CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Laadvisie De Ronde Venen 2022

Politieke commissie 7 december 2022, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Laadvisie gemeente De Ronde Venen11.524 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

28

aantrekkelijk voor ontwikkeling. De realisatie van het publiek toegankelijke netwerk in de MRA-E regio wordt daardoor ontwikkeld door verschillende partijen. Het afstemmen van deze ontwikkelingen is wenselijk om een efficiënte uitrol te realiseren. Hierbij moeten de netbeheerders betrokken worden die een belangrijke faciliterende rol spelen om deze laadlocaties met hoge energie (piek)vermogens in te passen in het elektriciteitsnet. Met de opschaling van de snellaadvraag wordt het van belang dat gemeenten proactief nadenken over het inpassen van deze snellaadinfrastructuur. In onderstaande tekst zijn deze verschillende benaderingen nader toegelicht. Stimuleren van laadoplossingen voor reguliere voertuigen. MRA-E zet zich in om voldoende snelladers te realiseren om de groei van elektrische mobiliteit te faciliteren. Omdat er nog veel onzekere factoren zijn wordt door MRA-E niet strikt vastgehouden aan de prognoses voor aantallen snelladers, maar wordt de prognose gezien als een richtlijn waarbij continue bijstelling op basis van huidige ontwikkelingen belangrijk is. MRA-E creëert een aantal bouwstenen om een toenemende vraag te kunnen faciliteren en te kunnen acteren wanneer deze zich aandient.

Focus hierbij ligt op het proactief in beeld krijgen van mogelijke locaties, het afstemmen van initiatieven en het ontwikkelen van materiaal dat gemeenten moet helpen bij het ontwikkelen van snellaadlocaties op nieuw of bestaand terrein. Ook hier kan de ontwikkeling van laadkaarten een belangrijke rol spelen. Deze activiteiten zijn niet alleen belangrijk om de opgave voor gemeenten en provincie in kaart te brengen en een zelfstandige uitvoering te ondersteunen, het zijn ook basisblokken voor een eventuele regionale uitvoering. Mocht blijken dat er redenen zijn om deze infrastructuur regionaal te ontwikkelen (bijvoorbeeld via netwerk planning, locatie veilingen, centrale aanbestedingen) dan vormen deze projecten belangrijke onderdelen om dit te kunnen doen. Het brengt immers mogelijke locaties in beeld, bouwt ervaring op met het ontwikkelen van locaties en zorgt voor de coördinatie met belangrijke stakeholders zoals de netbeheerder. MRAE vindt het op dit moment nog te vroeg om een duidelijke uitspraak te doen of dit wenselijk is (en op welke manier). Zij zal dit in de eerste helft van 2022 opnieuw beoordelen op basis van de opgedane kennis en ervaring. Stimuleren van laadoplossingen voor grote voertuigen. Bij grote voertuigen is er nog grote onzekerheid over de vraagontwikkeling en de locaties waar er geladen gaat worden.

Wel is het duidelijk dat de grote energievraag die deze voertuigen kennen mogelijk tot zeer lange ontwikkeltijden gaat leiden per locatie. Het is om deze reden dat MRA-E zich inzet om snel meer duidelijkheid te creëren door het opbouwen van voorbeelden gestoeld op de praktijk. Daarnaast zet MRA-E zich in om mogelijke locaties vroegtijdig in beeld te brengen (bijv. met plankaarten) zodat er geen tijd verloren gaat op het moment dat duidelijk wordt dat er nood ontstaat aan snellaadlocaties voor zware voertuigen. MRA-E verwacht dat op dit moment de meeste snellaadoplossingen voor logistieke voertuigen op private gronden worden aangelegd. De vraag naar publieke snellaadlocaties voor grote voertuigen zal in de aankomende jaren nihil zijn. Echter, het is wel waarschijnlijk dat een (onrendabel) publiek basisnet nodig zal zijn om deze markt zekerheid te bieden om elektrisch te gaan rijden. Daarnaast zijn er signalen dat de benodigde energie-infrastructuur om deze voertuigen te kunnen laden (zeker bij logistieke clusters zoals distributiecentra) een zeer lange ontwikkeltijd kent. Om deze reden wil MRA-E zowel mogelijke publieke locaties in beeld

29

brengen als meer kennis opdoen over de laadvraag die lokaal op privaat terrein ontstaat bij grootschalige elektrificatie. Op deze manier ontwikkelt MRA-E cruciale bouwblokken om samen met andere belangrijke stakeholders vroegtijdig te werken aan een uitrol van deze laadinfrastructuur. Bijlage 7 Typen laadlocaties Privaat en semi-publiek laden vindt plaats op verschillende locaties. We maken onderscheid tussen laden voor wonen, werken en bezoeken.

