CConstaterende datCastricum
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Concept VO Groenbeleidsplan

Raadsinformatieavond 14 januari 2021, gemeente CastricumBij agendapunt: Voorlopig ontwerp groenbeleidsplan15.290 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Concept Voorontwerp

Groenbeleidsplan

Gemeente Castricum 2021 - 2031

Voorwoord

Inhoudsopgave

04

1. Inleiding

06

2. Visie & Ambities

10

1.1 Wat is de aanleiding voor dit groenbeleidsplan 1.2 Wat is het doel? 1.3 Belang van openbaar groen 1.4 Participatie 1.5 Monitoring 2.1 Visie 2.2 Ambitie per thema

07 07 07 08 08

2.2.1 Ambities bomen 2.2.2 Identiteit 2.2.3 Gezondheid 2.2.4 Biodiversiteit 2.2.5 Klimaatbestendigheid

11 11 11 12 13 13 15

3. Groenstructuur

16

4. Welk kwaliteitsniveau hebben we?

26

5. Hoe willen we dit bereiken?

30

3.1 Hoofdgroenstructuur 3.2 Natuurstructuur 3.3 Bomenstructuur 3.4 Buurtgroen 3.5 Snippergroen 4.1 Bomen 4.2 Openbaar overig groen

5.1 Wat is de taak van de gemeente? 5.2 Wettelijk kader

5.2.1 Wet Natuurbescherming 5.2.2 Zorgplicht bomen 5.3 Beleidsuitgangspunten

5.3.1 Beleidsuitgangspunten bomen 5.3.2 Ontwikkelen natuurwaardenkaart

5.4 Uitvoeringsmaatregelen: beheer en onderhoud aansluiten op ambities

5.4.1 Beheer en onderhoud 5.4.2 Inrichting openbare ruimte

5.5 Op weg naar een gemeente waar de identiteit centraal staat 5.6 Op weg naar een gezonde gemeente 5.7 Op weg naar een klimaatbestendige gemeente

Dit is een interactieve pdf. Daarmee kan snel worden genavigeerd. Een klik op de knop naar index komt uit bij deze inhoudsopgave van het groenbeleidsplan. Een klik op één van de titels op deze inhoudsopgavepagina leidt naar het betreffende onderdeel.

Inhoudsopgave

5.7.1 Waar richt de gemeente zich op? 5.8 Monitoring ambities en doelstellingen

6. Financiële verantwoording

6.1 Waar wordt het geld aan besteed?

17 17 17 18 18

27 27

31 31 31 31 31 32 33 34 34 34 35 37 37 37 41

46

6.1.1 Regulier groenonderhoud 6.1.2 Kosten ambities

47 47 47

Bijlagen

52

Bijlage I Bomenposters Bijlage II Beeldmeetlatten Bijlage III Informatie Coolkit Bijlage IV Gedragscode soortbescherming voor de gemeenten Bijlage V Folder Sinusmaaien

52 55 56 56 56

3

Voorwoord

Castricum, december 2020

Beste lezer, In onze gemeente Castricum hebben we veel waardevol groen in de kernen en in het buitengebied. We willen dit graag zo houden en daarom zijn we er zuinig op! Samen met inwoners en ondernemers, buurgemeenten, PWN en het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier werken we continu aan het behoud van onze mooie, groene gemeente. Dit doen wij door blijvend te investeren in bomen en planten en u de ruimte te geven om samen met de gemeente mee te denken over het groen in uw wijk.

Nieuw groenbeleidsplan voor Akersloot, Bakkum, Castricum, Limmen en de Woude

Colofon Opdrachtgever: Gemeente Castricum Contactpersoon: M. Suiding Auteurs: M. Suiding J.M. Smit Datum: 07-12-2020

In het groenbeleidsplan houden we rekening met twee grote maatschappelijke vraagstukken namelijk klimaatverandering en biodiversiteit. We zien namelijk dat groen bijdraagt aan leefbaarheid en CO2 reductie. Daarnaast maakt de gemeente zich ernstig zorgen over de afname van biodiversiteit, de forse terugval van het aantal soorten bijen is daar een exemplarisch voorbeeld van. We hebben daarom het beleid gerangschikt in de onderstaande vijf pijlers.

• We vergroten de oppervlakte van het groen waardoor we nog meer profijt hebben van de schaduwwerking van bomen en de bufferwerking en infiltratie van regenwater. Hiermee spelen we in op de effecten van de klimaatverandering.

Betrekken inwoners bij het groenbeleidsplan We zorgen ervoor dat we inwoners betrekken bij het nieuwe plan, zodat het nut en de noodzaak van het nieuwe plan bekend is bij het brede publiek. Een inmiddels bekend voorbeeld is het project ‘De Mient Bloeit’. Samen met buurtbewoners is een brede strook langs het spoor van grasveld omgetoverd tot een bloeiende bloemenweide. Deze proeftuin wordt in de komende jaren uitgebreid in meer kernen als bewoners dat willen. Want uiteindelijk is het publieke groen niet alleen van de gemeente maar van ons allemaal. Met vriendelijke groet, Falgun Binnendijk Wethouder Groen

Het groenbeleidsplan bevat vijf pijlers • Duurzaam bomenbeleid: dit houdt in dat we bomen zodanig onderhouden dat ze gezond kunnen groeien en oud worden. • Behouden en waarborgen van onze groene gemeente: door voldoende aandacht aan het behoud van het groen te besteden, versterken we de identiteit en herkenbaarheid van de gemeente. • Veel groen nodigt uit tot bewegen en zorgt voor een gezondere leefomgeving. Het groen heeft dus een positieve uitwerking op onze gezondheid. • Groen heeft een positief effect op alles wat groeit en bloeit: dit bevorderen we door o.a. aangepast maaibeheer (o.a. later maaien van de grassen) en bloemrijke bijen- en vlinderlinten aan te brengen.

5

1

Inleiding

1 1.1

Wat is de aanleiding voor dit groenbeleidsplan?

Dit nieuwe groenbeleidsplan is noodzakelijk omdat het groenbeleidsplan van 2007 gedateerd is. De gemeente Castricum wil met dit nieuwe groenbeleidsplan invulling geven aan het advies van de Rekenkamercommissie uit 2017. Dit advies is unaniem overgenomen door de gemeenteraad en is opgenomen in het raadsprogramma 2018-2022. Eén plan voor groen en bomen vloeit voort uit de besluitvorming over het advies van de Rekenkamercommissie. De ambities waren in het verleden met name gericht op het bomenbeleid en er was te weinig aandacht voor het overige groen. Daarnaast zijn actuele ontwikkelingen van belang zoals verhoging van de biodiversiteit en maatregelen om de effecten van klimaatverandering tegen te gaan. Het klimaatakkoord van 28 juni 2019 geeft kaders die in dit plan zijn opgenomen.

1.2

Wat is het doel?

Het beschrijven van de visie en ambities voor het openbaar groen. Dit beperkt zich tot het openbaar groen en de bomen in de dorpskernen. Deze visie en ambities worden uitgewerkt in de thema’s identiteit, gezondheid, biodiversiteit en klimaatbestendigheid. Het geeft richting aan stedelijke vernieuwing en het gemeentelijk groenbeheer en biedt aanknopingspunten bij vraagstukken op het gebied van ruimtelijke ordening. Ook wordt in het plan aandacht geschonken aan de rol van de bewoners bij inrichting en beheer van de openbare ruimte.

1.3

Belang van openbaar groen

De gemeente Castricum heeft een groene uitstraling en deze is beeldbepalend en vormt mede de identiteit. De diversiteit aan groen in de dorpen en het omliggende landschap vormen een waardevol geheel en dient te worden bewaard en versterkt. Het groen heeft een aantal belangrijke functies zoals een bijdrage leveren aan biodiversiteit, waterberging en verkoeling. Daarnaast nodigt groen uit tot beweging en brengt mensen samen. Het groen zorgt voor schonere lucht en een aantrekkelijke omgeving voor inwoners, bedrijven en toeristen. Openbaar groen en -water hebben ook een directe economische waarde. De waardestijging varieert van 4% tot 12%, afhankelijk van de ligging van een woning en het type water of groen. Naar schatting zijn kopers bereid gemiddeld 7% meer te betalen voor hun woning als deze direct grenst aan openbaar groen of water. De oppervlakte grasland, zoals bermen, gazons en oevers bedraagt 106 ha. Het bosplantsoen beslaat een oppervlakte van ca. 30 ha. Heesters, vaste planten en rozen nemen een oppervlakte in van 18 ha. en hagen 1,05 ha. Het aantal bomen bedraagt 18.500 stuks.

