02.02 - conceptverslag Commissie SOB 08032021
Tekst van het document
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
1
Verslag van de digitale vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op maandag 8 maart 2021, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter
:
mevrouw mr. A.S. van der Klauw-Cornet;
volksvertegenwoordigers :
mevrouw V. King-de Hoog, raadslid Leefbaar Capelle de heer G. Spruit, raadslid Leefbaar Capelle; de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD; de heer H.E. Tiesma, burgerraadslid D66; de heer B.H.W. Oudshoorn, burgerraadslid SGP; de heer S. Geissler, raadslid PvdA; de heer M.W. Vlot, raadslid SP; mevrouw J. den Engelsman, raadslid CDA; de heer E. Harinck, burgerraadslid CDA; de heer ing. P. Eilander, raadslid ChristenUnie; de heer E.C. Raadsen, raadslid GroenLinks;
secretaris
:
de heer drs. T. Schoenmakers;
portefeuillehouders
:
mevrouw H.D. Westerdijk LLM, wethouder; de heer M.J.W. Struijvenberg, wethouder; de heer N.C. van Veen, wethouder;
notulist
:
de heer D.J. van Eck (Notuleerservice Dictum).
1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet een ieder van harte welkom. Via een inventarisatie wordt de presentielijst vastgesteld als boven aangegeven, waarbij felicitaties worden overgebracht aan de heer Spruit in verband met diens verjaardag. De agenda wordt hierna gewijzigd vastgesteld. 2. Vaststellen verslagen Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 27 januari 2021 Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht inwoners De VOORZITTER deelt mede dat zich drie insprekers hebben gemeld: mevrouw Stuivenberg, contactpersoon van de Bomenstichting, de heer Diederik – op verzoek wordt deze met zijn voornaam aangesproken – , die zal inspreken over het programma Mobiliteit, en de heer Jacco Bruinaars, die wil inspreken over het appartementengebouw Hortus. Mevrouw Stuivenberg heeft haar verzocht haar bijdrage voor te lezen in verband met eventuele problemen in de connectie. Het is een vrij uitgebreide bijdrage, waarin ook een aantal tabellen voorkomt die zij uiteraard niet kan voorlezen. Daarvoor verwijst zij naar de tekst in NotuBox. De spreektekst van mevrouw Stuivenberg: “Geachte commissie SOB, Onze steden hebben bomen nodig die gezond en vitaal zijn, en het liefst ook groot, zodat ze een reeks van essentiële baten kunnen leveren.
Daarom maak ik mij zorgen over het aantal bomen en vooral het groenvolume in de bebouwde kom van Capelle. Maar minstens zo zorgelijk vind ik de Bomenbalans en de informatie op basis waarvan de politiek beslissingen neemt. De politiek leunt sterk op feiten en cijfers. Aan de betrouwbaarheid van de Bomenbalans moet getwijfeld worden. Bovendien bestaat het risico dat door het gebrek aan volledige informatie, u geen zicht meer zult hebben op de onderliggende problemen. 1. De Bomenbalans wordt gedefinieerd aan de hand van aantallen bomen; niet het groenvolume. In verband met de klimaatverandering zou het verstandiger zijn om de Bomenbalans te definiëren aan de hand van het kroonvolume. Het vervangen van bomen van de 1e grootte door bomen van de 3e
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
2
grootte, kan qua ecosysteemdiensten niet opwegen tegen die van gekapte bomen. Over de afgelopen 10 jaar is er in Capelle een groot verlies aan groenvolume ontstaan. Er zijn veel struiken en bomen verdwenen. Veel bomen van de 1e grootte werden vervangen door bomen van de 3e grootte, die veel kleiner zijn. Voor het kappen van 1 boom 1e grootte heb je een herplant nodig van 3 bomen van de 3e grootte om het vergelijkbare groenvolume te behouden. Een boombeheerder zegt: “Als je een boom kapt, dan moet je het kroonvolume ervan bepalen. En als je dat gemeten hebt, kun je maatwerk leveren om het volume aan groen op peil te houden. Dus hoeveel kleinere bomen plant je ervoor terug of hoeveel vierkante meter gazon? Je moet naar de hoeveelheid groen kijken en niet naar de hoeveelheid bomen.” Onder punt 2 is een overzicht gegeven van de Bomenbalans in het jaar 2018, een deel uit de collegebrief en een deel uit de evaluatie van het Bomenbeleidsplan. In 2018 heeft een greenwashing plaatsgevonden van 118 bomen. Dit cijfer, 118 bomen, past bij andere waarnemingen. Ik heb nog geen cijfers kunnen inzien van 2019 en 2020. 3. Steekproef Bekendmakingen; greenwashing en geen inzage in openbare informatie. De herplantcijfers in de Bekendmakingen geven een verkeerd beeld van de fysieke werkelijkheid. Ik verwijs u naar de tabel die in de tekst staat.
Uit het Groenplan en de Bekendmakingen Spoorberm blijkt, dat de papieren/digitale realiteit behoorlijk afwijkt van de fysieke werkelijkheid. Dat is greenwashing. 4. Het begrip herplant wordt tegenwoordig anders gedefinieerd. Herplantcijfers rond 2010: bomen die daadwerkelijk binnen een jaar geplant werden. Herplantcijfers nu: een voornemen tot herplant. Tegen bewoners wordt al sinds enkele jaren gezegd: “We gaan herplanten wanneer we ergens een plek voor een boom vinden”, of: “Niet alle bomen kunnen worden herplant”. 5. Bomenbalans niet meer samenstellen met herplantcijfers afkomstig uit de Bekendmakingen. Herplantcijfers worden al heel lang gewantrouwd. “Ze zeggen dat ze meer planten dan kappen. Maar waar laten ze die bomen dan?” Een betrouwbaar overzicht van gekapte en geplante bomen ontbreekt. De herplantcijfers worden gehaald uit de Bekendmakingen en niet uit de Groenplannen per project. In deze Groenplannen staat wel duidelijk waar bomen daadwerkelijk geplant worden. “Deze cijfers verzamelen is te veel werk voor de administratie, daarom halen we de kap- en herplantcijfers uit de Bekendmakingen.” Een Bomenbalans moet dus samengesteld worden met de cijfers afkomstig uit de Groenplannen; de daadwerkelijke herplant. 6. Meer openheid en transparantie.
Uit het Groenplan en de Bekendmakingen Spoorberm blijkt, dat de papieren/digitale realiteit behoorlijk afwijkt van de fysieke werkelijkheid. Het is verontrustend dat ik geen inzage krijg in de groenplannen van de Dalenbuurt en Doele Bouvigne. Verzoeken leiden wel tot een bevestiging van ontvangst, maar niet altijd tot een beantwoording van de vraag om inzage. 7. Verwarring en onduidelijkheid ondermijnt het vertrouwen in overheid en wetenschap. Aan de betrouwbaarheid van de kap- en herplantcijfers wordt getwijfeld. Het is ook niet meer geloofwaardig. Bij elke herinrichting en ophoging verdwijnen al jarenlang standplaatsen van bomen t.g.v. parkeerplaatsen en ondergrondse containers, kabels en leidingen. Regelmatig krijg ik van bewoners te horen: “Ze zeggen dat ze meer planten dan kappen. Waar staan al die bomen dan? Niet bij mij in de buurt. Bij mij hebben ze alleen maar bomen weggehaald.” Vanuit de politiek: “Wij zijn groen, kijk maar naar de cijfers.” Er is een groot verschil tussen de digitale/papieren realiteit en de fysieke werkelijkheid. De wijze waarop betekenis toegekend wordt aan cijfers zijn omgeven van bewuste én onbewuste keuzes. Persoonlijke beleidsopvattingen maken de verwarring nog groter. Meerdere keren gehoord vanuit de gemeentelijke organisatie: “Dadelijk is er genoeg ruimte in het Schollebos om te herplanten.
