0.2 Collegebrief week 19 - 2025
Tekst van het document
Platform RITA De stijging van het aantal meldingen over discriminatie op grond van seksuele gerichtheid komt mede door RITA. Dit platform, dat in augustus 2024 is gestart, zet mensen ertoe aan om incidenten rondom seksuele gerichtheid meer te melden. Deze meldingen zijn door de ADV in Amsterdam geregistreerd.
VERVOLG
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
DE ANALYSE
GRONDEN
Hieronder vervolgen we de beschrijving van de meest gerapporteerde discriminatiegronden in de meldingen bij de ADV’s en in de registraties van de politie in de regio Rotterdam in 2024.
Bij de ADV’s en de politie nam het aantal meldingen en registraties van antisemitisme af en van discriminatie op grond van godsdienst toe.
Godsdienst Het aantal meldingen over discriminatie op grond van godsdienst nam in 2024 met 2 meldingen toe. Bij de ADV’s vormt discriminatie vanwege godsdienst de zesde discriminatiegrond (7 procent van het totaal). In 2023 was het nog de tweede discriminatiegrond. 60 procent van de meldingen betreft discriminatie van moslims, vaak vrouwen met een hoofddoek. Zo mocht een moslima die steward is bij een voetbalclub geen hoofddoek meer dragen en werd een moslima in een verkeerssituatie uitgescholden vanwege haar hoofddoek. Het aantal politieregistraties nam toe met 7 meldingen. Bij de politie gaat
leuzen rond voetbalwedstrijden, teksten in een speeltuin en stickers in de openbare ruimte.
het om 4 procent van de registraties en gaat het voornamelijk om discriminatie van moslims. Antisemitisme In 2024 registreerde de politie 126 voorvallen betreffende antisemitisme, een daling van 25 procent. Antisemitisme is de derde grond bij de politieregistraties (11 procent van het totaal). In het merendeel van de gevallen gaat het om schelden met ‘jood’ tegen politieagenten of andere handhavers en om incidenten rond voetbalwedstrijden. De ADV’s ontvingen 10 meldingen over antisemitisme, een daling van 23 procent ten opzichte van 2023. Meldingen gingen onder andere over
Handicap/chronische ziekte Het aantal meldingen en het aantal registraties van discriminatie op grond van handicap/chronische ziekte nam in 2024 toe met respectievelijk 38 procent en 63 procent. Bij ADV’s is het de derde discriminatiegrond (9 procent), bij de politie is het de zesde discriminatiegrond (3 procent). Bij de ADV’s werden meldingen gemaakt van winkels die niet toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel en van een arbeidscontract dat niet verlengd werd vanwege handicap/chronische ziekte. Niet-wettelijke gronden De ADV’s registreren ook meldingen over niet-wettelijke gronden. Deze gaan onder meer over inkomen, opleidingsniveau, woonplaats, het niet beschikken over een mobiele telefoon en het niet gevaccineerd zijn. In 2024 steeg het aantal meldingen over niet-wettelijke gronden met 36 procent naar 53 meldingen. Daarmee is het de vierde grond in het aantal meldingen.
Veel politieregistraties van discriminatie, vooral op grond van seksuele gerichtheid en antisemitisme, betreffen het uitschelden van agenten of andere handhavers met ‘(k*) homo’ of ‘(k*)jood’. Hoewel hun werkelijke seksuele gerichtheid of achtergrond hierbij meestal geen rol speelde, draagt het gebruik bij aan de negatieve stereotypering van LHBTIQA+ personen en Joden.
VERVOLG
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
DE ANALYSE
TERREINEN
De ADV’s houden bij op welke maatschappelijke terreinen discriminatievoorvallen plaatsvinden, terwijl de politie deze terreinen niet registreert. Op deze pagina’s belichten we de terreinen waarover de meeste meldingen binnenkwamen.
Arbeidsmarkt 23 procent van de meldingen betrof discriminatie op de arbeidsmarkt. In 52 procent van deze gevallen gaat het om discriminatie op grond van herkomst. Daarnaast betreffen veel meldingen discriminatie op grond van handicap/chronische ziekte (15 procent) en geslacht (12 procent). Opvallend is de stijging van meldingen van arbeidsdiscriminatie op grond van handicap/chronische ziekte van 7 meldingen in 2023 naar 21 in 2024. De meldingen over discriminatie op de arbeidsmarkt gaan om discriminerende opmerkingen op de werkvloer en om discriminatie bij solliciteren, promotie of contractverlenging.
Openbare ruimte Het aantal meldingen van discriminatie in de openbare ruimte steeg in 2024 met 58 procent (13 procent van het totaal aantal meldingen). Bij 54 procent van de meldingen gaat het om discriminatie op grond van herkomst, gevolgd door seksuele gerichtheid (32 procent) en godsdienst (7 procent). Het gaat hierbij vaak om vijandige bejegening, zoals incidenten waarbij mensen op straat of andere openbare ruimte werden mishandeld, bedreigd of beledigd vanwege hun herkomst, huidskleur, seksuele gerichtheid of geloof.
Het aantal meldingen van discriminatie in de openbare ruimte steeg in 2024 met 58 procent. In ruim de helft van de gevallen gaat het om discriminatie op grond van herkomst.
Commerciële dienstverlening Bij 13 procent van de meldingen ging het over discriminatie in de commerciële dienstverlening, zoals bij winkels, vervoersbedrijven of banken. In 44 procent van de gevallen gaat het om discriminatie op grond van herkomst en in 17 procent van de gevallen om discriminatie op grond van handicap. Het betreft onder meer gevallen waarin melders discriminerend werden bejegend door personeel of gevallen waarin de dienstverlener niet toegankelijk was voor mensen in een rolstoel. Buurt/wijk Bij 11 procent van de meldingen ging het om discriminatie in de woonomgeving. Meldingen op dit terrein betreffen vaak discriminatie op grond van herkomst (64 procent) of discriminatie op grond van seksuele gerichtheid (17 procent). De meldingen gaan vaak over discriminerende uitspraken, pesterijen en vernielingen door buren of buurtgenoten, waarbij de herkomst of seksuele oriëntatie van de melder een rol speelde. Zo werd een melder uitgescholden door de overbuurman met: ‘Ga terug naar je eigen land’.
Semipublieke domein Van de Nederlandse bevolking van 16 jaar en ouder heeft 12 procent in een periode van 12 maanden discriminatie ervaren in het (semi)publieke domein. Zo blijkt uit onderzoek uitgevoerd in 2023. Mensen ervaren discriminatie met name op straat in winkels en in het openbaar vervoer.
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
PREVENTIE Gemeenten ontvangen een structurele decentralisatie-uitkering van de Rijksoverheid om de aanpak van discriminatie en racisme te versterken. Ook de stelselherziening van de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen en een proactieve aanpak dragen bij aan het tegengaan van discriminatie.
