CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.03 - Conceptverslag cieSOB 28 juni 2021

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 13 september 2021, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen commissie Stadsontwikkeling en -Beheer11.264 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verslag van de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op maandag 28 juni 2021, in de raadzaal, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter

:

mevrouw mr. A.S. van der Klauw-Cornet;

volksvertegenwoordigers :

mevrouw V. King-de Hoog, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw J.W. Lauw-Schouten, raadslid Leefbaar Capelle; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer H.E. Tiesma, burgerraadslid D66; de heer B.H.W. Oudshoorn, burgerraadslid SGP; mevrouw C.W.J. Weemhoff MA, raadslid PvdA; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; de heer ing. P. Eilander, raadslid ChristenUnie; de heer E.C. Raadsen, raadslid GroenLinks

secretaris

:

de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;

portefeuillehouders

:

de heer M.J.W. Struijvenberg, wethouder; de heer N.C. van Veen, wethouder; de heer M.E. Wilson, wethouder;

ambtelijke ondersteuning :

de heer Yücel Özmen, programmamanager Openbare Ruimte Centtrum (presentatie punt 5); de heer Mounir el Achrafi, wnd. hoofd Stadsbeheer (presentatie punt 5); Mevrouw Joke Meijer, plv. afdelingshoofd Stadsontwikkeing (punt 6);

notulist

de heer D.J. van Eck (Notuleerservice Dictum).

:

Op de publieke tribune is bij de aanvang van de vergadering 1 persoon aanwezig.

1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Spreekrecht inwoners Van het spreekrecht wordt geen gebruik gemaakt. 3. Gemeenschappelijke regelingen DCMR Milieudienst Rijnmond Geen opmerkingen. 4. Corona Geen opmerkingen. 5A. Capelle Bouwt aan de Stad-Monitor 2012 - IBOR De heer ÖZMEN verzorgt een presentatie van de IBOR-projecten 2016-2020. Zie hier.

408485/581980

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 2 van 19

De heer EILANDER neemt er kennis van dat het IBOR-project voor het Hollandsch Diep nog moet worden voorbereid. Hij herinnert zich dat was toegezegd dat, als het ASVZ-gebouw klaar was, er ook een oplossing zou zijn voor het fietspad en meteen met het openbaar gebied aan de slag zou worden gegaan. In het tijdpad mist hij nu ergens een jaar. Voorts is hij benieuwd hoe het met de Amandelhof zit, die hij niet in het rijtje heeft aangetroffen. Mevrouw KING-DE HOOG is het bij het lezen van het stuk over de IBOR-projecten opgevallen dat het intens veel is, met name in Schollevaar, waardoor er van alles overhoop ligt en het erg lang duurt. In de Silkeborg en de Kalundborg blijkt de riolering ernstig verwaarloosd te zijn en zij vraagt zich af hoe dat mogelijk is. Hoe wordt ernaar gekeken wanneer het tijd is om de riolering aan te passen? Ook de intensiteit daarvan roept bij haar de vraag op of het niet beter is om het wat meer te spreiden. De heer OUDSHOORN slaat aan op het probleem met de levering van grondstoffen, waardoor een vertraging is opgetreden met de levering van PVC.

Gemeld wordt nu dat het verdaagd wordt tot na de zomervakantie, maar is er dan een garantie dat er na de zomervakantie wel PVC zal zijn, of is er eventueel een plan B? Mevrouw DEN ENGELSMAN leest op pagina 20 over het betrekken van groen bij de buitenruimte, maar constateert ook dat men nog bezig is met het programma buitenruimte en niet gaat wachten op de projecten. Is het wel de bedoeling dat het in ieder geval een klein beetje meegenomen gaat worden, of zijn er al dingen bekend die zeker meegenomen kunnen worden? Opvallend is wel dat de projecten die opgeleverd worden heel erg kaal zijn. Als een boom wordt weggehaald, komt er een heel klein sprietje voor terug. Een grotere boom zou soms wat beter zijn. Wordt daar ook nog naar gekeken? Mevrouw WEEMHOFF zag bij de presentatie voorbij flitsen dat er zes speelplaatsen zijn verwijderd en acht vervangen. Zij is benieuwd hoe dat zit en of die ooit nog terug zullen komen. Wat ook voorbij flitste was de Dansenbuurt Noord. Als inwoonster van die wijk maakt zij al jaren de verschillende openbrekingen van de weg mee. Volgens het lijstje is de Dansenbuurt Noord fase 4 in uitvoering en fase 2 in voorbereiding. Zij vindt dat intrigerend en hoopt dat daarover iets meer kan worden gezegd. De Vrijheidsdans ligt in haar beleving al jaren open. Zij is heel benieuwd wat daar nu gaat gebeuren.

De heer RAADSEN citeert uit de voorjaarsnota dat men DIT-riolen gaat aanleggen, wat staat voor drainage, infiltratie en transport. Geldt dat voor alle IBOR-projecten die tijdens de presentatie voorbij zijn gekomen? De heer ÖZMEN gaat de verschillende vragen af, te beginnen met die over de Dansenbuurt, fasen 4 en 2. Een deel is al af en met een ander deel is men bezig. De Vrijheidsdans is de doorgaande weg die de buurt ontsluit en een van de laatste puzzelstukken van het gebied. Het geldt ook voor Bonnefanten, een van de laatste stukken als ontsluiting van het hele gebied. Momenteel is men overal heel veel bezig, zeker in Schollevaar, en in feite komt het blauwe gebied er in het nieuwe IBOR bij. Als het werk nu niet goed wordt gedaan en niet op tijd klaar is, zal het nieuwe IBOR er straks alleen maar nadeel van ondervinden. Dat het voor de mensen heel lang lijkt, is begrijpelijk, het ís ook heel lang, maar als de Dansenbuurt/Vrijheidsdans klaar is, zal men er, als het goed is, de komende twintig jaar van af zijn. Het project Hollandsch Diep is bewust uitgesteld vanwege de ASVZ. Er is nog een programma ASVZ + verkeer en zodra dat programma volledig bekend is, en in het nieuwe IBOR zit ook nog een deel van de parkeerplaatseninrichting erbij, wordt geprobeerd van de twee ontwerpen gecombineerd één project te maken.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 3 van 19

Voor de beschikbaarheid van voldoende PVC is geen garantie te geven. De aannemers zijn op zoek naar leveranciers, maar er zijn niet zoveel leveranciers die dat hebben. Verwacht wordt nu dat in het derde kwartaal weer kan worden geleverd en dat de zaak in het vierde kwartaal weer redelijk onder controle zal zijn. Het zijn vooralsnog echter geruchten, garanties zijn er niet. De getallen over het aantal speelplaatsen heeft hij opgehaald uit een boekwerk, waarin precies staat bij welk project welke speelplaatsen weg moeten en terug moeten komen. Er zijn ook bepaalde plannen die aangeven dat in een wijk speelplaatsen weg moeten en niet meer terugkomen. Er zijn ook speelplaatsen die volledig vernieuwd worden in overleg met de bewoners. Over de bomen kan hij niet veel meer zeggen dan dat hij er geen geld voor heeft. Kleine bomen kosten honderd euro, volwassen bomen – en daarvoor is in het centrum in verband met het imago bewust gekozen – duizend euro, oftewel het tienvoudige. Wat de DIT-riolen betreft licht hij toe dat in de voorjaarsnota alleen de kosten zijn meegenomen voor wat zo meteen aan projecten buiten gaat lopen. De overige komen in de najaarsnota. De heer EILANDER concludeert dat het nu bijna op een themabijeenkomst begint te lijken. Hij geeft in overweging op een later tijdstip eens te evalueren of dit wel de goede modus is voor een commissievergadering.

