CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2022

Gemeenteraad 24 juni 2021, gemeente De WoldenBij agendapunt: Begroting 2022-2025 en jaarrekening 2020 van de Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen11.564 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In het financieel verrekenmodel Hoogeveen-De Wolden is als verdeelsleutel voor de gemeentelijke bijdrage van 2022 opgenomen: • Hoogeveen 71,20% • De Wolden 28,80% Oorspronkelijk is bij de samenvoeging tot de SWO de verdeelsleutel gebaseerd op de inbrengcijfers van de begrotingen 2014 van de beide deelnemende gemeenten, inclusief taakstellingen. Deze cijfers zijn destijds leidend geweest voor de opstelling van de begroting 2015. Eind 2017 hebben we de verdeelsleutel opnieuw geëvalueerd. Hierbij hebben we beoordeeld of het verrekenpercentage nog reëel is en of de uitgangspunten nog van toepassing zijn. Op basis van de evaluatie en de besluiten van beide gemeenten in de gemeentelijke begrotingen 2021, is het verdeelpercentage geactualiseerd. De aanpassing wijzigt met minder dan 1%. Het verdeelpercentage was in 2021 Hoogeveen: 71,17%, De Wolden 28,83%. Het gewijzigde verdeelpercentage heeft geen effect op de absolute bijdrage (in financiële zin) aan de SWO van beide gemeenten. Bij de opstelling van de begroting SWO 2020 hebben we op basis van besluitvorming bij beide gemeenten de verdeelsleutel geactualiseerd naar bovengenoemde verdeling. Bij de bevoorschotting door de beide gemeenten houden we rekening met de behoefte en het beperkt houden van het saldo rekening-courant wegens verplicht schatkistbankieren.

Uitgangspunt is dat ongeveer 1/12e deel per de 1e van iedere maand als voorschot wordt overgemaakt. Onvoorzien Om te voldoen aan Artikel 17, lid b, van het BBV hebben we bij het overzicht van baten en lasten onder andere 'het geraamde bedrag voor onvoorzien' een pro forma post opgenomen van € 1.000.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

22

Begroting 2020

Paragrafen

5. Paragrafen 5.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (hierna: BBV) is in de begroting de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing voorgeschreven. In deze paragraaf maken we melding van het beleid van de SWO over de weerstandscapaciteit en de risico's. Het weerstandsvermogen is de mate waarin we in staat zijn geld vrij te maken om tegenvallers op te vangen, zonder dat we beleid moeten veranderen. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit die middelen en mogelijkheden die we hebben als dekking voor niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn. Of we een adequaat weerstandsvermogen hebben, blijkt uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de daarmee af te dekken risico's. Het gaat dan vooral om de grotere risico's waarvoor niet op een andere wijze al een voorziening is. Bij de oprichting van de SWO hebben we besloten dat we geen weerstandsvermogen vormen. De SWO doet in voorkomende gevallen een beroep op de beide gemeenten. Zij houden in de inventarisatie van de weerstandscapaciteit en de aanwezige risico's rekening met het risico van deelname aan de SWO. Dit houdt in dat we eventuele exploitatieoverschotten of -tekorten van de SWO via de jaarlijkse bijdragen rechtstreeks met de deelnemende gemeenten verrekenen.

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van de gemeente De Wolden en Hoogeveen zetten we de beschikbare weerstandscapaciteit af tegen de benodigde weerstandscapaciteit. Met andere woorden: wat is de capaciteit van de gemeente om aanwezige risico’s te dekken zonder dat de beoogde doelstellingen gevaar lopen. Kengetallen financiële positie Het BBV schrijft voor dat we in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen. Naast de kengetallen nemen we een beoordeling op van de onderlinge verhouding van de kengetallen in relatie tot de financiële positie. De kengetallen en de beoordeling geven samen helder inzicht in de financiële positie van de SWO. Daarbij is het ook van belang om inzicht te hebben in de ontwikkeling van de kengetallen over de jaren heen. Voor de SWO gelden de netto schuldquote, de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen, de solvabiliteitsratio en de structurele exploitatieruimte. Het kengetal grondexploitatie en de belastingcapaciteit (woonlasten meerpersoonshuishouden) zijn niet van toepassing voor ons. 1A. Netto schuldquote De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. 1B.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Voor inzicht in hoeverre sprake is van doorlenen, geven we de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weer (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Zo brengen we in beeld wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. 2. De solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hierbij wordt het eigen vermogen uitgedrukt in een percentage van het balanstotaal. 3. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting maken we onderscheid tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, gedeeld door de totale baten.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

23

Begroting 2020

Paragrafen

De kengetallen voor de SWO. Rekening 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

