16-09-20214 politieke commissie ABZF SI
Tekst van het document
De heer Stam merkt op dat een tijdje geleden over de extra kosten van inhuur van mensen is gesproken. Feitelijk trekt de gemeente het risico helemaal naar zich toe door de opzet om het met alleen eigen mensen te gaan doen. Wanneer iemand van die mensen ziek is, komen er toch extra kosten voor inhuur. Neemt de gemeente geen groter financieel risico door alles met eigen mensen te willen doen?
20
Wethouder Schuurs ziet het risico wel. Echter, men heeft de ervaring dat eigen mensen met een vaste aanstelling langer in dienst blijven. Inhuurkrachten en mensen van partners wisselen sneller. Over de aantallen wachtenden heeft men de raad geïnformeerd. Gelukkig is men wat aan het inlopen. Helaas niet snel genoeg. Het gaat nog steeds om een behoorlijk aantal wachtenden, met name in de Wmo Naar aanleiding van de vraag over wat het kernteam doet, denkt de wethouder dat het goed is om iets te organiseren om de raadsleden kennis te laten maken met het kernteam. Dan kan men ook goed zichtbaar maken wat de kernteammedewerkers doen. Het kernteam is cruciaal voor de herijkte toegang. Het maatschappelijk werk bij Kwadraad wordt door circa twee fte gedaan. Dat maatschappelijk werk is snel zonder wachtlijsten beschikbaar. Men snapt de zorgen van de raad over het weghalen van het maatschappelijk werk bij Kwadraad in relatie tot de bestaande wachtlijsten bij het kernteam. Misschien moet men het tijdelijk op een andere manier organiseren zodat snelle toegang gewaarborgd blijft. Mevrouw De Korte merkt op dat bij Kwadraad werk voor 370.000 euro wordt opgeheven. Een deel daarvan heeft betrekking op het maatschappelijk werk en directe hulp op dit punt voor inwoners. Een deel maakt deel uit van het kernteam.
Spreekster wil precies weten welk deel van het bedrag naar het kernteam gaat en wat het deel is voor het maatschappelijk werk. Dat werk als hulpverlening zou volgens het CDA moeten blijven. Men is er een voorstander van om de toegang tot het maatschappelijk werk niet onder te brengen bij het kernteam. Wethouder Schuurs denkt dat het goed is om de vraag het geld schriftelijk te beantwoorden. Juist omdat men het precies wil weten. Dan kan men naast de bedragen ook het aantal fte’s vermelden. Mevrouw De Korte kan daar mee instemmen. Wethouder Schuurs heeft aangegeven dat men in 2024 in overleg met de raad wil evalueren. Men moet de tijd hebben om het proces te laten lopen. Wanneer men heeft gedraaid in 2022 en 2023, dan moet een evaluatie in 2024 mogelijk zijn. De heer Luijer vindt de tijd tussen de introductie van Toegang 2.1 tot 2024 best een lange tijd. Hoe gaat de wethouder de raad op de hoogte houden wanneer blijkt dat de zaken niet zo lopen als verwacht? Wethouder Schuurs antwoordt dat het college een actieve informatieplicht heeft. Loopt het anders dan gehoopt dan wordt de raad daar tussentijds over geïnformeerd. De evaluatie zou in begin 2024 moeten plaatsvinden. Dan moet men een goed beeld kunnen krijgen van hoe het gaat. En dat er openlijk niet weer een verandering noodzakelijk is.
Het maatschappelijk werk gaat voor een deel naar de servicepunten en voor een deel naar het kernteam. Er kan ook nog een deel naar andere vormen van hulp gaan. Maatschappelijk werk is bedoeld als kortdurend.
21
Het is de bedoeling om ook de toegang tot het Werkcentrum via de servicepunten te laten lopen. Nu komt men zich melden voor het Werkcentrum op verschillende punten. Bij een servicepunt kan men vrij goed inschatten of iemand een inkomen nodig heeft. Het is de bedoeling dat de servicepunten de aanvragen Wmo doorverwijzen naar het kernteam. Het kernteam is verdeeld over de vier grote kernen. Voor een deel werken ze ook in de kernen. Teamleden per dorp betekent dat die de lokale situatie goed kennen, de hulpverleners en de bestaande problematiek. Algemeen maatschappelijk werk is een stuk voorveld. Dat gaat vaak met vrijwilligers. Specifiek maatschappelijk werk is individueel. Daar hangt een prijskaartje aan. dat zit aan de rand van het voorveld. Aangegeven is dat de ontwikkeltafels tegen zijn. Een ander probleem is dat er organisaties zijn die subsidie van de gemeente krijgen. Die daar erg aangehecht zijn. Die organisaties staan niet te trappelen om aan veranderingen mee te doen. Er is dus geen open speelveld. Iedereen heeft eigen belangen. Net als de gemeente. Het is lastig om aan te geven of Toegang 2.1 de oplossing is voor alles. Men denkt dat het een goed oplossing kan zijn. De heer Stam merkt op dat het pijnpunt is dat er weer een verandering wordt toegepast in het toegangsdossier.
