CConstaterende datCuijk (tot 2022)
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen tweede ronde - raadsvergadering 8 juli.pdf

Mill - raadsvergadering 8 juli 2021, gemeente Cuijk (tot 2022)3.526 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord

5A Eerste bestuursrapportage

5B Dorpsplan Langenboom VKPTeam Lokaal

Er wordt een bedrag genoemd voor de aankoop van de kerk en bijbehorende woning. Tijdens de info-avond kregen we de indruk dat dit maar een grove schatting is die niet met het bisdom is afgestemd. Met andere woorden, ligt er een schriftelijke afspraak waarin de genoemde bedragen vaststaan? Vervolgvraag: Ligt er een schriftelijke overeenkomst?

VKPTeam Lokaal

Is het mogelijk een overzicht te geven van de berekening van de bijdrage van 2,5 miljoen. Uit welke subsidiestromen bestaan deze en zit daar bijv. ook de privatiseringsbijdrage bij die SES ontvangt? Vervolgvraag: De privatiseringsbijdrage zit er dus niet bij. Waarom wordt deze niet meegenomen?

De aankoop van kerk en pastorie is zorgvuldig afgestemd met parochie en bisdom. Antwoord vervolgvraag: Nee, er ligt geen schriftelijke overeenkomst. Het aangaan van een overeenkomst of verdergaande pre-contractuele overleggen dan nu het geval is, zonder dat er duidelijkheid bestaat omtrent een raadsbesluit over de uitvoering van het dorpsplan en daaraan verbonden condities, wordt door zowel het college als de stichting Eigen Kweek onverstandig gevonden. In de rapportage Burgerinitiatief Dorpsplan Langenboom – Haalbaarheidsanalyse en Plan van Aanpak van Raadhuis en de vertrouwelijk ter inzage gelegde bijlage bij het raadsvoorstel en -besluit dat op 16 april 2020 is deze berekening voorgelegd aan de gemeenteraad. De Lopende subsidie onderhoud gebouwen (SES) zoals die is opgenomen in de exploitatiebegroting maakt hier geen onderdeel van uit. Antwoord vervolgvraag: De lopende subsidie onderhoud gebouwen (SES) betreft een geoormerkte subsidie met een specifieke looptijd en een doel om te worden aangewend, namelijk het beheer en de instandhouding van aangewezen ruimten in de accommodatie van SES. Deze aanwending blijft

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord onveranderd. Een aantal kleedruimten en velden vallen onder de privatiseringsbijdrage en zijn direct gekoppeld aan het aantal elftallen die in KNVB-competitie spelen en daar staan ingeschreven. Uit dat aantal elftallen volgt een aantal kleedruimten en velden dat daarvoor volgens NOC-NSF (en KNVB) aanwezig dient te zijn. Voor het onderhoud en instandhouden van dit aantal ontvangen de voetbalclubs op basis van staand beleid een privatiseringsbijdrage.

VKPTeam Lokaal

In de infoavond werd aangegeven dat er gerekend is op 7% prijsstijging van de bouwkosten en dat dit ook reëel is omdat er vooraf met de aannemer een maximale prijs wordt afgesproken. In hoeverre is er al navraag gedaan of aannemers nog wel op deze wijze werken? M.a.w. durven zij dit risico wel te nemen? Er zijn op dit moment nog geen contracten ondertekend en er zijn nog geen bouwbestekken met bijbehorende financiële onderbouwing, die een voorwaarde zijn voor "Turn Key". Graag hierover nadere uitleg. Vervolgvraag: Dit antwoord zegt niets of de bouwers het wel tegen de huidige prijzen willen doen en of die 7% voldoende is. Graag een nadere toelichting.

