08. Bodem Dominicanenstraat 34 te Langenboom versie 0.pdf
Tekst van het document
Milieukundige bodemonderzoeken Dominicanenstraat 34 te Langenboom (1812/070/BST-01, versie 0)
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Milieukundige bodemonderzoeken
in opdracht van Peters Projectontwikkeling T.a.v. de heer Wittenberg Scheltseweg 13 5374 ZG SCHAIJK betreffende locatie Dominicanenstraat 34 te Langenboom documentkenmerk 1812/070/BST-01 versie 0 vestiging Prinsenbeek datum 23 juli 2019
opgesteld door:
gecontroleerd door:
B. Stevens
M.J.P. Lunenburg en T. Buijs
Projectleider bodem
Projectleiders bodem
Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies.
Tritium Advies B.V. Adviseurs in bouwen, milieu en veiligheid
Tritium Advies is gevestigd in:
T.
088 44 02 900
E.
info@tritium.nl
Arkel >> Neer >> Nuenen >>
I.
www.tritium.nl
Prinsenbeek >> Rijkevoort
KvK-nr.
17108024
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Samenvatting In opdracht van Peters Projectontwikkelingen heeft Tritium Advies B.V. een milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Dominicanenstraat 34 te Langenboom. Aanleiding voor het onderzoek is de wijziging van het bestemmingsplan en aanvraag van de omgevingsvergunning voor een geplande bouwactiviteit. Doel van het onderzoek is meerledig, namelijk het vaststellen; -
van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging;
-
van de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem; van de infiltratie mogelijkheid van hemelwater door middel van het uitvoeren van infiltratiemetingen;
-
van de civieltechnische herbruikbaarheid van de vrijkomende grond.
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Zintuiglijke waarnemingen Zintuiglijk zijn heterogeen verdeeld over de locatie in de laag 0,00 – 0,90 m-mv bijmengingen aangetroffen variërend van sporen puin tot sterk baksteenhoudend. Vanwege de zintuiglijke waarnemingen is aanvullend een verkennend asbestonderzoek uitgevoerd. Verkennend bodemonderzoek Deellocatie A: gehele onderzoeklocatie Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond lichte verontreinigingen zijn aangetoond met PAK, zink, lood, cadmium en kwik. In het grondwater zijn lichte verontreinigingen aangetoond met barium en koper. De aangetroffen gehaltes zijn echter dermate laag, dat nader onderzoek hiernaar niet noodzakelijk wordt geacht. Deellocatie B: voormalige weg Uit het analyseresultaat blijkt dat in de grond ter plaatse van de voormalige weg geen verontreiniging is aangetoond. Nader onderzoek hiernaar wordt niet noodzakelijk geacht. Verkennend asbestonderzoek Zintuiglijk zijn zowel op het maaiveld als in de uitkomende grond geen asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie (< 20 mm) werd analytisch geen asbest aangetoond. Aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond, kan worden geconcludeerd dat de puinhoudende grond niet verontreinigd is met asbest. Dit geldt voor beide onderzochte deellocaties (ingang van het terrein en voormalige weg).
De hypothese dat de puinhoudende grond verdacht is op de aanwezigheid van asbest wordt derhalve verworpen. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Doorlatendheid De gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) op de locatie wordt geschat op circa 1,0 m-mv. Uit de meetresultaten van de ringmetingen en omgekeerde putproeven blijkt dat de onverzadigde zone van 0,00 – 1,40 m-mv redelijk doorlatend is. De K-waarde varieert van 2,0 tot 4,5 m/dag. Uit onderzoek is verder gebleken dat de doorlatendheid van de verzadigde zone zeer goed is. De Kwaarde varieert van 28,6 tot 58,3 m/dag. Infiltratie van regenwater zal derhalve niet leiden tot opbolling van de grondwaterspiegel. Op basis van de te verwachten GHG en de meetresultaten is infiltratie in principe mogelijk. Wel kunnen, afhankelijk van de toekomstige inrichting van het terrein en keuze van het infiltratiesysteem, aanvullende maatregelen (zoals grondverbetering) noodzakelijk zijn. Civieltechnisch onderzoek Uit de interpretatie van de analyseresultaten blijkt het vrijkomende matig fijn, zwak siltig en plaatselijk humeuse zandlaag (0,0 - 0,5 m-mv) indicatief herbruikbaar is als “zand in aanvulling of ophoging” en “zand in zandbed”. Het vrijkomende grindachtig materiaal (0,4 - 1,7 m-mv) is indicatief herbruikbaar is als “zand in aanvulling of ophoging”.
Resumé De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het voorgenomen gebruik van de locatie en vormen geen belemmering voor bestemmingswijziging en afgifte van een omgevingsvergunning voor de geplande bouwactiviteiten. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen.
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Inhoudsopgave pagina Samenvatting 1.
Inleiding
1
2.
Vooronderzoek
2
2.1
Locatiegegevens
2
2.2
Eerder uitgevoerd onderzoek
3
2.3
Bodemopbouw
4
2.4
Bodemkwaliteitskaart
4
2.5
Conclusies vooronderzoek
4
3.
Onderzoeksstrategie
6
3.1
Verkennend bodemonderzoek
6
3.2
Verkennend asbestonderzoek
6
4.
Uitvoering
8
4.1
Kwalibo
8
4.2
Terreinverkenning
8
4.3
Maaiveldinspectie
9
4.4
Plaatsen boringen, gaten en peilbuizen
9
4.5
Bemonstering grondwater
9
4.6
Analyses
10
5.
Analyseresultaten
12
5.1
Toetsingskader
12
5.2
Asbest
13
5.3
Overige parameters grond
13
5.4
Grondwater
14
6.
Doorlatendheidsonderzoek
15
6.1
Onderzoeksstrategie
15
6.2
Uitvoering veldwerk
15
6.3
Analyses
16
6.4
Resultaten
16
6.5
Bespreking resultaten
17
7.
Civieltechnisch grondonderzoek
19
7.1
Onderzoeksstrategie
19
7.2
Analyses
19
7.2.1 Toetsingskader
20
7.3
Analyseresultaten
20
8.
Conclusie en aanbevelingen
21
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Bijlagen aantal pagina's (excl. voorblad) 1.
kadastrale gegevens en regionale ligging
2
2.
situatietekening
1
3.
profielbeschrijvingen
6
4.
analyseresultaten asbest
6
5.
analyseresultaten grond
12
6.
analyseresultaten grondwater
6
7.
toetsingstabellen grond
4
8.
toetsingstabellen grondwater
2
9.
analyseresultaten SCG zeefkromme
3
10.
toetsing RAW 2015
2
11.
SCG-zeefkromme k-waarde bepaling
1
12.
infiltratiemetingen en berekeningen
6
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
1.
Inleiding
In opdracht van Peters Projectontwikkelingen heeft Tritium Advies B.V. milieukundige bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Dominicanenstraat 34 te Langenboom. Aanleiding voor het onderzoek is de wijziging van het bestemmingsplan en aanvraag van de omgevingsvergunning voor een geplande bouwactiviteit. Doel van het onderzoek is meerledig, namelijk het vaststellen; -
van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging;
-
van de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem; van de infiltratie mogelijkheid van hemelwater door middel van het uitvoeren van
-
van de civieltechnische herbruikbaarheid van de vrijkomende grond.
infiltratiemetingen;
Tritium Advies B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. Kwalibo Op de veldwerkzaamheden en de chemische analyses die in het voorliggende rapport worden beschreven, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Voor nadere gegevens hierover wordt verwezen naar het veldwerkverslag en de analysecertificaten in de bijlagen.
pagina 1 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
2.
Vooronderzoek
Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725 (oktober 2017). De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in tabel 2.1. Tabel 2.1: overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek categorie
bron
geraadpleegd datum
contactpersoon
12 december 2019
n.v.t.
11 juni 2019
n.v.t.
