07-04-2021 Politieke commissie RZPW
Tekst van het document
POSTADRES
BEZOEKADRES
Postbus 250
T
0297 29 16 16
3640 AG Mijdrecht
F
0297 28 42 81
Croonstadtlaan 111
E
gemeente@derondevenen.nl
3641 AL Mijdrecht
I
www.derondevenen.nl
Vergadering politieke commissie Ruimtelijke Zaken & Publieke Werken Datum:
7 april 2021
Tijd:
19:30 uur
Plaats:
Digitaal via Teams
Registratienummer: Voorzitter:
De heer E.A. Dohle
Griffier:
Mevrouw J. Jonker
Raadsleden:
De heer C.W. Brouwer (CDA), de heer M.H. Brunia (D66), mevrouw C. Dijkman (VVD), de heer R. Evers (VVD), mevrouw J. Freeve (D66), de heer J. Geijtenbeek (Seniorenpartij), mevrouw A.E. Groen (Lijst 8 Kernen), mevrouw Y.M.G. van den Heerik (Ronde Venen Belang), de heer J.J. Kneppers (Lijst 8 Kernen), de heer P.C. Kroon (PvdA-GroenLinks), de heer A.P.M. Luijben (Seniorenpartij), de heer L.G.J. Rouwenhorst (CDA), de heer E.R. Schreurs (PvdA-GroenLinks), de heer T. van Sligtenhorst (ChristenUnie-SGP), de heer W.H.P. Stam (ChristenUnie-SGP)
Meesprekers:
De heer T. Verlaan (6c)
Wethouders:
De heer R. Kroon (CDA), mevrouw A.G. Schuurs (VVD), de heer C. van Uden (D66)
Ambtenaren:
Mevrouw S. Jansen-Reimus (6a), de heer R. Schutte (6c), de heer M. Tromp (6b, 6c), mevrouw B. van Velzen (6b)
Notulist:
De heer H.C. Meinhardt (Notuleerservice Nederland)
Notulen 1.
Opening De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen welkom. De vergaderregels die samenhangen met het digitaal vergaderen, worden nog even onder de aandacht van de deelnemers gebracht.
2.
Spreekrecht inwoners Er heeft zich niemand aangemeld voor dit agendapunt.
1
3.
Vaststellen agenda De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Notulen commissie Ruimtelijke Zaken & Publieke Werken, Algemeen Bestuurlijke Zaken Financiën & Samenleving en Inwonerszaken d.d. 17 maart 2021 De notulen worden ongewijzigd goed gekeurd. Er zijn geen vragen of opmerkingen naar aanleiding van de notulen.
5.
Voortgang en overige ontwikkelingen
a.
Toezeggingen De heer Evers stelt toezegging 195/20 aan de orde, de toegezegde maandelijkse afvalbarometer. Waar kan men deze barometer vinden? Wanneer het voor de raad onduidelijk is, is het dan voor de inwoners wel duidelijk waar men de barometer kan vinden? Wethouder Van Uden antwoordt dat deze te vinden is op de website drvaandebak.nl. Daar kan men allerlei informatie over afval vinden. De heer Evers is benieuwd of en hoe dit gepubliceerd is. Hoe is de inwoner opmerkzaam op de website gemaakt? Wethouder Van Uden merkt op dat er aandacht aan de website is gegeven in de social mediacampagne. De volgende stap is dat het ook in de papieren media wordt aangegeven, maar dat vraagt de wethouder na. Daar komt de wethouder in de volgende commissievergadering op terug. De heer Brouwer meldt dat de barometer ook op de gemeentelijke pagina heeft gestaan. De papieren informatiepagina. De heer Stam komt terug op de afvalbarometer. Men komt geen verwijzing tegen op de gemeentelijke website. Klopt dit? Zo ja, waarom niet? Dat moet toch eigenlijk gerepareerd worden. Wethouder Van Uden zegt toe op dit punt terug te komen. De heer Brouwer vraagt om een snellere reactie op toezegging 152/20. De toezegging gaat over de handhaving van geluids- en parkeeroverlast van migranten op verschillende locaties. Het punt is in oktober 2020 aan de orde gesteld.
Toegezegd wordt dat er hierover een infonota in mei 2021. Dat duurt te lang. Kan die nota niet op een eerder moment komen? Wethouder Kroon zal de opmerking aan de betreffende portefeuillehouder door geven. Wellicht is april nog mogelijk.
2
Gezien er niemand nog een punt voor de toezeggingen heeft, sluit de voorzitter dit agendapunt.
b.
Informatie-uitwisseling De heer Geijtenbeek begint met het vaststellen dat bij het maaien het gemaaide gras niet wordt verwijderd. Dat waait alle kanten op. De voetpaden worden daardoor gladder. Dat is in tegenspraak met de ambitie in het Groenbeleidsplan. Wat gaat men doen om de ambitie te realiseren en om te voorkomen dat het gemaaide gras blijft liggen? In het lokale nieuwsblad van 21 maart is een artikel gewijd aan het oude stationsgebouw en het bijbehorende toiletgebouwtje in Mijdrecht. Gezien de slechte start van het project Spoorweglocatie, waarbij een aantal bomen onvoorzien gekapt zijn, is de vraag wat er gaat gebeuren. De wethouder heeft in het artikel aangegeven dat het stationsgebouw en het toiletgebouwtje in oude staat zullen worden teruggebracht. De kosten daarvoor zijn opgenomen in de ontwikkelingskosten van het gebied. In de toezeggingsmail van de projectleider op dat punt komt ineens een ander standpunt naar voren. Daaruit blijkt dat na de vaststelling van het bestemmingsplan dat de realisatie van het gehele plan bij de initiatiefnemer komt te liggen, inclusief het in oude staat terugbrengen van het monument.
Waaruit blijkt dat het stationsgebouw en het toiletgebouwtje onlosmakelijk aan elkaar zijn verankerd? Hoe wordt geborgd dat de ontwikkeling van het monument wordt uitgevoerd als toegezegd? Hoe kan het dat de toezeggingen van de gemeente niet in overeenstemming zijn met de berichtgeving in de media over dit punt? De heer Brunia brengt de belangenvereniging Abcoude-Baambrugge ter sprake. In een bericht van deze vereniging stond artikel van de commissie Bouwen en Wonen. Daarin werd aangegeven dat recent de door CPO Abcoude beoogde locatie naast de Paulusschool definitief is afgewezen door de gemeente. Voor op de plek van de Kees Bonzaal wordt een woonzorgvilla ontwikkeld met zestien luxe studio’s. Oplevering eerste helft 2023. Kloppen deze twee feiten? Zo ja, waarom weet de raad dat dan niet? Waarom is de locatie bij de Paulusschool afgewezen? Aan welk alternatief wil de gemeente wel meewerken? De heer Kroon heeft recente van inwoners een vraag gekregen over mogelijkheden voor zonnepanelen op monumentale daken. Het ging over de verruiming van die mogelijkheden. De gemeente Utrecht heeft recent op dit punt nieuwe regels vastgesteld. Het wordt daar mogelijk om zonnepanelen in het zicht te plaatsen onder voorwaarde dat de monumentale waarde behouden blijft.
Daarbij hoort een toetsing of de panelen in het stadsgezicht past en of de panelen aan het eind van hun levensduur zonder schade verwijderd kunnen worden. Zou het college willen kijken of deze uitgangspunten ook uitkomst kunnen bieden aan eigenaren van monumenten binnen De Ronde Venen? Wil men op dit punt kijken naar een eventuele wijziging van beleid? De heer Evers heeft eveneens een punt met betrekking tot zon op dak, in dit geval bij bedrijven. Onlangs had een ondernemer alles voorbereid om panelen te plaatsen en toen bleek dat de subsidiepot voor het plaatsen van de panelen leeg te zijn. Wanneer men plaatsing van panelen verplicht wil stellen, dan moet men er wel voor zorgen dat subsidie beschikbaar is. Een aandachtspunt. 3
Op de parkeerplaats bij het centrum langs de Rondweg schijnen de laatste tijd regelmatig vrachtauto’s geparkeerd te worden. Daar is die parkeerplaats niet voor bedoeld. Kan men hier maatregelen tegen nemen? Men heeft recent informatie ontvangen over Amstelhoek, de situatie rond de Irenebrug. Een mooie gedetailleerde kaart, die helaas voor een leek onleesbaar is. Kan men dit euvel verhelpen? De heer Van Sligtenhorst heeft een vraag die misschien gesteld had moeten worden bij agendapunt 3. Spreker is verbaasd dat de opinienota (agendapunt 6c) tussen de raadsstukken staat. Waarom is dat zo? Komt er na de behandeling van de opinienota in de commissie alsnog een raadsvoorstel over het onderwerp? Een opinienota kan niet naar de raad. De voorzitter bevestigt het laatste. De heer Stam denkt dat de nu ontstane verwarring het gevolg is van de agendering. Normaal gesproken staat een agendapunt als 6c onder het agendapunt Overige punten. De voorzitter vindt het niet problematisch om de agenda op dit punt alsnog aan te passen. Mevrouw Groen heeft een vraag over de speeltuin in Mijdrecht bij het oude marktplein. Wanneer het geregend heeft is de grond een grote drab. Feitelijk is de speeltuin dan onbegaanbaar.
