Bijlage 20 - Nota zienswijzen, 4 december 2024 anoniem
Tekst van het document
Indiener stelt voor de regels omtrent de grootte van de bebouwing in alle zones gelijk te trekken, omdat hij de verschillen en de redenen om de regels verschillend te maken in de verschillende zones niet duidelijk zijn en hij deze ongegrond vindt.
We hebben een zonering aangebracht in het Plassengebied. Hoe dichter bij Botshol (Natura 2000 gebied), hoe strenger de bouwregels. De belangen van de natuur prevaleren in zone 3 boven het recreatieve gebruik. Die zonering blijft in stand.
-
-
d.
Zienswijze 54 H2208 ged., ontstaan uit Vinkeveen H 1883 ged.) a. Indiener geeft aan dat het perceel Het dijklichaam heeft ook (Vinkeveen H2208) al vanaf de de bestemming Groen jaren ’60 gebruikt wordt ten legakker- 3 gekregen. Qua behoeve van recreatie. Het zone ligt het nabij Botshol perceel betreft geen legakker, en daarmee ingedeeld in
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
88
maar een dijklichaam van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht. De gebruikers van het dijksterrein zijn verenigd door middel van de Vereniging ons Eiland
zone 3. De zone wordt niet aangepast en de bestemming blijft Groenlegakker-3.
b.
Indiener geeft aan dat het betreffende gebied niet op de kaart stond tijdens de presentatie van het ontwerpbestemmingsplan en ook niet in de zonekaart Vinkeveens plassengebied is opgenomen.
Tijdens de publiekspresentatie was nog niet alle info verwerkt. Op de verbeelding van het ontwerpbestemmingsplan is een deel van H2208 bestemd als Groen Legakker-3. Op de verkavelingskaart is een deel van H2208 ook opgenomen als verkaveld gebied.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
c.
Indiener geeft aan dat er onjuiste informatie over het perceel in het bestemmingsplan staat. Indiener geeft aan dat zijn perceel is aangesloten op het riool en dat indiener rioolheffing betaalt. Indiener vindt het daarom onterecht als hij voor een vuilwaterboot zou moeten betalen, zoals vermeld is in de bijlage van het ontwerp bestemmingsplan.
Verwezen wordt naar Bijlage B, themabeantwoording ‘Vuilwaterboot’. (einde van dit document)
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
d.
Om bovenstaande reden, en omdat het perceel als is aangesloten op openbare nutsvoorzieningen zoals water en elektra is indiener van mening dat het perceel kan worden bestemd als Legakker 1 of Legakker 2.
Zie beantwoording zienswijze 54a
e.
Indiener geeft aan dat er in 1998 een bouwvergunning is verstrekt voor het oprichten van toilethuisjes. Dit blijkt niet uit de stukken. Hierin wordt de indruk gewekt dat de bebouwingen illegaal zijn. Dit is volgens indiener onjuist. Vanwege de bouwvergunning voor 37 bouwwerken kan het perceel volgens indiener worden bestemd als Legakker 1 of Legakker 2.
De bouwwerken die aantoonbaar met vergunning zijn geplaatst, mogen blijven bestaan. Voor de kavels geldt dat voldaan dient te worden aan de maximale bouwregels voor de bestemming GroenLegakker-3. Zie verder antwoord 54a.
f.
Indiener geeft aan dat het perceel omringd is door zeer druk vaarverkeer (jachthavens, toegang richting Amsterdam, scouting op een eiland in de
Zie beantwoording zienswijze 54a.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
89
buurt). De zonering van het betreffende perceel als Legakker 3 is volgens indiener dan ook niet juist. Dit zou volgens indiener Legakker 2 moeten zijn, op basis van de drukte en de intensiteit van het recreatief gebruik in de directe omgeving. g.
Indiener geeft aan dat de afstand tot het natuurgebied gelijk is aan die van vergelijkbare legakkers die zijn bestemd als Legakker 2. Volgens indiener is het dan ook gepast om dit perceel te bestemmen als Legakker 2. Indiener wijst ook naar de zonering aan de Vinkeveen-zijde van de plassen die rekening lijkt te houden met verstedelijking, en wijst op de nabijheid van verstedelijking van Buitenborgh bij Abcoude en nabij de drukke Jachthavens.