12 december 2019
dhr. Wittenberg
internet kadastrale gegevens
kadaster online kadastralekaart.com
actuele terreinsituatie
bagviewer kadaster google maps
historische gegevens
topotijdreis.nl
bodeminformatie
actueel hoogte bestand omgevingsrapportage provincie NoordBrabant dinoloket WKO tool Nederland bodemkwaliteitskaart
overig -
2.1
opdrachtgever
Locatiegegevens
De topografische ligging en de kadastrale gegevens van de onderzoekslocatie zijn weergegeven in bijlage 1. Een situatietekening is weergegeven in bijlage 2. Een luchtfoto van de locatie is weergegeven in figuur 2.1. Tabel 2.2: overzicht onderzoekslocatie actuele locatiegegevens adres straat
Dominicanenstraat
huisnummer
34
plaats
Langenboom
kadastraal gemeente
Mill
sectie
K
nummer
2836
locatie oppervlak
totaal 9.240 m2
bebouwd 450 m2
huidig gebruik
café/woning en braakliggend terrein (grasveld)
voormalig gebruik
Voor 1900 is de locatie in agrarisch gebruik geweest. De onderzoekslocatie is sinds 1900 bebouwd geweest. In 1985 is de huidige bebouwing gerealiseerd op de locatie.
toekomstig gebruik
vermoedelijk wonen met tuin, onbekend is of de bestaande bebouwing wordt gehandhaafd
dempingen, ophogingen,
Uit historisch kaartmateriaal blijkt dat een weg in het noorden van de onderzoekslocatie
bijmengingen met puin
heeft gelegen in de periode van 1860 t/m 1954.
pagina 2 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Vervolg tabel 2.2: overzicht onderzoekslocatie locatie bodembedreigende activiteiten
geen bekend
en calamiteiten kabels en leidingen
geen bekend
terreinsituatie bebouwing
woning
verhardingen
bebouwing:
beton, tegels
overig:
braakliggend, tegels, klinkers en asfalt
installaties
geen
omgeving gebruik belendende percelen
wonen met tuin, openbare weg en agrarisch
Figuur 2.1. luchtfoto onderzoekslocatie
2.2
Eerder uitgevoerd onderzoek
Op de onderzoekslocatie zijn in het verleden geen bodemonderzoeken uitgevoerd. In de omgeving is wel een bodemonderzoek uitgevoerd, die hieronder is weergegeven. Tabel 2.3: eerder uitgevoerd onderzoek nr.
titel
locatie
opgesteld door
kenmerk
datum
Dominicanenstraat 36
Oranjewoud
162640-2
04-04-2006
omgeving 1
verkennend onderzoek
Uit het document in de voornoemde tabel blijkt het volgende. Ad 1 Uit de omgevingsrapportage van de provincie Noord-Brabant blijkt dat tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zintuiglijk zwak tot matige puinbijmengingen en sporen baksteen
pagina 3 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
aangetroffen. De grond bleek niet verontreinigd te zijn met de onderzochte stoffen. Geconcludeerd werd dat de resultaten van het onderzoek geen aanleiding gaven tot het uitvoeren van nader onderzoek en dat er geen belemmeringen waren voor het gebruik van de locatie.
2.3
Bodemopbouw
Tabel 2.4: bodemopbouw en geohydrologie bodemopbouw maaiveldhoogte
18,00 m+NAP
deklaag
dikte
2m
samenstelling
grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei
doorlatendheid
matig
dikte
4m
samenstelling
grof zand, grind en midden zand, met weinig zandige klei
doorlatendheid
goed
stijghoogte
16,30 m+NAP
stromingsrichting
noordwestelijk
onbekend
noordwestelijk
1e watervoerende pakket
geohydrologie freatisch grondwater 1e watervoerende pakket waterhuishouding oppervlaktewater
niet-aanwezig
grondwaterbeschermingsbied
de locatie niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied
grondwateronttrekking
op de onderzoekslocatie en in de omgeving vindt geen grondwateronttrekking plaats
boringvrije zone
de onderzoekslocatie is niet gelegen in een boringvrije zone
2.4
Bodemkwaliteitskaart
Tabel 2.5: regionale bodemkwaliteit bodemkwaliteitskaart kaart vastgesteld
ja, per 12 juli 2011
regio
Noordoost Brabant
geldig tot
heden
bodemkwaliteitszone
natuur en landbouw
kwaliteit bovengrond (0 - 0,5 m-mv)
AW-2000
kwaliteit ondergrond (0,5 - 2,0 m-mv)
AW-2000
2.5
Conclusies vooronderzoek
Uit het vooronderzoek blijkt het volgende. In de navolgende tabel is een overzicht opgenomen van de deellocaties die voor het onderzoek worden onderscheiden.
pagina 4 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 2.6: deellocaties deel-
omschrijving
afmeting
hypothese
motivatie
A
gehele onderzoekslocatie
9.240 m2
onverdacht
geen aanwijzing voor verontreiniging
B
voormalige weg
verdacht
bijmenging met puin
locatie
verdachte stoffen
70 m1
NEN-g, asbest
pagina 5 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
3.
Onderzoeksstrategie
3.1
Verkennend bodemonderzoek
Het verkennend bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1 (april 2016). De te volgen strategie is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 3.1: strategie verkennend bodemonderzoek strategie 1)
boorwerk (diepte in m-mv) boringen
analyses 2)
asfalt- of betonboringen
peilbuizen
(diameter)
grond
grondwater
2
-
5 x NEN-g
2 x NEN-gw
-
-
-3)
deellocatie A: gehele locatie (9.240 m2) ONV-NL
14 x (0,5) 4 x (2,0)
deellocatie B: voormalige weg (1 st.) MW
6 x (1,0)
Opmerkingen bij de tabel: 1)
2)
verklaring strategie: ONV-NL
:
onderzoeksstrategie voor een onverdachte locatie, niet lijnvormig;
MW
:
de onderzoeksstrategie betreft maatwerk.
NEN-g
:
pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en
NEN-gw
:
verklaring analyses: minerale olie); pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie).
3)
vooralsnog is voor de voormalige weg geen analyse voorzien. Indien tijdens de veldwerkzaamheden zintuiglijk puinbijmengingen in de grond worden aangetroffen, worden in overleg aanvullende analyses uitgevoerd.
De analyses worden door een geaccrediteerd laboratorium uitgevoerd. De grond- en grondwatermonsters worden conform AS3000 voorbewerkt.
3.2
Verkennend asbestonderzoek
Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden van het verkennend bodemonderzoek zijn nabij de ingang van het terrein (circa 570 m²) in de bodem bijmengingen met puin aangetroffen. Puin met onbekende herkomst dienst als verdacht te worden beschouwd op asbest. Derhalve is in overleg met de opdrachtgever een verkennend asbestonderzoek conform NEN 5707+C2 (december 2017) uitgevoerd om vast te stellen of deze verdenking terecht is. De te volgen strategie is weergegeven in de navolgende tabel.
pagina 6 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 3.2: strategie verkennend asbestonderzoek strategie 1)
analyses 2)
veldwerkzaamheden maaiveldinspectie
inspectiegaten
inspectiegaten
(0,3 x 0,3 m,
tot onderzijde
0,5 m-mv)
verdachte laag 3)
5
1
1 x asb-g
1
-
1 x asb-g
ingang van het terrein (570 m2) VED-HE
2 richtingen, stroken 1,5 m
voormalige weg (<10 m2) VEP
2 richtingen, stroken 1,5 m
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring strategie: VED-HE
:
VEP
:
onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming; onderzoeksstrategie voor een verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern;
2)
verklaring analyses: asb-g
3)
:
asbest in grond NEN 5898;
de gaten worden uitgevoerd tot aan de onderzijde van de verdachte laag met een maximum van 2 meter. Indien blijkt dat vanaf een bepaalde diepte het graven van gaten niet meer mogelijk is, worden boringen uitgevoerd met een diameter van tenminste 12 cm.
pagina 7 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
4.