Bouwpartners zijn en blijven bereid om te werken en te contracteren op basis het principe Design & Build, waarbij op basis van een Definitief Ontwerp, een vraagspecificatie (programma van eisen) en een turn-key prijs wordt gecontracteerd. Antwoord vervolgvraag: Hoewel dit in deze fase van planvorming waarbij nog een initieel besluit moet worden genomen over de uitvoering van het dorpsplan, heeft met bouwpartners nog afstemming plaatsgevonden over de risico’s verbonden aan de bouwplannen. Zij geven aan uit te kunnen blijven gaan van de opgegeven plafondbedragen. Vanzelfsprekend dient wel op een aantal risico’s te worden gestuurd of geanticipeerd die ook terug zullen komen in de risicoanalyse, zoals de prijsstijgingen, uitwerking van het programma van eisen en het verkrijgen van vergunningen. Een eerste opzet van een format van een risicoanalyse is als bijlage toegevoegd.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord

5C Regionale woningmarktstrategie gemeentelijk programma 2021 CDA

St. Hubert loopt achter met harde plannen. Graag zien wij komende half jaar ook aandacht voor de totstandkoming van toekomstige bouwplannen voor St. Hubert. Dat daar ook gebouwd kan blijven worden in de nabije toekomst. Kunt u aangeven wat u komend half jaar nog concreet gaat doen aan het hard maken van plannen in Sint Hubert?

Zoals in de commissievergadering van woensdag 30 juni jl. is aangegeven, wordt richting de herindeling met tijdelijke extra capaciteit gewerkt aan diverse plannen. Dat samenstel van plannen is de agenda voor de komende maanden, waarvan al is aangegeven, dat de meeste plannen in oktober ter vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Voor de plannen die niet op korte termijn onder voornoemde werkwijze vallen, maken ook na 1 januari 2022 nog steeds deel uit van het gemeentelijk woningbouwprogramma en daarmee – ook na 2022- onderdeel van de regionale woningmarktstrategie.

CDA

Zijn er vanaf volgend jaar voldoende middelen en ambtelijke capaciteit beschikbaar om alle plannen met stoom door te zetten zoals nu gebeurt met de task force? Kunt u al een doorkijkje geven of er mogelijk met een soort van task force doorgegaan wordt na 1 januari?

Deze vraag laat zich op dit moment niet eenvoudig beantwoorden. De huidige organisaties zijn zich deels al aan het richten op de periode na 1 januari 2022. Het is evident dat – gezien de druk op de woningmarkt in alle vijf gemeenten nu – woningbouw daarbij de komende tijd volop aandacht zal krijgen, niet alleen politiek, bestuurlijk maar ook ambtelijk. De precieze invulling daarvan voor de periode na 1 januari 2022 is niet aan de gemeente Mill en Sint Hubert. Zoals in de commissievergadering van 30 juni jl. is aangegeven, heeft het woondossier allerwegen volop bestuurlijke aandacht en ligt het dan ook in de lijn der verwachting dat de focus volop gelegd wordt op realisatie.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--CDA

In een overspannen markt zien we regelmatig dat de eerste kopers spekkopers zijn en al snel de woning doorverkopen met winst. Als gemeente wil je dit in de schaarse markt met een groot tekort aan betaalbare woningen zoveel mogelijk voorkomen. Dit kan door vooraf aanvullende afspraken hierover te maken met de ontwikkelaars. Te denken is aan een antispeculatiebeding; ook kan de gemeente afspraken maken over het laten terugvloeien van eventuele winsten naar de gemeente die dit geld dan weer kan besteden aan volkshuisvestingsdoelen. Ook de invoering van een zelfbewoningsplicht voor deze goedkope prijscategorie zou kunnen worden toegepast. Voor de bouwende ontwikkelaar zitten hier, in deze overspannen markt, verder geen risico’s aan. Kunt u aangeven wat u met deze suggesties kunt / gaat doen? En ziet u nog andere mogelijkheden om de juisten woningen bij de juiste doelgroep terecht te laten komen en voor deze doelgroep te behouden?

5D Reserve ruimtelijke kwaliteit

5E Nota van uitgangspunten flexwonen

Afd.