Zie beantwoording zienswijze 54a.
h.
Indiener wijst er op dat er al meer dan 60 jaar van het terrein gebruik wordt gemaakt voor recreatie, in tegenstelling tot andere gebieden waar recreatie pas veel later plaatsvond. Het perceel is verdeeld in kleine kavels. Het perceel bestemmen als Legakker 3 zal voor veel gebruikers die een beperkte bebouwing hebben staan tot problemen kunnen leiden.
Geen enkele kavel heeft ooit bouwrechten gehad en dat gaan we nu regelen voor alle kavels binnen de bestemmingen Groen Legakker -1, -2 en -3. Door de ligging nabij Botshol wordt de bestemming groen Legakker-3 opgenomen.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
i.
Op basis van bovenstaande argumenten heeft indiener bezwaar tegen het ontwerpbestemmingsplan. Indiener verzoekt de gemeente het dijksperceel te bestemmen als Legakker 1, maar in ieder geval als Legakker 2 en de regeling met betrekking tot de vuilwaterboot niet toe te passen op dit perceel.
Verwezen wordt naar Bijlage B, themabeantwoording ‘Vuilwaterboot’. (einde van dit document)
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
j.
Tot slot wijst indiener op de beperkingen in recreatief gebruik die zijn opgenomen. De indiener verzoekt de termijn voor recreatief gebruik te verruimen naar 1 maart tot en met november, vanwege klimaatverandering en praktijkervaring van recreanten die al vanaf begin april tot eind oktober in het gebied recreëren.
De recreatieperiode wordt geschrapt uit het bestemmingsplan. De recreatieperiode beperkte het gebruik door recreatieve verhuur en daarmee samenhangende verkeersbewegingen. Echter kunnen dezelfde
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de toelichting onder paragraaf 3.2 ‘richtinggevende
90
Zienswijze 55 Waternet a. Indiener maakt zich zorgen dat het legaliseren van illegale bebouwing negatieve effecten zijn voor haar waterhuishoudkundige belangen. b.
Indiener geeft aan dat de Vinkeveense Plassen een KRWwaterlichaam is waarin gemeente en Waterschap een gedeelde verantwoordelijkheid hebben in het behalen van de KRW-doelen. De legalisering van de illegale bebouwing betekent volgens indiener feitelijk een achteruitgang. Indiener geeft aan dat de gemeente compenserende maatregelen heeft opgenomen als voorwaardelijke verplichting, maar vindt dat dit verder juridisch geborgd zou moeten zijn, bijvoorbeeld in een handhavingsplan. Indiener wil dat de compenserende maatregel vuilwaterboot verder wordt geborgd, waarbij de inzameling van afvalwater uit de vuilwatertank wordt gekoppeld aan deze maatregel en de KRWdoelen.
c.
Volgens indiener bestaan er nog verschillende beelden bij de uitwerking van de compenserende maatregel natuurvriendelijke oevers.
percelen jaarrond ook voor recreatief eigen gebruik worden gebruikt. De milieukundige onderzoeken (waaronder verkeer) houden rekening met alle verkeersbewegingen (ongeacht of deze afkomstig zijn van verhuur of eigen gebruik). Daarmee is het onderscheid niet ruimtelijk relevant en zal uit het bestemmingsplan worden geschrapt.
keuzes’ wordt de alinea ‘Qua recreatiemogelijkhe den (…) in het gebied’ geschrapt
De waterhuiskundige belangen staan volledig op ons vizier en er is regelmatig contact met Waternet
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
We erkennen de KRWbelangen en de KRWtoets is een bijlage bij het bestemmingsplan. De KRW-toets is in overleg met Waternet opgesteld en akkoord bevonden.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
In de regels wordt de recreatieperiode voor recreatieve verhuur zoals opgenomen in Groen – Legakker 1, Groen – Legakker 2 en Groen – Legakker 3 geschrapt.
