Bijlage 1. (Ontwerp)Begroting 2027-0 GGD regio Utrecht
Tekst van het document
Hiervoor is het investeringskrediet beschikbaar en is als onderdeel opgenomen in de investeringsbegroting en de afschrijvingskosten zijn verwerkt in deze (ontwerp)begroting 2027-0 Informatievoorziening (IV) en datagedreven werken In 2024 is de iVisie vastgesteld met daarin twee hoofdambities: zorgen voor goede, beschikbare en makkelijk uit te wisselen data ten dienste van onze dienstverlening en de gezondheidsopgaven in de samenleving en werken aan een IV-organisatie die meeontwikkelt met de toekomst.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
21
Er is een duidelijk toename van behoefte aan gebruik van data voor diverse doeleinden. Bijvoorbeeld op het gebied van een pandemisch parate informatievoorziening, actuele dashboards, bovenregionale datadeling en de versterking van de kennis en adviesfunctie. Dit vraagt om makkelijk te onstluiten en uit te wisselen data, om adviezen te kunnen onderbouwen. Tevens zien we nieuwe landelijke ontwikkelingen op ons afkomen, bijvoorbeeld de Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO). Hierbij moeten naar verwachting in 2026 (delen van) onze data ook meer op inwonersniveau toegankelijk zijn. Ook de European Health Data Space (EHDS) en de in 2023 vastgestelde visie en strategie op het gezondheidsinformatiestelsel zullen steeds concretere invulling krijgen voor de publieke gezondheidszorg. Daarnaast is het noodzakelijk om de weerbaarheid van onze informatievoorziening te vergroten. Dit heeft verband met de toename van cybersecurity risico's en de intensivering van wet- en regelgeving met de komst van bijvoorbeeld NIS2, evenals globale ontwikkelingen die ons nopen tot passende maatregelen. Al deze ontwikkelingen stellen continue nieuwe eisen aan onze toekomstbestendige IVvoorziening.
Voor 2027 ligt de nadruk om er op een passende wijze, rekening houdend met de financiële middelen, invulling te geven aan de toenemende vraag naar goede, beschikbare en makkelijk uit te wisselen data en tegelijkertijd het verhogen van onze digitale weerbaarheid. In 2027 zetten we vanuit de wendbare en vitale organisatie in op: • Het verder uitvoering geven aan het strategisch huisvestingsplan Jeugdgezondheidszorg in haar hele breedte. • Voortdurende uitvoering van RI&E gebouwen om te zorgen voor een veilige werkomgeving voor zowel onze collega's als bezoekers. • Inrichting integraal data expertise domein, incl. data governance, organisatie en dataarchitectuur • Implementatie maatregelen informatiebeveiliging • Doorontwikkeling gezondheidsbevordering-strategie
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
22
3 Financiën 3.1 Overzicht van baten en lasten 2027 De ontwikkelingen voor 2027 komen samen in één programma Publieke Gezondheid. In de onderstaande tabel presenteren we het overzicht van baten en lasten van de (ontwerp)begroting 2027-0. Daarna splitsen we de begroting op naar de drie inhoudelijke pijlers van de bestuursagenda plus de conform BBV verplichte productgroepen ‘Overhead’, ‘Algemene Dekkingsmiddelen’ en Onvoorzien. Programma (x € 1.000)
Publieke Gezondheid
Raming 2026-0 Baten
Lasten
Raming 2027-0 Saldo
Baten
Lasten
Saldo
75.257
75.195
62
72.070
71.972
98
Geraamde totaal saldo van baten en lasten
75.257
75.195
62
72.070
71.972
98
Mutaties reserves Geraamd resultaat
75.257
62 75.257
-62 -
72.070
98 72.070
-98 -
Het programma opgesplitst naar inhoudelijke pijlers en de conform BBV verplichte productgroepen geeft het volgende beeld: Programma Publieke Gezondheid (x € 1.000)
Gezonde en veilige leefomgeving
Raming 2026-0 Baten
Lasten
Raming 2027-0 Saldo
Baten
Lasten
Saldo
2.600
20.763
-18.163
2.756
17.586
-14.830
Kansrijk opgroeien
-
31.991
-31.991
-
32.840
-32.840
Langer gezond zelfstandig
-
4.147
-4.147
-
4.180
-4.180
72.657
-
72.657
69.314
-
69.314
Overhead
-
18.152
-18.152
-
17.221
-17.221
Bedrag onvoorzien
-
142
-142
-
145
-145
Geraamde totaal saldo van baten en lasten
75.257
75.195
62
72.070
71.972
98
Mutaties reserves Geraamd resultaat
75.257
62 75.257
-62 -
72.070
98 72.070
-98 -
Algemene dekkingsmiddelen
Vennootschapsbelasting Aangezien verwacht wordt dat over de taken, die GGDrU uitvoert, geen winst wordt gemaakt, is in de (ontwerp)begroting 2027-0 een bedrag van € 0 opgenomen aan last voor de vennootschapsbelasting. Onvoorzien In de (ontwerp)begroting 2027-0 is rekening gehouden met een post ‘Onvoorzien’ van 0,3% over de totale inwoner- en kindbijdrage (zoals opgenomen in de financiële verordening van GGDrU). Dit komt neer op een bedrag van € 145.000.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
23
3.2 Financiële ontwikkelingen en impact op (ontwerp)begroting 2027-0 Verschillende factoren zijn van invloed op de mutaties in de (ontwerp)begroting 2027-0 en op de ontwikkeling van de inwonerbijdrage en de kindbijdrage. In de tabel zijn de belangrijkste mutaties uiteengezet en vervolgens toegelicht. Programma Publieke Gezondheid (x € 1.000)
Raming 2026-0 (a)
Mutaties 1. Indexatie L/P & Volume
2. Covid & VIP
3. Collectief maatwerk
4. Gemeentelijk maatwerk
Raming 2027-0
5. Rijk & overige
Totale mutatie (b)
-
971
48.280 13.109
(a + b)
Baten - Algemene dekkingsmiddelen Inwoner- & Kindbijdrage
47.309
Maatwerk gemeenten (incl. FG en KO)
12.365
300
-
822
-378
-
744
Bijdragen Rijk & Derden
15.583
12
-5.461
-
-
547
-4.902
10.681
Totale Baten
75.257
1.283
-5.461
822
-378
547
-3.187
72.070
Gezonde en veilige leefomgeving
20.763
270
-4.099
42
149
461
-3.177
17.586
Kansrijk opgroeien
31.991
572
-
562
-287
2
849
32.840
Langer gezond zelfstandig
4.147
100
-
59
-118
-8
33
4.180
Overhead
18.152
337
-1.362
159
-122
57
-931
17.221 145
971
-
-
-
Lasten per pijler
Bedrag onvoorzien Totale Lasten Mutaties reserves Geraamd resultaat
142
3
-
-
-
-
3
75.195
1.282
-5.461
822
-378
512
-3.223
71.972
62 -
1
-
-
-
35
-
-
-
-
-
36 -
98 -
3.2.1 Loon- & Prijsindex, Volumemutatie Loon De loonindexatie wordt berekend op basis van de uitgangspunten van de Kaderbrief 2027. Daarin is opgenomen dat de cao en de premieontwikkelingen van het werkgeversdeel worden gevolgd. In de begroting is rekening gehouden met de salarisindexaties volgens de CAO.
Bron: septembercirculaire 2025, pagina 32
Naast bovengenoemde ontwikkeling is ook de mutatie in de werkgeverspremies van invloed op de loonindexatie. De premie voor de werkhervattingskas (WHK) is gestegen net als de premies voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen (werkgeversdeel). Alle effecten op de loonindex samen leiden tot een stijging van de loonkosten van GGDrU van circa € 1.037.000. (ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
24
Prijs Hiervoor wordt uitgegaan van het Bruto Binnenlands Product, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2025 van het Gemeentefonds. Er is gerekend met het prijsindexcijfer voor 2027 van 2,5%. Verder is een correctie index van -/-0,1% opgenomen aangezien in begroting 2026-0 nog werd gerekend met een pbbp van 2,6% op basis van de septembercirculaire 2024, terwijl de pbbp voor 2025 in de septembercirculaire 2024 is bijgesteld naar 2,5%. Dit leidt tot een materiële kostenstijging van circa € 281.000. Volume Verder is de berekening gemaakt van volumemutatie in 2027. Dit betreft het verschil tussen de inwoner- en kindaantallen tussen 1-1-24 en 1-1-25. Het effect hiervan is circa -/-€ 35.000. De totale loon- en prijsindexering en volumemutatie komt hiermee uit op circa € 1.283.000. Het effect op de pijlers is in de eerste tabel van deze paragraaf weergegeven. Voor de gemeentelijk bijdrage is dit beperkt hoger dan eerder ingeschat in de kaderbrief 2027. Namelijk in percentage is het 2,13% indexatie, terwijl in de kaderbrief 1,90% ingeschat werd. Dit verschil wordt veroorzaakt door de verwerking van de werkelijke effecten vanuit de werkgeverspremies. Het effect op de inwoner- en kindbijdrage is weergeven in paragraaf 3.2.6.