30 juni 2021 Antwoord De ideeën die het CDA vragenderwijs voorlegt komen in het algemeen sympathiek over. Binnen de contouren van de voorwaarden van het gemeentelijk grondbeleid worden met ontwikkelende partijen afspraken gemaakt. Ook wordt daarbij gestuurd op woningtypes voor bepaalde doelgroepen en het zoveel als mogelijk beschikbaar houden van deze woningen voor de betreffende doelgroepen. In de commissievergadering van 30 juni jl. is daarbij het voorbeeld van starterswoningen binnen ’t Kavelt als voorbeeld gegeven. De suggestie van het afromen van verkoopwinsten is een te overwegen optie, maar – mede gelet op het ingrijpende karakter van een dergelijke regeling (zoals het openbreken van reeds gesloten overeenkomsten) zo kort voor de herindeling (denk aan harmonisatie van beleid) – nu niet opportuun om daarmee nu nog concreet als individuele gemeenten mee aan de slag te gaan. In september staat in het kader van de regionale woningmarktstrategie bestuurlijk overleg gepland, daarin zal ook de harmonisatie van beleid aan de orde komen. De in de vragen neergelegde suggesties zullen daarbij actief betrokken worden.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord

CDA

Is het mogelijk de uitwerking en de locatiekeuzes voor flexwonen tegelijkertijd vast te stellen in de raad van oktober?

Het is de bedoeling om de raad in oktober een zo compleet mogelijk voorstel voor te leggen. Met inbegrip van (voorkeurs)locatie(s). Over de reikwijdte van de het voorstel moet nog wel een slag om de arm gehouden worden, omdat het nog ambtelijk in voorbereiding is.

CDA

In de notitie flexwonen worden “gemeenschappelijk wonen voor ouderen in hofjes” en “cpo projecten” als voorbeelden gepresenteerd voor flexwonen. Klopt dit? Zijn dit geen normale woningen i.p.v. flexwoningen?

Op dit moment wordt flexwonen in het algemeen gezien als een aanvulling op het reguliere beleid. Een scherpe omlijning zal zich in de loop van de komende jaren mogelijk gaan aftekenen. De kanteling op het gebied van regulier/flexwonen is echter al een aantal jaren gaande. Verwezen kan worden naar eerdere stukken die daarover met de raad gedeeld zijn, zoals bijvoorbeeld in het gemeentelijk programma wonen van 2019 waarin het rapport ‘Ruim baan voor niet-traditionele woonvormen’ (november 2018) is genoemd. Wat nu met dit voorstel gebeurt is een eerste invulling van deze nieuwe kijk op het wonen in de Millse situatie. Flexwonen is daarmee een beetje een hybride model. Voor sommige woningzoekenden kan het flexwonen in de vorm van een tijdelijke oplossing de overbrugging vormen naar reguliere huisvesting. Voor anderen kan flexwonen invulling geven aan een persoonlijke visie op het leven. Dit zie je bijvoorbeeld met name op het gebied van het wonen van tiny houses (‘meer leven en ervaren dan bezitten’), maar ook tiny houses kunnen in sommige gevallen dienen ter overbrugging. In dat hybride (in feite nog zoekende) model worden dan ook mogelijkheden gezien voor CPO en hofjes-wonen. De focus op de korte termijn ligt in de gemeente Mill en Sint Hubert op de categorie spoedzoekers.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--CDA

5F

Gesteld wordt dat de tijdelijke woningen aan het duurzaamheidsbeleid moeten voldoen. Kunt u dit nader concretiseren? Waar doelt u exact op?

Afd.

30 juni 2021 Antwoord Hierbij dient bijvoorbeeld gedacht te worden aan het BENGprincipe, het gebruik van duurzame producten, zo mogelijk CLT-bouw etc.

Bestemmingsplan Kruising N264 Lange Schoolstraat sint Hubert CDA

Waarom wordt de administratieve beroepsprocedure niet aan zich gehouden?

Dit betreft een besluitpunt dat in alle raadsvoorstellen voor vaststelling van een bestemmingsplan staat. Het doel is dat bij eventueel beroep bij de Raad van State de praktische behandeling van dit beroep door het college van B&W gedaan kan worden. De gemeenteraad geeft met dit besluitpunt het akkoord hiervoor (formeel ligt de bevoegdheid bij de gemeenteraad omdat die het bestemmingsplan vast stelt).

