09.04 - Concept Beleidskader Werk en Inkomen 2021- 2024 versie 21mei 2021
Tekst van het document
Wat willen we bereiken? Binnen deze beleidslijn zetten we in op het actief maken en werkfit maken van de groep bijstandsgerechtigden die staan voor uitdagingen in hun leven, die het vinden van werk in de weg zitten. Denk aan onder meer deelname aan vrijwilligerswerk of een opleiding en, indien nodig, stimuleren dat mensen fysiek fit worden. Met inzet hierop bereiken dat mensen meer eigenwaarde krijgen, een betere gezondheid hebben en een sociaal netwerk opbouwen. Ze kunnen weer meedoen in de samenleving. Hierop oefenen we invloed uit door “draaien aan de knoppen” die Werken en actief meedoen stimuleren, in combinatie met verbetering van de sociale leefomgeving en gebruik maken van sport, ontmoeting en beweging binnen de fysieke leefomgeving. Ook Capellenaren die de stap naar werk nog niet kunnen maken stimuleren we om actief te worden en zo iets terug te doen voor de samenleving. Voor deze groep “draaien we aan de knoppen” die zorgen voor een goede Toegang tot en samenwerking in preventie & zorg en sturen we op ontwikkeling van gedrag en vaardigheden. We zetten in op activiteiten die eerst of aanvullend nodig zijn om werkfit te worden. Bijvoorbeeld ontmoeting in het Huis van de Wijk, het werken aan schulden, vrijwilligerswerk, maatschappelijk nuttig werk met behoud van uitkering of werken aan gezondheidsproblemen. Altijd is hierbij sprake van maatwerk.
Doel is dat zij stapje voor stapje meer gaan participeren als dat mogelijk is, zodat zij op termijn alsnog de stap naar (al dan niet deeltijd-) werk kunnen gaan zetten. Onderdeel hiervan is, om uit preventief oogpunt uitval te voorkomen, “simpel switchen in de keten”.
Welke resultaten willen we zien: - Alle Capellenaren voor wie de stap naar werk nog net te ver is zijn actief op een passende plek: o Zij volgen een re-integratietraject; o Zij zijn maatschappelijke actief; o Zij werken aan hun uitdagingen of problemen. - Zo veel mogelijk Capellenaren in de bijstand zetten stappen omhoog op de participatieladder.
22
Te monitoren indicatoren : Draagt bij aan maatschappelijk effect
indicator
bron
A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht C: Capellenaren hebben een gezonde leefstijl D: Capellenaren zorgen voor elkaar
Het percentage van het klantenbestand dat maatschappelijk actief is*
Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken
A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht C: Capellenaren hebben een gezonde leefstijl
Stap op participatieladder*
Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken
*Nieuwe indicator ingaande 2021
Wat gaan we daarvoor doen? Ook voor deze groep continueren we de brede dienstverlening van de GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken. GR IJsselgemeenten/ Sociale zaken heeft een breed scala aan instrumenten die bijdragen aan activering van en het bieden van zorg op maat voor de doelgroep. Dit kan het volgen van een reintegratietraject zijn, het verlenen van mantelzorg, het volgen van een opleiding of het ontdekken van je talenten en wensen en het zetten van daadwerkelijke stappen daarin, met een methodiek als ‘van Klacht naar Kracht’. Welke activiteit het ook is, doel is altijd om uitdagingen en problemen het hoofd te bieden, actief te worden en stappen te zetten om werkfit te worden. Zodat de stap naar werk, mogelijk wordt. Hierbij hebben we ook aandacht voor andere vormen van ondersteuning, waarmee de stap naar een nieuwe werkplek of naar arbeidsmatige dagbestedingsplek duurzaam is. We onderzoeken hoe we kunnen zorgen dat mensen door “Simpel switchen in de keten op de best passende plek terecht komen. Ook is er oog voor de gezondheid van mensen en sturen we op gedrag en vaardigheden op dat vlak. Hierbij benutten we het aanbod van onze Capelse welzijns- en sportpartners en werken we samen met zorgverzekeraars; We werken komende tijd aan de inregeling van de nieuwe wet inburgering zodat statushouders zo snel mogelijk de stap naar werk kunnen zetten van uit een integraal plan.
Inburgeraars die onder de oude Wet inburgering uit 2013 vallen en voor wie geen overgangsrecht is naar de nieuwe wet inburgering – ‘de Ondertussengroep’- blijven begeleid worden volgens de uitgangspunten van de vorige wet. Ook onderzoeken we hoe we met de FIP aanpak kunnen bijdragen aan het doel uit het Koersdocument Gebiedsvisie Florabuurt, om een impuls te geven aan de activering van de groep bijstandsgerechtigden met een afstand tot de arbeidsmarkt in deze buurt.
23
3.4 Beleidslijn 4. Blijvende aandacht voor handhaving Waar staan we nu? De handhaving op de Participatiewet is in Capelle vorm gegeven met de aanpak Hoogwaardig Handhaven20. Deze aanpak gaat uit van vier beleidsuitgangspunten: -
vroegtijdig informeren; optimaliseren van de dienstverlening; controleren op maat; daadwerkelijk sanctioneren.
Door goed en duidelijk te informeren en voor te lichten sturen we er preventief op dat mensen zich aan de regels houden. Zo zorgen we dat zo weinig mogelijk mensen te maken krijgen met terugvorderingen, boetes of sancties. Daarnaast hebben we de taak om te zorgen dat er zo weinig mogelijk misbruik gemaakt wordt van bijstandsuitkeringen, waarmee ook een financieel risico gepaard gaat voor de gemeente. Ook is het van belang dat voorliggende voorzieningen benut worden. We kijken daarbij altijd naar de omstandigheden van de Capellenaar en het gezin. We wegen individuele situaties af en passen de omgekeerde toets toe. Pas dan bepalen of en hoe hoog een terugvordering en boete kan zijn. We blijven binnen de grenzen van de wet, maar benutten wel maximaal de vrije ruimte die de wet ons geeft om op maat besluiten te nemen. De landelijke discussie die speelt omtrent de vraag of de handhavingsregels in de Participatiewet te strikt zijn volgen wij uiteraard nauwgezet. De verwachting is dat dit kan leiden tot wijzigingen ten aanzien van de handhavingsregels in deze wet. Wat willen we bereiken? Elke Capellenaar die recht heeft op een uitkering, krijgt die uitkering. Elke Capellenaar die dit recht niet heeft, ontvangt deze niet.
