CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.02 - conceptverslag SOB-SLE 211207

Commissie Samenleving en Economie 25 januari 2022, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen16.934 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De vraag is dan hoe de buurt te betrekken is bij de grote transitie gedurende een aantal jaren. De bouw van woningen in het middengebied heeft te maken met het toevoegen van andersoortige woningen. In hoeverre kan de wethouder stimuleren dat de doorstroming in de wijk zelf op gang komt? Dat kan bijvoorbeeld door mensen in de wijk het eerste recht te geven om te kunnen doorstromen naar een volgende woning. Hij vraagt of de wethouder daarnaar wil kijken. Verder gaat hij in op het beoogde effect van het sociale programma. Het document bevat daarover een tabel met ambities, doelstellingen en acties, onderverdeeld in intervallen van vijf jaar. De SGP vindt die tabel redelijk algemeen en zou die aangescherpt willen zien, bijvoorbeeld wat betreft de termijnen. Wellicht kunnen ambities en effecten van acties over perioden van een jaar gemeten worden, zodat daarop ook bij te sturen is. Wellicht is de wethouder bereid om een notitie te maken met aangescherpte doelen inclusief monitoring op aspecten.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 14 van 23

Daarna wil hij de financiële middelen voor het sociale programma zeker stellen en vraagt hij een toelichting van de wethouder daarop. Gesteld is dat het sociale programma eigenlijk een rookgordijn is voor stenen. De vraag is dan of de stip aan de horizon wel goed is. Die stip is samen de Florabuurt laten opbloeien, kansen creëren voor iedereen, trots worden op de Florabuurt en gezondheid voorop stellen. Is dat nu waarvan de huidige buurtbewoners enthousiast worden, ook als je geen werkt hebt of problemen hebt met je gezondheid? De SGP-fractie krijgt heel veel reactie op deze teksten, die de bewoners onvoldoende meenemen. Wellicht is het perspectief veel te ver weg en veel te hoog gegrepen. Het gaat misschien meer om het bieden een forse steun in de rug voor de Florabuurt. De vraag van de wethouder is of op basis van de gegeven input een andere stip aan de horizon gesteld kan worden. De heer VAN GENT hoort dat allen het erover eens zijn dat de woningen van Havensteder gerenoveerd moeten worden. De andere problemen worden echter niet opgelost door de wijk vol te bouwen. Hij is het daarom ermee eens om het middengebied los te koppelen en eerst een gedegen onderzoek te doen naar de verkeers- en de financiële situatie. Tijdens de coronacrisis kochten veel mensen een extra auto omdat ze niet met het OV willen, waardoor het ’s avonds bijna vechten is om een parkeerplek.

In de Florabuurt is het voor en achter de Jumbo dringen om met de fiets tussen de auto’s door te komen. Als de situatie zou blijft moet wellicht de parkeernorm in Capelle onder de loep worden genomen. De buitenruimte wordt kleiner vanwege de komst van meer woningen voor starters. De vraag is wat er gebeurt als zij straks kinderen en een hond krijgen. Zij moeten hun kinderen ergens laten spelen of hun hond uitlaten. Nu is er veel bouwverkeer bij Aafje, waar in de toekomst personeelsleden en leveranciers gaan rijden. Hij vraagt hoe dat dan geregeld kan worden in verband met de kinderen die daar op straat spelen. Ook vraagt hij de wethouder bij Pameijer na te vragen hoe het met de plannen daarvan zit. Op de locatie Lupinestraat had Pameijer de voorliggende plannen heel mooi kunnen realiseren, maar die locatie is afgestoten. Misschien stoot Pameijer de locatie in de Florabuurt over een paar jaar ook wel af. Mevrouw LAUW-SCHOUTEN herinnert aan fysieke en digitale gesprekken over de plannen voor de Florabuurt met de buurtcoalitie en andere belanghebbenden. Leefbaar Capelle is meerdere malen de wijk in geweest om die te bekijken en is gesprekken op straat met bewoners aangegaan. Zij begrijpen dat er iets moet gebeuren. Uit gesprekken kwam naar voren dat er meer zorgen leven over het sociale aspect dan over de bouwplannen.

De partij onderschrijft die zorgen en overweegt daarover in de komende raadsvergadering een motie in te dienen. Zij begrijpt dat de plannen heel wat teweeg brengen bij de bewoners van de Florabuurt en dat zij zich zorgen maken, maar er moet wel een impuls in de wijk komen. Daarom is het fijn dat de wethouder heeft mee willen bewegen met de mensen uit de wijk. Het plan is hierdoor op meerdere fronten aangepast: 1. De Dotterleitoren met 16 woonlagen en 60 koop- en vrije sector-huurapartementen is komen te vervallen. 2. In het middengebied wordt de bouwhoogte verlaagd van 8 naar 4 bouwlagen, waardoor er 40 koopwoningen vervallen. 3. In de Wingerd komen er geen 16 grondgebonden sociale huurwoningen op het grasveld, wel komen er 8 sociale huurwoningen aan de rand van de Wingerd. Leefbaar Capelle gaat mee met deze aanpassingen. De bewoners maken zich ook zorgen over de verkeersafhandeling, die ook haar aandacht heeft. Het voetgangersbruggetje vanaf de Dotterlei richting Molenpad zal verplaatst worden naar Truweel richting de Prins Constantijnweg. Misschien is het mogelijk om op die plek ook een verbinding voor het autoverkeer richting de Prins Constantijnweg te maken, dit alles in overleg met de bewoners. Het belooft een mooie wijk te worden en mensen zijn positief over de geplande sociale voorzieningen.

