CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

09.04 - Concept Beleidskader Werk en Inkomen 2021- 2024 versie 21mei 2021

Gemeenteraad 12 juli 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Beleidskader Werk & Inkomen 2021-2024: “Zeker in Capelle”16.131 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Van zekere ondersteuning naar duurzaam werk

Zeker in Capelle!

CONCEPT

1

Inhoudsopgave Voorwoord................................................................................................................................... 3 1

Het Capelse beleidskader Werk & Inkomen 2021-2024........................................................... 4 1.1 Inleiding: Een zekere basis van Werk & Inkomen ......................................................................... 4 1.2 Reikwijdte ...................................................................................................................................... 4 1.3 Trends en ontwikkelingen ............................................................................................................. 5 1.4 Welke Capellenaren vallen onder de Participatiewet? ................................................................. 7 1.5 Leeswijzer ...................................................................................................................................... 9 1.6 Totstandkoming............................................................................................................................. 9

2

Visie, pijlers van de aanpak en beleidslijnen ........................................................................ 10 2.1 Visie sociaal domein .................................................................................................................... 10 2.2 Visie op Werk & Inkomen ............................................................................................................ 11 2.3 Aanpak met vijf beleidslijnen ...................................................................................................... 11 2.4 Maatschappelijke effecten .......................................................................................................... 11

3

Uitwerking beleidslijnen...................................................................................................... 13 3.1 Beleidslijn 1: Voorkomen en beperken van de instroom ............................................................ 13 3.2 Beleidslijn 2: Optimale en duurzame uitstroom naar werk ........................................................ 15 3.3 Beleidslijn 3. Stabilisering, activering en zorg ............................................................................. 21 3.4 Beleidslijn 4. Blijvende aandacht voor handhaving ..................................................................... 24 3.5 Beleidslijn 5. Bieden van een basis aan inkomenszekerheid. ..................................................... 25

4

Juridisch en financieel kader................................................................................................ 29 4.1 Juridisch kader ............................................................................................................................. 29 4.2 Financieel Kader .......................................................................................................................... 30

5

Monitoring en verantwoording ........................................................................................... 33 5.1 Meer inzicht door monitoren en meten...................................................................................... 33 5.2 Verantwoording........................................................................................................................... 33

6

Sturen & uitvoering ............................................................................................................. 35 6.1 Uitvoering Werk en Inkomen ...................................................................................................... 35 6.2 Uitvoeringsplan Werk & Inkomen ............................................................................................... 35 6.3 Concrete activiteiten ................................................................................................................... 36

2

Voorwoord De samenleving is niet voorspelbaar. Het ene moment ligt de wereld voor je open. Het andere moment bevinden we ons in een afgebakende omgeving, in een “anderhalvemetersamenleving”. Veel dingen die wij allen als vanzelfsprekend en zeker ervoeren, zijn opeens onzeker geworden. Bijna elke Capellenaar kent wel iemand die een dierbare is verloren, die in eenzaamheid thuis zit of zijn baan is verloren. We zien het dagelijks om ons heen en zijn ons daar zeer van bewust. Ook wij delen het verdriet dat dit met zich meebrengt. Gelukkig zien we ook de Capelse saamhorigheid. We zien de vele vrijwilligers en professionals die niet bij de pakken neerzetten. We zien mensen die elkaar troosten en er samen het beste van proberen te maken. We zien de doorzettingskracht van zorgmedewerkers die nooit opgeven. We zien Capellenaren die spontaan een helpende hand bieden en Capellenaren die ludieke manieren vinden om hun winkel draaiend te houden. Wat wij zien is veerkracht! Met dit beleidskader willen wij als Capels college bijdragen aan die veerkracht in onze Capelse samenleving. We zorgen dat er een vangnet is voor Capellenaren die moeite hebben met het vinden van (nieuw) werk en die tijdelijk bijstand nodig hebben. Zodat zij vanuit het vangnet terug kunnen veren en weer zo optimaal als mogelijk meedoen in de Capelse samenleving.

Want ook al kunnen we onze Capelse inwoners geen voorspelbare samenleving voorschotelen, we kunnen wel zorgen dat we hun onzekerheid zoveel als mogelijk wegnemen. In goede en in minder goede tijden: Zeker in Capelle!

3

1 Het Capelse beleidskader Werk & Inkomen 2021-2024 1.1 Inleiding: Een zekere basis van Werk & Inkomen Dit beleidskader, Zeker in Capelle! is een vervolg op het Beleidskader Werk & Inkomen 2017-2020, ‘Meedoen op Maat’. We gaan door met ons beleid, dat in de afgelopen jaren zijn vruchten heeft afgeworpen. De basis in Capelle is op orde. Wel is het nodig om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en door te ontwikkelen op bestaande dienstverlening, waaronder op de onderlinge samenhang met andere beleidsterreinen. De coronacrisis heeft des te meer duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar we als samenleving zijn, dat financiële (basis) zekerheden nodig zijn als vangnet en dat het belangrijk is dat mensen blijven leren en zich blijven ontwikkelen. Dit alles vraagt om een flexibel, wendbaar en toekomstbestendig beleid. De Participatiewet geeft gemeenten sinds 2015 meer verantwoordelijkheden en mogelijkheden om mensen, met of zonder beperking, aan het werk te helpen en te houden. Of, wanneer dat nog even een stap te ver is, wel actieve stappen te zetten om werkfit te worden. We bieden daarbij een zekere basis via inkomensondersteuning wanneer dat (tijdelijk) nodig is. Aan mensen die (tijdelijk) niet (volledig) in hun noodzakelijke bestaanskosten kunnen voorzien, verlenen we bijstand. Zo zorgen we dat Capellenaren financieel veerkracht behouden of weer opbouwen.

We ondersteunen hen zodat er ruimte komt om (opnieuw) de stap naar werk te maken. En dragen er aan bij dat Capellenaren naar vermogen “meedoen” in de samenleving. Zeker in Capelle! 1.2 Reikwijdte Het Beleidskader Werk & Inkomen: ‘Zeker in Capelle!’ beschrijft ten eerste hoe we vanuit de Participatiewet Capellenaren ondersteunen om (weer) de stap naar werk te zetten. Ten tweede geeft het weer hoe we aanvullende inkomensondersteuning bieden wanneer dat Faciliteren: Mensen met een (tijdelijk) nodig is. We doen dat op basis van Matchen: Iedereen die kan beperking gaan, met de vier pijlers waarop we ons beleid stoelen. We werken, werkt naar noodzakelijke begeleiding matchen, faciliteren, laten groeien en zorgen. vermogen. aan de slag in duurzame Deze pijlers vormen ook de uitgangspunten banen binnen de verdiencapaciteit die zij die we hanteren en waarop we beleid op het hebben. gebied van Werk & Inkomen vormgeven in vijf beleidslijnen. Deze beleidslijnen worden beschreven in hoofdstuk 3. Zo krijgt elke Capellenaar op zeker de dienstverlening die nodig is om de stap naar werk (weer) te kunnen zetten. Werk en inkomen staat niet op zichzelf. Dit kader is nauw verbonden met het Beleidskader Aanpak Armoede & Schulden: ‘Doen wat werkt’ en Beleidskader Maatschappelijke ondersteuning & Gezondheid: ‘Gezond en wel in Capelle!’ die gelijktijdig opgesteld zijn.

Groeien: Mensen voor wie een betaalde baan nog niet tot de mogelijkheden behoort, worden en blijven actief in de samenleving.

Zorgen: Mensen voor wie de stap naar werk en activering nog een brug te ver is, werken aan hun problemen.

