CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

4b BP Eursinge 7, verbeelding ON01.pdf

Gemeenteraad 26 januari 2023, gemeente De WoldenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Buitengebied, deelplan Eursinge 722.319 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

september ’20

16

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

4.3

Analyseresultaten en interpretatie

In deze paragraaf zijn de resultaten van de chemische analyses van de grond- en grondwatermonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden, weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten van Omegam opgenomen. 4.3.1

Milieuhygiënische kwaliteit grond

boven- en ondergrond (0,0-2,0 m-mv) In Tabel 13 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. Tabel 13: gemeten gehaltes (mg/kg d.s.) in grond met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project Certificaten Toetsing Toetsversie

OPID 20907077#20-M9355-Eursinge E 4288/6557 (ged.) te Eursinge 1034066 T.12 - Beoordeling kwaliteit van grond volgens Wbb BoToVa 3.0.0 Toetsdatum: 8 september 2020 14:02

Parameters

Toetsing

Analyse Eenheid Lutum/Humus Organische stof % (m/m ds) Lutum % (m/m ds) Droogrest droge stof % Metalen ICP-AES barium (Ba) mg/kg ds cadmium (Cd) mg/kg ds kobalt (Co) mg/kg ds koper (Cu) mg/kg ds kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds lood (Pb) mg/kg ds molybdeen (Mo) mg/kg ds nikkel (Ni) mg/kg ds zink (Zn) mg/kg ds Minerale olie minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds Polycyclische koolwaterstoffen naftaleen mg/kg ds fenantreen mg/kg ds anthraceen mg/kg ds fluoranteen mg/kg ds benzo(a)antraceen mg/kg ds chryseen mg/kg ds benzo(k)fluoranteen mg/kg ds benzo(a)pyreen mg/kg ds benzo(ghi)peryleen mg/kg ds indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds Sommaties som PAK (10) mg/kg ds Polychloorbifenylen PCB - 28 mg/kg ds PCB - 52 mg/kg ds PCB - 101 mg/kg ds PCB - 118 mg/kg ds PCB - 138 mg/kg ds PCB - 153 mg/kg ds PCB - 180 mg/kg ds Sommaties som PCBs (7) mg/kg ds Legenda @ N.B.

AW

T

Monster 6324695 Monster 6324696 1, 01: 0-40, 02: 0-35, 03: 0-50, 04:05:06:07: 0-40, 08: 0-50 2, 01: 50-200, 02: 50-200 Max. Bodemindex 0 Max. Bodemindex Toetsoordeel Toetsoordeel Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel

I

2,6 1

10 25

89,1

89,1

0,004 B.Index

0 0

0,9 4,3

10 25

0 0

@

0

88

88

@

0

190 0,6 15 40 0,15 50 1,5 35 140

555 6,8 102,5 115 18,075 290 95,75 67,5 430

920 13 190 190 36 530 190 100 720

< 20 < 0.2 <3 12 0,05 16 < 1.5 <4 33

< 54 < 0.23 < 7.4 24 0,07 25 < 1.0 <8 77

@ -

0 0 0 0 0 0 0 0 0

< 20 < 0.2 <3 <5 < 0.05 < 10 < 1.5 <4 < 20

< 42 < 0.23 < 5.9 < 6.7 < 0.05 < 11 < 1.0 <7 < 30

@ -

0 0 0 0 0 0 0 0 0

190

2595

5000

< 35

< 94

-

0

< 35

< 120

-

0

< 0.05 0,12 0,08 0,22 0,11 0,13 0,09 0,12 0,09 0,11

< 0.035 0,12 0,08 0,22 0,11 0,13 0,09 0,12 0,09 0,11

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0

< 0.05 < 0.05 < 0.05 0,06 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05 < 0.05

< 0.035 < 0.035 < 0.035 0,06 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035 < 0.035

1,1

1,1

0

0,38

0,38

< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001

< 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027 < 0.0027

0 0 0 0 0 0 0

< 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001 < 0.001

< 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035 < 0.0035

0,005

< 0.019

0

0,005

< 0.024

1,5

0,02

20,75

0,51

40

1

-

-

0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -

0 0 0 0 0 0 0 0

-

0,004

Geen toetsoordeel mogelijk <= Achtergrondwaarde De vermelde tussenwaarde is door MijnLab berekend en is niet afkomstig uit BoToVa

september ’20

17

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

interpretatie onderzoeksresultaten grond In Tabel 14 staat een samenvatting weergegeven van de toetsresultaten van de onderzochte mengmonsters. Tabel 14: samenvatting toetsresultaten per mengmonster