Het kindcentrum gaat er komen en het is fijn om alles onder één dak te hebben, wat de samenwerking bevordert. Dat komt ten goede aan de kinderen en daardoor ook aan hun ouders. Havensteder gaat voor € 34,5 miljoen de portiekwoningen saneren en aanpassen aan de eisen van deze tijd. Bewoners zullen daardoor in de toekomst een stuk comfortabeler wonen. Pameijer is blij met de komende nieuwbouw voor haar cliënten. Het is fijn dat de doelgroep een mooie plek gaat krijgen.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 15 van 23

In het middenblok komen maatschappelijke voorzieningen, de huisarts, het buurtrestaurant en de ontmoetingsplek, het huis van de wijk. Het is mooi om alles zo dicht bij je woning te hebben. Een belangrijk onderdeel van de ambities vindt zij duurzaamheid. Er wordt rekening gehouden met klimaatverandering, hittestress en biodiversiteit. Er komen speelplekken en een buurttuin, waar men gezellig samen kan werken of een babbeltje kan maken. Groen en speel- en ontmoetingsplekken zijn belangrijk. Het veld bij het kindcentrum wordt het buurtpark. De oppervlakte daarvan blijft minimaal even groot als nu, namelijk 3.500 m² en misschien iets groter als het kindcentrum niet het maximale bouwvlak nodig heeft. Zij vraagt de wethouder te bevestigen dat het buurpark minimaal dezelfde oppervlakte blijft houden van 3.500 m² en de raad te informeren wanneer duidelijk is dat het iets groter kan worden. Leefbaar Capelle vindt kwalitatief groen belangrijk, dit in verband met de aantrekkelijkheid van de buurt, hittestress en de leefbaarheid. Daarover overweegt zij in de komende raadsvergadering een motie in te dienen. Minstens een keer per jaar wordt vanaf 2022 een bijeenkomst gepland voor alle belanghebbenden waar de stand van zaken wordt geëvalueerd. Er wordt dan gekeken of alles naar behoren verloopt en of er zaken bijsturing behoeven, eventueel met externe expertise.

Zij vraagt of zij er van op aan kan dat bij eventuele problemen zo snel mogelijk een bijeenkomst volgt. Verder vraagt zij of de planning van de ontwikkelingen in het middengebied volgens schema verloopt. Havensteder zou voor eind 2021 met een plan van aanpak komen en zij vraagt of dat inmiddels is gebeurd. Leefbaar Capelle vindt een goed plan voorliggen, maar hecht belang aan monitoren in de toekomst. De heer VAN GENT wijst erop dat verstening juist hittestress veroorzaakt. Mevrouw LAUW-SCHOUTEN reageert dat dat er maar net aan ligt hoe je het bekijkt. Uiteindelijk is meer bouwen nodig, omdat mensen woningen nodig hebben. Het ligt er ook aan hoe er wordt gebouwd, welke materialen worden gebruikt en of er rekening wordt gehouden met duurzaamheid. Als gebouwen deels groen worden aangekleed en als er kwalitatief groen tussen de gebouwen wordt geplaatst, dan valt haars inziens toch aardig wat hittestress te voorkomen. De heer PATTY wijst op het doel van het voorstel om de Florabuurt een nieuwe impuls te geven. Vijftig jaar na de bouw is het een goede zaak voor Capelle, de Capellenaren en in het bijzonder de bewoners van de Florabuurt zelf. De Florabuurt is zowel in esthetische zin als in functionele en fysieke zin nu toe aan deze impuls. Een aantal zaken baart hem echter zorgen. Meer woningen betekenen meer mensen.

Hij vraagt of de ontwikkeling in positieve zin bijdraagt aan een goede leefbaarheid in de Florabuurt. Leefbaar Capelle realiseert zich ter dege dat dit een uitdaging is. Maar tegelijkertijd brengt het project ook kansen op velerlei gebied met zich mee, niet in de laatste plaats als het gaat om de verkeersproblematiek. Het is en blijft een kwestie van met elkaar monitoren, signaleren, een vinger aan de pols houden en blijven communiceren. Hij vraagt zich af of de Florabuurt een groene buurt zal worden. Van belang is daarbij de vraag wat de beleving is van de Capellenaren die in de Florabuurt wonen. Het is juist aan deze Capellenaren om hierin ook een verantwoordelijkheid te nemen. Zij moeten zorgen voor hun buurt en die groen houden. Dat om diverse redenen, zoals gezondheid. Maar het gaat ook om de buurt schoon en heel te houden. In dit verband vraagt hij de wethouder of het mogelijk is om te onderzoeken of de Capellenaren in de Florabuurt bereid zijn om een stuk groen in de buurt te adopteren. Er wordt namelijk alleen maar gefocust op het buurtpark, maar er is meer dan alleen dat, zoals een wandelroute. Verder is het de vraag of het een veilige buurt wordt. Dat kan het worden, zegt hij met nadruk. Het laatste steekincident is namelijk niet aan hem voorbij gegaan. Veiligheid is dus belangrijk en brengt de vraag met zich mee wat je wat dat betreft meekrijgt vanuit thuis.

Als het mogelijk is achter de voordeur te komen kun je ontdekken wat daar daadwerkelijk speelt. Allen hebben te zorgen dat jeugd en jongeren veilig naar school kunnen gaan en niet bang hoeven te zijn voor pestgedrag, bedreigingen en andere bejegeningen. De Florabuurt is een kwetsbare buurt en dat wil Leefbaar Capelle niet. Er is de verantwoordelijkheid om van alle kwetsbare buurten kansrijke buurten te maken. Dat betekent dat vroegtijdig schoolverlaten zonder startkwalificatie niet meer aan de orde is, armoede daadwerkelijk wordt bestreden, schuldhulp laagdrempelig toegankelijk is en begeleiding en/of nazorg bij toeleiding naar regulier werk aanwezig is. Hij is zich ter dege ervan bewust dat er dus uitdagingen zijn in de Florabuurt.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 16 van 23