4

Maar ook met de andere beleidsterreinen en onderwerpen: Jeugd, onderwijs, laaggeletterheid, procesregie op een sluitende ketenaanpak1, economische zaken en sport. We leggen slimme verbindingen in de uitvoering. Binnen de wettelijke mogelijkheden en regelgeving zoeken wij de ruimte om vanuit het persoonlijk perspectief van elke Capellenaar te werken. 1.3 Trends en ontwikkelingen Er zijn verschillende trends en ontwikkelingen waarmee we de komende jaren rekening mee houden in ons beleid: Niet alle groepen profiteren even goed van de Participatiewet Al in 2018 constateerde het Rijk dat de groep mensen met een arbeidsbeperking niet voldoende aan het werk kwam. In 2019 bevestigde de wettelijk evaluatie2 Participatiewet van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dit. De nieuwe Participatiewet leidt maar deels tot de successen die beoogd waren, vooral voor de groep arbeidsbeperkten. Als reactie initieerde het Rijk in 2018 het programma “Breed Offensief”. Dit leidde tot een voorstel van een aantal wetswijzigingen in, onder meer, de Participatiewet. Deze worden in 2021 doorgevoerd, waarop wij onze gemeentelijke regelgeving gaan aanpassen. Naast de wetwijziging initieerde het Rijk vanuit het programma “Breed Offensief”, ook het project “Simpel Switchen in de Participatieketen”.

Dit project heeft als doel om een aantal drempels weg te nemen waardoor mensen sneller een stap durven zetten binnen de participatieketen. Zoals het zetten van een stap naar (beschut) werk, of juist terug als het even niet gaat. Ook de financiële gevolgen van weer aan het werk gaan kunnen beter inzichtelijk gemaakt worden. De drempel van onzekerheid over het inkomen wanneer men aan het werk gaat, wordt hiermee weggenomen. De arbeidsmarkt vraagt dat werknemers zich blijvend ontwikkelen De arbeidsmarkt verandert. De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) geeft in haar rapport Het Betere Werk3 aan dat ontwikkelingen op de arbeidsmarkt, zoals flexibilisering en automatisering, ervoor zorgen dat de noodzakelijke vaardigheden voor verschillende banen, veranderen. Dit vraagt van mensen dat zij zich blijven ontwikkelen op kennis en vaardigheden. Ook lang na het afronden van een opleiding. Het vraagt om “Een leven lang ontwikkelen”. Het belang om te blijven ontwikkelen wordt extra duidelijk door de coronacrisis. In sommige sectoren is er veel minder werk, in andere juist veel meer. We zien de noodzaak ook terug in de mismatch tussen vraag en aanbod. Een vraagstuk dat al langere tijd in onze regio speelt. Mensen komen moeilijk uit de bijstand omdat zij niet langer beschikken over de juiste kennis.

Ook dit onderstreept het belang van blijven leren en ontwikkelen, zodat het mogelijk wordt om nieuwe kansen te grijpen en weer de stap naar werk te maken in sectoren waar die kansen te vinden zijn.

1

Binnen de afdeling Samenleving voert de unit Frontlijn regie op een sluitende ketenaanpak en biedt een vangnet voor de meest kwetsbare Capellenaren. Hier is de procesregie en opschaling van zwaardere multi-problematiek belegd. Tevens zijn zij een signaleringsbron van knellende regelgeving in de praktijk. 2 Eindevaluatie van de Participatiewet, Sociaal Cultureel Planbureau, 2019 3 Het betere werk: De nieuwe maatschappelijke opdracht, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, 2020

5

We verwachten een stijging van ons bijstandsbestand (mede) door corona In de Verantwoording Beleidskader Werk & Inkomen 2017 – 2020 (hierna: Verantwoording W&I) is te zien dat het bijstandsbestand begin 2020 daalde tot het laagste niveau in jaren. De gunstige arbeidsmarkt in combinatie met inzet op het juiste beleid en uitvoering, wierp zijn vruchten af. We zijn er samen met onze Capelse partners in geslaagd om een brede dienstverlening neer te zetten om alle groepen Capellenaren te ondersteunen bij het vinden van nieuw werk of om op een andere manier actief te zijn. In 2020 werd Nederland geconfronteerd met de coronacrisis die een grote impact heeft de arbeidsmarkt. Op de korte termijn hebben we gezien dat de coronacrisis de grootste wissel op jongeren (studenten), migranten en alleenstaande Capellenaren. Op langere termijn verwachten we een stijging van mensen die hun werk alsnog verliezen wanneer bedrijven failliet gaan nadat de steunmaatregelen in het kader van corona aflopen. Ook voor schoolverlaters, die (deels) kiezen voor een vervolgopleiding of de stap naar werk willen zetten, is een lastigere situatie ontstaan. Tegelijkertijd zien we kansen om mensen, met goede begeleiding van-werk-naar-werk of een (omscholings-)opleiding, snel de stap naar ander werk te laten maken. We zetten hier met onze Rijnmondse partners in regionaal arbeidsmarktverband ook stevig op in.

In de afgelopen jaren legden we met ons beleid de basis voor de uitvoering van het beleid op het terrein van Werk & Inkomen. In goede tijden met een gunstige arbeidsmarkt zoals afgelopen jaren, maar ook in minder goede tijden zoals begin 2021, bieden we een zekere ondersteuning aan alle Capellenaren die ons nodig hebben. Ondanks dat succes op dit beleidsterrein voor een groot deel ook afhankelijk is van externe ontwikkelingen, zoals een goede of slechte economie en arbeidsmarkt, hebben we een gedegen basis. De samenleving en zeker de arbeidsmarkt is niet maakbaar. We kunnen wel zorgen dat we steeds andere accenten leggen in onze dienstverlening als dat nodig is en keuzes maken die passen bij de situatie op dat moment. In de eerste tijd van komende beleidsperiode houden we rekening met meer Capellenaren die (tijdelijk) een beroep moeten doen op een bijstandsuitkering. Een mogelijke groei van het klantenbestand en de toeleiding naar werk vraagt dan om andere accenten in de uitvoering, om nieuwe aanpakken en daarmee een flexibele inzet van de organisatie. Hoe het ook zij, binnen de dienstverlening van onze gemeente willen we te allen tijde een crisis van formaat kunnen opvangen. Want daar moeten Capellenaren van op aan kunnen.

Zeker in Capelle! Meer samenhang en transformatie sociaal domein Voor een goede aanpak is ook verdere samenhang en verbinding nodig tussen de verschillende beleidsterreinen, zoals Armoede & Schulden, Wmo & Gezondheid en beleid rondom jongvolwassenen. We sluiten aan bij de uitgangspunten van de transformatie van het sociaal domein4 zoals we die voor de decentralisaties in 2014 vaststelden: meer maatwerk, minder escalatie naar zwaardere zorg en ondersteuning, minder zorgen en meer stimuleren, meer sturen op effectiviteit en efficiëntie en meer integraliteit. Door goede aansluiting tussen de aanpak op het terrein van Werk & Inkomen met andere inzet op sociaal gebied, sluiten we beter aan op de persoonlijke situatie en eigen mogelijkheden van Capellenaren. Ons beleid wint zo aan effectiviteit. 4

Visie op de transformatie van het sociaal domein. BBV 550556, Raadsbesluit 3/2/2014.

6

Per beleidslijn leggen we in hoofdstuk 3 vanuit de invalshoek Werk & Inkomen de relatie met de andere beleidsterreinen. We beschrijven slimme verbindingen tussen beleidsterreinen en concrete activiteiten die de samenhang bevorderen. 1.4 Welke Capellenaren vallen onder de Participatiewet? Sinds 2015 vallen de volgende groepen onder de Participatiewet: Algemene bijstand: • • • • • • • • •

Mensen zonder werk en zonder vorm van inkomen als voorliggende voorziening, zoals een ww-uitkering; Mensen met een uitkering op grond van: het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz); de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAZ); de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ). de Algemene nabestaandenwet (Anw) v.w.b. arbeidsinschakeling. Jonggehandicapten met arbeidsvermogen; Mensen met lichamelijke, verstandelijke of psychische beperking die ondersteuning nodig hebben bij het vinden en houden van werk, vaak met een aangepaste werkplek; Niet-uitkeringsgerechtigden (‘nuggers’). Nuggers zijn niet-uitkeringsgerechtigde mensen zonder werk die bij UWV zijn ingeschreven als werkzoekende. Zij voldoen niet aan de voorwaarden voor een bijstandsuitkering, bijvoorbeeld omdat ze te veel eigen vermogen hebben.