Duurzaam investeren in preventie is essentieel om discriminatie te bestrijden en te voorkomen. Effectieve preventie vraagt om structurele aandacht en samenwerking tussen gemeenten en gespecialiseerde organisaties.
Decentralisatie-uitkering Vanaf 2024 ontvangen gemeenten een structurele decentralisatie-uitkering voor de versterking van de aanpak van discriminatie en racisme. Deze uitkering, met een totaalbedrag van € 2,5 miljoen, komt neer op € 0,14 per inwoner en is specifiek bedoeld voor de financiering van preventieactiviteiten. Hiermee kunnen gemeenten, in samenwerking met hun antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s), gerichte preventieve maatregelen nemen en lokaal maatwerk leveren. Voorbeelden hiervan zijn gastlessen, trainingen en workshops bij scholen en organisaties om bewustwording te
Deze wet schrijft voor dat gemeenten een laagdrempelige voorziening bieden waar burgers discriminatie kunnen melden. De wet vormt daarmee de juridische basis voor het bestaan van de ADV’s. De wettelijke taken van ADV’s bestaan in de kern uit klachtbehandeling, het registreren van meldingen en het bieden van onafhankelijke bijstand aan melders. In verschillende scenario’s wordt een mogelijke uitbreiding van de Wga onderzocht, zoals het voeren van actief discriminatiebeleid door gemeenten.
vergroten en kennis te delen. Hoewel deze middelen expliciet zijn bedoeld voor preventie, komt een deel ervan niet bij de ADV’s terecht. Duurzaam investeren in preventie is essentieel om discriminatie te bestrijden en te voorkomen. Effectieve preventie vraagt om structurele aandacht en samenwerking tussen gemeenten en gespecialiseerde organisaties. Stelselherziening Om de effectiviteit van antidiscriminatievoorzieningen te versterken, werkt het Rijk in samenwerking met Discriminatie.nl aan een stelselherziening van de Wet gemeentelijke antidiscriminatievoorzieningen (Wga).
Ondersteuning gemeenten Een goed gefinancierd en structureel ingebed antidiscriminatiebeleid legt een fundament onder een inclusieve samenleving, waarin discriminatie actief wordt tegengegaan en zoveel mogelijk wordt voorkomen. Steeds meer gemeenten zetten hier al stappen in, maar hebben vaak behoefte aan ondersteuning, zoals expertise, uitvoeringscapaciteit of advies over het beleidsproces. De decentralisatie-uitkering kan ook hiervoor worden ingezet. De ADV’s die zijn aangesloten bij Discriminatie.nl kunnen gemeenten bij deze stappen professioneel ondersteunen.
Over Discriminatie.nl Discriminatie.nl is de branchevereniging van ADV’s. Op dit moment is meer dan 90 procent van de Nederlandse gemeenten aangesloten bij een ADV die lid is van Discriminatie.nl. Deze ADV’s hanteren een uniforme werkwijze en registreren meldingen in een landelijk registratiesysteem.
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
MIJN VERHAAL Leon ‘Nadat ik lekker had gesport nam ik een douche in de sportschool. Uit het niets begon een andere bezoeker tegen mij te schelden: “Jullie k*homo’s gaan alleen maar douchen om elkaar bloot te bekijken.” En zo ging hij maar door. In de kleedkamer gaf hij me zulke harde duwen dat ik op de grond viel. Ik heb het voorval gemeld bij Discriminatie.nl. Ik vond het fijn dat ik daar mijn verhaal kwijt kon. Ook ben ik door Discriminatie.nl goed geholpen met het doen van aangifte bij de politie. De dader is veroordeeld tot een geldboete van 500 euro.’ Mariana ‘Bij de kassa van een supermarkt werden alleen mijn 9-jarige zoon en ik er uitgepikt voor tassencontrole. Omdat wij de enigen in de rij waren met een donkere huidskleur voelde ik mij gediscrimineerd. Ik vond het vooral erg voor mijn zoontje. Met
hulp van Discriminatie.nl stapte ik naar het College voor de Rechten van de Mens, dat oordeelde dat er sprake was van discriminatie. Er is daarna een goed gesprek geweest met de supermarkt. De supermarkt heeft het onderwerp inmiddels besproken met andere supermarkten. Medewerkers zijn geïnstrueerd over de juiste uitvoering van de tassencontrole en zo nodig wordt het beleid nog aangepast.’ Denise ‘Bij mijn zoontje werd een zeldzame chronische ziekte geconstateerd. Dit besprak ik met een medewerker van de kinderopvang. Pas na verder ziekenhuisonderzoek zouden we weten wat dit voor de opvang zou betekenen. De opvang besloot echter om het contract meteen te beëindigen. Mijn zoon mocht niet meer komen. Met hulp van Discriminatie.nl heb ik de zaak voorgelegd aan het
Een antidiscriminatievoorziening heeft mij bijgestaan tijdens een procedure bij het College voor de Rechten van de Mens.
Melden helpt! College voor de Rechten van de Mens. Het College oordeelde dat de kinderopvang verboden onderscheid maakte op grond van handicap of chronische ziekte. Samen met Discriminatie. nl heb ik binnenkort een gesprek bij de opvang om dit oordeel te bespreken.’ Nigel ‘Op mijn werk maakten een paar collega’s steeds beledigende opmerkingen over mijn afkomst en huidskleur. Ze noemden me bijvoorbeeld ‘aap’. Ik had daar zo’n last van dat ik besloot een melding te doen bij Discriminatie.nl. Een medewerker van Discriminatie.nl ging samen met mij het gesprek aan met mijn werkgever. Ook kreeg mijn werkgever informatie over hoe om te gaan met discriminatie op de werkvloer. Sindsdien is de situatie enorm verbeterd. De collega’s die mij pestten zijn hierop aangesproken. Eentje is na een officiële waarschuwing zelfs geschorst. Ik ga nu weer met plezier naar mijn werk.’
Het aantal meldingen van inwoners van regio Rotterdam is meer dan verdubbeld ten opzichte van 2023. Dit hangt samen met een aantal landelijke incidenten waarover veel meldingen binnenkwamen, zoals een motie van Kamerlid Becker. Informatie over deze meldingen is te vinden in het rapport Discriminatiecijfers in 2024.
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
GERAADPLEEGDE LITERATUUR > Andriessen, I., et al (2020). Ervaren discriminatie in Nederland II. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. > Andriessen, I. (2017). Discriminatie herkennen, benoemen en melden. Den Haag: Sociaal en Cultureel Planbureau. > Andriessen, I., et al (2024). Ruimte voor iedereen? Onderzoek naar ervaren discriminatie in het (semi) publieke domein. Tilburg / Amsterdam : Fontys. Pedagogie / Karin Wittebrood / Universiteit van Amsterdam /Ipsos I&O. > Walz, G. en Fiere, B. (2025). Discriminatiecijfers in 2024. Rotterdam: Art.1. COLOFON Monitor Discriminatie 2024 Regio Rotterdam Tekst: Eddie Nieuwenhuizen Portretten: Discriminatie.nl Vormgeving: Go Puck UITGAVE April 2025 Dit is een gezamenlijke uitgave van de Politie Eenheid Rotterdam en Discriminatie.nl regio Rotterdam (voorheen RADAR). De politie, het College voor de Rechten van de Mens en de antidiscriminatievoorziening van de Gemeente Goeree-Overflakkee hebben voor deze uitgave gegevens beschikbaar gesteld.
