beantwoording inspraakreacties bij raadscommissie 14 en 23 januari 2025 inzake BP VVP25 4maart25
Tekst van het document
Eindconclusie: moreel beroep, goed nadenken en argumenten goed mee te nemen en te wegen en dan de juiste keuzes maken. Voor natuur onvoldoende en ook voor recreant onvoldoende die geen boot heeft. Antwoord college: Het college vindt dat in voorliggende bestemmingsplan een goede balans tussen recreatie en natuur is opgenomen. Aan de ene kant de bouwmogelijkheden die worden toegestaan (onder strikte voorwaarden) en aan de andere kant de versterking van de natuurwaarden. Concreet betekent dat dat er 6,8 ha aan bebouwing (gebouwen en bouwwerken geen gebouw zijnde (zoals vlonders en steigers) wordt toegestaan. Daar tegenover staat sowieso 12ha aan inheemse beplanting, zo’n 11 ha natuur in ’t Meertje, vissenbossen en natuurvriendelijke oevers. En dat alles om de legakkerstructuur te behouden. Maar de kosten voor onderhouden/behouden (beschoeiing, beplanting, onderhoud, vuilwatervoorziening) van de legakkers voor eigenaren moeten wel opwegen tegen de bouwmogelijkheden op een kavel. En voor zone 3 in het bijzonder. Bij het uitvoeren van de vuilwatervoorziening gaat het om het gedrag van mensen. Maar dat is bij een vuilwaterboot ook het issue. In onze communicatiecampagne gaat extra aandacht gevraagd worden voor het niet lozen op de plassen. Een packagedeal waar iedereen z’n voordeel mee heeft, maar waar niet 1 partij alles krijgt en de ander niks.
En dat is tot stand gekomen door goede communicatie met de stakeholders. Er zijn vele (natuur)rapporten opgesteld en een milieueffectrapportage met passende beoordeling gemaakt. Over deze rapporten is advies gevraagd aan de commissie MER en hun conclusie is positief. Belangrijk om te vermelden is dat de packagedeal/het bestemmingsplan ook tegen het licht van de provinciale verordening is gehouden. De ontheffing van het verstedelijkingsverbod is belangrijk en het bestemmingsplan voldoet aan de meerwaardebenadering door de kwantitatieve compensatie in ’t Meertje, de kwalitatieve compensatie op de plassen (inheemse beplanting op de kavels, natuurvriendelijke oevers, vissenbossen) en goede samenhang met omliggende natuurgebieden.
Het college erkent dat alles staat of valt met goede handhaving. Als bijlage bij het bestemmingsplan zit een uitvoeringsplan Vergunningen, Toezicht en Handhaving, waarin een doorkijk is gemaakt naar 2034, qua capaciteit en budget. Het college adviseert het bestemmingsplan n.a.v. bovenstaande punten niet aan te passen, maar heeft ook het belang van natuur hoog in het vaandel staan en snapt dat handhaving belangrijk is. 42. Inspreker mevrouw Piret-Gerard Namens Natuur en Milieufederatie Utrecht/ Natuurmonumenten. Vraag: 1. Hoofddoel dit plan voorkomen verdwijnen legakkers. We zijn ervan overtuigd dat er alternatieven zijn voor het behoud van de legakkers die bijdragen aan biodiversiteit in het gebied. Dit plan zorgt ervoor dat 6,8 ha van het NNN verloren gaat, door legalisatie bebouwing en nieuwe recreatiemogelijkheden. Bouwen in NNN met meerwaarde benadering. In NNN kan in principe niet gebouwd worden, alleen met een goede onderbouwing. Onderbouwing ontbreekt in dit plan. Tenslotte pleiten we voor handhaving in plaats van legaliseren. Legaliseren geeft een verkeerde boodschap wat kan leiden tot meer illegale bouwwerken. Conclusie is, dit plan beweert natuur te versterken, maar in werkelijkheid maakt het illegale bebouwing mogelijk.
Antwoord college: Omdat er een grote overlap is met de vorige spreker (die ook aansloot bij deze spreker), verwijzen we naar de vorige beantwoording. Aanvullend daaraan, de keuze om niet alles te handhaven is in 2014 al genomen door te kiezen voor het opstellen van een nieuw bestemmingsplan. Voor het behoud van de natuur/ legakkerstructuur is alles handhaven ook geen serieuze optie. Het college adviseert het bestemmingsplan n.a.v. bovenstaande punten niet aan te passen, maar heeft ook het belang van natuur hoog in het vaandel staan en snapt dat handhaving belangrijk is. 43. Inspreker de heer M. Fernhout namens VVE Park Waeterrijck (znsw 101) Vraag: 1. Achter park Waeterrijck 37.500 m2 kavelgrond op dit moment staat het te boek als weiland. Om op een kavel te komen is in het verleden door de VVE aan een boer overwegrecht verstrekt om te komen en gaan naar zijn weiland. De weg tussen de recreatiewoningen is 3,70 meter breed 400 meter lang. Als je daar met een auto rijdt, kan je daar met de fiets niet meer passeren. In het voorliggende plan zou de bestemming van de gronden achter Waeterrijck omgezet worden naar recreatie. Het huidige oppervlak van 37.500 m is inmiddels gesplitst in 29 percelen en eigenaren van de percelen zijn nu al van mening dat zij onbeperkt gebruik kunnen maken van die overwegrechten. Ze hebben in 2018 alvast een verhard pad aangelegd zonder vergunning.
Het pad mocht na Raad van State en proces gemeente blijven liggen, maar niets meer aan gebeuren. Plots wordt de weg verbreed naar 4 meter en 500 meter lang gemaakt, inclusief heel veel parkeerplaatsen. Dat betekent dat achter
Waterrijk er nu ongeveer 2,5 km2 verharding ligt waar geen vergunning voor afgegeven is. Met 15 woningen nu aan de weg is de bovengrens van capaciteit ruimschoots bereikt volgen CROW-richtlijnen. Gemeente creëert mogelijkheid dat verkeersbewegingen er wel gaan komen. Gemeente beweert dat VVE zelf overwegrecht heeft gegeven naar die achterliggende kavelgrond. VVE heeft dat inderdaad ooit verstrekt, maar naar een weiland en niet naar een ‘camping’. De bedoelde gronden mogelijk bereikbaar voor hulpdiensten is voor ons geen discussie, lijkt ons logisch. Maar toename verkeersbewegingen gaat zorgen voor sociale onrust, gevaarlijke situaties etc. Tot slot de wens om de bestaande recreatiewoningen aan Waeterrijck te transformeren naar permanente bewoning. Met toename verkeer zou dat misschien niet kunnen. Antwoord college: Voor de kavels achter de recreatiewoningen aan Waeterrijck geldt in de geldende beheersverordening de bestemming legakker, net zoals de meeste andere kavels in het Plassengebied die nu omgezet worden naar Groen-Legakkerbestemming. De achterliggende gronden zijn verkaveld conform de uitgangspunten en de coulanceregeling. Daarbij is niet van belang dat er een recht van overpad is naar ‘het achterland’, omdat de meeste kavels in het Plassengebied alleen per boot bereikbaar zijn. Maar feit is dat er overeenkomst is met een recht van overpad naar het ‘achterland’.
Het college adviseert om n.a.v. bovenstaande het bestemmingsplan niet aan te passen.