CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Begroting 2023

Gemeenteraad 24 november 2022, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Zienswijze 2e begrwijz 2022 en begr 2023 SGL11.459 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

BEGROTING 2023 ONTWERP 03 OKTOBER 2022

1

Voorwoord

Voor u ligt de Programmabegroting Stichtse Groenlanden 2023, opgesteld namens het dagelijks bestuur door bedrijfsvoeringsorganisatie Recreatie Midden-Nederland (RMN). Recreatieschap Stichtse Groenlanden is een gemeenschappelijke regeling (GR) op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Binnen deze GR werken de gemeenten De Bilt, De Ronde Venen, Houten, Lopik, Stichtse Vecht, Nieuwegein, Utrecht, Woerden en IJsselstein en de provincie Utrecht samen aan beheer en ontwikkeling van toegankelijke recreatiegebieden voor inwoners en bezoekers van de regio. Recreatieschap Stichtse Groenlanden is in 1999 opgericht “ter behartiging van het belang van de deelnemers bij de intergemeentelijke openluchtrecreatie en de bescherming van natuur en landschap.” Deze taakomschrijving is en blijft ongewijzigd, maar wat hieronder wordt verstaan en hoe hier invulling aan wordt gegeven, is wel aan verandering onderhevig. Het recreatieschap heeft de uitvoering van zijn werkzaamheden - Beheer & Onderhoud, Toezicht & Handhaving, Exploitatie, Bedrijfsvoering en Bestuursondersteuning – per 1 januari 2023 belegd bij Staatsbosbeheer. Staatsbosbeheer heeft de taken ‘beleidsarm’ overgenomen en zal de jaren 2023 en 2024 gebruiken om zich de taken en het areaal verder eigen te maken.

In deze begroting zijn de budgetverschuivingen tussen de verschillende inhoudelijke programma’s groot als gevolg van andere ‘labeling’ van kostensoorten. In 2023 zal ons schap met SBB een eerste vierjarig uitvoeringsplan 20242027 opstellen en vaststellen, waarmee het bestuur van het Recreatieschap het vierjarig financieel perspectief vast stelt. Deze begroting is door RMN opgesteld voor SGL op basis van de vastgestelde kadernota en het door u goedgekeurde aanbod van Staatsbosbeheer v0.22 d.d. 16 juni 2022. Een concept van deze begroting 2023 is besproken met Staatsbosbeheer, waarna nog enkele aanpassingen zijn doorgevoerd. In deze begroting is het in de kadernota genoemde percentage van 2% op de kosten en deelnemersbijdrage verwerkt met uitzondering van de energiekosten, die we verdubbeld hebben. Inmiddels is de inflatie naar recordhoogte gestegen, dit is als ongekwantificeerd risico in deze begroting benoemd. Omdat de opgebouwde algemene reserve vorig begrotingsjaar volledig is ingezet voor de financiering van de incidentele kosten is het weerstandsvermogen nihil. De bestuurlijke intentie is uitgesproken vermeld om de komende jaren te werken aan het weer op voldoende peil brengen van het weerstandsvermogen.

ONDERTEKENING

Aldus vastgesteld door het algemeen bestuur d.d. 05 december 2022,

Dhr. V. Molkenboer Voorzitter

Mevr. J. Brand Secretaris 2

INHOUD

2

Programmaplan........................................................................................................................................5 2.1

Inleiding ............................................................................................................................................5

2.2

Programma 1: Beheer en onderhoud ..............................................................................................7

2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ........................................................7

2.2.2

Wat mag het kosten? ...............................................................................................................7

2.3 2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ........................................................8

2.3.2

Wat mag het kosten? ...............................................................................................................8

2.4

Programma 3: Ontwikkeling .............................................................................................................9

2.4.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ........................................................9

2.4.2

Wat mag het kosten? .............................................................................................................13

2.5

Programma 4: Exploitatie ...............................................................................................................13

2.5.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? ......................................................13

2.5.2

Wat mag het kosten? .............................................................................................................14

2.6

3

Programma 2: Toezicht en handhaving ...........................................................................................8

Programma 5: Algemeen (incl. overhead) .....................................................................................15

2.6.1

Wat willen we bereiken? ........................................................................................................15

2.6.2

Wat gaan we daarvoor doen? ................................................................................................15

2.6.3

Wat mag het kosten? .............................................................................................................15

Paragrafen .............................................................................................................................................17 3.1

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing ....................................................................17

3.1.1

Generieke risico’s ...................................................................................................................17

3.1.2

Risico’s werkgebied Stichtse Groenlanden ............................................................................18

3.1.3

Risico’s werkgebied Vinkeveense Plassen ............................................................................19

3.1.4

Conclusie risico’s recreatieschap ...........................................................................................19

3.1.5

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit .............................................20

3.2

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen .........................................................................................21

3.3

Paragraaf financiering ....................................................................................................................22

3.3.1

Beleidsuitgangspunten ...........................................................................................................22

3.3.2

Risicobeheer ..........................................................................................................................22

3.3.3

Kasgeldlimiet ..........................................................................................................................22

3.3.4

Renterisiconorm .....................................................................................................................22

3.3.5

Mutaties in de leningenportefeuille .........................................................................................22

3.3.6

BBV en rentetoerekening .......................................................................................................22

3.4 3.4.1

Paragraaf bedrijfsvoering ...............................................................................................................23 Bedrijfsvoering........................................................................................................................23 3

3.4.2 3.5

Overhead en toerekening personeelskosten ..........................................................................23 Paragraaf verbonden partijen.........................................................................................................23

4

Overzicht baten en lasten per programma en toelichting .......................................................................24

5

Overzicht incidentele baten en lasten ....................................................................................................25

6

5.1

Overzicht incidentele baten en lasten en toelichting ......................................................................25

5.2

Presentatie van het structureel begrotingssaldo ............................................................................25

Uiteenzetting van de financiële positie ...................................................................................................26 6.1

Financiële gevolgen bestaand en nieuw beleid .............................................................................26

6.2

Geprognosticeerde begin- en eindbalans van het begrotingsjaar ..................................................26

6.3

EMU-saldo .....................................................................................................................................26

6.4

Meerjaren investeringsbegroting ....................................................................................................27

6.5

Stand en verloop van de reserves en voorzieningen .....................................................................27

6.5.1

Werkgebied Stichtse Groenlanden ........................................................................................28

6.5.2

Werkgebied Vinkeveense Plassen ........................................................................................29

6.5.3

Voorzieningen ........................................................................................................................30

6.6

Baten en lasten per taakveld..........................................................................................................31

6.7

Deelnemersbijdrage 2023 ..............................................................................................................32

6.7.1

Stichtse Groenlanden .............................................................................................................32

6.7.2

Vinkeveense Plassen .............................................................................................................32

4

BELEIDSBEGROTING

2 Programmaplan 2.1 Inleiding Het recreatieschap is een gemeenschappelijke regeling (GR) op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Op basis van deze wet kunnen gemeenten, provincies en waterschappen publiekrechtelijk samenwerken aan een belang dat verder strekt dan de gemeente- of provinciegrens. Het belang van recreatie, natuur en landschap is regionaal van aard. De behartiging daarvan — waaronder begrepen het dragen van de kosten die gepaard gaan met de instandhouding en verbetering van voorzieningen — is daarom in een intergemeentelijk of regionaal samenwerkingsverband georganiseerd. Recreatieschap Stichtse Groenlanden heeft als taak ‘beheer & onderhoud’, ‘toezicht & handhaving’, ‘ontwikkeling’ en ‘exploitatie’ van (vrij) toegankelijke en eigentijdse recreatievoorzieningen in het buitengebied. Dit buitengebied is veelzijdig: van uitgestrekte veenweidegebieden en de Vinkeveense Plassen tot agrarische gebieden en de Lek met zijn prachtige uiterwaarden. Wandelen, fietsen, vissen en watersporten als zwemmen en kanoën: het kan allemaal in de gebieden van Stichtse Groenlanden. Het recreatieschap zorgt voor de volgende terreinen: Strijkviertel, Oortjespad/Eend, Grutto, Maarsseveense Plassen, Vinkeveense Plassen, Salmsteke, ’t Waal, De Leijen, Heulsewaard, Nedereindse Plas, Laagraven, Haarrijnse Plas, Ruigenhoek, Hampoort/de Rivier en Heemstede Noord.