Voor wat betreft het Hollandsch Diep herinnert hij eraan dat in reactie op de inbreng van de insprekers was aangegeven dat een koppeling zou worden gelegd tussen fietspad en gebouw: gebouw klaar, dan ook het fietspad klaar. Het zal nu een jaar later worden en hij weet niet of dit gecommuniceerd is met de mensen die de gemeente die reactie had teruggegeven. Ten slotte herhaalt hij zijn vraag over de Amandelhof. De heer ÖZMEN deelt in antwoord op het laatste mede dat voor de Amandelhof geen aparte paragraaf is opgenomen, omdat het geen IBOR-project is. Wat er aan de hand is, is dat het terrein zelf niet goed draineert en niet het niveau heeft van het groen dat het had moeten zijn. Na het achterstallig onderhoud van jaren zal het niveau nu eerst op basis moeten worden gebracht, waarna vanuit het centrum het geld dat in de grex zit erbovenop zal worden gezet, om te zorgen dat er een heel mooi plan kan worden gemaakt. Mevrouw WEEMHOFF begrijpt dat in het centrum voor grote bomen is gekozen omdat het als het ware het visitekaartje van Capelle is. Grote bomen spelen echter ook een belangrijke rol bij het bestrijden van hittestress. Hoe wordt in dat opzicht naar de andere wijken van de stad gekeken? De heer EL ACHRAFI attendeert erop dat bij de grootte van de bomen vooral de ondergrond een belangrijke rol speelt.

Het is niet zomaar mogelijk overal in Capelle grote bomen te plaatsen, omdat rekening moet worden gehouden met kabels en leidingen. Daarnaast is door de raad voor het centrum een hogere ambitie vastgesteld, omdat men daar met de aankleding van de buitenruimte in de zin van groen een andere allure wil bereiken. Bovendien moet worden bedacht dat het slagingspercentage met kleine bomen vele malen groter is dan met grote bomen. In aanvulling op wat eerder over de DIT-riolering is gewisseld, merkt hij ten slotte op dat bij het vaststellen van het programma 2016-2020 niet bekend was dat dit riool in de toekomst aangelegd zou moeten worden om de waterrobuustheid van Capelle te kunnen waarborgen. Ingehaald door de techniek en de feiten is er nu voor gekozen voor meerdere projecten een aanvraag in te dienen. Na de bouwvakvakantie resteren nog een paar projecten die apart zullen worden aangevraagd om IBOR 2016-2020 af te ronden. In het kader van het Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan en het programma buitenruimte zal de vraag worden voorgelegd of dit riool in heel Capelle moet worden aangelegd, zodat niet iedere keer per project een aanvraag hoeft te worden ingediend, maar er echt een beleidskeuze van wordt gemaakt die kan worden doorberekend in de doelbelasting wat betreft de riolering.

De VOORZITTER verzoekt andere technische vragen die er eventueel nog zijn schriftelijk in te dienen.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 4 van 19

5B. Capelle Bouwt aan de Stad-Monitor 2012 - Overige onderwerpen De heer TIESMA maakt een compliment voor het fraaie boekwerk. Een aantal dingen zijn D66 opgevallen. Op pagina 7 wordt aandacht besteed aan het opereren van de gemeente in coronatijd, in de paragraaf ‘Draagvlak onder druk’ in het bijzonder. Planningen kunnen niet gehaald worden door het optreden van burgers en de gemeenteraad, zo lijkt het. Hij voelt zich aangesproken op het feit dat men kritisch is op allerlei plannen. De gemeenteraad zit hier echter niet om ja en amen te roepen, maar om met het oog van een relatieve buitenstaander kritisch te kijken naar voorgelegde plannen. Dat is de kern van democratie. Hij vindt het normaal dat burgers kritisch kijken naar de gemeente en vragen stellen aan de gemeenteraad. Ze kunnen ook worden geprezen voor hun betrokkenheid. In deze dichtbevolkte gemeente heeft elke ruimtelijke beslissing direct gevolgen voor een ander. Het geeft direct aan waarom échte invloed zo belangrijk is. Het vraagstuk kan ook worden omgekeerd: zouden ze het bij een andere voorbereiding, waarbij burgers direct invloed kunnen uitoefenen, ook zo beleven en die snelle beslissingen worden genomen? Uiteraard heeft hij ook de intentie gelezen om het beter te doen, en dat is zeker belangrijk.

Daaromtrent legt hij de wethouder de volgende vraag voor: wat heeft meer invloed op de planning, een gedragen beslissing, of een beslissing met juridische vervolgstappen? In het programma Wonen valt op dat bij de herontwikkeling van het Blinkertgebied steeds verwezen wordt naar gesprekken met David Lloyd. Dat is al heel lang aan de gang en hij vraagt zich af of er ook een plan achter steekt om er echt stappen in te zetten. Bij Landelijk Capelle lijkt het project Oeverrijk tot stilstand te zijn gekomen, terwijl dit toch wel dé tijd lijkt om aan succes te werken. Hoe gaat het hiermee? Kunnen acties van de gemeente tegemoet worden gezien? Het Albatrosterrein is voor zover hij weet al tientallen jaren aan de orde wat betreft kansen. Is het heel vaag, of is het echt iets? In het project Kanaalweg/Bermweg moet vanwege het opheffen van de waterweg compensatie worden gevonden. Naar verluidt zal daarvoor een stuk van het Schollebos worden gekapt. Welke eisen stelt de gemeente aan zo’n compensatie? Is de wethouder het met D66 eens dat bomen een belangrijk bijdrage leveren aan de CO2-uitstootreductie? Waarom dan niet een compensatie elders gevonden? Mevrouw WEEMHOFF sluit zich kortheidshalve aan bij de woorden van de vorige spreker. Daarop aansluitend wil zij nog iets zeggen over de sociale-woningbouw.

In Capelle wordt die gehouden op 10.000, terwijl een uitbreiding plaatsvindt naar 40.000 woningen, zodat men straks zal blijven steken op een percentage van rond 25%. Waar gesproken wordt over ’integraal leefbaarheid bevorderen’ vraagt zij zich af of ook gekeken is naar het gemiddelde inkomensniveau. Iemand die tien jaar in de zorg werkt zit nog onder de grens voor een sociale-woning en zij is benieuwd hoe de wethouder daarnaar kijkt. Eerder heeft zij al aandacht gevraagd voor de speeltuinen. Hier en daar wordt genoemd dat er speeltuintjes weggaan. Hoe moet dat worden gezien in die wijken? Gebeurt dat omdat de samenstelling van de bevolking is veranderd? Jongeren wil de gemeente kennelijk allemaal aan de rand van de stad laten wonen. Is dat een bewuste keuze, of is het toeval? In de monitor gaat het in letterlijke zin vooral over bouwen en over stenen, en dat heet dan ‘integrale visie’. Nog steeds wordt gesproken over het extra bouwen van sociale-woningen in de Florabuurt en iedereen weet dat daar een hoop reuring over is. Kan de wethouder daarover wellicht nog iets zeggen? De heer RAADSEN citeert op pagina 66: “Het instrument gebiedspaspoort is tot stand gekomen in de vorige raadsperiode. Het proces én de werking van het instrument lijkt vooral duidelijk te zijn bij raadsleden die in die eerdere raadsperiode zitting hadden in de gemeenteraad.

Omdat de status van het gebiedspaspoort niet bij ieder raadslid even duidelijk is, ontstaan er soms allicht onnodige discussies in de gemeenteraad.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 5 van 19

Zeker als er door het college anterieur afspraken worden gemaakt met een grondeigenaar vóór vaststelling van het paspoort door de gemeenteraad. Dat is uit juridisch oogpunt weliswaar de juiste volgorde (…)” Ten behoeve van de raadsleden die in de vorige raadsperiode niet aanwezig waren, verzoekt hij de wethouder met name die laatste zin eens toe te lichten voor de volgende themabijeenkomst die hieraan gewijd zal zijn. Mevrouw DEN ENGELSMAN spreekt haar blijdschap uit over het feit dat in de buurtmonitor straks ook de sociale-woningvoorraad weer gemonitord kan worden, zodat een mooi overzicht per buurt en wijk kan worden verkregen. Het baart de CDA-fractie zorgen dat veel corporatiewoningen van Havensteder óf boven de sociale-huurgrens, óf net boven de eerste aftoppingsgrens zitten, waardoor mensen met een laag inkomen daarvoor niet in aanmerking komen. Wat betreft de 48 te renoveren woningen en 8 nieuwbouwwoningen in het Hovengebied, verzoekt zij inzichtelijk te maken wat voor soort woningen dat gaan worden. Benieuwd is zij voorts wanneer de RET gaat beginnen aan het Stadsplein. In de technische beantwoording heeft zij gelezen dat de startdatum nog steeds niet bekend is.