Die herplantcijfers kloppen dan toch?” De burger en tevens belastingbetaler mag verwachten dat de gemeentelijke organisatie de commissieleden, de gemeenteraad en het college voorziet van juiste cijfers en feiten. Dit gesjoemel met feiten en cijfers geeft een verkeerd beeld van de werkelijkheid en ondermijnt het vertrouwen in overheid en wetenschap. Wij zijn een samenleving van veel overleg en overeenkomsten sluiten. Juist daarom hebben we correcte cijfers en feiten nodig, waarmee de politiek beleid kan maken en waar de burger vertrouwen in kan hebben. Mijn verzoek aan u:
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
3
Een Bomenbalans met een begrippendefiniëring en gebaseerd op groenvolume en betrouwbare kapen herplantcijfers. Meer openheid en transparantie. Leren van het verleden en het vertrouwen in overheid herstellen. Doorgaan met innovaties zoals project WaterWeg aan de Arica. Het vinden van vooruit kijkende oplossingen, zoals een andere manier van samenwerken tussen rood en groen, waardoor het toepassen van een natuurinclusieve stedelijke inrichting mogelijk wordt. Tot slot een verzoek om het Bomenbeleid in handen te geven van een ecoloog en niet te laten bij een stedenbouwkundige in het kader van een multifunctionele ambtenaar. Samenwerking tussen rood en groen moet toegejuicht worden, maar op deze manier werkt het niet. Ieder zijn vak. Ik dank u voor uw aandacht, namens Edith Stuivenberg.” [Zie ook hier] De heer TIESMA reageert op de opmerking van inspreekster dat de herplantcijfers al heel lang worden gewantrouwd. Wil ze daarmee zeggen dat de cijfers die door de gemeente verstrekt worden fout zijn? De VOORZITTER deelt mede dat deze vraag per mail aan mevrouw Stuivenberg zal worden toegezonden, waarna deze daarop eveneens per mail kan antwoorden. De heer DIEDERIK spreekt in over het programma Mobiliteit. Uitgaande van een plaatje van ’sGravenland-west, Kralingseveer en Fascinatio wil hij vier onderwerpen bespreken die te maken hebben met mobiliteit, t.w.
de omvorming van het Rivium, verrommeling van industrieterreinen, de ontsluiting van de Krimpenerwaard en daarbinnen van het snelfietspad. Wat opvalt bij het Rivium is dat blijkbaar bij zoveel partijen een soort onrust is ontstaan en hij begrijpt ook wel een klein beetje waarom: in Nederland moeten 70.000 woningen gerealiseerd worden per jaar, waarvan Capelle 7% tot 8,5% wil doen. Naar rato van het aantal bewoners zouden dat eigenlijk maar 300 woningen zijn, Capelle doet gewoon twintig keer zoveel. Het is eigenlijk wel jammer dat de gemeente deze mensen niet beter bij dit proces kan betrekken. Het brengt hem bij het volgende punt. Er is een veel mooier terrein om ontwikkeling te doen, en wel het naastgelegen Albatros/Guanoterrein, gelegen bij Kralingseveer, tussen de IJsselwerf en de cementfabriek in. Het terrein schreeuwt al dertig jaar om een herontwikkeling. Het is weliswaar geen eigendom van de gemeente Capelle aan den IJssel, maar dat is het Rivium uiteindelijk ook niet. Het brengt hem bij het volgende punt: de verrommeling van het terrein. De naastgelegen IJsselwerf wordt eigenlijk niet onderhouden en verder richting de Algerabrug kom je bij Terlouw, wat eigenlijk een van de gevaarlijkste bedrijven is in Capelle aan den IJssel. Als dat ontploft, zullen heel veel woningen de ramen kwijt zijn.
Verder zie je containers op de voorterreinen staan, er ligt een berg fietsen, allemaal oud roest en ijzer. Kan de gemeente nu niet samen met die bedrijven bekijken hoe die verrommeling kan worden tegengegaan? De bedrijven zullen best wel het een en ander mogen op hun voorterrein, maar net zo goed als hij in zijn voortuin geen container mag neerzetten, zijnde namelijk een vast inrichtingselement zonder wielen, denkt hij dat dat bij deze bedrijven ook niet zomaar mag. Verder de dijk afgaande, komt men bij de Algeracorridor uit. Er zijn momenteel een aantal projecten gaande om te proberen de Krimpenerwaard beter te ontsluiten. Door een misverstand heet een groot deel van dit project ‘Algeracorridor’ en daardoor ligt de focus op infrastructurele uitbreiding van de Abram van Rijckevorselweg, Capelseplein, Algeraweg, Algerabrug en de wijken West en ’sGravenland, terwijl de focus zou moeten liggen op de mogelijkheden die er in de polder Krimpenerwaard zelf zijn te realiseren. Zonder onaardig te willen doen: de polder Krimpenerwaard heeft een ontsluitingsprobleem en de Capelse bewoner moet daarvoor woongenot inleveren. Het Capelseplein wordt straks een soort Kleinpolderplein met allerlei fly-overs. Er wordt wel gezegd dat er maar één zal komen, maar ja, waar er één is, komt over een paar jaar nr. 2, en dan nr. 3.
Het laatste punt: het snelfietspad, onderdeel van het plan ontsluiting Krimpenerwaard, ook wel Algeracorridor geheten. Hij heeft twee online-meetings meegemaakt en vindt het erg jammer dat de participatie heel erg mager is, of zelfs slecht. Men stelt dat het allemaal al beslist is en dat het snelfietspad van de Algerabrug naar het metrostation Capelsebrug sneller zou moeten, terwijl er een mooi fietspad is waar je volgens hem best wel snel kunt fietsen. Het bijzondere is dat de Algerabrug misschien het fietspad kwijt zal raken omdat daar vier rijbanen komen en het fietspad en de fietsbrug dan komen tussen Krimpen-centrum en Capelle-centrum, in de buurt van restaurant Fuiks, dus komen de snelfietsers het hele ‘s-Gravenland niet meer in, waardoor naar hij meent 2 miljoen euro is weggegooid, ter-
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
4
wijl daar waar ze sneller zouden willen fietsen ze dan langzamer moeten fietsen, want zo’n rotonde is nou eenmaal bedoeld om langzaam aan te komen, goed uit te kijken en dan veilig over te steken. [Zie ook hier] De heer BRUINAARS spreekt namens de Stichting Wijkbelangen Fascinatio als volgt: “Geachte raadsleden. Project Hortus is geen losstaande casus en kan en mag niet zo door u worden gezien. Ook hier is de rode draad: het college houdt zich niet aan haar eigen beleid en beloften, er wordt geen rekening gehouden met de inwoners, alleen de belangen van de gemeente en de ontwikkelaars tellen. De ingediende zienswijzen bevatten 22 gemotiveerde punten, het aantal aanpassingen: nul. Zijn we nog verrast? Nee, ‘participatie’ en ‘Doe mee’ werkt niet in Capelle aan den IJssel. De gemeente doet aan zenden. Van luisteren, heroverwegen en aanpassen is geen sprake. Het proces van Hortus is al ver gevorderd, ook hier zijn de belangen groot. Het plan was al volledig uitgewerkt, de makelaar is al maanden bezig en heeft al 48 van de 55 appartementen onder voorbehoud verkocht. De andere 7 zijn in optie. Je moet als college, raadslid of politieke partij wel een hele rechte rug hebben om op basis van zienswijzen de plannen nog ter discussie te (durven) stellen.
Maar voor belanghebbenden was de zienswijze de eerste officiële en formele kans, voor u als raadslid de laatste kans om in actie te komen. Klopt deze volgorde van het proces wel? Welke reële kans krijgen de indieners van zienswijzen? Heeft inspreken nog zin? Of straks een bezwaarschrift? Steunt de raad vanaf vandaag koste wat het kost het college? Welke rol kunt en wilt u als gemeenteraad, volksvertegenwoordiger en controleur van het college spelen? Welke raad wilt u zijn? Wat zijn onze bezwaren bij het project Hortus? Wij zijn niet tegen het toestaan van woningen op dit kavel en juichen van harte toe dat het pand van Allsafe minder zichtbaar wordt. Maar er had een plan ontwikkeld moeten worden dat volledig past binnen de kaders. Er werd echter gekozen voor maximalisatie van de bebouwing en het aantal appartementen, uitsluitend in het voordeel van de gemeente en de ontwikkelaar. Dit leidt tot diverse strijdigheden met het gemeentelijk beleid, waarvoor excuses en omwegen worden bedacht en de regels van het spel worden veranderd. Door het pand de maximale grootte te geven door een kavelbreed ontwerp, is geen doorgang naar het achterterrein meer mogelijk. Dit leidt tot diverse grote en onnodige consequenties.