Uitvoering
4.1
Kwalibo
De coördinatie en planning van het veldwerk vindt plaats vanuit de onder BRL SIKB 2000 (versie 6.0, 1 februari 2018) gecertificeerde vestiging van Tritium Advies te Nuenen. De boringen zijn geplaatst conform protocol 2001 (versie 6.0, 1 februari 2018). De peilbuis is bemonsterd conform protocol 2002 (versie 6, 1 februari 2018). Het asbestonderzoek is uitgevoerd conform protocol 2018 (versie 6, 1 februari 2018). Deze protocollen zijn opgesteld door de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Opgemerkt wordt dat wanneer meer dan 50% bodemvreemde materialen worden aangetroffen, het protocol 2018 niet van toepassing is. Dit heeft geen invloed op de onderzoeksstrategie en de resultaten van het onderzoek. In de navolgende tabel zijn de namen van de erkende veldwerkers weergegeven, die voor onderhavig onderzoek het veldwerk hebben uitgevoerd. Tabel 4.1: erkende veldwerkers Tritium Advies veldwerker
datum uitvoering
nummers
maaiveldinspectie dhr. Loderus
21-06-19
n.v.t.
14-06-19
01 t/m 21
21-06-19
01 en 20
21-06-19
AG01 t/m AG06
boorwerkzaamheden (2001) dhr. Van Eijkeren monstername grondwater (2002) dhr. Loderus inspectiegaten (2018) dhr. Loderus
Conform BRL-SIKB 2000 zijn de veldwerkzaamheden getoetst op partijdigheid. De uitvoerder van het veldwerk voor milieuhygiënisch bodemonderzoek heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als dat van een onafhankelijk onderzoeksbureau.
4.2
Terreinverkenning
Voorafgaand aan het veldwerk is een terreinverkenning uitgevoerd. Hierbij is gecontroleerd of de gegevens in hoofdstuk 2 van dit rapport overeenkomen met de situatie in het veld. De resultaten van de terreinverkenning hebben geen aanleiding gegeven om de onderzoeksstrategie aan te passen. Geconstateerd is dat een deel van het wegtracé (ter plaatse van de ingang van het terrein) ) is voorzien van een asfaltverharding. Omdat niet bekend is of dit materiaal wordt verwijderd, is geen onderzoek verricht naar de teerhoudendheid van het asfalt.
pagina 8 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
4.3
Maaiveldinspectie
De maaiveldinspectie is uitgevoerd op 21 juni 2019 door dhr. Loderus. Vanwege grasbegroeiing wordt de efficiëntie van de maaiveldinspectie geschat op 50 -70%. Op het maaiveld werden geen asbestverdachte materialen waargenomen.
4.4
Plaatsen boringen, gaten en peilbuizen
De plaats van de boringen is weergegeven in bijlage 2. Tijdens het plaatsen van de boringen deden zich geen belemmeringen of bijzonderheden voor. De bij de werkzaamheden vrijkomende grond is in het veld zintuiglijk beoordeeld. Hierbij zijn de in de navolgende tabel weergegeven afwijkingen waargenomen die duiden op een mogelijke bodemverontreiniging. In de uitkomende grond werden geen asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm) waargenomen. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3. Tabel 4.1: waargenomen afwijkingen boring
diepte boring
traject
(m-mv)
(m-mv)
zintuiglijke afwijking
verkennend bodemonderzoek 19
1,10
0,30 - 0,60
sporen puin
20
3,40
0,05 - 0,30
zwak puinhoudend
0,30 - 0,70
matig puinhoudend
21
1,10
0,05 - 0,90
sporen puin
B03
1,00
0,00 - 0,20
sporen baksteen (ter plaatse van voormalige weg)
0,15 - 0,50
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,50 - 0,90
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,15 - 0,50
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,50 - 0,90
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,08 - 0,50
zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend
0,50 - 0,90
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,08 - 0,50
zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend
0,50 - 0,90
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,08 - 0,50
zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend
0,50 - 0,90
sporen puin, sterk baksteenhoudend
0,00 - 0,20
sporen baksteen
verkennend asbestonderzoek AG01 AG02 AG03 AG04 AG05 AG06
4.5
1,40 2,00 0,90 0,90 0,90 0,70
Bemonstering grondwater
Tijdens de grondwatermonstername zijn in het veld de zuurgraad (pH), de troebelheid en de elektrische geleidbaarheid (Ec) van het grondwater bepaald. De meetresultaten zijn weergegeven in de navolgende tabel. De plaats van de peilbuizen is weergegeven in bijlage 2.
pagina 9 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 4.2: peilbuisspecificaties peilbuis
datum
filterdiepte
grondwaterstand
pH
ec
troebelheid
bemonstering
(m-mv)
(m-mv)
(-)
(µs/cm)
(ntu)
belucht
01
21-6-2019
2,25 - 3,25
1,68
5,6
135
41
nee
20
21-6-2019
2,25 - 3,25
2,10
6,2
600
29
nee
Tijdens de bemonstering van het grondwater is in afwijking op de NEN5744 in alle peilbuizen een troebelheid gemeten groter dan 10 ntu. Hierdoor kunnen concentraties van organische parameters hoger uitvallen.
Bij de interpretatie van de analyseresultaten van het grondwater is met de afwijking rekening gehouden. De betrouwbaarheid van de analyseresultaten wordt in hoofdstuk 5 besproken.
4.6
Analyses
De grond- en grondwatermonsters zijn volgens de navolgende tabellen geanalyseerd. Tabel 4.3: geanalyseerde monsters (asbest) inspectiegat
monstercode
analyses 2)
traject (m-mv)
toelichting
1)
ingang van het terrein (570 m2) AG01 t/m AG05
mm01
AG01 (0,15 – 0,50),
asb-g
AG02 (0,15 – 0,50),
sporen puin en zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend
AG03 (0,08 – 0,50), AG04 (0,08 – 0,50), AG05 (0,08 – 0,50) voormalige weg (<10 m2) AG06
AG06-1
0,00 – 0,20
asb-g
sporen baksteen
Opmerkingen bij de tabel: 1)
in geval er sprake is van een monster dat samengesteld is uit deelmonsters, betreft het aangegeven traject de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster.
2)
verklaring analyses: asb-g
:
asbest in grond NEN 5898.
De grond- en grondwatermonsters zijn volgens de navolgende tabellen geanalyseerd.
pagina 10 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 4.4: geanalyseerde monsters (grond) monster-
traject
deelmonsters
toelichting
(m-mv) 1)
code
analyses 2)
deellocatie A: gehele onderzoekslocatie mm01
0,00 - 0,50
01 (0,00 - 0,50), 02 (0,00 - 0,20)
NEN-g
zintuiglijk schone bovengrond
NEN-g
zintuiglijk schone bovengrond
NEN-g
zintuiglijk schone ondergrond
03 (0,00 - 0,20), 04 (0,00 - 0,50) 05 (0,00 - 0,50), 06 (0,00 - 0,50) 07 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,40) B06 (0,00 - 0,50) mm02
0,00 - 0,50
09 (0,00 - 0,50), 10 (0,00 - 0,50) 11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50), 17 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50)
mm03
0,50 - 1,30
01 (0,80 - 1,30), 08 (0,90 - 1,20) 16 (0,50 - 0,70), 18 (0,70 - 1,20) B05 (0,60 - 1,00)
20-2
0,30 - 0,70
20 (0,30 - 0,70)
NEN-g
matig puinhoudend
21-1
0,05 - 0,90
21 (0,05 - 0,55), 21 (0,55 - 0,90)
NEN-g
sporen puin
NEN-g
sporen baksteen
deellocatie B: voormalige weg B03-1
0,00 - 0,20
B03 (0,00 - 0,20)
Opmerkingen bij de tabel: 1)
Het aangegeven traject betreft de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster.
