CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

05.01 - Conceptnotulen raadsvergadering 15 december 2025

Gemeenteraad 2 februari 2026, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Vaststellen notulen raadsvergadering 15 december 202525.450 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Nou even goed luisteren en niet gaan lachen, ik vond het ook helemaal niet humoristisch, en ik neem aan dat dat gelach niet van mijn spreektijd af gaat, voorzitter! Voorzitter, beste mensen, niet iedereen heeft goede herinneringen aan zijn of haar kerkelijke jeugd, maar velen ervaren nog dagelijks de warmte en de verbondenheid van het bezield verband waar ze deel van uitmaken. En, voorzitter, dan is de vraag: waaruit bestaat die kracht dan daarvan en wat zijn we nu eigenlijk kwijtgeraakt? Naar mijn stellige overtuiging heeft dat alles te maken met het feit dat een kerkgemeenschap een morele, een waardengemeenschap is: een gemeenschap waarin men handelt en leeft vanuit een gedeeld kader van normen en waarden, dat ook morele plichten bevat. En ook een gedeelde basis van overtuiging waar je elkaar op kunt aanspreken, wat het handelen van het individu en van de groep normeert. En voorzitter: de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we dat wel met elkaar een beetje kwijt zijn geraakt, en dat zien we terug in de problemen die dit koersdocument ook schetst. Daarin zien we de gebrokenheid van de wereld waarin we leven. Wij mensen maken er een potje van, we jagen onszelf en elkaar over de kop. We kiezen vaker voor onszelf dan voor een ander. We geven meer uit dan we kunnen betalen en daar betalen we een hoge prijs voor als individu en als samenleving.

Dit koersdocument laat ook zien waar wij als overheid tekort hebben geschoten. We spreken bij ruimtelijke ontwikkelingen wel eens over het publieke tekort. Daarover kunnen we ook spreken bij maatschappelijke ontwikkelingen. Wij hebben het ook als overheid laten gebeuren, en misschien wel aangemoedigd, dat we nu in een hypernerveuze materialistische en individualistische samenleving zijn terechtgekomen. Dit koersdocument zegt dat wij gemeenschappen weer moeten herstellen en verstevigen, dat omzien naar elkaar kan helpen, voor elkaar klaar staan. Dat zijn terechte noties, maar het vraagt ook erkenning van het feit dat onze samenleving dan een morele en waardengemeenschap moet zijn, een gemeenschap waarin we met elkaar rechten en plichten hebben en elkaar daarop aanspreken. Al die ontwikkelingen die we zien komen ook ergens vandaan. Dat zijn geen natuurverschijnselen. Terecht dat er meer nadruk komt op preventie, maar we moeten elkaar ook in onze samenleving durven corrigeren, wijzen op klassieke deugden als matigheid, trouw en naastenliefde. En, voorzitter, dat vraagt een overheid die ook weer normerend durft op te treden, die maatschappelijke ontwikkelingen niet op z’n beloop laat, maar die de oorzaken aanpakt. Dat brengt mij bij een vraag aan het college.

Is de wethouder het met mij eens dat we in de uitwerking van deze samenlevingsagenda ook expliciet moeten ingaan op die normerende en corrigerende rol die de overheid in deze samenleving te spelen heeft, hoe we dan in Capelle tegen de stroom in gaan roeien als het gaat om prestatiedruk, egoïsme, verslaving en schulden? Voorzitter. Het document doet terecht een beroep op de kracht van gemeenschappen, van de samenleving, terechte nadruk op samenredzaamheid . . . . De VOORZITTER: Let u op uw tijd, mijnheer Van Buuren? De heer VAN BUUREN: Ja, dat was exclusief lachen!

