CConstaterende datCapelle Ad Ijssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.01 - Verslag Commissie SOB 23-09-2025

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 14 oktober 2025, gemeente Capelle Ad IjsselBij agendapunt: Vaststellen verslagen14.054 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verslag van de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer, gehouden op dinsdag 23 september 2025, in de raadzaal, aanvang 20.00 uur. Aanwezig zijn als: voorzitter:

de heer W. Vervat;

volksvertegenwoordigers: de heer G. Spruit, raadslid Leefbaar Capelle; mevrouw L. Feuth, raadslid D66 (tot agendapunt 8); de heer J. Hooijkaas, raadslid D66 (vanaf agendapunt 8); de heer J.S. Kolster MSc MA, raadslid VVD (t/m agendapunt 6 en vanaf agendapunt 8); de heer drs. S. van Loef, raadslid VVD (t/m agendapunt 7); mevrouw A. van der Vorm, burgerraadslid VVD (agendapunt 7); de heer B.H.W. Oudshoorn, raadslid SGP; mevrouw I.H. Monteiro da Veiga, raadslid PvdA; de heer drs. P. Heerens RC, burgerraadslid ChristenUnie; de heer drs. N.H. van Buren MCD, burgerraadslid CDA; secretaris:

de heer drs. A.J.M.C. Schoenmakers;

portefeuillehouders:

de heer S. Geissler, wethouder; de heer D.B. van Woudenberg, wethouder;

ambtelijke ondersteuning de heer J. Kik, adviseur mobiliteit unit Stadsontwikkeling; de heer B. Bunnik, projectleider energietransitie; de heer P. Springveld, senior beleidsadviseur milieu; notulist

de heer A. de Krom (Notuleerservice Dictum)

Op de publieke tribune zijn bij aanvang van de vergadering 7 personen aanwezig. 1. Opening, mededelingen en vaststelling agenda. De VOORZITTER opent de vergadering en heet eenieder van harte welkom. Hij deelt mede dat bericht van verhindering is ontvangen van de heer Hartog van GroenLinks, wiens bijdragen in deze vergadering zullen worden verzorgd door mevrouw Monteiro da Veiga van de PvdA, en de heer Vlot van de SP. De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. 2. Vaststellen verslagen - vergadering van de gecombineerde commissies Samenleving en Economie en Stadsontwikkeling en -Beheer van 24 juni 2025 - vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 24 juni 2025 - vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 25 juni 2025 (openbaar en besloten) - vergadering van de raadsbrede commissie van 30 juni 2025 - vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 1 juli 2025 De verslagen worden ongewijzigd vastgesteld. 3. Spreekrecht De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Den Hartog, die wil inspreken over het verkeersonderzoek Kralingseweg. De heer DEN HARTOG: Goedenavond op 10 juli 2025 heeft de raad het verkeersonderzoek Kralingseweg besproken en besloten de voorgestelde oplossing van 4,7 miljoen euro niet uit te voeren.

Het rapport noemde ook nog een aantal andere maatregelen, maar die zijn in de besluitvorming niet meegenomen als mogelijke alternatieven. In het kader van het Capellebrede verkeersonderzoek dat dit najaar wordt uitgevoerd, wil ik u vragen het volgende te overwegen.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

2

Het verkeersonderzoek noemt een tweede wijkontsluiting voor de Florabuurt / Molenbuurt. Het rapport geeft aan dat de tweede wijkontsluiting het verkeer op de Kralingseweg doet afnemen, omdat verkeer van en naar de Molenbuurt en Florabuurt een alternatief zou hebben via de noordelijker gelegen tweede ontsluiting. Daarbij wordt aangegeven dat zo'n tweede ontsluiting zonder verdere maatregelen sluipverkeer geeft. Als enige mogelijke maatregel tegen dit sluipverkeer wordt een knip in de Schenkelse Dreef voorgesteld, waarna de tweede wijkontsluiting wordt afgewezen omdat zowel het sluipverkeer als de knip ongewenst zijn. Helaas wordt de mogelijkheid van een tweede wijkontsluiting zonder sluipverkeer niet genoemd. Dat is de mogelijkheid om sluipverkeer te weren door een stukje weg alleen toegankelijk te maken voor vergunninghouders, iets wat in de gemeente Delft al wordt toegepast en ook voor Schenkel een oplossing zou zijn. Een andere oplossing, die ook gaat over het beperken van het verkeer op de Kralingseweg, staat in het rapport onder ‘Aanpassingen op netwerkniveau’. Hierbij wordt voor de zuidelijke tak van de Schenkelse Dreef een mogelijkheid genoemd voor knijpen of knippen. Hierover zegt het rapport: “Het knijpen of knippen wordt niet als oplossing gezien, omdat dit zal leiden tot omrijbewegingen.

Het betreft bovendien niet alleen doorgaand verkeer, maar ook bestemmingsverkeer van en naar de Florabuurt.” Hier wordt dus impliciet erkend dat het verkeer over de Schenkelse Dreef zowel bestemmingsverkeer als sluipverkeer is en dat weren van sluipverkeer ook een verbetering geeft voor het verkeersprobleem op de Kralingseweg. Wat in het rapport niet genoemd wordt, is of er een mogelijkheid is om dit sluipverkeer te weren zonder het bestemmingsverkeer te hinderen. Technisch is dat zeker mogelijk, juridisch waarschijnlijk ook omdat plaatsen als Vianen en Prinsenbeek ook bezig zijn met het weren van sluipverkeer. En of het politiek haalbaar is, dat bepaalt u: wordt de wijk Schenkel opgezadeld met een Capels verkeersprobleem, of wilt u de bereikbaarheid van Schenkel verbeteren? Als het verbieden van verkeer een stap te ver gaat, is er nog een andere oplossing. Verkeer dat nu op de Abram van Rijckevorselweg de Schenkelse Dreef nadert moet kiezen welke route te nemen: de doorgaande route via het Capelseplein, of de sluiproute via de Kralingseweg. Op dit punt heeft de automobilist echter onvoldoende kennis om een juiste beslissing te nemen. Als de automobilist richting Capelseplein een aantal stilstaande auto's ziet en een lege Schenkelse Dreef, wordt wellicht de verkeerde keuze gemaakt.

Een dynamisch route-informatiepaneel, een zogeheten DRIP, met actueel gemeten rijtijden op beide routes, kan de automobilist helpen om de juiste keuze te maken. Om de juiste oplossing te kiezen is het waarschijnlijk nuttig om zulke rijtijdmetingen gedurende enige tijd uit te voeren om een beeld te krijgen van de verkeershoeveelheden. De kosten van zo'n meting zijn beperkt, namelijk vier verkeerscamera’s met kentekenherkenning en een computer. In deze spreektijd heb ik u maar een summiere beschrijving van een paar ideeën kunnen geven. Op mijn website kunt u meer over deze en nog enkele andere ideeën lezen, bijvoorbeeld over een idee dat voor ongeveer € 0 de bereikbaarheid van de Haagwinden iets kan verbeteren. Als de ideeën toelichting behoeven, geef ik die graag. De griffie heeft mijn contactgegevens. Het adres van mijn website is te vinden in mijn inspreektekst die bij de vergaderstukken wordt toegevoegd. Dank u wel voor uw aandacht. Ik hoop dat u mijn ideeën in overweging wilt nemen bij het Capellebrede verkeersonderzoek. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Westenberg. Mevrouw WESTENBERG: Geachte raadsleden, voorzitter.

