B Jaarverslag 2020 - Stichting Wolderwijs
Tekst van het document
Elke school heeft een eigen begroting en een eigen schoolformatieplan, waarin rekening is gehouden met de keuzes die de school zelf maakt. De plannen zijn daarbij leidend, binnen de mogelijkheden van de beschikbare budgetten. De individuele schoolbegrotingen en schoolformatieplannen worden besproken met de beleidsmedewerker financiën & beheer en/of de beleidsmedewerker personeel & organisatie van het bestuursbureau. Indien nodig worden overige medewerkers van het bestuursbureau betrokken in dit proces. Zowel de geconsolideerde (meerjaren)begroting als het geconsolideerde bestuursformatieplan worden jaarlijks besproken met het directieberaad, de GMR, het bestuur en de RvT. Naar aanleiding daarvan worden deze beleidsstukken vastgesteld. Hiermee wordt bereikt dat er brede consensus bestaat over de opgestelde begroting en de verdeling van de middelen.
Onderwijsachterstanden Bij het bepalen van de omvang van de bekostiging onderwijsachterstandenbeleid hanteert het Ministerie van OCW de daartoe opgestelde score van het CBS. Voor Stichting Wolderwijs geldt dat er voor ’t Oelebröd bekostiging wordt ontvangen voor een bedrag van afgerond € 13.000 in schooljaar 2019/2020 en € 11.000 in schooljaar 2020/2021. Voor de inzet van de achterstandsmiddelen geldt dat deze in beginsel op de school worden ingezet waar de bekostiging aan gerelateerd is. In 2020 vond deze inzet plaats in de vorm van aanvullende formatie, om op deze manier het onderwijsleerproces op de school te versterken.
6.
Continuïteitsparagraaf
6.1
Algemeen
Stichting Wolderwijs stelt jaarlijks, vóór 1 december, de begroting van het komende jaar vast, waarbij als onderdeel van deze begroting een meerjarenbegroting inclusief risicoparagraaf is opgenomen. De laatst vastgestelde meerjarenbegroting 2021 tot en
37
met 2024 geeft inzicht in de toekomstige ontwikkelingen op financieel vlak en laat zien waar zich de komende jaren financiële risico’s voordoen, zodat hier tijdig op kan worden geanticipeerd.
6.2
Financiële rapportage
6.2.1
Kengetallen 2020
2021
2022
2023
2024
Leerlingaantallen
1.265
1.262
1.242
1.240
1.232
Bestaande uit: - Onderbouw
638
620
611
608
590
- Bovenbouw
627
642
631
632
642
100,33
97,51
99,44
98,82
98,70
Personele bezetting in fte incl. verlof Bestaande uit: - Bestuur en directie
7,84
7,84
7,84
7,84
7,84
- Onderwijzend personeel
81,12
78,60
80,53
79,91
79,79
- Onderwijsondersteunend personeel
11,37
11,07
11,07
11,07
11,07
Toelichting belangrijke ontwikkelingen - Met ingang van schooljaar 2020/2021 wordt er geen samenvoegingsbekostiging meer ontvangen. Dit heeft een negatieve invloed gehad op de personele bezetting voor schooljaar 2020/2021. De terugval van ongeveer 5 fte wordt in hetzelfde schooljaar voor 2 fte opgevangen vanuit een bestemmingsreserve formatie. - Het leerlingaantal zal de komende vier jaren naar verwachting ongeveer 3% dalen. In bovenstaande prognose is zowel rekening gehouden met inschattingen op schoolniveau als met toekomstige effecten van de bevolkingsontwikkeling. De verwachting is dat het leerlingaantal in de toekomst min of meer zal gaan stabiliseren en niet onder 1.200 uit zal komen. - De personele bezetting in fte loopt de komende jaren geleidelijk af, met vertraging (T-1 systematiek), afhankelijk van het verloop in het leerlingaantal. De opbouw in en verhoudingen van het personeelsbestand (qua functieniveaus) zal de komende jaren tevens afhankelijk zijn van onvoorziene ontwikkelingen. Hierbij worden te allen tijde logische verhoudingen nagestreefd.
6.2.2
Balans 2020
2021
2022
2023
2024
Materiële vaste activa
932.610
1.133.616
1.132.326
1.095.491
1.086.567
TOTAAL VASTE ACTIVA
932.610
1.133.616
1.132.326
1.095.491
1.086.567
572.009
577.009
582.009
574.509
567.009
Liquide middelen
2.117.455
1.727.918
1.704.818
1.740.702
1.376.576
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
2.689.464
2.304.927
2.286.827
2.315.211
1.943.585
TOTAAL ACTIVA
3.622.074
3.438.543
3.419.153
3.410.702
3.030.152
ACTIVA VASTE ACTIVA
VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen
38
PASSIVA EIGEN VERMOGEN
1.952.588
1.734.368
1.674.368
1.635.201
1.625.201
Algemene reserve
1.728.951
1.678.951
1.653.951
1.635.201
1.625.201
Bestemmingsreserve
223.637
55.417
20.417
0
0
VOORZIENINGEN
475.660
505.349
540.959
579.175
216.125
KORTLOPENDE SCHULDEN
1.193.826
1.198.826
1.203.826
1.196.326
1.188.826
TOTAAL PASSIVA
3.622.074
3.438.543
3.419.153
3.410.702
3.030.152
39
Toelichting belangrijke ontwikkelingen - De financieringsstructuur blijft de komende jaren gelijk. Stichting Wolderwijs heeft ruim voldoende liquide middelen om toekomstige kwaliteitsinvesteringen en eventuele toekomstige tegenslagen op te kunnen vangen. - Het huisvestingsbeleid hangt de komende jaren af van een aantal factoren: de hoogte van de bekostiging voor binnen- en buitenonderhoud en de juistheid van de onderhoudsvoorziening. Deze laatste zal naar verwachting uiterlijk in 2023 worden geactualiseerd op basis van toekomstige herziene wet- en regelgeving (de hiermee gepaard gaande verschuivingen in het vermogen zijn tot op nadere orde niet meegenomen in de cijfers). - De mutaties van de reserves en voorzieningen volgen in de toekomst de toe- en afname van de bedrijfsactiviteiten van Stichting Wolderwijs, inclusief aanvullende kwaliteitsinvesteringen ten laste van het eigen vermogen (zowel de algemene reserve als de bestemmingsreserve). De daadwerkelijke hoogte van de toekomstige kwaliteitsinvesteringen wordt jaarlijks opnieuw bepaald, ten tijde van het goedkeuren en vaststellen van de begroting. - Vooralsnog is er sprake van een verantwoord eigen vermogen indien dit niet lager is dan € 610.000, op basis van de ondergrenzen van de solvabiliteit (30%) en het weerstandsvermogen van (5%), gebaseerd op de cijfers ultimo 2020.