We zorgen hiermee dat iedere inwoner die tijdelijk een vangnet nodig heeft ondersteund wordt, mee kan blijven doen in onze samenleving en zo lang mogelijk zelfredzaam kan blijven. Maar, we streven er ook naar dat Capellenaren geen gebruik maken van dit vangnet wanneer zij dit recht niet hebben. We zetten activiteiten in waarmee we “draaien aan de knoppen” preventie en op gedrag en vaardigheden, om te zorgen dat mensen terecht ondersteuning ontvangen via een uitkering, maar niet het risico lopen om in de problemen te komen door terugvordering. Welke resultaten willen we zien: - Alle Capellenaren die recht hebben op een bijstandsuitkering, ontvangen een bijstandsuitkering; - Capellenaren die in de bijstand instromen worden gedegen geïnformeerd over hun rechten en plichten; - Er hoeft zo weinig mogelijk worden teruggevorderd aan bijstandsuitkering, wat bijdraagt aan het voorkomen van financiële problematiek.
20
Uitvoeringsplan Hoogwaardig Handhaven Participatiewet, IOAW en IOAZ 2019 2022, Sociale Zaken IJsselgemeenten 2019
24
Te monitoren indicatoren : Maatschappelijk effect
indicator
bron
A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht
Toewijzing aantal aanvragen uitkering door aanscherping poortwachterfunctie*
Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken
Opsporing uitkeringsfraude (terugvordering en besparing op de uitkeringslasten)**
Jaarverslag GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken
* Indicator is geen doel op zich. Het geeft een indicatie om te zien of de toekenning en afwijzing in balans is. ** Indicator is geen doel op zich. Doel is inzicht in terugvorderingsbedrag. Wat gaan we daarvoor doen? We zetten het beleid ‘hoogwaardig handhaven’ voort om te voorkomen dat er onterecht uitkeringen worden uitbetaald en teruggevorderd moeten worden. We informeren Capellenaren bij aanvraag van de bijstandsuitkering gedegen, zodat zij goed op de hoogte zijn van hun rechten en plichten. Zo zorgen we dat zij zich aan de regels kunnen houden en terugvordering van onterechte uitgekeerde gelden en het opleggen van boetes niet nodig is. Indien er wel sprake is van fraude zijn we verplicht om te handhaven. We doen dit, maar gebruiken daarbij wel maximaal de ruimte in de wet om individueel maatwerk te leveren. We wegen, met andere woorden, de omstandigheden van de belanghebbende en eventueel een gezin, zo veel als mogelijk mee.
3.5 Beleidslijn 5. Bieden van een basis aan inkomenszekerheid. Waar staan we nu? Er is een grote mate van overlap in de doelgroepen van het beleidsterrein Werk & Inkomen en de aanpak van Armoede & Schulden, wat vraagt om samenhang in beleid en uitvoering. Voor een belangrijk deel is deze samenhang er al. Vanuit Werk & Inkomen, met name door de inzet op toeleiding naar werk van bijstandsgerechtigden, het ondersteunen van mensen door betaling van vaste lasten en het bieden van inkomensondersteuning bij een laag inkomen. Werk is een van de belangrijkste middelen om armoede en schulden te verhelpen. Hoewel veel mensen met een laagbetaalde baan lastig kunnen rondkomen, kunnen ook deze banen een stap op weg zijn naar beter betaald werk en meer financiële ruimte. Andersom kan financiële problematiek als gevolg van schulden of een langdurig laag inkomen juist een belemmering vormen voor het vinden en behouden van werk. De stress die dit veroorzaakt heeft nadelige gevolgen op het doen- en denkvermogen van mensen. Dit vraagt van klantmanagers dat zij financiële problematiek herkennen en hun klanten begeleiden naar het juiste hulpaanbod om problemen weg te nemen. Zo ontstaat ruimte en rust en kunnen mensen weer vooruit kijken naar een volgende stap. In vaktaal: Stress-sensitieve dienstverlening.
Capellenaren kunnen gebruik maken van de bijzondere bijstand als aanvulling op hun inkomen wanneer zij door bijzondere omstandigheden, onvoorziene kosten moeten maken. Ook is er de mogelijkheid om van aanvullende inkomensondersteunende regelingen gebruik te maken. Deze regelingen spelen een rol in de aanpak van financiële problematiek. Deels preventief, deels verzachtend. De regelingen zijn de Individuele Inkomenstoeslag, Individuele studietoeslag, 25
Kindgebonden budget voor ouders, Kosten kinderopvang en de Woonkostentoeslag. Tot slot kan elke Capellenaar gebruik maken van de collectieve zorgverzekering via VGZ. Dit geeft een zeer complete dekking voor mensen met een hoog zorggebruik tegen een scherp tarief. Tevens krijgen mensen met een inkomen tot 130% van de bijstandsnorm een tegemoetkoming in de premie. Een bekend landelijk fenomeen is dat mensen bang zijn voor een ‘armoedeval’. Mensen hebben vaak weinig inzicht in de gevolgen van het (weer) aan het werk gaan. Toeslagen en inkomensondersteunende regelingen kunnen wegvallen, waardoor mogelijk sprake kan zijn van een ‘armoedeval’. Dat leidt tot onzekerheid over hun inkomen en het maken van keuzes. Regelingen mogen echter nooit in de weg staan van de stap naar werk. Ook op dit punt moeten mensen ‘simpel kunnen switchen’ van uitkering naar werk. Binnen deze beleidslijn is de opgave om te zorgen dat die mensen die dat nodig hebben, een stabiele financiële basis krijgen en behouden en vermindering van stress ervaren door adequate ondersteuning bij armoede en (voorkomen van) schulden. Tevens hebben de opgave om te zorgen dat we in de uitvoering de (financiële) gevolgen van aan het werk voor onze klanten beter inzichtelijk maken wanneer zij op het punt staan de stap naar werk te maken. Beide punten zijn randvoorwaarden om de stap naar werk en behoud van werk te bevorderen.
