillende energieregio’s bestaande uit lokale en regionale overheden.

Met elkaar werken 30 verschillende energieregio’s samen om ten minste 35 TWh aan hernieuwbare elektriciteit op te wekken in 2030, met een streven naar 55 TWh. De regio’s hebben bij elkaar een bod gedaan dat opgeteld leidt tot 55 TWh aan hernieuwbare elektriciteit in 2030. In Drenthe werken we samen binnen de RES-regio Drenthe. Gezamenlijk hebben de provincie Drenthe en de Drentse gemeenten afgesproken om in 2030 3,45 TWh aan hernieuwbare elektriciteit in de vorm van wind- of zonne-energie op te wekken. Ter vergelijking: dit staat gelijk aan ongeveer een kwart van het Drentse energieverbruik. De gemeenteraad van De Wolden heeft in 2021 besloten dat De Wolden in 2030 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit gaat opwekken. De RES loopt in ieder geval tot en met 2030 door. Op dit moment is onbekend hoe de Rijksoverheid de opwek van duurzame energie na 2030 vorm wil geven. Onze opgave en doelen De opgave is om in 2040 in gemeente De Wolden volledig energieneutraal te zijn. We geven hier invulling aan door eerst in te zetten op energiebesparing. De energie die we dan nog nodig hebben wekken we duurzaam op met duurzame elektriciteit en groengas. Met deze Energiestrategie bepalen we hoe we duurzame energie gaan opwekken. We willen 0,1 TWh opwekken, zoals afgesproken in de RES en voldoen aan onze ambities uit onze Toekomstvisie. Hiervoor hebben we duidelijke doelen opgesteld: • • • •

4

In 2030 wekt De Wolden 70% van het elektriciteitsverbruik duurzaam op. In de RES Regio Drenthe hebben we afgesproken in 2030 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit op te wekken. In 2040 wekt De Wolden alle elektriciteit die we in onze gemeente gebruiken duurzaam op. Dit ligt tussen de 0,14 en 0,16 TWh. In 2030 is het gasnetwerk van De Wolden volledig gevuld met groengas. Bij alle duurzame energieprojecten zetten we in op een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap.

Terawattuur is een energie-eenheid die wordt gebruikt om de hoeveelheid geproduceerde of gebruikte energie, elektriciteit of warmte uit te drukken.

6

Scope en afbakening van de Energiestrategie duurzame opwek

Toekomstvisie De Wolden 2022-2040

Opwek Regionale Energie Strategie Drenthe 1.0

Energiestrategie De Wolden 2025-2040

Warmte (vraag naar energie) Warmteprogramma 2025-2030 Energiebesparing

Kansrijke projecten/ initiatieven grootschalige opwek: een plan en/of een besluit per project of initiatief

Dorps Energie Strategie: een plan voor de opwek, besparing en opslag van energie per dorp

Actieplan Duurzaamheid 2025-2027 Uitvoeringsplan per wijk, dorp of gebied

Figuur 3: Schematische weergave van de verhouding tussen de beleidsdocumenten.

Deze Energiestrategie gaat over het opwekken, opslaan en slim gebruiken van duurzame energie. Het gaat niet over energiebesparing, het aardgasvrij maken van woningen of het hele energiesysteem. Die onderwerpen staan in andere plannen. • •

Energiebesparing en hulp aan inwoners en bedrijven staan in het Actieplan Duurzaamheid 2025–20276. Aardgasvrij verwarmen komt in het Warmteprogramma (voorheen: Transitievisie Warmte7) en in Uitvoeringsplannen per gebied, wijk of dorp. Daarin staat ook welke plek groengas krijgt om de gebouwde omgeving te verwarmen.

Er is natuurlijk wel een koppeling tussen de vraag naar energie en de opwek ervan. Hoeveel duurzame energie we in 2040 op moeten wekken hangt namelijk af van keuzes die we maken op andere terreinen, zoals het Warmteprogramma en het Uitvoeringsplan. Daarom leggen we een verbinding tussen de DES en de Uitvoeringsplannen voor de warmtetransitie. Juist omdat de energievraag en -besparing in het gebied waar die plannen over gaan een belangrijke rol spelen. Immers: hoe minder energie we gebruiken, hoe minder we hoeven op te wekken. Rol van de gemeente Samen werken we aan de doelen van de Energiestrategie. De gemeente zorgt ervoor dat landelijke en regionale doelen worden vertaald naar plannen voor onze eigen omgeving. Daarbij heeft de gemeente verschillende taken en verantwoordelijkheden. In bijlage 2 staat per onderdeel van de Energiestrategie wat de gemeente doet en welke rol zij speelt. Bij elk onderdeel werken we samen met bewoners, ondernemers en andere betrokkenen in het gebied. Ook werken we bij alle projecten en onderzoeken samen met netbeheerders Enexis en Rendo, energiecoöperaties en lokale energie-initiatieven. Deze partijen hebben allemaal hun eigen rol in de energietransitie. •

•

Netbeheerder Enexis zorgt voor een betaalbare en betrouwbare infrastructuur voor elektriciteit. Dit omvat het onderhouden en aanleggen van kabels, leidingen en stations, het aansluiten van gebouwen en oplossen van storingen. Netbeheerder Rendo beheert in onze gemeente het gasnetwerk. Rendo speelt daarmee een belangrijke rol in de uitfasering van aardgas en de ontwikkeling van duurzame gassen.

7

•

Energiecoöperaties of lokale energie-initiatieven zijn lokale initiatieven waarbij bewoners samenwerken om duurzame energie op te wekken, te besparen en te gebruiken. Ze spelen een cruciale rol in het stimuleren van lokale betrokkenheid en participatie in de energietransitie.

Leeswijzer De opbouw van de Energiestrategie is als volgt: • • • • •

8

Hoofdstuk 2 schetst een beeld van de opgave waar we als gemeente voorstaan. Hoofdstuk 3 gaat in op de principes die we bij alle projecten hanteren. Hoofdstuk 4 gaat over onze inzet voor de opgave tot 2030 en de uitvoering. Hoofdstuk 5 omschrijft de aanpak voor onze opgave tot 2040 en de uitvoering. Hoofdstuk 6 maakt inzichtelijk hoe de Energiestrategie wordt geborgd (herijkt en gemonitord).

2. Onze opgave In 2040 willen we 100% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam opwekken. In 2030 wekken we 70% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam op, daarover hebben we afspraken gemaakt in de RES Regio Drenthe. Ook is in 2030 ons gasnetwerk volledig gevuld met groengas. Eerst schetsen we onze opgave richting 2030. Vervolgens geven we inzicht in hoe we er nu voorstaan. Daarna gaan we in op onze opgave richting 2040. Opgave hernieuwbare elektriciteit voor 2030 In de RES Regio Drenthe hebben we afgesproken dat De Wolden in 2030 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit opwekt. De RES bestaat uit afspraken over de opwek van hernieuwbare elektriciteit en mag alleen worden ingevuld met zonne-energie op gebouwen of velden, of met windenergie. De gemeenteraad heeft bij de vaststelling van de RES in 2021 bepaald met welke methoden we elektriciteit gaan opwekken: • • • •

0,06 TWh door zonne-energie op gebouwen. 0,037 TWh door een nog nader vast te stellen opwekmethode (techniekneutraal). 0,002 TWh door wind op land. 0,001 TWh door zon op veld.