6.2.3
Staat van baten en lasten 2020
2021
2022
2023
2024
9.057.384 31.807 194.993
8.856.447 12.800 188.193
8.782.810 12.755 188.692
8.750.396 12.775 189.493
8.756.997 12.700 190.267
9.284.184
9.057.440
8.984.257
8.952.664
LASTEN Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
8.261.554 253.181 743.096 802.143
7.674.302 244.430 697.050 660.078
7.471.885 240.844 697.050 634.678
7.435.405 226.538 697.050 633.038
TOTAAL LASTEN
10.059.974
9.275.860
9.044.457
8.992.031
-775.790
-218.420
-60.200
-39.367
986
200
200
200
-774.804
-218.220
-60.000
-39.167
BATEN Rijksbijdrage Overige overheidsbijdragen Overige baten TOTAAL BATEN
8.959.964
7.421.431 219.686 697.050 631.997 8.970.164
SALDO BATEN EN LASTEN -10.200 200 Financiële baten en lasten NETTO RESULTAAT -10.000
Uitgangspunten toekomstige begrotingen - De reguliere begrotingsresultaten zijn jaarlijks structureel € 0. Naast de activiteiten binnen de reguliere begrotingsbudgetten vinden er aanvullende (tijdelijke) kwaliteitsinvesteringen plaats waarvan de kosten ten laste komen van het eigen vermogen. Hierdoor zijn de jaarlijkse begrotingsresultaten negatief. - De ontwikkeling van het leerlingaantal en de personele formatie vormen de basis voor bovenstaande cijfers. Hierbij wordt de T1 systematiek gehanteerd (het leerlingaantal op 1 oktober heeft voor het eerst invloed op het volgende schooljaar). NB: In februari 2020 is er, naar aanleiding van het CAO-akkoord eind 2019, € 285.704 aan incidentele salariskosten geweest. Dit bedrag wordt in 2020, door middel van resultaatbestemming, ten laste gebracht van de ultimo 2019 daarvoor gevormde personele bestemmingsreserve. Deze kosten maken dus onderdeel uit van de totale personeelskosten hierboven. Ten tijde van het vaststellen van de begroting 2020 was voorgaande nog niet bekend en daarom niet in de cijfers meegenomen (zie onderdeel 5.3.2 van het jaarverslag). Signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen: Mogelijk Normatief eigen vermogen
Eigen vermogen
bovenmatig eigen vermogen
Op basis van de prognoses zal Stichting Wolderwijs binnen afzienbare tijd geen bovenmatig eigen vermogen meer hebben.
40
Realisatie 2020:
1.952.588
1.462.810
489.778
Prognose komende jaren: 2021 2022 2023 2024
1.734.368 1.674.368 1.635.201 1.625.201
1.676.023 1.674.733 1.637.898 1.628.974
6.3
Overige rapportages
6.3.1
Interne risicobeheersings- en controlesysteem
58.345 0 0 0
Het interne risicobeheersings- en controlesysteem van Stichting Wolderwijs is gebaseerd op de werking van de aanwezige AO/IC (administratieve organisatie en interne controle) en functioneert naar behoren. De verschillende functies binnen de stichting zijn gescheiden, daar waar functievermenging plaats kan vinden. Een groot deel van de administratieve handelingen is uitbesteed aan een onderwijsadministratiekantoor, waarmee duidelijke afspraken zijn gemaakt. Jaarlijks beoordeelt de controlerende accountant de opzet, het bestaan en de werking van de AO/IC. In 2020 is de interne beheersing van voldoende niveau, conform de bevindingen van de accountant naar aanleiding van de controlewerkzaamheden.
Fraude Door de juiste werking van de AO/IC is het frauderisico bij Stichting Wolderwijs laag. Het frauderisico is een jaarlijks terugkerend onderwerp op de agenda van de RvT-vergaderingen. Het gaat hierbij om het inschatten van de risico’s van fraude bij Stichting Wolderwijs. In de frauderisicoanalyse van Stichting Wolderwijs zijn de volgende risico’s beschreven: 1.) Ongeautoriseerd aangaan van verplichtingen namens de stichting; 2.) Beïnvloeding van resultaten van officiële documenten; 3.) Diefstal van giraal geld, contant geld en goederen. Bij het maken van risico-inschattingen is het van belang om aandacht te besteden aan het bestaan van een gelegenheid om fraude te kunnen plegen, aan het bestaan van druk (targets) en aan de mogelijkheid dat personen binnen de organisatie een eventuele fraude voor zichzelf kunnen verantwoorden (bedrijfscultuur). Duidelijke, logische en regelmatig terugkerende signalen vanuit de bestuurder en directie bevorderen een bedrijfscultuur die eerlijk en integer gedrag waardeert en beloont. Voorbeeldgedrag is een belangrijke factor bij de interne beheersing.
6.3.2
Risico’s en onzekerheden
De hieronder beschreven risico’s en onzekerheden zijn rechtstreeks ontleend aan de meerjarenbegroting 2021 tot en met 2024.
Interne risico’s Personeel Het tekort aan leerkrachten in Nederland wordt met het jaar zichtbaarder. Veel leerkrachten gaan de komende jaren met pensioen en de instroom van (jonge) leerkrachten is niet genoeg om alle vacatures en het verzuim op te vullen. Detacherings- en uitzendbureaus gaan contracten aan met leerkrachten om ze vervolgens te verhuren aan onderwijsorganisaties. De meerkosten daarvan kunnen oplopen tot 70%. Risico: Om de formatie rond te krijgen is Stichting Wolderwijs afhankelijk van het aanbod aan leerkrachten en zal in het uiterste geval personeel moeten worden ingehuurd, met hoge meerkosten. Inschatting financieel risico: Gemiddeld (35%). Inschatting impact: Gemiddeld. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 80.000. De kosten van ziektevervanging bij verzuim worden gedeclareerd bij het Vervangingsfonds. Wanneer er in een kalenderjaar meer of minder gedeclareerd wordt dan er aan premie betaald wordt volgt er een afrekening in de vorm van een bonus of een malus. Het is vanuit zowel organisatorisch als financieel oogpunt noodzakelijk zo veel mogelijk grip te krijgen op het verzuim en dit zo laag mogelijk te krijgen. Risico: Te hoog verzuim en daardoor een hogere afrekening van het Vervangingsfonds dan verwacht. Inschatting financieel risico: Hoog (65%). Inschatting impact: Gemiddeld.
41
Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 50.000 (bovenop de jaarlijks begrote € 10.000). Bij ontslag van vaste medewerkers moet de instroomtoets van het Participatiefonds worden doorlopen. Bij onvoldoende ontslagruimte moet Stichting Wolderwijs de toekomstige uitkeringskosten voor haar rekening nemen. Daarnaast kunnen medewerkers bij ontslag een beroep doen op het ontvangen van een transitievergoeding. Dit is tot op heden nog niet gebeurd. Risico: De te betalen WW- en WIA-uitkeringen en/of transitievergoedingen vallen hoger uit dan begroot. Inschatting financieel risico: Gemiddeld (35%). Inschatting impact: Gemiddeld. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 20.000 (bovenop de jaarlijks begrote € 24.000). Onderwijs Ten aanzien van de onderwijskwaliteit wil Stichting Wolderwijs minimaal voldoende scoren voor alle scholen. Er wordt invulling gegeven aan de verdere verbetering van deze kwaliteit. Echter het huidige tekort aan leerkrachten doet hier afbreuk aan: - Het tekort aan leerkrachten zorgt voor het naar huis moeten sturen van groepen leerlingen (veelal bij verlof/ziekte), waardoor zij minder onderwijstijd ontvangen en er mogelijk lagere resultaten worden behaald. - Het moeten kiezen voor het verdelen van leerlingen over andere groepen bij verlofsituaties. Dit zorgt voor werkdrukverhoging bij de andere medewerkers met mogelijke uitval door ziekte als gevolg.
