CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

06.02 - Rekenkamer Rotterdam Jaarverslag 2025

Commissie Bestuur, Veiligheid en Middelen 22 juni 2026, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Jaarverslag Rekenkamer 2025 en Onderzoeksplan 202612.886 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

jaarverslag 2025 Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland

Rekenkamer

Rotterdam

Rekenkamer

Rekenkamer

Lansingerland

Rekenkamer

Albrandswaard

Capelle aan den IJssel Rekenkamer

Krimpen aan den Ijssel

1

2

3

4

5

6

7

8

9

3

Rekenkamer Rotterdam

5

Inleiding

5

Gepubliceerd onderzoek

5

Lopend onderzoek

11

Opvolging aanbevelingen

12

Informatie over 213a onderzoeken

12

Rekenkamer Albrandswaard

15

Inleiding

15

Gepubliceerd onderzoek

15

Opvolging aanbevelingen

17

Informatie over 213a onderzoeken

17

Rekenkamer Capelle aan den IJssel

19

Inleiding

19

Gepubliceerd onderzoek

19

Opvolging aanbevelingen

22

Informatie over 213a onderzoeken

22

Rekenkamer Krimpen aan den IJssel

25

Inleiding

25

Gepubliceerd onderzoek

25

Opvolging aanbevelingen

27

Informatie over 213a onderzoeken

27

Rekenkamer Lansingerland

29

Inleiding

29

Gepubliceerd onderzoek

29

Opvolging aanbevelingen

32

Informatie over 213a onderzoeken

32

Overige publicaties en activiteiten

35

Inleiding

35

Externe optredens en andere publicaties

35

Samenwerkingen binnen Rotterdam

35

Samenwerking andere rekenkamers

36

Jaarrekening

37

Resultatenrekening 2025

37

Toelichting op de resultatenrekening

37

Financieel arrangement regiogemeenten

39

Begroting

41

Begroting 2026

41

Toelichting op de begroting

41

Organisatie

43

Bedrijfsvoering

43

Personeel

44

Nevenfuncties

45

jaarverslag 2025

1

Rekenkamer Rotterdam

Inleiding De Rekenkamer Rotterdam heeft voor 2025 een jaarplanning voor onderzoeken gemaakt. Daarvan zijn in 2025 zes rapporten en in het eerste kwartaal van 2026 twee rapporten gepubliceerd. Deze worden toegelicht in paragraaf 1-2. In 2025 zijn drie onderzoeken gestart. Deze worden toegelicht paragraaf 1-3. Daarmee staan er nog twee onderzoeken open uit de oorspronkelijke jaarplanning. Vanwege de transitie en de opvolging van de directeur zijn deze in 2026 opgestart. Daarmee zijn alle onderzoeken uit het onderzoeksprogramma van 2025 gestart. Aan de gemeenteraden is gemeld dat na de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 een nieuwe planning tot en met 2027 wordt gepubliceerd.

Gepubliceerd onderzoek In de onderstaande tabel is opgenomen wanneer de onderzoeken zijn gepubliceerd en op welke datum de rekenkamer het onderzoek heeft toegelicht in de betreffende raadscommissie. Tabel 1-1-1: gepubliceerd onderzoek 2025/1e kwartaal 2026 Onderzoek

Publicatie

Toelichting in raadscommissie

Doelbewust, maar niet doeltreffend

23 april 2025

21 mei 2025

Passend regelen

22 mei 2025

4 september 2025

Samen op zoek naar zicht

23 juni 2025

3 september 2025

Doorwerken aan wijkteams

29 september 2025

19 november 2025

Aanpak P&C-cyclus: begroting 2026

21 oktober 2025

11 november 2025

Pas op voor de dode hoek

27 oktober 2025

21 januari 2026

Nog steeds vatbaar

5 februari 2026

nog niet bekend

Targets tellen: eindbeoordeling

10 februari 2026

onderdeel verantwoordingsdebat

Doelbewust, maar niet doeltreffend De rekenkamer Rotterdam publiceerde op 23 april 2025 het onderzoek ‘Doelbewust, maar niet doeltreffend’. Dit onderzoek gaat over toegankelijkheid in het Rotterdamse beleid en in de uitvoering van dienstverleningsprocessen. Volgens schattingen heeft ongeveer één op de acht Nederlanders een beperking, fysiek of mentaal. Toegankelijkheid gaat over het wegnemen van drempels voor deze mensen. De onderzoeksvraag van het onderzoek luidde: In hoeverre is het beleid en de dienstverlening van de gemeente Rotterdam gericht op toegankelijkheid voor mensen met een beperking?

5

jaarverslag 2025

De rekenkamer heeft in haar onderzoek gezien dat de gemeente aandacht heeft voor toegankelijkheid, maar dat er nog te weinig gebeurt om de stad echt toegankelijk voor iedereen te maken. De rekenkamer deed tien aanbevelingen. Deze kunnen worden samengevat als: 1 Zorg voor betere inbedding van het thema toegankelijkheid in de hele organisatie. 2 Verbeter de sturing door meer gerichtheid op resultaten en het reserveren van budget voor alle toegankelijkheidsmaatregelen. 3 Verbeter de uitvoering zodat er ook daadwerkelijk resultaten worden geboekt. De rekenkamer heeft het onderzoek op 21 mei 2025 toegelicht in de commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport van 21 mei 2025 en de raadsbehandeling was op 5 juni 2025. Het college en de raad hebben alle aanbevelingen overgenomen. Passend regelen De rekenkamer publiceerde op 22 mei 2025 het rapport ‘Passend regelen’ over de Regeling risicovolle projecten. Deze regeling is sinds 2012 in werking om de informatievoorziening richting de raad bij grote, complexe projecten met grote financiële risico’s te verbeteren. Met dit onderzoek bracht de rekenkamer in kaart in hoeverre de Regeling risicovolle projecten bijdraagt aan de uitvoering van de controlerende taak van de gemeenteraad bij grote projecten.

Daarnaast heeft de rekenkamer onderzocht of de regeling een meerwaarde heeft ten opzichte van andere instrumenten die de raad ter beschikking staan. Specifiek keek de rekenkamer naar de toepassing van de regeling bij twee risicovolle projecten, namelijk de renovatie van Museum Boijmans Van Beuningen en Feyenoord City. De rekenkamer constateert in ‘Passend regelen’ dat de regeling zorgt voor een beter inzicht in de voortgang en risico’s van grote projecten. Ook helpt de regeling het college door een duidelijke structuur te bieden voor het informeren van de raad. Voor de raad biedt de regeling rapportages op maat over het project waarmee gericht vragen aan het college kunnen worden gesteld. Wel is de regeling op een aantal punten onduidelijk en sluit onvoldoende aan op de verandering van de informatiebehoefte gedurende het verloop van een project. Verder worden raadsleden te weinig ondersteund bij het gebruik van de regeling en is er meer aandacht nodig voor het delen van vertrouwelijke informatie en de presentatie van risico’s. Als laatste bestaat het risico dat de regeling leidt tot een sluipende verschuiving in de actieve informatieplicht van het college naar de raad. De rekenkamer heeft aanbevolen om de regeling te handhaven, maar wel mogelijk te maken om flexibeler te kunnen schakelen tussen de Regeling risicovolle projecten en de Monitor Grote Projecten.