3.2.2 VIP & Covid Voor infectieziektebestrijding loopt het beleidsprogramma VIP (Versterking Infectieziektebestrijding Pandemische Paraatheid) tot en met 2028, waarvoor incidentele middelen zijn toegekend. In het Hoofdlijnenakkoord van 2024 is bezuinigd op Publieke Gezondheid en Pandemische Paraatheid na 2028. Het huidige kabinet heeft kortgeleden laten weten toch bereid te zijn geld uit te trekken voor dit onderwerp en in het voorjaar van 2026 bekend te maken hoeveel geld er naar pandemische paraatheid toe gaat. Aanvullend op de regeling is dat door het VWS een extra pijler is toegevoegd voor de periode van 2024-2026, namelijk ‘Pijler 6: Het inzetten van transitiecapaciteit LFI’. Hiervoor heeft GGDrU een extra uitkering ontvangen van € 461.000. Dit budget is per 2027 niet meer beschikbaar en daarom is de begroting naar beneden bijgesteld. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over het vaccinatiebeleid in Nederland. Daaruit blijkt dat er veel goeds gebeurt. Ook in 2027 zullen GGD-en weer vaccineren tegen covid-19, maar wel voor een beperktere doelgroep. Nog onbekend is welke financiering hier tegenover staat. Dit betekent dat de begroting 2027 met € 5 miljoen naar beneden bijgesteld wordt. De verwachting is dat in de begrotingswijziging een concreet bedrag aan rijksfinanciering kan worden verwerkt.
3.2.3 Collectief maatwerk In het AB van december 2025 is besloten om de dienstverlening Stevig Ouderschap, Lokaal Onderzoek en THZ-advisering bij publieksevenementen te collectiviseren per 2027. Dit betekent dat deze diensten voortaan meer dan nu worden georganiseerd op basis van solidariteit tussen gemeenten. Elke gemeente levert een evenredige bijdrage op basis van het aantal inwoners en/of kinderen. Het AB heeft ervoor gekozen deze dienstverlening niet op te nemen in de reguliere inwoner- en kindbijdrage, maar ze aan te merken als collectief maatwerk. Dit is afzonderlijk weergegeven in de begroting en in de gemeentebladen. In deze begroting is het financieel verwerkt als een verschuiving uit het gemeentelijke maatwerk van € 822.000 naar het collectieve maatwerk.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
25
3.2.4 Maatwerk gemeenten In de tabel staat een negatieve mutatie van 378.000. Dit wordt veroorzaakt door de verschuiving van het bovengenoemde deel naar het collectieve maatwerk. Corrigeren we deze dan is het effect 444.000 positief. Een effect is de teruggedraaide bezuinigingsopgave vanuit de gemeente Utrecht voor SOA en PrEP zorg. Hiervoor is reeds besloten om het structureel te continueren. De effecten van de vierjarige contractafspraken voor het Melden Adviespunt Bezorgd, zijn verwerkt. Verder is ook (extra) maatwerk afgenomen bij GGDrU, welke nog niet in de begroting 2026-0 was verwerkt, maar wel is opgenomen in de samenwerkingsovereenkomsten 2026. Hierbij kan gedacht worden aan VIA voor de gemeenten Amersfoort, Baarn en Soest, Regionale inzet centrale zorgverlener voor de gemeente Amersfoort of VVE voor de gemeente IJsselstein. Daarnaast zijn de verwachte baten voor Toezicht kinderopvang opgehoogd o.b.v. verwachte inspecties en de nieuwe kwaliteitseisen en zijn de baten voor de forensische zorg naar boven bijgesteld o.b.v. de verwachte uit te voeren verrichtingen. Dit leidt in totaal tot circa € 444.000 aan extra baten, welke ook zijn vertaald naar de lasten bij de pijlers. 3.2.5 Rijk en overige mutaties De wijzigingen op de begroting vanuit het Rijk betreffen een hogere inschatting van de baten vanuit de forensische verrichtingen gefinancierd door de Politie.
De overige baten betreft onder andere hogere inschatting van de omzet bij reizigersadvisering, hogere uitvoering op verzekerde zorg en hogere baten vanuit de Publieke gezondheid asielzoekers. Evenredig zijn de verwachte lasten verdeeld naar de pijlers. 3.2.6 Overzicht inwoner- en kindbijdrage De financiële impact van de ontwikkelingen vertaalt zich in een mutatie van de inwonerbijdrage (IWB) en kindbijdrage (KB), welke in de volgende tabellen uiteen zijn gezet. Gemeente
IWB 2026-0
MN-gemeenten
€ 8,589
(m.u.v. Eemnes)
Loon index 0,134
Prijs index 0,049
IWB 2027-0 € 8,772
Gemeente Eemnes € 8,256 0,129 0,047 € 8,431 Gemeente Utrecht * € 5,884 0,092 0,034 € 6,009 * Bedrag is exclusief de bijdragen voor Epidemiologie en Gezondheidsbevordering Toelichting Inwonerbijdrage Toezicht Wmo hoeft niet verplicht bij de GGD afgenomen te worden. Gemeente Eemnes heeft deze taak elders belegd. Gemeente Utrecht heeft Wmo-toezicht middels een pilot bij GGDrU belegd tot en met 2026. De verwachting is dat deze pilot wordt omgezet in een structurele vorm. Echter in welke vorm en mate moet nog over besloten worden. Beide gemeenten betalen daarom een lagere inwonerbijdrage. De bijdrage van de gemeente Utrecht wordt daarnaast nog beïnvloed door andere afspraken. Bij de fusie van GGDrU (1-1-2014) zijn afspraken gemaakt tussen de gemeente Utrecht en de 25 gemeenten van Midden-Nederland. Die leiden ertoe dat het basispakket voor de gemeente Utrecht anders wordt uitgevoerd. Een essentieel verschil betreft de constructie rondom epidemiologie en gezondheidsbevordering. Deze taken worden door gemeente Utrecht niet bij GGDrU belegd, maar worden door de gemeente zelf uitgevoerd. Daardoor betaalt gemeente Utrecht een lagere inwonersbijdrage. Gemeente MN-gemeenten
KB 2026-0 € 173,376
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
Loon index 2.699
Prijs index 0,989
KB 2027-0 € 177,064
26
Toelichting Kindbijdrage Jeugdgezondheidzorg hoeft niet verplicht bij de GGD afgenomen te worden. De gemeente Utrecht heeft deze taak niet bij GGDrU belegd, maar voert deze taak zelf uit. Daarom betaalt gemeente Utrecht geen kindbijdrage.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
27
Meerjarenperspectief inwoner- en kindbijdragen Het meerjarenperspectief voor het verwachte bedrag aan inwoner- en kindbijdrage per gemeente voor 2027-2030 hebben we inzichtelijk gemaakt (indicatief). Uitgangspunt daarbij zijn de inwoneraantallen en kindaantallen per 1 januari 2025 die voor de (ontwerp)begroting 2027-0 zijn gebruikt. Gemeente Amersfoort Baarn Bunnik Bunschoten De Bilt De Ronde Venen Eemnes Houten IJsselstein Leusden Lopik Montfoort Nieuwegein Oudewater Renswoude Rhenen Soest Stichtse Vecht Utrecht Utrechtse Heuvelrug Veenendaal Vijfheerenlanden Wijk bij Duurstede Woerden Woudenberg Zeist Totaal
Aantal inwoners 1-1-2025 163.298 25.184 16.279 22.684 43.792 45.921 9.927 50.945 33.339 31.911 14.800 13.772 66.788 10.355 5.782 20.392 47.999 66.130 376.757 50.945 70.352 62.554 23.831 53.976 14.760 66.671 1.409.144
Aantal kinderen 1-1-2025 33.476 4.741 3.471 5.048 9.197 8.753 1.912 10.773 6.299 6.245 2.903 2.730 12.074 2.001 1.402 4.105 9.206 13.160 n.v.t. 9.876 15.056 13.152 4.534 10.958 3.444 13.394 207.910
2027* 7.360 1.060 757 1.093 2.013 1.953 422 2.354 1.408 1.386 644 604 2.724 445 299 906 2.051 2.910 2.413 2.196 3.283 2.877 1.012 2.414 739 2.957 48.280
2028* 7.551 1.088 777 1.121 2.065 2.003 433 2.416 1.444 1.422 661 620 2.795 457 307 929 2.104 2.986 2.476 2.253 3.368 2.952 1.038 2.477 759 3.033 49.536
2029* 7.740 1.115 797 1.149 2.117 2.054 444 2.476 1.481 1.457 677 635 2.864 468 314 953 2.157 3.061 2.538 2.309 3.453 3.026 1.064 2.538 777 3.109 50.774
2030* 7.934 1.143 816 1.178 2.170 2.105 455 2.538 1.518 1.494 694 651 2.936 480 322 976 2.211 3.137 2.602 2.367 3.539 3.102 1.091 2.602 797 3.187 52.043
* bedragen x € 1.000 nb 1: Kindaantal gemeente Utrecht onvermeld aangezien de gemeente geen taken op het gebied van Jeugdgezondheidzorg afneemt bij GGDrU nb 2: Bijdrage gemeente Utrecht is inclusief de liaisonbijdrage gezondheidsbevordering en epidemiologie
3.3 Bijdragen en vergoedingen per gemeente 2027 In het volgende overzicht staan de verwachte gemeentelijke bijdragen uiteengezet naar het A/B/C-taken model. In bijlage 4 is per gemeente de gedetailleerde weergave neergezet. A-taken GGDrU is een verplichte gemeenschappelijke regeling die verplicht een aantal wettelijke taken voor de 26 gemeenten in het gebied van de veiligheidsregio uitvoert. Dat doet GGDrU namens alle gemeenten, dus als collectief, hoofdzakelijk op basis van de Wet publieke gezondheid (Wpg), maar ook op basis van andere formele wet- en regelgeving, dan wel onder wettelijk aangewezen verantwoordelijkheid van de Directeur Publieke Gezondheid. Deze collectieve verplicht wettelijke taakuitvoering worden de A-taken genoemd. (ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
28
B-taken Dit betreft taken die voor gemeenten een wettelijke verplicht uit te voeren zijn, maar niet wettelijk verplicht voor een GGD. Dit zijn voornamelijk taken die alle of vrijwel alle gemeenten bewust gezamenlijk hebben ondergebracht vanwege de benodigde specialisme en kwaliteit alsmede efficiency. C-taken Ten slotte is het voor gemeenten ook mogelijk om op individuele basis GGDrU taken te laten uitvoeren, zonder dat zij daartoe wettelijk verplicht zijn dit bij GGDrU onder te brengen. De individuele gemeenten legt deze taken vast in de samenwerkingsovereenkomst.