Daarnaast beheert het schap verschillende paden en kilometers lange routes voor wandelaars, fietsers, ruiters en kanoërs. Gescheiden financiële huishouding In 2018 is gemeente De Ronde Venen, na opheffing van recreatieschap Vinkeveense Plassen, toegetreden tot recreatieschap Stichtse Groenlanden. Besloten is dat de financiële huishouding binnen het recreatieschap voorlopig wordt gescheiden in twee delen: het werkgebied van Stichtse Groenlanden van voor 2018 (programma A) en het werkgebied de Vinkeveense Plassen (Programma B) dat gemeente De Ronde Venen heeft ingebracht. Dit betekent dat er twee financiële administraties worden gevoerd en dat er over twee onderdelen verantwoording wordt afgelegd in de jaarrekening. Hiermee worden de financiële risico’s over en weer gescheiden. De ‘oude’ deelnemers van Stichtse Groenlanden lopen geen risico verband houdend met het Vinkeveense gebied en De Ronde Venen loopt geen risico in verband met het werkgebied van Stichtse Groenlanden van voor 2018. Deze afspraak wordt in 2024 heroverwogen. Transitie De besluitvorming over de transitie is in juni 2022 afgerond. De transitie is na de zomer van 2022 in uitvoering genomen. Voor deze begroting geldt dat deze is gebaseerd op het aanbod van Staatsbosbeheer van 24 juni 2022 (versie 1.0).

Hierin wordt aangegeven dat de huidige taakuitvoering door Recreatie Midden Nederland op de verschillende programma’s niet 1 op 1 aansluit op de door Staatsbosbeheer voorgestane werkwijze, waaronder de principes die onder het Terrein Beheer Model (TBM, zie hierna) liggen en ook niet op de Producten- en Dienstencatalogus. Om dit wel passend te maken is een overgangsperiode voorzien van twee jaar, te weten 2023 en 2024. Deze overgangsperiode is ook nodig om het gebied ‘in de vingers te krijgen’, de systemen te integreren, regelgeving waar nodig aan te passen, het financieel beleid van het Recreatieschap (waaronder de P&C cyclus) in te voeren, de medewerkers die van Recreatie Midden Nederland over komen te laten aarden en de bestuurscultuur en werkwijze van het bestuur van het Recreatieschap te leren en deze goed te accommoderen. 5

De programma-indeling van deze begroting 2023 is gelijk aan die van de begroting 2022. Hiervoor zijn de SBB-programma’s ‘geconverteerd’ naar de programma’s die het recreatieschap hanteert conform onderstaande tabel. Staatsbosbeheer A. Duurzaam beheer

B. C.

Ondersteunen Ontwikkelen

Recreatieschap SGL 1. Beheer en Onderhoud 2. Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 4. Exploitatie 5. Algemeen 3. Doorontwikkelen areaal

Derhalve is voor 2023 weliswaar een beleidsarme maar reële begroting opgesteld, waarbij de bedragen voor 2023 zijn gebaseerd op de ramingen van SBB voor wat betreft de personele inzet en de actualiteit voor wat betreft de (materiële) baten en lasten van het schap zelf conform de ontwerp ‘Uitgangspunten begroting 2023’. Leeswijzer De begroting 2023 is opgebouwd naar de aard van de activiteiten van het schap: • • • • •

Programma 1. Beheer en Onderhoud Programma 2. Toezicht & handhaving Programma 3. Ontwikkeling Programma 4. Exploitatie Programma 5. Algemeen (incl. overhead)

6

2.2 Programma 1: Beheer en onderhoud 2.2.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

Beheer & Onderhoud omvat het beheer en (dagelijks, groot- en vervangings-) onderhoud van de terreinen en plassen, fiets- en wandelpaden en het onderhouden van voorzieningen. Het niveau van beheer & onderhoud verschilt per terrein, per seizoen en is afhankelijk van onder meer wet- en regelgeving, de functie, de intensiteit van gebruik en de behoefte van recreanten en de opdracht van het recreatieschap. Ook op het gebied van beheer & onderhoud moeten we inspelen op en rekening houden met diverse ontwikkelingen. In onderstaande alinea’s worden de belangrijkste ontwikkelingen geschetst. 2.2.1.1 Optimalisatie In 2021 is ‘de basis op orde’ gebracht door het opstellen/verbeteren van de onderhoudsbestekken voor Dagelijks Onderhoud, het MeerJarenOnderhoudsPlan (MJOP), de digitalisering van het areaal in het GIS-systeem Geovisia en het opstellen van nieuw beleid en richtlijnen. In 2023 zullen de resultaten van deze inspanningen zichtbaar worden en zal de nadruk liggen op het verder verbeteren/optimaliseren en waar mogelijk digitaliseren van deze processen. 2.2.1.2 Duurzaamheid De duurzaamheid-thema’s ‘klimaatverandering’/‘klimaatadaptatie’, ‘biodiversiteit’, ‘circulaire economie’ en ‘energietransitie’ staan steeds hoger en prominenter op de politieke agenda’s. Het schap heeft in de afgelopen jaren een aantal stappen gezet op het gebied van duurzaamheid.

Waar mogelijk wordt ecologisch beheerd ter bevordering van de biodiversiteit, worden natuurvriendelijke oevers aangelegd. In 2023 streven we naar verdere verduurzaming. 2.2.1.3 Routebureau Utrecht Het recreatieschap is – namens deelnemende gemeenten - een van de opdrachtgevers van het Routebureau Utrecht. Uniform beheer en onderhoud, ontwikkeling en informatievoorziening & marketing m.b.t. de bewegwijzerde routenetwerken voor fietsen, wandelen en varen (sloepen) loopt via het Routebureau. Het recreatieschap draagt hier, vanuit de middelen voor beheer & onderhoud, voor het werkgebied Stichtse Groenlanden (SGL-A) jaarlijks € 136.449 en voor het werkgebied Vinkeveense plassen (SGL-B) jaarlijks € 29.748 aan bij.

2.2.2

Wat mag het kosten?

Programma 1 Lasten Baten Saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2021 (x € 1.000) 3.942 2.725 -1.217 611 118 -724

De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 1 Doorbelaste personeelskosten Onderhoud en vuilafvoer Dotatie voorziening groot onderhoud Overige kosten Bruto lasten Waarvan transparantie-BTW Netto lasten

Begroting 2022 Begroting 2023 (x € 1.000) (x € 1.000) 1.680 3.417 1.408 3.478 -272 60 89 137 118 421 -301 -223

Begroting 2023 (x € 1.000) 1.931 1.191 150 145 3.417 505 2.912

7

De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 1

Begroting 2023 (x € 1.000)

Toegerekende deelnemersbijdrage Netto baten

3.478 3.478

2.2.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) hebben voornamelijk betrekking op doorbelaste personele lasten, de lasten voor groot onderhoud, kapitaallasten voor vervangingsinvesteringen en inhuurlasten. Daarnaast is op het programma een opslag voor apparaatskosten opgenomen. 2.2.2.2 Toelichting baten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen.