Wat willen we bereiken? We willen dat Capellenaren voldoende financiële zekerheid hebben om mee kunnen doen in de Capelse samenleving. Dat stelt hen in staat om actief stappen richting werk te zetten. De inzet vanuit de invalshoek Werk & Inkomen is in aansluiting op de aanpak Armoede & Schulden vanuit de “3 V’s”, gericht op financiële problematiek voorkomen, verhelpen en de negatieve gevolgen ervan verminderen.21. We willen armoede en schulden voorkomen, door mensen een financiële stabiele basis te bieden via een bijstandsuitkering en inkomensondersteunende maatregelen. Door alert te zijn op het ontstaan van mogelijke financiële problemen bij klanten en hen tijdig te begeleiden naar andere vormen van ondersteuning. Dit doen we door van instrumenten die preventief werken tegen schulden en meer armoede. We dragen bij aan verhelpen van armoede en schulden bij Capellenaren in de bijstand door hen naar werk en een stabiel inkomen te begeleiden. Daarbij is het van belang dat we zorgen dat Capellenaren gerust de stap naar werk durven maken door hen meer inzicht te bieden in de financiële gevolgen daarvan en hen helpen hun inkomen stabiel en lonend te houden. Zoals gezegd, gebruik maken van regelingen of het wegvallen ervan, mogen nooit aanleiding zijn om niet de stap naar werk te zetten.
Als werk nog een stap te ver is, helpen we bij het oplossen van hun problemen op financieel gebied. Bijvoorbeeld door toegang richting schulddienstverlening en een goede vindbaarheid en het bereik van inkomensondersteunende regelingen. Zo bereiken we dat mensen de stress van het hebben van schulden kwijt raken, dat er weer ruimte ontstaat voor werk, wat helpt om zo snel mogelijk uit de schulden en armoede te komen. Bijstand en inkomensondersteunende regelingen verzachten de negatieve effecten van een laag inkomen. Zoveel mogelijk Capellenaren met een laag inkomen willen we daarom toegang bieden tot inkomensondersteunende regelingen en bijzondere bijstand. Deze leiden tot een stabielere financiële basis en een grotere bestedingsruimte.
21
Zie: Beleidskader aanpak Armoede & Schulden ‘Doen wat werkt in Voorwoord en paragraaf 3.2, Aanpak in beleidslijnen
26
Met bovenstaande doelen beogen we te voorkomen dat mensen niet kunnen meedoen, stress ervaren, minder zelfredzaam worden, sociale uitsluiting ervaren en uiteindelijk gebrek hebben aan zicht op beter. Dit doen we door aan “knoppen te draaien” die zorgen voor betere toegang tot zorg en preventie en het sturen op gedrag een vaardigheden. Dit moet leiden tot Werken en actief meedoen. Welke resultaten willen we zien? - Capellenaren met een laag inkomen die in aanmerking komen voor gebruik van de bijzondere bijstand en aanvullende regelingen, maken hiervan gebruik; - Bijstandsgerechtigde Capellenaren met financiële problematiek worden warm doorgeleid naar schulddienstverlening; - Het ontstaan van schulden wordt zoveel mogelijk voorkomen door inzet van instrumenten die helpen bij het voorzien in een stabiel netto inkomen; - Escalatie wordt voorkomen door een goede afweging van individuele situaties van Capellenaren en goede samenwerking tussen partners die hierin een bijdrage kunnen leveren. - Capellenaren hebben een goed inzicht in de financiële gevolgen van het (weer) aan het werk gaan. Deze beoogde resultaten maken we inzichtelijk met de volgende indicatoren: Te monitoren indicatoren: Draagt bij aan maatschappelijk effect A: Capellenaren doen mee
indicator
bron
Aantal aanvragen Bijzondere Bijstand
Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken
A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht
Aantal (individuele) verstrekkingen Bijzondere Bijstand
Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken
Wat gaan we daarvoor doen? We blijven Capellenaren met een laag inkomen ondersteunen om armoede en schulden te voorkomen, verhelpen en verlichten. Mensen die voor onvoorziene bijzondere uitgaven of andere kosten komen te staan blijven we helpen via de bijzondere bijstand en inkomensondersteunende regelingen. Ook op andere manieren sturen we hierop. Zo continueren we onder meer het betalen van de vaste lasten uit de bijstandsuitkering voor een deel van de bijstandsgerechtigden, hetzij op verzoek van de klant, hetzij op verzoek van de hulpverlening. Ook mogen zoals gezegd (het vervallen van ) toeslagen en regelingen nooit in de weg staan van de stap naar werk. We onderzoeken wat mogelijkheden zijn meer financieel inzicht te geven en om de ‘armoedeval’ tegen te gaan. In preventieve zin willen we escalatie van problemen en zorgvragen voorkomen. We bekijken elke situatie vanuit de “Omgekeerde toets’. Daarbij kijken we eerst wat nodig is voor de klant vanuit het integrale doel van de gedecentraliseerde wetten; de klant centraal. Pas daarna komt de juridische toets. Zo is maatwerk mogelijk zonder dat het leidt tot willekeur. Tevens maakt dit het integraal werken in de gemeente veel makkelijker omdat de situatie van de klant centraal staat.
We leren in de praktijk door regelmatig casussen met maatschappelijke partners te bespreken, om te zien op welke punten verbetering of verandering nodig is.
27
Tot slot we op goede kennis over het aanbod voor en de herkenning van financiële problematiek, onder de professionals en vrijwilligers van de uitvoerende organisaties. Hiermee bevorderen een warme doorgeleiding naar het hulpaanbod en het bereik van inkomensondersteunende regelingen onder de doelgroep.
28
4 Juridisch en financieel kader 4.1 Juridisch kader De Participatiewet Dit beleidskader geeft een Capelse vertaling van de wettelijke taak van de gemeente om de Participatiewet uit te voeren. Het doel van de Participatiewet is om zoveel mogelijk mensen met arbeidsvermogen naar werk toe te leiden of te ondersteunen bij het werk. Bij voorkeur betaald werk. Maar als dit niet mogelijk is, kan het ook gaan om andere vormen van meedoen. Bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk. De wet geeft allerlei instrumenten die de gemeente aan kan bieden om te stap naar werk (weer) te maken. Het tweede doel is om te zorgen dat iedereen een basis aan inkomen heeft wanneer het niet lukt om (volledig) in het eigen levensonderhoud te voorzien. Dit betekent dat men een bijstandsuitkering ontvangt of een aanvulling op het inkomen, tot het "sociaal minimum ”. Dit is het bedrag dat iemand minimaal nodig heeft om van te leven. De hoogte van het sociaal minimum (c.q. de hoogte van de bijstandsuitkering) bepaalt het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dit kan verschillen per persoon vanwege de leeftijd en leefsituatie van de aanvrager. Er is alleen recht op een bijstandsuitkering als er geen andere voorliggende voorzieningen zijn waarvan gebruik gemaakt kan worden. Zoals een WW-uitkering of, in sommige gevallen, recht op studiefinanciering.