Voor de compenserende maatregel is uitvoerig contact geweest met de provincie. De maatregelen zijn opgenomen en geborgd in aparte documenten. Bij het bestemmingsplan is, in goed overleg met de provincie, een Toezichten Handhavingsplan vastgesteld. Verwezen wordt verder naar Bijlage B, themabeantwoording ‘Vuilwaterboot’. (einde van dit document)
Uitgangspunt van alle genomen maatregelen is dat de waterkwaliteit niet verslechterd door de bouw- en
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
91
Indiener wil met gemeente in overleg over de borging van deze maatregel en samen zorgen voor een realistische uitwerking. Als dit onvoldoende voorziet in het beoogde doel dan zal er een aanvullende compenserende maatregel genomen moeten worden of de legalisering achterwege moeten blijven.
gebruiksmogelijkheden in het Plassengebied. De natuurvriendelijke oever is een keuze voor de eigenaar. Bij sommige kavels is een natuurvriendelijke oever geen optie.
Indiener vindt een achteruitgang in waterkwaliteit niet acceptabel. d.
Indiener geeft aan een perceel in haar eigendom te hebben. Dit perceel is in gebruik als kampeerterrein en heeft de bestemming recreatie. Deze bestemming wordt gewijzigd naar natuur – legakker 3. Indiener stelt voor dat het bestemmingsplan niet mag leiden tot een beperking van de bestaande recreatievoorzieningen.
Het bewuste perceel heeft in tegenstelling tot hetgeen de indiener betoogt, geen bestemming ‘Natuur- Legakker 3’ maar de bestemming ‘Groen Legakker 3’ gekregen in het bestemmingsplan. Hier is recreatie mogelijk op 15% van het landdeel. Dat is meer dan op grond van de vigerende planologische regeling mogelijk is: momenteel is geen bebouwing en/of gebruik voor recreatie toegestaan.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
56. Zienswijze 56 – Betreft geen zienswijze op dit plan, regel laten staan in verband met nummering 57. Zienswijze 57 – perceel sectie VKV 00F 2180 a. Indiener geeft aan dat het perceel We hebben de luchtfoto Deze zienswijze de juiste bestemming (recreatie) van 27 april 2023 leidt niet tot heeft gekregen, maar dat de nogmaals gecheckt en aanpassing van verkaveling niet klopt. Indiener daarop zijn geen het verzoekt de verkaveling aan te verkavelingen bestemmingsplan. passen op basis van een aangetroffen. Er komt bijgeleverde afbeelding waarin de geen aanpassing van de volgens indiener correcte verkavelingskaart voor het verkaveling is aangegeven. aangegeven perceel. 58. Zienswijze 58 a. Indiener stelt voor om de maximale oppervlakte bebouwing niet te beperken tot aan een maximaal aantal vierkante meters, maar gewoon alleen maximaal 20% van de totale oppervlakte van het eiland. Indiener vindt dat er anders niet voldoende rekening wordt gehouden met de omvang van eilanden en vindt 40 meter mogelijk te groot voor kleine
De gemeente heeft een belangenafweging te maken tussen het belang van de legakkerstructuur, de natuur, de recreatie en de individuele belangen van de eigenaren /gebruikers. Daarin is een middenweg gevonden, waarbij iedere kavel bouwrechten krijgt, waar plichten tegenover staan.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
92
eilanden en 40 meter veel te klein voor grotere eilanden. Volgens indiener raken hierdoor de verhoudingen zoek.
Omdat het gebied in het NNN-gebied ligt, zijn er goede afspraken gemaakt met de provincie over de maximale bebouwing in het gebied en bijbehorend gebruik. De oppervlakte is beperkt in m2 en in een percentage van een kavel. We delen uw mening niet en we passen het bestemmingsplan niet aan uw wens.
b.
Indiener is het niet eens dat men een eiland met één kadasternummer niet meer zou mogen splitsen. Hierdoor zouden kinderen aan wie het eiland wordt overgedragen niks meer kunnen bouwen. Indiener vraagt daarom om het splitsen wel toe te staan, en daarvoor ook op te nemen dat er op elk van de twee grondstukken dan maximaal 20% zou mogen worden bebouwd.
c.
Indiener geeft aan dat hij investeringen heeft gedaan in duurzaamheid en onderhoud aan beschoeiing en tegen afkalving van het terrein.