Wat daarbij gemist wordt is een goede analyse van wat er op dit moment niet goed gaat en waarom dit voorstel die (eventuele) problemen zou oplossen. Problemen, die men niet in de stukken kan terugvinden. Het is daarom erg lastig om het voorstel te beoordelen. Wethouder Schuurs geeft aan dat er toch sprake is van een grote verandering ten opzicht van wat men nu doet. Men start scherper en strakker. Alle hulp begint bij de servicepunten. Andere dingen zijn al gegroeid, zoals kernteams die per kern opereren. Wanneer men dit voorstel vaststelt gaan niet alle manieren van werken op zijn kop. Het is gewoon doorwerken in de bestaande lijn. Het gaat er met name om een strakkere afstemming te organiseren tussen de servicepunten en wat daarna komt. De heer Stam vindt nog steeds dat zijn punten niet zijn beantwoord. Wethouder Van Uden brengt naar voren dat dit voorstel geen wijziging voorstelt bij het CJG. Wel moeten er nieuwe afspraken met Kwadraad komen over hoe de gemeente het voor zich ziet. Dat gebeurt pas nadat dit voorstel is aangenomen. De heer Klinkhamer is benieuwd hoe het kan dat het CJG volledig verdwenen is van de gemeentelijke website. Dat de CJG-website niet meer bestaat, maar dat het ondergebracht bij de website van de servicepunten. Waar is het CJG ondertussen gebleven? Wethouder Van Uden was niet op de hoogte van het aangegeven punt.
Men komt er voor de raad schriftelijk op terug. De heer Stam wist evenmin iets van het genoemde punt. Echter, dit voedt het vermoeden dat het CJG sluipenderwijs wegbezuinigd wordt. Afgelopen jaar heeft al een afkalving
22
plaatsgevonden. Wil de wethouder dit punt ook meenemen in de schriftelijke beantwoording? Wat is de positie van het CJG en hoe ziet de toekomst eruit? Spreker komt terug op het antwoord van wethouder Schuurs. Misschien heeft men onvoldoende zicht heeft op wat er allemaal bij het toegangsgebeuren plaatsvindt. Echter, men blijft de probleemanalyse missen en de koppeling naar de keuzes in dit voorstel. Men blijft aarzeling houden bij het voorstel. Mevrouw De Korte begrijpt wat de heer Stam bedoelt. Men heeft zichzelf ook afgevraagd bij het naar voren komen van details of er een heldere analyse heeft plaatsgevonden. Men vindt het wel belangrijk dat de servicepunten het eerste aanspreekpunt worden. Tot nu toe kunnen mensen op allerlei manieren dan wel kanalen naar het servicepunt of het kernteam. Dat is een onduidelijke situatie. Heet is waar dat men al voor de derde keer een verandering zien bij de toegang. Dat moet de laatste keer zijn. Alvorens weer wat te veranderen moet er een heldere evaluatie op tafel liggen. Waarbij ook naar de doelen gekeken wordt. Misschien wel een evaluatie na een jaar in plaats van twee jaar. Dat zal in het amendement vermeld worden. De heer Stam is wel blij met de opmerking van mevrouw De Korte. Tegelijkertijd denkt spreker dat dit niks nieuws is. Men roept al vijf à zes jaar dat de servicepunten de plek is waar men zich moet melden voor hulp.
