CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Versie 1.2 Jaarverslag en jaarrekening 2025 definitief

Gemeenteraad 9 juli 2026, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1232939 Programmarekening 202535.070 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Binnen de gemeente Bunschoten is dit beleid vastgelegd in het paraplubestemmingsplan planregels Wonen, dat sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege onderdeel uitmaakt van het omgevingsplan. In onze gemeente zijn momenteel twee logiesgebouwen in gebruik voor de huisvesting van arbeidsmigranten en is een derde logiesgebouw vergund. Wanneer een reguliere (bedrijfs-)woning 74

voldoende groot is en aan de gestelde voorwaarden voldoet, kan via een omgevingsvergunning huisvesting van maximaal vijf of zes personen buiten het verband van een huishouden worden toegestaan. Wij blijven actief in gesprek met de uitzendorganisaties die in onze gemeente werkzaam zijn. Controles en handhaving In 2025 zijn diverse controles uitgevoerd op locaties waar arbeidsmigranten worden gehuisvest. Wanneer overtredingen van wet- en regelgeving worden geconstateerd, treden wij handhavend op. Deze aanpak sluit aan bij het door het college vastgestelde plan van aanpak, dat voortvloeit uit het coalitieakkoord 2022–2026 “Bouwen aan de toekomst”. De controles richten zich op alle (bedrijfs-) woningen waar huisvesting buiten het verband van een huishouden plaatsvindt. De controles worden gecontinueerd en er vinden hercontroles plaats. Waar nodig wordt er tot handhavend optreden overgegaan.

Verbonden partijen Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing MooiSticht programma MooiSticht heeft door de specifieke gemeentelijke taak als verlengd lokaal bestuur één herkenbaar programma Welstands- en monumentenadvisering. De doelstelling van de stichting is de zorg voor de instandhouding en bevordering van het bouwkundig schoon, de welstandszorg, het landschaps- en stedenschoon, waaronder de monumentenzorg en erfgoed en ook de zorg voor de ruimtelijke kwaliteit in zijn algemeenheid in de deelnemende gemeenten. Uitgangspunt is steeds het optimaal bedienen van de besturen van de aangesloten gemeenten.

Indicatoren Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Indicator

Eenheid

Gemiddelde WOZ-waarde Nieuwgebouwde woningen

1.000 euro Aantal per 1.000 woningen

Demografische druk Woonlasten eenpersoonshuishouden Woonlasten meerpersoonshuishouden

Bron

Nederland 2025 398 8,4 (2024)

% Euro

Bunschoten 2025 CBS 463 Basisregistratie 3,6 (2024) adressen en gebouwen CBS 73,3 COELO 916

Euro

COELO

1.050

949

70,7 957

75

Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de baten en lasten opgenomen die aan het programma verbonden zijn. TABEL (Bedragen x € 1,-)

Lasten Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen Totaal lasten Baten

Realisatie 2025

Raming 2025

471.272

467.970

9.614.072 1.334.421

Raming na wijz. 2025 467.970

Afwijking Incidenteel -3.302

0

8.427.698

8.427.698 -1.186.374

0

1.273.788

1.318.812

-15.609

0

11.419.764 10.169.456 10.214.480 -1.205.284

0

Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen

190.510

24.626

10.467.995

8.427.698

890.063

685.621

Totaal baten

11.548.568

9.137.945

24.626

-165.884

163.000

8.427.698 -2.040.297

854.000

585.621

-304.442

0

9.037.945 -2.510.623

1.017.000

Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen

280.762

443.344

443.344

162.582

-163.000

-853.924

0

0

853.924

-854.000

444.358

588.167

733.191

288.833

0

Totaal saldo

-128.804

1.031.511

1.176.535

1.305.339

-1.017.000

Kosten per inwoner

-5,62

45,18

51,53

57,16

Saldo

Toelichting saldo raming en raming na wijzigingen De raming is per saldo bijgesteld met € 145.000,- nadelig. Wonen en bouwen, hogere lasten nota kostenverhaal (€ 5.000,-), lagere legesinkomsten omgevingsvergunningen (€ 100.000,-), stijging kosten welstand en bouwtoezicht (€ 40.000,-).

Toelichting realisatie en raming na wijzigingen Op dit programma zijn de lasten € 1.205.000,- hoger dan de raming na wijzigingen en de baten € 2.510.000,- hoger. Per saldo een voordeel van € 1.305.000,-. ▪ Ruimte en leefomgeving Het voordelig saldo op dit taakveld van € 162.000,- is het effect van een hogere inkomsten door verkoop van overige gronden (€ 151.000,-), hogere huren (€ 9.000,-), overige inkomsten (€ 5.000,-) en hogere overige kosten (€ 3.000,-). ▪ Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen) De grondexploitatie (exclusief bedrijventerreinen, deze zijn opgenomen onder het programma Economie) sluit met een voordeel van € 854.000,- ten opzichte van de raming na wijzigingen. Dit wordt veroorzaakt door tussentijdse winstneming van in totaal € 646.000,- (€ 395.000,- Zuiderland en € 251.000,- Zuidelijke Hoven), bijdrage reserve Bovenplanse voorzieningen (€ 170.000,-), bijdrage haasvriendelijk beheer (€ 32.000,-) en overig (€ 6.000,-).

▪ Wonen en bouwen Het voordelige saldo op dit taakveld van € 288.000,- is het effect van lagere kapitaallasten (€ 14.000,-), ontwikkeling salarislasten (€ 47.000,- nadelig), lagere kosten welstand (€ 8.000,-) en hogere opbrengst leges omgevingsvergunningen (€ 200.000,-), hogere opbrengst bouw en woningtoezicht (€ 48.000,-), hogere opbrengst SPUK realisatiestimulans (€ 63.000,-, voordelig), lagere overige inkomsten (€ 6.000,-) en per saldo lagere overige kosten (€ 9.000,-). 76

0 0 0 0 0 -358.000 0 -1.017.000 236.000

-19.983 263.557 3.389 68.586 108.422 -397.090 171.226 1.305.339 -462.576

2.230.275 3.591.721 475.607 2.444.169 5.511.677 21.942.682 2.379.389 1.176.535 111.265

2.220.275 3.445.621 441.247 2.440.670 5.336.677 19.702.682 2.451.208 1.031.511 -17.194

2.250.258 3.328.164 472.218 2.375.583 5.403.255 22.339.772 2.208.163 -128.804 573.841

17.480 771.467 672.390 1.044.585 1.044.961 6.871.189 6.455.969 11.548.568 79.806.045

2.267.738 4.099.631 1.144.608 3.420.167 6.448.216 29.210.961 8.664.132 11.419.764 80.379.885

Veiligheid

Verkeer, vervoer en waterstaat

Economie

Onderwijs

Sport, cultuur en recreatie

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Subtotaal programma's

Volksgezondheid en milieu

Sociaal domein

Bestuur en ondersteuning

1.611.000

Incidenteel

-1.966.022

Saldo

Afwijking

-39.640.790

Saldo

Raming na wijz. 2025 Saldo

51.379.437 -37.674.768 -37.087.085

Baten

Raming 2025 Saldo

13.704.669

Lasten

(Bedragen x € 1,-) Realisatie 2025

1.9 Recapitulatie totalen programma’s Onderstaand is een recapitulatie van de totalen per programma opgenomen.

77

78

DEEL 1: Jaarverslag

2. PARAGRAFEN

79

80

2.1 Lokale heffingen (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf lokale heffingen is opgenomen in artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De paragraaf betreffende de lokale heffingen bevat tenminste de geraamde inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen, een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, een aanduiding van de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.