RES 1.0 De Wolden Zonne-energie op dak 0,06TWh Techniek Neutrale energie 0,037TWh Wind-energie 0,002TWh Zonne-energie op land 0,001TWh

Figuur 4: Onderverdeling RES 1.0 De Wolden.

Wat is 0,1 TWh Om duidelijk te maken wat 0,1 TWh aan hernieuwbare elektriciteit is, gebruiken we het overzicht hieronder. Dit is een schatting. De cijfers kunnen afwijken door nieuwe ontwikkelingen en innovaties. In deze vergelijking hebben we alleen gekeken naar oplossingen die meetellen voor het RES-bod.

Figuur 5: Vergelijking tussen hernieuwbare energieoplossingen (indicatief).

9

Huidige stand van zaken Tot en met 2024 is de RES-doelstelling voor de Wolden voor 20% gerealiseerd. De verdeling van de gerealiseerde energie-opwek met de verschillende technieken staat weergegeven in de onderstaande tabel.

Zon op gebouw

Techniekneutraal*

Erfmolens 15-25m

Zon op veld >15kw

Totaal

Doelstelling (TWh)

0,06 TWh

0,037 TWh

0,002 TWh

0,001 TWh

0,1 TWh

Realisatie 2024

0,019 TWh

0 TWh

0,001 TWh

0 TWh

0,02 TWh

Realisatie RES2030 (%)

32%

0%

50%

0%

20%

*De energie opwektechniek moet nog worden besloten. Figuur 6: Realisatie RES-doelstellingen tot en met 2024. Bron: res.drentheincijfers.nl

Met een realisatiegraad van 20% van onze RES-doelstellingen loopt de gemeente achter op het Drentse gemiddelde. In Drenthe is met 2,01 TWh, 58% van de doelstelling van 3,45 TWh gerealiseerd (peildatum 31 december 2024). In De Wolden vullen we op dit moment onze RES-opgave alleen in met zon-op-gebouw (19%) en met erfmolens (1%). Belangrijk om aan te geven is dat alleen grootschalige zonne-installaties op gebouwen meetellen8. Kleinere zonne-installaties tellen in eerste instantie niet mee voor de RES-opgave. Wanneer de landelijke doelstelling van 7 TWh is gerealiseerd, dan tellen de kleinschalige installaties (+/- <50 panelen) onder bepaalde voorwaarden wel mee9. Dit zijn de zonne-installaties die we vaak terugzien op woningen en/of kleine bedrijfspanden. Op dit moment wekken inwoners in onze gemeente 0,017 TWh op met kleinschalige installaties (cijfers 2023). Daarom verwachten we dat de kleinschalige installaties na het behalen van de landelijke doelstelling geen significante bijdrage gaan leveren aan onze RES-opgave. Kortom, in De Wolden moeten we nog 80% van de RES-opgave van 0,1 TWh realiseren vóór 2030 (peildatum 31 december 2024).

Ruimtelijke verkenning wind- en zonne-energie Om in kaart te brengen welke mogelijkheden er zijn om onze RES-opgave in te vullen, heeft de gemeente in 2024 aan onderzoeksbureau Pondera gevraagd om de ruimtelijke mogelijkheden voor wind- en/of zonne-energie in kaart te brengen10. Uit deze verkenning blijkt dat er mogelijkheden zijn in onze gemeente om wind- en/of zonneenergie op te wekken. Bij zonne-energie is nog geen rekening gehouden met strengere regels voor zonnevelden op landbouwgrond. Hieronder gaan we hier verder op in. Landelijke en provinciale kaders en regelgeving De gemeente moet zich houden aan landelijke en provinciale regelgeving voor de opwek van duurzame energie. Zo is met de RES, die loopt tot 2030, afgesproken dat de opwek van hernieuwbare elektriciteit op land moet worden ingevuld met grootschalige wind- en/of zonne-energie op land. Ook moet iedere gemeente de eigen RES-opgave invullen en realiseren binnen de gemeentegrenzen. Voor grootschalige windenergie gelden er regels. In de Provinciale Omgevingsverordening (hierna: POV) staat dat grootschalige windenergie is toegestaan mits dit aan een aantal ruimtelijke en landschappelijke voorwaarden voldoet. Ook moeten windmolens voldoen aan alle geldende regelgeving, onder andere op het gebied van geluid, slagschaduw, veiligheid, milieu en natuur.

Sinds 30 juni 2021 moet het Rijk, de provincie of de gemeente zelf beoordelen hoeveel geluid en slagschaduw windmolens in de buurt bij huizen mogen veroorzaken. Dit komt door een uitspraak van de Raad van State11. Wel werkt de Rijksoverheid aan nieuwe milieunormen voor wind op land. Naast strengere geluidsnormen komt er waarschijnlijk ook een harde afstandsnorm ten opzichte van woningen en andere geluidsgevoelige objecten van twee keer de tiphoogte (de hoogte van de mast plus de wieklengte). Dit blijkt uit de nieuwe landelijke milieunormen die tot 12 oktober 2023 ter inzage hebben gelegen. Echter, het Rijk heeft deze nieuwe normen nog niet vastgesteld. Vooralsnog blijft de tijdelijke overbruggingsregeling van kracht tot eind 202612. Dit betekent dat lokale overheden zelf op basis van een Milieu Effecten Rapportage (hierna: MER) milieunormen vast moeten stellen.