De volgende uitgangspunten en aanbevelingen vormen de basis van dit beleidsplan: 1. SMART-geformuleerde beleidsdoelen. 2. Het beleid wordt gericht op bestaand en nieuw groen. 3. Er worden eisen gesteld voor nieuw te ontwikkelen gebieden. 4. Bevordering van intern bewustzijn binnen de gemeentelijke organisatie. 5. Betrek bewoners bij de nieuwe ontwikkelingen in het groen. 6. Financiële onderbouwing van de ambities. 7. Het beleidsplan geldt voor een periode van 10 jaar. 8. Monitoring van de gestelde ambities.

7

1

1

Inleiding

1.4

Participatie

Online platform De gemeente vindt het van groot belang om de inwoners bij het groenbeleid te betrekken. De gemeente zal om deze reden de thema’s en ambities voorleggen via het platform ‘ik denk mee over Castricum’. Via het platform zal aan de hand van enkele vragen informatie opgehaald worden bij de inwoners en dit wordt verwerkt in het voorontwerp beleidsplan.

doelsoorten. Voor het aantal gemeentelijke bomen* vindt monitoring plaats om te bepalen of het aantal niet onder de 18.500 stuks* uitkomt. Ook wordt gemonitord op kwaliteit. Bomen die binnen de kom staan of gevaar op kunnen leveren worden gemonitord op kwaliteit en stabiliteit, Andere bomen kunnen zonder monitoring uitgroeien. Het boombeheer zal zich meer richten op professionalisering en duurzaamheid.

Participatieavonden Er wordt per kern, indien mogelijk vanwege COVID-19, een participatieavond georganiseerd met een presentatie over het groenbeleidsplan. De input zullen we beoordelen en waar mogelijk meenemen in het voorontwerp beleidsplan. Het Groenplatform is om advies gevraagd en bestaat uit een zestal leden. Zij vertegenwoordigen de Vogelwerkgroep Kennemerland, Stichting tot behoud van de natuurlijke en cultuurhistorische waarde in de Alkmaardermeeromgeving, Stichting werkgroep Oud Castricum, Stichting dorpsraad Akersloot en Transitie Castricum.

1.5

Monitoring

Op dit moment wordt elk twee jaar een tevredenheidsonderzoek in de gemeente Castricum gehouden. In dit onderzoek wordt ook het groen betrokken. Daarnaast zal elk jaar monitoring van de gestelde (natuur)doelen plaatsvinden op basis van doelsoorten. Jaarlijks een minimale monitoring op basis van twee doelsoorten (bijen en vlinders) en vierjaarlijks een brede monitoring op meer

8

* Dit betreft alleen de gemeentelijke bomen die gekeurd worden.

9

2

Visie & Ambities

2 2.1

Visie

In het raadsprogramma van 2018-2022 is de basis voor het beleid vastgelegd, namelijk het versterken van het groene karakter van de gemeente en verhoging van de biodiversiteit. Hierbij ligt de nadruk op kwaliteit van het groenbeheer, klimaatbestendigheid en burgerparticipatie. Het beheer van het bomenareaal wordt volledig gericht op het behouden van de huidige hoogwaardige groene openbare ruimte, de kwaliteit van de bomen en daar waar mogelijk het versterken van het areaal. Randvoorwaarde hiervoor is dat de ondergrens van het areaal wordt gebaseerd op 18.500 bomen* (huidig aantal 2020). Het beheer van het groen moet van goede kwaliteit zijn en moet leiden tot een mooie en afwisselende groenstructuur waarmee een hoge biodiversiteit bereikt kan worden. Dit betekent dat deze groenvoorzieningen natuurvriendelijk worden beheerd. De keuze voor bomen en planten wordt gestuurd door de klimaatverandering en nieuwe soorten moeten klimaatbestendig zijn. Er worden alleen soorten aangeplant die goed zijn aangepast aan de omgeving en die tegen droogte kunnen. Voorgaande betekent dat we inspelen op nieuwe trends en inzichten bij de inrichting van groengebieden en nieuwe soorten toepassen die bestand zijn tegen klimaatverandering.

In het klimaatakkoord van 28 juni 2019 is als centraal doel opgenomen om de uitstoot van broeikasgassen in Nederland met 49% en, indien mogelijk op basis van nadere afspraken, met 55% in 2030. In het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA) is vastgesteld dat Nederlandde de ambitie heeft om in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust ingericht te zijn. In het kader van dit plan sluiten wij aan bij een aantal doelstellingen die zijn opgenomen in het klimaatakkoord en DPRA. Deze worden verder in dit plan beschreven en uitgewerkt. Ook bieden nieuwbouw- en renovatieprojecten een kans om meer natuur in de wijken te krijgen. Naast het bepalen van waardevol groen en het opnemen in de plannen, liggen er mogelijkheden voor uitbreiden van natuurwaarden en creëren van verbindingen. Wegversmalling, zoals in De Bloemen, biedt meer kansen voor vergroening en natuurinclusief bouwen kan bijdragen aan biodiversiteit door het vergroten van nestplaatsen. Dit geldt ook voor het aanbrengen van voorzieningen voor oeverzwaluwen en nestkasten.

Het verbinden van aanwezige groenparels door linten en het aanleggen van nieuwe groenparels is van belang voor de vergroting van de leefruimte voor flora en fauna. Bij de inrichting wordt, indien mogelijk, streekeigen beplanting toegepast. Het versterken van het groene karakter van de gemeente doen we samen met de inwoners. Bij herinrichting en nieuwbouw wordt samen met de inwoners naar de beste oplossingen gezocht om het groen en andere functies in te richten. Ook kan het groen integraal worden meegenomen indien inrichting aan de orde is.

2.2

Ambities per thema

2.2.1

Ambities bomen

Onderstaand worden de ambities per thema uitgewerkt. Deze uitwerking geeft aan waar we in het kader van het groenbeleid op in gaan zetten. De ambities voor de bomen komen uit het bomenbeleidsplan 2015-2024. In de komende planperiode wordt de aandacht gericht op het in stand houden en het versterken van het bomenareaal. Voor dit doel zijn vijf ambities geformuleerd, te weten: de eerste ambitie is om het aantal bomen geleidelijk te laten groeien door met name in herinrichtingsplannen en nieuwbouwplannen extra bomen te planten. Dit hangt af van de locatie. Voorts wordt de herplantplicht altijd toegepast voor te kappen bomen in de openbare ruimte. Om de stand van het bomenareaal te kunnen bijhouden wordt er jaarlijks een overzicht van het aantal gekapte en geplante bomen opgesteld (bomenmonitor) en ter informatie naar de raad gezonden. De tweede ambitie is om het bomenareaal daar waar mogelijk te versterken. Plaatsen die daarvoor in aanmerking komen zijn de entrees van de woonkernen in de gemeente en de bomenstructuur in met name de kern Castricum. De entrees van de woonkernen vormen het visitekaartje van de gemeente. De versterkte entrees vergroten niet alleen de herkenbaarheid van de woonkernen maar ook het positieve gevoel van de bezoekers. Het versterken van het bomenareaal ondersteunt het streven om de recreatie en het toerisme in de gemeente Castricum te bevorderen.

De plannen voor het versterken van de entrees en het benodigde budget worden per woonkern voorgelegd aan de gemeenteraad.

* Dit betreft alleen de gemeentelijke bomen die gekeurd worden.

11

2

Visie & Ambities Aan de zijde van het Alkmaardermeer liggen de delen met veen. De diverse samenstelling van de bodem die van zandgrond overgaat naar klei en veen is met name typerend voor Akersloot. Het bomenbestand in de kernen is divers.

De derde ambitie betreft het professionaliseren en verduurzamen van het beheer. Door planmatige opzet van het jaarlijkse onderhoud kan efficiëntiewinst worden geboekt, zodat de huidige bezetting van de bomenploeg en wijkteams het beheer voor een deel zelfstandig kan uitvoeren. Hier is inmiddels een goede stap in gemaakt en de efficiëntiewinst is grotendeels gehaald. Door het onderhoud nog meer te richten op het eindbeeld van de bomen, kan de duurzaamheid van het beheer en de kwaliteit van de bomen worden vergroot. De huidige bezetting is echter niet voldoende en externe inhuur is noodzakelijk. Daarnaast zal de boomveiligheidscontrole gaan van vijf naar drie jaar. Goed hulpmiddel is het, door alle BUCH-gemeenten, aangeschafte Handboek Bomen van Het Normeninstituut Bomen. Ook kan in bepaalde situaties en voor bepaalde werkzaamheden de hulp worden ingeroepen van vrijwilligers en studenten van het Clusiuscollege, mits mogelijk binnen de ARBO-regels. Het zal hierbij gaan om lichte snoeiwerkzaamheden zoals bijvoorbeeld het snoeien van knotwilgen. De vierde ambitie is het laten participeren van bewoners en belangengroeperingen bij het beheer van het bomenareaal. Structureel in de vorm van het groenplatform en situationeel door bewoners en belangengroeperingen te betrekken bij groot onderhoud en reconstructiewerkzaamheden.