Of wanneer er iemand kan rekenen op andere vormen van inkomen (bijvoorbeeld via een partner) of genoeg eigen vermogen heeft dat eerste ingezet kan worden. De bijstand is namelijk het laatste vangnet. Wanneer iemand voor bijzondere of onverwachte extra kosten komt te staan is er ondersteuning mogelijk vanuit de bijzondere bijstand. Capellenaren kunnen daarnaast ook gebruik maken van enkele andere regelingen, onder meer in het kader van het armoedebeleid. Werk als belangrijk onderdeel voor inburgering We willen dat inburgeraars zo snel mogelijk inburgeren en mee kunnen doen aan het maatschappelijk leven in Capelle. Vanuit Werk & Inkomen helpen we ze daarbij door zo ze snel mogelijk naar werk te begeleiden. Immers, werk is een belangrijk onderdeel in het leven, om mee te kunnen doen in de samenleving en zo “je plekje te vinden”. Naar verwachting treedt op 1 januari 2022 de nieuwe Wet inburgering in werking. De regierol op de inburgering komt dan bij de gemeente te liggen. In voorbereiding op de nieuwe wet heeft het college op 15 december 2020 het Actieplan Veranderopgave Inburgering 2020-202122 vastgesteld. In 2021 wordt het Actieplan uitgevoerd in voorbereiding op inwerkingtreding van de wet in 2022. Daarbij werken we nauw samen met de gemeenten Krimpen aan den IJssel en Zuidplas, de GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken en Stichting Welzijn Capelle.
Inburgeraars die onder de oude Wet inburgering uit 2013 vallen en voor wie geen overgangsrecht is naar de nieuwe wet inburgering – ‘de Ondertussengroep’- worden begeleid volgens de uitgangspunten van de nieuwe wet.
22
Collegebesluit Actieplan Veranderopgave Inburgering 2020-2022, 15 december 2020, Djuma 348648
29
Een CAO voor werknemers met een arbeidsbeperking Begin 2021 sloten de VNG en Cedris met FNV en CNV een akkoord over een nieuwe cao voor werknemers met een arbeidsbeperking die niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen. Bij instemming door de gemeenten23 is beoogd dat deze per 1 juli 2021 ingaat. Tot 2020 bestond voor deze groep uit de Participatiewet geen CAO met arbeidsvoorwaarden, waarmee ze een uitzondering vormde in de arbeidsmarkt. Deze CAO moet leiden tot een pakket aan arbeidsvoorwaarden waaronder pensioenvoorziening en reiskostenvergoeding. Doel is ook dat deze ontwikkeling ertoe leidt dat de stap naar werk met een vast contract makkelijker wordt, bij voorkeur bij een reguliere werkgever. De financiële consequenties zullen komende periode duidelijk worden.
4.2 Financieel Kader In de meerjarenbegroting 2021-2024 voor uitvoering van de Participatiewet drie budgetten opgenomen: 1. Het ‘inkomensdeel’. Dit budget bestaat uit de Gebundelde Uitkering24 de BUIG. hieruit betalen we de bijstandsuitkeringen, IOAW25, IAOZ26 en loonkostensubsidie voor mensen uit ‘de nieuwe doelgroep die (nog) geen volledige loonwaarde27 hebben. Het budget om dit te dekken komt van het Rijk. De hoogte van de BUIG uitkering kan per jaar verschillen omdat rekening gehouden wordt met economische trends en verwachtingen over het aantal bijstandsgerechtigden dat jaar. De BUIG is een ‘open-einde-regeling’. Bij oplopende aantallen bijstandsgerechtigden lopen we een risico op een tekort. Daalt het aantal dan houden we over. Op basis van prognoses schatten we meerjarig in welke dekking we in onze begroting op moeten nemen; 2. ‘Het werkdeel’. Dit is het participatiebudget voor de re-integratietrajecten en beschut werk. Ook dit budget kan per jaar verschillen, afhankelijk van het aantal bijstandsgerechtigden en wat er nodig is aan dienstverlening. Op dit budget kunnen we beter sturen dan op het inkomensdeel, hoewel we ook hiervoor afhankelijk zijn van de groei of daling van het bestand; 3. De ‘WSW’ bestaat uit budget voor het betalen van salarissen van Capellenaren die nog onder de oude Wet Sociale Werkvoorziening vallen.
Deze wet is inmiddels afgesloten, er stromen geen mensen meer in, in de WSW. Dit budget zal in de loop der jaren dan ook verminderen en verdwijnen; 4. ‘De bijzondere bijstand’. Dit budget is er voor mensen met een laag inkomen die plotseling voor bijzondere onvoorziene kosten gesteld worden. Net als het inkomensdeel is dit een zogeheten ‘open-einde-regeling’. Momenteel zijn de uitgaven al een tijd stabiel. Naast de bijzondere 23
Voordat het onderhandelaarsakkoord definitief wordt, moeten gemeenten eerst instemmen. Dat zal plaatsvinden via de gebruikelijke (digitale) ledenraadpleging, maart/april 2021 met beoogde bekrachtiging door het VNG-bestuur in mei 2021. 24 De term BUIG, de Gebundelde Uitkering, komt een invoeringswet uit 2009. Met deze wet werden verschillende geldstromen (toen nog de WWB, IOAW, IOAZ en de WWIK) gebundeld tot één geldstroom, vastgelegd in artikel 69 van de Participatiewet. 25 De Inkomensvoorziening voor Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte Werknemers, vult het inkomen van oudere, werkloze werknemers en hun partners aan tot het bijstandsniveau. 26 De Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen vult het inkomen van oudere gewezen zelfstandig ondernemers en hun partners aan tot het bijstandsniveau, die onvoldoende inkomen uit hun bedrijf ontvingen. 27 Loonkostensubsidie compenseert de werkgever bij verminderde productiviteit van een werknemer. De loonkostensubsidie die een werkgever van de gemeente krijgt, is het verschil tussen het wettelijk minimumloon en de loonwaarde van de werknemer. Loonwaarde is de in geld uitgedrukte waarde van het werk dat iemand nog kan verrichten t.o.v. de norm voor de functie.
