CConstaterende datDe Ronde Venen
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Ruimtelijke onderbouwing Hoogstraat 6-16

Gemeenteraad 25 september 2025, gemeente De Ronde VenenBij agendapunt: Raadsvoorstel VVGB Hoogstraat 6/1623.059 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Ruimtelijke onderbouwing

Hoogstraat 6-16, Abcoude

Mei 2025

Status: Definitief

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

Ruimtelijke onderbouwing Hoogstraat 6-16, Abcoude

Plannaam: Plantype: Datum:

Hoogstraat 6,16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing ten behoeve van een omgevingsvergunning Mei 2025

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 4 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

AANLEIDING ............................................................................................................................................... 4 LIGGING PROJECTGEBIED ............................................................................................................................... 4 HUIDIG PLANOLOGISCH REGIME ...................................................................................................................... 5 EISEN AAN EEN RUIMTELIJKE ONDERBOUWING ................................................................................................... 7 LEESWIJZER ................................................................................................................................................ 7

HOOFDSTUK 2 DE HUIDIGE EN GEWENSTE SITUATIE ................................................... 8 2.1 2.2 2.3

HUIDIGE SITUATIE PROJECTGEBIED EN OMGEVING............................................................................................... 8 DE GEWENSTE SITUATIE............................................................................................................................... 10 VERKEER EN PARKEREN ............................................................................................................................... 10

HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER ........................................................................... 14 3.1 3.2 3.3

RIJKSBELEID .............................................................................................................................................. 14 PROVINCIAAL BELEID .................................................................................................................................. 17 GEMEENTELIJK BELEID................................................................................................................................. 21

HOOFDSTUK 4 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN ................................................... 28 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10

GELUID .................................................................................................................................................... 28 BODEM.................................................................................................................................................... 29 LUCHTKWALITEIT ....................................................................................................................................... 31 EXTERNE VEILIGHEID ................................................................................................................................... 32 MILIEUZONERING ...................................................................................................................................... 35 ECOLOGIE................................................................................................................................................. 37 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE .............................................................................................................. 40 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE .............................................................................................................. 42 WATER ....................................................................................................................................................

44 DUURZAAMHEID ........................................................................................................................................ 47

HOOFDSTUK 5 CONCLUSIE ................................................................................ 50 HOOFDSTUK 6 VOOROVERLEG ........................................................................... 51 6.1 6.2 6.3 6.4

HET RIJK .................................................................................................................................................. 51 PROVINCIE UTRECHT .................................................................................................................................. 51 GEMEENTE DE RONDE VENEN...................................................................................................................... 51 WATERSCHAP AMSTEL, GOOI EN VECHT ........................................................................................................ 51

BIJLAGEN BIJ DE RUIMTELIJKE ONDERBOUWING ......................................................... 52 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9 BIJLAGE 10

AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI ...................................................................................... 52 VERKENNEND BODEMONDERZOEK ......................................................................................................... 53 NADER BODEMONDERZOEK.................................................................................................................. 54 AERIUS BEREKENING ......................................................................................................................... 55 QUICKSCAN FLORA EN FAUNA .............................................................................................................. 56 NADER ONDERZOEK HUISMUS .............................................................................................................. 57 NADER ONDERZOEK GIERZWALUW ........................................................................................................ 58 NADER ONDERZOEK VLEERMUIZEN ........................................................................................................ 59 NADER ONDERZOEK MARTERACHTIGEN .................................................................................................. 60 BUREAUONDERZOEK EN BOUWDOSSIERONDERZOEK ARCHEOLOGIE (2019) .................................................. 61

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing BIJLAGE 11 BIJLAGE 12 BIJLAGE 13

PROGRAMMA VAN EISEN ARCHEOLOGISCHE BEGELEIDING .......................................................................... 62 AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING................................................................................ 63 RAPPORT BOUWFYSICA ....................................................................................................................... 64

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

HOOFDSTUK 1 1.1

INLEIDING

Aanleiding

Voorliggende ruimtelijke onderbouwing heeft betrekking op de herontwikkeling van de supermarktlocatie aan de Hoogstraat 6 – 16 te Abcoude. In 2016 is de Plus supermarkt verhuisd. Het supermarkt pand is de afgelopen jaren door verschillende tijdelijke functies in gebruik genomen. Een deel van het pand wordt ook gebruikt voor opslag. De tijdelijke functies en opslagruimte zijn niet bevorderlijk voor de ruimtelijke kwaliteit. Voor veel ondernemers in de Hoogstraat is het pand een doorn in het oog. De woningen op de verdieping worden nog wel bewoond. Gezien de tijdelijke aard van de bedrijven is initiatiefnemer voornemens de huidige bebouwing te slopen en een woon-zorgcomplex te realiseren. Specifiek gaat het om 27 zorgstudio’s en gemeenschappelijke ruimten, daarnaast wordt er ruimte gecreëerd voor twee winkels en drie reguliere appartementen. Gezien de behoefte aan zorgwoningen voor dementerenden binnen de gemeente De Ronde Venen en specifiek Abcoude, zullen de zorgwoningen beschikbaar gesteld worden voor deze doelgroep. De voorgenomen ontwikkeling is op basis van de geldende bestemmingsplan “Dorpskernen” niet in overeenstemming met de geldende gebruiksregels. Dit aangezien ter plaatse de bestemming ‘Centrum’ rust waarbij geen onzelfstandige woningen op de eerste verdieping zijn toegestaan.

De drie bovenwoningen en de twee winkelfuncties zijn toegestaan op basis van het geldende bestemmingsplan. Voorliggende ontwikkeling voorziet in de realisatie van 27 onzelfstandige zorgstudio’s, dit betreft een maatschappelijke functie. Maatschappelijke functies zijn op basis van het geldende bestemmingsplan niet toegestaan op de eerste verdieping. Daarnaast wordt er afgeweken van de maximale bouwhoogte aan de achterzijde van het projectgebied. Om voorliggend initiatief mogelijk te maken kan van de geldende bestemmingsplan afgeweken en medewerking worden verleend door middel van een omgevingsvergunning conform artikel 2.12, eerste lid onder a, sub 3 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Deze afwijking van het bestemmingsplan moet gemotiveerd worden met een ruimtelijke onderbouwing waarin wordt aangetoond dat de ontwikkeling in overeenstemming is met ‘een goede ruimtelijke ordening’. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing voorziet hierin.