Daarnaast is het de vraag of de onderwijskwaliteit op samenvoegingsmomenten geborgd blijft. - Door het tekort aan leerkrachten is er een teruggang in het aantal sollicitanten bij een vacature. Hierdoor is de mogelijkheid om te kiezen voor een kandidaat met de juiste kwaliteiten er soms niet en wordt er genoegen genomen met minder kwaliteit. - Het bij ziekte van een leerkracht moeten kiezen voor het voor de groep zetten van een intern begeleider of directeur. Dit heeft als gevolg dat zij niet of onvoldoende aan hun eigen taken toekomen, wat de kwaliteit van het onderwijs onder druk zet. Risico: Verslechtering van de onderwijskwaliteit door het tekort aan leerkrachten. Inschatting financieel risico: Gemiddeld (30%). Inschatting impact: Hoog. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 50.000. Financiën Op verzoek van het Ministerie van OCW en de Raad voor de Jaarverslaggeving is er een werkgroep ingesteld die een advies zal uitbrengen over hoe een onderhoudsvoorziening opgebouwd moet worden in de toekomst. De wijze waarop de voorziening moet worden verwerkt in de jaarcijfers, is op landelijk niveau al een aantal jaren onderwerp van discussie. Daarbij kwam naar voren dat veel instellingen in het primair en voortgezet onderwijs die gebruik maken van een voorziening voor groot onderhoud, deze op een andere manier opbouwen dan de Raad voor de Jaarverslaggeving voor ogen staat.
Naast de mogelijke actualisatie van de hoogte van de voorziening is het van belang om te weten of het wel of niet een stelselwijziging betreft. In het geval van een stelselwijziging vindt er een balanscorrectie plaats tussen de voorziening en het eigen vermogen. In het geval er geen sprake is van een stelselwijziging zal de actualisatie/mutatie van de voorziening eenmalig via het resultaat lopen. Risico: De eventuele wijziging van het opbouwen van de onderhoudsvoorziening heeft een opwaarts effect op de hoogte van de onderhoudsvoorziening op de balans. Inschatting financieel risico: Hoog (60%). Inschatting impact: Gemiddeld. Inschatting maximaal eenmalig risicobedrag: € 100.000.
Externe risico’s Concurrentiepositie Het marktaandeel van Stichting Wolderwijs binnen het primair onderwijs in de gemeente De Wolden bedraagt in 2019 72,5% (2018: 72,3%). Er wordt jaarlijks gestreefd naar een verbetering van het marktaandeel. Stichting Wolderwijs verwacht zich in de toekomst voldoende te kunnen profileren en voldoende onderwijskwaliteit te kunnen leveren, mede door de IKC-ontwikkelingen in de afgelopen jaren, wat een gunstige invloed zou moeten hebben op het marktaandeel. Risico: Het verliezen van een relatief groot deel van het marktaandeel ten opzichte van het bijzonder onderwijs. Inschatting financieel risico: Laag (15%). Inschatting impact: Laag. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 40.000 (gebaseerd op 0,5% verlies aan marktaandeel).
42
Politieke ontwikkelingen Met ingang van 2023 zal het bekostigingsstelsel vereenvoudigd worden. Er zal t.z.t. een overgangsregeling komen, zodat eventuele herverdeeleffecten in drie jaar tijd opgevangen kunnen worden. Deze vereenvoudiging moet de complexiteit in de bekostiging beperken en ervoor zorgen dat schoolbesturen beter zicht hebben op hoeveel geld ze jaarlijks te besteden hebben en voor de maatschappij en politiek wordt het inzichtelijker waaraan het geld wordt uitgeven. De huidige bekostiging is complex omdat deze is opgebouwd uit veel verschillende onderdelen, die op verschillende momenten in het jaar worden uitbetaald. Het doel van de vereenvoudiging is om zoveel mogelijk te komen tot een vast bedrag per school (BRIN) en een bedrag per leerling. Het gaat om de volgende maatregelen: -
Het afschaffen van de gemiddelde gewogen leeftijd (GGL). Geen verschil tussen het bedrag per leerling in onderbouw en bovenbouw. De (groepsafhankelijke) materiële bekostiging op basis van één vaste voet plus een bedrag per leerling. De personele bekostiging van schooljaar naar kalenderjaar, waarbij de teldatum wordt verplaatst van 1 oktober naar 1 februari (t - 11 maanden).
Risico: De vereenvoudiging van het bekostigingsstelsel brengt in de toekomst nadelige herverdeeleffecten met zich mee. Inschatting financieel risico: Gemiddeld (50%). Inschatting impact: Hoog. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 120.000 gemiddeld (oplopend van € 60.000 in 2023 tot € 180.000 in 2025). Het is een risico dat als het Ministerie van OCW de bekostiging in toekomstige jaren niet of onvoldoende indexeert, en de kosten wel stijgen, er jaarlijks financiële tekorten ontstaan. Risico: Het Ministerie van OCW indexeert niet of in onvoldoende mate. Inschatting financieel risico: Laag (20%). Inschatting impact: Hoog. Inschatting maximaal risicobedrag per jaar: € 80.000 (gebaseerd op 1% tekort aan bekostiging).
6.3.3
Rapportage bestuur
In 2020 houdt de RvT toezicht en heeft de bestuurder de eindverantwoordelijkheid voor beleidsvraagstukken en de bijbehorende financiën.
6.3.4
Coronapandemie in de toekomst
Op de locaties van Wolderwijs is de invloed van de coronapandemie in 2020 groot geweest, met name op organisatorisch en onderwijskundig vlak. Deze invloed zal ook in 2021 en latere jaren groot zijn. Het lijkt erop dat de overheid, met de huidige kennis omtrent het coronavirus, het basisonderwijs in de toekomst niet zomaar meer zal gaan sluiten. De directe gevolgen van het sluiten van het basisonderwijs, zoals we deze in 2020 meegemaakt hebben, zullen hierdoor naar verwachting niet aan de orde zijn. De financiële consequenties voor 2021 en eventuele latere jaren lijken vooralsnog te overzien, waarbij verwacht wordt dat (extra) uitgaven in de pas zullen lopen met (extra) inkomsten. Zoals hiervoor aangegeven zijn de onderwijskundige consequenties zijn groot. Het Ministerie van OCW werkt in het voorjaar van 2021 verschillende subsidieregelingen en aanvullende bekostigingsregelingen uit het Nationaal Programma Onderwijs uit. De hieruit voortkomende toekomstige extra gelden zullen met ingang van schooljaar 2021/2020 worden ingezet ten behoeve van het wegwerken van onderwijsachterstanden die opgelopen zijn gedurende de coronapandemie. Denk hierbij onder andere aan de herhaling van de reeds bestaande regelingen inhaal- en ondersteuningsprogramma’s en extra hulp in de klas.