Wat houdt dat in voor het mooie Stadsplein, waarvoor de bewoners al in 2017 een mooi ontwerp hebben gekozen? Wanneer voor Capelle Barbizon een aangepast gebiedspaspoort zal worden voorgelegd is nog niet bekend. Zij dringt erop aan daarmee haast te maken. Zorgen maakt de fractie zich ook nog altijd over de parkeernormen. Telkenmale worden daarvoor termen gebruikt die niet kunnen worden teruggevonden in parkeernormen. Zo wordt bijvoorbeeld bij het Brederoplein aangegeven dat de eerdere hoge norm voor bedrijfsgebruik de norm was voor de nieuwe woningen die nu komen. Als je de normale berekening erop loslaat zijn het negen woningen en er komen er weer zes, dus overal wordt er wel weer afgeknabbeld. Ten aanzien van de studentenhuisvesting is naar de bewoners gecommuniceerd dat het kamers zouden zijn, maar in de beantwoording van de technische vragen komt duidelijk naar voren dat het echt zelfstandige woningen zijn, waarvoor een 0,25-norm wordt gehanteerd, wat erg laag is, en dan wordt er nog aan geknabbeld. Zij hoopt dat op de thema-avond wat nadere uitleg kan worden gegeven over de huidige parkeernormen. Wat zij voor de thema-avond inzake de evaluatie van het gebiedspaspoort ook graag wil meegeven is het volgende. In 2016 en 2018 is in een raadsbesluit vastgelegd dat er een soort principelijn is dat bij ontwikkelingen gebruikgemaakt wordt van een gebiedspaspoort of kavelpaspoort.

Bij de Hortus en de Saksen heeft zij dat niet gezien. Kan dat ook meegenomen worden richting die gebiedspaspoorten: in welk licht dan die twee raadsbesluiten moeten worden gezien? De heer OUDSHOORN noemt de participatiefrustratie die kan worden teruggevonden in de tekst op pagina 7, waaraan ook D66 al refereerde, ongepast in een dergelijk stuk. Om participatie goed te laten verlopen is degene die de participatie aanbiedt aan zet om de juiste en heldere kaders mee te geven. Door dat te doen worden teleurstellingen voorkomen, omdat dan de verwachting van de participatie klopt met de bedoeling van de participatie. Erover klagen gaat niet helpen. De werkgroep die hiermee aan de slag gaat geeft hij dit graag mee. Een beetje in de war is hij geraakt van de speerpunten die worden genoemd bij woningbouw. In een van de speerpunten wordt een voorraad van 10.000 sociale-huurwoningen genoemd, terwijl vervolgens in de tabel een aantal van ruim 8.400 wordt genoemd, wat dan boven de gewenste waarde zou zijn. Een nadere toelichting daarop zal hij op prijs stellen. Aandacht vraagt hij vervolgens voor de woningen genoemd in de speerpunten 4 en 5. Sommige woningaantallen komen meerdere keren voor in de tabellen. Die tellen dan bijvoorbeeld zowel voor woningen in de buurt van een OV-punt als voor woningen voor ouderen mee.

Dat is begrijpelijk, maar als een woning meetelt voor zorgwoning, voor ouderenwoning én voor jongerenwoning wordt het lastiger, en dat gebeurt hier meerdere keren. Ook hier wordt een nadere uitleg op prijs gesteld.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 6 van 19

Mooi is ten slotte dat het temporiseren terugkomt na de opmerkingen die daarover bij de laatste behandelingen zijn gemaakt. Tegelijkertijd is het wel de vraag of dit de juiste prioritering is van het temporiseren. Zo wordt bijvoorbeeld bij de Kanaalweg getemporiseerd op de achterzijde, omdat men dat wil vitaliseren en mooi wil maken, terwijl de bouw die daarachter plaats moet vinden en Oeverrijk daar dus tegenaan gaat kijken wel op de nominatie staat om door te gaan. Volgens hem moet die volgorde worden omgedraaid, zodat eerst de achterkant mooi wordt gemaakt voordat je er mensen laat wonen die tegen een niet mooie zijde van de Kanaalweg aankijken. De heer EILANDER toont zich benieuwd naar de stand van zaken bij ’s-Gravenweg 325. De vergunning is al een jaar oud. Is er enig zicht op wanneer de ontwikkelaar daar aan de slag kan? Voor een particulier is het allemaal niet zo erg, maar het is een zorglocatie, die derhalve bijzondere aandacht verdient. Hij schrok er een beetje van dat Landelijk Capelle wordt doorgeschoven, maar tot zijn grote vreugde ziet hij dat in ieder geval het herinrichten van de ’s-Gravenweg met een fietsprofiel voor de fietsweg voor het volgend jaar op de agenda staat. Als dat echt zo is, is dat in ieder geval voor elkaar. Dat Oeverrijk wat naar achteren wordt geschoven, vindt de ChristenUnie niet zo erg.

De heer VAN LOEF vindt het in tegenstelling tot D66 juist goed dat op pagina 7 het draagvlak wordt genoemd. Het mag gewoon gezegd worden zoals het is. Wie de schoen past, trekke hem aan. Naar zijn mening is het een heel mooi instrument en moet ervoor worden opgepast dat het kind niet met het badwater wordt weggegooid. De werkgroep beveelt hij aan zich vooral op casuïstiek te baseren. Voorts dringt hij erop aan van overleggen met bewoners ook ordentelijk verslag te laten vastleggen. Wat betreft de projecten, toont hij zich net als de heer Eilander benieuwd naar de stand van zaken met ’s-Gravenweg 325. Een aardige is ook wel de wandelroute Ringvaart. Iemand die die route wel eens heeft gelopen zal weten dat die in feite vastloopt. Hij is benieuwd of de brug daarin zal voorzien, anders zul je terug moeten keren naar de Schenkelse Dreef. Wordt de kinderboerderij wel of niet verplaatst en, zo ja, binnen welke termijn? Bij Landelijk Capelle mist hij iets wat inmiddels een beetje zijn stokpaardje is geworden, namelijk het betrekken van de rivier bij de stad. Er loopt een project Zandrak Plus, maar de VVD zou graag zien dat bij de vernieuwing van het Zandrakpark ook wordt gekeken naar wandelroutes en, nog mooier: fietsroutes.

Ten slotte een vraag uit nieuwsgierigheid: wanneer komt de AWZI vrij? Mevrouw KING-DE HOOG toont zich getriggerd door het grote aantal van 850 inschrijvingen op 59 woningen. Komen al die inschrijvingen van binnen Capelle, of ook van daarbuiten? In tegenstelling tot de heer Tiesma vindt zij het wel prettig dat nu is benoemd waar het draagvlak onder druk staat. Het toont wel aan dat de motie over participatie hartstikke belangrijk is, om te weten te komen waar de schoen wringt bij de omwonenden/bewoners en bij de gemeente. Aan de woningvoorraad worden eenheden toegevoegd voor begeleid wonen. De wethouder zal ook wel weten dat tegenwoordig ook koopwoningen worden opgekocht die betrokken worden door instellingen die begeleid wonen toepassen. Vallen die hier ook onder, of hoe wordt daarmee omgegaan? In een van de speerpunten is sprake van woningen bij hoogwaardige OV-punten, zoals Kralingse Zoom. Is Kralingse Zoom Rotterdam of Capelle? Hoe ziet de wethouder dat? Het heeft haar altijd een beetje dwars gezeten dat van de PostNL-locatie ‘Hof van Capelle’ destijds gezegd werd dat die bedoeld zou zijn voor betaalbare bouw. Helemaal achterin staat dat eigenlijk altijd ambities en spelregels benoemd worden die winstmaximalisatie onmogelijk maken, bijvoorbeeld door het maximeren van de bouwmogelijkheden en het opnemen van prijsklassen.