Verder beval de rekenkamer aan om de aanwijzing van risicovolle projecten te verbeteren, te zorgen voor een passende informatievoorziening aan de raad en om ruimte te creëren voor de ondersteuning van de raad. De rekenkamer heeft aanbevolen op deze punten de regeling passender te maken. Op 22 mei 2025 heeft de rekenkamer het rapport gepubliceerd en overhandigd aan de gemeenteraad. Op 4 september 2025 heeft de rekenkamer het rapport toegelicht in de reguliere vergadering van de commissie Bestuur, Financiën en Veiligheid en heeft de commissie het debat gevoerd met de wethouder Financiën. Op 11 september 2025

6 jaarverslag 2025

heeft de raad besloten om op één na alle aanbevelingen over te nemen. Op 20 januari 2026 stuurde de Commissie tot Onderzoek van de Rekening een overdrachtsnotitie voor de nieuwe raad waarin werd aangehaald dat de COR conform de te herziene Regeling risicovolle projecten een formele rol heeft bij het monitoren van risicovolle projecten. Samen op zoek naar zicht Op 23 juni 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Samen op zoek naar zicht: onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond’. In de GRJR werken dertien gemeenten in de regio Rijnmond samen bij de inkoop van regionale jeugdhulp. De rekenkamer onderzocht voor de periode 2018-2024 of inkopen via de GRJR voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De rekenkamer heeft het onderzoek uitgevoerd voor alle zes gemeenten waarvoor het de rekenkamerfunctie vervult. 1 Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeenteraden hierover adequaat worden geïnformeerd. De conclusies zijn dat de GRJR vooruitgang boekte in de manier waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. Tegelijkertijd is verdere verbetering nodig. Zo schiet de taakomschrijving rond sturingsinformatie tekort. Dit leidt er onder andere toe dat gemeenteraden niet de informatie krijgen die nodig is voor hun controlerende taak.

Verder is er gekozen voor resultaatgericht werken, maar zijn de resultaten van hulp niet goed in beeld. Ook worden de risico’s van het werken met systeemaanbieders nog onvoldoende beheerst en is er weinig grip op kosten. Samengevat kampt de samenwerking bij regionale jeugdhulp via de GRJR dus met een aantal knelpunten. Verder zijn er ontwikkelingen in landelijk beleid die invloed hebben op de organisatie van regionale jeugdhulp, zoals de aanpassing van de Jeugdwet. Hoewel de conclusies en de landelijke ontwikkelingen aanpassingen vergen, pleit de rekenkamer niet voor een grote verandering in de wijze waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. De rekenkamer deed vijf aanbevelingen: 1 Handhaaf het gekozen inkoopmodel, maar maak het mogelijk om beter te sturen op resultaten. 2 Geef de GRJR formeel de taak (en middelen) om sturingsinformatie te verzamelen en regioanalyses te maken. 3 Neem beheersmaatregelen voor de risico’s van het model met systeemaanbieders. 4 Analyseer zorgvuldig en systematisch de oorzaken van de stijgende kosten. 5 Blijf systematisch zoeken naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken. Op 3 september 2025 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (ZWCS) van de gemeenteraad.

Op 24 september 2025 heeft de commissie ZWCS het debat over het rapport gevoerd met de wethouder Zorg, Ouderen en Jeugdzorg, Organisatie en Dienstverlening. Op 2 oktober

1 De gemeente Barendrecht en Rekenkamer Rotterdam zijn op 1 januari 2025 in goed overleg uit elkaar gegaan. In 2025 werden nog de lopende onderzoeken voor Barendrecht afgerond en gepubliceerd.

7 jaarverslag 2025

2025 heeft de gemeenteraad besloten om alle aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. Tijdens de raadsvergadering zijn drie moties ingediend, waarvan er twee zijn aangenomen. Doorwerken aan wijkteams Op 29 september 2025 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Doorwerken aan wijkteams: opvolgingsonderzoek’. In dit opvolgingsonderzoek ging de rekenkamer na in hoeverre het college de aanbevelingen en moties heeft opgepakt en uitgevoerd van het rapport ‘Het komt niet in de buurt’ van juni 2018. In het opvolgingsonderzoek constateerde de rekenkamer dat vrijwel alle aanbevelingen en moties zijn geland in beleid. In een paar gevallen zijn de voorgenomen acties echter niet (aantoonbaar) uitgevoerd. Er is bij het college te weinig zicht op de effecten van wel uitgevoerde acties en de raad is maar beperkt geïnformeerd over de voortgang. De rekenkamer heeft het onderzoek op 19 november 2025 toegelicht in de commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (ZWCS). In de vergadering van de gemeenteraad van 4 december 2025 zijn alle aanbevelingen van de rekenkamer overgenomen. Aanpak P&C-cyclus: begroting 2026 Op 21 oktober 2025 publiceerde de rekenkamer een brief aan de gemeenteraad over de begroting 2026. Deze brief is onderdeel van het project aanpak P&C cyclus, waarmee de rekenkamer de gemeenteraad tracht te ondersteunen bij het verwerken van informatie in financiële stukken.

Hierbij richtte de rekenkamer zich op wat bij de lezing van deze stukken opviel. Dit is samengevat in aandachtspunten voor de raad. De rekenkamer heeft 3 van de 18 programma’s bekeken: (1) Armoede, schuldhulpverlening, inburgering en samenleving; (2) Beheer van de stad; en (3) Volksgezondheid. Dat deed zij door te kijken naar de 4 zogeheten w-vragen: wat willen we bereiken, wat gaan we daarvoor doen, wie zijn daarbij betrokken, en wat mag dat kosten. De rekenkamer constateerde dat de begroting scherper kan toelichten welke concrete acties de gemeente komend jaar gaat uitvoeren en wat dat (extra) kost. Daarnaast plaatste de rekenkamer kanttekeningen bij het rooskleurige beeld dat het college schetste over het financieel meerjarig beeld. In de begroting is niet toegelicht waarom de financiële positie voor 2026 is verslechterd. Ook ontbreekt er een toelichting over het positieve resultaat vanaf 2027. Op 11 november 2025 is de brief besproken tijdens de behandeling van de begroting in de raadsvergadering. Ook heeft wethouder Financiën een reflectie op de brief gestuurd aan de gemeenteraad. Hierin onderschrijft de wethouder een flink aantal aandachtspunten van de rekenkamer en biedt verdere uitleg over enkele punten die de rekenkamer heeft aangegeven.

Pas op voor de dode hoek

8 jaarverslag 2025

Op 27 oktober 2025 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Pas op voor de dode hoek: onderzoek naar verkeersveiligheid’. De rekenkamer onderzocht in hoeverre de gemeente inzicht heeft in de verkeersveiligheid in Rotterdam. Daarnaast onderzocht de rekenkamer in welke mate het verkeersveiligheidsbeleid bijdraagt aan verbetering van de verkeersveiligheid. Dit onderzoek laat zien dat de gemeente onvoldoende kan aantonen in hoeverre het beleid bijdraagt aan een verbetering van de verkeersveiligheid in Rotterdam. De rekenkamer constateert dat het inzicht in de verkeersveiligheid in Rotterdam op specifieke vlakken onvolledig is, zoals het aantal fietsongevallen. In het beleid zelf ontbreekt samenhang, omdat er geen concrete doelen worden gesteld en het onduidelijk is welke risico’s precies worden aangepakt. Zo ontstaan er dode hoeken waar de gemeente nu te weinig aandacht aan besteedt. In de opzet en uitvoering van de maatregelen is soms te weinig aandacht voor een gedegen probleemanalyse, onderbouwingen van afwijkingen en monitoring. Tenslotte wordt zelden geëvalueerd of de maatregelen de problemen daadwerkelijk verhelpen en bijdragen aan de verbetering van de verkeersveiligheid. De rekenkamer doet 3 aanbevelingen: de eerste aanbeveling gaat over het vergroten van het inzicht in de verkeersveiligheid van fietsers.