HET JAAR 2024 DE CIJFERS DE ANALYSE PREVENTIE MIJN VERHAAL
Bestuursrapportage Sociale Zaken 4e kwartaal 2024
Datum: 27 februari 2025
Inhoudsopgave Inleiding ...............................................................................................................................................3 Leeswijzer ............................................................................................................................................ 4 1.
Ontwikkeling uitkeringsbestand ..................................................................................................5
1.1.
Ontwikkeling uitkeringsbestand, instroom en uitstroom over jaren........................................ 5
1.2.
Ontwikkeling aantal bijstandsuitkeringen 2024 ...................................................................... 7
1.3.
Resultaat uitgaven BUIG/Bijstand 2024 ................................................................................. 8
1.4.
Ontwikkeling prijs per uitkering .............................................................................................. 9
1.5.
Ontwikkeling uitgaven per uitkering 2024 .............................................................................. 9
1.6.
Verschillen met najaar 2024................................................................................................. 11
1.7.
Resultaat uitgaven loonkostensubsidie 2024 ....................................................................... 12
1.8.
Ontwikkeling en samenstelling WW-bestand ....................................................................... 13
2.
Re-integratie en participatie .................................................................................................... 14
2.1.
Uitgaven re-integratie en participatie ................................................................................... 14
2.2.
Inzet re-integratieactiviteiten ................................................................................................ 17
2.3.
Ontwikkeling op de participatieladder .................................................................................. 18
2.4.
Tussenstappen in participatie .............................................................................................. 18
2.5.
Individuele Plaatsing en Steun ............................................................................................. 19
2.6.
Garantiebanen en beschut werk .......................................................................................... 19
3.
Armoede, schuldhulpverlening en overige regelingen ............................................................. 21
3.1.
Bijzondere bijstand ............................................................................................................... 21
3.2.
Energietoeslag ..................................................................................................................... 22
3.3.
Leefgeldregeling Oekraïense ontheemden .......................................................................... 23
3.4.
Schuldhulpverlening ............................................................................................................. 24
3.5.
Actuele en toekomstige ontwikkelingen vs. financiële impact ............................................. 25
4. 4.1.
Rechtmatigheidsverantwoording 2024 ..................................................................................... 29 Rechtmatigheidsverantwoording en verbijzonderde interne controle 2024 ......................... 29
Bijlagen: Feiten en cijfers IJsselgemeenten ..................................................................................... 30 Bijlage 1: Factsheet Capelle aan den IJssel .................................................................................... 32 Bijlage 2. Factsheet Krimpen aan den IJssel .................................................................................... 34 Bijlage 3. Factsheet Zuidplas ............................................................................................................ 36
2 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Inleiding Voor u ligt de laatste bestuursrapportage van 2024. In deze rapportage presenteren wij de resultaten van het afgelopen kwartaal en schetsen wij de financiële en bestuurlijke uitdagingen van de afdeling Sociale Zaken van IJsselgemeenten. Tevens biedt deze rapportage een actuele en integrale analyse van het uitkeringsbestand, de inzet op participatie en re-integratie, en de financiële ontwikkelingen binnen de BUIG-middelen, loonkostensubsidies en bijzondere bijstand. Zoals gebruikelijk, wordt in deze rapportage een gedetailleerd overzicht gepresenteerd van de behaalde resultaten per gemeente. Hierbij dient te worden opgemerkt dat kwartaalcijfers een momentopname zijn en soms een vertekend beeld kunnen geven. De cijfers laten zien dat IJsselgemeenten in 2024 een afwijkende trend vertoont ten opzichte van het landelijke beeld. Waar landelijk het uitkeringsbestand met 0,8% is toegenomen, zien wij binnen de IJsselgemeenten een lichte daling van 0,7%. De mooie totaalcijfers verhullen echter de onderliggende verschillen tussen gemeenten. Capelle aan den IJssel kent een aanhoudende daling van het aantal bijstandsgerechtigden, terwijl Krimpen aan den IJssel en Zuidplas een licht stijgende lijn laten zien.
Dit vraagt vanuit IJsselgemeenten en de gemeenten extra aandacht en inzet waarbij rekening wordt gehouden met de lokale keuzes, sociaaleconomische omstandigheden en arbeidsmarktontwikkelingen. De arbeidsmarkt en participatie-inspanningen spelen een cruciale rol bij het beheersbaar houden van het uitkeringsbestand. De lagere instroom in 2024, mede door afgenomen WW-doorstroom en stabilisatie van de statushouderinstroom, is een gunstige ontwikkeling. Echter, de afnemende uitstroom naar werk vormt een structurele uitdaging. Dit betekent dat wij moeten blijven investeren in effectieve re-integratiemaatregelen, het versterken van de aansluiting op de arbeidsmarkt en het realiseren van duurzame uitstroom uit de bijstand. Een belangrijke ontwikkeling in 2024 is de toenemende druk op de schuldhulpverlening. De verkorting van schuldentrajecten van 36 naar 18 maanden heeft geleid tot een stijging van de instroom in schuldhulptrajecten, wat consequenties heeft voor zowel de financiële als de maatschappelijke ondersteuning. Een andere ontwikkeling in 2024 is de wijziging in de leefgeldregeling voor Oekraïense ontheemden. Per 1 juli 2024 zijn gemeenten verplicht een eigen bijdrage te heffen op de opvangkosten voor werkende ontheemden. IJsselgemeenten heeft de opdracht gekregen om deze regeling namens de deelnemende gemeenten uit te voeren.
Vanaf 1 december 2024 wordt deze bijdrage opgelegd, waarbij locatiemanagers een centrale rol spelen in de informatievoorziening en begeleiding van de ontheemden. Het realiseren van een sluitende begroting is in de huidige economische omstandigheden een uitdaging voor alle betrokken partijen. Zowel ambtelijk als bestuurlijk wordt er intensief overlegd om de financiële kaders te bewaken. In tijden van bezuinigingen is het van essentieel belang dat we onze bedrijfsvoering blijven evalueren en de effectiviteit van ons handelen voortdurend verbeteren. De IJsselgemeenten werkt al jaren volgens een lean werkwijze, wat niet alleen zichtbaar is in de Benchmark, maar ook in de resultaten die we jaarlijks boeken. Het is en blijft onze verantwoordelijkheid om de beschikbare middelen zo efficiënt mogelijk in te zetten, ten dienste van de klanten die we bedienen.