2.3 Programma 2: Toezicht en handhaving 2.3.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

Onze toezichthouders (BOA’s) zorgen ervoor dat onze inwoners en bezoekers prettig en veilig gebruik kunnen maken van onze recreatiegebieden en -voorzieningen. De toezichthouders zijn gastheer én handhaver en zetten zich in om overlast te voorkomen of bestrijden. De behoefte aan toezichthouders neemt toe, te meer omdat de politie steeds minder aanwezig is in het buitengebied. Onze toezichthouders handhaven onze eigen verordening (bestuursrechtelijk), maar hebben ook strafrechtelijke taken. In 2023 is de begrote capaciteit voor toezicht & handhaving 2,68 fte. Dit betekent dat de BOA’s doorgaans alleen toezicht (i.p.v. in duo’s) houden en het niet mogelijk is om iedere dag op ieder terrein toezicht te houden.

2.3.2

Wat mag het kosten?

Programma 2 Lasten Baten Saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2021 (x € 1.000) 349 241 -108 15 0 -93

De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 2 Doorbelaste personeelskosten Overige kosten Bruto lasten Waarvan transparantie-BTW Netto lasten De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 2 Toegerekende deelnemersbijdrage Netto baten

Begroting 2022 Begroting 2023 (x € 1.000) (x € 1.000) 562 886 455 902 -107 16 18 18 0 0 -89 33

Begroting 2023 (x € 1.000) 673 213 886 131 755

Begroting 2023 (x € 1.000) 902 902 8

2.3.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) hebben voornamelijk betrekking op doorbelaste personele lasten en inhuurlasten. Daarnaast is op het programma een opslag voor apparaatskosten opgenomen. 2.3.2.2 Toelichting baten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen.

2.4 Programma 3: Ontwikkeling 2.4.1 2.4.1.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Werkgebied Stichtse Groenlanden

In 2019 heeft het schapsbestuur een meerjarig ontwikkel- en investeringsprogramma vastgesteld. De projecten uit dat programma hebben een lange doorlooptijd. Meerdere projecten hebben in 2020 en 2021 vertraging opgelopen, vooral als gevolg van de coronacrisis. We vatten de doelstellingen samen voor 2023. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Maarsseveense Plassen Stichtse Vecht Opgave Visiediscussie/ resterende ontwikkelruimte: Bij het strandbad Maarsseveense Plassen (MVP) spelen meerdere vraagstukken van verschillende aard: technisch (veiligheid, onderhoud), bedrijfsmatig (exploitatie, marketing, ontwikkeling), maatschappelijk (algemene discussie aanbod zwemwater, accommodatie verenigingen). Prognose 2023 We komen in Q1 met een voorstel met betrekking tot de nieuwbouwplannen van de UKC. In Q1/Q2 doen we voorstellen voor instandhouding van de bestaande voorzieningen in het strandbad op de middellange termijn. We gebruiken de reguliere gesprekken met bestaande gebruikers om een overdrachtsdocument op te stellen met betrekking tot het strandbad. Een overdrachtsdocument zal mede in samenspraak met Staatsbosbeheer worden opgesteld in de tweede helft van 2022.

Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Oortjespad Plusplan Woerden Opgave Afwikkeling van de overeenkomst met CM/ Kameryck: De realisatie van het Oortjespad Plusplan staat 'on hold' in verband met de effecten van de coronacrisis. In de loop van 2022Q2 moet er duidelijkheid komen of CM/Kameryck de overeengekomen ontwikkeling wel aan kan. Dan o.a. ook overdracht van opstallen kinderboerderij. Prognose 2023 De uitkomsten van de gesprekken worden voorgelegd aan het Dagelijks Bestuur van het Recreatieschap. Afhankelijk daarvan wordt het Oortjespad Plusplan gerealiseerd in 2023. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - De Leijen De Bilt Opgave Ontwikkeling recreatief aanbod: In voorgaande jaren is met gebruik van subsidie geïnvesteerd in de renovatie en ontwikkeling van het recreatief aanbod op De Leijen. De ontwikkeling heeft in 2020 en 2021 om verschillende redenen stilgelegen. Op zichzelf is De Leijen een tamelijk overzichtelijk project, waarmee we in 2022 nog concrete stappen kunnen maken. Prognose 2023 Bij positieve besluitvorming zal het projectvoorstel voor de ontwikkeling van De Leijen in uitvoering worden gebracht. We zetten in op realisatie van een pleisterplaats als onderdeel van een groene entree.

Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Noorderpark Ruigenhoek Utrecht / De Bilt | Oefengolfcentrum Opgave Vestiging/ realisatie van een oefengolfcentrum in Noorderpark Ruigenhoek op de locatie waar al in de inrichtingsplannen van dit gebied uit de jaren ‘00 een golfvoorziening beoogd was. Prognose 2023 9

De ontwikkelaar bouwt op eigen risico. Zoals is vastgelegd in de gewijzigde ondererfpachtovereenkomst laten we in samenspraak met de gemeente De Bilt een Bibob-toets uitvoeren. Die is vooral gericht op de partijen die betrokken zijn bij de financiering van de ontwikkeling van het oefengolfcentrum. Als alles goed gaat worden in de loop van 2022 de onderdelen van het oefengolfcentrum opgeleverd en in gebruik genomen. Het afronden van deze ontwikkeling zal mogelijk ook in 2023 aandacht vragen. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Strijkviertel Utrecht Opgave Ontwikkeling nieuw recreatieconcept: een nieuwe horecavoorziening met strand aan de Noordzijde van de Strijkviertelplas met daarbij nieuwe recreatieve voorzieningen op en rond het water. Prognose 2023 In 2023 zullen we de ambities van de ondernemer, de gemeente en het Recreatieschap verder op elkaar proberen af te stemmen en tot een concreet, haalbaar plan proberen te komen. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Salmsteke Lopik Opgave Herinrichting uiterwaard in combinatie met versterking Lekdijk. Prognose 2023 Op 22 juni is gestart met de feitelijke uitvoering van het project. De verwachting is, dat de heringerichte uiterwaard, inclusief horecaterp, nieuwe boothelling en zwemplas in het voorjaar van 2023 wordt opgeleverd.

Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Laagraven Houten / Nieuwegein Opgave Gebiedssamenwerking en -ontwikkeling o.a. van de gronden van Heemstede Noord. Prognose 2023 In overleg met de provincie en betrokken gemeenten is voorlopig afgezien van integrale ontwikkeling van Heemstede-Noord. Er is behoefte om die ontwikkeling in te bedden in de ontwikkeling van Laagraven als geheel, inclusief ontwikkeling van de A12 zone. Langs de Heemsteedseweg is in 2022 op het terrein een wandelstrook gerealiseerd. De fysieke toegankelijkheid en aanduiding van die wandelstrook moeten nog wel wat beter. De kavels worden verder voorlopig op jaarbasis verpacht voor agrarisch gebruik. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Hampoort / de Rivier Utrecht Opgave Ontwikkeling recreatieconcept, realisatie pleisterplaats met recreatieve voorzieningen. Prognose 1e halfjaar 2022 Realisatie van een pleisterplaats bij Hampoort is een betrekkelijk overzichtelijk project. We treden in overleg met omgevingspartijen, waaronder Natuurmonumenten en de eigenaar van de Hamtoren, en we gaan een marktconsultatie uitvoeren om een ondernemer te werven. Verwacht wordt dat daarvoor voldoende belangstelling is. Prognose 2023 De grondoverdracht bleek toch wat ingewikkelder dan gedacht. Aanleiding hiervoor was het zogenaamde Didam-arrest van de Hoge Raad van eind 2021 en de interpretatie daarvan.