Wanneer mensen zich elders melden, dan heeft men kennelijk de eigen spelregels niet gehandhaafd. De basisafspraken bestaan al een paar jaar. Om die reden begrijpt spreker nog steeds niet waarom het nu anders moet. De heer Van Dijkman is benieuwd hoe de toegang bij andere gemeenten gaat. Men is toch niet bezig om het wiel weer uit te vinden? Wethouder Schuurs brengt naar voren dat na acceptatie van het voorstel de toegang alleen via de servicepunten mogelijk wordt een aanscherping is van de bestaande situatie, van de ervaringen die men heeft. De toegang wordt bij andere gemeenten verschillend georganiseerd. Sommige gemeenten doen het op een vergelijkbare wijze als De Ronde Venen. Er zijn ook gemeenten die de toegang hebben uitbesteed. Wanneer men iets wil invoeren per 1 januari dan kan dat via de voorliggende herijking. Wil men compleet iets anders, bijvoorbeeld de toegang uitbesteden, dan heeft men veel meer tijd nodig. Wethouder Van Uden corrigeert een eerder gegeven antwoord. Het college heeft vorig jaar bij de begroting voorgesteld te stoppen met het CJG. Dat had tot gevolg dat men de website kon stoppen en dat de functie van coördinator kon worden geschrapt. De raad heeft toen het punt van de coördinator teruggedraaid. Daarom is de informatie nu ondergebracht bij de website van de servicepunten.
Tweede termijn De heer Kroon heeft horen zeggen dat organisaties aan de ontwikkeltafels een financieel belang zouden hebben. Om die reden zou hun inbreng vertekend zijn. Echter, men heeft ook 23
een algemeen gedeeld belang van goede hulp- en zorgverlening. Die ontwikkeltafels zijn er niet voor niets. De deelnemers zitten er vanwege hun expertise. Spreker heeft het idee dat die tafels worden af geserveerd omdat ze het niet eens zijn met het voorstel vanwege het financiële belang. Is dit beeld correct? Kan men verslagen van de ontwikkeltafels krijgen om kennis te nemen van hun argumenten? Wanneer men kijkt naar het maatschappelijk werk dan heeft men toch een idee dat het gaat om een oplossing voor een personeelsprobleem en daarmee voor een financieel tekort. Of zit er een visie achter? Dan de doorverwijzing van het servicepunt naar het kernteam van Wmo-punten. Kan men de mensen van de servicepunten niet opleiden om de Wmo-aanvragen beter te doen om te voorkomen dat het weer bij het kernteam blijft liggen? De heer Klinkhamer vraagt waar het collectieve aanbod maatschappelijk werk heen gaat. Is daar ruimte voor? Welke visie zit er achter het besluit om te stoppen met maatschappelijk werk? De opdracht voor de servicepunten moet nog gemaakt worden. Kan men iets zeggen over de extra kosten die te verwachten zijn hiervoor? Het stuk toegang is in basis goed. Houd de toegang bij de servicepunten. Kernteams per kern is ook goed. De heer Luijer is benieuwd of het terug naar de basis van de toegang begeleid wordt met communicatie richting inwoners.
Zo ja, welke kosten zijn daarmee gemoeid? Mevrouw De Korte vindt het plan Toegang 2.1 toch een goed plan. De aanscherping van de toegang is prima. Alleen het onderdeel Kwadraad is onduidelijk. Op dat punt graag een schriftelijke beantwoording. Wethouder Schuurs heeft niet gezegd dat de ontwikkeltafels alleen dingen voor eigen geld doen en dat ze niet professioneel zijn. Alleen is aangegeven dat er sprake is van een nieuwspeelveld waarbij verschillende belangen een rol spelen. Het beeld dat uit de ontwikkeltafels is gekomen is diffuus. Het is niet men is voor of tegen. De heer Kroon is wel benieuwd naar dat beeld. Benieuwd naar de onderbouwing van de visie vanuit het veld. Dat beeld mist spreker. Dat geeft meer inzicht, ook over de eventuele knelpunten. Dat kan bij de besluitvorming een rol spelen. Wethouder Schuurs brengt naar voren dat bij de stukken een stuk zit van het participatieplatform. De maatschappelijke partners hebben een brief geschreven. Daar zal men het mee meten doen. Er zijn geen verslagen van bijeenkomsten. Zouden die er wel zijn dan gaat men die niet verstrekken. Aan de ontwikkeltafels moeten deelnemers vrijelijk kunnen praten zonder dat alles wat men zegt in de openbaarheid komt. Met het overhevelen van het maatschappelijk werk naar de kernteams vermindert men de complexiteit van de hulpverlening.
De wethouder heeft ook goed gehoord dat er twijfel is of dit in verband met de wachtlijsten wel het goede moment is om dit te doen. Men wacht het amendement af. Het idee om mogelijk bij de servicepunten een Wmo-aanvraag te regelen is misschien niet verkeerd. Een punt is echter dat de servicepunten niet mogen beschikken.
