CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

09.06 -Verhaal van de stad Capelle ad IJssel schermversie

Gemeenteraad 10 november 2025, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Erfgoednota 2025 en de daarbij behorende Nota van beantwoording inspraakreacties Erfgoednota 202523.667 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

3. Schenkel-Zuid Luchtfoto van de Bloemenbuurt, 1954 <Beeldbank HVC 2583>

B Schenkel bestaat uit twee afzonderlijke delen: Schenkel-Zuid en het later gerealiseerde Schenkel-Noord. Schenkel-Zuid dateert van de jaren veertig tot zestig en werd net als Middelwatering voor een groot deel uit stempels opgebouwd. De plannen voor Schenkel-Zuid bestonden uit twee delen, respectievelijk voor Kom Bermweg (Schenkel-Oost) en Schenkel-West – de benaming kan tot enige onduidelijkheid leiden. De wijk heeft een compacte, driehoekige vorm en wordt begrensd door de metrobaan, een groenzone die de wijk scheidt van Schenkel-Noord, de Capelseweg en de Ringvaart. Schenkel-Zuid is onderverdeeld in de buurten Bloemenbuurt-Oost, Bloemenbuurt-West, Florabuurt en De Akker/Haagwinde. Schenkel-Zuid sluit

3. Schenkel-Zuid

aan op lintbebouwing langs de Ringvaart en de Bermweg.

Uitsnede van Schenkel, 1984 <SAR> Contrei

september 2023

75

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B Hulpkaart Schenkel-Zuid

Schenkel-Noord

Winkelcentrum ‘De Luifel’

Bloemenbuurt

Florabuurt

Winkelcentrum ‘De Luifel’ (2) Bermweg; 1955-1956 Florabuurt (3) 1966-1971

Haagwinde Akkerwinde

Contrei

september 2023

Akkerwinde 1971-1972 Haagwinde (4) 1976-1978 76

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Bloemenbuurt (1) ± 1951-1960

B

Kom Bermweg (Schenkel-Oost) Voor de bouw van een nieuwe wijk in Schenkel na de Tweede Wereldoorlog, waren aanpassingen van het vigerende uitbreidingsplan, dat vooral tuin- en landbouwgrond benoemde, noodzakelijk. Om tijdverlies te voorkomen werd begonnen met onteigening op basis van het op dat moment geldende plan Bermweg – ook wel Polder genaamd –, echter met de bedoeling dat architect/stedenbouwkundige Van der Kloot Meijburg intussen voor de te bouwen woningen een partiële herziening zou maken voor een deel van het plan.1 Van der Kloot Meijburg werkte al sinds 1939 aan uitbreidingsplannen voor de gemeente in de omgeving van het Slot en hij werd nu ook gevraagd de uitbreiding in Schenkel ter hand te nemen.

Van der Kloot Meijburg moest de reeds eerder gerealiseerde Bermweglaan (vanaf 1950 Goudenregenstraat) in zijn plan integreren. Dat deed hij door in een knik in aansluiting op de Bermweg een klein plantsoen op te nemen. Tevens introduceerde hij een waterpartij met een groot plantsoen langs de Bermweg. Romantisch-stedenbouwkundige elementen die typerend zijn voor ontwerpen uit de vroege wederopbouw. Aan de noordzijde van het plangebied is de rioolwaterzuiveringsinstallatie met waterbekken geprojecteerd. Van der Kloot Meijburg, Partiële wijziging van het uitbreidingsplan kom Bermweg, 1949 <GAC 1340/2236> Contrei

september 2023

77

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Op basis van deze partiële herziening kwam de Bloemenbuurt tot stand. Onderdeel hiervan vormde de Bermweglaan (latere Goudenregenstraat) met zijn bestaande lintbebouwing. Het wijzigingsplan werd verschillende keren herzien en pas in 1954 keurden Gedeputeerde Staten de versie die toen voorlag goed.2

B

Deze versie was van de hand van Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, dat inmiddels de werkzaamheden aan de planvorming van Capelle van Van der Kloot Meijburg had overgenomen. Het plangebied was op dat moment al voor een deel bebouwd en werd in de jaren erna vrijwel geheel volgebouwd. Dat gebeurde deels volgens het uitbreidingsplan en deels in afwijking daarvan krachtens bouwvergunningen ingevolge artikel 20 van de Wederopbouwwet.3 In 1968 presenteerde Stad en Landschap een nieuw plan voor Schenkel-Oost, waaraan zij sinds 1962 hadden gewerkt. Inmiddels was een totale herziening van het vigerende plan noodzakelijk. Zo moest de bebouwing die in het kader van artikel 20 van de Wederopbouwwet tot stand was gebracht, gelegaliseerd worden. Daarnaast miste het plan bestemmingen ten behoeve van winkels en kleine bedrijven en het plan moest worden aangepast aan het structuurplan voor het RoCa-gebied. Omdat in het structuurplan langs de noordgrens van het bestemmingsplan Schenkel-Oost een park was gedacht, werd de noordoosthoek van het plangebied de definitieve beëindiging van de woonwijk. Om deze duidelijk te markeren werden op die plek maatschappelijke functies zoals een school en een kerk geprojecteerd. Deze vormde tevens een beëindiging van de bestaande lintbebouwing. Strokenbouw aan de westzijde vormt de aansluiting op het bestemmingsplan voor Schenkel-West.