2)
verklaring analyses: NEN-g
:
pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum, 9 metalen, PAK, PCB en minerale olie).
Tabel 4.5: geanalyseerde monsters (grondwater) analyses 1)
monster-
peilbuis-
filtertraject
code
nummer
(m-mv)
motivatie
01-1-1
01
2,25 - 3,25
NEN-gw
onderzoek grondwater
20-1-1
20
2,25 - 3,25
NEN-gw
onderzoek grondwater
Opmerkingen bij de tabel: 1)
verklaring analyses: NEN-gw
:
pakket NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen, vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen, vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie).
pagina 11 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
5.
Analyseresultaten
5.1
Toetsingskader
Wet bodembescherming (Wbb) De analyseresultaten zijn vergeleken met de toetsingstabel 'Streefwaarden grondwater en interventiewaarden grond en grondwater' uit de circulaire bodemsanering (Nederlandse Staatscourant, nr. 16675, 27 juni 2013). De resultaten van de grondmonsters zijn tevens vergeleken met de achtergrondwaarden die zijn weergegeven in de Regeling Bodemkwaliteit (Nederlandse Staatscourant, nr. 247, 20 december 2007 en daarop volgende aanpassingen). Asbest De interventiewaarde voor asbest is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. gewogen asbest. Voor de toetsing wordt de concentratie serpentijnasbest vermeerderd met tienmaal de concentratie amfiboolasbest. De te toetsen concentratie wordt berekend uit de som van de gewogen concentratie aan asbest in asbesthoudend materiaal (fractie >20 mm) en de gewogen concentratie aan asbest in de grond (fractie < 20 mm). Indien de resultaten van het verkennend bodemonderzoek leiden tot het vermoeden dat er sprake is van een geval van ernstige verontreiniging dient nader onderzoek plaats te vinden. Conform de NEN 5707+C1 (april 2016) worden hiervoor de volgende criteria gehanteerd: voor asbestinspectiegaten
:
(0,3 x 0,3 m) voor boringen
als het gewogen gehalte aan asbest groter is dan de helft van de interventiewaarde;
:
(diameter < 0,35 m)
als in het opgeboorde materiaal uit minimaal één boring asbest wordt aangetoond.
Verder kan nader onderzoek worden aanbevolen als de analyseresultaten van de visuele inspectie van het maaiveld (concentratie aan asbest in de toplaag met een dikte van 2 cm) niet overeenkomen met de concentraties in de inspectiegaten. Overige stoffen grond en grondwater Bij onderhavig onderzoek zijn het organische stof- en lutumgehalte analytisch bepaald en weergegeven op het analysecertificaat. Met behulp van de bodemtypecorrectieformules uit de Regeling bodemkwaliteit zijn de meetwaarden van de grond omgerekend naar waarden voor standaardbodem (met een lutum percentage van 25 % en een organische stof percentage van 10 %). Voor de grond en het grondwater worden respectievelijk de achtergrondwaarde en de streefwaarde beschouwd als het niveau waaronder sprake is van een duurzame bodemkwaliteit. De interventiewaarde betreft het niveau waarboven voor zowel de grond als het grondwater sprake kan zijn van risico's voor het milieu en de volksgezondheid. Een sanering van de bodem kan dan noodzakelijk zijn. In voorliggende rapportage wordt als criterium voor het uitvoeren van nader onderzoek de tussenwaarde gehanteerd. De tussenwaarde voor grond betreft het gemiddelde van de achtergrond- en de interventiewaarde en voor het grondwater het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde.
pagina 12 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
De aanduiding van de mate van verontreiniging in het rapport is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 5.1: aanduiding mate van verontreiniging aanduiding in rapport
betekenis voor grond
betekenis voor grondwater
-
de toetsingswaarden worden niet
de toetsingswaarden worden niet
overschreden
overschreden
het aangetoonde gehalte ligt tussen de
het aangetoonde gehalte ligt tussen de
achtergrond- en tussenwaarde.
streef- en tussenwaarde.
het aangetoonde gehalte ligt tussen de
het aangetoonde gehalte ligt tussen de
tussen- en interventiewaarde.
tussen- en interventiewaarde.
het aangetoonde gehalte ligt boven de
het aangetoonde gehalte ligt boven de
interventiewaarde.
interventiewaarde.
=
>AW of >S >T
= =
>I
=
5.2
niet verontreinigd licht verontreinigd matig verontreinigd sterk verontreinigd
Asbest
De analyseresultaten zijn weergegeven in bijlage 4. Een samenvatting is weergegeven in navolgende tabel. Tabel 5.2: berekening gewogen concentratie inspectie-
monster-
gaten
code
traject
omschrijving
concentratie asbest (mg/kg d.s.)
(m-mv) 1)
fractie
fractie
totaal
< 20 mm 2)
> 20 mm
gewogen 3)
< 1,0
n.a.
< 1,0
< 1,0
n.a.
< 1,0
ingang van het terrein (570 m2) AG01 t/m AG05
mm01
AG01 (0,15 – 0,50),
sporen puin en
AG02 (0,15 – 0,50),
zwak
AG03 (0,08 – 0,50),
puinhoudend,
AG04 (0,08 – 0,50),
sterk
AG05 (0,08 – 0,50)
baksteenhoudend
0,00 - 0,20
sporen baksteen
2
voormalige weg (<10 m ) AG06
AG06-1
Opmerkingen bij de tabel: 1)
Het aangegeven traject betreft de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster.
2)
Concentraties asbest volgens het analysecertificaat voor grond of puin.
3)
Deze concentratie is bepaald op basis van een verkennend onderzoek en betreft derhalve een indicatieve waarde.
n.a.:
niet aangetroffen
5.3
Overige parameters grond
De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 5. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 7. Een samenvatting is weergegeven in de navolgende tabel.
pagina 13 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 5.3: samenvatting toetsingsresultaten grond monster-
traject 1)
code
(m-mv)
deelmonsters
toetsingsresultaten Wbb 2)
motivatie
indicatie
> AW
>T
>I
Bbk 3)
-
-
-
AW
lood
-
-
AW
-
-
-
AW
PAK
-
-
Wo
zink,
-
-
Wo
-
-
AW
deellocatie A: gehele onderzoekslocatie mm01
0,00 - 0,50
01 (0,00 - 0,50), 02 (0,00 - 0,20),
zintuiglijk
03 (0,00 - 0,20), 04 (0,00 - 0,50),
schone
05 (0,00 - 0,50), 06 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50), 08 (0,00 - 0,40), B06 (0,00 - 0,50) mm02
0,00 - 0,50
09 (0,00 - 0,50), 10 (0,00 - 0,50),
zintuiglijk
11 (0,00 - 0,50), 12 (0,00 - 0,50),
schone
15 (0,00 - 0,50), 17 (0,00 - 0,50), 18 (0,00 - 0,50) mm03
0,50 - 1,30
20-2
0,30 - 0,70
bovengrond
bovengrond
01 (0,80 - 1,30), 08 (0,90 - 1,20),
zintuiglijk
16 (0,50 - 0,70), 18 (0,70 - 1,20), B05 (0,60 - 1,00)
schone
20 (0,30 - 0,70)
matig
ondergrond
puinhoudend 21-1
0,05 - 0,90
21 (0,05 - 0,55), 21 (0,55 - 0,90)
sporen puin
cadmium, kwik, lood deellocatie B: voormalige weg B03-1
0,00 - 0,20
B03 (0,00 - 0,20)
sporen
-
baksteen Opmerkingen bij de tabel: 1)
Het aangegeven traject betreft de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster. Voor het traject per boring wordt verwezen naar het analysecertificaat.
2)
verklaring afkortingen: PAK
3)
:
polycyclische aromatische koolwaterstoffen.
De toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit betreft indicatie van de hergebruikmogelijkheden.
5.4
Grondwater
De analyseresultaten van de grondwatermonsters zijn weergegeven in bijlage 6. De toetsingsresultaten zijn weergegeven in bijlage 8. Een samenvatting is weergegeven in de navolgende tabel. Tabel 5.4: samenvatting toetsingsresultaten grondwater peilbuis-
filtertraject
toetsingsresultaten Wbb 1)
motivatie
nummer
(m-mv)
>S
>T
>I
01-1-1
2,25 - 3,25
onderzoek grondwater
barium, koper
-
-
20-1-1
2,25 - 3,25
onderzoek grondwater
-
-
-
Vanwege de verhoogde troebelheid in alle peilbuizen is aan de hand van de verwachtingen volgens het vooronderzoek, de overige waarnemingen tijdens de uitvoering van het veldwerk en de overige analyseresultaten beoordeeld of de resultaten voor organische parameters in het totale beeld van het onderzoek passen. Dit is wel het geval, zodat de resultaten als betrouwbaar zijn beoordeeld.
pagina 14 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
6.
Doorlatendheidsonderzoek
6.1
Onderzoeksstrategie
Om de doorlatendheid (k-waarde) van de bodem te bepalen is een doorlatendheidsonderzoek uitgevoerd gebaseerd op module C2510 ‘Doorlatendheidsonderzoek voor infiltratie en drainage’ (maart 2015). Op basis van het vooronderzoek is uitgegaan van de strategie van een oriënterend doorlatendheidsonderzoek met een gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) boven 1,5 m-mv. Voor de doorlatendheidsbepalingen van de bodem op de onderzoekslocatie worden de in de onderstaande tabel weergeven werkzaamheden verricht. Tabel. 6.1.: onderzoeksstrategie doorlatendheidsonderzoek omschrijving
werkzaamheden boringen (m-mv) 1)
analyses grond 3)
infiltratiemetingen onverzadigde zone
verzadigde zone
6 x (1,0 m -gws)
2 x K-waarde bepaling met
2 x putproef 2)
2 x (4,0)
ringmeting
gehele onderzoekslocatie (9.240 m2) Dominicanenstraat 34
2 x SCG-zeefkromme
2 x K-waarde paling met omgekeerde putproef opmerkingen bij de tabel: 1) er wordt gebruik gemaakt van de boringen van het verkennend bodemonderzoek. 2) wordt alleen uitgevoerd indien het grondwater zich ondieper dan 1,5 m-mv bevindt. 3) SCG-zeefkromme = fractiebepaling (<2 µm, <16 µm, <32 µm, <50 µm, <63 µm, <125 µm, <250 µm, <500 µm, <1 mm, <2 mm) en gehalte organische stof.
Bij het uitvoeren van de veldwerkzaamheden worden bodemprofielen opgesteld, waarbij aandacht wordt besteed aan de volgende bodemkundige hydrologische aspecten:
samenstelling, structuur, textuur en kleur van het bodemmateriaal;
historische GHG en de GLG op basis van gleyverschijnselen (roest en reductie);
diepte en dikte van eventueel aanwezige leemlagen;
actuele grondwaterstand.
6.2
Uitvoering veldwerk
Op 14 juni 2019 is het veldwerk door dhr. Van Eijkeren uitgevoerd. De plaats van de peilbuizen en overige uitgevoerde metingen zijn weergegeven in bijlage 2. Bodemopbouw Uit de profielbeschrijvingen blijkt dat de bodem vanaf het maaiveld bestaat uit afwisselend zand en grindlagen. Globaal bestaat de bovengrond tot circa 1 meter uit matig fijn en zwak siltig zand. Daaronder wordt tot de maximale verkende diepte van 3,50 m-mv voornamelijk matig tot zeer grof grind aangetroffen. Voor een meer nauwkeurige beschrijving van de bodemopbouw wordt verwezen naar bijlage 3.
pagina 15 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Gleyverschijnselen Uit de boorprofielen blijkt dat geen roestverschijnselen zijn aangetroffen. Dit kan erop duiden dat er geen grote schommelingen van de grondwaterstand optreden. Gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) Uit het bodemonderzoek is gebleken dat de grondwaterstanden variërend van 1,5 tot 1,9 m-mv zijn gemeten. De GHG wordt op basis van de huidige grondwaterstand, de zintuiglijke waarnemingen en gegevens uit het DINO-loket geschat op circa 1,0 m-mv.
6.3
Analyses
Op basis van de veldwaarnemingen is van de in de navolgende tabel weergegeven grondmonsters de fractieverdeling bepaald. Tabel 6.2: geanalyseerde monsters monster-
traject 1)
code
(m-mv)
SCG MM01
0,00 -0,50
deelmonsters
analyses 1)
motivatie
B02 (0,00 - 0,50), 02 (0,00 - 0,50)
SCG-zeefkromme
bovengrond: matig fijn zand, zwak
04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50)
siltig en matig humeus
07 (0,00 - 0,50), 19 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50), 26 (0,00 - 0,50) 30 (0,00 - 0,50), 34 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) SCG MM02
0,40 – 1,70
B02 (0,70 - 1,00), B05 (0,60 - 1,00)
SCG-zeefkromme
08 (0,40 - 0,90), 16 (0,70 - 1,20)
ondergrond: matig grof grind, matig zandig en zwak keienhoudend
19 (0,60 - 1,10), 20 (1,20 – 1,70) 18 (0,70 - 1,20), 01 (0,80 - 1,30) Opmerkingen bij de tabel: 1.)
SCG-zeefkromme: fractiebepaling (<2 µm, <16 µm, <32 µm, <50 µm, <63 µm, <125 µm, <250 µm, <500 µm, <1 mm, <2 mm) en gehalte organische stof.
6.4
Resultaten
Om te beoordelen of infiltratie van hemelwater mogelijk is, zijn de gemeten k-waarden vergeleken met figuur 16 in publicatie 70.1 “Omgaan met hemelwater binnen de perceelgrens” van het Kennisinstituut Bouw- en Installatietechniek (ISSO). Volgens dit figuur is infiltratie mogelijk bij een Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG) vanaf 0,7 m-mv en een k-waarde groter dan 2 meter per dag. Wadi’s zijn hiervan uitgezonderd. Bij een k-waarde kleiner dan 2 meter per dag kunnen aanvullende maatregelen (zoals grondverbetering) noodzakelijk zijn. Doorlatendheidsproeven en analyses Op basis van de meetgegevens van de veldproeven en de analyseresultaten is de doorlaatfactor (kwaarde) van de bodem bepaald. De berekeningen zijn opgenomen in bijlage 11 en 12. Een samenvatting is weergegeven in de navolgende tabel.
pagina 16 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Tabel 6.2: Overzicht gemeten doorlatendheden (k-waarden) meting
omschrijving bodemlaag
traject
doorlaatfactor, (k-waarde) gemiddeld
spreiding minimum
maximum
(m-mv)
(m/dag)
(m/dag)
(m/dag)
onverzadigde zone ringmetingen 1) 05
Zand: matig fijn, zwak siltig, matig humeus
0,00 -0,30
4,5
6,3
5,4
11
Zand: matig fijn, zwak siltig, matig humeus
0,00 – 0,50
4,5
4,5
2,7
omgekeerde putproeven 02
Grind: matig grof, matig zandig, matig keien
0,40 – 1,40
2,0
1,9
2,1
16
Zand: zeer grof, zwak siltig, sterk grindig
0,40 – 1,40
3,0
2,6
3,4
0,00 – 0,50
13,1
-
-
Grind: zeer grof, sterk keien, matig zandig
2,25 – 3,25
58,3
58,3
58,3
Zand: matig fijn, zwak siltig, zwak grind
2,15 – 3,15
28,6
28,6
28,6
9,3
-
-
SCG-zeefkromme 2) MM01
matig fijn zand, zwak siltig en matig humeus
verzadigde zone putproeven 1) 01 20
Grind: matig grof, sterk zandig
SCG-zeefkromme 2) MM02
matig grof grind, matig zandig en zwak keien
0,40 – 1,70
Opmerkingen bij de tabel: 1)
de doorlaatfactor is bepaald op basis van drie afzonderlijke veldmetingen;
2)
de doorlaatfactor is berekend door middel van de formules Seelheim en Beyer.
