Antwoorden op technische vragen commissie SB d.d. 25 mei 2021
Tekst van het document
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur 25 mei 2021 Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--Afd. Antwoord 5A Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Mill en Sint Hubert VKP
RV: pagina 1: er worden normbedragen aangehouden van een VNG-modelverordening uit 2018, waarom is de verordening voorziening huisvesting onderwijs voor onze gemeente niet eerder aangepast?
VKP
RV: pagina 1: zien we deze 40% indexering ook terug in de Burap?
VKP
RV: pagina 3: De aanpassing van de normbedragen heeft (wederom) niet geleid tot een hogere Rijksbijdrage en dus draait de gemeente hiervoor op. Wat gaat de gemeente nog ondernemen om hiervoor alsnog gelden vanuit het Rijk beschikbaar te krijgen (naast de motie van de VNG)?
De verordening is met name van belang bij noodzakelijke uitbreiding van een schoolgebouw door groei van leerlingenaantallen en bij nieuwbouw. Als een gemeente met een schoolbestuur niet tot overeenstemming komt over bekostiging, dan fungeert de verordening als juridisch vangnet. Maar vanaf 2015 is dat in onze gemeente niet aan de orde geweest. In 2015 was er een wetswijziging over het buitenonderhoud aan schoolgebouwen; toen is in de CGMgemeenten gezamenlijk de verordening voor het laatst aangepast, in overleg met de schoolbesturen. Een verdere noodzaak of aanleiding tot wijziging was er sindsdien niet. Nee er hoeft geen aanpassing van het bestaande budget in de begroting plaats te vinden. Ook hanteren wij voor onderwijshuisvesting geen aparte reserve. In het geval dat er nog een aanvraag zou komen van een schoolbestuur voor bijvoorbeeld nieuwbouw wordt voor de kapitaallasten dekking gezocht in de meerjarenbegroting. Investeringen in onderwijshuisvesting drukken door de landelijke prijsstijgingen en de daaruit volgende hogere normbedragen dan wel zwaarder op de begroting dan voorheen. Er is geen mogelijkheid om extra gelden aan te vragen bij het rijk. Het onderwijshuisvestingsbeleid is een van decentralisaties van rijksbeleid.
Vanaf 1997 zijn gemeenten verantwoordelijk geworden voor de bekostiging van onderwijshuisvesting en met name het bekostigen van nieuwbouw en uitbreiding van schoolgebouwen en gymzalen. De verhoging van de normbedragen heeft niet direct financiële gevolgen. De bestaande lasten zullen hierdoor niet stijgen. Voor de bestaande lasten, zoals kapitaallasten van eerdere investeringen en bekostiging van gymmaterialen, verzekering
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---
5B
VKP
Besluit, bijlage V, blz, 36 Hoofdstuk 3, Hoofd- en sub prioriteiten: Wat doen we nu wel en wat doen we nu niet en op welke termijn?
VKP
Besluit, bijlage V, blz, 36 hoofdstuk 3, Hoofd- en sub prioriteiten 3 C: De zin is niet compleet en we hebben geen idee wat het doel hiervan is?
Afd.
25 mei 2021 Antwoord en schades aan schoolgebouwen ontvangen we jaarlijks een niet-geoormerkte bijdrage in de algemene uitkering. Dat is onder andere naar rato van het aantal leerlingen op de basisscholen en het voortgezet onderwijs. De normbedragen zijn aangepast aan de actuele bouwprijzen, de algemene uitkering loopt daarbij achter. Hier staat omschreven welke keuzes er gemaakt moeten worden door het college als er veel aanvragen van schoolbesturen zijn in enig jaar en er onvoldoende budget is om alles te honoreren. Zo staat er dat aanvragen die een ruimtekort oplossen, dus extra lokalen, voorrang hebben op aanvragen die alleen de kwaliteit van een schoolgebouw verhogen. Hier staat de volgorde in toe te kennen prioriteiten omschreven: waarbij als laatste aan de beurt zijn aanvragen die gaan over extra gymzalen of extra sportvelden voor gymonderwijs.