Ook zijn er problemen op het gebied van wonen, recreëren, sporten, verkeer en de sociale cohesie. Een buurt met 39 verschillende achtergronden vraagt nogal wat en daarin moet je investeren. Dat juicht hij toe, mede gebaseerd op zijn eigen ervaringen. Niets doen of opnieuw naar de tekentafel gaan is voor Leefbaar Capelle geen optie. Zijn fractie is blij en verheugd met de activiteiten die thans gaande zijn. Het gaat om een nieuw te starten ontwikkeling volgens het actieprogramma. Hij benadrukt echter dat het actieprogramma niet in beton is gegoten. Een punt van aandacht is de duur van de impuls, die volgens planning duurt tot en met 2029. Tot en met dat jaar hebben Capellenaren in de Florabuurt te maken met een bouwput, die de nodige ergernissen met zich mee kan brengen, zeker als recreëren in de buitenruimte nauwelijks mogelijk is. Hij vraagt de wethouder hiermee rekening te houden en aan te geven wat de mogelijkheden zijn. Ondanks de zorgen over en de uitdagingen in de Florabuurt kan Leefbaar Capelle zich vinden in de gevraagde beslissingen. De heer VLOT is van mening dat zorg- en onderwijsinstellingen goede accommodaties nodig hebben en dat die ook gerealiseerd moeten worden. Wel vraagt hij zich af of de uitbreiding van Pameijer op de betreffende plek in de Florabuurt de juiste is.

In dat verband dacht hij namelijk ook aan kavel 6B, dichtbij het Schollebos met een mooie achtertuin en een veel rustiger omgeving, met veel minder last van alle druk in zo’n wijk. Hij vraagt of de wethouder daarover wel eens heeft nagedacht. Havensteder noemde het mooi dat er een aanvulling op de woningvoorraad komt, maar naar aanleiding daarvan vraagt hij waarom de woningcorporatie de afgelopen jaren woningen heeft verkocht of heeft onttrokken aan de betaalbare sector. Ook heeft Havensteder tijdens een woningcrisis woningen gesloopt en wordt er nu gesproken over compensatie, waarover de wethouder ook wel eens zei dat die niet nodig was, omdat de voorraad op orde zou zijn in de gemeente, gezien de daarover gemaakte afspraken. Ook heeft hij weleens berekend dat er jaarlijks € 50 miljoen tot € 60 miljoen aan huurpenningen bij Havensteder binnenkomt. Hij vraagt zich daarom af waarom het zo lang heeft geduurd voordat de Wingerd en Bongerd aan de beurt zijn om toekomstbestendig te worden gemaakt. Zelf was hij drie jaar terug in buurthuis De Wel waar hij een verklaring ondertekende om tot een buurtcoalitie te komen en aan de slag te gaan met de Florabuurt. Rond die tijd en daarna hield de SP wel eens bijeenkomst in het buurthuis, waarin zij sprak met bewoners, onder meer over het onveiligheidsgevoel rondom portiekwoningen en ongedierte.

Toen zag hij een bredere afspiegeling van de wijk dan die hij de afgelopen anderhalf bij de beraadslagingen heeft teruggezien. De problemen waren zeker drie jaar geleden al bekend. Ook toen ging het over taalachterstanden, lage inkomens etc. Het heeft hem verbaasd dat de verkooppraatjes over de stenen en het sociale plan wel heel erg makkelijk worden samengevoegd. Liever had de SP die elementen gescheiden gezien en had hij veel meer ingezet op het sociale plan. Afgelopen weekend stond een artikel in het AD, waarin de Florabuurt heel nadrukkelijk als kansarme wijk is genoemd. Verbazingwekkend vindt hij dat kijken achter de voordeur wordt gekoppeld aan het moment waarop Havensteder een inventarisatie van portiekwoningen gaat maken. De gemeente doet al heel veel van wat in het sociaal plan genoemd wordt en die zaken worden ook al gefinancierd. Het wordt dan heel lastig om te benoemen dat stenen en het sociale plan samen moeten gaan voor financiering van het een en ander. De investering in de wijk is volgens hem gewoon verplicht. Een gemeente en een woningcorporatie moeten namelijk altijd voor het welzijn gaan. De mens gaat altijd voor. De ChristenUnie deed een mooie suggestie voor verplaatsing van sociale woningen. Het voorstel van de wethouder om sociale woningen in de tussenruimte te plaatsen viel bij hem niet in goede aarde. Nu ziet hij hoe de wijk nog verder verdicht wordt.

Hij zou bijna geneigd zijn om van elke toevoeging in de wijk af te zien en terug te gaan naar het uitvoeren van het sociaal plan. In de diagram op bladzijde 4 van de gebiedsvisie gaat het over rapportcijfers en kwaliteit van de woningen. Daarin ziet hij dat in 2029 nog steeds 75% van de huishoudens met kinderen tot de minima behoort, wat in 2019 84% was. Hij vraagt of dat ambitieus is. 14- tot 18-jarigen hangen graag ergens, wat nu kan in het buurtpark met een voetbalkooi, een basketbalveld en een soort jeugdhonk. Wellicht is het logisch voor die leeftijdscategorie in de buurt een voorziening te treffen.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 17 van 23

Een tweedeling van de plannen zou hij graag zien, waarbij hij vooral wil inzetten op het sociaal plan. De wijk wordt straks jarenlang een gigantische bouwput, waarbij het plan voor de Dotterleiflat ook nog niet is afgesteld en hij vraagt of de wethouder daarop zijn licht wil laten schijnen en wil aangeven wat er met dat stukje grond zou kunnen gebeuren. Misschien moet dat stukje aan de buurt geschonken worden. Over de 20 verdiepingen aldaar heeft hij niemand gehoord, maar daarbij heeft hij wel bedenkingen, gezien de mobiliteitsvraagstukken en de afwezigheid van een hoogwaardig OV-punt. De VOORZITTER schorst de vergadering. Schorsing (22.38 - 22.51 uur). Wethouder STRUIJVENBERG herinnert aan het raadsbesluit uit 2018 om in de Florabuurt aan de slag te gaan. De raad heeft daarbij gezegd op tijd de hoofdkoers te bepalen, wat anderhalf jaar geleden is gebeurd met het vaststellen van het koersdocument. Daarin zijn de grotere kaders geschetst waarbinnen plannen zijn gemaakt. Hij begrijpt dat er raadsleden zijn die niet alle onderdelen van het koersdocument graag steunen, bijvoorbeeld op het gebied van woningbouw. Zijn uitwerking past echter binnen het kader van het koersdocument. Hij vraagt zich af hoe de heer Geissler is gekomen tot een toename van 1.800 bewoners in de Florabuurt, gezien de maximale toevoeging van 264 woningen.