Inleiding De belastingparagraaf behorende bij de begroting 2025 is op basis van deze uitgangspunten opgesteld. Bij de jaarrekening 2025 vindt aansluiting plaats bij deze opzet. De geraamde inkomsten worden daarbij aangevuld met tussentijdse aanpassingen en de definitief gerealiseerde inkomsten. Tevens wordt in deze belastingparagraaf tot uitdrukking gebracht of het beoogde beleid is gerealiseerd. Hierdoor kan de raad van de gemeente Bunschoten de in de begroting verwoorde uitgangspunten beter toetsen aan de behaalde resultaten. Gemeenschappelijk Belastingkantoor Locosensus Tricijn Het GBLT voert voor de gemeente de meeste belastingtaken uit. Hierna wordt nader geduid welke taken het GBLT uitvoert en welke taken nog bij de gemeente liggen. De geraamde en gerealiseerde inkomsten Belastingen en rechten

Primitieve begroting 2025

Belastingen: Onroerendezaakbelastingen (GBLT) Roerende ruimte belastingen (gem.) Forensenbelasting (GBLT) Precariobelasting (GBLT)

€ € € €

5.760.000,6.000,8.000,79.000,-

€ € € €

5.829.000,6.000,3.000,77.000,-

Totaal belastingen

€

5.853.000,-

€

5.915.000,-

Rechten: Afvalstoffenheffing (GBLT) Rioolheffing (GBLT) Begrafenisrechten (gem.) Marktgelden (GBLT + gem. ) Ov. Ink. Markt - water/stroomverbruik (gem.) Afdracht promotiegelden markt (gem.) Havengelden (GBLT) Secretarieleges en leges burgerzaken (gem.) Afdracht Rijksleges (gem.) Leges omgevingsvergunning (gem.) BIZ bijdrage Haarbrug-Noord (GBLT) Afdracht BIZ bijdrage Haarbrug-Noord (gem.) Totaal rechten Totaal belastingen en rechten

€ € € € € € € € € € € € € €

2.895.000,1.938.000,473.000,68.000,16.000,- 8.500,121.000,360.500,- 160.000,655.500,21.000,- 20.000,6.359.000,12.212.000,-

€ € € € € € € € € € € € € €

2.965.000,1.977.000,459.000,59.000,13.000,- 10.500,125.000,492.000,- 213.500,755.000,22.000,- 21.000,6.622.000,12.537.000,-

Jaarrekening 2025

81

Analyse belastingen 2025 ▪ De totale opbrengst OZB ligt € 68.500,- hoger ten opzichte van het begrote bedrag. De meeropbrengst komt vooral door een hogere opbrengst van de niet-woningen; ▪ De forensenbelasting vertoont een lagere opbrengst van € 5.000,-. Mogelijk komt dit door meer permanente bewoning van deze woningen; ▪ De overige belastingen geven geen aanleiding tot het maken van een nadere analyse. Analyse rechten 2025 ▪ De opbrengst afvalstoffenheffing ligt € 70.000,- hoger dan begroot. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat in de begroting de kwijtschelding in mindering is gebracht. Confom BBV hoort de kwijtschelding als kosten te worden verantwoord; ▪ De opbrengst rioolheffing ligt € 39.000,- hoger dan begroot. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat in de begroting de kwijtschelding in mindering is gebracht. Confom BBV hoort de kwijtschelding als kosten te worden verantwoord; ▪ De opbrengst begrafenisrechten ligt € 14.000,- lager dan begroot. Wellicht hebben meer nabestaanden particuliere graven voor de periode van 30 jaar gereserveerd, nu er sinds de tariefsaanpassingen in 2024 geen financieel voordeel meer valt te behalen om de grafrust voor een langere periode van 60 jaar te reserveren. Hier valt niet op te sturen.

Het tekort wordt uit de egalisatiereserve voor de begraafplaatsen gehaald om de aangegane verplichtingen uit te kunnen betalen; ▪ De opbrengst marktgelden ligt € 9.000,- lager dan begroot. De inkomsten uit de nota’s water- en stroomverbruik liggen € 3.000,- lager dan begroot. Beide komt omdat de markt niet volledig bezet is, ondanks inspanningen die de marktcommissie heeft gedaan (o.a. flyers e.d.) om dit te verbeteren. De uitgegeven promotiegelden voor de Spakenburgse markt ligt dit jaar iets hoger dan begroot € 2.000,-, met name vanwege het vieren van het 75-jarig jubileum van de markt. ▪ Leges burgerzaken (inclusief afdrachten) vertoont een hogere opbrengst van netto € 78.000,-. Wat daarbij opvalt is dat de verstrekking van de rijbewijs- en reisdocumenten aanzienlijk hoger ligt dan begroot en ook de afdracht van de Rijksleges die hiermee samenhangen. Deze trend zal nog tot het jaar 2028 doorlopen is de verwachting; ▪ De leges omgevingsvergunningen (bouwleges) vertonen een voordelig resultaat van € 100.000,- ten opzichte van de primaire begroting. Na de tussentijdse bestuursrapportages is de raming na wijzigingen bijgesteld naar € 555.000,-. Ten opzichte van de raming na wijzigingen is het voordeel € 200.000,-.

Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen Belastingpolitiek Bij het opstellen van de ramingen van de inkomsten uit belastingen, bestemmingsheffingen en rechten voor de gemeentelijke begroting 2025 is uitgegaan van een tariefswijziging gekoppeld aan het verwachte inflatiepercentage voor 2025 (met correctie van het voorgaande jaar) van 6,40%, (3,20% + 3,20%) zoals bepaald in de Kadernota 2025. Specifiek voor de onroerendezaakbelastingen geldt een extra verhoging van +5,00%. Daarnaast is conform het unaniem door de raad op 4 juli 2024 aangenomen amendement A02 bij behandeling van de Kadernota, de tariefstijging van de rioolheffing met 6,40% weer verlaagd met -5,00% om de toename van de lastendruk voor onze inwoners in enige mate te beperken. In overleg met de veerpontbaas is afgesproken om de tarieven voor het jaar 2025 niet te verhogen. Een volgende aanpassing is voorzien in het begrotingsjaar 2028. WOZ Jaarlijks wordt er een nieuwe herwaarderingsronde Wet WOZ uitgevoerd. Dit heeft de wetgever bepaald, zodat de WOZ waarderingen actueel zijn en voor meerdere toepassingen gebruikt kunnen worden. De nieuwe herwaarderingen met peildatum 1 januari 2024 gelden voor het belastingjaar 2025. Deze waarderingen gelden ook voor het woningwaarderingsstelsel, het puntensysteem dat de maximale huurprijs van sociale- en midden-huurwoningen bepaalt.