Een veld of een dak met zonnepanelen is ‘grootschalig’ als het vermogen van de panelen samen groter is dan 15 KW. Dat komt overeen met 43 zonnepanelen van 350 wattpiek. De grens van 15 KW is het minimum waarvoor subsidie verleend kan worden via de SDE-regeling. 9 In het Klimaatakkoord is afgesproken dat kleine zonne-installaties in eerste instantie niet meetellen voor de RES-opgave en meetellen als autonome groei voor de landelijke opgave. Kleinschalige zonne-installaties tellen mee zodra de landelijke drempelwaarde van 7 TWh is gerealiseerd. Zodra alle regio’s samen ten minste 35 TWh opwekken, dan wordt duidelijk of en hoeveel kleinschalige zonne-installaties mee kunnen tellen voor onze RES-opgave van 0,1 TWh. 8

10

Als we kijken naar toekomstig provinciaal beleid, dan heeft de provincie Drenthe aangegeven dat bij het ontwikkelen van een visie op de energievoorziening richting 2050 als vertrekpunt wordt gehanteerd dat er, nadat de RES-opgave is gerealiseerd, geen nieuwe grootschalige zon- en windmolenparken worden toegevoegd aan Drenthe13. Wel lijkt er ruimte te blijven voor kleinschalige windenergie die bestemd is voor lokaal verbruik, zoals een dorpsmolen of windenergie bij bedrijventerreinen. Waarom geen grote zonnevelden op landbouwgrond? Uit de Ruimtelijke verkenning wind- en zonne-energie die door onderzoeksbureau Pondera is uitgevoerd, blijkt dat we in onze gemeente veel potentieel hebben voor zonne-energie op landbouwgrond. Echter, door strengere regels vanuit de Rijksoverheid14 kan alleen nog onder een drietal uitzonderingen een zonneveld op landbouwgrond worden toegestaan. Als we kijken naar de drie uitzonderingen, dan hebben we in onze gemeente geen grote transitiegronden15 om aanspraak te maken op deze uitzondering. Ook zijn er op dit moment geen mogelijkheden om zonne-energie bij een bestaand windmolenpark aan te sluiten om aanspraak te maken op de uitzondering met betrekking tot een efficiënt gebruik van het elektriciteitsnet. De uitzondering die dan overblijft luidt multifunctioneel landgebruik door agri-pv.

De Wageningse Universiteit (hierna: WUR) omschrijft hiervoor een tweetal opties: deels transparante overkapping of een verticaal systeem16. Als we vervolgens kijken naar de opbrengsten per hectare dan geldt dat we voor een deels transparante overkapping 41 ha nodig hebben om de techniekneutrale ambitie van 0,037 TWh in te vullen. Kiezen we voor een verticaal systeem, dan is een ruimtebeslag van 102 ha vereist. De provinciale Omgevingsverordening staat maximaal 38 ha aan zon op veld toe in gemeente De Wolden. Dit maakt dat we binnen de huidige regelgeving onvoldoende mogelijkheden lijken te hebben om onze RES-opgave met alleen zonne-energie in te vullen. Daarom kiezen we ervoor om, naast de mogelijkheden voor zon-op-water bij De Wijk 20, de mogelijkheden voor windenergie in onze gemeente te verkennen. Verzwaring van het elektriciteitsnet Het elektriciteitsnet is in Nederland overbelast. Daarom is het voor inwoners en bedrijven steeds lastiger om zelf duurzame energie op te wekken. Denk aan zonnepanelen die uitvallen op hele zonnige dagen, aan woningen die niet aangesloten kunnen worden op het elektriciteitsnet of aan bedrijven die hun zonne-energie niet terug kunnen leveren. We werken daarom samen met de netbeheerders, buurgemeenten en de provincie om het elektriciteitsnet zo snel mogelijk te verzwaren en slimmer gebruik te maken van het elektriciteitsnet.

Ook kijken we naar oplossingen om slim gebruik te maken van de capaciteit die er nu al beschikbaar is. De verwachting is dat er rond 2030 meer capaciteit op het elektriciteitsnet beschikbaar komt. Opgave groengas voor 2030 In 2023 gebruikten we in De Wolden 12,3 miljoen m3 aan aardgas voor woningen. Het totale aardgasverbruik van alle bedrijven en instellingen lag in 2022 afgerond op 4,2 miljoen m3 (bron: Klimaatmonitor). Actuelere cijfers zijn op dit moment niet beschikbaar. Opgeteld betekent dit een aardgasverbruik van ongeveer 16,5 miljoen m3. Als De Wolden inzet op een reductie van het aardgasverbruik van tussen de 30 en 50% in 2030, dan komt de totale groengasopgave voor 2030 tussen de 8,3 en 11,6 miljoen m3 aan groengas te liggen. Deze bandbreedte is echter een grove inschatting, gebaseerd op de aangenomen daling van 5% per jaar zoals tussen 2022 en 2023 het geval was (bron: CBS). Door isolatie, door elektrificatie van de warmtevoorziening van woningen en de verduurzaming van bedrijfsprocessen verwachten we de komende jaren een verdere daling van het aardgasverbruik. In De Wolden hebben we met de lopende verkenningen en/of projecten een potentieel van tussen de 7,2 en 8,2 miljoen m3 aan groengas. Willen we de doelstelling halen, dan zullen er naar verwachting groengasprojecten bij moeten komen. De daadwerkelijke inschatting maken we in het Warmteprogramma.

15 Transitiegronden zijn landbouwgronden die op basis van bestuurlijk bindende afspraken in transitie zijn, bijvoorbeeld gronden die in de toekomst een andere bestemming krijgen zoals woon-werk-bestemming, recreatie of overgang naar natuur of gronden die minder geschikt worden voor een landbouwfunctie door verzilting, vernatting of bodemdaling. Zon-PV draagt financieel bij aan het mogelijk maken van de gebiedsgerichte opgaven voor een maximale periode (30 jaar), waarna de gebieden hun definitieve bestemming zullen krijgen.

11

Opgave richting 2040 In 2040 willen we 100% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam opwekken. Hoe groot deze opgave precies is, dat weten we op dit moment nog niet. Dat hangt namelijk af van vele factoren. Denk aan de groei van het aantal woningen en bedrijven, de groei van het aantal elektrische auto’s, de mate waarin bedrijven hun bedrijfsprocessen gaan elektrificeren en hoeveel woningen er verwarmd gaan worden met warmtepompen. In het onderstaande overzicht hebben we een inschatting gemaakt voor het totaal voorspelde elektriciteitsverbruik in De Wolden in 2040. In dit overzicht spreken we over 0,155 TWh, gebaseerd op een aantal aannames. Gezien het grote aantal onzekerheden en afhankelijkheden gaan we als gemeente uit van een bandbreedte tussen de 0,14 en 0,16 TWh. Elektriciteitsverbruik De Wolden 2023

83 GWh

Woningtoename 2030 (+10%)

7 GWh

Elektriciteitsverbruik e-auto 2030 (40% hh)

17 GWh

Totaal voorspeld elektriciteitsverbruik De Wolden 2030

107 GWh / 0,107 TWh

60% v.d. woningen (hybride) warmtepomp (COP4) in KWh

23 GWh

Elektriciteitsverbruik e-auto 2040

25 GWh

Totaal voorspeld elektriciteitsverbruik De Wolden 2040

155 GWh / 0,155 TWh

Figuur 7: Inschatting opgave richting 204017

Invulling van de opgave Voor de hernieuwbare elektriciteitsopgave van 2030 gaan we uit van al bewezen technieken en van de afspraken zoals die zijn gemaakt in de Regionale Energie Strategieën. Richting 2040 zien we ook ruimte voor andere innovatieve technieken om voldoende hernieuwbare elektriciteit op te wekken. Initiatieven vanuit de dorpen krijgen vorm in een plan per dorp, ofwel een DES.