Het verder opsplitsen van kavels is, in goed overleg met de provincie, en na afweging van alle belangen die hierbij een rol spelen verboden in het bestemmingsplan. Voor het gebied is een maximum bebouwing toegestaan en dat regelen we in dit bestemmingsplan. Verdere m2 bebouwing wordt uitgesloten. Wij zijn blij dat u als eigenaar uw kavel goed onderhoudt. Wij regelen met dit bestemmingsplan dat u uw perceel op een recreatieve manier kunt gebruiken.
Indiener geeft aan dat hij elk jaar door de overheid wordt aangeslagen voor het bezit van een woning en eiland. De eigenaars van eiland worden verantwoordelijk gehouden voor het behouden en onderhouden van de eilanden, op kosten van de eigenaren. Hier staat tegenover dat de dagrecreanten, die worden aangehaald door de burgemeester alleen door het gebied varen en geen verantwoordelijkheid hebben voor de eilanden. Indiener vindt dat de belangen van huurders en eigenaren van eilanden zwaarder zouden moeten wegen in de inspraak dan de belangen van recreanten en natuurliefhebbers. Als eilandeigenaren stoppen met hun onderhoud (aangezien er geen rekening wordt gehouden met
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
93
hun wensen/rechten) zal er op de lange termijn niks meer zijn om langs te varen. d.
Indiener vindt ook dat de dagrecreanten, die bootjes huren of een eiland bezoeken/door de sluis komen met hun boot een toeristenbelasting zouden moeten afdragen om zodoende bij te dragen aan een schoner en beter onderhouden Vinkeveen.
Dat is een interessant idee. Dank voor de suggestie.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
e.
Indiener juicht de vuilwaterboot toe.
Het niet verslechteren van de waterkwaliteit staat hoog op de agenda.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Indiener verzoekt om deze boot ook schoon drinkwater naar de eilanden te laten brengen tegen een redelijke vergoeding.
Zienswijze 59 a. Indiener wijst er op dat op de kaart op ruimtelijkeplannen.nl de contouren van zone II en III afwijkend zijn van wat er in de toelichting en het onderliggend Landschaps- en Stedenbouwkundig plan staat. Het zg. Hogebomeneiland’, het eerste eiland voor de doorgang tussen Eiland 8 en 9 is op de site aangegeven als zone III (‘enkelbestemming Groen – Legakker 3), terwijl het duidelijk binnen zone II staat in de toelichting afbeelding 1.3 en in alle kaarten van het Landschapsen Stedenbouwkundig Plan (blz 5, 7 10, 13, 15, 17 en 19).
Verwezen wordt verder naar Bijlage B, themabeantwoording ‘Vuilwaterboot’. (einde van dit document)
Het klopt dat er een klein verschil zit in de verschillende zoneringskaarten. Uitgangspunt is het bestemmingsplan. Alle bestemmingen met GL-3 maken zone 3. En zo ook met Zone 2 voor de bestemmingen GL-2. Het ‘hogebomeneiland’ blijft in zone 3 met de bestemming GL-3. U kunt dan maximaal 30 m2 (en max 15% van uw landdeel) aan gebouw realiseren.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Volgens indiener past het Hogebomeneiland beter bij het karakter van Zone II en leidt niet tot uitholling van de integriteit van het zone III gebied. Indiener geeft aan dat het eiland afwijkend is door haar grootte, ligging, karakter, beplanting en bebouwing. Hierdoor valt een groter bouwoppervlak ook niet op.
94
Indiener verzoekt dan ook om het Hogebomeneiland binnen de contouren van zone II te houden. b.
Indiener stelt dat de beschoeiing aan de zuidzijde van het Hogebomeneiland hard moet zijn, net als op alle zandeilanden, omdat een dubbele palenrij met wiepen onvoldoende in staat is om hier duurzaam als waterkering te dienen. Indiener haalt lokale leveranciers aan die het punt van indiener onderschrijven.
Een dubbele palenrij is optioneel. Dat zal in het bestemmingsplan en L&S plan verder verduidelijkt worden.
Deze zienswijze leidt tot een aanpassing van het bestemmingsplan.
Indiener vraagt dan ook om bij verlening van vergunning geen dubbele palenrij te moeten aanleggen c.
Indiener ondersteunt de verplichting tot 25% inheemse planten, maar twijfelt over de mogelijkheden tot handhaving en vraagt om een verduidelijking van de regels, omdat deze multiinterpretabel kunnen zijn en niet noodzakelijkerwijs tot een betere beplanting hoeven te leiden.
