09 cv Kadernota 2022 GR KCV Regiotaxi Brabant Noordoost.pdf
Tekst van het document
documentnr.: D/21/251654 - zaaknr.: Z/20/270135
Commissievoorstel Onderwerp
: Kadernota 2022 GR KCV Regiotaxi Brabant Noordoost
Portefeuillehouder
: J.M.F. Hendriks
Contactpersoon
: Eric van Maaren
Afdeling
: Sociaal Domein/Sociaal Beleid
Commissie
: Samenleving
In te vullen door de griffie
:
Nummer raadsvoorstel
: n.v.t.
Datum commissie
: 2 maart 2021
Agendapunt commissie
: 9
Datum raad
: n.v.t.
Agendapunt raad
: n.v.t.
Inleiding Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost (GR KCV BNO) stelt de Kadernota 2022 vast. Deze GR regelt het collectief vervoer in de regio Brabant Noordoost. Op grond van de Wet op de gemeenschappelijke regelingen wordt de concept Kadernota aan de Commissie aangeboden. Hierdoor wordt u in de gelegenheid gesteld een zienswijze af te geven bij het Algemeen Bestuur van de GR. De kaders zijn in overeenstemming met het doel van de GR en de samenwerkingsovereenkomst met de Provincie Noord-Brabant. Voorgesteld wordt om een positieve zienswijze te geven over de concept Kadernota 2022. Vaststelling van de kadernota door het Algemeen Bestuur van de GR-KCV vindt plaats op 7 april 2021. Gemeenteraden kunnen tot uiterlijk 30 maart hun zienswijze op de stukken indienen bij de GR-KCV, waarna deze zullen worden meegenomen in de voorbereiding van de besluitvorming van het Algemeen Bestuur op 7 april 2020.
Samenvatting voorstel In deze kadernota worden de uitgangspunten voor de begroting 2022 en het meerjarenperspectief 2023-2025 gepresenteerd. Normaal gesproken zou het jaar 2020 de basis vormen voor de uitgangspunten voor de begroting van 2022. Aangezien 2020 (vanwege Covid-19) niet representatief is, is deze kadernota gebaseerd op het vervoersvolume 2019 en de begroting 2021. De Provincie en de deelnemende gemeenten dragen samen zorg voor het operationeel beheer van de Regiotaxi. De Provincie hanteert vanaf 2021 een gewijzigde systematiek voor de verstrekking van de bijdrage in de beheerskosten. Hierdoor zal de bijdrage van de Provincie lager worden, hetgeen tot gevolg heeft dat de beheerkosten voor gemeenten gaan stijgen. Omdat de Provincie voor 2021 en 2022 nog een overgangsregeling hanteert, is de stijging van de beheerskosten voor gemeenten vooral vanaf 2023 merkbaar. De hoogte van de exploitatiekosten voor het vervoer worden bepaald door het daadwerkelijk gebruik en de jaarlijkse NEA index. Als gevolg van deze index zullen naar verwachting de exploitatiekosten in 2022 licht dalen, maar zullen deze in 2023 toenemen. De Kadernota is verder in lijn met bestaande (regionale) afspraken en ontwikkelingen.
1
Voorstel besluit Een positieve zienswijze te geven op de concept Kadernota 2022 Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost (GR KCV BNO). Financiële consequenties Beheerkosten
De provincie en de deelnemende gemeenten dragen samen zorg voor de kosten van het operationeel beheer van de Regiotaxi.
De beheerkosten bedragen in 2022 € 448.524, een geringe verhoging ten opzichte van € 442.733 in 2021. Als index is 3% gehanteerd.
De afrekensystematiek voor de beheerkosten - na aftrek van de provinciale bijdrage – vindt plaats op basis van het inwoneraantal per gemeente (peildatum 1-1-2020).
De provincie verstrekt vanaf 2021 een bijdrage in de beheerkosten naar rato van het aandeel in het vervoersvolume (in 2022 bijna € 45.000). In 2021 en 2022 wordt een deel van de projectsubsidie aangewend voor de provinciale bijdrage in de beheerkosten. Als gevolg hiervan is de totaalbijdrage voor de gemeenten in de beheerkosten € 361.172 in 2022 (een lichte stijging ten opzichte van € 351.384 in 2021).
Vanaf 2023 stijgen de bijdragen van de gemeenten in de beheerkosten sneller als gevolg van de daling van de bijdrage van de provincie in deze kosten.
Exploitatiekosten vervoer
De exploitatiekosten van het vervoer worden op basis van het daadwerkelijk gebruik verrekend met de gemeenten en provincie.