Kan er wat aan de grond in deze speeltuin, en eventuele andere speeltuinen, gedaan worden waardoor die ook na regen bruikbaar blijft? De heer Brouwer heeft op 8 januari vragen gesteld over de grondtransporten. Daarop is een antwoord van het college gekomen. Echter, daar zitten nog veel open einden in. Het werk ten behoeve van de dijkverzwaring is nog steeds niet afgerond. Sinds januari is er eigenlijk niets gebeurd. Men is met grond bezig, maar niemand weet wat er gebeurt. Opmerkelijk is dat er nog geen uitspraak is gedaan of er op die locatie voldoende grond aanwezig is om de dijkverzwaring af te maken. Het college vindt van wel, maar de ondernemer vindt van niet. Wat is nu de status van de grondtransporten in Wilnis? Wanneer wordt de dijk afgemaakt? Wanneer worden de gegeven open antwoorden ingevuld? Dan de ontsluiting van De Maricken. Er is gevraagd of de weg die indertijd als ontsluiting is afgesloten in lijn was met de visie. Dat bleek correct. Daarna is er een brief naar de inwoners verstuurd over de wegen in De Maricken, aanleg en afsluiting. Ook is toen aangegeven dat de brug voor de ontsluiting naar Oud-Wilnis in april aangelegd zou worden. Dat stond echter weer niet in de brief.
Wanneer gaat de tweede ontsluiting open om de ene ontsluiting nu te ontlasten? Is de gemeente nog bezig om het proces over de paal opnieuw op te starten? Wethouder Kroon deelt mee dat aangegeven is dat eind april gestart wordt met de ontsluiting via de doorsteek van de Van Damlaan naar De Maricken. Het onderzoek is weer gestart omdat de scholen weer open zijn. Het is alleen wat complex mede door het oordeel van de Raad van State.
4
De heer Brouwer brengt naar voren dat het hem ging om de koppeling van de informatie door middel van de brief aan de inwoners van De Maricken. In die brief staat juist niets over de tweede ontsluiting. Jammer dat de communicatie niet volledig was. Wethouder Kroon begrijpt dat. Alleen, weet de wethouder niets van de brief. Men gaat er achteraan. Dan de locatie naast de Paulusschool. De provincie heeft geoordeeld dat daar niet gebouwd mag worden in verband met werelderfgoed Unesco. Daar tegenover staat dat de provincie wel een stuk positiever staat tegenover de Bon-gronden. Wat betreft de Kees Bonzaal, daar is een ruimtelijke verkenning voor ingediend voor een functie die past bij de bestemming die op het pand zit. Daar passen de zorgappartementen in. De verwachting is dat er in april een vergunningsaanvraag komt. De monumenten zitten in de portefeuille van burgemeester Divendal. De zonnepanelen vallen in de portefeuille van wethouder Van Uden. Het college gaat kijken hoe men op het punt kan terugkomen. Waarschijnlijk via een informatienota. Dan zal ook aangegeven worden of er een verruiming van de regels kan komen. Daarbij zal men ook kijken naar de Utrechtse regels. De subsidie voor zonnepanelen voor bedrijven op daken van bedrijfsgebouwen is een subsidie van rijkswege. De gemeente heeft geen subsidiepot voor dergelijke initiatieven.
De Stationslocatie is een ingewikkelde situatie. Echter, de verschillende partijen hebben als doel dat het stationsgebouw inclusief het toiletgebouwtje in de oorspronkelijke staat worden teruggebracht. De wethouder zal een en ander uitzoeken en komt erop terug. Volgens verwachting is het terugbrengen in oorspronkelijke staat geborgd in de vergunning. Wethouder Van Uden stelt dat het klopt dat het gras blijft liggen na het maaien. Dat is een onderdeel van het nieuwe beleid. Door het gras te laten liggen, wordt de grond rijker. Wanneer de heer Geijtenbeek er meer over wil weten, dan brengt de wethouder hem graag in contact met iemand van de organisatie. De heer Geijtenbeek merkt op dat de grond rijker wordt van gemaaid gras wanneer het gemaaide gras zaad bevat. Dat is in veel gevallen bij gemaaid gras niet het geval. Wethouder Van Uden komt op het punt terug. Wat betreft de speeltuin, dat wordt doorgegeven aan de verantwoordelijke persoon. Dan zal het wel goedkomen. Wanneer de raad wenst dat de wethouder erop terugkomt, dan gaat dat gebeuren. Wethouder Schuurs meldt dat men moet uitzoeken of vrachtwagens wel of niet op het parkeerterrein aan de Rondweg mogen parkeren. Dan weet men of men er iets aan kan doen dan wel of men er iets aan wil doen. Er zijn voor het parkeren van vrachtwagens specifieke plaatsen ingericht op het industrieterrein.
De wethouder zal zorgen voor een beter leesbare kaart van Amstelhoek aangaande de situatie rond de Irenebrug. De grondtransporten bij Wilnis zitten in het dossier van burgemeester Divendal. Dat kan men morgen ter sprake brengen bij de informatie-uitwisseling. De heer Brouwer brengt naar voren een dergelijk antwoord eerder te hebben gehad. Spreker hoopt dat de burgemeester het punt oppakt en een antwoord gaat geven. 5
Wethouder Schuurs vermoedt dat de commissieleden kennis hebben genomen van het ongeluk met twee meisjes op de Oosterlandweg. De politie heeft onderzoek gedaan naar de oorzaak. Uit het onderzoek komt geen helder beeld naar voren. Er was geen sprake van een te hoge rijsnelheid. Omdat er vaak wel hard wordt gereden, heeft men het plan om de maximumsnelheid op de weg omlaag te brengen van 80 naar 60 km/u. De heer Stam brengt naar voren dat de Oosterlandweg voor een deel al 60 km-weg is. Wordt nu de hele Oosterlandweg een 60 km-weg? Wethouder Schuurs geeft aan dat het de bedoeling is om van de gehele weg een 60 km-weg te maken. Dat zou kunnen helpen. Echter, bij het vermelde ongeluk lijkt haar rijden geen oorzaak te zijn geweest. De heer Brouwer is benieuwd of er onderzoek is gedaan naar de oorzaak van het ongeval. Wanneer hard rijden niet het punt is geweest, wat dan wel? Moet men dan geen andere maatregelen nemen dan alleen een snelheidsbeperking? Wethouder Schuurs vindt dat de alertheid en oplettendheid van alle verkeersdeelnemers van belang. Wanneer daar wat aan schort, kan men dat niet verhelpen met verkeersmaatregelen. Wat niet wegneemt dat men met verkeersmaatregelen zoveel moet doen wat mogelijk is. De voorzitter constateert dat er geen punten meer zijn en gaat naar het volgende agendapunt.
c.
Gemeenschappelijke Regelingen De voorzitter concludeert dat er geen punten zijn voor dit agendapunt.
6.
Punten voor de raad van 22 april 2021
a.