De bij de BOR toegepaste methoden worden onder andere vormgegeven door inloopbijeenkomsten en enquêtes. Er is geen sprake van een vaststaand model met methoden die bij BOR worden toegepast. Bij programma Steenbreek worden de burgers actief betrokken bij de vergroening van hun tuinen en vindt elk jaar een wijksafari plaats. De uitvoering van dit beleid valt onder water en riolering.

12

De vijfde ambitie is het beschermen van de monumentale bomen en groenparels, conform het Groenbeleidsplan 2009. Oudere beeldbepalende bomen met grote cultuurhistorische, dendrologische en/of ecologische waarde worden op de lijst beschermwaardige bomen gezet. Deze lijst bestaat uit monumentale bomen uit het landelijke register, de bijzondere en beschermwaardige gemeentelijke bomen en de bijzondere en beschermwaardige particuliere bomen. In het klimaatakkoord is afgesproken dat gestreefd wordt naar vergroting van het bomenareaal met 1% meer bomen op Nederlands grondgebied. Wij ondersteunen dit streven en zetten hierop in. Dit betekent een toename van het boomareaal met 185 bomen per jaar.

2.2.2

Identiteit

Castricum is een groene gemeente. De diversiteit aan groen in de dorpen en het omliggende landschap vormt een waardevol geheel en draagt bij aan een goede leefkwaliteit van de gemeente. De gemeente kenmerkt zich door verspreid liggende kernen, omringd door een groot buitengebied, met in het westen het strand en het Noordhollands Duinreservaat, en in het oosten het Alkmaardermeer. Kenmerkend voor het gebied is de herkenbaarheid van het strandwallenlandschap met strandwallen, strandvlaktes, veenweidegebieden en geestgronden. De strandwallen en de binnenduinrand kenmerken zich door zandige gronden. Het gebied tussen Castricum en Akersloot kenmerkt zich door een variatie aan zandige gronden, zavel en zware klei.

De kernen hebben voor een deel hun eigen identiteit. • Akersloot: langgerekte geestnederzetting langs twee kenmerkende strandwallen en gelegen tussen polders en open water met fysieke kunstwerken voor de waterbeheersing zoals sluizen, molens en gemalen. • Bakkum: dorps, met een rijkdom aan duin, bos en recreatie. • Castricum: verstedelijkt, maar met een uitgestrekt duingebied en met historische sporen uit de middeleeuwen, omringd door resten van het Oer-IJ. • Limmen: dorp op de zuidpunt van een brede strandwal, met bloemen-en bollenkwekerijen en bedrijvigheid over water. • De Woude: restant van een middeleeuwse veenontginning, dat door zijn unieke positie als eiland zonder vaste oeververbinding zijn karakter heeft behouden.

Ambities • Het groene karakter binnen en tussen de dorpen dient behouden te blijven en binnen de mogelijkheden versterkt. • Door opvallende accenten door kleur en vorm op bijzondere en belangrijke locaties wordt de beeldkwaliteit van het groen en de openbare ruimte versterkt. • Het uitgangspunt is dat groen behouden dient te blijven en waar mogelijk te versterken. Indien groen moet verdwijnen dan wordt dit gelijkwaardig gecompenseerd. • Voor het onderhoud van het openbaar groen geldt niveau B van de kwaliteitscatalogus openbare ruimte (KOR). Dit kwaliteitsniveau moet gemeentebreed behaald worden, waarbij minimaal 95% jaarlijks op beeld moet zijn. • Duurzaam groenbeheer op basis van natuurlijke ontwikkeling en zonder ingrijpen met chemische middelen. Tevens uitvoering van het onderhoud met duurzaam materieel, zoveel mogelijk elektrisch en zonder uitstoot van C02. Binnen 3 jaar moet al het motorisch handgereedschap vervangen zijn door een elektrisch alternatief.

2.2.3

2

Gezondheid

Uit onderzoek blijkt dat groen, zoals parken, uitnodigt tot bewegen. Daarnaast zorgt groen voor een gezondere leefomgeving door opname van fijnstof, vermindering van hittestress door schaduwwerking en geluidsdemping. Uit onderzoek is gebleken dat bewoners zich beter voelen in een omgeving waarin zich veel groen bevindt. Ook voor kinderen is het van groot belang dat zij kunnen spelen in het groen. Groengebieden zijn van belang voor lokale verkoeling. Voor goed gebruik van deze gebieden dienen zij op loopafstand (200-330 m) van de bewoning te liggen. Ambities • Verdere uitbreiding van parken, recreatiegebieden en openbaar groen en uitbreiding gebruiksmogelijkheden. Per jaar streven naar 500 m2 extra openbaar groen. Deze ambitie komt boven het groen dat wordt aangelegd bij nieuwbouw en ruimtelijke ontwikkelingen. • Bij nieuwbouwplannen en ruimtelijke ontwikkelingen geldt een richtgetal van 75 m2 groen per woning, zoals aangegeven in de Nota Ruimte van het Rijk. Tevens dient één boom per vijf woningen geplant te worden die tot volle wasdom kan komen. • Het groen wordt natuurvriendelijk beheerd zonder gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Ook bestrijden van invasieve exoten wordt uitgevoerd op biologische of mechanische wijze. • Stimuleren van bewegen in het groen door aanleg van goede wandel- en natuurpaden. • Stimulering vergroening van schoolpleinen.

Waarbij jaarlijks één schoolplein vergroend gaat worden.

2.2.4

Biodiversiteit

De verscheidenheid aan planten- en diersoorten is biodiversiteit. Verschillende diersoorten hebben leefgebieden en deze worden ecosystemen genoemd. De leefgebieden van bepaalde soorten staan in Nederland onder druk zoals de achteruitgang van bijen- en vlindersoorten. Deze achteruitgang heeft ook consequenties voor bestuiving van gewassen en heeft om deze reden ook een gevolg voor de economie. Daarnaast hebben groengebieden een waarde uit zichzelf en kunnen de inwoners hiervan genieten. Op 7 maart 2019 heeft de gemeenteraad met het Initiatiefvoorstel Biodiversiteit in parken en bermen twaalf uitgangspunten vastgesteld als beleidskader 13

2

Visie & Ambities Bij nieuwe ontwikkelingen, zoals nieuwbouwprojecten, is aandacht gewenst voor de natuur. Nieuwbouw kan kansen bieden voor de natuur zoals natuurinclusief bouwen, ecologisch beheer van vijvers en waterlopen, pluktuinen en voorzieningen voor oeverzwaluwen en ijsvogels. Ook nestkastjes kunnen een belangrijk rol spelen bij de vergroting van nestgelegenheden voor vogels en vleermuizen. Monitoring dient plaats te vinden. Aangehaakt kan worden bij de tweejaarlijkse tevredenheidstoets. Ecologische toets kan elk jaar plaatsvinden aan de hand van doelsoorten zoals bijen en vlinders.

voor biodiversiteit in parken en bermen binnen de bebouwde kom. Deze worden onderstaand benoemd en uitgewerkt.

van 1,5 m breed naast waterlopen. Dit geeft schuilmogelijkheden en nestgelegenheid voor (water)vogels

Meer biodiversiteit in de bebouwde kom: In Castricum zijn er meer mogelijkheden dan in de andere kernen om meer biodiversiteit te ontwikkelen. Hierbij staat centraal vergroening van de openbare ruimte en extensivering van beheer zoals later maaien en de aanleg van bloemrijke gebieden. Momenteel zijn er twee gebieden in voorbereiding namelijk Walstro en Schelgeest. Hierbij worden, indien mogelijk, streekeigen soorten toegepast.

Voor het natuurtechnisch* maaien worden de richtlijnen van Kleurkeur van de vlinderstichting toegepast. Kleurkeur omschrijft kwaliteitseisen die een goede uitvoering van ecologisch bermbeheer waarborgen. De richtlijnen van kleurkeur worden een onderdeel van het uitbesteden van de maaiwerkzaamheden. Op dit moment is het niet haalbaar voor het extensief maaibeheer om Kleurkeur toe te passen. Er zijn te weining marktpartijen om dit beheer uit voeren op basis van deze keur en de kosten daarmee in de hand te houden.

