CConstaterende datDe Wolden
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Vaststelling Beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023

Gemeenteraad 28 december 2023, gemeente De WoldenBij agendapunt: Vaststelling Beheersverordening Buitengebied De Wolden28.432 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

63

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 9 9.1

Bedrijf - Voormalig Agrarisch Bedrijf

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bedrijf - Voormalig Agrarisch Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven, welke zijn genoemd in de Staat van bedrijven onder de categorieën 1, 2 en 3.1, niet zijnde geluidzoneringsplichtige inrichtingen, risicovolle inrichtingen, m.e.r.-plichtige bedrijven en/of vuurwerkbedrijven, al dan niet in combinatie met grondgebonden agrarische bedrijfsactiviteiten; b. wonen ten behoeve van het bedrijf, al dan niet in combinatie met ruimte voor een aan-huis-verbonden beroep, dan wel een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit,met uitzondering van de woonhuizen gelegen binnen de aanduidingen 'veiligheidszone - munitie-opslagplaats A' en 'veiligheidszone munitie-opslagplaats B'; met de daarbij behorende: c. d. e. f. g. h. i. 9.2

wegen en paden; water; tuinen, erven en terreinen; bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen; bedrijfswoningen; aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij bedrijfswoningen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. per bestemmingsvlak mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van het ter plaatse gevestigde bedrijf worden gebouwd; 2. het aantal bedrijfswoningen zal ten hoogste één bedragen; 3. de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen, zal per bestemmingsvlak ten hoogste de bestaande oppervlakte bedragen; 4. de bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen, en de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij de bedrijfswoning zullen ten minste 4 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning, dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; 5. de maatvoering van een gebouw of een overkapping zal voorts voldoen aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

# tenzij de bestaande maatv oering meer bedraagt, in welk gev al de maatv oering v an een bedrijf swoning ten hoogste de bestaande maatv oering zal bedragen

b. Voor het bouwen van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen zal ten hoogste 1 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en terreinafscheidingen achter de voorgevel van de bedrijfswoning(en) of bedrijfsgebouw(en) ten hoogste 2 m zal bedragen; 2. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zal ten hoogste 10 m bedragen.

64

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

9.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 9.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 9.2 sub a onder 3 en 5 en toestaan dat de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen, waaronder de bedrijfswoning en overkappingen, wordt vergroot, mits: 1. de oppervlakte wordt vergroot tot maximaal 500 m² tenzij de bestaande oppervlakte groter is, dan mag deze oppervlakte gehandhaafd blijven; 2. er middels een inrichtingsschets met landschappelijke inpassing conform Bijlage 6 Landschappelijk Ontwikkelingskader De Wolden (LOK) aangetoond moet zijn dat er sprake is van een verbetering van de ruimtelijke en landschappelijke kwaliteit 3. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, het bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de natuurlijke en landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; b. lid 9.2 sub a onder 5 en toestaan dat de goothoogte van bedrijfsgebouwen, overkappingen en bedrijfswoningen verhoogd wordt tot 5,5 m, mits: 1. voor het verhogen van de goothoogte van bedrijfsgebouwen en overkappingen aangetoond is dat dit bedrijfstechnisch noodzakelijk is; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, het bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de natuurlijke en landschappelijke waarden en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; 3. bij de bedrijfswoning dit voor maximaal voor van de gootlengte wordt toegepast; 9.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. het opslaan van goederen buiten de gebouwen; b. het gebruik van de bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen, voor bedrijfsactiviteiten, met uitzondering van opslag van goederen, met een gezamenlijke bedrijfsvloeroppervlakte groter dan 500 m², dan wel de bestaande oppervlakte, dan wel de gezamenlijke oppervlakte zoals verleend na toepassing van de afwijking in lid 9.4; c. het gebruik van woonhuizen ten behoeve van in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep, dan wel een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, anders dan het gebruik van de gronden en bouwwerken in combinatie met een aan-huis-verbonden-beroep dan wel kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten voorzover voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. de werkzaamheden dienen ondergeschikt te blijven aan de bestemming; 2. het woongedeelte dient ten minste 70% van de begane vloeroppervlakte van het hoofdgebouw, inclusief de aan- en uitbouwen op het bouwperceel te beslaan; 3. er mag geen grootschalige opslag van goederen plaatsvinden, alsook geen opslag van goederen op het buitenterrein; 4. er mag geen detailhandel plaatsvinden anders dan in de in Lijst toelaatbare beroepen en vormen van bedrijvigheid bij wonen opgenomen detailhandel; 5.

er mag maximaal 0,5 m2 aan verwijsborden c.q. reclame-uitingen geplaatst worden;

65

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

6. parkeren moet op eigen terrein plaatsvinden; 7. de benodigde ruimte mag uitsluitend gebruikt worden ten behoeve van de hoofdbewoner van het perceel; 8. er mag geen stapeling van ondergeschikte functies plaatsvinden; d. gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van verblijfsrecreatieve doeleinden, tenzij het een mini-camping betreft. 9.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 9.1 onder a en toestaan dat de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor bedrijven, welke naar de aard en de invloed op de omgeving vergelijkbaar zijn met de in de Staat van bedrijven onder de categorieën 1, 2 en 3.1. genoemde bedrijven, mits: a. het niet betreft detailhandelsbedrijven, geluidzoneringsplichtige inrichtingen, risicovolle inrichtingen, planmerplichtige bedrijven en/of vuurwerkbedrijven; b. bedrijvigheid die veel verkeer aantrekt uitsluitend aan wegen die daarop zijn berekend gevestigd wordt; c. de aanwezige woonfunctie bij het bedrijf wordt gehandhaafd; d. de bedrijfsvestiging plaatsvindt binnen de bestaande oppervlakte aan gebouwen, waaronder overkappingen; e. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de milieusituatie, de woonsituatie en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