Wijziging APV Mill en Sint Hubert VKP VKP
VKP
Besluit, blz. 1: er ontbreekt: gehoord de commissie S&B d.d. 25 mei 2021. Besluit, blz. 2, artikel 2:57: Waarom geen verbod op loslopende katten? Het aantal wilde katten in het buitengebied neemt zienderogen toe en ook in de wijken is er veel overlast van loslopende katten?
Aangepast in besluit.
Meer als de helft van de gemeenten heeft de regelgeving aangepast in verband met de enorme toename in het gebruik van lachgas.
In het reeds bestaande artikel 2:33a van de APV is een verbod op het gebruik van lachgas in de openbaar gebied opgenomen.
Het reeds bestaande artikel 2:60 van de APV maakt het mogelijk dat het college kan optreden tegen mensen die door het houden van dieren geluidsoverlast, stank of andere hinder veroorzaken.
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--Wederom missen we in deze aangepaste APV een artikel betreffende het in het openbaar verhandelen en onder invloed zijn van lachgas. Wat is hier de reden van?
Afd.
25 mei 2021 Antwoord In artikel 2:74 van de APV is het verboden om middelen genoemd in artikel 2 en 3 van de Opiumwet, of daarop gelijkende waar, te vervoeren, verhandelen etc. Het kabinet is voornemens om lachgas te plaatsen op lijst II van de Opiumwet. Hier is ook een meerderheid voor. Zodra dit besluit definitief is, valt lachgas onder de Opiumwet en kan hetzelfde worden opgetreden als tegen andere verdovende middelen.
VKP
Bijlage 1: pagina 3 exploitatie openbare inrichting. Wat is de definitie van slecht levensgedrag? En hoe gaat ervoor gezorgd worden dat dit consequent wordt toegepast?
Voor de invulling van wat slecht levensgedrag is, wordt gekeken in het Besluit Eisen Zedelijke Gedrag Drank- en Horecawet. Dit wordt sowieso toegepast voor alle ‘natte’ horeca. In de praktijk passen we deze eisen ook toe op de ‘droge’ horeca voor de exploitatievergunning. Om te voorkomen dat er bij de rechter discussie ontstaat over strijdigheid met artikel 10 van de Dienstenrichtlijn is het noodzakelijk dat de burgemeester bij het toepassen van de weigeringsgrond beleidsregels vaststelt. Concreet zou dat betekenen dat we in een gemeentelijke beleidsregel het Besluit Eisen Zedelijke Gedrag van toepassing te verklaren op de droge horeca.
AB’90
Waarom wordt het verbod van het loslopen van honden uitgebreid? Wat is hiervan de aanleiding? Zijn er klachten of incidenten geweest? Als we het zouden besluiten, hoe wordt het dan gehandhaafd?
Het verbod voor niet-aangelijnde honden is uitgebreid tot openbare plaatsen binnen de bebouwde kom (was alleen binnen de bebouwde kom op de weg). Hierdoor geldt het verbod ook voor andere plaatsen binnen de bebouwde kom, zoals parken en plantsoenen of andere voor publiek openstaande plaatsen. Dat past ook beter bij de uitzondering in het tweede lid, waar wordt gesproken over ‘aangewezen plaatsen’. De klachten die we ontvangen over loslopende honden gaan ook over honden die bijvoorbeeld loslopen in parken en speeltuintjes, hierbij sluit deze aanpassing beter aan.
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---
Afd.
5C
Wijziging van de gemeenschappelijke regeling ODBN
5D
Werkagenda Land van Cuijk mensen met een psychische kwetsbaarheid VKP
Besluit: We hebben het hier over het vaststellen van een “werkagenda” om de basis op orde te krijgen. Vier van de vijf besluiten gaan echter over de financiën. Hierover hebben wij de volgende vragen: Wat is er allemaal mis aan de basis? Wat gaan we daar concreet aan doen? Op welke termijn gaan we hier concreet iets aan doen?
VKP
Raadsvoorstel, blz. 4, Thema 2: Formele hulp en ondersteuning: We praten al jaren over één plan en één contactpersoon. Blijkbaar zonder succes. Nu komt er een
25 mei 2021 Antwoord Door deze aanpassing kunnen we ook handhaven op loslopende honden in parken en speeltuintjes etc. Op dit moment gaat dat niet omdat in de huidige APV enkel wordt gesproken over ‘op de weg’.