Omdat het plan slechts gedeeltelijk werd goedgekeurd door Gedeputeerde Staten en het moest voldoen aan de eisen van de Wet op de Ruimtelijke Ordening werd een nieuw plan opgesteld dat in 1974 werd vastgesteld door de gemeenteraad.

Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, kaart deel uitmakende van de herziening 1954 van het uitbreidingsplan regelende de bestemming in onderdelen van gronden gelegen in de kom Polder, 1954 <GAC 1340/2237> Contrei

september 2023

78

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

In het plan van 1954 werd een langgerekt plantsoen in het westelijk deel van de wijk geïntroduceerd (ter plaatse van de huidige Violierstraat). Ook was er sprake van een nadrukkelijker groene verbinding tussen het oostelijk plandeel en het entreeplantsoen van de wijk, wat tijdens latere planfasen zou uitmonden in de huidige Bloemensingel). Het waterbekken van de rioolwaterzuiveringsinstallatie is nu verbonden met de waterpartij van het grote plantsoen langs de Bermweg.

Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, Plan Schenkel-Oost, 1968 <GAC 1340/2247>AA

Contrei

september 2023

In het plan voor Schenkel-Oost uit 1968 werd, onder invloed van de modernistische planning, aan de westzijde een open haakverkaveling geïntroduceerd. Hiermee werd aangesloten op het stedenbouwkundig plan dat in dezelfde periode voor Schenkel-West werd gemaakt. Daarnaast werd op de scheidslijn van beide plangebieden een eerder geplande sloot verbreed tot ruimere waterpartij. 79

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

B

3. Schenkel-Zuid

B

Bestemmingsplan Schenkel-Oost, 1974 <GAC 1340/2249>AA

Contrei

september 2023

80

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B Duplexwoningen en eengezinswoningen aan de Violierstraat

In Schenkel-Oost, in de Bloemenbuurt, werden tussen 1950 en 1960 circa 300 woningen gebouwd. Het was een van de eerste uitbreidingen van de gemeente Capelle aan den IJssel. Het werd een coherente, kleinschalige en ambachtelijk gebouwde woonwijk, die nog niets verried van de massale prefabricage die enkele jaren later de bouw zou beheersen. De woningen zijn uitgevoerd in een bouwstijl die typerend is voor de vroege wederopbouw. De korte woningblokken in baksteen met schuine rode pannendaken werden in het plan dat in eerste instantie van de hand van het bureau van der Kloot Meijburg was, sober uitgevoerd, maar toch voorzien van een zorgvuldige uitwerking. Voor alle woningen uit de jaren 50 in de buurt gold dat men het gevelbeeld enige diversiteit wenste te geven. Ze werden voorzien van een erker, balkon-loggia, natuurstenen lijsten rondom voordeuren of ruitvormige ramen. Niet alleen de vormgeving, maar ook de plattegrond-indeling van de woningen is typerend voor het de vroege wederopbouw. Een specifiek geval hierin zijn de woningen aan de Violierstraat die uitgevoerd zijn als duplexwoningen, wat alleen te zien is aan de twee voordeuren voor iedere woning. Een duplexwoning was eigenlijk een eengezinswoning die tijdelijk werd opgesplitst in een boven- en benedenwoning of twee etagewoningen.

Het waren huizen die voor tien jaar als duplextype bewoond zouden worden en veertig jaar als normale eengezinswoning. Géén noodwoning dus, maar tijdelijk een kleine woning als één van de oplossingen tegen de woningnood na de Tweede Wereldoorlog. Aan het Doormanplein in Capelle-West zijn vergelijkbare woningen gerealiseerd.

Woningen aan de Ericastraat, 2022 <Contrei>

Gezicht op de Violierstraat, 1968 <Beeldbank HVC 549 1T/M2> Contrei

september 2023

81

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Architect: H.v.d. Kloot Meijburg Opdrachtgever: gemeente Typologie: rijwoningen Ontwerp: onbekend Oplevering: 1951-1952 Buurt: Bloemenbuurt-west Straat: Violierstraat, Ericastraat

B Winkelcentrum ‘De Luifel’ met bovenwoningen

Architect: N. Sitters Opdrachtgever: Gemeentelijke Woningstichting Typologie: winkels met bovenwoningen Ontwerp: 1955 Oplevering: 1956 Buurt: Bloemenbuurt-oost Straat: Bermweg

Dat de Bloemenbuurt een als een min of meer afgeronde naoorlogse uitbreiding moest functioneren, blijkt uit de voorzieningen die voor het wijkje werden ontworpen. Naast scholen en kerken werden er – ofschoon op het plan van Instituut Stad en Landschap nog niet aangegeven – uiteindelijk onder druk van het gemeentebestuur ook winkels gebouwd. Aan de Bermweg verrees in 1956 het winkelcentrum “De Luifel” met 18 winkels en 18 bovenwoningen. Na een voorgeschiedenis met protesten van ondernemers uit het dorp, bleek voor het woon- en winkelgebouw, dat werd ontworpen door Nicolaas Sitters, toch belangstelling onder lokale ondernemers. De winkelruimtes waren voorzien van een halfverdiepte garage en een half verhoogd deel met een kantoor. Boven de winkel kon worden gewoond, wat de meeste winkeliers oorspronkelijk deden. De woningen zijn ontsloten door een doorgaande galerij aan de achterzijde op de eerste verdieping via twee trappenhuizen op de kop van het blok en een klein trappenhuis halverwege. Daardoor was er sprake van een vrije indeelbaarheid van de winkels op de begane grond. Het geheel is vormgegeven in een stijl die kenmerkend is voor de vroege wederopbouwperiode. De rode bakstenen gevels, met het schuine rode pannendak, de gootklossen met houten spanten, dakkapellen en de terugliggende balkons met sierhekken kenmerken het plan.