Hierdoor hebben huurders een belang bij deze waardering, wat leidt tot meer beschikkingen. De gemiddelde waardestijging voor woningen bedraagt +5,82% en de gemiddelde waardestijging voor de niet-woningen bedraagt +2,66%. Deze gemiddelde waardestijging van woningen en van niet-woningen, voortkomend uit de jaarlijkse herwaarderingen Wet WOZ, worden gecompenseerd door bijstelling van de tarieven onroerendezaakbelastingen. Een herwaardering levert de gemeente dan ook geen geld op bij waardestijgingen en kost de gemeente geen geld bij waardedalingen. Naast dit 82

herwaarderingseffect kan de gemeente overigens wel tariefmaatregelen nemen die daarvan los staan. Over het algemeen vindt inflatiecorrectie plaats over de tarieven. Beleidsadvisering belastingen Naast de reguliere tarief voorstellen belastingen en rechten voor het volgende (belasting)jaar is het begraafbeleid aangepast met ingang van het volgende jaar, waarbij een tussentijds omzettingsrecht is geïntroduceerd en particuliere graven voor bepaalde tijd tussentijds omgezet kunnen worden naar onbepaalde tijd tegen vergoeding.

Overzicht op hoofdlijnen van de diverse taken belastingen en WOZ ▪ ▪

▪

▪

▪

▪

De uitvoering van de Wet WOZ is tijdig en compleet door GBLT uitgevoerd, waarbij een herwaardering WOZ voor de gemeente ook heeft geleid tot tijdige resultaten voor de belastingvoorstellen; De Waarderingskamer heeft de resultaten van de WOZ waardering akkoord bevonden, waardoor GBLT tijdig kon beschikken. Ook heeft de Waarderingskamer GBLT beoordeeld op hun processen en kwaliteit van werken. GBLT heeft inmiddels de hoogste kwaliteitserkenning van de Waarderingskamer ontvangen: vijf sterren. Dit toont aan dat GBLT uitstekende WOZtaxaties levert en voldoet aan alle wettelijke kwaliteitseisen. Deze maximale score bevestigt de betrouwbaarheid en hoge kwaliteit van hun waardebepalingen. Aantallen WOZ bezwaren 2025 is met 570 bezwaren enigszins vergelijkbaar met het vorige jaar 2024 toen sprake was van 517 bezwaren. Wat daarbij in positieve zin opvalt is dat de meeste bezwaren ongegrond worden verklaard 78% (vorig jaar nog 62%), wat de toegenomen kwaliteit van de WOZ taxaties bevestigd. De NCNP bureaus zijn nog steeds zeer actief in Bunschoten met 377 van de 570 WOZ bezwaren. Geconstateerd wordt dat het indienen van een WOZbezwaar via een NCNP bureau in algemene zin de slagingskans op honorering van het bezwaar niet vergroot (18% versus 22%).

Op individueel beschikkingsniveau kan dat overigens anders ervaren worden door inwoners; Aantal heffingsbezwaren 2025 bij de stand op 31-12-2025 (199) ligt in lijn met het voorgaande jaar 2024 (194). Deze aantallen lopen nog iets op als de laatste aanslagen over 2025 begin volgend jaar worden opgelegd, wat ook weer de nodige bezwaren oplevert. Heffingsbezwaren worden procentueel vaker gehonoreerd (2025 = 72%). Het aantal toewijzingen ligt daarbij vrij hoog, omdat in de loop van een belastingjaar een veranderde situatie kan leiden tot een aangepaste belasting; Het aantal beroepen en hoger beroepen voor heffingen is nul. Het aantal WOZ-beroepen is 14 voor dit jaar en acht nog onderhanden werk van voorgaande jaren. Inmiddels zijn 11 zaken afgehandeld en 11 nog onderhanden werk bij afsluiting van het jaar 2025. Bij de snelheid van afhandeling is GBLT afhankelijk van de planning door de rechters voor behandeling van de betreffende zaken. Hierop heeft GBLT zelf geen invloed. De toegekende kwijtschelding ligt iets lager dan begroot, maar slechts marginaal. Dit komt omdat er iets minder kwijtscheldingsaanvragen zijn ontvangen dan het voorgaande jaar (2025 = 326 en 2024 = 358). Een beperkt aantal aanvragen (16) moeten nog worden afgehandeld begin volgend jaar. Ook lopen er nog enige beroepschriften (3).

83

Begroting en realisatie Bij het onderdeel ‘geraamde inkomsten’ staan de behaalde inkomsten van de verschillende belastingen en rechten (blz. 81). Daarbij zijn ook verklaringen gegeven over afwijkingen in relatie tot de begrote opbrengsten. Hieronder worden de belangrijkste rechten geplaatst in samenhang met de kosten voor het uitvoeren van de daarbij behorende gemeentelijke taak. Afvalstoffenheffing De tarieven zijn voor 2025 aangepast met de inflatie van 6,40%. Bedragen in € x 1,-

Begroot

Werkelijk

Taakveld

2025

2025

7.3 Lasten Afvalstoffenheffing

2.687.908

2.697.299

7.3 Baten afvalstoffenheffing excl. heffingen

-221.667

-255.342

0.5 Treasury (dividend ROVA)

-49.200

-84.885

7.3 Netto lasten

2.417.041

2.357.072

2.1 Lasten Verkeer en vervoer

5.000

5.000

6.3 Lasten Inkomensregelingen

0

62.632

0.4 Lasten Overhead

157.511

142.735

0.64 Lasten Belastingen overig

50.000

50.000

7.3 Lasten tractie reiniging

14.625

16.668

BTW compensatiefonds

224.000

224.000

Totale lasten

2.868.177

2.858.108

7.3 Opbrengst afvalstoffenheffing

-2.895.000

-2.965.625

26.823

107.517

0

0

101%

104%

Mutatie voorziening Saldo Kostendekkendheid

Toelichting De in de tabel opgenomen begrote bedragen betreffen de cijfers op basis van de primaire begroting. De tabel is t.o.v. de begroting aangepast op basis van de regelgeving van het BBV. ▪ ▪ ▪

In de 1e tussentijdse bestuursrapportage is aangegeven dat de begrote lasten met € 25.000,worden verhoogd door een bijdrage als tegemoetkoming in de kosten van het KringloopCentrum Bunschoten; In de 2e tussentijdse bestuursrapportage is vermeld dat de begrote bate met betrekking tot het dividend ROVA met € 36.000,- wordt verhoogd; Samengevat betekenen de wijzigingen in de Tussentijdse bestuursrapportages dat de begrote dotatie aan de voorziening afvalstoffenheffing met € 11.000,- wordt verhoogd.

In de primaire begroting was rekening gehouden met een opbrengst afvalstoffenheffing (inclusief kwijtschelding) van € 2.895.000,-. De uiteindelijke opbrengst is ongeveer € 8.000,- hoger uitgevallen. Daarnaast zijn de overige opbrengsten bijna € 34.000,- hoger uitgevallen. De lasten zijn daarnaast ongeveer € 28.000,- lager uitgevallen. Per saldo betekent dit dat ongeveer € 70.000,- extra aan de voorziening afvalstoffenheffing kon worden gedoteerd.