17 Voorspellingen met betrekking tot het elektriciteitsverbruik van de warmtepomp zijn gebaseerd op cijfers van de Klimaatmonitor, met een inschatting van het aantal geïnstalleerde warmtepompen, waarbij nog geen rekening is gehouden met een energiebesparing van 10-20% bij de slecht geïsoleerde woningen (D, E, F & G-labels) en de plannen uit het Warmteprogramma. Het verbruik van de elektrische auto is gebaseerd op cijfers van het CBS uit 2022 met 2.818 bedrijfsauto’s die gemiddeld 20.500 kilometer rijden en 14.555 personenauto’s die gemiddeld 12.400 kilometer per jaar rijden. Daarbij is uitgegaan van een gemiddeld stroomverbruik van 17,5 KWh per 100 kilometer.

12

3. Leidende principes De energietransitie is een grote opgave die we alleen met elkaar kunnen laten slagen. De opwek van duurzame energie vraagt om veel ruimte en we begrijpen dat dit hinder met zich mee kan brengen. Daarom willen we hier samen met inwoners en betrokkenen invulling aan geven. Zoals in de Toekomstvisie staat omschreven: we zijn samen aan zet! Samen met inwoners, ondernemers en andere betrokkenen. We willen we de lasten zoveel mogelijk beperken en de lusten (lees: de opbrengsten) zo eerlijk mogelijk verdelen. De uitdaging waar we met elkaar voor staan is het vinden van een evenwicht tussen de lusten en de lasten. Op deze manier kan onze maatschappelijke opgave voor de opwek van duurzame energie worden gerealiseerd in combinatie met een zo groot mogelijk draagvlak in de samenleving. De opgaven die voor ons liggen, vullen we daarom in door de mogelijkheden in kansrijke gebieden te benutten en door ruimte te geven aan initiatieven uit de samenleving. Zo kunnen wij de doelstellingen voor de RES en de ambitie voor De Wolden in 2040 met elkaar waarmaken. Binnen deze opgave hanteren we de volgende principes, gebaseerd op onze Toekomstvisie, die leidend zijn bij de verdere uitwerking: •

•

•

• •

•

•

We wekken in De Wolden onze eigen energie op: we nemen in De Wolden onze verantwoordelijkheid en wekken zo veel als mogelijk onze eigen energie op. We maken gebruik van de bronnen waarover we in onze gemeente beschikken. We zetten in op een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap voor projecten in De Wolden: als we in De Wolden onze eigen energie opwekken, dan willen we ook dat deze duurzame energieprojecten in lokaal eigendom zijn van inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden uit onze gemeente. Zo hebben we zelf zeggenschap over wat er met de opbrengsten van de projecten gebeurt en zorgen we ervoor dat de opbrengsten van de opgewekte energie bij de inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden in onze gemeente terechtkomt. We gaan zuinig om met onze ruimte en ons mooie landschap in De Wolden: de energietransitie vraagt om veel ruimte en dit heeft impact op ons landschap. We maken daarom afgewogen keuzes en proberen ons landschap zoveel mogelijk te sparen. Onder andere door zoveel mogelijk zonnepanelen op daken te plaatsen en inwoners en ondernemers hierbij te helpen. We proberen hinder zoveel mogelijk te voorkomen: samen met inwoners en experts kijken we naar oplossingen om de hinder bij hernieuwbare energieprojecten zoveel mogelijk te voorkomen.

We betrekken inwoners, organisaties en bedrijven van De Wolden om de energietransitie samen vorm te geven: op het moment dat we met een project aan de slag gaan, doen we dat met een gebiedsproces. Hierbij kunnen inwoners, organisaties, bedrijven en overige belanghebbenden meedenken en meedoen. We zetten daarbij in op lokale initiatieven. We maken slimme keuzes voor energie opwek en energie-infrastructuur: we proberen waar mogelijk opwek, verbruik en opslag zoveel mogelijk met elkaar te combineren, maar nemen daarbij ook de impact op omwonenden, de ruimte en het landschap mee in de afwegingen die we maken. De opwek van duurzame energie bij projecten in De Wolden is rechtvaardig met een eerlijke verdeling van lusten en lasten: energie is een basisvoorziening en moet voor iedereen betaalbaar zijn. Bij ieder project moeten de lusten en de lasten eerlijk worden verdeeld. Bewoners in de nabijheid van een hernieuwbaar energieproject moeten dus (financieel) worden gecompenseerd en bij voorkeur goedkoop de lokaal opgewekte energie kunnen afnemen.

13

4. De opgave voor 2030 en de uitvoering In 2030 wekken we binnen onze gemeente 70% van ons elektriciteitsverbruik duurzaam op en is ons gasnetwerk volledig gevuld met groengas. In de RES is afgesproken dat we in 2030 0,1 TWh opwekken met hernieuwbare elektriciteit. In dit hoofdstuk omschrijven we welke mogelijkheden we zien om in 2030 de opgave van 0,1 TWh op te wekken. We beseffen ons dat dit veel inspanning van ons allemaal vereist. Daarbij staat zorgvuldigheid voorop. Dit maakt dat we er liever voor kiezen om later aan de doelstelling te voldoen, dan te kiezen voor een haastig proces. We omschrijven in dit hoofdstuk de lopende processen en verkenningen. In deze Energiestrategie worden geen nieuwe keuzes gemaakt, maar schetsen we de kansen die we zien om aan onze opgave voor 2030 te voldoen. Maar eerst schetsen we de mogelijkheden voor lokaal eigenaarschap en energiegemeenschappen. Lokaal eigenaarschap en energiegemeenschappen Zoals in het vorige hoofdstuk staat omschreven zetten we bij alle blokken in op een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap. We gebruiken daarbij de mogelijkheden uit de nieuwe Energiewet om dit juridisch te borgen. De Energiewet maakt namelijk energiegemeenschappen mogelijk.

Een energiegemeenschap is een samenwerking waar bewoners, ondernemers, overheden en andere betrokkenen in een gebied onderdeel van uit kunnen maken. Deze omgevingspartijen kunnen eigenaar zijn van (een deel van) de productie-installatie, maar kunnen de opgewekte stroom ook delen, opslaan of verkopen. Dit past bij het nieuwe energiesysteem, dat een lokaal karakter kent. Als gemeente kijken we bij alle ontwikkelingen hoe we energiegemeenschappen kunnen ondersteunen en faciliteren bij de realisatie van een hernieuwbaar energieproject. We nemen dit mee in alle verkenningen die onderstaand staan omschreven. Verder kijken we hoe we ons als gemeente kunnen inzetten om de energiegemeenschappen te laten slagen en we hoe we ontwikkelaars juridisch kunnen verplichten om zich in te spannen het lokaal eigenaarschap te realiseren. Daarvoor volgen we de landelijke ontwikkelingen en komen we met regels zodat ontwikkelaars zich verplicht moeten inspannen om het lokaal eigenaarschap te realiseren. Strategie voor 2030 De manier waarop we onze doelen voor 2030 willen bereiken, bestaat uit verschillende onderdelen. Die onderdelen noemen we ‘bouwblokken’. Voor sommige bouwblokken onderzoeken we nog of ze haalbaar zijn. Dat doen we samen met de omgeving en andere betrokkenen. Hieronder staat een overzicht van de bouwblokken. Daarna lichten we elk bouwblok apart toe.

