CConstaterende datCapelle aan den IJssel
Koppel je AI →
Document · PDF

02.01 - Conceptverslag commissie SOB 27 januari 2021

Commissie Stadsontwikkeling en -Beheer 8 maart 2021, gemeente Capelle aan den IJsselBij agendapunt: Vaststellen verslag commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 27 januari 202114.211 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

In antwoord op de concrete vraag van het CDA deelt hij mee dat na het vaststellen van dit voorstel in de raad door het college een besluit over toezicht en handhaving zal worden genomen. De VOORZITTER stelt vast dat het voorstel als hamerstuk naar de raad kan worden geleid. 8. Concept-ruimtelijk toekomstperspectief Fascinatio Mevrouw DEN ENGELSMAN zegt om te beginnen de ambtelijke organisatie dank voor de verhelderende antwoorden op de technische vragen van het CDA. De CDA-fractie heeft erover getwijfeld om een ordevoorstel in te dienen, gezien de in haar ogen minimale bewonersparticipatie met de gehele wijk. Na bijna twee jaar bezig te zijn geweest met het gebiedspaspoort, en nu een toekomstvisie, is het CDA echter van mening dat doorgegaan kan worden, zij het met een tussenstap. Eind vorig jaar heeft de fractie de burgemeester gevraagd haast te maken met het participatiebeleid. Ook vanavond is geopperd toch nog eens over die participatie te spreken. Op 16 februari is een thema-avond Ruimtelijke ontwikkeling ingepland en het lijkt het CDA goed om het thema participatie daar op de agenda te plaatsen.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 15 van 20

De raad wordt nu gevraagd het stuk vrij te geven voor participatie met de wijk Fascinatio. Opnieuw rijst dan de vraag: wat wordt verstaan onder die participatie? Participatie op dit moment is dat het stuk straks ter inzage wordt gelegd voor de wijk via een formele weg, waar een zienswijze ingediend kan worden. Er wordt dus niet meer gesproken met de wijk, maar alleen nog een zienswijze ingediend. Om die reden pleit het CDA voor de eerder genoemde tussenstap, om nog één keer met de wijk te gaan praten en daarna het formele traject in gang te zetten. Daarnaast heeft het CDA nog een aantal vragen voor de wethouder. De sociale- en veiligheidsaspecten en -voorzieningen zullen opgepakt worden door de gebiedsregisseur. Een goede omgevingskwaliteit is een van de drie maatschappelijke doelstellingen van de Omgevingswet, naast gezondheid en veiligheid. Het voeren van een kwaliteitsdialoog, waarbij sociale- en veiligheidsaspecten ook worden meegenomen, bevordert ook de verbinding in onderwerpen die leven in een wijk en in een stad. Het verzoek is om ook dat soort aspecten mee te nemen, zodat één integraal plan ontstaat, de toekomstvisie naar 2030. Omdat er nog een vrije kavel is, is ook gevraagd te kijken naar de westelijke hoekkavel, om dat te gaan invullen als een groene kavel. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt werd dat niet wenselijk gevonden, heeft de fractie teruggekregen.

Maar goed, die vraag zou ze toch ook wel graag bij de bewoners willen neerleggen. De bewoners wordt nu gevraagd of ze willen wonen of werken. Het CDA zou daar graag de vraag aan willen toevoegen: wat willen jullie misschien met de kavels die er nu nog zijn? Om deze optie open te houden verzoekt zij de wethouder die vrije kavel nog even beschikbaar te houden voor mogelijke plannen voor invulling van de groene kavel. Het CDA heeft ook gevraagd eventueel te bezien of de studentenhuisvesting niet naar die westelijke hoekkavel kan. Het ligt vlak bij een rotonde, dus ook qua verkeersveiligheid zou het een ideale oplossing zijn. Het verheugt de CDA-fractie dat de buitenring groen wordt omgeven. Het is heel prettig dat daar een mooi loopgebied komt. Overigens ligt de kavel bij de metrozijde op Rotterdams grondgebied en zij hoopt dat daarvoor van die zijde medewerking zal worden verkregen. Enige verwarring is bij de fractie ontstaan door de opmerking in het collegebesluit dat geen transformaties meer zijn toegestaan bij bestaande kantoorgebouwen, terwijl in de visie staat dat daarmee terughoudend zal worden omgegaan. Wat is nu de bedoeling? Een vraag is door het CDA nog gesteld over het feit dat het postcodebeleid ten aanzien van scholen is losgelaten, zodat ook uit andere wijken, en misschien zelfs uit Rotterdam, kinderen daarnaartoe kunnen.