1.2

Ligging projectgebied

Het projectgebied, welke het supermarkt pand omvat, ligt in het centrum van Abcoude. De percelen staan kadastraal bekend als gemeente Abcoude, sectie A met perceelnummers 1504, 1505 en 1506. In afbeelding 1.1 is de ligging van het projectgebied in Abcoude (rode ster) en ten opzichte van de directe omgeving (rode kader) weergegeven.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 1.1

Ligging van het projectgebied in Abcoude (Bron: Plattekaart.nl, bewerkt)

1.3

Huidig planologisch regime

1.3.1

Algemeen

Het projectgebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan ‘Dorpskernen’ en de beheersverordening ‘Bescherm dorpsgezicht Abcoude en beschermd dorpsgezicht Baambrugge’. Deze beheersverordening en het bestemmingsplan zijn respectievelijk op 27 november 2023 en 30 mei 2013 door de gemeenteraad van De Ronde Venen vastgesteld. Met de beoogde ontwikkeling wordt er afgeweken van het bestemmingsplan. Ter duiding van het huidige planologische regime is hoofdzakelijk het bestemmingsplan ‘Dorpskernen’ van belang. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan ‘Dorpskernen’ weergegeven. Het projectgebied is in de afbeelding met een rode omlijning aangegeven.

Afbeelding 1.2

Uitsnede bestemmingsplan ‘Dorpskernen’ (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing 1.3.2

Beschrijving bestemming

Op basis van het geldende bestemmingsplan ‘Dorpskernen’ zijn de gronden binnen het projectgebied voorzien van de bestemmingen ‘Centrum’, ‘Waarde – Archeologisch waardevol verwachtingsgebied landbodem categorie 2b’, ‘Waarde – Beschermd Dorpsgezicht Abcoude’ en ‘Waterstaat – Waterkering’. Daarnaast is het projectgebied voorzien van een bouwvlak met een specifieke maatvoering. Hierna wordt nader op de geldende bestemmingen ingegaan. ‘Centrum’ De voor ‘Centrum’aangewezen gronden zijn bestemd voor detailhandel, dienstverlening, maatschappelijke voorzieningen, kantoren en wonen in een bestaande woning. Het aantal woningen mag niet meer bedragen dan het bestaande aantal. Daarnaast gelden er bouwregels. Zo mogen hoofdgebouwen enkel binnen het bouwvlak worden gerealiseerd. Daarnaast gelden er binnen het projectgebied specifieke goot- en bouwhoogten. ‘Waarde - Archeologisch waardevol verwachtingsgebied landbodem categorie 2b’ De voor ‘Waarde – Archeologische waardevol verwachtingsgebied’ aangewezen gronden zijn – behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) – mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische verwachtingswaarden. De gemeente heeft per categorie opgenomen wanneer een archeologisch rapport opgesteld dient te worden.

Voor categorie 2b dient een rapport opgesteld te worden wanneer een ontwikkeling de dieptemaat van 30 cm overschrijdt én een oppervlaktemaat van 100 m² of groter betreft. ‘Beschermd Dorpsgezicht Abcoude’ De voor ‘Beschermd dorpsgezicht Abcoude’ aangewezen gronden zijn behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) mede bestemd voor het behoud, herstel en de uitbouw van de cultuurhistorische en ruimtelijke waarden van het beschermd dorpsgezicht Abcoude, zoals omschreven in de toelichting van de aanwijzing zoals opgenomen in bijlage 3 van het bestemmingsplan ‘Dorpskernen’. Voor een omgevingsvergunning wordt verleend wint het bevoegd gezag advies in bij de monumentencommissie omtrent de mogelijke cultuurhistorische aantasting van de karakteristiek van het beschermd dorpsgezicht Abcoude. Daarnaast dienen hoofdgebouwen afgedekt te worden met een schuine kap waarvan de hellingshoek ten minste 30° en ten hoogste 70° bedraagt. Verder mogen gevels niet anders dan in verweerbare materialen worden uitgevoerd. De daken moeten worden afgedekt met gegolfde gebakken pannen of met leien. ‘Waterstaat - Waterkering’ De voor ‘Waterstaat – Waterkering’ aangewezen gronden zijn behalve voor de andere aldaar voorkomende bestemming(en) mede bestemd voor de waterkering. Op deze gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd met een bouwhoogte van 2,5 meter.

Ten behoeve van de andere, voor deze gronden geldende bestemming(en) mag, met inachtneming van de voor de betrokken bestemming(en) geldende (bouw)regels, uitsluitend worden gebouwd, indien het bouwplan betrekking heeft op vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering. 1.3.3

Strijdigheid

De gewenste ontwikkeling betreft een herontwikkeling van een voormalig supermarktpand naar een woonzorgcentrum met 27 zorgstudio’s, gemeenschappelijke ruimtes, drie reguliere appartementen en twee winkelpanden. Op basis van het huidige bestemmingsplan is het niet toegestaan om zorgwoningen toe te voegen op de verdiepingen. Daarnaast wordt de afgeweken van de bouwhoogte aan de achterzijde van het pand. Verder kan er niet gebruik worden gemaakt van de bestaande fundering. De herontwikkeling is hiermee niet in overeenstemming met de geldende bestemmingsplan. Om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken, wordt via een omgevingsvergunning afgeweken van het geldende bestemmingsplan ex artikel 2.12, lid 1, sub a, onder 30 van de Wet algemene bepaling

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing omgevingsrecht (uitgebreide voorbereidingsprocedure). In deze ruimtelijke onderbouwing wordt aangetoond dat het voorgenomen initiatief in overeenstemming is met een ‘goede ruimtelijke ordening’.

1.4

Eisen aan een ruimtelijke onderbouwing

Een op artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 30 Wabo gebaseerde zelfstandige instructie voor de inhoud en inrichting van deze ruimtelijke onderbouwing ontbreekt in het Besluit omgevingsrecht (Bor). Artikel 5.20 van het (Bor) verklaart voor de inhoud van het besluit de artikelen 3.1.2, 3.1.6 en 3.3.1, eerste lid, van het Besluit ruimtelijke ordening van overeenkomstige toepassing. Voorliggende ruimtelijke onderbouwing belicht alle relevante aspecten vanuit de ruimtelijke ordening en toont aan dat voorliggende ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Hieronder is verwoord waaraan een ruimtelijke onderbouwing moet voldoen. In een goede ruimtelijke onderbouwing zijn neergelegd: 1. 2. 3.

4.

een verantwoording van de gemaakte keuzen; een beschrijving van de wijze waarop in het plan rekening is gehouden met de gevolgen voor de waterhuishouding; Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 4.9; de uitkomsten van het met toepassing van artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht verrichte onderzoek; verwezen wordt naar de gehele ruimtelijke onderbouwing waaruit blijkt dat met alle relevante feiten en af te wegen belangen rekening is gehouden; een beschrijving van de wijze waarop burgers en maatschappelijke organisaties bij de voorbereiding zijn betrokken; het ontwerpbesluit wordt voor een ieder ter inzage gelegd. Er wordt gelegenheid geboden om zienswijzen in te dienen;

Voor zover bij het project geen milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer wordt opgesteld, waarin de hierna volgende onderdelen zijn beschreven, worden in de ruimtelijke onderbouwing ten minste neergelegd: 5. 6.