Inmiddels is de verwachting, dat de gronden voor de ontwikkeling van Hampoort in 2022Q3 overgedragen kunnen worden. De ontwikkeling van de pleisterplaats schuift daarmee wel door naar 2023 e.v. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Nedereindse Plas Utrecht / Nieuwegein / IJsselstein Opgave Doorontwikkeling van de recreatieve voorzieningen op in ieder geval de landdelen van het gebied Nedereindse Plas. Prognose 2023 Bestuurders hebben gevraagd om het plan uit te werken in concrete, korte termijnmaatregelen en begroting en om daarnaast de ontwikkeling en het ontwerp voor de middellange termijn te organiseren. Daar zal ook in 2023 verder aan worden gewerkt. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma A (SGL-A) - Tull en ’t Waal/ Honswijkerplas Opgave De ontwikkeling van deze terreinen is afhankelijk van de verbetering van de ontsluiting ervan. We verwachten dat er in 2023 in het kader van de versterking van de Lekdijk belangrijke besluiten worden genomen over de verkeerscapaciteit en daarmee de ontwikkelmogelijkheden voor deze terreinen. Prognose 2023 De verwachting is dat er in 2022 nog geen duidelijkheid is over de toekomstige verkeerscapaciteit 10

van de Lekdijk. Hierdoor staat het project on hold. Gelet op externe ontwikkelingen (realisatie Ossenwaard) zou de verbetering van de ontsluiting van de Lekdijk in 2023 meer in zicht komen. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - De basis op orde | Vervangen beschoeiingen zandeilanden en legakkers Opgave Vervangen van de beschoeiingen tranche 2 en 3. Prognose 2022 De gevolgen van de nieuwe kostenraming en vertraging door het wachten op de resultaten van het jaarrond flora- en faunaonderzoek ten aanzien van de planning en het budget voor tranche 2 en 3 zullen in 2022Q3 nader worden uitgewerkt en besproken met gemeente De Ronde Venen en provincie Utrecht. Afhankelijk van de uitkomst van de gesprekken zullen de plannen eventueel worden bijgesteld voor 2023 en daarna. In het najaar zal de aanbesteding plaatsvinden voor de aanleg van de resterende meters uit tranche 1, deze zullen in 2023 in uitvoering worden genomen. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - De basis op orde | Entrees gebied Opgave Het maken van een investeringsplan voor de verbetering van de herkenbaarheid en inrichting van de entree. Het gaat hier met name om informatieborden en aanpassen/opknappen van de opritten van de parkeerterreinen.

Prognose 2023 Na vaststelling van het nieuwe bestemmingsplan wordt duidelijk welke voorzieningen uit het Ontwikkelscenario planologisch haalbaar lijken en aan de hand daarvan kan nader onderzocht worden welke aanpassingen aan de opritten van de parkeerplaatsen nodig zijn. Onzeker is of het nieuwe bestemmingsplan er zal zijn in de 2023. Daarmee is ook nog geen zicht op wanneer de opritten kunnen worden opgeknapt. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - De basis op orde | Legakkers; naleven afspraken vervangen beschoeiing Opgave Er zijn nog enkele legakkereigenaren die de beschoeiingsplicht uit de verkoop van 2017 nog niet (volledig) zijn nagekomen. Met deze eigenaren zijn afspraken gemaakt dat in 2022 de beschoeiingen alsnog worden gerealiseerd. Prognose 2023 Met de betreffende eigenaren zijn afspraken gemaakt om de beschoeiingsplicht zo snel mogelijk, maar in ieder geval voor eind 2022, alsnog na te komen. In kaart is gebracht hoe hier privaatrechtelijk op kan worden gehandhaafd. Alle betreffende eigenaren hebben inmiddels een plan opgesteld voor het vervangen van de beschoeiingen. Indien nodig worden de handhavingsacties in 2023 uitgevoerd.

Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - De basis op orde | Compensatie natuurvriendelijke oevers Opgave Waternet heeft in 2017 een vergunning voor de verkoop van de legakkers afgegeven op voorwaarde dat het Recreatieschap minimaal 150 meter ‘natuurvriendelijke oever’ realiseert. De voorbereiding heeft in 2021 plaatsgevonden. Prognose 2023 In overleg met Waternet wordt gekeken waar de compensatie plaats kan vinden. We streven naar start van de realisatie in 2023 Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - De basis op orde | Actualisatie Verordening Opgave In 2020 heeft het DB besloten dat de verordeningen van Stichtse Groenlanden en van Vinkeveense Plassen worden geactualiseerd en de regelgeving geharmoniseerd. Prognose 2023 Het project staat on hold. Er is nog geen zicht op herstart van de realisering van de opgave. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - Recreatieve ontwikkeling (van de zandeilanden) | Ontwikkelscenario Opgave In het Ontwikkelscenario zijn verschillende ontwikkelingen opgenomen om tezamen minimaal 78K vanaf 2024 structureel te verdienen/besparen. De meeste ontwikkelingen moeten een plek krijgen in het nieuwe bestemmingsplan, voordat tot uitvoering kan worden overgegaan. Indien het 11

bestemmingsplan verdere vertraging oploopt of niet onherroepelijk wordt of niet alle ontwikkelingen uit het ontwikkelscenario worden opgenomen in het bestemmingsplan, is het risico dat geraamde inkomsten niet tijdig of gedeeltelijk worden gerealiseerd. Het risico hierop is aanwezig. Prognose 2023 In 2022 is gewerkt aan de mogelijke uitvoering van een tijdelijke ontwikkeling op Zandeiland 4. De erfpacht voor de horeca op Zandeiland 1 is notarieel gevestigd en er wordt een huurovereenkomst uitgewerkt voor een uitgiftepunt van snacks in het voormalig beheerkantoor op Zandeiland 1 Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - Recreatieve ontwikkeling (van de zandeilanden) | Snelvaren Opgave Het invoeren van de beleidsmaatregel snelvaren is een bevoegdheid van het Recreatieschap. Na kennis te hebben genomen van de wensen en bedenkingen van de gemeenteraad van De Ronde Venen, heeft het DB van het Recreatieschap in het eerste kwartaal 2021 besloten om de maatregel snelvaren niet door te voeren. Prognose 2023 Er wordt in 2023 geen uitvoering gegeven aan het project. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - Recreatieve ontwikkeling (van de zandeilanden) | Betaald parkeren Opgave Er is in 2021 een businesscase opgesteld voor de maatregel betaald parkeren.

Prognose 2023 Samenhangend met de voortgang van het bestemmingsplan en de mogelijkheden voor recreatieve ontwikkelingen zal de stuurgroep eind 2022 het besluit om betaald parkeren opnieuw te bespreken. Afhankelijk van de bespreking zal duidelijk worden of vooralsnog niet wordt uitgevoerd al dan niet herziening van het plan in 2023. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - Maatschappelijke verbreding | Pilots verzonken (blauwe) legakkers Opgave Pilot met Vissenbossen: In 2023 monitoren we de visstand bij de in 2020 opgeleverde pilot Vissenbossen. Pilot met Kooiconstructie: In 2023 vindt de aanleg plaats van de pilot met een kooiconstructie. Deze pilot heeft tot doel het zichtbaar maken van de verzonken legakker en herstel van natuurlijke waarden. Prognose 2023 De verkenning heeft nog niet plaatsgevonden. Insteek was om eerst af te wachten hoe de invoering van een vaarvignet zou verlopen bij de Loosdrechtse Plassen, en die ervaring te gebruiken bij het invoeren van het (digitaal) liggeld heffen voor de aanlegplaatsen bij de zandeilanden in de Vinkeveense Plassen. De ontwikkeling in de Loosdrechtse Plassen is niet uitgevoerd. Omdat de verwachte opbrengsten in het Ontwikkelscenario voor het heffen van liggeld niet hoog zijn, heeft de stuurgroep in juni 2021 verzocht om uitvoering van deze maatregel voorlopig on hold te zetten.