De basis hebben we deels al op orde, maar er zijn ook verbeterpunten. Kort samengevat willen we onder meer zorgen voor meer passende huisvesting voor inwoners met een psychische kwetsbaarheid en voor meer algemene voorzieningen dan wel ontmoetingsmogelijkheden. Ook willen we zorgen dat de toegang voldoende is toegerust om de doelgroep goed te bedienen. Zo willen we casussen meer gaan volgen, zodat we ondersteuning tijdig op- en af kunnen schalen. De activiteiten in de werkagenda zijn de verbeterplannen om de basis op orde te houden en te brengen. Zie de activiteiten in de werkagenda. Ook de termijn is bij de planning bij elke activiteit benoemd. Zo gaan we bijvoorbeeld in 2021 aan de slag met het opstellen van een woonzorgvisie (zie thema 3). De procesregisseur geeft als kwartiermaker advies over procesregie en casusregie in de 5 gemeenten en het bijbehorende mandaat. Daarnaast geeft de
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--Afd. procesregisseur en uitbreiding in capaciteit bij om cliënten te volgen. Hierover hebben wij de volgende vragen: Wat gaat de procesregisseur concreet doen? Welke status / bevoegdheden heeft deze persoon?
VKP
Raadsvoorstel, blz. 5, Thema 4: Een veilige leefomgeving voor iedereen: “Wanneer het niet goed gaat met iemand of met een buurtbewoner, weet men de weg naar hulp eenvoudig te vinden middels de Aanpak Voorkoming Escalatie (AVE-model)”. We hebben onlangs bij een case in onze gemeente gezien dat niemand zijn verantwoording neemt en buurtgenoten “hun huis hebben verlaten voor hun eigen veiligheid”. Hierover hebben wij de volgende vraag: Wie neemt in deze de regie en grijpt in wanneer het zo uit de hand loopt? Kun je als burgemeester met dit soort zware overlast de woning (tijdelijk) sluiten? Zo ja, wanneer wordt dit zware middel ingezet en wat gaat daaraan vooraf? Zo niet, wat zijn wel de mogelijkheden?
25 mei 2021 Antwoord procesregisseur uitvoering aan procesregie in de 5 gemeenten. Hiermee wordt bedoeld dat complexe casussen die vastlopen door de procesregisseur worden gecoördineerd. Er wordt in overleg met betrokken hulpverleners bepaald wat in een casus nodig is om knelpunten in het proces weg te nemen. De procesregisseur maakt afspraken met betrokken partijen om de knelpunten weg te nemen. Het gaat om een in dienst van de gemeenten aangesteld persoon, die met andere organisaties afspraken maakt over verbeteringen in het proces. Het is de bedoeling dat deze persoon het mandaat heeft om het proces te verbeteren, waarbij de regisseur namens partijen in het sociaal domein kan optreden (niet alleen de gemeente). Op basis van het AVE-model hebben we afspraken gemaakt over wie de regie neemt in welke situatie. Wie de regie neemt verschilt naar gelang de omvang van de casuïstiek. Dit kan de hulpverlener zelf zijn (bij enkelvoudige vragen) tot en met de teamleider of het Zorg- en Veiligheidshuis (bij zeer complexe casuïstiek).
De burgemeester kan in sommige specifieke gevallen een woning (tijdelijk) sluiten. Artikel 17 Woningwet maakt dit mogelijk. Er moet dan wel spraken zijn van een herhaaldelijke overtreding van artikel 1a of 1b van de Woningwet. Bovendien moet de overtreding gepaard gaan met een bedreiging van de leefbaarheid of een gevaar voor de gezondheid of de veiligheid. De bepaling wordt ingezet door lokale overheden om woningen te laten sluiten waar (brandgevaarlijke) hennepplantages worden aangetroffen. Ook ander brandgevaarlijk besluit van een woning (denk aan kamerverhuur zonder te voldoen aan brandveiligheidseisen) kan leiden tot sluiten. Een enkele keer wordt artikel 17 Woningwet ingezet in het geval van extreme verzamelwoede en vervuiling (hoarding).