Ontwikkeling locatie De Meijert en omgeving in Mijdrecht, raadsvoorstel 15/21 De heer Luijben heeft kennisgenomen van het voorstel en de gestelde technische vragen en de antwoorden daarop. De antwoorden geven een aanvullende duidelijkheid op het raadsvoorstel. Echter, die duidelijkheid is niet compleet. Nergens wordt duidelijk wat er gebeurt met de maatschappelijke bestemming die rust op een deel van het gebied? Denk aan Zideris en een huisartsenpraktijk die zich daar wilden vestigen. Is die belangstelling van die partijen verdwenen? Zijn er nog gesprekken geweest met beide belangstellenden? Is het hen bekend dat ze buiten beeld zijn? Is de eventuele aanwezigheid van deze maatschappelijke instellingen nog toepasbaar? De indruk bestaat dat in de plannen de aanwezigheid van die instellingen niet meer mogelijk is. Graag meer duidelijkheid? Mevrouw Freeve juicht de stappen toe die genomen kunnen worden om meer woningen te realiseren. Ook de financiering van de padelbanen is een mooie stap. Er wordt gesproken over de terugbetaling van de bijdrage aan deze banen wanneer de verenigingen niet akkoord
6
gaan met een fusie. Zijn de verenigingen kapitaalkrachtig genoeg om in dat geval terug te betalen? Of komt men dan in een situatie terecht die men niet wil? Wat betreft de participatie lijkt het erop dat men eerst scenario’s gaat uitwerken om pas daarna pas te starten met een klankbordgroep. Is het niet handig om in het kader van participatiebeleid mensen bij het gehele traject te betrekken? Dat het ruimtelijk kader pas in december aan de raad wordt voorgelegd, is rijkelijk laat gezien de woningnood. Waarom kost dat zoveel tijd? Mevrouw Van den Heerik is van mening dat de antwoorden op de vragen van de CU veel onbeantwoord laat. Er is sprake van een soort overeenkomst á la Astra Zenica. Hier gaat het om een intentie van de tennisverenigingen om te fuseren. Op basis daarvan draagt de gemeente bij in de kosten voor aanleg van de padelbanen. Echter, het bestuur kan niet zomaar tot een fusie besluiten. Dat doen de leden via een ledenvergadering. Een fusiebesluit is door de verenigingen nog niet genomen. De gemeente draagt 70.000 euro bij zonder zeker te weten dat er terugbetaald wordt en dat de draagkracht van de verenigingen groot genoeg is om terug te betalen. Men weet dus ook nog niet of de gemeente daar woningen kan gaan bouwen. Een kat in de zak? Men kan beter vooraf duidelijkheid hebben. De gemeente moet geld van burgers besteden zoals dat hoort.
De verenigingen moeten dus eerst besluiten nemen. Over een fusie. Over de terugbetaling van 70.000 euro wanneer de fusie niet doorgaat. Over een bankgarantie in geval die 70.000 euro niet voorhanden is. Spreekster ziet graag harde feiten in plaats van intenties. Zoals het nu voorligt, kan RVB niet voor het voorstel stemmen. De heer Rouwenhorst wil graag meer weten over de financiële doorwerking van het project zoals het er nu ligt. Men gaat aan dat er vier tennisbanen komen à 130.000 euro, samen meer dan 500.000 euro. Dan drie padelbanen voor samen circa 180.000 euro. Al met al een bedrag van meer dan 700.000 euro. Hoe gaat dat bedrag gedekt worden? Mevrouw Groen denkt dat het verstandig is dat de tennisverenigingen snel een ledenvergadering gaan beleggen. Dan komt er meer duidelijkheid over de fusie en andere zaken. Spreekster vindt de genomen beginstappen wel goed. Een fusie waardoor woningbouw mogelijk wordt. De padelbanen is een mooie ontwikkeling gericht op de toekomst. In principe gaat men akkoord met het voorstel. De heer Van Sligtenhorst heeft niet zoveel toe te voegen aan wat mevrouw Van den Heerik naar voren heeft gebracht. Men snapt dat het bedrag van 120.000 euro ten laste komt van de algemene reserve. Echter, het bedrag moet wel terugkomen uit de grondexploitatie.
Men moet dus goed bijhouden hoeveel geld er uitgegeven wordt, opdat men aan het eind van de rit kan zien wat het resultaat van deze exploitatie is. In de beantwoording van vraag 4 staat dat er op korte termijn aanvullende informatie wordt ontvangen via een raadsinformatienota. Komt die nota voor of na de raadsvergadering? De heer Schreurs sluit zich aan bij de vragen die gesteld zijn over meer duidelijkheid in de financiële gang van zaken en de volgordelijkheid daarbij. Spreker kan zich voorstellen da men bij de bijdrage aan de tennisbanen niet uitgaat van een percentage maar van een maximaal
7
vast bedrag gebaseerd op een reële raming. Wanneer de tennisverenigingen wat anders, wat mooiers willen, dan is dat voor hun rekening. Kan het college aangeven welke contouren men voor ogen heeft in relatie tot het voorbereidingsbudget. Gaat men zich inzetten op meer sociale woningbouw dan procedureel is vastgelegd in de woonvisie? Dat kan hier als compensatie voor locaties waar het niet kan. Hoe denkt het college erover om te kijken hoe de verloren dorpshuisfunctie dan wel een gemeenschapshuis in enigerlei vorm weer teruggebracht kan worden op deze plek? Mijdrecht is als grootste kern de enige zonder een dergelijke voorziening. Mevrouw Dijkman kan zich goed vinden dat er gezien het woningtekort gebouwd gaat worden op deze locatie. Men stemt in met het voorstel. Men hoopt dat men niet negatief verrast zal worden door de grondexploitatie. Een probleem is nog wel het aantal tennisbanen. Er is een norm voor 80 à 100 personen per baan. Weet de wethouder hoeveel leden beide tennisverenigingen hebben? Hoe verhoudt zich dat tot het totaal aantal banen dat er komt? De voorzitter komt nog even terug op agendapunt 6c. De griffie heeft nagegaan hoe dat zit. Het agendapunt mag blijven staan onder Punten voor de raad, omdat het een onderdeel is waar een raadsvoorstel uit voort kan komen. In dat geval kan men het agendapunt gewoon handhaven op de plek waar het nu geagendeerd staat.
Wethouder Kroon meldt dat de bestemming van De Meijert nog steeds maatschappelijk is. De oorspronkelijke eigenaar is nog steeds in contact net Zideris om daar wat te gaan doen. De bestemming Maatschappelijk zit nog steeds op de locatie. Wanneer die meegenomen gaat worden in de planontwikkeling dan moet het meegenomen worden in de bestemmingsplanwijziging. Men is nog steeds in contact met Zideris en de mogelijke huisartsenpraktijk. De tennisverenigingen zijn kapitaalkrachtig genoeg om de kosten te dragen. Daarom loopt de gemeente met deze investering nagenoeg geen risico. Over het participatietraject staat in het voorstel onder het kopje Vervolg hoe het traject verder verloopt. Men heeft eerst met een aantal eigenaren te maken. En met het samengaan van de tennisverenigingen. Mevrouw Freeve merkt op dat er een klankbordgroep lijkt te komen na de uitwerking van een aantal scenario’s. Wordt er daarvoor ook nog met bewoners gesproken? Wethouder Kroon meldt dat de klankbordgroep breder getrokken wordt. Wanneer de tennisverenigingen niet mee zouden doen dan zou er geen klankbordgroep komen. Want dan komt er geen locatie vrij voor woningbouw. Wanneer die hobbel is genomen wil men met buurtbewoners in gesprek over de verdere ontwikkeling. Het onderzoek duurt lang, maar daar zit ook al een participatieaspect in voordat het naar de raad komt.
In december komt er een ruimtelijk kader dat al een participatietraject met de omgeving heeft doorlopen. Het geld dat nu geïnvesteerd wordt, komt hoe dan ook terug wanneer het plan niet mocht doorgaan. De verenigingen zijn kapitaalkrachtig genoeg daarvoor. Wanneer de padelbanen voor minder kunnen dan 70.000 euro dan draagt de gemeente ook minder bij.
8
Mevrouw Van den Heerik hoort de wethouder zeggen dat er nogal wat water bij de wijn moet voordat de verenigingen samengaan. Ook zegt de wethouder dat men eventueel de geldelijke bijdrage voor de padelbanen terugkrijgt. Om het geld terug te krijgen moet er een ledenbesluit liggen. Wanneer dat er niet is, krijgt men het geld niet terug. De wethouder moet nog eens goed naar dit punt kijken. Een bestuur van een vereniging is geen bevoegde persoon. Wanneer men net luistert dan geldt een gewaarschuwd mens geldt voor twee. Wethouder Kroon neemt de woorden van mevrouw Van der Heerik ter harte, Wanneer het nodig is dan wordt dit toegevoegd aan het raadsvoorstel. Om te borgen dat men zwart op wit krijgt dat men het geld terugkrijgt. Op dit moment twijfelt de wethouder daar niet aan. De wens bij beide verenigingen voor een fusie en de padelbanen is groot. Tijdens de afgelopen besloten bijeenkomst is expliciet stilgestaan bij de varianten die bij de woningbouw daar zouden kunnen. Daar komt een positieve grex uit. Men krijgt bij de intentieovereenkomst woningen en een opbrengst die men anders niet genereert. Afhankelijk van het gekozen scenario is de opbrengst van de grond hoger of lager. De vragen van de heer Van Sligtenhorst zijn even aangehouden in verband met het heikele punt geheimhouding. De antwoorden komen de komende week bij de griffiebrief.