De eerste en de tweede groep worden samen beschouwd als de ‘klassieke doelgroep’ bijstandsgerechtigden. De derde en vierde groep worden ook wel de “nieuwe doelgroep” genoemd. De laatste groep, niet-uitkeringsgerechtigden, ontvangt geen uitkering maar kunnen wel aanspraak maken op ondersteuning. Hiervoor ontvangt de gemeente echter geen budget. Bijzondere bijstand en aanvullende inkomensondersteunende maatregelen: Niet alleen mensen met een algemene bijstandsuitkering vallen onder de Participatiewet. Ook mensen met een laag inkomen (bijvoorbeeld een ww-uitkering, een laag pensioen of een laag loon) vallen onder deze wet. Zij kunnen gebruik maken van extra inkomensondersteunende maatregelen via de bijzondere bijstand als zij voor onvoorziene kosten komen te staan die ze niet uit eigen inkomen of vermogen kunnen betalen. Ook is er een aantal andere regelingen die aangevraagd kunnen worden, zoals de individuele inkomenstoeslag en individuele studieslag. Verder is het mogelijk deel te nemen aan de collectieve zorgverzekering via de gemeente. Bijstandsbestand per 1 januari 2021 Na een langere periode van daling liep in 2020 het Capelse bijstandsbestand als gevolg van de coronacrisis op naar een aantal van 1.865 Capellenaren. Tussen 1 januari 2021 en 1 april 2021 bleef dit aantal nagenoeg stabiel. Aantal uitkeringsdossiers

2016

2017

2018

2019

2020

2021 (1 april)

2.340

2.219

2.028

1.807

1.865

1.868

7

In de afgelopen jaren zien we een vrij constant beeld in de samenstelling. Capelle kent doorgaans een relatief grote populatie van alleenstaanden, waarvan een groot deel langer dan vijf jaar een uitkering heeft en ouder is dan 45 jaar. De uitstroom van mensen naar werk hangt veelal samen met duur en leeftijd. Hoe korter in de uitkering en hoe jonger, des te groter de kans op uitstroom. Gevisualiseerd zien we de volgende kenmerken in het Capels bijstandsbestand per 1 januari 2020:

Verdeling bijstandsuitkering naar looptijd uitkering 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0%

Verdeling bijstandsuitkeringen naar leeftijd 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5% 0%

14%

20%

25%

30%

6%

4%

18 tot 21 21 tot 27 27 tot 35 35 tot 45 45 tot 55 55 tot 65 65 jaar en jaar jaar jaar jaar jaar jaar ouder

Verdeling bijstandsuitkeringen naar woonsituatie 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%

63%

25% 11%

Alleenstaande

Alleenstaande ouder

Gehuwd / Samenwonend

8

1.5 Leeswijzer In hoofdstuk 2 gaan we in op de Capelse visie op het sociaal domein en de vertaling hiervan naar vier pijlers voor het beleid van Werk & Inkomen: we matchen, faciliteren, laten groeien en zorgen. Op deze pijlers baseren we de beleidslijnen voor de aanpak van Werk & Inkomen voor de komende jaren. In hoofdstuk 3 werken we deze beleidslijnen uit. We geven aan waar we staan, wat we willen bereiken op dit terrein en in samenhang met andere beleidsterreinen binnen het sociaal domein, en wat we daarvoor gaan doen. Hoofdstuk 4 geeft het juridische en financiële kader weer. Het vijfde hoofdstuk beschrijft hoe we sturen op de uitvoering, hoe we monitoren en waarom. Tot slot beschrijven we in het laatste hoofdstuk concreet welke activiteiten we komende beleidsperiode zullen uitvoeren. 1.6 Totstandkoming Dit beleidskader is opgesteld op basis van de aanbevelingen uit de Verantwoording Werk & Inkomen van het Beleidskader Werk & Inkomen 2017-20205 (hierna: Verantwoording W&I). Hierop hebben de Adviesraad sociaal domein op 28 april 2020 en de raadscommissie Samenleving en Economie op 23 juni 2020 hun visie gegeven. In november en december 2020 hebben consultatietrajecten met ervaringsdeskundige Capellenaren en maatschappelijke partners plaatsgevonden.

In drie bijeenkomsten vroegen we op een interactieve wijze we de mening van jongvolwassen Capellenaren, op de thema’s eenzaamheid, geldzaken & schulden en opleiding & werk. De onderzoekers van I&O Research beschreven de uitkomsten in het rapport uit januari 2021, Jongvolwassenen in een kwetsbare positie6. Op 8 december 2020 is in de vergadering van de raadscommissie Samenleving & Economie samen met Capelse maatschappelijke partners gesproken welke zaken zij van belang achten voor het beleid van de komende jaren. In het eerste kwartaal van 2021 is de Adviesraad sociaal domein informeel betrokken bij het opstellen van het beleidskaders. De formele adviesvraag vond in maart 2021 plaats. De Adviesraad gaf veertien aanbevelingen mee. Negen aanbevelingen zijn overgenomen in het beleidskader of als onderdeel van de gesprekken met onze uitvoeringspartners. Vijf aanbevelingen zijn beargumenteerd niet overgenomen. Tot slot is het kader gebaseerd op de meest recente informatie over de landelijke en lokale ontwikkelingen op het terrein van Werk & Inkomen, begin 2021.

5 6

Verantwoording Beleidskader Werk & Inkomen 2017-2020, collegebesluit 14 juli 2020 (Djuma 258520). Jongvolwassenen in een kwetsbare positie, I&O Research, januari 2021.

9

2 Visie, pijlers van de aanpak en beleidslijnen 2.1 Visie sociaal domein In Capelle willen wij samen met onze partners in zorg en welzijn, dat zo min mogelijk mensen in de zorg terechtkomen, in de schulden zitten, zonder werk zitten en zoveel mogelijk wordt voorkomen dat drang of zelfs dwang nodig is. We willen er in Capelle voor zorgen dat mensen actief zijn, meedoen, weerbaar zijn en zo goed mogelijk voor zichzelf zorgen. Dat zij zich veilig en prettig voelen in hun wijk en daar trots op zijn. Kortom: Capellenaren met veerkracht. Het is belangrijk om in Capelle de basis op orde te houden en deze verder te verstevigen. Het gaat goed met de meeste Capellenaren en dat houden we graag zo. Capellenaren die dat tijdelijk nodig hebben ondersteunen we. Daarom zetten wij in op het neerzetten van een stevige, sociale basisinfrastructuur gericht op preventie. Signalen over Capellenaren waar het even minder mee gaat, pakken we snel en adequaat op om zo erger te voorkomen. Als het écht nodig is grijpen we tijdig, stevig en gericht in. In Capelle willen we aanpakken.7 We gaan daarbij de samenwerking en samenhang op het gebied van zorg en ondersteuning binnen het sociaal domein verder doorontwikkelen en daar waar nodig verder verbeteren. We brengen focus aan: waar dragen we met elkaar de komende jaren aan bij en welke slimme verbindingen leggen we tussen verschillende beleidsterreinen.

We zorgen er met elkaar voor dat we het goed voor elkaar hebben in Capelle. Oftewel, verder bouwen aan een sterke sociale basisinfrastructuur, het bevorderen van integraliteit en gerichter sturen op resultaat. Hoe willen we met elkaar daaraan werken? Verschillende factoren zijn van invloed op de gezondheid van mensen en hoe ze in het leven staan. Zo hebben individuele factoren als erfelijkheid en een gezonde leefstijl een grote invloed. Maar ook factoren in de omgeving en de omstandigheden waarin mensen wonen, werken, opgroeien en spelen.8 Willen we er in Capelle voor zorgen dat mensen actief zijn en zo goed mogelijk voor zichzelf kunnen zorgen en mee kunnen doen, dan moeten we invloed uitoefenen op die factoren die daaraan bijdragen. We noemen dit: draaien aan de juiste knoppen! We zorgen er voor dat Capellenaren zo veel mogelijk werken en actief mee doen, dat de toegang tot zorg en preventie zo goed mogelijk is geregeld, we investeren in de fysieke en sociale omgeving en dragen bij aan het creëren van kansen voor iedereen door er voor te zorgen dat Capellenaren hun gezondheid/welbevinden kunnen behouden of verbeteren door te sturen op gedrag en vaardigheden.