Ik voer in deze raadscommissie het woord, omdat ik, maar ook mijn medebewoners in de wijk, de Eilandenbuurt, hebben ervaren dat het raadsbesluit om eenrichtingverkeer in te stellen op de Eilandenweg gespeend is van iedere noodzaak en bovendien door de politie geenszins wordt ondersteund. Ook is de inspraak van bewoners hieromheen in de laatste jaren heel verwrongen geschied. Het besluit om eenrichtingverkeer in te stellen met venstertijden van tweemaal één uur per doordeweekse dag voor 52 weken per jaar op de Eilandenweg verdient echt een brevet van onvermogen. Er zijn namelijk geen feiten en cijfers die aantonen dat het noodzakelijk is. Er zijn geen cijfers dat de bewoners dit willen, en dat komt ook omdat de enquêtes – een enquête met ja of nee heet volgens mij trouwens een stemming en geen enquête, maar dat terzijde – die oorspronkelijk waren ingevuld door mij en anderen, zijn vernietigd. Er is alleen een overzichtje, zegt de ambtenaar in kwestie. Ik neem aan dat de wethouder dat in opdracht heeft gegeven, want dat is immers niet ‘des ambtenaars’, het gaat hier om de wethouder. Er is op geen enkele manier door de gemeente aangetoond dat er een probleem is rond breng- en haaltijden.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

3

De brengtijd ‘s morgens kan misschien een probleem zijn, maar we hebben de afgelopen weken gezien dat aan het einde van de schooldag zoveel kinderen naar de buitenschoolse opvang gaan, dat er dan in ieder geval nauwelijks verkeer is. Er is geen bewijs dat er ongelukken gebeuren; dat zegt de politie ook, en die houdt dat bij, niet alleen voor de gemeente Capelle, maar überhaupt. Er is ook geen hot spot van problemen. Ook dat wordt bijgehouden door de regio. Dan zou het zijn het beschermen van weggebruikers en passagiers. Ik woon nu 35 jaar in deze wijk, ik woon op de Amiranten, ik rijd dus altijd 70 m gewoon de Eilandenweg uit. Volgens dit besluit zou ik nu voortaan tweemaal per dag de hele weg af moeten rijden. Dat betekent dat ik op plekken kom waar ik eventueel een aanrijding kan hebben met een kind dat plotseling oversteekt, wat ik anders nooit zou hebben. Ik heb er over nagedacht: in die 35 jaar heb ik geloof ik twee keer die weg de andere kant op gereden omdat er wat was, maar verder nooit. En dat geldt voor heel veel mensen, want iedereen neemt altijd de kortste klap de wijk uit. Per slot van rekening is het niet een hele brede weg of zo, het is logischer om zo snel mogelijk op de Westerlengte te zijn. Nou, dan is dus dat tweemaal een uur, terwijl hier in de gemeenteraad op vragen is geantwoord dat het om 10 minuten gaat ‘s morgens.

Wij hebben ook gezien dat het inderdaad 10 / 15 minuten is ‘s morgens en geen uur. En dan het probleem van de inspraak, waarmee het heel vreemd is gegaan. Ik woon op de Amiranten, zoals ik net zei, en ik heb brieven gekregen, gericht aan de Orkaden. Ik ben door mijn ouders heel keurig opgevoed, maar die kon ik niet bezorgen, want er stond geen nummer bij en ik heb ze dus weggegooid zonder ze te openen, en dat geldt voor veel van mijn medebewoners, want je opent geen post voor een ander en het ging blijkbaar niet om ons, want wij wonen niet op de Orkaden, en dat geldt ook voor andere straten die die brief hebben gehad. Daar hadden blijkbaar stukken in gestaan over een bijeenkomst waar ik heen had gekund. Allemaal leuk en aardig, maar dat weet ik dan niet. Mijn medebewoners en ik zijn bezig handtekeningen op te halen, want mensen zijn helemaal niet voor eenrichtingverkeer. Wij vinden dat dit besluit moet worden teruggedraaid. En wij zullen, want die mogelijkheid hebben wij natuurlijk, ook allen in grote aantallen bezwaarschriften indienen. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Lippinkhof, die namens Havensteder zal inspreken over het raadsvoorstel nota Parkeernormen. De heer LIPPINKHOF: Goedenavond geachte commissieleden.

Havensteder wil in Capelle zoveel mogelijk betaalbare woningen bouwen en dat sluit gelukkig goed aan bij de ambities die u als raad heeft vastgelegd in het programma Wonen. We hebben dan ook afgesproken dat we die ambitie gezamenlijk aan gaan pakken en daarom zijn we ook blij met het voorstel dat nu voorligt om het parkeerbereid te herijken. Dit is een flinke stap in de goede richting. De nieuwe norm voor sociale huur doet recht aan de cijfers van het werkelijke autobezit van onze huurders en helpt om de woningbouw haalbaar te maken. Tegelijkertijd zien we ook ruimte voor verbetering. Het dilemma is duidelijk: voor iedere vijf gebouwde parkeerplaatsen verdwijnt al snel één woning uit een plan en wij bouwen liever woningen in een groene omgeving met ruimte voor ontmoeting, spel, toegankelijkheid in de openbare ruimte. We begrijpen dat er altijd mensen zijn die de auto echt nodig hebben: de mantelzorger die bij de ouders langs gaat, de aannemer die met zijn gereedschap naar de klus moet gaan, die kan moeilijk in de metro stappen. Voor hen moet er natuurlijk ook altijd plek zijn, maar het mag er niet toe leiden dat we meer parkeerplaatsen bouwen dan daadwerkelijk gebruikt worden en daardoor minder woningen kunnen realiseren, en die opgave is groot op dit moment.

Wat ons zorgen baart, is dat Capelle met een generieke norm van 0.7 voor sociale huur rond OV-knooppunten strenger is dan Rotterdam en vergelijkbare steden. Voor uw beeld: in Rotterdam ligt de norm bij metro- en treinstations vaak op 0.3 tot 0.4 per woning. Nieuwegein rekent in het stadscentrum zelfs ook met 0.4, gecombineerd met deelmobiliteit. Dus de lijn is duidelijk. Steeds meer gemeenten verlagen of flexibiliseren hun normen rondom OV-locaties, juist om woningbouw mogelijk te maken. Daarom vragen wij u twee dingen. Begrens de parkeernorm voor sociale huur bij OV-knooppunten tot maximaal 0.4 per woning – daarmee sluit Capelle aan bij de praktijk in de regio en vergelijkbare steden –, en/of maak de norm flexibeler en projectafhankelijk, dus kijk naar de ligging, de doelgroep en de mobiliteitsoplossingen die een ontwikkelaar aanbiedt, zoals deelauto's en mobiliteitshubs. Met een lagere norm bij OV-locaties en meer flexibiliteit ontstaat een goede balans, voldoende ruimte voor wie afhankelijk is van de auto en voldoende ruimte voor de woningen die Capellenaren nu zo hard nodig hebben. We zijn ervan overtuigd dat het ook uw ambitie is. Het college wil inzetten op verdichting van onder andere de binnenstad, een prettig verblijfsklimaat, zodat Capelle aantrekkelijk

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

4

en leefbaar blijft. Als Havensteder herkennen we ons daar volledig in en we voegen daar graag aan toe: een Capelle dat ruimte slim benut is ook een beter bereikbaar Capelle voor voetgangers, fietsers, metro- en busreizigers en voor de automobilist. Elkaar een stukje ruimte gunnen maakt de stad voor iedereen toegankelijk. Laten we daarmee de wooncrisis in Capelle aanpakken. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER zegt de insprekers dank voor hun bijdragen. 4. Gemeenschappelijke regelingen (DCMR Milieudienst Rijnmond en MRDH Verkeer) Geen opmerkingen. 5. Nota Parkeernormen Wethouder VAN WOUDENBERG attendeert op een omissie in het raadsvoorstel. Formeel dient namelijk de raad de beantwoording van zienswijzen goed te keuren. Derhalve stelt hij voor een tweede beslispunt aan het raadsvoorstel toe te voegen, luidende dat de raad de beantwoording van de zienswijzen accordeert. De heer OUDSHOORN stelt vast dat de nota betrekking heeft op een actualisatie van de normen. Daarnaast is sprake van een verbetering van de verkorting bij de OV-punten, waarmee een omissie wordt hersteld die in een van de vorige vergaderingen is besproken. De heer Spruit zal hierover straks nog een vraag stellen waarop hij het antwoord met belangstelling afwacht. De SGP is blij met deze aanpassingen, ook omdat er nu meer aandacht komt voor fietsparkeren en duurzaamheid.