De tweede aanbeveling roept op tot een meer gestructureerde aanpak en uitvoering van het verkeersveiligheidsbeleid. De laatste aanbeveling gaat over het structureel evalueren van de opbrengsten van de maatregelen. De rekenkamer gaf op 21 januari 2026 een toelichting op het rapport in de commissie Mobiliteit, Haven, Economie en Klimaat. Het rapport is op 29 januari 2026 door de gemeenteraad behandeld. De gemeenteraad heeft alle aanbevelingen overgenomen. Naar aanleiding van de behandeling van het rapport zijn er vier moties door de gemeenteraad aangenomen die betrekking hebben op het verkrijgen van zicht op verkeersonveilige locaties, het stellen van doelen in de volgende collegeperiode en overlast door fatbikes. Nog steeds vatbaar De rekenkamer publiceerde op 5 februari 2026 het onderzoek ‘Nog steeds vatbaar: onderzoek naar de Rotterdamse economische en maatschappelijke steunmaatregelen in de coronaperiode’. De rekenkamer bracht in kaart welke economische en maatschappelijke steunmaatregelen de gemeente Rotterdam heeft getroffen in de coronaperiode. Ook onderzocht de rekenkamer of deze maatregelen en het bijbehorende steunbeleid passend waren vormgegeven, of de doelen zijn bereikt en wat de gemeente ervan heeft geleerd.

Het onderzoek laat zien dat Rotterdam uiteindelijk 51 coronasteunmaatregelen heeft getroffen om de economische en de maatschappelijke gevolgen van de coronaperiode te verminderen. De rekenkamer concludeert dat de maatregelen en het beleid deels passend zijn vormgegeven. Het valt met name op dat de raad beperkt kaders heeft gesteld bij het

9 jaarverslag 2025

steunbeleid. Het is niet vast te stellen of de doelen van het beleid zijn gerealiseerd. Het ontbrak namelijk aan helder geformuleerde beleidsdoelen. En voor slechts 8 van de 51 maatregelen heeft de gemeente zelf onderzocht of het doel daarvan is bereikt. Ook de crisisaanpak is door de gemeente onvoldoende geëvalueerd. Hierdoor heeft de gemeente lessen gemist om zich beter voor te bereiden op een volgende crisis. Het onderzoek laat zien dat er nog stappen nodig zijn om onder meer de crisisorganisatie en de maatschappelijke veerkracht te versterken. Al met al is de gemeente nog steeds kwetsbaar bij een crisis. Op basis van deze conclusies deed de rekenkamer aanbevelingen aan het college die de gemeente moeten helpen om zich beter voor te bereiden op toekomstige crises. De rekenkamer ziet daarnaast twee kwetsbaarheden in het Rotterdamse beleidsproces, die ook buiten crisistijden bestaan. Ten eerste laten de kaders voor besluitvorming ruimte om doelen te formuleren die niet helder zijn. Hierdoor konden ook de doelen van het coronasteunbeleid onvoldoende helder blijven. Ten tweede is onvoldoende duidelijk vastgelegd wanneer de gemeente evaluaties moet uitvoeren. Hierdoor is onvoldoende geëvalueerd en is onvoldoende van de coronaperiode geleerd.

Daarom deed de rekenkamer ook aanbevelingen gericht op het verbeteren van de beleidsvorming en het lerend vermogen van de gemeente buiten crisistijd. Het is nog niet bekend wanneer de toelichting van de rekenkamer in de raadscommissie zal plaatsvinden. Targets tellen: eindbeoordeling Op 10 februari 2026 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Collegetargets: eindbeoordeling 2022-2026’. De rekenkamer beoordeelde de realisatie van de collegetargets in de collegeperiode 2022-2026 en de toelichting daarop. Ook onderzocht de rekenkamer in hoeverre het college heeft geleerd van lessen uit de drie vorige rekenkamerrapporten over collegetargets. Tot slot ging de rekenkamer na in hoeverre de gemeente leert van de lessen over collegetargets voor bredere beleidsvorming. Van de 15 collegetargets bleken er zes (40%) gehaald, vijf targets (33%) bijna gehaald en vier targets (27%) niet gehaald. Een positief punt was dat alle targets aan het eind van de collegeperiode specifiek, meetbaar, afgestemd en tijdgebonden waren geformuleerd. Op dit vlak zijn tijdens de collegeperiode zelf verbeteringen doorgevoerd en is er sprake van ‘lerend vermogen’. Een ander verbeterpunt is dat de targets ten dele realistisch bleken. Dit is een punt dat al meer dan 20 jaar speelt: sinds 2002 lukt het het college structureel niet om meer dan 47% van de collegetargets te halen.

De rekenkamer heeft niet onderzocht waarom sommige targets nu niet zijn behaald. Mogelijk komt dit door externe factoren of doordat de gemeente onvoldoende invloed op de target heeft. Voor de volgende collegeperiode raadt de rekenkamer dan ook aan om realistische doelen te stellen. Dat betekent dat de doelen bereikt moeten kunnen worden met het geld dat de gemeente ervoor heeft en haar maatregelen. Doelen moeten gaan over zaken die de gemeente echt zelf kan beïnvloeden. Het is daarnaast belangrijk dat het volgende college meer rekening houdt met externe factoren. Verder is een ander verbeterpunt dat de beleidstheorie achter de

10

jaarverslag 2025

collegetargets niet altijd geëxpliciteerd is. Ook wordt aandacht voor goede doelen stellen en evalueren bij collegetargets nog niet voldoende gebruikt bij doelstellingen die géén collegetarget zijn. Het rapport diende als input bij het verantwoordingsdebat op 26 februari 2026. Het is nog niet bekend wanneer de raadsbehandeling zal plaatsvinden.

Lopend onderzoek In 2025 zijn drie onderzoeken conform het onderzoeksprogramma 2025 gestart. Tabel 1-2: lopend onderzoek in 2025 Onderzoek

Publicatie opzet

Sportbeleid

24 juni 2025

Huiselijk geweld

4 december 2025

Wet Betaalbare Huur

18 december 2025

Sportbeleid Voldoende sporten en bewegen verlaagt de kans op gezondheidsproblemen, zoals hart- en vaatziekten, beroertes en diabetes type 2. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat investeringen in sport niet alleen gezondheidswinst opleveren, maar ook maatschappelijke én economische waarde kunnen creëren. Daarom zetten veel gemeenten, waaronder Rotterdam, in op het bevorderen van sportdeelname. Het Rotterdamse college ziet sport als een middel om gezondheid, kansengelijkheid en sociale cohesie te versterken. Om te beoordelen in hoeverre het gemeentelijk sportbeleid de sportdeelname daadwerkelijk bevordert, is de rekenkamer in juni 2025 gestart met een onderzoek. Centraal staat de vraag in hoeverre het gemeentelijke aanbod van sportvoorzieningen en het stimuleringsbeleid effectief zijn bij het bevorderen van de sportdeelname onder Rotterdammers. Voor het onderzoek kijkt de rekenkamer specifiek in drie gebieden naar de uitvoering van het gemeentelijk stimuleringsbeleid. Het definitieve rapport wordt naar verwachting rond de zomer van 2026 aangeboden aan de gemeenteraad. Huiselijk geweld De rekenkamer publiceerde op 4 december 2025 de opzet voor het onderzoek naar huiselijk geweld. In het onderzoek richt de rekenkamer zich op de wettelijke taken van de gemeente om huiselijk geweld tegen te gaan.

Dit betreft onder meer het inrichten van een Veilig Thuis- organisatie en het handhaven van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Daarnaast onderzoekt de rekenkamer of queer personen in Rotterdam de beschikbare ondersteuning bij huiselijk geweld ervaren als doeltreffend en inclusief. De centrale onderzoeksvraag luidt: Is de ondersteuning van Veilig Thuis Rotterdam-Rijnmond (VTRR) doeltreffend en is de beschikbare ondersteuning passend om queer personen in Rotterdam te beschermen? De uitvoering van het onderzoek is gestart in december 2025. Het rapport wordt naar verwachting na de zomer van 2026 aan de gemeenteraad aangeboden.