CDA

Volgens inwoners van het dorp zijn er zienswijze ingediend maar volgens de stukken niet?

In de gemeentelijke administratie zijn geen zienswijzen tegen het bestemmingsplan geregistreerd buiten die van de veiligheidsregio (ook geen zienswijzen die buiten de wettelijke termijn zijn ingediend). De afgelopen maanden zijn er ook omgevingsvergunningen aangevraagd voor andere onderdelen van de reconstructie van de N264. Nagekeken is of mogelijk bedoeld wordt dat hiertegen bezwaar is gemaakt, maar ook hierover is niets gevonden in de gemeentelijke administratie. Bij de provincie is navraag gedaan of er bewaren/zienswijzen zijn ingediend tegen besluiten van de provincie over de herinrichting van de N264, dit is tot op heden niet het geval.

CDA

Hoe zit het met de erfgrenzen van andere inwoners aan die straat?

Omdat door de herinrichting van de N264 de nieuwe weg (inclusief fiets- en voetpaden) op enkele plaatsen net buiten de geldende verkeersbestemming komt, is door de provincie een omgevingsvergunning aangevraagd om voor deze kleine

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord stukken grond af te mogen wijken van het bestemmingsplan. Daar waar de afwijking ook gronden van derden betrof, heeft de provincie aangegeven dat er overeenstemming is bereikt over aankoop van deze gronden. De bezwaartermijn van deze omgevingsvergunning is inmiddels afgelopen, bij de gemeente zijn geen bezwaren binnen gekomen.

5G Bestemmingsplan Lange Schoolstraat 2 sint Hubert

5H Bestemmingsplan Mill ‘t Kavelt CDA

Ziet u kansen gebruik te maken van de mogelijkheden zoals aangegeven in onze vraag 3 bij agendapunt 5C en hierover met de ontwikkelaar afspraken te maken?

In de vergadering d.d. 30 juni 2021 van de commissie Ruimte en Economie heeft het college aangegeven dat de VON-prijzen die door de ontwikkelaar zijn afgegeven, gehanteerd zouden worden voor de verschillende woningen, en dat die prijzen de basis vormden voor de grondtransactie die is vastgelegd in de grondverkoopovereenkomst. Dit antwoord is niet correct. De gemeente heeft in het kader van de bieding de ontwikkelaar gevraagd om een overzicht van de VON-prijzen van de verschillende woningen te geven die op dat moment (2018) golden. De gemeente heeft dit overzicht opgevraagd om te kunnen toetsen of de afgegeven VON-prijzen marktconform waren op dat moment. Zowel de VON-prijzen als ook de bouwkosten van woningen zijn de afgelopen jaren flink gestegen.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord Er ligt een bindende grondverkoopovereenkomst tussen de gemeente en de ontwikkelaar, waarin de afspraken tussen de partijen zijn vastgelegd. De grondverkoopovereenkomst is ook de basis voor het kostenverhaal zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening. In artikel 4.3 van de grondverkoopovereenkomst is bepaald dat het uitgangspunt van de verkoop is dat voor Ontwikkelaar geen prijslimiet geldt in VON-prijzen. Het staat Ontwikkelaar vrij deze naar eigen inzichten te bepalen en/of aan te passen. In de grondverkoopovereenkomst zijn dus ook geen afspraken opgenomen over maximale VONprijzen voor de woningen en over de handhaving van deze prijscategorieën. Bovendien ontvangt de gemeente een marktconforme prijs voor de gronden. Er is in zoverre voor wat betreft de gemeente sprake van een vaste verkoopprijs voor de grond. Het risico ten aanzien van de ontwikkeling van de markt- en bouwprijzen ligt geheel bij de ontwikkelaar. Indien aanvullende afspraken gemaakt zouden moeten worden, dan moet de grondverkoopovereenkomst opengebroken worden. Dit betekent dat de vaststelling van het bestemmingsplan uitgesteld moet worden, omdat het kostenverhaal zoals bedoeld in de WRO niet verzekerd is. Het college vindt de vertraging die daardoor gaat ontstaan niet gewenst.