251215

Pagina 33 van 39

De VOORZITTER: Daarvoor krijgt u tien seconden extra! De heer VAN BUUREN: Tegelijkertijd bevat het koersdocument nog weinig handvatten hoe we dat dan gaan doen. Wat gaat dit college nu doen om die samenredzaamheid te versterken? En, voorzitter, een derde vraag. De opgave is groot. Het koersdocument spreekt met bescheidenheid over de financiële middelen die daarvoor nodig zijn. Onze vraag aan het college is wel om onbevangen naar de benodigde financiële middelen te kijken en niet vooraf het ambitieniveau te begrenzen. Het is naar onze mening van belang dat we echt de integrale afweging maken als raad welk prijskaartje we accepteren, gelet op wat de agenda straks benoemt als zijnde noodzakelijk en wenselijk. Voorzitter. We zijn blij dat we als raad bij de uitwerking intensief betrokken raken. Het presidium heeft er ook al even over gesproken om eventueel via werkateliers en regelmatige bespreking in de commissie bij dit proces betrokken te zijn. We zien ernaar uit. Dank u wel. De VOORZITTER: U ziet: ik ben ruim met de tijd omgegaan, maar dat kwam ook door de humor – het is maar hoe je ernaar kijkt – in het begin van uw bijdrage. Dan is het woord aan mevrouw Roos. Mevrouw ROOS: Dank, voorzitter. We hebben het over een mooi en ambitieus document. Wel bestond er in de commissie enige twijfel over wat nou te doen met zo'n koersdocument, ook van onze kant.

Nog steeds hebben we hier lichtelijk twijfel over. We kunnen ons zeker in de strekking van het document vinden, maar omdat het zo breed en algemeen is, zoeken we nog steeds wel naar meer richting en specificaties. We vinden het bijvoorbeeld belangrijk dat in de uitwerking de aandacht voor de kwetsbare Capellenaar wordt benadrukt en dat ook aansluiting wordt gezocht bij de omgevingsagenda. Om dus echt te begrijpen hoe dit document richting gaat geven aan concreet beleid is meer aandacht nodig voor die hoe-vraag. We begrijpen echter wel de keuze voor het gekozen proces, omdat het gesprek over deze belangrijke onderwerpen wel op deze wijze nog terug is kunnen komen in de raad. Met de collegebrief is meer duidelijkheid gekomen over het vervolgproces, waarvoor dank. We zien daar voldoende mogelijkheden in voor grip door de raad en informatievoorziening, dus we kunnen instemmen met het stuk. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan is het woord aan de heer Eilander. De heer EILANDER: Nu moet ik toch naar mijn spreektijd gaan kijken en dan hoop ik maar dat u wat coulant bent, ook met mijn eerste opmerking over Rivium; die heb ik dan maar in algemeenheid gemaakt, hoop ik, en anders ga ik misschien als commissievoorzitter nog wat zeggen. Als de bijlage niet nodig was geweest, voorzitter, had het zomaar een hamerstuk kunnen worden.

Dat zou voor mijn fractie te kort door de bocht zijn voor zo'n belangrijk stuk als een samenlevingsagenda, tenminste: het uitzetten van de koers daarvan, met dank voor de bijlage met de beantwoording van de algemene vragen en verdiepingsvraagstukken. Voor ons is dat voor nu voldoende borging om dit document vast te stellen. Daarmee zou ik kunnen stoppen, maar ik wil er toch graag wat meer over zeggen. De samenlevingsagenda is een belangrijk stuk voor ons als raad en college, dat richting gaat geven, goed weergegeven in het Beleidshuis op pagina 8. Het is samen met de omgevingsagenda de vertaling van de Stadvisie, ook wel de kapstok genoemd, hoewel ik het liever een klerenhanger zou noemen, en die wil ik ook echt even laten zién. De visie is dan de haak, de omgevingsagenda en de samenlevingsagenda de armen waaraan je de juiste stukken gaat ophangen, en die moeten wel in balans zijn. Zo vaak denken wij aan stenen of zo, het is hard en zacht samen. Het is een samenlevingsagenda en omgevingsagenda samen om tot vraagstukken te komen. Bouwen, maar het is ook wonen, en dat samen, en dat alles voor een leefbaar Capelle. Maar dit is niet voor jullie voor de verkiezingen, dit was óns leefbaar Capelle. Laat me nog iets zeggen over het proces bij de commissie, want dat heeft mij, als voorzitter, wel een beetje dwarsgezeten.