Het inrichtingsplan (o.a. 25% inheemse beplanting/ natuur) van een kavel is onderdeel van de benodigde omgevingsvergunning. Op die grond wordt ook gehandhaafd.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
d.
Indiener wijst op een verschil tussen wat op de inspraakavond is vermeld en wat in de tekst staat mbt tot dakhoogte in zone III. Indiener vindt dat een dakhoogte van 3 meter te laag is en enkel zal leiden tot blokkendozen, doordat variëren met dakhoogte niet mogelijk is. Indiener verzoekt dan ook om de dakhoogte op 3,5 meter te houden en bijvoorbeeld een goothoogte van 3,2 meter aan te houden.
Er is geen verschil tussen de info die gedeeld is op de infoavond en wat in het ontwerpbestemmingsplan is opgenomen voor zone 3. De maximale bouwhoogte is 3 meter. Ook omdat zone 3 dichtbij Botshol (Natura 2000 gebied) ligt. Deze hoogte wordt niet aangepast. Voor de duidelijkheid, binnen de maximale maatvoering is veel flexibiliteit mogelijk, qua schuinte van daken.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Een dubbele palenrij is optioneel. Dat zal in het bestemmingsplan verder verduidelijkt worden.
Deze zienswijze leidt tot een tekstuele aanpassing van het bestemmingsplan
Zienswijze 60 a. Indiener geeft aan in de basis heel blij te zijn met het ontwerpbestemmingsplan, maar heeft toch een punt om bezwaar te maken een zienswijze in te dienen: Indiener verwijst naar de regels en specifiek naar 7.3.1 sub f, waar verwezen wordt naar bijlage
95
1. In deze bijlage staat regelgeving die betrekking heeft op aan te leggen beschoeiing. In deze bijlage staat: 100% voor de beschoeiing een dubbele palenrij met wiepen plaatsen. Indiener vraagt zich af of dit verplicht is of niet. Indiener stelt dat hij uit ervaring weet dat zo’n palenrij niet zal blijven staan in een storm. Een beschoeiing zal niet helpen om ook maar iets van het eiland te behouden. Indiener verzoekt dan ook om op te nemen dat de wiepen constructie enkel optioneel te maken, en niet te verplichten. Zienswijze 61 Geen zienswijze op dit bestemmingsplan. Zienswijze 62 a. Indiener wijst er op dat onder 5.4 bij Legakker II en Legakker III een verplichting geldt voor het realiseren van een vuilwatervoorziening en uitsluitend gebruik wordt gemaakt van de vuilwaterbootregeling.
Verwezen wordt verder naar Bijlage B, themabeantwoording ‘Vuilwaterboot’. (einde van dit document)
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Indiener vindt dit niet reëel in twee situaties: 1. Eilanden die worden gebruikt voor dagrecreatie (paar uur aanleggen en dan weer naar huis) 2. Eilanden waar een motorboot wordt aangelegd met eigen toiletvoorziening aan boord. Indiener is het er niet mee eens dat alle huurders/gebruikers verplicht een toiletruimte moeten bouwen en gebruik moeten maken van de vuilwaterboot en hier voor moeten betalen. Indiener ziet dan ook graag dat hiervoor een ontheffing wordt verleend of dat de omschrijving
96
wordt aangepast naar een passend “verplichting”. b.
Indiener heeft een zienswijze voor De luchtfoto laat Perceel: VKV00-F1277. inderdaad zien dat het perceel al is gesplitst voor Indiener heeft een kaart 27 april 2023. bijgevoegd waar met gele lijnen Er zal 1 kavel extra een verkaveling is toegevoegd. worden opgenomen op de De indiener ziet graag dat dit verkavelingskaart. wordt aangepast in de verkavelingskaart.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
c.