In het geval van de PostNL-locatie is dat dus duidelijk niet gelukt. In de evaluatie zal daaraan te zijner tijd nadrukkelijk aandacht moeten worden geschonken.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 7 van 19

Een soort klacht heeft zij ook over het kruispunt bij de Koperwiek. Het is hartstikke fijn dat alles netjes is volbracht en dat er nieuwe klinkers liggen, maar dat daarover niemand meer harder dan 30 km/u zou kunnen rijden, zoals destijds werd gezegd, is flauwekul, want dat kan wel en de situatie ter plekke is echt gevaarlijk. Je weet gewoon niet hoe je moet oversteken op het kruispunt bij de metro en de ABN AMRO. Het is een kwestie van ogen dicht en gaan. Zij pleit er met klem voor daar eens goed naar te kijken. Parnassia wil een deel van haar terrein verkopen om daar woningbouw te realiseren. Waar moet dan aan worden gedacht: appartementen, grondgebonden woningen? En hoeveel wil Parnassia daar gaan bouwen? Wethouder STRUIJVENBERG merkt op dat in de paragraaf ‘Draagvlak onder druk’ zaken staan die onder ogen zullen moeten worden gezien. Dat is geen klagen. Natuurlijk wordt de input van bewoners op prijs gesteld, daarom worden al die zaken juist gedaan, maar daarin worden wel een aantal trends onderkend waarvan het relevant wordt geacht die met de raad te bespreken. Bij de evaluatie van een gebiedspaspoort zal hierbij ongetwijfeld verder worden stilgestaan. De heer TIESMA brengt te berde dat het ook gaat om de woordkeuze die hier wordt gebezigd.

Hij citeert: “Helaas gaat het niet alleen om gesprekken met Capellenaren, maar ook en steeds vaker om WOB-verzoeken, formele bezwaren en zelfs referendumverzoeken”. In feite wordt de raad hier verweten z’n werk goed te doen. Wethouder STRUIJVENBERG repliceert dat nergens staat dat het niet mag of verkeerd is, maar dat slechts geconstateerd wordt dat het zo is. Mevrouw WEEMHOFF sluit zich aan bij de woorden van de heer Tiesma. Ook zij, en haar achterban, had bij het lezen hiervan de indruk dat hier woorden worden gekozen die in ieder geval de suggestie wekken dat het niet op prijs gesteld wordt dat vanuit de raad of de inwoners kritische vragen worden gesteld, of verzoeken om informatie worden gedaan. Wethouder STRUIJVENBERG brengt daartegen in dat ook de bereidheid moet bestaan de tekst zo te lezen dat het mogelijk wordt er constructief met elkaar over te spreken. Alle teksten zijn ook op een wat negatieve manier te lezen, maar als men er positief-kritisch naar wil kijken, doet men zichzelf en uiteindelijk ook de stad veel meer een plezier. Uiteraard zal hierop nog uitgebreid worden teruggekomen. Met de vraag van de heer Tiesma wat meer invloed heeft op de planning, een gedragen beslissing, of een beslissing met juridische vervolgstappen, wordt volgens hem een dilemma voorgelegd dat niet bestaat.

Het creëren van draagvlak kost altijd tijd en een planning is nooit heilig, in die zin dat die altijd gehaald moet worden, ook als er geen draagvlak voor is. Het gaat echter ook niet aan een participatietraject pas geslaagd te noemen als 67.000 Capellenaren het een goed idee vinden. Qua principekeuze lijkt het hem mooi draagvlak vóór planning als uitgangspunt te nemen. Het antwoord op de vraag hoe met Landelijk Capelle verder moet worden gegaan is zijns inziens terug te vinden in de voorjaarsnota. Voor het dempen van de sloten in het project Kanaalweg/Bermweg zal in overleg naar compensatie moeten worden gezocht, maar hij heeft niet het idee dat daarvoor bomen gekapt zullen moeten worden. Het Schollebos wordt natuurlijk opgepakt, maar dat is wat het is. Er zullen geen bomen worden gepakt om in de buurt extra wateropvang te realiseren. De aantallen sociale-woningen waarover mevrouw Weemhoff sprak zijn gebaseerd op het regioakkoord en daarop heeft de gemeente ook weer haar samenwerkingsafspraken met Havensteder gebaseerd. Het is zeker mogelijk dat het aantal in de toekomst zal wijzigen. Het Rivium bijvoorbeeld was niet begrepen in het regio-akkoord van destijds. In een volgende versie van het regio-akkoord zal het Rivium met 5.000 woningen, waarvan 500 sociaal, hoogstwaarschijnlijk onderdeel van die cijfers zijn.

Dat de gemeente jongeren allemaal aan de rand van de stad zou willen laten wonen is zeker niet het geval. Hij is geneigd te zeggen dat het op toeval berust, maar als het om studentenhuisvesting gaat ligt het natuurlijk voor de hand die in de nabijheid van een onderwijslocatie te realiseren.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 8 van 19

Over de Florabuurt zou hij nu wel iets kunnen zeggen, maar het lijkt hem beter dat te doen in de bijeenkomst die hierover na de zomervakantie is gepland. De juridische uitleg waarom de heer Raadsen heeft verzocht zal worden meegenomen naar de desbetreffende themabijeenkomst. Mevrouw Den Engelsman deelt hij mede dat de startdatum voor de RET aan het Stadsplein is voorzien na de zomer. De nota over de parkeernormen zal de raad later dit jaar bereiken. Mevrouw DEN ENGELSMAN dringt erop aan de huidige parkeernormen ook mee te nemen in de evaluatie van de gebiedspaspoorten. Wethouder STRUIJVENBERG vraagt zich even af welke relatie hier ligt met de gebiedspaspoorten, maar desgewenst wil hij hierop buiten de vergadering wel even terugkomen. De heer Oudshoorn zegt hij toe dat de technische vraag over het aantal van 10.000 socialehuurwoningen en het aantal van 8.400 dat in de tabel is genoemd later schriftelijk zal worden beantwoord. Naar de dubbeltelling van woningen zal hij nog eens nader moeten kijken. Op verschillende doelen kan een woningen meerdere keren tellen, zoals de heer Oudshoorn zelf ook aangaf, maar natuurlijk niet op één doel als het gaat om ouderen en jongeren. Als daar een dubbeltelling in zit, zal dat gecorrigeerd moeten worden. De heer Eilander bevestigt hij dat het fietsprofiel ‘s-Gravenweg het volgend jaar tegemoet kan worden gezien.

Met de heer Van Loef is hij het geheel eens dat van bewonersbijeenkomsten een goed verslag dient te worden gemaakt. Over de wandelroute zal de raad binnenkort een brief worden toegestuurd. Het onderzoek naar de kinderboerderij zal wat langer duren dan gedacht. Er zijn mogelijke locaties in beeld, maar of het daar ook echt kan zal verder moeten worden onderzocht. Nog voor de zomervakantie zal hierover nadere informatie worden verstrekt, maar nog geen definitief eindadvies. Wanneer de AWZI vrijkomt is natuurlijk vooral aan het hoogheemraadschap, maar hij verwacht dat het nog wel een aantal jaren zal duren. Van de 850 inschrijvingen die mevrouw King noemde is ongeveer 80% afkomstig van Capellenaren. Een vraag is voorts gesteld over koopwoningen die opgekocht worden, waarna er begeleid wonen in geplaatst zou worden. Momenteel wordt onderzocht of de bestemmingsplannen op dat punt aangesloten zouden kunnen worden bij de wensen die er zijn. Het is wel een tour de force om de hele stad onder de loep te nemen, maar hij verwacht wel dat dat het traject is waarheen gekoerst zal worden. Bij nieuwbouw kan er natuurlijk veel directer op worden gestuurd. Kralingse Zoom telt inderdaad mee bij openbaar vervoer, ook al ligt het net over de grens. Voor een reiziger maakt het natuurlijk niet zo heel veel uit of hij onderweg naar de metro een gemeentegrens passeert.