Het pand komt buiten het bouwvlak en moet dichter tegen de Abram van Rijckevorselweg worden gebouwd, wat onlogisch is vanwege de overschrijding van de geluidsnormen en de luchtkwaliteit. De afstand tussen de openbare weg (Fascinatio Boulevard) en het pand (de rooilijn) wordt groter dan bij alle andere panden, een ongewenste uitzonderingspositie. Parkeren in het zicht van de wijk wordt noodzakelijk, terwijl dit juist uit het zicht moet plaatsvinden. Ook vergroot deze invulling het tekort aan parkeerplaatsen. De meesten van u zullen bekend zijn met de jarenlange, nog niet door het college opgeloste, parkeerproblemen in Fascinatio. De problemen tonen aan dat de normen al te laag zijn. Een tekort van 10 parkeerplaatsen bij dit kavel past daar niet bij. Anders dan het college beweert, wordt niet aan de parkeernormen voldaan. Er zijn 85 parkeerplaatsen nodig, er komen er maar 75. Een structureel tekort van 10 parkeerplaatsen. Het konijn uit de hoge hoed is dit keer de “gelijktijdigheidsfactor”: niet iedereen zal tegelijkertijd aanwezig zijn. Gaat u hierin mee? Gaat u op basis van deze redenatie van het college alle parkeernormen in heel Capelle aan den IJssel verlagen? De antwoorden op de vragen van de informatieavond van 4 november 2020 kwamen te laat, pas na het verstrijken van de termijn voor het indienen van zienswijzen. Volgens de gemeente heeft dit ”elkaar net gekruist”.
Zeer concrete vragen worden ontwijkend beantwoord. Op de vraag: “Is het voor bewoners verboden te parkeren op de bezoekersplaatsen […]” is het antwoord: “De bewoners […] parkeren in de stallingsgarage op hun eigen parkeerplaats”. Het college ontwijkt het echte antwoord dat dit niet kan worden verboden. Bewoners zullen, begrijpelijk door het tekort aan parkeerplaatsen, ook de bezoekersparkeerplaatsen gebruiken. De bezoekers zullen in de wijk gaan parkeren. Wij willen een alternatief plan dat wel past binnen het gemeentelijk beleid en het nog steeds geldende Beeldkwaliteitsplan, een plan dat recht doet aan alle belangen en beloftes gedaan aan de huidige inwoners van Fascinatio. Dit alternatief is eenvoudig realiseerbaar. Een smaller pand, een zijdoorgang naar het achterterrein, parkeren uit het zicht van de wijk en voldoende parkeerplaatsen. Waarom dit geen haalbaar alternatief zou zijn is ons niet gebleken. Heeft u deze onderzoeken gezien? Kunt u deze als raad opvragen en beoordelen? Of is het beter als de inwoners van Fascinatio dit doen op basis van de Wet openbaarheid van bestuur?
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
5
Deze casus staat niet op zichzelf. Het college behartigt vooral haar eigen belangen en die van ontwikkelaars. De inwoners staan buitenspel. Deze uitwerking van het plan Hortus leidt tot diverse strijdigheden met beleid en plannen. Er zijn alternatieven die strijdigheden wegnemen en die een prettige invulling van dit kavel voor de wijk mogelijk maken. Wij hopen dat een meerderheid van de raad aandacht heeft voor de inwoners van Fascinatio en de verklaring van geen bedenkingen niet steunt. Als de uiteindelijke omgevingsvergunning onvoldoende recht doet aan het gemeentelijk beleid, de beloften en de belangen van de inwoners van Fascinatio, zullen wij tegen de vergunning bezwaar aantekenen. Ook zullen wij vanavond na afloop van uw vergadering, als kiesgerechtigde inwoners, overwegen een inleidend verzoek in te dienen tot het houden van een referendum over het project Hortus. Dank voor uw aandacht.” [Zie ook hier] De heer EILANDER vraagt wie de Stichting Wijkbelangen Fascinatio in de buurt behartigt. Met andere woorden: wat is de achterban van deze stichting? Dit om de grootheid van de bezwaren die nu ingediend zijn in te kunnen schatten. De heer BRUINAARS antwoordt dat de stichting is opgericht met drie bestuursleden en de belangen behartigt van de wijk als geheel.
Bij gebrek aan een ledenadministratie kan niet worden aangetoond of bevestigd hoeveel inwoners daadwerkelijk worden vertegenwoordigd, maar hij heeft wel degelijk het gevoel dat er meerderen zijn in de wijk. 4. Gemeenschappelijke regelingen DCMR Milieudienst Rijnmond Geen opmerkingen. 5. Corona Geen opmerkingen. 6. Kaderstelling Warmtetransitie. De heer SPRUIT merkt op dat hier sprake is van een drietrapsraket: de Warmtetransitieagenda is al behandeld in commissie en raad, nu ligt de kaderstelling voor en straks de Transitievisie Warmte. Op zichzelf vindt Leefbaar Capelle dit een begrijpelijk pad en de fractie kan zich ook vinden in de vijf uitgangspunten die verwoord zijn in de notitie. Ze zijn realistisch en wat Leefbaar Capelle bijzonder belangrijk vindt, is dat de woonlasten zoveel als mogelijk in de hand worden gehouden. De fractie is nieuwsgierig naar de vervolgstappen en kijkt met belangstelling uit naar de notitie Transitievisie Warmte. Eén vraag rest hem aan de wethouder. In de notitie wordt ook gesproken over samenwerking en afstemming met andere gemeenten.
Betekent dat ook dat Rotterdam met het warmtenet, over de financiën waarvan de afgelopen periode best veel te doen is geweest, een mogelijke samenwerkingsoptie is voor Capelle en wat zou daar dan eventueel de consequentie van kunnen zijn? De heer VAN LOEF is het met Leefbaar Capelle eens dat het stuk getuigt van realisme. Het ‘van het gas af gaan’ is geen doel op zich, maar een middel. Je moet er ook niet aan denken dat de gemeente er zo strak in zou zitten, want uit berekeningen blijkt dat er al snel 40- tot 60.000 euro per woning mee gemoeid zou zijn en dat is gewoon niet op te brengen. De nadruk wordt gelegd op isoleren en op langere termijn wordt zelfs gesproken over kernenergie – heel goed dat dat is opgenomen in dit verhaal. Daarnaast kijkt ook de VVD uit naar de TVW, dus van KWT naar TVW. Complimenten voor de wethouder! De heer TIESMA zegt de wethouder namens D66 dank voor het degelijke stuk dat is voorgelegd, al heeft de fractie er ook wel een aantal opmerkingen en vragen over. D66 heeft haast met de energietransitie, omdat het halen van de klimaatdoelen nu eenmaal cruciaal is voor de bewoners van Nederland. Aan de andere kant beseft de fractie dat de meeste mensen meegenomen moeten worden om zo’n grote verandering in te zetten. Er resten nog minder dan negen jaar om de doelstelling van 2030 te halen en in het voorstel zitten afhankelijkheden van andere overheden.
D66 dringt er dan ook op aan om de druk op de ketel te houden, zeker als het om isoleren gaat, zijnde
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
6
de eerste maatregel die iedereen kan nemen. Hij pleit ervoor om nu geen grote, ingrijpende maatregelen te nemen die niet meer omkeerbaar zijn, want de inzichten veranderen en over de beschikbaarheid van restwarmte en geothermie lopen nog allerlei discussies en zijn de meningen tamelijk verdeeld. Het is dus een soort laveren tussen het risico van een verkeerde keuze, maar wel zo snel mogelijk stappen nemen. Eerder werd al gerefereerd aan het uitgangspunt van woonlastenneutraliteit. Dat begrip moet wel heel goed uitgelegd worden, want huurders zijn erg gevoelig voor huurverhogingen en of iedereen direct inziet dat dan de energierekening naar beneden gaat is maar de vraag. En voor koopwoningen kan de investering inderdaad tot 40K oplopen volgens de Vereniging Eigen Huis, en dan is niet alleen de vraag “hoe verdien je dat terug?”, maar ook nog “waar zet je de apparatuur neer?” D66 pleit er voorts voor meer uitleg te geven over de manier waarop stadsverwarming zou kunnen werken. Een andere wens is een regelmatige terugrapportage over het aantal woningen dat was gepland te isoleren, hoeveel ervan is uitgevoerd en wat de volgende stappen zijn die worden gezet. Er wordt ook gezegd dat de financiële consequenties nog niet duidelijk zijn. Uiteraard is de fractie daar heel benieuwd naar.