Terwijl de doorlopende luifel met glaspartijen en natuurstenen plint de winkels verbindt, hebben de twee trappenhuizen een uitgesproken karakter gekregen. Het grootste deel van de kozijnen van het winkel- en woongebouw zijn inmiddels vervangen.

Contrei

september 2023

Schetsontwerp voorgevel, N. Sitters <GAC 1340, 2558>

82

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Winkelcentrum de Luifel aan de Bermweg, P.S. Molkenboer, 1989 <Beeldbank HVC 4080 1>

B

Schenkel-West

In dit plan uit 1967 werd nog rekening gehouden met een openbaar vervoersbaan langs de Schenkelse Dreef. Die zou tijdens een latere periode komen te vervallen. De planuitleg van de woonwijk is in open stedenbouw, geheel volgens modernistische principes. In deze zakelijke opzet is veel aandacht voor het parkeren. Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, Bestemmingsplan Schenkel-West, 1967 <GAC 1340/2243> Contrei

september 2023

83

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Vanaf begin jaren zestig werd door Stad en Landschap tevens een plan voor Schenkel-West opgesteld. Omdat Schenkel als enige van de delen waarin het plan in hoofdzaken van Capelle aan den IJssel was opgedeeld nog niet was goedgekeurd, werd voor Schenkel-West eerst een partieel plan in hoofdzaken opgesteld. Het lukte echter niet om binnen een jaar bestemmingsplannen ter inzage aan te bieden, zoals de Wet op de Ruimtelijke Ordening voorschreef, zodat vertraging ontstond. Bovendien waren er enkele punten die de architecten en stedenbouwkundigen hoofdbrekens kosten, waaronder de hoogte van de randbebouwing en de ‘torengebouwen’ in het zuidelijke deel. Het bebouwingsplan voor de hier gedachte MUWI-woningen paste niet zonder meer in het op dat moment voorliggende ontwerpuitbreidingsplan.4 In 1967 was het plan van Stad en Landschap voor Schenkel-West eindelijk gereed. In een herziene versie van 1974 werd het plan tevens in overeenstemming met de Wet op de Ruimtelijke Ordening gebracht. Het plan werd in 1976 door de gemeenteraad vastgesteld. Op basis van deze plannen kwam de Florabuurt tot stand. Die wordt gekenmerkt door een rechthoekige stempelstructuur uit de jaren zestig. Het hart van de buurt bestaat uit een strook met voorzieningen, waaronder een aantal scholen.

B

3. Schenkel-Zuid

In 1974 was de wens stedelijk openbaar vervoer te koppelen aan de Schenkeldreef komen te vervallen. Daarmee veranderde de opzet van wegen. Aan de noordzijde van het plan werd een grootschaliger verkaveling geïntroduceerd. Aan de zuidzijde van het plan werden meer laagbouwwoningen opgenomen en werden verspringende hoogbouwblokken geïntroduceerd.

De herziene versie van 1974, die het plan in overeenstemming met de Wet op de AA Ruimtelijke Ordening bracht. Bestemmingsplan Schenkel-West, 1974 <GAC 1340/2243>AA Contrei

september 2023

84

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

3. Schenkel-Zuid

Het driehoekige terrein tussen de Bermweg, Schenkelsedreef en Akkerwinde dat eerder was bestemd voor een garagebedrijf, kreeg nu een woonbestemming.

Het doorde gemeenteraad vastgestelde plan uit 1976. Bestemmingsplan Schenkel-West, 1976 <GAC 1340/2245> AA Contrei

september 2023

85

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

In opdracht van Wostica ontwierpen E.F. Groosman en F. Swaneveld middelhoog- en hoogbouw aan de Wilgenhoek, Bongerd, Wingerd en Dotterlei in het MUWI-bouwsysteem. E.F. Groosman ontwierp 432 portieketagewoningen aan de Wingerd en Bongerd en Swaneveld ontwierp galerijflats aan Dotterlei en Wilgenhoek. Als laatste buurt kwamen aan de zuidwestzijde de Akkerwinde en de Haagwinde tot stand. De Akkerwinde bestaat uit galerijflats die in 1972 werden opgeleverd; vlak voor de omslag in de jaren zeventig. De Haagwinde werd in 1978 opgeleverd rondom woonerven in een typische jaren zeventig stijl. Een klein deel van de buurt - de lintbebouwing langs de Bermweg - was al voor de jaren zestig gerealiseerd.

