Bijlage - Stichting Wolderwijs - Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024-2027
Tekst van het document
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027
Stichting Wolderwijs Schoolstraat 1 7921 AV Zuidwolde -
Telefoon: Email: Internet:
0528-741700 onderwijs@wolderwijs.nl www.wolderwijs.nl
Versie 1.1
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Inhoudsopgave Voorwoord
3
1.
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027
4
1.1 Toelichting begroting 2024; financieel
8
1.2 Toelichting begroting 2024; personeel
14
1.3 Toelichting meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027
17
2.
Eigen vermogen en kengetallen
21
3.
Risicoparagraaf
24
Lijst van afkortingen
28
2
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Voorwoord Voor u ligt de begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 van Stichting Wolderwijs. De begroting 2024 is tot stand gekomen op basis van de kaders en richtlijnen vanuit de bekostiging primair onderwijs. Met ingang van 2023 is het bekostigingsstelsel vereenvoudigd. Dit houdt in dat er sprake is van één bekostigingsbedrag per leerling en per school, wat verstrekt wordt per kalenderjaar. Deze bekostiging dient ter dekking van zowel de personele als de materiële kosten. De meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 vergroot het inzicht in de ontwikkelingen op financieel vlak en laat zien waar zich de komende jaren financiële risico’s zullen voordoen, zodat hier tijdig op kan worden geanticipeerd. Vooruitlopend op het begrotingsproces is er voor het eerst een kaderbrief begroting 2024 opgesteld. In deze kaderbrief worden er kaders gegeven voor het opstellen van de begroting 2024, om zodoende te sturen op de doelstellingen van Stichting Wolderwijs. De kaderbrief dient uiteindelijk als basis voor het opstellen van de begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027. Begin schooljaar 2023/2024 is er gestart met het opstellen van het nieuwe Koersplan Wolderwijs 2024-2028. Hierin wordt voor Wolderwijs de gezamenlijke koers vanuit de verschillende geledingen van de organisatie beschreven voor de komende jaren.
In onderdeel 1 van dit begrotingsrapport worden een aantal belangrijke ontwikkelingen beschreven die een financieel negatieve invloed hebben op de begrotingen in de komende jaren. Door deze structurele ontwikkelingen is er in de komende jaren een taakstelling opgenomen in de jaarlijkse begrotingscijfers. In het proces van totstandkoming van de begroting 2024 en de meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 zijn het beleidsberaad (bestuurder en beleidsmedewerkers), het Wolderwijsberaad (bestuurder, directeuren en beleidsmedewerkers), de RvT-commissie financiën en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad (GMR) betrokken geweest. De GMR heeft een adviserende rol met betrekking tot de vaststelling of wijziging van de hoofdlijnen van het meerjarig financieel beleid. Over de begroting 2024 en de meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 heeft de GMR een positief advies uitgebracht naar aanleiding van de GMR-vergadering van 14 november 2023. De begroting is weergegeven op organisatieniveau, conform de inrichting van de jaarrekening zoals deze in de regels van de jaarverslaggeving is voorgeschreven. In de risicoparagraaf zijn de belangrijkste risico’s beschreven die in de toekomst mogelijk financiële consequenties hebben voor Stichting Wolderwijs. Zuidwolde, 12 december 2023,
Bas Guchelaar Bestuurder
3
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
1. Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027
4
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027
Rijlabels 2024 Baten 11.244.019 3.1 Rijksbijdragen 10.692.481 3.1.1.1 OCW 10.308.995 3.1.2.2 Niet geoormerkte subsidies 133.486 3.1.3 Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV 250.000 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 16.700 3.2.2 Overige overheidsbijdragen 16.700 3.5 Overige baten 534.838 3.5.1 Verhuur 25.010 3.5.2 Detachering personeel 260.302 3.5.6 Overige (overige baten) 249.526 Lasten -11.372.019 4.1 Personeelslasten -9.376.433 4.1.1.1 Salariskosten directie -936.621 4.1.1.2 Salariskosten onderwijzend personeel -6.513.583 4.1.1.3 Salariskosten onderwijs ondersteunend personeel -1.034.417 4.1.1.4 Salariskosten vervanging en overig -1.186.964 4.1.2.1 Dotaties personele voorzieningen -17.000 4.1.2.2 Personeel niet in loondienst -54.000 4.1.2.3 Overige personeelslasten -182.928 4.1.2.4 Scholing en opleiding -103.100 4.1.3 Af: uitkeringen 652.180 4.2 Afschrijvingen -230.062 4.2.2.1 Gebouwen -11.160 4.2.2.2 Inventaris en apparatuur -167.018 4.2.2.4 Leermiddelen -51.884 4.3 Huisvestingslasten -961.581 4.3.1 Huur -36.500 4.3.3 Onderhoud -117.000 4.3.4 Energie en water -329.501 4.3.5 Schoonmaakkosten -253.000 4.3.6 Heffingen -11.930 4.3.7 Dotatie onderhoudsvoorzieningen -200.000 4.3.8 Overige huisvestingslasten -13.650 4.4 Overige lasten -803.943 4.4.1 Administratie- en beheerslasten -382.990 4.4.2.1 Inventaris en apparatuur kleine aanschaffingen -7.200 4.4.2.2
Leermiddelen kleine aanschaffingen -291.263 4.4.4 Overige (overige lasten) -122.490 Financiële baten en lasten 18.000 5.0 Financiële baten en lasten 18.000 5.1 Rentebaten 18.000 Bedrijfsresultaat -110.000
2025 11.064.190 10.510.086 10.128.783 131.303 250.000 16.700 16.700 537.404 25.010 262.868 249.526 -11.081.190 -9.082.049 -951.121 -6.388.707 -895.701 -1.098.922 -17.000 -54.000 -179.095 -98.600 601.097 -258.765 -11.993 -191.546 -55.226 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650 -802.762 -381.990 -7.200 -290.585 -122.987 17.000 17.000 17.000 0
2026 11.006.501 10.450.772 10.068.222 132.550 250.000 16.700 16.700 539.029 25.010 264.493 249.526 -11.022.501 -9.020.930 -964.368 -6.379.728 -868.433 -1.046.427 -17.000 -54.000 -176.616 -97.600 583.242 -262.952 -11.993 -196.349 -54.610 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650 -801.005 -380.990 -7.200 -290.185 -122.630 16.000 16.000 16.000 0
2027 10.875.992 10.320.263 9.940.207 130.056 250.000 16.700 16.700 539.029 25.010 264.493 249.526 -10.891.992 -8.898.762 -970.328 -6.304.182 -832.502 -1.029.342 -17.000 -54.000 -174.696 -97.600 580.888 -256.147 -11.993 -191.248 -52.906 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650 -799.469 -379.990 -7.200 -289.835 -122.444 16.000 16.000 16.000 0
Toelichting resultaten: De reguliere begrotingsresultaten zijn jaarlijks € 0. Wanneer van toepassing zet Stichting Wolderwijs een deel van haar eigen vermogen in voor actuele ontwikkelingen. De kosten van deze ontwikkelingen maken onderdeel uit van de cijfers in bovenstaande meerjarenbegroting, waardoor het jaarlijkse begrotingsresultaat negatief kan zijn. Het gaat hierbij altijd om ontwikkelingen met een tijdelijk karakter.