84

Rioolheffing De tarieven zijn voor 2025 met 1,40% verhoogd. Bedragen in € x 1,-

Begroot

Werkelijk

Taakveld

2025

2025

7.3 Lasten rioolheffing

1.566.582

1.649.259

7.3 Baten rioolheffing excl. heffingen 7.3 Netto lasten

0

-41.862

1.566.582

1.607.397

0

0

80.000

80.000

2.1 Lasten Verkeer en vervoer 2.4 Lasten Economische haven en waterwegen 6.3 Lasten Inkomensregelingen

0

32.806

7.2 Lasten tractie

29.248

33.333

0.4 Lasten Overhead

150.038

131.822

0.64 Lasten Belastingen overig

75.000

75.000

BTW compensatiefonds

121.380

132.000

Totale lasten

2.022.248

2.092.358

7.3 Opbrengst rioolheffing

-1.938.000

-1.977.501

-84.248

-114.858

0

0

96%

95%

Mutatie voorziening Saldo Kostendekkendheid

Toelichting De in de tabel opgenomen begrote bedragen betreffen de cijfers op basis van de primaire begroting. De tabel is t.o.v. de begroting aangepast op basis van de regelgeving van het BBV. De begrote en werkelijke kosten van kwijtschelding betreffen lasten en zijn niet in mindering gebracht op de opbrengsten. De reguliere lasten op het taakveld Riolering zijn ongeveer € 83.000,- hoger uitgevallen. De toegerekende BTW (ongeveer € 11.000,-) en de lasten tractie (ongeveer € 4.000,-) zijn eveneens hoger uitgevallen. Daarentegen zijn de lasten Overhead ongeveer € 19.000,- lager dan begroot. De overige opbrengsten zijn ruim € 41.000,- hoger uitgevallen dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. De opbrengsten rioolheffing zijn tenslotte ongeveer € 6.000,- hoger dan geraamd. Per saldo resulteert bovenstaande in een onttrekking die ongeveer € 30.000,- hoger is uitgevallen dan waarmee in de begroting rekening was gehouden. Begraafrechten De tarieven voor 2025 zijn verhoogd met 6,40%. Bedragen in € x 1,Taakveld 7.5

Begroot

Werkelijk

2025

2025

Kosten begraven

496.610

561.386

Opbrengst begraafrechten

-473.216

-458.771

Egalisatie voorziening

-23.394

-102.615

95%

82%

Totaal

Toelichting De in de tabel opgenomen begrote bedragen betreffen de cijfers op basis van de primaire begroting. In 2025 moet bijna € 80.000,- meer worden onttrokken aan de egalisatievoorziening begraafrechten. Dit wordt vooral veroorzaakt doordat de kosten € 65.000,- hoger zijn uitgevallen dan begroot. Doordat de opbrengsten begraafrechten ongeveer € 15.000,- lager zijn, moest een hoger bedrag dan geraamd, worden onttrokken. 85

Marktgelden De tarieven voor 2025 zijn met 6,40% verhoogd. Bedragen in € x 1,Taakveld 3.3

Begroot

Werkelijk

2025

2025

Kosten markt

87.744

83.085

Opbrengst marktgelden

-68.000

-59.236

Opbrengst water & stroomgebruik

-16.000

-12.714

Egalisatie

-3.744

-11.136

Totaal

96%

87%

Toelichting De in de tabel opgenomen begrote bedragen betreffen de cijfers op basis van de primaire begroting. In de 2e Tussentijdse bestuursrapportage is gemeld dat de marktgelden € 8.000,- lager uitvallen dan waarmee in de primaire begroting rekening is gehouden. De kosten van de markt zijn iets lager uitgevallen dan waarmee in de begroting rekening is gehouden. Echter doordat de marktgelden lager zijn uitgevallen zoals al in de 2e Tussentijdse bestuursrapportage is gemeld, ontstaat een groter nadeel dan waarmee in de primaire begroting rekening is gehouden. Dit ontstaat mede doordat de doorberekening van de kosten van stroomgebruik en water eveneens lager zijn uitgevallen dan begroot. Het nadeel komt ten laste van de algemene middelen doordat de egalisatievoorziening ultimo 2024 al nihil was. Leges De tarieven voor 2025 zijn met 6,40% verhoogd, behoudens die tarieven waarvoor wettelijke maximumtarieven gelden. Bedragen in € x 1,Algemene dienstverlening Omgevingsvergunningen Europese richtlijn

Begroting 2025 Lasten 623.000 902.000 3.000

Baten 472.000 555.500 3.000

Rekening 2025 Lasten 755.000 940.500 5.500

Baten 492.000 755.000 5.500

Toelichting: Algemene dienstverlening kan door wettelijke maximumtarieven niet kostendekkend worden doorberekend. Kostendekkingsoverzicht voor de verschillende leges en rechten Heffingen Afvalstoffenheffing Rioolheffing Begraafrechten Marktgelden Leges algemene dienstverlening (titel 1 Legesverordening) Leges omgevingsvergunning (titel 2 Legesverordening) Leges vallend onder Europese Dienstenrichtlijn (titel 3 Legesverordening)

Begroting 2025 101% 96% 95% 96% 76% 62% 100%

Werkelijk 2025 104% 95% 82% 87% 65% 80% 183%

Conclusies kostendekking rechten in relatie tot egalisatievoorziening Voor de legesheffing geldt geen egalisatiereserve, omdat dit niet binnen de fiscaal juridische regelgeving past. Voor de verschillende rechten bestaan echter wel egalisatiereserves. Uitgangspunt voor deze reserves is dat zij een maximaal negatief of positief saldo mogen hebben. Daarbij geldt een bandbreedte van -5% en +5% van de (begrote) jaaropbrengsten leges en rechten. 86

Indien het resultaat binnen deze bandbreedte valt, dan is sprake van 100% kostendekking van deze rechten. Komen ze beneden de ondergrens, dan zijn voor de dan komende jaren wellicht aanvullende tariefmaatregelen nodig of moet worden bezien of de uitgavenkant (verder) omlaag kan worden gebracht. Gaat de egalisatiereserve over de bovengrens, dan kunnen in feite de dan komende jaren de tarieven omlaag, tenzij er uiteraard ontwikkelingen zijn waardoor ook de kosten (gaan) toenemen.

Heffing en invordering gemeentelijke belastingen door GBLT Heffing De combinatiebeschikkingen/aanslagbiljetten gemeentelijke en waterschapsbelastingen 2025 zijn opgelegd. Het gaat hierbij om een combineerde aanslag van de volgende zaken: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

Beschikkingen Wet WOZ; Onroerendezaakbelastingen; Afvalstoffenheffing; Rioolheffing; Verschillende waterschapheffingen.