Wet Betaalbare Huur

11

jaarverslag 2025

De rekenkamer publiceerde op 18 december 2025 de opzet voor het onderzoek naar de Wet Betaalbare Huur, die sinds 1 juli 2024 van kracht is. De wet heeft als doel de betaalbaarheid van woningen te verbeteren door het afdwingen van een huurprijs die past bij de kwaliteit van de woning. Daarnaast beoogt de wet de rechtspositie van huurders te versterken en geeft zij gemeenten meer handhavingsmogelijkheden om op te treden tegen misstanden op de huurmarkt. Gemeenten zijn daarbij verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving van de maximale huurprijzen (inclusief verhogingen). De Rekenkamer Rotterdam wil kort na de invoering van de wet inzicht verschaffen in hoe de gemeente invulling geeft aan de nieuwe wettelijke taken en bevoegdheden. Het doel is om aan de hand van de eerste resultaten te beoordelen of de gemeentelijke uitvoering bijdraagt aan de naleving van de wet. Momenteel is het onderzoeksteam bezig met de uitvoering van het onderzoek. Het definitieve rapport wordt naar verwachting voor de zomer van 2026 aangeboden aan de gemeenteraad.

Opvolging aanbevelingen Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Met de invoering van de wet is het college verplicht jaarlijks te rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer aan het college. Het college van B en W heeft de raad op 17 maart 2026 geïnformeerd over de opvolging van de aanbevelingen. Het overzicht bevat alle openstaande aanbevelingen vanaf 2023 waarover de raad een besluit heeft genomen. In het overzicht is ten opzichte van voorgaande jaren meer aandacht besteed aan de uitwerking van de implementatie van de aanbevelingen. Hierdoor is beter navolgbaar wat er concreet is gebeurd. Verder stelt het college in de begeleidende brief voor aanbevelingen af te doen via een raadsbesluit als alle aanbevelingen van een rapport zijn opgevolgd. De rekenkamer constateert dat hiermee een transparante werkwijze is ontwikkeld die raadsleden zicht geeft op de opvolging van de aanbevelingen. Het college stelt voor de aanbevelingen van vier onderzoeken als afgedaan te beschouwen. De rekenkamer kan dit voorstel op basis van de gegeven toelichting onderschrijven.

Informatie over 213a onderzoeken Artikel 213a van de Gemeentewet verplicht het college tot periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Het gaat hierbij om zelfonderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid. Het college is verplicht verslag van het onderzoek uit te brengen. In 2025 is het college via een motie ('Onderzoek met oog voor resultaat') verzocht de structurele toepassing van artikel 213a beter te borgen. Het college is verzocht de bestaande verordening te evalueren en waar nodig te actualiseren. De motie heeft geleid tot een nieuwe verordening die in januari 2026 is aangenomen. In hoofdlijnen moet dit leiden tot een beter gestructureerde aanpak van de onderzoeken en een betere betrokkenheid van de raad. Ten eerste wordt op basis van een meerjarenprogramma jaarlijks een begrotingsprogramma onderzocht. Ten tweede wordt de raad vooraf geïnformeerd over het voorgenomen onderzoek en achteraf geïnformeerd over de uitkomsten. Verder wordt jaarlijks gerapporteerd over de

12

jaarverslag 2025

opvolging van de aanbevelingen die gedaan zijn in het kader van 213a onderzoeken. De rekenkamer is geconsulteerd over de wijzigingen en zal de verdere uitvoering met interesse volgen.

13

jaarverslag 2025

2

Rekenkamer Albrandswaard

Inleiding In 2025 heeft de rekenkamer Albrandswaard twee onderzoeken uit 2024 afgerond. Een nieuw onderzoek uit het onderzoeksprogramma 2025 is in het eerste kwartaal 2026 gepubliceerd. Het gaat om het toelichtingsonderzoek toegankelijkheid in Albrandswaard.

Gepubliceerd onderzoek Samen op zoek naar zicht Op 23 juni 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Samen op zoek naar zicht: onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond’. In de GRJR werken dertien gemeenten in de regio Rijnmond samen bij de inkoop van regionale jeugdhulp. De rekenkamer onderzocht voor de periode 2018-2024 of inkopen via de GRJR voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De rekenkamer heeft het onderzoek uitgevoerd voor alle zes gemeenten waarvoor het de rekenkamerfunctie vervult. 2 Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeenteraden hierover adequaat worden geïnformeerd. De conclusies zijn dat de GRJR vooruitgang boekte in de manier waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. Tegelijkertijd is verdere verbetering nodig. Zo schiet de taakomschrijving rond sturingsinformatie tekort. Dit leidt er onder andere toe dat gemeenteraden niet de informatie krijgen die nodig is voor hun controlerende taak. Verder is er gekozen voor resultaatgericht werken, maar zijn de resultaten van hulp niet goed in beeld. Ook worden de risico’s van het werken met systeemaanbieders nog onvoldoende beheerst en is er weinig grip op kosten. Samengevat kampt de samenwerking bij regionale jeugdhulp via de GRJR dus met een aantal knelpunten.

Verder zijn er ontwikkelingen in landelijk beleid die invloed hebben op de organisatie van regionale jeugdhulp, zoals de aanpassing van de Jeugdwet. Hoewel de conclusies en de landelijke ontwikkelingen aanpassingen vergen, pleit de rekenkamer niet voor een grote verandering in de wijze waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. De rekenkamer deed vijf aanbevelingen:

2 De gemeente Barendrecht en Rekenkamer Rotterdam zijn op 1 januari 2025 in goed overleg uit elkaar gegaan. In 2025 werden nog de lopende onderzoeken voor Barendrecht afgerond en gepubliceerd.

15

jaarverslag 2025

1 Handhaaf het gekozen inkoopmodel, maar maak het mogelijk om beter te sturen op resultaten. 2 Geef de GRJR formeel de taak (en middelen) om sturingsinformatie te verzamelen en regioanalyses te maken. 3 Neem beheersmaatregelen voor de risico’s van het model met systeemaanbieders. 4 Analyseer zorgvuldig en systematisch de oorzaken van de stijgende kosten. 5 Blijf systematisch zoeken naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken. Op 29 september 2025 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Beraad en Advies Welzijn van de gemeenteraad. Tijdens dezelfde commissievergadering stond het onderwerp als hamerstuk op de agenda, omdat het college alle aanbevelingen van de rekenkamer overneemt. Op 29 september 2025 besloot de gemeenteraad om ook alle aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Op 26 september 2025 publiceerde de rekenkamer de brief ‘DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht’. De rekenkamer heeft in 2024 namelijk deelgenomen aan het DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing. Dit zijn wettelijke plichten op het gebied van duurzaamheid voor bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken.

Het onderzoek werd uitgevoerd door de door de Vereniging voor Rekenkamers (VvR). Dit onderzoek leverde ook input voor het nationale onderzoek van de Algemene Rekenkamer naar de beide plichten. Ter verduidelijking en verdieping van de VvR-rapportagegegevens heeft de rekenkamer vragen gesteld aan de omgevingsdienst Milieudienst Rijnmond (DCMR). Op basis van de VvR-rapportages en deze antwoorden stelde de rekenkamer in de brief conclusies en aanbevelingen op voor Albrandswaard. De rekenkamer raadt onder meer aan DCMR’s periodieke voortgangsverslagen over de Energiebesparingsplicht met de raad te bespreken en DCMR ook een inschatting te laten maken van de gerealiseerde energiebesparing. Het college geeft in haar reactie aan de bevindingen in grote lijnen te herkennen en het belang van goede afspraken met de DCMR over uitvoering en monitoring te onderschrijven. De raad heeft het onderzoek voor kennisgeving aangenomen op 13 oktober 2025. Toelichtingsonderzoek toegankelijkheid Albrandswaard Op 19 februari 2026 publiceerde de rekenkamer Albrandswaard het ‘toelichtingsonderzoek toegankelijkheid’. Volgens schattingen heeft ongeveer één op de acht Nederlanders een beperking, fysiek of mentaal. Toegankelijkheid gaat over het wegnemen van drempels voor deze mensen. Gemeenten hebben op dit gebied onder meer de wettelijke plicht om een beleidsagenda op te stellen over toegankelijkheid.