Haagwinde

Aan de rand van de wijk, nabij de Bermweg, liggen omringd door volwassen groene borders de woningen aan de Haagwinde verscholen. Deze woonbuurt, naar het ontwerp van architectenbureau Stekelenburg en Abeln uit 1976, vormt een sterk contrast met de tegenovergelegen rationele flats aan de Akkerwinde. Wie de Haagwinde betreedt, wordt verwelkomd door zeven verspringende woningblokjes opgetrokken in vriendelijke bruine baksteen, met dubbele kappen. Dit alles gearrangeerd in een losse driehoekvorm rondom een woonerf. Het ademt de sfeer van de kleinschaligheidsbeweging, waarin architecten streefden naar herkenbare woonomgevingen, een gevarieerd straatbeeld en het liefst de woningen voorzagen van een eigen kap. Daarop is de dichtbebouwde Haagwinde een variant, waarbij de portieketagewoningen met meerder HVAT-eenheden qua beeldtaal niet ver verwijderd zijn van de ruimere twee-onder-een-kapwoningen in het plan. In deze buurt hebben de architecten een hoge woningdichtheid gerealiseerd, woningen voor veel verschillende huishoudenstypen, die elkaar tegenkomen op het gedeelde centrale woonerf.

Gevels en plattegronden, blok 1 <GAC BV 3668>

Contrei

september 2023

86

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Architect: Van Stekelenburg en Abeln Opdrachtgever: Bouwburo Otte b.v. Capelle a/d IJssel Typologie: geschakelde woningen Ontwerp: 1976 Oplevering: 1978 Buurt: Akkerwinde/Haagwinde Straat: Haagwinde

B

Noten 1 GAC, toegang 1340, archief van de gemeente Capelle aan den IJssel, inv.no. 2236. Brief van Van der Kloot Meijburg aan B en W van Capelle, 8 december 1947. 2 GAC, toegang 1340, archief van de gemeente Capelle aan den IJssel, inv.no. 2237. Plankaart 1953, no. 775. Besluit van 26 oktober 1954, B. no. 40831 (1e afd.), G.S. no. 235/1, tot vaststelling ingevolge artikel 40 der Woningwet van het uitbreidingsplan in onderdelen “Polder” der gemeente Capelle aan den IJssel. 3 GAC, toegang 1340, archief van de gemeente Capelle aan den IJssel, inv.no. 2240. Toelichting Bestemmingsplan Schenkel Oost, 1968.

3. Schenkel-Zuid

4 GAC, toegang 1340, archief van de gemeente Capelle aan den IJssel, inv.no2246. Brief van de directeur van Gemeentewerken aan B en W, dd. 28 oktober 1964.

Contrei

september 2023

87

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Geselecteerde projecten

Architect: H. v.d. Kloot Meijburg Opdrachtgever: gemeente Typologie: rijwoningen Ontwerp: onbekend Oplevering: 1951-1957 Buurt: Bloemenbuurt-west Straat: Violierstraat, Ericastraat

Architect: N. Sitters Opdrachtgever: Gemeentelijke Woningstichting Typologie: winkels met bovenwoningen Ontwerp: 1955 Oplevering: 1956 Buurt: Bloemenbuurt-oost Straat: Bermweg

2. Architect: E.F. Groosman en F. Swaneveld & Goslinga Opdrachtgever: Woningstichting Capelle a/d IJssel Typologie: middelhoog- en hoogbouw Ontwerp: 1966-1967 Oplevering: 1967-1971 Buurt: Florabuurt Straat: Wingerd, Bongerd, Dotterlei, Wilgenhoek

3. Contrei

september 2023

Architect: Van Stekelenburg en Abeln Opdrachtgever: Bouwburo Otte b.v. Capelle a/d IJssel Typologie: gestapelde woningen Ontwerp: 1976 Oplevering: 1978 Buurt: Akker/Haagwinde Straat: Haagwinde

4. 88

het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

1.2.

B

Wingerd, Bongerd, Dotterlei en Wilgenhoek

Als onderdeel van het ’Uitbreidingsplan Schenkel-West’ ontstonden de plannen voor de Florabuurt, ten noorden van de Kralingseweg. In 1966 werd er een ontwerp ingediend voor 21 middelhoge portiekflats van E.F. Groosman, met in totaal 432 woningen en 93 garages. Een jaar later werden ook vier hoogbouwflats van Swaneveld en Goslinga goedgekeurd, waarmee nog eens 196 woningen en 32 garages zouden verrijzen tegen de gemeentegrens met Rotterdam. In 1970 kwamen daar nog eens drie flats bij, met 147 woningen en 24 garages. Tussen 1966 en 1971 verrezen in Schenkel daarmee 775 woningen en in het midden een voorzieningenstrook. De snelheid in realisatie was mogelijk door toepassing van het Muwi-systeem. De buurt is een goede vertegenwoordiger van de moderne, naoorlogse jaren zestig, waarin systematisering Contrei

september 2023

3. Schenkel-Zuid

Architect: E.F. Groosman en F. Swaneveld & Goslinga Opdrachtgever: Woningstichting Capelle a/d IJssel Typologie middelhoog- en hoog bouw Ontwerp: 1966-1967 Oplevering: 1967-1971 Buurt: Florabuurt Wingerd, Bongerd, Adresgegevens: Dotterlei, Wilgenhoek

De middelhoogbouw aan de Bongerd, 2022 <Contrei> 89

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Situatietekening Uitbreidingsplan Schenkel, 1965 <GAC BV 2778>