De heer GEISSLER meent dat hij twee variabelen door elkaar heeft gehaald en komt daarop nog terug. Wethouder STRUIJVENBERG vervolgt dat de 264 woningen zich binnen het kader van het koersdocument bevinden. Anderhalf jaar terug werd nog uitgegaan van 296 woningen, maar de raad heeft toen gezegd nog te twijfelen aan de Dotterleitoren en de woningen in de hofjes van de Wingerd. De Dotterleitoren is er nu uit gehaald en de woningen in de hofjes zijn op een andere manier in de Wingerd geplaatst, zodat het plan in het algemeen op instemming kan rekenen. De heer HARINCK meent dat het aantal woningen in het koersdocument voor het middengebied ook 200 woningen bedraagt, inclusief de zorgwoningen en sociale huurwoningen. Wethouder STRUIJVENBERG licht toe dat het om ongeveer 200 woningen gaat exclusief de zorgwoningen van Pameijer voor het middengebied. Er was een Dotterleitoren ingetekend met 80 woningen. Later zijn dat 60 woningen geworden en nu nul. Daarnaast waren er de woningen in de hofjes aan de Wingerd ingetekend. De heer HARINCK leest uit het koerdocument voor: in het middengebied naast voorzieningen een gevarieerd aanbod van circa 200 inclusief 39 sociale huurwoningen en huisvesting/logeermogelijkheden. Wethouder STRUIJVENBERG heeft deze discussie anderhalf jaar terug al gevoerd.

Het gaat om ongeveer 200 woningen inclusief de sociale woningen én de zorgwoningen voor Pameijer, waarbij het aantal niet is gedefinieerd. Voor de hele Florabuurt zaten er nog een Dotterleitoren en 16 woningen aan de Wingerd bij, welk aantal nu 8 op een andere locatie is geworden. Als hij terug zou moeten naar de tekentafel moet hij volgens de heer Geissler teruggaan naar de periode van voor het koersdocument. Daarop reageert hij niet positief. Het koersdocument is namelijk niet voor niets vastgesteld en daarbinnen heeft hij een uitwerking gevonden. Het raadsbesluit neemt hij serieus. Gevraagd is of er garanties zijn dat onvoorziene tegenvallers niet leiden tot het schrappen van de sociale plannen. Er zijn garanties, maar hij kan niet in de toekomst van een volgend college en een volgende gemeenteraad kijken. Financiering van de woningen en het sociaal programma staan wat hem betreft los van elkaar. De heer Raadsen vroeg of rekening is gehouden met het groen in de particuliere tuinen van de andere buurten bij de vergelijking met het openbaar groen in de Florabuurt. Hij heeft gekeken naar openbaar toegankelijk groen en dat is vergeleken. Particuliere tuinen zijn in die vergelijking niet meegenomen. De heer Tiesma vroeg waarom het park nu al niet groter wordt gemaakt als men dat een goed idee vindt. Bij de huidige studie is uitgekomen op de huidige omvang van het park.

Het verzoek van bewoners was ook om het buurtpark niet kleiner te laten worden. Hij begrijpt en kent de wens voor een groter buurtpark wel en neemt die mee. Hij probeert het buurtpark groter te maken, maar weet niet zeker of dat zal lukken.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 18 van 23

De heer TIESMA ziet dat is gesuggereerd dat het buurtpark groter zou kunnen uitvallen doordat de school- en kinderopvangactiviteiten wellicht minder ruimte nodig hebben. Hij vraagt om die ruimte dan gelijk te reserveren voor het park. Wethouder STRUIJVENBERG doet dat graag als het kan. Hij kan echter nu niet zeggen dat het kan en kan dus nu nog geen aanpassing doen. Zodoende hoeft hij later ook niet met een teleurstellende mededeling naar de raad terug te komen. Het ontwerp van het IKC wil het college samen met de gebruikers en de bewoners maken. Het is niet de bedoeling alle activiteiten in het park te doen. Wel is het belangrijk om het buurtpark centraal gelegen in het gebied te hebben, wat ook veel kansen biedt voor activiteiten en gebruik door de bewoners van voorzieningen. Laatst is nog het startschot gegeven voor een buurttuin. Te denken is ook aan een wandelpad voor een rondwandeling in de Florabuurt of het toevoegen van speeltoestellen in de hofjes, in samenspraak met bewoners, waardoor het gebruik van die velden zou kunnen toenemen. Het klopt dat het verkeersonderzoek en financiering van maatregelen los staan van het project Florabuurt. Over het verkeer begrijpt hij de zorgen en dat is een punt van aandacht, dat te maken heeft met de metro-overgang.

Zijn inzet is om daarover het gesprek met de gemeente Rotterdam en de RET te voeren teneinde na te gaan wat er te doen is en of er nog andere optimalisaties in de wegprofielen mogelijk zijn. De capaciteit van de wegen zelf zijn aldaar voldoende. De verkeerstoename bedraagt als gevolg van de plannen enkele procenten. Dat betekent dat de kern van de opgave hetzelfde blijft. Verkeerstechnisch zou een ondertunneling ideaal zijn, maar financieel gezien is dat de duurste optie. Hij vraagt zich daarom af of dat binnen de looptijd van deze ontwikkeling een reële optie is en financieel gezien haalbaar is. De heer TERLOUW vraagt de wethouder om de optie van een tunnel of ongelijkvloerse kruising in de gevraagde scenarioanalyse wel mee te nemen, gezien de impact voor jaren. Hij vraagt of een tunnel/ongelijkvloerse kruising in het onderzoek wordt meegenomen. Wethouder STRUIJVENBERG neemt die optie mee in het onderzoek en zegt dat toe, maar de kosten daarvan zullen hoog zijn. Ook wordt bij onderzoek duidelijk of een tunnel/ongelijkvloerse kruising ruimtelijk past. Vervolgens gaat hij in op de vraag waarom nu een en ander een succes zal worden als een hoop activiteiten nu al gebeurt en in staand beleid zit.

