02.01 - conceptverslag Commissie SOB 01032021
Tekst van het document
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
14
Wethouder STRUIJVENBERG verduidelijkt dat een gebiedspaspoort een Capelse methode is, met duidelijke regels voor gemeentelijke grond en algemene uitgangspunten voor het private bezit. Twijfels aan zijn integriteit werpt hij ver van zich. De bouwhoogte van 10 meter op het achterterrein is volgens mevrouw Den Engelsman wel opgerekt, maar dat is niet het geval ten opzichte van het gebiedspaspoort uit 2017, waarmee omwonenden het eens waren. Voor een klein deel gold een hoogte van 7 meter en die is opgerekt naar 10 meter op het gehele terrein. Na vaststelling van het gebiedspaspoort is gebied B6 nog graag bij te voegen, maar dat wil hij niet als voorwaarde stellen. De raad kan bij gesprekken tussen de ontwikkelaar en de omwonenden en bedrijven betrokken worden door de raadsleden voor die gesprekken uit te nodigen. Van uitsluiting van andere ontwikkelaars is naar zijn mening geen sprake, omdat in dezen sprake is van een ontwikkelaar die eigenaar is van het achterterrein. De heer EILANDER informeert naar de rol van de raad in de gesprekken met bewoners en bedrijven. Wethouder STRUIJVENBERG staat open voor de methode-Johannahoeve en zegt het toepassen van die methode toe. Schorsing (21.49 – 22.05 uur).
Inhoud van het gebiedspaspoort Mevrouw KING-DE HOOG las twee tot drie weken terug in De Volkskrant dat de Nederlander in 2021 gezondheidszorg het belangrijkst vindt, gevolgd door de woningmarkt, waar schaarste heerst. Dat is vervelend voor studenten, starters en ouderen. Het is daarom belangrijk te bouwen om deze woningzoekenden ook een mooie en fijne leefomgeving te bieden. Zij is dan ook blij met het gebiedspaspoort, wat zij in juni ook al was, en ook nu gezien de aanpassingen. Er komen een appartementencomplex, grondgebonden woningen en veel groen in de buurt van het Schollebos, waarnaar naar verwachting veel vraag zal zijn. Zij gunt het iedereen om fijn in het mooie Capelle aan den IJssel te kunnen wonen, aan welke wens kan worden voldaan. Leefbaar Capelle heeft haar wenspunten verwoord in een gezamenlijke motie met de VVD en een amendement. Zij wil het achterterrein van bedrijven meegenomen hebben en het kan niet zo zijn dat vrachtauto’s gaan rijden in een leefgebied. De verkeersafwikkeling en een groenblauwer karakter zijn voor haar ook belangrijk. Graag ziet zij deze punten ingewilligd. Een verpauperd stuk Capelle krijgt door middel van het gebiedspaspoort weer elan, waar in de toekomst met veel plezier te wonen is, samen met de al aanwezige omwonenden. Gesprekken en de hoorzitting stelde zij op prijs. Leefbaar Capelle gaat akkoord met het gebiedspaspoort.
De heer VAN LOEF hoopt dat allen het erover eens zijn dat de ontwikkeling aan de Capelseweg/Bermweg belangrijk is vanwege de vraag naar woningen. De hoek verbetert ook. Hij zegt daarom ja tegen een geamendeerd Gebiedspaspoort Capelseweg/Bermweg, versie 1.0. De heer EILANDER vraagt wat de coalitie doet als de raad het amendement niet aanneemt. De heer VAN LOEF vraagt daarom de wethouder of die het gestelde in het amendement wil overnemen in het gebiedspaspoort of dat het amendement moet worden ingediend. Elementen van het amendement hebben betrekking op de inrichting van het gebied en wat esthetisch en economisch haalbaar is. Het blauwgroene karakter wil hij op een creatieve manier behouden. Niet onbelangrijk is het verkeerskundig onderzoek. Eindeloos is te discussiëren over het een beetje drukker worden in het gebied, een kwalificatie waarmee men alle kanten op kan. Van belang is de verkeersstroom zoveel mogelijk te kanaliseren, met behoud van de groene golf, zodat er geen opstoppingen op beide wegen ontstaan. Hij verzoekt de wethouder dat punt nauwlettend in de gaten te houden. De heer TIESMA is het eens met de grote behoefte aan huizen en de wens om het gebied heel mooi te maken. Als huizen zo belangrijk zijn zou men ook bewoners en bedrijven daarbij een goed gevoel moeten laten hebben, zodat niet allerlei procedures ontstaan die de bouw vertragen.