Op de eigen oprit Wonen Appartementencomplexen

Eigen terrein Bedrijven (forenzen) Private laadinfrastructuur

Werken

Gedeeld terrein Professionele vloot

Bedrijven bezoekerslocaties Privaat Parkeerterrein/ garages Bezoeken (semipubliek) Publieke bezoekerslocaties Publiek Parkeertereinen / garages

Wonen • Op de oprit Eigenaren van een woning met eigen oprit ondervinden over het algemeen weinig problemen bij het realiseren van laadinfrastructuur voor eigen gebruik. De laadinfrastructuur is verkrijgbaar via verschillende aanbieders en de plaatsing is relatief eenvoudig. Bovendien loont het om te investeren omdat de kWh-prijs voor laden op eigen terrein 30 tot 40 procent lager ligt dan bij openbare laadinfrastructuur. Gemeenten kunnen op deze vorm sturen door aanvragen voor een openbare laadpaal alleen goed te keuren als er geen parkeermogelijkheden zijn op eigen terrein. • Appartementencomplexen Bij appartementencomplexen in beheer van Verenigingen van Eigenaren, woningcorporaties of particuliere verhuurders is de situatie vaak gecompliceerder. Zij komen niet in aanmerking voor een laadpaal in de openbare ruimte maar kunnen ook niet zelfstandig een laadpaal realiseren vanwege de gedeelde parkeervoorzieningen.

30

Uitdagingen bestaan onder andere uit de beperkte aansluitcapaciteit in de bestaande voorzieningen, het eigendom en de besluitvorming en de oorspronkelijk beperkte groep initiële gebruikers, waarvoor de investering moet worden gemaakt. Zorgen over onevenredig verdeling van kosten of brandveiligheid kunnen dan al snel de installatie blokkeren. o

o

Vereniging van Eigenaren Elektrische rijders die een laadpaal willen en lid zijn van een Vereniging van Eigenaren (VvE) moeten in samenspraak met deze VvE een laadpaal plaatsen. Dit geldt bijvoorbeeld voor bewoners van appartementencomplexen met een gezamenlijke parkeervoorziening op eigen terrein. MRA-E, RVO en de G4-steden hebben gezamenlijk een handleiding opgesteld om te komen tot een toekomstbestendige aanpak voor het plaatsen van laadinfrastructuur in een VvE. De handleiding bestaat uit verschillende stappen waar per stap verschillende keuzes worden toegelicht (zie afbeelding). Doel van de handleiding is om richting te geven aan het proces, maar omdat elke situatie anders is, zal het maatwerk blijven. Woningcorporaties Ook voor woningcorporaties en grote private verhuurders met appartementencomplexen geldt dat laadinfrastructuur soms achterblijft bij de vraag en huurders niet weten hoe ze aan een laadpunt moeten komen. De technische oplossingen voor parkeergarages en laadpunten op maaiveld zijn vaak gelijk aan die voor VvE’s. Deze partijen kunnen dan ook gebruik maken van de brochure voor VvE’s. Daarnaast is in de zomer van 2020 een openbaar toegankelijk onderzoek uitgevoerd naar laadinfrastructuur voor woningcorporaties.