Zon op gebouw (>15 KW)

Erfmolens

Energiehub De Wijk 20

Kansen voor grote daken en regionaal ondersteuningsprogramma

Erfmolens tot 15 meter, met een pilot voor windmolens tot 25 meter bij (agrarische) ondernemers

Scenario’s in het zoekgebied

Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER) N48 Verkenning mogelijkheden zonneenergie langs de N48

Verkenning windenergie

Inwonersalternatief

Groengas projecten

Verkenning mogelijkheden windenergie bij het gebied Ruinerwold Noord

Ruimte voor een plan/initiatief voor de opwek van hernieuwbare elektriciteit binnen de kaders van de RES

Maken geen onderdeel uit van de RES, maar dragen bij aan de groengas opgave

Figuur 8: Overzicht van de kansen voor 2030

De keuze voor deze bouwblokken is gebaseerd op de leidende principes zoals omschreven in hoofdstuk 3 en op de onderstaande kaders: • •

De opdracht van de gemeenteraad om de mogelijkheden voor een kansrijk gebied te onderzoeken met een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap uit juni 202118. De Ruimtelijke verkenning wind- en zonne-energie die door onderzoeksbureau Pondera is uitgevoerd in 2024, waarin is gekeken waar in onze gemeente wind- en zonne-energie opgewekt kan worden.

18 Om invulling te geven aan de RES-opgave heeft de Raad per motie verzocht om samen met inwoners/grondeigenaren van een kansrijk gebied voor grootschalige opwek van hernieuwbare energie te onderzoeken of het mogelijk is om het gebied van onderaf te ontwikkelen. Op deze manier moet er een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap, ontstaan.

14

•

• • •

Door beperkende regelgeving kan de resterende RES-opgave waarschijnlijk niet volledig met zonnevelden worden ingevuld (zie hiervoor de paragraaf ‘waarom geen grote zonnevelden op landbouwgrond?’ in hoofdstuk 2). We wekken zoveel mogelijk zonne-energie op de gebouwen op en zien kansen voor zon-op-water. Daardoor gaan we zuinig om met onze ruimte. De hinder voor inwoners moet zoveel mogelijk worden voorkomen. De Energiewet geeft gemeenten meer mogelijkheden om initiatieven op lokaal eigenaarschap te toetsen.

Zon op gebouwen Zon op dak is prioriteit voor De Wolden. Dit is terug te zien in ons RES-bod, waarbij 60% van ons bod bestaat uit zon op gebouwen. Inmiddels is er voor 0,019 TWh aan zon-op-gebouw initiatieven gerealiseerd, maar er zijn nog veel daken van (agrarische) bedrijven en particulieren beschikbaar om initiatieven te realiseren. In totaal ligt er een potentieel van 0,084 TWh in onze gemeente, als al het potentiële dakoppervlak wordt benut met zonnepanelen. Dit is echter niet realistisch, omdat in de praktijk blijkt dat meerdere dakconstructies onvoldoende geschikt zijn voor grootschalige zonne-installaties. Ondanks dat in 2023 en 2024 de voortgang van zon-op-gebouw initiatieven is vertraagd, blijft de gemeente inzetten op de doelstelling van 0,06 TWh voor zon op gebouwen. De belangrijkste reden voor de vertraging is netcongestie. Door netcongestie is het op dit moment niet mogelijk om nieuwe aansluitingen te realiseren (of om aansluitingen te verzwaren) en is er een grote kans dat opgewekte stroom op piekmomenten niet kan worden teruggeleverd. Ook leidt het afschaffen van het salderen door de Rijksoverheid tot vertraging. Het is daarom onzeker of de doelstelling van 0,06 TWh voor 2030 gerealiseerd kan worden.

Als we ons RES-bod willen halen, dan kan het zo zijn dat de gemeente voor andere opties moet kiezen en dat we zonne-energie op gebouwen gebruiken om onze opgave voor 2040 te halen. Om er alles aan te doen om de doelstelling te halen, blijft de gemeente zon-op-gebouw initiatieven ondersteunen. In samenwerking met de provincie en andere gemeenten werken we aan een ondersteuningsstrategie met de focus op de meest kansrijke daken. Door doelgerichte ondersteuning kijken we met elkaar hoe we de zon-opgebouw opgave alsnog kunnen realiseren.

1.

Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave

Zon op gebouw

0,084 TWh (potentieel) & 0,06 TWh (realistisch)

Tabel 1: Potentieel zon op gebouw.

Erfmolens In onze gemeente zijn erfmolens met een ashoogte tot 15 meter toegestaan bij (agrarische) ondernemers in het buitengebied. Daarnaast zijn we, samen met de gemeenten Hoogeveen, Midden-Drenthe en Westerveld, gestart met een proef om erfmolens met een ashoogte tot 25 meter mogelijk te maken. Dit omdat hogere molens, vooral in gebieden met hogere begroeiing, een hogere energieopbrengst hebben. Gezien de interesse in de pilot zetten we in op het structureel mogelijk maken van de hogere erfmolens. Hiervoor moeten de regels in de Provinciale Omgevingsverordening worden aangepast.

1.

Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave

Erfmolens bij (agrarische) ondernemers

0,002 TWh

Tabel 2: Potentieel erfmolens.

Invulling van de resterende opgave Naast het RES-bod van 0,002 TWh voor erfmolens bij (agrarische) ondernemers en het bod van 0,06 TWh voor zon op gebouwen, hebben we nog een openstaande techniekneutrale opgave van 0,037 TWh. Techniekneutraal wil zeggen dat we nog niet hebben bepaald of we met wind- en/of zonne-energie de hernieuwbare elektriciteit gaan opwekken. Hiervoor vindt momenteel een aantal verkenningen plaats, die we hieronder omschrijven. Energiehub De Wijk 20 De Wijk 20 is een voormalige NAM-locatie waar tot voor kort aardgas werd gewonnen. In het gebied is veel infrastructuur aanwezig voor het transporteren van energie, zoals een elektriciteitskabel en een gasnetwerk. Ook wordt er lokaal veel elektriciteit gebruikt voor het winnen van zand. De zandvoorraad van de huidige zandwinplas raakt op. Daarom wil de zandwinner aan de westzijde van het gebied op een nieuwe locatie zand 15

gaan winnen. Daarmee komt de oude zandwinplas mogelijk vrij om energie op te wekken. Dit maakt het gebied geschikt om lokaal energie op te wekken en om die energie ook zoveel mogelijk lokaal te verbruiken. In 2023 is de gemeente begonnen met een gebiedsproces om samen met de inwoners en de ontwikkelaars van de nieuwe zandwinning de ontwikkeling van het gebied vorm te geven. Onderdeel van het gebiedsproces zijn de mogelijkheden om hernieuwbare energie op te wekken in het gebied. In opdracht van de werkgroep energie heeft onderzoeksbureau Ekwadraat onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor de opwek van duurzame energie: •