6.5
Bespreking resultaten
De GHG op de locatie wordt geschat op circa 1,0 m-mv. Uit de meetresultaten van de ringmetingen en omgekeerde putproeven blijkt dat de onverzadigde zone van 0,00 – 1,40 m-mv redelijk doorlatend is. De K-waarde varieert van 2,0 tot 4,5 m/dag. Uit onderzoek is verder gebleken dat de doorlatendheid van de verzadigde zone zeer goed is. De Kwaarde varieert van 28,6 tot 58,3 m/dag. Bij infiltratie van regenwater zal er derhalve niet leiden tot opbolling van de grondwaterspiegel. De berekende theoretische k-waarde op basis van de korrelgrootteverdeling voor de bovengrond (0,00 – 0,50 m-mv) bedraagt 13,1 m/dag en voor de ondergrond (0,40 – 1,70 m-mv) 9,3 m/dag. De berekende theoretische k-waarde valt voor de onverzadigde zone een stuk hoger uit dan de kwaarden gemeten middels de hierboven beschreven doorlatendheidsproeven. Opgemerkt wordt dat de verschillen tussen de theoretisch bepaalde k-waarde en de k-waarde bepaald aan de hand van doorlatendheidsproeven vaker worden aangetoond. De reden hiervoor is dat bij k-waarde bepalingen aan de hand van een korrelverdelingsanalyse er ondermeer geen rekening wordt gehouden met de gelaagdheid van de bodem en de pakking van de bodem. De k-waarde bepaling aan de hand van een korrelverdelingsanalyse is vaak een overschatting en dient te worden beschouwd als een indicatie.
pagina 17 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Op basis van de te verwachte GHG en meetresultaten is infiltratie in principe mogelijk. Wel kunnen, afhankelijk van de toekomstige inrichting van het terrein en keuze van het infiltratiesysteem, aanvullende maatregelen (zoals grondverbetering) noodzakelijk zijn. Het ontwerpen en aanleggen van een infiltratievoorziening dient te worden uitgevoerd door een ervaren specialist. Afhankelijk van de toekomstige ontwerp kan gerichter onderzoek naar de doorlatendheid van de bodem noodzakelijk zijn.
pagina 18 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
7.
Civieltechnisch grondonderzoek
Om een beeld te krijgen van de civieltechnische herbruikbaarheid van de vrijkomende grond is een civieltechnisch onderzoek uitgevoerd.
7.1 Onderzoeksstrategie Van het vrijkomende zand wordt indicatief de civieltechnische kwaliteit bepaald. Om een indicatie te verkrijgen van de civieltechnische eigenschappen worden twee grondmengmonsters samengesteld waarvan een fractieverdeling wordt bepaald. Tabel 7.1: strategie civieltechnisch onderzoek omschrijving
oppervlakte 2
gehele locatie
9.240 m
boorwerk
analyses 1)
combinatie met verkennend onderzoek
2 x SCG-zeefkromme
opmerkingen bij de tabel: 1) verklaring analyses: SCG-zeefkromme : gehalte organische stof en fractiebepaling (<2 µm, <20 µm, <63 µm, <250 µm, <2 mm en >2 mm).
7.2 Analyses De grondmonsters zijn volgens de onderstaande tabel geanalyseerd door AL-West te Deventer (geaccrediteerd). Tabel 7.2: geanalyseerde monsters monstercode
traject 1)
deelmonsters
analyses 1)
motivatie
B02 (0,00 - 0,50), 02 (0,00 - 0,50)
SCG-zeefkromme
bovengrond: matig fijn zand,
(m-mv) SCG MM01
0,00 -0,50
04 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50)
zwak siltig en matig humeus
07 (0,00 - 0,50), 19 (0,00 - 0,50) 22 (0,00 - 0,50), 26 (0,00 - 0,50) 30 (0,00 - 0,50), 34 (0,00 - 0,50) 37 (0,00 - 0,50) SCG MM02
0,40 – 1,70
B02 (0,70 - 1,00), B05 (0,60 - 1,00) 08 (0,40 - 0,90), 16 (0,70 - 1,20)
SCG-zeefkromme
ondergrond: matig grof grind, matig zandig en zwak keien
19 (0,60 - 1,10), 20 (1,20 – 1,70) 18 (0,70 - 1,20), 01 (0,80 - 1,30) opmerkingen bij de tabel: 1) SCG-zeefkromme: fractiebepaling (<2 µm, <16 µm, <32 µm, <50 µm, <63 µm, <125 µm, <250 µm, <500 µm, <1 mm, <2 mm) en gehalte organische stof.
pagina 19 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
7.2.1 Toetsingskader De analyseresultaten van de grondmonsters zijn vergeleken met de normen in de RAW 2010, hoofdstuk 22 'Grondwerken algemeen', paragraaf 6 'Bouwstoffen'. Hierin zijn normwaarden opgenomen ter beoordeling van de toepassing van grond in werken. Voor het classificeren van grond worden in dit toetsingskader één of meer van de aanduidingen op de volgende pagina gebruikt: Zand in aanvulling of
:
ophoging
Grond voldoet aan deze kwaliteit wanneer voldaan wordt aan één van de volgende voorwaarden:
Draineerzand
:
de fractie < 2 µm is kleiner dan 8 % minerale delen en
de fractie < 63 µm is kleiner dan 50 % minerale delen.
Grond voldoet aan deze kwaliteit wanneer voldaan wordt aan één van de volgende voorwaarden:
Zand in zandbed
:
de fractie < 63 µm is kleiner dan 5 % minerale delen en
de fractie < 250 µm is kleiner dan 50 % minerale delen en
het gloeiverlies is kleiner dan 3 % droge stof.
Grond voldoet aan deze kwaliteit wanneer deze op een diepte van minder dan 1,0 m-mv wordt verwerkt en wanneer voldaan wordt aan één van de volgende voorwaarden:
van de korrels kleiner dan 2 mm, is de fractie < 63 µm kleiner dan 10 % minerale delen of
van de korrels kleiner dan 2 mm, ligt de fractie < 63 µm tussen 10 % en 15 % minerale delen en de fractie < 20 µm is maximaal 3 %.
Bovendien mag van de korrels kleiner dan 2 mm, het gloeiverlies maximaal 3 % droge stof zijn.
7.3 Analyseresultaten De analyseresultaten van de grondmonsters zijn weergegeven in bijlage 9. De toetsing van de analyseresultaten van de grondmonsters aan de RAW-normen is weergegeven in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de onderstaande tabel. Tabel 7.3: samenvatting toetsingsresultaten grond (civieltechnisch onderzoek) monster-
omschrijving laag
code
traject (m-mv)
toetsing aanvulling of
draineerzand
zand in zandbed
ophoging MM01
matig fijn zand, zwak siltig en matig humeus
0,0 – 0,5
voldoet
voldoet niet
voldoet
MM02
matig grof grind, matig zandig en zwak keien
0,4 – 1,7
voldoet
voldoet niet
voldoet niet
pagina 20 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
8.