Veilig laden in parkeergarages Er zijn veel vragen over het veilig laden van elektrische auto’s, bijvoorbeeld in parkeergarages. Uit onderzoek blijkt dat elektrische auto’s net zo veilig zijn als vergelijkbare brandstofauto’s. Ook zijn er zijn geen aanwijzingen uit de praktijk of uit beschikbare studies en publicaties dat elektrische auto’s een vergroot risico op brand veroorzaken in parkeergarages. Het knelpunt is de mate waarin een brand die ontstaan is bij een elektrisch voertuig in een ondergrondse parkeergarage is te blussen. Voor de veilige installatie van laadpunten in parkeergarages worden door de NAL daarom een aantal richtlijnen meegeven. Daarbij wordt de kanttekening gemaakt dat het voor elke parkeergarage maatwerk is vanwege de inrichting, de omgeving en het gebruik van de garage. •

•

•

Zorg dat de installatie van laadpunten gebeurt door een erkend elektrotechnisch installatiebedrijf. Bekende keurmerken en vakverenigingen zijn KvINL, Keurmerk Kwaliteitsvakman en Techniek NL. Deze elektromonteurs zien erop toe dat de installatie voldoet aan de wet- en regelgeving (bijvoorbeeld NEN 1010 normen). Installeer alleen Mode 3 (conform IEC 62196 en IEC 61851) laadpunten. Mode 3 laden is gecontroleerd laden waarbij er communicatie tussen auto en laadpunt plaatsvindt. Dit reduceert de kans op storingen. Plaats de laadpunten bij voorkeur bij een ingang of uitgang.

31

•

Plaats het laadpunt op een plek waar het niet kwetsbaar is voor aanrijding of zorg voor aanrijdbeveiliging. • Plaats bij de hoofdentree van de parkeergarage of een andere strategische plaats een noodstop waarmee in één keer alle laadpunten kunnen worden uitgeschakeld (voorkom hierbij misbruik door middel van bijvoorbeeld cameratoezicht en/of een boete). • Geef bij de hoofdingang of een andere strategische plaats aan waar laadpunten zich bevinden in de parkeergarage. • Zorg voor een heldere communicatie over veilig gebruik/niet-beschadigde laadkabels. Zie voor meer informatie de website van de Nationale Agenda Laadinfrastructuur. Gemeenten kunnen bewoners van appartementen en beheerders stimuleren door te wijzen op de juiste informatie. MRA-Elektrisch werkt samen met de gemeenten aan een plan van aanpak waarin VvE’s, woningcorporaties, bewoners en verhuurders goede informatie en voorbeelden worden geboden, om aan de slag te gaan met de realisatie van laadinfrastructuur.

Bron: RVO, MRA-E & G4 (2021). Laadoplossingen voor elektrische auto’s binnen de VvE. Werken Bij bedrijven is de eigendomssituatie van de gebouwen en parkeergelegenheden vaak bepalend voor het gemak waarmee laadinfrastructuur kan worden gerealiseerd. Voor de verduurzamingsopgave van bedrijven wordt onderscheid gemaakt tussen bedrijven met een eigen terrein, bedrijven met een gedeeld terrein en logistieke partijen die het primaire bedrijfsproces willen verduurzamen. • Eigen terrein Bedrijven kunnen op hun eigen terrein laadinfrastructuur plaatsen die zij (doorgaans) beperkt toegankelijk maken voor andere partijen. Bedrijven met een eigen terrein zonder andere huurders bepalen zelf het tempo voor de verduurzaming van het wagenpark en de uitbreiding van de laadinfrastructuur.

32

•

•

Gedeeld terrein Bedrijven die een bedrijfsruimte en parkeerplekken huren in een bedrijfsverzamelgebouw met meerdere huurders ondervinden vaak wat meer moeite bij de realisatie van voldoende laadinfrastructuur. Zij moeten in samenspraak met de verhuurder en de overige huurders tot een gebruiksvriendelijke laadinfrastructuur komen. Primair proces verduurzamen Hierbij gaat het om logistieke bedrijven die voor de eigen vloot bedrijfsvoertuigen laadpalen realiseren. Omdat het logistieke proces bij dit type partijen van groot belang is voor het succes van het bedrijf, worden er vaak zwaardere eisen gesteld aan de laadinfrastructuur. Verduurzaming van bedrijfsvoertuigen en logistiek vraagt om een maatwerkoplossing op basis van de voertuigen en de inzet.