Gemeente
A-Taken
B-Taken
Totale bijdrage 2027-0
C-Taken
Amersfoort
1.884
7.292
655
9.831
Baarn
277
1.026
55
1.358
Bunnik
190
667
23
880
Bunschoten
247
1.072
19
1.338
De Bilt
480
1.786
46
2.312
De Ronde Venen
506
1.806
51
2.362
Eemnes
108
388
11
507
Houten
566
2.118
44
2.728
IJsselstein
348
1.268
64
1.681
Leusden
352
1.282
41
1.674
Lopik
186
555
15
756
Montfoort
152
619
11
783
Nieuwegein
719
2.631
181
3.532
Oudewater
117
442
11
571
Renswoude
65
265
5
335
Rhenen
225
795
15
1.036
Soest
513
1.908
58
2.478
Stichtse Vecht
752
2.819
107
3.678
Utrecht
2.520
1.149
408
4.077
Utrechtse Heuvelrug
592
1.952
59
2.604
Veenendaal
775
2.902
81
3.758
Vijfheerenlanden
712
2.679
233
3.624
Wijk bij Duurstede
264
904
19
1.187
Woerden
600
2.323
129
3.052
Woudenberg
180
684
13
877
Zeist
779
2.584
226
3.588
4.109
43.921
2.581
60.610
Totaal gemeenten Niet-gemeentelijke opbrengsten
11.461
Totaal Bijdrage begroting 2027-0
72.070
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
29
3.4 Autorisatie vervanging activa In 2026 hebben we de meerjarige investeringskalender geactualiseerd. Op basis hiervan is de investeringsbehoefte voor de periode 2027 tot en met 2030 opgenomen. Alle bedragen zijn gebaseerd op prijspeil 2026. Autorisatie van de investeringskredieten vindt plaats door middel van vaststelling van de begroting en begrotingswijziging. In de onderstaande tabel zijn de extra aan te vragen investeringskredieten (kolom ‘mutatie krediet 2027’) opgenomen inclusief de verwachte vervangingsinvesteringen voor de komende periode. Voor 2027 is dit op basis van de verwachte investeringen niet noodzakelijk. In 2027 betreft het voornamelijk investeringen ten behoeve van vervangingen in inventaris, audiometers, koelkasten en/of IT-apparatuur. Investeringsoverzicht per categorie (x€ 1.000) - Bedrijfsgebouwen Verbouwingen CB-locaties Verbouwing de Dreef 21 - Machines, apparaten en installaties (medische) Apparatuur Installaties - Overige materiele activa Inventaris Automatisering - Vervoersmiddelen Totalen
Krediet
Investeringen
ultimo-2026
2027
Mutatie Krediet 2027
Krediet
Inv* Inv*
Inv*
ultimo-2027
2028
2029
2030
71 -
-
-
71 -
-
-
-
139 -
108 -
-
31 -
95 -
95 -
95 -
371 226 806
150 175 433
-
221 51 374
260 200 555
188 300 583
155 1.625 1.875
* verwachte investeringen
De GGDrU streeft naar een ideaalcomplex voor de investeringen. De bedoeling hiervan is dat de afschrijvingslasten voor de komende jaren ongeveer even hoog zijn. De afschrijvingslast ziet er voor de komende jaren er als volgt uit en deze sluiten aan met de verwachte bovenstaande investeringen. Afschrijvingsstaat
Afschrijving
Afschrijving
Afschrijving
Afschrijving
(x € 1.000)
2027
2028
2029
2030
- Bedrijfsgebouwen - Machines, apparaten en installaties Apparatuur Installaties
241
271
271
271
100 176
102 175
106 175
106 171
117 341 25 1.000
127 300 25 1.000
139 284 25 1.000
151 276 25 1.000
- Overige materiele activa Inventaris Automatisering
- Vervoersmiddelen Totaal
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
30
3.5 Meerjarenraming 2027-2030 De gecomprimeerde meerjarenraming van het programma Publieke Gezondheid is gebaseerd op de pijlers uit deze begroting. In deze meerjarenraming is rekening gehouden met de toekomstige prijsontwikkeling gepubliceerd in de septembercirculaire 2025 en de incidentele effecten in de (ontwerp)begroting 2027-0, welke in de volgende paragraaf uiteen zijn gezet. Programma (x €1.000)
Raming 2027
Raming 2028
Raming 2029
Raming 2030
Publieke Gezondheid
Baten 72.070
Lasten Saldo 71.972 98
Baten 73.763
Lasten Saldo Baten Lasten Saldo 73.912 -149 73.653 73.550 103
Geraamde saldo Mutaties reserves Geraamd resultaat
72.070 72.070
71.972 98 72.070
73.763 249 74.013
73.912 101 74.013
98 -98 -
-149 73.653 73.550 149 103 - 73.653 73.653
Baten Lasten Saldo 75.422 75.462 -40
103 75.422 -103 145 - 75.568
75.462 106 75.568
-40 40 -
3.6 Overzicht van incidentele baten en lasten De (ontwerp)begroting 2027-0 is gebaseerd op structurele baten en lasten. Daarbij worden de maatwerkafspraken met gemeenten voor de vorm als structureel gecategoriseerd. Uiteraard zijn gemeenten autonoom in het bepalen van de omvang van het maatwerk. Op basis van artikel 23, onderdeel b van het BBV, zijn in de onderstaande tabel alle incidentele baten, lasten en mutaties in reserves opgenomen. Incidentele Baten & lasten ( x € 1.000)
Incidentele lasten Versterking Infectieziektebestrijding & Pandemische Paraatheid (VIP) Doorvoeren van RVP-Wijzigingen Regiodeal 2.0 - RIVM Uitvoeren volwassenen monitor 2028 Uitvoeren jeugd monitor 2030 Totaal incidentele lasten Incidentele baten Versterking Infectieziektebestrijding & Pandemische Paraatheid (VIP) Incidentele bijdrage RVP-wijzigingen gemeenten & RIVM Regiodeal 2.0 - RIVM Totaal incidentele baten Reserves Onttrekking Monitor Volwassenen / Jeugd Totaal incidentele mutaties reserves Geraamd incidenteel resultaat
Raming Raming Raming Raming 2027 2028 2029 2030 1.909 183 71 2.163
1.909 72 249 2.230
74 74
145 145
1.909 183 71 2.163
1.909 72 1.981
74 74
-
-
249 249
-
145 145
-
-
-
-
Uit de tabel is te halen dat er in de begroting meerjarig een aantal projecten uitgevoerd gaan worden waar incidentele financiering voor beschikbaar is. We sturen erop dat er geen meerjarige structurele financiële verplichtingen ontstaan, door de uitvoering van deze projecten.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
31
In de geactualiseerde BBV notitie ‘Notitie structurele en incidentele baten en lasten 2025’ is aanbevolen om onderstaande tabel op te nemen, zodat inzichtelijk wordt gemaakt welke invloeden de incidentele baten en lasten hebben op het structurele begrotingssaldo. Raming Raming Raming Raming 2027 2028 2029 2030
Structureel & Incidenteel begrotingssaldo (x € 1.000)
Geraamde lasten Geraamde baten Geraamd saldo baten en lasten (saldo voor bestemming) Beoogde toevoegingen aan reserves Beoogde onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming (geraamd resultaat) Waarvan incidentele lasten Waarvan incidentele baten en onttrekkingen reserves Saldo incidentele baten en lasten
71.972 72.070 98 98 2.163 2.163 -
73.912 73.763 -149 101 249 2.230 2.230 -
73.550 73.653 103 103 74 74 -
75.462 75.422 -40 106 145 145 145 -
Structureel begrotingssaldo (geraamd structureel resultaat)
-
-
-
-
3.7 Beleidsindicatoren Conform de regeling beleidsindicatoren gemeenten van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 24 maart 2016 moeten onderstaande beleidsindicatoren in de programmaverantwoording van GGDrU worden opgenomen.