•

•

Zonne-energie: uit het onderzoek van Ekwadraat blijkt dat op de huidige zandwinplas is een drijvend zonnepark van ongeveer 9 ha mogelijk is met een potentieel van 0,00175 TWh en een elektriciteitsproductie voor ruim 5.000 huishoudens. De zandwinplas is ongeveer 20 ha groot. Bermgrasvergisting: met een bermgrasvergister kan groengas worden opgewekt. Dit maakt geen onderdeel uit van de opgave voor hernieuwbare elektriciteit, maar is wel meegenomen in het onderzoek voor de energiehub. Dit omdat de gemeente ook een doelstelling heeft voor groengas. Uit het onderzoek blijkt dat een bermgrasvergister economisch haalbaar is en voor 2.000 tot 3.000 huishoudens gas kan opwekken. Windenergie: een windturbine met een ashoogte van 165 meter is niet haalbaar. Wel is het mogelijk om één of meerdere dorpsmolen(s) met een ashoogte van 50 meter, of één of meerdere erfmolen(s) met een ashoogte van 15 meter te plaatsen. Mocht de provincie naar aanleiding van de Pilot Erfmolens hogere erfmolens dan 15 meter toestaan, dan zouden deze molens ook 25 meter hoog kunnen worden.

Onderstaand staat het potentieel per techniek weergegeven. In totaal ligt er een potentieel van 0,0229 TWh in het gebied De Wijk 20. Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave en groengasopgave

1.

De Wijk 20

0,229 TWh 3 miljoen m3 groengas

a

Zonnepanelen op water voormalige zandwinning

21 MW / 0,0175 TWh

b

Dorpsmolen (maximaal 3)

2,7 MW / 0,00540 TWh

c

Bermgrasvergister (verwaarden groene reststromen)

3 miljoen m3 groengas

Tabel 3: Potentieel De Wijk 20.

Afhankelijk van de uitkomsten van het gebiedsproces De Wijk 20 wordt er een keuze gemaakt of hier wel of niet (onderdelen van) een energiehub gerealiseerd kan/kunnen worden. Opwek Energie op Rijksvastgoed (OER) N48 Met het OER-programma onderzoekt de Rijksoverheid samen met gemeenten of het mogelijk is om hernieuwbare energie op rijksgronden op te wekken. De gemeente heeft aan de samenwerkende rijkspartijen gevraagd of het mogelijk is om zonne-energie langs de A28 en N48 op te wekken. Omdat we gebruikmaken van rijksgronden langs wegen, kunnen we zoveel mogelijk landbouwgrond besparen. Uit de verkenning blijkt dat er onvoldoende mogelijkheden zijn om zonne-energie langs de A28 op te wekken. Dit omdat er te weinig gronden direct langs de A28 beschikbaar zijn voor zonne-energie. Wel ligt er met ongeveer 2 hectare aan potentieel een beperkte mogelijkheid voor zonne-energie langs de N48. In de volgende fase moet blijken of het ook mogelijk is om zonne-energie langs de N48 te realiseren. Daarbij worden ook de lokale energiecoöperaties betrokken.

1.

Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave

OER N48

0,002 TWh

Tabel 4: Potentieel OER N48.

Mocht blijken dat er potentie ligt om zonne-energie langs de N48 op te wekken, dan zal hierover een besluit genomen moeten worden door de samenwerkende projectpartners en door de gemeente. Grootschalige windenergie Om de RES-opgave en onze doelstelling voor 2030 te realiseren, zullen we op een aantal grootschalige projecten in moeten zetten. De mogelijkheden voor grootschalige windenergie in de gemeente De Wolden zijn weergegeven in het verkenningsrapport wind- en zonne-energie van Pondera. Uit deze scan blijkt dat het in een aantal gebieden in onze gemeente mogelijk is om windenergie op te wekken, binnen de nieuwe conceptnormering 16

en afstandsregels voor windturbines vanuit het Rijk19.

Figuur 9: Zoekgebied Ruinerwold Noord. In het gebied aan de linkerzijde worden de mogelijkheden voor windenergie onderzocht.

Bij een windturbine met een tiphoogte van 250 meter bedraagt de minimale afstand tot geluidsgevoelige objecten 500 meter. Als we vervolgens ook de conceptvereisten voor geluid meenemen (45 dB Lden (overdag) en 39 dB Lnight (in de nacht)), dan moet ongeveer 600 meter afstand ten opzichte van geluidsgevoelige objecten worden aangehouden. Uit deze verkenning is een vijftal gebieden gekomen waar het mogelijk is om windenergie op te wekken. Daarbij is rekening gehouden met een minimale afstand van 600 meter tot geluidsgevoelige objecten. De gemeente wil (geluids)hinder voor omwonenden zoveel mogelijk voorkomen. Daarom is gekeken of er een zo groot mogelijke afstand tot woningen en andere geluidsgevoelige objecten kan worden aangehouden. Uit deze verkenning blijkt dat het mogelijk is om in het gebied Ruinerwold Noord een afstand van 800 meter tot geluidsgevoelige objecten aan te houden, als er wordt gekozen voor maximaal 3 windturbines met een tiphoogte van 250 meter. Dit maakt dat de gemeenteraad in september 2024 heeft besloten om samen met de omgeving te onderzoeken of het mogelijk is om windenergie te ontwikkelen in het gebied Ruinerwold Noord. Dit betekent niet dat er windenergie gaat komen. Ook de hoogte van de windturbines staat nog niet vast.

Uit het onderzoek moet blijken of het mogelijk is en of er een lokaal eigenaarschap van minimaal 70%, met een streven naar 100% lokaal eigenaarschap gerealiseerd kan worden. Als we kijken naar de potentiële bijdrage voor onze RES-opgave, dan bedraagt die 0,0375 TWh, uitgaande van drie windturbines met een vermogen van 5,6 MW.

1.

Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave

Verkenning Ruinerwold Noord Uitgaande van 3 windturbines met een vermogen van 5,6 MW20

16,8 MW / 0,0375 TWh

Tabel 5: Potentieel grootschalige windenergie.