Het was niet altijd de leukste commissievergadering waarin we het moesten

251215

Pagina 34 van 39

behandelen en ik zag echt wel bij de organisatie een aantal ambtelijke organisatiemensen mopperen en ik kan me dat goed voorstellen. We hebben ons best gedaan om daaraan met deze bijlage inhoud te geven. Ik denk dat het belangrijk is voor de toekomst om daarvan te leren. Waar we bij de Stadsvisie en de omgevingsagenda aan de voorkant ruim betrokken waren via raadswerkgroepen, was dat bij deze duidelijk minder. Ik baal er eigenlijk wel van dat we dat hebben laten gebeuren met z’n allen. Ik ben heel blij met de toezegging in de collegebrief dat we met de raadswerkgroep Werkatelier echt die verdieping met elkaar gaan maken, want dat hebben we keihard nodig als stad om het samen te doen. Ik hoop dat daarmee iets van het ongenoegen van de ambtelijke organisatie weg is, en ik zie gelukkig een paar mensen weer blij kijken, dat doet mij deugd, want het was niet zoals het hoorde. Daarmee denk ik dat wij prima kunnen eindigen met dit stuk en doorgaan naar de nieuwe raad, wel met de oproep van de heer Van Buuren, die ik graag ook meegeef: geef onze kerken een mooie plek met al die organisaties in onze samenleving, zodat we samen verder kunnen. Gezien de tijd wil ik het daarbij laten. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan is het woord aan mevrouw Den Engelsman. Mevrouw DEN ENGELSMAN: Dank u wel, voorzitter.

Het CDA is blij met deze samenlevingsagenda, in ieder geval de koers daartoe die we gaan nemen met z’n allen, zowel raad als college. Ons burgerraadslid Nico van Buren heeft er al goed bij stilgestaan in de commissie. Het is goed dat we naast alle bouwplannen, die 10.000 woningen die er dadelijk gaan komen, ook in ieder geval richting die samenleving gaan met elkaar en wat het effect is op de Capellenaren, de zachte kant van de plannen. We vragen ons ook wel af hoe straks de verbanden met de omgevingsagenda en de samenlevingsagenda gelegd kunnen worden, zodat in ieder geval de verschillen en de sociale uitdagingen in de wijken ook tot hun recht gaan komen in die beide plannen en ook dat de verschillen in die beide agenda's naar voren gaan komen. We hebben daar nog wel een aantal vragen bij. We kunnen ons aansluiten bij de vraag van de VVD over de financiële paragraaf en wat de heer Van Buuren zei: om daar in ieder geval onbevangen naar te kijken. In de stukken is vermeld dat we richting het vierde kwartaal volgend jaar uit kunnen zien naar een uitvoeringsplan van het college, na het vaststellen van de samenlevingsagenda dus.

De vraag aan de wethouder is: kan wellicht ook een uitvoeringsprogramma tegelijkertijd worden voorgelegd met die samenlevingsagenda? En ook wat betreft de verantwoording: kunnen we nog eens kijken of daarvoor bepaalde momenten, of wellicht aparte momenten, opgenomen zouden moeten worden? We hebben al aangegeven dat de raad in ieder geval verder betrokken wordt daarbij en het is ook heel fijn te zien hoe dat met andere stukken ook gedaan wordt, zodat het in ieder geval een gedragen stuk wordt, zowel van de raad als het college. We zijn er heel blij mee dat we daarin in ieder geval met ze op kunnen trekken. Belangrijk is ook dat de monitoring in ieder geval onder een aantal punten goed is opgenomen, zeker ook als je kijkt naar de maatschappelijke effectrapportage: wat het effect voor de Capellenaar gaat worden en dat dat inzichtelijk wordt. Wellicht zullen er in de loop van de tijd, als we met die verdiepingsvraagstukken aan de gang gaan, nog dingen bij komen. Ik hoop ook dat het flexibel genoeg is om dingen die misschien nu nog worden gemist er later alsnog aan toe te voegen. Voorzitter. We kunnen instemmen met de koers naar de samenlevingsagenda, het koersdocument. Ik heb één minuut 40 over en die schenk ik aan de SGP.