Omschrijving
Eenheid
Inwoners per 1-1-25 Apparaatskosten Apparaatskosten per inwoner
aantal € 1.000 €
1.409.144 16.326 11,59
Formatie (exclusief inhuur) Formatie per 1.000 inwoners
Fte Fte
543 0,39
Bezetting (exclusief inhuur) ultimo 2025 Bezetting per 1.000 inwoners
Fte Fte
608 0,43
Kosten inhuur derden Loonsom (exclusief overige personeelslasten) Kosten inhuur derden in % van loonsom
€ 1.000 € 1.000 %
3.049 53.248 5,7%
Overhead Totale lasten Overhead in % van totale lasten
€ 1.000 € 1.000 %
16.326 72.070 22,7%
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
Score
32
4 Verplichte paragrafen Dit hoofdstuk bevat de in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) voorgeschreven paragrafen met uitzondering van lokale heffingen en grondbeleid. Deze laatste twee paragrafen zijn niet van toepassing op GGDrU. Het gaat om de volgende paragrafen: • Weerstandsvermogen en risicobeheersing • Bedrijfsvoering • Verbonden partijen • Onderhoud kapitaalgoederen • Financiering en treasury • Openbaarheidsparagraaf
4.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 4.1.1 Weerstandsvermogen Kunnen we financiële tegenvallers opvangen zonder te bezuinigen? Het antwoord op deze vraag is te vinden in het weerstandsvermogen van GGDrU. Het weerstandsvermogen is het resultaat van de verhouding tussen enerzijds de weerstandscapaciteit en anderzijds de risico’s die financiële impact kunnen hebben op de organisatie. De weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve. Per 31 december 2025 bedraagt de weerstandscapaciteit € 2.486.275 (zijnde de algemene reserve van GGDrU) vòòr resultaatbestemming 2025. 4.1.2 Risicobeheersing In de nota ‘Weerstandsvermogen en risicomanagement’ (vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur op 5 juli 2023) zijn uitgangspunten opgenomen voor de uitvoering van de risico-inventarisatie. De actualisatie van de risico-inventarisatie vindt jaarlijks plaats door deze risico’s met de betreffende verantwoordelijken te bespreken. Medio januari 2025 heeft de meest recente actualisatie van de risico-inventarisatie plaatsgevonden. Deze actualisatie maakt onderdeel uit van de reguliere P&C-cyclus en heeft daardoor nadrukkelijk de aandacht van GGDrU.
Reizigersadvisering In 2019 is besloten om voor de taak ‘Reizigersadvisering’ een separate bestemmingsreserve te vormen, zodat de jaarlijkse exploitatieresultaten van deze taak ten gunste of ten laste van deze reserve worden gebracht. Zodra de bestemmingsreserve afdoende is opgebouwd zal een eventueel gekwantificeerd risico niet meer ten laste van de weerstandscapaciteit komen. Jeugdgezondheidszorg Ten aanzien van de taak ‘Jeugdgezondheidszorg’ is een vrijwaringsbepaling vastgelegd met de gemeente Utrecht. Dit houdt in dat de gemeente Utrecht wordt gevrijwaard voor JGZexploitatieresultaten. Eventuele risico’s hierop (DDJGZ en JGZ-exploitatieresultaten) worden separaat afgedekt en niet middels aanhouden van een algemene reserve. Voor alle andere financieel gekwantificeerde risico’s is het gewenst dat GGDrU hiervoor over voldoende weerstandscapaciteit beschikt.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
33
De actualisatie van de risico-inventarisatie leidt tot onderstaande risicokaart, waarbij de GGDrU-brede risico’s, risico's ten aanzien van Reizigersadvisering en risico's inzake DDJGZ tezamen zijn opgenomen. In de uitwerking van de kwantificering van de risico’s naar euro’s weerstandsvermogen wordt wel een splitsing aangebracht in de drie groepen (interne bedrijfsvoering, samenwerking in de gemeenschappelijke regeling en externe ontwikkelingen) van risico’s.
Midden
- AVG - Implementatie nieuw DDJGZ - Claim afgewezen partij nwe aanbesteding
- Tekort gekwalificeerd personeel - Samenwerking tbv robuuste FG - Fiscaliteit
- Europees Aanbesteden - IT omgeving - Juridische claim leverancier GGiD
- Fluctuatie # inwoners en kinderen - RI&E - Schijnzelfstandigheid5 - Vraag reisadvies
- Maatwerk - Nieuwe pandemie / disruptieve gebeurtenissen - Ombuigingen - Wijziging ASG-subsidie
- PGA
Laag
IMPACT
Hoog
Heatmap
Laag
Midden
Hoog
KANS
4.1.3 Kwantificering GGD-brede risico’s Op basis van de geactualiseerde risico-inventarisatie heeft een financiële kwantificering plaatsgevonden van de benoemde GGD-brede risico’s (NB: de geactualiseerde risicoinventarisaties van reizigersadvisering en DDJGZ, waaronder GGiD, worden separaat in deze paragraaf beschreven). Dit leidt uiteenzetting op de volgende pagina
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
34
Nr A
A1.
A2.
Onderwerp
Omschrijving risico
Actiepunt / beheersmaatregel
Intern is niet bij alle betrokkenen voldoende kennis en capaciteit op het gebied van aanbesteden
Er wordt niet voldaan aan de aanbestedingsregels leidend tot issues op het gebied van rechtmatigheid en verschil van inzicht tussen GGDrU en (mogelijke) marktpartijen wat kan resulteren in claims en/of geschillen
Doorontwikkeling centraal beheerde inkoopkalender en centraal ingericht digitaal contractbeheer zodat de juiste informatie op het juiste tijdstip en op de juiste plaats beschikbaar is. Daarnaast continuering periodieke aandacht voor interne communicatie van het inkoop- en aanbestedingenbeleid.
Complexe IT-omgeving met veel verschillende applicaties
Onvoldoende adequaat applicatiebeheer leidt tot risico's op het gebied van veiligheid en toepassing in de praktijk
Oorzaak risico
Benodigde weerstandscapaciteit 2025
INTERNE BEDRIJFSVOERING
Europees aanbesteden (EA)
IT omgeving
Blijvend uitvoering geven aan I-visie waarmee structureel wordt ingezet op adequaat applicatiebeheer voor GGD-brede applicaties en centraliseren van applicatiebeheer van applicaties die door specifieke afdelingen worden gebruikt. Daarnaast uitvoering geven aan projectplan NEN7510-certificering. Cyclische benadering beleid, processen en projectuitvoering. Verdere invulling door beleidsen uitvoeringskaders. Optimaliseren taakverdeling met voldoende functiescheiding tussen Functionaris Gegevensbescherming (FG), Information Security Officer (ISO) en Privacy Officer (PO). Maatregelen blijven nemen om persoonsgegevens beter te beschermen.
12.000
12.000
A3.
Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)
GGDrU maakt veel gebruik van persoonsgegevens. Zowel bij de coronadienstverlening (persoonsgegevens bij vaccineren) als bij de non-covid-dienstverlening
Niet voldoen aan wet- en regelgeving inzake omgang met persoonsgegevens
A4.
Fluctuatie inwoner- en kindaantallen
Groot deel JGZ gefinancierd op basis van kindaantallen en groot deel Wpg-taken gefinancierd op basis van inwoneraantallen. Inwoneraantal vertoont een stijgende trend en kindaantal een dalende trend.
Structurele lasten bij fluctuerende baten geeft risico op druk op het exploitatieresultaat
Deels op te vangen door natuurlijk verloop medewerkers. Eventueel methodiek financiering evalueren.
30.000
A5.
Publieke Gezondheid Asielzoekers (PGA)
Wisselende instroom van asielzoekers
Structurele lasten bij fluctuerende baten geeft risico op druk op het exploitatieresultaat
Opvangen via inzet tijdelijke krachten
3.750
A6.
Tekort gekwalificeerd personeel
Lastig om personeel te vinden (zowel medisch als niet-medisch personeel)
Onvoldoende capaciteit en kennis Blijvend inzetten op maatregelen om goed voor werk. Druk op bestaand gekwalificeerd personeel aan te trekken en te personeel neemt toe met verhoogd behouden. risico op ziekteverzuim
200.000
A7.
Fiscaliteit
Onjuiste, niet tijdige of onvolledige informatieverstrekking aan de belastingdienst
Niet voldoen aan fiscale regelgeving (leidend tot mogelijke boetes)
Inzet op een zorgvuldig werkproces bij loonbelastingopgaves, Btw aangiften, opgaves aan het Btw-compensatiefonds en de WKR
112.500
A8.
Schijnzelfstandigheid
Handhaving Wet DBA per 1-1-2025
Boetes en naheffingen door de Belastingdienst bij onjuiste naleving wetgeving.
Onderzoeken waar dit speelt binnen GGDrU en welke maatregelen kunnen worden getroffen om het risico te mitigeren.
30.000
B
SAMENWERKING IN DE GR
B1.
Ombuigingen
Ombuigingen zijn noodzakelijk voor structureel en reëel evenwicht in de meerjarenbegroting
Ombuigingen worden niet In december 2022 is het ombuigingenplan 2023uitgevoerd conform plan leidend tot 2026 geactualiseerd en vastgesteld door het AB. de noodzaak tot het vinden van GGDrU monitort de voortgang. alternatieven
180.000
B2.
Maatwerk
Fluctuatie in afname maatwerk door gemeenten. Wijzigingen in het gemeentefonds en onzekerheid in de uitwerking van akkoorden als AZWA leiden tot minder stabiele maatwerkafname.
Structurele lasten bij fluctuerende baten geeft risico op druk op het exploitatieresultaat
GGDrU blijft in gesprek met gemeenten over de regionale samenwerking op gezondheidsvlak.
320.000
B3.
GGDrU, GGD Flevoland en GGD Gooi- en Samenwerking leidt niet tot een Forensische Geneeskunde; Vechtstreek werken samen op politieregio-niveau robuustere dienstverlening wat het samenwerking tbv een en trekken als FGMN samen met Amsterdam/NH binden van nieuwe medewerkers robuuste FG samen op met als doel landelijk een robuuste moeilijker maakt in een toch al dienstverlening te waarborgen. vergrijzend vakgebied.
Het proces van samenwerking op politieregioniveau is voltooid. GGDrU houdt continue aandacht op het proces van verdere samenwerking landelijk.
200.000
In 2025 geeft GGDrU uitvoering aan het facilitaire deel van het RI&E (in 2024 was het deel welzijn al uitgevoerd). Het RI&E is een meerjarig plan van aanpak met als doel minder ziekteverzuim, het bevorderen van werkplezier en productiviteit.
30.000
C
80.000
EXTERNE ONTWIKKELINGEN
C1.
Risico Inventarisatie & Evaluatie
C2.
Nieuwe pandemie / disruptieve gebeurtenissen
C3.
Wijzigingen subsidie seksuele gezondheid
Door ontbreken adequate Arbobeleid is wettelijk verplicht. De werkgever maatregelen ontstaan dient zorg te dragen voor een gezonde en veilige gezondheidsklachten en (thuis)werkplek van de werknemer ongevallen.
GGDrU neemt de geleerde lessen (samen met Onzekerheden over toekomstige verloop van Capaciteitsproblemen (schaarste andere betrokken partijen) uit de pandemieën en nieuwe infectieziekten en overige van mensen, (financiële) middelen, coronapandemie mee. En spant zich in voor disruptieve gebeurtenissen en de gevolgen voor kennis) om de crisis adequaat te goede structurele maatregelen en bijbehorende de volksgezondheid op korte en lange termijn kunnen bestrijden middelen om in de toekomst pandemisch paraat te zijn en te blijven. GGDrU treft maatregelen om de korting op de SPUK ASP/PreP te ondervangen en houdt in de Structurele lasten bij fluctuerende gaten hoe een eventuele nieuwe verdeelsleutel Mogelijke veranderingen in wetgeving en baten geeft risico op druk op het van de landelijke middelen eruit komt te zien. financiering exploitatieresultaat Verder wordt gemonitord welke AZWA-middelen voor dit doel naar gemeenten gaan.
Totaal GGD-brede risico’s
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
320.000
180.000
€ 1.710.250
35
Benodigde weerstandscapaciteit GGD-brede risico’s Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 1.710.250. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 2.486.275. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 1,454. Hiermee zijn de genoemde risico’s financieel afdoende afgedekt. Kwantificering risico Reizigersadvisering Op basis van de geactualiseerde risico-inventarisatie heeft een financiële kwantificering plaatsgevonden van het benoemde risico ten aanzien van de taak Reizigersadvisering. Dit leidt tot de volgende opstelling.
Weerstandscapaciteit risico Reizigersadvisering De weerstandscapaciteit voor dit risico bestaat uit de bestemmingsreserve Reizigersadvisering. Per 31 december 2025 bedraagt de weerstandscapaciteit € 3.000. Benodigde weerstandscapaciteit risico Reizigersadvisering Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 30.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 3.000. Hiermee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 0,1 en is het genoemde risico financieel niet afdoende afgedekt. In principe kan dan de algemene reserve als buffer fungeren. Kwantificering risico DD-JGZ Op basis van de geactualiseerde risico-inventarisatie heeft een financiële kwantificering plaatsgevonden van het benoemde DD-JGZ-risico. Dit leidt tot de volgende opstelling.
Nr
Onderwerp
A
INTERNE BEDRIJFSVOERING
A1.
Implementatie nieuw DDJGZ
B
SAMENWERKING IN DE GR
C
EXTERNE ONTWIKKELINGEN
C1.
Juridische claim leverancier GGiD
C2.
Juridische claim afgewezen partij nieuwe aanbesteding DDJGZ
Benodigde weerstandscapaciteit 2025
Omschrijving risico
Actiepunt / beheersmaatregel
De implementatie verloopt niet volgens plan en leidt tot tijdelijke problemen met het werken in het digitaal dossier met meerkosten tot gevolg
Bekwame projectleiding in de implementatieperiode
20.000
Verschil van inzicht oplevering product
Tegenpartij start een rechtszaak met nadelige uitkomst voor GGDen
In zorgvuldige afstemming met de andere twee GGD-en en de inzet van gespecialiseerde advocaten draagt GGDrU zorg voor een zo sterk mogelijke juridische positie.
3.000
De partij die heeft ingeschreven op de Europese aanbesteding nieuw DDJGZ maar de opdracht niet gegund heeft gekregen poogt via een juridisch traject alsnog de opdracht gegund te krijgen
Tegenpartij start een rechtszaak met nadelige uitkomst voor GGDen
De aanbesteding is zorgvuldig doorlopen en juridisch getoetst. Bij de implementatie wordt ook nadrukkelijk strak gekeken naar de uitvoering conform plan.