43
Bijlage A: Overzicht scholen BRIN
School
Adres
09HG
't Echtenest
Schoolakkers 2b
7932 PM
Echten
10RY
De Klimtoren
Drogteropslagen 57
7705 PD
Drogteropslagen
10UN
't Oelebröd
Mr. Harm Smeengestraat 56
7963 BZ
Ruinen
11GK
De Bosrand
Jan Haarstraat 28
7926 TC
Kerkenveld
12CO
Het Veldboeket
Schoolweg 19
7924 PL
Veeningen
12TS
Het Groene Hart
Schoolbrink 1
7921 HG
Zuidwolde
18IJ
De Wezeboom
Schoolstraat 28
7961 NJ
Oosteinde
18KF
De Dissel
Dijkhuizen 68a
7961 AM
Ruinerwold
18KU
De Rozebottel
Sportlaan 14
7958 SM
Koekange
18NN
De Horst
Postweg 31
7957 ZG
De Wijk
44
Bijlage B: Samenstelling centrale organen Raad van toezicht (ultimo verslagjaar): In de RvT hebben eind 2020 de volgende personen zitting: • De heer Drs. J.H. Sauer
Voorzitter
Commissie bestuurlijke agenda Commissie renumeratie
• Mevrouw Ing. A.C.S. de Vries
Lid
• De heer Mr. M.D.M. Stadhouders Lid
Commissie renumeratie Commissie personele, HRM en juridische zaken, Commissie financiën en kwaliteit Commissie renumeratie
• De heer Drs. J.W. van de Kolk
Lid
Commissie bestuurlijke agenda, commissie renumeratie
• De heer Drs. K.F. van der Ziel
Lid
Commissie financiën en kwaliteit
College van bestuur (ultimo verslagjaar): • Mevrouw B.M. Bakker
Bestuurder
De bestuurder sluit op verzoek van het DB (directieberaad) aan bij onderdelen van de DB-vergaderingen. Andersom verzoekt de bestuurder het DB om aanwezig te zijn bij specifieke onderwerpen in het directieberaad. In het DB hebben alle directeuren zitting. Ondersteuning: Ter ondersteuning van de bestuurder en het DB is er een bestuursbureau, waarvan de volgende beleidsmedewerkers deel uitmaken: • De heer D.L.C. Blok
Beleidsmedewerker financiën en beheer
• De heer D. ten Brinke
Beleidsmedewerker personeel en organisatie
• Mevrouw J.A.A. Verheggen • Mevrouw A.W. Bakker
Beleidsmedewerker onderwijs en kwaliteit Beleidsmedewerker algemeen
Ter voorbereiding op het directieberaad komt de agendacommissie bijeen. In de agendacommissie vindt er overleg plaats over de te bespreken agendapunten in het directieberaad. Naast de bestuurder bestaat deze commissie eind 2020 uit de volgende personen: • De heer J. Scheper (directeur) • Mevrouw K. Hartman-Kwant (directeur) • Mevrouw E. Wiersma (directeur) GMR (ultimo verslagjaar): In de GMR (gemeenschappelijke medezeggenschapsraad) hebben eind 2020 de volgende personen zitting: School
Lid
Geleding
Functie
’t Echtenest, Echten
Mevrouw A. Runhart
Personeel
Lid werkgroep onderwijs
De Klimtoren, Drogteropslagen
De heer F. van Lint
Ouder
Voorzitter + lid dagelijks bestuur + lid werkgroep personeel
’t Oelebröd, Ruinen
Mevrouw A. Hulzebos-Wever
Personeel
Lid werkgroep personeel
De Bosrand, Kerkenveld
De heer E. Dekker
Ouder
Lid werkgroep onderwijs
Het Veldboeket, Veeningen
Mevrouw G. Hoogstra
Personeel
Lid werkgroep middelen
Het Groene Hart, Zuidwolde
Mevrouw J. te Marvelde
Ouder
Lid werkgroep onderwijs + lid dagelijks bestuur
De Wezeboom, Oosteinde
Mevrouw M. Scheper
Personeel
Lid werkgroep personeel
De Dissel, Ruinerwold
Mevrouw F. Mennink
Ouder
Lid werkgroep middelen
De Rozebottel, Koekange
Mevrouw R. Walters
Ouder
Lid werkgroep middelen
NB: De bestuurder heeft in 2020 deelgenomen aan de vergaderingen van de GMR. Daarnaast heeft zij periodiek (voor)overleg gehad met het dagelijks bestuur van de GMR.
45
De Horst, De Wijk
Mevrouw T. Gaykema-Ham
Bijlage C: Lijst van afkortingen AO/IC AVG
Administratieve organisatie en interne controle Algemene verordening gegevensbescherming
BSO
Buitenschoolse opvang
CAO
Collectieve arbeidsovereenkomst
DB
Directieberaad
DUO
Dienst Uitvoering Onderwijs
FG(‘er)
Functionaris gegevensbescherming
Fte
Fulltime employment
(G)MR
(Gemeenschappelijke) medezeggenschapsraad
HRM
Human resource management
ICT
Informatie- en communicatietechnologie
IKC
Integraal kindcentrum
IB(‘er)
Intern begeleider
IPB
Integraal personeelsbeleid
KDV
Kinderdagverblijf
LIO
Leerkracht in opleiding
MBO
Middelbaar beroepsonderwijs
OC
Oudercommissie
OCW
Onderwijs, cultuur en wetenschappen
OOP
Onderwijsondersteunend personeel
OP
Onderwijzend personeel
PO
Primair onderwijs
POP
Persoonlijk ontwikkelingsplan
P-MR
Personeelsgeleding van de medezeggenschapsraad
P&O
Personeel & organisatie
RI&E
Risico-inventarisatie en -evaluatie
RvT
Raad van toezicht
VVE
Voor- en vroegschoolse educatie
WNT
Wet Normering Topinkomens
WPO
Wet op het Primair Onderwijs
Jaarrekening 2020
46
Personeel
Lid werkgroep personeel + lid dagelijks bestuur
Inhoudsopgave Jaarrekening Balans per 31 december 2020
46
Staat van baten en lasten over 2020
48
Kasstroomoverzicht
49
Grondslagen
50
Toelichting op de balans per 31 december 2020
53
Niet uit de balans blijkende verplichtingen
56
Gebeurtenissen na balansdatum
56
Model G, Overzicht doelsubsidies OCW
57
Toelichting op de staat van baten en lasten over 2020
58
Overzicht verbonden partijen
61
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
62
Bestemming van het resultaat
64
Gegevens over de rechtspersoon
65
Overige gegevens Controleverklaring
66
Pagina PagPagina 50 van 25ina] van Pagina 50 van 2525 A.1.1 Balans per 31 december 2020 (na verwerking resultaatbestemming)
1.
Activa
31 december 2020
31 december 2019
1.2
Materiële vaste activa
932.610
1.025.881
Totaal vaste activa
932.610
1.025.881
1.5
Vorderingen
572.009
615.905
1.7
Liquide middelen
2.117.455
2.593.392
Totaal vlottende activa
2.689.464
3.209.297
Totaal activa
3.622.074
4.235.178
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 46
2.
Passiva
2.1
Eigen vermogen
1.952.588
2.727.392
2.2
Voorzieningen
475.660
531.730
2.4 Kortlopende schulden
31 december 2020
1.193.826
976.056 Totaal passiva
31 december 2019
3.622.074
4.235.178
41895 jaarrekening 2020
A.1.2 Staat van baten en lasten over 2020 Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
9.057.384
8.681.195
9.080.165
31.807
12.680
25.563
3.
Baten
3.1
Rijksbijdrage OCW
3.2
Overige overheidsbijdragen
3.5
Overige baten
194.993
193.184
192.355
Totaal baten
9.284.184
8.887.059
9.298.083
4. 4.1
Lasten Personeelslasten
8.261.554
7.593.698
7.850.737
4.2
Afschrijvingen
253.181
248.534
235.696
4.3
Huisvestingslasten
743.096
676.335
687.283
4.4
Overige lasten
802.143
771.825
742.816
Totaal lasten Saldo baten en lasten 5
Financiële baten en lasten Netto resultaat
10.059.974
9.290.392
9.516.532
775.790-
403.333-
218.449-
986
5.000
18.648
774.804-
398.333-
199.801-
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 48
A.1.3 Kasstroomoverzicht
Kasstroom uit operationele activiteiten Resultaat voor financiële baten en lasten Aanpassingen voor: - Afschrijvingen- Mutaties voorzieningen Veranderingen in vlottende middelen: - Vorderingen - Kortlopende schulden Totaal kasstroom uit bedrijfoperaties Ontvangen interest Betaalde interest Totaal kasstroom uit operationele activiteiten Kasstroom uit investeringsactiviteiten (Des)investeringen materiële vaste activa (Des)investeringen financiële vaste activa
Pagina: 49
Totaal kasstroom uit investeringsactiviteiten
Mutatie liquide middelen Beginstand liquide middelen Mutatie liquide middelen Eindstand liquide middelen
41895 jaarrekening 2020 2020
2019
775.790-
218.449-
253.181 56.070-
235.696 69.011-
43.896 217.770
72.09221.537-
317.013-
145.394-
1.014 28-
18.648 316.027126.746-
159.910-
159.910-
367.8461.700.000 1.332.154
475.9371.205.408 2.593.392 475.937-
1.387.984 1.205.408
2.117.455
2.593.392
Pagina: 51
Toelichting behorende tot de jaarrekening:
Grondslagen De activiteiten van Stichting Openbaar Primair Onderwijs Wolderwijs bestaan uit het geven van primair onderwijs aan de scholen die onder haar gezag vallen. Algemeen De jaarrekening is opgesteld volgens de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. In deze regeling is vastgesteld dat de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (in het bijzonder RJ 660 Onderwijsinstellingen) van toepassing zijn, met inachtneming van de daarin aangeduide uitzonderingen.