Bewoners hebben acht punten naar voren gebracht, waaraan D66 de integrale ontwikkeling van het achterterrein B6 als negende punt wil toevoegen. De coalitiepartijen hebben een motie aangekondigd
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
15
die de ontwikkeling aanmoedigt. Hij stelt de wethouder voor een stap verder te gaan door op B6 een gemeentelijk voorkeursrecht te vestigen. Dat maakt prijsopdrijving lastig en wellicht is een aankondiging al voldoende om partijen te laten bewegen. Hij vraagt of de wethouder dat bereid is te onderzoeken waarbij in de eerstvolgende raadsvergadering uitsluitsel te geven is en de stap te zetten is. Op een particuliere weg is het lastig handhaven en daarom informeert hij naar de mogelijkheid om de ontwikkelaar te verplichten minimaal een of twee verkeersdrempels daarop aan te brengen, ervan uitgaande dat de bedrijven aldaar nog even blijven zitten, waardoor vrachtverkeer door het straatje blijft rijden. De groenblauwe aanblik zou groener moeten worden, waartoe een amendement is aangekondigd, dat zijn sympathie heeft. In de gebiedsconsultatie zou die groenblauwe aanblik prima uitgewerkt kunnen worden. Hij is er niet van overtuigd dat de aanblik van afvalcontainers uitzonderlijk is aan de Bermweg. Een groot deel van Capelle heeft daarmee te maken, soms bij de voordeur. Hij kan zich voorstellen dat huizen dichtbij bestaande bebouwing voor de al aanwezige bewoners een punt zijn. Wellicht is het beter 2 of 3 meter afstand van de bebouwing tot de sloot aan te houden in plaats van het stedelijke 1 meter, wat meer overeenkomt met de polderlinten die in de Welstandsnota staan.
Wat betreft de tuin van de familie Visser gaat die naar 3 meter en hij vraagt of de overheid in dezen een zorgplicht heeft. De leden van die familie zijn al heel oud en zij zijn zelf wellicht niet in staat om in verzet te komen. Wellicht moet de overheid hen helpen. Ten aanzien van het verkeer gaat hij mee met de opmerking van de heer Van Loef. Op B2 komen meer woningen vanwege een stijging van de bouwhoogte. Daarom vraagt hij of de gemeente meer geld voor de grond kan vragen, gezien de gestegen aantallen woningen en het bouwen van meer huizen op hetzelfde aantal vierkante meters. De heer VAN BUUREN houdt zijn mening over het gebiedspaspoort nog even voor zich en wil eerst nog wat beeldvormende vragen stellen. Wat betreft het amendement is het voor hem niet relevant of de wethouder dat steunt, maar wel of de raad dat doet, waarna de wethouder dat kan uitvoeren. Hij vraagt wat de gemeente kan doen om de eigenaren/gebruikers van B6 te ontzorgen en te bewerkstelligen dat hun kavels goed bereikbaar zijn. Verder vraagt hij naar stedenbouwkundige overwegingen om bij de woning van de heer Zanting meer ruimte te creëren zodat er meer doorzicht ontstaat, zodat er een polderlint is. Daarna informeert hij naar het beeld vanaf de Bermweg en het achterliggende idee daarachter: een stedenbouwkundig of landschappelijke kwaliteit.