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!---
Afd.
25 mei 2021 Antwoord Daarbij wordt door de rechterlijk macht echter wel goed gekeken naar de proportionaliteit van de woning sluiting: als een alternatieve, minder ingrijpende oplossing (bijvoorbeeld een last onder dwangsom gecombineerd met hulpverlening) kan worden bereikt, ligt sluiting niet voor de hand.
VKP
Bijlage 1: werkagenda: pagina 1: Hoe gaan we het in beeld brengen van de inwoners met een psychische kwetsbaarheid nu concreet aanpakken? Tot op heden is dit immers niet gelukt om deze groep in beeld te krijgen? Waarom verwacht men deze met wijkscans wel in beeld te krijgen?
VKP
Bijlage 1: werkagenda: pagina 3: thema 4: een fijne leefomgeving: gaat men hierbij meer uit van de psychisch kwetsbare of van degenen in zijn leefomgeving die regelmatig overlast ervaren? Beide? Hoe ziet men dit voor zich?
VKP
Bijlage 1: werkagenda: pagina 4: om te voorkomen dat opvangvoorzieningen gebruikt worden door mensen die zelfstandig kunnen wonen……… Zelfstandig kunnen wonen zegt niets over de mogelijke overlast waarmee omwonenden dan worden geconfronteerd. Hoe denkt men deze aan te pakken?
Deels hebben we de groep inwoners met een psychische kwetsbaarheid in beeld. Deze willen we beter in beeld brengen door het bundelen van informatie uit diverse gegevens uit meerdere monitoren (denk bijvoorbeeld aan de Wmo- en GGDmonitor). Deze bundeling van informatie willen we daarnaast verrijken met een kwalitatieve verdieping. Dit samen noemen we de wijkscan. Door de bundeling van informatie en de kwalitatieve verdieping denken we een completer beeld te krijgen. Thema 4 gaat over een veilige leefomgeving voor iedereen; voor inwoners met een psychische kwetsbaarheid, maar met name ook voor inwoners in de omgeving van iemand die psychisch kwetsbaar is. Het doel van dit thema is dat inwoners in de omgeving eenvoudig de weg naar hulp weten te vinden wanneer zij zich zorgen maken of overlast ervaren. Ook in de avonduren. Uiteraard hebben we onze gebruikelijke kanalen van bijvoorbeeld buurtbemiddeling, woningcorporatie en politie om overlast te melden. Indien het om een cliënt gaat die ondersteuning ontvangt, speelt ook de aanbieder een belangrijke rol in de begeleiding van de cliënt (bijv. door afspraken met de cliënt te maken over het wegnemen van de ervaren overlast). Door een goede samenwerking tussen Mooiland en hulpverlening wordt zoveel mogelijk getracht bij overlast tijdig tot een oplossing te komen.
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--VKP Bijlage 1: werkagenda: pagina 23: in de digitale versie is de woonsituatie LvC leeg. Kan het juiste model alsnog verstrekt worden?
Afd.
25 mei 2021 Antwoord Vervelend dat de woonsituatie LvC in de digitale versie is weggevallen. Op pagina 23 is het volgende opgenomen over de woonsituatie LvC: Risicofactor 5: woonsituatie (alleenstaanden het hoogste risico, volwassenen met partner/kinderen het laagste) In onderstaand schema wordt de woonsituatie voor huishoudens over 2019 in het Land van Cuijk weergegeven. Grave heeft in verhouding tot het aantal inwoners de meeste eenpersoonshuishoudens.
WOONSITUATIE LVC Huishoudens met kinderen
Huishoudens zonder kinderen
Eenpersoonshuishoudens Sint Anthonis Mill en Sint Hubert Grave Cuijk Boxmeer 0
VKP
Bijlage 1: werkagenda: pagina 23: we begrijpen niet dat niet religieuzen meer risico zijn. Graag hier een toelichting op (of is deze niet uit te leggen en zijn er daarom geen gegevens beschikbaar).