24
De weerbaarheidstrainingen uit het collectieve deel van het maatschappelijk werk worden aanbesteed. Daar is ander geld voor dan subsidie. Er wordt al heel veel gecommuniceerd, ook over dit onderwerp. Men denkt niet dat daar een separaat budget voor nodig is. De voorzitter concludeert dat er een uitgebreide beraadslaging heeft plaatsgevonden. Er is een aantal toezeggingen gedaan die voor de raadsvergadering naar de raad komen. Vervolgens stelt de voorzitter vast dat het voorstel naar de meningvormende raad gaat.
d.
Lokale gezondheidsnota 2021 – 2025 van gemeente De Ronde Venen en afhandeling van de moties Zinvolle Indicatoren (182/19), Meedoen aan de landelijke campagne Eén tegen eenzaamheid (12/21) en Beleid voor senioren en gezondheid in de versnelling (104/20), raadsvoorstel 48/21 Mevrouw Becker brengt naar voren dat in de nota drie stimuli genoemd worden, een gezonde omgeving, leefstijl en gezond ouder worden. Bij gezonde omgeving wordt in een schema weergegeven dat 41% van de volwassenen tot 65 jaar een overgewicht heeft. Tot verbazing werd daarvoor als reden opgegeven: minimale beweging door een goed wegennet en een goed werkend openbaar vervoer. Hoe is men tot die conclusie gekomen? Men denkt dat er andere redenen voor overgewicht zijn, zoals te weinig bewegen en een verkeerd voedingspatroon. Verder geeft men aan dat zaken als voldoende bomen, groene ontmoetingsplekken en beweegtuinen belangrijk zijn voor de gezondheid van de inwoners. Het gaat in het voorstel om een integrale aanpak. Daar is preekster voorstander van. Daarvoor moet men met andere domeinen samenwerken. Gaat dat werken? Verschillende gegevens zijn niet van recente datum. Daar is een reden voor, maar het is wel jammer. Aangegeven wordt dat jonge kinderen te weinig groente en fruit eten en dat ze relatief vaak overgewicht hebben. Met de scholen moet men praten over gezonde voeding.
Er zijn driekeer zoveel kwetsbare ouderen in de laagste inkomensgroep dan in de hoogste inkomensgroep. Die laagste inkomensgroep heeft minder te besteden en ongezond voedsel is vaak goedkoper dan gezonde. Wanneer men op dit gebied maatregelen wil nemen dan moet men kijken naar de financiële situatie en naar een betere voorlichting. Men streeft ernaar dat dat ouderen zo lang mogelijk thuis wonen. Men heeft tenslotte bezuinigd op verzorgings- en verpleeghuizen. Het gevolg is meer eenzaamheid, meer ongelukken in huis, een hoger alcoholgebruik en minder gezond eten. Over respijtzorg wordt niets in het beleidsplan gezegd. Echter, dat wordt een steeds groter probleem. In de bronnen die gebruikt zijn voor de nota staan twee interessante punten die niet terugkomen in de nota. Ver nieuwe woonvormen voor ouderen wordt niet gesproken. Digitalisering kan bijdragen aan de gezondheidszorg van ouderen. Daar is een stimuleringssubsidie voor die tot 1 januari 2022 beschikbaar is. In het plan komt het niet terug. Men is benieuwd naar het toegezegde uitvoeringsplan. De heer Van Dijkman vindt het goed dat er een actuele breed gedragen gezondheidsnota ligt met ambities voor de komende jaren. Het gaat nu om de hoofdlijnen, een verdere uitwerking met nog plaatsvinden in het uitvoeringsplan.
Men gaat ervan uit dat hierbij uitgegaan zal worden van eigen verantwoordelijkheid en eigen regie van de inwoner. En een goede wijze van preventieve communicatie. Zeker geen betutteling. Een goed plan dat steun verdient.