66

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 10 10.1

Bos

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bos' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bosbouw; b. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de cultuurhistorische, natuurlijke en landschappelijke waarden van het bosgebied; met daaraan ondergeschikt: c. het recreatief medegebruik en het educatief medegebruik; d. recreatieverblijven, ter plaatse van de aanduiding 'recreatieverblijf'; met de daarbij behorende: e. f. g. h. i.

bestaande infrastructurele voorzieningen; openbare nutsvoorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen; sloten, beken en daarmee gelijk te stellen waterlopen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

10.2

Bouwregels

a. met uitzondering van 10.2 onder b, mogen op of in deze gronden geen gebouwen en geen overkappingen worden gebouwd; b. Voor het bouwen van recreatieverblijven gelden de volgende regels: 1. het aantal recreatieverblijven zal ten hoogste het bestaande aantal bedragen; 2. de oppervlakte van een recreatieverblijf zal ten hoogste de bestaande oppervlakte bedragen; 3. de dakhelling van een recreatieverblijf zal ten minste 15° bedragen, dan wel minimaal de bestaande dakhelling indien deze minder bedraagt. c. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, geldt de regel dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 5 m zal bedragen tenzij het een erfafscheiding betreft, dan mag de hoogte max. 2 m bedragen; 10.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 10.4

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: het opslaan van mest en/of andere landbouwproducten. 10.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen

67

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen met een oppervlakte van meer dan 100 m²; 2. het aanleggen van fiets-, voet- en/of ruiterpaden; 3. het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief en/of educatief medegebruik; 4. het ontgronden, afgraven, ophogen en/of egaliseren van de gronden; 5. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse energie-, transport- en/of communicatieleidingen; 6. het verharden van perceel-, kavelontsluitings- en/of onderhoudswegen. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunningen kunnen slechts worden verleend, mits: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, de natuurlijke, de geomorfologische, cultuurhistorische en de archeologische waarden; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiksmogelijkheden daarvan.

68

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 11 11.1

Bos - Landgoed

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Bos - Landgoed' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. ter plaatse van de aanduiding 'landgoed 1': 1. een woonhuis met allure al dan niet in combinatie met ruimte voor kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten; 2. aan- en uitbouwen (bij)gebouwen en overkappingen ten behoeve van het woonhuis; b. ter plaatse van de aanduiding 'landgoed 2', gebouwen ten behoeve van: 1. een woning al dan niet in combinatie met ruimte voor kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten; 2. het onderhoud en beheer, ter plaatse van de aanduiding 'voorzieningengebouwen'; c. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de landschaps- en natuurwaarden, waarbij eveneeens het herstel en de ontwikkeling van de landschappelijke waarden, zoals houtwallen, houtsingels en bosschages, wordt nagestreefd; met daaraan ondergeschikt: d. agrarisch medegebruik; e. dagrecreatief medegebruik; met de daarbij behorende: f. g. h. i. j. k.

terreinen; tuinen en erven; wegen en paden; parkeervoorzieningen water; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

11.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. de gebouwen en overkappingen zullen worden gebouwd binnen een bouwvlak; 2. het aantal woningen per landgoed zal niet meer dan één bedragen, tenzij het bestaande aantal woningen meer bedraagt, in welk geval dit het maximum is; 3. de breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw zal ten minste 10 m bedragen; 4. de breedte van de voorgevel van overige gebouwen zal ten minste 5 m bedragen; 5. de afstand van de gebouwen en overkappingen, ter plaatse van de aanduiding 'landgoed 2' dienen minimaal 30 m uit de zijdelingse perceelgrens te worden opgericht; 6. de maatvoering van een gebouw en een overkapping zal per bestemmingsvlak voldoen aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

69

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

* geldt niet v oor een ov erkapping

b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbaar toegankelijk gebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 m bedraagt; 2. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zal ten hoogste 10 m bedragen. 11.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing.

70

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

11.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 11.2 sub a onder 6 en toestaan dat de dakhelling van gebouwen wordt verlaagd tot 0°. 11.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. het gebruik van woonhuizen ten behoeve van in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep, dan wel een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, anders dan het gebruik van de gronden en bouwwerken in combinatie met een aan-huis-verbonden-beroep dan wel kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten voorzover voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. de werkzaamheden dienen ondergeschikt te blijven aan de bestemming; 2. de oppervlakte ten behoeve van het aan-huis-verbonden beroep dan wel de kleinschalige bedrijfsactiviteiten mag niet meer bedragen dan 100 m2; 3. er mag geen grootschalige opslag van goederen plaatsvinden, alsook geen opslag van goederen op het buitenterrein; 4. er mag geen detailhandel plaatsvinden anders dan in de in Lijst toelaatbare beroepen en vormen van bedrijvigheid bij wonen opgenomen detailhandel; 5. er mag maximaal 0,5 m2 aan verwijsborden c.q. reclame-uitingen geplaatst worden; 6. parkeren moet op eigen terrein plaatsvinden; 7. de benodigde ruimte mag uitsluitend gebruikt worden ten behoeve van de hoofdbewoner van het perceel; 8. er mag geen stapeling van ondergeschikte functies plaatsvinden. b.