Gelet op de situatie op de woningmarkt is het juist van groot belang om snel nieuwe woningen te gaan bouwen in Mill.

5I

Bestemmingsplan Mill, Leeuwerikstraat, Gruttostraat en Genieweg

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--CDA

Ziet u kansen gebruik te maken van de mogelijkheden zoals aangegeven in onze vraag 3 bij agendapunt 5C en hierover met de ontwikkelaar afspraken te maken?

Afd.

30 juni 2021 Antwoord In de vergadering d.d. 30 juni 2021 van de commissie Ruimte en Economie heeft het college aangegeven dat de VON-prijzen die door de ontwikkelaar zijn afgegeven, gehanteerd zouden worden voor de verschillende woningen, en dat die prijzen de basis vormden voor de grondtransactie die is vastgelegd in de grondverkoopovereenkomst. Dit antwoord is niet correct. De gemeente heeft in het kader van de bieding de ontwikkelaar gevraagd om een overzicht van de VON-prijzen van de verschillende woningen te geven die op dat moment (2018) golden. De gemeente heeft dit overzicht opgevraagd om te kunnen toetsen of de afgegeven VON-prijzen marktconform waren op dat moment. Zowel de VON-prijzen als ook de bouwkosten zijn de afgelopen jaren flink gestegen. In artikel 4.3 van de grondverkoopovereenkomst is o.a. bepaald dat het uitgangspunt van de verkoop is dat voor ontwikkelaar geen prijslimiet geldt in VON-prijzen. Het staat de ontwikkelaar vrij deze naar eigen inzichten te bepalen en/of aan te passen. In de grondverkoopovereenkomst zijn dus ook geen afspraken opgenomen over maximale VON-prijzen voor de woningen en over de handhaving van deze prijscategorieën. Er ligt een bindende grondverkoopovereenkomst tussen de gemeente en de ontwikkelaar waarin de afspraken tussen de partijen zijn vastgelegd.

De grondverkoopovereenkomst is ook de basis voor het kostenverhaal zoals bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening. In artikel 4.3 van de grondverkoopovereenkomst is o.a. bepaald dat het uitgangspunt van de verkoop is dat voor ontwikkelaar geen prijslimiet geldt in VON-prijzen. Het staat de ontwikkelaar vrij deze naar eigen inzichten te bepalen en/of aan te passen.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord Bovendien ontvangt de gemeente een marktconforme prijs voor de gronden. Het risico ten aanzien van de ontwikkeling van de markt- en bouwprijzen ligt geheel bij de ontwikkelaar. Indien aanvullende afspraken gemaakt zouden moeten worden dan moet de grondverkoopovereenkomst opengebroken worden. Dit betekent dat de vaststelling van het bestemmingsplan uitgesteld moet worden, omdat het kostenverhaal zoals bedoeld in de WRO niet verzekerd is. Het college vindt de vertraging die daardoor gaat ontstaan niet gewenst. Gelet op de situatie op de woningmarkt is het juist van groot belang om snel nieuwe woningen te gaan bouwen in Mill.

CDA

In de commissievergadering heeft u aangegeven dat het akoestisch onderzoek volledig is en dat eventuele toekomstige klachten over geluid op dat moment moeten worden beoordeeld. Kunt u in dit verband de garantie afgeven dat De Wester de nu ter plaatse toegestane activiteiten mag blijven uitoefenen en dat de eventuele (financiële) gevolgen van (gegronde) geluidsklachten niet op de Wester worden afgewend?