Mengmonster 1 (MM1)

Boringen 1 t/m 8

Diepte 0-0,5

Zintuigelijk >AW -

>T -

>I -

Indicatieve toetsing Bbk* AW*

2 (MM2)

1+2

0,5-2,0

-

-

-

AW*

Legenda >AW

overschrijding achtergrondwaarde (bodemindex =<0,5)

>T

-

>I

overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5) overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)

Bbk

besluit bodemkwaliteit

*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond

bovengrond (0-0,5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 (boring 1 t/m 8) bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. ondergrond (0,5-2,0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM2 (boring 1+2) bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde.

Opmerking: Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc. 122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter vanuit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000). Op basis van de circulaire bodemsanering 2009 zijn de toetsingswaarden voor barium (zware metalen) tijdelijk ingetrokken. Indien er op een locatie sprake is van een antropogene bron kan het gemeten gehalte barium indicatief worden getoetst aan de voormalige interventiewaarde.

september ’20

18

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

4.3.2 Milieuhygiënische kwaliteit grondwater In Tabel 15 wordt een volledig overzicht weergegeven van de analyseresultaten getoetst aan de toetsingswaarde. Tabel 15: gemeten gehaltes (µg/l) in grondwater met beoordeling conform de Wet Bodembescherming Project Certi ficaten Toetsi ng Toetsversie

OPID 21964564#20-M9355-Eursinge E 4288/6557 (ged.) te Eursinge 1066343 T.13 - Beoordeling kwaliteit van grondwater volgens Wbb BoToVa 2.0.0 Toetsdatum: 8 september 2020 14:01

Parameters

Toetsing

Analyse Eenheid Metalen ICP-MS (opgelost) barium (Ba) µg/l cadmium (Cd) µg/l kobalt (Co) µg/l koper (Cu) µg/l Kwik (Hg) (niet vluchtig) µg/l lood (Pb) µg/l molybdeen (Mo) µg/l nikkel (Ni) µg/l zi nk (Zn) µg/l Minerale olie mineral e ol ie (flori si l cl ean-up) µg/l Vluchtige aromaten benzeen µg/l ethylbenzeen µg/l naftal een µg/l o-xyleen µg/l styreen µg/l tolueen µg/l xyl een (som m+p) µg/l Sommaties aromaten som xylenen µg/l Vluchtige chlooralifaten 1,1,1-trichloorethaan µg/l 1,1,2-trichloorethaan µg/l 1,1-dichloorethaan µg/l 1,1-dichlooretheen µg/l 1,1-dichloorpropaan µg/l 1,2-dichloorethaan µg/l 1,2-dichloorpropaan µg/l 1,3-dichloorpropaan µg/l cis-1,2-dichlooretheen µg/l dichloormethaan µg/l monochlooretheen (vinylchloride) µg/l tetrachl ooretheen µg/l tetrachl oormethaan µg/l trans-1,2-dichlooretheen µg/l trichlooretheen µg/l trichloormethaan µg/l Sommaties som C+T dichlooretheen µg/l som dichloorpropanen µg/l Vluchtige gehalogeneerde alifaten - divers tribroommethaan (bromoform)µg/l

S

Legenda @ xS N.B.

T

Monster 6402549 1, 01-1: 220-320 Max. Bodemindex 0,026 Toetsoordeel Overschrijdi ng Streefwaarde Ana.Res. Std.Res. T.Oordeel B.Index

I

50 0,4 20 15 0,05 15 5 15 65

337,5 3,2 60 45 0,175 45 152,5 45 432,5

625 6 100 75 0,3 75 300 75 800

57 < 0.2 <2 10 < 0.05 <2 <2 4,7 < 10

1.1 S -

0,012 0 0 0 0 0 0 0 0

50

325

600

< 50

-

0

0,2 4 0,01

15,1 77 35,005

30 150 70

-

6 7

153 503,5

300 1000

< 0.2 < 0.2 < 0.02 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2

0 0 0 0 0 0 0

0,2

35,1

70

0,2

-

0

0,01 0,01 7 0,01

150,005 65,005 453,5 5,005

300 130 900 10

-

7

203,5

400

0,01 0,01 0,01 0,01

500,005 2,505 20,005 5,005

1000 5 40 10

24 6

262 203

500 400

< 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.2 < 0.2 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.2 < 0.2