het gebruik van vrijstaande bijgebouwen ten behoeve van de uitoefening van een aan-huis-verbonden beroep, dan wel een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; c. het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; d. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel, horeca- en bedrijfsdoeleinden anders dan een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit; e. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van agrarische bedrijfsactiviteiten; f. het gebruik van de gronden en gebouwen voor verblijfsrecreatieve doeleinden. 11.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het aanbrengen en/of verwijderen van beplanting; 2. het aanleggen van verharde kavel- en perceelontsluitingswegen; 3. het aanleggen van verharde en halfverharde parkeervoorzieningen; 4. het aanleggen van fiets-, voet- en ruiterpaden; 5. het graven en dempen van sloten en andere watergangen; 6. het aanleggen van recreatieve voorzieningen; 7. het verrichten van exploratieboringen; 8. het aanleggen van ondergrondse en bovengrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen.

71

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

b. Het bepaalde sub a is niet van toepassing op werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunningen kunnen slechts worden verleend, mits: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, de natuurlijke, de geomorfologische, cultuurhistorische en de archeologische waarden; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiksmogelijkheden daarvan.

72

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 12 12.1

Horeca

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Horeca' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. horecabedrijven, niet zijnde een bar, bar-/dancing of discotheek; b. een conferentiecentrum; c. groepsaccommodatie al of niet in combinatie met educatieve, sociaal-culturele en recreatieve doeleinden, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'groepsaccommodatie'; d. de instandhouding van de karakteristieke hoofdvorm van de gebouwen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'; met de daarbij behorende: e. f. g. h. i. j. k.

wegen en paden; water; tuinen, erven en terreinen; bedrijfsgebouwen; bedrijfswoningen; aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij een bedrijfswoning; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

12.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. per bouwperceel mogen uitsluitend gebouwen en overkappingen ten behoeve van één horecabedrijf worden gebouwd; 2. de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen zal per bestemmingsvlak niet meer bedragen dan de bestaande gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen; 3. de bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen, en de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij de bedrijfswoning zullen ten minste 4 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning, dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; 4. de afstand van gebouwen en overkappingen tot de perceelgrens zal ten minste 5 m bedragen; 5. het aantal bedrijfswoningen zal ten hoogste één per horecabedrijf bedragen; 6. de maatvoering van een gebouw of een overkapping zal voldoen aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

# tenzij de bestaande maatv oering meer bedraagt, in welk gev al de maatv oering v an een bedrijf swoning ten hoogste de bestaande maatv oering zal bedragen

b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbaar toegankelijk gebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten

73

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

hoogste 1 m bedraagt; 2. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zal ten hoogste 10 m bedragen. 12.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 12.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 12.2 sub a onder 2 en toestaan dat de gezamenlijke oppervlakte van de bedrijfsgebouwen en overkappingen per bestemmingsvlak wordt vergroot tot maximaal 120% van de bestaande gezamenlijke oppervlakte; b. lid 12.2 sub a onder 4 en toestaan dat de afstand van gebouwen en overkappingen tot de perceelgrens wordt verkleind; c. lid 12.2 sub a onder 6 en toestaan dat de goothoogte van bedrijfsgebouwen, overkappingen en bedrijfswoningen wordt vergroot tot 5,5 m. Voor bedrijfswoningen kan dit voor maximaal 25% van de gootlengte worden toegepast; d. lid 12.2 sub a onder 6 en toestaan dat de dakhelling van aan- en uitbouwen en overkappingen wordt verlaagd tot 0º. 12.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. b. c. d. e.

het gebruik van de gronden en bouwwerken voor recreatieve doeleinden; het gebruik van de gronden en bouwwerken voor detailhandel; het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; het gebruik van de gronden als erf, buiten het bouwperceel; het gebruik van woonhuizen in combinatie met een aan-huis-verbonden beroep, dan wel een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit, anders dan het gebruik van de gronden en bouwwerken in combinatie met een aan-huis-verbonden-beroep dan wel kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten voorzover voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: 1. de werkzaamheden dienen ondergeschikt te blijven aan de bestemming; 2. het woongedeelte dient ten minste 70% van de begane vloeroppervlakte van het hoofdgebouw, inclusief de aan- en uitbouwen op het bouwperceel te beslaan; 3. er mag geen grootschalige opslag van goederen plaatsvinden, alsook geen opslag van goederen op het buitenterrein; 4. er mag geen detailhandel plaatsvinden anders dan in de in Lijst toelaatbare beroepen en vormen

74

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

van bedrijvigheid bij wonen opgenomen detailhandel; 5. er mag maximaal 0,5 m2 aan verwijsborden c.q. reclame-uitingen geplaatst worden; 6. parkeren moet op eigen terrein plaatsvinden; 7. de benodigde ruimte mag uitsluitend gebruikt worden ten behoeve van de hoofdbewoner van het perceel; 8. er mag geen stapeling van ondergeschikte functies plaatsvinden. 12.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het verwijderen van erfbeplanting. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunningen kunnen slechts worden verleend, mits: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, de natuurlijke, de geomorfologische, cultuurhistorische en de archeologische waarden; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiksmogelijkheden daarvan. 12.7

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

a. Het is verboden zonder of in afwijking van omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk gebouwen of delen daarvan te slopen, ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De onder a genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien de karakteristieke hoofdvorm niet langer aanwezig is en niet zonder ingrijpende wijzigingen aan het pand kan worden hersteld, de karakteristieke hoofdvorm in redelijkheid niet is te handhaven, en/of het delen van het pand betreft, die op zichzelf niet als karakteristiek zijn aan te merken en door sloop daarvan geen onevenredige aantasting van de karakteristieke hoofdvorm wordt veroorzaakt.