30
bijstand is er een aantal regelingen die ook vanuit werk en inkomen bekostigd worden: De individuele studietoeslag en individuele inkomenstoeslag. De budgetten We sturen elk jaar op doelmatige besteding van het budget en op het uitkomen met de beschikbare rijksmiddelen. We hanteren te volgende budgetten: Meerjarenbegroting Werk & Inkomen We geven uitvoering aan dit beleidskader op basis van meerjarige budgetten in de Capelse begroting 2021 – 2024. Onderstaande budgetten zijn opgenomen onder programma 6: 2021
2022
2023
2024
Inkomensdeel
29.970.537
32.222.500
32.304.000
32.381.000
Werkdeel
3.671.030
3.264.030
3.264.030
3.264.030
WSW
6.076.349
5.780.349
5.449.349
5.175.349
Bijzondere bijstand en andere regelingen
2.563.296
2.563.296
2.563.296
2.563.296
Het inkomensdeel en het grootste deel van het werkdeel, is het bestedingsbudget dat aan GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken ter beschikking wordt gesteld voor de uitvoering. Hieruit financieren zij de aan hen gemandateerde uitvoering van de Participatiewet, waaronder ook een deel van de bedrijfsvoering voor de uitvoering valt28. Zij maken hiervoor jaarlijks een Jaarplan en bestedingsplan, waarover zij aan de gemeente verantwoording afleggen29. De tabel laat zien dat het budget iets afneemt per 2022. Dit komt omdat in 2021 in het werkdeel een klein deel in de begroting zit voor uitvoering van het project ‘MKB-Werkoffensief’ dat per 2022 wegvalt. Onderzoek, innovatie en bezuinigingen In dit beleidskader zijn bij de beleidslijnen activiteiten in de uitvoering genoemd die we continueren, maar ook hebben de ambitie tot vernieuwing en doorontwikkeling. Voor dit laatste is in dit beleidskader een aantal activiteiten opgenomen die we komende jaren onderzoeken. Om dit gedegen te kunnen doen ramen we per jaar een budget waaruit onderzoeken kunnen worden bekostigd. Denk aan uitvraag via focusgroepen of enquêtes van Capellenaren en Capelse ondernemers of inschakeling van een professioneel onderzoeksbureau. Daarnaast kan het nodig zijn om door het jaar heen een aantal communicatieactiviteiten te doen.
Een voorbeeld hiervan is het benaderen van de doelgroep voor de collectieve zorgverzekering of het organiseren van voorlichtingsbijeenkomsten.
28 Voor het overige deel van de bedrijfsvoering van GR IJsselgemeenten is apart budget opgenomen in de Capelse gemeentebegroting 29 Zie verder hoofdstuk 5, paragraaf 5.1: Sturen
31
Bij de voorjaarsnota is daarom het volgende voorstel gedaan voor dit een onderzoeks- en communicatiebudget: 2021
2022
2023
2024
Onderzoek
20.000
20.000
20.000
20.000
Voorlichting & Communicatie
5.000
5.000
5.000
5.000
32
5 Monitoring en verantwoording 5.1 Meer inzicht door monitoren en meten De wereld kan van het ene op het andere moment veranderen. Dat hebben we in 2020 duidelijk ervaren. Het is belangrijk dat, welke ontwikkeling er ook op ons af komt, we de juiste dingen doen. En snel en flexibel ons beleid of uitvoering kunnen bijstellen wanneer dat noodzakelijk is. Monitoring en meten gaat daarom om twee dingen: Ten eerste, zijn we in staat om snel bij te stellen en andere dingen te gaan doen als dat nodig is? En ten tweede, doen we de juiste dingen en heeft dat het juiste effect? Punt 1 vraagt dat we informatie verzamelen en tijdig ontwikkelingen en trends opmerken die zich voordoen. Nieuwe wetten of een veranderde economie kunnen op elk moment komen. In dit beleidskader hebben we de belangrijkste ontwikkelingen anno 2021 beschreven. Komende jaren blijven we echter steeds monitoren of welke veranderen zich voordoen en hoe we ons beleid en uitvoering kunnen bijstellen en aanpassen. Punt 2 vraagt van ons dat we monitoren op indicatoren die meer concreet inzicht bieden welk effect onze inzet heeft en of op we de juiste weg zitten. Daartoe hebben we bij elke beleidslijn een aantal indicatoren opgenomen. Dit vorm het “Dashboard Werk & Inkomen”. Hierop meten we gedurende een jaar de voortgang om te zien wat de resultaten zijn van ons beleid in de uitvoering.
Hierop is ook de verantwoordingskant van ons beleid gestoeld. Naast het meten van de cijfers richten we ons ook op kwalitatief onderzoek. We willen voor Capellenaren het verschil maken. Effecten zijn echter niet altijd causaal, in cijfers te meten. Bijvoorbeeld de vraag of actief zijn daadwerkelijk leidt tot ontwikkeling of een groter netwerk. Of hoe tevreden Capellenaren zijn met de dienstverlening. Ook deze informatie geeft aanknopingspunten voor ontwikkeling en verbetering. Daarom maken we naast harde cijfermatige indicatoren ook gebruik van kwalitatieve instrumenten. Denk aan klanttevredenheidsonderzoeken die GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken uitvoert, analyse van bezwaren, werkbezoeken of focusgroepen.
5.2 Verantwoording De verantwoording van de uitvoering van het beleidskader gebeurt op verschillende wijzen. De voortgang en tussentijdse resultaten worden via de bestuurlijke kwartaalrapportages GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken elke drie maanden gemeld waarin ook de resultaten van de doelgroep bij Promen zijn opgenomen. Via de jaarstukken rapporteren GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken en GR Promen jaarlijks hun algemene resultaat. Een deel van de indicatoren uit de beleidslijnen wordt ook als set opgenomen in de (financiële) verantwoordingsdocumenten van de gemeentelijke planning- en controlcyclus. Voor de komende beleidsperiode is er een aantal landelijke verplichte indicatoren en een aantal lokaal gekozen indicatoren waarover gerapporteerd wordt, te weten:
33
Landelijk: • • • • •
Banen: Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15-74 jaar Netto arbeidsparticipatie Werkloze jongeren % 16 t/m 22-jarigen Personen met een bijstandsuitkering Lopende re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners van 15-74 jaar
Lokaal: Inkomen • • • • •
Aantal uitkeringsgerechtigden ultimo jaar Aantal (FTE) bijstandsgerechtigden dat uitstroomt naar werk Aantal individuele verstrekking Bijzondere Bijstand % toewijzing aantal aanvragen uitkering na poortwachtersfunctie Opsporing uitkeringsfraude (terugvordering en besparing op de uitkeringslasten)
Werk • • • • •
Aantal garantiebanen (cumulatief) Aantal plaatsingen Beschut Werk Aantallen SE’s (Standaard Eenheid) van 36 uur per week Aantal klanten dat zich ontwikkelt zich op de participatieladder. Aantal participatietrajecten statushouders
Algemeen •
Rapportcijfer tevredenheid van klanten van de GR IJsselgemeenten onderdeel Sociale Zaken
Op basis van deze indicatoren maken we inzichtelijk wat de concrete resultaten in de uitvoering zijn en verantwoorden we wat we doen. De uitvoeringspraktijk is immers de basis voor (aanpassing van) beleid. Tegelijkertijd moet beleid goed uitvoerbaar te zijn. Samen met onze partners blijven we steeds actief bezig met het monitoren van wat we doen, of zaken anders kunnen en sturen we samen bij, zonder afbreuk te doen aan ieders primaire verantwoordelijkheid.