Een kleine zorg die hij nog wil aanduiden betreft de verhouding tussen de beschikbaarheid van parkeerplaatsen voor elektrische auto’s versus die voor gewoon parkeren. Is dat de komende jaren voldoende geborgd? Mevrouw FEUTH betuigt namens D66 instemming met de actualisatie van de nota Parkeernormen, die veel beter aansluit bij de realiteit van nu en toekomstige woningbouw beter faciliteert. Zij hoopt overigens dat ook in de losse projecten nog gekeken kan worden naar wat maatwerk, want er moeten uiteindelijk toch woningen bijgebouwd worden; dat moet echt de grote prioriteit zijn. De heer KOLSTER wil niet onder stoelen of banken steken dat de VVD een autopartij is. Iedereen moet naar de mening van de VVD het vervoermiddel kunnen gebruiken waaraan hij of zij de voorkeur geeft. Een auto neemt nu eenmaal veel meer ruimte in beslag dan een fiets en daarom is het altijd goed de normen te actualiseren en bij te stellen, want effectief gebruik van de ruimte is hartstikke belangrijk. Nederland heeft gewoon heel weinig ruimte en dan is het ontzettend belangrijk dat daarmee effectief wordt omgegaan. Net als mevrouw Feuth hanteert hij in dit verband de term ‘maatwerk’, zij het in een andere context. Normen zijn er namelijk niet voor de Capellenaar, de Capellenaar is er een beetje voor de norm.

Er is een bepaalde richtlijn en als in een bepaald gebied die richtlijn niet op orde blijkt te zijn, moet die richtlijn worden aangepast, want mensen gaan echt niet hun auto wegdoen omdat ze willen voldoen aan de Capelse parkeernorm. De algemene oproep die hij aan het college wil doen is: als ergens een grote parkeerdruk ontstaat, houd daar dan rekening mee en monitor het, zodat iedereen op een goede manier naar zijn werk kan. De heer SPRUIT sluit zich bij het laatste aan. In de fractie van Leefbaar Capelle is best uitvoerig gediscussieerd over de parkeernorm, omdat de parkeerdruk in een flink aantal wijken in Capelle hoog is en nu een generiek kengetal wordt toegepast op heel Capelle. In sommige wijken zal dat misschien best passen, maar er zijn zeker ook wijken en buurten te bedenken waar dat wat minder het geval is. De fractie is daarom nog niet enthousiast over het verlagen van de bezoekersnorm. De vraag aan de wethouder is daarom of het mogelijk is om hier en daar wat te differentiëren in deze norm. Op zijn volgende vraag is al een klein voorschotje genomen door de heer Oudshoorn, die hij eerder had gevraagd of ook hem bij het vergelijken van de parkeernorm van twee jaar geleden en die van nu het volgende was opgevallen. Op pagina 32 van de bijlagen daarbij – toevallig is het in beide bijlagen hetzelfde paginanummer – zijn geel gearceerd de wijzigingen aangegeven.

Bij de parkeernorm 2025 echter zijn álle getallen veranderd, niet alleen de bezoekerskengetallen, maar ook de gewone parkeerkengetallen. Alles is zo'n beetje 0,3 naar beneden gegaan. Is dat nou een foutje, of deugt er iets in het raadsvoorstel niet?

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

5

De heer VAN BUREN noemt het sterk dat in deze actualisatie niet generiek het CROW is gevolgd, maar dat eerst is onderzocht in hoeverre het parkeergebruik in Capelle afwijkt van de normen die het CROW landelijk stelt. Helaas zijn er ook wijken en buurten waar het parkeren dat vroeger op eigen erf thuishoorde is ingewisseld voor parkeren op straat, omdat tuinen en parkeergarages omgevormd zijn tot studeerkamers en andere zaken. Het is de CDA-fractie al decennia een doorn in het oog hoe daarmee wordt omgegaan. Het collectief moet de parkeerproblemen die zijn toegenomen op straat dan oplossen, maar klaarblijkelijk is daar juridisch voor de gemeente weinig ruimte voor. Een van de punten, waarop zojuist ook is ingesproken, betreft de parkeernorm bij sociale huur. Hij vroeg zich af of het gedrag van de sociale huurders reden is om deze norm op dit niveau te houden. Uit onderzoek van het Kennisplatform verkeer en vervoer is gebleken dat juist aan de onderkant van het arbeidsmarktgebouw mensen veel meer afhankelijk zijn van de auto, omdat de afstand tot het werk langer is dan voor hoger opgeleiden, die vaak terug kunnen vallen op het OV. Dus dat zou er juist voor pleiten om juist bij sociale huur voldoende rekening te houden met het parkeren van auto's. De vraag is natuurlijk wel of de Capelse bevolking, wanneer het gaat over de keuze voor werk, juist op die moeilijke plekken werkt.

De mobiliteitsstromen aan de onderkant van het arbeidsmarktgebouw bepalen ook enigszins of kan worden teruggevallen op een lagere parkeernorm en op OV-gedrag, of dat het toch echt noodzakelijk is om die parkeerplekken te houden. De volgende stap vraagt wat kijken naar de toekomst, ook voor bijvoorbeeld de Centrumvisie. Als in het centrum verder verdicht wordt, in hoeverre komen daar dan bebouwde parkeervoorzieningen bij die een soort hybride gebruik zouden kunnen bieden, overdag voor het winkelend publiek en ’s avonds, als de druk op de parkeergarage minder is, voor bewoners in de buurt? Welke kansen ziet het college daartoe? Is dat een realistische optie, of is dat soort oplossingen volgens de expertise van de professional die rechts van de wethouder zit eigenlijk geen oplossing? De heer HEERENS erkent dat de parkeernormen van 2023 voor sociale-huurwoningen te hoog waren. Het is de ChristenUnie echter niet duidelijk waarom de parkeernormen niet opnieuw afhankelijk worden gemaakt van de grootte van de woning. Waarom niet voor grotere sociale huurwoningen de norm verhogen ten opzichte van de generieke 0,7 en bij de kleinere woningen juist verlagen? In de nieuwe parkeernormen van bijvoorbeeld de gemeente Vlaardingen vindt juist meer differentiatie plaats en zoals de vertegenwoordiger van Havensteder zojuist aangaf wordt ook in den lande meer gedifferentieerd dan minder.

Waarom hier een generieke norm wordt gehanteerd, is hem dan ook niet duidelijk. Dat er weinig grotere sociale-huurwoningen gebouwd worden om niet te differentiëren, zoals ergens wordt gesteld, vindt hij geen steekhoudend argument, want de komende jaren kan juist besloten worden om weer groter te bouwen en dan biedt deze norm onvoldoende ruimte. Mevrouw MONTEIRO DA VEIGA verzekert dat de PvdA-fractie het belang van actuele parkeernormen in ziet en het uitgangspunt onderschrijft dat parkeernormen moeten aansluiten bij het werkelijke gebruik van autobezit. Het is goed dat landelijke kerncijfers zijn verwerkt in deze nota en dat een bijstelling heeft plaatsgevonden, met name voor sociale-huurwoningen. Dat is een stap in de goede richting, maar er zijn wel wat vragen over fietsparkeren. De PvdA is van mening dat fietsparkeren niet langer een bijzaak moet zijn, maar dat er goed naar gekeken moet worden.

Het is positief dat in de nota nieuwe kerncijfers zijn opgenomen, maar hoe wordt geborgd dat bij nieuwe ontwikkelingen voldoende en kwalitatief goede fietsparkeerplaatsen worden gerealiseerd? Wordt er onderscheid gemaakt tussen kortparkeren van fietsen, van bezoekers bijvoorbeeld, en langparkeren van bijvoorbeeld bewoners of werknemers bij winkels? Wordt ook rekening gehouden met de toename van bakfietsen, elektrische fietsen en andere grote modellen? De PvdA pleit voor een norm die niet alleen kwantitatief is, maar ook kwalitatief, zeker bij OV-knooppunten, scholen en winkelcentra. Wat betreft de norm bij sociale-woningbouw onderschrijft zij de opmerkingen die daarover zijn gemaakt door het CDA. Een vraag die daarbij aansluit luidt of er voldoende onderzoek is gedaan naar de mobiliteitsbehoefte van bewoners van sociale-huurwoningen, inclusief bezoekers. De PvdA wil voorkomen dat bewoners van sociale-huurwoningen straks hun auto niet kwijt kunnen, of dat de leefbaarheid in wijken daarmee onder druk komt te staan. Tot slot nog enkele wat bredere vragen voor de wethouder. Hoe wordt bij gemengde functies, bijvoorbeeld wonen en werken, de parkeerdruk berekend? Zijn de gewijzigde aanwezigheidspercentages voldoende hierin? Wordt bij nieuwe ontwikkelingen actief gestuurd op