-

0 0 0 0,006 0 0 0 0 0 0 0,026 0,002 0,006 0 0 0

0,01 0,8

10,005 40,4

20 80

0,1 0,4

-

0,007 0

630

< 0.2

@

0

-

-

-

Geen toetsoordeel mogelijk <= Streefwaarde x maal Streefwaarde De vermelde tussenwaarde i s door MijnLab berekend en i s niet afkomsti g uit BoToVa

september ’20

19

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

interpretatie resultaten grondwater In Tabel 16 staat een samenvatting weergegeven van de toetsresultaten van het onderzochte grondwatermonster. Tabel 16: samenvatting toetsresultaten per grondwatermonster Grondwatermonster

Diepte filter

Zintuigelijk

>S

>T

>I

Pb1

2,2-3,2

-

barium

-

-

Legenda >S

overschrijding streefwaarde (bodemindex <=0,5)

>T

overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5)

>I

overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)

peilbuis 1 (2,2-3,2 m-mv) Het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 bevat een verhoogd gehalte barium (zware metalen) t.o.v. de streefwaarde. Het verhoogd gemeten gehalte barium (zware metalen) in het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 overschrijdt de tussenwaarde en de bodemindex-waarde (>0.5) niet en geeft daardoor geen aanleiding tot het instellen van aanvullend onderzoek. Ten aanzien van het voorkomen van verhoogde gehaltes zware metalen in het freatisch grondwater kan worden opgemerkt dat dergelijke verhoogde gehaltes op tal van onverdachte locaties in Nederland regelmatig voorkomen. De gehaltes worden vaak in verhoogde mate aangetoond zonder dat daarbij sprake is van een verontreinigingsbron. De verhoogde gehaltes zware metalen kunnen o.a. worden veroorzaakt door wisselende milieuomstandigheden in de bodem alsmede door diverse bodemprocessen. Zo kan het onvoldoende herstelde evenwicht tussen grond en grondwater ten tijde van de bemonstering een mogelijke oorzaak zijn van het verhoogd voorkomen van zware metalen. Deels kunnen zware metalen van nature, door uitloging uit sedimenten, afhankelijk van het redoxpotentiaal, in verhoogde mate in het grondwater voorkomen, het betreft in deze gevallen natuurlijk verhoogde achtergrondwaarden.

Opmerking: Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc. 122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter van uit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000), e.e.a. geldt voor de gecorrigeerde som 1,2dichlooretheen, gecorrigeerde som dichloorpropaan en som xylenen.

september ’20

20

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend milieukundig bodemonderzoek worden de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. zintuiglijke waarnemingen Op basis van zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde bodemmateriaal geen afwijkingen waargenomen. Een samenvatting van de onderzoeksresultaten staat weergegeven in Tabel 17. Tabel 17: samenvatting onderzoeksresultaten

Mengmonster

Boringen

Diepte

Zintuigelijk

>AW of >S

>T

>I

Indicatieve toetsing Bbk*

Grond 1 (MM1)

1 t/m 8

0-0,5

-

-

-

-

AW*

2 (MM2)

1+2

0,5-2,0

-

-

-

-

AW*

Grondwater Pb1

1

2,2-3,2

-

barium

-

-

n.v.t.

Legenda >AW / >S

overschrijding achtergrondwaarde/streefwaarde (bodemindex =<0,5)

>T

overschrijding tussenwaarde (criteria voor nader onderzoek, bodemindex >0,5)

>I

overschrijding interventiewaarde (bodemindex >1)

*= beoordeling is excl. onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond

grond bovengrond (0-0,5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM1 (boring 1 t/m 8) bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde. ondergrond (0,5-2,0 m-mv) Ondergrondmengmonster MM2 (boring 1+2) bevat geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v. de achtergrondwaarde en/of detectiewaarde.

grondwater peilbuis 1 (2,2-3,2 m-mv) Het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 bevat een verhoogd gehalte barium (zware metalen) t.o.v. de streefwaarde. Het verhoogd gemeten gehalte barium (zware metalen) in het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 overschrijdt de tussenwaarde en de bodemindex-waarde (>0.5) niet en geeft daardoor geen aanleiding tot het instellen van aanvullend onderzoek.