3 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Leeswijzer Deze bestuursrapportage is opgebouwd uit vier hoofdonderdelen: 1. Ontwikkeling uitkeringsbestand Dit hoofdstuk analyseert de dynamiek in het bijstandsbestand, inclusief instroom, uitstroom en de financiële impact op het BUIG-budget. Daarnaast wordt de gemiddelde prijs per uitkering en de uitgaven per gemeente besproken. 2. Re-integratie en participatie In dit deel wordt ingegaan op de inzet en effectiviteit van re-integratiemaatregelen zoals loonkostensubsidies, werktrajecten en garantiebanen. Ook wordt de ontwikkeling op de participatieladder en de rol van Individuele Plaatsing en Steun (IPS) belicht. 3. Armoede, schuldhulpverlening en overige regelingen Dit hoofdstuk geeft inzicht in de bijzondere bijstand, energietoeslag en de leefgeldregeling voor Oekraïense ontheemden. Daarnaast worden de ontwikkelingen binnen de schuldhulpverlening besproken, inclusief de impact van wetswijzigingen op de schuldentrajecten. 4. Rechtmatigheidsverantwoording 2024 Hier wordt toegelicht hoe de rechtmatigheid van de bestedingen binnen Sociale Zaken is gewaarborgd, op basis van interne controles en externe accountantscontroles. Bijlagen De rapportage wordt afgesloten met gedetailleerde factsheets per gemeente (Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Zuidplas), waarin de belangrijkste cijfers en trends per gemeente zijn opgenomen.
4 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
1. Ontwikkeling uitkeringsbestand 1.1.
Ontwikkeling uitkeringsbestand, instroom en uitstroom over jaren
In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de omvang en ontwikkeling van het uitkeringsbestand binnen de IJsselgemeenten. We kijken daarbij naar de totale ontwikkelingen in de afgelopen jaren en analyseren de verschillen per gemeente. Het aantal bijstandsgerechtigden is een belangrijke indicator voor zowel de economische situatie als de effectiviteit van het sociaal beleid binnen de regio. Factoren zoals de instroom van nieuwe bijstandsgerechtigden, de uitstroom naar werk of andere regelingen en demografische ontwikkelingen spelen hierbij een rol. Daarnaast kunnen beleidskeuzes op lokaal en landelijk niveau invloed hebben op de ontwikkeling van het uitkeringsbestand. Aantal uitkeringsdossiers Ontwikkeling bestand
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Capelle aan den IJssel
1.807
1.857
1.744
1.653
1.679
1.620
Krimpen aan den IJssel
459
495
485
487
503
512
Zuidplas
469
497
484
467
471
503
2.735
2.849
2.713
2.607
2.653
2.635
Instroom
596
810
689
607
679
572
Uitstroom
872
699
815
704
639
568
Saldo
-276
111
-126
-97
40
4
% ontwikkeling
-10,1%
4,2%
-4,8%
-3,9%
1,8%
-0,7%
Landelijke ontwikkeling
-4,1%
3,6%
-5,0%
-3,1%
0,9%
0,8%
Totaal IJsselgemeenten
Belangrijkste inzichten Ontwikkeling uitkeringsbestand De bovenstaande tabel toont een gemengd beeld van het uitkeringsbestand, met zowel positieve als zorgwekkende trends. In het vierde kwartaal van 2024 daalde het totaal aantal uitkeringen met vijf, waardoor het totaal uitkwam op 2.635. Deze afname is volledig toe te schrijven aan de daling van het aantal uitkeringsgerechtigden in Capelle aan den IJssel. In Krimpen aan den IJssel en Zuidplas was daarentegen sprake van een lichte toename. Over heel 2024 is het aantal uitkeringen binnen de IJsselgemeenten met 0,7% gedaald, terwijl landelijk een stijging van 0,8% werd geregistreerd. Dit betekent dat de regionale ontwikkeling afwijkt van de landelijke trend, wat nadere analyse en duiding vereist. Instroom en uitstroom: dynamiek in het bijstandsbestand Wanneer we de in- en uitstroom analyseren, valt op dat de instroom in 2024 is afgenomen, van 679 in 2023 naar 572 in 2024. De uitstroom is echter ook lager, gedaald van 639 in 2023 naar 568 in 2024. Hierdoor is het saldo over 2024 vrijwel neutraal gebleven (+4), wat duidt op een stabilisatie van het bestand. Figuur 1 toont de instroom, uitstroom en de ontwikkeling van het totale bijstandsbestand binnen de IJsselgemeenten zien over de periode 2020-2024. Hieruit blijkt dat de instroom en uitstroom over de jaren heen schommelen, maar grotendeels in balans blijven.
Hierbij zijn een aantal trends te zien: • •
In bepaalde kwartalen, zoals het vierde kwartaal van 2021 en 2022, oversteeg de uitstroom de instroom, wat bijdroeg aan een afname van het totale bijstandsbestand; In andere periodes, zoals het eerste kwartaal van 2023, lag de instroom juist hoger dan de uitstroom, wat leidde tot een tijdelijke stijging van het bestand; 5
Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
• •
Sinds 2022 is een duidelijke daling zichtbaar in het totale aantal bijstandsuitkeringen, mede door een gunstige arbeidsmarkt en mogelijk door een effectiever uitstroombeleid; In 2024 is de daling echter afgevlakt, en in de laatste kwartalen zelfs omgeslagen naar een lichte stijging. Dit suggereert dat de uitstroom stagneert, waardoor het bestand niet verder afneemt.
350
2.900
300
2.850
250
2.800
200
2.750
150
2.700
100
bestand
In- en uitstroom
Figuur 1. In- en uitstroom en ontwikkeling bijstandsbestand In- en uitstroom en ontwikkeling bestand IJsselgemeenten
2.650
50 0
2.600 kw1 2 '20
3
4 kw1 2 '21
3
4 kw1 2 '22
Instroom
3
4 kw1 2 '23
Uitstroom
3
4 kw1 2 '24
3
4
Bestand
Figuur 2. Ontwikkeling uitkeringsdossiers per gemeente
Ontwikkeling uitkeringsdossiers 1900
550
1850
Capelle
1800 1750
500
1700
Krimpen/Zuidplas
525
475 1650
Capelle
Krimpen
jan-25
okt-24
jul-24
apr-24
jan-24
okt-23
jul-23
apr-23
jan-23
okt-22
jul-22
apr-22
jan-22
okt-21
jul-21
apr-21
jan-21
okt-20
jul-20
apr-20
450
jan-20
1600
Zuidplas
6 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Gemeentelijke verschillen: Capelle, Krimpen en Zuidplas Figuur 2 laat de ontwikkeling van het aantal uitkeringsdossiers per gemeente zien. Hieruit blijkt dat er grote verschillen per gemeente bestaan in de ontwikkeling van het uitkeringsbestand. • Capelle aan den IJssel laat sinds 2021 een duidelijke en structurele daling in het aantal uitkeringsdossiers zien. Dit suggereert dat uitstroombeleid hier effect heeft en dat de lokale arbeidsmarkt gunstiger lijkt voor bijstandsgerechtigden. In 2024 lijkt deze daling zich te versnellen. • Krimpen aan den IJssel kent daarentegen een tegengestelde trend, met een aanhoudende stijging van het aantal bijstandsgerechtigden sinds 2022. Dit heeft onder meer te maken met het feit dat de instroom in de bijstand structureel hoger is dan de uitstroom. In 2024 blijft deze trend zichtbaar, al lijkt de stijging iets af te vlakken; • Zuidplas vertoonde aanvankelijk een dalende trend, maar sinds 2023 en 2024 neemt het aantal uitkeringsdossiers weer toe. De stijging is minder sterk dan in Krimpen, maar structureel genoeg om aandacht te vragen.