Met mevrouw King is hij het eens dat bij de PostNL-locatie wat concreter stilgestaan zal moeten worden in de evaluatie. Voorts zegt hij haar toe dat hij zich nader zal verdiepen in het kruispunt bij de Koperwiek. Voor Parnassia geldt dat het gesprek daarover nog moet plaatsvinden. Het zal beslist niet gaan over enorme aantallen en hele hoge flats of iets dergelijks. Hij vermoedt dat het eerder appartementen zullen zijn dan grondgebonden woningen, maar ook daarover moet de gesprekken nog plaatsvinden. Ten slotte deelt hij mede dat het eigendom van ’s-Gravenweg 325 inmiddels is overgedragen en dat na de zomer zal worden gestart met de funderingswerkzaamheden.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 9 van 19

Tweede termijn De heer TIESMA herinnert aan de vraag die hij heeft gesteld over het project Oeverrijk, dat tot stilstand lijkt te zijn gekomen. Het geld klotst alle kanten over de rand en het verbaast hem daarom dat er geen bedrijven zijn ingestapt in dat stuk, vandaar zijn vraag: hoe moet dat nu verder? Ook op het Albatrosterrein komt hij nog even terug. Het staat al twintig/dertig jaar als mogelijk kansrijke gebied te boek. Maar ziet iemand er ook echt iets in, of is het het laatste stukje van Capelle dat nog even ergens aan moest worden toegevoegd? De heer OUDSHOORN vraagt aandacht voor een onderwerp dat hij in eerste termijn even over het hoofd had gezien: de boerderij Verkade. Naar hij heeft gelezen, zijn de laatste twee kavels verkocht. Is er nu ook zicht op dat er daadwerkelijk gebouwd gaat worden? Wethouder STRUIJVENBERG deelt mede dat Oeverrijk nog steeds in de boeken staat en dat het besluit uit het verleden nog altijd vigerend is. Vanzelfsprekend zal nog wel nagegaan moeten worden wat men hier precies wil. De vraag “hoe nu verder?” kan hij dan ook alleen beantwoorden met: in de toekomst nog steeds graag ontwikkelen. Hoe lang het Albatrosterrein al als kansrijk wordt aangemerkt, weet hij niet, maar later dit jaar, of wellicht volgend jaar, zal nog een programma Rivieroevers worden opgeleverd en wellicht zal daarin iets concreters staan.

Ten aanzien van de Verkadeboerderij worden momenteel de ontwerpen bekeken met het Q-team. De VOORZITTER sluit de beraadslagingen over het agendapunt met de conclusie dat alle onderwerpen die zijn aangedragen voor de themabijeenkomst worden meegenomen en dat de door de heer Oudshoorn aangekaarte dubbeltelling van woningen nader onder de loep zal worden genomen. Schorsing (21.36 – 21.47 uur). De VOORZITTER heropent te 21.47 uur de vergadering. Zij deelt mede dat het vraagstuk van de dubbeltellingen tijdens de schorsing is opgelost, zodat die toezegging kan vervallen. 6. Voorjaarsnota Programma 5B:onderdeel Openbaar groen De heer RAADSEN verbaast zich over het antwoord dat het CDA is gegeven op de technische vraag over het verband tussen de kwaliteitsimpuls buitenruimte en de snelfietsroute over de Sibeliusweg. Een van de varianten die door een bewoner is voorgesteld voorziet er namelijk in dat het fietspad aan de zuidkant van de Sibeliusweg loopt en diagonaal over zo’n rotonde naar de andere kant gaat. Het lijkt hem een heel goed voorstel, daar niet van, maar het zou mogelijkerwijs kunnen botsen met de kwaliteitsimpuls buitenruimte. Kan daar nog naar gekeken worden? Over de gebiedsvisie Schollebos en de uitvoering daarvan heeft hij niets in de voorjaarsnota terug kunnen vinden.

Hoe staat het daarmee? Voorts heeft hij gelezen dat Capelle aansluit bij het project De Rivier als getijdengebied. Wat houdt dat aansluiten concreet in voor Capelle? De heer TIESMA citeert op pagina 79 dat in juli/augustus de werkzaamheden aan de middenberm van de Sibeliusweg met de bewoners zullen worden besproken. Heel veel mensen zijn dan echter op vakantie. Hoe wil de wethouder dat oplossen, temeer daar het de bedoeling is direct na de vakantie te beginnen?

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 10 van 19

Mevrouw DEN ENGELSMAN heeft uit de beantwoording van de technische vragen opgemaakt dat de op pagina 79 genoemde werkzaamheden mogelijk ook dubbele werkzaamheden betreffen, bijvoorbeeld met asfalteringswerkzaamheden. Bij de presentatie is juist aangegeven dat gepoogd wordt veel werk met werk te doen en zij verzoekt dan ook dit project te combineren met de fietsroute die dadelijk zal komen. Het baart haar zorgen dat behalve bomen die eventueel moeten wijken voor compensatie van groen nu bijvoorbeeld bij sportaccommodaties ook voorstellen worden gedaan om bomen te kappen om meer zonlicht op de sportvelden te krijgen. Wethouder Struijvenberg legt zij ten slotte de vraag voor wanneer voor de fietsroute ’s-Gravenland de consultatieronde voor de raad zal plaatsvinden en of ook het pas gekwalificeerde advies van het WOP dat recent is binnengekomen meegenomen zal worden. De heer OUDSHOORN vraagt of bij de uitbreiding van het Zandrakpark niet een combinatie mogelijk is met het project De Rivier als getijdengebied. Ogenschijnlijk leent het Zandrakgedeelte zich namelijk ook heel goed voor een getijdengebied of -park. Een opmerking moet hem ook van het hart over de leesbaarheid van de grafieken. Hij verzoekt daaraan iets te doen, bijvoorbeeld door de cijfertjes erbij te noemen. Normaal gesproken is de voorjaarsnota het moment om de jaarschijf 2025 te presenteren.

Dit keer is ervoor gekozen om dat niet te doen. De reden daarvoor is hem niet duidelijk, wat de vraag doet rijzen: wat is er aan de hand? De heer VAN LOEF verkeerde na de vorige ronde in de veronderstelling dat het getijdenpark Zandpark Plus is, maar weet het niet zeker, vandaar zijn verzoek om een nadere toelichting. Een kleine bijkomstigheid is dat bij de uitbreiding van het Zandrakpark twee keer dezelfde tekst voorkomt. Wethouder WILSON zegt niet te weten wanneer het definitieve besluit wordt verwacht over de snelfietsverbinding. Wel kan hij melden dat nog even kritisch zal worden gekeken naar de planning en de kwaliteitsimpuls ter plekke. Over het Schollebos is inderdaad niets opgenomen, omdat er momenteel niet direct iets aan de hand is. Aan het beheer- en actieplan wordt momenteel gewerkt met de Vrienden van het Schollebos en alle partners daarbij. Volgens hem kan het einde van dit jaar tegemoet worden gezien. Volgende week zal een collegebrief verschijnen met meer informatie. Voor de vraag over het getijdenpark doet hij een beroep op ambtelijke ondersteuning. Mevrouw MEIJER zet uiteen dat De Rivier als getijdengebied vooral een gedachtegoed is waarbij gepoogd wordt zoveel mogelijk aan te sluiten. In iedere ontwikkeling aan de IJssel die op de gemeente af komt wordt dat meegenomen. Voor het Zandrakpark is een natuurvriendelijk en kansrijk ontwerp gemaakt.

Of het opgeplust kan worden naar een Zandrakpark Plus is mede afhankelijk van mogelijke subsidies. De heer EL ACHRAFI gaat in op de vraag waarom de jaarschijf 2025 nog niet inzichtelijk is. Tijdens de presentatie over IBOR aan het begin van de avond is uitgelegd dat wat vertraging is opgelopen. Het één heeft met het ander te maken. In het nieuwe IBOR 2021-2025 wil men leren van de vertragingen die zijn opgelopen in het vorige IBOR. Het concept voor het nieuwe IBOR zal hopelijk in het vierde kwartaal inzichtelijk zijn voor de raad. Gestreefd wordt naar een planning die in de volgende planperiode ook daadwerkelijk haalbaar zal zijn. Daarom is besloten hiermee even te wachten en in het najaar met een definitieve planning te komen.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 11 van 19

Programma 2: Verkeer, Vervoer en Waterstaat De heer RAADSEN doet het deugd dat het fietspad langs de Algeraweg straks niet meer de Schönberglaan hoeft te kruisen. Omdat een en ander samen is genomen met de verlenging van het linksaf-autospoor naar het Capelseplein, vraagt hij zich af of daarmee niet vooruit wordt gelopen op eventuele besluitvorming in het kader van de Algeracorridor. Het is goed dat onderzoek wordt gedaan naar nieuwe fietsplannen en dat er ook meer wordt gemeten. Betreft dat meten ook fietsbewegingen? De heer TIESMA stelt vast dat het er alle schijn van heeft dat dit jaar echt een aantal zaken worden aangepakt die al vele jaren beloofd waren in Schollevaar. Eén rotonde is inmiddels al opgeleverd en de volgende komt eraan. D66 heeft eerder al eens gevraagd of het uitstellen van al die IBOR-trajecten uiteindelijk niet tot een hogere prijs voor de burger leidt, en daar lijkt het nu wel op, getuige de kredieten die nodig zijn. Hoe kan de zekerheid worden verkregen dat de burger niet met hogere lasten geconfronteerd zal worden? Het voelt als iets dat onvermijdelijk is, of zijn er alternatieven? Onder punt 2.1, ‘Investeringen IBOR’, op pagina 56, is sprake van een 'vaste' flexibele schil bij een investering van 249.000 euro voor 2021.