Ook moeten ze laten toetsen of hun apps en websites ook goed te gebruiken zijn voor mensen met bijvoorbeeld een visuele of motorische beperking. In dit beknopte onderzoek bekeek de rekenkamer hoe de gemeente Albrandswaard zich inzet voor toegankelijkheid. In ons onderzoek presenteerden we ook goede voorbeelden van toegankelijkheidsbeleid die we tegenkwamen in ons onderzoek naar toegankelijkheidsbeleid en dienstverlening in Rotterdam uit 2025.

16

jaarverslag 2025

De onderzoeksvraag luidde: Waar werkt de gemeente Albrandswaard aan op het gebied van toegankelijkheid en op welke punten zou zij zich mogelijk kunnen laten inspireren door de werkwijzen en het beleid van de gemeente Rotterdam? Uit het onderzoek blijkt dat Albrandswaard werkt aan toegankelijkheid maar dat nog niet alles is geregeld. Want de gemeente werkt aan de toegankelijkheid van haar digitale dienstverlening en heeft een lokaal periodiek beleidskader over toegankelijkheid. De acties in dit kader zijn echter nog weinig concreet. Ook heeft de gemeente geen overzicht opgesteld van het toegankelijkheidsbeleid dat in haar lokale beleidskaders staat. Ze werkt waarschijnlijk maar beperkt aan het beter begaanbaar maken van de publieke ruimte. De rekenkamer raadt het college onder meer aan om gebruikerservaringsonderzoek uit te voeren voor albrandswaard.nl, om een overzicht te maken van het lokale toegankelijkheidsbeleid en om de volgende versie van het beleidskader concreter en ambitieuzer te maken. Het college geeft in zijn reactie aan dat het alle aanbevelingen overneemt. Het is op het moment van schrijven van dit jaarverslag nog niet bekend welk besluit de raad neemt over de aanbevelingen.

Opvolging aanbevelingen Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Met de invoering van de wet is het college verplicht jaarlijks te rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer. In de afgelopen jaren is door het college nog geen invulling gegeven aan deze verplichting.

Informatie over 213a onderzoeken Artikel 213a van de Gemeentewet verplicht het college tot periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Het gaat hierbij om zelfonderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid. Het college is verplicht verslag van het onderzoek uit te brengen. In de gemeentelijke verordening is vastgelegd hoe de raad bij de onderzoeken wordt betrokken en hierover wordt geïnformeerd. Het college dient de rekenkamer tijdig op de hoogte te stellen van de voorgenomen onderzoeken en een afschrift van deze onderzoeken toe te sturen. Dit is in 2025 gebeurd. Albrandswaard voerde in 2025 twee onderzoeken uit: naar de werking van de dienstverlening van het Klant Contact Centrum en de berekening van (interne) uurtarieven en de werking daarvan. De rapporten en het onderzoeksplan voor 2026 zijn ontvangen.

17

jaarverslag 2025

3

Rekenkamer Capelle aan den IJssel

Inleiding In 2025 heeft de rekenkamer Capelle aan den IJssel vier onderzoeken uit 2024 afgerond. Een nieuw onderzoek uit het onderzoeksprogramma 2025 is in het eerste kwartaal 2026 gepubliceerd. Het gaat om het toelichtingsonderzoek toegankelijkheid in Capelle aan den IJssel.

Gepubliceerd onderzoek Meer bereiken Op 20 maart 2025 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Meer bereiken: onderzoek naar lokale inkomensregelingen’. Dit onderzoek bekeek hoe het beleid en de lokale inkomensregelingen waren vormgegeven, of er voldoende werd gedaan om inwoners te en de ervaringen en behoeften van inwoners. Het onderzoek is gezamenlijk uitgevoerd voor de gemeenten Barendrecht, Capelle aan den IJssel en Lansingerland. 3

De rekenkamer concludeert dat deze gemeenten meer zouden kunnen bereiken voor hun inwoners. De onderzochte gemeenten hebben een uitgebreid aanbod aan regelingen om inwoners in (dreigende) armoede te ondersteunen. Maar er is niet goed in beeld of de gemeente wel de inwoners bereikt die ze wilt bereiken. Daarbij worden in de uitvoering kansen gemist. De gemeenten organiseren namelijk nog onvoldoende samenwerking tussen de betrokken maatschappelijke organisaties en gaan onvoldoende op zoek naar niet-bereikte inwoners om hen actief te informeren. Tot slot zijn de aanvraagprocedures onnodig ingewikkeld. Er worden meer bewijsstukken opgevraagd dan strikt noodzakelijk en informatie wordt onvoldoende hergebruikt of uitgewisseld. De rekenkamer heeft het onderzoek op 31 maart 2025 toegelicht in de commissie Samenleving en Economie van de gemeenteraad van Capelle aan den IJssel. De raad nam alle aanbevelingen van de rekenkamer over.

3 De gemeente Barendrecht en Rekenkamer Rotterdam zijn op 1 januari 2025 in goed overleg uit elkaar gegaan. In 2025 werden nog de lopende onderzoeken voor Barendrecht afgerond en gepubliceerd.

19

jaarverslag 2025

Samen op zoek naar zicht Op 23 juni 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Samen op zoek naar zicht: onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond’. In de GRJR werken dertien gemeenten in de regio Rijnmond samen bij de inkoop van regionale jeugdhulp. De rekenkamer onderzocht voor de periode 2018-2024 of inkopen via de GRJR voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De rekenkamer heeft het onderzoek uitgevoerd voor alle zes gemeenten waarvoor het de rekenkamerfunctie vervult. Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeenteraden hierover adequaat worden geïnformeerd. De conclusies zijn dat de GRJR vooruitgang boekte in de manier waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. Tegelijkertijd is verdere verbetering nodig. Zo schiet de taakomschrijving rond sturingsinformatie tekort. Dit leidt er onder andere toe dat gemeenteraden niet de informatie krijgen die nodig is voor hun controlerende taak. Verder is er gekozen voor resultaatgericht werken, maar zijn de resultaten van hulp niet goed in beeld. Ook worden de risico’s van het werken met systeemaanbieders nog onvoldoende beheerst en is er weinig grip op kosten. Samengevat kampt de samenwerking bij regionale jeugdhulp via de GRJR dus met een aantal knelpunten.

Verder zijn er ontwikkelingen in landelijk beleid die invloed hebben op de organisatie van regionale jeugdhulp, zoals de aanpassing van de Jeugdwet. Hoewel de conclusies en de landelijke ontwikkelingen aanpassingen vergen, pleit de rekenkamer niet voor een grote verandering in de wijze waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. De rekenkamer deed vijf aanbevelingen: 1 Handhaaf het gekozen inkoopmodel, maar maak het mogelijk om beter te sturen op resultaten. 2 Geef de GRJR formeel de taak (en middelen) om sturingsinformatie te verzamelen en regioanalyses te maken. 3 Neem beheersmaatregelen voor de risico’s van het model met systeemaanbieders. 4 Analyseer zorgvuldig en systematisch de oorzaken van de stijgende kosten. 5 Blijf systematisch zoeken naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken. Op 1 juli 2025 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Samenleving en Economie van de gemeenteraad. Aansluitend aan de technische toelichting heeft de commissie het debat over het rapport gevoerd met de wethouder Jeugdbeleid. Op 10 juli 2025 heeft de gemeenteraad besloten om alle aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Op 26 september 2025 publiceerde de rekenkamer de brief ‘DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht’.