7.

1.5

een beschrijving van de wijze waarop met de in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden; Verwezen wordt naar paragraaf 4.7; voor zover nodig een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met overige waarden van de in het besluit begrepen gronden en de verhouding tot het aangrenzende gebied; In hoofdstuk 4 is aandacht besteed aan relevante aspecten; een beschrijving van de wijze waarop krachtens hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer vastgestelde milieukwaliteitseisen bij het besluit zijn betrokken; het betreffende hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer heeft betrekking op luchtkwaliteitseisen. Deze zijn beschreven in paragraaf 4.3.

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige en gewenste situatie van het projectgebied gegeven. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het relevante beleid van het Rijk, de provincie Utrecht en de gemeente De Ronde Venen beschreven. In hoofdstuk 4 komen de relevante milieu- en omgevingsaspecten aan bod. In hoofdstuk 5 is de conclusie opgenomen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

HOOFDSTUK 2 2.1

DE HUIDIGE EN GEWENSTE SITUATIE

Huidige situatie projectgebied en omgeving

Het projectgebied ligt aan de Hoogstraat 6 tot en met 16 te Abcoude. In de omgeving komen verschillende functies voor. Hierna wordt de functioneel ruimtelijke structuur van de omgeving kort uitgelicht. Het projectgebied is gelegen in het centrum van Abcoude, rondom het projectgebied liggen daarom vooral centrumfuncties zoals wonen, detailhandel en maatschappelijke functies. De bebouwing in het projectgebied zelf bestaat uit een supermarktlocatie met een totaal aan bebouwd oppervlak van circa 1600 m². Aan de westzijde van het projectgebied ligt een park. De noord- en zuidzijde worden omgeven door gebouwen en de oostzijde grenst aan de Hoogstraat. In 2016 is de Plus supermarkt verhuisd, het pand wordt tot op heden gebruikt door diverse tijdelijke bedrijven. De woningen op de verdieping worden nog wel bewoond. In de afgelopen jaren is het pand door verschillende partijen gebruikt. Het gaat allemaal om tijdelijke functies. In de huidige situatie is een deel van het supermarkt pand in gebruik door de weggeefwinkel ‘AbcoudevoorOekraïne’, het resterende deel van het pand wordt nog gebruikt als opslagruimte. Voor veel buurtbewoners en ondernemers is het pand een doorn in het oog. Door de tijdelijke functies en opslagruimte ziet het pand er rommelig uit, dit is niet bevorderlijk voor de ruimtelijke kwaliteit. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van de huidige situatie opgenomen.

Hierbij is het projectgebied met een rode omlijning omgeven. In afbeeldingen 2.2 en 2.3 zijn uitsneden van het huidige straatbeeld opgenomen.

Afbeelding 2.1

Weergave huidige situatie projectgebied (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl, bewerkt)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

Afbeelding 2.2

Straatbeeld van de huidige situatie vanaf de noordwestzijde van het projectgebied (Bron: Google Streetview, augustus 2022)

Afbeelding 2.3

Straatbeeld van de huidige situatie vanaf de zuidwestzijde van het projectgebied (Bron: Google Streetview, augustus 2022)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing

2.2

De gewenste situatie

Zoals in de aanleiding reeds is benoemd, is initiatiefnemer voornemens het supermarktpand te transformeren naar een woon-zorgcomplex voor dementerende ouderen. Dit ten behoeve van de groeiende vraag naar soortgelijke woonmogelijkheden. Daarnaast is er binnen de bebouwing ruimte voor twee winkels. Deze passen goed bij de centrumlocatie en zorgen voor een extra economische impuls in de omgeving. Na de herontwikkeling zal het pand beschikken over 27 onzelfstandige woonzorgappartementen met gemeenschappelijke ruimtes, drie reguliere appartementen en twee winkelpanden. Op de begane grond zal ruimte worden gemaakt voor 15 zorgstudio’s, een bibliotheek, atelier, huiskamer, eetkamer, tuinkamer en twee winkelpanden. De winkelpanden zullen een oppervlakte hebben van 53 m² en 38 m². De eerste verdieping heeft ruimte voor 12 zorgstudio’s, een daktuin, tuinkamer, atelier, eetkamer, huiskamer, bibliotheek en berging- en techniekruimtes. Op de tweede verdieping zijn drie appartementen geprojecteerd.

2.3

Verkeer en parkeren

2.3.1

Algemeen

Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die daardoor ontstaat. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie ‘Parkeerkencijfers 2024, Basis voor parkeernormering (augustus 2024)’ van het CROW. Het CROW ontwikkelt en publiceert kennis onder andere op het gebied van verkeer en parkeren. Specifiek voor verkeersgeneratie en parkeren heeft het CROW de publicatie ‘Parkeerkencijfers 2024’ opgesteld. Deze kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens met betrekking tot het bepalen van de verkeersgeneratie en het benodigde aantal parkeerplaatsen. Overigens wordt opgemerkt dat bij iedere functie, in de CROW-publicatie, een maximum en minimum wordt genoemd. Dit is de bandbreedte. Veelal wordt bij nieuwe ontwikkelingen het gemiddelde gehanteerd. De vigerende parkeernormering van Abcoude is beschreven in het ‘Mobiliteits- en Verkeersveiligheidsplan 2023-2030’ In het plan zijn de parkeernormen voor Abcoude vastgesteld. 2.3.2

Parkeren

Algemeen beleid Een belangrijk onderdeel van het functioneren van een ruimtelijke ontwikkeling is een goede parkeersituatie. Dit voorkomt overlast voor de omwonenden en omliggende functies en het bepaalt voor een belangrijk deel de aantrekkelijkheid van die ontwikkeling. Het gemeentelijk parkeerbeleid heeft als uitgangspunt dat de extra parkeerbehoefte van een ruimtelijke ontwikkeling op eigen terrein moet worden gerealiseerd. Er is daarvoor een vergelijking nodig van de oorspronkelijke en de nieuwe situatie. De parkeernormen om dit te bepalen zijn opgenomen in het Mobiliteitsen Verkeersveiligheidsplan 2023-2030. Als een gebouw of terrein gedurende een langere periode (> 2 jaar) ongebruikt of ’tijdelijk’ gebruikt is gebleven, wordt de parkeerbehoefte van de oorspronkelijke situatie geacht nihil te zijn. Oorspronkelijke situatie Bij het bepalen van de parkeerbehoefte van een ruimtelijke ontwikkeling wordt rekening gehouden met de parkeerbehoefte en de parkeersituatie van de oorspronkelijke situatie (voorafgaand aan de wijziging of sloop). Het betreft in het geval van Hoogstraat 6-16 de herontwikkeling van de winkelfunctie van circa 1.600 m² b.v.o. op de begane grond en 3 bovenwoningen. De bezoekers van de winkelfunctie parkeerden in de oorspronkelijke functie in de directe omgeving, vooral op ‘t Markvelt.