Naast het grote combinatie kohier gemeentelijke en waterschapbelastingen aan het begin van dit jaar zijn nog meer aanslagen verzonden voor een aantal andere kohieren in de loop van het jaar. Dit betreft meerdere (aanvullings-)kohieren voor: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪

gemeentelijke- en waterschapsbelastingen 2025; havengelden 2025; forensenbelasting 2025; marktgelden 2025; precariobelasting 2025; BIZ Haarbrug Noord 2025;

Ook worden er jaarlijks voor de leges, de roerende ruimtebelastingen en de grafrechten nota’s opgelegd via de financiële administratie van de gemeente Bunschoten. Het opleggen van de aanslagen en nota’s voor 2025 heeft geleid tot een aantal verzoeken om ontheffingen en bezwaarschriften. Hieronder de kengetallen voor 2025 en in meerjarenperspectief. 2025

Toegewezen of Vernietigd

Afgewezen of ingetrokken

Nog af te handelen

Bezwaarschriften gecombineerde aanslag, gemeentebelastingen Bezwaarschriften WOZ - waarde en/of afbakening (waarvan NCNP bezwaren)

199

72%

28%

10

570 (377)

22% (18%)

78% (82%)

3 (3)

Totaal

769

Bezwaarschriften gecombineerde aanslag, gemeentebelastingen Bezwaarschriften WOZ - waarde en/of afbakening (waarvan NCNP bezwaren) Totaal

11

2022

2023

2024

2025

159

245

194

199

289 (163)

724 (516)

511 (357)

570 (377)

448

876

705

769

Toelichting De heffingsbezwaren omvatten ook verzoeken om verminderingen van aanslagen als gevolg van mutaties o.a. verhuizingen, verder wordt een melding van de front-office/KCC qua taakverdeling veelal ook aangemerkt als bezwaar. In dat opzicht valt het aantal heffingsbezwaren mee. Het aantal bezwaren 87

WOZ 2025 ligt een fractie hoger dan in 2024, maar het aantal gehonoreerde bezwaren ligt weer aanzienlijk lager. PRESTATIEGEGEVENS Percentage belastingen - reeds ingevorderd - kwijtschelding - oninbaar - debiteurensaldo* * Aantal nog in te vorderen vanwege: - automatische incasso, recent opgelegd of niet of net vervallen - betalingsregeling - aanmaning, dwangbevel - overige fases van invordering Totaal

2025

2024

96,9% 0,8% 0,1% 2,2%

96,4% 0,9% 0,1% 2,6%

454

443

112 68 118

112 49

752

604

Toelichting Alleen bij de fases “aanmaning, dwangbevel” en “overige fases van invordering” lopen we nog gerede kans dat dit geld niet geheel kan worden ingevorderd. We hebben het dan over € 90.000,- aan geheven belastingen over 2025. Hiervoor is in de jaarrekening een voorziening wegens oninbaarheid opgenomen. Met de betalingsregelingen is een bedrag van ruim € 36.500,- gemoeid. GBLT geeft aan dat het verstandig is om een percentage van 0,40% van het netto opgelegde aanslagbedrag te begroten als oninbaar. Een en ander past in de uitgangspunten van onze begroting.

Aanduiding van de lokale lastendruk Lokale lastendruk Er is in de gemeente Bunschoten voor het jaar 2025 een toenemende lastendruk voorzien voor personen met een koopwoning (met een gemiddelde woningwaarde) van 6,78%. Voor mensen met een huurwoning geldt ook een toename van de lastendruk van gemiddeld 4,57%. De stijging van de lastendruk voor huurders ligt lager, omdat zij geen aanslag onroerendezaakbelastingen ontvangen, maar alleen een afvalstoffenheffing en een rioolheffing. De toename van de lastendruk is dit jaar gekoppeld aan de inflatie (met correctie op het vorige jaar) van 6,40%. Specifiek voor de onroerendezaakbelastingen is het percentage extra verhoogd met 5% tot 11,40%. Specifiek voor de rioolheffing is het verhoogde percentage weer naar beneden bijgesteld met -5% tot 1,40%. COELO Het COELO onderzoekt jaarlijks de lokale lastendruk in het land. Uit deze rapportage kan het eigen lastenniveau in relatie tot het landelijke niveau worden beoordeeld. De gemeente Bunschoten staat dit jaar op de zeven-en-zeventigste positie van gemeenten met de laagste woonlasten in het land voor de gecombineerde aanslag gemeentelijke belastingen (onroerende zaakbelastingen, rioolheffing en afvalstoffenheffing) voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning. Het betreft een rangorde tussen 342 (deel)gemeenten.

Beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid Huidig beleid 1. In de gemeente Bunschoten bestaat de mogelijkheid voor particulieren om kwijtschelding aan te vragen: a. voor de onroerendezaakbelastingen eigenarenbelasting voor woningen, roerenderuimtebelastingen eigenarenbelasting voor (water)woningen, afvalstoffenheffing (vastrecht) en rioolheffing gebruikersheffing voor woningen; b. voor alle overige gemeentelijke heffingen bestaat geen mogelijkheid voor kwijtschelding; c. waarbij uitgegaan wordt van 100% van de bijstandsnorm; d. in afwijking van artikel 1c geldt een andere kwijtscheldingsnorm voor inwoners die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Voor deze personen geldt de norm 100% netto AOW + deel KOB; 88

e. GBLT schakelt de Stichting Inlichtingenbureau jaarlijks in voor een gratis screening op eerder gehonoreerde aanvragen, waarbij wordt getoetst of men (wederom) in aanmerking komt voor automatische kwijtschelding. 2. In de gemeente Bunschoten bestaat de mogelijkheid voor ondernemers om kwijtschelding aan te vragen voor privé schulden: a. voor de onroerendezaakbelastingen eigenarenbelasting voor woningen, roerenderuimtebelastingen eigenarenbelasting voor (water)woningen, afvalstoffenheffing (vastrecht) en rioolheffing gebruikersheffing voor woningen; b. voor alle overige gemeentelijke heffingen bestaat geen mogelijkheid voor kwijtschelding. Aanvullend beleid: Extra toegestane financiële middelen In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met: a. € 2.000,- voor de belastingschuldige en zijn echtgenoot; b. 75% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande, en; c. 90% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande ouder. Prestatiegegevens kwijtschelding In onderstaand overzicht staan de prestatiegegevens over de afhandeling van de kwijtscheldingsverzoeken. PRESTATIEGEGEVENS Automatisch toegekend Aangevraagd Totaal

2025 116 210 326

Toegewezen Afgewezen/ingetrokken Nog in behandeling

186 125 15*

Ontvangen beroepen Toegekende beroepen Afgewezen beroepen Beroep nog in behandeling Totaalbedrag kwijtschelding (x € 1.000,-) * Wordt het eerste kwartaal van 2026 afgehandeld

16 7 6 3 92,8 Prognose = 100,9

Uitsplitsing kwijtschelding 2025 per belastingsoort: Automatisch of op verzoek Begroot Totaal per belastingsoort Prognose als alle verzoeken zijn afgehandeld

Onroerende zaakbelastingen € € €

Afvalstoffenheffing -

€ € €

70.000,59.700,64.800,-

Rioolheffing € € €

40.000,33.200,36.100,-

Er is in totaal € 92.800,- aan kwijtschelding verleend in 2025. Wanneer alle verzoeken zijn afgehandeld verwacht GBLT uit te komen op € 100.900,- aan verleende kwijtschelding over 2025. Dit ligt iets lager dan is ingeschat bij het begroten. Ook is het aantal kwijtscheldingsverzoeken in 2025 iets gedaald ten opzichte van 2024 (326 versus 347).

89

90

2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing is opgenomen in artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: ▪ De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. ▪ Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat tenminste een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, de risico’s en het beleid daarover. Ook, sinds de begroting 2016, zijn enkele kengetallen verplicht in deze paragraaf, met een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Bunschoten in staat is middelen vrij te maken om financiële risico’s op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid van de gemeentelijke dienstverlening’.