Op dit moment beschikken de verenigingen samen over zeventien banen. Bij een fusie gaat men terug naar elf banen met een optie voor een twaalfde baan. Daarnaast komen de drie padelbanen. Het kan zijn dat men naar meer padelbanen gaat en minder tennisbanen. Het probleem van het aantal banen zit in de competitiedagen. Dan heeft men banen nodig. Men heeft diverse berekeningen gemaakt om te kijken wat ordentelijk is. Eind april hebben beide verenigingen een algemene ledenvergadering. Dan wordt naar verwachting ingestemd met het samengaan en de aanleg van de padelbanen. De wethouder checkt de uitkomst en laat dit opnemen in het voorstel. Op de ALV moet duidelijk worden dat de gemeente alleen instemt met de bijdrage voor de padelbanen wanneer beide verenigingen instemmen met het samengaan. Tweede termijn De heer Rouwenhorst vindt de ontwikkeling van De Meijert erg belangrijk. Er ligt een goed plan voor. Men is het eens met het voorbereidingskrediet van 50.000 euro. Dat is de grensbevoegdheid van het college om zelfstandig over geld te kunnen beslissen. Kan de wethouder nog wat zeggen over de positie van de tennishal? Die doet nu niet mee, maar wellicht op termijn wel. De bestemming van de tennishal is sport en dat moet zo blijven. Wanneer de tennishal mee gaat doen dan krijgt de grond een commerciële waarde.
De heer Schreurs vindt het goed dat er nog informatie komt, die kennelijk nu nog niet gedeeld kan worden. Hoe zit het daarbij met de gemeenschapshuisfunctie? Kan die worden meegenomen in de plannen? Daarnaast het punt of het een goed idee is om de bijdragen aan de tennisbanen in absolute zin te maximeren. Het moet geen percentage zijn van de aanneemsom. De heer Van Sligtenhorst is content met het punt dat de wethouder gaat kijken wat er op de agenda van de ALV’s van de verenigingen staat. Het is een vrij groot risico om de bijdrage en
9
de eventuele teruggave niet goed geborgd te hebben. Men wacht de uitkomst van de vergadering af. Anders overweegt men een amendement. De vraag die niet beantwoord is gaat over het punt dat het bedrag ten laste komt van de algemene reserve. Men wil wel graag dat zien dat de uitgaven goed bijgehouden worden opdat men aan het einde van de rit een goed beeld heeft van hoe de exploitatie verlopen is. De heer Luijben is tevreden met het antwoord van de wethouder op de gestelde vraag. Voor alle zekerheid de vraag of het vaststaat dat de aanvraag van beide maatschappelijke instellingen gerealiseerd kunnen worden. Ook buiten de thans voorliggende plannen. Is dat correct? Wethouder Kroon is tevreden met het mandaat van 50.000 euro. De tennishal heeft de bestemming sport. De gemeente heeft een bieding gedaan op het object. Dat is belangrijk voor de ontwikkeling. De kans is nu of nooit. Men kan het los van elkaar ontwikkelen, maar dan blijft de bestemming van de hal sport. In dat geval adviseert het college om die bestemming de komende twintig jaar niet veranderen. Dan kan men niet tegen elkaar uitgespeeld worden. Dat is niet in het belang van de inwoners en van de gemeente. De wethouder begrijpt de vraag over de dorpshuisfunctie. Echter, men heeft al vijf dorpshuizen. De Meijert functioneert al vijftien jaar niet meer als zodanig. Die functie is overgenomen door andere locaties.
De vraag is of men er een gebouw bij moet zetten om die dorpshuisfunctie daar weer in te vullen. De heer Schreurs denkt dat een compleet dorpshuis niet nodig is. Het kan ook een kleine multifunctionele ruimte zijn. Wethouder Kroon ziet dat in Mijdrecht her en der door buurtkamers al veel zaken zijn opgelost. De wethouder sluit niet uit dat bij Zideris een dergelijke maatschappelijke ruimte komt. De bestemming is maatschappelijk. Zonder tussenkomst van de gemeente kunnen de instellingen naar die locatie. Alleen is de grond wel gekocht door een commerciële partij. Dat maakt het wat lastiger, maar de gemeente kan er wel voorwaarden stellen. De gemeente wil graag meewerken aan een positie van maatschappelijke organisaties daar. De investering gaat ten laste van de algemene reserve, maar de opbrengsten komen ten goede van deze reserve. Daarom is het goed om goede de kosten bij te houden. De heer Schreurs memoreert zijn vraag over het maximeren van de bijdrage. Wethouder Kroon meldt dat de aangegeven bedragen richtingsbedragen zijn. Wanneer de realisatie voor minder geld kan, dan wordt de bijdrage van de gemeente ook minder. De ontwikkeling bij de verenigingen moet goed aanbesteed worden. De wethouder houdt dit nauwlettend in de gaten. De voorzitter constateert dat het voorstel voldoende behandeld is. Gezien de discussie gaat het voorstel naar de meningvormende raad.
10
b.
Kader Vereveningsfonds sociale woningbouw, raadsvoorstel 14/21 Mevrouw Van den Heerik constateert opnieuw dat er goede technische vragen (CU-SGP) zijn gesteld. De antwoorden zijn minder. Spreekster constateert op basis daarvan dat er een niet voldragen voorstel ligt. Wanneer men aan bouwers een bijdrage vraagt voor het vereveningsfonds, dan zullen dezen die bijdrage doorberekenen in de prijzen van de andere koopwoningen. Niet duidelijk is dat de 30% sociale huur niet alleen geldt voor huizen die gebouwd worden om te verhuren, maar ook bij koopwoningen. Men denkt dat het gaat om een mooi probeersel. Wil men dit als raad? Willen de kopers dit? Het is een soort herverdeling van kapitaal. Dan de uitkeringen die gedaan worden in geval iemand aangeeft meer dan 30% sociale woningen te bouwen. Dat lijkt mooi, maar dan moet men wel goed definiëren wat verstaan wordt onder het bouwen van een sociale huurwoning. Kijkend naar agendapunt 6c, dan kan men ook te maken hebben met sociale huurwoningen van tijdelijke aard. Op basis van wat voorligt, kan ook de bouwer van dit soort woningen een beroep doen op het vereveningsfonds. Wil de gemeente dat? Of moet men aan het fonds nadere voorwaarden verbinden? De heer Kroon wil nadere informatie over de hoogte van de uitkering vanuit het vereveningsfonds. Het gaat om 50% van de grondprijs met een maximum van 40.000 euro.
Het blijkt dat de grondprijzen binnen de gemeente per kern nogal verschillen. Het is aannemelijk dat sociale huurwoningen met middelen vanuit het vereveningsfonds eerder gerealiseerd worden op plekken waar de grondprijzen lager zijn. Hoe wordt voorkomen dat het aantal sociale huurwoningen bijvoorbeeld in Mijdrecht relatief hoger uit gaat komen dan bijvoorbeeld in Abcoude? Krijgt men dan een tweedeling binnen de gemeente? Waarom is ervoor gekozen om bij compensatie uit te gaan van afgeronde hele getallen? Wanneer men vier woningen realiseert, dan moet men een woning compenseren in plaats van 1,2 woningen. Dit is toch ook te verrekenen? Mevrouw Freeve kan zich vinden in het kader dat voorligt. Goed als bijdrage om de 30% sociale huur te realiseren. Kan alleen de woningcorporatie aanspraak maken op het fonds of kunnen marktpartijen dit ook? Men differentieert naar kern bij de inleg in het fonds. Is er ook een dergelijke differentiatie bij gebruik van het fonds? Is er nog overwogen om een startbedrag in het fonds te storten? Dat zou een snellere realisatie van 30% ten goede komen. De heer Van Sligtenhorst vindt het van belang om te borgen dat de woningprijs niet bepaald gaat worden door de bijdrage aan het vereveningsfonds. Zijn hiervoor bepaalde maatregelen getroffen? De antwoorden op de technische vragen zijn op dit punt niet geruststellend.