5
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Algemene uitgangspunten Hieronder worden de algemene uitgangspunten toegelicht ten behoeve van het opstellen van de begroting 2024 en de meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027. De bekostigingsontvangsten vanuit het Ministerie van OCW vinden met ingang van 2023 volledig plaats per kalenderjaar, volgens de t-1 systematiek. De jaarlijkse leerlingaantallen per 1 februari en de grootte van de school zijn bepalend voor de hoogte van de bekostigingsontvangsten van het kalenderjaar erop volgend. Leerlingaantallen: De belangrijkste basisgegevens voor het opstellen van de begroting en meerjarenbegroting zijn de jaarlijkse leerlingaantallen. Naast de reeds bekende leerlingaantallen van 1 februari 2023 zijn er per school prognoses van de leerlingaantallen tot en met 2027. In de prognoses wordt er rekening gehouden met effecten van onder andere de bevolkingsontwikkeling (CBS), eventuele nieuwbouwprojecten en de ontwikkeling van het marktaandeel. Locatie 't Echtenest De Klimtoren 't Oelebröd De Bosrand Het Veldboeket Het Groene Hart De Wezeboom De Dissel De Rozebottel De Horst Totaal
1-feb-2022 31 41 222 47 76 292 50 193 111 242 1.305
1-feb-2023 22 38 222 40 73 293 52 191 122 231 1.284
1-feb-2024 23 36 225 36 74 284 52 191 121 221 1.263
1-feb-2025 23 36 227 36 74 287 52 192 127 221 1.275
1-feb-2026 25 34 230 35 65 281 52 191 123 215 1.251
1-feb-2027 27 32 232 33 61 284 52 185 123 212 1.241
Instandhouding scholen: De bekostiging van een basisschool wordt beëindigd indien het aantal leerlingen van de school gedurende drie achtereenvolgende schooljaren lager is dan de opheffingsnorm van 30 leerlingen, zoals deze is vastgesteld voor de gemeente De Wolden. Er is een uitzondering op deze regel indien de gemiddelde schoolgrootte van alle scholen van het schoolbestuur minimaal 10/6e maal de opheffingsnorm bedraagt én het leerlingaantal van de school minimaal 23 is. In dat geval blijft de school in aanmerking komen voor bekostiging. Indien een school minder dan 30 leerlingen heeft kan het schoolbestuur een verzoek tot instandhouding indienen. In onderstaand schema is de gemiddelde schoolgrootte voor de komende jaren opgenomen. In alle jaren zit er een veilige marge tussen de gemiddelde schoolgrootte en 10/6e maal de opheffingsnorm. Gemiddelde schoolgrootte 01-02-2022
01-02-2023
01-02-2024
01-02-2025
01-02-2026
01-02-2027
130,5
128,4
126,3
127,5
125,1
124,1
10/6e maal opheffingsnorm van 30 = 50,00
Belangrijke ontwikkelingen met financiële invloed Ontwikkelingen bekostiging: 1) Overgangsregeling nieuw bekostigingsstelsel Met ingang van 2023 is het bekostigingsstelsel vernieuwd/vereenvoudigd. Voor Stichting Wolderwijs betekent dit dat er jaarlijks ongeveer € 275.000 minder bekostiging wordt ontvangen. Voor de eerste drie jaren (2023 tot en met 2025) geldt er een overgangsregeling, waarbij in het eerste jaar 75%, in het tweede jaar 50% en in het derde jaar 25% wordt gecompenseerd. Op deze manier kan de daling van de bekostigingsontvangsten geleidelijk worden opgevangen. Hierdoor wordt er jaarlijks ongeveer € 70.000 minder bekostiging ontvangen. In 2026 is er voor het eerst geen compensatie meer en is de bekostiging op de nieuwe hoogte.
6
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
2) Afloop Nationaal Programma Onderwijs Met ingang van schooljaar 2023/2024 wordt er geen aanvullende NPO-bekostiging meer ontvangen. Stichting Wolderwijs heeft ultimo 2023 naar verwachting nog een NPO-bestemmingsreserve van € 250.000. In 2024, tot eind schooljaar 2023/2024, wordt er naar verwachting € 110.000 aan NPO-salariskosten gemaakt. Met ingang van schooljaar 2024/2025 zal er geen NPO-personeelsinzet meer zijn. Het restant van de bestemmingsreserve wordt aangehouden ter dekking van toekomstige transitiekosten en WW-uitkeringskosten, bij uitstroom van personeel na schooljaar 2023/2024. Ontwikkelingen kosten Een aantal zeer belangrijke kostenontwikkelingen die invloed hebben op 2024 en latere jaren: 1) Gestegen energiekosten In verband met grote negatieve ontwikkelingen in Europa (waaronder een oorlog) is de energiemarkt volledig overspannen geweest in de afgelopen jaren. Dit heeft zijn uitwerking gehad op de hoogte van de energietarieven met ingang van 2023. Waar de energiekosten van Stichting Wolderwijs in 2022 nog € 175.000 waren, is de verwachting dat deze in 2023 op ongeveer € 475.000 uit zullen komen, gebaseerd op de energieverbruiken van 2022. Met ingang van 1 januari 2024 zijn er contractueel nieuwe energietarieven vastgelegd met de energieleveranciers. De nieuwe tarieven zijn nog steeds beduidend hoger dan die van 2022, maar tevens lager dan die van 2023.
Daarnaast worden er momenteel op alle locaties zonnepanelen geïnstalleerd, wat afgerond wordt in het voorjaar van 2024. Door deze actuele ontwikkelingen is de verwachting dat de kosten met ingang van 2024 jaarlijks structureel € 150.000 hoger zullen zijn dan in 2022 het geval was, namelijk € 325.000. Hoe de energieverbruiken op de locaties zich gaan ontwikkelen met ingang van 2023 is nog onduidelijk. Er is in 2023 geïnvesteerd in een monitoringssysteem, met het oog op het verlagen van het energieverbruik. Los daarvan zullen de weersinvloeden ook invloed hebben op de verbruiken. 2) Gewijzigde richtlijnen verwerking onderhoudskosten Met ingang van 2024 zijn er gewijzigde richtlijnen vanuit de Raad voor de Jaarverslaggeving met betrekking tot groot onderhoud. Een onderhoudsvoorziening op basis van de egalisatiemethode, zoals Stichting Wolderwijs dat heeft, is dan niet meer toegestaan. De gewijzigde richtlijnen schrijven voor dat uitgaven voor groot onderhoud met betrekking tot de gebouwen met ingang van 2024 op verschillende manieren kunnen worden verwerkt, met elk een eigen actuele wijze van administreren: - Activeren groot onderhoud; investeren en jaarlijks afschrijven. - Vormen voorziening groot onderhoud; doteren aan en uitgeven ten laste van voorziening (‘sparen’).
Als Stichting Wolderwijs er voor kiest om een onderhoudsvoorziening aan te blijven houden hebben de gewijzigde richtlijnen tot gevolg dat de onderhoudsvoorziening in omvang zal toenemen, omdat deze moet worden opgebouwd op basis van de zogenaamde componentenmethode. Deze toename zal eenmalig ten koste gaan van de omvang van het eigen vermogen begin 2024. Het gaat om een zogenaamde administratieve aanpassing, die geen invloed heeft op de liquiditeit en de solvabiliteit van Stichting Wolderwijs. In juli 2023 is er een actuele overeenkomst getekend met betrekking tot de dienstverlening van Onderwijsbureau Meppel. Hier maakt ook materiële zaken (onderhoud en huisvesting) onderdeel van uit. Naar aanleiding daarvan zal er een actueel beleidsrijk meerjarenonderhoudsplan (MJOP) worden opgesteld, waar de onderhoudsadministratie op wordt aangesloten. Dit is het startpunt voor het bepalen van de hoogte van de voorziening per 1 januari 2024, de jaarlijkse dotatie aan de onderhoudsvoorziening met ingang van 2024 en het mogelijk toekomstig investeren in materiële vaste activa op huisvestingsgebied (met bijbehorende afschrijvingskosten). Tot op heden is het nog onduidelijk wat de gewijzigde richtlijnen voor financiële consequenties met zich meebrengen. In het laatste kwartaal van 2023, met uitloop naar het eerste kwartaal van 2024, zal één en ander duidelijker worden.
Op basis daarvan zal Stichting Wolderwijs een definitieve keuze moeten maken over hoe om te gaan met uitgaven voor groot onderhoud. In dit begrotingsrapport is voor 2024 en latere jaren een inschatting gemaakt van de gevolgen van deze ontwikkeling op basis van het vormen van een voorziening groot onderhoud conform de componentenmethode, met de huidige meerjarenonderhoudsplanning als basis. Bij deze keuze vallen de totale jaarlijkse onderhoudskosten ongeveer € 20.000 hoger uit met ingang van 2024. Tevens zal de onderhoudsvoorziening ongeveer € 600.000 hoger worden, ten koste van de hoogte van het eigen vermogen (stelselwijziging). Bovengenoemde ontwikkelingen leggen, elk op hun eigen manier, een directe of indirecte druk op de cijfers van de begrotingen en het vermogen van de stichting in de komende jaren. In het begrotingsrapport wordt hier per onderdeel verder op ingegaan, evenals de standpunten die voorlopig zijn ingenomen.
7
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
1.1 Toelichting begroting 2024; financieel Hieronder volgt een toelichting op de onderdelen uit de begroting 2024, met vergelijkende cijfers begroting 2023. RESULTAAT BEGROTING 2024 Begroting 2023
Begroting 2024
Totaal baten: 10.769.558 Totaal lasten: -11.398.675 Totaal financiële baten/-lasten: 1.500 Resultaat inclusief kwaliteitsinvesteringen: -627.617 Kwaliteitsinvesteringen: 90.000 Regulier resultaat: -537.617
11.244.019 -11.372.019 18.000 -110.000 110.000 Inzet bestemmingsreserve NPO 0
3.1 RIJKSBIJDRAGEN
10.333.791
10.692.481
Onderdeel begroting
Begroting 2023
Begroting 2024
9.392.468 206.250 9.598.718 11.265 363.446 9.973.429
10.164.906 137.500 10.302.406 6.589 0 10.308.995
3.1.1.1
Specificatie Bekostiging Bekostiging overgang Bekostiging Bekostiging incidenteel
OCW:
Toelichting Lumpsumbekostiging personeel en materieel. Bekostiging vanuit overgangsregeling nieuwe bekostigingssystematiek. Achterstandsmiddelen. Lumpsumbekostiging n.a.v. Nationaal Programma Onderwijs (NPO).