34
6 Sturen & uitvoering 6.1 Uitvoering Werk en Inkomen Wij werken in de uitvoering van het beleid nauw samen met verschillende Capelse partners, regionale partners en gemeenten in de regio. De brede Adviesraad sociaal domein adviseert de gemeente gevraagd en ongevraagd over (ontwikkelingen in) het beleid binnen het sociaal domein, waaronder Werk & Inkomen. De belangrijkste partner in de uitvoering van het beleid van werk en inkomen zijn de Gemeenschappelijke Regeling IJsselgemeenten/Sociale Zaken en de Gemeenschappelijke Regeling Promen/Prowork BV. GR IJsselgemeenten stelt jaarlijks hun Uitvoeringsplan Sociale Zaken op die bestuurlijk wordt vastgesteld. Ook het bestuur van Promen legt jaarlijks hun plannen vast in de Ondernemingsplannen Promen en ProWork B.V. In deze plannen beschrijven beide gemeenschappelijke regelingen hoe zij de uitvoering vormgeven.
GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken De GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken voert de Participatiewet en de Wet gemeentelijke schulphulpverlening uit voor Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Zuidplas. Zij bedienen in totaal een gebied met ruim 140.000 inwoners in 59.000 huishoudens. Hiervan zijn ongeveer 3.200 inwoners klant vanwege een bijstandsuitkering. In totaal bedienen zij ongeveer 5.000 huishoudens, in de vorm van een uitkering, werk, participatie, bijzondere bijstand, schuldhulpverlening of fraudepreventie. In de arbeidsmarktregio Rijnmond werkt IJsselgemeenten namens de drie gemeenten samen met de andere gemeenten, het UWV, werkgevers en het werkgeversservicepunt
Een deel van de dienstverlening, bijvoorbeeld aan werkgevers ten behoeve van een transparante arbeidsmarkt en snelle matching met werkzoekenden, wordt in regionaal verband opgepakt. Samen met gemeenten, werkgevers- en werknemersorganisatie werken we aan een gestroomlijnde dienstverlening in de regio waardoor de baankansen voor Capellenaren worden verbeterd. Ook dit doen we op basis van een gezamenlijke, regionaal-bestuurlijk vastgestelde agenda: Perspectief op Werk. Ook op dit regionale niveau sturen we op wendbaarheid, versnelling als het nodig is en innovatie.
6.2 Uitvoeringsplan Werk & Inkomen Op basis van een kaderbrief die we jaarlijks aan GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken sturen stellen zij hun jaarplan op. Hierin is ook (een deel van) de indicatoren met streefwaarden in opgenomen worden, ook ten aanzien van de doelgroep van Promen. Op basis van actuele ontwikkelingen geven we in deze brief steeds accenten mee die op dat moment passend zijn. Gedurende het jaar zelf sturen we bij op basis van de bestuurlijke kwartaalrapportages van GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken, als dat nodig is. Voor de eerste helft van 2021 is een korte termijn lijst voor de periode januari-juni 2021. Hierop staan activiteiten die niet konden wachten tot vaststelling van dit beleidskader. Deze korte termijn lijst was bijgevoegd bij het raadsbesluit van 28 september 2020, over de verlenging van het Beleidskader Werk & Inkomen 2017-202030. Voor de planning van de activiteiten in dit nieuwe beleidskader worden uitvoeringsplannen opgesteld. Te beginnen met de concrete activiteiten in (tweede helft) 2021 en 2022. De activiteiten die in 202 en 2024 gepland worden, worden opgenomen als p.m. In deze uitvoeringsplannen nemen we de activiteiten uit de beleidslijnen op. Een deel van deze activiteiten zullen landen in de jaarplannen van de gemeenschappelijke regelingen of de 30
Raadsbesluit Verlenging Beleidskaders MOG 2017-2020, Aanpak A&S 2017- 2020 en W&I 2017-2020, 28 september 2020. Djuma documentnummer 282269.
35
bestaande regionale agenda. Een aantal nieuwe activiteiten vragen eerst om onderzoek voordat besloten kan worden of ze gewenst en haalbaar zijn in de uitvoering. Zoals het onderzoek naar meer sociaal ondernemerschap of hoe het beste meer inzicht gegeven kan worden in de financiële gevolgen van aan het werk gaan. In de volgende paragraaf worden de activiteiten voor de komende jaren concreet benoemd.
6.3 Concrete activiteiten Onderstaand treft u concreet de activiteiten die per beleidslijn worden uitgevoerd of onderzocht in de komende beleidsperiode. Zoals gezegd zal een deel in de uitvoeringsplannen van onze samenwerkingspartners terecht komt. De overige onderzoeken zullen in een apart plan terecht komen voor verdere ontwikkeling en bij goed gevolg mogelijk later terecht komen in de uitvoering. Beleidslijn 1: Voorkomen en beperken van de instroom -
-
-
We gaan door met WW@Work. Capellenaren in de WW kunnen in het laatste half jaar een intensief begeleidingstraject volgen dat leidt tot een nieuwe baan; We continueren de sluitende aanpak onderwijs-arbeidsmarkt: Voor jongeren vanuit praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs, richting een baanafspraakbaan of een beschutte werkplek; Voor voortijdig schoolverlaters worden, samen met De Jonge Krijger. Eerste focus ligt op ‘terug naar de opleiding’. Als dat niet mogelijk is, naar een (leer-)werkplek; We versnellen de ondersteuning aan bedrijven en werknemers door inzet van regionale mobiliteitsteams. We zetten in op het snel “van-werk-naar-werk” begeleiden en/of (om-) scholing en ontwikkeling; We werken aan de ontwikkeling van een regionaal mobiliteitscentrum waarin structureel ondersteuning wordt geboden aan bedrijven met overtollig en te weinig personeel; We vervlechten de voorlichting van verschillende partners aan zzp-ers beter, zodat zij tijdig ondersteuning kunnen vinden; We blijven inzetten op een strenge maar rechtmatige ‘poortwachtersfunctie’: we maken aan de poort een goede beoordeling van het recht op bijstand en filteren mensen die onterecht of uit onwetendheid een aanvraag doen uit het bestand. Zo voorkomen we onterechte instroom en problemen door terugvordering. We zijn streng aan de poort maar ruimhartig in de voorzieningen
Beleidslijn 2: Optimale en duurzame uitstroom naar werk Algemeen - We onderzoeken de mogelijkheid van meer ondersteuning van bijstandsgerechtigden die uit de bijstand willen raken door ondernemer te worden, met als doel financiële zelfredzaamheid. We kijken daarbij ook naar de mogelijkheden die het opzetten van een sociale coöperatie biedt en de mogelijkheden van werken als zelfstandige op bescheiden schaal in de bijstand ; - Iedere bijstandsgerechtigde dient vanuit de wet een passende baan te accepteren als die kans zich voordoet. Dit leidt niet echter altijd tot duurzame uitstroom. We onderzoeken de mogelijkheden om mensen meer ruimte te bieden voor doorontwikkeling zodat hun kansen verhogen op werk dat goed past. Doel is meer duurzame uitstroom en voorkomen van het draaideurmechanisme ‘van baan naar uitkering’. - We kijken samen met GR IJsselgemeenten of we de inzet van digitale middelen in de dienstverlening kunnen doorontwikkelen/ uitbreiden.