De bestaande groenparels blijven behouden en worden door middel van linten, voor zover mogelijk, aan elkaar geregen. Binnen de gemeente wordt een nieuwe groenparel gerealiseerd bij de wijk Noord-End. Het college heeft circa 3,5 ha grond langs de Provinciale weg Limmen-Uitgeest verworven. Gelegen tussen het Hendriksveld en het oorlogsmonument. Hierbij wordt het gebied opnieuw ingericht, waarbij ruimte is voor groen en water. Een ontwerp zal tezamen met de financiële consequenties aan de raad ter kennis worden gebracht. Het gemeentelijk beheer wordt zodanig aangepast dat er meer ruimte voor natuur ontstaat. Dit betekent dat het regelmatig klepelen van de vegetatie en de resten te laten liggen niet meer wordt toegepast. Een uitzondering zijn bijvoorbeeld percelen waarbij de veiligheid in het geding is zoals zichthoeken en randen. In de overige percelen wordt later gemaaid en het vrijkomende maaisel afgevoerd. Dit leidt tot verdere verschraling van de bodem. Ook wordt zonering in het maaien aangebracht zoals het later maaien van randen

14

Schapenbegrazing wordt op sommige graspercelen toegepast en gehandhaafd. Naast ruigere natuur draagt begrazing van schapen bij aan de beleving van het landschap en heeft ook een cultuurhistorische betekenis. Schapenbegrazing draagt beperkt bij aan de biodiversiteit. Schapenbegrazing zorgt voor draagvlak voor extensief maaibeheer. De kernen bestaan uit Akersloot, Bakkum, Castricum, Limmen en de Woude. Elke kern heeft zijn karakteristieken en dit betekent dat oplossingen voor de verhoging van biodiversiteit ook verschillend kunnen zijn. Deze oplossingen worden per kern en samen met de bewoners uitgewerkt. * Extensief maaibeheer bestaat uit 1 of 2 keer per jaar maaien. Onder extensief maaien vallen verschillende werkwijzen van technisch maaien tot natuurtechnisch maaien. Technisch maaien is puur gericht op maaien van bermen en taluds. Natuurtechnisch maaien is gericht op ontwikkelen van de natuurwaarden en de biodiversiteit door gefaseerd maaien en maaisel tijdelijk laten liggen om zaden uit het maaisel te laten vallen. Het is niet mogelijk om natuurtechnisch maaien overal toe te passen uit kostenoogpunt en het ontbreken van ecologisiche potienties.

Ambities • Behouden van aanwezig groen en verder versterken van de waarde(n) ervan voor de biodiversiteit. Voor extensief en natuurtechnisch maaien werken volgens de richtlijnen van Kleurkeur van de Vlinderstichting. Deze maatregelen dragen bij aan een aantrekkelijke omgeving voor fauna, zoals vlinders en bijen. • Versterken van natuurbeleving. Binnen 3 jaar ontwikkelen van een natuurwandeling en/ of bomenroute. • 16 kilometer aan gazonranden langs waterlopen en bosplantsoen omvormen naar extensieve randen die gefaseerd gemaaid worden. Doel is om jaarlijks 20% van deze randen om te vormen met een maximum van 60% van het totale areaal, omdat er ook locaties zijn waar dit niet gewenst is. • Natuurvriendelijk inrichten van nieuwe gebieden (groenparels), waarbij uitgegaan wordt van minimaal twee groenparels per jaar. • Jaarlijks 50 nestkastjes ophangen of uitgeven aan inwoners. • Voorzover mogelijk het toepassen, waar mogelijk, van streekeigen beplanting bij renovaties en nieuwe ontwikkelingen. • Aanbrengen van meer variatie in het groen (soorten, vorm, seizoen en beleving). • Groen dat moet verdwijnen wordt op gelijkwaardige wijze gecompenseerd. • Behouden van de (beheer-)kwaliteit van het groen en handhaven en uitbreiden van het natuurvriendelijk beheren van het groen.

• Voor de biodiversiteit zetten we in op het vergroten van het groenbewustzijn en het stimuleren van bewonersinitiatieven.

2.2.5

Klimaatbestendigheid

Het klimaat verandert en het wordt natter, heter en er zijn langere droge periodes. Stortbuien en langdurige neerslag veroorzaken wateroverlast. Hitte veroorzaakt uitzettingsproblemen bij spoorwegen en andere infrastructuur. Ook raakt

2

hitte de gezondheid van kwetsbare mensen zoals ouderen, longpatiënten en jonge kinderen. Het is van belang dat de kernen in Castricum zich aanpassen aan het veranderende klimaat. Om de effecten van klimaatverandering zoals hevige regen, langdurige droogte en meer warme/ tropische dagen op te vangen zijn maatregelen noodzakelijk om de nadelige effecten te verminderen. Klimaatbestendigheid betekent dat overlast wordt beperkt of verminderd. Groen kan in belangrijke mate bijdragen aan de vermindering van de opwarming en bufferen van een overschot aan regenwater. Vanuit de Hogeschool Amsterdam is onderzoek gedaan naar de “Hittebestendige Stad”. Op basis van het onderzoek is een Coolkit (bijlage III) gemaakt die zich richt op de mogelijke maatregelen in de buitenruimte. De CoolKit is speciaal ontwikkeld voor ontwerpers van de ruimtelijke omgeving. De CoolKit is bedoeld om de belangrijkste handvatten voor het ontwerp van een hittebestendige stad aan te reiken en te visualiseren, zodat ze één op één kunnen worden toegepast in de dagelijkse praktijk. Er is op basis van de klimaatatlas van Hoogheemraadschap Hollands Noorder Kwartier (HHNK) gekeken naar de effecten van hittestress en wateroverlast in de gemeente Castricum. Op basis van dit onderzoek is een hitte- en wateroverlastkaart bepaald.

Duidelijk is dat in gebieden met veel groen de temperatuur lager is dan in gebieden met weinig groen. Ook hebben de gebieden met meer groen dan verharding minder problemen met wateroverlast. Het is dus van belang om voldoende groengebieden aan te leggen die tevens een functie hebben als koeltegebieden. Uit onderzoek is gebleken dat deze niet verder dan 200-300 meter afstand van de woningen moeten liggen om goed gebruikt te kunnen worden.

Ambities • Bij renovaties en nieuwe ontwikkelingen gebruik van de Coolkit voor bepalen ontwerpoplossingen om hittestress te voorkomen. • Bufferen, vertragen en infiltreren regenwater. Bij nieuwe projecten klimaatadaptie onderdeel maken van het ontwerp. • Toepassen klimaatbestendig groen en verlagen van plantvakken, zodat afwatering naar de plantvakken mogelijk is. Tevens kijken naar mogelijkheden voor vervangen van stenen door meer groen aan te leggen. • Inrichtingsmaatregelen, zoals koeltegebieden, moeten bijdragen aan vergroten van de biodiversiteit en verwijderen van barrières voor fauna.

15

3

Groenstructuur

3 3.1 Hoofdgroenstructuur

Parken en recreatiegebieden De hoofdgroenstructuur vormt een verbinding tussen het groen in de kernen en het buitengebied en werkt als een ecologische zone. Zij bestaat onder meer uit doorgaande groenstructuren, parken en recreatiegebieden. Soms bestaan ze uit een combinatie van water en groen. De gebruiksmogelijkheden voor parken en recreatiegebieden worden verbreed. Zij dienen bij te dragen aan biodiversiteit, uit te nodigen tot meer bewegen en spelen maar zij dienen er ook mooi uit te zien door het aanbrengen van gevarieerde en duurzame beplanting. Dit betekent dat sommige delen, zoals speelvelden, intensief worden beheerd en andere delen extensief worden beheerd zodat dier- en plantensoorten zich op deze locaties kunnen ontwikkelen. Het beeld wordt sterk verbeterd door het aanbrengen van klimaatadaptieve beplanting met specifieke kenmerken zoals mooie bloemen, aantrekkelijke boomvormen en bomen en groen te planten die een groot deel van het jaar bloeien. Ook kunnen heesters en bomen tot een meer aantrekkelijk gebied leiden en vormen zij een voedselbron en schuilgelegenheid voor vogels, amfibieën en kleine zoogdieren. Het streven is om delen van de hoofdgroenstructuur met elkaar te verbinden door barrières op te heffen en het groen aaneen te sluiten. Barrières zijn knelpunten zoals ontbrekende groenstructuren en fysieke barrières als bijvoorbeeld drukke wegen.

worden. Voor gras betekent dit meer extensief beheer willen zij waarde hebben als corridor voor bijen en vlinders. Ook behoud en ontwikkeling van bomen en bosplantsoen staat voorop. Bij bos en bosplantsoen betekent dit de ontwikkeling van mantel- en zoomvegetatie.