3. Schenkel-Zuid

en rationalisering in combinatie met nieuwe bouwsystemen de Nederlandse woningbouw dicteerden. De architecten E.F. Groosman (1914-1999) en Swaneveld & Goslinga waren actief ten tijde van de Wederopbouw. Beide bureaus ontwierpen in een moderne en functionalistische bouwstijl. Groosman, de architect van de middelhoogbouw in de Florabuurt, was ervaren met het ontwerpen met bouwsystemen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog volgde hij een opleiding aan de Academie van Bouwkunst te Amsterdam en was medewerker bij het architectenbureau van Van Tijen & Maaskant. Hij richtte zijn eigen architectenbureau op in 1948. Door heel Nederland zijn door het bureau Groosman Partners BV woonwijken gebouwd met stempelverkavelingen en toepassing van bouwsystemen, zoals de wijk Holy in Vlaardingen, Presikhaaf in Arnhem en Tarthorst in Wageningen. Groosman ontwierp al eerder in Capelle aan den IJssel, namelijk de Hoven/747-wonigen in Middelwatering, die eveneens middels systeembouw zijn gebouwd. Swaneveld & Goslinga ontwierpen de hoogbouwflats in de Florabuurt en waren eveneens bekend met naoorlogse bouwsystemen. Een groot deel van de naoorlogse architectuur in Schiedam staat – naast Groosman - op de naam van Swaneveld & Goslinga. Ze ontwierpen een hoge galerijflat in acht bouwlagen in de wijk Groenoord, op basis van het MUWI-bouwsysteem.

Ook de voormalige Christelijke Lagere Technische school (1955-1957) aan de Burgemeester Honnerlage Gretelaan/Nieuwe Damlaan en het Restaurant Europoort (1959) aan de Maasboulevard waren zeer moderne bouwwerken die getuigden van het naoorlogse Nieuwe Bouwen. Het ruimtelijke concept van de buurt berust op de modernistische principes van die tijd. De

Bestektekening middelhoogbouw, 1965 <GAC BV 2778> Contrei

september 2023

90

het Verhaal van Capelle 1945-1990

Desalniettemin vertonen de portiek- en hoogbouwflats een gevelbeeld dat typerend is voor het MUWI-bouwsysteem. De portiekflats zijn langgerekte rechthoekige bouwblokken Contrei

september 2023

B

Oost- en zuidgevel hoogbouw, 1967 <GAC BV 2778>

3. Schenkel-Zuid

woningen moesten de kwaliteit en leefomgeving van de groeiende middenklasse verbeteren. Hiertoe werd een nieuwe ‘Uitbreidingswijk’ uitgerold in Schenkel-West, waar moderne, maar betaalbare woningen werden gebouwd. De herhaling van hoogbouw- en portiekflats in een orthogonale verkaveling sloot aan op de richting van het oorspronkelijke verkavelingspatroon van de Prins Alexanderpolder. De bebouwing werd opgesteld in twee stroken, van elkaar gescheiden door een voorzieningenstrook met onder andere lagere scholen in het midden. Het maaiveld is ingericht als groene zone, met grote grasvelden met bomen. De hoogbouw ligt aan de west- en noordzijde van het plangebied en begrensde het gebied daarmee van Rotterdam. De middelhoogbouw ligt in twee verschillende stempels van evenwijdige of haaks op elkaar gesitueerde blokken (van 3 tot 5 portieken breed) langs de voorzieningenstrook. Veruit de meeste woningblokken zijn met de balkonzijde op de zon gericht, en zijn met de entrees grenzend aan de groene zones met de parkeerplaatsen. De snelle bouw van de ‘Uitbreiding Schenkel-West’ berustte op het MUWI-bouwsysteem, ontwikkeld door Muijs en de Winter’s Bouw en aannemingsbedrijf. In Nederland zijn er tussen 1951 en 1973 ruim 36.000 woningen met dit bouwsysteem gerealiseerd. Het MUWI-systeem is een stapel- en gietsysteem: holle lichtbetonblokken worden gevuld met grindbeton als bouwmuren.

De vloeren zijn opgebouwd uit voorgespannen betonbalkjes met daartussen vulblokken. Door het systeem met bouwblokken ontstaat er voor de architect een relatieve vrijheid in de indeling van de plattegronden en de invulling van de gevel.

Plattegronden, 1967 <GAC BV 2778>

91

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

met een plat dak. Ze zijn uitgevoerd in drie woonlagen op een onderbouw, waarbij de uit metselwerk opgetrokken gevels worden onderbroken door betonnen vloerranden die over de gehele gevel doorlopen. De voorgevel bestaat uit een repetitie van portiekentrees, raampartijen en licht uitkragende balkon/ loggia’s. Aan de portieken is uitdrukking gegeven door drie smalle verticale ramen die bijna de hele bouwhoogte beslaat. In het oorspronkelijke kleurschema waren ramen en kozijnen gebroken wit, en deuren bordeaux rood.

Het stapelbouwsysteem maakte verschillende woningplattegronden mogelijk. De portiek- en hoogbouwflats in de Florabuurt zijn gerealiseerd met drie- tot vijfkamerwoningen. In de portiekwoningen zijn zelfs zeskamerwoningen ondergebracht en uitgevoerd als maisonnettes, met slaapkamers op de begane grond in de onderbouw. De overige ruimte in de onderbouw is benut voor bergingen en garages.