25
Mevrouw De Korte is blij met de nota. Goed dat men ingaat op eenzaamheid en dementie. Minder tevreden is men met de snelheid waarmee het probleem is aangepakt. Het is goed dat er indicatoren zijn toegevoegd. Gaat de wethouder de indicatoren nog verbinden aan maatschappelijke doelen? Kijkt men ook naar de samenwerking met partners om de doelen te behalen? Komt dat terug in de uitvoeringsnota? Er zijn belangrijke indicatoren aangegeven, maar voor de jeugd van 12 tot 18 jaar staat niets vermeld. Daar zou in de nota iets aan toegevoegd moeten over de vermindering van alcohol en drugs. Ook depressie is een punt in deze groep. Heeft men daarvoor ook een indicator? De heer Klinkhamer vindt de gezondheidsnota een gedegen stuk met een goede inbreng van partners. Er staan duidelijke ambities in met heldere indicatoren. Men is benieuwd naar het uitvoeringsplan. Laat men er gewoon mee gaan beginnen. De heer Luijer sluit zich aan bij de woorden van de vorige spreker. De heer Kroon vindt dat er aan de gezondheidsnota mooie indicatoren en doelen zijn gekoppeld. De eerste ambitie, een gezonde leefomgeving, is wat versmald aangevlogen. Naast rookvrije ruimtes zou men ook moeten kijken naar groen, geluidsbelasting en donkerte. Kennelijk heeft men meer naar de sociale aspecten gekeken dan naar het fysieke domein. Dat is wel het uitgangspunt van de Omgevingswet.
Ziet het college een mogelijkheid om in de toekomst meer naar koppelkansen te kijken? Er is veel naar de GGD-indicatoren gekeken. Dan gaat het om een beperkte zeer jeugdige doelgroep. Zijn voldoende speelplekken een indicator voor gezond leven? Men moet er dan wel gebruik van maken. Gebruik van de fiets is logischer. Ook hier geldt meer kijken naar het fysieke domein. Goede fietsvoorzieningen. Die koppeling mist men. Wellicht kan dat in het vervolg meegenomen worden. Verder is het een goed voorstel dat men kan steunen. Mevrouw Groen is blij met de nota. Wethouder Schuurs vindt het goed om de positieve reacties te horen. Bij een gezonde omgeving wordt natuurlijk iets gezegd over het OV en de auto. In het onderwerp wat daarna komt wordt gesproken over een gezonde leefstijl en over eten in relatie tot overgewicht. Bij over gewicht spelen meer aspecten, maar dit zijn wel belangrijke. Voor gegevens over de bevolking is men afhankelijk van andere partijen. Men heeft de meest recente voor handen zijnde gegevens gebruikt. De ervaring leert dat die gegevens op korte termijn niet scherp veranderen. Ook de minder recente gegevens geven daardoor een beeld van de situatie. Er wordt met scholen gesproken over een gezond eten programma. De meeste scholen zijn daarmee bezig. In de communicatie over gezondheid en eten komt een en ander wel aan de orde.
Dat blijft een probleem voor ouderen met minder geld. De respijtzorg is een onderdeel van de Wmo. Daarom wordt het hier niet genoemd. Naar nieuwe woonvormen is wel gekeken. Maar, is meer gekeken naar waar men prioriteiten moet stellen. Men gaat kijken naar de subsidie op het punt digitaal vaardigheid. Voor het lokaal preventieakkoord heeft men ook subsidie ontvangen. De gemeente is alert op subsidies. De eigen regie is belangrijk. Op het gebied van gezondheid moet er ook actie ondernomen worden door de mensen zelf.
26
Het voorstel was gereed voor de behandeling in juni. In verband met tijdsdruk op andere onderwerpen heeft de agendacommissie het punt toen niet geagendeerd. Het koppelen van indicatoren aan maatschappelijke doelen is een terecht opmerking. Dat moet. De raad kan beslissen of de juiste indicatoren zijn gebruikt. Wanneer men andere indicatoren wil dan moet dat in de raad besproken worden. Met een mogelijke aanpassing als gevolg. Indicatoren voor de jeugd zitten niet in de gezondheidsnota. Die zijn opgenomen in het Jeugdbeleidsplan. Men heeft overlap willen vermijden. Er is wel een samenwerking tussen het sociaal domein en ruimte. Op dat punt is er ruimte voor verbetering. In de aanloop op de Omgevingswet brengt men beide punten wel samen en kijkt men naar mogelijkheden. Het kan echter beter. Het is nog wennen om het er goed in te krijgen. Met name bij de indicatoren. Bij de werkzaamheden ziet men de samenhang wel terug. Mevrouw Becker geeft aan dat de punten die genoemd zijn over de toekomstzorg thuiswonende ouderen door de betreffende Rijkscommissie juist aangehaald zijn vanwege hun belang, maar dat ze in de nota gemist worden genoemd. Dat verbaasde de spreekster. Waarom is die bron dan gebruikt? De heer Van Dijkman stelt voor om voorlopig de indicatoren te laten zoals ze nu zijn aangegeven. Kijken hoe het werkt.