5% langdurig afhankelijk van ondersteuning

15% kortdurend afhankelijk van ondersteuning

80% geheel zelfstandig levend

7

8

Volgens de Visie sociaal domein heeft 80% van de Capellenaren geen ondersteuning nodig, 15% heeft lichte en 5% heeft zware ondersteuning nodig. De indeling is niet statisch: er is beweging tussen de verschillende lagen. Doel van ons beleid is mensen vanuit bovenste deel piramide naar de onderste laag te bewegen. De groep bijstandsgerechtigde Capellenaren die zich in de piramide bevind zit voor ongeveer driekwart in de onderste twee vakken. Een derde van de groep zit echter al langer dan drie of zelfs vijf jaar in de bijstand. Zij bevinden zich in het bovenste vak. Hun uitdagingen zijn vaak ‘multidisciplinair’: ze bevinden zich op meerdere leefterreinen. Een

Visie Capelle: √oor elkaar! November 2019 Pharos, Gezondheidsachterstanden duurzaam aanpakken, 2019

10

2.2 Visie op Werk & Inkomen Een van de belangrijkste factoren om mee te kunnen doen, is het hebben van (betaald) werk. Dat zorgt voor financiële ruimte, maar werk heeft ook een belangrijke maatschappelijke waarde. Werk leidt tot ontwikkeling, het geeft een sociaal netwerk en het draagt bij aan een gevoel van eigenwaarde, een betere gezondheid en aan zelfstandigheid. Een groot deel van de Capellenaren heeft en houdt hun werk. Wanneer iemand zijn werk verliest ontstaat er echter vrijwel direct grote onzekerheid omdat het stabiele inkomen wegvalt. Dit heeft consequenties voor ‘de bankrekening’ maar leidt ook tot onzekerheid op andere leefdomeinen. Schulden doemen op, mensen verliezen hun sociale netwerk en het algemene welzijn gaat doorgaans achteruit. Als het tijdelijk niet lukt, dan biedt de gemeente zekerheid in de vorm van een (financieel) vangnet. We ondersteunen Capellenaren die dat nodig hebben met een inkomen en waar nodig, met aanvullende regelingen zodat er een stabiele financiële basis is. Aanvullend helpen we om stappen te zetten naar (nieuw) werk. We kijken hierbij zo veel mogelijk naar wat elke Capellenaar individueel nodig heeft aan specifieke activiteiten om weer te integreren op de arbeidsmarkt. Dit kan een op werk gerichte activiteit zijn, maar soms is eerst zorg nodig om te stabiliseren.

Tegelijkertijd stimuleren we Capellenaren om zoveel mogelijk zelfstandig te doen. Ons doel is niet om het proces naar werk over te nemen. We streven ernaar partner te zijn, samen op te trekken en net dat steuntje in de rug te geven dat een Capellenaar nodig heeft. 2.3 Aanpak met vijf beleidslijnen De vier pijlers matchen, faciliteren, laten groeien en zorgen vertalen we in een aanpak langs vijf beleidslijnen. In deze beleidslijnen hanteren we de pijlers en vertalen we ze in wat we willen bereiken en wat we gaan doen. Daarbinnen leggen we verbindingen vanuit de invalshoek werk en inkomen, met de andere beleidsterreinen binnen het sociaal domein. De beleidslijnen borduren voort op de vijf beleidslijnen uit de vorige beleidsperiode. Deze aanpak heeft zijn vruchten afgeworpen, zoals uit de Verantwoording W&I bleek. In dit beleidskader houden we daarom vast aan deze beleidslijnen op die punten waarop ze bewezen succesvol waren. We vullen ze verder aan met nieuwe punten die bijdragen aan verdere verbetering van de aanpak. In het volgende hoofdstuk werken we de beleidslijnen verder uit. Per beleidslijn wordt ook aangegeven aan welke knoppen we in deze beleidslijn draaien om invloed uit te oefenen door in te zetten op de juiste activiteiten. 2.4 Maatschappelijke effecten Binnen het sociaal domein werken we aan een efficiënte en effectieve inzet van middelen.

Om te bepalen of we de juiste dingen doen, willen we inzicht hebben in de maatschappelijke effecten van ons beleid. Per beleidslijn in hoofdstuk 3 is een aantal indicatoren opgenomen die meten wat er cijfermatig- gebeurt. Bij elke indicator is aangegeven op welk maatschappelijk effect we verwachten dat die indicator van invloed is. Zo hebben we concrete aanknopingspunten om met beleid en uitvoering te sturen op een gewenste uitkomst, voor zover dat mogelijk is. Immers, zeker bij Werk en Inkomen spelen externe factoren zoals een krappe arbeidsmarkt, een slechte economie of een grote gebeurtenis als corona, een grote rol in het resultaat dat te behalen valt. Ondanks dat we zoveel als mogelijk sturen op goede resultaten, is dit geenszins maakbaar. Vaak is ook niet een-op-een aantoonbaar in welke mate de resultaten bijdragen aan bijvoorbeeld ‘meer meedoen’ of ‘meer financiële zelfredzaamheid’, maar gaan we uit van aannemelijkheid. Op deze wijze zoeken we naar verbanden, verklaringen en mogelijke aanknopingspunten voor bijstelling van beleid en uitvoering, waarop we wel invloed kunnen uitoefenen.

11

Met dit beleidskader, en ook met de beleidskaders Armoede & Schulden en Maatschappelijke Ondersteuning & Gezondheid dragen we bij aan de volgende maatschappelijke effecten: Zeker in Capelle…

A. …doen Capellenaren mee B. ...hebben Capellenaren veerkracht C. ...hebben Capellenaren een gezonde leefstijl D. ….zorgen Capellenaren voor elkaar

Vanuit de invalshoek Werk & Inkomen kunnen we vooral sturen op de effecten A, B en C. Op het maatschappelijke effect D sturen we alleen indirect. Zodra mensen ruimte krijgen in hun leven om mee te doen, ontstaat er ook meer ruimte om naar een ander om te kijken en zich in te zetten voor de samenleving.

12

3 Uitwerking beleidslijnen In dit hoofdstuk werken we de vijf beleidslijnen uit waarlangs we de komende jaren inhoud geven aan de vier pijlers matchen, faciliteren, laten groeien en zorgen. Per beleidslijn geven we de huidige situatie aan, wat we willen bereiken en op hoofdlijnen wat we daar voor gaan doen. Ook vermelden we welke indicatoren we monitoren en geven we aan op welke maatschappelijke effecten ze van invloed zijn. In hoofdstuk 5 geven een concreter overzicht van de activiteiten per beleidslijn voor de komende vier jaar.

3.1 Beleidslijn 1: Voorkomen en beperken van de instroom Waar staan we nu? Begin 2019 constateerden we dat de instroom van Capellenaren in de bijstand, sterk was afgenomen in de afgelopen jaren. Uit de cijfers van de Divosa-benchmark Werk & Inkomen9 van 2019 bleek de instroom in de bijstand in Capelle ruim onder het landelijk gemiddelde lag. Sinds begin 2020 loopt de instroom in de bijstand op. Voor het eerst sinds 2016 is de instroom weer hoger dan de uitstroom. De voornaamste reden hiervoor is de coronacrisis. De instroom betreft nog geen enorme aantallen maar we houden er rekening mee dat deze trend zich in komende jaren zal doorzetten. Zeker na afloop van de pakketten met coronasteunmaatregelen. Om de instroom te beperken ontwikkelden we in de regio Rijnmond een goede samenwerking met het UWV en hanteren we een strenge maar rechtmatige poortwachtersfunctie, beide met een preventieve werking. We werken intensief samen in onze Rijnmondse Arbeidsmarktregio10, met de andere regionale gemeenten, UWV, onderwijs en werkgevers. We helpen mensen aan het werk en zorgen met goede werkgeversdienstverlening voor aansluiting tussen vraag en aanbod. Dit streven is vastgelegd in de in 2019 opgestelde regionale samenwerkingsagenda Perspectief op Werk11, waarvan ons WerkgeversServicePunt12 de uitvoerder is Aanvullend zien we nieuwe opgaven om de instroom te beperken.