Indieners geven aan het perceel met hun zomerhuis (met bouwbestemming) en de twee kavels in hun bezit tegenover het huis zijn ingedeeld in Zone III op de grens met Zone II.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Indiener zou graag zien dat de scheidingslijn van de zonering wordt opgeschoven, zodat de betreffende kavels en percelen in zone II komen te liggen i.p.v. in Zone III. Indiener geeft als reden dat door de maximalisering van maximaal 10% kruidenrijk gras en de verplichting van “opgaande beplanting” de 3 kavels nagenoeg vol gezet moeten worden met opgaande beplanting. Indiener verwacht huurderving omdat bestaande/toekomstige huurders/gebruikers minder jaarlijkse huur zullen willen betalen omdat de kavels minder aantrekkelijk zullen zijn om te voetballen, badmintonnen en te recreëren op de grote grasvelden. Indiener verwacht ook dat de waarde van de kavels lager zal zijn dan kavels in zone II waar geen verplichting is voor 90% opgaande beplanting en maximaal 10% kruidenrijk gras.
De zonering is gemaakt met de natuurwaarden en de ligging t.o.v. Botshol (Natura2000-gebied) voor ogen. Automatisch leidt dat tot een scheidslijn. Die ligt in dit geval dicht bij uw kavel(s). Wij gaan de bestemmingen op dit punt niet herzien. Voor zowel zone 2 als 3 geldt dat 25% van een kavel moet worden ingericht met inheemse beplanting. Er blijft dus voldoende ruimte over voor bebouwing en leefruimte. Door de gemeente is een scan gedaan op eventuele planschade als gevolg van het bestemmingsplan. Daaruit blijkt dat het risico op vergoedbaar nadeel zeer gering is. Het staat indiener vrij om een eventuele planschadeclaim in te dienen.
Indiener geeft aan een planschadeprocedure aan te spannen als de betreffende kavelgrens tussen Zone II en Zone III niet wordt opgeschoven. Indiener heeft een kaart bijgevoegd met voorstel voor de
97
verplaatsing van de grens tussen Zone II en Zone III. Zienswijze 63 a. Perceel VKV00-A-4590 Indiener vindt de maximale afmeting van een tent van 5m2 niet realistisch voor recreatiedoeleinden. Indiener verzoekt dan ook de maximale grootte voor tenten te wijzigen naar 20m2. (6.5 – specifieke gebruiksregels)
b.
Indiener geeft aan dat hij een zienswijze wil indienen voor perceel VKV00-A-4590. Indiener geeft aan dat de rode verkavellijnen niet kloppen. Dit kan volgens indiener leiden tot problemen bij het bepalen van de maximale 20% afmeting van de te legaliseren blokhutten. Indiener heeft een kaart bijgevoegd waarop de juiste lijnen te zien zijn en verzoekt de gemeente deze aanpassingen door te voeren.
Zienswijze 64 a. Indiener geeft aan dat de zienswijze met name betrekking heeft op het Plan voor zover dat betreft eiland 12, maar de hierin naar voren gebrachte bezwaren gelden mutatis mutandis ook voor de eilanden 9 en 10, met dien verstande dat een deel van de hieronder naar voren gebrachte bezwaren minder relevant is voor het zuidelijke deel van eiland 9. Indiener geeft aan dat direct achter eiland 12 zich een uitgestrekt gebied bevindt met recreatiewoningen. Deze woningen ondervinden met name in het seizoen geluidsoverlast van recreatie op eiland 1. Daar is recent geluidsoverlast door uitbreiding van Zwier bijgekomen.
De bouw- en gebruiksmogelijkheden per kavel zijn duidelijk. Daarnaast is voor incidenteel (niet structureel) gebruik een klein tentje (max 5m2) toegestaan. Die maximale afmeting wordt niet aangepast, omdat er een belangenafweging heeft plaatsgevonden tussen het gebruik van de kavel en de belangen van de natuur in het gebied.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
We hebben naar de verkavelingskaart gekeken en de rode lijnen (kavelgrenzen) iets aangepast.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Voor de mogelijkheden op zandeiland 9, 10 en 12 is een kleine aanpassing voorzien. Naast de al toegestane dagrecreatie komen er enkele tenten bij:
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Op zandeiland 9: 20 tenten, op zandeiland 10: 5 tenten en op zandeiland 12: 10 tenten. In het bestemmingsplan is met extra aandacht gekeken naar de locatie van de tenten op zandeiland 12. Uitgangspunt is daarbij om de tenten zoveel mogelijk aan de zuidkant (plassenkant) te plaatsen.