3.3 Bomenstructuur

Bomen zijn belangrijk. Zij vormen in belangrijke mate de structuur van de omgeving. Zij spelen een rol bij de begeleiding van het verkeer en hebben een belangrijk functie voor de natuur. Zij bieden nestgelegenheid aan vogels en vormen voor deze soorten ook een belangrijke voedselbron. Ook bieden zij een structuur voor de vliegroutes van vleermuizen. De gemeente Castricum streeft naar de instandhouding en ontwikkeling van een robuuste en duurzame bomenstructuur. Indien laan- en straatbomen verdwijnen door ziekte, storm of bouwplannen dan worden deze gecompenseerd. De basis voor het beleid is dat gezonde bomen niet worden gekapt. De ongehinderde kap van bomen bij bouwprojecten wordt voorkomen. Soortkeuze van de bomen wordt bepaald door de locatie en de grondsoort. Inheemse soorten worden bij voorkeur gebruikt in de hoofdstructuur en in natuurzones. Wel zal bij aanplant van soorten rekening worden gehouden met kwetsbaarheid voor ziekten en droogte. In het buurtgroen worden soorten toegepast met een hoge belevingswaarde. Door de klimaatverandering is het van belang soorten te gebruiken die klimaatbestendig zijn en

3.2 Natuurstructuur

De natuurstructuur bestaat uit natuurlijke gebieden met hun onderlinge verbindingen. Groenparels worden specifiek voor de natuur aangelegd. Daarnaast kunnen zij een beperkte recreatieve functie hebben. De verbindingen kunnen bestaan uit groenstroken met extensief gemaaid gras, bosplantsoen en bomen. Zij vormen de corridors waardoor fauna zich kan bewegen tussen de groengebieden en ook vanuit het buitengebied naar de kernen toe en omgekeerd. Dit betekent dat deze corridors behouden en ontwikkeld moeten 17

Groenstructuurkaart

3

3 weerstand tegen ziekten hebben. Bijzondere en monumentale bomen worden beschermd door deze te plaatsen op een Bijzondere en Monumentale Bomenlijst en kaart. Deze geldt zowel voor gemeentebomen als particuliere bomen en voor deze bomen is een kapvergunning nodig. In 2014 is deze lijst vastgesteld. Op dit moment vindt een aanvulling van deze lijst plaats.

3.4 Buurtgroen

Het groen in de buurten is van groot belang voor de identiteit van een wijk of straat. Voor inwoners is dit groen van groot belang en zorgt voor beleving en woongenot. Dit betekent dat wij streven naar gevarieerd groen met een hoge belevingswaarde. Deze beleving wordt gevormd door bloeiende bomen en struiken die in elk jaargetijde iets te bieden hebben. Ook bladkleur, bessen en vorm van bomen dragen bij tot een hogere belevingswaarde van het groen. Bij nieuwe aanplant worden de bewoners betrokken bij de soortkeuze. Nagestreefd wordt een duurzame beplanting waarbij gezorgd moet worden voor een goede inrichting en de juiste boom of plant op de juiste plaats. De gemeente ondersteunt initiatieven vanuit de buurt, zoals minder verstening van tuinen en de aanleg van pluk- en moestuinen. Bij dit laatste vraagt de continuïteit van het onderhoud door vrijwilligers onze aandacht. De aanleg van moesen pluktuinen sluit aan op de doelstelling in het Klimaatakkoord dat zich richt op vermindering van de CO2-voetafdruk door meer consumptie van groente en fruit en meer eiwitten op plantaardige basis.

3.5 Snippergroen

Regelmatig krijgt de gemeente vragen van burgers om gemeentelijk groen over te nemen. Het gaat hierbij voornamelijk om snippergroen dat in verband met grootte en ligging niet goed kan worden beheerd is door de gemeente. Een groot maatschappelijk belang kan echter ook leiden tot verkoop van groen. Het uitgangspunt is ‘verkoop’ en geen huur of beheer. Indien een verzoek wordt ingediend dat afwijkt van genoemd uitgangpunt dan wordt dit altijd inhoudelijk afgewogen met beheer en beleid.

18

19

3

Groenstructuur

• • •

3

(niet noodzakelijkerwijs op cultuurhistorische waardenkaart staand). Grasland of laag groen dat doorzicht biedt op het open polderlandschap. Openbaar groen met de bestemming bos, natuur of landgoed. Bosplantsoen, bosschages en structuurgroen.

Groot maatschappelijk belang Van bovenstaande criteria wordt alleen afgeweken indien een groot maatschappelijk belang uitgifte van de grond noodzakelijk maakt. Om de beoordeling objectief te laten verlopen worden de volgende criteria gehanteerd. Groen wordt niet verkocht wanneer: a. Het onderdeel uitmaakt van de groenstructuur zoals aangegeven in de kaart op bladzijde 19 van dit groenbeleidsplan); b. Herinrichtingen te verwachten zijn; c. Kabels en leidingen aanwezig zijn; d. Uitgifte leidt tot niet beheerbare of versnippering van groenstroken; e. De naastgelegen grond geen eigendom is van de aanvrager; f. De kwaliteit van het groen in de gemeente wordt aangetast en het groen een functionele of visuele waarde heeft zoals onderstaand benoemd: • Infrastructureel groen zoals zichthoeken en begeleiding langs wegen, fiets- en voetpaden. • Het groen een relevante voor water infiltrerende en/of bergende functie heeft. • Parken, plantsoenen, speelterreinen en parkeerplaatsen. Het groen heeft hier een beschermende en aankledende functie. Vaak is het een buffer- of uitloopzone. • Ecologische verbindingszones (inclusief stepping stones). Dit is groen dat door planten en dieren gebruikt wordt om van het ene geschikte leefgebied in het andere te komen. Het kan gaan om lijn- en puntelementen (stapstenen). Het gaat ook om groen dat flora en fauna vanuit het

20

buitengebied tot in de bebouwde kom kan laten doordringen. • Openbaar groen dat grenst aan waterlopen/partijen. Langs waterlopen/ partijen is het zaak het beheer en onderhoud van groen zelf in de hand te houden om een aantrekkelijk beeld te behouden en eventueel toekomstige omvorming tot natuurvriendelijke oevers of ecologische verbindingszone mogelijk te laten zijn. Waterlopen kunnen ook een recreatieve functie hebben zoals vissen. • Openbaar groen dat belangrijk leefgebied is voor planten- of diersoorten. • Groene bermen. Hieronder wordt verstaan grasbermen langs wegen, met of zonder boombeplanting • Openbaar groen waarin gemeentelijke bomen staan. • Overig openbaar groen langs openbare wegen en paden, dat beeldbepalend is voor deze wegen en paden. • Beeldbepalend groen in wijken: het gaat hier om groen dat voor een rustig, groen en eenvormig straatbeeld zorgt. Openbaar groen waarin bijzondere • landschapselementen zijn gelegen. • Onder landschapselementen worden verstaan: groene elementen met een belangrijke beeld- en sfeerbepalende uitstraling en/of van cultuurhistorische waarde

Een passief uitgiftebeleid Het groen in Castricum draagt bij aan de leefbaarheid en sfeer van de woonomgeving. De gemeente vindt het dan ook belangrijk de huidige hoeveelheid groen in stand te houden. Daarom wordt bij de uitgifte van snippergroen een passief uitgiftebeleid gehanteerd. Dit betekent dat burgers zelf initiatief moeten nemen wanneer ze grond van de gemeente willen kopen. Voorwaarden na verkoop van gemeentelijke gronden Indien tot de verkoop van gemeentelijke gronden wordt overgegaan schrijft de gemeente Castricum de toekomstige koper enkele randvoorwaarden voor middels een kettingbeding. Zo dient een door de toekomstig grondeigenaar te plaatsen schutting te bestaan uit levend materiaal. Andere vormen zijn mogelijk op basis van het gemeentelijke bestemmingsplan (afwijkingsmogelijkheden) en in overleg met de gemeente. Met het voorschrijven van randvoorwaarden wordt de aantasting van het straatbeeld voorkomen. Verkoop van gronden De verkoopwaarde van gemeentelijke gronden is gelijk aan de waarde van bouwgrond. Deze verkoopwaarde wordt jaarlijks door de gemeente Castricum vastgesteld. Externe kosten bij de verkoop zoals notariskosten en kosten voor vastlegging bij het kadaster zijn voor rekening van de koper.