De verwachting is dat dit in 2023 niet zal wijzigen. Werkgebied Stichtse Groenlanden programma B (SGL-B) - Recreatieve ontwikkeling (van de zandeilanden) | Duurzaamheid Opgave Bij de uitvoering van het ontwikkelscenario voor de zandeilanden wordt onderzocht of de voorzieningen zelfvoorzienend kunnen worden ten aanzien van energie, water en riolering. Voor zover mogelijk wordt dit meegenomen als randvoorwaarde bij verdere recreatieve ontwikkelingen. Prognose 2023 Na vaststelling van het bestemmingsplan wordt duidelijk welke voorzieningen in het Ontwikkelscenario planologisch haalbaar zijn. Verwachting is dat uitvoering niet plaats zal vinden 12

voor 2023. Zodra uitvoering gegeven kan worden aan het Ontwikkelscenario en er voorzieningen worden gerealiseerd, wordt duurzaamheid meegenomen als randvoorwaarde voor de ontwikkeling van de zandeilanden.

2.4.2

Wat mag het kosten?

Programma 3 Lasten Baten Saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2021 (x € 1.000) 49 34 -15 0 0 -15

De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 3

Begroting 2022 Begroting 2023 (x € 1.000) (x € 1.000) 24 116 19 118 -5 2 0 0 0 0 -5 2

Begroting 2023 (x € 1.000)

Doorbelaste personeelskosten Overige kosten Bruto lasten Waarvan transparantie-BTW Netto lasten De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 3

54 62 116 17 99

Begroting 2023 (x € 1.000)

Toegerekende deelnemersbijdrage Netto baten

118 118

2.4.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) hebben betrekking op afschrijvingslasten inzake projecten, voor zover deze niet worden gedekt door subsidies en/of de bestemmingsreserves. 2.4.2.2 Toelichting baten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen.

2.5 Programma 4: Exploitatie 2.5.1

Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen?

De exploitatie van het recreatieschap betreft het uitbaten van bezittingen, via erfpacht-, opstal-, huuren gebruiksovereenkomsten. Erfpachtovereenkomsten worden voor een lange termijn aangegaan, huur- en gebruiksovereenkomsten zijn vaak voor een korte(re) termijn. Daarnaast kan het schap leges heffen. Exploitatie biedt de mogelijkheid om de recreatieve meerwaarde van het gebied te vergroten en/of meer inkomsten te genereren. Het schap heeft voor het werkgebied Stichtse Groenlanden geen exploitatiebeleid of -doelstellingen geformuleerd. Het werkgebied Vinkeveense Plassen heeft wel een verdienopgave geformuleerd om de financiële gevolgen van het uittreden van Amsterdam op te vangen. Het programma Vinkeveense Plassen richt zich op het realiseren van deze verdienopgave. 2.5.1.1 Erfpachtovereenkomsten werkgebied Stichtse Groenlanden Het schap heeft erfpachtovereenkomsten met o.a. SpaSereen en InnStyle bij de Maarsseveense Plassen, Down Under bij Laagraven, Kameryck op Oortjespad, Skipiste Nieuwegein en de 13

Wielercoöperatie bij de Nedereindse Plas en op Ruigenhoek hebben we de Forelvijver. Voor Ruigenhoek, Strijkviertel en Hampoort Heemstede Noord worden voorbereidingen getroffen om overeenkomsten te vestigen. Deze exploitanten dragen voor een belangrijk deel bij aan de recreatievoorzieningen en -mogelijkheden op een terrein en vormen een belangrijke bron van inkomsten. 2.5.1.2 Erfpachtovereenkomsten werkgebied Vinkeveense Plassen Het schap heeft erfpachtovereenkomsten voor de horeca op eiland 1 en de Watersportvereniging Vinkeveen-Abcoude op eiland 4. 2.5.1.3 Huur- en gebruiksovereenkomsten werkgebied Stichtse Groenlanden Huur- en gebruiksovereenkomsten worden aangegaan voor verschillende activiteiten. Terreinen worden geheel of gedeeltelijk in gebruik gegeven of verhuurd voor het laten weiden van schapen en koeien, jacht- en visrecht, snackuitgifte, (sport)evenementen (zoals de Triatlon, een roeikamp en een volleybaltoernooi) en festivals (waaronder Ultrasonic, Soenda, Verknipt en Lief). Het gaat om zeer diverse overeenkomsten voor (regelmatig terugkerende) eenmalige activiteiten of korte termijn gebruik. 2.5.1.4 Leges, huur- en gebruiksovereenkomsten werkgebied Vinkeveense Plassen Het schap ontvangt inkomsten (leges) uit de verkoop van waterskiontheffingen en duikpenningen voor het gebruik van de duikzone op eiland 4.

Daarnaast worden huur- en gebruiksovereenkomsten aangegaan voor het gebruik van de eilanden jacht- en visrecht, snackuitgifte en het gebruik van (een deel van) het eiland voor een activiteit zoals groepskamperen (eiland 9) en evenementen zoals de rommelmarkt, eilandgolf en Rap en Ruig.

2.5.2

Wat mag het kosten?

Programma 4

Realisatie 2021 (x € 1.000)

Lasten Baten Saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 4 Doorbelaste personeelskosten Rente en afschrijvingen Publiciteits- en overige kosten Inhuur personeel van derden Energie- en waterkosten1 Overige kosten Bruto lasten Waarvan transparantie-BTW Netto lasten De baten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 4 Toegerekende deelnemersbijdrage Opbrengsten van eigendommen Opbrengsten van rechten Overige baten

1.130 2.181 1.051 135 104 1.081

Begroting 2022 Begroting 2023 (bedragen in € (bedragen in € 1.000) 1.000) 2.114 1.273 3.082 2.556 968 1.283 104 98 113 50 959 1.331

Begroting 2023 (x € 1.000) 304 436 221 117 101 94 1.273 188 1.086

Begroting 2023 (x € 1.000) 1.295 970 100 191

1 Post verdubbeld t.o.v. 2022 als gevolg van hogere energielasten

14

Netto baten

2.556

2.5.2.1 Toelichting lasten De lasten (inclusief mutatie reserves) bestaan voornamelijk uit doorbelaste personele kosten, afschrijvingen op vaste activa, inhuur personeel en communicatie en marketing. 2.5.2.2 Toelichting baten De baten die gemoeid zijn met programma 4 exploitatie bestaan voornamelijk uit de toegerekende dekkingsmiddelen en de opbrengsten van eigendommen (huur, pacht en entreegelden).

2.6 Programma 5: Algemeen (incl. overhead) 2.6.1

Wat willen we bereiken?

Programma 5 is een beleidsarm programma. Naast de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien zijn tevens de lasten voor overhead opgenomen.

2.6.2

Wat gaan we daarvoor doen?

Programma 5 is een beleidsarm programma.

2.6.3

Wat mag het kosten?