Zal nader in kaart worden gebracht hoeveel verkeersbewegingen dat oplevert van buiten het gebied naar de scholen? Blij is zij dat in ieder geval goed gekeken gaat worden naar het gebruik van de twee metrostations en goede stallingsvoorzieningen daarbij. Daarvoor is ook weer hulp vanuit Rotterdam nodig. Zij heeft begrepen dat ook gekeken zal worden naar de fietscorridor die vanuit de Algerabrug komt en dat in het plan de stallingsmogelijkheden voor Capelsebrug verwerkt zijn. In de technische beantwoording ziet zij terug dat mogelijk een uitbreiding van de ParkShuttle of de buurtbus een haalbaar scenario is. Zij verzoekt de wethouder deze verkenning naar een mogelijke uitbreiding ook in het vervolgtraject mee te nemen. Verlaging van de maximale snelheid zal niet worden doorgevoerd, maar er komen een aantal aanpassingen waardoor de snelheid door de automobilist zelf wel verlaagd zal worden. De CDA-fractie geeft in overweging te bezien of er vanaf de ontsluiting van de Barckalaan nog mogelijkheden zijn om daar wellicht rendement uit te halen voor een betere doorstroming. In de visie wordt gewag gemaakt van de uitstraling en eenheid van de Fascinatio Boulevard. Met de komst van het gebouw van Allsafe is die eenheid volgens het CDA zeer doorbroken. De wethouder heeft ook aangegeven dat de Hortus een op een zal worden meegenomen in dit gebiedspaspoort.

Als gestreefd wordt naar eenheid, begrijpt zij niet dat bij de Hortus bijvoorbeeld toegestaan wordt dat aan de voorkant geparkeerd wordt, terwijl bij elk bedrijf in Fascinatio zij-parkeren of achter-parkeren aan de orde is. Zij verzoekt daar nog even naar te kijken. Ten slotte de poortkavels bij de rotondes. Het verheugt haar dat daar nu plannen voor zijn, zodat dat weer een betere uitstraling gaat krijgen. Zij heeft begrepen dat het beeldkwaliteitsplan 1999 hier ook van toepassing is. Zo’n beeldkwaliteitsplan omschrijft precies wat er op zo’n kavel moet komen. Er wordt wel gesproken over maximaal zes bouwlagen, maar omdat nu aangegeven wordt dat Fascinatio een grootstedelijke uitstraling moet krijgen richting het Rivium, gaat men naar minimaal zes lagen. Als het beeldkwaliteitsplan hier geldt, geldt echter ook die maximale eis van zes bouwlagen. Zij dringt erop aan daaraan aandacht te besteden.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 16 van 20