75

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 13 13.1

Maatschappelijk

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. maatschappelijke voorzieningen; b. de instandhouding van de karakteristieke hoofdvorm van de gebouwen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'; c. het wonen ten behoeve van de maatschappelijke voorzieningen; d. ter plaatse van de aanduiding 'cultuurpark': expositietuinen ten behoeve van dagrecreatieve, educatieve en sociaal-culturele doeleinden, alsmede de daarbij behorende gebouwen ten behoeve van: 1. sociaal-culturele en sociaal medische doeleinden, met daaraan ondergeschikte horecadoeleinden, een kwekerijactiviteiten en dienstverlening; 2. een bedrijfswoning; 3. onderhoud en beheer, waaronder tunnelkassen; met de daarbij behorende: e. f. g. h. i. j.

wegen en paden; water; tuinen, erven en terreinen; bedrijfsgebouwen; aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij de bedrijfswoning; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

13.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen zal per bestemmingsvlak niet meer bedragen dan de bestaande gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen; 2. het aantal bedrijfswoningen zal ten hoogste het bestaande aantal per bouwperceel bedragen; 3. de afstand van gebouwen en overkappingen tot de perceelgrens zal ten minste 5 m bedragen; 4. de goothoogte van een gebouw en overkapping zal ten hoogste 5 m bedragen; 5. de dakhelling van een gebouw zal ten minste 15° ten hoogste 60° bedragen. 6. de bedrijfsgebouwen, waaronder overkappingen, en de aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij de bedrijfswoning zullen ten minste 4 m achter de voorgevel van de bedrijfswoning, dan wel het verlengde daarvan worden gebouwd; b. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen ter plaatse van de aanduiding 'cultuurpark' gelden de volgende regels: 1. er zal ten hoogste één bedrijfswoning worden gebouwd; 2. de maatvoering van een gebouw en een overkapping zal voldoen aan de eisen die in het volgende bouwschema zijn gesteld:

76

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

c. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbaar toegankelijk gebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 m bedraagt; 2. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zal ten hoogste 5 m bedragen. 13.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 13.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. het bepaalde in 13.2 sub a onder 1 en toestaan dat de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen en overkappingen per bestemmingsvlak wordt vergroot tot maximaal 110% van de bestaande gezamenlijke oppervlakte; b. het bepaalde in lid 13.2 sub a onder 3 en toestaan dat de afstand van gebouwen en overkappingen tot de perceelgrens wordt verkleind; c. het bepaalde in lid 13.2 sub a onder 4 en sub b onder 2 en toestaan dat de goothoogte van de gebouwen, overkappingen en de bedrijfswoning wordt vergroot tot 5,5 m; Voor bedrijfswoningen kan

77

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

dit voor maximaal 25% van de gootlengte worden toegepast; d. het bepaalde in lid 13.2 sub a onder 5 en sub b onder 2 en toestaan dat de dakhelling van aan- en uitbouwen en overkappingen wordt verlaagd tot 0º. 13.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; b. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel; c. het gebruik van de gronden als erf, buiten het bouwperceel; 13.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: 1. a. b. c. d.

lid 13.5 en toestaan dat de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor de uitoefening van productiegebonden detailhandel, mits: de functie inherent is aan de maatschappelijke bestemming; vestiging van de detailhandel in bestaande bebouwing plaatsvindt; geen reclame-uitingen worden gebruikt; parkeren op eigen erf plaatsvindt.

13.7

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

a. Het is verboden zonder omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk gebouwen of delen daarvan te slopen, ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien de karakteristieke hoofdvorm niet langer aanwezig is en niet zonder ingrijpende wijzigingen aan het pand kan worden hersteld, de karakteristieke hoofdvorm in redelijkheid niet is te handhaven, en/of het delen van het pand betreft, die op zichzelf niet als karakteristiek zijn aan te merken en door sloop daarvan geen onevenredige aantasting van de karakteristieke hoofdvorm wordt veroorzaakt.

78

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 14 14.1

Maatschappelijk - Begraafplaats

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk - Begraafplaats' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. begraafplaats; b. groenvoorzieningen; c. verhardingen; d. terreinen; met de daarbij behorende: e. gebouwen en overkappingen ten behoeve van onderhoud en beheer; f. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 14.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen zal ten hoogste 100 m² bedragen; 2. de hoogte van de gebouwen ten hoogste 5 m zal bedragen. b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, geldt de volgende regel: 1. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 5 m bedragen. 14.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing.