Zoals Leefbaar Capelle al zei, is Capelle afhankelijk van de samenwerking met andere gemeenten, in dit geval vooral Rotterdam. Hoe gaat de wethouder ervoor zorgen dat Capelle niet op een of andere manier mee gaat betalen aan het debacle van het warmtebedrijf in Rotterdam? Ten slotte wordt gesproken over geen gebruik van biomassa. Is ook zeker gesteld dat er dan geen bomen gekapt worden? De heer OUDSHOORN deelt mede dat ook de SGP zich goed kan vinden in de genoemde uitgangspunten A tot en met E, met als belangrijkste startpunt gedragsbeïnvloeding, waarbij een goede communicatie richting alle bewoners essentieel is. Als het gaat om de snelheid is een wat terughoudende/afhoudende houding te bespeuren vanwege de onduidelijke steun van het Rijk of andere overheden. De wethouder legt hij de vraag voor of dat toch niet kan met een bepaalde mate van tempo. Wel zou de fractie graag de balans met de zorgvuldigheid willen houden. Capelle hoeft niet voorop te lopen als het gaat om nieuwe ontwikkelingen, want die kosten over het algemeen meer geld en zijn minder rendabel. Bij het uitgangspunt dat een en ander woonlastenneutraal zou moeten zijn, is bij de definitie-uitleg met een disclaimer vermeld, namelijk dat iedere persoonlijke situatie anders is en dat daarom niet met zekerheid kan worden gezegd dat de veranderingen voor iedereen woonlastenneutraal zullen zijn.
Kan de wethouder aangeven bij hoeveel procent van de inwoners dat nog acceptabel wordt geacht en kunnen daar nadere afspraken over worden gemaakt? De heer GEISSLER ziet dat in de notitie de hoop wordt uitgesproken dat het Rivium en de Florabuurt als eerste van het gas af zullen gaan. Als dat wordt gerealiseerd, heeft de gemeente nog een flinke aanvullende opgave om de doelstelling in 2030 te halen, namelijk een besparing van 133 terrajoules, en daarvoor wordt gekeken naar forse investeringen in circa 10.000 woningequivalenten door middel van isolatie en warmtepompen, waarmee circa 15% van de Capellenaren wordt bereikt. 85% wordt dus niét bereikt en komt op dit moment ook niet in beweging. Welke stappen zullen worden gezet om dat te verbeteren? Wat is de strategie die daarbij wordt gevolgd en zou die hier niet moeten worden vastgelegd? Een volgende vraag is of de gemeente op koers ligt om de doelstelling van een stevige, coördinerende uitvoeringsorganisatie in Capelle te realiseren in 2022. Wat wordt daar precies onder verstaan en zou dat niet in 2021 moeten worden gedefinieerd en opgepakt? De reeds genoemde vijf uitgangspunten zijn vrij algemeen en daarin kan ook de PvdA zich vinden. De fractie vraagt zich ook af of in Capelle zicht is op eventuele woningen waarbij het economisch niet meer rendabel is om die transitie-klaar te maken.
Verder heeft het college een tekst opgenomen over kernenergie en waterstof. Kernenergie is wat de PvdA betreft noch veilig, noch duurzaam en daarmee ongeschikt voor toepassing in de toekomstige energievoorziening. Het zorgt ook voor een afvalprobleem waar men nog vele jaren last van kan hebben. De fractie wil het college dan ook vragen de sympathie voor kernenergie buiten deze notitie te laten en te schrijven over groene en duurzame waterstof. Wil het college de kernenergie toch in de notitie handhaven, dan is hij benieuwd of het college via een burgerpeiling zou willen peilen hoe Capellenaren daartegen aankijken.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
7
De heer VLOT geeft te kennen dat de SP zich kan vinden in de voorliggende kaderstelling. Net als de heer Oudshoorn vraagt hij zich overigens af in hoeverre het streven om samen met andere gemeenten in de regio op te trekken Capelle afhankelijk maakt en of de gemeente in die afwachtende houding het initiatief niet uit handen geeft. Bij de woorden van de heer Geissler over kernenergie sluit hij zich van harte aan. Ten slotte benadrukt hij dat de kostenfactor voor de Capellenaar van groot belang is. Men kan wel alle inwoners willen benaderen, maar ongeveer een derde van de woningvoorraad is in handen van de corporatie en die huurders hebben er weinig of geen invloed op. Mevrouw DEN ENGELSMAN geeft aan dat ook het CDA kan meegaan in deze kaderstelling. De fractie kijkt met belangstelling uit naar het visiedocument dat straks zal volgen en is blij dat er vanuit punt 7 naar gekeken wordt om niet, zeg maar, de houterige biomassa te gaan gebruiken. Wat betreft de woonlastenneutraliteit onderschrijft zij wat de heer Vlot zojuist heeft opgemerkt, namelijk dat de huurders in Capelle daarop geen enkele invloed kunnen uitoefenen. In dat opzicht lijkt een soort scheefgroei te ontstaan bij Havensteder tussen bewoners van Capelle en bewoners van Rotterdam.
Een aantal weken geleden verscheen namelijk het bericht dat in Ommoord een flat van het gas gaat en dat de bewoners een mooie badkamer en keuken krijgen, met zelfs een elektrisch kooktoestel, zónder dat dat gepaard gaat met een huurverhoging. Dat staat in schrille tegenstelling tot bijvoorbeeld de wijk Middelwatering, waar nu de flats uit de zestiger jaren geïsoleerd worden en nog niet eens voorzien worden van een keuken of badkamer, terwijl daar wel een huurverhoging tegenover staat. Zij verzoekt de wethouder, eventueel op een later tijdstip, eens uit te leggen hoe het mogelijk is dat Rotterdamse huurders in Ommoord geen huurverhoging hoeven te betalen voor die duurzaamheidsingreep en de Capelse inwoners wel. In de Florabuurt zullen niet alleen de huidige woningen worden geïsoleerd en van het gas worden gehaald, maar zullen ook voor bijna 25% nieuwe woningen worden toegevoegd. Voorzien is in een pilot om de stadsverwarming door te trekken naar de Florabuurt. Loopt dat dan gelijk-op met de planning? Hebben de wethouder voor duurzaamheid en de wethouder voor de stenen daarover contact met elkaar? Zullen de nieuwe woningen meteen van stadsverwarming worden voorzien, of moet daarvoor een alternatief worden getroffen? Hetzelfde geldt voor het Rivium, waar de bouwenveloppen aan komen binnen een jaar en waar gestart is met de pilot met eventueel warmtewinning van de afvalzuivering.
De wethouder verzoekt zij de commissie mee te nemen in hoe het nu staat met die pilots. De heer EILANDER meldt dat ook de ChristenUnie zich in principe kan vinden in de kaderstelling, de randvoorwaarden, uitgangspunten en criteria, wat haar betreft de goede weg op weg naar een visie. Mooi is ook dat het maatwerk blijft staan en dat het einddoel blijft dat Capelle in 2050 energieneutraal is. Goed ook dat er afstemming is met andere belanghebbenden, zoals Stedin, maar ook Energie Collectief Capelle. Bij de woorden van de heer Geissler over kernenergie sluit hij zich graag aan. Wel is hij benieuwd hoe de wethouder een en ander in de visie gaat verwoorden. Zoals SGP en D66 al hebben betoogd, mag er ook wat de ChristenUnie betreft wel wat meer haast worden gemaakt. Graag zou de fractie dat willen terugzien in de visie, evenals een monitoring betreffende vraag hoe het de komende jaren staat met de CO2-reductie. De heer RAADSEN noemt het goed dat er nu een kaderstelling ligt. GroenLinks is daarvoor een halfjaar geleden met een voorstel gekomen, maar daarvan is helaas maar weinig terug te vinden. Het hele voorstel wil hij nu niet doornemen, maar één punt wil hij er wel uit halen, en dat betreft het warmtenet.