De heer TIESMA sluit zich aan bij de vraag die is gesteld over de poortgebouwen. De uitstraling die wordt voorgestaan heeft volgens hem niets te maken met hoogte, maar veel meer met de manier waarop een en ander architectonisch in elkaar wordt gezet. Een groen park langs de randen is natuurlijk heel mooi, maar als je in Fascinatio gaat kijken, kun je zien dat het daar vooral gras is. Bij een park denkt hij ook aan rust en de vraag aan de wethouder is hoe deze dat wil bereiken. Hij betwijfelt of je op conversatietoon met elkaar kunt praten in dat park. Wat hij ook niet echt goed terugziet is op welke manier binnen de ring meer groen en bomen zullen worden gerealiseerd. Ter zake geeft hij een suggestie in overweging die door de bewoners naar voren is gebracht. Binnen de wijk zijn heggen als erfscheidingen voorgeschreven, maar dat schijnt behoorlijk veranderd te zijn sinds de start van de ontwikkeling. Misschien kan de wethouder wat doen aan de handhaving van dat gebod. De toezegging voor de vrije kavel stamt al van heel lang geleden. D66 stelt er prijs op dat het ook daadwerkelijk een vrije kavel groen wordt. Gezien de geringe hoeveelheid groen, zeker voor de bewoners straks ook in het Rivium, is het heel belangrijk om daar wat aan toe te voegen. Aangegeven wordt dat heel veel ouders hun kinderen met de auto naar school brengen.

Dat verwondert hem een beetje, want Fascinatio is een compacte wijk en behoorlijk autovrij. Wat kan de wethouder doen om ouders aan te moedigen hun kinderen lopend of fietsend naar school te brengen? Een 30 km-zone op de buitenring zou daarbij helpen. Als iemand die anderhalf jaar gewerkt heeft in de ring kan hij bevestigen dat er een tekort is aan parkeerplaatsen bij de bedrijven. Het is niet duidelijk hoe dat tekort opgelost gaat worden. Wellicht valt te denken aan parkeervergunningen. Heeft de wethouder hier een plan voor? Ten slotte sluit hij zich aan bij de opmerkingen die zowel door mevrouw Den Engelsman als mevrouw De Veer zijn gemaakt over participatie. De heer OUDSHOORN benadrukt dat hier een concept ruimtelijk toekomstperspectief voorligt dat hierna nog een keer de participatie met de wijk in gaat. Wat hem betreft getuigt dit er juist van dat de participatie in dit geval wel voldoende aandacht krijgt. De wethouder heeft hem eerder wat aan het wankelen gebracht met diens mededeling dat het WOP al een toekomstvisie voor Capelle-West heeft vastgesteld. Vooralsnog is het hem onduidelijk wat daarvan de status is. De heer GEISSLER sluit zich voor wat betreft de poortgebouwen aan bij de opmerkingen die daarover door CDA en D66 naar voren zijn gebracht. De PvdA-fractie herkent zich ook volledig in de bijdrage van het CDA ten aanzien van het participatietraject.

Met betrekking tot de OV-mobiliteit zijn mooie ambities uitgesproken, die echter weinig concreet zijn. Het blijft onduidelijk welke knelpunten nu precies zullen worden opgelost. Is dat wel onderzocht? Zo wordt bijvoorbeeld gesteld dat de routes naar de metrostations worden verbeterd, maar is dat echt de oplossing voor het probleem, zeker in het licht van het gegeven dat een heleboel ouders hun kinderen in de wijk nog met de auto naar school brengen? Is het college bereid dit nader te onderzoeken? Wat over de woningbouwcategorieën is aangegeven spreekt de PvdA op zichzelf wel aan, met name ten aanzien van jongeren en mensen die behoefte hebben aan begeleid wonen. Daarbij is het wel noodzakelijk dat er participatie plaatsvindt met de omgeving. Verder is de fractie benieuwd of het ook de bedoeling is nog iets vast te leggen over de prijscategorieën en de betaalbaarheid van deze woningen. Resten hem nog twee kleine technische opmerkingen. Op pagina 9 wordt aangegeven dat de bedrijfspanden in trek zijn. Vervolgens wordt een opmerking gemaakt over een transformatiepand, van een bedrijfspand naar woonunits, waarna besloten wordt met de conclusie dat de bedrijfspanden volop in de belangstelling staan van bedrijven. Volgens hem past dat niet helemaal. Hij verzoekt daar nog even naar te kijken voordat dit ter inzage wordt gelegd. Op pagina 14 staat iets over het koppelen van regenwater.