Bezoeken Bij bezoekerslocaties kan het vanwege het verdienpotentieel aantrekkelijk zijn om als onderdeel van de dienstverlening laden aan te bieden. De gekozen type laadinfrastructuur en snelheid van laden is afhankelijk van de aard en gemiddelde duur van het bezoek. Dit is per type locatie verschillend. Te lage laadsnelheid kan bij kort bezoek nauwelijks zin hebben, terwijl hoge snelheid weliswaar nut heeft, maar een te hoge investering vraagt. Locaties met een korte verblijfsduur kunnen, mits gunstig gelegen in het laadnetwerk, kansrijk zijn voor commerciële snelladers. Op andere locaties met een verblijfsduur van meer dan 1 uur kunnen beter reguliere laadpunten aangeboden worden. • Bedrijven – bezoekerslocaties Bedrijven waarbij het ontvangen van bezoekers hoort bij de core business van het bedrijf zijn bijvoorbeeld winkels, horeca, musea, bioscopen. Het kan vanwege het verdienpotentieel aantrekkelijk zijn om als service laden aan te bieden. Hierbij gelden dezelfde afwegingen en dus ook dezelfde obstakels, als voor andere bedrijven met eigen terrein. Bedrijven kunnen op eigen terrein een commerciële partij hiervoor vragen. • Publieke parkeergarages / -terreinen Bij gemeentelijke parkeergarages en parkeerterreinen hebben de gemeenten zelf direct invloed op het aanbieden van laadinfrastructuur.

Bovendien gebruiken gemeenten het aanbod van laadinfrastructuur in een parkeervisie om te sturen op het parkeren van bezoekers in en rondom de binnenstad. Realisatie kan in eigen beheer. Veel gemeenten kiezen er echter voor om een concessie in de markt te zetten om het beheer, uitbreiding en de exploitatie bij een externe partij neer te leggen. MRA-Elektrisch is beschikbaar om gemeenten hier bij te adviseren. Met een goed plan voor een concessie kan laadinfrastructuur tegen lage kosten worden gerealiseerd en kan uitbreiding plaatsvinden wanneer dat nodig is. In veel gemeentelijke parkeergarages blijft het aanbod van laadinfrastructuur echter nog achter bij de vraag. • Private parkeerterreinen / -garages Bedrijven waarvoor het aanbieden van parkeerplaatsen de core business is, hebben een vergelijkbare afweging te maken. De locaties zijn voor het betaald parkeren al zo gekozen dat er een gemiddeld voldoende lange parkeerduur is om exploitatie commercieel aantrekkelijk te maken. Waarschijnlijk is er dan ook een businesscase te maken voor laden. Deze bedrijven kunnen een investeringsplan maken voor laadsnelheid en fasering van het aantal te installeren

33

punten in relatie tot de verwachte vraag en investeringskosten. Het uitblijven van de laadpunten kan (op termijn) de concurrentiepositie beïnvloeden. Omdat de inkomsten vanuit laden nog relatief beperkt zijn ten opzichte van de inkomsten uit parkeergeld, blijft het aanbod in private parkeergarages vaak achter bij de vraag. Gemeenten kunnen deze ontwikkeling stimuleren door exploitanten van parkeergarages en terreinen te benaderen en te informeren en door het stellen van eisen bij vergunningverlening voor de bouw van parkeergarages. • Tankstations Tankstations zijn over het algemeen geschikte locaties voor snellaadinfrastructuur. Publieke organisaties hebben direct invloed op tankstations via het gemeentelijk of provinciaal brandstofpuntenbeleid of door eigendomsposities. Naast tankstations op gemeente- of provinciegrond zijn er ook tankstations op privaat terrein. Exploitanten van deze tankstations kunnen er voor kiezen om openbare snelladers te realiseren op hun terrein. Veel tankstation houders op goed bezochte locaties zullen in de komende jaren zelfstandig over gaan tot het toevoegen van snelladers aan hun aanbod. Overheden kunnen op andere locaties invloed uitoefenen op deze vorm van laden door tankstationhouders te informeren, adviseren of subsidiëren. Daarnaast is het belangrijk om de netbeheerder in een vroeg stadium te betrekken bij het realiseren van snelladers.

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12027684/1