september ’20

21

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

toetsing hypothese Op basis van de vooraf gestelde hypothese is de onderzoekslocatie in eerste aanleg als milieuhygiënisch onverdacht aangemerkt. Op basis van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek blijkt dat de locatie niet vrij is van bodemverontreiniging. Het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie bevat een verontreiniging t.o.v. de streefwaarde. De verhoogd gemeten chemische verontreiniging overschrijdt de tussenwaarde en/of de bodemindex >0.5 niet en geeft daardoor geen aanleiding tot het instellen van een nader onderzoek. De onderzoeksresultaten stemmen niet geheel overeen met de gestelde hypothese, de vooraf gestelde hypothese “onverdacht” dient verworpen te worden. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er beïnvloeding van de bodemkwaliteit heeft plaatsgevonden. De vooraf gehanteerde hypothese is gezien de doelstelling van het onderzoek alsmede de bekende onderzoeksresultaten voldoende om conclusies te verbinden betreffende de kwaliteit van de bodem t.p.v. de onderzoekslocatie. Op basis van de chemisch-analytische onderzoeksresultaten zijn er uit milieuhygiënische overwegingen in relatie tot de bodemkwaliteit, naar onze mening, geen belemmeringen ten aanzien van de geplande herontwikkeling van de onderzoekslocatie. pgemerkt wordt dat de conclusies betrekking hebben op de chemische gesteldheid van de bodem (excl. asbest).

Een asbestonderzoek in grond of puin conform de NEN 5707+C1 resp. NEN 5897 maakt geen onderdeel uit van de scope van onderhavig onderzoek. Op basis van dit onderzoek dat volgens NEN-5740+A1 is uitgevoerd kan geen uitspraak worden gedaan omtrent de aanwezigheid van asbesthoudend materiaal in de bodem of puin. Indien een formele uitspraak over het voorkomen van asbest in de bodem gewenst is dient een asbestonderzoek uit gevoerd te worden conform de NEN 5707+C1 of NEN 5897. Afwijkingen in de werkzaamheden Er hebben bij de uitvoering van veldwerkzaamheden geen afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. het geldende protocol BRL SIKB 2001. Er hebben bij de uitvoering van analysewerkzaamheden geen afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen AS3000 en/of overige geldende analysemethoden.

september ’20

22

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

Aanbevelingen 1) In het kader van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging dient de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem zoveel mogelijk aan te sluiten bij het toekomstige bodemgebruik. Ter afstemming wordt geadviseerd om het onderhavige bodemonderzoek in dit kader voor te leggen aan het bevoegd gezag. 2) Indien de grond ontgraven gaat worden, bijvoorbeeld ten behoeve van bouwwerkzaamheden, is het Besluit Bodemkwaliteit van toepassing. Middels het Besluit is het mogelijk om door het lokaal bevoegd gezag lokale maximale bodemgebruikswaarden vast te stellen, of om deze bodemgebruikswaarden te conformeren aan de maximale waarden uit het (landelijke) generieke model. Indien grond van het eigen terrein moet worden afgevoerd zal deze verwerkt dienen te worden conform de eisen van het Besluit Bodemkwaliteit. De mogelijkheden hiertoe kunnen worden vastgesteld na overleg met de betrokken overheidsinstanties. Volledige duidelijkheid omtrent de bodemkwaliteitsklasse van vrijkomende grond wordt pas verkregen op basis van een partijkeuring conform het Besluit Bodemkwaliteit. Opgemerkt dient te worden dat de vertaalslag van verkennend bodemonderzoek naar hergebruik van grond volgens het Besluit Bodemkwaliteit, veelal, niet mogelijk is.