Volgens de PvdA-fractie is hier afkoppelen bedoeld. De heer EILANDER concludeert dat met dit toekomstperspectief duidelijk een beter stuk voorligt dan een halfjaar geleden, toen het Hortusgebouw hier werd besproken. Het is ook goed te zien dat er niet altijd wordt gewacht, maar dat het college met de teams Groen en Mobiliteit alvast twee heikele punten uit Fascinatio, die al jaren bekend zijn, bij de kop pakt.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 17 van 20

Veel aandacht gaat in het stuk uit naar de tweekopse kavels. De ChristenUnie is blij dat hierin alvast de verbinding met het Rivium wordt gezocht, want Fascinatio staat niet op zichzelf, maar heeft duidelijk een verbinding met Brainpark en Rivium. Onvermijdelijk rijst dan ook weer een discussie over de hoogte. Eerlijk gezegd vindt hij het juist wel mooi dat de participatie daar nog enige richting aan kan geven. De ChristenUnie is er wel klaar voor om de volgende stap te maken en de inspraak in te gaan. Daarbij heeft hij nog wel een vraag over een bepaalde zin die hij niet helemaal kan duiden. Op pagina 3 van het begeleidende stuk staat dat het ruimtelijk toekomstperspectief naar het WOP zal worden toegestuurd en dat daarna met het WOP-bestuur overlegd zal worden over de vraag hoe de wijk betrokken wordt bij het actualiseren van het beeldkwaliteitsplan. Moet hij dit zo begrijpen, dat nu het toekomstperspectief bij de mensen in Fascinatio wordt neergelegd voor een terinzagelegging en dat daarna nog specifiek met de mensen in Fascinatio en anderen in gesprek zal worden gegaan over het beeldkwaliteitsplan? Ten slotte oppert hij het idee iemand uit de wijk, of het WOP, toe te voegen aan het toekomstige Q-team dat verder aan de gang gaat met de twee kavels. De heer VLOT dankt mevrouw Den Engelsman voor haar zeer uitvoerige bijdrage.

Waar het gaat over het groen, memoreert hij dat de SP altijd van mening is geweest dat een vrije kavel hiervoor vrij gehouden zou moeten worden. Hij heeft dat ook gezegd over de Hortus – what’s in a name, het is nota bene de Tuin van Fascinatio –: als je op anderhalve meter van een Allsafe-gebouw gaat bouwen, bouw daar dan een tuinhuisje. Dat werd wel gewaardeerd door de inwoners van Fascinatio, maar niet door de afdeling Stadsontwikkeling. Over stadsontwikkeling gesproken, daarover heeft hij de volgende vraag te stellen aan de wethouder. Bij de presentatie onlangs van de bouwplannen inzake studentenhuisvesting, kwam ook weer de mogelijkheid ter sprake om te ruilen van kavel. Helaas was dat niet aan de orde, maar wat hem wel opviel was dat de sociale woningbouw die daar door Havensteder gepland was mede gepresenteerd werd als zijnde een buffer tegen het geluid van de A16 en de metro. Dat klonk niet echt heel sympathiek. Strookt een concentratie van sociale woningbouw op één plek, 160 woningen in drie woongebouwen en zes woonlagen, wel met de woonvisie die door de wethouder is gepresenteerd? Bovendien ligt deze plek verder weg van openbaar-vervoervoorzieningen, terwijl dat voor studenten juist andersom zou moeten zijn. Participatie maakt tegenwoordig bijna onderdeel uit van elk agendapunt.