De rekenkamer heeft in 2024 namelijk deelgenomen aan het DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing. Dit zijn wettelijke plichten op het gebied van duurzaamheid voor bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken. Het onderzoek werd uitgevoerd door de door de Vereniging voor Rekenkamers (VvR). Dit onderzoek leverde ook input voor het nationale onderzoek

20

jaarverslag 2025

van de Algemene Rekenkamer naar de beide plichten. Ter verduidelijking en verdieping van de VvR-rapportagegegevens heeft de rekenkamer vragen gesteld aan de omgevingsdienst Milieudienst Rijnmond (DCMR). Op basis van de VvR-rapportages en deze antwoorden stelde de rekenkamer in de brief conclusies en aanbevelingen op voor Capelle aan den IJssel. De rekenkamer raadt onder meer aan DCMR’s periodieke voortgangsverslagen over de Energiebesparingsplicht met de raad te bespreken en DCMR ook een inschatting te laten maken van de gerealiseerde energiebesparing. Het college geeft in haar reactie aan de aanbevelingen te onderschrijven. Op 24 februari 2026 is de brief in de Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer toegelicht. Op 9 maart 2026 besloot de raad ‘de in de rekenkamerbrief opgenomen drie aanbevelingen over te nemen met inachtneming van de reactie van het college’.

Resultaat op achterstand Op 18 december 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Resultaat op achterstand: onderzoek naar het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid’. De rekenkamer onderzocht of de gemeente van Capelle aan den IJssel erin geslaagd is het onderwijsachterstandenbeleid doeltreffend en doelmatig uit te voeren. Dit onderzoek laat zien dat de gemeente een ruimhartig beleid heeft gevoerd. Relatief veel peuters komen in aanmerking voor voorschoolse educatie en de gemeente bood een aanvullende subsidieregeling voor activiteiten voor kinderen tot en met 12 jaar. De gemeente streefde ernaar om 70% van de peuters uit de doelgroep te bereiken, maar dat is niet gelukt. Het bereik lag in 2023 en 2024 lager dan 60%. Verder concludeert de rekenkamer dat de gemeenteoverleg voert met kinderopvangorganisaties en scholen, maar niet over alle wettelijke verplichte thema’s afspraken maakt. Van de aanvullende subsidieregeling voor kinderen tot en met 12 jaar is het resultaat onbekend. Uit de conclusies volgen een drietal aanbevelingen. Ten eerste beveelt de rekenkamer aan om de toeleiding naar voorschoolse educatie te verbeteren, zodat er meer peuters kunnen worden bereikt. Met de tweede aanbeveling roept de rekenkamer het college op om de wettelijk verplichte afspraken te maken en jaarlijks te monitoren of deze nog voldoen.

Ten slotte beveelt de rekenkamer aan om concrete doelen op te stellen voor zowel de toeleiding als de afspraken met betrokken organisaties en deze doelen in het beleid vast te leggen en te monitoren. Het rapport is op 2 februari 2026 door de gemeenteraad behandeld. De gemeenteraad heeft alle aanbevelingen overgenomen.

21

jaarverslag 2025

Toelichtingsonderzoek toegankelijkheid Capelle aan den IJssel Op 19 februari 2026 publiceerde de rekenkamer Capelle aan den IJssel het ‘toelichtingsonderzoek toegankelijkheid’. Volgens schattingen heeft ongeveer één op de acht Nederlanders een beperking, fysiek of mentaal. Toegankelijkheid gaat over het wegnemen van drempels voor deze mensen. Gemeenten hebben op dit gebied onder meer de wettelijke plicht om een beleidsagenda op te stellen over toegankelijkheid. Ook moeten ze laten toetsen of hun apps en websites ook goed te gebruiken zijn voor mensen met bijvoorbeeld een visuele of motorische beperking. In dit beknopte onderzoek bekeek de rekenkamer hoe de gemeente Capelle aan den IJssel zich inzet voor toegankelijkheid. In ons onderzoek presenteerden we ook goede voorbeelden van toegankelijkheidsbeleid die we tegenkwamen in ons onderzoek naar toegankelijkheidsbeleid en dienstverlening in Rotterdam uit 2025. De onderzoeksvraag luidde: Waar werkt de gemeente Capelle aan den IJssel aan op het gebied van toegankelijkheid en op welke punten zou zij zich mogelijk kunnen laten inspireren door de werkwijzen en het beleid van de gemeente Rotterdam? Uit het onderzoek blijkt dat Capelle aan den IJssel werkt aan toegankelijkheid. Want de gemeente werkt voortvarend aan de toegankelijkheid van haar digitale dienstverlening en heeft een lokaal periodiek beleidskader over toegankelijkheid.

De acties in dit kader zijn echter nog weinig concreet. Ook heeft de gemeente geen overzicht opgesteld van het toegankelijkheidsbeleid dat in haar lokale beleidskaders staat en zijn haar ambities bescheiden op het gebied van begaanbare publieke ruimte. De rekenkamer raadt het college onder meer aan om gebruikerservaringsonderzoek uit te voeren voor capelleaandenijssel.nl, om een overzicht te maken van het lokale toegankelijkheidsbeleid en om de volgende versie van het beleidskader concreter te maken. Het college geeft in zijn reactie aan dat het alle aanbevelingen overneemt. Het rapport is op 3 maart 2026 in de commissie Samenleving en Economie toegelicht. Op 9 maart heeft de raad besloten alle aanbevelingen over te nemen.

Opvolging aanbevelingen Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Met de invoering van de wet is het college verplicht jaarlijks te rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer. Het college verantwoordt zich twee keer per jaar over de opvolging van de aanbevelingen: in de begroting en in de jaarstukken. Hierin wordt (in de paragraaf bedrijfsvoering) een totaaloverzicht gegeven van actuele plannen van aanpak die door de raad zijn vastgesteld naar aanleiding van uitgebrachte rekenkamerrapporten. In de begroting 2026 zijn de ontwikkelingen bij plannen van aanpak van ‘Gebiedsontwikkeling het Nieuwe Rivium', van de onderzoeken rond het woonbeleid en van het DoeMee-onderzoek klachtbehandeling uitgebreid toegelicht. Voor het onderzoek inkomensregeling is in september 2025 een plan van aanpak vastgesteld. Voor het onderzoek naar de GRJR was nog geen vastgesteld plan van aanpak beschikbaar bij het verschijnen van de begroting.

22

jaarverslag 2025

Informatie over 213a onderzoeken Artikel 213a van de Gemeentewet verplicht het college tot periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Het gaat hierbij om zelfonderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid. Het college is verplicht verslag van het onderzoek uit te brengen. In de gemeentelijke verordening is vastgelegd hoe de raad bij de onderzoeken wordt betrokken en hierover wordt geïnformeerd. Het college dient de rekenkamer tijdig op de hoogte te stellen van de voorgenomen onderzoeken en een afschrift van deze onderzoeken toe te sturen. In 2025 is geen specifiek onderzoek uitgevoerd, maar ingezet op uitwisseling met andere gemeenten over mogelijkheden de eigen begroting robuuster te maken. In de Auditcommissie van oktober 2025 heeft afstemming plaatsgevonden met de rekenkamer (en de externe accountant) over onderzoeken, waaronder 213a onderzoek. Het onderzoeksplan voor 2026 is op 17 maart 2026 vastgesteld. De rekenkamer heeft het onderzoeksplan ontvangen.

23

jaarverslag 2025

4

Rekenkamer Krimpen aan den IJssel

Inleiding In 2025 heeft de rekenkamer Krimpen aan den IJssel twee onderzoeken uit 2024 afgerond. Een nieuw onderzoek uit het onderzoeksprogramma 2025 is in het eerste kwartaal 2026 gepubliceerd. Het gaat om het toelichtingsonderzoek toegankelijkheid in Krimpen aan den IJssel.