Het lijkt hem verstandig ervoor te zorgen dat er in een warmtenet zoveel mogelijk concurrentie is tussen aanbieders van warmte, dit om te voorkomen dat straks meer voor de warmte moet worden betaald dan nodig is. Een van de uitgangspunten is dat alternatieven voor aardgas woonlastenneutraal zouden moeten zijn. Uiteraard vindt ook GroenLinks het ontzettend belangrijk dat de consument straks niet te veel betaalt voor energie, maar merkwaardig aan deze eis is wel dat die nu niét geldt. De tarieven voor het aardgas en de huren gaan jaarlijks omhoog, dus er is nu geen enkele garantie dat de woonlasten op het gebied van energie neutraal zijn. Het feit dat die eis nu wel wordt gesteld voor de maatregelen die zullen worden genomen brengt hem tot de volgende vraag aan de wethouder: betekent dit dat de gemeente niks doet in de sfeer van energietransitie als niet van tevoren de garantie is gegeven dat het woonlastenneutraal is? Volgens hem is die garantie überhaupt niet te geven. Het gaat hoe dan ook
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
8
geld kosten en landelijk gezien waarschijnlijk meer dan het nu kost. Of dat voor de bewoners woonlastenneutraal is, is uitsluitend een politieke kwestie, verband houdend met de vraag hoe die kosten worden verdeeld. Zojuist is opgemerkt dat ook het ECC aangeschoven is, en dat is hem bekend. Hij benadrukt echter dat de ECC-vertegenwoordiger die hij gesproken heeft in de werkgroep zich totaal niet kan vinden in deze nota. De indruk moet dan ook niet worden gewekt dat het ECC het eens zou zijn met deze kaderstelling. Ten slotte heeft hij nog een tweetal vragen over kernenergie. In het rapport leest hij dat dit relatief snel tot resultaat zou kunnen leiden. Wanneer verwacht de wethouder daar resultaat van en waar zou volgens de wethouder die centrale moeten komen? Wethouder VAN VEEN zegt de leden van de commissie dank voor hun inbreng en hun veelal positieve instelling ten aanzien van het voorliggende stuk. In antwoord op de vraag van Leefbaar Capelle hoe de samenwerking met elkaar gestalte krijgt deelt hij mede dat wordt samengewerkt met de regio aan de warmtetransitie, en daarbij hoort ook Rotterdam. De heer Tiesma verzekert hij dat het goede verhaal dat verteld moet worden over isoleren, woonlastenneutraliteit en stadsverwarming zal worden meegenomen bij de aanpak in de wijk. Het zal in de wijk verder uitgedragen moeten worden.
Ten aanzien van de monitoring, waarover door D66 ook een vraag is gesteld, deelt hij mede dat de raad jaarlijks voor de zomer geïnformeerd wordt hoe ver de gemeente met de voortzetting en met de uitvoering gevorderd is. Ook de bomenkap is ter sprake gebracht. Voor het college is bomenkap geen uitgangspunt wat betreft warmteopwekking. Vanzelfsprekend is de landelijke wetgeving leidend in dit opzicht, maar het college is er geen voorstander van dat bomen zomaar in een centrale verdwijnen, om daar de benodigde warmte uit te laten voortkomen. Aan het adres van de heer Oudshoorn merkt hij op dat men momenteel druk bezig is met het tempo in de isolatie. Van het Rijk is ook geld ontvangen om daar nog meer aan te gaan werken. Het college heeft inderdaad woonlastenneutraliteit als uitgangspunt genomen. In zijn reactie op de bijdrage van de heer Raadsen zal hij daarop nader terugkomen. De heer Geissler heeft de Florabuurt en Rivium genoemd. Het moge duidelijk zijn dat er überhaupt geen gasnet komt in Rivium, want in nieuwbouw mag niet meer met gasleidingen worden gewerkt. In de Florabuurt zal het college zeer attent zijn op woonlastenneutraliteit, want veel bewoners zitten qua verdiensten aan de onderkant van de ladder en die kan men moeilijk gaan opzadelen met de verplichting van het gas af te gaan en daarvoor ook nog eens 40 of 50 euro per maand meer te moeten gaan betalen.
Voor kerncentrales is een reservering gemaakt op de Maasvlakte, maar dat komt pas na 2030 aan de orde. Voor waterstof geldt hetzelfde. De heer GEISSLER informeert naar het principiële uitgangspunt van het college ten aanzien van kernenergie. Wethouder VAN VEEN antwoordt dat het college zich niet heeft uitgesproken tegen kernenergie. Havensteder is betrokken bij het opstellen van het stuk en bij de verdere warmtetransitie – dit in reactie op de kernachtige vraag van de heer Vlot. Mevrouw Den Engelsman heeft aandacht gevraagd voor de Florabuurt, waar de stadsverwarming samen op loopt. De nieuwe flat die daar komt zal ook niet op het aardgas kunnen worden aangesloten. In de buurt geldt het principe van woonlastenneutraliteit en bij de nieuwbouw zal gedacht moeten worden aan een ander soort koeling of verwarming. Een jaarlijkse monitoring met de raad, waarvoor mevrouw Den Engelsman pleitte, is al eerder afgesproken. Van de heer Raadsen heeft hij begrepen dat er niets is overgenomen van wat GroenLinks eerder had opgeschreven. Hij zou dat zo een-twee-drie niet weten, maar goed, dit is een stuk van het college en dat wordt nu voorgelegd aan de leden van de raad. Met betrekking tot het principe van woonlastenneutraliteit zijn allerlei moeilijke dingen naar voren gebracht over wat wel of niet verhoogd of verlaagd wordt.
De Tweede Kamer heeft recent hierover een motie gesteund, waarnaar hij de heer Raadsen verwijst.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
9
Eén vraag van het CDA heeft hij, merkt hij nu, nog niet beantwoord en die ging over een flat in Rotterdam en een flat hier. In Rotterdam is ook Woonstad als verhuurder actief en hij adviseert mevrouw Den Engelsman de balans en de verlies- en winstrekeningen van Woonstad en Havensteder eens te vergelijken. Dan zal blijken dat Woonstad een hele rijke club is, terwijl Havensteder – en dat komt veelal ook voort uit het verleden met de derivaten die daar verhandeld zijn – niet zo rijkelijk bedeeld is met eigen vermogen. Het zou daarom best eens kunnen dat dat het antwoord is dat een andere verhuurder er geld in stopt. Mevrouw DEN ENGELSMAN werpt tegen dat het een flat van Havensteder is. Een aantal weken geleden heeft groot in het AD gestaan – desgewenst wil zij de wethouder het artikel wel toesturen – dat deze mensen geen huurverhoging betalen en alle Capellenaren wél, en bovendien voor veel minder ingrepen. Hoe is het mogelijk dat zich bij een en dezelfde woningcorporatie zo’n groot verschil voordoet? Wethouder VAN VEEN zegt toe dit te zullen uitzoeken en er dan op te zullen terugkomen. De heer RAADSEN herhaalt twee vragen waarop tot nu toe geen antwoord is gegeven.
Lijkt het de wethouder niet verstandig concurrentie in te bouwen tussen warmteaanbieders in een warmtenet? Met betrekking tot de woonlastenneutraliteit heeft hij gevraagd of de gemeente Capelle niets doet zolang geen garantie voor die voorwaarde bestaat. Wethouder VAN VEEN repliceert dat de marktordening van de warmtenetten gewoon in het stuk is terug te vinden. In reactie op de eerste vraag memoreert hij dat in Fascinatio en Schollevaar Eneco de enige aanbieder is. Concurrentie is daar niet mogelijk. In dit verband is eerder verwezen naar het Rotterdamse warmtenet dat maar niet van de grond komt en waar miljoenen in gaan. Hoe dat er op het ogenblik voorstaat is hem niet bekend, maar als je andere warmtenetten wilt gaan gebruiken zul je ook aanbieders moeten hebben van andere warmtenetten. De heer RAADSEN licht toe dat het hem erom te doen is om in een nota waarin uitgangspunten worden opgeschreven ook expliciet aan te geven dat de bereidheid bestaat om het net open te stellen voor andere aanbieders. Wethouder VAN VEEN verzekert dat dat zal gebeuren. Desgevraagd bevestigt hij dat de gemeente Capelle niets doet als er geen garantie is voor de woonlastenneutraliteit. Overigens voegt hij eraan toe dat wat de Florabuurt betreft een businesscase wordt onderzocht.