Programma 5 Lasten Baten Saldo van baten en lasten Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

Realisatie 2021 (x € 1.000) 2.559 1.782 -777 1.385 336 272

De lasten kunnen als volgt gespecificeerd worden: Programma 5

Begroting 2022 Begroting 2023 (x € 1.000) (x € 1.000) 3.859 1.461 2.885 0 -974 -1.461 400 350 1.100 0 -1.674 -1.111

Begroting 2023 (x € 1.000)

Doorbelaste personeelskosten Incidentele kosten transformatie Overige kosten Bruto lasten Waarvan transparantie-BTW Netto lasten

933 424 104 1.461 216 1.245

2.6.3.1 Toelichting baten De lasten (inclusief mutatie reserves) bestaan voornamelijk uit doorbelaste personele lasten en apparaatskosten. 2.6.3.2 Toelichting lasten De baten bestaan uit toegerekende dekkingsmiddelen. 2.6.3.3 Overzicht algemene dekkingsmiddelen De algemene dekkingsmiddelen zijn die inkomsten die geen specifiek bestedingsdoel kennen. Het BBV schrijft voor een overzicht algemene dekkingsmiddelen op te nemen. In onderstaand overzicht worden de bedragen voor de begroting van 2022 t/m 2026 weergegeven evenals realisatiecijfers van 2021. Omdat conform de regeling taakvelden de deelnemersbijdrage toegerekend dient te worden aan de taakvelden waaraan zij besteed wordt, is bij het recreatieschap geen sprake van algemene dekkingsmiddelen.

15

Lokale heffingen waarvan de besteding niet gebonden is Algemene uitkeringen Dividend Saldo financieringsfunctie Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal algemene dekkingsmiddelen

2021 realisatie -

2022 begroting -

2023 begroting -

2024 begroting -

2025 begroting -

2026 begroting -

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2.6.3.4 Bedrag onvoorzien Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording is het verplicht het jaarlijks opgenomen bedrag voor onvoorziene lasten in de begroting afzonderlijk te presenteren. De omvang van de post onvoorzien is gebaseerd op 0,1% van de totale lasten en bedraagt circa €7.250. 2021 realisatie Post onvoorzien In % totale lasten

n.v.t. n.v.t.

2022 6.700 0,1%

2023 begroting

2024 begroting

2025 begroting

7.200 0,1%

7.400 0,1%

7.100 0,1%

2026 Begroti ng 7.300 0,1%

2.6.3.5 Overzicht overhead Met ingang van de begroting 2018 moeten gemeenschappelijke regelingen overhead centraal begroten en verantwoorden in de begroting en jaarstukken. Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Enkele voorbeelden van overhead zijn: leidinggevende primair proces, juridische zaken, facilitaire zaken, ICT, huisvesting en financiën, toezicht en controle op de eigen organisatie. Deze werkzaamheden worden voor het Recreatieschap uitgevoerd door Staatsbosbeheer. Het is verplicht een overzicht van kosten van overhead op te nemen. In onderstaand overzicht is aangegeven hoeveel de overhead bedraagt: Overzicht overhead Lasten

Begroting 2023 (bedragen in €) 1.454

Baten Saldo van baten en lasten

0 -1.454

Onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Gerealiseerd resultaat

0 0 -1.454

Van de € 1.454.000 aan opgenomen overhead heeft € 423.500 betrekking op de transitie.

16

3 Paragrafen Op grond van het BBV is het verplicht om voor zeven programma-overschrijdende thema’s verantwoording af te leggen in een afzonderlijke paragraaf. Voor SGL geldt dat, gelet op de aard van de activiteiten van SGL, niet alle paragrafen van toepassing zijn. Om die reden zijn alleen die paragrafen opgenomen die van toepassing zijn. Paragaaf Lokale heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid

Wel/niet opgenomen Niet Wel

Toelichting

Wel Wel Wel Wel Niet

Zie §3.2 Zie §3.3 Zie §3.4 Zie §3.5 SGL voert geen actief of passief grondbeleid.

SGL heeft geen lokale gemeentelijke belastingen Zie §3.1

3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing 3.1.1

Generieke risico’s

De risico’s van het recreatieschap hebben zowel betrekking op de te realiseren exploitatieopbrengsten, als op de kosten voor beheer & onderhoud vanwege achterstallig onderhoud, klimaatveranderingen en kostenstijging als gevolg van de aantrekkende economie. Binnen recreatieschap Stichtse Groenlanden zijn de risico’s per programma waar nodig beschreven. De generieke risico’s voor geheel het schap worden hieronder als eerste weergegeven. Omschrijving risico Rente Klimaatverandering Uitkomsten inspecties MJOP Hoge inflatie Doorlopende garantietoelagen Totaal

1 2 3 4 5

Bedrag 25.000 85.000 PM

Wanneer 2023 e.v. 2023 e.v. 2023 e.v.

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks

PM PM

2023 e.v. 2023 e.v.

Jaarlijks Vanaf 2029

110.000

1. Rente Het rentepercentage voor het aangaan van vaste geldleningen is voor 2023 geraamd op 2,5%. Op basis van de thans geldende rente voor langlopende leningen moet dat ruim voldoende zijn, maar de markt kan zich altijd anders ontwikkelen. Een rentepercentage van 1,0% hoger bij de huidige leningenportefeuille betekent extra lasten van € 25.000 per jaar. Dit risico is ingeschat op € 25.000 2. Klimaatverandering Een belangrijke tendens is te zien in de merkbare gevolgen van klimaatveranderingen voor de onderhoudsmaatregelen en de noodzaak van piekopvang daarbinnen. Er moet rekening worden gehouden met de volgende aspecten die extra kosten met zich meebrengen: • • •

Langer en veranderd seizoen (meer (zwerf) afval, extra maaibeurten, bewateren, stormschade); wateroverlast (zoals ondergelopen parkeerterreinen en beschadiging van beplanting); ontwikkeling van ziektes en exoten (de bestrijding van essentaksterfte -kap + herplant - en de steeds eerdere ontwikkeling van blauwalg). 17

Dit soort situaties zijn in het verleden voorgevallen en daarmee een realistisch gegeven voor de komende jaren. Het risico is geraamd op € 85.000. 3. Uitkomsten inspecties MJOP In de jaarrekening 2019 is de voorziening groot onderhoud vrijgevallen omdat onvoldoende aansluiting bestond tussen de administratieve en de technische staat van het onderhoud. In 2020 en 2021 zijn inspecties uitgevoerd naar de technische staat van het onderhoud. In 2022 is het MJOP verder geactualiseerd, en worden aanvullende inspecties uitgevoerd. Het risico bestaat dat uit de inspecties blijkt dat de kosten voor onderhoud hoger zullen zijn dan nu in de begroting opgenomen. Omdat via de inspecties dit inzicht verkregen wordt is het op dit moment niet mogelijk het risico te kwantificeren.

4. Hoge inflatie In het vorige begrotingsjaar 2022 heeft het recreatieschap te maken met sterk oplopende inflatiecijfers. In deze begroting is rekening gehouden met de indexering uit de kadernota 2023, dit lijkt echter onvoldoende om alle prijsstijgingen te compenseren. In deze begroting is wel rekening gehouden met prijsstijgingen op energie (de raming van de energiekosten is verdubbeld ten opzichte van 2022), maar op de andere kostensoorten bestaat het risico dat door de hogere inflatie de geraamde lasten te laag zijn. 5. Doorlopende garantietoelagen In het sociaal plan dat voor de opheffing van RMN is opgesteld, zijn afspraken gemaakt over compensatie van beloningsverschillen in de vorm van garantietoelagen die het personeel van RMN ontvangt vanaf het moment dat zij in dienst treden bij SBB. De kosten die hiermee samenhangen zijn opgenomen in de liquidatiebegroting en daarmee gedekt in de eerste begrotingswijziging SLG 2022. De afspraken met Staatsbosbeheer over de garantietoelagen lopen zes jaar in de periode 2023-2028. Het risico bestaat dat ook na die periode nog garantietoelagen moeten worden opgenomen in de lasten van het schap. De omvang van dit risico is op dit moment nog niet in te schatten.