20.000
Oorzaak risico
Gunning na afloop van de nieuwe aanbesteding DDJGZ leidt tot een implementatieperiode
Totaal risico's DDJGZ
€ 43.000
Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 43.000. De beschikbare weerstandscapaciteit wordt gevormd door de bestemmingsreserve JGZ. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 43.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 991.145. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 23,0. Hiermee is het genoemde risico financieel afdoende afgedekt.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
36
4.1.4 Financiële kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de resultatenrekening of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van GGDrU. Deze kengetallen maken inzichtelijk(er) over hoeveel (financiële) ruimte GGDrU beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. De kengetallen bedoeld in artikel 11, tweede lid, onderdeel d uit het BBV, zijn in de onderstaande tabel berekend en toegelicht en zijn afgeleid uit de geprognosticeerde balans (zie hoofdstuk 5). Zie voor een nadere toelichting ook bijlage 3. Twee kengetallen (grondexploitatie en belastingcapaciteit) hebben geen betrekking op GGDrU. Kengetallen Netto schuldquote
Realisatie 2025
Begroting 2026-0
Begroting 2027-0
2,5%
10,7%
7,8%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
2,5%
10,7%
7,8%
Solvabiliteitsratio
23,1%
9,3%
13,8%
Structurele exploitatieruimte
0,0%
0,0%
0,0%
1. Netto schuldquote (inclusief gecorrigeerd voor alle leningen) De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Volgens het BBV moeten twee ratio’s worden weergegeven, te weten de ‘netto schuldquote’ en ‘netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen’. Hoe hoger de schuld hoe hoger de netto schuldquote. De positie van GGDrU is positief te noemen; het percentage voor 2027 van 7,8% bevindt zich in de categorie 'minst risicovol’ aangezien deze lager is dan negentig procent. De verhouding stijgt ten opzichte van de realisatie 2025, dit wordt veroorzaakt door de incidentele baten vanuit VIP welke een gunstig effect had op het kengetal. 2. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin GGDrU in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe beter GGDrU zijn verplichtingen kan voldoen en hoe gunstiger de financiële weerbaarheid is. De solvabiliteit wordt berekend als de verhouding tussen het eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen. De solvabiliteitverhouding 2026 laat een beperkte daling zien ten opzichte van de realisatie 2025, dit als gevolg van de geprognotiseerde onttrekkingen aan de reserves in 2026.
De solvabiliteitsratio van 13,8% voor 2027 bevindt zich in de categorie 'meest risicovol’ aangezien deze lager is dan twintig procent. 3. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een neutraal of positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente van de langlopende leningen) te dekken. Voor 2027 valt de structurele exploitatieruimte met 0% in categorie 'Neutraal'.
4.2
Bedrijfsvoering
Deze paragraaf geeft inzicht in de ontwikkelingen op het gebied van bedrijfsvoering. De bedrijfsvoering bestaat uit alle beherende, verantwoordende en controlerende activiteiten die de organisatie in staat stellen om de voorgenomen activiteiten binnen de productgroepen en prestaties zo effectief en efficiënt mogelijk te realiseren.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
37
Formatie De totale formatie van onze organisatie komt uit op 542,93 fte (peildatum 1-1-2027). Hiervan is 92,19 FTE actief in de ondersteunende diensten (Financiën, HR, ICT, Facilitair, Directie, Secretariaat, Strategisch Beleid, Kwaliteit, Communicatie en Control). Verzekeringen GGDrU voert het beheer van zijn verzekeringen in eigen beheer uit. Het pakket bestaat uit de volgende verzekeringen: • brand- en exploitatiekostenverzekering; • aansprakelijkheidsverzekering; • werkgevers aansprakelijkheidsverzekering bestuurder motorrijtuigen verzekering; • wagenparkverzekering; • rechtsbijstandverzekering; • computer- en elektronicaverzekering.
4.3
Verbonden partijen
Deze paragraaf geeft inzicht in ‘derde rechtspersonen’ waarin GGDrU een bestuurlijk en financieel belang heeft. Dit belang heeft zowel betrekking op privaatrechtelijke als publiekrechtelijke organisaties. Privaatrechtelijke organisaties zijn in het Burgerlijk Wetboek nader geregeld, en kunnen stichtingen, verenigingen, coöperaties, vennootschappen en deelnemingen zijn. 4.3.1 GGD GHOR Nederland (Vereniging voor Publieke Gezondheid en Veiligheid (PGV)) GGD GHOR Nederland is de koepelorganisatie van de GGD-en en GHOR bureaus. Vanuit GGD GHOR Nederland wordt, voor en in samenspraak met de DPG-en, de lobby en belangenbehartiging voor de GGD-en en GHOR bureaus gedaan richting politiek en stakeholders. Daarnaast voert GGD GHOR Nederland projecten uit, die vanuit efficiency oogpunt centraal moeten worden uitgevoerd en die randvoorwaarden en producten opleveren waarmee de GGD-en hun werkzaamheden kunnen verrichten. Bestuurlijk en financieel belang Het hoogste orgaan van GGD GHOR Nederland is de Raad van DPG-en. Hierin worden de 25 GGD-en en GHOR-bureaus vertegenwoordigd door hun Directeur Publieke Gezondheid (DPG). Het presidium bestaat uit vijf leden van het algemeen bestuur. GGDrU betaalt op jaarbasis een contributie aan GGD GHOR Nederland gebaseerd op een bijdrage per inwoner. Voor 2025 bedroeg deze contributie € 261.281.
Mate van beïnvloedbaarheid in bedrijfsvoering Een beperkte mate van beïnvloedbaarheid in de bedrijfsvoering is mogelijk via de afvaardiging van de Directeur Publieke Gezondheid van GGDrU in zowel de vergadering van DPG-en als het presidium. Artikel 15 lid 2 van het BBV geeft aan dat per verantwoorde verbonden partij de omvang van het eigen en vreemd vermogen aan het begin en einde van het begrotingsjaar en het financiële resultaat over het begrotingsjaar moet worden verantwoord. In de begroting van deze verbonden partij zijn deze gegevens niet opgenomen.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
38
4.4
Onderhoud kapitaalgoederen
Om kwaliteit te kunnen leveren, moet GGDrU over adequate huisvesting beschikken. Het is van belang dat de waarde van onze gebouwen op peil blijft. Die waarde hangt samen met de aantrekkelijkheid van de gebouwen en hun omgeving. Voor de hoofdvestiging zijn onderhoudscontracten afgesloten voor installaties en bouwkundige onderdelen. Voor overige kapitaalgoederen zoals archiefstellingen worden ook onderhoudscontracten afgesloten. Daarmee borgen we de functionaliteit en levensduur. In het geval van lease of huur wordt het onderhoud in contracten meegenomen. Sinds 2004 is GGDrU eigenaar van het gebouw De Dreef 5 in Zeist, dat fungeert als hoofdgebouw. De aanvulling op de voorziening voor groot onderhoud is gebaseerd op een gedetailleerd meerjaren onderhoudsplan (MJOP). In december 2023 heeft een extern bureau een actualisatie uitgevoerd van dit meerjaren onderhoudsplan. Uit dit onderzoek bleek dat in 2023 een deel van de voorziening kon vrijvallen en dat de jaarlijkse dotatie van € 35.000 toereikend is voor de komende jaren.
4.5
Financiering en treasury
GGDrU beschikt over een actueel treasurystatuut. In de paragraaf leggen we de begrippen uit. Ook beschrijven we de renteontwikkeling, kasgeldlimiet, renterisico en onze financieringspositie. In dit statuut is onder meer opgenomen dat, door de invoering van het Schatkistbankieren, de verplichting geldt dat overtollig kasgeld dagelijks naar de staatskas moeten worden afgestort. Renterisiconorm Het renterisico op de lange financiering is gebonden aan een maximum. Dit is wettelijk vastgesteld op de renterisiconorm van 20% van het begrotingstotaal. Onder lange financiering vallen alle financieringsvormen met een rente typische looptijd van langer dan één jaar. De definitie van renterisico is het minimum van de netto nieuw aangetrokken schuld en de betaalde aflossingen, vermeerderd met het saldo van contractuele renteherzieningen op de opgenomen en uitgezette geldleningen. In de onderstaande tabel staat het renterisico voor de jaren 2026 tot en met 2029.
Renterisico norm (x € 1.000)
1.
Renteherziening
2.
Betaalde aflossingen
Begroting 2027-0
Begroting 2028-0
Begroting 2029-0
Begroting 2030-0
-
-
-
-
404 404
404 404
404 404
404 404
1+2 = 3
Renterisico
4.
Renterisico-norm
14.414
14.803
14.731
15.114
5a.
Ruimte onder renterisico-norm (4 > 3)
14.414
14.803
14.731
15.114
5b.
Overschrijding renterisico-norm (3 > 4)
-
-
-
-
72.070
74.013
73.653
75.568
20%
20%
20%
20%
14.414
14.803
14.731
15.114
Berekening renterisico-norm 4a. 4b. 4. (4a * 4b)
Begrotingstotaal jaar T Het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage Renterisico-norm
Renteontwikkeling (ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
39
Wij hebben ten tijde van opstellen van de (ontwerp)begroting 2027-0 één pand in eigendom waarvoor in 2004 twee leningen zijn afgesloten, waarvan één lening waarvan de rentevervaldatum samenvalt met de datum waarop de gehele lening wordt afgelost in 2034. In 2021 zijn er ten behoeve van de renovatie van de Dreef 5 drie leningen met een verschillende looptijd afgesloten. Het rentepercentage voor deze drie leningen zijn voor de gehele looptijd afgesproken. Lening nummer
Instelling
Eerste jaar overeenkomst
Looptijd
Rente %
Rente/Aflossing
40.98570.01
BNG
2004
30 jr.