In dit verband stelt hij de vraag wat nu eigenlijk de bestuursrechtelijke positie is van een WOP en of het echt meer is dan alleen een doorgeefluik. De heer VAN LOEF citeert het eerste actiepunt dat is geformuleerd: “We verkennen de opties van parkeerregulering in de woonwijk, om parkeeroverlast tegen te gaan.” Dit is zijn derde periode als raadslid en het valt hem steeds weer op dat er iedere keer onderzoeken/verkenningen worden uitgevoerd. Van de wethouder wil hij nu concreet weten hoeveel onderzoeken of verkenningen nog worden uitgevoerd voordat er een echte maatregel wordt getroffen. Wethouder STRUIJVENBERG haakt meteen in op de laatste vraag. Vandaag heeft hij overleg gehad met enkele bedrijven in Fascinatio, omdat hij vindt dat het college er goed aan doet om niet alleen een besluit te nemen op basis van metingen van parkeerdruk, waarvan niet van tevoren bekend is wat de weerslag is bij de werkgevers en hun personeel. Hij vindt het belangrijk dat Capelle ondernemers welkom heet en je kunt moeilijk een bedrijf welkom heten en het personeel niet. Er zijn inmiddels tweemaal tellingen uitgevoerd en die tonen een stijgende parkeerdruk aan die grotendeels wordt veroorzaakt, op bepaalde plekken in Fascinatio in ieder geval, door parkerende werknemers.

Hij kan wel rücksichtslos een vergunning invoeren, in de verwachting dat het probleem dan zal zijn opgelost, maar dat doet hij niet. Nodig zijn nu niet zozeer onderzoeken als wel gesprekken met de bedrijven, en daarna uiteraard ook met de bewoners, om eens goed na te gaan hoe met deze parkeerdruk moet worden omgegaan. In het gesprek van vandaag zijn allerlei opties de revue gepasseerd, waaronder het stimuleren van werknemers om meer van het OV gebruik te maken, of wellicht het werken met scooters en e-fietsen om te pendelen. Goede verbindingen met metrostations zijn dan wel handig. Een geluk bij een ongeluk is dat de problemen zich in de huidige coronatijd niet voordoen en dat deze tijd gebruikt kan worden om te beoordelen hoe men hieruit kan komen. De heer VAN LOEF vraagt wanneer concrete maatregelen tegemoet kunnen worden gezien. Wethouder STRUIJVENBERG had ooit bedacht dat hij hierover eind 2020 een richtinggevende uitspraak zou kunnen doen, maar dat is, voor een deel ook als gevolg van corona, niet gelukt. Wanneer het wel mogelijk zal zijn, weet hij niet, maar hij hoopt ergens in dit halfjaar.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 18 van 20

Diverse commissieleden hebben aandacht gevraagd voor de participatie. Het doet hem deugd dat het WOP zelf daarover op een positieve manier spreekt. Natuurlijk geeft het wel de nodige aandachtspunten mee, en dat is ook goed. Het ruimtelijk toekomstperspectief ligt nu ter consultatie aan de commissie voor. Wellicht zijn dan nog een aantal aanpassingen nodig in het college van burgemeester en wethouders, maar misschien ook niet. Daarna kan het stuk vrijgegeven worden voor de inspraak. Inspraakreacties, zienswijzen en de reactie van het college daarop komen daarna nogmaals terug in de commissie en vervolgens in de raad. Het beeldkwaliteitsplan loopt een andere route, maar deels wel gelijktijdig. Hij verwacht dat het later gereed zal zijn dan wanneer het toekomstperspectief weer in de raad zal worden behandeld. Het laatste zal hopelijk op 31 mei het geval zijn. Het idee is geopperd om de studentenhuisvesting in de noordwesthoek gestalte te geven. Dat is echter juist het kavel dat Havensteder al als reservering had. Zij wil op die plek graag sociale woningbouw realiseren en dat past goed bij zijn visie op het wonen in Capelle, omdat op die manier niet alleen een deel compensatie wordt gedaan van Hoven-II, maar ook gewerkt wordt aan voldoende sociale woningen in Capelle in z’n algemeenheid en aan spreiding van die sociale woningen over de stad.