1.2.
Ontwikkeling aantal bijstandsuitkeringen 2024
Onderstaande tabel toont de ontwikkeling van het uitkeringsbestand per gemeente gedurende 2024. Hieruit blijkt dat Capelle een dalende trend laat zien, terwijl Krimpen en Zuidplas juist een lichte toename van het aantal uitkeringsgerechtigden kennen. Ontwikkeling aantal uitkeringsdossiers per gemeente
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Stand per 1/1/2024
1.679
503
475
Stand per 31/3/2024
1.678
525
483
Stand per 30/6/2024
1.647
511
500
Stand per 30/9/2024
1.631
509
500
Stand per 31/12/2024
1.620
512
503
Procentuele ontwikkeling 31/12/2024
-3,5%
1,8%
6,8%
Belangrijkste inzichten De daling in Capelle (-3,5%) duidt op een effectief uitstroombeleid en een gunstige arbeidsmarkt voor deze doelgroep. Dit heeft positieve financiële implicaties, aangezien lagere uitkeringslasten de druk op het BUIG-budget verlichten. In Krimpen en Zuidplas stijgt het aantal bijstandsontvangers echter met respectievelijk +1,8% en +6,8%, wat de financiële ruimte onder druk zet en vragen oproept over re-integratie en instroombeheersing. Vooruitkijkend verwachten wij in 2025 bij alle drie de gemeenten een lichte stijging van het aantal bijstandsgerechtigden. Dit wordt onder meer beïnvloed door een verslechterende economische conjunctuur en wijzigingen in wet- en regelgeving, zoals de Participatiewet in Balans, die de instroomdrempels voor bepaalde doelgroepen verlaagt. Uitstroom en effectiviteit re-integratiebeleid De onderstaande tabel toont de totale uitstroom per gemeente in 2024. Hoewel de uitstroomcijfers boven de gestelde doelstellingen liggen, is er een afname ten opzichte van eerdere kwartalen. Dit komt doordat de instroom in 2024 grotendeels bestond uit klan ten met een relatief korte afstand tot de arbeidsmarkt, waardoor zij sneller konden worden bemiddeld naar werk.
Dit bevestigt de effectiviteit van de huidige aanpak, maar onderstreept ook de noodzaak om extra aandacht te blijven besteden aan langdurige bijstandsgerechtigden, bij wie de uitstroom trager verloopt.
7 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Uitstroom 2024 (cumulatief) IJsselgemeenten
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Naar werk (36 uur)
206
136
34
36
Naar school
17
12
3
2
Naar garantiebanen en beschutwerk Door verhuizing
77
36
27
14
104
69
24
11
Uitstroom overig
164
118
18
28
Totaal
568
371
106
91
Uitkeringsgerechtigden
2635
1620
512
503
Procentueel
22%
23%
21%
18%
Belangrijkste inzichten •
Uitstroom naar regulier werk (206 personen) vormt de belangrijkste pijler van het reintegratiebeleid. De drie gemeenten presteren hierin redelijk gelijk, hoewel de uitstroom in Zuidplas iets achterblijft. Dit komt onder andere door een lagere uitstroom naar garantiebanen en beschut werk.
•
De uitstroom naar garantiebanen en beschut werk (77 personen) is vooral hoog in Capelle en Krimpen. Dit benadrukt de noodzaak van gesubsidieerde werkplekken voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Tegelijkertijd zorgt deze uitstroom voor een structurele financiële druk op het participatiebudget.
•
Verhuizingen spelen een significante rol in de uitstroom (104 personen). Dit heeft directe gevolgen voor het BUIG-budget per gemeente. In Capelle is dit effect het grootst, met 69 personen die zijn uitgestroomd door verhuizing.
1.3.
Resultaat uitgaven BUIG/Bijstand 2024
Onderstaande tabel toont de ontwikkeling van het gemiddeld aantal uitkeringen in 2024 ten opzichte van 2023: Ontwikkeling Gemiddeld aantal uitkeringsdossiers Gemiddeld aantal uitkeringen/dossiers 2023
Capelle
Krimpen
Zuidplas
1.673
496
472
Gemiddeld aantal uitkeringen/dossiers 2024
1.654
511
492
Procentuele ontwikkeling aantal uitkeringen 2024
-1,2%
3,3%
4,5%
Belangrijkste inzichten •
•
•
Capelle ziet lichte daling van het uitkeringsbestand (-1,2%) De daling in Capelle is positief en wijst op een effectieve uitstroom naar werk en een relatief gunstige arbeidsmarkt. Dit heeft direct een gunstig effect op de BUIG-uitgaven en verlaagt de structurele bijstandslasten van de gemeente. Krimpen (+3,3%) en Zuidplas (+4,5%) kampen met stijging De toename in Krimpen en Zuidplas is grotendeels te wijten aan de instroom van statushouders. In Krimpen is dit zichtbaar in het eerste kwartaal, mede door verhuizingen binnen de gemeente. In Zuidplas vond een stijging plaats in het tweede kwartaal door de plaatsing van een groep statushouders vanuit het COA. Financiële druk op BUIG-budget in Krimpen en Zuidplas De stijging van het aantal uitkeringen in deze gemeenten betekent een zwaardere belasting op het BUIG-budget. Dit vraagt om aanvullende maatregelen om deze groepen sneller te laten uitstromen, bijvoorbeeld door gerichte scholing, werkervaringsplekken of loonkostensubsidie. 8
Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
1.4.
Ontwikkeling prijs per uitkering
Onderstaande tabel toont de ontwikkeling van de gemiddelde prijs per uitkering in de periode 2023 tot en met 2024: Ontwikkeling gemiddelde prijs van de uitkering 2023/2024
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Prognose de gemiddelde prijs per uitkering (Najaar 2023)
16.965
16.814
17.135
Verhoging norm 7,4%
1.275
1.266
1.307
Aanpassing prijs overige redenen
-112
180
146
18.128
18.260
18.588
227
119
-92
Gemiddelde prijs 2024 per 31 december 2024
18.355
18.379
18.496
Procentuele ontwikkeling gemiddelde prijs 2024
8,2%
9,3%
7,9%
Gemiddelde prijs 2024 per 1 oktober 2024 Aanpassing prijs najaar 2024
Belangrijkste inzichten •
Stijging door verhoging van het wettelijk minimumloon (WML) Per 1 januari 2024 is het WML verhoogd, wat direct heeft geleid tot een stijging van de bijstandsnormen: o
Januari 2024: +5,5%
o
Juli 2024: +1,9%. De totale normverhoging van 7,4% verklaart grotendeels de stijging van de gemiddelde uitkeringsprijs in alle drie de gemeenten.