1000
2000
3000
4000
5000
Geloof kan mensen een bepaalde houvast geven, en daarmee voor de nodige psychische stabiliteit zorgen. Ook kan religie voor verbinding zorgen en halen mensen antwoorden op levensvragen uit hun geloof. Uit wetenschappelijke studies is gebleken dat er vaak een positieve relatie is aan te tonen tussen religie en geestelijke
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--VKP
Reactie op advies ASR pagina 2: naar aanleiding van de door ons ontvangen adviezen is de werkagenda op een aantal punten aangepast. Graag ontvangen we een overzicht van deze aanpassingen
AB’90
Voorstel 2 en 3 lijken op elkaar. Wat is de overeenkomst en wat is het verschil tussen beiden.
AB’90
Terugontvangen gelden uit regionale reserve Beschermd wonen (2019 en 2021 t/m 2023) Waarom in 2019 wel terugontvangen en in 2020 niet?
AB’90
Bij de eerste bullet onder de tabel op pag.2 staat een merkwaardig jaartal 20219! In de toelichting op pag.3 staat een bedrag ad 249.000 euro. In de uitgaventabel op pag.2 is dat bedrag niet terug te vinden of te berekenen!
AB’90
Afd.
25 mei 2021 Antwoord gezondheid, en dat gelovigen doorgaans minder mentale klachten hebben. N.a.v. de bijeenkomst van de ASD zijn de volgende zaken aangepast in de werkagenda: Wijkscans: de toelichting op de wijkscans is verduidelijkt. We hebben opgenomen dat het om zowel een kwantitatieve analyse (bundeling van cijfers voor LvC) als om een kwalitatieve analyse gaat (knelpunten en kansen per kwetsbare wijk). Wonen gaat voor opvang: in de werkagenda is met het oog op het vrijkomen van woningen vanuit het aanbod van Mooiland toegevoegd dat dit een dynamisch proces betreft (kwestie van vrijkomend aanbod na een vraag). AVE-model: in de werkagenda is opgenomen dat het AVE-model een proces gerelateerde route is.
Indien u doelt op de oude en aangepaste versie van het raadsvoorstel dan zijn deze vrijwel identiek. In de aangepaste versie is in de tabel op pagina 2 een kleine tekstuele wijziging opgenomen. De terug ontvangen middelen vanuit de reserve beschermd wonen zijn slechts incidenteel. In 2019 heeft een teruggave plaatsgevonden. In 2021 vindt er toevallig ook weer een teruggave plaats, waarbij de middelen door gemeente Oss worden verspreid over een periode van 3 jaar, gelijk aan de looptijd van de werkagenda. Daardoor lijkt het wellicht om structurele middelen te gaan, maar dit is helaas niet het geval. Excuses voor het ongemak. Het correcte jaartal is 2019. Het bedrag op pagina 3 is helaas abuis; dit moet zijn € 294.000,- (niet afgerond € 294.450,-). Dit bedrag is 13% van € 2.265.000,-, het aandeel van gemeente Mill op basis van inwoneraantal in het Land van Cuijk.
Vragen voor commissie Samenleving en bestuur Nr. Fractie Vraag -- graag per regel 1 vraag!--AB’90
Pag.6 derde alinea. Hier is vermeld dat andere arrangementen nodig zijn, zoals het faciliteren van nieuwe wooninitiatieven. Hoe ziet dat faciliteren eruit en wat wordt bedoeld met initiatieven inzake wonen?
Afd.
25 mei 2021 Antwoord In het voorstel dat met de raad wordt gedeeld zal het juiste bedrag worden opgenomen. In 2021 gaan we eerst nog een woonzorgvisie opstellen waaruit we in beeld brengen welke initiatieven er nodig zijn en hoe we hiermee willen omgaan. De invulling van het faciliteren van wooninitiatieven bepalen we op basis van de uitkomsten van deze woonzorgvisie. Mogelijke vormen van facilitering kunnen zijn dat we afspraken maken met Mooiland over nieuwe woonconcepten, dat we aanbieders stimuleren concepten te ontwikkelen in samenwerking met andere partijen, of dat we zelf opdracht geven tot de bouw van benodigde initiatieven.