0,05%
12 x per jaar
40.98688.02
BNG
2004
30 jr.
0,82%
12 x per jaar
40.115068
BNG
2021
25 jr.
0,45%
1 x per jaar
40.115069
BNG
2021
15 jr.
0,20%
1 x per jaar
40.115070
BNG
2021
10 jr.
0,05%
1 x per jaar
In de volgende tabel staan de rente en aflossingen van 2027 tot en met 2030.
Overzicht afgesloten leningen
Begroting 2027-0
Begroting 2028-0
Begroting 2029-0
Begroting 2030-0
Totaal vaste schuld begin Lening nummer: 40.98570.01
1.036.664
892.236
747.736
603.164
Lening nummer: 40.98688.02
3.350.000
3.350.000
3.350.000
3.350.000
Lening nummer: 40.115068
920.000
874.000
828.000
782.000
Lening nummer: 40.115069
1.433.333
1.290.000
1.146.667
1.003.333
Lening nummer: 40.115070
350.000
280.000
210.000
140.000
7.089.997
6.686.236
6.282.403
5.878.497
Lening nummer: 40.98570.01
-
-
-
-
Lening nummer: 40.98688.02
-
-
-
-
Lening nummer: 40.115068
-
-
-
-
Lening nummer: 40.115069
-
-
-
-
Lening nummer: 40.115070
-
-
-
-
-
-
-
-
Lening nummer: 40.98570.01
144.428
144.500
144.572
144.644
Lening nummer: 40.98688.02
-
-
-
-
Lening nummer: 40.115068
46.000
46.000
46.000
46.000
Lening nummer: 40.115069
143.333
143.333
143.333
143.333
Lening nummer: 40.115070
70.000
70.000
70.000
70.000
403.761
403.833
403.905
403.977
Totaal vaste schuld begin Opnamen
Totaal Opnamen Aflossingen
Totaal aflossingen
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
40
Schuld Ultimo Lening nummer: 40.98570.01
892.236
747.736
603.164
458.520
Lening nummer: 40.98688.02
3.350.000
3.350.000
3.350.000
3.350.000
Lening nummer: 40.115068
874.000
828.000
782.000
736.000
Lening nummer: 40.115069
1.290.000
1.146.667
1.003.333
860.000
Lening nummer: 40.115070
280.000
210.000
140.000
70.000
6.686.236
6.282.403
5.878.497
5.474.520
Lening nummer: 40.98570.01
518
446
374
302
Lening nummer: 40.98688.02
27.470
27.470
27.470
27.470
Lening nummer: 40.115068
4.140
3.933
3.726
3.519
Lening nummer: 40.115069
2.867
2.580
2.293
2.007
Totaal vaste Schuld Ultimo Rente
Lening nummer: 40.115070 Totaal Rente
175
140
105
70
35.170
34.569
33.968
33.367
Kasgeldlimiet Het renterisico op de korte financiering wordt wettelijk begrensd door de kasgeldlimiet. Hiertoe behoren alle rekening-courant saldi en kortlopende financieringen met een rente typische looptijd korter dan één jaar. De kasgeldlimiet is een percentage van de omzet in de begroting. Voor gemeenschappelijke regelingen is dit percentage 8,2% van het begrotingstotaal aan lasten vóór bestemming, dus met uitzondering van stortingen in reserves. Onze kasgeldlimiet voor 2027 is € 5,910 miljoen, dit is immers 8,2% van € 72,1 miljoen. Onze huidige financiële positie geeft geen aanleiding om voor 2027 maatregelen voor te stellen.
4.6 Openbaarheidsparagraaf De openbaarheidsparagraaf is een nieuwe verplichte paragraaf die voortkomt uit artikel 3.5 van de Wet open overheid (Woo). De wet is bedoeld om bestuursorganen transparanter te maken en zo het belang van openbaarheid van publieke informatie beter te dienen. Om tot deze transparantie te komen dient informatie beter vindbaar en uitwisselbaar te worden. Op drie thema’s (actieve openbaarmaking, passieve openbaarmaking en de verbetering van de informatiehuishouding) worden acties uitgevoerd om de transparantie te bevorderen. Actieve openbaarmaking Onder actieve openbaarmaking verstaan we de activiteiten die ondernomen zijn om informatie uit eigen beweging openbaar te maken voor de samenleving. GGDrU houdt hierbij de werkwijze aan van VNG: het getrapt invoeren van de verschillende onderdelen van actieve publicatie van overheidsinstanties. De categorieën worden openbaar gemaakt op de website. Via het hiertoe aangewezen landelijke platform de Wooindex wordt hiernaar verwezen (zie woo-index GGDrU). Op termijn wordt onderzocht waar we grotere hoeveelheden data duurzaam toegankelijk op kunnen slaan. Reeds opgeleverd: agenda's en besluitenlijsten bestuur, bereikbaarheidsgegevens en organisatie en werkwijze.
Hiertoe is op de website inmiddels een organogram en aanvraagformulier beschikbaar en de taak van een contactfunctionaris Woo is belegd (artikel 4.7 van de Woo). Passieve openbaarmaking (ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
41
Onder passieve openbaarmaking verstaan we het openbaar maken van informatie naar aanleiding van een Woo-verzoek. Evenals het beoordelen van deelbesluiten waarin derden documenten van GGDrU openbaar willen maken in het kader van een Woo-verzoek. Deze verzoeken worden behandeld door de Woo-contactpersoon. Elk verzoek blijft echter voor de betrokken teams/medewerkers dus een extra belasting naast de normale, primaire werkzaamheden. Verbetering van de informatiehuishouding GGDrU heeft een openbare contactpagina voor inkomende Woo-verzoeken. Hier kunnen vragen van externen over de beschikbaarheid van (publieke) informatie op een laagdrempelige manier gesteld en beantwoord worden. Er wordt gewerkt met een kwaliteitssysteem om de kwaliteit van de informatiehuishouding constant te monitoren en verbeteren. Daarnaast is er gestart met een organisatiebreed project waarbij de digitale opslagplaatsen op een duurzame manier geordend worden. Door de informatiehuishouding op orde te brengen wordt niet alleen het actief openbaren overzichtelijker en beter uitvoerbaar, maar kunnen we ook sneller en beter voldoen aan de afhandeling van Wooverzoeken.
4.7 Overige paragrafen De overige verplichte paragrafen zoals lokale heffingen en grondbeleid zijn niet van toepassing op GGDrU.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
42
5
Geprognosticeerde balans 2027
5.1 Balans Balans - Activa
Balans 2026
Balans 2027
12.326
11.744
32
32
86
86
3.000 150 15.513 18.663
3.000 150 14.923 18.071
450
450
a. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
2.000
2.000
b. Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen.
1.000
1.000
3.000
3.000
34.556
33.384
(x €1.000)
Vaste activa 1. Materiële vaste activa a. Investeringen met een economisch nut
2. Financiële vaste activa a. Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd > 1 jaar
Vlottende activa 3. Voorraden a. Gereed product en handelsgoederen
4. Uitzettingen rentetypische looptijd < 1 jaar a. Vorderingen op openbare lichamen b. Overige vorderingen c. Uitzetting in 's Rijks schatkist
5. Liquide middelen 6. Overlopende activa
Totaal Activa
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
43
Balans - Passiva
Balans 2026
Balans 2027
2.486 2.035 4.521
2.486 2.133 4.619
8. Voorzieningen
1.445
1.579
9. Vaste schulden
7.090
6.686
8.500
8.500
1.000
1.000
12.000
11.000
13.000
12.000
34.556
33.384
(x €1.000)
Vaste passiva 7. Eigen vermogen a. Algemene reserve b. Overige bestemmingsreserves c. Gerealiseerde resultaat
Vlottende passiva 10. Netto-vlottende schulden met rentetypische looptijd < 1 jaar a. Overige schulden
11. Overlopende passiva a. Verplichtingen opgenomen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen. b. De van Europese en/of Nederlandse overheidslichamen (vooruit)ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
4
In de volgende paragrafen gaan we op basis van deze balans specifiek in op mutaties in de reserves alsmede de voorzieningen. De wijzigingen in de materiele vaste activa komen voort uit nieuwe investeringen en jaarlijkse afschrijvingen. De verwachting is dat de uitzetting in de rijksschatkist daalt vanwege deze investeringen en de aflossing van de vaste schulden. De mutaties in de vaste schulden is uitgewerkt in paragraaf 4.5.