36
Statushouders - We maken we afspraken met onze maatschappelijke partners die zorgen dat de ondersteuning vanuit Werk en Inkomen in de uitvoering, een goede aanvulling vormt op de andere inburgeringsactiviteiten. Denk onder meer aan afspraken over het vinden van werkplekken bij werkgevers, benutten van mogelijkheden op het terrein van Sociaal Return en mogelijkheden voor ondernemerschap. Inzet hiervan vindt plaats op basis van het persoonlijk plan van de statushouder, en dus op maat. Mensen met een arbeidsbeperking - Voor Capellenaren die (nog) niet staat zijn tot betaald werk, en ook met begeleiding en gerichte ondersteuning het minimumloon niet kunnen verdienen, blijven we inzetten op beschut werk en garantiebanen; - We onderzoeken samen met de afdeling Economische Zaken of en hoe het mogelijk is om meer sociaal ondernemerschap te ontwikkelen in Capelle waardoor we minimaal de taakstelling garantiebanen en beschut werk behalen; - We onderzoeken de mogelijkheden van het inrichten van een netwerk van lokale bedrijven en organisaties of een “Capelse Sociale Werkkoepel” voor het stimuleren, vinden en verbinden van werkplekken voor Capellenaren met een afstand tot de arbeidsmarkt vanwege een arbeidsbeperking.
- We monitoren de (financiële) consequenties van de invoering van een COA voor werknemers met een arbeidsbeperking Jongeren - We analyseren en verbeteren de sluitende aanpak onderwijs- RMC/ VSV -arbeidsmarkt waar dat nodig is; - We continueren de inzet op het vinden van stage- en leerwerkplekken voor jongeren voor wie het volgen van een opleiding op school niet meer lukt, zoals met de leerwerkakkoorden; - We onderzoeken samen met partners, welke verbeteringen er mogelijk zijn om drempels weg te nemen die jongeren ervaren bij het vinden van hulp en het oplossen van problemen, waardoor de stap naar werk niet gezet kan worden. Hiertoe richten we een ambtelijke stuurgroep “Jeugd en Jongvolwassenen” in. 55-Plussers - We blijven ons inzetten om 55-Plussers aan werk te helpen. Investering in kennis en matchen op vaardigheden is nodig voor deze groep; - Lukt dit niet dan stimuleren we hen om hun talenten in te zetten voor de Capelse samenleving. Zo dragen ze bij vanuit hun talent en houden ze kennis en vaardigheden op peil. Doel blijft ook voor hen, regulier werk op een later tijdstip.
Bijstandsgerechtigden met een taalachterstand - Taal-, reken- en digivaardigheden als drempel voor het vinden van werk krijgen meer aandacht. Dit vraagt meer bewustwording onder medewerkers en betere uitvraag van bijstandsgerechtigden; - Partijen zijn voldoende op de hoogte van elkaars aanbod en mogelijkheden. Doorverwijzing is vanzelfsprekend. De ‘warme overdracht’ vanuit GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken naar bestaand aanbod in Capelle wordt nog meer verbonden;
37
-
Alle Capelse bijstandsgerechtigden moeten aan de taaleis31 voldoen. Soms blijkt het taalniveau echter toch niet voldoende om een specifieke baan te aanvaarden. Tevens draait laaggeletterdheid om meer dan alleen taal. We werken daarom aan een plan voor extra ondersteuning. Onder meer door te kijken in hoeverre de huidige re-integratieproject de juiste component taal- reken en digivaardigheden bevat om de taal-, digi en rekenvaardigheden van mensen op het juiste niveau te krijgen. Maar ook kan dit zijn door extra gerichte taalcursussen of via de Wet educatie en beroepsonderwijs32.
Niet-uitkeringsgerechtigden - We onderzoeken de kosten, bereik en mogelijkheden van meer inzet op de uitvoering wettelijke taak van toeleiding van niet-uitkeringsgerechtigden naar de arbeidsmarkt en hun gebruik van het recht op inkomensondersteunende maatregelen.