Conclusie en aanbevelingen
Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende. Zintuiglijke waarnemingen Ter plaatse van de huidige en voormalige weg zijn in de grond tot een maximale diepte van 0,9 mmv bijmengingen met puin aangetroffen, variërend van sporen puin tot matig puinhoudend met sterke bijmengingen met baksteen. Verkennend bodemonderzoek Deellocatie A: gehele onderzoeklocatie Uit de analyseresultaten blijkt dat in de grond plaatselijk lichte verontreinigen zijn aangetoond met PAK, zink, lood, cadmium en kwik. In het grondwater zijn lichte verontreinigingen aangetoond met barium en koper. De aangetroffen gehaltes zijn echter dermate laag, dat nader onderzoek hiernaar niet noodzakelijk wordt geacht. Deellocatie B: voormalige weg Uit het analyseresultaat blijkt dat in de grond ter plaatse van de voormalige weg geen verontreiniging is aangetoond. Nader onderzoek hiernaar wordt niet noodzakelijk geacht. Verkennend asbestonderzoek Zintuiglijk zijn zowel op het maaiveld als in de uitkomende grond geen asbestverdachte materialen (fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie (< 20 mm) werd analytisch geen asbest aangetoond. Aangezien zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest is aangetoond, kan worden geconcludeerd dat de puinhoudende grond niet verontreinigd is met asbest. Dit geldt voor beide onderzochte deellocaties (ingang van het terrein en voormalige weg).
De hypothese dat de puinhoudende grond verdacht is op de aanwezigheid van asbest wordt derhalve verworpen. Nader onderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Doorlatendheid De gemiddelde hoogste grondwaterstand (GHG) op de locatie wordt geschat op circa 1,0 m-mv. Uit de meetresultaten van de ringmetingen en omgekeerde putproeven blijkt dat de onverzadigde zone van 0,00 – 1,40 m-mv redelijk doorlatend is. De K-waarde varieert van 2,0 tot 4,5 m/dag. Uit onderzoek is verder gebleken dat de doorlatendheid van de verzadigde zone zeer goed is. De Kwaarde varieert van 28,6 tot 58,3 m/dag. Bij infiltratie van regenwater zal er derhalve niet leiden tot opbolling van de grondwaterspiegel. Op basis van de te verwachte GHG en meetresultaten is infiltratie in principe mogelijk. Wel kunnen, afhankelijk van de toekomstige inrichting van het terrein en keuze van het infiltratiesysteem, aanvullende maatregelen (zoals grondverbetering) noodzakelijk zijn. Civieltechnisch onderzoek Uit de analyseresultaten blijkt het vrijkomende matig fijne zandlaag (0,0 - 0,5 m-mv) indicatief herbruikbaar is als “zand in aanvulling of ophoging” en “zand in zandbed”. Het vrijkomende matige grove grind (matig zandig) (0,4 - 1,7 m-mv) is indicatief herbruikbaar is als “zand in aanvulling of
pagina 21 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
ophoging”. Resumé De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het voorgenomen gebruik van de locatie en vormen geen belemmering voor de geplande bestemmingswijziging en afgifte van een omgevingsvergunning voor de bouwactiviteiten. Indien grond wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd, dient er rekening mee te worden gehouden dat deze grond elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing, die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen. Asfalt Geconstateerd is dat (een deel van) het wegtracé is voorzien van een asfaltverharding. Gezien het beperkte oppervlak en de dunne laag asfalt, wordt onderzoek naar de teerhoudendheid van het asfalt uit kostentechnisch oogpunt niet zinvol geacht. Geadviseerd wordt om het eventueel vrijkomende asfalt als teerhoudend asfalt af te voeren.
pagina 22 van 22
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Bijlage 1 Kadastrale gegevens en regionale ligging
Uittreksel Kadastrale Kaart
Uw referentie: 1812070BST 3 85
32
2
5
12
47 23
46 23
2642
2a 2
45 23
aat en st r
2643
2644
3
26 18
Esp
4
27 18
1795
25 18
2339
43 23
6
24 18
4
41 23
8
22 18
23 18
10
2804
44 23
12
42 23
1
2892
6
14
21 18
2815
1
er d og nB
3
16
20 18
5
2805
61 18
D'
2806
2891
18
02 18
7
60 18
9
58 18
2807
20
3
2886 8A 8
22
1913 01 18
57 18
2801
26 24
59 18
813
28
at tra s n pe Es
8 205
2803
2005
3
17
2 280
1303 2812
19
30 5
56 18
21
54 18 55 18
5 206
2817
1
85 23 90 26
2691
17 1-
2836
3
3a
2620
28 33 28 34
34 -3 4a
25 75
3a
2567 28 35
2576
32 a 32
2568
1295 3
2569
30
1973
73
in
ic an en st ra at
1
28
rs te en
2571 om
Vu u
D
1426 2550 26
25 72
2625
0m
12345 25
Deze kaart is noordgericht Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens Bebouwing Overige topografie
Geleverd op 3 juni 2019
25 -
10 m
50 m
Schaal 1:1000 Kadastrale gemeente Sectie Perceel
M ill K 2836
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Omgevingskaart
Klantreferentie: 1812070BST
0m
125 m
Deze kaart is noordgericht. Hier bevindt zich Kadastraal object Mill K 2836 Dominicanenstraat 34, 5453JN Langenboom CC-BY Kadaster.
625 m
Schaal 1: 12500
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Bijlage 2 Situatietekening
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Bijlage 3 Profielbeschrijvingen
Bijlage: Boorprofielen Boring:
01
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
X (RD):
178781,46
Y (RD):
412509,55
gras
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
50
2 80
100
02
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 50
Boring:
3
1 2 50
60
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor 100
Grind, zeer grof, matig zandig, sterk keien, grijsbeige, River
150
4
178741,85
Y (RD):
412551,78
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruingeel, River Grind, matig grof, sterk zandig, matig keien, licht beigegeel, River, Gestaakt ivm met keien komen we niet dieper
3
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindig, neutraalbeige, River 130
150
20
X (RD):
4 150
180
5 200
200
Grind, zeer grof, zwak zandig, sterk keien, neutraalgrijs, River Grind, zeer grof, matig zandig, zwak keien, neutraalgrijs, Zuigerboor
6 250
250
Grind, zeer grof, zwak zandig, sterk keien, Zuigerboor
7 300 8
320
9 350
350
Boring:
03
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019
0 1
412542,00
05 Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
Boring:
04
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
Boormeester:
13-6-2019 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegeel, Edelmanboor
X (RD):
178750,19
Y (RD):
412515,17
gras
50
Boring:
06
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
412530,56
gras
X (RD):
178763,76
Y (RD):
412497,50
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
178737,45
Y (RD):
50
50
Datum:
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
Y (RD): gras
50
0
178727,57
20
Boring:
Datum:
X (RD):
0
2 50
Zand, uiterst grof, zwak siltig, sterk grindig, neutraalgrijs, Zuigerboor
50
Projectcode:1 812070BST Projectnaam:Dominicanenstraat 34 te Langenboom opdrachtgever:-
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
07
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
X (RD):
178746,37
Y (RD):
412484,50
gras
Boring:
08
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
1 40
50
50
178732,98
Y (RD):
412502,11
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, zwak grindig, licht bruingeel, Edelmanboor
50 2
100
X (RD):
3 120
4 150
150 5
180
Boring:
09
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
Y (RD):
412518,16
Boring:
11
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
gras
Boring:
13
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
1 30
2 50
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
X (RD):
178695,73
Y (RD):
412519,18
gras
12
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
50
178719,20
Y (RD):
412492,13
gras
14
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht beigegeel, Edelmanboor
13-6-2019 0
0
gras
X (RD):
178706,41
Y (RD):
412506,42
gras
2
X (RD):
178732,71
Y (RD):
412471,82
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
412530,25
50
Boring:
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
178711,64
Y (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
X (RD):
X (RD):
50
Boring:
Datum:
Grind, zeer grof, sterk zandig, zwak keien, grijsbeige, Edelmanboor, Gestaakt ivm met keien
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
0
10
Boormeester:
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
Boring:
Datum:
50
50
Datum:
178720,62
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1
Datum:
X (RD):
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, sporen keien, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
40 50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin, Edelmanboor
Projectcode:1 812070BST Projectnaam:Dominicanenstraat 34 te Langenboom opdrachtgever:-
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
15
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