De VOORZITTER: Over de orde gaat u niet, dat doet de voorzitter, maar ik vind het een sympathiek voorstel! Het woord is aan de heer Vlot, die ik moet waarschuwen dat hij nog maar heel weinig spreektijd heeft. De heer VLOT: Ik zal proberen eerst een goede grap te maken; dat kan misschien nog iets helpen. Daarnaast, mevrouw Den Engelsman: SGP en SP scheelt maar één letter, in dit geval ook één minuut.

251215

Pagina 35 van 39

Maar goed, dit is een heel serieus onderwerp en daarover kan ik kort zijn. Tijdens de commissiebehandeling waren wij heel positief. De negatieve datacijfers over onze gemeente gaven een vreselijke opsomming van wat er allemaal nog moet gebeuren in Capelle en daarbij heb ik aangegeven dat het dan fijn is dat we daarbij een soort consensus hebben dat we dat van onderaf moeten opbouwen en zeker bij een samenlevingsagenda niet hoogdravend moeten zijn over alle wolkenkrabbers die we nog gaan bouwen, de stenen op de hoogste etage, maar ons juist moeten richten op al die inwoners van Capelle die naar de toekomst toe nog heel veel ondersteuning nodig hebben. Zodoende waren wij positief dat we dit stuk nu naar voren gehaald hebben en zonder te willen chargeren hoop ik dat we over een jaar zullen zien dat zo’n koersdocument daar ligt en dat we daar ook weer die consensus in hebben dat we dat samen gedaan hebben en dat we aandacht hebben voor alle Capellenaren. Jules Deelder zei al: de omgeving van de mens is de medemens. Daaraan zou ik in dit verband nog willen toevoegen dat het wat mij betreft niet uitmaakt of die kerkgezind is of atheïst. We moeten ze uit alle geledingen mobiliseren binnen onze samenleving en dan kan zo’n koersdocument en uiteindelijk de samenlevingsagenda daarbij heel veel helpen. De VOORZITTER: U bent nu wel ruim door de tijd heen.

De heer VLOT: Ik wilde er alleen nog aan toevoegen: zoals u ons ondersteunt als voorzitter in de gemeenteraad hoop ik dat wij met de raad, de inwoners, het bestuur en het college elkaar blijven ondersteunen voor een mooie toekomst in Capelle. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Pengel. Mevrouw PENGEL: Dank u wel, voorzitter. Voor ons ligt de samenlevingsagenda, het koersdocument. Mijn complimenten voor het stuk waarin de nodige empathie naar voren komt. Ik zal er een gedeelte uit citeren waarop ik aansloeg: “Met goede bedoelingen creëerden we systemen, voorzieningen en instituten voor mensen die buiten de norm vielen, maar daardoor plaatsten we mensen soms buiten de samenleving. Mensen die niet pasten binnen het ideale plaatje werden uitvallers genoemd en voor hen boden we aparte trajecten of voorzieningen. Zo ontstond onbedoeld een samenleving waarin groepen zich buitengesloten voelden.” Ik vind het een empathisch document, omdat we als overheid de hand in eigen boezem steken. Ik herinner mij de tijd, 2006-2014, waarin empathie tekort schoot en de maatschappelijke problematiek werd toegerekend aan mensen / inwoners met een laag opleidingsniveau, lage inkomens en diverse sociale problematieken, zonder de rol van het systeem daarin mee te nemen. Daarmee plaatsten we bepaalde groepen in een hokje. Voorzitter.

Ik kan ermee instemmen extra tijd uit te trekken voor het vaststellen van de samenlevingsagenda door middel van een integrale en effectieve insteek, in samenwerking, maar bovenal met oog voor het individu en de samenleving als geheel, dat niemand zich buitengesloten mag voelen, want geen mens is in enig opzicht beter of menswaardiger dan diens medemens. Ik dank u. De VOORZITTER: Dank u wel. Het woord is aan de wethouder. Wethouder VAN HEMERT: Voorzitter, dank. Dank ook aan de raad voor de mooie complimenten die zijn gegeven, zowel in commissieverband alsook nu weer. Ik zal die complimenten uiteraard doorspelen naar de ambtelijke organisatie, want er is heel veel werk verricht en er komt ook nog heel veel werk aan, zeker voor u als raad. Ik zat net even te denken aan de mooie woorden van de heer IJslander over Rivium . . . De heer EILANDER: Bij interruptie, voorzitter: het is Eilander en niet IJslander. Maar het gaat gewoon om de inhoud!