De jaarrekening is opgesteld op basis van continuïteit. Het bestuur heeft daarin de effecten van de coronapandemie meegewogen en komt op basis van die afweging niet tot een andere conclusie. Voor zover niet anders is vermeld worden activa, voorzieningen en schulden opgenomen tegen de nominale waarde. De genoemde bedragen, voorzover niet anders vermeld, zijn opgenomen in hele euro's. Het kasstroomoverzicht is opgenomen volgens de indirecte methode. De toelichting vloeit voort uit de toelichting op de afzonderlijke posten in de jaarrekening en is daarom niet apart opgenomen.
Grondslagen voor waardering van activa en passiva Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname van het materieel vast actief. De kosten van groot onderhoud worden in de jaarrekening verwerkt middels een voorziening groot onderhoud. De grondslagen zijn opgenomen onder de grondslagbeschrijving van voorzieningen. De activeringsgrens is: € 500,Het systeem van afschrijvingen is als volgt: Investeringen in bestaande bouw: 3,33 % van de aanschafwaarde Meubilair: 5,00 of 10,00 % van de aanschafwaarde Digiborden: 14,29 % van de aanschafwaarde Overige ICT: 25,00 % of 33,33 % van de aanschafwaarde ICT licenties OLP: 14,29 of 25,00 % van de aanschafwaarde Leermiddelen: 11,11 % van de aanschafwaarde Gebouwen: 2,50 % van de aanschafwaarde Vervoermiddelen: 20,00 % van de aanschafwaarde Financiële vaste activa
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 52
De leningen en vorderingen worden opgenomen tegen nominale waarde, onder aftrek van noodzakelijk geachte voorzieningen. Onder de financiële vaste activa zijn de bankrekeningen verantwoord met een vaste looptijd van langer dan een jaar. Vorderingen Bij eerste verwerking worden de vorderingen opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. De reële waarde en de geamortiseerde kostprijs zijn gelijk aan de nominale waarde. De vorderingen worden verminderd met de noodzakelijk geachte voorzieningen voor het risico van oninbaarheid. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van vorderingen. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Algemene reserve De Algemene reserve betreft een buffer ter waarborging van de continuïteit van het bevoegd gezag en wordt opgebouwd uit resultaatbestemming van overschotten die ontstaan uit het verschil tussen werkelijke baten en lasten. Bestemmingsreserves De bestemmingsreserve publiek is deels gevormd ter realisatie van bestuurlijk vastgestelde plannen en deels ter realisatie van incidentele salarisuitkeringen in februari 2020 (cao-akkoord). Voorzieningen Voorzieningen worden opgenomen tegen nominale waarde, met uitzondering van voorzieningen ter zake van personeel en soortgelijke verplichtingen.
Deze worden opgenomen tegen de berekende contante waarde. Een voorziening wordt eerst gevormd als voldaan is aan de vereisten terzake van het vormen van voorzieningen. De voorziening jubilea is opgenomen tegen de contante waarde van de toekomstige uitbetalingen en is afhankelijk van de ingeschatte blijfkans, gemiddelde salarisstijging en disconteringsvoet. De werkelijke jubileauitkeringen worden ten laste van deze voorziening gebracht. Schattingswijziging discontovoet en blijfkans: In verband met de gedaalde marktrente is de discontovoet met ingang van 2020 verlaagd naar 1%. Het percentage is gebaseerd op de van overheidswege vastgestelde risicovrije reële discontovoet in maatschappelijke kosten - batenanalyses voor investeringsprojecten. Daarnaast is de ingeschatte blijfkans gewijzigd. Door deze wijzigingen is de voorziening naar beneden bijgesteld. De voorziening onderhoud is gebaseerd op de meerjarenonderhoudsplanning van 2018-2037. De dotatie is op basis van de planning berekend en gelijkmatig verdeeld over de jaren. Periodiek wordt de planning geactualiseerd. Jaarlijks wordt bekeken of de dotatie toereikend is. In de Regeling jaarverslaggeving onderwijs is een tijdelijke overgangsregeling opgenomen voor het toepassen van de methode van kostenegalisatie voor de voorziening groot onderhoud.
Van deze tijdelijke overgangsregeling is gebruikt gemaakt bij het berekenen van de voorziening groot onderhoud. Kortlopende schulden De kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Deze is gelijk aan de nominale waarde. Pensioenen
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 53
Er is één pensioenregeling. Dit betreft een Nederlandse regeling en wordt gefinancierd door afdrachten aan pensioenuitvoerder, te weten het bedrijfstakpensioenfonds ABP. Ultimo boekjaar heeft dit pensioenfonds een dekkingsgraad van 87,6% (beleidsdekkingsgraad). De pensioenverplichting wordt gewaardeerd volgens de “verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering”. In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de staat van baten en lasten verantwoord. De stichting heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij ABP, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. Grondslagen voor resultaatbepaling Baten Onder baten wordt verstaan de van overheidswege toegekende (normatieve) bijdrage OCW, overige OCWsubsidies en (gemeentelijke) overheidsbijdragen, alsmede de van derden toegekende overige bijdragen. De baten worden toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Lasten De lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. De lasten worden bepaald met inachtneming van de hiervoor reeds vermelde waarderingsgrondslagen. Verliezen die hun oorsprong vinden in het boekjaar worden in aanmerking genomen zodra deze voorzienbaar zijn.
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 54
A.1.4 Toelichting op de balans per 31 december 2020 1.
Activa
1.2
Materiële vaste activa Mutaties 2020
Aanschaf- Afschrijvingen Boekwaarde Investeringen Desinves- Afschrijvingen Afschrijvingen Aanschaf- Afschrijvingen Boekwaarde per waarde per 31 tot en met 31 per 31 teringen desinvesteringen waarde per 31 tot en met 31 31 december december 2019
Gebouwen en terreinen Inventaris en apparatuur
december 2019 december 2019
december 2020 december 2020
2020
60.812
1.900-
58.913
4.483
0
1.979-
0-
65.295
3.878-
61.417
3.429.997
2.760.564-
669.432
124.109
0
193.958-
0-
3.554.105
2.954.522-
599.583
1.791.074
1.493.539-
297.536
31.319
0
57.245-
0-
1.822.393
1.550.783-
271.610
5.281.883
4.256.002-
1.025.881
159.910
0
253.181-
0-
5.441.794
4.509.184-
932.610
Overige vaste bedrijfsmiddelen
Materiële vaste activa
1.2.1
1.2.2
1.2.3
Onder inventaris en apparatuur vallen de posten meubilair, technische inventaris en ICT-middelen. Onder overige vaste bedrijfsmiddelen vallen investeringen in onderwijsleerpakket en overige investeringen.
41895 jaarrekening 2020
1.5
Pagina: 53
Vorderingen
31 december 2020
31 december 2019
1.5.1
Debiteuren
39.674
25.665
1.5.2
Vorderingen OCW
395.462
375.416
De vordering OCW heeft betrekking op de overlopende posten vanuit de personele lumpsum en personeels- en arbeidsmarktbeleid. 1.5.7
1.5.8
Overige vorderingen
10.950
21.900
Vervangingsfonds
74.364
93.889
Overige overlopende activa
51.559
99.035
Overlopende activa
125.923
192.924
Totaal vorderingen
572.009
615.905
31 december 2020
31 december 2019
De vorderingen hebben een looptijd korter dan 1 jaar.