Regionale samenwerking voor betere werkgeversdienstverlening en meer perspectief op werk - We zetten we de regionale samenwerking samen met gemeenten, bedrijven en ander partners als UWV en uitzendbureaus voort. We verbeteren de werkgeversdienstverlening vanuit de agenda Perspectief op Werk. We werken hierin samen aan een transparante -digitaleontsluiting van ons klantenbestand in HalloWerk! Zo maken we op basis van profielen snelle matches tussen werkgevers en werkzoekenden; - sturen we op borging van de samenwerking in MKB-Werkoffensief door verbreding van de samenwerkingsagenda en het borgen ervan in de regio binnen bestaande regionale agenda’s en budgetten
Beleidslijn 3. Stabilisering, activering en zorg -
-
We continueren de brede dienstverlening van de GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken. Zij hebben een breed scala aan instrumenten die bijdragen aan het activering en het bieden van zorg op maat; We bieden Capellenaren ondersteuning in de vorm van een re-integratietraject; We ondersteunen Capellenaren met inzet van methodieken als ‘van Klacht naar Kracht’ en de intensieve FIP-aanpak33, bij het zetten van stappen met als (ultiem) doel, de stap naar werk; Capellenaren die de stap naar werk nog niet kunnen zetten, werken via kleinere haalbare stappen aan werkfit worden. Zij worden actief of werken aan drempels en problemen. “Simpel switchen”: We onderzoeken of het mogelijk is om Wmo-voorzieningen te ontsluiten voor cliënten met een bijstandsuitkering en vice versa. Zo zorgen we ervoor dat een cliënt een aanbod krijgt dat goed bij hem past. We leren van de eerste lessen van de pilot De Zwaan waarin. Hierin werd onder meer beoogd om door Capellenaren voor wie werk of arbeidsmatige dagbesteding even te veel werd een time-out aan te bieden en zo ziekte te
31
Iedereen die bijstand aanvraagt moet de Nederlandse taal voldoende beheersen. Voldoende beheersing van de Nederlandse taal is nodig voor het krijgen en houden van werk. Dit is de taaleis. Als iemand hier niet aan voldoet moet die zich inspannen om dit te verbeteren. 32 Op grond van de Wet Educatie en beroepsonderwijs ontvangen gemeentes middelen om in te zetten op educatie. Het budget van de WEB moet besteed worden aan opleidingen gericht op het verbeteren van de Nederlandse taal en rekenen (waarbij inbegrepen digitale vaardigheden 33 FIP staat voor Frequent, Intensief en Persoonlijk klantcontact en is een methode die in de vorige beleidsperiode is beproefd en in de uitvoering is opgenomen. De kern van de FIP methode is dat consulenten van een sociale dienst klanten met een grote afstand tot de arbeidsmarkt gedurende een jaar vier keer spreken. Klanten voelen zich hierdoor meer gehoord en maken sneller stappen vooruit.
38
voorkomen. Hiermee is een eerste verbinding tussen dagbesteding en gesubsidieerde arbeid uitgeprobeerd; Werk draagt bij aan gezondheid en goede gezondheid draag bij aan werk: We dragen bij aan het gezondheidsbeleid, door het geven voorlichting over het aanbod aan sportvoorzieningenen gezondheidscursussen aan ons bijstandsbestand. We ontwikkelen die door met Capelse partners en zorgverzekeraars; Inburgeraars die onder de oude Wet inburgering uit 2013 vallen en voor wie geen overgangsrecht is naar de nieuwe wet inburgering – ‘de Ondertussengroep’- worden begeleid volgens de uitgangspunten van de nieuwe wet. Met de begeleiding dragen we er aan bij dat deze inburgeraars voldoen aan hun inburgeringsplicht en de stap naar werk kunnen maken; Als onderdeel het Koersdocument Gebiedsvisie Florabuurt34 werken we uit hoe we de komende vier jaar de groep bijstandsgerechtigden in de Florabuurt vanuit de FIP-aanpak, samen met de partners in het wijkteam, een impuls kunnen geven.
-
-
-
Beleidslijn 4. Blijvende aandacht voor handhaving -
-
We sturen er op dat alle Capellenaren die daar récht op hebben een uitkering ontvangen. We zetten het huidige beleid ‘hoogwaardig handhaven’ voort om te voorkomen dat er onterecht uitkeringen worden uitbetaald en teruggevorderd moeten worden; Waar het moet, vorderen we onterecht uitgekeerde gelden terug en kunnen overgaan tot het opleggen van een boete. We gebruiken daarbij wel maximaal de ruimte in de wet om individueel maatwerk te leveren; We volgen nauwgezet de ontwikkelingen omtrent mogelijke wijzigingen van de wet, ten aanzien van de striktheid van de handhavingsregels uit de wet en aanpassing van ons beleid en regelgeving.
Beleidslijn 5. Bieden van een basis aan inkomenszekerheid -
-
-
-
34
We continueren het beleid en de uitvoering van de bijstand, bijzondere bijstand en aanvullende inkomensondersteunende regelingen, als vangnet voor Capellenaren die (tijdelijk) een minimaal inkomen hebben. We zetten in op verdere verbinding vanuit Werk & Inkomen met het werkterrein van Armoede & Schulden. Enerzijds door het verder vergroten van de deskundigheid van professionals en vrijwilligers in het herkennen van financiële problematiek, hun kennis van ondersteuningsaanbod en van effectieve benaderingswijzen ten aanzien van armoede en schulden. Anderzijds door vaste contacten tussen professionals en warme doorgeleiding van belanghebbenden naar het juiste aanbod aan dienstverlening, al dan niet middels digitale ondersteuning. We dragen vanuit Werk & Inkomen bij aan het voorkomen escalatie van problemen: we participeren uit preventief oogpunt in het meldpunt woningontruiming, dragen bij aan de aanpak Bankslapers, we zorgen actief voor betaling van de vaste lasten voor (een deel) van onze klanten; We maken met onze maatschappelijke partners afspraken over hun bijdrage aan de Schuldenaanpak Capelle (zie beleidskader Armoede & Schulden). We streven een zo sluitend mogelijke ketenaanpak na in samenwerking met onze maatschappelijke partners. Knelpunten worden besproken en gekeken of en hoe deze vanuit kunnen worden opgelost.
Koersdocument Gebiedsvisie Florabuurt , raadsbesluit 20 april 2020, Djuma 102153
39
-
We ontwikkelen door op het beter inzichtelijk maken van financiële gevolgen van aan het werk gaan voor bijstandsgerechtigden. Hiertoe zijn verschillende instrumenten voorhanden, waaronder Bereken uw Recht35.
35
Berekenuwrecht.nl is een website waarop mensen kunnen nagaan op welke landelijke regelingen ze recht hebben. Capelle biedt in daarin ook de Capelse regelingen aan zodat Capellenaren een compleet beeld krijgen.
40
Bijlage 1 Korte Termijn Lijst Werk en Inkomen januari – juli 2021 Nieuwe Wet inburgering Uitwerken en implementeren van uitvoering van de nieuwe Wet inburgering door opstellen Actieplan Veranderopgave Inburgering en inregelen taken met partners. ZZP-ers met een laag inkomen. Extra aandacht en ondersteuning voor zzp-ers met een laag inkomen die veelal tegen de armoedegrens aan werken. Verdringing op de arbeidsmarkt tegen gaan van werkzoekenden met langere afstand tot de arbeidsmarkt. Proberen te voorkomen dat opnieuw werkzoekenden die langer in de bijstand verblijven verdrongen worden op de slechtere arbeidsmarkt door instroom van nieuwe groep werkzoekenden die meer werkfit zijn.
41