•
Prijsstijging door afname deeltijd-uitstroom Hoewel de totale uitstroom naar werk hoger is, is het aantal bijstandsgerechtigden dat in deeltijd werkt met een aanvullende uitkering afgenomen. Dit betekent dat er minder lage uitkeringen (aanvullende inkomensondersteuning) in het bestand zitten en een groter aandeel volledige bijstandsuitkeringen overblijft, wat leidt tot een hogere gemiddelde prijs.
•
Verschillen tussen gemeenten verkleinen De gemiddelde prijs per uitkering is in alle drie de gemeenten naar elkaar toegegroeid. Dit wordt veroorzaakt door:
1.5.
o
Capelle: de bijstelling van -€112 in eerdere prognoses is later gecorrigeerd (+€338), wat zorgt voor een eindprijs van €18.355 (+8,2%).
o
Krimpen: een eerdere stijging van +€180 is in het najaar deels gecorrigeerd (-€60), waardoor de eindprijs €18.379 bedraagt (+9,3%).
o
Zuidplas: de prijs ligt het hoogste (€18.496), ondanks een najaarscorrectie van -€92. De stijging blijft met +7,9% nog binnen de verwachte bandbreedte.
Ontwikkeling uitgaven per uitkering 2024
Onderstaande tabel toont de verwachte uitgaven voor de bijstand in 2024 per gemeente, inclusief het break-even punt en de impact van de gemiddelde prijs per uitkering. Berekening hoogte uitgaven van de uitkeringen 2024
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Break even point uitkeringen
1.841
466
507
Prognose gemiddeld aantal uitkeringen/dossiers
1.653
513
493
Prognose prijs per uitkering/cliënt
18.355
18.379
18.496
30.331.738
9.424.378
9.121.304
Uitgaven uitkeringen (Prijs * Gemiddeld aantal uitkeringen)
9 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Uit deze berekening blijkt dat Capelle en Zuidplas binnen de rijksmiddelen blijven, terwijl Krimpen een tekort heeft. Dit komt doordat het aantal uitkeringsgerechtigden in Krimpen over het jaar heen structureel boven het break-even punt ligt. Hieronder zijn de resultaten op de uitkeringsuitgaven van 2024 per gemeente weergegeven: Resultaat Bijstand/Buig 2024 (x1000)
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Definitief budget 2024 *
33.783
8.568
9.376
Uitgaven uitkeringen
30.332
9.424
9.121
-574
-195
-238
Totale uitgaven 2024
29.757
9.229
8.883
Resultaat (Tekort/Overschot)
4.026
-661
493
Overschot/Tekort procentueel v/h budget
11,9%
-7,7%
5,3%
Terugontvangsten uitkering
* inclusief terugbetaling voorschot gebundelde uitkering Statushouders en exclusief budget voor de LKS
Belangrijkste inzichten 1. Capelle en Zuidplas blijven binnen de begroting • Capelle realiseert een overschot van €4 miljoen (11,9%), grotendeels door een lagere instroom en een beheersbare stijging van de gemiddelde uitkeringsprijs; • Zuidplas heeft een kleiner overschot van €493.000 (5,3%), dankzij een stabiele uitstroom en minder harde prijsstijgingen. 2. Krimpen heeft een tekort van €661.000 (-7,7%) • Krimpen overschrijdt het break-even punt, wat betekent dat de ontvangen rijksmiddelen onvoldoende zijn om de uitgaven te dekken; • Dit tekort wordt grotendeels veroorzaakt door een stijging van het aantal uitkeringen, met name door de instroom van statushouders en verhuizingen in het eerste kwartaal van 2024; • Dit betekent dat er een risico is op aanvullende kosten die uit de algemene middelen van de gemeente moeten worden opgevangen.
10 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
1.6.
Verschillen met najaar 2024
Uit onderstaande tabel blijkt dat er ten opzichte van de prognose van oktober 2024 enkele verschuivingen zijn opgetreden in de resultaten per gemeente. De belangrijkste oorzaken zijn de aanpassing van de gemiddelde prijs per uitkering en fluctuaties in het aantal uitkeringen. Verschil met oktober 2024
Capelle
Krimpen
Zuidplas
4.267
-556
477
Verschil door aanpassing budget
0
0
0
Verschil door het gemiddeld aantal uitkeringen
18
-34
-23
Verschil door de gemiddelde prijs per uitkering
-374
-61
46
Verschil door de terug ontvangsten
114
-10
-7
4.026
-661
493
Resultaat (Overschot/Tekort) 2024 (oktober 2024)
Huidig Resultaat (Tekort/Overschot)
Belangrijkste inzichten 1. Capelle: lager overschot dan voorspeld (-€241.000 verschil) o De prijs per uitkering is sterker gestegen dan verwacht (-€374.000 effect), wat de financiële ruimte heeft verkleind; o Dit wordt deels gecompenseerd door een hogere terugontvangst dan verwacht (+€114.000), waardoor het eindresultaat positiever uitvalt dan het prijsverschil op zichzelf zou doen vermoeden. 2. Krimpen: groter tekort dan voorspeld (-€105.000 verschil) o Het tekort is toegenomen door een stijging van het aantal uitkeringen (-€34.000 effect) en een hogere gemiddelde prijs per uitkering (-€61.000 effect); o Daarnaast zijn de terugontvangsten lager dan verwacht, wat de financiële situatie verder verslechtert (-€10.000 effect); o Dit bevestigt de structurele uitdaging voor Krimpen: de BUIG-verdeling is onvoldoende om de uitkeringskosten te dekken. 3. Zuidplas: hoger overschot dan voorspeld (+€16.000 verschil) o Ondanks een lichte stijging van het aantal uitkeringen (-€23.000 effect), zorgt een daling van de gemiddelde prijs per uitkering (+€46.000 effect) ervoor dat de gemeente financieel gunstiger uitkomt; o De lagere terugontvangsten (-€7.000) hebben een beperkte negatieve impact. Bestuurlijke implicaties • Capelle blijft financieel gezond, maar de stijgende uitkeringsprijs is een aandachtspunt.