De heer Luijben is van mening dat de nadelen van de invoering van een vereveningsfonds niet opwegen tegen de voordelen. In basis is men wel akkoord met het voorstel. Denkend aan de opmerking van mevrouw Van den Heerik over het punt dat kopers van woningen betalen voor de bijdrage aan het fonds vindt spreker in basis niet verkeerd. De fractie zal haar standpunt in deze bepalen tijdens de raadsvergadering. Het doet deugd dat er bij het vereveningsfonds sprake is van een hardheidsclausule. Het ontbreken van een dergelijke clausule kan namelijk grote maatschappelijke gevolgen hebben. Het voorkomt het klakkeloos toepassen van wet- en regelgeving. Het dwingt de uitvoerders van wet- en regelgeving altijd na te denken over de gevolgen. 11
Mevrouw Van den Heerik reageert op de heer Luijben. Die heeft gelijk. De bouwer van koophuizen verhoogt de prijs van die huizen. Dat mag. De sociale huurwoningen die moet de bouwer verkopen aan de woningcorporatie die deze huizen gaat beheren. Voor welk bedrag worden deze huizen dan verkocht? Wie bepaalt die prijs? Daar staat in het voorstel niets over. Dan kan het zijn dat de bouwer of initiatiefnemer twee keer vangt. Dan betalen de huurders van de sociale woningen zelf mee aan de huizen als gevolg van een hogere huur. De heer Luijben brengt naar voren dat men te maken heeft met marktwerking en met het feit dat de gemeente in staat is om al dan niet met een projectontwikkelaar in zee te gaan. Dan kan men van tevoren de prijs van de sociale woningen inschatten. Dan kan men aangeven het er wel of niet mee eens te zijn. Ook de woningbouwcorporatie kan met een bepaalde prijs niet akkoord gaan. De heer Rouwenhorst vindt de impuls voor mogelijke sociale woningbouw heel belangrijk. Hier past een vereveningsfonds goed bij. Het is wel zo dat de gemeente goed moet opletten met welke projectontwikkelaar men in zee gaat. Met de gekozen projectontwikkelaar moet men harde afspraken maken. Er is al een paar keer gesproken over de verschillende percentages voor de verschillende kernen.
Kan men daar op korte termijn extra toelichting op geven? Voor de fractie zijn die verschillen en de basis daarvan nog niet geheel duidelijk. Hoe regelen andere gemeenten dit? De grondhouding van de fractie is zeker niet negatief. Wethouder Kroon geeft aan dat een projectontwikkelaar om het plan rond te krijgen een overeenkomst moet sluiten met de woningcorporatie over de huizen die de corporatie gaat beheren. Aan de voorkant wordt dus al over de prijs gesproken. Het voorstel is tot stand gekomen om meer regie te voeren op de woningbouw. Daar zitten ook nadelen aan. Daarom is men op zoek gegaan naar een model waarbij de gemeente zoveel mogelijk kan sturen op de component sociale woningbouw. Dan gaat het vooral om projecten van minder dan dertig woningen. Projecten met een beperkt aantal sociale woningen zijn niet interessant voor een corporatie. Een plek met een redelijk aantal sociale huurwoningen is efficiënter om te beheren. Dit is ook de motivatie om dit voorstel te maken. Er is hierbij gekeken naar omringende gemeenten. De gemeente kent een grote diversiteit van kernen en woningprijzen. Daarom moet de gemeente maatwerk leveren bij een verevening. Men moet voorkomen dat er een tweedeling komt tussen kernen. Daarom geldt afkoop van sociale huur alleen voor projecten van minder dan dertig woningen.
De hardheidsclausule geeft de gemeente altijd de mogelijkheid om een en ander af te dwingen. Mevrouw Van den Heerik is benieuwd hoe de aanpak verloopt bij een grote bouwlocatie voor bijvoorbeeld 120 woningen. Stel er is sprake van een projectontwikkelaar die om niet te hoeven voldoen aan de 30% sociale bouw de grond in stukken opdeelt en deze stukken verkoopt aan andere projectontwikkelaars. Dan heeft men ineens een aantal kleine projecten. Hoe bewaakt men dat? Wethouder Kroon stelt vooraf dat er weinig locaties zijn waar dit kan. Echter, bij een dergelijke grote locatie moet en voldoen aan het percentage sociale bouw, ongeacht of men
12
de locatie opgedeeld heeft. Hier is het voorstel niet voor gemaakt. Het voorstel is gemaakt om bij kleine ontwikkelingen grip te krijgen op de sociale woningbouwcomponent. De opmerking over de afronding van de compensatie is terecht. Daar kan men over discussiëren. Wanneer de meerderheid van de raad vindt dat die afronding niet goed is dan wordt het voorstel op dat punt aangepast. De afronding is gebruikt voor de overzichtelijkheid. De gedachte van een startkapitaal voor het fonds is sympathiek. De gemeente is helaas niet zo rijk. Het streven is dat het fonds heel snel gevuld wordt met baten. Over het verschil in de bedragen is advies ingewonnen bij Veenhuis. Het rapport kan de raad, indien gewenst, ontvangen. De woningprijs wordt deels bepaald door de bijdrage aan het fonds. Dat is het gevolg van marktwerking. Wanneer men te veel van de bijdrage in de verkoopprijs verwerkt, zal dat de vraag drukken. Niets doe is het makkelijkst, maar dan krijgen starters en jonge gezinnen geen kans. De voorzitter concludeert dat het rapport op verzoek toegestuurd kan worden. Tweede termijn Mevrouw Van den Heerik herhaalt de vraag of tijdelijke huurwoningen ook onder de regeling vallen. Spreekster vraag of het goed begrepen is dat een grote bouwlocatie die in stukken is opgeknipt binnen deze regeling als een geheel wordt gezien.
Correct? Wanneer er bij een project woningen gaat overdoen aan de woningcorporatie en men wil daarvoor een compensatie, dan moet er toch een verplichting zijn om de sociale woningen over te doen aan de corporatie? Zo niet, dan is dat niet geborgd. Die voorwaarde moet er nog bij. De heer Rouwenhorst heeft de vraag over het percentage nog niet beantwoord. Kan de wethouder hier nog enige aandacht aan besteden? De percentages verschillen per kern. Men heeft het over een woningbouwcorporatie die in aanmerking kan komen om sociale huurwoningen te bouwen. Hoe is de situatie wanneer bewoners een corporatie hebben opgericht? Wanneer die woningen gaan bouwen die in de sociale sector, komen die dan ook in aanmerking? Mevrouw Freeve heeft in de eerste termijn een soortgelijke vraag gesteld die niet beantwoord is. Kunnen marktpartijen anders dan een woningcorporatie ook gebruik maken van het fonds? De heer Kroon geeft aan dat de wethouder de in de eerste termijn gestelde vraag over de scheefgroei beantwoordt met aan te geven dat men dat wil voorkomen met de afdracht aan het fonds. Maar, hoe zit dit met het gebruik van het fonds? Daar kan men in Mijdrecht meer mee doen dan in Abcoude. De vraag is dus of men in Abcoude er minder gebruik van zal maken dan in bijvoorbeeld Mijdrecht. Dan is er ook sprake van een scheefgroei.
Kan dit ondervangen worden? Waarom heef men specifiek de keuze gemaakt voor afgeronde getallen bij de compensatie? Zomaar of omdat men dacht het fonds hiermee beter te kunnen vullen?
13
Wethouder Kroon geeft aan dat er niets achter de afronding zit. Gewoon de eenvoudige rekenmethodiek die (vroeger) ook op scholen wordt gebruikt. Men heeft ook niet naar de bouwvergunningen van de laatste vijf jaar gekeken. Men kan niet toestaan dat een bouwlocatie opgeknipt wordt om het aantal sociale woningen te vermijden. Men kent de locaties waar het mogelijk zou kunnen zijn. Mevrouw Van den Heerik is van mening dat eenieder die een stuk grond in bezit heeft vrij is om dat geheel of in delen te verkopen. Wanneer dat gebeurt bij een bouwlocatie, een opsplitsing van de locatie, en alle nieuwe eigenaren willen gaan bouwen, zegt de gemeente dan dat dit niet kan? Dat er meer een eigenaar mag gaan bouwen? Wethouder Kroon denkt dan dat men terugvalt op de hardheidsclausule. Dat men niet toestaat dat men met die opsplitsing de sociale verantwoordelijkheid afkoopt. Mevrouw Van den Heerik neemt aan dat de wethouder in dat geval het geen hardheidsclausule noemt. De heer Tromp geeft aan dat er in dat geval geen sprake is van de hardheidsclausule. De gemeente houdt dan gewoon vast aan de 30% sociale woningen die op de totale locatie gebouwd moet worden. Hoe de eigenaren dat oplossen is hun probleem. Mevrouw Van den Heerik vindt dat dit niet in lijn is met deze regeling. Daar doet men dan een beroep op.