Naar aanleiding van het eerder genoemde WRR rapport is de opgave om te zorgen voor een stevige keten aan dienstverlening. Zodat elke jongere met perspectief op werk van school gaat, elke werkzoekende werk kan vinden en elke werkende zich blijven ontwikkelen en kan doorgroeien. Hiertoe werken we in de regio samen aan een meer samenhangende ondersteuning van diensten en regelingen waarin alle partijen hun taak beter afstemmen en slimme verbindingen leggen. Ook is er noodzaak om op korte termijn te versnellen om de gevolgen van corona te bestrijden. Sommige sectoren hebben werknemers die hun baan dreigen te verliezen. In andere sectoren is juist vraag naar werknemers. De opgave is om werknemers zo snel mogelijk te helpen van-werk-naarwerk en zorgen voor goede ontwikkel- en om/bijscholingsmogelijkheden. En om bedrijven zo snel mogelijk te helpen hun personeel naar ander werk te begeleiden of juist personeel te vinden. Op deze wijze willen we zo veel mogelijk werkloosheid en instroom in de bijstand voorkomen.

9

De Divosa Benchmark is het instrument waarmee gemeenten hun resultaten op gebied van Werk & Inkomen kunnen meten en vergelijken: https://www.divosa.nl/divosa-benchmark. 10 Nederland is onderverdeeld in 35 arbeidsmarktregio’s. Binnen deze regio’s werken gemeenten en UWV samen aan dienstverlening die gericht is op werkgevers en werkzoekenden. Dat gebeurt meestal vanuit een zogeheten Werkgeversservicepunt. Als basis is een gezamenlijke agenda opgesteld: Perspectief op Werk. 11 Perspectief op Werk, Gezamenlijk belang, gezamenlijke verantwoordelijkheid!, Arbeidsmarktregio Rijnmond, juni 2019 12 Het WerkgeversServicepunt Rijnmond is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten uit de regio Rijnmond en UWV. Dankzij deze samenwerking worden onze diensten en regelingen gebundeld. Het is daardoor voor werkgevers uit de regio duidelijker wat zij kunnen verwachten en bij wie zij kunnen zijn.

13

Tot slot zien we veel zzp-ers die door de coronacrisis in de problemen zijn gekomen door weggevallen werk. Ondanks dat deze groep erg inventief is in het vinden van ander werk, is een beter gebundelde voorlichting over regelingen en ondersteuning van belang. Wat willen we bereiken? Ons streven is dat elke Capellenaar actief en veerkrachtig is en mee kan doen in de Capelse samenleving. Zoals eerder gezegd, is het hebben van werk en een inkomen een van de sleutels die leiden tot dit doel. In deze beleidslijn oefenen we hierop invloed uit door te “draaien aan de knop” Werken en actief meedoen. En door inzet op Toegang tot en samenwerking in preventie. We sturen op vroegtijdige inzet van ondersteuning, die ertoe leidt dat onze inwoners niet in de bijstand in hoeven instromen. We willen voorkomen dat Capellenaren vanuit een WW-uitkering de bijstand instromen. Instromen in de Participatiewet betekent een daling in inkomen wat mogelijk leidt tot minder financiële armslag, meer stress en een achteruitgang in het welzijn van mensen. Ook jonge Capellenaren melden zich bij de bijstand. Wij willen hen zo snel mogelijk ondersteunen met ontwikkel- en om/bijscholingsmogelijkheden of helpen bij het zoeken naar werk, zodat zij niet daadwerkelijk in de bijstand instromen.

Nog verder aan de voorkant, willen we door een snelle ondersteuning voor Capellenaren die baanonzekerheid hebben, bijvoorbeeld door de coronacrisis, voorkomen dat zij hun werk verliezen en überhaupt in een uitkeringssituatie belanden. Dit doen we door in de regio samen te werken met verschillende partners via de eerder genoemde agenda Perspectief op Werk . Wanneer de coronasteunmaatregelen aflopen, is de verwachting dat alsnog veel zelfstandig ondernemers (zzp-ers) in de problemen komen. We willen voorkomen dat een groot deel van hen, instroomt in de bijstand. Door te zorgen dat zij snel de juiste informatie kunnen vinden en een compleet plaatje van hun mogelijkheden, waarmee zij meer kans hebben hun onderneming succesvol voort te zetten. Lukt dit niet, dan moeten zij snel toegang hebben tot ondersteuning om schade zoals oplopende schulden te beperken en waar mogelijk te verhelpen. Tot slot willen we dat zo weinig mogelijk Capellenaren in de problemen komen doordat zij onterecht een uitkering ontvangen. Laten we helder zijn: iedere Capellenaar die recht heeft op een bijstandsuitkering, Bron: www.RBZ.nl zal deze ontvangen. Maar dan moet dat recht er wel zijn. We hebben de maatschappelijke verantwoordelijkheid om dit recht dan ook alleen bij die groep te laten landen. En daarmee te voorkomen dat er misbruik ontstaat en teruggevorderd moet worden.

Zeker dat laatste willen we voorkomen omdat hierdoor het risico op schulden ontstaat, met alle bijkomende problemen van dien. Welke resultaten willen we zien: - Zo weinig mogelijk Capellenaren stromen in, in de bijstand; - Zo weinig mogelijk Capellenaren ontvangen onterecht een uitkering; - Capellenaren ontvangen (tijdig) ondersteuning bij het vinden of ter behoud van hun werk; 14

-

Zo veel mogelijk Capellenaren stromen direct door naar banen in kansrijke sectoren, zonder gebruik van een uitkering; Zelfstandige ondernemers vinden makkelijk ondersteuning waarmee ze de coronacrisis het hoofd kunnen bieden of hun onderneming op een goede manier kunnen beëindigen, liefst zonder schulden.

Deze beoogde resultaten maken we inzichtelijk met de volgende indicatoren: Te monitoren indicatoren: Maatschappelijk effect

indicator

bron

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Toewijzing aantal aanvragen uitkering door aanscherping poortwachtersfunctie*

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Instroom

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Aantal uitkeringsgerechtigden ultimo jaar

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

* Dit percentage is geen harde streefwaarde. Het geeft een indicatie om te zien of de toekenning en afwijzing in balans is. Wat gaan we daarvoor doen? Onze inzet ter voorkoming van instroom in de bijstand, is gericht op ondersteuning van Capellenaren van werk naar werk, van school naar werk en vanuit de WW naar werk. Zo voorkomen we zo veel als mogelijk dat mensen instromen in de bijstand. Daarnaast verbeteren we de informatievoorziening aan zzp-ers beter, zodat zij tijdig ondersteuning kunnen vinden voordat of indien ze in de problemen dreigen te komen. Tot slot blijven we inzetten op een strenge maar rechtmatige ‘poortwachtersfunctie’. We zijn streng aan de poort maar ruimhartig in de voorzieningen. Alleen Capellenaren die recht hebben op een uitkering ontvangen die. Misbruik en schulden door terugvordering worden voorkomen.