Door de parkeerschijfzone was het voor personeel en de bewoners van de woningen niet mogelijk

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing in de directe nabijheid te parkeren; zij parkeerden (overdag) buiten de parkeerschijfzone. De gemeente biedt geen ontheffingsmogelijkheid voor bewoners en bedrijven in deze parkeerschijfzone. De supermarkt is in november 2016 gesloten. In de periode tot op heden zijn er verschillende tijdelijke detailhandelsfuncties geweest, tot minder dan 2 jaar voor de aanvraag. Tot en met 2019 heeft Abcoude Proof in het pand gezeten. Daarna heeft er een weggeefwinkel voor vluchtelingen uit Oekraine en mensen met een kleine beurs gezeten. In november 2021 is een aanvraag voor een vooroverleg ingediend. Ook voor die tijd was initiatiefnemer reeds in gesprek met de gemeente. Voor het beoordelen van de parkeersituatie wordt daarom ook gekeken naar de parkeerbehoefte van de oorspronkelijke situatie. Nieuwe situatie De nieuwe situatie is een woon-zorgcomplex met 27 zorgstudio’s (onzelfstandige wooneenheden) verdeeld over de begane grond en eerste verdieping. Verder komen er twee winkelpanden van in totaal circa 100 m² b.v.o. winkelfunctie en 3 bovenwoningen.

Vergelijking oorspronkelijke en nieuwe situatie Als de oorspronkelijke met de nieuwe situatie wordt vergeleken, vervalt de winkelfunctie ter grootte van circa 1.500 m² b.v.o., komen er 27 onzelfstandige wooneenheden in de vorm van zorgstudio’s bij en blijven 100 m 2 winkelfunctie en 3 bovenwoningen gehandhaafd. Aangezien het uitgangspunt van het gemeentelijk parkeerbeleid is, dat alleen de extra parkeerbehoefte relevant is, wordt de winkelfunctie en de bovenwoningen buiten beschouwing gelaten: zij parkeren in de oorspronkelijke situatie al en dit verandert niet. Parkeernormering De winkeloppervlakte neemt in de nieuwe situatie met 1500 m2 b.v.o. af. De parkeerbehoefte daarvan kan worden berekend aan de hand van de parkeernorm voor een fullservice supermarkt (middelhoog en hoog prijsniveau). Deze is 4,0 parkeerplaatsen per 100 m² b.v.o. met een bezoekersaandeel van 93%. De parkeerbehoefte is daarmee 60 parkeerplaatsen, waarvan 55,8 parkeerplaatsen voor bezoekers en 4,2 voor personeel. De parkeernorm voor wooneenheden in een verpleeg- en verzorgingstehuis is 0,6 parkeerplaats per wooneenheid, waarvan het bezoekersaandeel 60% betreft. Dit zorgt bij 27 wooneenheden voor een parkeerbehoefte van 16,2 parkeerplaatsen, waarvan 9,72 parkeerplaatsen voor bezoekers.

De vergelijking van de oorspronkelijke en nieuwe situatie leidt op basis van de parkeernormen tot een afname van de parkeerbehoefte van bezoekers van 55,8 parkeerplaatsen naar 9,72 parkeerplaatsen voor bezoekers; een afname van 46 parkeerplaatsen. Wat betreft personeel/lang parkeren neemt de parkeerbehoefte toe van 4,2 parkeerplaatsen naar 6,28 parkeerplaatsen; een toename van 2 parkeerplaatsen. Kort parkeren Er is in de directe omgeving van Hoogstraat 6-16 sprake van een parkeerschijfzone met een maximum parkeerduur van 2 uur. Het is in de avond en nacht (vanaf 18.00 tot 8.00 uur) wel mogelijk om langer dan 2 uur te parkeren; dan geldt de maximumduur niet. Er is geen ontheffingsmogelijkheid voor bewoners en andere doelgroepen. In de nieuwe situatie is (blijft) het voor bezoekers mogelijk om in de directe nabijheid van het complex, in de parkeerschijfzone, te parkeren, omdat: • •

het om kortparkeerders gaat; het parkeren van bezoekers (van de zorgwoningen) voornamelijk in de avond plaatsvindt.

De parkeerbehoefte in de parkeerschijfzone neemt af in vergelijking met de oorspronkelijke situatie, toen er een supermarkt was gevestigd. Ten opzichte van de huidige situatie (geen supermarkt/winkels) neemt de parkeerbehoefte toe. Parkeervisie Abcoude De gemeenteraad heeft in het verleden de Parkeervisie Abcoude vastgesteld. Eén van de aanleidingen voor het opstellen van deze visie was de ruimtelijke ontwikkelingen en het parkeren daarbij.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing Er is in deze visie erkend dat voor nieuwe ontwikkelingen het belangrijk is om parkeernormen vast te stellen, die aansluiten bij het verwachte autogebruik en –bezit. Deze normering moet tegelijkertijd voldoende mate van flexibiliteit garanderen. Dit biedt meer ontwikkelmogelijkheden voor inwoners en ondernemers. Er is in de Parkeervisie Abcoude geconstateerd dat er sprake is van een acceptabele parkeersituatie in het centrum: de parkeerdruk is zodanig dat bezoekers van het centrum binnen redelijke termijn/tijd een parkeerplaats kunnen vinden. In dit licht is ook bekeken hoe met ruimtelijke ontwikkelingen in het centrum moet worden omgegaan. Er moet worden voorkomen dat een ruimtelijke ontwikkeling een negatief effect op de parkeersituatie heeft. Praktijksituatie De exacte parkeerbehoefte van verpleeg- en verzorgingshuis is afhankelijk van de praktijksituatie, zoals de exacte doelgroep qua leeftijd en geestelijke en fysieke gesteldheid. Er is daarom gekeken wat het verwachte autogebruik en –bezit van het personeel van de functiegebruiker (Martha Flora) en de bewoner is. Er zijn op een piekmoment in de week maximaal 10 personen tegelijk aan het werk bij een volledig bezet Martha Flora huis (27 wooneenheden). Vanuit de gebruiker is de ervaring dat meer dan de helft met de fiets of het openbaar vervoer komt.