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

6

deelmobiliteit en autodelen? Hoe wordt de HOV-korting toegepast en gecontroleerd? Is de loopafstand nu voldoende gespecificeerd? De PvdA-fractie stemt in met de actualisatie van de nota Parkeernormen 2025, maar roept het college op fietsparkeren en sociale huur serieus te nemen en te volgen. Zij blijft pleiten voor een stad waarin duurzame mobiliteit, leefbaarheid en sociale rechtvaardigheid hand in hand gaan. De bijdrage van GroenLinks is in het voorgaande inbegrepen. Wethouder VAN WOUDENBERG kondigt vooraf aan dat een aantal vragen zal worden beantwoord door de heer Kik, die naast hem is gezeten. Hoewel de vraag van de heer Oudshoorn eigenlijk bij het laadpalenbeleid thuishoort, kan hij er wel het volgende over zeggen. De gemeente is zich uiteraard bewust van het feit dat parkeren voor elektrische auto's een steeds groter aandeel in de stad heeft. De komende tijd zal het laadpalenbeleid dan ook moeten worden aangepast aan de komst van steeds meer laadpalen. Op dit moment is het nog niet nodig, maar bij het verder opschalen van elektrische auto's, en dus meer laadpalen, zal het zeker onderdeel worden van het parkeerbeleid. De term ‘maatwerk’ is door verschillende partijen gebruikt en wordt ook een beetje verschillend uitgelegd. Bij het realiseren van parkeerplaatsen zie je spanningen ontstaan, vooral in dicht stedelijk gebied.

Met Havensteder worden goede gesprekken gevoerd over Roer-Barbizon en dat zal waarschijnlijk ook gebeuren over Centraal Capelle. Op een of andere manier zal dan maatwerk moeten worden toegepast voor die heel specifieke gebieden. Omdat de ruimte heel beperkt is, zullen daarover afspraken gemaakt moeten worden. Wat hier gepresenteerd wordt, zijn de algemene normen die voor Capelle gelden en als uitgangspunt zullen dienen voor de gesprekken die met projectontwikkelaars en ook andere bouwers zullen worden gevoerd. Een aantal vragen zijn gesteld over parkeerdruk in de wijken. Die druk wordt continu gemeten en de gemeente heeft in beeld welke wijken boven de 80%, boven de 90% en boven de 100% zitten qua parkeerdruk. Voor wijken waarin die parkeerdruk echt heel erg hoog is wordt gezocht naar oplossingen met extra parkeerplaatsen, enz. Dat is echter heel specifiek en deze parkeernormen zijn bedoeld voor nieuwe ontwikkelingen, voor de plannen die nu gemaakt worden, maar ook voor andere plannen die er in de stad zijn. Daarvoor worden deze parkeernormen opgelegd, of worden deze uitgangspunten bij de vergunningverlening gebruikt. Ze gelden dus niet zozeer voor de wijken die er al liggen. Ook daar is sprake van parkeerdruk, maar daarvoor zal op een andere wijze een oplossing moeten worden gevonden, en ook daarover worden gesprekken gevoerd.

Als zich echt grote problemen voordoen, worden die door de inwoners zeker gemeld bij deze wethouder, alsook bij de ambtenaren, en dan wordt ook met hen in gesprek gegaan om te kijken welke oplossingen mogelijk zijn. Een van de uitgangspunten daarbij is zoveel mogelijk dubbel gebruik: overdag door mensen die er werken en ‘s avonds door mensen die er wonen De heer SPRUIT schetst het voorbeeld van het stationsgebied Schollevaar, waar straks extra woningen zullen worden gebouwd. Er zullen dan parkeerplaatsen verdwijnen in het gebied waar gebouwd wordt en hoe wordt dan omgegaan met die parkeernorm? Wethouder VAN WOUDENBERG antwoordt dat de woningen die daar gebouwd worden dan gewoon worden opgeteld. Voor sociaal, middenhuur en dure huur gelden verschillende normen. Die worden opgeteld en vermenigvuldigd, waarna het aantal parkeerplaatsen resteert dat gerealiseerd moet worden. Misschien is de huidige oppervlakte dan onvoldoende en zal er dus inpandig geparkeerd moeten worden, één of twee verdiepingen. In Rivium komen zelfs gebouwen waar vier verdiepingen parkeren wordt gerealiseerd om uiteindelijk de parkeernorm voor dat object te kunnen realiseren. Als zulke dure parkeerplaatsen gerealiseerd moeten worden, zou het voor de gemeente onmogelijk kunnen worden om er huizen neer te zetten en daarover zal dan met Havensteder in gesprek moeten worden gegaan.

De heer Kik verzoekt hij te gaan op de vraag die is gesteld over de verschillen die zijn aan te treffen op pagina 32 van de bijlagen. De heer KIK snapt dat het lijkt alsof die getallen verschillend zijn, en zoals ze op papier staan zijn ze ook verschillend, maar uiteindelijk staat er toch hetzelfde getal. Het grote verschil is dat in de vorige nota een totaalnorm stond, met in de tweede kolom het bezoekersdeel. Het bezoekersdeel was daar onderdeel van de totaalnorm. In de voorliggende nota is dat anders gedaan: het bewonersdeel en het

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

7

bezoekersdeel staan nu naast elkaar en die moeten bij elkaar worden opgeteld om de totaalnorm te krijgen. Het bewonersdeel van de normen voor niet-sociale huur is niet gewijzigd, alleen het bezoekersdeel is gewijzigd. Door de andere weergave lijkt het alsof ook het bewonersdeel is gewijzigd, maar dat is niet het geval. Het is nu op deze manier gedaan omdat ook het CROW dat in de landelijke publicatie anders heeft opgeschreven. De heer SPRUIT betwijfelt of dit wel klopt. Volgens hem wijken de cijfers echt af. De heer KIK legt het graag wat uitvoeriger uit. Voor alle typen woningen, met uitzondering van de sociale, waarvoor de norm echt lager uitkomt, is de norm aangepast met alleen het bezoekersdeel; het bewonersdeel is gelijk gebleven. Effectief betekent dat dus ook niet dat iedere parkeernorm 0,15 of 0,2 lager wordt. Uiteindelijk wordt gerekend met aanwezigheid. ‘s Nachts zijn alleen bewoners thuis en is er geen bezoek. Dat is vaak het maatgevend moment, en dan telt dus 100% het bewonersdeel, 0% het bezoekersdeel. Overdag is dat een deel van de bewoners en een deel van de bezoekers. Ook al is de norm lager, dat betekent niet automatisch dat in dezelfde mate ook de parkeervraag, het aantal parkeerplekken dat daar moet worden aangelegd, lager wordt. Wethouder VAN WOUDENBERG vervolgt met de vraag van de heer Van Buren over sociale huur en de scherpte van de genomen getallen.

Ook de heer Heerens stelde daarover een vraag, met een verwijzing naar Vlaardingen. Vergeleken met de cijfers van twee jaar geleden, is het ‘overall’ hoger geworden, zowel voor de kleine als voor de grotere woningen. Aanvankelijk was er een differentiatie opgenomen, totdat de provincie in een zienswijze aanbeval de normen van 0,6 en 0,1 te gebruiken, en wel integraal, zoals ook alle andere steden in de provincie doen. Capelle heeft dat overgenomen. De heer KIK voegt eraan toe dat bij het opstellen van deze normen in samenspraak met Havensteder ook is gekeken naar een aantal buurten met bijna uitsluitend sociale-huurwoningen, waar gewoon is geteld wat dan het autobezit is. Dat geeft echt wel een goed beeld. Er blijken dan twee dingen: dat de norm van 0,7, dus 0,6 plus 1, echt wel heel goed passend is en heel scherp – de gemeente wil genoeg parkeerplekken, maar niet teveel en daar past dit heel goed bij – en dat er niet heel veel elasticiteit is waar het gaat om de relatie met de woninggrootte. Er is een redelijk consistent autobezit, dat redelijk onafhankelijk is van de woninggrootte. Dat is uiteindelijk ook wel weer verklaarbaar en sluit goed aan bij de zienswijze van de provincie en bij het feit dat heel veel andere gemeenten ook voor sociale huur één vaste norm hanteren.