In het huidige gebiedspaspoort staat een aantal opvallende verschillen met het vorige gebiedspaspoort. Bij B4 en B5 stond ‘landschappelijke inpassing en wonen aan het bos’ en dat is veranderd in ‘dorpse inpassing’. Hij wil weten waarom is gekozen voor een ander beeld en wat daarvan het effect is. Hetzelfde geldt voor ‘een groenkavel met villa’ dat is veranderd in ‘een groenkavel met een samengesteld en geleed volume’. En ‘kleinschalige appartementenvilla’ is veranderd in ‘kleinschalig appartementengebouw’. Belangrijk vindt hij op die hoek iets moois te laten ontstaan wat landschappelijk past. Hij informeert naar de reden om het oorspronkelijke beeld los te laten en wat de consequenties daarvan zijn. In het gebiedspaspoort van 2017 werd nog gerept over het beeldkwaliteitsplan voor het achterterrein, wat nu is losgelaten. Hij is benieuwd naar de reden daarvan. Over de ontwikkeling van B6 is een motie aangekondigd en dat vindt hij ook een heel belangrijk element. De vraag is wel wat is toe te voegen aan het gebiedspaspoort om de integrale ontwikkeling te borgen. Is de wethouder ervan overtuigd dat met het gebiedspaspoort alles wat nodig is om B6 daarop te laten aansluiten goed te regelen is of daartoe extra waarborgen in te bouwen zijn.
Als de wethouder de participatie rondom het bouwplan nog een serieuze kans wil geven moet die goed kijken naar of daar voldoende ruimte voor bestaat, ook in de anterieure overeenkomst. Hij vraagt naar de bereidheid van de wethouder met die blik naar de overeenkomst te kijken. Mevrouw WEEMHOFF vraagt of verkeerskundig onderzoek heeft plaatsgevonden en of daar dezelfde uitkomsten uit gekomen zijn als voorheen. Zij benijdt de mensen niet die in het gebied een woning willen kopen en in hun tuin willen zitten. De tuin van de familie Visser wordt veel kleiner, wat voor de bewoners best lastig is, maar wellicht wordt dat punt nog goed geregeld.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
16
De PvdA ziet graag betaalbare woningen. De heer VAN BUUREN vraagt in hoeverre de PvdA daarvoor de ruimtelijke kaders wil oprekken, zodat sociale woningbouw mogelijk wordt. De heer WEEMHOFF antwoordt dat dat wellicht in een goed participatietraject met de buurt aan de orde kan komen. De heer VLOT constateert dat bebouwing dichtbij de erfgrens komt. De wethouder roemde in een interview het dorpse karakter en de rust, waarvoor mensen ook zouden kiezen. In dat interview noemde de wethouder ook niet alles zomaar vol te bouwen, maar hij meent dat dat met de voorliggende postzegel wel gebeurt. Dat is mogelijk te voorkomen met het gebied te vergroten met B6. Wellicht zijn dan ook woningen met een lagere en middenhuur mogelijk, zoals in 2017. De lagere huurwoningen meent hij echter nu al niet terug te zien. Mevrouw DEN ENGELSMAN ziet nog steeds een hoop zorgen in het huidige gebiedspaspoort, zeker nadat wat de insprekers daarover hebben verteld. Voor het achterterrein zouden aanvullende spelregels komen. Nu is een aantal spelregels gewijzigd en niet aangevuld. De ontwikkelaar kwam met een plan voor 35 woningen en dat aantal is naar 38 opgerekt. Het plan bij de intentieovereenkomst van april 2019 zag er nog redelijk uit: 19 woningen op het achterterrein en een laag appartementsgebouw aan de voorkant. Dat aantal is opgerekt. Ook het landelijke karakter is er af.
Als men naar een dorps karakter gaat is er meer te bouwen en dat vindt zij jammer. 10% is benoemd voor overschrijding van technische voorzieningen, wat zou kunnen leiden tot meer oprekking van het appartementsgebouw. Zij vraagt daarom of die extra 10% nodig is. Het plan voor woningen aan de Capelseweg uit 2009 is in 2012 stopgezet vanwege milieucontouren qua geluid. In het bestemmingsplan is een zone gemaakt voor een dove gevel, waarover het CDA zich enorme zorgen maakt ten aanzien van de haalbaarheid. Moet men daar echt met dove gevels gaan werken of komt het gebouw een heel eind van de weg te liggen? Watergangen moesten in 2017 worden uitgegraven en nu is er een mogelijkheid daartoe. In de nota van beantwoording zijn ze geschrapt. Zeker gezien de historische polderlinten lijkt het haar goed om watergangen wel mee te nemen, omdat ze het gebied vergraaien. Juist het achterterrein zou men gescheiden van het voorterrein moeten zien en het zou daarom mooi zijn een watergang te realiseren. Bij geen watercompensatie is wellicht in kaart te brengen hoeveel water op welke locaties te compenseren is en hoeveel compensatie die zou moeten bedragen. Vervolgens vraagt zij welk onderhoudsniveau zou moeten gelden en of dat basis zou moeten zijn en hoe meer zicht op het Schollebos te bereiken is. Minder invulling van het groen ziet zij aan de Capelseweg terug, omdat bomen zijn weggelaten.