Over het inzetten van vrijkomende kavels voor groen heeft hij bij een eerdere bespreking wel eens opgemerkt dat, als een vrijkomend kavel bestemd zou worden als park, dat vermoedelijk het duurste parkje van Capelle zou worden. Hij zou dan ook eerder willen inzetten – en dat gebeurt ook met dit toekomstperspectief – op meer groen in de wijk in den brede, waarvan bomen natuurlijk ook onderdeel kunnen zijn. Mevrouw DEN ENGELSMAN geeft in overweging de vraag bij de bewoners neer te leggen of deze vrije kavel, tevens de laatste kavel en de laatste kans, voor wonen, werken of recreëren dient te worden aangewend. Wethouder STRUIJVENBERG zegt toe die vraag nogmaals te zullen stellen, maar overigens meent hij te weten dat de bewoners reeds eerder hebben aangegeven dat deze kavel zich daar minder goed voor leent, omdat het wat verder van de bewoning af ligt. Wat betreft het behoudend omgaan met de transformatie, wijst hij erop dat de transformatieleidraad toeziet op wat gedaan kan worden als een pand heel erg lang leeg staat. In Fascinatio bestaan daarmee nu geen problemen, maar het is in ieder geval de bedoeling er in Fascinatio behoudend mee om te gaan. Gevraagd is of een buurtbus haalbaar is. Eerder had men een derde buurtbus in gedachten voor halverwege dit jaar, maar hoe dat zal gaan met corona en OV moet nu worden afgewacht.

Of deze vraag op dit moment opportuun is, weet hij niet, maar aan de andere kant strekt dit toekomstperspectief wel wat verder dan het komend jaar, daarom wil hij in de verdere uitwerking wel meenemen of daarover iets te zeggen valt. De suggestie om ouders aan te moedigen kinderen lopend of fietsend naar school te brengen zal hij nader onder de loep nemen. Wat betreft de status van de toekomstagenda van Capelle-West deelt hij mede dat het de wens is geweest van de wijk zelf om het op die manier te doen, vandaar dat het voor de gemeente niet meer nodig is om daarvoor een eigen toekomstperspectief of iets dergelijks te maken. Mevrouw DEN ENGELSMAN memoreert dat het CDA in de raad al een keer naar die toekomstagenda had gevraagd, omdat die in het coalitieakkoord was vermeld. De wethouder heeft toen aangegeven dat het CDA zich tot de fracties Leefbaar Capelle en VVD diende te wenden over wat hierover in het coalitieakkoord staat. De vraag over die toekomstagenda ligt dus ook bij die twee fracties en zij nodigt beide fractievoorzitters uit eens na te denken over wat zij daarmee willen. Tweede termijn De heer TIESMA zegt de wethouder dank voor de beantwoording. Hij herinnert eraan dat hij in eerste termijn had gevraagd hoe in het zogenaamde randpark de nodige rust te bewerkstelligen zou zijn.

Volgens hem zal daar wel een concreet voorstel bij moeten komen, wil het op een bepaalde manier vorm kunnen krijgen. Het hangt natuurlijk samen met die vrije kavel. Door de voorganger van de wethouder is bij de behandeling van de voorjaarsnota in 2019 toegezegd dat daarnaar gekeken zou worden. Naar zijn mening zal dit onderwerp echt goed besproken moeten worden met de inwoners. Mevrouw DEN ENGELSMAN herinnert aan de vraag die zij in eerste termijn had gesteld om eens te verkennen hoeveel kinderen van buiten de wijk de school bezoeken en welke verkeersbewegingen dat oplevert. Voorts herhaalt zij haar verzoek om de sociale- en veiligheidsaspecten en -voorzieningen, zoals door mevrouw De Veer genoemd, mee te nemen in de visie.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 19 van 20