Of geldt de regeling die voorligt niet voor dat soort situaties? De heer Tromp antwoordt dat het laatste gaat gebeuren. Wanneer de hele locatie geschikt is voor bijvoorbeeld 200 woningen dan geldt de regeling niet. Mevrouw Van den Heerik is van mening dat dit dan wel in de regeling zelf moet staan. De heer Tromp merkt op dat het hier gaat om de kaders voor de regeling, die specifiek bedoeld is voor kleine locaties. Mevrouw Van den Heerik denkt dat het goed is om dat nader dan wel beter in de regeling op te nemen. Wethouder Kroon meldt dat marktpartijen gebruik mogen maken van het fonds mits de woningen overgedragen worden aan een woningcorporatie of een erkende corporatie. Het zal niet van toepassing zijn op een bewonerscorporatie. Er zijn grote verschillen per kern in de waarde van de grond. Om recht te doen aan ieders positie en om de gemeente niet tekort te doen, kan men niet anders dan maatwerk leveren. Toch bestaat de kans dat er in Abcoude minder sociale woningbouw komt. Met de verschillen in percentages wil men de scheefgroei tegengaan. Mevrouw Freeve is benieuwd hoe men met deze regeling ervoor kan zorgen dat er in Abcoude ook sociale huurwoningen worden gebouwd. Misschien moet men het maximum wel loslaten? 14
De heer Rouwenhorst wil toch graag nog een keer een principiële discussie. Dat hoeft niet nu. Men heeft het gevoel dat er op een of andere manier dubbel gerekend wordt. Men kan zich voorstellen dat er alleen naar de grond gekeken wordt. Misschien kan de wethouder daar later schriftelijk op reageren. Wethouder Kroon zal nog even kijken naar de extreme grondprijs in Abcoude. De 40.000 euro is geen harde grens. Voor het bedrag is gekozen om niet in extremen te gaan. De wethouder gaat ernaar kijken en komt erop terug. Het dubbel rekenen is een lastig punt. Het gaat om marktconforme prijzen. De heer Rouwenhorst wil op het punt nog terugkomen. Niet nu, maar op zeer snelle termijn. Mevrouw Van den Heerik wacht nog steeds op het antwoord op de vraag wat een huurwoning precies is. Huurwoningen kennen veel variëteiten. Gaat men voor tijdelijke huurwoningen of voor huurwoningen die na een aantal jaar worden verkocht geld uit de pot geven? Wethouder Kroon heeft het bij huurwoningen altijd over huurwoningen van een corporatie. Dit, om te voorkomen dat individuele personen die zelf een huis gaan verhuren voor de regeling in aanmerking komen. Mevrouw Van den Heerik begrijpt dit. Maar, ook een corporatie verkoopt woningen. Met de koopprijzen van nu zou ook GroenWest wel eens aan verkoop kunnen denken. Die borging zit niet in de regeling.
Wethouder Kroon brengt naar voren dat die borging een onderdeel is van de prestatieafspraken met GroenWest. Vanuit de Woningwet mag de corporatie eigenlijk geen woningen verkopen. Wanneer GroenWest woningen wil verkopen, dan moet men altijd toestemming van het college hebben. De voorzitter stelt vast het voorstel naar de meningvormende raad gaat. Daarmee is de discussie over dit agendapunt gesloten.
c.
Opinienota initiatief 480 tijdelijke woningen nabij Veenweidebad De voorzitter introduceert de inspreker bij dit agendapunt. Het is de heer T. Verlaan, initiatiefnemer van het project. Vervolgens wordt de inspraakprocedure uitgelegd. De bijdrage van de heer Verlaan is toegevoegd bij de stukken van dit onderwerp. De heer Verlaan geeft aan vanuit welke motivatie hij werkt om het plan te realiseren. Daarnaast komt een uitleg over de werkwijze en de tijd die gemoeid is om deze tijdelijke woningen te bouwen. Voor een goed verloop van het project is een stichting opgericht. De eigenaar van de grond werkt mee. De exploitatie geschiedt op non-profit basis. Op het terrein kunnen maximaal 400 woningen gerealiseerd worden. Daarbij blijft er voldoende ruimte over tussen de bedrijfslocaties. Voor een prettige en veilige woonomgeving wil men niet in een keer alle woningen plaatsen. Dat gaat in fases. In de eerste fase denkt 15
men aan 120 woningen. Al een goed begin voor de starters in deze gemeente. Deze worden ook goed begeleid. Door de locatie naast het Veenweidebad zullen de bewoners weinig overlast van de bedrijven ondervinden. Het hele project is duurzaam. Een grote coöperatieve bank is geïnteresseerd in het project. Een uitgelezen kans om mogelijk in de tweede helft van dit jaar om de eerste van het project te kunnen realiseren. Wanneer de raad meewerkt, kan het college het besluit nemen om de bouw mogelijk te maken. De heer Evers hoort nu dat er een mogelijkheid is om met een fors aantal minder woningen te starten. Is dat bekend bij de gemeente? Is het bekend bij de bedrijven waarmee men contact heeft gehad? De heer Verlaan meldt dat er gesprekken zijn gevoerd met Brouwer Logistiek en met de heer Van Eijk. Daarbij heeft men het gehad over het maximum, maar ook over de fasering van het plan. Spreker vindt het vanuit de sociale beheersbaarheid niet verantwoord om en een klap het hele project te realiseren. Bij de gemeente is de mogelijkheid om te faseren aangegeven, maar men is in eerste instantie nog niet afgeweken van de 480 woningen. Dat vanwege de grote vraag. De heer Rouwenhorst heeft nog een paar punten die in andere besprekingen naar voren zijn gekomen. Dat betreft de bouw op de locatie, de regelgeving wat betreft flora en fauna.
Leven daar bijzondere dieren? Van de bedrijven waarmee gesproken is zijn wel bezwaren tegen het plan ontvangen. Wanneer men die bezwaren doorzet, dan kan het betekenen dat het een paar jaar kan duren voordat er gebouwd kan worden. De heer Verlaan geeft aan dat de grond technische zaken geen probleem zijn. De grondeigenaar geeft aan, als deskundige op het gebied van grondmechanica, dat het gebied op korte termijn bouwrijp te maken is. De flora en fauna leveren in eerste instantie geen probleem op. Daar wordt uiteraard nog onderzoek naar gedaan. Spreker heeft goede gesprekken gehad met de ondernemers. Daarbij hebben ze wel hun zorg aangegeven. Vooral Brouwer in verband met geluidsoverlast van vrachtwagens. Dat is een keuze van toekomstige bewoners. Spreker heeft al aangegeven dat, wanneer men in een volgende fase dichterbij komt, men met een aarden geluidswal kan werken. Daardoor wordt de geluidsbelasting aanzienlijk verminderd. De heer Rouwenhorst merkt op dat de bedrijven bij de gemeente aangegeven hebben dat ze ernstige bezwaren hebben tegen de woningbouw op die locatie. Met name gaat het om schade die men kan oplopen met betrekking tot toekomstige ontwikkeling van het bedrijf. Dan krijgt men te maken met planschade. Spreker heeft begrepen dat er op dit moment geen sprake is van een anterieure overeenkomst.
Dat zou kunnen betekenen dat de gemeente de planschade zou moeten betalen. Is dat correct? Hoe denkt de initiatiefnemer daarover? De heer Verlaan merkt op dat op basis van jurisprudentie er bij de huidige wetgeving eigenlijk geen sprake kan zijn van planschade. De inschatting is dat dit zal meevallen. Zeker in de eerste fase.