Vervolgonderzoek moet uitwijzen of het mogelijk is om in dit gebied windenergie op te wekken, waarbij er ook wordt gekeken naar de effecten op gezondheid, milieu, landschap, etc. Dit onderzoek wordt samen met de inwoners, onze buurgemeenten, de provincie, energiecoöperaties en andere belanghebbenden vormgegeven en uitgevoerd. Op basis van de resultaten van dit onderzoek zal blijken of het mogelijk is om windenergie op te wekken. Vervolgens zal de gemeenteraad hierover besluiten. 19 Op dit moment heeft het Rijk nog geen besluit genomen over de nieuwe normering en afstandsregels voor windenergie. Dit betekent dat lokale en regionale overheden gebruik moeten maken van een overgangsregeling. Bij de verkenning die de gemeente heeft uitgevoerd is gebruik gemaakt van de conceptnormering vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. 20 De tiphoogte van de windturbines staat nog niet vast. Dit betreft een indicatie van het maximale potentieel.

17

Ruimte voor een inwonersinitiatief Bovenstaand hebben we drie mogelijkheden omschreven om minimaal invulling te geven aan onze nog openstaande techniekneutrale RES-ambitie. Met deze verkenningen zien wij mogelijkheden om binnen de huidige regelgeving en de afspraken uit de RES aan onze opgave te kunnen voldoen. We weten dat er veel kennis en expertise bij inwoners en bedrijven in De Wolden aanwezig is en dat veel inwoners ook graag zelf plannen bedenken. Daarom geven we ruimte aan inwoners en betrokkenen om met een plan te komen om een substantieel gedeelte van de openstaande RES-opgave in te vullen, mits dit past binnen de kaders waarop onze strategie voor 2030 is gebaseerd. Dit betekent dat het plan moet gaan over de opwek van hernieuwbare elektriciteit met wind- en/of zonne-energie, het plan moet passen binnen de landelijke en provinciale wet- en regelgeving en het moet passen binnen de uitgangspunten van deze Energiestrategie. Totaalpotentieel hernieuwbare elektriciteitsopgave voor 2030 In dit hoofdstuk zijn de mogelijkheden omschreven waar de gemeente nu op inzet. Met de verkenningen en de processen die op dit moment lopen, ligt er een totaalpotentieel van 0,1244 TWh. Belangrijke kanttekening hierbij is dat er op dit moment bij geen van de bouwblokken, op zon-op-gebouw en de erfmolens na, een besluit is genomen of de gemeente hier daadwerkelijk op gaat inzetten.

Wel kunnen we concluderen dat het met de strategie die we nu voeren mogelijk is om de RES-opgave te halen. Bouwblok

Potentiële bijdrage RES-opgave

1.

Zon op gebouw

0,0600 TWh

2.

Erfmolens bij (agrarische) ondernemers

0,0020 TWh

3.

Energiehub De Wijk 20

4.

Verkenning Ruinerwold Noord (Uitgaande van 3 windturbines met een vermogen van 5,6 MW )

16,8 MW / 0,0375 TWh

5.

OER N48

0,0020 TWh

Totaal

0,1244 TWh

0,0229 TWh 21

Tabel 6: Potentieel hernieuwbare elektriciteitsopgave voor 2030.

Invulling van de groengasopgave voor 2030 Als gemeente willen we in 2030 ons volledige gasnetwerk vullen met groengas. Dat betekent dat we volgens een grove inschatting tussen de 7,2 en 8,2 miljoen m3 aan groengas moeten opwekken. Groengas kan onder andere worden opgewekt door mest of groene reststromen te vergisten. Door vergisting maken we gebruik van de grondstoffen die in onze gemeente aanwezig zijn en werken we tegelijkertijd aan het verminderen van stikstof en methaanuitstoot. In onze gemeente zijn er veel (agrarische) ondernemers die hiermee aan de slag willen gaan. We ondersteunen groengasprojecten in samenwerking met de provincie Drenthe en netwerkbeheerder Rendo. We verwachten dat de betrokken ondernemers in 2025 de eerste vergister hebben gerealiseerd. Daarnaast ligt er een potentieel bij projecten/verkenningen waar we op dit moment, samen met de ondernemers, aan werken om aan de opgave te voldoen. Huidige groengasprojecten/-verkenningen

Potentiële bijdrage groengasopgave

1.

Energiehub De Wijk 20

2 - 3 miljoen m3

2.

Proeftuin Aardgasvrije Wijken Ansen

0,5 miljoen m3

3.

Koekange - Echten

1,5 miljoen m3

4.

Alteveer - Kerkenveld

1 miljoen m3

5.

Ruinerwold

2 miljoen m3

6.

Veeningen

0,2 miljoen m3

Totaal

7,2 - 8,2 miljoen m3

Tabel 7: Totaalpotentieel groengasopgave voor 2030.

Vervolg Voor de Energiehub De Wijk 20 en de Verkenning Ruinerwold Noord zal uit de gebiedsprocessen blijken in hoeverre het haalbaar is om hernieuwbare energie te realiseren. We verwachten de verkenningen vóór 2027 te hebben afgerond. Op basis van deze resultaten zal de gemeente hierover een besluit nemen. Voor de OER A28/ N48 zal uit de vervolgonderzoeken moeten blijken of het haalbaar is om zonne-energie op te wekken. Hierover zal zowel het Rijk als de gemeente een besluit moeten nemen. 21

De tiphoogte van de windturbines staat nog niet vast. Dit betreft een indicatie van het maximale potentieel.

18

5. De opgave voor 2040 en de uitvoering In 2040 wil De Wolden 100% van het elektriciteitsverbruik duurzaam opwekken. Dat betekent dat we waarschijnlijk tussen de 0,14 en 0,16 TWh moeten opwekken. Dit is echter onzeker en van vele factoren afhankelijk. Strategie voor 2040 Als we onze RES-doelstelling hebben gerealiseerd en we uitgaan van de bovengenoemde cijfers, moeten we nog tussen de 0,04 en 0,06 TWh extra aan duurzame elektriciteit opwekken. Dit willen we doen door middel van de Dorps Energie Strategie (hierna: DES). Met de DES krijgen lokale energie-initiatieven de ondersteuning en de ruimte om met duurzame energieprojecten aan de slag te gaan. Dorps Energie Strategie Ruimte voor lokale energieinitiatieven en een denktank voor innovatieve en creatieve oplossingen

Uitvoeringsplan (warmtetransitie) Een plan waarin de toekomstige warmtevoorziening per wijk en/of gebied staat omschreven

Figuur 10: Strategie voor 2040.