In de meeste gevallen zijn aanvullende gegevens noodzakelijk, het bevoegd gezag (de gemeente waarin de grond wordt toegepast) kan hier uitsluitsel over geven. Op 8 juli jl. heeft het Ministerie van Infrastructuur en Milieu een tijdelijk handelingskader vastgesteld voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. Vanaf 8 juli 2019 is het verplicht om onderzoek naar de stofgroep PFAS uit te voeren bij o.a. partijkeuringen in het kader van afvoer van grond. In dit verkennend bodemonderzoek is geen onderzoek uitgevoerd naar PFAS stoffen in de bodem. De in dit onderzoek opgenomen indicatieve toetsing aan het Besluit Bodemkwaliteit is excl. onderzoek naar PFAS-stoffen, onderzoek naar deze verbindingen is bij definitieve beoordeling van evt. hergebruiksmogelijkheden van evt. af te voeren grond alsnog nodig. Indien het noodzakelijk is dat er grond afgevoerd moet worden van de locatie zal er een melding grondverzet gedaan moeten worden via het landelijk meldpunt: www.meldpuntbodemkwaliteit.nl. Opgemerkt wordt dat evt. afvoer van grond met de bodemkwaliteitsklasse “wonen”, “industrie” en “niet toepasbare grond” meer kosten met zich meebrengt dan de afvoer van schone grond “achtergrondwaarde”. Mocht grondwater onttrokken worden t.b.v. bemaling, dient bekeken te worden in hoeverre de grondwaterkwaliteit de lozingsnormen overschrijdt.

september ’20

23

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

Algemeen/opmerkingen/betrouwbaarheid/uitsluitingen Het onderhavige onderzoek heeft betrekking gehad op een deel van het perceel gelegen aan de Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge (zie bijlage 2). Op basis van het onderhavige onderzoek kan alleen een uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van het onderzochte terreindeel, zie bijlage 2. Op basis van het onderhavige onderzoek kan geen uitspraak worden gedaan: omtrent de bodemkwaliteit van niet onderzochte terreindelen, de bodemkwaliteit van niet bekende verdachte terreindelen, de bodemkwaliteit onder gebouwen en/of gesloten verharding, de bodemkwaliteit van niet verkende bodemlagen, de milieuhygiënische kwaliteit van het diepere grondwater etc. Daarnaast kan op basis van dit onderzoek geen uitspraak worden gedaan omtrent de eventuele aanwezigheid van asbest in de bodem/puin. Indien echter een formele uitspraak over het voorkomen van asbest in de bodem gewenst is dient een asbestonderzoek uit gevoerd te worden conform de NEN 5707+C2 of NEN 5897+C2. Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707+C2 / NEN5897+C2 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. In algemene zin wordt opgemerkt dat bij analyse van mengmonsters de gehalten in de individuele deelmonsters van een mengmonster zowel hoger als lager kunnen zijn dan de aangetoonde gehalten in het betreffende mengmonster.

Er kan in gevallen waarbij sprake is van ruime overschrijdingen van de achtergrondwaarde, gemeten in een mengmonster, niet worden uitgesloten dat individuele deelmonsters gehalten boven de tussen- of interventiewaarde bevatten. T.a.v. historische (bodem) informatie van de locatie wordt opgemerkt dat de geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Voor het verkrijgen van historische informatie is Sigma Bouw & Milieu afhankelijk van deze bronnen, waardoor Sigma Bouw & Milieu niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Het kan voorkomen dat niet alle bronnen zijn geraadpleegd, doordat ze niet voorhanden waren. Hierdoor kan informatie ontbreken. Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving en methoden. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het, conform de geldende richtlijnen, steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem d.m.v. een representatief geacht aantal monsters, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is om garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Een verkennend bodemonderzoek geeft nooit volledige zekerheid omtrent de toestand van de bodem ter plaatse van een locatie.

Het onderzoek dient geïnterpreteerd worden als een inschatting van de verontreinigingssituatie op een bepaald moment. Het is echter op basis van dit onderzoek nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de bodem voorkomen. Het kan op basis van dit onderzoek niet uitgesloten worden dat zich op de locatie verontreiniging bevindt welke in dit onderzoek niet is aangetroffen/ontdekt. Het uitgevoerde verkennend bodemonderzoek is dan ook indicatief en een momentopname. De resultaten van het onderzoek kunnen minder representatief worden naarmate de tijd verstrijkt. Eventuele toekomstige activiteiten, calamiteiten, sloopwerkzaamheden, bouwrijp maken en/of aanvoer van grond van elders, kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. Tijdens werkzaamheden in de bodem dient men alert te blijven op waarneembare bijzonderheden, die kunnen duiden op eventuele verontreinigingen Het onderzoek is gebaseerd op informatie van derden en het verrichten van een beperkt aantal boringen en analyses, conform de geldende richtlijnen. Hierdoor is het mogelijk dat niet alle informatie is verkregen, dan wel dat niet alle afwijkingen in de bodem zijn geconstateerd.