De avond- en nachtdienst komen veelal met de auto. De verwachte parkeerbehoefte ligt dus op maximaal 4 overdag en op circa 8 voor de nacht. Overdag is er gezien het verwachte autogebruik dus geen extra parkeerbehoefte ten opzichte van de norm. Voor de nachtdienst is er wel meer behoefte op een maximale bezetting op enig moment. De bewoners van het complex hebben geen auto. Samenvattend Er is in een groot deel van het centrum van Abcoude een parkeerschijfzone van kracht. Op de parkeervakken binnen deze zone mag maximaal 2 uur geparkeerd worden van maandag tot en met zaterdag van 08:00 tot 18:00 uur. Lang parkeren vindt plaats buiten de zone. De parkeerbehoefte van bezoekers in de parkeerschijfzone van het centrum van Abcoude neemt als gevolg van de realisatie van het woonzorgcomplex af in vergelijking met de oorspronkelijke situatie, toen er een supermarkt was gevestigd. Rekenkundig is dit een afname van ca. 46 parkeerplaatsen. Het aandeel voor personeel leidt echter wel tot extra parkeerbehoefte, zijnde een toename van 2,0 parkeerplaatsen. Het personeel kan niet in de parkeerschijfzone parkeren, omdat hun parkeerduur langer dan 2 uur is. Ten opzichte van de huidige situatie (geen supermarkt) neemt de parkeerbehoefte toe. Er zijn immers bezoekers van de bewoners van het woonzorgcomplex; dit zorgt voor een parkeerbehoefte van ca. 10.

De parkeerdruk in het centrum van Abcoude is vooral op zaterdag en op marktdagen hoog. Met de komst van het woonzorgcomplex leidt de ruimtelijke ontwikkeling tot een hogere parkeerdruk. De grootste parkeerbehoefte van bezoekers zal in de avond zijn; op zaterdag en op marktdagen is deze behoefte lager. De toename wordt als acceptabel beoordeeld, ook rekening houdend met de oorspronkelijke situatie. Wat betreft de parkeerbehoefte van het personeel is er sprake van een beperkte toename ten opzichte van de oorspronkelijke situatie (van 4 naar 6). Het is voor personeel niet mogelijk om overdag in de parkeerschijfzone te staan. Zij moeten buiten de zone parkeren. Voor de avonddienst is de parkeerschijfzone geen belemmering en is de parkeercapaciteit ook voldoende. Initiatiefnemer is in het bezit van 2 garageboxen op loopafstand aan de Willem van Abcoudelaan. Deze worden ingezet ten behoeve van de herontwikkeling. Conclusie De oorspronkelijke functie van Hoogstraat 6-16 (supermarkt) genereerde een hoge parkeerbehoefte. Bij de herontwikkeling is gezocht naar een nieuwe functie met een lage parkeerbehoefte. Een woonzorgfunctie is zo’n functie. Gezien het bovenstaande vormt het aspect ‘parkeren’ geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing 2.3.3

Verkeersgeneratie

Uitgaande van de volgende uitgangspunten ten aanzien van verkeer (CROW): •

Functie: Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 20.000-30.000 inwoners, Koop, appartement, >

• •

100 m² bvo. Verstedelijkingsgraad: weinig stedelijk / gemeente De Ronde Venen (Bron: CBS Statline); Stedelijke zone: Centrum

Zoals in paragraaf 2.3.2 uiteen is gezet vindt de wijziging voornamelijk plaats in een vermindering aan winkeloppervlak. Het huidige pand beschikt over circa 1.600 m² b.v.o. winkelfunctie en drie bovenwoningen. De beoogde ontwikkeling beschikt over circa 1.500 m² b.v.o. verpleeg- en verzorgingstehuis, 100 m² b.v.o. winkelfunctie en drie bovenwoningen. De drie bovenwoningen blijven in beide situaties gelijk, echter is de verkeergeneratie van deze woningen ter volledigheid wel meegenomen. Voor de oorspronkelijke situatie wordt aangesloten bij de CROW cijfers behorende bij een Fullservicesupermarkt. Dit geeft het volgende beeld: Categorie

Norm per 100 m² b.v.o.

Aantal b.v.o (m²)

Verkeersgeneratie

Fullservice-supermarkt

73,8

1.600

1.180,8

Afgerond komt dit neer op 1.181 verkeersbewegingen ten behoeve van de oorspronkelijke situatie (supermarkt). De beoogde situatie waarin een verpleeg- en verzorgingstehuis, drie reguliere appartementen en 100 m² b.v.o. winkelfunctie wordt gerealiseerd geeft het volgende beeld: Categorie

Norm/ norm per 100 m² b.v.o.

Aantal/ b.v.o in m²

Verkeersgeneratie

Werknemers verpleeg- en verzorgingstehuis

2

30

60

Bezoekers verpleeg- en verzogingstehuis

2

27

54

Binnenstad of hoofdwinkel(stads)centrum 20.000-30.000 inwoners

32,8

100

32,8

Koop, appartement, > 100 m² bvo

1,3

3

3,9

Totaal

150,7

Hierin wordt aangesloten bij hetgeen genoemd in paragraaf 2.3.2, bij een volle bezetting van het verplegingstehuis zijn er 10 werknemers aanwezig. Er wordt gesteld dat werknemers gedurende de dag verder geen vervoersmiddelen gebruiken, er wordt dus uitgegaan van twee verkeersbewegingen per dag. Aangezien er gewerkt wordt met dag, avond en nachtdiensten is de maximale bezetting per dag aangehouden. Verder beschikken de cliënten, gezien het zorgprofiel, niet over een eigen vervoersmiddel. Zij dragen dus niet bij aan de verkeersgeneratie. Bezoekers voor de bewoners van het verplegingstehuis dragen hier wel aan bij. In voorliggend geval wordt uitgegaan van een gunstige situatie waarbij iedere bewoner elke dag één iemand op bezoek krijgt.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing Afgerond komt dit neer op 151 verkeersbewegingen per weekdag in de beoogde situatie. Gezien de verkeersgeneratie van de oorspronkelijke situatie is dit een zeer sterke afname. De ontsluiting zal plaatsvinden via de Hoogstraat, echter zullen bezoekers/werknemers, gezien de ligging in het centrum van Abcoude, niet tot de Hoogstraat rijden. Het projectgebied ligt nabij de blauwe parkeerzone voor bezoekers van zowel de winkelpanden en het verplegingstehuis zijn dit zeer goede opties om te parkeren om vanuit daar naar het projectgebied te lopen. Voor de werknemers worden in paragraaf 2.3.2 verschillende opties genoemd om het parkeren (in ieder geval overdag) op te lossen. Gezien het bovenstaande en de zeer sterke afname aan verkeersbewegingen en wordt geconcludeerd dat er verkeerskundig geen belemmeringen zijn ten aanzien van het voornemen. 2.3.4

Conclusie

Op basis van het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de aspecten verkeer en parkeren geen belemmering vormen voor de voorgenomen ontwikkeling.