Contrei

september 2023

Exterieur hoogbouw van Swaneveld & Goslinga, 2022 <Contrei>

BRONNEN GAC: BV 3385; BV 2778; BV 3024; BV 2908; BV 3098. Anita Blom, Bregit Jansen, Marieke van der Heiden. (April 2004). De typologie van de vroeg-naoorlogse woonwijken. Zeist: Projectteam Wederopbouw van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Wim van den Bremen, Kees Grandia, Irja Verweijen-Steenaart. (2009). Van dijkdorp tot woonstad. Een eeuw bouwen en wonen in Capelle aan den IJssel. Capelle aan den IJssel: Historische Vereniging Capelle aan den IJssel/AVW Vakpers. Bouwhulpgroep, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. (Oktober 2016). Kansen voor systeembouw. Beoordeling van de kansen voor het systeem Muwi. Hebly Theunissen Architecten, Cees Boekraad, Arjan Hebly, i.s.m. Dolf Broekhuizen. (2010) De wederopbouw in Schiedam 1940-1965. Gemeente Schiedam. 92

3. Schenkel-Zuid

De galerijflats vertonen veel overeenkomsten met de portiekflats. Ze zijn eveneens middels het MUWI-systeem gebouwd, met de kenmerkende betonnen vloerranden, ditmaal de zijbeuken/kopgevels voorzien van consoles. De zeven woonlagen op een onderbouw zijn met de galerijzijde naar de wijk gericht en met de balkonzijde op het zuidwesten. De flat kenmerkt zich zoals veel systeembouwflats uit deze periode door de heldere, rechthoekige hoofdvorm en het vlakke, repeterende gevelbeeld van ramen, metselwerk en doorgaande balustrades met spijlenhekken. Tegen dit grote hoofdvolume is een liftschacht geplaatst, dat met een geheel gesloten gevel als een expressief element is ingezet. Daarmee zijn de flats toch wezenlijk monumentaler vormgegeven dan de vier-hoogportiekflats.

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Haagwinde Architect: Van Stekelenburg en Abeln Opdrachtgever: Bouwburo Otto b.v. Capelle a/d IJssel Typologie Geschakelde woningen Ontwerp: 1976 Oplevering: 1978 Buurt: Akkerwinde/Haagwinde Adresgegevens: Haagwinde

Het is een project van A.A. (André) van Stekelenburg (1934-2000) en E.J. Abeln. Zij werkten als zelfstandig architect aan projecten, maar ook samen binnen het architectenbureau Van Stekelenburg en Abeln. Hun oeuvre is vooral bekend door de grotere gebouwencomplexen, waaronder een bejaarden- en verzorgingstehuis in Crooswijk aan de Crooswijkseweg en het Goudseplein. Hier werd gezocht naar kwaliteitsvolle stedenbouwkundige structuur in de vorm van gevarieerde verkavelingswijzen, leefstraten, binnenhoven, rooijlijnverspringingen en schuine hoekoplossingen. In Capelle aan Contrei

september 2023

3. Schenkel-Zuid

Deze serie geschakelde woningen aan de Haagwinde, naar een ontwerp van architectenbureau Stekelenburg en Abeln uit 1976, is gesitueerd in de wijk Schenkel. Het project is gerealiseerd in opdracht van Bouwburo Otte b.v. Capelle a/d IJssel. De 58 woningen, die in zeven bouwblokken onderverdeeld zijn, zijn gearrangeerd in losse driehoekvorm rondom een woonerf. Omringd door volwassen groen liggen de woningen aan de Haagwinde hier min of meer verscholen, maar wie het heeft gevonden wordt verwelkomd door vriendelijke en bescheiden bruine baksteenarchitectuur in een spannende maar ingetogen stedenbouwkundige opzet.

Haagwinde, 2022 <Contrei> 93

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Woningen aan de Haagwinde, blok 6, 2022 <Contrei>

3. Schenkel-Zuid

den IJssel heeft het bureau Van Stekelenburg en Abeln ook een kleiner project ontworpen van veertig woningen. Aan de Waaierdans en Rondedans in Schollevaar ontwierpen zij rug-aan-rugwoningen op de kop van een rij engezinshuizen om de doorgaans dode koppen van woningrijen meer betekenis te geven en waar het voorerf een intermediair moest zijn tussen de woning en het openbare gebied. Het experiment met woonerf-achtige ruimtes, binnenhoven, rooilijnverspringingen en de ruimtelijke aansluiting met de woningen, is ook terug te zien in het ontwerp van de woningen aan de Haagwinde. De architecten hadden hier te maken met een restruimte tussen de wijkontsluitingsroute Schenkelse Dreef en de Kralingseweg. Ten westen en noorden van de bouwlocatie was er sterk repeterende massawoningbouw gebouwd in hoog- en middelhoogbouw. Ten zuiden van de bouwlocatie bevond zich de oudere en kleinschalige bebouwing aan de Bermweg en de ringvaart. Op de driehoekige restruimte realiseerden Van Stekelenburg en Abeln 58 woningen. Omringd door zeer rationele bebouwing uit de direct voorgaande bouw- en stijlperiode, hebben de architecten de woningblokken in Haagwinde zichtbaar met andere ontwerpopvattingen ontworpen. Ze sluiten qua maat en schaal aan bij de meer historische bebouwing aan de Bermweg. De woningen zijn in zeven bouwblokjes verkaveld rondom een grillig gevormde driehoekige binnenhof c.q.