16
Mevrouw Freeve is benieuwd of het plan stopt bij minder woningen dan oorspronkelijk is aangegeven. De heer Verlaan antwoordt dat het laatste zeker mogelijk is. Er is geen noodzaak om het totale aantal aangegeven woningen te bouwen. Er is in eerste instantie gekeken naar de behoefte. Echter, wanneer het beter passend zou zijn om een lager aantal te bouwen, dan is dat geen probleem. Spreker zoekt met name een goede samenwerking met de gemeente en de raad om een actieve bijdrage te leveren aan het oplossen van het woningprobleem. Mevrouw Freeve vraagt of men ook in gesprek is geweest met de bowlingbaan in het Veenweidebad? De heer Verlaan meldt in gesprek geweest te zijn met het zwembad. Niet specifiek met de bowlingbaan. Het zwembad was zeer positief. Meer levendigheid. Spreker kan zich voorstellen dat het zwembad en de bowlingbaan eerder zitten te wachten op mensen die in de omgeving wonen dan op bedrijven. De heer Kneppers merkt op dat het over een project van vijftien jaar gaat. Wanneer men gaat faseren wat is dan de verwachting van de uiteindelijke tijd van de woningen op die locatie? De heer Verlaan benadrukt het belang van de fasering voor de sociale cohesie in het gebied. Eerst een eerste fase en na een goede sociale samenhang vervolgens een volgende fase.
Daarbij kijkt spreker naar de gemeente om te zien wat verantwoord is op deze locatie zonder de economische belangen van de bedrijven te schaden. Maar wel om het maximale te realiseren om het woningprobleem te helpen oplossen. De heer Kneppers denkt dat door de fasering men gaat afwijken van de vijftien jaar. Wanneer de laatste fasevijf jaar na de eerste plaatsvindt, dan heeft men het al over een periode van twintig jaar. De heer Verlaan meldt dat het project berekend is op vijftien jaar exploitatie. In theorie geldt voor elke fase vijftien jaar. Echter, de fases volgen elkaar niet op na een periode van vier of vijf jaar. Dat gaat sneller. Men heeft wel vijftien jaar nodig om de bank keurig terug te kunnen betalen. En om de locatie weer op te leveren zoals dat zou moeten. De heer Schreurs vindt de fasering een interessant punt. Niet alle 480 woningen moeten in een keer gebouwd worden. Spreker heeft gehoord dat de heer Verlaan met het college in gesprek wil over het totale aantal woningen. Is dit ook met de bedrijven besproken? Om te kijken of dat effect heeft op de bezwaren die bedrijven hebben. Is het ook met de gemeente besproken? De voorliggende opinienota gaat nog steeds uit van 480 woningen. De bezwaren hebben ook betrekking op dit aantal. Wellicht kan het gaan om een project van 300 woningen.
Is dit met de bedrijven besproken? Is dit met de gemeente besproken? Wanneer het antwoord ja is, waarom ligt de opinienota dan voor zoals die voorligt. De heer Verlaan geeft aan dat er wel met het college gesproken is over fasering, maar niet over een minder aantal woningen. Er is wel aangegeven dat, wanneer het aantal een 17
belemmering is en een minder aantal gewenst is, men er graag over wil doorpraten. In de loop van dit jaar is de sociale component erbij gekomen. Bij de bedrijven is in een tweede gesprek aangegeven dat het mogelijk ook over minder woningen kan gaan. Toen is er ook gesproken over de geluidswal. Daarbij zijn geen aantallen woningen genoemd. Misschien is 300 wel een mooi aantal. Dan is de beheersbaarheid goed en de afstand tot de bedrijven groot genoeg. De indruk is dat de reactie van de VIB meer gericht was op het ruimtebeslag ten behoeve van de bedrijvenontwikkeling dan de overlast van de woningen en hun bewoners. De heer Van Sligtenhorst meldt ter verduidelijking dat er stukken zijn toegevoegd aan de opinienota. Daaruit blijkt dat de 480 woningen geen harde eis is. Men kan daarvan afwijken. Mevrouw Van den Heerik heeft gehoord dat de initiatiefnemer ook 120 woningen genoeg vindt. Tegelijkertijd zegt men dat het grotere aantal is doorgerekend met de bank. Vermoedelijk heeft de bank het aantal woningen aangegeven dat minimaal noodzakelijk is om de financiering rond te krijgen. Na vijftien jaar moet de lening afbetaald zijn. Wat gebeurt er wanneer de woningen langer staan dan vijftien jaar en de lening is afbetaald? Dan is er nog steeds sprake van huuropbrengsten. De heer Verlaan is uitgegaan van tijdelijke woningen.
Daar is een tijdelijke vergunning voor nodig en dan kan men het plan snel realiseren. In de periode van vijftien jaar is voor een groot aantal starters het woonprobleem opgelost. Stel dat de woningen langer staan, voor dat geval wil de initiatiefnemer op voorhand een lokale stichting oprichten. Dat is ook zo voor andere gemeenten. Per gemeente een stichting. De inkomsten moeten dan namelijk op gemeenteniveau weer bestemd kunnen worden. Spreker gaat ervan uit dat na vijftien jaar de woningen weggaan. Staan ze langer dan blijft de lokale stichting de gesprekspartner voor de gemeente om te bekijken op welke wijze men met de woningen moet omgaan. Dat geldt ook voor de besteding van de huurinkomsten. Het zou daarom goed zijn de gemeente een positie in de stichting te geven. Mevrouw Van den Heerik is benieuwd wat er gaat gebeuren indien de gemeente op de betreffende locatie maximaal 120 woningen wil. Gaat het project dan nog door? De heer Verlaan moet in dat geval wel een gesprek met de grondeigenaren voeren, omdat de grond dan minder oplevert. Wanneer die aangeven dat ze het project belangrijk vinden, dan komen er 120 woningen. Voor de initiatiefnemer is het aantal geen probleem. Mevrouw Van den Heerik vraagt of de raad inzicht krijgt in de opstal die berekend moet worden. De heer Verlaan heeft er geen enkel probleem mee de raad dat inzicht te verschaffen.
In deze situatie wil men maximale transparantie. Men is bezig een woonprobleem op te lossen en men is niet uit op veel geld verdienen. Spreker is altijd beschikbaar om nog vragen te beantwoorden. De voorzitter dankt de heer Verlaan voor zijn bijdrage en gaat verder met de reguliere commissiebehandeling. 18
De heer Geijtenbeek heeft geconstateerd dat er bezwaren binnengekomen zijn van bedrijven en van het omliggende gebied. De bedrijven hebben wel een punt wanneer ze aangeven dat de bouw van woningen op de betreffende locatie een negatief effect kan hebben op hun ontwikkeling. Spreker vindt dat men met de bouw tegemoet komt aan een zeer grote behoefte. De bezwaren zijn wat gezocht. Daar is een mouw aan te passen. Ook moet de woonwijk nog stedenbouwkundig beoordeeld worden. Aanpassingen zijn daardoor nog steeds mogelijk. Natuurlijk moet men kijken naar de verkeersveiligheid. De gemeente is daarvoor verantwoordelijk. Dat geldt ook voor de ontsluiting van de wijk en de openbare ruimte. Volgens spreker is daarvoor de nodige ruimte. Het valt op dat in de opinienota vooral de onmogelijkheden benadrukt worden. Voor woningzoekenden en de gemeente zou het beter zijn om te kijken naar wat wel mogelijk is. Spreker spreekt zich uit voor een voorspoedige voortgang van deze ontwikkeling. Om tijdelijk ontheffing te verlenen van het bestemmingsplan. De heer Schreurs is van mening dat de inbreng van de heer Verlaan het nodige heeft verduidelijkt. Het college vraagt aan de raad om een voorkeur uit te spreken. Daarbij gaat het in de nota over 480 woningen of geen woningen. Inmiddels is duidelijk dat het ook om andere aantallen woningen kan gaan.
Men heeft een voorkeur om woningen voor starters te bouwen. Echter, wel op een verantwoorde manier. De woningen moet goed ingepast kunnen worden en men moet rekening houden met rechten van anderen. Op basis van de nu aangeboden stukken kan de fractie die keus niet maken. Daarnaast komen er nog tegenstrijdigheden uit de stukken naar voren. Eigenlijk moet het huiswerk nog een keer gedaan worden. Zorg ervoor dat de partijen bij elkaar gaan zitten. Kijk wat mogelijk is en wat daarvoor nodig is. Kom vervolgens naar de raad met mogelijke varianten. De heer Kneppers vindt dat er goede en uitgebreide stukken ontvangen zijn. Alleen de richtingafstandentabel met veel data zegt eigenlijk niets. Spreker is voorstander van vaart maken met het experiment. Wanneer men het project niet door laat gaan, dan helpt men de inwoners niet. De initiatiefnemer verdient lof omdat men in deze tijd een plan ontwikkelt waar de nodige risico’s aan zitten. In de nota denkt men te veel in onmogelijkheden. Om ervoor te zorgen dat er woningen komen, moet men verder met dit initiatief. Daarbij moet er wel meer duidelijkheid komen over de fasering. Men spreekt over een project voor vijftien jaar. Wanneer men in kleine porties bouwt mag het toch geen lopende trein worden. Duidelijkheid hierover is ook van belang voor de bedrijven.