De heer VAN BUREN constateert dat door het college en de beleidsmedewerkers wordt gesproken over een strakke norm. In de zienswijze echter wordt bepleit de norm wat lager te leggen en in de bijdrage van een van de insprekers werd gewag gemaakt van de kosten bij de ontwikkeling van woningen, gekoppeld aan de kosten van parkeerplaatsen. Hij verzoekt daarom wat dieper in te gaan op de vraag waarom ervoor is gekozen niet op 0,4 te gaan zitten, maar vast te houden aan 0,7. De heer KIK meent dat daarop al antwoord is gegeven in de uitvoerige beantwoording van de zienswijze van Havensteder. Er zijn meerdere argumenten voor en niet alleen de zienswijze van de provincie. Zoals eerder aangegeven, zijn in Capelle zelf uitvoerig tellingen gedaan om een zo scherp mogelijke norm voor sociaal neer te zetten, gewoon gebaseerd op wat buiten kan worden waargenomen, want de gemeente wil niet een te hoge norm en bouwen voor leegstand en evenmin een te lage norm en een oplossing op papier, om vervolgens een probleem buiten te creëren. Dat is een onderbouwing voor deze norm. De norm van 0,6 plus 0,1 is effectief 0,6, want ‘s nachts is het 0,6 keer 100% en 0,1 keer 0% = 0,6. Dat is echt wel een scherpe norm. Wat buiten wordt geteld komt ook overeen met de zienswijze van de provincie. Uiteraard is goed geluisterd en gekeken naar de zienswijze van Havensteder.

Iedere parkeerplek die wordt aangelegd kost geld en ruimte waarmee ook andere dingen gedaan zouden kunnen worden, maar het zomaar verlagen van de parkeernorm is een oplossing op papier, waarna vervolgens een probleem wordt gecreëerd buiten in de omliggende wijken waar parkeeroverlast zal ontstaan. Het is ook een probleem voor de sociale huurder, want die kan dan z’n auto niet meer kwijt. Daarom is de norm die nu in de nota is opgenomen fors lager dan die in de vorige nota. Door een inspreker is aangegeven dat er andere gemeenten zijn waar de norm voor sociale huur nog lager is. Dat klopt, er zijn overigens ook heel veel gemeenten waar die fors hoger is, dus dat verhaal heeft twee kanten. In een gemeente als Rotterdam of Nieuwegein, met een heel stringent

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

8

parkeerregime voor betaald parkeren en vergunninghoudersparkeren in het centrum, maken mensen in bepaalde gevallen een iets andere keuze, want dan moet je een dure parkeervergunning kopen. Die norm kan dus niet los worden gezien van de context en van de manier waarop het parkeren is georganiseerd. Wethouder VAN WOUDENBERG merkt aan het adres van mevrouw Monteiro da Veiga op dat fietsparkeren beslist geen bijzaak is, maar substantieel aan bod komt in de nota en majeur is meegenomen in de normen. Gevraagd is ook hoe een en ander precies is uitgerekend. Volgens hem zijn in de nota zeven voorbeelden gegeven van hoe het is uitgerekend en hoe daarmee wordt omgegaan. Als meer uitleg op prijs wordt gesteld, wil hij daarvoor graag een afspraak met haar maken. Hij heeft in ieder geval het beeld dat via de zeven voorbeelden die zijn gegeven een uitgebreide uitleg is gegeven hoe de parkeernormen worden toegepast. Als het gaat om hoogwaardige openbaarvervoerhaltes, is volgens hem duidelijk uitgelegd dat de 300 en 600 m-grens gelden. Als daarover nog vragen bestaan, wil hij die graag een keer een op een door de heer Kik laten beantwoorden. Tweede termijn De heer HEERENS begrijpt dat er weinig steun is voor zijn idee om meer te differentiëren in de parkeernormen. Een generieke parkeernorm van 0,7 is volgens de ChristenUnie niet te laag en daartegen bestaat dan ook geen bezwaar.

Hij vreest alleen dat het bij de grotere woningen die in de toekomst gebouwd worden een pijnpunt zou kunnen worden. Dat is voor de fractie echter geen reden om niet met de nota in te stemmen. Mevrouw MONTEIRO DA VEIGA zegt graag te willen ingaan op de uitnodiging van de wethouder om de nog bij de PvdA bestaande vragen één op één met hem door te nemen. Wethouder VAN WOUDENBERG merkt aan het adres van de heer Heerens op dat Havensteder op dit moment woningen bouwt die groter zijn dan 50 m² en niet heel veel groter dan 70 à 80 m². Die range is dus niet zo heel erg groot als het gaat om differentiëren in parkeernormen. De VOORZITTER legt de commissie de vraag voor of het voorstel als hamerstuk dan wel als bespreekstuk aan de raad dient te worden voorgelegd. De heer SPRUIT deelt mede dat het wat hem betreft een hamerstuk kan worden, tenzij bespreking in de fractie tot een ander oordeel leidt, in welk geval hij dat tijdig aan de griffie zal laten weten. De VOORZITTER stelt vast dat het voorstel met inachtneming van dat voorbehoud als hamerstuk voor de raad kan worden geagendeerd. Omdat de heer Van Woudenberg na deze bespreking wellicht andere werkzaamheden te verrichten heeft, stelt hij de heer Van Buren in de gelegenheid de wethouder een vraag te stellen die voor de rondvraag was aangekondigd.

De heer VAN BUREN releveert dat bij Kralingseveer bewoners zich hebben uitgesproken voor een knip om sluipverkeer tegen te gaan over de IJsselmondselaan. Als deze uitspraak door de gemeente Rotterdam opgevolgd wordt, kan dat de nodige invloed hebben op de Capelse situatie, met een toename aan sluipverkeer op andere plekken. Hoeveel invloed heeft de gemeente Capelle aan den IJssel nog op de finale besluitvorming rondom de inrichting van de IJsselmondselaan? Wat ziet het college als eventuele gevolgen als deze knip doorgaat en welke maatregelen heeft het college dan voor ogen om een toename van sluipverkeer via Capels grondgebied tegen te gaan? Wethouder VAN WOUDENBERG verzoekt de heer Kik in te gaan op het technische deel van deze vraag. De heer KIK zet uiteen dat de wijkraad Kralingseveer voor de zomervakantie een enquête heeft uitgezet in de wijk met vier scenario’s. De doelstelling daarvan is om het sluipverkeer via de IJsselmondselaan tegen te gaan. Vlak voor de zomer is de uitslag van die enquête bekend geworden. Daarmee ligt er nog geen voorkeursvariant. De gemeente Rotterdam heeft de wijkraad nu gevraagd om met een advies te komen. Dat advies ligt er nog niet. De bewoners zijn vier scenario’s voorgelegd

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

9

en slechts in één van die scenario's is echt sprake van een knip. In dat geval zou je van de IJsselmondselaan niet meer de IJsseldijk op kunnen, maar alleen nog via de noordkant van en naar de Abraham van Rijckevorselweg. Er zijn echter nog drie andere scenario’s en die hebben meer maatregelen in zich van eenrichtingverkeer en aanpassingen van de verkeerscirculatie, maar niet van die harde knip aan het eind. Het is nu afwachten met welk advies de wijkraad zal komen en wat de gemeente Rotterdam daarmee zal doen. Eerder is een proef uitgevoerd met een knip op de Riviumboulevard, omdat dat in de plannen van Rivium onderdeel is van de structuur. Die proef leidde tot een aantal aandachtspunten, en één daarvan was het risico van sluipverkeer op de IJsselmondselaan. Volgend op die proef is toen de afspraak gemaakt met Rotterdam dat zij in samenspraak met de wijk zou kijken naar mogelijke maatregelen. Dus dat dit gebeurt is geen verrassing en is precies de invulling van de afspraken die toen zijn gemaakt. In één van de vier varianten is sprake van een knip, maar dan niet alleen een knip; die knip wordt ondersteund met circulatiemaatregelen, dus dan wordt in de wijk op meer straten eenrichtingverkeer ingevoerd, juist om te voorkomen dat alsnog een sluiproute zou ontstaan op onderliggende straten, zowel op Capels als op Rotterdams grondgebied.