251215

Pagina 36 van 39

Wethouder VAN HEMERT: Als ik iets te veel letters gebruikte, haal ik die gewoon terug. De heer EILANDER: Het ijs is gebroken, gaat u vooral verder! Wethouder VAN HEMERT: Misschien slis ik een beetje te veel! Toen dit document en ook Rivium voorbij kwamen, realiseerde ik me dat ik, als ik straks weg ben, de raad wel met heel veel werk heb opgezadeld voor de komende jaren. Maar goed, dat moest gebeuren, denk ik dan maar even. U gaat in ieder geval een hele mooie tijd tegemoet, ook met dit plan. Ik ben blij met uw positieve reacties, ook als ik zie hoeveel partijen daadwerkelijk al in de voorbereiding zijn meegenomen: maatschappelijk verbonden partijen, Capelle en Krimpen verbonden, denktank huisartsen, de bibliotheek, LEA. De heer Van Buuren heeft natuurlijk heel goed gezocht of de kerk ergens genoemd wordt, maar dat was niet helemaal het geval. Er komt echter nog een vervolg. Bij de ambtelijke organisatie heb ik het, per ongeluk of expres, maar dat kunt u zelf invullen, af en toe een startdocument genoemd. Dat zegt misschien iets meer dan een koersdocument. U hoorde dat ook bij de VVD terug. Het is voor mijn gevoel een beetje een startdocument om een koers te gaan bepalen en ik vind dat we alle partijen die in Capelle hieraan meewerken de komende tijd ook daadwerkelijk aan moeten kijken, en daar zitten kerken uiteraard ook bij.

Dat vervolg is heel belangrijk, zoals ik ook in de collegebrief heb geschreven. Voor zover ik heb kunnen nagaan, zijn er niet echt veel vragen gesteld. Er werd nog even gesproken over cijfers. Ja, dat is een beetje dagdagelijks. Cijfers worden elke keer bijgehouden en als je het in dit document leest, schrik je daarvan. Je moet als gemeente altijd bovenaan staan als je het goed doet, en niet onderaan op een lijstje, maar daar moeten we met z’n allen keihard aan werken de komende tijd. Met de heer De Jong ben ik het eens dat niet straks bij het kruisje getekend moet worden als commissie SLE / SOB, als de commissies na de verkiezingen nog zo heten – dat is uiteraard ook aan u. Dat is juist niet de bedoeling. Ik vind dat je juist echt diep erop in moet gaan met z’n allen, zodat het eigenlijk, en misschien is dat vandaag ook zo, echt een akkoordstuk is, een hamerstuk waar iedereen achter kan staan om Capelle de komende jaren weer heel mooi te maken. De VOORZITTER: Dank u wel. Aan de orde is de tweede termijn. De heer VAN BUUREN: Ik zou graag bij interruptie nog even willen reageren, want er zijn een paar vragen van mij echt niet beantwoord. De VOORZITTER: Misschien kunt u kort aangeven welke vragen dat zijn, zodat de wethouder daarop alsnog kan ingaan. De heer VAN BUUREN: Ik vind de beantwoording van de wethouder echt onvoldoende.