Deze formulering is zo gekozen, omdat het niet wenselijk is, vooral na de doorgevoerde bezuinigingen, dat er opnieuw moet worden bezuinigd en/of omgebogen indien zich onverwachts substantiële tegenvallers voordoen. Notitie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is een indicator voor de robuustheid van de financiële positie van de gemeente. Om te kunnen vaststellen of het weerstandsvermogen voldoende is, moeten de belangrijkste risico’s worden geïnventariseerd en gerelateerd aan de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om de financiële gevolgen van dergelijke niet begrote zaken te kunnen opvangen. Ook voor de grondexploitaties is het van belang de risico’s te onderkennen. Een Vergelijkend overzicht reserves 2025 staat aan het eind van deze paragraaf opgenomen. Uit dit overzicht blijkt dat de reserve algemene dienst ultimo 2025 € 24,0 miljoen bedraagt (excl. het resultaat van € - 0,57 miljoen). Overzicht weerstandsvermogen Op de volgende pagina staat een overzicht van de weerstandscapaciteit. Een toelichting op deze tabel is hieronder te lezen. Het begrip onbenutte belastingcapaciteit is afgeleid van de normen die worden gehanteerd voor een artikel 12 gemeente. De onbenutte belastingcapaciteit voor Bunschoten wordt berekend op € 2,5 miljoen. Het artikel 12 beleid voor de onderdelen riolering en afval blijft onveranderd 100% kostendekkend.

In de begroting is dat ook het uitgangspunt, waarbij wordt opgemerkt dat hierbij ook de mutaties in de egalisatievoorziening zijn meegenomen. Voor wat betreft de totale jaarlijkse exploitatie is er een weerstandscapaciteit van gemiddeld € 2,5 miljoen (afgerond). Het weerstandsvermogen van de algemene dienst is € 24,0 miljoen. Dit is de reserve algemene dienst voor bestemming van het rekeningresultaat. De ratio van het weerstandsvermogen wordt bepaald door de reserve algemene dienst à € 24,0 miljoen te delen door de geïnventariseerde financiële risico’s à € 8 miljoen. Dit betekent een ratio van het weerstandsvermogen van 3,0. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de gemeente Bunschoten de mogelijke financiële risico’s goed kan dekken. De risico’s binnen de grondexploitatie zijn in 2025 geactualiseerd bij het MPG. De huidige reserve grondexploitatie bedraagt per 31-12-2025 € 4.012.312,-. Uit de risicoanalyse en de minimale buffer van één miljoen euro, is het minimale benodigde bedrag van de reserve grondexploitatie € 3.972.000,-. Dit is een verschil van € 103.312,-. Gelet op de grote ontwikkelingen in de verschillende grondexploitaties is bij de behandeling van het MPG 2025 voorgesteld om dit jaar niets te onttrekken uit de reserve grondexploitatie. Zodat de verwachte stand van de reserve grondexploitatie € 4.075.312,- wordt per 3112-2026. 91

Ontwikkeling weerstandsvermogen/capaciteit (Bedragen x € 1.000,-) Jaarlijkse exploitatie Onbenutte belastingcapaciteit Stelpost onvoorziene uitgaven Totaal jaarlijkse exploitatie

Raming

Werkelijk

Verschil

3.000 50 3.050

2.483 50 2.533

-517 -517

Vermogenssfeer (31/12) Reserve algemene dienst Reserve grondexploitatie Totaal vermogenssfeer

23.228 4.376 27.604

24.048 4.012 28.060

820 -364 456

Totaal voor opvang risico's

30.654

30.593

-61

Risico’s Financiële risico’s Bij de financiële risico’s kan er onderscheid worden gemaakt met betrekking tot de risico’s die voortvloeien uit het eigen beleid, uit het beleid van andere overheden, samenwerking met andere gemeenten c.q. instanties, uit voor gemeenten autonome ontwikkelingen (bijvoorbeeld economische en maatschappelijke ontwikkelingen) en ten slotte nog uit het doen en/of nalaten van anderen. Dubieuze debiteuren Voor de dubieuze debiteuren wordt bij de jaarrekening een voorziening dubieuze debiteuren gevormd, die vervolgens wordt aangewend voor het verlagen van het debiteurensaldo. Van jaar tot jaar wordt deze ontwikkeling gevolgd bij de jaarrekening. In de jaarrekening 2025 is voor dit onderdeel een voorziening getroffen van € 451.000,-. Het grootste deel van deze post betreft debiteuren sociale zaken (€ 373.000,-). Voor de beoordeling van deze debiteuren wordt uitgegaan van percentages oninbaar per soort vordering. Verzekeringen Nog steeds is er een claimbewustheid te zien bij de burger. Dit jaar zijn enkele aansprakelijkheidskwesties doorgestuurd naar de aansprakelijkheidsverzekeraar die de verdere afhandeling voor haar rekening nam. Schades onder het eigen risico zijn afgewikkeld door de gemeente, de kosten worden dan ook in rekening gebracht bij de gemeente. Het gaat veelal om kleine bedragen.

Wanneer er door derden schade veroorzaakt wordt aan gemeentelijke eigendommen, worden deze verhaald als de veroorzaker bekend is. Garantieverstrekkingen Het WEW staat garant voor de risico’s van hypotheken. De gemeente en het Rijk zijn achtervangovereenkomsten aangegaan waarbij zij beiden voor 50% garant staan voor eventuele liquiditeitstekorten. Bij tekorten hebben zij de verplichting renteloze leningen te verstrekken aan het WEW. Door de Rijksoverheid wordt erop geattendeerd voorzichtig te zijn met het verstrekken van garanties. Vooral instellingen in de sport- en zorgsector moeten in eerste instantie aankloppen bij het voor die sector betreffende waarborgfonds, waarbij de gemeente als achtervang optreedt. Voor het verstrekken van achtervangovereenkomsten ten behoeve van leningen voor woningbouwverenigingen geldt een vergelijkbare regeling. De stichting WSW staat garant voor de leningen. Ook hier zijn de gemeente en het Rijk achtervangovereenkomsten aangegaan waarbij zij beide voor 50% borg staan voor rente en aflossing van de leningen. Bij tekorten hebben zij de verplichting renteloze leningen te verstrekken aan de stichting WSW. Open-einde regelingen In de begroting is een aantal open-einde regelingen opgenomen. Met regelingen die gekenmerkt worden door een open-einde regeling wordt bedoeld dat het volume van de aanspraken op de 92

betreffende voorzieningen door de gemeente moeilijk beïnvloedbaar en dus moeilijk beheersbaar is. Voorbeelden hiervan zijn het beroep op de Participatiewet (BUIG), schuldsanering, de Wet maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en vervoer van leerlingen naar speciaal onderwijs. Ook de uitvoering van de Wsw kan hierbij worden betrokken. Het zijn vooral ontwikkelingen binnen het Sociaal Domein. Risicoanalyse De risico’s van de gemeente Bunschoten zijn in de breedste zin van het woord geïnventariseerd, de top vijf risico’s zijn hierna weergegeven. Op hoofdlijnen is de risicoanalyse beoordeeld. Nr. Risico (Bedragen x € 1,-) Datalekken in de organisatie niet of te laat gemeld. Onvoldoende acties ondernomen i.v.m. datalekken of bescherming van persoonsgegevens. Hier kunnen we een boete voor krijgen van de autoriteit persoonsgegevens. Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat we niet voldoen 1 aan de NIS2 richtlijn. Sociaal domein (o.a. jeugdzorg, veranderopgave 2 MetMaya, openeinderegeling en WMO).