Er is regulier overleg met Rotterdam, waar dit op de agenda staat. De afspraak is dat Capelle hiervan op de hoogte wordt gehouden en ook wordt betrokken voordat Rotterdam definitief een besluit neemt. Wethouder VAN WOUDENBERG voegt er als projectwethouder voor de Algeracorridor aan toe dat op basis van de motie die door de raad is aangenomen om de Ketensedijk volledig af te sluiten van de Algeraweg, het sluipverkeer daar ook zal afnemen. 6. Actualiseren Verordening toegang tot de woningmarkt Capelle aan den IJssel Mevrouw MONTEIRO DA VEIGA stelt vast dat de woningmarkt in Capelle onder druk staat: starters, jongeren, alleenstaanden en gezinnen met een middeninkomen vinden steeds moeilijker een betaalbare woning. De voorliggende actualisatie beantwoordt vragen over wie in Capelle nog een woning kan vinden. De PvdA steunt het voorstel, maar vraagt aandacht voor de sociale kant van het woonbeleid. Het is goed dat de opkoopbescherming wordt verduidelijkt in deze verordening en dat de prijsgrens wordt aangepast naar de definitie van middeldure koopwoningen.

Hoe wordt voorkomen dat beleggers via omwegen alsnog woningen onttrekken aan de reguliere markt? Wordt actief gemonitord hoeveel woningen onder de opkoopbescherming vallen en of deze daadwerkelijk beschikbaar blijven voor starters en middeninkomens? De monitor wonen van mei 2025 laat zien dat de wachttijd voor sociale woningen oploopt en dat het aanbod voor middeninkomen stagneert. Welke concrete maatregelen neemt het college om het aanbod van koopwoningen te vergroten en hoe wordt ervoor gezorgd dat de betaalbare woningen in deze projecten ook betaalbaar blijven? De PvdA vindt het belangrijk dat geïnvesteerd blijft worden in gemengde wijken waar mensen met verschillende achtergronden samenleven. Tot slot nog twee vragen aan de wethouder. Hoe wordt de samenwerking met woningcorporaties in buurgemeenten vormgegeven bij de uitvoering van deze verordening en wordt bij nieuwe projecten actief gestuurd op woonlasten, zodat mensen niet alleen een woning kunnen kopen, maar ook erin kunnen blijven wonen? De heer HEERENS betuigt namens de ChristenUnie instemming met het voorstel. De heer VAN BUREN moet zeggen dat de bijdrage van de PvdA vragen bij hem heeft opgeroepen die hij eigenlijk eerder achter zijn computer had moeten bedenken, maar misschien heeft hij het wel niet goed door; dat kan ook wel eens gebeuren.

Bij de opkoopbescherming die hier aan de orde is gaat het om beleggers die een woning aan de markt onttrekken en gaan verhuren. In het dagelijks leven is hij ook nog voorzitter van een VvE, niet een van z’n favorietste vrijwilligersbanen, en die VvE heeft er de grootste moeite mee om te doorgronden wanneer woningen – koopwoningen in haar eigen bestand – verhuurd worden. Als het gaat om de handhaafbaarheid van deze regeling, op welke wijze wordt dan geprobeerd grip te krijgen daar waar op een gegeven moment sprake is van opkopen, dan wel van een wijziging van de eigendom in die zin dat de eigenaar het gaat gebruiken als een woning die uiteindelijk voor de huur wordt weggezet en niet vrij beschikbaar is op de markt? De heer SPRUIT deelt mede dat Leefbaar Capelle zich prima kan vinden in deze technische aanpassing. Eén vraag rest hem nog. De NHG-grens wordt losgelaten, omdat die kennelijk niet meer

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

10

past in wet- en regelgeving bij de definitie van middeldure woningen. De grens ligt nu op € 405.000 en daarvoor is niet zo vreselijk meer te koop in Capelle. Is het denkbaar een list te bedenken om toch de NHG-grens te kunnen aanhouden, waardoor de range van woningen die er binnen vallen wat groter zou worden? De heer VAN LOEF vraagt zich af of hier ‘sec’ wel sprake is van technisch-juridische aanpassingen. In die zin is het wel aardig dat hij eigenlijk de conclusie van de PvdA deelt – wie had dat kunnen denken? –, zij het natuurlijk wel op een andere manier. De wethouder legt hij in dit verband de vraag voor wie nu beter af is: starters en mensen met een middeninkomen, en hoe zit het dan met mensen die willen huren in het middensegment? Volgens hem zal deze maatregel namelijk tot gevolg hebben dat er minder wordt opgekocht en verhuurd, waardoor het aanbod aan huurwoningen uiteindelijk zal dalen. Mevrouw FEUTH deelt mede dat D66 kan instemmen met het voorstel, gezien het technische aspect van het verzoek. De heer OUDSHOORN geeft te kennen dat voor de SGP-fractie hetzelfde geldt. Wethouder GEISSLER begint zijn beantwoording met de vraag van mevrouw Monteiro da Veiga hoe wordt voorkomen dat beleggers via omwegen alsnog woningen onttrekken aan de reguliere markt.

De transacties in wijken met opkoopbescherming worden door de gemeente gemonitord, evenals een mogelijk waterbedeffect naar andere wijken. Naast de opkoopbescherming voor bestaande woningen geldt voor nieuwbouwwoningen dat gewerkt wordt met een antispeculatiebeding en een zelfbewoningsplicht. Op dit moment lijkt dat voldoende, want in het afgelopen jaar zijn veel minder woningen aan beleggers verkocht en zijn meer woningen naar eigenaar/bewoners gegaan. Een en ander wordt actief gemonitord en in die monitor, die de raad jaarlijks ontvangt, is te zien wat de effecten zijn van het beleid dat wordt gevoerd. Voorts worden concrete maatregelen genomen om het aanbod van koopwoningen te vergroten. Tot 2034 hoopt de gemeente circa 10.000 woningen bij te bouwen in Capelle, waarvan een groot deel betaalbaar. De samenwerking met woningcorporaties wordt vormgegeven met prestatieafspraken en met overleg binnen de regio. Ook met de regiogemeenten heeft Capelle veel contact en samen worden plannen gemaakt om zaken wel of niet te doen. De PvdA kan hij bevestigen dat ook actief wordt gestuurd op woonlasten. Daarbij wordt niet alleen naar de kale huurprijs gekeken, maar ook verder, bijvoorbeeld naar duurzaam bouwen, maar ook gewoon naar concrete verduurzaming, waarmee ook geprobeerd wordt de woonlasten laag te houden.

De heer Van Buren gaf te kennen als voorzitter van een VvE wel eens moeite te hebben om te doorgronden wanneer sprake is van een koopwoning. Zoals zojuist al aangegeven, worden op dit moment heel weinig woningen verkocht aan beleggers. Als zich ongewenste situaties voordoen, is het altijd van belang die te melden, want dat is echt een trigger om ook te gaan handhaven en echt actief op te sporen waar zich dat voordoet, maar met deze aantallen lijkt dat niet opportuun. De heer Spruit vroeg zich af of de NHG-grens niet aangehouden kan blijven worden. De reden dat dit voorstel voorligt, is juist dat dit niet kan. De opkoopbescherming mag alleen maar worden gehanteerd voor de middeldure woningen en de woningen die daaronder vallen. Aansluiting bij de landelijke regeling is ook beter dan zelf normeringen te gaan toepassen, omdat Capelle over het algemeen relatief goedkope woningen heeft. Als de gemeente zelf een hele schaalindeling zou gaan toepassen, zou dat heel veel tijd kosten en bovendien zou het iedere keer moeten worden geactualiseerd. De effecten ten aanzien van huren en middensegmenten, waarnaar de heer Van Loef informeerde, zijn heel beperkt, omdat gebleken is dat maar heel weinig woningen naar beleggers gaan, en als ze al naar beleggers zouden gaan, is het de vraag of ze bij de juiste doelgroepen terecht zouden komen.