Tweede termijn De heer TIESMA is blij dat de wethouder voor financiën ook even is teruggekomen op Rotterdam, waar het warmtebedrijf een enorm debacle is en tientallen miljoenen in een bodemloze put zijn verdwenen. Wat hem vooral benieuwt is hoe Capelle ervoor wil zorgen dat het niet door Rotterdam wordt meegetrokken om die verliezen te dekken. Het antwoord dat de wethouder heeft gegeven op de vraag over de biomassa is hem niet duidelijk. Heel plat gezegd wil hij niet dat voor de eigen energieopwekking allerlei bomen worden gekapt in Estland, Letland en Litouwen. Wethouder VAN VEEN verwijst voor het laatste naar het stuk. Wat het andere betreft is de gemeente gebonden aan het WBR. Op dit moment draagt Capelle in ieder geval niet bij aan de verliezen van het warmtebedrijf in Rotterdam. Hij heeft er geen flauw idee van of er over vijf jaar al dan niet geld bij zou moeten. De heer TIESMA verzekert dat hij waakzaam zal blijven. De heer OUDSHOORN memoreert dat hij in eerste termijn twee vragen heeft gesteld, die de wethouder wel min of meer heeft herhaald, maar niet beantwoord. De eerste vraag luidde of het met behoud van zorgvuldigheid niet wat sneller kan met het oppakken van een aantal zaken. De tweede vraag ging over de woonlastenneutraliteit. De wethouder gaf aan dat niet begonnen zal worden zolang niet gegarandeerd is dat het woonlastenneutraal is.
In de tekst van de notitie staat dat niet gegarandeerd is dat het voor iedereen woonlastenneutraal is. Waar ligt dan het keerpunt? Wat is er nodig om het college wel die stappen te laten zetten?
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
10
Wethouder VAN VEEN geeft aan dat de eerste vraag makkelijk te beantwoorden is. De gemeente handelt zorgvuldig en wil flinke stappen zetten op isolatie. Maar verder moet het Rijk eerst de condities waaronder dat gebeurt op orde brengen. Dan de vraag wat voor het college het keerpunt zal zijn om in het kader van de woonlastenneutraliteit al dan niet bij te passen. Bij de Florabuurt zal dat het eerst aan de orde komen. Ambtelijk zijn onderhandelingen gaande met Rotterdam en onderzocht wordt wat het bedrag is. Hij zegt toe dat bedrag aan de raad voor te leggen, zodat de raad zelf kan beslissen of de gemeente die kosten op zich zou moeten nemen. De heer GEISSLER herinnert eraan dat hij in eerste termijn iets heeft gezegd over isolatie, warmtepompen, het bereiken van Capellenaren, eventuele strategieën en het realiseren van de uitvoeringsorganisatie in 2022. Van de wethouder wil hij graag weten welke van deze onderdelen afhankelijk zijn van de woonlastenneutraliteit. Verder is volgens hem nog geen antwoord gegeven op de vraag of men met die uitvoeringsorganisatie daadwerkelijk op koers ligt. Wethouder VAN VEEN herhaalt dat ten aanzien van de Florabuurt wordt onderzocht wat voor bedrag erbij moet en dat dat aan de raad zal worden voorgelegd. De isolatie is niet gebonden aan woonlastenneutraliteit, want iemand met een eigen woning kan dat ook zelf doen.
Hij neemt aan dat nu specifiek gedoeld wordt op huurwoningen. De heer GEISSLER bevestigt dit. Het gaat echter ook breder, op het inzetten met de uitvoeringsorganisatie op het bereiken van Capellenaren. Ook daarover is in de notitie opgenomen dat er woonlastenneutraliteit is en dat daaraan een bepaalde terugverdientijd gekoppeld is en een terugbetaaltermijn. Op zichzelf is dat wel duidelijk beschreven, maar nu gaat het hem er met name om dat men niet blijft stilzitten ten aanzien van de aansporingen aan Capellenaren om iets te gaan doen. Hij hoopt dat de wethouder concreet zal kunnen toezeggen dat wel wordt doorgegaan met de uitvoeringsorganisatie. Wethouder VAN VEEN deelt mede dat de gemeente een subsidie heeft ontvangen waarmee extra kan worden ingezet op isolatie. Hij weet het niet uit zijn hoofd, maar hij meent te weten dat het om 600.000 euro gaat. De heer GEISSLER vraagt of voor de uitvoeringsorganisatie wel de doelstelling zal worden gehaald. Wethouder VAN VEEN repliceert dat wordt doorgegaan met wat nu wordt gedaan en dat voor veel meer gewoon het Rijk nodig is. Mevrouw DEN ENGELSMAN releveert dat de gebiedsvisie voor de Florabuurt rond de zomer aan de raad zal worden voorgelegd. Het zou wellicht handig zijn dan ook een tussenrapportage te ontvangen over hoe het staat met de hele businesscase.
Is de wethouder bereid tegelijk met de gebiedsvisie een update te geven van de businesscase? Benieuwd is zij voorts of in die businesscase ook de nieuwbouwwoningen worden meegenomen. Zij heeft er kennis van gegeven dat de gemeente een subsidie gaat ontvangen van 600.000 euro voor isolatie. Is dit alleen bedoeld voor koopwoningen, of kan er ook gebruik van worden gemaakt voor huurwoningen? Wethouder VAN VEEN kan een update van de businesscase voor de Florabuurt zonder meer toezeggen, maar weet niet zeker of die al voor de zomer beschikbaar zal zijn. Mevrouw DEN ENGELSMAN verzoekt dan in ieder geval bij de gebiedsvisie de laatste stand van zaken mede te delen ten aanzien van de businesscase. Wethouder VAN VEEN zegt dit toe. De heer EILANDER heeft de wethouder horen zeggen dat, als het Rijk helemaal niks doet, de gemeente ook niets zal doen. Op die manier komt men nergens, maar ook dan heb je in een visie wel ruimte om na te denken wat wel de mogelijkheden zijn, waar dan ook een kostenplaatje aan vast zit. Hij zou daar toch wel wat meer van willen zien, om in ieder geval enig kader te hebben waarmee rekening moet worden gehouden. Wat geschrokken toont hij zich van de reactie van collega Raadsen dat het ECC wel aangehaakt is, maar blijkbaar niet heel blij is met wat hier ligt. Misschien kan de wethouder heel kort aangeven wat daaraan zal worden gedaan.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
11
Wethouder VAN VEEN zou niet weten wat hij op het laatste moet antwoorden, want hij heeft dat hele ECC niet gesproken. Wekelijks spreekt hij wel de secretaris van het ECC, maar die heeft hem niets over het stuk verteld waar hij het niet mee eens was. De andere vraag was een stuk ingewikkelder: wat voor pot wil de gemeente gaan vrijmaken? Het leidt tot een heel andere discussie, ook een kerntakendiscussie. Het budgetrecht ligt bij de raad en niet bij het college, maar eerst zal dan wel bekend moeten zijn wat het gaat kosten en daar heeft hij geen flauw idee van. De regering weet het blijkbaar evenmin. Er zijn zoveel subsidieverstrekkers dat je niet kunt zeggen: het kost voor een Florabuurt ‘X’, of voor alle Capellenaren ‘Y’. Naar de mening van het college zullen dan toch eerst al die subsidiepotten eens tot één pot moeten komen, zodat je weet waar je aan toe bent. Dat beleid zou hij graag samen met de raad willen maken in Capelle, maar volgens hem is dat meer een taak voor de Tweede Kamer. De heer EILANDER merkt op dat het de raad wel zou helpen in ieder geval enigszins te weten waar het heen gaat. In de visie zou wel de richting kunnen worden aangegeven naar waar je op zoek gaat. Weliswaar heeft hij gezegd “geen kernenergie”, maar als kernenergie dé oplossing zou worden om het heel laag te brengen, heeft de raad een afweging te maken.