1.7
1.7.2
Liquide middelen
Banken
2.117.455 2.593.392 2.117.455
2.1
2.593.392
Eigen vermogen Mutaties 2020 Boekwaarde per 31 december 2019
2.1.1
Algemene reserve
2.1.2
Bestemmingsreserve publiek
Bestemming resultaat
Boekwaarde per 31 december 2020
Overige mutaties
2.021.767 705.625
292.816481.988-
-
1.728.951 223.637
2.727.392
774.804-
-
1.952.588
Toelichting bestemmingsreserve publiek: Mutaties 2020 Boekwaarde
Personele reserve Overige reserve Bestemmingsreserve ICT
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 56
per 31 december 2019
Bestemmingsreserve onderwijsondersteunin Bestemmingsreserve formatie 2.2
Voorzieningen Mutaties 2020
Boekwaarde Boekwaarde per 31 december 2019 Dotaties
2.2.1
Personeel Jubilea
2.2.3
2.4
2.4.3
Overige voorzieningen Onderhoud
Bestemming resultaat
Boekwaarde per 31 december 2020
Overige mutaties
276.428
276.428-
-
-
429.197
205.560-
-
223.637
163.750
115.000-
-
48.750
143.333
52.916-
-
90.417
122.114
37.644-
-
84.470
705.625
481.988-
-
223.637
Onttrekkingen
per 31 december 2020
Vrijval
Kortlopende deel < 1 jaar
Langlopende deel > 1 jaar
111.092 111.092
-
8.1868.186-
14.57614.576-
88.329 88.329
5.361 5.361
82.968 82.968
420.638
260.000
293.307-
-
387.331
207.807
179.524
420.638
260.000
293.307-
-
387.331
207.807
179.524
531.730
260.000
301.493-
475.660
213.168
262.492
14.576-
Kortlopende schulden 31 december 2020
31 december 2019
92.242
114.020
Crediteuren
2.4.7.1
Loonheffing
293.181
270.017
2.4.7.3
Premies sociale verzekeringen
42.959
41.169
2.4.7
Totaal belastingen en premies sociale verzekeringen
336.140
311.186
2.4.8
Schulden terzake van pensioenen
100.840
105.894
2.4.9
Overige kortlopende schulden
10.363
3.946
2.4.10.4
Vooruitontvangen termijnen OCW niet geoormerkt
115.264
0-
2.4.10.5
Overlopende passiva m.b.t. vakantiegeld
252.973
245.807
2.4.10.8
Overlopende passiva algemeen
282.454
184.827
2.4.10.8
Overlopende passiva m.b.t. subsidie overig
3.550
10.376
2.4.10
Totaal overlopende passiva
654.241
441.010
1.193.826
976.056
Totaal kortlopende schulden De kortlopende schulden hebben een looptijd korter dan 1 jaar.
41895 jaarrekening 2020 2.5
Pagina: 55
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Er is een overeenkomst met Onderwijsbureau Meppel. De jaarlijkse kosten zijn ongeveer € 120.000. De overeenkomst wordt periodiek verlengd. Er is een schoonmaakovereenkomst met Cantorclin. De jaarlijkse kosten zijn ongeveer € 180.000. De overeenkomst is afgesloten per 26 augustus 2019 voor de duur van drie jaar, met het recht de overeenkomst telkens met één jaar te verlengen. Er is een huurovereenkomst met Gemeente De Wolden m.b.t. het bestuurskantoor. De jaarlijkse kosten zijn ongeveer € 34.000. De overeenkomst is afgesloten per 1 december 2019 voor de duur van tien jaar, met de mogelijkheid om dit met vijf jaar te verlengen. Er is een kopieerovereenkomst met BNP/Ricoh. De jaarlijkse kosten zijn ongeveer € 40.000. De overeenkomst is afgesloten per 1 december 2016 voor de duur van vijf jaar en eindigt derhalve op 1 december 2021. Er is een energie-overeenkomst met DVEP en Eneco. De jaarlijkse kosten zijn ongeveer € 93.000. In 2021 zullen er nieuwe overeenkomsten worden afgesloten. Fiscale eenheid Stichting Openbaar Primair Onderwijs Wolderwijs en Stichting Kindcentra Wolderwijs voor de omzetbelasting Stichting Openbaar Primair Onderwijs Wolderwijs vormt samen met Stichting Kindcentra Wolderwijs een fiscale eenheid voor de omzetbelasting.
De stichting is mede verantwoordelijk voor het voldoen van de omzetbelasting voor de fiscale eenheid als geheel, indien van toepassing.
Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum die van invloed zijn op de waardering van de in de balans getoonde posten of het resultaat.
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 58
Model G, Overzicht doelsubsidies OCW De prestatie is ultimo verslagjaar conform de subsidiebeschikking:
G1 Verantwoording van subsidies zonder verrekeningsclausule Omschrijving
Kenmerk
Subsidie Internationalisering funderend onderwijs
IFO20054
Totaalbedrag toewijzing (€)
Ontvangen in 2020
Geheel uitgevoerd en afgerond
Nog niet geheel afgerond
Datum 5.000
Subsidie Internationalisering funderend onderwijs
IFO20102
9-7-2020
Subsidie lerarenbeurs/studieverlof
1091089
9-9-2020
Subsidie extra ondersteuning leerlingen na thuisonderwijs tijdens coronacrisis/inhaal- en ondersteuningsprogramma 20-21
X
5.000
7.860
7.860
X
131.400 149.260
131.400 149.260
X
23-9-2020 IOP2-41895-PO 16-10-2020
G2
5.000
X
5.000
Verantwoording van subsidies met verrekeningsclausule
G2-A Aflopend per ultimo verslagjaar
Omschrijving N.v.t.
Kenmerk
Datum
Bedrag toewijzing (€) -
Ontvangen t/m
Lasten t/m
Stand begin
Ontvangen in
Lasten in
2019
2019
2020
2020
2020
-
-
-
-
Te verrekenen 31-12-20
-
-
Aflopend
-
-
-
-
-
-
-
G2-B Doorlopend tot in een volgend verslagjaar Bedrag Omschrijving N.v.t.