3.2 Beleidslijn 2: Optimale en duurzame uitstroom naar werk Waar staan we nu? Begin 2021 was het aandeel van de ‘reguliere’ groep in het bijstandsbestand relatief gezien gedaald. Het aandeel statushouders en mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt is groter geworden. De subgroep met een niet-westerse achtergrond met Nederlands als tweede taal stijgt niet zozeer, maar houdt onverminderd een groot aandeel in de bijstand. De lage taalvaardigheid13 van deze groep, die overigens ook geldt voor veel mensen onder de autochtone Nederlanders in het bijstandsbestand, zit het vinden van werk in de weg. Ook blijft het aandeel mensen met een arbeidsbeperking achter bij het vinden van een werkplek. Zij profiteren nog niet voldoende van de mogelijkheden die de Participatiewet geeft. De verwachting is dat hun kansen door het uitblijven van de juiste plekken voor hen, juist verder afnemen.

13

We noemen iemand laaggeletterd als hij of zij moeite heeft met de basisvaardigheden lezen, schrijven en/of rekenen. Vaak is het beheersen van de digitale vaardigheden ook lastig.

15

De opgave voor komende jaren is om, gezien de verwachte instroom, de dienstverlening op peil te houden. We monitoren dit elk kwartaal via de bestuurlijke kwartaalrapportages van de GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken. We streven ernaar wendbaar en flexibel te zijn, zodat we op de juiste momenten de juiste accenten kunnen leggen waar dit nodig is. Op de korte termijn is de uitdaging om enerzijds mensen met recente werkervaring zo snel mogelijk terug te helpen naar werk. En anderzijds te blijven investeren in die groepen die moeilijker de stap naar werk zetten om ook voor hen de kansen te grijpen in sectoren waar werk is en/of stappen in die richting te zetten. Wat willen we bereiken? We willen bereiken dat zo veel mogelijk Capellenaren die werkfit zijn of die dat binnen afzienbare tijd kunnen worden, zo snel mogelijk (weer) werk vinden. Door een juiste ondersteuning, op maat. Hier sturen we op door activiteiten waarmee we “draaien aan de knop” Werken en actief meedoen. We gaan door met de beproefde dienstverlening zoals die in de afgelopen jaren is ontwikkeld en streven ernaar deze te verrijken met nieuwe initiatieven die hier een bijdrage leveren. We willen bereiken dat zo er zo Capellenaren volledig uitstromen naar werk. Of in ieder geval, minstens deeltijd- en flexibel werk, wanneer volledige uitstroom en een vast dienstverband nog niet mogelijk is.

Voor mensen met een arbeidsbeperking willen we kijken of het mogelijk is om werkgevers te stimuleren meer werkplekken te bieden, waar Capellenaren via een garantiebaan of beschut werkplek aan de slag kunnen. We hebben weinig invloed op externe factoren die effect hebben op de uitstroom van mensen uit de bijstand. Een slechte arbeidsmarkt en economie zijn factoren waarop we niet kunnen sturen, hoe hard we ook aan verschillende knoppen draaien. We kunnen wel sturen op andere factoren, zoals de doorontwikkeling van onze doelgroep. Zo willen we bereiken dat dat mensen voorsorteren op het moment dat zich, in goede tijden, nieuwe kansen voordoen die zij kunnen grijpen. We sturen via de ”knop” gedrag en vaardigheden door het aanbieden van opleiding of omscholing gericht of verbetering van taal- reken- en digivaardigheid. We leveren ook hier zo veel mogelijk maatwerk. Hierbij willen we zo veel mogelijk realiseren dat mensen zich ontwikkelen in de richting van nieuw werk dat goed bij hen past, door iets meer tijd te nemen voor talentontwikkeling. Eerste insteek blijft dat mensen zo snel mogelijk werkfit worden, passend werk vinden en zo weer kunnen meedoen. Tegelijkertijd gaf de WRR in hun rapport aan dat een slechte kwaliteit van werk kan leiden tot ontevredenheid, burn-out en mogelijk een terugkeer naar een uitkering.

Het kan dus lonen om te onderzoeken of het effectiever is wanneer we iets meer tijden nemen om mensen via een opleiding of werktraject te helpen in de eigen ontwikkeling waarmee nieuwe banen die beter passen in zicht komen. Vooral in tijden waarin de arbeidsmarkt slecht is. Hierdoor leggen mensen een betere basis voor de toekomst en voorkomen we mogelijk een draaideurmechanisme van werk naar uitkering en vice versa. Samen met onze partners, GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken, Promen en Stichting Welzijn en anderen, creëren we ruimte om op elk willekeurig moment andere accenten te leggen in de dienstverlening wanneer dat nodig is. Afhankelijk van landelijke ontwikkelingen of uit de kwartaalrapportages kijken we steeds wat nodig is. We zorgen dat we hierin flexibel en wendbaar zijn. In de volgende paragraaf lichten we toe welke activiteiten we daartoe per doelgroep inzetten. Welke resultaten willen we zien: - Zo weinig mogelijk Capellenaren hoeven een beroep te doen op een bijstandsuitkering; - Zo veel mogelijk Capellenaren stromen snel weer uit, uit de bijstand en stromen niet terug; - We halen de taakstelling met betrekking tot het aantal garantiebanen en beschut werk.

16

Deze beoogde resultaten maken we inzichtelijk met de volgende indicatoren: Te monitoren indicatoren: Maatschappelijk effect

indicator

bron

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Aantal uitkeringsgerechtigden ultimo jaar

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht C: Capellenaren hebben een gezonde leefstijl

Uitstroom

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Aantal plaatsingen op garantiebanen*

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Het aantal gerealiseerde nieuw beschut werkplekken (cumulatief).

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Aantallen SE’s Wsw (Standaard Eenheid Wet sociale werkvoorziening) van 36 uur per week bestandsaandeel Jongeren tot 27 < 7%)

Bestuurlijke kwartaalrapportage Q4 GR IJsselgemeenten/ Sociale Zaken

A: Capellenaren doen mee B: Capellenaren hebben veerkracht

Jaarrapportage

* Per 2021 bepalen gemeenten zelf hoeveel garantiebanen zij inzetten. Vervolgens krijgen we financiering op basis van de realisatie.

Wat gaan we daarvoor doen? We onderscheiden verschillende groepen Capellenaren in de bijstand: Statushouders, mensen met een arbeidsbeperking, jongvolwassen Capellenaren, 55-plussers, Capellenaren met een lage taalreken of digivaardigheid. Tot welke subgroep ze ook behoren, allen ontvangen ondersteuning bij het zetten van de stap naar werk. Maar niet allemaal ontvangen ze exact dezelfde ondersteuning. Een jonge Capellenaar zal in eerste instantie gestimuleerd worden om een (nieuwe) opleiding te doen. Een niet zo taalvaardige Capellenaar zal eerst geholpen worden om taalvaardiger te worden. Dit vergt maatwerk. We zorgen er daarom voor dat er voldoende variatie is in het aanbod voor alle doelgroepen in de bijstand. We kijken steeds op maat wat er nodig is op weg naar (nieuw) werk. Zowel op lokale als op regionale schaal, in samenwerking met onze partners. Dit vormt de basis die bestaat uit de beproefde dienstverlening in de afgelopen jaren in de uitvoering door GR IJsselgemeenten/Sociale Zaken. Zij hebben een breed scala aan instrumenten waarmee elke Capellenaar geholpen kan worden. Ook kijken we wat we daaraan toe kunnen voegen en hoe we die basis verder kunnen verbeteren. Een deel van de bijstandsgerechtigden zou bijvoorbeeld graag als ondernemer uit de bijstand komen.

We kijken naar de mogelijkheden van werken als zelfstandige op bescheiden schaal vanuit de bijstand en hoe dit bij kan dragen aan een nieuwe loopbaan en uiteindelijk financiële zelfstandigheid. En we

Coöperatief ondernemen is inmiddels mogelijk in 20 Nederlandse gemeenten. Het is een nieuwe tool om mensen die langdurig aan de zijlijn staan weer te laten participeren. Daarnaast past het binnen het kader waarin gemeenten streven naar maatwerk. Inwoners krijgen zelf de regie terwijl de gemeente vooral een faciliterende rol heeft.