Wanneer men in de toekomst nog iets mist kan men er nog op terugkomen. Wethouder Schuurs geeft aan dat een van de zaken die mevrouw Becker noemde te maken hebben met afspraken bij de huisarts. Dat punt ligt dus daar. Het is niet iets dat men als gemeente doet. Over de digitale vaardigheden is een antwoord gegeven in relatie tot de subsidie. De voorzitter sluit de discussie over dit agendapunt. Het voorstel kan naar de besluitnemende raad. Wanneer een fractie het uiteindelijk toch wil behandelen, dan kan men het agendapunt terughalen naar de meningvormende raad.
7. a.
Overige punten Informatienota schriftelijke vragen PvdA/GL over Wsw en nieuwe doelgroep De heer Kroon heeft het punt geagendeerd omdat men wel tevreden was met de beantwoording van de schriftelijke vragen over het onderwerp. Echter, daar zijn vervolgvragen uit voortgevloeid. Nu die vragen. - Hoelang heeft iemand die geregistreerd wordt een bepaalde indicatie? Dit is van belang om te kijken of men op bepaalde punten meer of minder moeten doen. - Dan de duurzaamheid van werkplekken. Dat is in het verleden wel eens inzichtelijk gemaakt. Bestaat er daarbij een onderscheid tussen verschillende doelgroepen? - Dan de twee mensen met de indicatie beschut die op een onbetaalde plek werkzaam zijn. Hoe kan men met een indicatie beschut op een niet betaalde werkplek zitten? - Men heeft als gemeente Kansis Groen. Zijn er mogelijkheden om opdrachten binnen te krijgen van andere overheden? Waardoor er meer werk komt voor Kansis Groen met meer werkplekken voor mensen uit de doelgroep. De vraag is eerder gesteld, maar niet afdoende beantwoord. 27
De heer Klinkhamer onderschrijft de vraag over de duurzame inzetbaarheid. Hoe zit het met naar drie maanden weer terug en dan naar de volgende werkgever? Dat is niet duidelijk. Spreker denkt dat men het punt een andere keer moet bespreken over een heel participatiesysteem. Wethouder Schuurs heeft moeite met het nu geven van zinnige antwoorden. Misschien is het beter dat men over het onderwerp apart met elkaar in gesprek gaan. De vragen zijn terecht en belangrijk. Kansis heeft op dit moment werk genoeg voor de mensen die men heeft. Een ander punt is hoe men het aantal mensen dat in de doelgroep valt goed in beeld krijgt. Men is er mee bezig, maar de problematiek is lastig. In het recente verleden was er een traject om statushouders met onvoldoende kennis van de Nederlandse taal te plaatsen bij Groen en het schoonmaakbedrijf. Dat is gebeurt. Die mensen kregen een dag in de week heel concreet Nederlandse les over het werk wat ze deden. Een ander interessant project wat gedaan is, was gericht op techniek. Dat is niet zo goed uit de verf gekomen. Wat wel is bereikt dat er 15 à 20 mensen geplaatst zijn. Kortom, het is de moeite waard om het onderwerp apart te bespreken. Daar horen ook de duurzaamheid van de werkplekken bij. Daar kan de wethouder op dit moment ook geen concreet antwoord op geven.
De voorzitter denkt aan een voorbereidende bijeenkomst die men over het punt kan agenderen. Dat geeft raadsleden die er interesse in hebben meer inzicht. Kan de heer Kroon zich daarin vinden? De heer Kroon wilde een soortgelik voorstel doen. Het aanbod van de wethouder is dus heel goed. De voorzitter sluit daarop de discussie over het agendapunt.
b.
Motie Witte Anjer Perkje van fractie CDA Het agendapunt is uitgesteld in verband met een mogelijke aanpassing (zie agendapunt 3)
c.
Motie uitbreiding terrasmogelijkheden behouden van de fractie D66 Dit agendapunt is in verband met de tijd doorgeschoven naar de volgende commissievergadering.
8.
Sluiting Niets meer aan de orde zijnde, sluit de voorzitter na de aanwezigen bedankt te hebben voor hun bijdrage de vergadering om 22.40 uur. Aldus vastgesteld in de raadscommissie ABZ/F & SI 14 oktober 2021. De griffier, de voorzitter,
28