Voorts informeert zij hoe lang het vrachtverkeer richting B6 zonder ruzies nog houdbaar is. Zij sluit zich overigens aan bij de andere vragen over dat gebied. Een pompput zou mogelijk verplaatst moeten worden en zij informeert naar de invloed daarvan op de andere bewoners aldaar. De heer EILANDER is blij in het gebied iets te gaan doen en dat de bouwhoogte aan de Bermweg terug is tot het niveau vermeld in het gebiedspaspoort uit 2017. De kavellijn zou wellicht nog naar achteren kunnen teneinde het beeld gelijk te trekken. Hij weet niet of drempels bij vrachtverkeer naar B6 wel bij elkaar passen. De heer TIESMA is ervaringsdeskundige in het rijden op een industrieterrein, waarbij hij ook regelmatig drempels tegenkomt. De heer EILANDER stelt dat omwonenden niet vrolijk worden van vrachtwagens die over drempels rijden, maar weet ook dat dit een uitvoeringsaspect is. De heer RAADSEN stelt vast dat het gebied de bestemming gemengd heeft, zodat er ook allerlei bedrijvigheid plaatsvindt, die naar het oordeel van de ondernemers zelf met woningbouw schuurt. Dat beschouwt hij als achterstallig onderhoud op het gebied van ruimtelijke ordening.
De bestemming gemengd in het Schollebos zal best begrijpelijke historische redenen hebben, maar bij de wens van meer woningen zou er volgens hem een moment geweest zijn om een nieuw bestemmingsplan voor de toegangscorridor voor het centrum van Capelle te maken en het gebiedje los te maken van het bestemmingsplan Schollebos. De gemeente heeft hier naar zijn oordeel een belangrijke stap in het
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
17
proces overgeslagen met alle huidige problemen van dien. Hij vraagt of de wethouder bereid is de problemen op het gebied van bestemmingen en stedenbouw alsnog structureel aan te pakken. Hij is verder benieuwd in hoeverre bij de toegangspoort tot het centrum van Capelle, waar dagelijks duizenden auto’s heen en weer gaan, nog sprake is van een landelijk Capelle. Vanuit een beeld van een stedelijke ontsluitingscorridor, die de Capelseweg nu eenmaal vormt, heeft hij geen moeite met plannen als die van Mahler, gesteld dat de problemen met de ruimtelijke ordening, waaronder allerlei soorten van overlast en onveiligheid, eerst netjes in overleg met betrokkenen en omwonenden worden opgelost. Het zou goed zijn om deze centrumcorridor ook qua beeldkwaliteit los te zien van Landelijk Capelle en zijn eigen, bij de nieuwe functies passend, gezicht te geven met een passende overgang naar het achtergelegen Schollebos. Hij vraagt of de wethouder daartoe bereid is. Hij is niet tegen woningbouw in deze mate en op deze plek, maar dan wel binnen andere kaders wat betreft bestemming en beeldkwaliteit. Om dit goed te krijgen moeten de gebiedsgrenzen worden verruimd, bestemmingen worden aangepast en al naar gelang de uitkomst daarvan een stedenbouwkundig plan te worden gemaakt. Het lijkt daarom nu niet zinvol om nu al in allerlei details van uitwerking van een en ander te treden.