Op voorhand garanties afgeven is lastig, omdat er zich altijd omstandigheden kunnen voordoen die nu niet te voorzien zijn. Er is bij de voorbereiding van het bestemmingsplan goed gekeken naar de huidige activiteiten die in De Wester plaatsvinden. De Omgevingsdienst Brabant-Noord heeft hiertoe ook een akoestisch onderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek is o.a. beoordeeld welke akoestische maatregelen er nog getroffen moeten worden, zodat de activiteiten van De Wester niet worden belemmerd. Daarbij kwam met name het oefenen van de harmonie naar voren als mogelijke overschrijding van de maximaal toegestane geluidsbelasting. Het college heeft hiertoe in maart 2021 een afzonderlijk aanwijzingsbesluit genomen dat het mogelijk maakt dat de harmonie ook in de toekomstgedurende 5 uren per week in de dag- en avondperiode in De Wester mag blijven oefenen. Er zal daarnaast nog een scherm met een hoogte van 2,5 meter worden gerealiseerd tussen woonblok 1 (het meest noordelijk gelegen blok van rijwoningen aan de Gruttostraat) en het nieuwe speelterrein. Ook krijgen de gevels van diverse

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord woningen extra geluidswering. Binnen de kaders van het bestemmingsplan, het Activiteitenbesluit en de APV kan De Wester daarmee de huidige (toegestane) activiteiten gewoon blijven uitoefenen. Voor het overige moet bij toekomstige klachten over geluidsoverlast eerst goed gekeken en beoordeeld worden wat de aard van de klacht is en of deze terecht is. Pas daarna kan bepaald worden of er aanvullende maatregelen nodig zijn en welke dat zijn. Als beheerder van de accommodatie is de gemeente daarbij altijd mede belanghebbend en verantwoordelijk.

CDA

Wij roepen u op om ook een professional te betrekken bij de inrichting van de speelruimte/ontmoetingsplek zodat alle beoogde functies creatief worden gecombineerd om tot een goed toekomstbestendig en aantrekkelijk plan te komen. Kunt u aangeven of en hoe u dit gaat organiseren? Aangezien er nu geen speelplek meer is, hebben wij u in de commissievergadering gevraagd om sneller te starten met dit speel/ontmoetingsplan en niet te wachten totdat het plan is gerealiseerd. Kunt u aangeven of dit mogelijk is en wat een mogelijke planning daarvoor is?

In de nota Zienswijzen is op blz. 4 hierover het volgende opgenomen: ‘Het is daarom nadrukkelijk de bedoeling van de gemeente om een ontwerper in te schakelen en in een gezamenlijk traject met de kinderen, omwonenden en andere betrokkenen de beschikbare ruimte nader in te gaan vullen. Dit biedt ook de mogelijkheid om te komen tot een samenhangend ontwerp en een goede aansluiting op de buitenruimte van de Wester. Een op die wijze vormgegeven speelplek in samenhang met de buitenruimte van de Wester biedt een grotere kans op ontmoeting en samenspel tussen kinderen en (groot)ouders.’ De toezegging om een professional in te schakelen is daarmee al gedaan. Wij stellen voor dat deze professional samen met de bovengenoemde betrokken partijen het traject verder in beeld gaat brengen. Zodra het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, kan dit nader worden ingevuld en een planning worden opgesteld.

Vragen voor commissie ruimte en economie Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---

Afd.

30 juni 2021 Antwoord Ook het college zou graag zo snel mogelijk tot realisatie van de nieuwe speelplek willen komen. Wij zien echter een aantal praktische bezwaren. Bij de bouw van de nieuwe woningen speelt ook de inrichting van een bouwplaats, bijvoorbeeld voor de opslag van bouwmaterialen en het plaatsen van een directiekeet. Om de overlast voor de buurt (omwonenden én De Wester) zoveel mogelijk te beperken, lijkt de locatie van de toekomstige speelplek vooralsnog de beste plaats hiervoor. Daarnaast is het de vraag hoe het zit met de veiligheid van de kinderen als er in de directe nabijheid nog veel bouwwerkzaamheden plaatsvinden. Het voorstel is daarom om de bouwperiode te gebruiken om te komen tot een mooi ontwerp voor de nieuwe speelplek en deze in te gaan richten, zodra de afronding van de bouwwerkzaamheden dat ook mogelijk maakt.

5J

Bestemmingsplan Beerseweg 26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=CuijkGraveMill&id=5e9ee138-410a-47ae-bb8e-25817e011cbd