Verdere investeringen in snelle uitstroom en preventie kunnen helpen de kosten in de toekomst te beheersen; • Krimpen heeft een structureel tekort, dat niet alleen wordt veroorzaakt door de instroom, maar ook door de stijgende uitkeringsprijs. Dit vraagt om te kijken naar aanvullende maatregelen op lokaal niveau, zoals: o Mogelijke herverdeling van de BUIG-middelen; o Intensivering van uitstroomprogramma’s; o Gericht inzetten op huisvesting, preventie en arbeidsmarktbeleid. • Zuidplas blijft binnen budget, maar de schommelingen in uitkeringsaantallen tonen aan dat de situatie fragiel is. Proactieve monitoring is nodig om onverwachte stijgingen op te vangen.
11 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
1.7.
Resultaat uitgaven loonkostensubsidie 2024
Op basis van het aangepaste definitieve budget en de gemiddelde prijs voor loonkostensubsidie (LKS) is berekend hoeveel cliënten met LKS in 2024 konden worden geplaatst. Dit is vervolgens afgezet tegen het budget dat beschikbaar is gesteld voor de begeleiding van deze klanten. Hieronder staan de cijfers per gemeente met de resultaten over 2024 en de verschillen ten opzichte van de prognose uit oktober 2024: Loonkostensubsidie 2024 (*1000)
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Definitief budget 2024*
1.684
1.099
923
Werkelijk prijs Garantiebanen/Beschutwerk 2024
10.540
11.518
11.616
149
88
80
1.574
1.018
933
Resultaat (Tekort/Overschot) LKS
110
81
-9
Overschot/Tekort procentueel v/h budget
6,6%
7,3
-1,0%
Gemiddelde realisatie LKS betalingen 2024 Uitgaven LKS 2024
Belangrijkste inzichten De realisatie van garantiebanen blijft achter ten opzichte van het aantal beschikbare LKS-plekken: • • •
Capelle: 149 gerealiseerde LKS-plekken Krimpen: 88 gerealiseerde LKS-plekken Zuidplas: 80 gerealiseerde LKS-plekken
Bij beschut werk zijn in alle gemeenten meer plekken gerealiseerd dan oorspronkelijk beoogd: • • •
Capelle: +14 plaatsen Krimpen: +15 plaatsen Zuidplas: +8 plaatsen
Door deze stijging in het aantal beschutte werkplekken zijn de uitgaven voor LKS hoger dan verwacht. Echter, de gemiddelde prijs per LKS-baan is gedaald, wat de financiële impact heeft gedempt. Zoals gebruikelijk worden deze extra kosten in het najaar gecompenseerd via de definitieve budgettoekenning voor 2025. Uit onderstaande tabel blijkt hoe de resultaten zich verhouden tot de prognose uit oktober 2024: Verschil met oktober 2024
Capelle
Krimpen
Zuidplas
Resultaat (Overschot/Tekort) oktober 2024
40
31
-21
Verschil door het budget Verschil door het aantal betalingen Garantiebanen/Beschutwerkplek
0
0
0
-124
-34
-68
Verschil door de prijs per Garantiebaan/beschutwerkplek
195
84
80
Huidig Resultaat (Tekort/Overschot)
110
81
-9
Belangrijkste inzichten •
•
Capelle: het overschot is afgenomen door de extra uitgaven aan beschut werk, maar blijft binnen de begroting. Dit bevestigt dat er voldoende ruimte is om de huidige inzet te handhaven. Krimpen: heeft een hoger overschot dan verwacht. Dit kan ruimte bieden om in 2025 extra te investeren in arbeidsmarkttoeleiding en begeleiding van garantiebanen.
12 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
•
1.8.
Zuidplas: blijft het enige knelpunt, met een tekort van €9.000. Hoewel dit lager is dan eerder verwacht, blijft het een aandachtspunt. Dit tekort wordt echter gecompenseerd bij de definitieve vaststelling van het loonkostensubsidiebudget.
Ontwikkeling en samenstelling WW-bestand
In het vierde kwartaal van 2024 is het aantal WW-uitkeringen in de regio Rijnmond licht gestegen ten opzichte van het derde kwartaal. Deze stijging ligt in lijn met de landelijke trend, waarbij de economische groei vertraagt en het aantal faillissementen toeneemt. Binnen de IJsselgemeenten zien we verschillende ontwikkelingen: terwijl Capelle en Zuidplas een beperkte stijging laten zien, is de toename in Krimpen aanzienlijk groter. Dit kan deels worden verklaard door de structurele krapte op de arbeidsmarkt, waarbij sommige sectoren harder worden getroffen door personeelsoverschotten of afname van vacatures. De onderstaande tabel geeft inzicht in hoe het WW-bestand in de regio Rijnmond is opgebouwd qua leeftijd en uitkeringsduur: Regio/ Leeftijdsgroep
Totaal WWuitkering en Q4 2023
Totaal WWuitkering en Q4 2024
% Verand ering
Leeftijd < 27
Leeftijd 27-50
Leeftijd >50
Duur < 6 mnd
Duur 612 mnd
Duur > 12 mnd
Nederland 156.389 173.520 +11,0% 8,4% Rijnmond 14.311 15.032 +5,0% 9,2% Capelle 652 713 +9,4% 8,8% Krimpen 162 236 +45,7% 7,9% Zuidplas 356 417 +17,1% 9,1% Bron: UWV, Werk.nl, Arbeidsmarktregio Rijnmond (2025)
49,6% 52,1% 51,3% 40,8% 46,2%
42,0% 38,7% 39,9% 51,3% 44,7%
37,5% 39,8% 38,2% 34,6% 36,4%
25,3% 26,1% 24,6% 27,8% 26,3%
37,2% 34,1% 37,2% 37,6% 37,3%
Belangrijkste inzichten •
•
•
•
Stijging WW-uitkeringen: Het totale WW-bestand in de regio Rijnmond is in het vierde kwartaal met 5,0% gestegen, een versnelling ten opzichte van eerdere kwartalen. Dit is deels te verklaren door een afname in de economische groei en een toename van faillissementen in met name de detailhandel en industrie. Krimp in doorstroom naar werk: In vergelijking met het derde kwartaal is de uitstroom naar werk iets afgenomen, met name in Capelle en Zuidplas. Dit kan duiden op een verminderde arbeidsmobiliteit en een krapper wordende markt voor bepaalde beroepen. Opvallende stijging in Krimpen: De stijging van 45,7% in Krimpen is fors en wijkt sterk af van de gemiddelde stijging in de regio. Dit wordt grotendeels veroorzaakt door een toename van langdurige WW-uitkeringen, waarbij een groter aandeel oudere werknemers (>50 jaar) in de WW blijft. Dit vergroot het risico op doorstroom naar de bijstand in 2025. Risico op hogere instroom in de bijstand: Hoewel de doorstroom van WW naar bijstand in 2024 relatief laag bleef, kan deze in 2025 toenemen als gevolg van de langdurige WWontwikkeling, met name in Krimpen. Historisch gezien treedt deze stijging pas op wanneer WW-gerechtigden hun maximale uitkeringsduur bereiken.