5.2
Reserves
In de volgende tabel is een overzicht opgenomen van de geprognosticeerde saldi van reserves per 1 januari 2027 en 31 december 2027. Basis voor de berekening is de reservepositie per 31 december 2025, zoals blijkt uit de jaarstukken 2025, gewijzigd met de verwachte mutaties in 2026 en 2027.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
44
Reserves
Saldo
(x € 1.000)
01-01-2027
Algemene reserve - Publieke Gezondheid Totaal algemene reserve Bestemmingsreserves - JGZ - Monitor Volwassenen / Jeugd - Versterking kennis en adviesfunctie - GB strategie - Reizigersadvisering
2.486 2.486
991 122 719 200 3
Dotatie
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
31-12-2027
31-12-2028
31-12-2029
31-12-2030
-
2.486 2.486
2.486 2.486
2.486 2.486
2.486 2.486
991 71 719 200 3
991 174 719 200 3
991 134 719 200 3
Onttrekking
-
-
-
98
-
-
-
991 220 719 200 3
Totaal bestemmingsreserves
2.035
98
-
2.133
1.984
2.087
2.047
Totaal
4.521
98
-
4.619
4.470
4.573
4.534
5.2.1 Algemene reserve Publieke Gezondheid Deze algemene reserve is bestemd voor de egalisatie van incidentele, niet voorziene tegenvallers binnen GGDrU. In de algemene reserve wordt geen mutatie verwacht in 2027. Hiermee blijft het geprognosticeerde saldo van de algemene reserve boven het benodigde weerstandsvermogen. De reserve dient tenminste een omvang te hebben om de in euro’s gekwantificeerde risico’s af te dekken. Dit is conform de bestuurlijk vastgestelde nota’s ‘Reserves en voorzieningen’ en ‘Weerstandsvermogen en risicobeheersing’. 5.2.2 Bestemmingsreserve JGZ Om op transparante wijze invulling te geven aan de vrijwaringsbepaling met de gemeente Utrecht is in 2019 de bestemmingsreserve ‘Jeugdgezondheidszorg’ gevormd. Per ultimo 2027 bedraagt de stand van deze reserve naar verwachting € 991.000. Er wordt geen mutatie voorzien in deze bestemmingsreserve. Monitor Volwassenen & Jeugd Eens in de vier jaar wordt een gezondheidsmonitor Volwassenen onder inwoners van de regio Utrecht gehouden. Naast deze gezondheidsmonitor Volwassenen wordt per 2026 ook eens in de vier jaar de Jeugdmonitor uitgevoerd. Hiervoor is in 2025 de inwonerbijdrage opgehoogd met 35.000. Vanaf 2027 wordt dit bedrag ook toegevoegd aan de reserve, zodat deze vierjaarlijks uitgevoerd kan worden. De uitvoering van deze monitor is voor volwassenen in 2028 en voor de jeugd in 2026 en 2030.
De jaarlijkse dotatie inclusief indexatie à € 98.000 is opgenomen als mutatie. Versterking Kennis & Advies Conform resultaatsbestemming 2024 (AB 9 juli 2025) is er € 1.200.000 toegevoegd aan deze nieuwe bestemmingsreserve. Deze is ingesteld om GGD regio Utrecht toekomstbestendig te maken en heeft tot doel om te komen tot voorstellen voor vernieuwde propositie c.q. dienstverlening op de drie inhoudelijke opgaven: de mentale gezondheid van jeugd, vergrijzing en het bevorderen van een gezonde en veilige leefomgeving.
(ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
45
In 2025 heeft de verkenningsfase van het Impuls-programma (transformatie) plaatsgevonden en is er een onttrekking van € 480.681 geweest. Eind 2025 bedraagt het saldo van deze bestemmingsreserve € 718.937. Bij het opstellen van de begroting 2027-0 is er nog geen besluitvorming over het vervolg en daardoor is er geen mutatie verwerkt in deze reserve. GB Strategie Conform resultaatsbestemming 2024 (AB 9 juli 2025) is er € 200.000 toegevoegd aan deze nieuwe bestemmingsreserve. Achtergrond hiervan is dat GGD regio Utrecht bezig is met een strategische lange termijn heroriëntatie van haar dienstverlening inzake Gezondheidsbevordering. Dit met als doel duidelijker te formuleren wat gemeenten op dit gebied kunnen verwachten van haar gemeentelijke gezondheidsdienst, weloverwogen keuzes te kunnen maken en gemeenten optimaal te kunnen ondersteunen. Eind 2025 bedraagt het saldo van deze bestemmingsreserve € 200.000. In 2026 wordt deze naar verwachting ingezet alleen is de hoogte hiervan bij het opstellen van deze begroting nog niet bekend. Als bekend wordt het verwerkt in de 2026-1 & 2027-1 begrotingswijziging. Reizigersadvisering Het algemeen bestuur heeft in 2019 besloten tot de vorming van een separate bestemmingsreserve ‘Reizigersadvisering’; dit vanwege het feit dat deze taak een markttaak betreft.
Het ligt in de aard van de taak dat een zekere instabiliteit in de exploitatie ligt besloten. Voor 2027 wordt er geen mutatie verwacht in deze bestemmingsreserve.
5.3 Voorzieningen In onderstaande tabel is het geprognosticeerde saldo van de algemene voorzieningen ter egalisering van de kosten evenals de voorzieningen voor verplichtingen en risico’s voor de jaren 2027-2030 weergegeven. Voorzieningen
Saldo
(x € 1.000)
01-01-2027
Voorziening ter egalisering van kosten - Groot onderhoud De Dreef (Zeist) Voorziening voor verplichtingen en risico's - Voorziening WW-uitkering (3e jaars) - Saldo spaarverlof Totalen
Dotatie Aanwending
Saldo
Saldo
Saldo
Saldo
31-12-2027
31-12-2028
31-12-2029
31-12-2030
235
35
-
270
305
340
375
135 1.076 1.445
24 125 184
-50 -50
159 1.151 1.579
183 1.226 1.713
207 1.301 1.847
231 1.376 1.981
Voor elke voorziening geven we een korte toelichting. Voorziening groot onderhoud De Dreef (Zeist) GGDrU heeft sinds 2004 het gebouw De Dreef 5 in Zeist in eigendom als hoofdgebouw. De dotatie aan de voorziening voor groot onderhoud is onderbouwd door middel van een meerjaren onderhoudsplan (MJOP). Medio 2023 is de renovatie van De Dreef 5 afgerond. Na afronding van de renovatie heeft GGDrU een externe MJOP-rapportage laten opmaken. Hieruit komt naar voren dat de benodigde jaarlijkse dotatie van € 35.000 gehandhaafd kan blijven. WW-uitkering 3e-jaars Conform de cao-gemeenten, hoofdstuk 10c, is een voorziening gevormd ter dekking van mogelijke aanspraak door ex-medewerkers voor een uitkering derde jaar ww. Deze voorziening wordt opgebouwd door een jaarlijks een dotering van ca. € 24.000. Voor 2027 wordt nog niet voorzien dat gebruik zal worden gemaakt van deze regeling. (ontwerp)Begroting GGDrU 2027-0
46
Voorziening Verlofsparen In het BBV is bepaald dat voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen waarvan het jaarlijkse bedrag geen gelijk volume heeft een voorziening dient te worden gevormd. In de voorziening Verlofsparen wordt gedoteerd ter dekking van kosten voortkomend uit medewerkers die extra verlof aankopen uit hun IKB of het opsparen vanuit het niet benutten van het bovenwettelijke verlof om eerder dan hun pensioengerechtigde leeftijd te kunnen stoppen. Per 2022 zijn de mogelijkheden in de cao-gemeenten voor verlofsparen uitgebreid voor medewerkers. Naar aanleiding van de cao-wijziging heeft, met betrekking tot het verlofsparen, een schattingswijziging plaatsgevonden en begroten we jaarlijks een dotatie van € 125.000 en een aanwending van € 50.000.
5.4
EMU-saldo
Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo is in het BBV sinds 2018 een geprognosticeerde balans voorgeschreven. Dit betekent dat met ingang van 2018 in de begroting een geprognosticeerde (meerjaren)balans per 31 december is opgenomen. Het EMU-saldo is een saldo op kasbasis en gemeenten hanteren een stelsel van baten en lasten. Conform de voorschriften nemen we een overzicht op van ons EMU-saldo. Het doel hiervan is om Europese vergelijkingen mogelijk te maken. Het EMU-saldo is het verschil tussen inkomsten en uitgaven van de overheid. EMU-saldo
Begroting
(x € 1.000)