79

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 15 15.1

Maatschappelijk - Molen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Maatschappelijk - Molen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. een molen; b. de instandhouding van de karakteristieke hoofdvorm van de gebouwen, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'; met de daarbij behorende: c. d. e. f.

tuinen, erven en terreinen; paden; gebouwen bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

15.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: 1. per bouwperceel mag uitsluitend één molen worden gebouwd; 2. de oppervlakte van een molen zal ten hoogste 100 m² bedragen; 3. de hoogte van een molen zal ten hoogste 30 m bedragen. b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, geldt de regel dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten hoogste 10 m zal bedragen. 15.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 15.4

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor bedrijfsdoeleinden; b. het gebruik van de gronden en bouwwerken voor detailhandel, anders dan productiegebonden detailhandel. 15.5

Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk

a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk gebouwen of delen daarvan te slopen, ter plaatse van de aanduiding 'karakteristiek'. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden, die: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunning kan slechts worden verleend indien de karakteristieke hoofdvorm niet langer aanwezig is en niet zonder ingrijpende wijzigingen aan het pand kan worden hersteld, de

80

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

karakteristieke hoofdvorm in redelijkheid niet is te handhaven, en/of het delen van het pand betreft, die op zichzelf niet als karakteristiek zijn aan te merken en door sloop daarvan geen onevenredige aantasting van de karakteristieke hoofdvorm wordt veroorzaakt.

81

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 16 16.1

Natuur

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de natuurlijke en de landschappelijke waarden; b. waterhuishoudkundige doeleinden; c. sloten, beken en daarmee gelijk te stellen waterlopen; d. bedrijfsmatige agrarische activiteiten, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'agrarisch'; met daaraan ondergeschikt: e. agrarisch medegebruik; f. recreatief medegebruik en educatief medegebruik; g. mountainbike-oefenterrein uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'mountainbike-oefenterrein' h. openbare nutsvoorzieningen; met de daarbij behorende: i. j.

bestaande infrastructurele voorzieningen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

16.2

Bouwregels

a. Op of in deze gronden mogen geen gebouwen en overkappingen worden gebouwd. 1. Op de gronden met de aanduiding “mountainbike-oefenterrein” mogen ten behoeve van opslag van materialen behorende bij het mountainbike-oefenterrein maximaal 2 gebouwen of bouwwerken gerealiseerd worden met een maximale gezamenlijke oppervlakte van 60 m2 en een maximale hoogte van 3 meter; 2. De onder lid 2 bedoelde gebouwen of bouwwerken moeten binnen 15 meter van de noordelijke aanduidingsgrens (“mountainbike-oefenterrein”) gerealiseerd worden. b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de hoogte zal ten hoogste 5 m bedragen tenzij het een erfafscheiding betreft, dan mag de hoogte max. 2 m bedragen; 16.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 16.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in:

82

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

a. het bepaalde in 16.2 sub b onder 1 en toestaan dat de hoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde maar wel een overkapping ten behoeve van natuur/educatie maximaal 3 m mag bedragen; 16.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: het opslaan van mest en/of andere landbouwproducten. 16.6 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het ontgronden, afgraven, egaliseren, diepploegen en ophogen van gronden; 2. het aanplanten van bomen en/of houtgewas over een oppervlakte van meer dan 100 m²; 3. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen met een oppervlakte van meer dan 100 m²; 4. het aanleggen van fiets-, voet- en/of ruiterpaden; 5. het aanleggen van voorzieningen ten behoeve van het recreatief medegebruik en het educatief medegebruik; 6. het aanleggen van ligplaatsen voor vaartuigen; 7. het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen; 8. het verharden van perceel-, kavelontsluitings- en/of onderhoudswegen. b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud betreffen; 2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening; 3. zijn vastgelegd in hoofdstuk 4 van het Inrichtingsplan Dwingelderveld d.d.

11 november 2009 en bijbehorende plankaart van 22 februari 2010, dat als zodanig is vastgesteld in een besluit van Gedeputeerde Staten d.d. 6 april 2010; 4. bestaande kleinschalige trainingsobstakels, verhogingen, verlagingen, sporen behorende bij de aanduiding "mountainbike-oefenterrein"; c. De sub a genoemde vergunningen kunnen slechts worden verleend, mits: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, de natuurlijke, de geomorfologische, cultuurhistorische en de archeologische waarden; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiksmogelijkheden daarvan.

83

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 17 17.1

Overig - Doeleinden van delfstof-/energiewinning

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Overig - Doeleinden van delfstof-/energiewinning' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. delfstoffenonderzoek en -winning, met uitzondering van geluidzoneringsplichtige inrichtingen; b. water- en energiewinning; met de daarbij behorende: c. d. e. f. g.

erven en terreinen; wegen en paden; water; gebouwen; bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

17.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen en overkappingen zal per bestemmingsvlak ten hoogste de bestaande oppervlakte bedragen; 2. de hoogte van een gebouw en overkapping zal ten hoogste 5 m bedragen. b. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen (zonnepanelen uitgezonderd) zijnde , gelden de volgende regels: 1. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de delfstoffenwinning, zal ten hoogste 30 m bedragen; 2. de hoogte van de overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zal ten hoogste 25 m bedragen. 17.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 17.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: 1. lid 17.2 sub a onder 1 en toestaan dat de bestaande oppervlakte van de gebouwen en overkappingen per bestemmingsvlak met ten hoogste 10% wordt vergroot; 2. lid 17.2 sub b onder 1 en toestaan dat binnen het bestemmingsvlak zonnepanelen worden

84

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

geplaatst. Inpassing conform het LOK kan in de voorwaarden worden opgenomen. 17.5

Gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: het opslaan van mest en/of andere landbouwproducten; het gebruiken van gronden voor de plaatsing van zonnepanelen; 17.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: 1. lid 17.1 en toestaan dat gronden worden gebruikt voor agrarisch gebruik, waaronder agrarische opslag, met dien verstande dat de opslag dient te worden ingepast conform Bijlage 6 Landschappelijk Ontwikkelingskader De Wolden (LOK); 2. lid 17.1 en toestaan dat er binnen het bestemmingsvlak zonnepanelen worden geplaatst. Inpassing conform het LOK kan in de voorwaarden worden opgenomen.