HOOFDSTUK 3

BELEIDSKADER

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

3.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 3.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal.

2.

Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing 3.

Sterke en gezonde steden en regio’s Er zijn vooral in steden en stedelijke regio’s nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio’s behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio’s geborgd.

4.

Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.

3.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1.

2.

3.

Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties.

3.1.1.4 Toetsing van het initiatief aan de NOVI Voorliggend geval betreft een project waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Het betreft een ontwikkeling waar een herontwikkeling plaatsvindt van een voormalig supermarktgebouw naar een woonzorgcomplex met 27 onzelfstandige studio’s, gemeenschappelijke ruimtes, drie reguliere appartementen en twee winkels. De ontwikkeling vind tevens plaats binnen bestaand bebouwd gebied. De omliggende omgeving bestaat uit verschillende centrumfuncties, zoals wonen, detailhandel en maatschappelijke voorzieningen, de nieuwe ontwikkeling is daarom passend binnen de kenmerken en identiteit van het gebied. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in deze ruimtelijke motivering opgenomen herontwikkeling. 3.1.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

3.1.2.1 Algemeen In de SVIR, de voorloper van NOVI, is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigd en geoptimaliseerd instrument.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. 3.1.2.2 Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten in het Rijksbeleid Wat betreft de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' wordt opgemerkt dat toetsing noodzakelijk is bij 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen' (3.1.6 Bro). Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over deze begripsdefinitie.

Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Er is geen ondergrens bepaald voor wat een 'stedelijke ontwikkeling' is. Op basis van jurisprudentie blijkt dat de vraag of sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van die ontwikkeling, in relatie tot de omgeving. Voor wonen geldt, dat voor woningbouwlocaties vanaf twaalf woningen sprake is van een stedelijke ontwikkeling die Ladderplichtig is. •

11 woningen geen nieuwe stedelijke ontwikkeling (ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921);

•

12 woningen wel een nieuwe stedelijke ontwikkeling (ABRvS 25 maart 2015; ECLI:NL:RVS:2015:953);

Daarnaast is een project geen stedelijke ontwikkeling wanneer er enkel sprake is van een planologische functiewijziging, tenzij het een functiewijziging van zodanige aard en omvang betreft (ABRvS 20 april 2016; ECLI:NL:RVS:2016:1075). Voorliggende ontwikkeling betreft het realiseren van 27 onzelfstandige woonzorgstudio’s, drie reguliere appartementen en twee winkelpanden. Opgemerkt wordt dat het gaat om 27 onzelfstandige woonzorgstudio’s, deze zorgwoningen hebben een maatschappelijke functie. De drie bovenwoningen zijn reeds toegestaan binnen het projectgebied, dit geldt ook voor de twee winkelpanden. Echter, gezien de omvang van de maatschappelijke ontwikkeling, het toevoegen van 27 onzelfstandige zorgstudio’s, wordt ten aanzien van een goede ruimtelijke ordening een laddertoets opgenomen. Gezien de aard en omvang en de andere eerder genoemde jurisprudentie wordt geconcludeerd dat er sprake is van een stedelijke ontwikkeling. Artikel 3.1.6 lid 2 van de Bro geeft aan dat de toelichting van een ruimtelijk plan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, moet voldoen aan een aantal voorwaarden: •

er wordt beschreven dat de voorgenomen stedelijke ontwikkeling voorziet in een behoefte;

•

indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.

Wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied? De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van 27 onzelfstandige woonzorgstudio’s, drie reguliere appartementen en twee winkelpanden in Abcoude. Deze woningen zullen vooral een bijdrage leveren aan de lokale (zorg)woningbehoefte.. De winkelpanden hebben tevens vooral een lokale aantrekkende kracht.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing Beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling Met voorliggende ruimtelijke onderbouwing wordt voorzien in 27 onzelfstandige woonzorgstudio’s en drie reguliere appartementen in Abcoude. De gemeente beschikt over een eigen actuele Woonvisie 2025, welke is opgesteld voor de periode 2020-2025. In het programma wordt zowel op de kwalitatieve als de kwantitatieve woningbouwbehoefte ingegaan. De woningbouwbehoefte is in het woningbouwprogramma vastgelegd. In paragraaf 3.3.2 wordt de voorgenomen ontwikkeling getoetst de Woonvisie 2025. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling een bijdrage levert op zowel de kwantitatieve woonbehoefte als de kwalitatieve woonbehoefte in Abcoude. Daarnaast wordt in paragraaf 3.3.3 getoetst aan de gemeentelijke Woonzorgvisie. Uit de toetsing blijkt dat in Abcoude een wezenlijke behoefte is aan zorgwoningen, specifiek voor mensen met een zorgprofiel. Voorliggende ontwikkeling voorziet in onzelfstandige zorgwoningen voor deze doelgroep. De behoefte aan de (zorg)woningen binnen de voorgenomen ontwikkeling is hiermee aangetoond. Ligt de stedelijke ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied? De voorgenomen ontwikkeling betreft de herontwikkeling van een bestaande locatie die is ingericht ten behoeve van een supermarkt.

Het betreft een supermarktpand dat wordt gesloopt waarna er een woonzorgcomplex met twee winkels op de begane grond en drie reguliere appartementen op de tweede verdieping wordt gerealiseerd. Daarmee is in voorliggend geval sprake van een ontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied. Conclusie ladder van duurzame verstedelijking Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de gewenste ontwikkeling in overeenstemming is met de ladder van duurzame verstedelijking. 3.1.3

Conclusie toetsing aan het Rijksbeleid

Het relevante ruimtelijke ordeningsbeleid op Rijksniveau staat de ontwikkeling niet in de weg.

3.2

Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid behelst een doorvertaling van rijksbeleid en is verwoord in tal van plannen. De belangrijkste betreffen de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening Provincie Utrecht. 3.2.1

Provinciale Omgevingsvisie (2021)

3.2.1.1 Algemeen In de Omgevingsvisie legt de provincie integrale lange termijn ambities en beleidsdoelen voor de fysieke leefomgeving van de provincie Utrecht vast. Dat is inclusief sociale aspecten die fysiek neerslaan, zoals toegankelijkheid en inclusiviteit. De Omgevingsvisie is een instrument uit de Omgevingswet die volgens per 1 januari 2024 in werking is getreden. De Omgevingsvisie is een samenvoeging van onder andere de ruimtelijke structuurvisie, mobiliteitsvisie, natuurvisie en het bodem-, water- en milieuplan. De Omgevingsvisie vormt een samenhangend pakket met de instrumenten Programma’s en Omgevingsverordening. In de Omgevingsvisie beziet de provincie groen, water, energie, bebouwing, infrastructuur, cultuurhistorie en landelijk gebied in onderlinge samenhang. 3.2.1.2 Uitgangspunten De provincie heeft de ambitie uitgesplitst in meerdere ambities, die allen behoren tot het beleid voor een gezonde en veilige leefomgeving. De ambitie is uitgewerkt in de volgende speerpunten: 1. 2.