Enige duiding die kant op zou hij graag ergens in de visie verwoord zien. Wethouder VAN VEEN zegt het daarmee eens te zijn. De heer RAADSEN gaat in op het antwoord dat de wethouder heeft gegeven op de vraag over de deelname van het ECC. Het is leuk dat de wethouder spreekt met de secretaris van het ECC, maar het ECC heeft ook een officiële vertegenwoordiger in de werkgroep die het stuk opstelt en hij vindt het merkwaardig dat de wethouder daar niet aan refereert. Is de wethouder alsnog bereid die vertegenwoordiger te vragen wat deze van het stuk vindt? Wethouder VAN VEEN verzoekt hem de naam door te geven, waarna hij met de meneer of mevrouw zal gaan praten. De heer RAADSEN zegt toe de naam te zullen doorgeven. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als bespreekstuk dient te worden geagendeerd voor de raad. Schorsing (21.41 – 21.51 uur). 7. Programma Mobiliteit De heer SPRUIT herinnert eraan dat het stuk ook al op 12 oktober in de commissie is besproken en dat toen behoorlijk wat opmerkingen zijn gemaakt over de notitie. Het is echter niet eenvoudig om terug te vinden of al die opmerkingen ook hierin zijn meegenomen. Als hij nu iets gaat vragen wat al in het stuk is beantwoord, maakt hij bij voorbaat zijn excuus. Zijn eerste vraag gaat over Mobility as a Service.
In deze coronatijd wandelt hij wat meer dan anders en met als uitgangspositie ’s-Gravenland zit je dan al snel in Rotterdam, Kralingseveer, of de omgeving van Capelsebrug. Hij is dan altijd weer dolblij als hij terug is in Capelle, omdat de kans om je ledematen te breken dan een stuk kleiner is. In Rotterdam worden namelijk al heel veel deelscooters gebruikt en die worden echt overal neergezet. Prima dat straks ook in Capelle zal worden gewerkt met deelfietsen en -scooters, misschien op den duur ook deelauto’s, maar hoe kan worden geborgd dat die apparaten niet zomaar overal worden neergedonderd? Door het Burgerpanel zijn goede adviezen uitgebracht over de fietspaden: betere verlichting, beter wegdek en verbreding. Wordt dat nu ook daadwerkelijk opgepakt? Iets nieuws is dat het lijkt – zeker is het nog niet – alsof er behoorlijke bezuinigingen zullen komen op het openbaar vervoer. Hoe schat de wethouder de risico’s in voor dit programma als dat werkelijkheid wordt? In het bijzonder is hij benieuwd wat dit zal betekenen voor de waterbushalte en de uitbreiding van het ParkShuttleproject bij Rivium. De heer VAN LOEF deelt mede dat hij zich net als de heer Spruit wat meer in de buitenruimte beweegt in deze tijden van corona, en wel met de benenwagen. Het valt hem daarbij op dat door heel veel Capellenaren wordt gewandeld, niet in de laatste plaats langs de mooie IJssel.
Zou het wellicht
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
12
mogelijk zijn het wandelen langs de IJssel beter te faciliteren op het stuk vanaf de RWZI in de richting Hitland? Je moet dan een lang stuk over de dijk lopen en hij probeert dat zoveel mogelijk aan de linkerkant te doen, maar dan nog word je vaak van je sokken gereden, zeker in het weekend, als er ook nog eens motoren rijden over de dijk. Voor het overige is hij van mening dat de ambities, zoals uitgesproken in het programma op basis van de vier pijlers, prima zijn verwoord. De VVD ziet uit naar het uitvoeringsprogramma medio dit jaar. Hij hoopt overigens dat de wethouder vandaag iets explicieter kan zijn over dat ‘medio dit jaar’. De heer TIESMA vraagt aandacht voor een paar hoofdknelpunten. Voor de Algeracorridor zijn maatregelen voorzien. Vraag is echter of die niet vooral ten dienste staan van de Krimpenerwaard. De wethouder legt hij de vraag voor of men in de Krimpenerwaard wel genoeg doet om het verkeer om te leiden, bijvoorbeeld via Schoonhoven. Alleen al door die vraag aan diens collega te stellen kan de wethouder wellicht bereiken dat men zich misschien beter bewust wordt van de druk die dat verkeer in Capelle veroorzaakt. Aansluitend hierop een tweede vraag: is onderzocht wie er eigenlijk parkeren bij de Capelsebrug en, zo ja, welke conclusies zijn daaruit naar voren gekomen? Overstappend op de Model Split stelt hij vast dat het aandeel van de fiets met 1% afneemt.
Het college gaat echter niet bij de pakken neerzetten en wil 1% groei voor het fietsen. Waar in Rivium het autogebruik echter ‘gemicromaliseerd’ zal worden en je wordt geacht […] veel met het OV te gaan, hoeft de rest van Capelle eigenlijk helemaal niks te doen als je 1% groeit. Is de wethouder het met D66 eens dat er op die manier maar weinig ambitie overblijft? Kanaalweg en Capelseweg worden specifiek genoemd waar het gaat om het bevorderen van het gebruik van fiets en OV vanuit Middelwatering en omgeving. Waarom gaan eigenlijk al die mensen met de auto, wetend dat de Kanaalweg en het verlengde van de Capelseweg buiten coronatijd heel vaak vol staan? Als je overigens de Rivierweg wilt oversteken met de fiets, moet je ontzettend lang wachten. Is het geen idee om voor de fietser een overkapping tegen de regen neer te zetten? Fietsen wordt een steeds belangrijker onderdeel van de toekomstige mobiliteit en hij is benieuwd wat de wethouder buiten deze specifieke maatregel nog meer voor ogen staat om het gebruik daarvan te bevorderen. Gratis OV voor ouderen kost, pak ‘m beet, zeven ton per jaar.
Is het een idee te proberen met de MRDH breed een regeling te treffen voor specifieke doelgroepen, in plaats van een regeling die leuk is voor heel veel ouderen die vaak het OV prima zelf kunnen betalen? De heer OUDSHOORN merkt op dat het programma weliswaar bedoeld is voor de komende tien jaar, maar dat men inmiddels al zo’n beetje anderhalf jaar onderweg is, zodat eigenlijk nog een periode van acht jaar moet worden bestreken en het is best moeilijk om op het gebied van mobiliteit in acht jaar tijd echt een beweging in gang te zetten. De SGP oppert dat het wellicht verstandig is in dit programma ook op te nemen dat een serieus onderzoek zal worden uitgevoerd naar de periode ná dit programma. Als op zijn werk een probleem ontstaat en hij wordt eropaf gestuurd, is het zaak te proberen zo snel mogelijk voor het probleem uit te komen, zoals dat daar wordt genoemd. Zouden hier stappen kunnen worden ondernomen om voor het mobiliteitsprobleem van de gemeente uit te komen, bijvoorbeeld door te verkennen waar met ongelijkvloerse kruisingen op termijn het verschil zou kunnen worden gemaakt in de gemeente, of door de metrobaan door te trekken bepaalde kanten op? Een ander voorbeeld: in de discussie met de bewoners van de Florabuurt werd erop geattendeerd dat ze best veel last hebben bij de kruising bij de Kralingseweg met die metro.
Is het niet het onderzoeken waard om te kijken of hieraan met de gemeente Rotterdam iets kan worden gedaan? De heer GEISSLER zegt dat de PvdA-fractie heeft uitgekeken naar de bespreking van het programma Mobiliteit, dat al eerder is besproken in de commissie. Een goede mobiliteit is belangrijk en staat op verschillende plekken in Capelle onder druk. Wat is daarvan de oorzaak? De PvdA constateert dat Capelle door de jaren heen een behoorlijke achterstand heeft opgelopen ten aanzien van de fietsbereidheid, waar nu op wordt ingezet. Het is de vraag of dit wordt opgelost met het programma dat nu voorligt. Allereerst spreekt de PvdA verbazing uit over de prominente rol van het autogebruik in het voorwoord. Letterlijk staat er: “Vanzelfsprekend staat het iedereen vrij om daar waar nodig of gewenst de auto te gebruiken”. Ook de Fietsersbond en de MRDH hebben daar een kritische opmerking over gemaakt. Het leveren van een bijdrage aan de mobiliteits- en duurzaamheidsopgave is niet geheel vrijblijvend. Het zou iets moeten zijn wat iedereen zich in Capelle aantrekt.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
13
De 23 regiogemeenten, waaronder Capelle, streven ernaar om de CO2-uitstoot in 2025 ten opzichte van 2016 met 30% procent te verminderen. Lokaal kan een reductie van 17% worden gerealiseerd, maar Capelle kiest voor een reductie van 12% en noemt dat dan erg ambitieus. Is de CO2-reductie nog wel haalbaar als de inzet van Capelle wordt afgeschaald naar 12%? De PvdA ziet het bevorderen van fietsgebruik als een van de belangrijkste vervoerswijzen voor verplaatsingen over kleine afstand. Uitgangspunt is dat de gemeente voorziet in de benodigde randvoorwaarden. Het is echter de vraag of de kaders van het programma Mobiliteit voldoende ‘smart’ zijn geformuleerd. Een voorbeeld: te smalle fietspaden kunnen leiden tot botsingen of enkelzijdige ongevallen, zeker nu de snelheidsverschillen toenemen. Om hierop te anticiperen zijn bredere fietspaden noodzakelijk. Wat gaat er precies gebeuren, in welke omvang, waar en wanneer? Medio 2019 heeft de PvdA een motie ingediend om meer fietsnietjes op cruciale plekken in Capelle te krijgen. Het zou worden uitgewerkt in het programma Mobiliteit en aanvankelijk in 2020 aan de raad worden voorgelegd. Inmiddels is het 2021 en staat in de notitie Mobiliteit dat er een aparte nota Fietsbeleid over komt. Kortom, vertraging, vertraging en met een beetje hoop zullen er in 2022 fietsnietjes zijn.