Ten slotte deelt hij mede dat hij van ambtelijke zijde te horen heeft gekregen dat op dit moment de helft van de te koop staande woning een vraagprijs heeft van onder de € 405.000. De VOORZITTER concludeert dat het voorstel als hamerstuk naar de raad kan worden geleid. 7. Concept Capels Actieplan Netcongestie Mevrouw FEUTH zegt de wethouder en de ambtenarij dank voor het overzichtelijke stuk dat voorligt. D66 resten nog een opmerking en twee vragen. Bij de participatie staat dat bewoners en ondernemers

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

11

geen formele stem hebben in de besluitvorming en dat trafohuisjes vergunningsvrij mogen worden neergezet. Eigenlijk mogen de bewoners alleen participeren over hoe het eruit komt te zien: welk kleurtje het krijgt en of er een hegje voor komt. De fractie maakt zich een beetje zorgen over de rol en de prominente plaats die participatie in het stuk krijgt als de invloed die daadwerkelijk uitgeoefend kan worden zo beperkt is. De wethouder verzoekt zij dit zeer duidelijk te communiceren en zelfs te overwegen om het niet zo nadrukkelijk in het stuk te zetten, want er wordt niet geparticipeerd, er wordt een verfje aangebracht, en dat kan ook op een andere manier worden georganiseerd, bijvoorbeeld via de WOP. Ten slotte de twee vragen. Worden de mogelijkheden van waterstof in het kader van de huidige ontwikkelingen niet erg overschat? Hoe reëel is het om een warmtenet op dit moment te zien als een bijdrage aan de oplossing van de netcongestie, terwijl eigenlijk alle warmtenetten, de Warmtewet en alles wat er mee te maken heeft volledig op hun gat liggen? Mevrouw VAN DER VORM merkt op dat het Capels Actieplan Netcongestie progressie laat zien en dat de gemeente de urgentie van het probleem erkent, en dat is goed.

Maar netcongestie is niet alleen een technisch vraagstuk, maar raakt ook direct aan de economische ambities, woningbouwdoelstelling, klimaatdoelstellingen en de energietransitie. Dus er zijn nog wel enkele zorgen. Allereerst de impact op het klimaat. Netcongestie wordt gedeeltelijk veroorzaakt door de verhoogde vraag naar elektriciteit, die deels komt door de toenemende welvaart, maar ook door de energietransitie. Het plan bevat het voorstel om 50% van de trafohuisjes te laten bewerken door graffitikunstenaars. Het vervaardigen van graffiti is een milieubelastende activiteit. Kan daarom niet gekeken worden naar een meer duurzame oplossing om die huisjes te verfraaien? Daarnaast heeft Capelle ook te maken met hittestress en de gemeente is ook nog eens aangesloten bij het Schone Luchtakkoord. Beplanting brengt verkoeling en zuivert ook de lucht. Het plan stelt dat de gemeente ook acties kan uitvoeren, maar dat de netbeheerders de probleemeigenaren blijven. Hoe wordt ervoor gezorgd dat de gemeentelijke inzet daadwerkelijk leidt tot meer capaciteit en niet slechts tot symptoombestrijding? Tevens adviseert zij de gemeente met andere gemeentes samen te werken, om zo te komen tot schaalvoordelen bij het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. De gemeente is ook voornemens om de grond te verkopen aan Stedin, wat eenmalig inkomsten oplevert voor de gemeente.

Waarom is niet gekozen voor de optie van het verhuren van de grond aan Stedin, om zo vaste inkomsten voor de gemeente te genereren en de grond in eigen bezit te houden? De VVD is voorstander van slimme oplossingen, zoals energiehubs, bidirectioneel laden en decentraal opwekken, maar ze mist een duidelijke visie op hoe deze innovaties worden gefaciliteerd. Worden de marktpartijen actief betrokken, is er ruimte voor private investeringen voor bijvoorbeeld buurtbatterijen en kan bidirectioneel laden ook toegankelijk worden gemaakt voor bewoners zonder eigen laadpaal, gekoppeld aan hun huis of oprijlaan? De heer SPRUIT memoreert dat een klein halfjaar geleden de impactanalyse werd gepresenteerd, die goed zicht gaf op de problematiek waarmee Capelle in de komende maanden te maken krijgt als het gaat om de netcongestie. Nu ligt een plan van aanpak voor om in ieder geval op lokaal niveau te doen wat binnen de mogelijkheden ligt. Leefbaar Capelle vindt dat dit plan er goed uitziet. Het laat zien dat datgene wat beïnvloed kan worden, ook beïnvloed zál worden. Eens is hij het overigens met de opmerking van mevrouw Feuth over participatie. De warmtenetten hebben op dit moment niet zo’n hele goede naam, niet alleen door de aansluitkosten, maar ook door de kosten die volgen als iemand al aangesloten is.

Hij pleit ervoor daarop niet al te sterk in te zetten in het stuk, want dan schiet de gemeente haar doel misschien voorbij. De heer VAN BUREN zegt het geheel met mevrouw Feuth eens te zijn dat er een kwetsbaarheid is wanneer het in de communicatie met de inwoners gaat over inspraak, wat eigenlijk geen inspraak is. In een vergadering voor de zomer is stilgestaan bij de grondopbrengsten die de gemeente ging realiseren bij de verkoop van de grond voor trafohuisjes. Het CDA heeft er toen ook al op aangedrongen goed na te denken over de plek en de kwaliteit van de plek. Hoe dat goed ingepast wordt in de openbare ruimte blijft een vraagstuk en hij vindt dat het college verder moet nadenken dan alleen over een likje verf over de gebouwtjes, want daarmee wordt niet de kwaliteitsslag bereikt die de gemeente zou willen bereiken.

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

12

Gedragsverandering is een van de aspecten in het stuk. Hoe nobel dat streven ook is, in de fractie rees de vraag wie z’n gedrag nog niet aanpast, gezien de energieprijzen waarmee iedereen te maken heeft. Zijn er echt nog mensen die de oude lichtbulbjes gebruiken, of is iedereen al lang overgegaan op alle moderne vormen van verlichting? Daar komen nog een heleboel andere vraagstukken bij en dat maakt het ineens weer heel erg ingewikkeld, waardoor hij ook wat moeite heeft met de inbreng van de heer Spruit zojuist. Het algemene gevoel, ondanks alle prijsvraagstukken die er zijn en ook de moeilijkheid die de markt en semipublieke partijen hebben om in een warmtenet te stappen, is nog steeds dat de warmtenetten wel nodig zijn om te zorgen dat de druk op het elektriciteitsnet niet te ver toeneemt en de verwachting is dat collectieve warmtenetten op de lange termijn nog steeds de goedkoopste optie bieden voor de afname van warmte. De heer SPRUIT repliceert dat Leefbaar Capelle niet tegen warmtenetten is, maar tegen de kosten die gerekend worden voor warmtenetten. Het loont nauwelijks om aan te sluiten op een warmtenet, dus het moet aantrekkelijk worden gemaakt. De heer VAN BUREN is ook benieuwd hoe het prijsmechanisme zich zal ontwikkelen. Helaas bestaan in dit land soms koppelingen aan gasprijzen voor duurzame energie die het voor de gebruikers ook erg moeilijk maken.

Er is een enorme ontwikkeling aan de gang in warmtenetten. In andere delen van het land wordt onderzocht of het Deense model van toepassing zou kunnen zijn. Er wordt ook op andere manieren geëxperimenteerd, er worden businesscases uitgerekend voor kleinere oplossingen en wie weet wat er allemaal nog meer zal volgen. Wat dat betreft wil hij ook even reageren op de opmerking die zojuist is gemakt over waterstof. Het college roept hij op het gasnet in godsnaam in de grond te houden en niet alles op te ruimen. De ontwikkelingen op het gebied van waterstof maken namelijk nog steeds een innovatieve bocht naar boven en wellicht kan waterstof uiteindelijk toch voor de warmteleverancier, en daarmee het verminderen van druk op het elektriciteitsnet, een oplossing bieden. Als het gasnet wordt opgeruimd, wordt die oplossing voor altijd geblokkeerd. Het college legt hij voorts de vraag voor, daarbij ook verwijzend naar wat eerder is opgemerkt over het gebruik van buurtbatterijen, hoe werkelijk kan worden gekomen tot decentrale energiesystemen in de bebouwde woonomgeving, waardoor de druk op het collectieve net zou afnemen en ook de balanceerproblemen die het net heeft om het allemaal goed te regelen, beter in de hand zijn te houden.