Stad en land gezond Klimaatbestendig en waterrobuust; BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

17

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing 3. 4. 5. 6. 7.

Duurzame energie; Vitale steden en dorpen; Duurzaam, gezond en veilig bereikbaar; Levend landschap, erfgoed en cultuur; Toekomstbestendige natuur en landbouw.

In dit geval is met name onderdeel 1 (stad en land gezond) en onderdeel 4 (vitale steden en dorpen) van belang. Hierna wordt daar nader op ingegaan. Stad en land gezond De leefomgeving van de provincie Utrecht biedt veel kansen voor gezond leven. De steden en dorpen worden omringd door groene landschappen. Een schone en rustige omgeving is vaak nabij. De provincie heeft een samenhangend hoofdroutenetwerk voor wandelen, fietsen en varen. Dit netwerk verbindt onze woon-, werken leefgebieden met het ruime vrijetijdsaanbod, aantrekkelijke recreatiegebieden, landschappen en natuurgebieden. De provincie Utrecht heeft per saldo de schoonste economie van Nederland door het dienstverlenende karakter met relatief weinig vervuilende bedrijven. De leefomgeving wordt echter steeds intensiever gebruikt. Dit leidt tot afname van de bodem-, water- en milieukwaliteit. De veerkracht van ons bodem- en watersysteem staat onder druk. Er is een toenemende vraag naar drinkwater. Tegelijkertijd neemt de verontreiniging van het drink- en oppervlaktewater door medicijnresten, hormonen en microplastics toe. De afname van fijnstof in de lucht die de afgelopen jaren is opgetreden, vlakt af. Stikstofoxiden in de atmosfeer leiden tot de vorming van fijnstof en smog. Dit leidt onder andere tot verschraling van natuurgebieden en afname van biodiversiteit.

Zonder extra inspanningen nemen geluid- en lichthinder verder toe. Mensen ervaren, door de toename van inwoners en bezoekers, steeds vaker een gevoel van drukte. Vitale steden en dorpen Mensen vinden de provincie Utrecht aantrekkelijk om in te wonen en te werken. De regio U16 en de regio Amersfoort behoren tot de meest gespannen woningmarktregio’s in Nederland. De grote steden Utrecht en Amersfoort, en ook de andere steden en dorpen in de provincie Utrecht, zijn een populaire vestigingsplaats voor zowel inwoners als bedrijven en groeien snel. De provincie heeft de tweede economie van Nederland en is exporteur van zakelijke en financiële diensten aan de rest van ons land. Daarnaast is de provincie sterk op het gebied van ICT, transport en logistiek, life sciences & health en agrifood. De behoefte aan wonen en werken is fors. Door het toenemend aantal huishoudens houdt de druk op de woningmarkt aan. Tot 2050 zijn 170.000 tot 202.000 extra woningen nodig om aan de volledige behoefte te voldoen (bron: Primos 2020). Voor de periode tot 2040 (de scope voor programmeren in de Ontwerp Omgevingsvisie) is de opgave 133.200 tot 165.700 woningen. Voor kleinere kernen speelt het vraagstuk hoe deze kernen vitaal te houden. De werkgelegenheid groeit tot 2050 stevig met naar verwachting 100.000 banen en dat is ook nodig voor een goede woon-werkbalans.

Het zoeken naar ruimte voor woningen, werklocaties en voorzieningen hangt samen met het zoeken naar ruimte om onze steden en dorpen gezond, veilig, duurzaam en bereikbaar te maken. 3.2.1.3 Toetsing van het initiatief aan de Provinciale omgevingsvisie Met voorgenomen ontwikkeling wordt bijgedragen aan de versterking van de vitaliteit van de provincie Utrecht. Dit door het toevoegen van woningen die voorzien in de huidige behoefte. Daarnaast kunnen senioren met een zorgvraag door de beoogde ontwikkeling eerder geholpen worden, waardoor er elders woningen vrijkomen. Deze vrijgekomen (senioren)woningen komen terug op de woningmarkt en kunnen door andere senioren of starters worden bewoond. Dit resulteert in een toename aan doorstroom mogelijkheden op de woningmarkt. Daarnaast worden er twee winkelpanden toegevoegd. Dit zorgt voor een stimulans voor de lokale economie en houdt de regio aantrekkelijk voor winkelpubliek. Ook houden de winkels, maar ook het zorgcentrum het voorzieningenniveau van de regio op peil. Verder zal het complex ook beschikken over 3 reguliere appartementen. Deze passen tevens zeer goed binnen de provinciale omgevingsvisie, aangezien deze BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

18

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing appartementen een bijdrage leven aan de forse vraag naar woningen. Gezien het bovenstaande wordt geconcludeerd dat de beoogde ontwikkeling in overeenstemming is met de Provinciale omgevingsvisie. 3.2.2

Omgevingsverordening provincie Utrecht

3.2.2.1 Algemeen Op 3 januari 2024 is de Omgevingsverordening provincie Utrecht in werking getreden. In de Omgevingsverordening zijn regels over de fysieke leefomgeving opgenomen. Het document bevat instructieregels over taken en bevoegdheden van gemeenten en waterschappen. Daarnaast bevat de omgevingsverordening direct werkende regels. Dit zijn regels die rechtstreeks gelden voor bedrijven, burgers en andere initiatiefnemers bij het uitvoeren van een activiteit. Hierna wordt nader op de van belang zijnde artikelen uit de Omgevingsverordening ingegaan. 3.2.2.2 Van belang zijnde artikelen Artikel 2.16: Instructieregel overstroombaar gebied 1.

2.

Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen Overstroombaar gebied bevat regels die rekening houden met overstromingsrisico’s. Binnendijks is dit van toepassing op kwetsbare en vitale objecten en woonwijken en bedrijventerreinen. Buitendijks is dit ook van toepassing op individuele woningen en bedrijven. De motivering van een omgevingsplan bevat een beschrijving van het door de gemeente te voeren beleid ter zake en de wijze waarop met het overstromingsrisico is omgegaan.