Voor de jaren 2022-2024 wordt gewerkt met een geschatte NEA-index van 3,3. Deze is gebaseerd op het gemiddelde van NEA-index 2019, 2020 en 2021, respectievelijk 2,2, 6,7 en 1,0.
De lagere NEA-index in 2021 zorgt ervoor dat de verwachte exploitatiekosten in 2022 licht dalen ten opzichte van 2021, € 4.937.532 in 2022 ten opzichte van € 4.946.043 in 2021.
Vanaf 2023 stijgen de exploitatiekosten mee met de geschatte NEA-index.
Financiele gevolgen voor de gemeente Cuijk
De totale kosten voor de bedrijfsvoering van de GR-KCV stijgen in 2022 met € 5.791 ten opzichte van 2021. De kosten voor het vervoer dalen in 2022 per saldo met € 8.511 ten opzichte van de begroting 2021.
2
Deze daling wordt veroorzaakt doordat de NEA-index voor 2021 lager is dan verwacht (1% ten opzichte van 6,7% in 2020). Voor de gemeente Cuijk dalen de totale kosten in 2022 met 2,1% ten opzichte van 2021 (per saldo € 6.067). De vermelde bedragen zullen, samen met de voor de overige drie herindelende gemeenten, verwerkt worden in de Kaderbrief voor de gemeente Land van Cuijk i.o. en in een later stadium ook in de begroting van de nieuwe gemeente. Wet Arhi Nee, er is geen afstemming in het kader van de Wet Arhi noodzakelijk, omdat de raadscommissie enkel verzocht wordt een zienswijze op de concept Kadernota 2022 van de gemeenschappelijke regeling in te dienen. De definitieve Kadernota 2022 van de gemeenschappelijke regeling zal vertaald worden naar een begroting van de GR waarvan de uitkomsten verwerkt zullen worden in de gemeentelijke begroting 2022 Land van Cuijk. Deze begroting wordt samen met de fusiepartners opgesteld. Verder zijn alle 4 de herindelende gemeenten lid van deze gemeenschappelijke regeling en daarmee op de hoogte van de ontwikkelingen.
Wettelijk kader en beleidskader
Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig collectief Vervoer Brabant Noordoost (GR KCV BNO)
Wet op de Gemeenschappelijke Regeling
Communicatie en participatie Het Servicepunt Regiotaxi en het Algemeen Bestuur van de GR worden over deze zienswijze geïnformeerd. Duurzaamheid n.v.t. Gemeenschappelijke regeling/samenwerkingsverband Naam gemeenschappelijke regeling/samenwerkingsverband: Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost Deelnemende gemeenten: Bernheze, Boekel, Boxmeer, Cuijk, Grave, Landerd, Meijerijstad, Mill en Sint Hubert, Oss, Sint Anthonis, Uden. Adoptiegemeente: Oss Toelichting op het voorstel Inleiding De Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant is een gemeenschappelijke regeling van 11 gemeenten in Noordoost-Brabant en de Provincie Noord-Brabant gericht op het bieden van collectief vraagafhankelijk vervoer. Met deelname aan de gemeenschappelijke regeling KCV zorgen we voor goed, veilig, betrouwbaar en betaalbaar doelgroepenvervoer. Inwoners die niet in staat zijn zelf in hun vervoer te voorzien, kunnen gebruik maken van het collectief vraagafhankelijk vervoer en zo alsnog (blijven) deelnemen aan het maatschappelijk leven. Zo houden we onze gemeente bereikbaar en dragen we bij aan het behoud van sociale en vitale kernen.
3
In deze kadernota worden de uitgangspunten voor de begroting 2022 en het meerjarenperspectief 2023-2025 gepresenteerd. Deze uitgangspunten vloeien deels voort uit eerdere besluiten die het bestuur heeft genomen, deels uit gemaakte contractuele afspraken en worden deels bepaald op basis van het financieel economisch beleid van de GR-KCV. Met deze kadernota worden de gemeenten en de provincie in een vroeg stadium betrokken bij ontwikkelingen en financiële consequenties op de korte en middellange termijn
Voorgestelde beslissing(en) met argumenten en afwegingen 1.1 De kadernota is gebaseerd op het vervoersvolume 2019 en de begroting 2021. Als gevolg van Covid-19 en de daarmee gepaard gaande RIVM-maatregelen is het doelgroepenvervoer sinds maart 2020 gemiddeld nog maar 50% ten opzichte van voor de coronacrisis. Normaal gesproken zou het jaar 2020 de basis vormen voor de uitgangspunten voor de begroting van 2022. Aangezien 2020 niet representatief is, is deze kadernota gebaseerd op het vervoersvolume 2019 en de begroting 2021.