De initiatiefnemer en de gemeente moeten het aantal woningen en de planning goed met elkaar afstemmen. Dan moet er meer duidelijkheid komen over mogelijke planschade. Er wordt in de nota veel gedacht in onmogelijkheden. Kan de wethouder aangeven wat men van plan is met dit stuk bedrijventerrein in de komende vijftien jaar? De heer Van Sligtenhorst heeft de nota laten agenderen om met elkaar in gesprek te gaan over de mogelijkheden. Spreker zet zich in voor de realisatie van betaalbare starterswoningen. Enige tijd na de behandeling van de woonvisie heeft men kennisgenomen van het initiatief voor 480 starterswoningen. Men vond dat dit initiatief een kans moest krijgen. Bijna alle fracties hebben hierop positief gereageerd. De wethouder is gevraagd om met de initiatiefnemers en de omliggende bedrijven in gesprek te gaan om te kijken naar de 19
mogelijkheden. De gesprekken zijn gevoerd en de wethouder heeft de raad daarover geïnformeerd. Ook zijn er brieven van omliggende bedrijven ontvangen waarin de zorg over werd uitgesproken over de toekomstige ontwikkeling van de bedrijven als gevolg van het initiatief. Men begrijpt die zorgen. Echter, die zorgen hadden een onderdeel moeten zijn van de constructieve gesprekken. Dan hadden de zorgen en de brieven wellicht voorkomen kunnen worden. De zorgen zijn terug te voeren tot vier punten: overlast door de bedrijven, de mogelijke toekomstige uitbreiding, de verkeersdrukte en de ontsluiting van de nieuwe wijk en verpaupering van de nieuwe wijk. De initiatiefnemers is gevraagd hoe men aan de zorgen tegemoet kan komen. Het antwoord daarop luidden dat er ook minder woningen zouden kunnen komen, dat de ontwikkeling in fases zou kunnen plaatsvinden en dat er een grondwal tussen de bedrijven en de wijk zou kunnen komen. Door constructief overleg moet het mogelijk zijn om de zorgen van de bedrijven voor een groot deel weg te nemen. Inmiddels is ook bekend dat de meeste fracties door willen met het initiatief. Spreker geeft aan de fasering van de bouw niet bezwaarlijk te vinden. Dat men zoveel als mogelijk is wil bouwen. Dat er een parkeerplaats per woning komt. Toepassing van drie bouwlagen op de daarvoor geschikte plekken kan men nog overwegen.
De heer Rouwenhorst heeft mooie plannen gehoord. Men bespeurt bij veel commissieleden wensdenken. Spreker is niet pessimistisch, maar realistisch. Men heeft zorgen over de ontwikkeling van de bedrijven. Op basis van de brieven denkt men dat de bedrijven zeker procedures zullen starten wanneer het initiatief vergund wordt. De fractie heeft er geen behoefte aan dat er op de betreffende locatie woningen komen voor mensen die niet in de gemeente wonen. Er ligt een plan van 480 woningen. Vanavond heeft men gehoord dat er ook mogelijkheden voor minder woningen zijn. Men denkt niet dat de tijdelijkheid van de woningen, vijftien jaar, realistisch is. Na vijftien jaar kan het college besluiten, zonder de raad te moeten raadplegen, om de woningen te laten staan. Waar blijven de bewoners wanneer de woningen gaan verdwijnen? Een aantal regels zullen versoepeld moeten worden om het initiatief te realiseren. In de aanliggende woonwijken zijn allerhand hinderwetregels van kracht. Men moet naar de waterzuivering kijken als gevolg van het initiatief. Al met al vallen de argumenten in de opinienota in de categorie ‘we zijn tegen’. De argumenten zijn goed en realistisch. Mocht het initiatief door gaan dan moet men goed de eventuele risico’s overwegen op het gebied van claims en planschade. Die planschades komen bij de gemeente te liggen.
De woningdichtheid in het plan is veel hoger dan in andere wijken. Over de bodemgesteldheid van het plangebied weet men nog onvoldoende. Kortom, spreker denkt dat het heel belangrijk is om nog een keer een SWOT-analyse te maken. Men is het met elkaar eens dat de startersmarkt heel urgent is en dat men dit serieus moet aanpakken. Aan de wethouder de vraag of er een andere locatie op korte termijn beschikbaar is voor dit initiatief. Daarnaast de vraag of het plan haalbaar is en hoe soepel moet de gemeente zich daarbij opstellen. Mevrouw Freeve ziet dat er heel veel kanten aan het initiatief zitten. Dat maakt de discussie moeilijk. Dat laten de bedrijven ook voor een deel wel zijn. Natuurlijk zijn hun bezwaren belangrijk, maar men vindt het ook belangrijk dat er woningen komen. Het is lastig om op basis van de tegengestelde informatie wat over het initiatief te zeggen. Men moet eerst betere en meer informatie ontvangen. Het is zonde om nu al te zeggen dat het plan te veel risico’s 20
met zich meebrengt en dat men er daarom maar mee moet stoppen. Spreekster roept de wethouder op om ervoor te zorgen dat men een verdere uitwerking van het plan ontvangt. Men is het met elkaar eens dat er woningen moeten komen. Op de oude manier gaat dat te langzaam. Bij dit plan kan men een beetje buiten de kaders experimenteren. Dat is een kans die men moet pakken. Hierbij moet de gemeente een belangrijke rol spelen. Dit is een initiatief van mensen waarbij de overheid kan participeren. Het lijkt erop dat nog niet alles over dit onderwerp goed verkend is. Hierbij de oproep om dat wel te doen. Is er mogelijk een andere plek waar men dit project kan realiseren? Of zijn er andere projecten die hetzelfde resultaat bieden binnen dezelfde termijn als dit project? De heer Evers merkt op dat veel jonge mensen de gemeente verlaten om een woonplek te vinden. Men heeft nu te maken met een onconventioneel particulier initiatief. Het zoekt de grenzen op en het is uitdagend. Een plan dat een kans biedt om jonge mensen aan de gemeente te binden, om ze niet te laten vertrekken. Zorgt het plan voor problemen of voor oplossingen? In de opinienota lijken alleen problemen op te duiken. Die wil men zeker niet bagatelliseren. De echte vraag is echter of dit initiatief een goede kans krijgt. Het lijkt een mijnenveld met explosief materiaal. De vraag is dus of men die mijnen onschadelijk kan maken.
De mijnen heten planschade, verkeersproblemen, parkeerproblemen en beheer openbare ruimte. Kan men de ontsteking van die mijnen voorzichtig verwijderen of moet men die opblazen? Dat is de vraag aan de wethouder. De heer Rouwenhorst weet dat wanneer men een mijnenveld wil betreden men heel behoedzaam te werk moet gaan. Dat is precies wat het college doet. Een goed beheerste aanpak. Mevrouw Van den Heerik denkt wanneer men tot een oplossing wil komen, kan het wel of kan het niet, dat er twee zaken spelen. Planschade en straks de wijze van reageren door de bedrijven. Het laatste is onafhankelijk van wat de raad vaststelt. De bedrijven hebben rechten. De bedrijven bepalen zelf of en wanneer ze willen procederen omdat ze tegen de ontwikkeling zijn. Wanneer men denkt dat alles is opgelost en men wil beginnen, dan kan het zomaar zijn dat er procedures aanhangig worden gemaakt. Dan is er al een heel traject doorlopen met bijbehorende kosten. Men heeft alles bekeken en de gemeente verstrekt een tijdelijke vergunning en dan komen een of meer bedrijven in het geweer. Dat kost veel geld en het project kan zomaar drie jaar stilliggen. Moet men dan niet eerst aan de initiatiefnemer vragen om weer langs de bedrijven te gaan. Om aan de bedrijven te vragen waar men mee kan leven. Wat kan men in een aanvraag meenemen zonder dat daar problemen dan wel procedures over komen.