Gepubliceerd onderzoek Samen op zoek naar zicht Op 23 juni 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Samen op zoek naar zicht: onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond’. In de GRJR werken dertien gemeenten in de regio Rijnmond samen bij de inkoop van regionale jeugdhulp. De rekenkamer onderzocht voor de periode 2018-2024 of inkopen via de GRJR voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De rekenkamer heeft het onderzoek uitgevoerd voor alle zes gemeenten waarvoor het de rekenkamerfunctie vervult. 4 Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeenteraden hierover adequaat worden geïnformeerd. De conclusies zijn dat de GRJR vooruitgang boekte in de manier waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. Tegelijkertijd is verdere verbetering nodig. Zo schiet de taakomschrijving rond sturingsinformatie tekort. Dit leidt er onder andere toe dat gemeenteraden niet de informatie krijgen die nodig is voor hun controlerende taak. Verder is er gekozen voor resultaatgericht werken, maar zijn de resultaten van hulp niet goed in beeld. Ook worden de risico’s van het werken met systeemaanbieders nog onvoldoende beheerst en is er weinig grip op kosten. Samengevat kampt de samenwerking bij regionale jeugdhulp via de GRJR dus met een aantal knelpunten.

Verder zijn er ontwikkelingen in landelijk beleid die invloed hebben op de organisatie van regionale jeugdhulp, zoals de aanpassing van de Jeugdwet. Hoewel de conclusies en de landelijke ontwikkelingen aanpassingen vergen, pleit de rekenkamer niet voor een grote verandering in de wijze waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. De rekenkamer deed vijf aanbevelingen: 1 Handhaaf het gekozen inkoopmodel, maar maak het mogelijk om beter te sturen op resultaten.

4 De gemeente Barendrecht en Rekenkamer Rotterdam zijn op 1 januari 2025 in goed overleg uit elkaar gegaan. In 2025 werden nog de lopende onderzoeken voor Barendrecht afgerond en gepubliceerd.

25

jaarverslag 2025

2 Geef de GRJR formeel de taak (en middelen) om sturingsinformatie te verzamelen en regioanalyses te maken. 3 Neem beheersmaatregelen voor de risico’s van het model met systeemaanbieders. 4 Analyseer zorgvuldig en systematisch de oorzaken van de stijgende kosten. 5 Blijf systematisch zoeken naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken. Op 11 september 2025 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport bij de Beeldvormende commissie van de gemeenteraad. Twee raadsrapporteurs onderschreven in een memo de hoofdconclusie en aanbevelingen van de Rekenkamer en zagen hierin een belangrijke basis voor verdere verbetering van de informatievoorziening richting de raad. Op 25 september 2025 heeft de gemeenteraad besloten om alle aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Op 30 september 2025 publiceerde de rekenkamer de brief ‘DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht’. De rekenkamer heeft in 2024 namelijk deelgenomen aan het DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing. Dit zijn wettelijke plichten op het gebied van duurzaamheid voor bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3 aardgas gebruiken. Het onderzoek werd uitgevoerd door de door de Vereniging voor Rekenkamers (VvR).

Dit onderzoek leverde ook input voor het nationale onderzoek van de Algemene Rekenkamer naar de beide plichten. Ter verduidelijking en verdieping van de VvR-rapportagegegevens heeft de rekenkamer vragen gesteld aan de omgevingsdienst Milieudienst Rijnmond (DCMR). Op basis van de VvR-rapportages en deze antwoorden stelde de rekenkamer in de brief conclusies en aanbevelingen op voor Krimpen aan den IJssel. De rekenkamer raadt onder meer aan DCMR’s periodieke voortgangsverslagen over de Energiebesparingsplicht met de raad te bespreken en DCMR ook een inschatting te laten maken van de gerealiseerde energiebesparing. Het college gaat in haar reactie niet gestructureerd in op de aanbevelingen. Ze geeft onder andere aan dat ze sinds 2014 meerdere initiatieven heeft ontplooid met betrekking tot energiebesparing, waaronder ondersteuning aan bedrijven. De brief is nog niet door de raad behandeld. Toelichtingsonderzoek toegankelijkheid Krimpen aan den IJssel Op 16 februari 2026 publiceerde de rekenkamer Krimpen aan den IJssel het ‘toelichtingsonderzoek toegankelijkheid’. Volgens schattingen heeft ongeveer één op de acht Nederlanders een beperking, fysiek of mentaal. Toegankelijkheid gaat over het wegnemen van drempels voor deze mensen. Gemeenten hebben op dit gebied onder meer de wettelijke plicht om een beleidsagenda op te stellen over toegankelijkheid.

Ook moeten ze laten toetsen of hun apps en websites ook goed te gebruiken zijn voor mensen met bijvoorbeeld een visuele of motorische beperking. In dit beknopte onderzoek bekeek de rekenkamer hoe de gemeente Krimpen aan den IJssel zich inzet voor toegankelijkheid. In ons onderzoek presenteerden we ook goede voorbeelden van toegankelijkheidsbeleid die we tegenkwamen in ons onderzoek naar toegankelijkheidsbeleid en dienstverlening in Rotterdam uit 2025.

26

jaarverslag 2025

De onderzoeksvraag luidde: Waar werkt de gemeente Krimpen aan den IJssel aan op het gebied van toegankelijkheid en op welke punten zou zij zich mogelijk kunnen laten inspireren door de werkwijzen en het beleid van de gemeente Rotterdam? Uit het onderzoek blijkt dat Krimpen aan den IJssel werkt aan toegankelijkheid. Want de gemeente werkt voortvarend aan de toegankelijkheid van haar digitale dienstverlening en is bezig met het opstellen van een lokaal beleidskader over toegankelijkheid. De conceptversie van dit kader, biedt ruimte om concreter te zijn. Ook heeft de gemeente geen overzicht opgesteld van het toegankelijkheidsbeleid dat in haar lokale beleidskaders staat en werkt ze slechts beperkt aan voor iedereen begaanbare publieke ruimte. De rekenkamer raadt het college onder meer aan om gebruikerservaringsonderzoek uit te voeren voor krimpenaandenijssel.nl, een overzicht te maken van het lokale toegankelijkheidsbeleid en het beleidskader concreter te maken. Het college geeft in zijn reactie aan dat het alle aanbevelingen overneemt. Het is op het moment van schrijven van dit jaarverslag nog niet bekend welk besluit de raad neemt over de aanbevelingen.

Opvolging aanbevelingen Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Met de invoering van de wet is het college verplicht jaarlijks te rapporteren over de opvolging en afdoening van aanbevelingen van de rekenkamer. In de afgelopen jaren is door het college nog geen invulling gegeven aan deze verplichting.

Informatie over 213a onderzoeken Artikel 213a van de Gemeentewet verplicht het college tot periodiek onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het gevoerde bestuur. Het gaat hierbij om zelfonderzoek naar doelmatigheid en doeltreffendheid van het gemeentelijk beleid. Het college is verplicht verslag van het onderzoek uit te brengen. In de gemeentelijke verordening is vastgelegd hoe de raad bij de onderzoeken wordt betrokken en hierover wordt geïnformeerd. Het college dient de rekenkamer tijdig op de hoogte te stellen van de voorgenomen onderzoeken en een afschrift van deze onderzoeken toe te sturen. De rekenkamer heeft geen informatie ontvangen over uitgevoerde onderzoeken in 2025 en voorgenomen onderzoeken in 2026.

27

jaarverslag 2025

5

Rekenkamer Lansingerland

Inleiding In 2025 heeft de rekenkamer Lansingerland vier onderzoeken uit 2024 afgerond. Een nieuw onderzoek uit het onderzoeksprogramma 2025 is in het eerste kwartaal 2026 gepubliceerd. Het gaat om het toelichtingsonderzoek toegankelijkheid in Lansingerland.