Wat de groene kavel betreft, is in ieder geval bekend dat over de buitenrand die groen gemaakt gaat worden nog gesprekken gevoerd zullen moeten worden met de gemeente Rotterdam, die haar medewerking zal moeten verlenen voor bijna de helft van het groen dat daar aan de orde is. Zij pleit ervoor ook de wijk te vragen wat men hiervan vindt. De bewonersparticipatie wordt door ChristenUnie en SGP kennelijk ruim voldoende gevonden. Uit de terugkoppeling van bewoners, maar ook de terugkoppeling in het WOP, heeft het CDA echter begrepen dat de bewonersbijeenkomst op 4 juli 2019 niet helemaal vlekkeloos is verlopen. Het CDA is nog steeds van mening dat de tussenstap, die wel gedaan is met het WOP, maar niet met de bewoners, ook met de bewoners dient te worden gezet in plaats van nu meteen het formele traject in te gaan met de inzageprocedure. Wethouder STRUIJVENBERG merkt aan het adres van de heer Tiesma op dat de toezegging van zijn voorganger behelsde dat naar de mogelijkheid van groen zou worden gekeken als er een kavel vrijkwam. Dat kan ook, maar hij waarschuwt ervoor dat dat een hele dure grap zou worden in de begroting. Mevrouw DEN ENGELSMAN werpt tegen dat ze wel meer dure stukjes in Capelle kent waarin de gemeente geïnvesteerd heeft en waar ook gewoon gronden zijn afgeschreven met strategische verkopen.

Het lijkt haar daarom toch wel iets om mee te nemen naar de wijk, om te zien hoe die daar in staat. Als die er dan mee akkoord gaat om daar te bouwen en de groene buitenring voldoende vindt, is dat prima. Maar het is de laatste kavel en zij vindt dat daarmee heel zuinig moet worden omgegaan. Wethouder STRUIJVENBERG heeft er geen enkel bezwaar tegen om de vraag aan de wijk voor te leggen, maar benadrukt dat er ook andere afwegingen om de hoek komen kijken als de bewoners het zouden willen aanwijzen als een plek voor groen. De heer EILANDER voegt eraan toe dat de gemeente er flink op zou kunnen inboeten als hiervoor een grondexploitatie zou moeten worden afgesloten of iets dergelijks. Daarom vindt hij dat eerst de vraag aan de raad zou moeten worden voorgelegd of deze dat überhaupt zou willen voorstellen. Mevrouw DEN ENGELSMAN is het ermee eens dat er eerst een plan zal moeten liggen voordat hiervoor geld kan worden gevoteerd. Uit de technische beantwoording heeft zij inmiddels begrepen dat de kavel ongeveer 626.000 euro kost. Dat is best een hoop geld, maar ze weet ook dat in de Capelseweg/Bermweg 825.000 euro is geïnvesteerd, die inmiddels is afgeboekt. Het enige wat zij vraagt is om dit laatste stukje groen voorlopig groen te houden en er een goed voorstel voor te maken. Misschien kunnen de bewoners er ook over meedenken.

Wethouder STRUIJVENBERG herhaalt dat hij best bereid is de vraag aan de wijk voor te leggen, maar vooraf zou ook de vraag aan de politiek kunnen worden voorgelegd of die er wel voor in is om de financiële gevolgen hiervan te dragen. Als de voorkeur wordt gegeven aan de tweede route, heeft hij wel behoefte aan snel duidelijkheid. De heer EILANDER meent dat iedereen het er wel over eens is dat van tevoren goed moet worden nagedacht over de consequenties. Wethouder STRUIJVENBERG stelt voor het op die manier voor te leggen. De heer EILANDER stemt daarmee in. Mevrouw DEN ENGELSMAN sluit zich daarbij aan. Wethouder STRUIJVENBERG vervolgt zijn beantwoording met de opmerking dat de bewonersparticipatie naar zijn mening op de goede manier vorm wordt gegeven. Het gesprek met het WOP zou hij ook niet als een tussenstap willen aanmerken, maar meer als een eerste verkenning. Mevrouw DEN ENGELSMAN heeft in de laatste WOP-vergadering begrepen dat nog gesproken zou worden met de bewoners, inclusief het WOP, waarvoor twee data werden genoemd: 12 of 20 januari. Er is gesproken met het WOP, maar niet met de bewoners. Zij vreest dat straks weer de hele wijk op stelten staat als de formele procedure wordt ingegaan zonder dat vooraf met de bewoners is gesproken. Wethouder STRUIJVENBERG repliceert dat op 19 december met de wijk is gesproken.