Toelichting: • In 2024 is de totale bekostiging met 9% geïndexeerd in verband met de verhoging van de salariskosten met 10%, ervan uitgaande dat 90% van de bekostiging dient ter dekking van personele kosten. Zonder deze invloed daalt de structurele bekostiging in 2024 met afgerond € 550.000. • Op basis van de nieuwe bekostigingssystematiek met ingang van 2023 wordt er jaarlijks € 275.000 minder bekostiging ontvangen. De jaren 2023 tot en met 2025 zijn overgangsjaren, waarin deze daling geleidelijk wordt opgevangen met aanvullende overgangsbekostiging (2023: 75%, 2024: 50%, 2025: 25%). • Met ingang van schooljaar 2023/2024 wordt er geen NPO-bekostiging meer ontvangen. De NPO-kosten zijn inzichtelijk onder 4.1 Personeelslasten recapitulatie. 3.1.2.2 Bekostiging Niet geoormerkte subsidies:
124.366 124.366
133.486 Lumpsumbekostiging professionalisering en begeleiding. 133.486
3.1.3
235.996
250.000 Indirecte bekostiging vanuit het Ministerie van OCW. Het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs 2203 verstrekt de gelden. 250.000
SWV (passend onderwijs)
Doorbetalingen rijksbijdrage SWV:
235.996
Toelichting: • Met ingang van 2024 wordt er in het begrote bedrag reeds rekening gehouden met een verwachte reserveuitkering van € 15.000. 3.2 OVERIGE OVERHEIDSBIJDRAGEN Onderdeel begroting
Specificatie
3.2.2 Overige subsidie Overige overheidsbijdragen
12.205
16.700
Begroting 2023
Begroting 2024
12.205 12.205
Toelichting
16.700 Provinciale subsidie ter bevordering van cultuureducatie op de scholen. 16.700
8
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
3.5 OVERIGE BATEN
423.562
534.838 Begroting 2024
Onderdeel begroting
Specificatie
Begroting 2023
3.5.1
Huurbaten
22.125
Toelichting
Verhuur:
22.125
25.010 Op een aantal scholen wordt onderwijsruimte in medegebruik gegeven (muziekscholen, bibliotheek, peuterspelen, etc.). 25.010
3.5.2 Detachering personeel Detachering personeel:
223.695 223.695
260.302 Detacheringsopbrengsten van het SWV Passend Onderwijs en KPZ. 260.302
v
Toelichting: • De baten van detachering zijn jaarlijks gelijk aan de salariskosten van detachering (zie 4.1). 3.5.6
Overige baten personeel Overige baten personeel Overige baten materieel Overige baten:
9.000 136.915 31.827 177.742
13.000 Doorbelasting loonkosten naar aanleiding van externe inzet. 183.335 Doorbelasting personeelskosten aan Stichting Kindcentra Wolderwijs. 53.191 Doorbelasting huisvestingskosten aan Stichting Kindcentra Wolderwijs. 249.526
Toelichting: • De totale kostendoorbelasting aan Stichting Kindcentra Wolderwijs wordt jaarlijks geactualiseerd op basis van de meest actuele ontwikkelingen, waaronder de gestegen energielasten (zie 4.3.4). 4.1 PERSONEELSLASTEN
9.087.546
9.376.433
Onderdeel begroting
Specificatie
Begroting 2023
Begroting 2024
4.1.1.1 Directie en bestuurder 4.1.1.2 Onderwijzend personeel 4.1.1.3 Onderwijsonderst. pers. Salariskosten exclusief vervanging: 4.1.1.4 Salariskosten vervanging Salariskosten exclusief uitkeringen: 4.1.3 Uitkeringen VVF en UWV Salariskosten inclusief uitkeringen:
819.887 6.254.291 1.024.635 8.098.813 1.007.069 9.105.882 -573.345 8.532.537
936.621 6.513.583 onderverdeeld naar de functieniveaus binnen de organisatie. 1.034.417 8.484.621 1.186.964 Declarabele en niet-declarabele vervangingskosten. 9.671.585 -652.180 Declarabel verzuim; vergoed door het Vervangingsfonds en UWV. 9.019.405
Toelichting
Toelichting: • In 2024 zijn de salarissen verhoogd met 10%, in vergelijking met de begrote salariskosten van 2023. Zonder deze invloed laten de salariskosten in 2024 een daling zien van afgerond € 400.000. Recapitulatie naar loonkostensoorten: Salariskosten regulier Salariskosten regulier NPO Salariskosten bewegingsonderwijs Salariskosten facilitair medewerkers Salariskosten samen opleiden Collegiale consultatie Kort buitengewoon verlof Ouderschapsverlof Duurzame inzetbaarheid Medezeggenschap Detacheringen Personeelsinstroom
7.461.027 453.446 81.897 101.238 15.000 20.004 44.711 11.335 83.730 6.454 223.695 30.000 8.532.537
8.228.014 110.000 95.000 106.986 20.000 7.500 29.904 9.541 142.752 9.406 260.302 0 9.019.405
Reguliere salariskosten, inclusief extra taakstelling van ruim 2,5 fte. Reguliere salariskosten n.a.v. Nationaal Programma Onderwijs. Salariskosten vakleerkrachten bewegingsonderwijs. Salariskosten facilitair personeel scholen (conciërges). Salariskosten 'samen opleiden en professionaliseren'. Budget voor interne competentiebevordering leraren. Budget voor vervanging i.v.m. buitengewoon verlof. Salariskosten ouderschapsverlof. Salariskosten seniorenverlof. Salariskosten secretaris GMR en vrijroostering medezeggenschap. Detachering personeel t.b.v. SWV Passend Onderwijs (zie 3.5.2). Incidenteel beleid werving en behoud nieuwe personeelsleden.
Toelichting: • In het totale budget voor salariskosten in 2024 zit een extra taakstelling verwerkt van ruim 2,5 fte, onder andere naar aanleiding van de gestegen energiekosten (€ 150.000) en minder bekostigingsontvangsten vanuit de overgangsregeling nieuwe bekostigingssystematiek (€ 70.000). • In 2024 bedraagt het NPO-resultaat (baten minus lasten) € 110.000 negatief, waar dit voor 2023 € 90.000 negatief was (zie ook NPObaten bij 3.1.1.1). In 2024 is het NPO-resultaat van € 110.000 negatief gelijk aan het totale negatieve begrotingsresultaat. De NPOkosten komen hiermee ten laste van de bestemmingsreserve NPO.
9
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Onderdeel begroting
Specificatie
Begroting 2023
Begroting 2024
Toelichting
4.1.2.1
Dotatie voorziening jubilea Dotatie voorz. duurz. inz.b. Dotaties personele voorzieningen:
12.000 0 12.000
12.000 Toevoeging aan de voorziening jubilea personeelsleden. 5.000 Toevoeging aan de voorziening duurzame inzetbaarheid. 17.000
4.1.2.2
2.000 24.996 20.004 193.865 240.865
0 24.000 30.000 0 54.000
Inhuur AVG Inhuur onderhoudsbeheer Inhuur OOP Inhuur interim personeel Personeel niet in loondienst:
Externe inhuur AVG-medewerker FlexFG. Externe inhuur onderhoudsbeheerder J2L. Externe inhuur facilitair medewerkers scholen. Externe inhuur op bestuurs- en directieniveau.