Wat gaat het college doen om het parkeren van fietsen te verbeteren? Hoe moet de tegengestelde informatie worden geïnterpreteerd op de pagina’s 11 en 43? Eerst staat er dat fietsparkeren is verbeterd, terwijl uit de Fietsbalans is gebleken dat Capelle op dit punt onvoldoende scoort. Om het fietsgebruik te stimuleren wordt ingezet op gedragsverandering. Hij constateert echter dat met name infrastructurele maatregelen zijn opgenomen. Voorts verwacht hij dat extra moet worden ingezet op het betrekken van de lagere inkomens. Het aanschaffen van een e-bike is een kostbare uitgave en zeker niet voor iedereen mogelijk, dit terwijl juist deze groep geactiveerd zou moeten worden door de gemeente. Hoe wordt de gedragsverandering buiten de infrastructurele maatregelen om gestimuleerd? En hoe zullen duurzame en slimme vervoersoplossingen voor iedereen betaalbaar worden gemaakt? De automobiliteit. In Capelle treedt een sterke vergrijzing op. De invloed daarvan op het autogebruik is onvoldoende duidelijk, maar lijkt negatief uit te pakken. Het autobezit in met name de groep 75+ is de afgelopen tien jaar met een derde toegenomen, zijnde de sterkste groei van alle leeftijdsgroepen. Verder valt te lezen dat met name jongere respondenten van het Burgerpanel verwachten dat zij de auto in de toekomst voor de deur kunnen parkeren en dat de deelauto geen opmars gaat maken in Capelle.
Hoe reflecteert de wethouder daarop? Dit is toch juist de doelgroep waarbij de verwachting leeft dat zij deelvervoer gaat gebruiken? Opvallend is ook de volgende passage: “De corridor Capelseweg-Kanaalweg zit vooral door het aantal kruisingen, inritten en langsparkeren aan het maximum van zijn capaciteit.” In het programma staat dat wordt onderzocht of opheffen van parkeren en laden en lossen langs de weg mogelijk is. Hoe zijn de omwonenden en ondernemers hierover geïnformeerd en zijn die hier in dit stadium al bij betrokken geweest? De PvdA twijfelt aan de haalbaarheid van dit voornemen en verwacht dat het erg druk blijft, wat mede wordt veroorzaakt door de plannen op het gebied van de woningbouw van dit college: De Hoven II, Schenkel, Kanaalgebied, Roer, et cetera, in totaal circa 1500 woningen erbij. Op zich is daar niets mis mee, maar er is niet integraal gekeken naar de verkeerseffecten van alle woningbouwprojecten die op dit moment in Capelle worden gerealiseerd en wat dat betekent voor de drukte op de wegen. Verder wordt ingezet op het terugdringen van logistiek vervoer/bezorgdiensten in woonwijken met 25%. Wat is daarbij het uitgangspunt? Is er al een nulmeting geweest? Zo ja, wanneer? Er is een situatie van vóór corona, tijdens corona en ná corona, en daar zouden wel eens grote verschillen in kunnen zitten. Ten slotte de verkeersveiligheid.
De verkeersveiligheid wordt voor circa 25 locaties onderzocht. Het gaat met name om de kruisingen van de Abram van Rijckevorselweg, Capelseweg/Kanaalweg en een aantal andere, met name ook drukke wegen. Op welke termijn denkt het college de onderzoeksresultaten te presenteren? Verder leidt het fietsgebruik van senioren tot een grotere kans op ongevallen met letsel. Daarvoor zullen e-biketrainingen worden georganiseerd. De PvdA doet de suggestie om ook voorlichting te geven over het gebruik van een helm. Aansluitend wil de PvdA kijken naar het voorbeeldgedrag van de gemeente Capelle aan den IJssel. Hoe verplaatsen de ambtenaren zich als corona voorbij is en welke doelstellingen heeft de gemeente voor haar personeel geformuleerd, en worden die ook gehaald? Ook stelt de fractie de vraag of een honderd procent schoon wagenpark niet eerder kan worden bereikt dan in 2030.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 8 maart 2021
Pagina:
14
De heer VLOT vraagt namens de SP aandacht voor de fietsroutes. Al jarenlang is sprake van fietspaden die echt slecht zijn. Daarnaast laat ook de begaanbaarheid van de trottoirs voor mensen met een beperking in hun mobiliteit nog steeds te wensen over. De heer Spruit attendeerde al op de scooters die je overal ziet verschijnen als gevolg van het deelvervoer. Het is nu even wat minder, maar het zal gegarandeerd wel weer een keer terugkomen. Overigens wil hij de heer Spruit nog even feliciteren met diens verjaardag. Als het aan de SP gelegen had, had deze nu ook gratis vervoer gekregen, want de AOW-leeftijd mag wat de SP betreft terug naar het aantal kaarsjes dat de heer Spruit uitgeblazen heeft. Bij de opmerking die de heer Oudshoorn heeft gemaakt over de grote lijn die in het oog moet worden gehouden kan hij zich wel enigszins aansluiten. Uit de conceptnota van beantwoording van de zienswijzen blijkt dat de gemeente Rotterdam een aantal zienswijzen heeft neergelegd rondom OVknelpunten. Het college erkent weliswaar dat dit interessante punten zijn, maar het leidt op dit moment niet tot een aanpassing van de mobiliteitsnota. Naar zijn mening zou hierop wel een visie geformuleerd mogen worden als het gaat om de Capelsebrug, de inmiddels nu al veel geroemde waterbus en de uitbreiding van de shuttle. Iets meer visie en durf zou wat de SP betreft wel mogen.
De heer HARINCK memoreert dat de media de afgelopen weken veel aandacht hebben geschonken aan mogelijke bezuinigingen op OV. Wat collega Spruit hierover heeft opgemerkt zal hij niet herhalen. De aandacht van het CDA gaat even uit naar de heroriëntatie van het busvervoer waarvan gewag wordt gemaakt op pagina 30. Daarbij wordt ook lijn 37 genoemd. Het CDA pleit ervoor om die buslijn te behouden, want de bereikbaarheid van het ziekenhuis is belangrijk voor de Capelse bewoners. De fractie beseft dat de bezuinigingen wellicht niet aan de gemeente voorbij zullen gaan. In dat geval is er een alternatief, namelijk een uitbreiding van de buurtbusverbinding. Een tweede mogelijkheid is misschien een beroep op het budget voor lokaal maatwerk van de MRDH. Door de heer Geissler is zojuist opgemerkt dat er zo weinig aandacht is voor de fiets in het stuk. Zelf zit hij er iets positiever in. Het CDA is blij dat in de tekst een iets prominentere plek wordt ingeruimd voor OV en de fiets, maar plaatst hierbij wel een kanttekening. De titel van de paragraaf is ‘Modaliteit in balans’. Het CDA pleit juist voor een ónbalans in het voordeel van de fiets en het OV. Dit college geeft de auto nog wel ruim baan, maar het CDA roept op die balans te verstoren en het voordeel aan de fiets en het OV te geven.