3.1.2

Risico’s werkgebied Stichtse Groenlanden

In onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s van programma A opgenomen.

6 7

Omschrijving risico Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) Vertraging overdracht beheer Oortjespad Totaal

Bedrag 125.000

Wanneer 2023 e.v.

Frequentie Jaarlijks

90.000

2023.e.v.

Jaarlijks

215.000

6. Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) De geraamde omzet uit erfpacht, verhuur en evenementen bedraagt ongeveer € 500.000. Het risico dat de exploitanten niet aan hun verplichtingen kunnen voldoen i.v.m. de gevolgen van Coronamaatregelen, is aanwezig. Het risico wordt geschat op 25% van de omzet, zijnde € 125.000. 7. Vertraging overdracht Oortjespad Voor Oortjespad is een overeenkomst gesloten met de ondernemer van Kameryck. Het beheer en onderhoud van het gehele terrein is per 2020 overgedragen aan de ondernemer, maar de opstallen nog niet. De coronacrisis leidt tot een risico voor de ondernemer van Kameryck en daarmee ook voor SGL.

18

3.1.3

Risico’s werkgebied Vinkeveense Plassen

In onderstaande tabel zijn de belangrijkste risico’s van programma B opgenomen.

8 9

Omschrijving risico Exploitatie zandeilanden VVP Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP Totaal

Bedrag 78.000

Wanneer 2023 e.v.

Frequentie Jaarlijks

PM

2019 e.v.

Tot afronding beschoeiingsproject

78.000

8. Exploitatie zandeilanden In het Toekomstplan VVP is rekening gehouden met een netto opbrengst van de exploitatie van de zandeilanden van minimaal € 78.000 per jaar in 2023/2024 (Toekomstplan, H7). Er is een groot risico dat de opbrengsten niet haalbaar blijken, ook omdat het dagelijks bestuur heeft besloten om de beleidsmaatregel ‘invoeren snelvaren’ te stoppen door ontbreken van draagvlak binnen de gemeente. Ontwikkeling van de zandeilanden is mede afhankelijk van het nog vast te stellen herziene bestemmingsplan door gemeente De Ronde Venen. De planning hiervan is vertraagd. Vaststelling door de raad valt niet te verwachten eerder dan 2022. Dit geeft een onzeker toekomstbeeld, omdat de jaren gaan dringen. Het schap levert door het aanstellen van een programmamanager en een projectleider zoveel mogelijk inspanning dat vanaf 2024 (moment van wegvallen bijdrage Amsterdam) sprake is van een gezonde exploitatie van het voormalig recreatieschap Vinkeveense Plassen. 9. Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP De aanbesteding van de 1e tranche is geweest. Het bedrag per meter is hoger uitgevallen dan in het Toekomstplan was berekend. Daar tegenover staat dat we door de verkoop van legakkers minder meters hoeven te beschoeien. De verwachting is dat de aanbesteding voor de 2e tranche aanzienlijk hoger zal uitvallen als de 1e tranche.

Dit heeft onder andere met de aantrekkende markt en kostenstijging van materiaal e.d.. Mogelijk compenseert de minder kosten van de aanleg van het gedeelte Natuurvriendelijke Oever de te verwachten hogere kosten van de harde beschoeiingen. Tranche 2 en 3 zullen Europees worden aanbesteed als de omgevingsvergunning is verleend. Omdat sprake is van een risico ten aanzien van de aanbesteding is het niet mogelijk hiervoor een concreet bedrag te benoemen.

3.1.4

Conclusie risico’s recreatieschap

In de onderstaande tabel is een totaaloverzicht weergegeven van de risico’s voor recreatieschap Stichtse Groenlanden en de financiële inschatting van deze risico’s. Het totaalbedrag komt uit op € 403.000.

1 2 3 4 5 6 7 8 9

Omschrijving risico Rente Klimaatverandering Uitkomsten inspecties MJOP Hoge inflatie Doorlopende garantietoelagen Erfpacht & huur (niet nagekomen verplichtingen) Vertraging overdracht Oortjespad Exploitatie zandeilanden VVP Aanbesteding vervangen beschoeiingen VVP Totaal

Bedrag 25.000 85.000 PM PM PM 125.000

Wanneer 2023 e.v. 2023 e.v. 2023 e.v. 2023 e.v. 2023 e.v. 2023 e.v.

90.000 78.000 PM

2023.e.v. 2023 e.v. 2023 e.v.

Frequentie Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Jaarlijks Vanaf 2029 Tot definitieve tekening Jaarlijks Jaarlijks Tot afronding beschoeiingsproject

403.000

19

3.1.5

Inventarisatie en toelichting beschikbare weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen waarover het recreatieschap beschikt om niet begrote financiële tegenvallers op te vangen. Net als tegenvallers kan ook de weerstandscapaciteit worden onderverdeeld in incidenteel en structureel. Incidentele weerstandscapaciteit is aanwezig in de vorm van begrotingsposten voor onvoorzien en aanwezige reserves met een weerstandsfunctie. Structurele weerstandscapaciteit betreft de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Het gaat dan - naast de mogelijkheid van herschikking binnen bestaande budgetten - om de heffingscapaciteit van het recreatieschap. De omvang van de incidentele en de structurele weerstandscapaciteit worden hieronder gepresenteerd. 3.1.5.1

Incidentele weerstandscapaciteit Begroot 2023 32.253 P.M. 7.200 39.453

Algemene reserve (inclusief verwerking van geraamd resultaat) Stille reserves materiële vaste activa2 Post onvoorzien in de begroting Totaal incidentele weerstandscapaciteit 3.1.5.2

Structurele weerstandscapaciteit Beschikbaar per 31-12-2022 Onbenutte ruimte heffingen 0 Heroverweging bestaand beleid P.M. 0 Totaal structurele weerstandscapaciteit

Begroot 2023 0 P.M. 0

Onbenutte ruimte leges en heffingen Voor zover de hoogte van leges en andere heffingen niet gebonden is aan landelijk vastgestelde tarieven, is het beleid zoveel mogelijk gericht op 100% kostendekking. Zowel bedrijfseconomische factoren (vraaguitval), draagvlak (relatieve hoogte tarieven in vergelijking tot andere recreatieschappen) en beleidsinhoudelijke argumenten geven in de praktijk een begrenzing aan het volledig benutten van de aanwezige onbenutte capaciteit. Heroverweging bestaand beleid Door bestaand beleid te heroverwegen zijn er mogelijkheden om de structurele nadelen in de begroting op te vangen. 3.1.5.3 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft weerstandscapaciteit.

de relatie weer

tussen

de risico’s

en

de beschikbare

Weerstandscapaciteit

Risico's

Weerstandsvermogen

De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt voor 2023 € 39.453. 2

De materiele vaste activa zijn conform het BBV gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingprijs dan wel lagere marktwaarde. Indien de marktwaarde echter boven de verkrijgings- of vervaardigingsprijs ligt dan is sprake van een stille reserve. Deze wordt gekapitaliseerd bij verkoop van het betreffende actief.