Toelichting: • Met ingang van 1 januari 2024 zijn er geen vacatures meer op bestuurs- en directieniveau. 4.1.2.3
Onkostenvergoedingen
58.494
ARBO Begeleiding personeel Kosten personeelsdag Schoolbegeleiding Werving en selectie Malus Vervangingsfonds Vrijwilligerswerk Beloningsdifferentiatie Kerstpakketten Afrekeningen Ministerie Overige personeelslasten:
30.000 25.000 14.000 2.000 2.000 10.000 2.500 8.200 6.000 18.000 176.194
69.728 Vergoedingen aan personeelsleden via het salaris; kosten woon-/werkverkeer, dienstreizen en overige vergoedingen. 32.000 Verzuimbegeleiding VerzuimWeg en bedrijfshulpverlening. 25.000 Begeleiding en coaching van personeelsleden. 10.000 Startbijeenkomst Wolderwijs aan het begin van het schooljaar. 5.000 Budget schoolbegeleiding. 5.000 Budget voor werving nieuwe personeelsleden. 10.000 Geschatte afrekening Vervangingsfonds o.b.v. het verzuimniveau. 2.700 Vrijwilligersbudgetten scholen. 7.500 Gedifferentieerde beloning personeelsleden; onderdeel IPB. 6.000 Budget voor kerstpresentjes personeelsleden. 10.000 Afrekening uitkeringen ex-personeelsleden; WW en WIA. 182.928
Toelichting: • Met ingang van 2024 zijn de reiskostenvergoedingen verhoogd (CAO-bepaling). 4.1.2.4
Basisactiviteiten Professionalisering directie Wolderwijsacademie Ontwikkelfonds Scholing en opleiding:
63.700 30.250 28.000 4.000 125.950
53.500 18.600 27.000 4.000 103.100
Locatiebudgetten voor reguliere scholing personeelsleden. Budget voor professionalisering directie/schoolleiders. Stichtingsbudget voor gezamenlijke scholing (incl. Wolderwijsdag). Budget voor individuele scholingsaanvragen (kosten minus subsidies).
Toelichting: • Met ingang van schooljaar 2024/2025 wordt er qua scholingsbudgetten basisactiviteiten en professionalisering directie aansluiting gezocht met de bepalingen in de CAO van het primair onderwijs. 4.2 AFSCHRIJVINGEN Onderdeel begroting 4.2.2.1
Specificatie Gebouwen Gebouwen
Gebouwen:
214.005
230.062
Begroting 2023
Begroting 2024
1.997 0 1.997
Toelichting
1.997 Kosten n.a.v. huurdersinvesteringen. 9.163 Kosten n.a.v. investeringen in zonnepanelen. 11.160
Toelichting: • Begin 2024 zijn er op alle locaties zonnepanelen geïnstalleerd. 4.2.2.2
Meubelen/inventaris ICT Inventaris en apparatuur:
47.564 110.015 157.579
41.570 Kosten n.a.v. investeringen in inventaris. 125.448 Kosten n.a.v. investeringen in ICT. 167.018
Toelichting: • Met ingang van 2024 worden de bovenschoolse draagbare laptops/devices vervangen.
10
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Onderdeel begroting
Specificatie
Begroting 2023
Begroting 2024
Toelichting
4.2.2.3 Vervoermiddelen Overige materiële vaste activa:
741 741
0 Kosten n.a.v. investeringen in vervoermiddelen. 0
4.2.2.4 Leermiddelen (OLP) Leermiddelen:
53.688 53.688
51.884 Kosten n.a.v. investeringen in onderwijsleerproducten. 51.884
4.3 HUISVESTINGSLASTEN
1.293.346
961.581
Onderdeel begroting
Begroting 2023
Begroting 2024
Specificatie
Toelichting
4.3.1 Huur:
Huur
35.535 35.535
36.500 Huurkosten bestuursbureau. 36.500
4.3.3
Dagelijks onderhoud
16.000
117.000 Kosten jaarlijks onderhoud gebouwen, op basis van de nieuwe richtlijnen voor het verwerken van onderhoudsuitgaven. 117.000
Onderhoud:
16.000
Toelichting: • Met ingang van 2024 zijn er nieuwe richtlijnen voor het verwerken van onderhoudskosten. Een deel van de onderhoudsuitgaven loopt rechtstreeks via de realisatie en een deel loopt via de onderhoudsvoorziening (zie 4.3.7). 4.3.4
Gas en elektra Water Energie en water:
775.000 5.000 780.000
326.586 Leveranciers DVEP en Eneco; vanuit Drents inkoopinitiatief. 2.915 Leverancier WMD. 329.501
Toelichting: • Met ingang van 2023 zijn de energiekosten enorm gestegen (2022: € 175.000). Het begrote bedrag in 2023 zal naar verwachting € 300.000 lager uitvallen. Door actuele ontwikkelingen op de energiemarkt en de installatie van zonnepanelen op de locaties is de verwachting dat de kosten met ingang van 2024 structureel hoger zullen zijn dan voorheen het geval was, met jaarlijks € 150.000 aan meerkosten. 4.3.5
Sanitairproducten Schoonmaakbedrijf Afvalverwerking Schoonmaakkosten:
14.100 200.000 19.170 233.270
15.000 Leverancier Scheltinga. 216.400 Schoolschoonmaak; leverancier Cantorclin. 21.600 Leverancier Remondis. 253.000
4.3.6
11.041
11.930 Rioolrechten, waterschapslasten en overige heffingen. (de scholen zijn vrijgesteld van onroerende zaakbelasting). 11.930
Publiekrecht. heffingen
Heffingen: 4.3.7
11.041 Dotatie voorziening
210.000
Dotatie onderhoudsvoorziening:
210.000
200.000 Dotatie aan de onderhoudsvoorziening, gebaseerd op het meerjarenonderhoudsplan 2018-2037, op basis van de nieuwe richtlijnen voor het verwerken van onderhoudsuitgaven. 200.000
Toelichting: • Met ingang van 2024 zijn er nieuwe richtlijnen voor het verwerken van onderhoudskosten. Zie ook 4.3.3. 4.3.8
Beveiliging Tuinonderhoud Overige huisvestingslasten:
4.000 3.500 7.500
11.150 Beveiliging van de (school)gebouwen. 2.500 Groenonderhoud van de pleinen. 13.650
11
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
4.4 OVERIGE LASTEN Onderdeel begroting
Specificatie
4.4.1
Reproductie ICT-licenties ICT-onderhoud ICT algemeen Kantoorartikelen Telefoonkosten Honorarium RvT Advies Juridisch Accountant Administratiebureau Administratie- en beheerslasten:
803.778
803.943
Begroting 2023
Begroting 2024
43.500 46.050 37.200 21.000 2.625 12.150 39.500 2.500 1.500 16.000 141.000 363.025
42.100 47.900 2.125 52.100 2.135 14.630 40.000 2.500 2.500 27.000 150.000 382.990
Toelichting Leverancier Veenman (Xerox). Leveranciers APS-IT en ParnasSys. Budget voor onderhoudskosten ICT. Leveranciers Heutink ICT en SIVON. Kosten porti en kantoorartikelen. Leverancier NexxtCom. Honorarium raad van toezicht. Budget voor algemeen advies. Budget voor juridisch advies. Accountantscontrole Flynth (inclusief interimcontrole). Leverancier Onderwijsbureau Meppel.
Toelichting: • Met ingang van 2024 is de meerjarenonderhoudsplanning belegd bij Onderwijsbureau Meppel. Onderdeel begroting
Specificatie
Kleine aanschaf inventaris Kleine aanschaf ICT Inventaris en apparatuur:
Begroting 2023
4.4.2.1
4.775 2.925 7.700
4.4.2.2
105.700 15.003 101.000 6.525 10.230 8.250 34.010 280.718
OLP algemeen OLP extra/zorg OLP ICT Schoolbibliotheek OLP overig OLP toetsen Cultuur Leermiddelen:
Begroting 2024
Toelichting
4.100 Aanschaffingen inventaris lager dan € 500 per aanschaf. 3.100 Aanschaffingen ICT lager dan € 500 per aanschaf. 7.200 93.100 15.026 116.900 7.343 12.060 7.400 39.434 291.263
Onderwijsleerpakket; verbruiksmateriaal algemeen. Onderwijsleerpakket; aanvullend budget passend onderwijs. Onderwijsleerpakket; verbruikskosten/licenties. Onderwijsleerpakket; bibliotheek/boeken. Onderwijsleerpakket; kosten internet. Onderwijsleerpakket; kosten toetsing. Cultuureducatie (inclusief provinciale subsidie).
Toelichting: • De tendens in de afgelopen jaren is dat er steeds meer kosten worden gemaakt voor digitale onderwijsleerproducten; een verschuiving van OLP algemeen naar OLP ICT. 4.4.4
Vervoer Abonnementen Contributies Verzekeringen Medezeggenschap Projecten Projecten Innovatie Representatie Huishoudelijk Bankkosten Overig Overige lasten:
5.000 7.100 25.500 9.500 9.950 10.800 35.000 5.000 15.000 14.250 1.000 14.235 152.335
4.000 12.230 28.000 10.500 7.500 10.000 0 5.000 15.000 16.700 1.500 12.060 122.490
Diverse vervoerskosten. Diverse abonnementen scholen. Bovenschoolse contributies. Bovenschoolse verzekeringen. Budget medezeggenschap. Budget innovatie en ontwikkeling (strategisch beleidsplan/koersplan). Budget nieuw beleid ICT. Innovatiebudget Wolderwijs (vanuit het primaire proces). Diverse representatiekosten (n.a.v. jubilea, etc.). Diverse huishoudelijke kosten (o.a. kantinekosten). Kosten betalingsverkeer bankrekening. Schoonmaakinspectie, schadegevallen voor eigen rekening, etc.
Toelichting: • In 2024 zijn er beduidend minder projectkosten begroot dan in 2023.
12
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
5.0 FINANCIËLE BATEN EN LASTEN Onderdeel begroting
Specificatie
5.1
Rentebaten/-lasten
Rentelasten:
1.500
18.000
Begroting 2023
Begroting 2024
1.500 1.500
Toelichting
18.000 Verwachte rentebaten van het onderbrengen van liquide middelen op (spaar)rekeningen van de Rabobank. 18.000
Toelichting: • Met ingang van 2023 is het rentepercentage op (spaar)tegoeden weer positief. De rente zit in een stijgende lijn. In 2024 is gerekend met een rentepercentage van gemiddeld 1,5% over de tegoeden.
13
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
1.2 Toelichting begroting 2024; personeel De personeelslasten maken het grootste deel uit van de totale kosten van Stichting Wolderwijs. Hierna wordt ingegaan op een aantal actuele onderwerpen die mede de basis vormen voor de hoogte van de personeelslasten in de begroting 2024. Inzet personeel Formatie Jaarlijks wordt aan de hand van een vastgesteld bestuursformatieplan de formatie aan de scholen toegekend. Daarbij wordt tevens rekening gehouden met de inzet van tijdelijke bekostiging en incidentele personeelsinzet vanuit de reserves van Stichting Wolderwijs. De toegekende formatie is inclusief personele inzet vanuit de gelden van het SWV Passend Onderwijs, waaraan invulling wordt gegeven door middel van toekenning van arrangementsuren (leerlingspecifieke zorguren). Ook is er jaarlijks aanvullende personele inzet vanuit de IKC-ontwikkeling van Wolderwijs, met als resultaat formatie voor IB’ers, pedagogisch coaches en pedagogisch beleidsmedewerkers. Vanuit het Ministerie van OCW worden er jaarlijks werkdrukmiddelen toegekend ter hoogte van ongeveer € 275 per leerling (€ 353.000 in schooljaar 2023/2024). Deze gelden zijn structureel en maken onderdeel uit van de totale bekostiging. Veelal wordt er gekozen voor inzet van onderwijsondersteunend personeel of het realiseren van een extra groep. Met ingang van schooljaar 2023/2024 wordt er geen NPO-bekostiging meer ontvangen.
Vanuit de bestemmingsreserve NPO wordt er in schooljaar 2023/2024 voor het laatst personeel ingezet (2,3 fte). Het restant van de bestemmingsreserve wordt aangehouden ter dekking van toekomstige transitiekosten en WW-uitkeringskosten, bij uitstroom van personeel na schooljaar 2023/2024. Leerlingen Per 1 februari 2023 is het leerlingaantal van Stichting Wolderwijs iets gedaald ten opzichte van het jaar ervoor. Voor de jaren erna is de verwachting dat het leerlingaantal in totaal ongeveer 3% daalt. Dit heeft invloed op de totstandkoming van de formatie, aangezien de bekostiging jaarlijks wordt ontvangen op basis van de leerlingaantallen. In- en doorstroom Bij de totstandkoming van de jaarlijkse formatie per school wordt er te allen tijde rekening gehouden met functiedifferentiatie (waaronder de inzet van de nodige coördinatoren) en wordt er indien nodig gebruik gemaakt van mobiliteit om voor alle schoolteams de benodigde kwaliteit te realiseren. Daarnaast is het van belang om, mede in verband met het landelijke lerarentekort, nieuwe (jonge) leerkrachten te blijven werven en aan ons te binden, waarbij het krijgen van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd tot de mogelijkheden behoort. CAO PO Op 12 september 2023 is er ingestemd met het Onderhandelaarsakkoord CAO Primair Onderwijs 2023-2024 door de achterbannen van de vakbonden en de PO-Raad.
De nieuwe CAO heeft een looptijd van 1 mei 2023 tot en met 30 september 2024. Het akkoord heeft onder andere geleid tot een salarisverhoging van 10%, met ingang van 1 juli 2023, voor alle medewerkers in het primair onderwijs. Deze loonsverhoging werkt door in de pensioenopbouw en de bovenwettelijke sociale zekerheid. Tevens zijn de reiskostenvergoedingen verhoogd. Personeelsopbouw per schooljaar en taakstelling Met de meerjarenbegroting als basis, is hieronder schematisch weergegeven hoe het verloop qua personeelsinzet zal zijn in de komende schooljaren (exclusief ziektevervanging), met daarbij een verklaring van de verschillen tussen de schooljaren. 2023/2024
2024/2025
2025/2026
2026/2027
2027/2028
7,20 66,72 16,57 90,48
7,20 63,75 12,96 83,92
7,20 63,24 12,41 82,85
7,20 62,67 11,67 81,54
7,20 61,30 11,62 80,12
Personeelsopbouw in fte: Directie en bestuurder Onderwijzend Onderwijsondersteunend Verschil tussen schooljaren
-6,57
-1,07
-1,31
-1,42
-2,31 -1,48 -2,78
0,00 0,80 -1,86
0,00 -1,56 0,25
0,00 -0,65 -0,77
Verklaring verschil: Beëindiging NPO-inzet Invloed daling/stijging leerlingaantal Restant = Taakstelling of vacatureruimte
14
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Naast het wegvallen van de NPO-personeelsinzet is het een uitdaging voor Stichting Wolderwijs om onder andere de fors gestegen energiekosten en het wegvallen van de overgangsbekostiging, naar aanleiding van het nieuwe bekostigingsstelsel, op te kunnen vangen. Deze ontwikkelingen tezamen zorgen ervoor dat er een extra taakstelling is verwerkt in de cijfers van deze meerjarenbegroting. Er is bewust voor gekozen om de taakstelling in de begroting te verwerken onder de personeelslasten, aangezien deze jaarlijks gemiddeld ongeveer 82% uitmaken van de totale stichtingskosten. Gedurende schooljaar 2023/2024 zal er, binnen de verschillende geledingen van Stichting Wolderwijs, uitgezocht moeten worden hoe de jaarlijkse taakstellingen daadwerkelijk gerealiseerd gaan worden. Strategisch personeelsbeleid Binnen Wolderwijs werken we binnen verschillende werkgroepen aan het thema strategisch personeelsbeleid. Dit doen we in de werkgroep integraal personeelsbeleid. Deze werkgroep bestaat uit twee personeelsleden die ook in de GMR zitting hebben, een directeur, een medewerker die zitting heeft in de personeelsvertegenwoordiging van de kinderopvang en de beleidsmedewerker P&O. Daarnaast is er het Wolderwijsberaad, bestaande uit directeuren, beleidsmedewerkers en de bestuurder.
Tevens is er het beleidsberaad, bestaande uit beleidsmedewerkers, bestuurder en op thema sluiten medewerkers van het bestuursbureau aan. Op deze wijze wordt de onderwijskundige visie verbonden met de thema’s binnen het strategisch personeelsbeleid. In deze gremia worden onderwerpen gemonitord en geëvalueerd. Nieuw beleid wordt via de locatiedirecteuren geïmplementeerd op de locaties. Eind 2023 wordt een start gemaakt met een nieuw op te stellen strategisch beleidsplan. Vanuit dit plan zullen de thema’s voor het strategisch personeelsbeleid worden gedefinieerd. Kwaliteit personeel De kwaliteit en professionaliteit van het onderwijs op de locaties van Stichting Wolderwijs zijn met name afhankelijk van de kwaliteit van de medewerkers, wat maakt dat hierin voortdurend wordt geïnvesteerd. Daarnaast dragen de functiedifferentiatie en de divers samengestelde teams bij aan de onderwijskwaliteit en de aantrekkelijkheid van het vak. Wolderwijs heeft een meerjarenbeleidsplan professionalisering 2019-2023. Naar aanleiding van het nieuw vast te stellen strategisch beleidsplan (koersplan Wolderwijs 2024-2028) zal er een nieuw meerjarenbeleidsplan professionalisering opgesteld worden. Met het bestedingsplan professionalisering en begeleiding als basis, zijn de volgende budgetten beschikbaar in 2024, met daarbij een doorsteek voor de komende jaren: 2024
2025
2026
2027
Toelichting
Basisactiviteiten - Scholingsplannen locaties
53.500
50.000
50.000
50.000 2024: € 600 per fte. 2025 e.v. € 500 per fte.
Professionalisering directie - Individuele scholing schoolleiders
18.600
18.600
18.600
18.600 Op basis van € 3.000 per fte directie.
22.000 5.000 27.000
21.000 5.000 26.000
20.000 5.000 25.000
20.000 Jaarlijks aanbod aan bovenschoolse scholing. 5.000 Jaarlijkse studiedag voor alle locaties. 25.000
4.000
4.000
4.000
4.000 Subsidiemogelijkheden nagaan bij aanvragen.
103.100
98.600
97.600
97.600
25.000 7.500 32.500
25.000 7.500 32.500
25.000 7.500 32.500
25.000 Ten behoeve van coaching en/of begeleiding. 7.500 Interne competentiebevordering. 32.500
Subtotaal professionalisering
32.500
32.500
32.500
32.500
Totaal professionalisering en begeleiding
135.600
131.100
130.100
130.100
Professionalisering
Wolderwijsacademie - Diverse scholingsmogelijkheden - Wolderwijsdag
Ontwikkelfonds - Scholing op aanvraag Subtotaal professionalisering Begeleiding - Begeleiding personeel - Collegiale consultatie
15
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Met ingang van schooljaar 2021/2022 wordt er jaarlijks bekostiging professionalisering en begeleiding ontvangen. Hiermee wordt beoogd dat de professionalisering en begeleiding, van onder andere startende leraren en schoolleiders, breder wordt ingebed in het (strategisch) personeelsbeleid van de scholen. Met het bestedingsplan professionalisering en begeleiding zijn de keuzes voor professionele ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid van medewerkers vertaald naar budgetten, aansluitend op ontwikkelingen van buitenaf én de wensen en behoeften vanuit de organisatie. Samen opleiden & professionaliseren (SO&P) Met ingang van 2021/2022 is Wolderwijs in samenwerking met Catent (schoolbestuur met scholen in Friesland, Drenthe, Overijssel en Gelderland) en KPZ (Katholieke PABO Zwolle) opleidingsscholen begonnen. Een opleidingsschool is een basisschool waar PABO-studenten het vak van leerkracht in de praktijk leren. Dit leren ze onder begeleiding en verantwoordelijkheid van een mentor (de leerkracht van de groep). Daarnaast is er een schoolopleider die direct contact heeft met de instituutsopleider van de PABO. Mentoren en schoolopleiders worden hier specifiek voor opgeleid.
De zes opleidingsscholen, De Horst in De Wijk, Het Veldboeket in Veeningen, Het Groene Hart in Zuidwolde, De Dissel in Ruinerwold, De Rozebottel in Koekange en De Wezeboom in Oosteinde zijn bezig met het op peil brengen van de kwaliteit van de begeleiding van studenten en het stageaanbod, wat vastgelegd is in vier waarborgen: de lerende leraar, leeromgeving, organisatie en kwaliteitscultuur. Mentoren gaan aanstaande leraren begeleiden bij de dagelijkse praktijk in de school en in de klas. De schoolopleider is werknemer van een opleidingsschool en heeft als substantiële en structurele kerntaak het ontwikkelen, monitoren en bewaken van het opleiden en begeleiden van (aanstaande) leraren op de eigen school. De schoolopleider is aanspreekpunt in het team op het gebied van opleiden, begeleiden en beoordelen van studenten en zorgt ervoor dat mentoren toegerust zijn op hun taak. Verlof (inclusief ziekte) Stichting Wolderwijs heeft qua verlof met name te maken met ziekteverzuim, zwangerschapsverlof, ouderschapsverlof, duurzame inzetbaarheid en imperatief verlof. Ziekteverzuim en zwangerschapsverlof zijn declarabel bij respectievelijk het Vervangingsfonds en het UWV, wat inhoudt dat de (genormeerde) kosten van vervanging worden vergoed.
Het Vervangingsfonds werkt met een afrekeningssysteem (bonus/malus) na afloop van een kalenderjaar, afhankelijk van de hoogte van het declaratieniveau ten opzichte van de afgedragen premie in dat jaar. In het geval van ziekteverzuim hebben de schooldirecteuren als casemanager een essentiële rol. Ter ondersteuning van het arbeidsomstandigheden- en verzuimbeleid neemt Stichting Wolderwijs diensten af bij de gecertificeerde arbodienst VerzuimWeg. De arboarts vervult de rol van een onafhankelijke schakel tussen de werkgever en werknemer bij ziekte en reintegratie en geeft deskundig advies over arbeidsomstandigheden en verbetering daarvan. Stichting Wolderwijs streeft naar een ziekteverzuimpercentage lager dan 7%. Het ziekteverzuimpercentage in 2023 (t/m september) is 8,0%, dit is ongeveer gelijk aan het percentage van vorig jaar (7,9%). Bij alle ziektegevallen wordt er gebruik gemaakt van de juiste interventies; passende coaching en begeleiding en het in voldoende mate aandacht hebben voor de individuele problematiek. Om het ziekteverzuimpercentage naar beneden te krijgen zal er naast het curatief handelen meer focus gelegd moeten worden op het preventief handelen. Hiervoor wordt samenwerking gezocht met partijen die hierin kunnen ondersteunen. De medewerkers die in de vervangingspool zitten worden zo optimaal mogelijk ingezet.
In de afgelopen jaren worden de poolers gemiddeld voor 94% van de beschikbare tijd ingezet voor vervangingswerkzaamheden. Toch heeft de inzet van de vervangingspool er niet toe geleid dat we alle vervangingsaanvragen gedekt kunnen hebben. Om deze reden is de vervangingspool in schooljaar 2023/2024 uitgebreid naar ongeveer 3,3 fte (zeven medewerkers). Regionale aanpak personeelstekort (RAP) De subsidieaanvraag Regionale Aanpak Personeelstekort (RAP) regio Zwolle beschrijft de samenwerking van regionale besturen in het primair onderwijs in samenwerking met de hogescholen en lerarenopleidingen. Deze samenwerking omvat vier HBOinstellingen, drie MBO-instellingen, 44 PO-/WEC-instellingen en 14 VO-instellingen. In de samenwerking wordt aan zeven programmalijnen gewerkt: • Samenwerken in de regio • Toegerust in de klas en op school • Strategisch HR en arbeidsmarkt • Onderwijs van de toekomst • Loketfunctie • Onderzoek • Samen werven Op deze manier wordt er vanuit een brede scoop gewerkt aan de aanpak van het personeelstekort in het onderwijs. Stichting Wolderwijs participeert in de programmalijnen ‘samenwerken in de regio’ en ‘strategisch HR en arbeidsmarkt’. Deze participatie moet meer inzichten geven in de mogelijkheden om personeel aan te trekken en te behouden en moet tevens de samenwerking in de regio bevorderen.
Dit laatste heeft ook als doel om de regio als aantrekkelijke arbeidsmarktregio neer te zetten.
16
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
1.3 Toelichting meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Algemeen Bij het opstellen van de meerjarenbegroting is onder andere rekening gehouden met de geprognosticeerde leerlingaantallen en actuele bekostigingsontvangsten. Deze ontwikkelingen hebben consequenties voor de hoogte van zowel de toekomstige ontvangsten als de toekomstige uitgaven van Stichting Wolderwijs. In de meerjarenbegroting beweegt het grootste deel van de kosten mee met de ontwikkeling van het leerlingaantal, met name de personeelskosten. Daarentegen bewegen de afschrijvingen en huisvestingslasten weinig tot niet mee met de ontwikkeling van de leerlingaantallen. Hierna wordt per hoofdonderdeel van de meerjarenbegroting een toelichting gegeven op hoofdlijnen, waarbij met name de financiële tendensen voor de komende jaren aan de orde komen. Rijksbijdragen Rijlabels 3.1 Rijksbijdragen 3.1.1.1 OCW 3.1.2.2 Niet geoormerkte subsidies 3.1.3 Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV
2024 10.692.481 10.308.995 133.486 250.000
2025 10.510.086 10.128.783 131.303 250.000
2026 10.450.772 10.068.222 132.550 250.000
2027 10.320.263 9.940.207 130.056 250.000
De totale jaarlijkse rijksbijdragen zijn hoofdzakelijk afhankelijk van de (verwachte) leerlingaantallen. In de komende vier jaren zal het leerlingaantal naar verwachting met 3% dalen, zo ook de totale bekostigingsontvangsten vanuit het Ministerie van OCW. Met ingang van 2024 wordt er geen incidentele NPO-bekostiging meer ontvangen, wat betekent dat de te ontvangen bekostiging in de komende jaren van structurele aard is. Onder de niet geoormerkte subsidies valt de bekostiging voor professionalisering en begeleiding. Deze bekostiging wordt ingezet voor algehele professionalisering van de (school)organisatie en begeleiding van startende leraren en schoolleiders (zie onderdeel 1.2, kwaliteit personeel). De verwachting is dat deze bekostiging structureel door blijft lopen, of in de toekomst onderdeel uit gaat maken van de reguliere bekostiging. De verwachting is dat de ontvangsten vanuit het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs 2203 voor de komende jaren stabiel zijn. Met ingang van 2024 wordt er, naast de reguliere ontvangsten van € 235.000, voor het eerst rekening mee gehouden dat er een jaarlijkse aanvullende reserveuitkering wordt ontvangen van € 15.000. Hierdoor is de jaarlijkse personeelsinzet vanuit deze gelden minder afwachtend van aard.
De gelden worden veelal inzet ten behoeve van specifieke leerlingzorg op de scholen in de vorm van zorgformatie, arrangementsformatie en een klein deel materiële kosten. Overige overheidsbijdragen en -subsidies Rijlabels 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.2.2 Overige overheidsbijdragen
2024 16.700 16.700
2025 16.700 16.700
2026 16.700 16.700
2027 16.700 16.700
Jaarlijks wordt er een provinciale cultuursubsidie aangevraagd. Deze subsidie zal naar verwachting worden ontvangen voor alle jaren van deze meerjarenbegroting. Overige baten Rijlabels 3.5 Overige baten 3.5.1 Verhuur 3.5.2 Detachering personeel 3.5.6 Overige (overige baten)
2024 534.838 25.010 260.302 249.526
2025 537.404 25.010 262.868 249.526
2026 539.029 25.010 264.493 249.526
2027 539.029 25.010 264.493 249.526
De verhuurbaten betreffen het in verhuur of medegebruik gegeven onderwijsruimte aan peuteropvangorganisaties, muziekscholen en een bibliotheek. De komende jaren zullen deze baten naar verwachting stabiel zijn. De detacheringsopbrengsten betreffen hoofdzakelijk doorbelaste loonkosten aan het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs 2203, aangezien deze organisatie zelf geen personeelsleden in dienst kan nemen. Voor Stichting Wolderwijs gaat het om vier medewerkers waarvan de salariskosten één op één worden doorbelast. De totale detacheringsopbrengsten zijn gelijk aan de salariskosten van detachering (kostenneutraal). Het grootste deel van de overige baten betreft een jaarlijks bedrag van € 236.000 met betrekking tot de doorbelasting van kosten tussen Stichting Wolderwijs en Stichting Kindcentra Wolderwijs. Enerzijds belast Stichting Wolderwijs salariskosten door
17
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
aan Stichting Kindcentra Wolderwijs, voor het deel dat betrekking heeft op opvang. Het gaat hoofdzakelijk om de salariskosten van bestuurder, directeuren, beleidsmedewerkers en coaches in loondienst van Stichting Wolderwijs. Anderzijds belast Stichting Kindcentra Wolderwijs salariskosten door aan Stichting Wolderwijs, voor het deel dat betrekking heeft op onderwijs. Het gaat hoofdzakelijk om de salariskosten van pedagogisch medewerkers, beleidsmedewerkers en coaches. Tevens worden er huisvestingskosten doorbelast tussen beide stichtingen, waarbij rekening is gehouden met de invloed van de fors gestegen energiekosten (verhoogde doorbelasting met ingang van 2023). Personeelslasten Rijlabels 4.1 Personeelslasten 4.1.1.1 Salariskosten directie 4.1.1.2 Salariskosten onderwijzend personeel 4.1.1.3 Salariskosten onderwijs onderst. personeel 4.1.1.4 Salariskosten vervanging en overig 4.1.2.1 Dotaties personele voorzieningen 4.1.2.2 Personeel niet in loondienst 4.1.2.3 Overige personeelslasten 4.1.2.4 Scholing en opleiding 4.1.3 Af: uitkeringen
2024 -9.376.433 -936.621 -6.513.583 -1.034.417 -1.186.964 -17.000 -54.000 -182.928 -103.100 652.180
2025 -9.082.049 -951.121 -6.388.707 -895.701 -1.098.922 -17.000 -54.000 -179.095 -98.600 601.097
2026 -9.020.930 -964.368 -6.379.728 -868.433 -1.046.427 -17.000 -54.000 -176.616 -97.600 583.242
2027 -8.898.762 -970.328 -6.304.182 -832.502 -1.029.342 -17.000 -54.000 -174.696 -97.600 580.888
Er zijn met ingang van 2024 zeven (school)directeuren, verdeeld over tien scholen. Drie directeuren zijn werkzaam voor twee scholen, in welk geval er sprake is van een onderwijsteam en de scholen veelal samenwerken op onderwijskundig gebied. Het grootste gedeelte van het personeelsbestand, gemiddeld 75% in de komende jaren, bestaat uit leraren. Van deze leraren heeft in schooljaar 2023/2024 29% een coördinerende rol binnen de school. Bij de inzet van onderwijsondersteunend personeel wordt er onderscheid gemaakt tussen onderwijsondersteunend personeel in loondienst en onderwijsondersteunend personeel niet in loondienst. Bij de eerste gaat het om leraarondersteuners, onderwijsassistenten, facilitair medewerkers, administratief medewerkers en medewerkers van het bestuursbureau. Bij de laatste gaat het om een onderhoudsbeheerder en een facilitair medewerker (conciërge) die extern worden ingehuurd. In de afgelopen jaren is er vanuit structurele bekostigingsverhogingen, met betrekking tot werkdrukvermindering, personeel aangenomen voor klassenformatie, leraarondersteuners, onderwijsassistenten en facilitair medewerkers/conciërges. Het gaat om een jaarlijks (structureel aanvullend) budget van ongeveer € 350.000 dat toegevoegd is aan de formatie van de scholen. Daarnaast is er in de afgelopen jaren incidentele NPO-bekostiging ter beschikking gesteld vanuit het Ministerie van OCW.
In schooljaar 2023/2024 wordt vanuit de bestemmingsreserve NPO voor de laatste keer nog 2,31 fte ingezet. Na dit schooljaar verdwijnt deze inzet, wat voor het grootste gedeelte onderwijsondersteunend personeel betreft. In onderstaand overzicht is schematisch weergegeven hoe het verloop qua personeelsinzet zal zijn in de komende schooljaren. Dit is afgezet tegen het volume aan aflopende aanstellingen in verband met tijdelijke aanstellingen en natuurlijk verloop door onder andere uitstroom op de AOW-gerechtigde leeftijd of eerder (indien overeengekomen): 2023/2024
2024/2025
2025/2026
2026/2027
2027/2028
7,20 66,72 16,57 90,48
7,20 63,75 12,96 83,92
7,20 63,24 12,41 82,85
7,20 62,67 11,67 81,54
7,20 61,30 11,62 80,12
Personeelsopbouw in fte: Directie en bestuurder Onderwijzend Onderwijsondersteunend Verschil tussen schooljaren
-6,57
-1,07
-1,31
-1,42
Totale uitstroom personeel
-7,34
-2,32
-3,28
-3,67
Per saldo fte werven of ontslaan
0,77
1,25
1,97
2,25
Het totale personeelsbestand moet in de komende vier jaren met ongeveer 10 fte inkrimpen, waarvan ruim 6,5 fte in schooljaar 2024/2025. Dit lijkt vooralsnog opgevangen te kunnen worden door de afloop van tijdelijke aanstellingen en het natuurlijk verloop. Echter kan het zo zijn dat de totale uitstroom aan personeel afwijkt van wat daadwerkelijk aan uitstroom nodig is per functieniveau; uitstroom van een leraar kan niet opgevangen worden door een onderwijsassistent (onderwijsondersteunend). Een eventuele taakstelling op functieniveau kan naar verwachting opgevangen worden door het plaatsen van personeel in de vervangingspool, waarbij ziektevervanging plaatsvindt door personeel in loondienst en het Vervangingsfonds de
18
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
vervangingskosten vergoed. In het geval er sprake is van vacatureruimte op functieniveau zal er mogelijk personeel aangetrokken moeten worden. Zie ook de uitleg bij onderdeel 1.2 Toelichting begroting 2024; personeel, Personeelsopbouw per schooljaar en taakstelling. Hier is hetzelfde overzicht opgenomen van de personeelsopbouw per schooljaar, maar dan met de verklaring van de verschillen tussen schooljaren. In het geval van verzuim van personeel worden er vervangingskosten gemaakt. Deze vervangingskosten worden grotendeels vergoed door het Vervangingsfonds (ziekteverzuim) en het UWV (zwangerschapsverlof). Per saldo heeft alleen het verzuim voor eigen rekening invloed op de hoogte van de personeelslasten. De jaarlijkse budgetten voor scholing en opleiding zijn reeds schematisch weergegeven bij onderdeel 1.2 Toelichting begroting 2024; personeel, kwaliteit personeel. Voor inzicht in de overige personeelslasten, waaronder onkostenvergoedingen, ARBO-kosten en begeleidingskosten wordt verwezen naar onderdeel 1.1 Toelichting begroting 2024; financieel. De jaarlijkse totale overige personeelskosten dalen in de komende jaren mee met de daling van het personeelsvolume. De totale personeelskosten maken in de komende jaren gemiddeld ongeveer 82% uit van de totale kosten van Stichting Wolderwijs. Van de totale personeelskosten betreft ongeveer 96% salariskosten van het personeel.