Ik heb iets gezegd over een samenleving waarin je elkaar aanspreekt op rechten en plichten, waarin je elkaar aanspreekt op elkaars verantwoordelijkheden. Dat betekent ook dat je als overheid in zo'n samenlevingsagenda ook meer normerend moet durven optreden en ik heb de wethouder gevraagd of hij bereid is die notie ook in de samenlevingsagenda verder uit te werken. Ik heb de wethouder voorts gevraagd hoe hij nu concreet denkt de samenredzaamheid in de samenleving te versterken. Daar wordt heel veel belang aan gehecht, en terecht, maar de vraag is natuurlijk wel: hoe gaan we dat nu doen? Tot slot ligt er nog de vraag of de wethouder bereid is om onbevangen te kijken naar de benodigde financiën en de raad in de gelegenheid te stellen af te wegen of hij inderdaad meer hierin wil investeren dan wellicht in andere beleidsdomeinen. De VOORZITTER: De wethouder. Wethouder VAN HEMERT: Voorzitter. Ik zou bijna als antwoord willen geven: ja, ja en ja, maar dat is wel heel kort door de bocht natuurlijk. De raad gaat natuurlijk altijd over de financiële kaders, maar ik denk toch dat we daar ook wat ruimhartiger mee om moeten gaan.

251215

Pagina 37 van 39

De andere twee punten zullen zeker ook worden meegenomen; dat is al verzekerd aan mijn achterkant, oftewel de ambtelijke organisatie. Over de financiële kaders, nogmaals: daar gaat u zelf over, maar als u daarmee ruimhartig moet omgaan de komende tijd, moet u daartoe zeker besluiten. Nu doen we dat niet, want we weten natuurlijk niet waar we naartoe gaan. De VOORZITTER: Ik loop nog even de andere raadsleden. De heer Frieser. De heer FRIESER: Ik had ook niet het gevoel dat mijn vragen beantwoord zijn: in hoeverre gaan we van inspanning naar resultaatgericht? De VOORZITTER: Ik geef daartoe nog even het woord aan de wethouder. Wethouder VAN HEMERT: U zei: datagericht of mensgericht? Dat was een beetje de vraag die u stelde. Data helpt om mensgericht te kunnen werken natuurlijk. Je moet data hebben om dingen te kunnen bepalen en hoe de mens staat in de maatschappij. We moeten ervoor zorgen dat dat in evenwicht wordt gebracht. Ik weet niet of de vraag daarmee beantwoord is? De heer FRIESER: Volgens mij hebben we een enorme bak met data in dit pand, of in ieder geval in onze computer, en ik denk dat we met die data echt wel een rode-draadanalyse zouden kunnen maken, grondoorzaken achterhalen en daarop gaan sturen. Dat kunnen we vooruitschuiven, maar dan helpen we die Capellenaar volgens mij minder effectief.

Ik begrijp niet dat we dat naar de toekomst doorschuiven en niet gewoon adequaat afspraken maken over hoe we dat willen gaan doen, op welke termijn we daarmee willen starten en daar concreet in worden. Wethouder VAN HEMERT: In het begin van mijn beantwoording heb ik aandacht besteed aan de cijfers en de indicatoren en aangegeven dat die sowieso meegenomen worden in het gehele traject in de komende maanden. Ik dacht u daarmee antwoord te hebben gegeven, maar blijkbaar niet. Nou, bij dezen. De VOORZITTER: Goed. Ik kijk even rond of er nog andere vragen beantwoord moeten worden uit de eerste termijn. Dat is niet het geval. Dan inventariseer ik welke leden van de raad in tweede termijn nog iets willen zeggen. De heer Stegeman. De heer STEGEMAN: Dank u wel, voorzitter. In aanvulling op mijn eerste termijn wil ik, en dat doe ik altijd bij dit onderwerp, het een-loketprincipe nog even onder de aandacht brengen: dat we ook een keer gaan kijken of we dat in deze samenlevingsagenda ook kunnen concretiseren. Met inachtneming van de door de wethouder opgestelde en bij dit koersdocument behorende collegebrief, met daarin de aangedragen opmerkingen en aanbeveling van de raadsleden, gaat D66 Capelle akkoord met het vaststellen van het koersdocument voor de samenlevingsagenda. Dank u wel. De VOORZITTER: Dank u wel. Dan de heer De Jong. De heer DE JONG: Voorzitter, heel kort.