Wellicht kan in het kader van de samenwerking met de andere new towns, waar ook een gigantische opgave ligt op de verduurzaming van de bebouwde omgeving, ook op het vlak van energie, een gesprek met het ministerie worden aangegaan over de mogelijkheid om experimenteerzones in te richten, om te kijken hoe ook in de bebouwde omgeving tot decentrale energiesystemen kan worden gekomen. De heer HEERENS wijst erop dat netcongestie geen tijdelijk probleem is, maar een steeds groter wordend probleem, veroorzaakt bij nieuwbouw en scholen, maar vooral ook bij bedrijven die van het fossiele af willen en willen elektrificeren. Het advies van de ChristenUnie is om conform het voorliggende plan volle bak in de uitvoering te gaan. Dat burgers een transformatorhuisje niet in de buurt willen hebben omdat het niet mooi is, is wat de fractie betreft ondergeschikt. Er wordt over gesproken om met graffiti de huisjes aantrekkelijker te maken. Is de verwachting dat dan de weerstand van de bewoners zal verdwijnen? Er is veel aandacht voor thuisbatterijen, die zomaar een oplossing zouden kunnen zijn, of voor wijkbatterijen. Het is goed aandacht te hebben voor de veiligheid hieromtrent en wellicht communicatie over de oplichtpraktijken van thuisbatterijen, die best wel in het nieuws komen. Misschien kan ook de gemeente hieraan aandacht schenken.

Ten slotte een vraag van heel andere orde: waarom wordt de grondverkoop niet nu al ingerekend? Het lijkt hem toch een reële opbrengst die kan worden meegenomen in het financiële verhaal. Mevrouw MONTEIRO DA VEIGA zegt het college dank voor het voorliggende stuk en voor de inzet die aan den dag is gelegd om deze urgente problematiek zo concreet mogelijk aan te pakken. De PvdA maakt zich enige zorgen over de impact van netcongestie op het dagelijks leven in de stad; denk aan woningbouw die stil kan vallen, scholen die moeilijker aangesloten worden en ondernemers die misschien niet kunnen uitbreiden met verduurzamen. Deze maatregelen zullen pas na 2029 echt effect hebben, terwijl de problemen nu al merkbaar zijn. Tegelijkertijd ziet de fractie duidelijke kansen

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

13

door te investeren in energiehubs, batterijen en slimme oplossingen, zoals netbewust laden en bouwen. De wethouder legt zij ten slotte twee vragen voor. Hoe kan het college garanderen dat woningbouw en onderwijshuisvesting niet stilvallen door de netcongestie? Wordt aan deze projecten prioriteit gegeven? Hoe wordt de raad tussentijds geïnformeerd over de voortgang van de twaalf acties en op welke momenten kan worden bijgestuurd als maatregelen minder effectief blijken? De heer OUDSHOORN geeft aan dat de SGP in het voorliggende actieplan een duiding mist van de impact van een en ander op de langere termijn. Dat de netcongestie, maar ook het actieplan, een enorme impact hebben op de gemeente Capelle, is evident. Nu worden een aantal projecten genoemd, zoals het Kindcentrum Meeuwensingel en het Kindcentrum Florabuurt, die met een extra investering door kunnen gaan, maar er staan veel meer projecten op de rol. Zo werkt het Comenius College aan een businesscase en daar zal mogelijk ook een bedrag uit resulteren. Onlangs is behoorlijk lang stilgestaan bij de beperkte financiële mogelijkheden van de gemeente en bij een dergelijke grootse opgave zou verwacht mogen worden dat veel meer ook een doorrekening wordt gemaakt met andere projecten. Nu lijkt het net alsof het hiermee is afgedaan en dat betwijfeld de SGP ten zeerste.

De vraag is dan ook: welke projecten zijn nog te verwachten die ook extra geld van de gemeente vragen en of de gemeente ook voldoende geld kan terugzien. Een andere vraag die bij de fractie is gerezen, is of de lijst van maatregelen voldoende gemakkelijk aanvulbaar / aanpasbaar is op het moment dat er nieuwe oplossing voorhanden komen, innovaties die ineens blijken te werken en nu nog niet bekend zijn, of juist best practices uit andere uit andere delen van het land. Het plan benadrukt ook de noodzaak van samenwerking met omliggende gemeenten. Straks ontstaat natuurlijk een wedloop met projecten, waarbij je, als je maar eerder bent, de kans hebt dat je nog net het laatste restje van het net kunt gebruiken. Hoe is nu geborgd dat dat in samenhang gebeurt? In reactie op eerdere opmerkingen over participatie, moet hij zeggen dat hij wel blij was dat eindelijk eens benoemd wordt waar de participatie wel of niet over gaat, los even van de vraag of hij het ook voldoende vindt voor deze projecten. Wethouder GEISSLER zegt mevrouw Feuth dank voor haar opmerking over het vergunningvrij neerzetten van de trafohuisjes.

Zoals de heer Oudshoorn ook al zei, is in het stuk heel duidelijk aangegeven dat alleen de intentie bestaat om daarover te communiceren met de buurt en dat het dan nog gaat over de vraag hoe het huisje eruit komt te zien, in welke kleur en misschien nog met een mooie tekening, mogelijk graffiti, maar wellicht iets anders wat milieuvriendelijker is, wat ook zijn voorkeur zou hebben. Het is van belang duidelijk met de bewoners te communiceren dat het niet anders kan en dat verder geen participatie mogelijk is. Communiceren is echter ook een vorm van participatie en dat moet gewoon goed worden gedaan. Aansluitend op de vraag van de heer Heerens denkt hij dat het zeker wel helpt dat de bewoners nog op enige manier betrokken worden, maar het is ook goed om te weten dat er randvoorwaarden zijn gesteld en dat niet overal zomaar in de openbare ruimte een huisje kan staan. Er wordt bijvoorbeeld ook gekeken naar zichtlijnen, om te voorkomen dat iemand pontificaal voor de woning een trafohuisje krijgt. Dat zijn ook randvoorwaarden en als daarmee al rekening wordt gehouden, zullen er ook niet zo gek veel locaties meer zijn in Capelle waar je dan terecht kunt. Mevrouw Feuth had voorts een vraag over het potentieel van waterstof: is dat niet iets wat wordt overschat? Waterstof wordt slechts heel summier genoemd in het stuk, met name wat gerelateerd aan mogelijke opslag.

De potentie lijkt op dit moment niet groot, alleen voor zware industrie, zoals ook beschreven is. Daarmee is het voor de korte en middellange termijn zijns inziens geen optie. Gevraagd is ook in hoeverre een warmtenet bijdraagt aan de oplossing. In de Florabuurt is er vijf jaar lang aan getrokken om te kijken wat daar mogelijk is, maar daar is de stekker uitgetrokken. Toch is men op de achtergrond nog bezig te bezien wat warmtenetten zouden kunnen doen. Ze hebben een grote impact als het lukt om een deel van de gemeente aan te sluiten op een warmtenet. De totale vraag naar energie in ogenschouw nemend en hoe dat naar deze gemeente toe moet worden geleid, kan bijna niet ontkomen worden aan de conclusie dat die kant ook serieus onderzocht zal moeten worden. Momenteel wordt met meerdere gemeente uit de RES-regio gelobbyd bij het rijk, onder andere over betaalbare prijzen. Ander punt is dat de woningen moeten worden aangepast en zeker met het isoleren van wat oudere woningen zijn hele hoge kosten gemoeid; ook daarvoor zal vanuit het

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer dinsdag 23 september 2025

Pagina:

14

rijk een oplossing moeten komen. Daarnaast houdt de gemeente zich momenteel bezig met de vraag hoe het publieke belang in toekomstige warmtenetten vormgegeven zou moeten worden. Mevrouw FEUTH vraagt of de wethouder het met haar eens is dat de invloed van de gemeente op dit moment in dit dossier wat beperkt is door de landelijke problematiek, onduidelijkheid rondom de warmtenetten, de 51% publiek belang en dergelijke. Wethouder GEISSLER beaamt dat goed zal moeten worden onderzocht hoe met dat belang moet worden omgegaan. Vorige week heeft hij er nog een gesprek over gevoerd met Deloitte, die door Rotterdam was aangezocht om dat voor deze subregio vorm te gaan geven en in dat verband ook de ideeën van Capelle kwam ophalen. Het is namelijk van belang hierin regionaal samen te werken. Tot de heer Van Buren, die informeerde naar decentrale energiesystemen, merkt hij op dat momenteel gewerkt wordt aan een energievisie, die op enig moment ook met de raad gedeeld zal worden. Daarin wordt het gehele lokale energiesysteem betrokken, waaronder ook de buurtbatterij. Mevrouw Van der Vorm stelde de vraag hoe ervoor wordt gezorgd dat de gemeentelijke inzet met het actieplan met 12 punten daadwerkelijk zal leiden tot extra capaciteit. Het is inderdaad iets dat heel goed gemonitord zal moeten worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16056158/1