Hij vraagt of de wethouder bereid is om na de genoemde aanpassingen een nieuw stedenbouwkundig plan op te stellen dat optimaal recht doet aan de doelstellingen van de zo broodnodige woningbouw in het gebied. Wethouder STRUIJVENBERG onderschrijft het belang van woningbouw, waartoe er nu de mogelijkheid is op een locatie die nu niet de beste uitstraling heeft voor de entree van de stad. Daarom is hij blij om een gebiedspaspoort aan de raad te kunnen aanbieden. Het lijkt hem heel positief om het aangekondigde amendement in het gebiedspaspoort te verwerken, dat daarvan scherper wordt. De motie over B6 ziet hij als een wenselijke uitdaging en pakt hij graag op. Die opdracht zou hem goed passen en daarmee gaat hij ook aan de slag. De motie en het amendement beveelt hij dus aan de raad aan. Hij is geneigd het gestelde in het aangekondigde amendement alvast in een gewijzigd gebiedspaspoort op te nemen en dat voor de raadsvergadering aan de raad aan te bieden. Met het in de gaten houden van de verkeersstromen is hij het eens. Er komt ook een nieuw onderzoek naar het betreffende deel van de Capelseweg en de Kanaalweg. Verkeersdrempels al dan niet aanbrengen voor vrachtverkeer is uitwerking en dat zal gegeven de bouwplannen onderzoek behoeven. De huizen staan volgens hem niet te dicht op de bestaande bebouwing. Er is al iets verder van de watergang gegaan.
Hoe dichter B4 en B5 naar B1, B2 en B3 toekomen, hoe minder mogelijkheden er zijn voor bouwvolume of vergroening van het binnenterrein. De afstand van de watergang is al iets groter geworden, maar geen 3 meter. De ruimte tussen een woning en de sloot wordt dan breder en daarmee kan men niet zoveel doen. Met de ruimte in het binnenterrein is er wel veel mogelijk. Meer woningen op B2 leidt tot minder woningen op B3, zodat het niet voor de hand ligt om meer voor de grond te vragen. Minder ervoor vragen wil hij echter ook niet. Op de omgang met de eigenaar en gebruikers van B6 komt hij terug in relatie tot de in te dienen motie. Die motie beveelt hij aan. Het verschil tussen landschappelijke en dorpse inpassing duidt hij door een setje grondgebonden woningen naast elkaar als dorps te typeren. Het beeldkwaliteitsplan voor het achterterrein bleek niet meer nodig, gezien ‘Landelijk Capelle’ met criteria en de Nota beeldkwaliteit 2017. Die was er bij het vorige gebiedspaspoort nog niet. Hij kan nog naar de overeenkomst en het aantal van 38 woningen kijken. Binnen het gebiedspaspoort moet er ontwikkeld worden. De overeenkomst verplicht niet tot het per se realiseren van 38 woningen, het mogen er minder zijn, maar dat gaat dan iets doen met de prijs van de woningen. In het voorliggende gebiedspaspoort staat ook 30% betaalbare woningen, wat niet in het vorige gebiedspaspoort stond.
De heer VAN BUUREN informeert naar de bereidheid van de wethouder om de anterieure overeenkomst nog eens door te lezen met de bril om die te optimaliseren richting het gesprek van de ontwikkelaar met omwonenden. Het amenderen van het gebiedspaspoort kan volgens hem ook gevolgen hebben voor de anterieure overeenkomst. Wethouder STRUIJVENBERG vermoedt niet dat het amendement de anterieure overeenkomst verandert. De anterieure overeenkomst regelt het kostenverhaal voor de gemeente. Het gebiedspaspoort
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
18
gaat over private grond. Het is volgens hem geen slecht idee om kostenverhaal te hebben als de raad het gebiedspaspoort vaststelt. De heer VAN BUUREN wil dat de afspraken met de ontwikkelaar helpen ten behoeve van een fatsoenlijke participatie over optimalisatie. Daarnaar wil hij de wethouder laten kijken. Wethouder STRUIJVENBERG stelt dat die mogelijkheid tot optimalisatie er zeker nog is. Het gebiedspaspoort bepaalt de kaders en niet de anterieure overeenkomst met het kostenverhaal. Binnen de kaders is optimalisatie mogelijk en de ontwikkelaar wil ook zelf graag het gesprek aangaan. De 10% overschrijding voor technische voorzieningen is niet bedoeld voor een extra bouwlaag. Wel kan die bedoeld zijn voor bijvoorbeeld schoorstenen. Of dove gevels nodig zijn kan hij nog niet zeggen, maar geluid vereist wel een stevig onderzoek door de ontwikkelaar, om zich te verzekeren dat er een bouwplan komt dat voldoet aan alle geldende normen. Ook niet bekend is hoeveel m² water te compenseren is, maar daarvoor gelden regels die te volgen zijn. Compensatie moet dus plaatsvinden in hetzelfde gebied waar het water zich bevindt, mogelijk in het Schollebos. Op het onderhoudsniveau en de pompput moet hij schriftelijk voorafgaand aan de raadsvergadering terugkomen. Het liefst heeft hij ook een integrale ontwikkeling.