Ik geloof dat ik in eerste termijn was vergeten te melden dat wij met het stuk kunnen instemmen. Daarnaast nog het volgende. Ik zei daarnet al iets over de haarvaten van de samenleving en ik hoorde zojuist dat we in het vervolg misschien in een werkatelier, commissie e.d. gaan werken. Dan neem ik aan dat los van de raadsleden die er dan zitten en erbij betrokken worden, ook echt de professionals uitgenodigd worden om erover mee te praten en dat we dat niet alleen op eigen houtje gaan zitten doen, want ik denk dat de meesten hier wel in een positie zitten dat ze niet dagelijks met bijvoorbeeld armoede te maken hebben. Ten slotte wil ik ook de oproep van de heer Stegeman ondersteunen. Dank u. De VOORZITTER: Dank u wel. Mevrouw Den Engelsman.

251215

Pagina 38 van 39

Mevrouw DEN ENGELSMAN: Dank u wel, voorzitter. Nog een kleine aanvulling: dat we niet alleen moeten denken in doemscenario's, maar ook uitgaan van de goede voorbeelden die er al zijn. De kerken werden al genoemd die daarin ondersteunen, maar ik noem ook de vele buurtinitiatieven die er zijn. Neem ook die goede voorbeelden mee waarvan we kunnen leren. Een voorbeeld daarvan is de kerststallenroute die a.s. woensdag van start gaat door heel Capelle, in de buurten, tot en met januari, waar in ieder geval gezond gelopen kan worden, maar ook verbinding in buurten en wijken wordt bewerkstelligd; straten en buurten worden daardoor opgelicht. Als CDA willen we u in ieder geval nog gezegende kerstdagen en een hoopvol 2026 wensen. Dank u wel. De VOORZITTER: Ik stel vast dat niemand anders meer het woord wenst, ook niet voor een stemverklaring en dat dus tot stemming kan worden overgegaan. Het voorstel van burgemeester en wethouders wordt in stemming gebracht en met algemene stemmen aanvaard. De VOORZITTER: Dames en heren. Voordat ik de vergadering sluit, geef ik het woord aan de heer Van Buuren, die namens de raad onze nieuwe gemeentesecretaris welkom zal heten. De heer VAN BUUREN: Dank u wel, voorzitter.

Dit gaat gelukkig niet van mijn spreektijd af, anders zou de gemeentesecretaris nu met lege handen staan! Het is gebruikelijk om in deze raad via de voorzitter te spreken, maar als ik een beetje zó ga staan, kan ik misschien ook wel de persoon in kwestie rechtstreeks aanspreken. Renate, van harte welkom in Capelle! Je zou je natuurlijk kunnen afvragen: waarom Capelle? Zeg je Gouda, dan zeg je kaas en stroopwafels, wat mij betreft prima te eten, dan zeg je geschiedenis, dan zeg je stadsrechten, dan zeg je Sint Jan en de Goudse glazen, prachtige Kaarsjesavond, je zegt cultuur en ambachten. Wat zou je eigenlijk nog meer willen? Ze hebben daar zelfs een burgemeester van SGP-huize; je zou bijna verhuizen! Maar nee, het werd Capelle voor Renate en ik denk eigenlijk, Renate, dat jij net als wij gevallen bent voor de uitdagingen van zo'n rauwe suburb onder de rook van Rotterdam met alle vraagstukken van een New Town, van een stad waarin grote uitdagingen liggen. We hebben er net over gesproken: de samenlevingsagenda. We hebben ook vanavond complimenten gegeven aan het college voor het sluiten van de samenwerkingsovereenkomst voor Rivium. Er gebeurt wat in Capelle en er moet ook iets gebeuren in Capelle, financieel, ruimtelijk en sociaal.