21

Natuurstructuurkaart

3

3

22

23

Bomenstructuurkaart

3

3

24

25

4

Welk kwaliteitsniveau hebben we ?

4 4.1 Bomen

Er wordt gestreefd naar een kwaliteitsgericht bomenbeheer om bomen tot volle wasdom te laten ontwikkelen. Duurzame bomen zijn bomen die gemiddeld ouder dan 100 jaar worden. Ziektegevoelige bomen vallen niet onder het begrip duurzaam. Een stedelijke omgeving is voor bomen verre van ideaal door haar slechte groeiomstandigheden en ruimtelijke inpassing. Verstening en onvoldoende groeiplaatsinrichting eisen hun tol. Dit betekent dat bomen vaak niet tot volwassenheid kunnen komen. Ook worden in het buurtgroen boomsoorten toegepast die mooi bloeien maar een beperkte levensduur hebben zoals prunussoorten. Vanuit het bomenbeleidsplan zijn een aantal aandachtspunten geborgd, te weten: 1. Er is nu een goed beleidskader zoals het onderliggende plan en het Bomenbeleidsplan waardoor de inbreng vanuit de vakdiscipline voldoende is gewaarborgd. 2. Er wordt nu gewerkt volgens het Handboek Bomen. Hierin staan duidelijke afspraken en randvoorwaarden voor werkzaamheden in de buurt van bomen en eisen ten aanzien van ontwerp en inrichting. 3. Draagvlak voor boombeleid en beheer is vergroot door het betrekken van het Groenplatform en de bewoners bij nieuwe initiatieven. 4. Er zijn nu duidelijke regels opgenomen in dit beleidsplan voor het kappen van bomen vanwege overlast en toepassing van zonnepanelen. 5.

Interne en externe communicatie is in dit groenbeleidsplan en het bomenbeleidsplan een speerpunt. Op basis van dit plan en de toepassing van het Handboek Bomen van het Norminstituut en daaruit vloeiende richtlijnen wordt gestreefd naar een beleid dat voldoende kaders en garanties biedt voor een duurzaam bomenbeleid. Dit betekent een goede inrichting van de plantlocatie en de juiste boom op de juiste plaats. Ook dient het groen bij ruimtelijke afwegingen de plaats te krijgen die

het toekomt. Dit betekent dat bij nieuwbouw en herinrichting het groen al in een vroeg stadium bij de planvorming betrokken moet worden. Bij herinrichting en nieuwbouw wordt gekeken naar de kwaliteit van het aanwezige groen. Streven is om waardevol groen te behouden en nieuw groen toe te voegen. Wij streven naar duidelijke kaders die handvatten bieden voor de medewerkers van de gemeente maar ook op heldere wijze met de bewoners worden gecommuniceerd. Op bedrijventerreinen wordt de aanleg van groen gestimuleerd. Het groen geeft aan een bedrijventerrein een belangrijke uitstraling en vertegenwoordigt op deze wijze ook een economisch belang. Daarnaast voorkomt het hittestress en kan het groen een functie hebben als verbindingszone. Bij herontwikkeling of het aanleggen van nieuwe terreinen liggen hier kansen voor vergroening.

4.2 Openbaar overig groen

Het openbaar groen heeft op dit moment Kwaliteitsniveau B volgens de kwaliteitscatalogus openbare ruimte (KOR). Dit niveau willen we blijven handhaven. Wel kan de kwaliteit van het groen verbeterd worden door het gebruik van beplanting die goed tegen droogte kan en het aanbrengen van bodembedekkers en vaste planten. Daarnaast is het gebruik van bosplantsoen (vogelbosjes) van belang voor vogels en wordt deze beplanting behouden. In centrumgebieden wordt ingezet op groen met hoge kwaliteit en met een mooie uitstraling. Dit kan door het gebruik van sierheesters en vaste planten. In de gemeente wordt door een extern bedrijf elk jaar gemonitord of de gewenste beeldkwaliteit (ambitie) gehaald is. In de tabel hieronder zijn de meetresultaten getoetst aan de ambitie. Dit betreft het jaar 2019.

27

4

Welk kwaliteitsniveau hebben we?

De kleuren betekenen het volgende: • Groen: de meting ligt hoger dan de ambitie • Blauw: de meting voldoet aan de ambitie • Rood: de meting ligt onder de ambitie Als we de tabel in zijn geheel bekijken bestaat het grootste gedeelte uit scores die op het ambitieniveau liggen. We kunnen hieruit afleiden dat de kwaliteit van de buitenruimte in Castricum uniform is en over het algemeen op een B-niveau ligt. Het behoud van deze beeldkwaliteiten staat voorop. Aan de onderkant valt de score D voor het onderhoud van de bomen op ‘de Wouden’ en de beplanting in Limmen. Hier dient onze aandacht op te worden gericht.

28

Groen-Boom Groen-Algemeen Groen-Beplan�ng Groen-Gras en Kruidach�gen Kunstwerken Meubilair Riolering Verharding

Akersloot Ambi�e Me�ng B C B A+ B B B B B B B B B C B B

4

Het grootste deel van het groenonderhoud wordt uitgevoerd door de eigen groendienst. In principe worden alleen het extensieve-, het natuurtechnische maaibeheer en specialistische (onderhouds)werkzaamheden uitbesteed aan derden. De eigen dienst werkt niet op basis van beeldbestekken en het gewenste beeldniveau is ondersteunend bij het bepalen van het onderhoud.

Bakkum Ambi�e Me�ng B B B A+ B C B B B D B C B D B B

Castricum-Noord Ambi�e Me�ng B A B A+ B B B C B D B B B C B B

Castricum-Oost Ambi�e Me�ng B B B A+ B B B B B D B B B B B B

Castricum-Zuid Ambi�e Me�ng B B B A+ B B B B B C B B B B B B

Centrum Ambi�e Me�ng B B B A+ B B B B B C B B B B B B

De Woude Ambi�e Me�ng B D B A+ B B B B B A B D B A B A

Limmen Ambi�e Me�ng B C B A+ B D B B B B B D B C B B

Uitgeest Ambi�e Me�ng B A B A+ B B B B B C B B B B B B

29

5

Hoe willen we dit bereiken?

5 5.1 Wat is de taak van de gemeente?

De gemeente heeft een belangrijke taak om het groene karakter van de gemeente in stand te houden. Zij heeft hiertoe drie middelen in handen namelijk wettelijke kader, beleidsuitgangspunten en uitvoeringsmaatregelen zoals beheer, onderhoud, inrichting en participatie

5.2

5.2.1

Wettelijk kader

Wet natuurbescherming

De Wet natuurbescherming is de Nederlandse wet voor de bescherming van natuurgebieden (Natura 2000), soorten (flora en fauna) en bossen. Bij beheer en ruimtelijke ingrepen in het openbaar groen moet rekening gehouden worden met de Wet natuurbescherming. Er mag geen schade of hinder optreden voor natuurgebieden en plant- en diersoorten. Voor ruimtelijke inrichting en beheer worden de werkzaamheden getoetst aan de Wet natuurbescherming. Voor het dagelijks onderhoud en ruimtelijke ontwikkelingen wordt gewerkt met de goedgekeurde gedragscode ‘soortbescherming voor gemeenten’ van Stadswerk (bijlage 2). Naast het werken volgens de gedragscode is bewustwording bij de eigen buitendienst van belang. Voor deze bewustwording en het gedragscodeproof werken in de openbare ruimte is de juiste kennis noodzakelijk. Voor de gemeente wordt uitgegaan van het opleiden van de opzichters en uitvoerende medewerkers. Uitvoerende medewerkers worden opgeleid voor “Wet natuurbescherming niveau 1 Bestendig Beheer”. Opzichters worden opgeleid voor niveau 2. Niveau 1: Tijdens het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden, is het noodzakelijk om alle risico’s te kennen van de handelingen voor (beschermde) flora en fauna. Het is noodzakelijk te weten wanneer er in een risicovolle situatie gewerkt wordt en hoe schade aan flora en fauna voorkomen en beperkt wordt.

Niveau 2: Voor niveau 2 Bestendig Beheer leert de opzichter of uitvoerder elke onderhoudsmaatregel te managen conform de regels van de Wet Natuurbescherming. Dit wordt aantoonbaar zorgvuldig handelen genoemd.

5.2.2

Zorgplicht bomen

Volgens het Burgerlijk Wetboek hebben gemeenten een zorgplicht voor hun bomenbestand. In het dagelijks onderhoud betekent dit onderhoud afgestemd per boom en een regelmatige controle van alle bomen. Bij verhoogde zorgplicht wordt extra aandacht gegeven aan bomen in verband met eerder geconstateerde gebreken. Boomveiligheidscontrole De straat- en laanbomen van de gemeente Castricum worden één keer per drie jaar gekeurd op veiligheid, de zogenaamde boomveiligheidscontrole conform Handboek Bomen 2018. Hierbij wordt op basis van de keuring beslist welke maatregel noodzakelijk is. Bomen aangemerkt als attentiebomen worden jaarlijks gecontroleerd. Deze keuringen gebeuren door een externe boomveiligheidscontroleur.

5.3

Beleidsuitgangspunten

De gemeente heeft een zorgplicht met betrekking tot het behoud en verbetering van het stadsen straatbeeld door middel van hoogwaardig openbaar groen. De aanwezigheid van bomen en ander groen geeft een beeldbepalend karakter aan de dorpskernen. Bomen hebben een belangrijke functie voor het milieu. Het gaat hierbij om regulering van de temperatuur, vermindering van fijnstof en bron van insectenleven. Insecten zijn van belang als voedselbron voor vogels en voor het tegengaan van ziekten en plagen. Door uitvoering te geven aan het bomenbeleid zorgt de gemeente voor een goede kwaliteit en kwantiteit van de bomen en daarmee een groene aanblik van de leefomgeving. Dit zijn belangrijke speerpunten in het beleid. Om dit te bereiken investeert de gemeente in nieuw en bestaand groen, onder andere door bomen te planten en te onderhouden. 31

5

Hoe willen we dit bereiken? straat/ wijk. De externe boomveiligheidscontroleur verricht het onderzoek en stelt een rapport op met eindoordeel. Het eindoordeel wordt als advies voorgelegd aan het college van B&W of gemandateerd beheerder, op basis waarvan een besluit wordt genomen.

5.3.1

Beleidsuitgangspunten bomen (bron bomenbeleidsplan 2015 2024)

1. Het in stand houden van het huidige boomareaal met 18.500 bomen als absolute ondergrens en daar waar mogelijk het areaal te vergroten en te versterken; 2. Er wordt onderscheid gemaakt in hoofd-, wijk, buurtontsluiting-, buitenwegenstructuur en woongroen; 3. Bij nieuwbouwplannen en herinrichtingen uitgaan van de ambitie: “Kiezen voor bomen is kiezen voor beheerbare bomen die de mogelijkheid krijgen om oud te worden”; 4. In principe worden geen gezonde bomen verwijderd, ook niet vanwege overlast. Voor beeldbepalende bomen of een bomenrij geldt dat deze bomen slechts in bijzondere gevallen gekapt, rigoureus gesnoeid dan wel op andere wijze aangetast mogen worden, bijzondere redenen daargelaten. Het uitgangspunt is dat snoeien plaatsvindt conform het Handboek Bomen. Dit betekent bijvoorbeeld ook dat bomen niet worden getopt bij vrij uitgroeiende bomen. De vorm van de bomen wordt bepaald door autonome groei die niet wordt belemmerd door intensieve snoei zoals toppen. Er kunnen zich echter bijzondere redenen voordoen waarbij van deze stelregel wordt afgeweken. Hierbij dient gedacht te worden aan situaties, die een gevaar kunnen vormen voor de omgeving of die schade aan onroerend goed kunnen veroorzaken. Gezien bovenstaande wordt pas overgegaan tot het verwijderen van bomen na zorgvuldige afweging en in bepaalde situaties. Voor de

32

Uit het voorgaande vloeit voort dat de gemeente géén bomen kapt of (intensief ) snoeit vanwege bladverlies van de boom en mogelijk bijbehorende gootverstopping, wortelgroei, belemmering zonlicht en de seizoensmatige aanwezigheid van vogels, rupsen, luizen en andere insecten. Een verzoek hierop gericht zal niet gehonoreerd worden. verwijderde bomen worden nieuwe exemplaren geplant in de buurt of elders in de gemeente.

Tot het verwijderen van bomen wordt overgegaan in de volgende situaties: • In acute situaties als de veiligheid in gedrang is, bijvoorbeeld bij stormschade; • Uit de BVC-inspectie is gebleken dat de boom onstabiel is geworden en dientengevolge moet worden verwijderd omdat de veiligheid in gedrang komt; • Het dunnen van bomen om andere bomen meer leefruimte te geven om het eindbeeld (streefbeeld) te bereiken, gebaseerd op het beheerplan en uitvoeringsplannen. Dit kan betekenen dat ruimtegebrek ons dwingt om ook aan de randen van van de kom te herplanten zodat het minimale aantal ten alle tijde gehandhaafd kan worden; • Het verwijderen van dode bomen (inboet) en nieuwe aanplant; • Indien de boom gevaar oplevert en ernstige overlast veroorzaakt en andere middelen niet helpen.

Geen kap gezonde bomen Uitgangspunt is dat er in principe geen gezonde bomen worden verwijderd. Ook niet vanwege overlast. Een boom kan pas worden verwijderd op basis van een gedegen onderzoek naar soort en mate van overlast, de mogelijkheden om de overlast te verminderen, de plaats en de status van de boom en de stedenbouwkundige opzet van de

Karakteristieke houtwallen Op sommige plaatsen komen in de gemeente karakteristieke houtwallen voor. Wij zetten in op het behoud van deze wallen. Deze bevinden zich grotendeels in het buitengebied maar komen ook voor in of langs de kernen. Het betreft met name elzen- en iepen wallen. Voor de instandhouding van deze wallen is het noodzakelijk om ze eens in de vijf jaar af te zetten. De stobben zullen dan opnieuw uitlopen. Deze houtwallen leggen ook CO2 vast en leveren op deze wijze een bijdrage aan het klimaatakkoord.

5

om gezonde bomen te verwijderen vanwege bijvoorbeeld de aanleg van riolering. Het zal altijd een integrale afweging moeten zijn. Waarbij uitgangspunt 4 een belangrijke randvoorwaarde is. Basis voor werken met en rondom bomen is het Handboek Bomen van het norminstituut bomen. De gemeente Castricum heeft een licentie voor het Handboek en het Handboek is een onderdeel van het beleid. Het Handboek Bomen 2018 van het Norminstituut Bomen is leidend bij de inrichting, het beheer van bomen en werken rondom en nabij bomen (Leidraad inrichting openbare ruimte). Ook geeft het handvatten voor de inkoop van bomen en inzicht in de kwaliteit van substraten die worden gebruikt bij de inrichting van de groeiplaats van bomen. Het Handboek is een kennisbron voor het beleid- en boombeheer. Bij inrichting moeten de voorwaarden zoals deze in het Handboek genoemd worden technisch haalbaar zijn. Voorbeelden zijn onvoldoende ruimte zoals smalle straten en trottoirs, nabijgelegen bomen en ondergrondse leidingen. De randvoorwaarden en uitgangspunten voor werken met bomen moet worden gedragen door de organisatie. Vier bomenposters zijn ontwikkeld om voorgaande te verduidelijken. Zie bijlage 1.

Zonnepanelen Het plaatsen van zonnepanelen valt ook niet onder bovengenoemde redenen. De gemeente stimuleert verduurzaming waaronder het aanbrengen van zonnepanelen op daken. Bomen hebben echter, zoals boven beschreven, een belangrijk rol voor de leefomgeving en het milieu. In afweging stelt de gemeente vast dat het kappen en snoeien van bomen geen oplossing is om een betere duurzaamheid te bereiken. Een verzoek tot kappen of snoeien van bomen ten behoeve van zonnepanelen zal om deze reden geweigerd worden.

Verbindingszones Uitgangspunt is dat verbindingszones in stand worden gehouden en, indien mogelijk, worden hersteld. Bij nieuwbouw betekent dit dat bestaande karakteristieke houtwallen en of bomenrijen in het ontwerp worden meegenomen. Dit betekent natuurinclusief bouwen. Ook kunnen in situaties waarbij de weg of openbare ruimte te smal is om bomen of hagen te planten deze op particuliere gronden worden aangebracht. Op sommige locaties in Limmen vindt dit al plaats. Door opname van een kettingbeding bij verkoop dient dit groen te worden gehandhaafd.