Artikel 7.3 Instructieregel instandhouding en versterking UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies 1) Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies: a) neemt de uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies in acht en bevat regels ter instandhouding en versterking daarvan; en b) bevat geen regels die activiteiten toestaan die die waarde aantasten. 2) Als uitzonderlijke universele waarde Hollandse Waterlinies gelden de kernkwaliteiten, bedoeld in de Bijlage XV Cultuurhistorie bij deze verordening en de Gebiedsanalyses Kernkwaliteiten Hollandse Waterlinies. 3) De motivering van een omgevingsplan bevat: a) Een beschrijving van de in het plangebied aanwezige uitzonderlijke universele waarde van de Hollandse Waterlinies; en b) Een beschrijving van de wijze waarop die waarde in acht is genomen. Artikel 9.17 Instructieregel verstedelijking 1) Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen Stedelijk gebied kan regels bevatten voor verstedelijking.

2) Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen Stedelijk gebied kan bestemmingen en regels bevatten voor woningbouw mits is voldaan aan de volgende voorwaarden: a) de woningbouw past in het door gedeputeerde staten vastgestelde programma Wonen en werken; b) de woningbouw leidt niet tot extra bodemdaling; 3) Een motivering van een omgevingsplan bevat een onderbouwing waaruit blijkt dat aan de genoemde voorwaarden is voldaan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

19

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing 3.2.2.3 Toetsing van het initiatief aan de Interim omgevingsverordening Utrecht Artikel 2.16: Instructieregel overstroombaar gebied In dit geval is er geen sprake van een onevenredig risico ten aanzien overstromingen. Bij eventuele overstromingen kan men het projectgebied in meerdere richtingen ontvluchten. De gemeente De Ronde Venen geeft in het Water- en Rioleringsplan De Ronde Venen 2023-2027 aan dat zij aansluiten bij hetgeen genoemd in ‘Afspraken klimaatadaptief bouwen Utrecht’. Hieronder wordt getoetst aan de uitgangspunten uit deze notitie. Gevolgbeperking van overstromingen • Een risico-afweging van de plaatselijke overstromingskans, evacuatietijd en optredende waterdiepte op maaiveld bepaalt of een of meerdere van de volgende eisen van toepassing zijn of dat het risico wordt geaccepteerd: • Schade voorkomen (<0,2 meter): bij overstromingen mag er geen schade op treden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven hoofdwegen begaanbaar. • Schadebeperking (<0,50 meter): er dienen maatregelen genomen te worden om schade te beperken in een geval van een overstroming, mits deze doelmatig zijn.

• Beschermen vitale functies (<2,0 meter): bij overstromingen zijn vitale functies beschermd en blijven doorfunctioneren, mits de maatregelen hiervoor doelmatig zijn gezien het regionaal of nationaal belang. • Schuilen en evacueren (>0,50 meter): Er moeten maatregelen getroffen worden o te evacueren in het geval van een overstroming en als de evacuatietijd te kort is, om veilig te schuilen. Situatie projectgebied Op basis van Atlas leefomgeving is achterhaalt wat de maximale waterdiepte is bij een dijkdoorbraak. Hieruit blijkt dat ter hoogte van het projectgebied geen water staat bij een dijkdoorbraak. In afbeelding 3.1 is de waterdiepte bij een dijkdoorbraak weergegeven. Het projectgebied wordt met een rode ster aangewezen.

Afbeelding 3.1

Maximale waterdiepte bij een dijkdoorbraak (Bron: Atlas Leefomgeving)

Op basis van deze gegevens kan worden aangesloten bij het uitgangspunt ‘Schade voorkomen (<0,2 meter). De elektrische installaties worden op een geschikte hoogte geplaats, zodat deze niet beschadigen bij een overstroming. Daarnaast zal er tevens geen schade op treden aan het gebouw bij een overstroming en blijven de omliggende wegen begaanbaar. Gezien het bovenstaande wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met de uitgangspunten genoemd in ‘Afspraken klimaatadaptief bouwen Utrecht’.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

20

Hoogstraat 6-16, Abcoude Ruimtelijke onderbouwing In paragraaf 4.9 wordt nader ingegaan op de wateraspecten binnen het projectgebied. Er wordt geconcludeerd dat het initiatief in overeenstemming is met artikel 2.10 van de Omgevingsverordening. Artikel 7.3 Instructieregel instandhouding en versterking UNESCO Werelderfgoed Hollandse Waterlinies De realisatie van een woonzorgcentrum ter plaatse van het supermarktpand tast de waarde van de Hollandse Waterlinies niet aan. Daarnaast zal de uiterlijke uitstraling van de nieuwe bebouwing goed aansluiten bij de uiterlijke verschijningsvormen in de rest van de straat. Voorliggend initiatief is hiermee in overeenstemming met artikel 7.2 van de Omgevingsverordening. Artikel 9.17 Instructieregel verstedelijking In hoofdstuk 3.3.2 wordt het initiatief getoetst aan de Woonvisie 2025. Hieruit blijkt dat er behoefte is naar zorgstudio’s binnen de gemeente De Ronde Venen en specifiek in Abcoude. Daarnaast gaat het om bestaand stedelijk gebied, waarbij ook rekening gehouden wordt met een passende fundering waardoor er geen extra bodemdaling zal plaatsvinden. Gezien het bovenstaande wordt er voldaan aan artikel 9.15 van de Omgevingsverordening.

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Structuurvisie De Ronde Venen 2030 (2013)

3.3.1.1 Algemeen De gemeente De Ronde Venen beschikt over een structuurvisie waarin de visie tot 2030 is bepaald. De structuurvisie gaat er vanuit dat in het jaar 2030 gemeente De Ronde Venen een herkenbare uitstraling heeft met een eigen karakter. Inwoners en bezoekers weten wat de gemeente te bieden heeft met haar landschap, dorpen, recreatiegebieden en natuurschoon. Initiatieven worden ondersteund. 3.3.1.2 Visie op thema’s De visie is uitgewerkt in de thema’s landschap, landbouw, recreatie, wonen, leefbaarheid, werken. Daarnaast is er ook een kerngerichte visie. Hierna wordt op de belangrijkste visies met betrekking tot dit project ingegaan. Cultuurhistorie De in De Ronde Venen aanwezige cultuurhistorische waarden worden behouden en waar mogelijk versterkt. De gemeente zet in op een grotere beleefbaarheid van de cultuurhistorische waarden als kader van de landschappelijke kwaliteit. Historisch erfgoed moet toegankelijker en meer beleefbaar worden. Wonen Het beleid ten aanzien van wonen is gericht op een toekomstbestendige woningvoorraad, gelet op woonwensen, duurzaamheid en woningmarkt. Het beleid heeft oog voor de woningen en wijken die er al zijn, oog voor initiatieven naast de gemeentelijke projecten en oog voor de positie van de gemeente op de regionale woningmarkt. Woningen en woonomgeving sluiten aan op de woonwensen en woningbehoefte van inwoners.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15806976/1