X (RD):
178717,32
Y (RD):
412459,07
gras
16
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
Boring:
70
3 120
4 150
150
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
X (RD):
178688,56
Y (RD):
412491,01
18
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
gras
13-6-2019 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
50
Boring:
Datum:
Y (RD):
412475,52
gras
50
50
100
17
178703,31
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
2
Boring:
X (RD):
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, neutraal beigebruin, River Zand, zeer grof, zwak siltig, sterk grindig, sporen keien, licht beigegeel, River Grind, sterk zandig, matig keien, neutraal grijsbeige, River, Gestaakt ivm keien
X (RD):
178674,96
Y (RD):
412505,70
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1 50 2
70
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, zwak roesthoudend, geelbeige, River
3
100
120
Grind, matig grof, sterk zandig, zwak keien, beigegrijs, River, Geraakt ivm keien
4
150
170
Boring:
19
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum: 0
50
13-6-2019 2 3
0 5 10 30
4 60
178660,82
Y (RD):
412493,18
asfalt
110
20
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0 5
0
Volledig asfalt, River
Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk humeus, donkerbruin, River
30
50
2 70
100
178647,62
Y (RD):
412485,06
asfalt Grind, zeer grof, sterk zandig, zwak puinhoudend, grijsbruin, River Grind, matig grof, sterk zandig, matig puinhoudend, licht bruingrijs, River Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, neutraal beigebruin, River
3
Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbeige, River
X (RD):
Volledig asfalt, River
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, sterk grindig, grijsbeige, River
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen puin, grijsbruin, River
5 100
X (RD):
Boring:
120
150
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, grijsbeige, Edelmanboor
4
5 200
200
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, neutraal beigegrijs, River
6 250
250
Grind, matig grof, sterk zandig, neutraal beigegrijs, Zuigerboor
7 300
300 8
340
Grind, zeer grof, matig zandig, matig keien, neutraal grijsbeige, Zuigerboor, Gestaakt
Projectcode:1 812070BST Projectnaam:Dominicanenstraat 34 te Langenboom opdrachtgever:-
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
21
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0 5
0
X (RD):
178662,12
Y (RD):
412463,75
tegel
Boring:
B01
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, grijsbruin, Edelmanboor
1 50
2 80
110
Boring:
B02
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
13-6-2019 0
0
3 Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbruin, Edelmanboor
X (RD):
178774,66
Y (RD):
412524,26
braak
13-6-2019 0
1
100
Boring:
B04
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
70
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, licht bruingeel, Edelmanboor
X (RD):
178758,15
Y (RD):
412548,22
2
70
3 100
100
Boring:
B06
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
2
Anne Van Eijkeren
13-6-2019 0
0
50
Zand, matig grof, zwak siltig, matig grindig, lichtbruin, Edelmanboor
X (RD):
178754,97
Y (RD):
412545,27
gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht bruingeel, Edelmanboor
X (RD):
178773,59
Y (RD):
412522,57
braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, licht bruingeel, Edelmanboor
X (RD):
178756,58
Y (RD):
412546,77
gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindig, licht bruingeel, Edelmanboor
AG01
Boormeester:
Victor Loderus
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, licht beigegeel, Edelmanboor
Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalbruin, Edelmanboor
60
Boring:
0
braak
100
100
50
100
2 3
Datum:
412525,74
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak grindig, neutraalbruin, Edelmanboor
60
3 100
B05
Boormeester:
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
100
Boring:
Datum:
braak
50
50
3 100
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, zwak grindig, donkerbruin, Edelmanboor
1
20
2
70
3 100
50
Anne Van Eijkeren
50 2
Datum:
B03
Boormeester:
0
50
100
Boring:
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
Datum:
100
Datum:
Y (RD):
50
50
90
3
178776,02
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin, Edelmanboor
1
2 100
X (RD):
21-6-2019 0 5
X (RD):
178652,44
Y (RD):
412473,22
tegel
15
Edelmanboor
50
Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalbeige, Graven, geen av geen monstername straatzand
90
100
140
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, grijsbruin, Graven, geen av mm01 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Graven, geen av indicatief 01 Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbruin, Edelmanboor
Projectcode:1 812070BST Projectnaam:Dominicanenstraat 34 te Langenboom opdrachtgever:-
Schaal1: 50
Bijlage: Boorprofielen Boring:
AG02
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
21-6-2019 0 5 15
0
50
50
X (RD):
178662,83
Y (RD):
412463,35
tegel
AG03
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
21-6-2019 0 8
0
Edelmanboor Zand, matig grof, zwak siltig, neutraalbeige, Graven, geen av geen monstername straatzand
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, grijsbruin, Graven, geen av mm01
150
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Graven, geen av indicatief 01
90
Boring:
50
50
90
X (RD):
178647,37
Y (RD):
412487,48
tegel Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sterk grindig, zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend, grijsbruin, Graven, geen av mm01 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Graven, geen av indicatief 01
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht grijsbruin, Edelmanboor 200
200
Boring:
AG04
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
21-6-2019 0 8
0
50
50
90
Boring:
AG06
Boormeester:
Anne Van Eijkeren
Datum:
21-6-2019 0
0 1
20
50 70
X (RD):
178658,84
Y (RD):
412494,00
Boring:
AG05
Boormeester:
Victor Loderus
Datum:
tegel
0
Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sterk grindig, zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend, grijsbruin, Graven, geen av mm01 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Graven, geen av indicatief 01
X (RD):
178773,71
Y (RD):
412523,36
50
21-6-2019 0 8
50
90
X (RD):
178664,34
Y (RD):
412500,86
tegel Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sterk grindig, zwak puinhoudend, sterk baksteenhoudend, grijsbruin, Graven, geen av mm01 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, matig grindig, sporen puin, sterk baksteenhoudend, donkerbruin, Graven, geen av indicatief 01
braak Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen baksteen, donkerbruin, Graven, geen av sep01 Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
Projectcode:1 812070BST Projectnaam:Dominicanenstraat 34 te Langenboom opdrachtgever:-
Schaal1: 50
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand
toelichting mate van bodemvreemde bijmengingen: - sporen <1% (gewichtspercentage) - zwak 1-5% (gewichtspercentage) - matig 5-10% (gewichtspercentage) - sterk 10-20% (gewichtspercentage) - uiterst 20-50% (gewichtspercentage) - volledig >50% (volumepercentage) slib
peilbuis water blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
documentkenmerk: 1812/070/BST-01, versie 0
Bijlage 4 Analyseresultaten asbest
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
TRITIUM ADVIES B.V. Collse Heide 48 5674 VN NUENEN
De in dit rapport vermelde parameters zijn geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025:2005, tenzij bij de parameter het symbool " * " staat vermeld.
DOC-13-12896871-NL-P1
Datum Relatienr Opdrachtnr.
02.07.2019 35003866 862992
ANALYSERAPPORT Opdracht 862992 Bodem / Eluaat Opdrachtgever
35003866 TRITIUM ADVIES B.V. 1812070BST Dominicanenstraat 34 te Langenboom
Uw referentie
21.06.19
Opdrachtacceptatie Monsternemer
Opdrachtgever
Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, geaccrediteerd volgens NEN-EN-ISO/IEC 17025 en uitgevoerd overeenkomstig de onderzoeksmethoden die worden genoemd in de meest actuele versie van onze verrichtingenlijst van de Raad voor Accreditatie, accreditatienummer L005. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Indien u gegevens wenst over de meetonzekerheden van een methode, kunnen wij u deze op verzoek verstrekken. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen U met de toegezonden informatie van dienst te zijn. Met vriendelijke groet,
AL-West B.V. Dhr. Wouter Wanders, Tel. +31/570788115 Klantenservice
Blad 1 van 2 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110, Fax +31(0)570 788108 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl