CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

18.02 - Koersdocument Samenlevingsagenda 2129397

Gemeenteraad 15 december 2025, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Samenlevingsagenda (koersdocument)11.230 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Koersdocument samenlevingsagenda 1.0-versie | oktober 2025

Voorwoord

Een stad is meer dan stenen, wegen en gebouwen. Een stad leeft pas echt als mensen er voor elkaar zijn. In Capelle willen we bouwen aan een samenleving waarin niemand langs de zijlijn hoeft te staan. Een samenleving waarin we naar elkaar omkijken en samen zorgen dat ook de meest kwetsbaren zich gezien en gesteund voelen.

Tot slot vergroten we de veerkracht van Capellenaren. Het leven stelt ons allemaal op de proef. Wie stevig in zijn schoenen staat en steun vindt in zijn omgeving, kan beter omgaan met tegenslag. Daarom investeren we in vaardigheden, kansen en het versterken van sociale verbanden.

We weten dat er veel kracht in onze stad aanwezig is. Buurten waar buren elkaar helpen, verenigingen waar jong en oud samenkomen, scholen waar kinderen hun talenten ontwikkelen. Maar we zien ook dat er inwoners zijn die het moeilijk hebben. Juist dan is het belangrijk dat we niet wegkijken, maar naast elkaar gaan staan.

Deze agenda is geen papieren plan, maar een gezamenlijke uitnodiging van ons. Een uitnodiging om samen te werken aan een Capelle waar niemand langs de zijlijn hoeft te staan, maar waar iedereen kan bijdragen en meedoen. Alleen samen bouwen we aan een stad waarin we ons verbonden voelen en waarin ieder mens telt.

Met deze samenlevingsagenda kiezen we voor vijf uitgangspunten en een overkoepelend doel. Allereerst zetten we in op het verbeteren van de kwaliteit van leven, het overkoepelende doel. Want een goed leven gaat niet alleen over gezondheid of inkomen, maar ook over betekenisvolle relaties, meedoen en je thuis voelen in je wijk. Daarnaast willen we dat gemeenschappen floreren. Een stad bloeit pas echt als buurten sterk zijn, als mensen elkaar ontmoeten, helpen en samen verantwoordelijkheid nemen. Daarom versterken we de kracht van buurten, verenigingen en netwerken.

Wethouder René van Hemert, gemeente Capelle aan den IJssel Samen met de maatschappelijke verbonden partijen: Stichting Welzijn Capelle, IJsselgemeenten, Promen, Sportief Capelle, en het Centrum voor Jeugd en Gezin.

2

3

Pamflet Het ‘pamflet’ dat hieronder is beschreven is bedoeld om in een pagina te schetsen waar de samenlevingsagenda over gaat. We wonen en werken in een kwetsbare stad. Niet omdat de stad weerloos is, maar wel omdat de gebouwde stad nu niet meer zo goed past bij hoe ze ooit bedacht is. Die stad werd gebouwd als overloopstad voor gezinnen naast Rotterdam. Momenteel hebben we echter een van de hoogste aandelen eenoudergezinnen van het land en loopt bijna de helft van de Capellenaren risico om in een kwetsbare situatie terecht te komen. Dat betekent dat er wat moet gebeuren. Passend bij dat wat nodig is. De meeste Capellenaren redden zich prima zonder (professionele) hulp. En toch ligt er een grote uitdaging voor ons. De problemen die landelijk zichtbaar zijn geworden in New Towns, hebben we ook in Capelle. Dat gaat over kwetsbare bestaanszekerheid, broze sociale cohesie, risico’s voor de jeugd en dat telt op in een zwakke veerkracht in de stad. De zorg voor de mensen die het nodig hebben loopt vast, ook in Capelle aan den IJssel. We hebben als gemeente de taak om te voorzien in een stabiele sociale basis. Mensen hebben recht op kwaliteit van leven en de middelen die we hebben moeten eerlijk verdeeld worden. Ook als die middelen schaarser worden en de zorgvraag groeit. Juist voor de mensen die het echt nodig hebben.

We moeten die neerwaartse spiraal stoppen en de kansen pakken die zich voordoen. We hebben een bijzondere situatie in Capelle. We hebben alle voorzieningen die een stad sterk maken: een ziekenhuis, een station, sportvoorzieningen, een theater, een poppodium, een park, een rivier, een overzichtelijk netwerk van stabiele partners in de stad én veel inwoners waar het gewoon goed mee gaat. We hebben een rijkdom aan culturen en ervaringen, veel verschillende generaties én we hebben dezelfde wens: we willen verbonden zijn.

Het is aan ons allen om, met Capellenaren en onze partners, met het kapitaal van onze stad, de uitdagingen aan te gaan. We kunnen dat sociale kapitaal vergroten, door samen in te zetten op het vergroten van de veerkracht en de verbondenheid van iedereen in Capelle. Met bijzondere aandacht voor kinderen en jongeren, want een goede start werkt het hele leven door. Dat vraagt van ons om daar gezamenlijk in op te trekken, om dit samen te willen doen. En het vraagt ook van ons om anders te denken, andere oplossingen te kiezen dan we gewend zijn. Een greep uit de vragen waar we gesprekken over gevoerd hebben: Is het wel eerlijk om iedereen hetzelfde te geven terwijl de één nu net iets meer nodig heeft dan de ander? Is het wel handig om met alle problemen naar de professional te gaan, terwijl de buurvrouw ook kan helpen, vanuit haar levenservaring? Is het wel nodig om over oplossingen na te denken als diegene die hulp vraagt zelf weet waar de oplossing ligt? Is het zo logisch om alles wat niet gewoon is, in speciale instituten onder te brengen en daarmee uit ons midden te halen, moeten we daar niet samen omheen gaan staan? De samenlevingsagenda moet antwoord geven op deze vragen. In dit koersdocument van de samenlevingsagenda formuleren we het eerste deel van dat antwoord, een antwoord dat de uitkomst is van vele gesprekken met Capellenaren, organisaties en partners.

Capelle staat op een omslagpunt. Dit koersdocument van de samenlevingsagenda legt het fundament om daarin samen op te trekken. Dit koersdocument is een visie op de samenleving en wat ze nodig heeft: de kwaliteit van leven vergroten, gemeenschappen laten floreren en de veerkracht vergroten in Capelle. Maar dat is niet zomaar geregeld, het is ook niet snel zichtbaar. Het is een langdurig proces. Daar zijn nieuwe manieren van kijken, denken, besluiten en doen voor nodig. Van bestuur, gemeente, organisaties en ook van de mensen in de stad. We willen een samenleving waarin Capellenaren niet langs de zijlijn staan, maar meedoen in hun wijk, op school, bij verenigingen en in het gewone dagelijks leven.

4

Inhoudsopgave Voorwoord / Pamflet

4

1. Inleiding en aanleiding Waarom een samenlevingsagenda?

7

2. Analyse en dialoog Wat zien we in de samenleving?

10

3. De uitgangspunten Wat kiezen we?

32

4. Doorwerking Wat betekenen keuzes voor beleid, samenwerking en financiën?

40

5. Vervolgstappen Hoe werken we het koersdocument verder uit?

43

Colofon Uitgave Gemeente Capelle aan den IJssel Fotografie en beeld Jan Kok, Frank de Roo en Rogier Bos Concept-versie september 2025

5

6

1. Inleiding en aanleiding

Waarom een samenlevingsagenda? Hier beschrijven we kort wat de diverse redenen zijn om dit beleidsontwikkelingstraject te starten en wat voor uitgangspunten we daarbij hanteren.

Groeiende groeikern Er zijn diverse inhoudelijke en beleidsmatige aanleidingen om de visie op het sociaal domein te herijken. Zo laat het meest recente onderzoek omtrent ‘New Towns’ (groeikernen) zorgelijke trends zien. Trends waartoe we ons in het sociaal domein moeten verhouden. Denk bijvoorbeeld aan een dalende aantrekkelijkheid van de leefomgeving, beperkte sociale cohesie en zorgen omtrent bestaanszekerheid. Ook de grote woningbouwopgaven en de diverse opgavegebieden uit de omgevingsagenda hangen nauw samen met het sociaal domein. Denk bijvoorbeeld aan toekomstige ruimte voor sport en onderwijs of extra aandacht voor bepaalde buurten. Tot slot hebben we te maken met schaarste in het sociaal domein, schaarste in termen van personeel, financiën en tijd. Om Capellenaren te kunnen blijven helpen wanneer dat nodig is moeten we prioriteren. We moeten bepalen hoe we ons verhouden tot deze ontwikkelingen, wat we belangrijk vinden en wat we dus prioriteit willen geven. Dat is een van de redenen om de samenlevingsagenda op te stellen.

Een overkoepelende visie Ook het creëren van een gedeeld beeld over de urgente opgaven en mogelijke oplossingen is van groot belang. We zijn op zoek naar het ‘1 team, 1 taak’-gevoel. De gesprekken met onze partners zijn dan ook net zo belangrijk als een inhoudelijk gedegen beleidsstuk.

We willen ook deze onderwerpen en de periodieke herijking met de gemeenteraad op diverse beleidsterreinen in samenhang bekijken. Daarbij kijken we naar de beleidsruimte die we hebben binnen de wettelijke taken. Daarom maken we nu een overkoepelende, bredere visie op het sociaal domein. Een visie die kan dienen als een gezamenlijk (moreel) kompas. Vanwege de inhoudelijke breedte spreken we over een samenlevingsagenda. Het is daarmee in de beleidspositionering ook gelijk aan de omgevingsagenda (zie ook volgende pagina). Tot slot stamt de laatst vastgestelde visie op het sociaal domein uit 2019 en richtte deze zich op de periode 2020-2022. Deze visie was relatief onbekend, zowel binnen de gemeente als bij partners en inwoners, mede doordat in die periode de coronapandemie uitbrak. De verlopen termijn en de onbekendheid vormen ook aanleidingen om de visie op het sociaal domein te herijken.

Koers nu - uitwerking later Omdat er een breed proces en product gewenst is, en er in maart 2026 gemeenteraadsverkiezingen zijn, knippen we dit beleidsontwikkelingstraject in twee delen. Het stuk dat voor u ligt is het koersdocument van de samenlevingsagenda. Dit is een tussenproduct, het eerste deel van de samenlevingsagenda. De hoofdlijnen van de samenlevingsagenda staan hierin. Deze hoofdlijnen vergen op onderdelen verdieping. Dit werken we in de volgende fase nader uit.

De vorige visies op het sociaal domein waren met name gericht op de decentralisaties van Rijk naar gemeente. Denk bijvoorbeeld aan de Wet op maatschappelijke ondersteuning, Jeugdwet en de Participatiewet. De aparte beleidskaders die hierover gaan worden periodiek met de gemeenteraad herijkt. Er zijn uiteraard ook vele andere onderwerpen die van invloed zijn op het sociaal domein en, in bredere zin, de Capelse samenleving. Denk bijvoorbeeld aan stadsontwikkeling, onderwijs, cultuur en sport.

7

Stadsvisie Samenlevingsagenda

Omgevingsagenda

Div. beleidskaders

Div. programma’s Div. gebiedsvisies

Div. deelnota’s

Div. verordeningen & DVO’s

Schematische weergave van het beleidshuis van de gemeente, de samenlevingsagenda staat

Daaronder vallen thematische en gebiedsgerichte beleidskaders en programma’s.

samen met de omgevingsagenda en de stadsvisie bovenaan als overkoepelende visies op de

Hieronder vallen gedetailleerdere deelnota’s voor specifieke onderwerpen en/of gebieden.

lange termijn.

De doorvertaling van de regels uit deze beleidsstukken is bijvoorbeeld in (subsidie)verordeningen.

8

9

2. Analyse en dialoog

Wat zien we in de samenleving? In dit hoofdstuk delen we interessante en relevante inzichten uit de data- en beleidsanalyses en de vele gesprekken met de gemeentelijke organisatie en diverse maatschappelijke partners. We starten met een algemene beschouwing en hebben het verder grotendeels onderverdeeld langs de beleidsonderwerpen van het sociaal domein plus een deel omtrent de fysieke leefomgeving en veiligheid.

aan kan en dat wordt steeds zichtbaarder. De wachtrijen lopen op terwijl de problemen complexer worden. De kosten worden hoger terwijl er minder geld beschikbaar is en er minder mensen zijn die in de zorg werken. De zorg is verdeeld geraakt in verschillende sectoren, onder andere van professioneel en niet-professioneel, door specialisatie en ook door financiën. Dat is steeds minder goed vol te houden. We zien een groeiende behoefte aan het bundelen van krachten, het bundelen van kennis en het samenwerken op verschillende terreinen.

Wat zien we (in algemene zin) in de samenleving?

De economische welvaart is gemiddeld genomen gegroeid, de meeste mensen redden zich prima met hun eigen ‘hulpbronnen’. Maar dat geldt niet voor iedereen. Voor een relatief grote groep Capellenaren staat de bestaanszekerheid onder druk, net zoals de (mentale) gezondheid. De polarisatie in de samenleving wordt sterker en het vertrouwen in overheid en instituties is afgenomen. Tegelijkertijd is het leven ingewikkelder geworden: digitalisering, globalisering, vergrijzing en grotere verschillen tussen mensen zetten druk op ons dagelijks bestaan. We hebben een samenleving gebouwd waarin perfectie vaak de norm werd. Met goede bedoelingen creëerden we systemen, voorzieningen en instituten voor mensen die buiten de norm vielen, maar daardoor plaatsten we mensen soms buiten de samenleving. Mensen die niet pasten binnen het ‘ideale plaatje’ werden uitvallers genoemd, en voor hen bouwden we aparte trajecten of voorzieningen. Zo ontstond onbedoeld een samenleving waarin groepen zich buitengesloten voelden.

Onze samenleving is de afgelopen generaties ingrijpend veranderd, op veel verschillende gebieden. Het aantal mensen is gegroeid, we leven inmiddels samen met veel verschillende culturen en waarden en daarnaast vergrijst de samenleving. We besteden onze tijd anders; meer mensen dan ooit zijn aan het werk, betaald en onbetaald. We wonen anders; meer mensen dan ooit wonen in een eenpersoonshuishouden en dat aantal blijft groeien. Het aantal alleenstaanden in Nederland is sinds 1947 vervijfvoudigd. De veranderende waarden en de individualisering dragen daar sterk aan bij. Het betekent niet dat de eenzaamheid daardoor ook meegroeit, maar die ‘verjongt’ wel. De groeiende scheiding tussen generaties is een opvallende beweging, die samen met individualisering leidt tot minder verbondenheid in de samenleving. We zien in onze stad een sterke behoefte aan sociale verbindingen en vernieuwingen in gemeenschappen, terwijl onze gemeenschappen door de groeiwijze van de stad minder stevig verbonden zijn. Wellicht kon men vroeger meer of eerder bij ‘je gemeenschap’ terecht bij tegenslagen. Voor de ontzuiling vormden de geloofsgemeenschappen en het bijbehorende onderwijs, zorg, media en verenigingen het noodzakelijke vangnet voor hun leden. Er was ook geen alternatief.

Het is belangrijk ons te realiseren dat iedereen wel eens vastloopt, dat dit niet gek is, en dat het tijd mag kosten. Het ‘pad van normaal zijn’ is steeds smaller geworden. Het lijkt soms wel op een dun paadje over een bergkam: Struikel je een keer, dan tuimel je direct naar beneden. Het is zaak het ‘pad van normaal zijn en van wat wij normaal vinden’ weer breder te maken, zodat het bredere bergpad jou gewoon op kan vangen!

Tijdens de ontzuiling is dit vangnet verschoven naar de overheid. We bouwden een verzorgingsstaat waarin inkomen, zorg en ondersteuning door de Rijksoverheid breed gegarandeerd werden. Dat gaf zekerheid, maar in de afgelopen decennia is dit vangnet door de Rijksoverheid versoberd. De vraag naar zorg is inmiddels groter dan de zorg

10

Het eerlijke verhaal In de meeste gesprekken werd de positiviteit benoemd van de vele goede voorbeelden. Het inzicht dat er veel uitdagingen zijn, maar dat we met elkaar ook best in staat zijn hier grip op te houden. Dit hoopvolle beeld willen we ook delen. Deze beelden zijn tussen de inzichten uit de diverse databronnen van de beleidsonderwerpen toegevoegd.

Inwoneraantal 1988: 56.973

Want, enkel vanuit zorgelijke inzichten uit de data-analyse kan een overdreven negatief beeld ontstaan. Anderzijds kan enkel vanuit hoopvolle goede voorbeelden een overdreven positief beeld ontstaan. We schetsen in dit hoofdstuk geen doembeeld, noch bekijken we alles door een roze bril. We schetsen voor u het eerlijke verhaal wat wij in de samenleving zien.

Inwoneraantal 2005: 65.480

Inwoneraantal 2025: 68.624

Een deel van het eerlijke verhaal is dat we in Nederland vergrijzen. We worden gemiddeld een stuk

name het aandeel 60+ sterk toegenomen (Bron: CBS). Naast leeftijd is ook de samenstelling van

ouder dan vroeger. In Capelle aan den IJssel is dit bovengemiddeld sterk. Dat komt mede doordat

huishoudens van invloed. De stad is gebouwd voor en vanaf het begin bewoond door gezinnen,

we tussen 1965-1985 sterk gegroeid zijn en dat in de jaren tachtig een groot deel van de bevolking

die in nu vaak niet meer compleet zijn. Onze stad heeft na Heerlen, Rotterdam en Amsterdam de

uit jonge gezinnen bestond. Nu is de bevolkingspiramide veel gelijker verdeeld en is met

meeste eenoudergezinnen van het land, een derde van de gezinnen heeft één ouder.

11

0. Algemeen We beginnen dit hoofdstuk met enkele opvallende algemene indicatoren. Uit het New Town onderzoek blijkt dat we op diverse indicatoren sterk gedaald zijn en in de laagste 10% van Nederlandse gemeenten scoren.

Andere belangrijke algemene indicatoren uit de analyses en gesprekken zijn een lage sociale samenhang en relatief veel inwoners met een lage veerkracht.

New Town onderzoek

Sociale samenhang

New Towns zijn in korte tijd gebouwd, en worden nu ook in een kort

In de ‘New Towns’ heeft de sociale samenhang geen eeuwen

tijdsbestek oud, met negatieve gevolgen voor de sociaaleconomische

de tijd gehad om zich te vormen. Omdat inwoners (en

ontwikkeling, de leefbaarheid en de veiligheid. We zien selectieve

Relatief veel inwoners met lage veerkracht

wijken) relatief kort in de gemeenten gevestigd zijn is de

migratie, gemiddeld daalt met iedere verhuisbeweging de sociaal

De veerkracht van inwoners gaat over de mate waarin

sociale samenhang onder inwoners ondergemiddeld. (Bron:

economische status. Doordat de fysieke leefomgeving veroudert en

inwoners van een bepaalde buurt of wijk in staat zijn om

Waarstaatjegemeente.nl)

wijken sociaal economisch achteruit gaan daalt de aantrekkelijkheid van

tegenslagen te overwinnen en zich aan te passen aan

de leefomgeving en daarnaast zijn er zorgen omtrent onderwijs, jeugd en

veranderingen. In Capelle zijn relatief veel inwoners met

de bestaanszekerheid. Ondanks relatief goede economische prestaties,

lage veerkracht. Dit kan onder andere te maken hebben met

blijven sociaal-economische en brede welvaart indicatoren achter.

de lage sociale samenhang, inkomensniveau en toegang

De lage score omtrent de tevredenheid met het leven is misschien nog

tot voorzieningen. De buurten die negatief oplichten zijn

wel de meest zorgwekkende trend. (Bron: New Town onderzoek)

dan ook buurten waar het inkomensniveau relatief laag ligt. (Bron: RIVM - Buurtatlas)

12

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 1. Buurtgroepen Een buurtgroep is een groep betrokken bewoners die op vrijwillige basis activiteiten op wijkniveau initieert en ondersteunt. Hun inzet draagt bij aan een goed woon- en leefklimaat in de wijk. Capelle kent in vrijwel iedere wijk een of meer buurtgroepen, meestal gekoppeld aan een buurthuis.

De buurtgroepen organiseren van oudsher laagdrempelige activiteiten die gericht zijn op ontmoeting, sociale cohesie en het versterken van de leefbaarheid. Daarom zijn ze een goed voorbeeld van hoe we gemeenschappen kunnen laten floreren.

13

1. Werk - inkomen - armoede en schulden (WIAS) Het eerste inhoudelijke onderwerp betreft werk, inkomen, armoede en schulden. Dit is bijvoorbeeld gerelateerd aan de Participatiewet (bijstand) en schuldenaanpak. Hier delen we enkele interessante inzichten uit de analyse en dialoogfase omtrent deze onderwerpen.

13e van NL

Hoog percentage slachtoffers toeslagenaffaire Selectieve migratie (2009-2023)

In Capelle hebben tot dusver (augustus 2025) 843 ouders

Deze staafdiagram toont het aandeel huishoudens dat

Verschillen per buurt - bijstandsuitkeringen (2024)

en 1546 kinderen zich gemeld als slachtoffer van de

tot het hoogste kwintiel van Nederland behoort qua

Het percentage bijstandsuitkeringen in de gehele

toeslagenaffaire. Dat is ongeveer 13e van alle gemeenten

(besteedbaar) inkomen / vermogen. Het diagram toont de

gemeente Capelle aan den IJssel verschilt niet heel veel

in Nederland, in absolute zin, waarschijnlijk nog hoger in

daling van het aandeel huishoudens dat tot deze hoogste

van het Nederlands gemiddelde (4,8%). Echter het aandeel

relatieve zin. Want deze aantallen betekenen dat meer dan

20% van Nederland behoort over de periode 2009-2023.

verschilt wel sterk tussen buurten. Er is een overlap te zien

3% van alle Capellenaren zich gemeld heeft als slachtoffer.

Het is een indicator van de selectieve migratie die in

met buurten waar een relatief hoog percentage sociale

Gezien het extreme leed dat bij veel van hen is ontstaan,

meerdere groeikernen plaatsvindt. Gemiddeld daalt bij

woningbouw aanwezig is. Ook zijn Capellenaren met

werken de gevolgen hiervan nog altijd door in de Capelse

iedere intergemeentelijke verhuisbeweging de sociaal

een migratieachtergrond oververtegenwoordigd. (Bron:

samenleving. (Bron: Ministerie van financiën)

economische status. Oftewel, de rijken trekken weg en de

Buurtmonitor)

armen trekken in. (Bron: CBS - bewerking ABF research)

14

principe n bekend e e ’ is t’ m oorko metje werk kilo zorg v hter nog ‘een gram n e ” e . n rg ij lz zo kilo we ec onsje we ijn als een r kunnen “Dat ‘een onsje welz mein. Daa n o e d e l l a e ia w c in het so rkomt zo n. Dat voo voorzette

“Zorgen voor“

Selectieve migratie town: Selectieve migratie als new town: gratie als new town:als new Minder rijken Minder rijken 1. Werk, inkomen, armoede en schulden

Bovengemiddeld aantal huishoudens Bovengemiddeld aantal huishoudens deld aantal huishoudens met problematische schulden met problematische schulden atische schulden Relatief veel problematische schulden (2015-2023)

Onzeke finan

New Town onderzoek - moeite met rondkomen en problematische schulden (2024)

Veranderingen participatiewet (2025)

Deze staafdiagram toont het aandeel huishoudens met

problematische schulden. Dit aandeel is relatief hoog, ten

Ook in het New Town onderzoek scoort Capelle relatief

Belangrijke wijzigingen zijn onder andere: een verruiming van

opzichte van het Nederlands gemiddelde. Daarnaast is

slecht op het gebied van schuldenproblematiek en

de giftenvrijstelling, de mogelijkheid tot maatschappelijke

het zorgelijk dat er relatief veel nieuwe instromers met

bestaanszekerheid. (Bron: New Town onderzoek)

participatie in plaats van de tegenprestatie, en meer

In 2025 is de Wet ‘participatiewet in balans’ aangenomen.

problematische schulden zijn en dat bijna de helft (48%)

ruimte voor mantelzorg. Daarnaast wordt er gekeken naar

van de huishoudens in Capelle grote kans op financiële

een bredere invulling van participatie, waarbij niet alleen

problematiek en problematische schulden heeft. (Bron:

de focus op werk ligt, maar ook op andere vormen van

CBS - Schuldenproblematiek)

maatschappelijke bijdrage. Dit kan mogelijk gevolgen hebben voor de omvang van doelgroepen voor Promen. Het is een voorbeeld van hoe een besluit op Rijksniveau doorwerkt op lokaal niveau.

15

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 2. Buurtmoeders De Buurtmoeders zijn onderdeel van de wijkteams van Welzijn Capelle. Ze bieden laagdrempelige ondersteuning aan inwoners, met name aan mensen die de Nederlandse taal nog niet goed spreken, bij vragen over opvoeding, taalcursussen, financiën en de weg vinden bij instanties. Het team werkt samen met verschillende instanties in de gemeente. De naam “Buurtmoeders” verwijst naar de rol van deze ondersteuners, die bekend zijn in de wijk en helpen waar nodig. Ze kennen de weg in Capelle, spreken de taal van de inwoners en bieden een luisterend oor en praktische hulp.

Ze helpen bijvoorbeeld bij het leren van de Nederlandse taal en bij vragen rondom inburgering, zoals het vinden van cursussen. Ze bieden hulp bij het leren over financiën, zoals vaste lasten, belastingen, toeslagen en het voeren van een huishoudboekje. Ook bij andere vragen over het leven in Capelle kunnen inwoners bij hen terecht. Vanwege die laagdrempelige ondersteuning, het grote bereik van mensen en de preventieve werking zijn ze een goed voorbeeld van effectievere samenwerking tussen inwoners en instanties.

16

2. Maatschappelijke ondersteuning en gezondheid Het tweede inhoudelijke onderwerp betreft Maatschappelijke ondersteuning en gezondheid. Dit heeft bijvoorbeeld relatie met de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Wet publieke gezondheid (Wpg). Hier delen we enkele interessante inzichten uit de analyse en dialoogfase omtrent deze onderwerpen.

Verhouding Wlz-Wmo Het Rijk is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet langdurige zorg (Wlz) en de gemeente is verantwoordelijk voor de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Waar een zorgvraag thuishoort is niet altijd even makkelijk te bepalen. Dit is veranderlijk enerzijds doordat eisen m.b.t. bepaalde Wlz-indicaties aangescherpt zijn en anderzijds als een tijdelijke

Ervaren gezondheid (2022)

zorgvraag langdurig wordt. Er is een wisselwerking tussen

Deze kaart toont het percentage inwoners per buurt dat

Aantal cliënten WMO / 1.000 inwoners (2017-2024)

verantwoordelijkheden van het Rijk en gemeenten. Als we

een goede gezondheid ervaart. In Capelle is dit gemiddeld

Het aantal cliënten dat gebruikt maakt van voorzieningen

meer mensen doorverwijzen van Wmo naar Wlz stijgen kosten

relatief laag en in sommige buurten is dit zeer laag, met

uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) blijft

voor het Rijk en dalen de kosten voor gemeenten. Als minder

name in buurten met veel sociale huur- en zorgwoningen.

stijgen. Dit legt extra druk op kosten en personeel van

mensen in aanmerking komen voor een Wlz-indicatie gebeurt

Hier is het gemiddeld inkomen ook relatief laag. Ook zien

gemeente en welzijnsorganisaties. (Bron: CBS-Wmo)

het omgekeerde. (Bron: Schulinck)

we hierbij de afgelopen jaren een dalende trend. (Bron: RIVM - Buurtatlas)

17

“8 op de 10 Ca pelse jongvolw assenen heeft 4 weken gevoel in de afgelope ens van angst n of depressie er Gezondheidsm varen. ” (Bron: onitor jongvolw assenen)

2. Maatschappelijke ondersteuning en gezondheid

Wachtrijen GGZ In de gemeentelijke geestelijke gezondheidszorg (GGZ) zijn, ondanks allerlei initiatieven, de wachtrijen alsmaar toegenomen. De toename van het aantal mensen

Psychische klachten (2022)

met psychische klachten, de sluiting van gesloten

Het aantal inwoners met psychische klachten is afgelopen

GGZ-instellingen en personeelstekorten zijn mogelijke

jaren gestegen, in het bijzonder bij jongvolwassenen.

oorzaken. We zien het ook terug in de stijging van het aantal

Mantelzorg

Mogelijk heeft dit met de naweeën van de corona-epidemie

politieregistraties omtrent overlast van verwarde personen.

De grafiek laat een lichte stijging zien van het aandeel Capelse

te maken. Daarnaast zien we ook hier de buurten met

(Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

volwassenen dat mantelzorg verleent. De verwachting is dat

relatief veel sociale huurwoningen en zorgwoningen

dit verder moet toenemen in de context van de stijgende

negatief oplichten. Hier is het gemiddeld inkomen ook

zorgvraag en wachtrijen. (Bron: RIVM - Buurtatlas)

relatief laag. Daarnaast zijn ook in de gebieden waar vluchtelingen worden opgevangen hogere percentages. (Bron: RIVM - Buurtatlas)

18

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 3. Mantelzorgers Mantelzorg betekent dat je iemand uit je directe omgeving helpt. Dit kan intensieve zorg zijn, maar ook kleinere hulp, zoals boodschappen doen, ramen lappen of iemand gezelschap houden. Of het nu gaat om hulp aan huisgenoten, buren of mensen in een zorginstelling, mantelzorg gaat verder dan wat we ‘gewone hulp’ noemen.

Mantelzorg Capelle organiseert bijeenkomsten voor Capelse mantelzorgers waar in een vertrouwde omgeving oor is voor elkaars ervaringen, onder deskundige begeleiding. Er zijn in Capelle talloze voorbeelden van mensen die elkaar op deze wijze helpen en dat is precies wat we in de samenleving nodig hebben. Daarom zijn dit de parels van de samenleving en geven ze het goede voorbeeld van (informele) zorgverlening.

19

sterke toename andere vormen jeugdhulp

3. Jeugd Het derde inhoudelijke onderwerp betreft Jeugd. Dit heeft bijvoorbeeld relatie met de Jeugdwet en jeugdhulp- en zorgverlening. Hier delen we enkele interessante inzichten uit de analyse en dialoogfase omtrent deze onderwerpen.

kosten jeugdzorg blijven landelijk stijgen, in 1. Trends data jongeren zeer2. Actu Capelle is/percentage hoog

Afbouw gesloten jeugdzorg, daling reclassering, “Zorgen vo Kostenvormen blijvenjeugdhulp ook in Capelle stijgen sterke toename andere Verandering type jeugdzorg

Uitgaven jeugdhulp (2019-2022)

Jongeren met jeugdhulp

Het type jeugdhulp is afgelopen jaren ook sterk veranderd.

De uitgaven met betrekking tot jeugdhulp zijn afgelopen

Het gebruik van jeugdhulp is afgelopen jaren verder gestegen. In Capelle

We zien landelijk een afname van de gesloten jeugdzorg

decennium sterk gestegen, de laatste jaren is dit enigszins

zijn er relatief veel jongeren die gebruik maken van jeugdhulp, ongeveer 1

en jeugdreclassering. Ambulante vormen van jeugdzorg

afgevlakt. Met name de kosten voor specialistische jeugdhulp

op de 6. (Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

zijn juist toegenomen de afgelopen tijd. In Capelle zien we

zijn hoog. (Bron: Rapport tegen de stroom in)

overigens een minder sterke daling in de jeugdreclassering. (Bron: CBS )

kosten jeugdzorg blijven landelijk stijgen, in Capelle is percentage jongeren zeer hoog

20

Onze fin

“Jongeren h ebben geen jeugdzo ook het recht om rg te ontvan gen ”

3. Jeugd

Hervormingsagenda + Tegen de stroom in

Eenoudergezinnen

Jeugdhulpverlening per buurt

Momenteel loopt een nationale (hervormingsagenda)

Het gebruik van jeugdhulp verschilt sterk per buurt.

en lokale (tegen de stroom in) aanpak om de jeugdzorg

De Wiekslag, Rondelen, Hoeken en Florabuurt hebben het

beheersbaar te houden.

hoogste aandeel. (Bron: Woonzorgwijzer)

In Capelle zijn er relatief veel eenoudergezinnen. We hebben een van de hoogste aantallen per inwoner van Nederland. Uit onderzoek blijkt dat eenoudergezinnen een groter risico lopen op armoede en gedragsproblemen bij kinderen. Het hoge aandeel heeft mogelijk te maken met de opbouw van de woningvoorraad, met relatief veel sociale woningbouw en relatief veel gezinswoningen uit bepaalde bouwperiodes. (Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

21

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 4. NextGen NextGen (‘the next generation’) bestaat sinds 2021. Het zijn Capelse jongens en meiden tussen de 12 en 18 jaar die zelf activiteiten bedenken en organiseren in hun buurt. Ieder jaar start er een (deels) nieuwe NextGen-groep. Jongerencoaches van Jongerenwerk Capelle (JWC) begeleiden NextGen. Ze leren ook samenwerken, met elkaar en met organisaties als Sportief Capelle.

Een anti-rook en vape campagne, JWC Summervibes in CAPSLOC, de JWC Cruijff-cup en een Eat-Meet-Greetfestival zijn voorbeelden van activiteiten die georganiseerd zijn. NextGen is een initiatief dat in veel opzichten van meerwaarde is. De jongeren zelf ontwikkelen hun talenten en ze organiseren activiteiten die mensen bij elkaar brengen. Daarom zijn het parels van de samenleving en bieden ze het goede voorbeeld hoe jongeren zelf kunnen bijdragen aan verbeteringen in de wijk.

22

Inclusief onderwijs Inclusief onderwijs in 2035 in 2035

t sterk buurt erk perper buurt

4. Onderwijs, cultuur en sport

Het vierde inhoudelijke onderwerp betreft Onderwijs, cultuur en sport. Dit heeft bijvoorbeeld relatie met de basisscholen, culturele instellingen als het theater en het sportbedrijf. Hier delen we enkele interessante inzichten uit de analyse en dialoogfase omtrent deze onderwerpen.

minder) eds minder) weegrichtlijn beweegrichtlijn

Wachtrij speciaal onderwijs Wachtrij speciaal onderwijs

We voldoen niet aan de beweegrichtlijn

Tevredenheid sportvoorzieningen

Onvoldoende leesvaardigheid 15-jarigen

De kaart laat het percentage van mensen zien dat voldoet

Over het algemeen zijn Capellenaren best tevreden met

Een schokkende 1 op de 3 15-jarigen heeft onvoldoende leesvaardigheid. In 20

aan de beweegrichtlijn. In Capelle is dit relatief laag,

het aanbod van de sportvoorzieningen. Er zijn wel wat

jaar zijn we van sterk onder het Europees gemiddelde naar sterk boven het

ondanks geschikte leefomgeving en voorzieningen is het

verschillen tussen buurten. Met name in Schollevaar

Europees gemiddelde gestegen. (Bron: PISA, bewerkt door Mark Deckers)

percentage minder dan de helft. Ook verschilt het redelijk

en Fascinatio-Rivium is de score iets lager. (Bron:

sterk tussen buurten. (Bron: RIVM -Buurtatlas)

Buurtmonitor)

23

Inclusief onderwijs in 2035

4. Onderwijs, cultuur en sport

de grens v rtijen: - wa an verantw ar ligt o o rdelijkheid zit overlap ? waar , waar zitte n h ia t en? wat te behouden , wat te ve rbeteren? de veranderlijke Het omgaan met mers vraagt om ko w u ie n n va m o instro daar afspraken je k aa m e o h , it te flexibili nant? over in een conve

Wachtrij speciaal onderwijs

Wachtrij speciaal onderwijs

ij bouw 10.000 woningen ontstaat rapte bij onderwijs, KDV en sportvoorzieningen

De mentaliteit ve randert: mensen willen graag op hun eig en tijd en vrijblijve nd sporten en vrijwill igerswerk doen ip v georganiseerd en verplichtend voor langere periode. Hoe organiseer je dit?

Bij bouw 10.000 woningen ontstaat krapte bij onderwijs, KDV en sportvoorzieningen

10.000 woningen

Het omgaan instroom van flexibiliteit, ho over in

l erlingen in speciaa “En om die groei [le s ed ste ugelen duiken onderwijs] te bete de ar wa op ngspunten opnieuw de uitga zij het ) op was gestoeld, 74 (19 a ot Contourenn wo rs rdt.” ie steeds weer ande dat de terminolog

De mentaliteit v graag op hun e sporten en vrijw georganiseerd langere periode

Scholen met wachtrijen relatief hoog in Zuid-Holland

Cultuuruitgaven relatief laag

Relatief veel scholen in het speciaal onderwijs hebben in onze regio wachtrijen.

In verhouding met de rest van Nederland zijn onze

Dit is in het bijzonder problematisch voor kinderen die thuiszitten in hun

cultuuruitgaven per inwoner (zoals hierboven verbeeld)

vormende jaren omdat ze niet langer op het regulier onderwijs terecht kunnen

relatief laag. (Bron: Cultuurmonitor)

en moeten wachten op een plek in het speciaal onderwijs. (Bron: Oberon)

De kaart laat het mogelijke tekort aan sportvoorzieningen

zien wanneer we 10.000 woningen bouwen. Onze ambitie om komende jaren 10.000 woningen te bouwen heeft gevolgen voor de behoefte aan sportvoorzieningen, maar ook onderwijs, cultuur en zorgvoorzieningen. Deze moeten met de woningbouw meegroeien. (Bron: Impactanalyse - SpringCo)

24

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 5. Homebase Bij Homebase blijven jongeren na schooltijd vrijwillig op school om mee te doen aan een rijk aanbod aan activiteiten (sport, cultuur en creativiteit), afgestemd op waar de jongeren zelf zin in hebben. Het is gestart door Sportief Capelle in samenwerking met scholen en Welzijn Capelle. De activiteiten vinden in of nabij school plaats en zijn daardoor nabij, laagdrempelig en bovendien gratis. Het is begonnen als pilot maar uitgegroeid tot een vaste plek waar jongeren na schooltijd hun vrije tijd besteden.

De achterliggende doelen zijn om het contact te houden met en tussen jongeren vanaf 12 jaar, hun te helpen hun talenten verder te ontwikkelen en hen voor te bereiden op allerlei risico’s die zij in het leven zullen tegenkomen. Hiermee is het een goed voorbeeld van een laagdrempelige manier om Capellenaren veerkrachtiger te maken en de meerwaarde van een goede samenwerking tussen onderwijs, sport en welzijnswerk.

25

5. Fysieke leefomgeving en veiligheid Het vijfde inhoudelijke onderwerp betreft fysieke leefomgeving en veiligheid. Dit heeft bijvoorbeeld relatie met de politiewerkzaamheden, de woningbouwopgave en de (veiligheids)beleving van de gebouwde omgeving. Hier delen we enkele interessante inzichten uit de analyse en dialoogfase omtrent deze onderwerpen.

Verloedering Een van de indicatoren die in de buurtindex wordt bijgehouden is de ‘probleemscore verloedering’.

Omgevingsagenda

Kwaliteit van woningen

De probleemscore verloedering is gebaseerd op de mate

In de omgevingsagenda is de stadsvisie geconcretiseerd

Een van de indicatoren die in de buurtindex wordt bijgehouden

waarin vandalisme/graffiti, zwerfvuil en hondenpoep

en is bepaald waar we de komende jaren aan de slag

is de kwaliteit van woningen in de buurt. Dit wordt bepaald door

voorkomen. Hoge scores zijn ongunstig. Hierin valt op dat

gaan met de woningbouwopgave van 10.000 woningen.

het gemiddelde rapportcijfer dat bewoners geven voor: “kwaliteit

grote delen van Schollevaar en Oostgaarde-noord negatief

Deze opgave heeft uiteraard ook impact op allerlei zaken

van de woningen in de buurt (voor zover aan de buitenkant

scoren. Ook de Reviusbuurt, Florabuurt en Meeuwenbuurt

in de samenleving. De aanvullende woonopgave is met

te zien)”. Dit komt grotendeels overeen met de gemiddelde

scoren negatief. (Bron: Buurtmonitor)

name gepland in buurt waar fysieke en sociale opgaven

ouderdom van woningen in de buurt, hoe nieuwer de buurt des

samenkomen. Dit vergt integrale buurtaanpakken. (Bron:

te hoger wordt de kwaliteit gescoord. De Reviusbuurt, Florabuurt,

Omgevingsagenda)

Hoeken, Molukkenbuurt, Dansenbuurt-zuid, Operabuurt en Gebouwenbuurt scoren het laagst. (Bron: Buurtmonitor)

26

ctief veiliger dat het obje “Hoe kan het onveiliger aar men zich m , en rd o is gew voelt? ”

5. Fysieke leefomgeving en veiligheid

Veilig Thuis In veel opzichten is Capelle veiliger geworden. Echter niet op het gebied van Veilig Thuis meldingen. Zowel voor (ex-)partnergeweld als kindermishandeling is het aantal meldingen sterk gestegen. (Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

Daling totaal aantal misdrijven Het aantal misdrijven is afgelopen jaren sterk gedaald in Capelle. De objectieve veiligheid is daarmee sterk toegenomen. (Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

Daling veiligheidsgevoel Ondanks de daling van het aantal misdrijven is het veiligheidsgevoel en -perceptie gedaald. (Bron: Waarstaatjegemeente.nl)

27

“We zie n 69.00 0 oplos singen”

De parels van de samenleving: 6. Woongemeenschap Bonvivant Een woongemeenschap is een vorm van gemeenschappelijk wonen waarbij individuen zelfstandig wonen met behoud van privacy, maar tegelijkertijd delen ze gemeenschappelijke ruimtes, voorzieningen en organiseren ze gezamenlijke activiteiten, wat leidt tot een hechte sociale band en onderlinge hulp.

De woongemeenschap Bonvivant in Schollevaar is een vereniging waar alle huurders lid van zijn. Het is een plek waar wederzijds vertrouwen, betrokkenheid en persoonlijke groei centraal staan. Ze werken samen aan projecten, delen talenten en organiseren samen activiteiten. Het is een goed voorbeeld van hoe we anders samen kunnen leven, met meer aandacht en zorg voor elkaar.

28

Conclusies analyse en gesprekken We hebben veel gesprekken gevoerd. Hierin hebben we veel informatie en nieuwe inzichten opgehaald, uit diverse databronnen, maar vooral uit de vele gesprekken die we hebben gevoerd (zie ook het participatieverslag). We beschrijven hieronder de conclusies uit de dialoog en analysefase. Goed in de smiezen We hebben een interessante grootte qua gemeente. We hebben een goede basisinfrastructuur van maatschappelijke voorzieningen, zeker in vergelijking met kleinere gemeenten. Denk bijvoorbeeld aan het theater, het zwembad en de kinderlabs. Daarnaast hebben we een relatief fijnmazig inzicht in diverse problemen en een relatief overzichtelijk maatschappelijk speelveld, zeker in vergelijking met grotere gemeenten. Met enkele overlegstructuren kunnen we snel casussen afstemmen en spreken we regelmatig vrijwel alle betrokkenen. Dat het met de meeste mensen goed gaat, dat we een gedegen inzicht hebben en dat we een overzichtelijk speelveld hebben is ook te danken aan al het werk dat de afgelopen jaren hierin is gestopt. Dat we het ‘goed in de smiezen’ hebben is dan ook iets om trots op te zijn. Dus ook al hebben we grootstedelijke problematiek, we kunnen dat met de menselijke maat en benaderbaarheid van een dorp aanpakken. Kortom, we kunnen hoopvol zijn over ons huidige vertrekpunt.

‘Normaal extramuraal’ Normalisering en extramuralisering (‘langer thuis’) zijn thema’s die veel terugkwamen, zowel als kans en zorg. Enerzijds zijn we het eens dat we in veel opzichten zijn doorgeschoten in overdiagnosticeren en daarmee overbehandelen van wat ooit gewoon gedrag was. En als men liever niet naar een gesloten instelling wil (zowel voor GGZ, jeugd of ouderenzorg), dan is het logisch dit zo lang als dat verantwoord is mogelijk te maken. Zowel de idealistische professional op de werkvloer als de financieel gedreven manager lijken elkaar hierin te vinden. Het is beter voor cliënt en begroting.

Anderzijds zijn er ook zorgen geuit. De zorg- en welzijnsvraag verschuift geografisch naar de woonbuurten, organisatorisch naar thuishulp en financieel meer naar gemeenten. Tot welk punt vinden we concentratie van diverse doelgroepen in buurten acceptabel? Wanneer is het niet meer verantwoord om iemand zelfstandig te laten wonen? Wat kunnen we vanuit gemeente en zorg- en welzijnsorganisaties organisatorisch nog aan? Hebben we niet toch iets meer capaciteit in gesloten instellingen nodig? Onsje welzijn en onbegrensde preventie Waar we het ook over eens zijn? Voorkomen is beter dan genezen. Preventie wordt gezien als oplossing om hogere kosten en complexere problematiek te voorkomen, of zoals dat ook gezegd wordt: “een onsje welzijn voorkomt een kilo zorg”. Daar zouden we nog aan toe kunnen voegen dat het hebben van werk ook nog dat ‘onsje welzijn’ kan voorkomen. Het bepalen wat we vervolgens wel, niet, meer of minder gaan doen omdat we meer willen inzetten op preventie is minder makkelijk consensus over te vinden. Er is namelijk een grens wat we als gemeente, inwoners en maatschappelijke organisaties (extra) kunnen, willen en / of moeten doen. Fundamentele uitdagingen Uit de gesprekken en analyses blijkt ook de noodzaak om complexere zorg nog meer te voorkomen.

We hebben namelijk te maken met almaar stijgende kosten en wachtrijen, bijvoorbeeld op het gebied van jeugdhulp, speciaal onderwijs, geestelijke gezondheidszorg en ouderenzorg. Dit duidt op fundamentele uitdagingen. De vergrijzing, overdiagnosticering, decentrale inefficiënties en bijbehorend tekort aan personeel zijn algemene redenen hiervoor. Kortom, er is meer werk te doen en een relatief kleiner deel van de bevolking dat het kan doen. Het doorbreken van dit soort fundamentele uitdagingen vergt creativiteit. Zeker in de context van de onzekere financiële situatie van gemeenten.

29

Naast bovenstaande algemene redenen constateren we dat er in Capelle extra uitdagende omstandigheden zijn: • Als New Town zien we dat door selectieve migratie de sociaaleconomische opbouw van de samenleving de afgelopen jaren is veranderd. Gemiddeld gezien daalt de sociaaleconomische status bij iedere verhuisbeweging. Hierdoor stijgt de vraag naar welzijns- en zorgvoorzieningen. Dit verschilt sterk per buurt. • Een ander, deels gerelateerd, aspect is het hoge percentage slachtoffers van de toeslagenaffaire. Meer dan 1 op de 30 Capellenaren zijn aangemeld als gedupeerde. Een van de hoogste percentages van Nederland, met alle maatschappelijke gevolgen van dien. • Tot slot is de toevoeging van 10.000 woningen en bijbehorende bevolkingsgroei een extra uitdaging. We moeten dus meer onderwijs, welzijn en zorg verlenen in een gemeenschap met minder eigen draagkracht. Complexiteit Complexiteit kwam op diverse manieren terug in de analyses en gesprekken. Bijvoorbeeld vanuit de multi-problematiek casuïstiek die steeds complexer lijkt te zijn geworden. Echter, het kwam met name terug in het kader van samenwerking. Samenwerking (of het gebrek daaraan) tussen Rijk en gemeente, tussen overheid, markt en burgers.

Een (kleine) verandering op nationaal niveau kan enorme impact hebben op werkzaamheden van de gemeente en onze maatschappelijke verbonden partijen, denk aan decentralisaties, de toeslagenaffaire en veranderingen in de Participatiewet. Daarnaast zien we dat lokale gemeenschappen een belangrijke rol spelen in de samenleving, zij dragen bij aan de manier waarop we samenleven. Ook dit zijn belangrijke samenwerkingspartners. Daarmee neemt het aantal actoren, en daarmee de mate van complexiteit, in het maatschappelijk speelveld toe. Om effectiever samen te werken in een complex(er) en veranderend netwerk moeten we organisatie- en cultuurveranderingen doorvoeren.

Vele handen... De kracht van de gemeenschap, noaberschap, allemaal een goede buur zijn of samenredzaamheid. Hoe we het ook noemen, een deel van de oplossing ligt bij het faciliteren en activeren van de samenleving zelf. Het is een mes dat aan veel kanten snijdt. Inwoners die veel sociale contacten hebben, bijvoorbeeld in de buurt, zijn overwegend gelukkiger. We zien ook hier grote verschillen per buurt. Sommige buurten scoren op allerlei indicatoren in de hoogste regionen van Nederland en sommige in de laagste regionen. Niet iedere buurt heeft dezelfde draagkracht om maatschappelijke opgaven zelf (of op dezelfde manier) op te lossen. Denk bijvoorbeeld aan verschillen in de hoeveelheid zorgbehoevenden en het aandeel mantelzorgers en vrijwilligers. Voor de meest kwetsbare buurten moeten we wellicht iets extra’s (blijven) doen ten opzichte van de sterkste buurten. In welke vorm dan ook zorgt het samen of zelf oplossen van problemen voor een gevoel van grip en regie op het leven en daar kan men voldoening uit halen. Informele hulp en zorg voorkomt ook een berg kostbare formele hulp- en zorgvragen. Het is een aantrekkelijke gedachte om, zoals uit de gesprekken naar voren kwam, 69.000 oplossingen te zien en deze de ruimte te bieden. Iedere Capellenaar kan een oplossing bieden.

Ook vanuit de gemeente kunnen we wellicht op een andere manier verschil gaan maken, bijvoorbeeld door iedere werknemer de mogelijkheid te geven om vrijwilligerswerk te doen in de gemeente. De uitdaging is om verantwoordelijkheden anders te verdelen. Dat kan alleen als de gemeenschap (informeel en formeel) het samen aankan. In bepaalde buurten zal dit makkelijker gaan dan in andere buurten, maar overal ligt een deel van de oplossing bij de gemeenschap zelf. Want, vele handen maken licht werk.

30

31

3. De uitgangspunten Wat kiezen we?

De inzichten uit de analyses en dialogen zijn in dit hoofdstuk vertaald naar uitgangspunten. Per uitgangspunt is kort beschreven wat ermee bedoeld wordt en waarom dit van belang is. Daarna zijn mogelijke gevolgen voor rollen en kansen en uitdagingen beschreven. De uitgangspunten bieden houvast, richting en grondslag voor verdere stappen. Iets dat richting geeft aan alle activiteiten van alle betrokkenen. We beginnen dit hoofdstuk met een inleiding waarom we juist deze keuzes hebben gemaakt. Inleiding uitgangspunten Zoals de conclusies van de analyses en gesprekken duidelijk maken zijn er grote uitdagingen. Echter, als we ons richten op de juiste prioriteiten en de juiste randvoorwaarden creëren, zijn er evengrote kansen. Want, de meeste mensen redden zich samen of alleen prima in de maatschappij. Die kunnen prima uit de voeten met enkel de basisinfrastructuur. Ondersteuning vanuit de overheid is in veel gevallen niet of veel minder nodig. Zeker als we problemen voorkomen. Dit alles zal nodig zijn om maatschappelijke dienstverlening op peil te houden, juist voor degene die dat het hardste nodig hebben. We kunnen niet alles oplossen. Het is een verdelingsvraagstuk. Om richting te geven aan dit verdelingsvraagstuk zit er een volgordelijkheid en samenhang in de uitgangspunten. Bovenal streven we naar een hoge kwaliteit van leven voor iedere Capellenaar.

We richten ons meer op preventie en we zetten verder in op ‘normaliseren’ (zie toelichting hiernaast). Hier ligt een belangrijke rol voor gemeenschappen en individuen om zichzelf en elkaar te helpen. Alleen zo kunnen we de mensen die er echt niet samen of zelf uitkomen op tijd blijven helpen. Deze verandering in rollen is niet van de een op de andere dag gerealiseerd. Sterker nog, deze beweging is al vele jaren in gang. Vernieuwing in de manier van werken is cruciaal om deze beweging te versnellen. Daarvoor moeten we de complexiteit omarmen. Oftewel, accepteren dat we als gemeente niet alles zelf tot in detail kunnen controleren en door als gemeente meer ruimte te bieden voor experiment en innovatie. Meer dan voorheen is het nodig om doorbraken te forceren. Het moet niet blijven bij de mooie woorden, maar we willen aan de hand van deze uitgangspunten het verschil maken.

Zo komen we op de volgende uitgangspunten:

Hoofddoel: We verbeteren de kwaliteit van leven 1. We laten gemeenschappen floreren 2. We maken Capellenaren veerkrachtiger 3. We grijpen op tijd in 4. We omarmen complexiteit 5. We forceren doorbraken Wat gaat normaliseren over? De druk om aan een bepaald ideaalbeeld te voldoen is hoog. Als iets afwijkt van de norm, zien we het al snel als een probleem dat professionele hulp vereist. Maar niet alles wat afwijkt, is direct een probleem. Soms is een tegenslag simpelweg een onderdeel van het leven. Onze inzet is om het ‘pad van normaal’ breder te maken. Zodat inwoners niet bij elke hobbel direct professionele hulp nodig hebben, maar dat het sociale vangnet van familie, vrienden en buurt hen kan opvangen. Dit vraagt om een eerlijke en open dialoog met Capellenaren en maatschappelijke organisaties over wat we samen kunnen doen en hoe we dat verantwoord aanpakken. Deze beweging betekent niet dat we de verantwoordelijkheid van de gemeente van ons afschuiven. Integendeel. Juist in situaties waarin inwoners en hun netwerk een probleem niet zelf kunnen oplossen, is de gemeente er. Dan bieden we advies, steun of gespecialiseerde hulp. Zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig. Als het kan in een groep, als het echt moet met specialistische hulp. Samen met inwoners en maatschappelijke organisaties willen we de samenleving versterken.

Door te investeren in preventie, vitaliteit en zelfredzaamheid maken we Capellenaren veerkrachtiger. Want een weerbare samenleving met vitale inwoners met sterke sociale relaties en een breed vangnet is de basis voor iedereen om problemen het hoofd te bieden, steun te ontvangen én te kunnen geven.

32

Hoofddoel: We verbeteren de kwaliteit van leven Waarom en wat verstaan we er onder? Veel inwoners van Capelle ervaren stress, onzekerheid of uitsluiting als gevolg van financiële problemen, gezondheidsklachten en / of sociale isolatie. Deze factoren beïnvloeden hun dagelijks functioneren en welzijn. Door kwaliteit van leven als uitgangspunt te nemen, verschuift de focus van probleemoplossing naar het versterken van wat mensen nodig hebben om goed te kunnen leven. Dit sluit aan bij de brede benadering van gezondheid en welzijn, en helpt om beleid en uitvoering meer te richten op wat er écht toe doet voor inwoners. Dit is in het bijzonder van belang voor Capelle, want de tevredenheid met het leven is afgelopen jaren sterk gedaald en we staan nu in de laagste 10% van Nederland. Kwaliteit van leven is een subjectieve maatstaf die verwijst naar iemands algemene welzijn en hoe tevreden diegene is met zijn of haar leven, rekening houdend met factoren als gezondheid, sociale relaties en levensomstandigheden. Het is een brede term die zowel fysieke, psychische als sociale aspecten van het leven omvat. Bij het verbeteren van de kwaliteit van leven van inwoners gaat het dus om meer dan het oplossen van enkel sociale problemen: het draait om het versterken van welzijn, gezondheid, sociale relaties, zingeving en participatie.

Het inkomensniveau, sociale relaties en gezondheid dragen bijzonder veel bij aan de kwaliteit van leven. Ook een geschikte woning voor de diverse doelgroepen (‘wonen op maat’) is een belangrijke randvoorwaarde.

Wat zijn mogelijke gevolgen voor rollen van gemeente, inwoners en partners? • Gemeente: De gemeente moet beleid en uitvoering meer richten op brede welvaart en welzijnsbevordering, in plaats van enkel op het verlenen van zorg en ondersteuning. Dit betekent investeren in leefomgeving, sociale netwerken, preventie en inclusie. De gemeente neemt een regierol in het verbinden van domeinen (zorg, wonen, werk, veiligheid) en het faciliteren van initiatieven die bijdragen aan welzijn. Beleidsontwikkeling wordt participatiever en meer gebaseerd op ervaringskennis. • Inwoners: Inwoners worden gezien als experts van hun eigen leven. Hun perspectief en ervaring zijn leidend bij het bepalen van wat nodig is. Zij worden actief betrokken bij het vormgeven van hun eigen ondersteuning en bij het verbeteren van hun leefomgeving. • Professionele partners: Partners moeten (meer) integraal en domeinoverstijgend samenwerken, met oog voor de totale leefsituatie van inwoners. Professionals werken (nog meer) vanuit een brede blik en stemmen hun ondersteuning af op wat voor de inwoner belangrijk is. Ze signaleren, verbinden en coachen.

Wat zijn mogelijke kansen? • Meer duurzame oplossingen die aansluiten bij wat mensen echt nodig hebben. • Versterking van eigen regie en participatie. • Vermindering van zorgvraag op lange termijn.

Wat zijn mogelijke uitdagingen? • Meetbaar maken van ‘kwaliteit van leven’ en het bepalen van een ondergrens voor ingrijpen. • Vereist (langdurige) cultuurverandering & samenwerking over domeinen heen. • Kans op spanningen tussen individuele behoeften en collectieve kaders.

33

1. We laten gemeenschappen floreren Waarom en wat verstaan we er onder? In een tijd waarin individualisering en polarisatie toenemen, is het versterken van gemeenschappen essentieel. Sociale netwerken bieden bescherming tegen armoede, eenzaamheid en psychische klachten. In Capelle zijn er buurten waar de sociale samenhang onder druk staat, terwijl juist daar de behoefte aan onderlinge steun groot is. Door in te zetten op florerende gemeenschappen, bouwen we aan buurten waar mensen zich thuis voelen, elkaar helpen en samen verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. Dit is in het bijzonder van belang in Capelle, omdat uit diverse onderzoeken blijkt dat de sociale cohesie relatief laag is, net als in andere ‘New Towns’. Gemeenschappen laten floreren betekent dat we investeren in de kracht van sociale verbanden: buurten, netwerken, verenigingen en informele groepen. Een florerende gemeenschap is een omgeving waarin mensen zich verbonden voelen, elkaar ondersteunen, zich veilig en gewaardeerd weten, en samen werken aan gedeelde doelen. Om gemeenschappen te versterken en te verbinden is het stimuleren en ondersteunen van vrijwilligerswerk essentieel. Het betekent ook dat we een groter appèl doen op de draagkracht van gemeenschappen en dat we als gemeente meer ruimte bieden aan deze gemeenschappen.

Het uitgangspunt erkent dat welzijn niet alleen individueel is, maar ook collectief ontstaat in de context van sociale relaties en gedeelde leefomgeving. Allerlei sport-, cultuur- en buurtvoorzieningen zijn hierbij van groot belang.

Wat zijn mogelijke gevolgen voor rollen van gemeente, inwoners en partners? • Gemeente: De gemeente verschuift van individuele hulpverlening naar het versterken van sociale structuren. Dit vraagt om gebiedsgericht werken, het ondersteunen van bewonersinitiatieven en het faciliteren van ontmoetingsplekken. De gemeente stimuleert en faciliteert gemeenschapsvorming via subsidies, infrastructuur en beleidsruimte. Ze werkt gebiedsgericht en in co-creatie met inwoners. • Inwoners: Inwoners dragen actief bij aan hun gemeenschap, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk, buurtinitiatieven of informele zorg. Ze zijn mede-eigenaren van hun leefomgeving. Ze nemen initiatief, dragen bij aan sociale samenhang en ondersteunen elkaar. • Professionele partners: Partners werken meer samen met informele netwerken en richten zich op het versterken van sociale cohesie en gemeenschapszin. Ze hebben een verbindende rol tussen formele en informele netwerken. Ze ondersteunen gemeenschapsinitiatieven en werken vanuit nabijheid en vertrouwen.

Wat zijn mogelijke kansen? • Versterking van sociale veiligheid en onderlinge hulp. • Vermindering van eenzaamheid en sociaal isolement. • Duurzame oplossingen door gedeelde verantwoordelijkheid.

Wat zijn mogelijke uitdagingen? • Niet elke gemeenschap heeft dezelfde draagkracht of betrokkenheid en dus kans op uitsluiting van kwetsbare groepen. • Investeringen in sport-, cultuur en buurtvoorzieningen in de context van bezuinigingen. • Vereist langdurige investering en vertrouwen in informele structuren.

34

2. We maken Capellenaren veerkrachtiger Waarom en wat verstaan we er onder? De samenleving verandert snel en vraagt veel van mensen: flexibiliteit op de arbeidsmarkt, digitale vaardigheden, omgaan met onzekerheid. Tegelijkertijd hebben veel inwoners te maken met kwetsbare omstandigheden. Door veerkracht te versterken, vergroten we het vermogen van mensen om met tegenslagen om te gaan en hun leven zelf richting te geven. Dit is niet alleen belangrijk voor het individu, maar ook voor de samenleving als geheel: veerkrachtige inwoners dragen bij aan een stabiele en vitale gemeenschap. In Capelle zijn relatief veel inwoners met lage veerkracht. Veerkracht verwijst naar het vermogen van mensen om zich aan te passen aan veranderende omstandigheden, te herstellen van tegenslagen en hun leven opnieuw vorm te geven. In het sociaal domein betekent veerkracht niet alleen psychische weerbaarheid, maar ook sociale, economische en fysieke veerkracht. Het uitgangspunt is dat inwoners beter in staat zijn om zelf met uitdagingen om te gaan als ze beschikken over voldoende hulpbronnen, vaardigheden en steun vanuit hun omgeving. Geschikt onderwijs en fysieke en mentale vitaliteit zijn cruciaal aspecten bij dit uitgangspunt. We zetten daarom in op ontwikkeling van vaardigheden en talenten, fysiek en mentaal. Met name voor kinderen, maar ook voor andere groepen, is dit van groot belang.

Goede, bereikbare en passende onderwijs- en sportvoorzieningen zijn hierbij cruciaal. Ook een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt helpt hierbij.

Wat zijn mogelijke gevolgen voor rollen van gemeente, inwoners en partners? • Gemeente: De gemeente richt zich op het versterken van beschermende factoren zoals sociale netwerken, toegang tot basisvoorzieningen, en het bevorderen van mentale gezondheid. Beleidsmaatregelen worden meer gericht op het vergroten van weerbaarheid dan op het oplossen van problemen. De gemeente ontwikkelt beleid dat inzet op ‘re-ablement’, preventie en het versterken van sociale structuren. We werken samen met onderwijs, zorg, welzijn en werk om veerkracht integraal te bevorderen. • Inwoners: Inwoners versterken hun eigen regie, ontwikkelen vaardigheden en benutten beschikbare hulpbronnen. Inwoners zijn actieve deelnemers in hun eigen ontwikkeling. Ze nemen verantwoordelijkheid voor hun keuzes en zoeken actief naar oplossingen. • Professionele partners: Partners ondersteunen inwoners bij het ontwikkelen van veerkracht, bijvoorbeeld via coaching, educatie en het versterken van sociale netwerken. Ze werken vanuit een coachende en activerende rol. Ze helpen inwoners om hun eigen kracht te ontdekken en te benutten.

Wat zijn mogelijke kansen? • Minder afhankelijkheid van professionele hulp. • Grotere zelfredzaamheid en participatie. • Positieve effecten op gezondheid en welzijn.

Wat zijn mogelijke uitdagingen? • Niet iedereen heeft dezelfde uitgangspositie of hulpbronnen. • Kans op overvraging van kwetsbare groepen. • Vereist langdurige investering en monitoring.

35

3. We grijpen op tijd in Waarom en wat verstaan we er onder? We willen zoveel mogelijk verantwoordelijkheden bij de gemeenschap en de Capellenaren zelf laten. We zijn dus terughoudend met ingrijpen, zetten meer in op preventie en sturen op normalisering. Echter, er blijven uiteraard situaties waarbij de gemeenschap of het individu het niet zelf kan oplossen. Dan is het onze plicht om te helpen. De maatschappelijke en financiële kosten van laat ingrijpen zijn hoog. Daarbij zien we in Capelle dat de druk op voorzieningen hoog is. Door eerder te signaleren en preventief te handelen, kunnen we veel leed voorkomen en de druk op zwaardere voorzieningen verlagen. We hanteren hierbij het principe ‘zo licht als mogelijk en zo zwaar als nodig’. “We grijpen op tijd in” betekent dat we als gemeente en partners actief en vroegtijdig handelen om te voorkomen dat problemen verergeren. In plaats van te wachten tot situaties escaleren, zetten we in op vroegsignalering, laagdrempelige ondersteuning en het versterken van beschermende factoren. Dit uitgangspunt vraagt om een proactieve houding, nabijheid in de leefwereld van inwoners en het vermogen om signalen serieus te nemen en snel te schakelen. Door op tijd in te grijpen, voorkomen we escalatie, verminderen we maatschappelijke kosten en vergroten we het welzijn van inwoners. Niet alle problematiek zal te voorkomen zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16351546/1