Netto schuldquote

6%

10%

7%

6%

5%

5%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

6%

10%

7%

6%

5%

5%

Solvabiliteit

7%

3%

7%

7%

7%

8%

Structurele exploitatieruimte

0%

0%

0%

0%

0%

0%

Kengetallen financiële positie

Om de overdracht van materiële vaste activa te bekostigen, hebben beide gemeenten een lening verstrekt. Uit de netto schuldquote blijkt dat de schuldenlast voor de organisatie gering is. Zoals gezegd vormen wij geen weerstandsvermogen. Dit wordt zichtbaar in de extreem lage solvabiliteitsratio. Eventuele exploitatie-overschotten of -tekorten, verrekenen we via de jaarlijkse bijdragen rechtstreeks met de deelnemende gemeenten. De structurele exploitatieruimte is daarom jaarlijks (nagenoeg) nihil.

Vaste activa Materiele vaste activa Financiële vaste activa

Jaarrekening 2019

Jaarrekening 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

4.666.476

5.320.763

6.744.570

5.661.325

4.784.863

4.406.140

4.091.464

0

0

0

0

0

0

0

8.577.578 11.489.957 11.489.957 11.489.957

11.489.957

Vlottende activa Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa TOTAAL ACTIVA

8.574.776 11.489.957 0

0

0

0

0

0

0

425.860

394.825

425.860

394.825

394.825

394.825

394.825

13.667.112 17.205.545 15.748.008 17.546.107 16.669.645 16.290.922 15.976.246

Vaste passiva Eigen vermogen

501.000

1.202.507

501.000

1.202.507

1.202.507

1.202.507

1.202.507

Voorzieningen Vaste schulden > 1 jaar

0

0

0

0

0

0

0

4.663.674

5.2457.82

6.744.570

5.925.187

5.048.725

4.670.002

4.355.326

Vlottende passiva Vlottende schulden < 1 jaar

8.424.730

8.082.574

8.424.730

8.082.574

8.082.574

8.082.574

8.082.574

Overlopende passiva

77.708

2.335.839

77.708

2.335.839

2.335.839

2.335.839

2.335.839

TOTAAL PASSIVA

13.667.112 17.205.545 15.748.008 17.546.107 16.669.645 16.290.922 15.976.246

5.2 Financiering Inleiding We voeren onze financieringsfunctie uit volgens de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet FIDO). In de wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in begroting en jaarrekening. De Wet FIDO verplicht de lagere overheid financiële risico's op treasurygebied te beheersen. Daarnaast stelt de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo) eisen aan de kredietwaardigheid van financiële instellingen. In de paragraaf Financiering geven we de ontwikkelingen aan met betrekking tot de kasgeldlimiet, de renterisiconorm, de verwachte toe- of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid voor treasury. De randvoorwaarden waarbinnen treasury zich kan en mag bewegen, staan in het treasurystatuut. Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

24

Begroting 2020

Paragrafen

Risicobeheer De belangrijkste financiële risico’s bij de uitvoering van het treasurybeleid zijn de renterisico's, kredietrisico's, liquiditeitenrisico’s, koersrisico's en valutarisico's. Renterisico Hieronder valt het beheersen van de risico’s dat in de toekomst de rentelasten van het vreemd vermogen hoger, of dat de renteopbrengsten van activa lager zijn dan een bestuurlijk wenselijk geacht niveau, of het in de meerjarenraming en de begroting geraamde niveau. De Wet FIDO hanteert voor de beheersing van het renterisico de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. De wet normeert via percentages het maximale risico dat een gemeenschappelijke regeling mag lopen op de vaste (de renterisiconorm) en de vlottende schuld (de kasgeldlimiet). Kasgeldlimiet (kortlopende schuld) De kasgeldlimiet heeft tot doel de renterisico’s op kortlopende (opgenomen) geldleningen te beperken. Jaarlijks geeft het ministerie aan welk bedrag de lagere overheid mag financieren met kortlopende geldleningen. De kasgeldlimiet is een percentage (8,2%) van het begrotingstotaal. Voor 2022 is het begrotingstotaal € 63.012.940, zodat de toegestane kasgeldlimiet € 5.167.061 is. Het uitgangspunt is dat een eventueel financieringstekort zoveel mogelijk met kort geld gefinancierd (lagere rente) wordt, totdat lang geld goedkoper wordt. Berekening kasgeldlimiet (bedragen in miljoen euro’s) 1

1e kwartaal

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

Toegestane kasgeldlimiet - In procenten van de grondslag

8,2%

8,2%

8,2%

8,2%

- In bedrag (x € 1 miljoen)

5,2

5,2

5,2

5,2

2

Omvang vlottende schuld

1,0

1,0

1,0

1,0

3

Vlottende middelen Totaal netto vlottende schuld (2-3)

1,0

1,0

1,0

1,0

Toegestane kasgeldlimiet (1)

5,0

5,0

5,0

5,0

Ruimte

4,0

4,0

4,0

4,0

Toets kasgeldlimiet 4

Deze limiet mogen we gedurende het jaar in principe niet overschrijden. Als de kasgeldlimiet structureel wordt overschreden, moeten we binnen drie kwartalen maatregelen treffen om dat teniet te doen. Dat kan door het omzetten van kortlopende schuld naar langlopende schuld. De verwachting voor 2021 is dat we deze limiet niet gaan overschrijden. Renterisiconorm De renterisiconorm schrijft voor hoeveel we maximaal mogen lenen voor een periode langer dan één jaar. Deze norm heeft als doel om toekomstige renterisico’s op de kortlopende schuld te beperken. De renterisico’s berekenen we als de som van de aflossingen en de renteherzieningen op de bestaande langlopende schuld. Het totale jaarlijkse renterisicobedrag mag niet groter zijn dan 20% van het begrotingstotaal (minimumbedrag is € 2,5 miljoen). De renterisiconorm dwingt daarmee tot spreiding van de aflossingen en renteherzieningen. Begroting 2021

Renterisiconorm

Begroting 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Begroting 2025

(bedragen x € 1.000) 1

Renteherzieningen

0

0

0

0

0

2

Betaalde aflossing

1.392

1.687

1499

1.147

1.165

3

Renterisico (1+2)

1.392

1.687

1.499

1.147

1.165

4a

Begrotingstotaal

61.409

63.013

62.532

62.278

62.558

4b

Het bij ministeriële regeling vastgestelde %

20%

20%

20%

20%

20%

4

Renterisiconorm

12.282

12.603

12.506

12.456

12.512

5a

Ruimte onder renterisiconorm (4>3)

10.890

10.916

11.007

11.308

11.347

5b

Overschrijding renterisiconorm (3>4)

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

25

Begroting 2020

Paragrafen

Kredietrisico Het kredietrisicobeheer is het beheersen van risico’s van de mogelijkheid dat een tegenpartij niet aan haar contractuele verplichtingen kan voldoen. De SWO heeft geen geldleningen verstrekt aan derden, dus er is geen sprake van kredietrisico. Liquiditeitenrisico Liquiditeitsrisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de organisatie over onvoldoende middelen beschikt om aan de directe verplichtingen te voldoen. We hebben dit risico ondervangen doordat de beide gemeenten gedurende het jaar voorschotten betalen aan de SWO. Koers- en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. Op dit moment bezit de SWO geen financiële activa en is er dus geen sprake van koersrisico. Valutarisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van wat verwacht werd op het beslissingsmoment. Op dit moment bezit de SWO geen vreemde valuta die onderhevig kunnen zijn aan valutarisico’s. Ook is er geen sprake van afnemers van buiten de eurolanden.

Rentetoerekening We berekenen de omslagrente door de rente die we aan de taakvelden toerekenen te delen door de boekwaarde per 1 januari van de vaste activa, die integraal zijn gefinancierd. Het (voor)gecalculeerde omslagpercentage mag binnen een marge van 0,5% worden afgerond. Daarnaast moeten we ook inzicht geven in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend. Schema rentetoerekening 2020 a.

De externe rentelasten over de kort en lange financiering

b.

De externe rekenbaten

130.881 0

Saldo rentelasten en rentebaten c1. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend

130.881 0

c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend (voorbeeld riolering) c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

0 0

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente

0

d1. Rente over eigen vermogen

0

d2. Rente over voorzieningen

0

Totaal werkelijk aan taakvelden toe te rekenen rente e.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag

f.

Renteresultaat op het taakveld Treasury

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

130.881 -130.881 0

26

Begroting 2020

Paragrafen

Financieringsarrangement We zijn met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) een financieringsovereenkomst aangegaan, die per 1 januari 2019 is gewijzigd. De BNG moet voor de kredietlimieten aan decentrale overheden liquiditeiten aanhouden. Daarom wordt vanaf 1-1-2019 over het ongebruikte deel van de kredietlimiet een bereidstellingsprovisie in rekening gebracht. Om de bereidstellingsprovisie te beperken, hebben we met BNG afgesproken om de overeenkomst financiële dienstverlening te wijzigen. Het totale kredietarrangement is € 5 miljoen. Hiervan is € 1 miljoen voor het kredietlimiet en € 4 miljoen voor intradaglimiet. Indien nodig of als de inzichten en/of rentepercentages wijzigen, kunnen we de bedragen binnen het kredietarrangement aanpassen. Op deze wijze kan de SWO tijdig aan haar verplichtingen voldoen. Met het vaststellen van deze gewijzigde financieringsovereenkomst is ook de benodigde technische infrastructuur (bevoegdheden etc.) bepaald. Schatkistbankieren De Wet verplicht schatkistbankieren is op 15 december 2013 van kracht geworden. Alle decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in de schatkist aan te houden. We mogen gelden niet langer buiten de schatkist wegzetten.

Wel mogen decentrale overheden overtollige middelen aan elkaar uitlenen, zolang er geen sprake is van een toezichtrelatie, om zodoende een beter rendement te halen dan bij de schatkist. De schatkist biedt geen leen- of roodstandfaciliteiten aan. Deelname per 1 januari 2014 van decentrale overheden aan het schatkistbankieren, draagt bij aan een lagere EMU-schuld van de collectieve sector, waardoor de externe financieringsbehoefte van het Rijk minder wordt. Dit vertaalt zich in een lagere staatsschuld. Voor de decentrale overheid geldt een doelmatigheidsdrempel van 0,75% van het begrotingstotaal. Het agentschap vergoedt over het dagelijkse saldo de daggeldrente (Eonia). Wet Hof In de wet Houdbare overheidsfinanciën (Hof) wordt de Nederlandse uitwerking van Europese afspraken ten aanzien van de overheidsfinanciën geregeld. De wet is van toepassing op het Rijk, provincies, waterschappen en gemeenten en is op 1 januari 2014 in werking getreden. Op basis van de wet Hof en de geldende begrotingsregels leveren het Rijk en de medeoverheden een gelijkwaardige inspanning bij het terugdringen van het begrotingstekort. Over de bijdrage van de medeoverheden aan de Europese doelstellingen wordt aan het begin van elke kabinetsperiode bestuurlijk overleg gevoerd. De EMU-tekortruimte voor decentrale overheden blijft gehandhaafd op 0,5% van het Bruto Binnenlands Product (BBP).

De individuele medeoverheden verstrekken jaarlijks begrotingsinformatie, via de EMU-enquête aan het CBS. Als uit deze enquête blijkt dat op macroniveau het EMU-saldo wordt overschreden, moeten de medeoverheden maatregelen nemen. Berekening EMU-saldo In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV, artikel 19) is de verplichting vastgesteld dat de gemeenten ramingen van het EMU-saldo moeten verstrekken over het voorafgaande jaar, het actuele jaar en het volgende jaar. Deze programmabegroting is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU-saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar van ontvangsten en uitgaven, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie. Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft onderstaand format voorgeschreven.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

27

Begroting 2020

Paragrafen

Voor de begroting 2022 ramen we een voordeel van €52.000 en voor 2023 komen we uit op een negatief EMU-saldo van € 284.000. Exploitatie en investeringen We bekostigen de taken binnen de gemeenschappelijke regeling (exploitatie) met financiële bijdragen van de beide deelnemende gemeenten. Gedurende het jaar brengen we voorschotten in rekening bij de beide gemeenten. Eventuele overschotten en tekorten aan het einde van het jaar verrekenen we op basis van de procentuele verhouding, zoals vastgelegd in het kostenverrekenmodel. Voor de aanschaf en vervanging van ICT- en automatiseringsmiddelen en bedrijfsmiddelen moeten we geldleningen aantrekken. De deelnemende gemeenten verstrekken voor deze investeringen een lening op basis van de verdeelsleutel (71,2% resp. 28,8%). De gemeenten ontvangen hiervoor een rentevergoeding van 2%. De leningen van de deelnemende gemeenten vinden plaats binnen de kaders van de Wet Fido en de financiële verordening van de SWO. De boekwaarde van de investeringen komt per 31 december 2020 uit op ruim € 5,7 miljoen. Deze € 5,7 miljoen is ook het bedrag, dat de beide gemeente aan leningen heeft verstrekt aan de SWO. Daarnaast kan ook nog gebruik gemaakt worden van het krediet in rekening-courant en van kort geld, zoals kasgeldleningen.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

28

Begroting 2020

Paragrafen

5.3 Bedrijfsvoering Voor de paragraaf Bedrijfsvoering verwijzen we naar Hoofdstuk 3 Programma Bedrijfsvoering.

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

29

Begroting 2020

Vaststelling

Vaststelling programmabegroting 2022 Het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen; gezien het concept van de programmabegroting 2022 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie gemeenten De Wolden Hoogeveen; gelet op de bepalingen in de Gemeentewet; alsmede gelet op: het resultaat van de besprekingen in de raadsvergaderingen van De Wolden en Hoogeveen, te houden op 24 juni, respectievelijk 1 juli 2021; B e s l u i t: Vast te stellen de begroting 2022 en de Meerjarenbegroting 2023-2025 van de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het bestuur van 6 juli 2021. De voorzitter,

K.B. Loohuis

Samenwerkingsorganisatie De Wolden Hoogeveen

30

Bijlage 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10266979/1