De heer Raadsen merkte op dat de gemeente een belangrijke stap heeft overgeslagen door niet eerst een bestemmingsplan te wijzigen. De gemeenteraad heeft in zijn wijsheid ooit besloten tot het instellen van de mogelijkheid van gebiedspaspoorten. De heer RAADSEN stelt dat een gebiedspaspoort niet in de plaats van een bestemmingsplan komt, maar daarvan alleen een uitwerking is. Wethouder STRUIJVENBERG licht toe dat een gebiedspaspoort een uitzondering op een bestemmingsplan is. Er wordt daarmee iets mogelijk dat van een bestemmingsplan niet mag. Er is dan de mogelijkheid om het bestemmingsplan te wijzigen of een gebiedspaspoort te maken, dat stelt dat iets in afwijking van het bestemmingsplan op een bepaalde locatie ook mag. Voor die werkwijze heeft de gemeenteraad destijds gekozen. De heer RAADSEN meent dat er duidelijke grenzen zijn aan wat er gebeurt en dat men niet zomaar totaal iets anders kan doen dan dat in het bestemmingsplan staat. Wethouder STRUIJVENBERG legt uit dat een gebiedspaspoort geldt als een verklaring van geen bedenkingen, waarbij men kan afwijken van het bestemmingsplan. Er is in dezen slechts een kleine afwijking van het bestemmingsplan. De heer RAADSEN wijst op het probleem dat allerlei bestemmingen schuren met woningbouw, waarvan bewoners nog veertig jaar last hebben. Het was beter geweest dat tevoren op te lossen.
Wethouder STRUIJVENBERG merkt op dat vanaf 2017 is gekozen voor het werken met een gebiedspaspoort op deze locatie. De gemeente heeft dus geen stap overgeslagen. Gekozen is voor de Capelse manier van werken met een gebiedspaspoort. De heer RAADSEN concludeert dat men dan ook met Capelse problemen blijft zitten. Een gemengde bestemming schuurt zodanig met woningbouw, zodat men die combinatie niet zou moeten willen. Met een gebiedspaspoort kan men niet iets doen aan de bestemming gemengd. De heer EILANDER beveelt aan dit punt mee te nemen bij de evaluatie van het gebiedspaspoort. De heer VAN BUUREN vindt het prematuur nu al te concluderen dat sprake is van niet combineerbare ontwikkelingen in het gebied, waarvoor nog een toetsing op heel veel aspecten moet plaatsvinden. Wethouder STRUIJVENBERG stelt dat de kleiner wordende achtertuin van de familie Visser aanleiding kan zijn voor de raad om een amendement in te dienen of tegen het gebiedspaspoort te stemmen. De heer VAN BUUREN vraagt op welke manier aldaar belangenafweging heeft plaatsgevonden. Wethouder STRUIJVENBERG stelt dat het altijd schipperen is om op deze locatie tot een zinvolle en goede ontwikkeling te komen. De kleinere achtertuin is volgens hem geen onacceptabel gevolg.