Dorps Energie Strategieën Met de DES krijgen dorpen en/of samenwerkende gebieden de mogelijkheid om met eigen lokale energieinitiatieven te komen. Denk aan initiatieven om duurzame elektriciteit op te wekken en lokaal energie op te slaan, bijvoorbeeld met waterstof, met warmtekoudeopslag of batterijen. Of denk aan de opwek van energie met een dorpsmolen, een collectief zonnedak of met een innovatie of techniek waar we op het moment van schrijven nog geen weet van hebben. Ook zijn er mogelijkheden voor technieken die buiten de afspraken vallen zoals die zijn gemaakt met de RES. De gemeente wil initiatieven de ruimte geven om met creatieve plannen te komen om de resterende opgave richting 2040 in te vullen. Daarnaast wil de gemeente samen met lokale energie-initiatieven (o.a. energiecoöperaties of in de toekomst energie- en warmtegemeenschappen) kijken hoe de gemeente hen kan ondersteunen bij het realiseren van initiatieven. Met de Proeftuin Aardgasvrije Wijken (hierna: PAW) in Ansen doen we hier al veel ervaring in op. Dit project is een voorbeeld van een inwonersinitiatief, waarbij het dorp zelf met een plan is gekomen om in 2028 aardgasvrij te zijn en de eigen energie op te wekken. Om lokale energie-initiatieven de ruimte te geven, richten we een gemeentelijk DES-loket in. Initiatieven met een plan kunnen zich via www.dewoldengeeftenergie.nl aanmelden bij de gemeente.

Vervolgens kijken we samen naar het plan en hoe de gemeente hierbij kan helpen. Ook kijken we of het huidige gemeentelijke beleid het initiatief al toestaat en of de gemeente dit initiatief vanuit een breder perspectief wenselijk vindt. Daarbij wordt dan o.a. gekeken naar effecten op het landschap, de ruimte, de omgeving, etc. Als de gemeente het vanuit een bredere afweging ook een wenselijk initiatief vindt, dan zal vaak het beleid aangepast moeten worden. Denk bijvoorbeeld aan een dorpsmolen die op dit moment in ons beleid nog niet mogelijk is. Daarnaast hebben we, onder andere bij de energiecoöperaties, veel kennis en expertise over duurzame energieoplossingen in onze gemeente. Om kennis met elkaar te delen en met elkaar te werken aan creatieve oplossingen, richten we een denktank van lokale experts in. De denktank gaat aan de slag met creatieve en innovatieve oplossingen voor de opwek van duurzame energie. De opgedane kennis vanuit de denktank wordt vervolgens beschikbaar gesteld aan andere lokale initiatieven en kan bijdragen aan gemeentelijk beleid. Slim energie opwekken, gebruiken, opslaan en delen Naast het opwekken van energie willen we met de DES kijken hoe we zo slim mogelijk samen energie kunnen opwekken, en gebruik kunnen maken van elkaars energie en van het elektriciteitsnet.

Daarom starten we in 2026 met een pilot voor een gemeenschappelijk energiemanagementsysteem in maximaal twee dorpen of afgebakende gebieden. Een slim energiemanagementsysteem kan vraag en aanbod van energie bij elkaar brengen. Er zijn in Nederland al voorbeelden van energiecoöperaties en netbeheerders die experimenteren met een slim energiemanagementsysteem. Dit wordt beschikbaar gesteld aan alle inwoners binnen een afgebakend gebied die

19

hieraan mee willen doen (op basis van vrijwilligheid), Dit maakt het in de toekomst mogelijk om bijvoorbeeld de zonne-energie die men zelf niet gebruikt, te leveren aan iemand anders in dat gebied. Door de afschaffing van de salderingsregeling in 2027 en met de komst van de Energiegemeenschappen zal er de komende jaren meer naar dit soort oplossingen worden gekeken. Koppeling met de warmtetransitie In 2050 moet Nederland duurzaam worden verwarmd en gekoeld. Dit betekent dat woningen en bedrijfsgebouwen over zullen gaan op een andere warmtebron. In het Warmteprogramma (voorheen: Transitievisie Warmte) staat omschreven hoe we in De Wolden stap voor stap van het aardgas af gaan en welke mogelijkheden we per gebied zien om gebouwen te verwarmen. Vervolgens werken we samen met de inwoners, ondernemers en andere betrokkenen van een specifiek gebied uit, wat de definitieve warmteoplossing wordt en hoe de gemeente daarbij kan ondersteunen. Dit noemen we een Uitvoeringsplan. Innovatieve energieoplossingen en initiatieven vanuit de inwoners kunnen we meenemen in deze uitvoeringsplannen. Daarom maken we een koppeling tussen de initiatieven die komen vanuit de DES en de Uitvoeringsplannen binnen de warmtetransitie. Vervolg De DES wordt in 2025 en 2026 verder uitgewerkt in samenwerking met lokale energie-initiatieven, energiecoöperaties en andere betrokkenen.

Ook werken we het Warmteprogramma de komende tijd verder uit, waarbij we de koppeling leggen met de DES. Het Warmteprogramma moet uiterlijk 31 december 2026 zijn vastgesteld.

20

6. Borging van de realisatie van de Energiestrategie In hoofdstuk 5 hebben we inzichtelijk gemaakt hoe we in De Wolden in 2040 uiteindelijk al onze elektriciteit duurzaam willen opwekken. Wel bouwen we in 2030 een tussenstap in. In dit hoofdstuk omschrijven we welke stappen we gezet moeten hebben om tot realisatie over te kunnen gaan, bijvoorbeeld omdat nieuw beleid nodig is. Daarbij maken we onderscheid in de opgave voor 2030 en die voor 2040. 2025

2030

2040

Verkenningen kansrijke locaties RES

Zon op gebouw

Groengasprojecten

Dorps Energie Strategie

Figuur 11: Tijdlijn uitvoering Energiestrategie.

Borging realisatie opgave voor 2030 Met het huidige ruimtelijke beleid van de gemeente is het grootste deel van de potentiële hernieuwbare energieprojecten, zoals die staan omschreven in de Energiestrategie, nog niet toegestaan. Zo zijn op dit moment alleen windmolens met een ashoogte tot 15 meter toegestaan. We willen ook de erfmolens met een ashoogte tot 25 meter mogelijk maken bij (agrarische) ondernemers. Hiervoor moet de provincie eerst de regels aanpassen. In bepaalde gevallen is het mogelijk om een zonneweide van maximaal 2 hectare te realiseren. Zon op gebouwen is in bijna alle gevallen wel toegestaan. Mocht uit de verkenning blijken dat één of meerdere van de blokken kansrijk en wenselijk is, dan zal hiervoor het Omgevingsplan aangepast moeten worden. Daarbij worden altijd de reguliere ruimtelijke procedures gevolgd en wordt een integrale afweging gemaakt. Op al deze procedures is bezwaar en beroep mogelijk. De mogelijkheden die voortvloeien uit de Energiewet om ontwikkelaars een inspanningsverplichting op te leggen, zullen via een aparte verordening geborgd moeten worden. Hiervoor volgen we de landelijke ontwikkelingen en werken we op basis daarvan een voorstel uit. De groengasopgave werken we verder uit in het Warmteprogramma. De keuzes die we maken in de warmtetransitie zullen invloed hebben op het toekomstige (groen)gasverbruik in onze gemeente.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16101884/2