Bron: www.Movisie.nl

17

verkennen welke mogelijkheden de opzet van een sociale coöperatie biedt.

Statushouders Gemeenten worden met de inwerkingtreding van de nieuwe inburgeringswet verantwoordelijk voor de begeleiding van de inburgeraars (gezins- en asielmigranten). In het Actieplan Veranderopgave Inburgering 2021-2022 beschrijven we onze ambitie en aanpak voor deze taak. Het is onze ambitie dat inburgeraars zo snel mogelijk inburgeren, werk vinden en actief deelnemen aan het maatschappelijk leven in Capelle. Daarvoor is een samenhangende aanpak nodig op meerdere terreinen waarvan werk één van de belangrijke onderdelen is. Werk en een inkomen is ook voor deze groep een belangrijke voorwaarde voor een zelfstandig bestaan, om te kunnen participeren en verder te ontwikkelen. Van het terrein van Werk en Inkomen sturen we er via het maken van afspraken op in het kader van het actieplan dat re-integratieactiviteiten goed aansluiten op inburgeringsactiviteiten. Ze vormen samen één integraal plan en versterken elkaar.

Mensen met een arbeidsbeperking Uit de eerder genoemde evaluatie van de SCP uit 2019 bleek dat mensen met een arbeidsbeperking nog onvoldoende profiteert van de Participatiewet. Arbeidsbeperkte werknemers zijn alle mensen met een chronische ziekte en/of een lichamelijke of zintuiglijke beperking, psychische aandoening of een verstandelijke beperking die door hun handicap of ziekte niet of voor een deel niet kunnen werken. Werkplekken zijn lastig te vinden en uit de Verantwoording W&I bleek dat in Capelle slechts een derde van deze doelgroep echt duurzaam uitstroomt. De laatste jaren is er groeiende aandacht voor deze groep onder werkgevers. Het daadwerkelijk daad bij woord voegen, blijft echter achter14. Er zijn genoeg instrumenten die deze groep aan het werk kunnen helpen. Zoals detachering of werken met behoud van uitkering. Ook doet GR Ijsselgemeenten aan ‘jobcarving’ waarbij bestaande banen gesplitst worden en de ontstane “deelbanen” ingevuld worden door mensen uit deze doelgroep. Toch vinden werkgevers het lastig om deze doelgroep een kans te bieden. Komende jaren gaan we kijken hoe we lokale bedrijven en het midden- en kleinbedrijf meer kunnen betrekken en ondersteunen bij het daadwerkelijk vervullen van deze maatschappelijke opdracht. Jongeren Ongeveer 15% van de jongeren verwerft (economische) zelfstandigheid niet zo makkelijk.

Door armoede thuis, schulden, psychische problematiek en gebrek aan woonruimte raakt hun leven uit balans. We zien een deel van deze groep terug in ons bijstandsbestand, op zoek naar werk in plaats van school of studie. Ze kiezen zo liever voor een korte termijnoplossing door schulden of armoede thuis. Hun uitgangspositie is echter vaak niet optimaal waardoor ze starten in laagbetaalde banen.

14

Diversiteitswijzer ‘Werken naar vermogen, Diversiteit in bedrijf, april 2020

18

Wij zien daardoor voor deze groep gemiste kansen. Daarbij kloppen jongeren ook niet zo snel aan voor hulpverlening bij de gemeente. Pas wanneer zij voelen dat ze echt niet anders meer kunnen en zich melden, wordt duidelijk hoezeer zij een basis aan vaardigheden en opleiding (totaalpakket) voor de toekomst missen.

‘Het is heel normaal dat iemand je helpt, ik vind het ook normaal om anderen te helpen. Maar als het om mezelf gaat, kan ik hulp moeilijk accepteren. Ik denk soms toch nog, ‘ik ga jou niet lastig vallen met mijn problemen.’. Er heerst bij mij toch nog het gevoel dat ik iemand tot last ben met mijn problemen.’

De sluitende aanpak die in de vorige beleidsperiode is ontwikkeld, helpt bij het snel toe leiden naar een nieuwe opleiding of werk. De uitdaging ligt echter breder want zij hebben vaak problemen die over de grenzen van werk en inkomen, onderwijs, jeugdhulp en andere domeinen heen gaan. Dat blijkt ook uit het onderzoek van Capelse kwetsbare jongvolwassen15 uit januari 2021.

Bron: Onderzoek I&O Research dec 2020

I&O Research naar

Wanneer zij eindelijk aankloppen is het ook van belang dat zij een luisterend oor vinden en dat men oog heeft voor problemen die over beleidsterreinen heen gaan. Partners in Capelle weten elkaar hiervoor doorgaans goed te vinden, maar geven ook aan dat het nog beter kan. De samenwerking tussen maatschappelijke partners en de specialistische zorgsector daarbuiten, is een punt waarop de samenwerking verder verbeterd kan worden. 55-Plussers We zien een relatief grote groep 55-Plussers in ons bijstandsbestand. Ook wanneer de economie aantrekt maakt een deel van deze groep nog lastig de stap naar werk. Vaak ontbreekt het aan de meest actuele kennis en opleiding. Of bestaan “oude” functies niet meer. Toch heeft deze groep veel te bieden, als het aankomt op kennis, ervaring, passie en loyaliteit. En, iemand van 55 jaar heeft ook nog 12 jaar te gaan voordat het pensioen zich aandient. Reden te meer om ook deze groep te stimuleren nieuw werk te vinden. Maar, ook als dat niet lukt hebben ze genoeg talenten en ook de wil, om zich actief in te blijven zetten binnen de Capelse samenleving. Zowel voor Capelle als voor het eigen welzijn. Bijstandsgerechtigden met een taalachterstand De groep bijstandsgerechtigden is een belangrijk vindplaats van Capellenaren die kampen met laageletterdheid.

We spreken van laaggeletterdheid als mensen moeite hebben met de basisvaardigheden lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. Dit maakt het vinden van duurzaam werk moeilijker. In samenhang met het derde en vierde uitgangspunt uit de Capelse aanpak (Digi)taal begint lokaal16 doen we een aantal acties om de taal- reken en digivaardigheid van bijstandsgerechtigden die daar baat bij hebben kunnen verbeteren.

Bron: (Digi)taal begint lokaal; Aanpak laaggeletterdheid 2020

Niet-uitkeringsgerechtigden

15 16

Jongvolwassenen in een kwetsbare positie, I&O Research, januari 2021. (Digi)taal begint lokaal; Aanpak laaggeletterdheid, gemeente Capelle aan de IJssel 2020

19

We onderzoeken of het wenselijk is en (financieel) haalbaar, om de inzet op het toeleiden van nietuitkeringsgerechtigden te verbeteren. Niet-uitkeringsgerechtigden hebben geen recht op een uitkering. Maar zij komen wettelijk wel in aanmerking voor eventuele ondersteuning bij re-integratie door gemeenten. Hiertegenover staat echter geen vergoeding vanuit het Rijk. Deze groep heeft veel arbeidspotentieel wat belangrijk is voor de arbeidsmarkt en de financiele veerkracht van Capellenaren. De stap naar werk is van belang, omdat het wegvallen van een inkomen binnen een gezin risico geeft op armoede en schulden. Daarbij komen ze soms niet in aanmerking voor inkomensondersteunende regelingen of vinden zij deze niet. Regionale samenwerking voor betere werkgeversdienstverlening en meer perspectief op werk Vanuit het Programma Aan de slag voor de economie van morgen17 uit 2019 sturen we op een duurzamer vestigingsklimaat en meer werkgelegenheid. En op een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Zo sluit de opleiding van (jonge) Capellenaren straks goed aan op de Rijnmondse vraag. Via de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) zijn we betrokken bij uitvoering van het Human Capital Akkoord18. Vanuit dit akkoord wordt gewerkt aan een nationaal en internationaal concurrerende provincie, met een arbeidsmarkt die het talent van werkenden optimaal benut.