Sigma Bouw & Milieu aanvaardt derhalve op generlei wijze aansprakelijkheid voor de gevolgen/schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade welke voortvloeien uit beslissingen welke worden genomen op basis van de onderzoeksresultaten van het onderhavige onderzoek als in de praktijk blijkt dat de verontreinigingssituatie anders is dan in dit onderzoek vermeld.

september ’20

24

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

LITERTUURLIJST 1. Bodemonderzoeksstrategie bij verkennend bodemonderzoek volgens de Nederlandse norm, NEN 5740+A1 (NNI, april 2016). 2. Boringen zijn geplaatst volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie). 3. Grondmonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie), grondwatermonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2002 (vigerende versie). 4. De conservering van monsters in het veld is uitgevoerd volgens de eisen uit de SIKBprotocollen 2001 en 2002 (vigerende versie). 5. Regeling Bodemkwaliteit” (zie vigerende versies op www.wetten.overheid.nl of www.rwsleefomgeving.nl) 6. Circulaire Bodemsanering (zie vigerende versies op www.wetten.overheid.nl of www.rwsleefomgeving.nl) 7. Classificatie van onverharde grondmonsters, NEN 5104, september 1989. 8. Geologische overzichtskaarten van Nederland, Rijks Geologische Dienst, 1995. 9. Grondwaterstromingsstelsels in Nederland, Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, 1989. 10. Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader bodemonderzoek, NEN 5725, (oktober 2017). 11. Bodem-Monsterneming van grondwater, NEN 5744, (NNI maart 2011). 12. NEN 5707+C2; Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond; uitgifte december 2017.

september ’20

25

verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740+A1 Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge

COLOFON opdrachtgever project omvang rapport datum projectleider

: : : : :

Auteur Ing. A.D.M. van Wuykhuyse

september ’20

De Stijll Eursinge E, nrs. 4288 en 6557 (ged.) te Eursinge 26 blz. 09 september 2020 ing. A.D.M. van Wuykhuyse

Paraaf

Gecontroleerd door ing. M.J.A. van Wuykhuyse

Paraaf

Datum

Status

09 september 2020

definitief

26

BIJLAGE 1 TOPOGRAFISCH OVERZICHT jB axIJi F

Adviesgroepen:  Bouw  Milieu

Sigma Bouw & Milieu Phileas Foggstraat 153 7825 AW Emmen Tel. (0591) 65 91 28 Fax (0591) 65 93 25 http://www.sigma-bm.nl email: info@sigma-bm.nl

Situatie rond 1905

Situatie rond 1935

Situatie rond 1970

Situatie rond 1995

Situatie rond 2005

Situatie rond 2009

Asbestdakenkaart De Wolden

01

1

gras, m aaiveld

0

0 1

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

2

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, m at ig grindig, neut raal geel, beige, edelm an

-40 50

100 3 150

-150

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, grijs, edelm an

4 200 220 250

300 320

-320

t ype p e ilb u is m e t 1 f ilt e r dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

02

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1

-35

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, geel, edelm an

50 2

-80

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, zwak grindig, neut raal geel, beige, edelm an

100 3 150

-150

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, grijs, edelm an

4 200

-200

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Eu r sin g e E 4 2 8 8 /6 5 5 7 ( g e d . ) , Eu r sin g e 2 0 -M 9 3 5 5 N EN 5 1 0 4

03

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1 50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

04

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1

-40

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

05

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1

-40

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

06

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1

-40

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

07

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1

-40

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal geel, edelm an

50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Eu r sin g e E 4 2 8 8 /6 5 5 7 ( g e d . ) , Eu r sin g e 2 0 -M 9 3 5 5 N EN 5 1 0 4

08

gras, m aaiveld

0

0

zand, m at ig fijn, zwak silt ig, neut raal bruin, grijs, edelm an

1 50

-50

t ype g r on d b or in g dat um 0 7 -0 5 -2 0 2 0 boorm eest er M . va n W u yk h u yse

bodem profielen sch a a l 1 :5 0 onderzoek project code get ekend conform

Eu r sin g e E 4 2 8 8 /6 5 5 7 ( g e d . ) , Eu r sin g e 2 0 -M 9 3 5 5 N EN 5 1 0 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12311848/1