Kenmerk
Datum
Ontvangen t/m Lasten t/m toewijzing (€)
2019
2019
Stand begin
Ontvangen in
Lasten in
Stand ultimo
2020
2020
2020
2020
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Doorlopend
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 57
Toelichting op de staat van baten en lasten over 2020 3
Baten
3.1
Rijksbijdragen OCW Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
3.1.1.1
Rijksbijdragen OCW
8.475.578
8.121.203
3.1.2.2
Niet geoormerkte subsidies
293.453
249.992
Totaal rijksbijdragen via OCW
8.769.031
8.371.195
Rijksbijdragen via samenwerkingsverband
288.353
310.000
Totaal rijksbijdragen
9.057.384
8.681.195
8.483.395 257.466 8.740.861 3.1.3.3
339.304 9.080.165
3.2
3.2.2
3.5
Overige overheidsbijdragen en -subsidies
Overige overheidsbijdragen
Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
31.807
12.680
25.563
31.807
12.680
25.563
Overige baten Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
3.5.1
Verhuur
24.742
33.860
3.5.2
Detachering personeel
36.990
34.324
3.5.6
Overig
133.261
125.000
24.144 33.104 135.107 194.993
4.1
193.184
192.355
Personeelslasten
41895 jaarrekening 2020
Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
Pagina: 61
4.1.1.1 4.1.1.2
Bruto lonen en salarissen Sociale lasten
6.085.640 1.354.033
5.577.719 1.241.023
5.473.697 1.225.070
4.1.1.3
Pensioenlasten
925.478
848.235
895.773
4.1.1
Lonen, salarissen, sociale lasten en pensioenen
8.365.151
7.666.977
7.594.540
4.1.2.1
Dotaties personele voorzieningen
14.576-
11.000
30.015
4.1.2.2
Personeel niet in loondienst
95.856
109.181
383.315
4.1.2.3
Overig
292.574
186.291
256.946
4.1.2.4
Scholing/opleiding
94.658
115.633
91.985
4.1.2
Overige personele lasten
468.512
422.105
762.261
4.1.3
Af: Uitkeringen
572.109-
495.384506.064-
8.261.554 Realisatie
7.593.698 Realisatie
2020 Gemiddeld aantal FTE (exclusief vervanging) 4.2
7.850.737
2019 101
100
Afschrijvingen Realisatie 2020
4.2.2.1
Gebouwen
4.2.2.2
Inventaris en apparatuur
Begroting 2020
Realisatie 2019
1.979
2.032
213
193.957
187.439
177.765
4.2.2.3
Overige materiële vaste activa
3.190
3.190
3.190
4.2.2.4
Onderwijsleerpakket
54.055
55.873
54.528
253.181
248.534
235.696
4.3
Huisvestingslasten Realisatie 2020
4.3.1
Huur
4.3.3
Onderhoud
4.3.4
Water en energie 166.444 197.040 193.582
154.255
4.3.6
Heffingen
8.090
4.3.7
Dotaties overige onderhoudsvoorzieningen
260.000
4.3.8
Overige huisvestingslasten
3.700
Begroting 2020
34.488 31.916
11.391
20.250
5.035
33.000
17.170
20.277 162.369 4.3.5 Schoonmaakkosten
233.822
11.795 260.000
275.000
7.090 743.096
4.4
Realisatie 2019
676.335
687.283
Overige lasten Realisatie 2020
41895 jaarrekening 2020
Begroting 2020
Realisatie 2019
Pagina: 62
4.4.1
Administratie- en beheerslasten
310.916
296.225
4.4.2.1
Inventaris en apparatuur
6.795
6.200
316.003 9.758
4.4.2.2
Leermiddelen
189.915
212.900
191.685
4.4.2
Inventaris, apparatuur en leermiddelen
196.710
219.100
201.443
4.4.4
Overig
294.517
256.500
225.370
802.143
771.825
742.816
Uitgelicht 4.4.1.1 Accountantskosten
15.611
15.083 5 Financiële baten en lasten Realisatie
Begroting
Realisatie
2020
2020
2019
5.1 5.5 Rentebaten
1.014
5.000
18.648
Rentelasten
28-
-
-
986
5.000
18.648
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 63
A.1.7
Overzicht verbonden partijen
Beslissende zeggenschap (stichting of vereniging)
Naam
Eigen vermogen 31 Verklaring Juridische Statutaire december Exploitatieart.2:403 vorm zetel 2020 saldo 2020 Omzet 2020 BW ja/nee
Stichting Kindcentra Wolderwijs Stichting
Zuidwolde
180.281
20.000
1.750.000
180.281
20.000
1.750.000
Code activiteiten: 1. contractonderwijs, 2. contractonderzoek, 3. onroerende zaken, 4. overige Er is sprake van vrijstelling van de consolidatieplicht op basis van de grootte van de organisatie.
nee
Consolidatie ja/nee
Deelnemingspercentage
Code activiteit
nee
100%
4
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 61
A.1.8
Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector
Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de Regeling bezoldiging topfunctionarissen OCW-sectoren die op Stichting Openbaar Primair Onderwijs Wolderwijs van toepassing is. Op grond van de WNT regelgeving is de klasseindeling B van toepassing. Bij deze klasseindeling geldt voor 2020 een bezoldigingsmaximum van € 132.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Voor topfunctionarissen zonder dienstbetrekking geldt met ingang van 1 januari 2016 voor de eerste 12 kalendermaanden een afwijkende normering, zowel voor de duur van de opdracht als voor het uurtarief. Deze klasseindeling is gebaseerd op de uitkomsten van de complexiteitsvragen die als volgt zijn vastgesteld: Gemiddelde totale baten
4
Gemiddeld aantal leerlingen
1
Gewogen aantal onderwijssoorten
1
Totaal aantal complexiteitspunten
6
1. BEZOLDIGING TOPFUNCTIONARISSEN 1a. Leidinggevende topfunctionarissen mét dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt (bedragen in €) Gegevens 2020 M.H. Mulder B.M. Bakker Functiegegevens
Bestuurder Bestuurder
Aanvang en einde functievervulling 2020 Omvang dienstverband in FTE Dienstbetrekking?
1/1-31/7
1/5-31/12
1
1
ja
ja
69.842 10.865
60.224 10.235
80.707
70.459
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum 76.820
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
88.361
0
0
80.707
70.459
Bedrag van de overschrijding 3.887 Reden waarom de Zie overschrijding al dan niet is voetnoot 1) toegestaan Toelichting op de vordering N.v.t. wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2019
Aanvang en einde functievervulling 2019
1/1-31/12
Omvang dienstverband 2019 in FTE
1
Dienstbetrekking?
ja
0 N.v.t.
N.v.t.
Bezoldiging
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
104.291
Beloningen betaalbaar op termijn
19.159
Subtotaal
123.450
Individueel toepasselijk bezoldigingsmaximum
127.000
Totaal bezoldiging 2019
123.450
1) De WNT verantwoording toont een zichtbare overschrijding bij dhr. Mulder. Dit is een gevolg van afrekening van het vakantiegeld bij beëindiging van het dienstverband per 31 juli 2020. Onderdeel van de verantwoorde bezoldiging 2020 is een bedrag ad € 4.150 aan vakantiegeld dat betrekking heeft op 2019 en welke aan dat jaar wordt toegerekend op grond van artikel 3 lid 2 Uitvoeringsregeling WNT. Tevens geldt dat in de bezoldiging 2019 een component is opgenomen voor vakantiegeld dat betrekking heeft op 2018, een bedrag ad € 2.334 wordt aan 2018 toegerekend op grond van de Uitvoeringsregeling WNT. Met toerekening van het vakantiegeld aan 2018 en 2019 is er voor zowel 2018, 2019 als 2020 geen sprake van een overschrijding van het bezoldigingsmaximum en is er geen sprake van een onverschuldigde betaling.
41895 jaarrekening 2020 Gegevens 2020
Pagina 62 1c. Toezichthoudende topfunctionarissen (bedragen in €) J.H. Sauer A.C.S. de M.D.M. I.J. Voetelink J.B. Vries Stadhouders Klinken
van J.W. van de Kolk
K.F. van der Ziel
Functiegegevens
Voorzitter
Lid
Lid
Lid
Lid
Lid
Lid
Aanvang en einde functievervulling 2020
1/1-31/12
1/1-31/12
1/1-31/12
1/1-31/3
1/1-31/3
1/4-31/12
1/4-31/12
Bezoldiging Bezoldiging
6.600
6.652
825
1.666
4.950
4.950
13.200
13.200
3.282
3.282
9.918
9.918
0
0
0
0
0
0
0
8.754
6.600
6.652
825
1.666
4.950
4.950
Reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Toelichting op de vordering onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
1/1-31/12
1/1-31/12
1/1-31/12
1/1-31/12
1/1-31/12
9.700
6.389
6.448
6.350
6.403
19.050
12.700
12.700
12.700
12.700
Individueel bezoldigingsmaximum
8.754 toepasselijk 19.800
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
Bedrag van de overschrijding
wegens
Gegevens 2019
Aanvang en einde functievervulling 2019
Bezoldiging
Individueel bezoldigingsmaximum
toepasselijk
2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt (bedragen in €) Er zijn geen uitkeringen wegens beëindiging van het dienstverband voldaan aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt. 3. OVERIGE RAPPORTAGEVERPLICHTINGEN OP GROND VAN DE WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2020 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.