Bij achter de voordeur kijken voor het doen van aanpassingen aan de woningen is er de mogelijkheid om het gesprek aan te gaan met bewoners over hoe het gaat en wat er misschien nog meer aandacht behoeft. Daarnaar wil hij met Havensteder en andere partijen kijken, zoals de Stichting Welzijn. Te bezien is welk aanbod naast het opknappen van de woningen voor welk huishouden nodig is. Van de integrale aanpak is ook veel te leren en daarmee is in potentie veel succes te behalen. De integraliteit van de aanpak is ook onderdeel van het vastgestelde koersdocument. De kracht van de voorstellen is dat ze juist allemaal samenkomen: nieuwe woningen en het toevoegen van sociale woningen door Havensteder, met voorrang voor de huidige huurders. De meeste acties starten in 2022 of zijn al gestart. Acht acties starten in 2023 of daarna. De speelruimte voor de kinderen wordt niet beperkt, maar wordt juist beter. Het fysieke en het sociale aspect maken het tot een krachtig plan met een meerwaarde. Sociale huurwoningen eruit halen lijkt hem geen goed idee. De compensatie van de woningen van de Hoven moet wel op tijd beginnen. In het Rivium komen wel sociale woningen, maar niet van Havensteder. Sociale woningen zijn ook belangrijk om niet achter te lopen wat betreft de doelstelling van het aantal beschikbare woningen in die prijscategorie.

Sociale huurwoningen moeten twintig jaar sociaal blijven teneinde subsidie van de provincie te kunnen verkrijgen. Havensteder is ook niet van plan om ze na twintig jaar te verkopen. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt of in de documenten ook kan worden ingevuld dat de sociale huurwoningen veertig jaar dat stempel blijven houden. Wethouder STRUIJVENBERG bevestigt dat. Twintig jaar is ingevuld vanwege de subsidie-eis. Als de raad iets anders wil hoort hij dat wel in de tweede termijn. De nieuwbouw richt zich niet specifiek op ouderen en hij is dus niet bang voor het ineens verkrijgen van een oververtegenwoordiging van senioren in het gebied. Daktuinen worden zoveel mogelijk openbaar, maar de vraag is of dat gewenst is voor bewoners. Of die openbaarheid ook geldt voor de gebruikers van Pameijer moet hij nagaan. Er zal de nieuwe fietsparkeernorm worden toegepast, die geldt ten tijde van het aanvragen van de vergunning. Naar mogelijkheden van een tweede ontsluiting van de Florabuurt is wel gekeken. Technisch zou dat kunnen, maar niet via de Hammerfeststraat, omdat daarvoor een andere gemeente nodig is.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 19 van 23

Een tweede ontsluiting creëert wel een extra doorgaande route door de wijk. Dat betekent dat het verkeer door de wijk behoorlijk gaat toenemen, omdat mensen die niet in de wijk wonen ook die route gaan nemen. Dat is waarschijnlijk geen goed idee. De heer VAN GENT vraagt of de wethouder ermee bekend is dat de parkeerplaats van het IJsselland ziekenhuis al als sluiproute gebruikt wordt. Wethouder STRUIJVENBERG is dat inderdaad bekend. De heer TERLOUW stelt vast dat deze opmerking zijn blijdschap ondersteunt over de toezegging van de wethouder om een ongelijkvloerse kruising bij de metro te onderzoeken. Wethouder STRUIJVENBERG betrekt ook de financiën in de afweging. Het plan is geen groot verdienplan en dat is ook nooit het doel geweest. Er is wel een koppeling met de gemeentebegroting en hij wil goed in kaart brengen wat het plan kost. De heer VAN LOEF concludeert dat minder bouwen ook minder opbrengsten betekent. Wethouder STRUIJVENBERG bevestigt dat. Een aantal bewonerswensen is ingewilligd, zoals het schrappen van de Dotterleitoren en het teruggaan van acht naar vier bouwlagen. Dat scheelt in de opbrengsten en dat is onderdeel van de afweging. Zijn keuze is om op deze manier tegemoet te komen aan de bewonerswensen en dat scheelt een flinke som geld. Het voorstel is volgens hem wel goed verdedigbaar.

De heer VAN LOEF vindt dat in het verhaal van bewoners van de Molenbuurt een aantal waardevolle suggesties, onderzoeksvragen en scenario’s staan. Daarom vraagt hij om de toezegging dat de wethouder het verkeersaspect uit de brief van de Molenbuurt serieus meeneemt in het onderzoek. Wethouder STRUIJVENBERG zegt dat toe. De heer VAN LOEF vraagt wat de wethouder zal doen aan het gebrek aan draagkracht voor het plan in de buurt. Ook wil hij weten of al kan worden gestart met het sociaal programma. Wethouder STRUIJVENBERG herhaalt dat een aantal acties daarvan al is gestart. Niet alle acties kunnen plaatsvinden bij een loskoppeling. Zonder IKC zijn de daarbij horende acties niet mogelijk. Het sociaal programma wil hij ook niet loskoppelen, omdat de effectiviteit daarvan behoorlijk zal afnemen als men het ander nalaat te doen. Draagvlak in de wijk is er bij een aantal insprekers op een aantal aspecten niet, wat hij vervelend vindt. Bij zo’n veelomvattend plan zal het ook niet altijd lukken om alles tot in tevredenheid voor eenieder op te lossen. Dat ontslaat hem echter niet van de plicht om wel aan dat draagvlak te blijven werken. Het is dus zaak om het plan samen met bewoners en organisaties in de wijk te blijven oppakken. In reactie op de bijdrage van de heer Eilander vindt hij het uitstekend eens per jaar met bewoners te evalueren om te kijken of men op koers ligt.