Vanuit het beleidsterrein Werk & Inkomen wordt op dezelfde doelen gestuurd via de samenwerking in onze arbeidsmarktregio vanuit werkgevers en werknemersperspectief. Met de eerder genoemde agenda Perspectief op Werk sturen we op doelen uit het Breed Offensief voor betere dienstverlening aan werkgevers en werknemers. Zo werken we aan betere werkgeversdienstverlening en een goede, transparante en snelle match tussen werkgevers en werkzoekenden, met meer inzet van digitale middelen. Zo is een belangrijke ontwikkeling is dat Agenda ‘Perspectief op Werk’ Rijnmond we een steeds groter deel van ons klantenbestand (voor wie dat mogelijk is) ook digitaal ontsluiten, via HalloWerk! 1. Ontschotting/harmonisatie regelgeving en instrumenten; Werkzoekenden en werkgevers vinden elkaar rechtstreeks 2. Transparant, digitaal, op basis van een aantal profielen. Zij zitten zo meer zelf aan werkzoekendenbestand; het roer bij het vinden van de juiste match. Motivatie en 3. Verbeterde match vraag en aanbod talenten kunnen voor sommige vacatures namelijk 4. Goed samenhangend netwerk van belangrijker zijn dan een specifiek diploma of werkervaring. publiek/private samenwerking sociale Matches komen daardoor sneller en directer tot stand. partners, onderwijsinstellingen en Onze klanten vinden sneller een geschikte baan en marktpartijen werkgevers vervullen vacatures sneller. Deze ontwikkeling 5.

Herkenbaar samen in één bouwen we komende tijd verder uit. Werkgeverservicepunt UWV & Gemeenten.

Ook sturen we in 2021 op het borgen van de resultaten van de samenwerking van het MKB Werkoffensief. Hierin zochten we matches tussen de vraag van lokale werkgevers in het midden- en kleinbedrijf, met werkzoekenden. Specifiek voor mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. De resultaten qua matching leverden niet op wat we hebben beoogd. De samenwerking met het MKB Rotterdam Rijnmond is wel zeer waardevol om elkaar beter te begrijpen en vinden. En om door te ontwikkelen. Samen sturen we erop dat deze samenwerking opgaat in de bredere samenwerking in de regio binnen bestaande regionale agenda’s en budgetten. We verbreden deze samenwerking specifiek met inzet op het vinden van stages en leerwerkplekplekken. De stap naar werk via een passende baan is de eerste inzet die we doen. We onderzoeken daarnaast wel of bijstandsgerechtigden, zeker in slechte economische tijden, meer ruimte (qua opleiding/ 17 18

Aan de slag voor de economie van morgen, Programma Economie 2019-2022 Capelle aan den IJssel. Human Capital Akkoord Zuid-Holland, Economic Board Zuid-Holland, Den Haag, juni 2019

20

omscholing) kunnen bieden om te werken aan persoonlijke (door)ontwikkeling. Dit verhoogt hun kansen op nieuw werk in een richting die goed past, bevordert duurzame uitstroom en voorkomt zo de kans op het draaideurmechanisme, ‘van baan naar uitkering’.

3.3 Beleidslijn 3. Stabilisering, activering en zorg Waar staan we nu? Ons bijstandsbestand kent een grote groep mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zij hebben om verschillende redenen moeite om de stap naar werk te zetten. Een deel van de groep zal met extra ondersteuning op de werkvloer toch aan het werk kunnen komen. Anderen werken eerst aan uitdagingen en problemen op andere leefterreinen. En sommigen zullen misschien nooit de stap naar werk maken. In alle gevallen blijven we actief ondersteunen bij het stapsgewijs werken aan problemen en de uitdagingen waar deze Capellenaren voor staan. Ook al zijn zij vaak langdurig of soms permanent afhankelijk van ondersteuning, ook voor deze Capellenaren zijn we er. De uitdaging is om voor mensen die arbeidspotentieel hebben, een gerichte benadering en inzet van instrumenten doen die de stap naar werk toch mogelijk maken in sectoren waar de kansen liggen. De kansen stijgen en dalen met name voor de groep mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt mee, met een krappere of ruimte arbeidsmarkt. Bij een ruime arbeidsmarkt is er vaak een grotere groep werkzoekenden, die meer werkfit is. Heerst er krapte, dan zijn werkgevers geneigd meer inspanningen te doen voor deze groep. De benadering van deze groep mensen kan daardoor per periode verschillen.

In beide situaties blijft de inzet voor deze mensen om hen stappen te laten zetten in hun ontwikkeling, werkfit worden en kansen op werk te laten grijpen, zodra die zich voordoen. Tegelijkertijd blijft het ook de uitdaging om voor de groep voor wie werk echt een stap te ver is, te bevorderen dat zij actief worden en blijven. Of dat ze problemen die in de weg zetten voor werk en activering, eerst kunnen verhelpen. In samenhang met andere terreinen binnen het sociaal domein zien we binnen deze beleidslijn enkele opgaven om verder te ontwikkelen: Switchen tussen Participatiewet en Wmo In paragraaf 1.3 gaven we al aan dat de Participatiewet maar deels leidt tot de successen die beoogd waren, vooral voor de groep arbeidsbeperkten. Het project “Simpel Switchen in de Participatieketen” heeft als doel hierin een oplossing te bieden. Simpel switchen in de keten kan bijdragen aan het actief houden van mensen in de verbinding tussen Wmo en Werk & Inkomen. Dit gaat concreet over de mogelijkheid dat mensen die het binnen het (beschut) werk niet meer volhouden, tijdelijk uit kunnen stromen naar dagbesteding. Of aan de slag kunnen blijven door inzet van Wmo-ondersteuning op de werkplek. Er is een duidelijke wisselwerking tussen het hebben van werk en psychische gezondheid19. Kunnen switchen maakt het mogelijk om even een stapje terug te doen voor mensen.

Zonder dat ze hun werk, sociaal netwerk en ontwikkeling verliezen. Overigens geldt dit ook andersom. Het kan ook gaan om het bieden van de mogelijkheid dat mensen in de dagbesteding een stap vooruit kunnen zetten, met inzet van instrumenten uit de Participatiewet. In beide gevallen leidt het er toe dat mensen kansen krijgen en stappen zetten. Of dat ze niet uitvallen en problemen en zorgvragen niet toenemen.

19

Samen werken aan werk, Psychische aandoeningen en werk: wat we weten, wat we kunnen doen, Peter van Eekert /ARCO SZ, april 2017

21

Een goede gezondheid draagt bij aan werk Het eerder genoemde onderzoek van Pharos laat zien dat mensen in een sociaaleconomisch kwetsbare situatie, veelal afgemeten aan opleiding en inkomen, vaak veel ongezonder zijn dan mensen met een hogere opleiding en meer inkomen. Er bestaat een sterke wisselwerking tussen maatschappelijke positie en gezondheid. Mensen met een goede gezondheid zijn beter in staat om gunstigere posities op de maatschappelijke ladder te verkrijgen en te behouden. Met andere woorden, werk draagt bij aan gezondheid. En gezondheid draagt bij aan werk. Binnen het Capelse sociaal domein bieden maatschappelijke partners verschillende cursussen en andere vormen van ondersteuning aan die helpen bij de verbetering van gezondheid. Het bijstandsbestand bij sociale zaken is een belangrijk vindplaats van Capellenaren, aan wie interventies kunnen worden aangeboden voor een verbetering van hun gezondheid en verhoging van baankansen. Daarbij is van belang dat het aanbod ook aansluit bij de beleving van de doelgroep. We zien hier mogelijkheden voor doorontwikkeling van het aanbod, in samenwerking met Capelse partners en zorgverzekeraars. Bijvoorbeeld door het beter ontsluiten van het aanbod van beweegen gezondsheidscursussen onder de groep bijstandsgerechtigden. Waarbij we een link leggen naar het aanbod van zorgverzekeraars.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10398770/1