De personeelsinzet op de scholen fluctueert naar aanleiding van de ontwikkeling van de kostenstructuur en de bekostigingsontvangsten. Deze laatste is afhankelijk zijn van het leerlingaantal. Beide ontwikkelingen zorgen er met ingang van 2024 voor dat er een extra taakstelling is verwerkt in de cijfers van deze meerjarenbegroting, onder de personeelslasten. Dit is reeds eerder in het begrotingsrapport behandeld. In onderdeel 2.2 Kengetallen is schematisch weergegeven wat de invloed is van de jaarlijkse taakstellingen op de verhoudingspercentages totale personeelskosten ten opzichte van totale stichtingskosten. Afschrijvingen Rijlabels 4.2 Afschrijvingen 4.2.2.1 Gebouwen 4.2.2.2 Inventaris en apparatuur 4.2.2.4 Leermiddelen
2024 -230.062 -11.160 -167.018 -51.884
2025 -258.765 -11.993 -191.546 -55.226
2026 -262.952 -11.993 -196.349 -54.610
2027 -256.147 -11.993 -191.248 -52.906
De afschrijvingskosten lopen op in de komende jaren, hoofdzakelijk door de bovenschoolse herinvestering in laptops/mobile devices voor het personeel wat gepland staat voor 2024 en 2025. Huisvestingslasten Rijlabels 4.3 Huisvestingslasten 4.3.1 Huur 4.3.3 Onderhoud 4.3.4 Energie en water 4.3.5 Schoonmaakkosten 4.3.6 Heffingen 4.3.7 Dotatie onderhoudsvoorzieningen 4.3.8 Overige huisvestingslasten
2024 -961.581 -36.500 -117.000 -329.501 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650
2025 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650
2026 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650
2027 -937.614 -36.500 -117.000 -305.534 -253.000 -11.930 -200.000 -13.650
De hoogte van de totale huisvestingslasten is in de komende jaren ongeveer constant. De hoogte hangt hoofdzakelijk samen met de hoeveelheid schoolgebouwen en voor de periode van deze meerjarenbegroting is de verwachting dat dit tien blijft. In onderdeel 1, Belangrijke ontwikkelingen met financiële invloed is beschreven wat de financiële consequenties zijn van het huidige energie- én onderhoudsvraagstuk. De meerkosten, ten opzichte van de normale/vroegere situatie, zijn als volgt: - Inschatting meerkosten energie ongeveer € 150.000 per jaar. - Inschatting meerkosten onderhoud ongeveer € 20.000 per jaar. De kosten van energie en onderhoud kunnen in de komende jaren zowel lager als hoger uitvallen. Dit risico is beschreven in de risicoparagraaf van dit begrotingsrapport. De schoonmaak van de scholen vindt plaats door een schoonmaakbedrijf, naar aanleiding van een Europese aanbesteding in 2019. De verwachting is dat de kosten van schoonmaak in de komende jaren een stabiel verloop hebben.
19
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
Overige lasten Rijlabels 4.4 Overige lasten 4.4.1 Administratie- en beheerslasten 4.4.2.1 Inventaris en apparatuur kleine aanschaff. 4.4.2.2 Leermiddelen kleine aanschaffingen 4.4.4 Overige (overige lasten)
2024 -803.943 -382.990 -7.200 -291.263 -122.490
2025 -802.762 -381.990 -7.200 -290.585 -122.987
2026 -801.005 -380.990 -7.200 -290.185 -122.630
2027 -799.469 -379.990 -7.200 -289.835 -122.444
De totale overige lasten zijn grotendeels structureel en fluctueren minimaal mee met de ontwikkeling van het leerlingaantal. Voor inzicht in de kostensoorten wordt daarom verwezen naar onderdeel 1.1 Toelichting begroting 2024; financieel. Financiële baten en lasten Rijlabels 5.0 Financiële baten en lasten 5.1 Rentebaten
2024 18.000 18.000
2025 17.000 17.000
2026 16.000 16.000
2027 16.000 16.000
De liquide middelen zijn belegd bij de Rabobank op een rekening-courant en een tweetal spaarrekeningen met elk een rentepercentage van ongeveer 1,5%. De jaarlijkse rentebaten zijn naar verwachting ongeveer € 16.000 tot € 18.000. Bedrijfsresultaten Rijlabels Baten Lasten Financiële baten en lasten Bedrijfsresultaat
2024 11.244.019 -11.372.019 -128.000 18.000 -110.000
2025 11.064.190 -11.081.190 -17.000 17.000 0
2026 11.006.501 -11.022.501 -16.000 16.000 0
2027 10.875.992 -10.891.992 -16.000 16.000 0
Het begrote negatieve resultaat in 2024 is volledig te wijten aan salariskosten naar aanleiding van NPO-personeelsinzet in het laatste deel van schooljaar 2023/2024, met dekking vanuit de bestemmingsreserve NPO. De resultaten in de overige jaren van de meerjarenbegroting zijn bewust op nul begroot. Hierdoor wordt het eigen vermogen ‘ontlast’, in afwachting van de financiële gevolgen van alle ontwikkelingen zoals beschreven in onderdeel 1, Belangrijke ontwikkelingen met financiële invloed.
20
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
2. Eigen vermogen en kengetallen
21
Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 Stichting Wolderwijs
2.1 Eigen vermogen Op basis van de meest actuele prognose van het resultaat van 2023 én de huidige meerjarenbegroting 2024 tot en met 2027 zal het eigen vermogen van Stichting Wolderwijs zich als volgt ontwikkelen: Eigen vermogen inclusief actuele ontwikkelingen en taakstellingen
Totaal eigen vermogen per 1 januari
2023
2024
2025
2026
2027
1.783.214
1.545.214
835.214
835.214
835.214
1.436.966 -148.000 0 1.288.966
1.288.966 0 -600.000 688.966
688.966 0 0 688.966
688.966 0 0 688.966
688.966 0 0 688.966
346.248 -90.000 256.248
256.248 -110.000 146.248
146.248 0 146.248
146.248 0 146.248
146.248 0 146.248
1.545.214
835.214
835.214
835.214
835.214
Algemene reserve Stand per 1 januari Resultaat Stelselwijziging onderhoudsvoorziening Stand per 31 december Bestemmingsreserve Stand per 1 januari Resultaat (2023 en 2024: Nationaal Programma Onderwijs) Stand per 31 december Totaal eigen vermogen per 31 december
Belangrijke opmerkingen met betrekking tot bovenstaand overzicht: • Er is geen rekening gehouden met eventuele jaarlijkse compensatie van de meerkosten van energie door het Ministerie van OCW. De verwachte meerkosten bedragen € 150.000 per jaar voor Stichting Wolderwijs. • Met name door de gestegen energiekosten (zie vorige punt) en de aflopende aanvullende bekostiging vanuit de overgangsregeling met betrekking tot de nieuwe bekostigingssystematiek (€ 70.000 per jaar) is er voor 2024 een taakstelling verwerkt van 2,5 fte. Voor de jaren 2025 en 2026 gaat het om een taakstelling van naar verwachting gemiddeld 1 fte per jaar. In totaal heeft de wijziging van de bekostigingssystematiek jaarlijks € 275.000 minder bekostiging tot gevolg, waarbij 2026 het eerste jaar is zonder gedeeltelijke compensatie vanuit het Ministerie van OCW. • De resterende bestemmingsreserve NPO, ultimo 2024, wordt gereserveerd voor toekomstige uitgaven. • De risico’s zoals beschreven in de risicoparagraaf zijn niet verwerkt in de cijfers. De Inspectie van het Onderwijs heeft in maart 2020 de ‘signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen van onderwijsinstellingen’ geïntroduceerd. Deze signaleringswaarde is geen vaste norm maar een startpunt voor communicatie met de Inspectie van het Onderwijs en/of het Ministerie van OCW.