woonerf. Binnen de bouwblokjes zelf is daarbij ook nog sprake van een verstaffelde per tweespanner (twee eengezinswoningen, of symmetrisch portieketageblokje). Naast de verspringende rooilijn, varieert de bebouwing in hoogte van twee tot vijf bouwlagen. De hoogste blokken bevinden zich aan de west- en noordwestkant en vormen daar gevoelsmatig de ‘poort’ naar het woonerf.

Situatietekening, 1976 <GAC BV 3668>

Contrei

september 2023

94

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Contrei

september 2023

Bestektekening blok 1, 1976 <GAC BV 3668>

Thema’s als onderdorpelsprongen in kozijnen, entreenissen voorzien van muurtjes en door de dakgoot stekende dakkapellen domineren het architectuurbeeld. De uiteenlopende compositie hiervan creëert een speelse uitstraling. Enkele woningen beschikken over balkons met in houten delen gelegde balkonranden. Kozijnen zijn geschilderd in een donkere kleur met wit detail; dit kleurschema is in overeenstemming met dakranden, deurposten en regenpijpen, en creëert grote mate van samenhang binnen het project. 95

BRONNEN GAC: BV 5448; BV 3668. Evelien van Es & Lara Voerman, Crooswijk – Rubroek, Cultuurhistorische verkenning, 2019. Architectuurgids, Scholengemeenschap Nicolaas Witsen, architectuurgids.nl. ‘Woningen te Capelle a/d IJssel’, Bouw 35 (1980) 23, 122-123. het Verhaal van Capelle 1945-1990

3. Schenkel-Zuid

Een bescheiden poort weliswaar, tegen de achtergrond van veel hogere naastgelegen Akkerwindeflats. De woningen aan de Haagwinde vormen een duidelijke stedenbouwkundige eenheid. Aan de westzijde, aan de weg Haagwinde, bevinden zich een tweetal kleinschalige entrees naar het woonerf. Ook aan de oostzijde bevindt zich een ingang vanaf een pad vanaf een kleine buurtparkeerplaats. De woningen langs het introverte woonerf zijn met de voorgevels hieraan gesitueerd. De auto heeft hier maar beperkte toegang. Het woonerf is duidelijk gericht op de voetganger en de spelende kinderen, met vele wandelpaden tussen de bebouwing, een aantal inmiddels volwassen bomen en een groot speeltoestel in het midden van het woonerf. De achtergevels van de woningen zijn naar buiten gericht, op de randen van de buurt. Hier zijn eveneens losstaande garages en bergingen, de laatste gekoppeld aan de woningen, geplaatst. Ook architectonisch vormt het buurtje een eenheid. Het ontwerp is een evidente representant van de Kleinschaligheidsgedachte: het ‘schuin en bruin’ is hier letterlijk gerealiseerd in vorm en kleur. De verschillende bouwblokken, variërend van twee-onder-een-kapwoningen tot portiekwoningen met HVAT-eenheden, komen overeen qua materialisering en kapvorm.

De in rode/bruine baksteen opgetrokken woningen beschikken – bijzonder - over dubbele, in de diepte van de woningen achter elkaar gelegen en vrij hoge langskappen die de verschijning van de almaar verspringende rooilijn visueel versterken. Ook de goothoogte van de zakgoten binnen de dubbele kappen en goten tussen woningen verspringt veelvuldig. De voorgevels zijn ietwat gesloten, de achtergevels meer open met grotere raampartijen. De architecten hebben de woningblokjes symmetrisch ontworpen, met in het midden de entrees en ter weerszijden grotere ramen en balkons.

4. Capelle-West Luchtfoto Capelle-West, 1959 <Beeldbank HVC 450>

Contrei

september 2023

96

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

De Ruyterstraat in de Kleine Zeeheldenbuurt, ca. 1939 <Beeldbank HVC 742>AA

Capelle-West is een betrekkelijk kleine wijk gelegen aan de Hollandsche IJssel, grenzend aan de gemeente Rotterdam (Kralingse Veer) en ‘s-Gravenland. De wijk is ontstaan uit een van de oorspronkelijke buurtschappen van Capelle aan den IJssel (Keten). De wijk bestaat uit de Kleine Zeeheldenbuurt, de Zeeheldenbuurt-West, die het centrum markeert en de Redebuurt. De Kleine Zeeheldenbuurt bestaat uit smalle straatjes met rijwoningen die voornamelijk dateren uit de periode 1910 - 1930. Het centrum dateert van de jaren vijftig van de twintigste eeuw en bestaat voornamelijk uit eengezinswoningen met een aantal winkels en bedrijven. Na 2005 werd hier op enkele plaatsen hoogbouw en andere bebouwing ingevoegd. De Redebuurt ontstond vanaf eind jaren ze-

4. Capelle-West

ventig en bestaat uit eengezinswoningen. Verder is er vlak achter de dijk langs de Hollandsche IJssel, grenzend aan de Kleine Zeeheldenbuurt, nog een gebied (De Loet) met een gemengd gebruik met grasland, boomgaarden met een open verkaveling met enkele voormalige boerderijen en in het westen ligt een bedrijventerrein.