13 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
2. Re-integratie en participatie In dit hoofdstuk schetsen we belangrijke ontwikkelingen en kengetallen op het gebied van re-integratie en participatie.
2.1.
Uitgaven re-integratie en participatie
De onderstaande tabel toont de verwachte uitgaven voor participatie per gemeente in 2024, inclusief de afwijkingen ten opzichte van de oorspronkelijke begroting. Resultaat Bestedingsplan 2024 Q4 Bestedingsplan 2024 (*1000) Regulier GR Beschikbaar Participatiebudget incl. aanpassingen 2.547,0 van het budget Uitgaven - Doorbelasting 981,6 - Re-integratie & Participatie 420,7
Capelle 2.197,5
Krimpen 349,5
Zuidplas 0,0
854,2
122,3
298,8
5,1 57,1
123,4
- IJsselwerk/Het Goed - Modules Prowork OP - Overige kosten, overige activiteiten en Btw
195,6 242,5 583,9
64,8 33,8
128,2 414,0
69,2 84,5
45,0 85,4
1.210,2
Resultaat (Tekort/Overschot) Regulier
-1.087,5
732,0 -353,0
259,5 -284,6
218,7 -449,8
GR
Capelle
Krimpen
Zuidplas
3.566,8
1.951,2
903,7
712,0
753,5
410,8
198,1
144,6
689,1 716,7 306,2
340,2 348,9 151,9
179,7 186,8 78,5
169,2 181,1 75,7
753,5
410,8
198,1
144,6
GR 6.113,8
Capelle 4.148,7
Krimpen 1.253,1
Zuidplas 712,0
6.100,0
3.802,3
1.277,2
1.020,5
13,8
346,4
-24,1
-308,5
Krimpen 432,2 53,3
Zuidplas 514,3 0,0
-2,8 67,4 -2,3 0,7 -4,5 35,6 -284,6
-0,6 44,3 -7,7 -3,6 4,6 27,5 -449,8
- Opleidingen
Bestedingsplan 2024 (*1000) tbv de Nieuwe Doelgroep Beschikbaar Participatiebudget tbv de LKS Uitgaven - Begeleiding en Trajecten Garantiebanen en Opstapbanen - Begeleiding Beschut werk - Additionele kosten + toeslag beschutwerk - Btw op de begeleiding van Prowork Resultaat (Tekort/Overschot) tbv de LKS Resultaat Bestedingsplan 2024 (*1000) Beschikbaar Participatiebudget Totaal Uitgaven Participatiebudget Totaal Resultaat (Tekort/Overschot)
38,4
*Dit zijn de verwerkte uitgaven tot en met 13 februari 2025.
Verschil met het bestedingsplan Participatiebudget 2024 Bestedingsplan 2024 (*1000) Regulier GR Capelle Verwacht tekort Regulier bestedingsplan 2024 -1.862,7 -916,2 Verschil door aanpassingen van het budget 603,3 550,0 Verschil door uitgaven regulier - Doorbelasting -6,6 -3,2 - Re-integratie & Participatie 170,3 58,6 - Opleidingen -32,1 -22,1 - IJsselwerk/Het Goed -13,7 -10,7 - Modules Prowork OP -153,9 -154,0 - Overige kosten, overige activiteiten en Btw 207,7 144,6 Resultaat (Tekort/Overschot) Regulier -1087,5 -353,0
14 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024
Bestedingsplan 2024 (*1000) tbv de Nieuwe Doelgroep Verwacht overschot Nieuwe Doelgroep Verschil door uitgaven Nieuwe Doelgroep - Begeleiding en Trajecten Garantiebanen en Opstapbanen - Begeleiding Beschut werk - Additionele kosten + toeslag beschutwerk - Btw op de begeleiding van Prowork Resultaat (Tekort/Overschot) tbv de LKS Resultaat Bestedingsplan 2024 (*1000) Verwacht tekort Regulier bestedingsplan 2024 Verschil door aanpassingen van het budget Verschil Uitgaven Participatiebudget Totaal Resultaat (Tekort/Overschot)
GR
Capelle
Krimpen
Zuidplas
445,1
310,7
177,7
-43,3
605,1
288,9
140,9
175,4
-12,1 -117,7 181,0 1101,3
35,8 -35,9 99,9 699,4
-50,7 -43,8 36,4 260,5
2,8 -38,1 44,6 141,3
GR - 1.417,6 603,3 828,1 13,8
Capelle - 605,5 550,0 401,9 346,4
Krimpen - 254,5 53,3 177,0 -24,1
Zuidplas - 557,6 0,0 249,1 -308,5
Belangrijkste inzichten 1. Uitgaven binnen IJsselgemeenten lager dan begroot De totale kosten voor re-integratie en participatie in de drie gemeenten zijn lager dan eerder geraamd. Dit komt voornamelijk door een onderbesteding in Capelle op re-integratie- en participatie-uitgaven. Krimpen heeft een klein tekort van circa €24.000,-, terwijl Zuidplas een groot tekort kent van circa €309.000,-. Dit laatste hangt samen met het feit dat Zuidplas een te laag budget beschikbaar heeft gesteld om de reguliere doelgroep en arbeidsbeperkte doelgroep te kunnen begeleiden en ondersteunen. Dit is op voorhand ook aangegeven. 2. Inhaalslag re-integratie en participatie Waar in het derde kwartaal nog sprake was van vertraging in trajecten, is inmiddels een inhaalslag gemaakt. Echter, veel van deze kosten lopen door in 2025, waardoor over het geheel genomen nog steeds een onderbesteding van circa €164.100,- zichtbaar is. 3. Hogere uitgaven aan opleidingen en trajecten • •
Na het derde kwartaal is besloten om €50.000,- extra te investeren in taaltrajecten, wat heeft geleid tot een overbesteding van €31.800,- op opleidingskosten; In Krimpen zijn minder Prowork OP-modules ingezet, terwijl Capelle juist een overbesteding van circa €154.000,- laat zien. Dit komt onder andere doordat Capelle extra trajecten heeft ingezet en een latere afrekening van vorig jaar heeft moeten verwerken.
4. Lagere kosten voor de Meedoenpas De verwachte kosten voor de Meedoenpas zijn in alle drie de gemeenten lager dan begroot, wat resulteert in een onderbesteding van circa €127.000,-. 5. Achterblijvende trajecten voor Opstapbanen en onderbesteding op Garantiebanen • • •
Het aantal trajecten voor Opstapbanen blijft aanzienlijk achter bij de verwachting; Bij Garantiebanen zijn regelmatig goedkopere jobcoaches ingezet, wat de begeleidingskosten heeft verlaagd; Over het geheel genomen resulteert dit in een onderbesteding van circa €622.000,-.
6. Beschut werk en taakstelling •
Alle drie de gemeenten hebben extra geïnvesteerd in beschut werk, wat heeft geleid tot een overschrijding van de taakstelling;
15 Bestuursrapportage Sociale Zaken Q4 2024