Behorende bij commissieverslag SOB, nummer: 408485/421697

pagina: 20 van 20

Mevrouw DEN ENGELSMAN werpt tegen dat op 19 december 2019 met de wijk is gesproken, maar dat in de uitnodiging duidelijk stond dat het ging over de ontwikkeling van de kavels in Fascinatio. Misschien is links en rechts wel iets gezegd over het toekomstperspectief, maar in de afgelopen WOP-vergadering is kort ingegaan op het toekomstperspectief en is er niet uitgebreid over gesproken. De projectleider heeft toen aangegeven dat er in januari nog gesproken zou worden met bewoners. Er is nu met het WOP gesproken, maar niet met de bewoners. Er is ook nog een andere WOP-vergadering geweest, een jaar eerder, in 2019, en toen is gesproken over ontwikkeling van de kavels, maar niet uitgebreid over het toekomstperspectief, want pas begin 2020 werd aangegeven dat er naar een toekomstperspectief zou worden gegaan en niet naar een gebiedspaspoort. De VOORZITTER legt de commissie de vraag voor of het stuk vrijgegeven en het participatietraject gestart kan worden, zodat het door kan naar het college. Mevrouw DEN ENGELSMAN geeft te kennen dat het CDA een tussenstap wil, zoals eerder betoogd, en het nu te vroeg vindt voor de formele weg van terinzagelegging. De heer VLOT sluit zich daarbij aan. De VOORZITTER concludeert dat de commissie, met uitzondering van CDA en SP, instemt met het zojuist geformuleerde voorstel. 9.

Rondvraag De heer HARINCK vraagt aandacht voor het bord dat is verschenen bij het ’s-Gravenweteringpark over de aanstaande bouwactiviteiten waarop de naam IJsselpark is vermeld, wat bij de bewoners tot verwarring leidt. Hoe is gecommuniceerd dat die naam is veranderd? Wethouder STRUIJVENBERG moet het antwoord daarop schuldig blijven, maar zegt toe dat te zullen uitzoeken. De heer VAN LOEF merkt op dat in Krimpen aan den IJssel een enorme reconstructie van het wegprofiel plaatsvindt. Goed geteld komen er zes banen bij en wat zal dat betekenen voor Capelle aan den IJssel? Wordt in Krimpen al voorgesorteerde op de uitkomst van de MIRT? Wethouder STRUIJVENBERG repliceert dat hiervan onlangs in de denktank een hele presentatie is gegeven, die hij desgewenst graag aan de heer Van Loef zal doen toekomen. Mevrouw DEN ENGELSMAN herhaalt de vraag die zij eerder heeft gesteld of in de themavergadering van 16 februari, waarin de ruimtelijke ontwikkeling aan de orde komt, ook het thema participatie kan worden meegenomen. Wethouder STRUIJVENBERG herinnert aan de motie die door Leefbaar Capelle is aangekondigd over het onderwerp participatie. Hij beveelt aan dat eerst af te wachten en het niet hierbij te betrekken voor deze zaken. 10. Sluiting De VOORZITTER sluit om 23.31 uur de vergadering.

Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 8 maart 2021, de secretaris, de voorzitter,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9780680/1