Je hebt gekozen voor een stad waarin we uit alle macht proberen de boel bij elkaar te houden, de ruimtelijke en de sociale infrastructuur te verbeteren en te investeren in de stad, ook als dat steeds lastiger wordt. En daar hebben we mensen voor nodig die graag aanpakken. Dat jij zo iemand bent, bewijst je CV wel. Je hebt een prachtig CV met hele mooie elementen: ervaring bij het rijk – daar moeten wij zijn volgens een aantal partijen om extra geld naar Capelle te halen, nou, je hebt kennis van het lobbyvak, dus dat komt helemaal mooi uit –, je bent ook expert op het gebied van publieke dienstverlening, dus dat ene loket van meneer Stegeman wordt ook geregeld, en in Gouda was je verantwoordelijk voor het thema veiligheid en ook voor bestuurlijke zaken – nou, daar is in Capelle ook behoefte aan. Nee, ik zal geen grapjes maken! Het is natuurlijk verleidelijk om in de situatie van zo'n nieuwe gemeentesecretaris na te gaan speuren: is zij misschien de jongste gemeentesecretaris die Capelle ooit gehad heeft, is zij misschien de eerste vrouwelijke gemeentesecretaris van Capelle? Nou, ik heb dat niet gedaan. De data daarvoor waren ook helemaal niet op orde, die kon ik helemaal niet inzien! Maar, beste mensen, het zou natuurlijk ook, als ik dat wel had gedaan, afleiden van waar het nou eigenlijk om draait.

Want je bleek gewoon de beste te zijn na een zorgvuldig doorlopen procedure met meerdere supergoede kandidaten. En dus ben je het geworden, zoals het hoort. Het is niet aan mij om aan de opdracht die een nieuwe secretaris krijgt van het college, vanuit de raad nog allerlei dingen toe te voegen. Ik weet dat er bij deze raad best een wensenlijstje leeft als het gaat om doorontwikkeling van de ambtelijke organisatie, meer grensoverstijgend werken aan

251215

Pagina 39 van 39

opgaven, de kwaliteit van stukken, het goede kaderstellende gesprek met de raad. Maar dat ga ik allemaal niet zeggen, want daar ga ik helemaal niet over. Nou, dan heb ik het toch gezegd! Ik wil wel twee opmerkingen maken tot slot. Ik las een interview met jou met de Vereniging van directeuren publieksdiensten. Daarin stonden twee quotes. Ik mag ze hier noemen, want u kunt ze gewoon nalezen op internet: “Vaak klap ik 's avonds nog even mijn laptop open en werk ik nog wat. Mijn kinderen zijn jong, dus ik maak tijd om hen op te halen en als gezin samen te eten. Maar als ze slapen, dan werk ik mijn mail bij, of ik volg een raadsvergadering. Ik vind mijn werk gewoon erg leuk en ik verdiep me graag in verschillende onderwerpen.” Nou, beste Renate, uit eigen ervaring weet ik dat kinderen, in tegenstelling tot wij, de neiging hebben om ouder te worden, dus pas een beetje op met die laptop. Je zei in het interview ook: “Ik ben geboren en getogen in Drenthe. Voor mijn werk woon ik in Den Haag, maar ik ben echt verknocht aan Drenthe. De sfeer in het noorden en oosten van Nederland vind ik gemoedelijker.” Je hebt het vanavond al een beetje gezien, hè: wij kunnen elkaar hier de hersens inslaan over een zinsnede in een statuut, of een convenant – ik weet het niet precies meer.

“Zelf weer in Drenthe gaan wonen is misschien wel een grote stap, maar ik sluit niet uit dat we ooit uit de Randstad vertrekken, bijvoorbeeld naar Zwolle, de stad waar mijn man vandaan komt.” Ik zou zeggen: het is allemaal prima, maar wacht er nog even mee. Dat kan altijd nog als de kleinkinderen zich aandienen. En tot die tijd hoop ik van harte dat je een hele goede tijd in ons midden zult hebben. Maak er iets moois van. Van harte welkom. (Applaus) De VOORZITTER: Dank u wel. Dames en heren, dan is nu het moment gekomen om deze vergadering te sluiten. Alvorens ik dat doe, wens ik iedereen goede kerstdagen, een veilige jaarwisseling en een voorspoedige start van het nieuwe jaar. Ik hoop u vanzelfsprekend allen op de Nieuwjaarsreceptie op 7 januari te zien. Ik nodig u nu nog uit voor een hapje en een drankje in het eetwerkcafé in de aanloop naar kerst. 20. Sluiting De VOORZITTER sluit te 22.56 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 2 februari 2026 de secretaris,

de voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16525158/1