Dat is ook zijn eigen wens. De ambities zijn leidend en niet de acties zelf. Ongetwijfeld zullen partijen met elkaar veel leren. Op het idee van portacabins of tijdelijke materialen om zaken in de planning te versnellen komt hij terug en dat vindt hij een interessante gedachte. Wel wil hij zaken in de goede volgorde doen. De heer EILANDER gaat in op het IKC dat er pas in 2027 zal komen en vraagt of bij behoefte daaraan daarmee al in tijdelijke zin kan worden begonnen. Dus alvast oppakken wat kan. Wethouder STRUIJVENBERG zegt dank voor die verduidelijking en zal dat doen. Uitwisselen van woningen met de Poortmolen is niet mogelijk. Het gaat in dezen om gemaakte afspraken met Havensteder en hij wil die ook gestand doen, ook vanwege het benodigde aantal sociale woningen in de stad. Hij is het eens met het leggen van meer focus op de kwaliteit van het groen in plaats van op het aantal vierkante meters groen. Het aantal vierkante meters groen wil hij niet omlaag brengen. De inzet is niet om nog meer groen te maken, omdat het al een redelijke groene buurt is, maar om de waardering van het groen omhoog te krijgen. Eigenlijk wil hij komen van kijkgroen tot gebruiksgroen. Dus een betere kwaliteit en betere gebruiksmogelijkheden voor bewoners zonder een afname van het aantal vierkante meters.

De heer TERLOUW ziet in de tabel met ambities en doelstellingen op bladzijde 4 een vraag vermeld over de tevredenheid over de hoeveelheid groen. Gehoord de wethouder gaat het eigenlijk over de tevredenheid van de kwaliteit van het groen, zodat de tabel dus aangepast zou moeten worden. Wethouder STRUIJVENBERG wil graag opnemen dat de hoeveelheid groen gelijk blijft en niet afneemt. Op de vraag of de ambities en doelstellingen uitgebreid moeten worden komt hij nog terug.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 20 van 23

Als het buurtpark mooier wordt zijn functies er volgens hem beter te combineren. Nu zijn er echter ook niet heel veel klachten dat het buurtpark wordt gebruikt door veel verschillende bewonersgroepen en dat dat leidt tot al te veel gedoe. Hij kan zich voorstellen dat in een buurtpark dat zich leent voor meer gebruik ook meer bewonersgroepen komen. Niet alles gebeurt echter in het buurtpark en bepaalde groepen zullen vaker naar het buurthuis gaan. Wandelroutes wil hij graag optimaliseren, ook rond het gebied. Op de suggestie van het planten van extra bomen reageert hij positief. Daarover moet hij in gesprek met de buurt gaan over wat waar kan komen. Bomen moeten ook ingepast kunnen worden. Hij kan zich voorstellen bij het bereiken van bepaalde mijlpalen buurtmaaltijden te organiseren. De transformatie kan dus ook gebruikt worden voor sociale activiteiten. De heer TERLOUW heeft de wethouder gevraagd om een notitie te schrijven over op welke wijze die de transformatie positief wil gebruiken ten aanzien van cohesie, samenwerking enz. Hij vraagt of de wethouder dat wil toezeggen. Wethouder STRUIJVENBERG bevestigt de gedachte van het gebruiken van de transformatie voor het genereren van een positieve impuls of activiteiten met en voor bewoners. De heer TERLOUW komt hierop nog terug.

Wethouder STRUIJVENBERG vervolgt dat ten behoeve van het stimuleren van doorstroming in de wijk er voorrang is voor buurtbewoners. Hij wil per jaar bekijken of acties effect hebben en zegt toe daarover een notitie te sturen om te bezien wat jaarlijks te meten is. Daarop komt hij nog met een apart stukje bij de commissie terug na gecheckt te hebben of dat overal kan. Hij kan zich voorstellen bij de voorjaarsnota of de begroting terug te komen op de vraag of inzichtelijk te maken is of voor het sociale programma extra middelen nodig zijn. De heer TERLOUW vindt dat een belangrijke toezegging, omdat insprekers en bewoners steeds terugkomen op het sociale programma. Vanwege onzekerheid is het belangrijk dat de wethouder het sociale programma in kaart brengt, evenals de wijze van verwerking in de voorjaarsnota en de begroting. Dat voegt vertrouwen aan bewoners toe dat het sociale programma ook daadwerkelijk doorgang zal vinden. Wethouder STRUIJVENBERG vraagt zich af of de slogan ‘Samen laten we de Florabuurt opbloeien’ de juiste is. Die slogan heeft wel een positieve insteek. Het is een stip op de wat verdere horizon. Hij begrijpt wel dat het voor mensen met multiproblematiek lastig is om een stip op de horizon te zien, omdat zij vooral bezig zijn met de dag van vandaag. Een slogan verzinnen die wat meer op de kortere termijn ziet past dan wat meer bij hen.

Bij de slogan ‘Een flinke steun in de rug’ focus je je op iets dat niet goed gaat. De heer TERLOUW meent dat mensen geen binding krijgen bij de tekst op borden ‘samen bouwen’. De vraag is hoe mensen met dagdagelijkse problemen toch te motiveren zijn. Daarbij is dus aandacht nodig voor de communicatiestrategie: hoe zijn mensen van de wijk mee te nemen in het traject? Wethouder STRUIJVENBERG denkt dat voor een aantal mensen de slogan niet zoveel zal uitmaken. Eerder is het ‘seeing is believing’. Communicatie is belangrijk, maar er zijn mensen die echt meegenomen moeten worden in het verhaal in plaats van dat ze erover lezen in een flyer of op een bord. Het aanpassen van de parkeernorm is niet nodig, omdat ontwikkelingen hun eigen parkeerbehoeften moeten oplossen. Het toevoegen van extra parkeerplekken zou dan ook weer extra buitenruimte kosten, wat zonde zou zijn, zeker als het niet nodig is. Het is niet de insteek dat Pameijer gebouwen na een aantal jaren afstoot. De instelling zit al tientallen jaren in de Florabuurt. Het is voor Pameijer een zeer bekende locatie en er is juist gezegd dat het goed zou zijn daar een aantal mensen te kunnen laten wonen. Het gaat om 24 woningen en 12 logeerplekken, zodat mensen respijt krijgen van de intensieve verzorging van cliënten. De heer VAN GENT snapt dat, maar stelde zijn vraag omdat Pameijer eenzelfde locatie elders al heeft afgestoten.