Herinrichting Bij herinrichting van straten en buurten, en/of bij vervanging riolering, wordt rekening gehouden met de afzonderlijke belangen van de elementen in de openbare ruimte. Soms is het noodzakelijk

5.3.2 Ontwikkeling natuurwaardenkaart

De gemeente Castricum draagt op tal van momenten zorg voor de natuur op haar grondgebied. De Wet Natuurbescherming stelt allerlei eisen waaraan moet worden voldaan bij 33

5

Hoe willen we dit bereiken? eenvoudige maatregelen, zoals beplanten van boomspiegels, een belangrijk effect hebben op de biodiversiteit.

Waar richt de gemeente zich op?

De gemeente richt zich op het vergroten van de biodiversiteit door beheer- en inrichtingsmaatregelen toe te passen. Soms is inrichting noodzakelijk om te komen tot een beheer dat ontwikkelingsmogelijkheden schept voor flora en fauna. Ook moeten barrières worden opgelost zodat fauna zich kan verplaatsen.

beheer en bij ruimtelijke ontwikkelingen. Het is van belang dat er een onderlegger met de relevante gegevens beschikbaar is. Een gelaagde natuurwaardenkaart is een krachtig instrument om gegevens beschikbaar te hebben op het moment dat dit nodig is.

• Wegwerken van het achterstallig onderhoud. • Het vervangen van bomen die op basis van BVC in aanmerking komen voor vervanging op basis einde levensduurverwachting. • Overgang naar duurzaam en kwaliteit gestuurd beheer

Een natuurwaardenkaart is in de basis de natuurstructuurkaart met een overzicht van de belangrijkste natuurwaarden. De kaart is continu in ontwikkeling en alle gegevens van natuuronderzoeken worden in de kaart verwerkt. Ook het monitoren op doelsoorten wordt opgenomen in de natuurwaardenkaart en zo is inzichtelijk hoe de natuurontwikkeling verloopt. Het streven is een natuurwaardenkaart te ontwikkelen die te raadplegen is voor beheer en nieuwe ontwikkelingen.

Openbaar groen De Kwaliteitscatalogus Openbare Ruimte 2018 (KOR) geeft de beeldkwaliteit van het groen aan en beschrijft onderhoudsniveaus voor objecten in de openbare ruimte 2018 (KOR). Per object gelden één of meer kwaliteitscriteria. Voor elk kwaliteitscriterium is een beeldmeetlaat samengesteld waar met foto’s, beschrijvingen en eisen het onderhoudsniveau meetbaar is gemaakt. De gemeente hanteert kwaliteitsniveau B voor het openbaar groen. Voor een aantal voorbeelden van beeldmeetlatten zie bijlage 2.

5.4 Uitvoeringsmaatregelen: beheer en onderhoud aansluiten op ambities

De gemeente voert beheer en onderhoud uit op bomen en overig groen. Om de genoemde ambities uit te voeren worden een aantal maatregelen en actiepunten voorgesteld.

5.4.1

Beheer en onderhoud

Bomen De speerpunten zoals deze zijn neergelegd in het Bomenbeleidsplan 2015-2024 zijn de volgende: 34

5.4.2

Inrichting openbare ruimte

Bij de inrichting van de openbare ruimte worden de projectplannen getoetst aan de beschreven ambities. Deze inrichting moet integraal plaatsvinden en gedragen worden door de gehele organisatie. Op weg naar een natuurvriendelijke gemeente De gemeente stelt zich als doel de biodiversiteit te bevorderen. Dit betekent dat verschillende inrichtingsmogelijkheden bestaan om bovenstaande te bereiken. Soms kunnen

Boomspiegels Een eenvoudige wijze om de biodiversiteit te verhogen is om boomspiegels te beplanten. Ook wordt hierdoor de infiltratie van regenwater versterkt. Voorkeur verdient om beplanting te gebruiken dat tegen droogte kan en aantrekkelijk is voor bijen, vlinders en andere insecten. Bij oudere bomen is dit niet altijd mogelijk omdat de kans groot is dat de beplanting verdroogt. Groenparels Groenparels zijn gebieden die opnieuw ontwikkeld worden en door hun inrichting bijdragen aan de biodiversiteit. Eén groenparel is samen met de bewoners gerealiseerd namelijk De Mient. Dit is een bloemrijke zone nabij het station. Daarnaast zijn twee natuurinclusieve ontwerpen gemaakt voor Castricum namelijk Walstro en Schelgeest. Ook draagt de ontwikkeling van de eendenkooi in Castricum bij aan de biodiversiteit. Het heeft de voorkeur om deze groenparels zoveel mogelijk met elkaar te verbinden door groenstroken en bijenlinten. Bijenlinten Bijenlinten zijn van groot belang voor bijen en vlinders. Deze kunnen op verschillende wijze worden gerealiseerd namelijk in bermen maar ook langs struwelen en langs waterlopen. Zij dragen in belangrijke mate bij aan een vergroting van de biodiversiteit voor bijen en vlinders. Andere soorten kunnen hierbij meeliften. De bijenlinten worden ingezaaid met een bloemrijk mengsel of er kunnen langbloeiende bollen worden geplant.

Ook is een combinatie van beide mogelijk. Bij

5

het inzaaien wordt rekening gehouden met streekeigen plantensoorten en groen dat bijdraagt aan een aantrekkelijke omgeving voor fauna zoals vergroting van de leefomgeving voor bijen en vlinders. Zij kunnen tevens dienen als verbindingen tussen groenparels. Wadi’s Een wadi is een droge greppel waar regenwater in opgevangen wordt, zodat het kan infiltreren in de bodem en draagt op deze wijze bij aan klimaatadaptie. Het aanleggen van wadi’s is niet alleen belangrijk uit het oogpunt van waterhuishouding. Wadi’s zijn ook van belang voor fauna en flora en kunnen ook functioneren als verbinding. Bosplantsoen Bosplantsoen kenmerkt zich door houtige beplanting dat éénmaal in de vijf jaar wordt afgezet en daarna weer uitloopt. Deze beplanting is van groot belang voor allerlei vogelsoorten en behoud en ontwikkeling van bosplantsoen is om deze reden van groot belang. Nestkastjes Het ophangen van nestkastjes geeft broedgelegenheid voor mussen, kool- en pimpelmezen, maar ook vleermuizen kunnen hiermee worden geholpen. Indien de stand van deze soorten toeneemt kunnen zij ook helpen bij het preventief bestrijden van plagen zoals de eikenprocessierups. Deze dienen namelijk als voedsel. De gemeente wil elk jaar een aantal vogelkastjes ter beschikking stellen aan de inwoners van Castricum die deze in hun tuinen kunnen ophangen.

Daarnaast kan de gemeente kastjes ophangen in de bomen van de hoofstructuur, vooral in de omgeving van eiken. Uitgangspunt is dat het onderhoud van de kastjes waar mogelijk door vrijwilligers wordt uitgevoerd.

5.5 Op weg naar een groene gemeente

De groene identiteit van de kernen staat onder druk door stedelijke vernieuwing en onvoldoende planmatig beheer. Op sommige plaatsen is de 35

5

Hoe willen we dit bereiken? plaats. Dit wordt aangepast aan de ruimtelijke omstandigheden. Daarnaast is het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen niet toegestaan.

5.6 Op weg naar een gezonde gemeente

De gemeente wil dat de bewoners voldoende gelegenheid hebben om zich te bewegen. Een groene en aantrekkelijke omgeving nodigt hiertoe uit evenals verbindingen naar het omringende landschap. Niet alle gebieden in Castricum zijn geschikt om te bewegen omdat ze te versteend zijn en in de zomer erg warm. identiteit verzwakt en deze moet weer versterkt worden. Waar richt de gemeente zich op? De bestaande identiteit in de kernen moet behouden blijven met de lanen, linten en open ruimtes tussen de gebieden. Structurerende beplantingen in stand houden en waar mogelijk in de kernen versterken. Voor de biodiversiteit aansluiting zoeken met het strandwallenlandschap en omringende polders. Dit betekent het aanbrengen van streekeigen beplanting en het inzaaien met plantensoorten die in de omringende gebieden voorkomen. Dit kan per kern verschillen en hangt af van de grondsoort en het waterpeil. Bij de ontwikkeling van nieuwbouwwijken ook rekening houden met bestaande groene verbindingen en deze behouden of nieuwe verbindingen aanleggen. Buurtgroen Het buurtgroen wordt vormgegeven door de aanplant van bomen met bijzondere accenten en gaat in op de wensen van de bewoners. Door opvallende accenten door kleur en vorm op bijzondere en belangrijke locaties kan de beeldkwaliteit van het groen en de openbare ruimte versterkt worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9595874/2