20

Het weerstandsvermogen wordt berekend door de risico’s te delen door de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van de beschikbare weerstandscapaciteit van € 39.453 en € 403.000 aan risico’s komt het weerstandsvermogen in de begroting 2023 uit op 0,1. In het algemeen wordt het weerstandsvermogen als voldoende gezien wanneer 100% van de risico’s kan worden opgevangen (weerstandsvermogen 1,0). De algemene reserve van het recreatieschap is om 2023 nihil als gevolg van het besluit van het DB om de algemene reserve geheel te gebruiken om de incidentele kosten die met de transitie samenhangen te dekken. Daarmee start het recreatieschap het boekjaar 2023 zonder buffer (weerstandsvermogen) voor optredende risico’s. De organisatie is dan niet voldoende financieel weerbaar meer om optredende risico’s op te vangen. Het gevolg hiervan is dat wanneer één van de geïdentificeerde risico’s zich voordoet, het bestuur direct voor een extra bijdrage naar de deelnemers moet. Ook voor andere onvoorziene zaken (die niet in de begroting zijn opgenomen of in de risicoparagraaf staan vermeld) moet om een extra deelnemersbijdrage worden gevraagd. Daarnaast is in het algemeen het risico aanwezig dat het schap in liquiditeitsproblemen komt aan het einde van iedere voorschotperiode. Dit laatste risico is echter beperkt omdat het recreatieschap veel bestemmingsreserves heeft.

Relatie weerstandsvermogen en financiële kengetallen Gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht in de paragraaf weerstandsvermogen een zestal financiële kengetallen op te nemen voor het laatste rekeningjaar, het lopende begrotingsjaar en het nieuwe begrotingsjaar. In onderstaande tabel zijn de betreffende kengetallen opgenomen en vervolgens voorzien van een beoordeling. De kengetallen grondexploitaties en onbenutte belastingcapaciteit zijn als niet van toepassing opgenomen omdat SGL geen grondexploitaties heeft en geen gemeentelijke belastingen oplegt.

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd Solvabiliteit Kengetal grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Onbenutte belastingcapaciteit

2021

2022

2023

2024

2025

2026

25% 25% 32% nvt 2% nvt

36% 36% 33% nvt -17% nvt

46% 46% 33% nvt 0,5% nvt

47% 47% 31% nvt 0,5% nvt

39% 39% 36% nvt 0,5% nvt

33% 33% 40% nvt 0,5% nvt

Omdat de kengetallen in de eerste plaats bedoeld zijn om inzicht te geven in de financiële positie ten behoeve van de horizontale verantwoording, is een externe normering niet aan de orde. Het is de rol van het dagelijks bestuur om aan de hand van de kengetallen de financiële positie toe te lichten en de rol van het algemeen bestuur om eventueel bijstellingen te verlangen. Wel heeft de VNG voor gemeenten enkele streefwaarden benoemd. Alhoewel deze niet specifiek van toepassing zijn op gemeenschappelijke regelingen geven we ze wel een duiding van de financiële positie. Op basis van deze streefwaarden is op alle van toepassing zijnde kengetallen de financiële positie van het recreatieschap goed te noemen.

3.2 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen In 2020 is gestart met inspecties om op basis daarvan een nieuw onderhoudsplan op te stellen. Voor een uitgebreide beschrijving van de beleidsvoornemens ten aanzien van het onderhoud van de verschillende kapitaalgoederen verwijzen wij u naar de paragraaf over voorzieningen Beheer en onderhoud in paragraaf 6.5.3.

21

3.3 Paragraaf financiering 3.3.1

Beleidsuitgangspunten

Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het treasurystatuut.

3.3.2

Risicobeheer

De Wet financiering decentrale overheden vermeldt twee normen. Het doel is te voorkomen dat bij herfinanciering van leningen bij aanzienlijk hogere rente grote schokken optreden in de hoogte van de rente die het schap moet betalen. De normen beperken de budgettaire risico’s.

3.3.3

Kasgeldlimiet

In de Uitvoeringsregeling Financiering Decentrale Overheden (UFDO) geeft het ministerie aan tot welk bedrag gemeenschappelijke regelingen mogen financieren met kortlopende geldleningen: de kasgeldlimiet. Het betreft een percentage van het totaal van de begroting, zijnde momenteel 8,2 %. Als de gemeenschappelijke regeling deze kasgeldlimiet structureel overschrijdt, dient ze de kortlopende schuld om te zetten in een langlopende schuld. Met name bij korte financiering is er sprake van een renterisico. Van de ene kant voorkomt de GR grote fluctuaties in de rentelasten door deze financieringsvorm in te kaderen. Van de andere kant is het schap sinds de invoering van de Wet FIDO flexibeler en krijgt ze grotere vrijheid om het cashmanagement vorm te geven. De verwachte kasgeldlimiet voor 2023 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2023 € 7.153.104. De verwachte limiet is 8,2% zijnde € 586.555.

3.3.4

Renterisiconorm

De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van een percentage van het begrotingstotaal, met als doel het beperken van de gevolgen van een stijgende rente op de rentelasten van het schap. De norm stelt dat per jaar maximaal 20% van het begrotingstotaal in aanmerking mag komen voor verplichte aflossingen en renteherzieningen. De verwachte renterisiconorm voor 2023 kan als volgt worden weergegeven: Totaal van de lasten begroting 2023 € 7.153.104. De verwachte limiet is 20% zijnde € 1.430.621. De begrote aflossingen voor 2023 zijn € 214.000 zodat deze ruim binnen deze limiet passen.

3.3.5

Mutaties in de leningenportefeuille

Omschrijving Stand per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossing Stand per 31 december

2023 2.807.685 291.808 214.000 2.885.493

2024 2.885.493 839.135 222.362 3.502.266

2025 3.502.266 0 390.189 3.112.078

2026 3.112.078 0 390.189 2.721.889

Het uitgangspunt is dat in deze begrotingsperiode in totaal € 1,1 mln. aan nieuwe leningen wordt opgenomen. Dit is met name ter afdekking van de investeringen in de begroting en om te waarborgen dat vaste activa met vaste geldmiddelen gefinancierd zijn.

3.3.6

BBV en rentetoerekening

Het BBV bevat voorschriften met betrekking tot de rentetoerekening. De interne rentetoerekening is afhankelijk van de verhouding netto rentelasten afgezet tegen de integraal gefinancierde activa. Het schap heeft geen grondexploitaties zodat een aparte renteberekening hiervoor buiten beschouwing kan worden gelaten. Projectfinanciering is eveneens niet van toepassing. De interne rentetoerekening loopt via het taakveld 0.5 treasury. Conform historie wordt er geen renteresultaat begroot en worden de netto rentelasten 100% doorverdeeld naar de activa. Over reserves, voorzieningen en eigen vermogen wordt geen rente toegerekend. De omslagrente komt uit op 3,0%. 22

3.4 Paragraaf bedrijfsvoering 3.4.1

Bedrijfsvoering

In de begroting van het schap is geen apart programma bedrijfsvoering opgenomen. Dit komt omdat de bedrijfsvoering inclusief al het personeel is ondergebracht binnen Staatsbosbeheer. Hiertoe worden de personeels- en apparaatskosten opgesteld en via vaste percentages doorbelast naar de twee werkgebieden. Dit percentage is 66% voor het werkgebied Stichtse Groenlanden en 34% voor het werkgebied Vinkeveense Plassen.

3.4.2

Overhead en toerekening personeelskosten

Overeenkomstig het BBV dienen de kosten van overhead verantwoord te worden op een afzonderlijk daarvoor aangewezen taakveld. Dit betreft enerzijds (een percentage van) de personele kosten zoals directeur, afdelingshoofden en medewerkers van ondersteunende afdelingen. Anderzijds betreft het apparaatskosten zoals ICT en huisvesting. Direct toewijsbare personeel- en apparaatskosten dienen op het taakveld verantwoord te worden waar deze betrekking op hebben. De verdeling op taakveldniveau is in bijlage 4 van deze begroting opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11935727/1