85

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 18 18.1

Recreatie - 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Recreatie - 1'aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. standplaats voor kampeermiddelen, waaronder stacaravans en kampeeraccommodaties. Stacaravans en kampeeraccommodaties uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'stacaravans'; b. voorzieningen ten dienste van het kampeerterrein, waaronder: 1. sanitaire voorzieningen; 2. detailhandel; 3. dienstverlening; 4. sportvoorzieningen en recreatieve voorzieningen; 5. horeca in de vorm van een kantine of een restaurant; 6. wonen ten behoeve van het bedrijf; c. een groepsaccommodatie, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'groepsaccommodatie'; d. recreatieverblijven, ter plaatse van de aanduiding 'recreatieverblijf'; met dien verstande dat: e. een strook van 10 m vanaf de bestemmingsgrens uitsluitend is bestemd voor groenvoorzieningen (opgaande beplanting bestaande uit inheemse struiken, heesters, bomen, geen gras); met daaraan ondergeschikt: f. dagrecreatieve voorzieningen; g. parkeervoorzieningen; met de daarbij behorende: h. tuinen, erven en terreinen; i. groenvoorzieningen en bebossing; j. wegen en paden; k. water; l. gebouwen ten behoeve van het kampeerterrein; m. bedrijfswoningen; n. aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen; o. bouwwerken, geen gebouwen zijnde; p. bijgebouwen ten behoeve van bergruimte bij stacaravans. 18.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen en het plaatsen van stacaravans geldt de volgende regel: 1. de afstand van gebouwen, overkappingen, stacaravans en kampeeraccommodaties tot de bestemmingsgrens zal ten minste 10 m bedragen. b. Voor het bouwen van de in lid 18.1 sub b genoemde gebouwen en overkappingen gelden de volgende regels: 1. het bebouwingspercentage zal per bestemmingsvlak ten hoogste 3% bedragen; 2. het aantal bedrijfswoningen zal ten hoogste één per bouwperceel bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten' geen bedrijfswoning is toegestaan; 3. de oppervlakte van een bedrijfswoning zal ten hoogste 200 m² bedragen; 4. de goothoogte van de gebouwen en overkappingen zal ten hoogste 4 m bedragen; 5. de dakhelling van de gebouwen zal ten hoogste 60° bedragen. c. Voor het bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij een bedrijfswoning gelden de volgende regels: 1. de gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen zal per bedrijfswoning ten hoogste 100 m² bedragen; 2. de goothoogte van een aan- of uitbouw, bijgebouw of overkapping zal ten hoogste 3 m

86

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

bedragen; 3. de dakhelling van een aan- of uitbouw of een bijgebouw zal ten hoogste 60° bedragen. d. Voor het bouwen van de in lid 18.1 sub c genoemde groepsaccommodatie gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte van de groepsaccommodatie zal ten hoogste 400 m² bedragen, dan wel ten hoogste de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt; 2. de goothoogte van de groepsaccommodatie zal ten hoogste 4 m bedragen; 3. de dakhelling van de groepsaccommodatie zal ten minste 15º en ten hoogste 60° bedragen. e. Voor het bouwen van de in lid 18.1 sub d genoemde recreatieverblijven gelden de volgende regels: 1. er zullen ten hoogste twee recreatieverblijven per aanduiding worden gebouwd; 2. de oppervlakte van een recreatieverblijf zal ten hoogste 80 m² bedragen, tenzij de bestaande oppervlakte meer bedraagt, in welk geval de oppervlakte ten hoogste de bestaande oppervlakte zal bedragen. Wanneer er een bijgebouw (maximaal 1) wordt bijgebouwd mag deze maximaal 15 m² zijn, maar dan mag het recreatieverblijf ten hoogste 65 m² zijn; 3. de hoogte van een recreatieverblijf zal ten hoogste 7 m bedragen; 4. de dakhelling van een recreatieverblijf zal ten minste 15° bedragen, dan wel minimaal de bestaande dakhelling indien deze minder bedraagt; 5.

de dakhelling van een eventueel bijgebouw bij een recreatieverblijf zal gelijk zijn aan de dakhelling van het recreatieverblijf, dan wel 0°, tenzij de bestaande dakhelling meer bedraagt, in welk geval de dakhelling ten hoogste de bestaande dakhelling zal bedragen; 6. de goothoogte van een recreatieverblijf en het daarbij behorende bijgebouw zal ten hoogste 3 m bedragen. f.

Voor het plaatsen van stacaravans en kampeeraccommodaties en naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomens en de in lid 18.1 sub n genoemde bijgebouwen gelden de volgende regels: 1. stacaravans en kampeeraccommodaties en naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomens en de daarbij behorende bijgebouwen mogen uitsluitend geplaatst worden, ter plaatse van de aanduiding 'stacaravans'; 2. de oppervlakte van een stacaravan of kampeeraccommodatie en een naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomen, inclusief een bijgebouw, zal ten hoogste 70 m² bedragen; 3. de oppervlakte van een vrijstaand bijgebouw zal ten hoogste 10 m² bedragen, in welk geval de oppervlakte van een stacaravan of kampeeraccommodatie of een naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomen ten hoogste 60 m² zal bedragen; 4. de hoogte van een stacaravan of kampeeraccommodatie, een naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomen en een vrijstaand bijgebouw zal ten hoogste 3,3 m bedragen.

g. Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, gelden de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbaar toegankelijk gebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 m bedraagt; 2. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkapping zijnde, zal ten hoogste 10 m bedragen. 18.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid;

87

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan: a. de plaats en afmetingen van de bebouwing; b. de verhouding tussen toeristische kampeerplaatsen, stacaravans en kampeeraccommodaties vanuit een oogpunt van evenwichtigheid en een goede landschappelijke inpassing, ter plaatse van de aanduiding 'stacaravans'. 18.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 18.2 sub d onder 1 en toestaan dat de oppervlakte van een groepsaccommodatie wordt vergroot tot ten hoogste 750 m2; b. lid 18.2 sub e onder 2 en toestaan dat de oppervlakte van een recreatieverblijf (inclusief eventueel bijgebouw) wordt vergroot tot ten hoogste 100 m², mits: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van het recreatief verblijf; c. lid 18.2 sub e onder 2 en toestaan dat van maximaal 25% van het totale aantal recreatieverblijven de oppervlakte van een recreatieverblijf wordt vergroot tot ten hoogste 125 m², mits: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van het recreatief gebruik; 2. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van recreatieterreinen met een bedrijfsmatige exploitatie; 3. aangetoond is dat deze vergroting noodzakelijk is ten behoeve van de combinatie zorg en recreatie; d. lid 18.2 sub e onder 4 en toestaan dat de dakhelling van een recreatieverblijf wordt verkleind, mits: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van het recreatief verblijf; e.

lid 18.2 en toestaan dat tevens trekkersverblijven worden gebouwd, mits: 1. per bestemmingsvlak ten hoogste zes trekkersverblijven worden gebouwd; 2. de oppervlakte van een trekkersverblijf ten hoogste 30 m² zal bedragen; 3. de hoogte van een trekkersverblijf ten hoogste 5 m zal bedragen. 18.5

Specifieke gebruiksregels

Onder strijdig gebruik met deze bestemming wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijving, waaronder in elk geval wordt begrepen: a. het gebruik van recreatieverblijven, stacaravans, kampeeraccommodaties, kampeermiddelen en naar de aard daarmee gelijk te stellen onderkomens voor permanente bewoning; b. het gebruik van vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; c. het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van horecadoeleinden, zodanig dat de gezamenlijke horecavloeroppervlakte per bestemmingsvlak meer dan 300 m² bedraagt, tenzij de bestaande gezamenlijke horecavloeroppervlakte meer bedraagt in welk geval de gezamenlijke horecavloeroppervlakte per bestemmingsvlak niet meer dan de bestaande oppervlakte bedraagt. 18.6

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid;

88

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 18.1 en 18.5 en toestaan dat de gronden worden gebruikt voor: a. een groepsaccommodatie, met dien verstande dat het aantal groepsaccommodaties per bestemmingsvlak met maximaal één mag worden vergroot; b. stacaravans en kampeeraccommodaties, met dien verstande dat het aantal stacaravans of kampeeraccommodaties per bestemmingsvlak met maximaal tien mag worden vergroot. 18.7 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden a. Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren: 1. het verwijderen van beplanting binnen een strook van 10 m vanaf de bestemmingsgrens; 2. het afgraven, ophogen of egaliseren van gronden, zodanig dat er een verschil in hoogte, c.q. diepte ten opzichte van het bestaande maaiveld ontstaat van meer dan 30 cm; 3. het aanbrengen van oppervlakteverhardingen, niet zijnde de terreinontsluiting, met een oppervlakte van meer dan 100 m². b. Het sub a vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud betreffen; 2.

reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van deze verordening. c. De sub a genoemde vergunningen kunnen slechts worden verleend, mits: 1. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, de natuurlijke, de geomorfologische, cultuurhistorische en de archeologische waarden; 2. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de waterhuishouding van het gebied en de omliggende percelen, c.q. de gebruiksmogelijkheden daarvan.

89

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

Artikel 19 19.1

Recreatie - 2

Bestemmingsomschrijving

De op voor 'Recreatie - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. recreatieverblijven; b. uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'voorzieningengebouwen' voorzieningen ten dienste van de verblijfsrecreatie, waaronder: 1. sanitaire voorzieningen; 2. detailhandel; 3. dienstverlening; 4. sportvoorzieningen en recreatieve voorzieningen; 5. horeca in de vorm van kantines en/of restaurants; 6. wonen ten behoeve van het bedrijf; c. groepsaccommodaties, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'groepsaccommodatie'; met dien verstande dat: d. een strook van 10 m vanaf de bestemmingsgrens uitsluitend is bestemd voor groenvoorzieningen (opgaande beplanting bestaande uit inheemse struiken, heesters, bomen, geen gras); met daaraan ondergeschikt e. dagrecreatieve voorzieningen; f. parkeervoorzieningen; met de daarbij behorende: g. tuinen, erven en terreinen; h. groenvoorzieningen en bebossing; i. wegen en paden; j. water; k. gebouwen ten behoeve van de verblijfsrecreatie; l. aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij de bedrijfswoning; m. bijgebouwen bij recreatieverblijven; n. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 19.2

Bouwregels

a. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen geldt de volgende regel: 1. de afstand van gebouwen en overkappingen tot de bestemmingsgrens zal ten minste 10 m bedragen. b. Voor het bouwen ten behoeve van de in lid 19.1 sub a genoemde functies gelden de volgende regels: 1. het aantal bijgebouwen zal per recreatieverblijf ten hoogste één bedragen; 2. de onderlinge afstand tussen recreatieverblijven zal ten minste 15 m bedragen, dan wel de bestaande afstand indien deze minder bedraagt; 3. het aantal recreatieverblijven zal ten hoogste het ter plaatse van de aangeduide 'maximum aantal te bouwen recreatieverblijven' bedragen; 4. het bouwen van nieuwe recreatieverblijven is slechts toegestaan indien deze centraal op een bedrijfsmatige wijze zullen worden geëxploiteerd; 5. het aantal aaneen te bouwen recreatieverblijven bedraagt niet meer dan het bestaande aantal; 6. de oppervlakte van een recreatieverblijf inclusief het daarbij behorende bijgebouw zal ten hoogste 80 m² bedragen, tenzij de bestaande oppervlakte meer bedraagt, in welk geval de oppervlakte ten hoogste de bestaande oppervlakte zal bedragen; 7. de oppervlakte van een vrijstaand bijgebouw zal ten hoogste 15 m² bedragen, in welk geval de oppervlakte van een recreatieverblijf maximaal 65 m² zal bedragen; 8. de hoogte van een recreatieverblijf zal ten hoogste 7 m bedragen;

90

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

9. de goothoogte van een recreatieverblijf en het daarbij behorende bijgebouw zal ten hoogste 3 m bedragen; 10. de dakhelling van een recreatieverblijf en het daarbij behorende bijgebouw zal ten minste 15° bedragen, dan wel minimaal de bestaande dakhelling indien deze minder bedraagt; 11. de dakhelling van een bijgebouw bij een recreatieverblijf zal gelijk zijn aan de dakhelling van het recreatieverblijf, dan wel 0°, tenzij de bestaande dakhelling meer bedraagt, in welk geval de dakhelling ten hoogste de bestaande dakhelling zal bedragen. c. Voor het bouwen ten behoeve van de in 19.1 sub b genoemde functies gelden de volgende regels: 1. het bebouwingspercentage zal per bestemmingsvlak ten hoogste 3% bedragen; 2. het aantal bedrijfswoningen zal ten hoogste één bedragen; 3. de oppervlakte van een bedrijfswoning zal ten hoogste 200 m² bedragen; 4. de goothoogte van de gebouwen en overkappingen zal ten hoogste 4 m bedragen; 5. de dakhelling van de gebouwen zal ten hoogste 60° bedragen. d. Voor het bouwen van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen bij een bedrijfswoning gelden de volgende regels: 1. de gezamenlijke oppervlakte van aan- en uitbouwen, bijgebouwen en overkappingen zal per bedrijfswoning ten hoogste 100 m² bedragen; 2. de goothoogte van een aan- of uitbouw, bijgebouw of overkapping zal ten hoogste 3 m bedragen; 3.

de dakhelling van een aan- of uitbouw of een bijgebouw zal ten hoogste 60° bedragen. e. Voor het bouwen van de in lid 19.1 sub c genoemde groepsaccommodaties gelden de volgende regels: 1. de oppervlakte van een groepsaccommodatie zal ten hoogste 400 m² bedragen, dan wel ten hoogste de bestaande oppervlakte indien deze meer bedraagt; 2. de goothoogte van een groepsaccommodatie zal ten hoogste 4 m bedragen; 3. de dakhelling van een groepsaccommodatie zal ten minste 15º en ten hoogste 60° bedragen. f.

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, geldt de volgende regels: 1. de bouwhoogte van erf- terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn bedraagt ten hoogste 1 m en daarachter ten hoogste 2 m, met dien verstande dat de bouwhoogte op zijerven die grenzen aan een openbaar toegankelijk gebied op een afstand van 1 m of minder uit de perceelgrens ten hoogste 1 m bedraagt; 2. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen en geen overkappingen zijnde, zal ten hoogste 10 m bedragen.

19.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders kunnen met het oog op het voorkomen van een onevenredige aantasting van: het bebouwingsbeeld; de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; nadere eisen stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. 19.4

Afwijken van de bouwregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: het bebouwingsbeeld;

91

beheersverordening Buitengebied de Wolden 2023 (ontwerp)

de woonsituatie; de verkeersveiligheid; de sociale veiligheid; de milieusituatie; de gebruiksmogelijkheden van omliggende gronden; de landschappelijke, natuurlijke en cultuurhistorische waarden; bij omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: a. lid 19.2 sub b onder 2 en toestaan dat de onderlinge afstand tussen recreatiewoningen wordt gereduceerd tot 0 m ten behoeve van de mogelijkheid om twee recreatieverblijven te koppelen ten behoeve van een familieverblijf, met dien verstande dat: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van recreatief gebruik; 2. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van recreatieterreinen met een bedrijfsmatige exploitatie; 3. de totale oppervlakte van een gekoppeld recreatieverblijf maximaal 200 m2 bedraagt; 4. een afwijking voor het reduceren van de onderlinge afstand tot 0 m (zie ook sub b) bij maximaal 25% van het totale aantal recreatiewoningen per bestemmingsvlak kan worden toegepast; b. lid 19.2 sub b onder 2 en toestaan dat de onderlinge afstand tussen recreatiewoningen wordt gereduceerd tot 0 m ten behoeve van de mogelijkheid om twee recreatieverblijven te koppelen ten behoeve van een groepsrecreatieverblijf, met dien verstande dat: 1. deze afwijking uitsluitend wordt toegepast ten behoeve van recreatief gebruik; 2.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13658484/1