Het is echter al halverwege 2021 en als dit wordt toegekend is het naar zijn gevoel ook gelijk weg, want het is een zeldzaamheid dat budgetten niet minimaal opgemaakt worden. Hoe wordt daar zicht op gehouden en wie bepaalt hoe dat wordt uitgegeven? Door de heer Raadsen is zojuist al even verwezen naar de kortetermijnaanpak. Er wordt nu 100K gevraagd voor de verlenging van de ‘linksaffer’ – blijkens Van Dale overigens een niet bestaand woord – en hij vraagt zich af waarom niet gewacht wordt op de uitkomst van de MIRT Algeracorridor. Wat is eigenlijk het voordeel voor Capelle van die verlengde ‘linksaffer’? Zullen juist niet meer belemmeringen ontstaan door een groter aanbod uit Krimpen en Krimpenerwaard? Verder lijkt het erop dat de fietsbrug nu afhankelijk is geworden van het verlengde van het viaduct. Hoe ziet de wethouder dat? Op pagina 57 is sprake van een zuidelijke fietsroute. In de beschrijving ontbreekt echter elke betrokkenheid van de omwonenden. Gezien de forse tegenspraak van bewoners met betrekking tot de beoogde fietscorridor in ’s-Gravenland is zijn vraag: hoe gaat de wethouder de omwonenden hierbij betrekken? Taakveld 2.5, de buurtbus. Het is heel fijn dat de buurtbusplannen richting IJssellandziekenhuis meer concreet worden. Voor steeds meer mensen is dat een essentiële bestemming, zeker waar regulier vervoer nu lijkt terug te treden.

Echter, de buurtbus draait op vrijwilligers. Hoe staat het met het aantal vrijwilligers? Die mensen moeten straks misschien langere shifts draaien. Is dat een bezwaar? Wat kan de gemeente doen om voldoende chauffeurs te krijgen als de buurtbussen steeds meer worden uitgebreid? Voor taakveld 2.9, parkeerbeleid, wordt 40K extra gevraagd. De wethouder laat een parkeernota opstellen voor Fascinatio die eind van het jaar op het bureau moet landen. De verwachting van velen is dat niet te ontkomen zal zijn aan gereguleerd parkeren. Waarom wordt voor de uitvoering van dat soort conclusies dan niet alvast geld gevraagd voor 2022? Dan 2.8, MIRT kortetermijnaanpak. Er is al heel veel over gesproken en het lijkt logisch dit krediet toe te kennen. Hij kan de wethouder echter niet genoeg op het hart drukken om de onderzoekers mee te geven niet met in beton gegoten voorstellen te komen. Hoewel de fietscorridor hier een beetje los van staat, voelt hij zich toch vrij er in dit programma naar te vragen. Het vergt geen budget van Capelle, vandaar misschien dat er niets over in staat, maar hoe gaat het nu verder met dit dossier? Het heeft namelijk wel met mobiliteit te maken en er zijn veel protesten tegen geweest, terwijl ook het WOP zich niet bepaald voor het plan heeft uitgesproken.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 12 van 19

De heer EILANDER vraagt aandacht voor paragraaf 2.4, het fietsplan. Het is wethouder Struijvenberg bekend dat in de denktank MRDH is verzocht over het programma Fiets een keer een thema-avond te organiseren, om gewoon eens even het totale pakket aan fietsdingen de revue te laten passeren. Zouden de evaluatie en het nieuwe fietsplan daar ook onderdeel van kunnen uitmaken? Het verheugt hem in ieder geval dat ook de Fietsersbond erbij wordt betrokken. De ChristenUnie stemt er van harte mee in om voor deze beleidskeuze dit jaar 40K mee te nemen. Mevrouw DEN ENGELSMAN moet zeggen dat het even wat puzzelen was met het uitvoeringsprogramma Mobiliteit, omdat de tijdlijn over drie verschillende pagina’s was uitgezet; over leesbaarheid gesproken. Vooruitlopend op het uitvoeringsprogramma worden in de punten 2.4, 2.5 en 2.9 al extra investeringen gevraagd. Op pagina 57, bij het Capelseplein, wordt ook een fietsbrug genoemd. Is dat de fietsbrug die eerder was uitgesteld en toen de projectnaam ‘fietsbrug Schönberglaan’ droeg? Het verheugt het CDA dat er een derde buurtbus komt, al is de fractie wat minder blij met de aanleiding daarvoor, i.c. bezuinigingen. Waar deze week in het AD te lezen viel dat de RET voor 93% staatssteun krijgt, is zij benieuwd of alle bezuinigingen dan nog doorgaan.

Ten slotte komt zij nog even terug op de vraag die zij bij de behandeling van agendapunt 5B heeft gesteld over de fietsroute in ’s-Gravenland. Van collega Badloe heeft zij begrepen dat daarvoor nog een consultatieronde was toegezegd voor de raad. Zij neemt aan dat rekening zal worden gehouden met het advies van het WOP dat recent is binnengekomen. De heer VAN LOEF vraagt of alle KTA-projecten onder punt 2.3 die met VRI’s samenhangen moeten worden gezien in de context van het MIRT en, zo ja, over welke VRI’s het dan precies gaat. Mevrouw KING-DE HOOG vraagt nogmaals aandacht voor de kortetermijnaanpak van het Kralingseplein. Bij Krimpen wordt een grote kruising aangepakt, op de Algeraweg worden verbeteringen doorgevoerd om de doorstroming te verbeteren, het Capelseplein wordt aangepast om de doorstroming richting Rotterdam te bevorderen en de verkeersinstallaties worden geoptimaliseerd. Al die maatregelen worden door Leefbaar Capelle toegejuicht, maar het Kralingseplein blijft nog wel een ‘dingetje’, omdat een waterbedeffect dreigt en de problematiek nog verder verschoven lijkt te worden naar de Abram van Rijckevorselweg. In het rapport van 9 juli 2019 was bij de mogelijke oplossingen voor Oost letterlijk aangegeven dat het knelpunt Kralingseweg weliswaar zou blijven bestaan, maar dat het met relatief eenvoudige middelen zou zijn op te lossen.

Zij verzoekt de wethouder uit te leggen welke eenvoudige middelen dit zouden kunnen zijn. Uit het verslag van de commissievergadering SOB van 27 januari 2020 citeert zij: “De heer SPRUIT betoogt dat voor de Algeracorridor 90 miljoen euro beschikbaar is. Als het waar is wat in het rapport uit 2019 staat, dat het relatief eenvoudige oplossingen zijn om de doorstroming op het Kralingseplein te verbeteren, dan mag het 2 miljoen kosten, maar dan is er waarschijnlijk een betere doorstroming op de Algeracorridor en dan is het zeer zeker de moeite waard om daarin te investeren. Wellicht is dat nog het onderzoeken waard.” Wethouder Struijvenberg zei toen het daarmee van harte eens te zijn. Wellicht kan nog eens gekeken worden hoe het precies zit met die mogelijke oplossingen. Wethouder STRUIJVENBERG verzekert mevrouw King dat het Kralingseplein en de doorstroming op de Abram van Rijckevorselweg aandachtspunt blijven bij wat momenteel wordt gedaan in het kader van het MIRT, want het kan niet zo zijn dat als het ware extra verkeer of een snellere doorstroming wordt gegenereerd via een brug en dat het dan vervolgens extra vaststaat op de Abram van Rijckevorselweg. Uit de vier varianten die nu worden doorgerekend zal moeten blijken of dat al dan niet het geval zal zijn.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 13 van 19

Die doorrekening zal tevens uitwijzen of de aanvankelijke gedachte dat met kleine aanpassingen de capaciteit van het Kralingseplein afdoende zal zijn, bewaarheid zal worden. De VRI’s waarnaar de heer Van Loef informeerde maken inderdaad onderdeel uit van de kortetermijnaanpak van het MIRT. Over welke VRI’s het dan gaat, weet hij op dit moment niet, maar misschien moeten die keuzes nog gemaakt worden. Mevrouw Den Engelsman bevestigt hij dat het advies van het WOP zal worden meegenomen bij de fietsroute ’s-Gravenland. Met bewoners is hij hierover nog in gesprek, onlangs is hij er ook op werkbezoek geweest, zodat er als het ware sprake is van ‘work in progress’. De bezuinigingen voor het transitieprogramma OV blijven in stand totdat een ander besluit zou worden genomen. Of dat kan en goed is, is momenteel onderwerp van gesprek in de MRDH. Dat met de investeringen genoemd onder de punten 2.4., 2.5 en 2.9 wordt vooruitgelopen op enig besluit over het uitvoeringsprogramma Mobiliteit, zoal mevrouw Den Engelsman opperde, gelooft hij niet. Het verzoek van de heer Eilander om het fietsplan te betrekken bij de thema-avond over fietsen klinkt hem logisch in de oren. Dat de leesbaarheid van de grafieken kan worden vergroot door er cijfers bij te zetten, is hij wel met de heer Oudshoorn eens.