1.2 De uitgangspunten in de nota spelen in op ontwikkelingen die van invloed zijn op het vervoer van de GR-KCV Brabant Noordoost. Afgezien van Covid-19 doen zich ontwikkelingen voor die van invloed zijn op de exploitatie en bedrijfsvoering van de GR-KCV Brabant Noordoost. Voor Covid-19 was de belangrijkste ontwikkeling de aanzienlijke stijging in de vervoerskosten door onder andere de sterke toename van het vervoersvolume in de laatste maanden van 2019 en de eerste twee maanden van 2020. Daarnaast speelt de NEA-index ook een belangrijke rol is de prijsontwikkeling van het vervoer. Voor 2021 is de NEA-index berekend op 1%. Dit is aanzienlijk lager dan het voorgaande jaar, 6,7% in 2020. Daarnaast liep de Samenwerkingsovereenkomst met de Provincie tot 11-2021. Vanaf deze datum draagt de Provincie per rato van het OV-vervoersvolume bij in de beheerkosten. Bovengenoemde ontwikkelingen betekenen voor de bijdragen van gemeenten een lichte daling van de exploitatiekosten en een stijging van de beheerkosten.
1.3 De kadernota is verder in lijn met bestaande (regionale) afspraken en ontwikkelingen. In de kadernota worden door de betrokken gemeenten uitgangspunten vastgelegd en verder uitgewerkt voor de begroting 2022 en het meerjarenperspectief 2023-2025. De uitgangspunten vloeien deels voort uit eerdere besluiten die het bestuur heeft genomen, deels uit gemaakte contractuele afspraken en worden deels bepaald op basis van het financieel economisch beleid van de GR-KCV. Belangrijkste doel voor de komende jaren is het creëren van een optimaal, duurzaam en toekomstbestendig vervoerssysteem, waarin vervoer op langere termijn goed en betaalbaar aangeboden kan blijven aan mensen met een mobiliteitsbeperking in de regio Noordoost-Brabant.
Uitvoering, risico’s en evaluatie 1.1 Een verdere stijging van het vervoersvolume leidt tot hogere kosten Doordat een toenemend beroep wordt gedaan op het Wmo-vervoer, laten de vervoerskosten in 2019 en begin 2020 een aanzienlijke stijging zien. Naar aanleiding van deze stijging, zou in 2020 en 2021 gezocht worden naar beheersmaatregelen om het gebruik van met Wmo-vervoer en de daarmee gepaard gaande vervoerskosten terug te dringen. Een van de mogelijkheden was het stimuleren van het
4
OV-gebruik door middel van de ‘Voor Elkaar Pas’ en de ontwikkeling en stimulering van kleinschalige mobiliteitsoplossingen. Deze worden gefinancierd vanuit de projectsubsidie van de provincie. Een deel van de projecten zijn door Covid-19 niet opgestart. Deze projecten worden alsnog opgestart als de situatie omtrent Covid-19 dit toelaat.
1.2 Provinciale bijdrage in beheerkosten gewijzigd Zoals eerder genoemd is de Samenwerkingsovereenkomst met de provincie op 1-1-2021 geëindigd. De provincie heeft besloten vanaf 2021 haar bijdrage in de beheerkosten naar rato van het aandeel in het vervoersvolume (aantal OV-ritten ten opzichte van totaal) te verstrekken. Op basis van de afgelopen jaren zal deze bijdrage circa 10% van de beheerkosten zijn. Om de bijdrage in de beheerkosten geleidelijk af te bouwen maakt de GR-KCV voor 2021 en 2022 gebruik van de overgangsregeling. Een deel van de projectsubsidie mag aangewend worden voor de beheerkosten. Dit betekent dat er in deze jaren minder in projecten kan worden geïnvesteerd. De verandering in de bijdrage van de provincie heeft tot gevolg dat de financiële bijdrage van de 11 gemeenten hoger wordt.
Overige politiek relevante informatie n.v.t. Conclusie Gelet op het voorgaande kan een positieve zienswijze gegeven worden op de concept Kadernota 2022 Gemeenschappelijke Regeling Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant Noordoost (GR KCV BNO) Bijlagen
Concept Kadernota 2022 GR KCV BNO
Adoptieadvies gemeente Oss
Overige bijlagen n.v.t. Raadsplanning (bestuurlijke planning) Dit voorstel leidt tot de volgende wijziging in de raadsplanning: n.v.t. Burgemeester en wethouders van Cuijk,
drs. R.H.M.A. Rongen secretaris
mr. W.A.G. Hillenaar burgemeester
5