Gepubliceerd onderzoek Meer bereiken Op 20 maart 2025 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Meer bereiken: onderzoek naar lokale inkomensregelingen’. Dit onderzoek bekeek hoe het beleid en de lokale inkomensregelingen waren vormgegeven, of er voldoende werd gedaan om inwoners te en de ervaringen en behoeften van inwoners. Het onderzoek is gezamenlijk uitgevoerd voor de gemeenten Barendrecht, Capelle aan den IJssel en Lansingerland. 5 De rekenkamer concludeert dat deze gemeenten meer zouden kunnen bereiken voor hun inwoners. De onderzochte gemeenten hebben een uitgebreid aanbod aan regelingen om inwoners in (dreigende) armoede te ondersteunen. Maar er is niet goed in beeld of de gemeente wel de inwoners bereikt die ze wilt bereiken. Daarbij worden in de uitvoering kansen gemist. De gemeenten organiseren namelijk nog onvoldoende samenwerking tussen de betrokken maatschappelijke organisaties en gaan onvoldoende op zoek naar nietbereikte inwoners om hen actief te informeren. Tot slot zijn de aanvraagprocedures onnodig ingewikkeld. Er worden meer bewijsstukken opgevraagd dan strikt noodzakelijk en informatie wordt onvoldoende hergebruikt of uitgewisseld. De rekenkamer heeft het onderzoek op 9 april 2025 toegelicht in de commissie Samenleving van de gemeenteraad van Lansingerland.

Op 10 april 2025 heeft de rekenkamer in een brief aanvullend toegelicht welke mogelijkheden er zijn om bestaande gegevens beter te benutten. De raad nam alle aanbevelingen van de rekenkamer over.

5 De gemeente Barendrecht en Rekenkamer Rotterdam zijn op 1 januari 2025 in goed overleg uit elkaar gegaan. In 2025 werden nog de lopende onderzoeken voor Barendrecht afgerond en gepubliceerd.

29

jaarverslag 2025

Samen op zoek naar zicht Op 23 juni 2025 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Samen op zoek naar zicht: onderzoek GR Jeugdhulp Rijnmond’. In de GRJR werken dertien gemeenten in de regio Rijnmond samen bij de inkoop van regionale jeugdhulp. De rekenkamer onderzocht voor de periode 2018-2024 of inkopen via de GRJR voldoet aan de verwachtingen van regionaal samenwerken. De rekenkamer heeft het onderzoek uitgevoerd voor alle zes gemeenten waarvoor het de rekenkamerfunctie vervult. Centraal staat de vraag in hoeverre de GRJR de regionale jeugdhulp op een effectieve en efficiënte manier organiseert en of de gemeenteraden hierover adequaat worden geïnformeerd. De conclusies zijn dat de GRJR vooruitgang boekte in de manier waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. Tegelijkertijd is verdere verbetering nodig. Zo schiet de taakomschrijving rond sturingsinformatie tekort. Dit leidt er onder andere toe dat gemeenteraden niet de informatie krijgen die nodig is voor hun controlerende taak. Verder is er gekozen voor resultaatgericht werken, maar zijn de resultaten van hulp niet goed in beeld. Ook worden de risico’s van het werken met systeemaanbieders nog onvoldoende beheerst en is er weinig grip op kosten. Samengevat kampt de samenwerking bij regionale jeugdhulp via de GRJR dus met een aantal knelpunten.

Verder zijn er ontwikkelingen in landelijk beleid die invloed hebben op de organisatie van regionale jeugdhulp, zoals de aanpassing van de Jeugdwet. Hoewel de conclusies en de landelijke ontwikkelingen aanpassingen vergen, pleit de rekenkamer niet voor een grote verandering in de wijze waarop de regionale jeugdhulp is georganiseerd. De rekenkamer deed vijf aanbevelingen: 1 Handhaaf het gekozen inkoopmodel, maar maak het mogelijk om beter te sturen op resultaten. 2 Geef de GRJR formeel de taak (en middelen) om sturingsinformatie te verzamelen en regioanalyses te maken. 3 Neem beheersmaatregelen voor de risico’s van het model met systeemaanbieders. 4 Analyseer zorgvuldig en systematisch de oorzaken van de stijgende kosten. 5 Blijf systematisch zoeken naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken. Op 9 juli 2025 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Samenleving tijdens een beeldvormende avond van de gemeenteraad. Aansluitend aan de technische toelichting heeft de commissie het debat over het rapport gevoerd met de wethouder. Op 25 september 2025 heeft de gemeenteraad besloten om alle aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht en informatieplicht energiebesparing Op 9 oktober 2025 publiceerde de rekenkamer de brief ‘DoeMee-onderzoek energiebesparingsplicht’.

De rekenkamer heeft in 2024 namelijk deelgenomen aan het DoeMee-onderzoek naar de Energiebesparingsplicht en Informatieplicht Energiebesparing. Dit zijn wettelijke plichten op het gebied van duurzaamheid voor bedrijven en instellingen die jaarlijks meer dan 50.000 kWh stroom of 25.000 m3

30

jaarverslag 2025

aardgas gebruiken. Het onderzoek werd uitgevoerd door de door de Vereniging voor Rekenkamers (VvR). Dit onderzoek leverde ook input voor het nationale onderzoek van de Algemene Rekenkamer naar de beide plichten. Ter verduidelijking en verdieping van de VvR-rapportagegegevens heeft de rekenkamer vragen gesteld aan de omgevingsdienst Milieudienst Rijnmond (DCMR). Op basis van de VvR-rapportages en deze antwoorden stelde de rekenkamer in de brief conclusies en aanbevelingen op voor Lansingerland. De rekenkamer raadt onder meer aan DCMR’s periodieke voortgangsverslagen over de Energiebesparingsplicht met de raad te bespreken en DCMR ook een inschatting te laten maken van de gerealiseerde energiebesparing. Het college nam een aanbeveling over, een aanbeveling niet over en over twee aanbevelingen deed ze nog geen duidelijke uitspraak. De raad heeft in januari 2026 besloten geen van de aanbevelingen over te nemen. Zicht op Wmo-ondersteuning De rekenkamer publiceerde op 30 oktober 2025 het rapport ‘Zicht op Wmo-ondersteuning’. Met dit onderzoek bracht de rekenkamer in kaart in hoeverre de gemeente Lansingerland zicht heeft op de kwaliteit en de resultaten van de Wmo.

Daarvoor keek de rekenkamer naar de mate waarin de gemeente Lansingerland kwaliteitseisen stelt aan Wmoaanbieders, in hoeverre de gemeente zicht heeft op de uitvoering en resultaten van de Wmo, en de wijze waarop bevindingen over de kwaliteit en resultaten doorwerking vinden in beleid en uitvoering. De rekenkamer concludeert dat de gemeente weliswaar een goede structuur heeft om zicht te houden op de kwaliteit en resultaten van de uitvoering van de Wmo, maar dat de structuur in de praktijk niet effectief is. De rekenkamer stelt vast dat de gemeente de meeste aanbieders niet structureel spreekt en dat ze signalen over de kwaliteit niet proactief ophaalt bij cliënten. Bovendien heeft de gemeente haar beleidsdoelen niet geoperationaliseerd, is de monitoring van de Wmo vooral gericht op het proces en financiën en is de informatie aan de gemeenteraad over de Wmo voor een groot deel financieel van aard of gericht op incidenten in plaats van resultaten. Ten slotte zijn de afspraken met aanbieders van Wmo-voorzieningen niet altijd volledig of helder. In de praktijk leidt dit ertoe dat het zicht op de kwaliteit en resultaten van de Wmo te beperkt is. De rekenkamer heeft daarom de volgende aanbevelingen gedaan: 1 Haal proactief signalen op bij aanbieders en cliënten van Wmo-ondersteuning.

2 Geef inzicht in resultaten door de beleidsdoelen te operationaliseren en informeer de raad over de resultaten. 3 Ontwikkel een afwegingskader waarmee de gemeenteraad geld en capaciteit kan wegen tegen het realiseren van beleidsdoelen. 4 Besteed in het afwegingskader aandacht aan professionalisering van het informatie- en registratiesysteem, en de afspraken die de gemeente maakt met aanbieders over kwaliteit en verantwoording. Het college heeft in reactie op het rapport laten weten alle aanbevelingen over te nemen. De rekenkamer heeft het onderzoek toegelicht aan de gemeenteraad tijdens de beeldvormingsavond van 21 januari 2026. Het rapport is op 5 februari 2026

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17079943/1