Contrei

september 2023

Uitsnede van de topografische kaart van Rotterdam, 1985 <SAR> 97

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B Hulpkaart Capelle-West

Uitbreiding Capelle-West Huidige Zeeheldenbuurt-west ± 1952-1964 Bedrijventerrein ± 1750-heden (buitendijks), 1966-heden (binnendijks) Redebuurt 1980-1981

Redebuurt Uitbreiding Capelle-West

4. Capelle-West

Bedrijventerrein

Contrei

september 2023

98

het Verhaal van Capelle 1945-1990

B

Naoorlogse planvorming

Het plan van Van der Kloot Meijburg sloot aan op de bestaande Boezemstraat (sinds 1953 Van Speykstraat) in het westen en de Nijverheidsstraat aan de zuidzijde en introduceerde een verbindingsweg in oostwestrichting (de huidige Doormanstraat) tussen de Boezemstraat en reeds bestaande bebouwing langs een afrit van de Nijverheidsstraat. Architectenbureau Van der Kloot Meijburg, partieel herzienings plan Capelle-West, 1951 <GAC 1340/2139> Contrei

september 2023

99

het Verhaal van Capelle 1945-1990

4. Capelle-West

Het eerste stedenbouwkundig plan voor Capelle-West dateert van vlak voor de Tweede Wereldoorlog maar bleek vlak na de oorlog niet uitvoerbaar vanwege de bestemming van de gronden en het aantal en soort van de te bouwen woningen. In 1951 werd daarom door architectenbureau Van der Kloot Meijburg een partieel herzieningsplan opgesteld. Het voorzag in een tamelijk forse uitbreiding van CapelleWest. Tegen dat plan maakte de gemeente Rotterdam echter bezwaar. Volgens de grote buur boden de wijken die Capelle op dat moment al in ontwikkeling had meer dan genoeg ruimte om in de behoefte aan nieuwe woningen te voorzien. De stad voelde niets voor nieuwbouw op de grens van beide gemeenten omdat die ‘vooruitloopt op de toekomstige ontwikkeling van het aangrenzende gebied van Rotterdam en daarom voor een stedenbouwkundige en economisch verantwoorde oplossing van deze toekomstige stadsuitbreiding in oostelijke richting een ernstige belemmering zou vormen’.1 Daarop trok Capelle het plan in. Het werd in 1953 vervangen door een nieuwe versie, die door Gedeputeerde Staten werd goedgekeurd, maar al snel weer aan herziening toe was,

Stad en Landschap handhaafde de hoofdstructuur van het plan Kloot-Meijburg. Er werden langs de nieuwe dijk wat extra bebouwingsmogelijkheden geschapen en noordelijk werden sportvelden en een rioolwaterzuivering gepland. Het grote waterbekken , de beluchtingsvijver van de zuivering, betreft het huidige ijsbaanterrein. De winkelgalerij aan de Doormanstraat was al in het plan opgenomen. Instituut Stad en Landschap van Zuid-Holland, Plan Capelle-West, 1953 <GAC 1340/2139> Contrei

september 2023

100

het Verhaal van Capelle 1945-1990

4. Capelle-West

B

onder andere door de noodzaak de Schielands Hoge Zeedijk op te hogen en te verzwaren – een consequentie van de watersnoodramp en het Deltaplan. Voor de daarvoor te slopen woningen was vervanging nodig, waarvoor het nieuwe plan richtinggevend moest zijn. Het idee was een kleine afgeronde kern te maken en de agrarische bestemming in het gebied eromheen te handhaven. Lang hield dit perspectief niet stand. In 1954 waarschuwde C. van Traa, directeur Stadsontwikkeling Rotterdam, dat de groei in de regio steeds sneller ging, wat Rotterdam noopte woningen in de buurgemeenten te bouwen. De noodzaak van goede interlokale verbindingen vroeg onder andere om een nieuwe weg tussen een nieuwe brug bij Capelle (die bij de nieuw te bouwen stormvloedkering – de Algerakering – zou komen) en de kern van Kralingseveer. De plannen voor Capelle-West belemmerden dat, en daarom verzocht Rotterdam om een stuk van het plangebied af te snoepen zodat die weg er alsnog zou kunnen komen. Capelle verklaarde zich onder voorwaarden akkoord. Het zag er op dat moment naar uit dat het plan heel bescheiden zou blijven – ook al omdat elders geschikte grond voor de woningbouw beschikbaar zou komen. Dat was een neveneffect van de eventuele bouw van een tweede waterkering, waarvoor veel grond moest worden opgespoten. In 1955 werd besloten dat voorlopig aan Keten geen grote uitbreiding moest worden gegeven.

Daar kwam eerst het plan Slot (Middelwatering) voor in aanmerking. De omvang van het schetsplan waar Instituut Stad en Landschap, dat de stedenbouwkundige plannen maakte voor Capelle aan den IJssel, aan werkte was voornamelijk bepaald door de wens het gebied stedenbouwkundig af te ronden. Het bood ruimte aan ongeveer 100 woningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16165311/1