Tweede termijn inhoud gebiedspaspoort De heer TIESMA herhaalt zijn vraag over het onderzoeken van het vestigen van een gemeentelijk voorkeursrecht op terrein B6 en daarop terug te komen in of voor de volgende raadsvergadering. In de Welstandsnota is sprake van polderlinten, wat volgens hem niet overeenstemt met bebouwing met een afstand van 1 meter tot de sloot. Tot slot vraagt hij of verkeersdrempels halverwege de bouw na onderzoek nog in te passen zijn.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
19
De heer VAN BUUREN neemt het antwoord van de wethouder over de polderlinten in beraad en informeert of de zorg van bedrijven op B6 over de toegankelijkheid via toegangsweg gegrond is. Hij hoopt dat op de hoek iets moois komt en informeert naar de mogelijkheid daarbij een beeld en gevoel te krijgen, zodat de mening kan zijn dat de hoogte aldaar acceptabel is. Mevrouw WEEMHOFF begrijpt dat de wethouder heeft toegezegd dat extra onderzoek naar de verkeersdruk wordt gedaan. Om in aanmerking te komen voor een hypotheek van € 300.000,- moeten twee verzorgenden als partners fulltime werken. Zij moeten elk rond € 4.400,- bruto per maand verdienen en zij is dus benieuwd hoe de wethouder daartegenaan kijkt. Mevrouw DEN ENGELSMAN kondigt aan haar technische vragen nog na te mailen. In 2017 zag zij vijf koopwoningen onder de € 215.000,- en tien sociale huurwoningen staan, wat nu weer anders is, wat zij jammer vindt. Ook zij heeft nog zorg over de bereikbaarheid van B6 en over de geluidscontouren op de Capelseweg. De Capelseweg blijft een zorgenkindje, omdat de dove gevel daarin al is benoemd. De heer RAADSEN weet dat in Den Haag wel degelijk overleg plaatsvindt met ontwikkelaars over de financiële haalbaarheid van plannen en bouwvolumes. Daar komt een anterieure overeenkomst voor een gebiedspaspoort.
Die overeenkomst vraagt een detailniveau die normaal gesproken bij een gebiedspaspoort nog niet aan de orde is. Hij informeert naar ruimte om nog iets aan de plannen te doen en problemen in het plan op te lossen, gelet op de al gesloten anterieure overeenkomst met Mahler en zonder dat de plannen overboord worden gegooid. Wethouder STRUIJVENBERG beantwoordt de laatste gestelde vraag bevestigend en stelt de heer Raadsen in die zin gerust. Een gemeentelijk voorkeursrecht voor B6 onderzoeken neemt hij mee en daarop komt hij voor de volgende raadsvergadering terug. Verkeersdrempels later inpassen is mogelijk. Als er artist impressions zijn op basis van het huidige gebiedspaspoort is er een beeld mogelijk van het hoekgebouw, dat niet hoger wordt dan 12,4 meter, welke hoogte al in 2017 passend werd geacht. B2 ernaast wordt wel hoger. De heer VAN BUUREN is juist geïnteresseerd in het ensemble van het hoekgebouw en B2. Wethouder STRUIJVENBERG gaat navragen of een beeld daarvan mogelijk is. De heer VAN BUUREN heeft er begrip voor als dat beeld er niet zal zijn. Wethouder STRUIJVENBERG vervolgt dat de bereikbaarheid van B6 met het voorliggende gebiedspaspoort gegarandeerd zal zijn. Hij kijkt aan tegen betaalbaarheid zoals de raad dat doet, namelijk volgens de NHG-grens. Er komt een specifiek onderzoek naar verkeersstromen voor de Capelseweg-Kanaalweg.
Bij ontwikkeling zal men moeten aantonen dat het gerealiseerde voldoet aan alle geldende geluidsnormen. In het gebiedspaspoort wordt opgenomen dat het een geluidsgevoelige locatie is. De VOORZITTER concludeert dat het gebiedspaspoort nog wordt aangepast naar aanleiding van het niet ingediende amendement en de wethouder met de motie aan de slag gaat. Ook worden nog technische vragen beantwoord. 4. Rondvraag De heer VAN BUUREN vraagt in hoeverre de gemeente Capelle aan den IJssel betrokken is in de planvorming rondom de Alexanderknoop en daarbij meekijkt. Wethouder STRUIJVENBERG heeft daarover goede gesprekken met de gemeente Rotterdam, ook wat betreft verkeersstromen, fietsers en een looppad. Inzoomen daarop is mogelijk als die behoefte er is. De ontwikkeling vindt niet buiten het gezichtsveld van de gemeente Capelle aan den IJssel plaats en de gemeente zit ook in een werkgroep met de gemeente Rotterdam.
Commissie Stadsontwikkeling en -beheer maandag 1 maart 2021
Pagina:
20
5. Sluiting. De VOORZITTER sluit te 23.20 uur de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie Stadsontwikkeling en -Beheer van 6 april 2021, de secretaris,
de voorzitter,