Wethouder STRUIJVENBERG weet dat er aldaar wat problemen waren met het pand. Hier gaat het om nieuwbouw, zodat er voor een langere termijn commitment is. Bouwverkeer bij Aafje is tijdelijk en in meldingen van onveilige situaties is hij heel erg geïnteresseerd, zodat daarop actie is te ondernemen. De verwachting is dat mensen in starterswoningen die kinderen krijgen uitkijken naar een andere, grotere woning.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 21 van 23

Mevrouw Lauw suggereerde autoverkeer toe te voegen aan de overgang bij de Prins Constantijnweg, maar dat leidt tot extra verkeer door de wijk vanuit andere wijken. Mevrouw LAUW-SCHOUTEN oppert de gedachte daar slechts op bepaalde tijden auto’s door te laten of er eenrichtingsverkeer van te maken. Wethouder STRUIJVENBERG reageert dat ook in dat geval veel extra verkeersbewegingen ontstaan en weet niet of hij dat zou moeten doen. Een harde eis in het gebiedspaspoort is dat het buurtpark even groot blijft. In 2024 of 2025 is met zekerheid te zeggen of het buurtpark groter kan worden. Een bijeenkomst met bewoners wil hij eens per jaar houden, maar bij specifieke problemen hoeft op die jaarbijeenkomst niet gewacht te worden en kan die eerder plaatsvinden. Halverwege 2022 volgt een enquête vanuit Havensteder over de aanpak van de portiekflats. Uiteindelijk is van 70% van de bewoners instemming nodig voor doorgang. De planning voor het middengebied is zoals in de stukken vermeld en daarover besluit de raad. Gezien de 264 geplande woningen verwacht hij een toename van ongeveer vijfhonderd mensen. De suggestie van de heer Patty om te onderzoeken of bewoners bereid zijn groen te adopteren neemt hij graag mee terug. Langdurige werkzaamheden kunnen overlast geven en die overlast kan eventueel worden beperkt door werk met werk te maken.

Bepaalde zaken moeten dan volgordelijk plaatsvinden en dan is er in totaal over de hele looptijd minder overlast. Met het vervallen van de Dotterleitoren kan in dat deel van de Florabuurt tijdelijk iets worden gedaan wat in een ander deel van de buurt niet meer mogelijk is. In die zin kunnen de gebruiksmogelijkheden zo goed mogelijk in stand blijven. Hij begrijpt dat de heer Vlot met de opbrengst van huurpenningen van € 40 miljoen tot € 50 miljoen de opbrengst van alle huurwoningen van Havensteder in Capelle bedoelt. Het jeugdhonk komt weer terug in de plannen en een voetbalkooi of basketbalveld blijft er eveneens in de nieuwe situatie. De Dotterleitoren is geen onderdeel meer van zijn plannen. Als men woningen toevoegt die niet voor minima met kinderen zijn betekent dat het percentage van minima met kinderen in het gebied omlaag gaat. Dat er verder geen verbetering plaatsvindt, ook niet door de uitvoering van het sociaal plan, is niet de bedoeling en dat punt neemt hij mee terug. De heer TERLOUW vraagt of dat punt wordt gekoppeld aan de aan hem gedane toezegging om bij de voorjaarsnota of de begroting terug te komen op de vraag of inzichtelijk te maken is of voor het sociale programma extra middelen nodig zijn. Wethouder STRUIJVENBERG zegt dat toe. Besloten wordt ondanks het late tijdstip op de avond het agendapunt af te maken.

Tweede termijn De heer RAADSEN hoort de wethouder zeggen dat de Florabuurt een vrij groene buurt is, wat volgens hem een misvatting is. Een eengezinswoning beschikt al heel gauw over 30 m² tot 40 m² tuin. Als men die optelt bij de cijfers komt er een heel ander beeld uit de vergelijking. Dan is te zien dat de Florabuurt nu al niet meer groen per woning heeft dan de omliggende buurten. Met woningbouw erbij wordt dat zo’n 30 m² groen per woning minder. De suggestie van de wethouder dat de hoeveelheid groen en de dichtheid van de buurt niet zo’n punt is spreekt hij daarom beslist tegen. De heer GEISSLER heeft enkele weken terug cijfers van het WOP Schenkel over de Florabuurt ontvangen. Daaruit blijkt dat de oppervlakte van de buitenruimte 9.122 m² bedraagt. De oppervlakte van de buitenruimte zal straks na uitvoering van de plannen 3.989 m² zijn. Het aantal bewoners is nu 1.805 en straks 2.378. Het aantal kinderen bedraagt nu 500 en is straks 672. Er komen dus ruim 30% meer bewoners bij op 56% minder buitenruimte, waarvan 35% meer kinderen. Dat zijn volgens hem de juiste cijfers. De wethouder zegt een vastgesteld koersdocument als uitgangspunt te hebben genomen voor de voorliggende plannen en die argumentatie begrijpt hij. Buurtbewoners zijn echter pas na de vaststelling van het koersdocument actief betrokken bij de buurtcoalitie. Het vertrekpunt was dus bij aanvang al onjuist.