De bredere vraag of de leesbaarheid van alle verschillende grafieken van alle verschillende portefeuilles niet gebaat zou zijn bij het vermelden van getalletjes, of soms wellicht door een andere schaal van de assen, zal hij graag meenemen naar het college. De snelheid waarmee de heer Tiesma vele vragen stelde heeft hij niet helemaal kunnen bijhouden. Hij zal niettemin zijn best doen, maar hij kan zich ook voorstellen dat er genoegen mee wordt genomen dat vragen die nu niet aan bod komen in ieder geval voor de raadsvergadering beantwoord zullen worden. Ingaande op de vraag waarom voor het parkeren in Fascinatio geen budgetaanvrage is opgenomen voor 2022, merkt hij op dat het de vraag is óf en hoeveel budget daarvoor nodig zou zijn. Zo’n besluit moet nog genomen worden en daarop wordt niet vooruitgelopen. Vrijwilligers voor de buurtbus worden momenteel geworven. Mocht dat onverhoopt kinken in de kabels opleveren, dan zal op dat moment moeten worden bezien hoe daarmee moet worden omgegaan. Het enthousiasme ‘an sich’ bij de vrijwilligers is groot, dus daar zal het niet aan liggen. Een fietsbrug afhankelijk van viaduct in het MIRT? Ja, afhankelijk van de vier varianten en de doorrekeningen. Als dat naar voren komt, kan met elkaar van gedachten worden gewisseld over de wenselijke route richting de toekomst.

Over de ‘linksaffer’ zijn meerdere vragen gesteld, onder andere wat het voordeel daarvan is voor Capelle. De hele MIRT-systematiek beoogt primair de doorstroming te verbeteren, secundair gaat het ook over leefbaarheid. Daarbij gaat het om ‘no regret’-maatrelen en een kortetermijnaanpak, d.w.z. dat welke maatregel ook wordt gekozen, die nooit mag kruisen met wat uiteindelijk in de langetermijnaanpak zou moeten worden gedaan. De heer Raadsen bevestigt hij dat ‘meten is weten’ ook fietsbewegingen betreft. Wethouder WILSON verzoekt technische vragen voortaan schriftelijk te stellen, zodat daarop een adequaat antwoord kan worden gegeven. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor zo’n vraag als over de flexibele schil. Voor zover hij heeft begrepen, is de 249 voor de rest van het jaar. Het doorschuiven van de projecten heeft vooralsnog geen gevolgen voor de kredieten. Wethouder STRUIJVENBERG deelt ten slotte aan het adres van de heer Raadsen mede dat uitvoering van het Capelse deel van de fietsroute ’s-Gravenweg medio 2022 is voorzien.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 14 van 19

Programma 8: Stadsontwikkeling Mevrouw WEEMHOFF informeert naar het doel van de woonexperimenten die de gemeente voornemens is te doen. Hoe weet men dat het doel is bereikt en hoe verhoudt zich dat eventueel tot de uitvoering van de Rotterdamwet? Aangegeven wordt ook dat een minder kwetsbare doelgroep zich meldt voor deze woningen. Is dat ook de bedoeling en waar gaan de anderen dan naartoe als zij een woning zoeken? In de voorliggende stukken valt te lezen dat de demografische druk toeneemt. Het is bekend dat het inwonerbestand van Capelle veroudert en zij vraagt zich af of daarop voldoende wordt geanticipeerd. De investering van 2 miljoen euro in de plankosten voor Rivium is ook bij de bespreking van het rekenkamerrapport ter sprake gebracht. Welke risico’s worden daarmee gelopen en wil de gemeente die wel of niet dragen? Ten slotte maakt zij een compliment voor het feit dat in de Poortmolen de ontwikkelingen die met Parnassia worden besproken ook samen met belanghebbenden worden opgepakt. De heer RAADSEN citeert op pagina 123 onder het kopje ‘Opstellen monitor woningbouwontwikkeling’: “Bij nieuwbouw zoeken naar een toevoeging die (…)afgestemd is op de vraag uit de lokale woningmarkt en bijdraagt aan een meer evenwichtige verdeling van de sociale voorraad over de regio conform de in 2019 gemaakte woningmarktafspraken en de doelstellingen van het programma Wonen”.

Het roept bij hem twee vragen op. Is het college zich ervan bewust dat er een schril contrast bestaat tussen de vraag uit de lokale woningmarkt en de doelstellingen van het programma Wonen, omdat in de daaraan ten grondslag liggende behoefteraming is uitgegaan van zeer onwaarschijnlijke veronderstellingen over de ontwikkeling van huren en lonen, die inmiddels volledig door de realiteit zijn achterhaald? Is het college bereid het Capelse programma bij te stellen als blijkt dat de vraag uit de lokale woningmarkt daarvan sterk afwijkt? De heer TIESMA verwijst naar de passage op pagina 132, waarin met betrekking tot Landelijk Capelle wordt aangegeven dat bedrijfsverhuizingen niet hebben plaatsgevonden. Daarbij wordt naar zijn smaak ook de indruk gewekt dat er niet zoveel meer zal gebeuren. Kan de wethouder een update geven ten aanzien van de ING-locatie? In de introductie bij ‘Bouwen’ wordt gesproken over de stichting Knarrenhof, wat later niet terugkomt in programma 8. Gaat het hier om een project, of over een idee, en zijn er nog andere initiatieven op dit terrein? Mevrouw DEN ENGELSMAN leest op pagina 131 bij Landelijk Capelle dat in 2021 zo’n 1 miljoen euro wordt bezuinigd, waarbij is vermeld dat dit ‘onvermijdelijk’ is. Eigenlijk is dit echter gewoon een beleidskeuze, zoals ook is aangegeven in de beantwoording van de technische vraag ter zake.

De wethouder stelt zij de vraag of dit ook straks betrokken kan worden bij de voorstellen die nog gaan komen in plaats van het nu al als een bezuinigingspost op te nemen. Ter zake verwijst zij naar de voetgangersoversteek waarvoor op dit moment de noodzaak blijkt te ontbreken, waarbij zij zich overigens ook nog afvraagt wat die noodzaak is, en dat dan door te schuiven tot weer de plannen concreet zijn. Het verheugt haar dat straks een goed overzicht beschikbaar zal komen van de woningvoorraad. De CDA-fractie heeft zich afgevraagd of de Capelse doelgroepen waarvoor gebouwd wordt nu goed in beeld zijn en daarbij een tijdje naar Woonnet Rijnmond gekeken. Wat haar daarbij is opgevallen is dat er bij de ouderenwoningen weinig respons was ten opzichte van bijvoorbeeld een sociale-huurwoning, waar je 600 tot 800 reacties op ziet en voor ouderenwoningen iets van tussen 3- en als je een hele knappe penthouse hebt zit je op 5 reacties. Op dit moment blijkt dus de vraag naar ouderenwoningen nog te ontbreken, terwijl er wel heel veel vraag is naar socialehuurwoningen.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 15 van 19