Recessie/crisis in de breedste zin van het woord (denkend 3 aan stikstof, woningmarkt, rente, migranten enz.) Aansprakelijkheidsstelling (in de breedste zin van het woord bijvoorbeeld: afgeven vergunningen, gladheidsbestrijding, riolering, bodemvervuiling, aanvaring veerpont, letsel speeltoestellen, awb procedures, faillissement (van aannemer waar wij verantwoordelijk voor zijn), seizoen afhankelijke risico's (storm- en 4 vuurwerkschade) en dergelijke. De marktprijzen stijgen door krapte in de markt bij onze 5 leveranciers en bij aanbestedingsprocedures. Totaal

Financieel risico

Kans

Financieel gevolg

€ 50.000.000

5% € 2.500.000

€

2.000.000

50% € 1.000.000

€

1.500.000

50% €

750.000

€

1.500.000

40% €

600.000

€ 1.500.000 € 56.500.000

40% € 600.000 € 5.450.000

Er is nu voor € 56,5 miljoen aan financieel risico geïnventariseerd in de top vijf. Het totaal van de financiële gevolgen van de geïnventariseerde risico’s komt uit op afgerond € 8 miljoen. Wanneer gekeken wordt naar de risico’s die boven de 75% kans uitkomen, dan kan het voor komen dat deze risico’s zich vaak voordoen. Als deze risico’s zich vaak voordoen, dan dienen deze risico’s op termijn structureel in de begroting opgenomen te worden.

Sociaal Domein Participatiewet Het regionaal werkvoorzieningsschap Amersfoort voert voor Bunschoten de Wet Sociale Werkvoorziening uit. Jeugdwet en Wmo/AWBZ In de verschillende beleidsnota’s is in een aparte paragraaf aandacht besteed aan de mogelijke risico’s en de te treffen beheersmaatregelen. Rente Een moeilijk voorspelbare en door de gemeente niet te beïnvloeden grootheid is de rente. Een aantal elementen bepaalt eigenlijk het positieve of negatieve renterisico: ▪ Onzekerheid over de korte rente ▪ Onzekerheid over de rente bij renteaanpassingen ▪ Onzekerheid over de rente bij aan te trekken geldleningen voor nieuwe investering In de paragraaf Financiering is de renterisiconorm uitgewerkt.

93

Financiële kengetallen Nr. Kengetal

Rekening 2024

Begroting 2025 Rekening 2025

1a

Netto schuldquote

47,7%

92,2%

39,1%

1b

Netto schuldquote -/- verstrekte leningen

44,3%

88,3%

36,3%

2

Solvabiliteitsratio

34,4%

31,5%

33,7%

3

Kengetal grondexploitatie

10,7%

30,8%

3,7%

4

Structurele exploitatieruimte

-1,4%

-0,3%

-0,4%

5

Belastingcapaciteit

89,3%

91,1%

90,2%

▪

Netto schuldquote: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie (>130 = hoge schuld). Uit het overzicht blijkt een daling ten opzichte van de jaarrekening van 2024. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de baten die in 2025 gestegen zijn ten opzichte van 2024.

▪

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen: Dit is dezelfde indicator als hiervoor beschreven, maar dan gecorrigeerd met het aandeel van de verstrekte leningen (>130 = hoge schuld).

▪

De solvabiliteitsratio: Dit geeft een indicatie in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het eigen vermogen (reserves en resultaat overzicht baten en lasten) wordt uitgedrukt in een percentage van het balanstotaal. Vanuit het coalitieakkoord is bepaald dat de solvabiliteit minimaal 30% moet zijn, dit is in 2025 behaald met 33,7%. Dit solvabiliteit was in 2024 34,4%.

▪

Kengetal grondexploitatie: Voor de berekening van dit kengetal wordt de bouwgrond in exploitatie gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting of jaarstukken en uitgedrukt in een percentage. Dit kengetal is opgenomen, omdat in het verleden is gebleken dat de grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van de gemeente. Ten opzichte van 2024 is een daling te zien. Dit effect is het gevolg van een daling in de boekwaarde van de post voorraden. Ten opzichte van de begroting 2025 is een daling te zien in het kengetal. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de uitgaven van De Kronkels-Zuid en Eiland 6 die begroot waren in 2024 en 2025. De uitgaven vallen in deze jaren lager uit dan aanvankelijk verwacht, doordat de uitgaven later plaatsvinden. Hierdoor is het saldo bouwgronden in exploitatie werkelijk lager dan begroot.

▪

Structurele exploitatieruimte: De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. In 2025 zijn de structurele baten iets lager dan de structurele lasten. Het kengetal is in lijn met de begroting 2025.

▪

Belastingcapaciteit woonlasten meerpersoonshuishouden: De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het COELO publiceert dit in de Atlas van de lokale lasten. Onder woonlasten wordt de OZB verstaan, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met een gemiddelde WOZwaarde in de betreffende gemeente. Deze uitkomst wordt vergeleken met het landelijk gemiddelde en uitgedrukt in een percentage. Bekend is dat Bunschoten al jaren lager scoort dan het landelijk gemiddelde.

94

Vergelijkend overzicht reserves 2025 Naam reserve

Saldo 1-1-2025

Saldo 31-12-2025

Algemene reserves Reserve algemene dienst (incl. resultaat na bestemming)

24.561.976

24.048.176

Totaal algemene reserves

24.561.976

24.048.176

Toekomstvisie

215.656

215.656

Startersleningen

14.449

13.682

Stimulerings- en vangnetleningen Nieuwe Schans

20.736

19.533

Sociaal domein

77.500

77.500

Dekking kapitaallasten

598.684

556.723

Corona (COVID-19) effecten

77.315

75.815

Risicoverevening jeugdzorg

667.000

667.000

Gemeentelijk erfgoed

74.000

83.500

0

232.500

1.745.340

1.941.909

Algemene reserve

4.549.501

4.012.313

Bovenplanse voorzieningen

1.010.831

1.217.316

177.462

177.462

Totaal grondexploitatie

5.737.794

5.407.091

Totaal generaal reserves

32.045.110

31.397.176

Bestemmingsreserves

Omgevingswet Totaal bestemmingsreserves Grondexploitatie

Reserve Oostmaat

95

96

2.3 Onderhoud kapitaalgoederen (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf onderhoud kapitaalgoederen is opgenomen in artikel 12 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat (voor zover van toepassing) tenminste de volgende kapitaalgoederen: ▪ Wegen ▪ Riolering ▪ Water ▪ Groen ▪ Gebouwen Van deze kapitaalgoederen wordt het beleidskader met daarbij de voortvloeiende financiële consequenties en de financiële consequenties vertaald in de begroting. De gemeente Bunschoten voegt ook nog andere onderdelen aan deze paragraaf toe.