De PvdA heeft dat bij herhaling benadrukt en heeft aangedrongen om de bewoners er tijdig bij te betrekken, wat niet is gebeurd. Verder rest hem niets anders om te concluderen dat er onenigheid is over de wenselijkheid van het plan.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 22 van 23

De heer TIESMA vindt draagvlak voor de plannen heel belangrijk, dat samenhangt met de hoeveelheid groen. In plaats van de slogan ‘Trots op de buurt’ suggereert hij de slogan ‘Geen woorden, maar daden’ te hanteren. De heer HOLKAMP is blij dat de wethouder gaat voor een integrale aanpak. Hij begrijpt dat nog naar intensivering van beleid wordt gekeken, uitgaande van het debatje tussen de wethouder en de heer Terlouw, en dat dat pas aan de orde komt bij de voorjaarsnota of de begroting volgend jaar. Mevrouw DEN ENGELSMAN vraagt de wethouder wat nodig is om 56 sociale huurwoningen uit het plan te halen, welke andere mogelijkheden er zijn en wat de consequenties zijn als die vervallen. De heer VLOT ziet dat het sociaal plan en de aanpak van de portiekflats draagvlak hebben, evenals de aanpak van de scholen en de woningen van Pameijer. De nieuwbouw heeft echter geen draagvlak, met name vanuit de insprekers. Wellicht zou de wethouder moeten zeggen dat het plan alleen tot diens eigen tevredenheid is. De heer TERLOUW stelt dat om mensen te betrekken er gecommuniceerd moet worden. Betrekken is ook verleiden, prikkelen en enthousiast maken. Het is niet zenden, maar eigenlijk uitnodigen, wat in de communicatiestrategie heel belangrijk is. Mensen zouden daardoor uit zichzelf de intrinsieke motivatie kunnen hebben. De slogan ‘Geen woorden, maar daden’ vindt hij veel te Rotterdams.

Liever heeft hij een Capelse slogan. De heer TIESMA gaat het bij zijn slogan wel om mouwen opstropen en aan de slag gaan in de Florabuurt. De heer EILANDER bedoelt evenals de wethouder dat er leefbaar en bruikbaar groen moet zijn, in plaats van kijkgroen. Hij wil naar het complete plaatje kijken en naar hoe er met de openbare ruimte wordt omgegaan. Wat betreft de tabel kan het helpen om absolute getallen te noemen, zodat het effect van een aantal acties kan worden gemeten. Wethouder STRUIJVENBERG neemt de zorgen van de bewoners wel degelijk serieus en meent hen op een aantal punten goed tegemoet te zijn gekomen. Niet aan alle zorgen is hij tegemoet gekomen, maar wat is gepresenteerd betreft volgens hem goede plannen, ook op het punt van groen of openbare ruimte. De door de heer Geissler genoemde cijfers zijn hem helder. De openbaar toegankelijke ruimte en het groen nemen niet af. Als in een koersdocument staat dat er woningen bij komen, dan wordt er verdicht. Het aantal vierkante meters groen blijft gelijk, de omvang van het buurtpark blijft gelijk en aan wensen van bewoners is tegemoet gekomen. Met Havensteder is een afspraak gemaakt over woningen en daarnaast is er een noodzaak van het beschikken over voldoende sociale woningen. Het bouwen van de woningen is voor Havensteder belangrijk om te doen.

Betrekken is communiceren, verleiden en uitnodigen en dat kan hij zich voorstellen. Het gaat bijvoorbeeld om bewoners uitnodigen voor een maaltijd. Hij kijkt naar de suggestie van de heer Eilander om absolute getallen te gebruiken en komt daarop terug. De VOORZITTER concludeert dat de volgende toezeggingen zijn gedaan: Het meenemen van een studie naar ongelijkvloerse kruisingen in het verkeersonderzoek. Onderzoek doen naar verkeersscenario’s, zoals genoemd in de brief van de Molenbuurt. Het jaarlijks meten van de doelen en de waarden genoemd in de tabel van pagina 4. Onderzoek doen naar het adopteren van groene perken. De financiën van het sociaal programma inzichtelijk maken en de effecten daarvan in de voorjaarsnota of de begroting te verwerken.

Behorende bij kenmerk nummer: 408485/673989

pagina: 23 van 23

4. Koersdocument Visie Buitenruimte Het agendapunt wordt doorgeschoven naar de commissievergadering van 11 januari 2022. 5. Rondvraag Mevrouw DEN ENGELSMAN constateerde dat de twee gekwalificeerde adviezen van het WOP Fascinatio over studentenhuisvesting niet op de lijst van ingekomen stukken staan en vraagt of de commissie nog voor de komende raadsvergadering over die adviezen kan beschikken, evenals de reactie daarop aan het WOP. Wethouder STRUIJVENBERG zegt dat toe. De heer TIESMA constateert dat op kavel NK1 in Fascinatio een hek is geplaatst. Er liggen rijplaten, aarde en een stapel stenen. Evenals staan er een container en een kantoortje op het kavel. Hij vraagt naar aanleiding daarvan wat er aldaar gaat gebeuren. Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt dat aldaar groenvlakken zullen worden aangelegd. De heer GEISSLER hoorde in de commissievergadering van 6 december jl. op een rondvraag dat de rijrichting bij Allsafe hopelijk zal worden aangepast, wat het probleem aldaar deels zal oplossen. De PvdA is naar aanleiding van die beantwoording door bewoners benaderd. Wellicht dat er een groter probleem met vrachtwagens is die op de rijbaan parkeren voor laden en lossen en de rijbaan blokkeren. Hij vraagt of dat aspect in de gesprekken is meegenomen en of er daarvoor een oplossing is.

Wethouder STRUIJVENBERG antwoordt dat parkeren op de rijbaan niet is toegestaan en moet worden gehandhaafd. Alle bezoekers van het bedrijf en gebruikers moeten dat niet doen en dat moet ook helder gecommuniceerd worden door het bedrijf richting gebruikers, zodat dat voorkomen wordt. 6. Sluiting De VOORZITTER sluit de vergadering om 0.22 uur.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 24 januari 2022, de secretaris, de voorzitter,

Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Samenleving en Economie van 25 januari 2022, de secretaris, de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11025961/1