Rotterdam heeft in het AD aangegeven dat het de aanval wil gaan openen op beleggers in de woonwijken. Zij weet dat de wethouder bezig is met de motie-verkamering. Aangegeven is dat óf in het vierde kwartaal óf in het eerste kwartaal van het volgend jaar een voorstel zal komen. Aangezien de omliggende gemeenten allemaal haast gaan maken, dringt zij er bij de wethouder op aan te proberen in het vierde kwartaal een voorstel aan de raad voor te leggen. De heer OUDSHOORN merkt op dat onder punt 8.2 voor het nieuwe Rivium in 2021 zowel voor kosten als voor baten 2.300 is genoemd. Is de stelling juist dat het daarmee samen met de overeenkomst in 2012 gereed is? Bij paragraaf 8.10 over Landelijk Capelle stelt hij opnieuw de vraag of het wel de juiste prioritering is om het opstarten van de bouwactiviteiten naar ‘22/’23 te schuiven en het vitaliseren van de achterzijde van de Kanaalweg min of meer on hold te zetten door het beschikbare budget te laten vervallen. De heer VAN LOEF had gehoopt dat de heer Oudshoorn naar aanleiding van punt 8.2 zou dóórvragen, maar nu dat niet zo is, zal hij het maar doen. Hij had begrepen dat het bedrag voor de plankosten rond twee à drie ton zou liggen, maar hier staat een bedrag van een heel andere orde. Hij verzoekt de wethouder toe te lichten wat hieronder precies wordt verstaan.

Mevrouw KING-DE HOOG vraagt wat men zich precies moet voorstellen bij een seniorenmakelaar. Wethouder STRUIJVENBERG licht toe dat de woonexperimenten voortvloeien uit het programma Wonen dat al is vastgesteld door de raad. De bedoeling ervan is dat verhuurders en bewoners zelf ook worden meegenomen in de manier waarop nieuwe bewoners in de wijk komen. Vooralsnog blijkt dat naar tevredenheid te kunnen werken. Waar de ándere mensen dan heengaan, weet hij niet, net zo min als hij weet waar deze mensen heengaan als die anderen er zouden komen. Dat wordt niet bijgehouden. Of de gemeente voldoende anticipeert op vergrijzing is ook een belangrijk onderwerp geweest bij het bespreken van de Stadsvisie. Voor nu weet men de ouderenwoningen wel te realiseren en niet alleen via Woonnet natuurlijk, want het kan ook koop zijn, of een andere prijsklasse huur. Wat op aantallen nog meer gerealiseerd zal moeten worden in de komende perioden is en blijft zeker punt van aandacht, gegeven de wat langeretermijnprognoses. De heer Van Loef zei ervan te zijn uitgegaan dat de plankosten voor Rivium tot nu toe niet zo hoog waren opgelopen. Dat klopt voor dit jaar, omdat men nog in afwachting is van de overeenkomst met de ontwikkelaars voor die plankosten.

Even goed wordt voorzien dat voor de rest van het jaar nog wel wat in te halen valt en dat dan wel opdrachten uitgezet zullen worden die leiden tot een snelle stijging van de plankosten binnen dit jaar na tekening van de plankostenovereenkomst, die overigens aanstaande is. Desgevraagd bevestigt hij dat het hier puur over plankosten gaat. Het is hem bekend dat de heer Raadsen van mening is dat er een groot gat bestaat tussen de marktbehoefte en het regioakkoord, dan wel de Capelse plannen daaruit. Er moet echter niet alleen gekeken worden naar de aantallen ‘sec’ sociaal, maar ook naar doorstromingsmogelijkheden en dat soort zaken. Door te verwijzen naar de term ‘scheefwonen’ zal iedereen begrijpen wat hij bedoelt. Hij is niet bereid de Capelse plannen nu aan te passen, wel om aanpassingen door te voeren naar aanleiding van een regionaal afgesproken nieuw kader. Dat daar weer eens een update van zal moeten komen, wordt wel onderkend. Wat de heer Tiesma over bedrijfsverhuizingen heeft opgemerkt is juist. Deze keuze zou hij inderdaad onvermijdelijk willen noemen, tenzij de gemeenteraad het budget zou willen verviervoudigen, maar dat zou hij stellig ontraden.

In het verleden is weliswaar geconstateerd dat het goed zou zijn als die bedrijven zouden kunnen verhuizen en er is ook een budget toegekend om te zien of dat de boel los zou kunnen maken, maar geconstateerd moet nu worden dat het laatste niet is gelukt.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 16 van 19

Over de ING-locatie is niet zo lang geleden een brief aan de raad gestuurd. Een nieuwere update is niet beschikbaar. Voor de Knarrenhof bestaat een concreet idee, maar om dat te kunnen realiseren moet er ook een locatie zijn en een ontwikkeling waar dat allemaal in past en dat is nog onderwerp van onderzoek en verkenning. Mevrouw Den Engelsman kan hij zeggen dat het vierde kwartaal waarschijnlijk wel haalbaar zal zijn voor een voorstel naar aanleiding van de motie-verkamering. Uiteraard wordt de gang van zaken in het Rotterdamse nauwgezet gevolgd. Ingaande op de vraag van de heer Oudshoorn of het wel de juiste prioritering is om de achterzijde van de Kanaalweg on hold te zetten en de bouw van Oeverrijk wel te plannen, merkt hij op dat uiteraard nog wel een uitvraag aan de markt kan worden gedaan voor wat betreft de achterzijde en dat de gemeente dat wel wil faciliteren, maar dat het idee om Oeverrijk te ontwikkelen staat en ook in stand zal worden gehouden. Mevrouw King deelt hij mede dat Havensteder in Rotterdam al werkt met een seniorenmakelaar, die mensen die enigszins op leeftijd zijn begeleidt bij het vinden van een goede woning. De gemeente wil in het kader van de prestatieafspraken richting het eind van het jaar graag bezien of het ook in Capelle goed zou kunnen werken.

Tweede termijn Mevrouw DEN ENGELSMAN herinnert eraan dat voor Landelijk Capelle nog een themabijeenkomst gepland staat, die eigenlijk in juni zou hebben moeten plaatsvinden, zodat de raad in staat zou zijn geweest goede keuzes te maken bij de voorjaarsnota. Zij geeft in overweging het bezuinigingsvoorstel onder 8.10, zoals ze het maar even noemt, nu bij de najaarsnota mee te nemen, zodat dan ook de uitkomst van de themabijeenkomst daarbij kan worden betrokken. Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt dat dat voor de jaarschijf 2021 niet zal lukken zonder een gat in de begroting te creëren. Voor 2022 kan natuurlijk nog wel worden bekeken wat richting de begroting kan worden gedaan, maar dan moet dat wel in het achterhoofd worden gehouden bij een eventuele meerjarenraming van deze voorjaarsnota. Overigens kan het ook worden omgedraaid en dat is technisch gezien misschien wel de beste weg. Hij stelt voor in de themabijeenkomst nader te bezien of er wellicht een tegenovergestelde beweging zou kunnen worden gemaakt. Mevrouw DEN ENGELSMAN stemt daarmee in. Programma 7: onderdeel Milieu De heer RAADSEN constateert dat in de periode 2015-2019 al 5,5% energie is bespaard, zijnde 1,4 per jaar, oftewel vrijwel twee keer de huidige doelstelling van de gemeente. Is de wethouder bereid die doelstelling verder te verhogen, wat makkelijk kan, liefst naar het niveau dat het Rijk hanteert, t.w.

1,5% per jaar? Zijn volgende vraag, aan een andere wethouder, betreft het restafval. Het is gebleken dat het stoppen met het ophalen van PMD minder kosten bespaart dan het PMD zelf heeft opgeleverd. De doelstelling van 160 kg per persoon restafval per jaar is echt veel te laag, vergeleken met de Rijksdoelstellingen . GroenLinks betreurt het dat de ambitie van de wethouder voor wat betreft afvalscheiding en de resultaten voor de circulaire economie zo laag is en blijft pleiten voor het stimuleren van het afvalbewustzijn van de inwoners en het weer ophalen van PMD in ondergrondse containers, te beginnen in de laagbouw. Mevrouw WEEMHOFF valt het op dat het bij omgevingslawaai in dit programma eigenlijk alleen over geluid van verkeer gaat. Is de wethouder voornemens ook onderzoek te doen naar andere zaken die geluidsoverlast opleveren, zoals het gebruik van allerlei technische apparatuur, hoogwerkers, bladblazers, enz.?

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/581980

pagina: 17 van 19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10498263/1