98
Indiener stelt dat geluids- en ander overlast zal toenemen als het bestemmingsplan ongewijzigd wordt vastgesteld. Indiener wijst er op dat geluid verder draagt over water, en dat daardoor een veel grotere groep belanghebbenden impact heeft dan op het eerste oog het geval lijkt te zijn.
Hiermee komen de tenten zo ver mogelijk van de recreatiewoningen af te staan. Aan de zuidzijde van deze eilanden zitten geen recreatievoorzieningen. De geluidsimpact is hierdoor marginaal. De uitbater van het eiland en de eigenaar van het eiland (Recreatieschap Midden Nederland) zijn verantwoordelijk voor het gebruik van het eiland. Door de tenten in dit bestemmingsplan toe te staan, kunnen de tenten in beheer en onder toezicht van het recreatieschap worden geëxploiteerd. Dit leidt tot meer toezicht en regulatie. De gebruiksmogelijkheden op zandeiland 1 (horeca) en in jachthaven Zwier zijn bestaande rechten. Qua geluidsimpact is de marginale toevoeging van tenten verwaarloosbaar t.o.v. de bestaande gebruiksmogelijkheden.
b.
Indiener stelt dat als het BP ongewijzigd wordt vastgesteld, er sprake zal zijn van ernstige (extra) geluidsoverlast, overlast van (extra) afval en horizonvervuiling. Op eiland 12 worden namelijk maximaal 10 tenten toegelaten. Indiener geeft aan dat dit om permanente tenten zal gaan. Indiener geeft aan dat dit evident zal leiden tot geluidsoverlast, omdat er meer en een ander type recreanten zullen komen dan nu het geval is.
c.
Indiener vindt dat de mogelijkheid tot (permanente) tenten niet strookt met de functie van het eiland ‘Natuur en rust’. Deze
Zie antwoord 64a. Verder is juist de keuze gemaakt om geen structurele bouwwerken te plaatsen. We gaan dan ook niet mee in de mening over horizonvervuiling.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Regulering van de overige overlast die wordt genoemd is een kwestie van handhaving en valt buiten de scope van dit bestemmingsplan.
Het plassengebied heeft van oudsher een recreatiebestemming (qua bestemmingsplan en
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van
99
functie strookt ook niet met het plaatsen van speel- en klimtoestellen of het oprichten van een gebouw of overige bouwwerken.
provinciale verordening). Tevens ligt het gebied in het NNN-gebied. Die belangen zijn beide afgewogen. Dat heeft geleid tot voorliggend bestemmingsplan.
het bestemmingsplan.
Die afweging heeft er jaren geleden ook toe geleid dat de recreatiewoningen aan de Winkeldijk gerealiseerd konden worden. d.
Indiener vindt het niet logisch dat er tenten mogen worden opgericht, maar dat nachtverblijf wordt verboden.
Die omissie zal worden aangepast in het bestemmingsplan, omdat nachtverblijf in tenten logischerwijs wordt toegestaan.
e.
Indiener verwacht dat de gemeente het nachtverblijfverbod niet kan of zal handhaven en vreest daarom voor de gevolgen.
Zie beantwoording zienswijze 64d.
f.
Indiener geeft aan dat de tenten, aanverwante voorzieningen of eventueel op te richten gebouwen en overige bouwwerken zullen leiden tot horizonvervuiling voor de recreatiewoningen die direct op eiland 12 uitkijken.
Zie beantwoording zienswijzen 64b en 64c.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Indiener stelt dat dit effect eventueel verminderd kan worden door de tenten te plaatsen aan de zijde van eiland 12 dat aan de plas ligt, maar neemt aan dat dit niet kan vanwege de slechtere bereikbaarheid vanwege de golfslag aldaar. g.
Indiener verzoekt de mogelijkheid tot het toestaan/ oprichten van tenten en speel- en klimtoestellen en het oprichten van een gebouw en of overige bouwwerken op eiland 12 uit het bestemmingsplan te schrappen.
Zienswijze 65
De genoemde speel en klimtoestellen (max 2,5 hoog) worden mogelijk gemaakt binnen de bestemming R-DR1 en niet specifiek voor zandeiland 12. Gebouwen mogen alleen worden opgericht binnen bouwvlakken. Op zandeiland 12 is geen bouwvlak opgenomen.
Deze zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
100