Wegen & bruggen Beleidskader ▪ Beheerplan Wegen 2022 - 2026 ▪ Mobiliteitsplan 2020 – 2024 ▪ Beheerplan Bruggen Bunschoten 2022 – 2036 Informatie Wegen Bij wegen is onderscheid is te maken in elementenverhardingen (stenen, tegels etc.) en gebonden verhardingen (asfalt, beton, etc.). Het gemeentelijk areaal (beheer en onderhoud) aan verhardingen in de openbare ruimte, wordt via het gemeentelijk beheersysteem actueel gehouden. Elke twee jaar wordt de onderhoudstoestand van de verhardingen, volgens de landelijke CROW methodiek, globaal visueel geïnspecteerd. De inspectieresultaten worden vervolgens in het wegbeheersysteem verwerkt. Aan de hand van de resultaten wordt de restlevensduur van de verharding bepaald. Dit vormt de basis waarmee de onderhoudsplanning wordt gemaakt. Er is in 2025 een bedrag van € 765.000,- in de voorziening onderhoud wegen gestort. Door de basisplanning af te stemmen met het riool- en groenbeheer wordt uiteindelijk een integrale planning op projectniveau verkregen. Bruggen Het nieuwe beheerplan voor de bruggen wordt opgesteld en zal in 2026 afgerond zijn. De storting in de voorziening bruggen 2025 bedraagt € 39.000,-.

97

Riolering & water Beleidskader ▪ Gemeentelijk Water en Riolering Plan 2022 – 2026 ▪ Beheerplan Oeververdediging en frontmuren 2016 – 2030 ▪ Baggerplan Bunschoten 2024 – 2028 Informatie Riolering Een deel van de geplande investeringen is (nog) niet uitgevoerd. Dit komt mede doordat op basis van de inspecties vervanging nog even uitgesteld kan worden. Hierbij is de doelstelling vervanging zo lang mogelijk, verantwoord, uit te stellen zonder dat dit leidt tot (vervolg)schade. Voor toekomstig vervangingsinvesteringen wordt geleidelijk een voorziening opgebouwd, waardoor in de toekomst rentelasten kunnen worden bespaard. Water In het Platform Water Vallei en Eem vindt in regionaal verband afstemming plaats voor initiatieven en werkzaamheden aan het watersysteem. De samenwerking vindt plaats op basis van een centrumregeling. Onderdeel hiervan is het Uitvoeringsteam monitoren en meten. Voor de uitvoering van baggerwerkzaamheden in de watergangen is een beheerplan vastgesteld. Daarmee zijn de uitgangspunten, activiteiten en financiële kaders voor vijf jaar vastgelegd. De storting in de voorziening baggeren bedraagt € 137.000,-.

Havens Beleidskader ▪ Beheerplan Havens Gemeente Bunschoten en Laaksluis 2020 – 2035 Informatie Het beheerplan Havens vormt de basis voor de onderhoudswerkzaamheden. De storting in de voorziening Havens en Laaksluis bedraagt in 2025 € 22.000,-.

Groen & spelen Beleidskader ▪ Groenbeleidsplan 2015 – 2025 (geactualiseerd in 2020) ▪ Bomenbeleid 2018 – 2023 ▪ Speelbeleid 2022 – 2026 ▪ Snippergroen beleid 2022 – 2026 Informatie Groen Vanuit het groenbeleidsplan is uitvoering gegeven aan kleine groenrenovaties en indien mogelijk integraal of gecombineerd met spelen. Om het groenonderhoud te controleren of het voldoet aan de afgesproken kwaliteitsniveaus, wordt het groenbeeld getoetst door het uitvoeren van monitoringen. De BVC 2025 is verricht en de daaruit komende maatregelen zijn uitgevoerd. Vanuit het groenbeleidsplan is € 44.500,- in de voorziening gestort. Spelen De jaarlijkse inspecties en onderhoudswerkzaamheden zijn uitgevoerd. De inspectie van speeltoestellen is in november 2025 uitgevoerd door een andere externe partij en hieruit zijn de nodige herstelacties naar voren gekomen die eerder niet bekend waren. Vanuit het speelbeleid is uitvoering gegeven aan de vervanging van speeltoestellen of speeltuinen. Vanuit het speelbeleid is € 80.000,- in de voorziening gestort.

98

Gebouwen Beleidskader ▪ Gebouwenbeheerplan 2022 – 2025 ▪ Meerjaren beheer- en onderhoudsplannen gebouwen op basis van de NEN – 2767 ▪ Routekaart toekomstbestendig vastgoed i.o. Informatie In 2025 is er € 361.500,- gestort in de voorziening. De gemeente Bunschoten wil dat de gemeentelijke gebouwen er toonbaar uitzien, goed onderhouden zijn en steeds duurzamer worden. Onderhoud wordt uitgevoerd op basis van de diverse MJOP’s. Dagelijkse aanpassingen kunnen door derden gedaan worden. Aan de hand van de ‘Routekaart toekomstbestendig vastgoed’, duurzame MJOP’s en bewuste investeringen wordt het gemeentelijk vastgoed verder toekomstbestendig gemaakt, waarbij nadrukkelijk aandacht is voor de duurzaamheid (CO2-reductie).

Sportvelden De gemeente heeft 16 sportvelden in eigendom: ▪ 11 voetbalvelden, waarvan tien in kunstgrasvelden; ▪ Twee handbalvelden; ▪ Eén rugbyveld; ▪ Eén atletiekbaan; ▪ Eén trainingsveld ten behoeve van hondenvereniging/dierenbescherming. Informatie Het onderhoud en de renovatie is gebaseerd op een beheerplan. De jaarlijkse dotatie ligt in lijn met voorgaand jaar.

99

Vergelijkend overzicht voorzieningen 2025 Boekwaarde 1-1-2025

Boekwaarde 31-12-2025

Onderhoudsegalisatievoorzieningen Onderhoud gemeentehuis

748.467

806.717

Onderhoud gemeentewerf

32.489

41.066

Onderhoud brandweerkazerne

8.475

8.763

Onderhoud sporthal

234.957

257.796

Onderhoud overige gebouwen

275.469

332.381

Onderhoud zwembad

405.337

236.932

Onderhoud sportvelden

267.196

424.592

Onderhoud speelvoorzieningen

85.224

140.442

Onderhoud veerpont

35.492

8.007

Onderhoud wegen

1.813.544

2.065.773

Onderhoud groen

243.460

264.652

Onderhoud bruggen

20.961

36.349

Baggeren binnenwateren en havens

443.918

567.154

Onderhoud havens en laaksluis

54.852

57.695

Onderhoud parkeergarage

186.777

203.248

Onderhoud oeververdedigingen en frontmuren

17.404

18.637

Openbare verlichting Totaal onderhoudsegalisatievoorzieningen

0 4.874.023

115.600 5.585.804

Voorziening voor bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen Vervangingsinvesteringen riolering conform vGRP Totaal bijdragen aan toekomstige vervangingsinvesteringen

721.111 721.111

1.071.111 1.071.111

Voorziening voor verplichtingen, verliezen en risico's Stads- en dorpsvernieuwing Totaal voorziening voor verplichtingen, verliezen en risico's

1.426 1.426

1.426 1.426

1.563.123 117.332 155.907 1.836.362

2.297.522 154.581 29.594 2.481.697

Van derden verkregen middelen met specifiek bestedingsdoel Achterstand/ vertraging vervanging riolering

716.044

693.031

Afvalstoffenheffing

327.736

435.253

Rioolrechten

503.355

388.497

Begraafrechten Marktgelden Totaal van derden verkregen middelen

326.129 0 1.873.264

224.773 0 1.741.555

Totaal generaal voorzieningen

9.306.186

10.881.593

Naam voorziening

Personeelsvoorzieningen Appa pensioen en uitkering wethouders Spaarverlof Regeling vervroegde uittreding (RVU) Totaal personeelsvoorzieningen

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17203769/1