41895 jaarrekening 2020
Pagina 63
Bestemming van het resultaat Het voorstel voor de resultaatbestemming is als volgt: €
292.816- wordt onttrokken aan de algemene reserve
€
276.428- wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve personeel
€
115.000- wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve overig (ICT)
€
52.916- wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve overig (onderwijsondersteuning) € €
37.644- wordt onttrokken aan de bestemmingsreserve overig (formatie) 774.804-
Ondertekening door bestuurders en toezichthouders Bestuurder: - B.M. Bakker {{Signer6}}
Raad van Toezicht: - J.W. van de Kolk {{Signer1}}
- K.F. van der Ziel {{Signer2}}
- M. van Minnen {{Signer3}}
- C.F. Mellens {{Signer4}}
- A. van Beilen {{Signer5}}
41895 jaarrekening 2020
Pagina: 64
Gegevens over de rechtspersoon Algemene gegevens Bestuursnummer
41895
Naam instelling
Stichting Openbaar Primair Onderwijs Wolderwijs
KvK-nummer
01166182
Statutaire zetel Gemeente De Wolden Adres Schoolstraat 1 Postcode
7921 AV
Plaats
Zuidwolde
Telefoon
0528-741700
E-mailadres
onderwijs@wolderwijs.nl
Website
www.wolderwijs.nl
Contactpersoon 741700
Mevrouw B.M. Bakker Telefoon 0528-
E-mailadres
BRIN-nummers
berien.bakker@wolderwijs.nl
09HG
't Echtenest
10RY
De Klimtoren
10UN
't Oelebröd
11GK
De Bosrand
12CO
Het Veldboeket
12TS
Het Groene Hart
18IJ
De Wezeboom
18KF
De Dissel
18KU
De Rozebottel
18NN
De Horst
41895 jaarrekening 2020
Pagina 65
Jufferenwal 30 8000 AK Zwolle T +31 88 236 9600 E auditnoord@flynth.nl www.flynth.nl
CONTROLEVERKLARING VAN DE ONAFHANKELIJKE ACCOUNTANT Aan de raad van toezicht van Stichting openbaar primair onderwijs Wolderwijs A.
Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen jaarrekening 2020
Ons oordeel Wij hebben de jaarrekening 2020 van Stichting openbaar primair onderwijs Wolderwijs te gemeente De Wolden gecontroleerd. Naar ons oordeel: geeft de in dit jaarverslag opgenomen jaarrekening een getrouw beeld van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Stichting openbaar primair onderwijs Wolderwijs op 31 december 2020 en van het resultaat over 2020 in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs; zijn de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2020 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.3.1 ‘Referentiekader’ van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020. De jaarrekening bestaat uit: 1.
de balans per 31 december 2020;
2.
de staat van baten en lasten over 2020; en
3.
de toelichting met een overzicht van de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en andere toelichtingen.
De basis voor ons oordeel Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens het Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden en het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de sectie ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’. Wij zijn onafhankelijk van Stichting openbaar primair onderwijs Wolderwijs zoals vereist in de Verordening inzake de onafhankelijkheid van accountants bij assurance-opdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en beroepsregels accountants (VGBA). Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Naleving anticumulatiebepaling WNT niet gecontroleerd In overeenstemming met het Controleprotocol WNT 2020 hebben wij de anticumulatiebepaling, bedoeld in artikel 1.6a WNT en artikel 5, lid 1 sub n en o Uitvoeringsregeling WNT, niet gecontroleerd. Dit betekent dat wij niet hebben gecontroleerd of er wel of niet sprake is van een normoverschrijding door een leidinggevende topfunctionaris vanwege eventuele dienstbetrekkingen als leidinggevende topfunctionaris bij andere WNT-plichtige instellingen, alsmede of de in dit kader vereiste toelichting juist en volledig is.
Flynth Audit B.V. is lid van BKR International. Bankrekeningnummer IBAN NL67 RABO 0106 6642 20 - BIC: RABONL2U. Handelsregister 09063021. www.flynth.nl. Dienstverlening vindt plaats onder algemene voorwaarden, op aanvraag verkrijgbaar en gedeponeerd bij de KvK in Arnhem.
B. Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvat het jaarverslag andere informatie, die bestaat uit: bestuursverslag; overige gegevens. Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie: met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat; alle informatie bevat die op grond van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs en op grond van de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.2.2 ‘Bestuursverslag’ van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 is vereist. Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen bevat. Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in de Regeling jaarverslaggeving onderwijs, paragraaf 2.2.2 ‘Bestuursverslag’ van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020 en de Nederlandse Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.
Het college van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het bestuursverslag en de overige gegevens in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.2.2 ‘Bestuursverslag’ van het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020.
C.
Beschrijving van verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening
Verantwoordelijkheden van het college van bestuur en de raad van toezicht voor de jaarrekening Het college van bestuur is verantwoordelijk voor het opmaken en getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. Het college van bestuur is ook verantwoordelijk voor het rechtmatig tot stand komen van de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in paragraaf 2.3.1 ‘Referentiekader’ van het Onderwijsaccountantsprotocol 2020. In dit kader is het college van bestuur tevens verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het college van bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de jaarrekening en de naleving van die relevante wet- en regelgeving mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of fraude. Bij het opmaken van de jaarrekening moet het college van bestuur afwegen of de onderwijsinstelling in staat is haar activiteiten in continuïteit voort te zetten.
Op grond van genoemd verslaggevingsstelsel moet het college van bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de continuïteitsveronderstelling, tenzij het college van bestuur het voornemen heeft om de onderwijsinstelling te liquideren of de activiteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is. Het college van bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de instelling haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten toelichten in de jaarrekening. De raad van toezicht is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van financiële verslaggeving van de onderwijsinstelling.
Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening
566654500/AM/0672
6
Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht, dat wij daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel. Onze controle is uitgevoerd met een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze controle niet alle materiële fouten en fraude ontdekken. Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard, timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende afwijkingen op ons oordeel. Wij hebben deze accountantscontrole professioneel kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse controlestandaarden, het Onderwijsaccountantsprotocol OCW 2020, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond onder andere uit: het identificeren en inschatten van de risico’s o dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang bevat als gevolg van fouten of fraude; o
van het niet rechtmatig tot stand komen van baten en lasten alsmede de balansmutaties, die van materieel belang zijn;
het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte, het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of het doorbreken van de interne beheersing; het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de interne beheersing van de onderwijsinstelling; het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en het evalueren van de redelijkheid van schattingen door het college van bestuur en de toelichtingen die daarover in de jaarrekening staan; het vaststellen dat de door het college van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling aanvaardbaar is. Tevens het op basis van de verkregen controleinformatie vaststellen of er gebeurtenissen en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de onderwijsinstelling haar activiteiten in continuïteit kan voortzetten.
Als wij concluderen dat er een onzekerheid van materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn, moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controleinformatie die verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een instelling haar continuïteit niet langer kan handhaven; het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen toelichtingen; en het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende transacties en gebeurtenissen en of de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen.
Wij communiceren met de raad van toezicht onder andere over de geplande reikwijdte en timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing.
Zwolle, 22 april 2021 Flynth Audit B.V. Was 566654500/AM/0672
7
getekend drs. E.J. Schollaardt RA
566654500/AM/0672
8